Wegwijzerviering, viering waarop de eerste communicanten, vormelingen, families met kinderen en iedereen meer dan welkom is
Er wordt verteld dat de apostel Johannes heel oud geworden is. Op het einde van zijn leven gaf hij zijn leerlingen maar één boodschap: “kinderkes (want zo oud was hij al …), zie mekaar graag.” En als men hem vroeg waarom hij altijd hetzelfde zei, antwoordde hij: “Dat is het voornaamste dat Jezus ons geleerd heeft.”’
Zo staat het ook in het evangelie, dat Johannes veel vroeger geschreven had: “Ik geef jullie één regel, die de allerbelangrijkste is, en die is: ‘Houd van elkaar, zoals Ik van jullie houd’.” Dat zei Jezus bij zijn afscheid.
Onze vormelingen hier nemen ook afscheid van ons, straks, voor eventjes toch. Ze gaan een tocht maken, een verkenning van de wereld hier op Linkeroever.
Dat is het begin van de wereld waar zij bij hun vormsel naartoe gezonden worden. Het vormsel is een signaal, het betekent: deze jonge mensen gaan beginnen aan hun tocht door de wereld van de volwassenen.
Bij de Masai gaan jongeren ook op tocht, op de drempel van het volwassen leven. Alleen moeten ze de savanne in trekken, met een speer. En ze moeten terugkeren met een leeuw die ze gedood hebben. Dan bewijzen ze dat ze in staat zijn om met de volwassenen hun gemeenschap te beschermen.
Jezus vraagt van zijn leerlingen iets anders: van uw tocht straks moeten jullie niet met een leeuw terugkomen, maar met een warm hart. Dan kunnen jullie het leven van de mensen naast jullie beschermen.
Een warm hart is een hart ook andere harten wil verwarmen, dat van andere mensen houdt, dat een gelukkig leven wil doorgeven, en geen lijden of dood.
In het evangelie van vandaag staat: “Het meest kun je laten zien dat je van iemand houdt, doordat je zelfs je leven wil geven voor je vrienden.” En alle mensen mochten vrienden van Jezus zijn.
Jezus heeft letterlijk zijn leven gegeven. Er zijn leerlingen van Jezus die gedood worden omdat ze het opnemen voor zwakke mensen, voor rechtvaardigheid. Maar wij allemaal geven een stuk van ons leven, een stuk van ons warm hart, als we die warmte delen met de mens naast ons. Dat kan voor ieder van ons verschillend zijn, maar als wij eerlijk zijn, weten we wel wat die mens naast ons nodiog heeft…
Als we de warmte uitstralen, worden we samen een groot warm hart, dat koude onze wereld kan verwarmen, en die heeft dat hard nodig.