Foto
Blog als favoriet !

O jerum jerum jerum…

Mijn memoires

(2006, 206 p., 17,95 €)

Te bestellen via mail:

kvansteenbrugge@gmail.com

(geen verzendkosten)

Mijn nieuwste boek (Uit het schuim van de zee, 2011) behandelt de hele Griekse mythologie in 136 verhalen (408 pag.) en 18 originele tekeningen. Het is nu reeds aan zijn derde druk toe. Het boek is te bestellen via mail (kvansteenbrugge@gmail.com). Betaling na ontvangst (18,95 euro). Bij bestellingen vóór 1 mei dienen geen verzendkosten betaald te worden. 
Foto

Voor véél meer interessante verhalen: www.bloggen.be/kris

Voor talloze verhalen uit de Griekse mythologie:
www.bloggen.be/dzeus

Het toneelstuk "DE TWISTAPPEL" is een dolle klucht die gaat over de oorsprong van de Trojaanse oorlog. Voor inlichtingen: www.bloggen.be/kris/archief.php?ID=855455  of mail kris.vansteenbrugge@skynet.be .

Inhoud blog
  • Mijn Persephone
  • Geen krant vandaag.
  • Vitraiku 4
  • Het hart op het graf.
  • Sondevoeding.
  • Doctoren en dokters.
  • Vitraiku 3
  • Treurigheid op note...
  • Snelheidsduivel
  • Ingredienten voor de wafelbak
  • Schaaktoernooi
  • Orpheus en Eurydike
  • Vitraiku 2
  • Hoop doet leven.
  • Nieuwjaarswens 2026
  • Goed voor de dienst...
  • Vitraiku 1
  • Het feest voorbij...
  • Zestig jaar doktoor.
  • De medische wereld in beroering
  • De bisschop en Margootje.
  • Vlaanderens mooiste R.I.P.
  • Naar Gent op 15 juli 2025
  • Haar nooit meer zien...
  • Onze God.
  • De voorleesclub (zwanenzang)
  • Simonneke lijdt...
  • Defensie
  • R.I.P. DDG
  • Tezepelumab.
  • Nieuwjaar 2025
  • Charlotje
  • Cattelan en zo...
  • Lisa
  • Duizend bommen en granaten
  • Help, er zijn weer verkiezingen.
  • B.B., onsterfelijk?
  • Kristiaan, veertien jaar.
  • Heksensoep
  • pestgedrag en wapengeweld
  • Uitvindingen
  • Help, ik ga te kwiste !
  • De deur dichtdoen
  • Mundus vult decipi
  • Koning voetbal
  • De Pride maand
  • Doemdenken
  • 't Klein Kasteeltje
  • Mooi zijn alle vrouwen
  • Mijmeren over Purmerend
  • Blauwblomme
  • Gelukwensen aan Joe Biden
  • Kom op tegen teelbalkanker
  • Waarde lezer van mijn blog...
  • Speechen en rode wijn
  • Jerco, B.B. en politiek
  • Nieuwjaar 2024
  • Toneel
  • In memoriam: Roger Tack
  • Lieve Astrid
  • Jumbo
  • Ontdopen.
  • Nostalgie
  • Luchtgitaar
  • Jeroentje
  • Grensoverschrijdend.
  • Kwaliteitskrant
  • De geitenbok van Firmin.
  • Culturele normen.
  • LGBTQIA+
  • Nieuwe mensen.
  • Kop op, Herman!
  • Lange wachttijden
  • Vlaanderens mooiste.
  • Hond kijkt koers.
  • Pief-paf-poef in Amerika.
  • Graaicultuur?
  • Pat, godverdomme.
  • Voor het vaderland...
  • Vermenigvuldigen.
  • Nieuwjaarswens
  • De Griekse goden en de geneeskunde (deel 1)
  • De Griekse goden en de geneeskunde (deel 2)
  • De Griekse goden en de geneeskunde (deel3)
  • Een sesquizygotische tweeling
  • Het jaar van Herakles
  • Daar zijn we weer!
