Goede vrienden,
Het is vandaag Roepingenzondag, een dag waarop wij in de lezingen uitgenodigd worden om bewust stil te staan bij een belangrijke vraag: Door wie, door wat, laat ik mij leiden in mijn leven? Naar welke stem luister ik om richting te geven aan mijn bestaan?
Over deze vraag nadenken, is zeker geen overbodige luxe in onze huidige samenleving waarin wij worden overspoeld door massa’s woorden en beelden die - vaak ongewild - onze aandacht opeisen, een wereld waarin leiders schaamteloos godsdienst, d.i. de gelovige dienst van mensen aan God, kapen voor eigen machtshonger en geldzucht, een wereld waarin leugens zonder de minste schroom worden verpakt als absolute waarheden.
En spijtig genoeg is deze realiteit van alle tijden…
In de eerste lezing uit de Handelingen van de Apostelen, waarin het verhaal wordt verteld van de vroege kerk, zien we hoe Joodse mensen tot het besef komen dat zij - door foute leiders te volgen - mee verantwoordelijk zijn geworden voor de dood van Jezus, de Messias, de Zoon van God.
Dit besef zorgde voor ontreddering… “Wat moeten wij doen, broeders?”, vragen zij.
Het antwoord van Petrus is verrassend eenvoudig: bekeer u, laat u dopen, stel u open voor de gave van de Heilige Geest. Geen lange boetetocht dus, maar een ommekeer.
Doe vanaf vandaag het goede, dan zijn uw zonden vergeven.
Zo eenvoudig kan het zijn, dat die dag alleen al “drieduizend mensen zich aansloten” zegt de tekst…
En ook het evangelie volgens Johannes gaat vandaag dieper in op het thema van het waarachtige leiderschap.
Jezus spreekt over zichzelf als de Goede Herder, maar ook als de deur van de schaapstal. Enkel zij die door die deur de mensen tegemoet treden, die met andere woorden leiding geven naar Jezus’ voorbeeld, verdienen onze navolging.
Maar waaraan kunnen we die leiders dan herkennen, hoor ik u vragen. Ook hier is het antwoord eenvoudig. We hebben het gehoord in de evangelielezing van Witte Donderdag: het zijn zij die, in navolging van Jezus, nederig de voeten wassen van hun naasten.
En dát is iets waar ieder van ons toe in staat is. Zó worden wij allen geroepen om verantwoordelijkheid op te nemen voor elkaar en voor een betere wereld.
De roepstem van Jezus, de Goede Herder, klinkt daarbij niet dwingend maar uitnodigend.
Roeping begint daar: in het leren herkennen van die zachte stem die tot ons spreekt, soms in een warme ontmoeting, soms tijdens een gebed, soms doorheen een innerlijk verlangen dat blijft terugkomen.
Dán wordt het ernst... Het wordt zaak om op die roepstem te antwoorden. En dát is niet zo eenvoudig. Het vraagt moed, want vanaf nu moeten concrete daden van liefde en dienstbaarheid worden gesteld. Het vraagt vertrouwen omdat we ons, tegen de stroom in, wagen op nieuwe wegen. En het vraagt volharding, want roeping is geen eenmalig gebeuren, maar een levensproject.
Moge Jezus, de Goede Herder, ons helpen om zijn stem te herkennen, en ons moed, vertrouwen en volharding schenken om Hem blijvend te volgen.
Amen.