  • Oude liefde roest niet, zegt men...
  • Ode aan Johan
  • Ode aan aan mijn broer
  • Hoera!
  • Met de trein naar Anne en Patershol.
  • Verzuurd
  • Een mnemotechnisch middel.
  • De zaak Sanda
  • Oekraïne, Njora, nostalgie
  • Astrid Joosten
  • Drie procent voor Oekraïne.
  • Een ongeluk komt nooit alleen...
  • Trombose of bloeding?
  • De Anquetil-kamer
  • Quox
  • Delen door zeven voor een bak triple.
  • De vorderingen van de wetenschap.
  • De prijs van het boek
  • Een nieuw boek
  • Een kutjaar.
  • Bij de start van het nieuwe jaar
  • Het plotje
  • De Bobet-kamer
  • Het blauw oog
  • Schaakgrootmeesters
  • Lukske
  • Een somber verhaal.
  • Waarde lezer
  • De Robic-kamer
  • Schaalverstorend
  • Bed en breakfast
  • Middenoorbeluchting.
  • Taalvereenvoudiging
  • Kawakaki en de Overpoort
  • Lezersreacties
  • Acumen
  • Acht frontstrepen.
  • Lodewijk Thuysbaert
  • Actuele kunst en witwas
  • Germaine
  • Fierheid
  • Un raciste qui s'ignore.
  • Discriminerende uitspraak.
  • Een gek idee.
  • Panta rhei
  • Een formidabel tussendoortje
  • Knee Active Plus
  • Songfestival
  • Wij, Heeren van Elsegem...
  • Is er leven na de dood?
  • Taalvernieuwing
  • De oude man.
  • Octavia (2)
  • Octavia (1)
  • Gesprek met P.V. over het geval K.K.
  • Hersenkronkels
  • Goede buren.
  • De Nieuwe Lente
  • Brief aan Firmin over poëzie (3)
  • Brief aan Firmin over poëzie (2)
  • Brief aan Firmin over poëzie (1)
  • Limerick !
  • Ter gelegenheid van de jaarwisseling...
  • Een vloek of een zegen?
  • Rosa Mores overleden.
  • Brief aan Karel over de economie
  • Togenbirger en het virus, P = p.f
  • Vervolg...
  • Hallucinatie.
  • De bezorgdheid van Firmin.
  • Joseph-Louis.
  • Het doemscenario.
  • Rik Vansteenbergen.
  • Eindelijk erkenning voor Kompany
  • Muggenneukerij en mierenzifterij.
  • De doodsmak
  • O tempora!...
  • Waarop kunnen wij hopen?
  • Vaarwel aan de politiek (brief aan Karel)
  • Een medicijn tegen covid-19?
  • Richtlijn
  • Filosofen!...
  • Staat er echt onheil voor de deur?
  • Welbedankt Firmin
  • De wereld in verandering
  • Coronompany.
  • Symphorosa van Puyvelde de Merlevede
  • Doemdenken.
  • De peerdepaternoster
  • Kunst in coronatijd.
  • M. en corona.
  • Anne-Mieke Vandamme.
  • De strijd tegen SARS-CoV-2.
  • Filosofen over corona
  • Creativiteit in coronatijden
  • Coronagesprek met F. Lepoint
  • Het coronavirus.
  • Gelukkig Nieuwjaar!
  • Van oud naar nieuw.
  • Plastische chirurgie.
  • 3 OV's
  • Een groot schrijver is heengegaan.
  • Le coeur a ses raisons...
  • Met een OV op stap (5)
  • Er is geen god...
  • Met een OV op stap (4)
  • Gierigheid bedriegt de wijsheid.
  • Met een OV op stap (3)
  • In de Lunch Garden.
  • Met een OV op stap (2)
  • Professor Paul Vanhoutte
  • Met een OV op stap (1).
  • Onderbroeken.
    Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    ZEVERARIJ

    FLAUW EN PUBERAAL, MAAR GOED BEDOELD: dit soort verhaaltjes vindt u bij de vleet ('n 200-tal) op www.bloggen.be/kris .......... PICTAIKU'S (de allernieuwste kunstvorm) vindt u op www.bloggen.be/pictaiku
    13-04-2026
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Mijn Persephone
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Vorig jaar, 't was op een lentedag, de dag dat Hades, de god van de onderwereld, Persephone terugbracht naar haar moeder... Die dag heeft hij mijn geliefde meegenomen...

    Lieve Hades, allervoortreffelijkste god van de onderwereld, als gij weldra Persephone weer naar de aarde brengt, breng dan alstublieft ook mijn geliefde mee en laat ons nog één enkele zomer saâm gelukkig zijn. En als dat niet gaat, neem mijzelve dan maar mee naar uw donkere woonst, want zonder haar kan ik hier op aarde niet meer aarden...

     

    (klik op foto om te vergroten)

     

     

     

    Demeter, Hades en Persephone

    (uit mijn boek "De Griekse mythologie in 136 verhalen")

    Demeter was een van de drie zusters van Zeus. Nog
    voor Zeus in het huwelijk trad met zijn jongste zuster
    Hera, had hij betrekking gehad met Demeter. Deze
    bracht een dochter ter wereld, Persephone. Later werd
    Hades, de god van de onderwereld, verliefd op het meisje,
    en hij vroeg Zeus met haar te mogen huwen. Zeus
    durfde zijn oudere broer geen afwijzend antwoord geven,
    maar anderzijds durfde hij zich de woede van zijn
    zuster Demeter niet op de hals halen. Het lag natuurlijk
    in de bedoeling van Hades om Persephone mee te nemen
    naar de onderwereld, om er samen met hem te regeren
    over de doden. Demeter was al te zeer aan haar
    dochter gehecht. Zeus probeerde zich uit de slag te trekken
    met: ik zeg niet ja, ik zeg niet nee... Hades interpreteerde
    dit antwoord als zijnde positief en op een zomerse
    dag ontvoerde hij het meisje met geweld, toen zij
    wandelde op een weide in de buurt van de stad Eleusis –
    al zou dat op vele andere plaatsen kunnen gebeurd zijn,
    als men er verschillende schrijvers op naleest.
    Demeter was uitzinnig van verdriet. Dolend liep ze door
    de velden op zoek naar haar dochter. Negen dagen lang
    weigerde ze te eten en te drinken. De tiende dag zocht
    ze onderdak bij de koning van Eleusis. ’s Konings zoon,
    Triptolemos, had vernomen dat op een naburige weide
    een meisje was geschaakt door een geweldenaar in een
    door vurige zwarte paarden getrokken wagen. Daarna
    was de aarde opengescheurd en had het hele gespan
    verzwolgen. Toen Triptolemos dit verhaal vertelde, rees
    bij Demeter reeds het zwaar vermoeden dat Hades de
    hand had in de hele affaire. Ze ontbood Hermes en
    vroeg hem haar naar Helios te brengen. Helios is de
    zonnegod, de zoon van de titaan Hyperion en de titanes
    Theia. Helios ziet álles en tegenover Demeter verklaarde
    hij dat haar dochter inderdaad door Hades was geroofd.
    Demeter eiste nu een onderhoud met Zeus: hij
    moest er maar voor zorgen dat ze haar dochter terugkreeg.
    Zeus wendde al zijn diplomatie aan bij Hades.
    Helaas! Ze had reeds van de granaatappel gegeten die
    de terugkeer uit het rijk der doden in principe onmogelijk
    maakt. Het zag er naar uit dat Demeter het verlies
    van haar dochter nooit te boven zou komen. Haar droefheid
    was eindeloos, en met haar treurde de hele natuur.
    De gewassen groeiden niet meer, alles verdorde. Zo kon
    het niet blijven duren. Zeus ging nog eens serieus praten
    met Hades en uiteindelijk werd er een compromis bereikt.
    Persephone zou een deel van het jaar bij haar
    moeder mogen doorbrengen, doch het andere deel van
    het jaar moest zij doorbrengen in de onderwereld aan de
    zijde van Hades, haar gemaal. Groot was de vreugde
    van Demeter bij het weerzien van haar dochter. De natuur
    leefde weer helemaal op, alles werd weer groen: ’t
    was lente. Maar onverbiddelijk kwam telkenjare de dag
    dat Persephone weer naar de onderwereld moest terugkeren:
    dat was op het einde van de zomer. Nu kwam er
    weer droefenis over Demeter en over de aardse gewassen
    die zij onder haar hoede had genomen. De natuur
    maakte zich op voor een sombere en dorre winter, die
    duurde tot de terugkeer van Persephone, tot de lente
    weer in ’t land kwam.
    Dit mythologisch verhaal ligt aan de basis van de Eleusinische
    mysteriën, die eeuwenlang gevierd werden in
    het oude Griekenland. Het waren geheimzinnige en uitbundige
    feesten, die in het teken stonden van de eeuwigdurende
    cyclus van leven en dood in de natuur en
    waarbij de jonge meisjes en knapen ingewijd werden in
    de mysteries van het leven. In Eleusis kan men heden
    ten dage de ruïnes bezoeken van dit heiligdom van Demeter.
    Daar ligt ook het hol van Pluto (latijnse naam
    van Hades), zijnde een hol in een rots, waarlangs Persephone
    van de aarde verdween in de grijpgrage armen
    van de god van de onderwereld.
    Nog dit. Demeter was dankbaar tegenover prins Triptolemos
    omdat hij haar de nuttige tip had gegeven die tot
    de ontvoerder van haar dochter had geleid. Ze leerde
    hem de kunst van de akkerbouw. Dank zij Triptolemos
    heeft die kunst zich daarna verspreid over de mensheid.

    13-04-2026 om 00:00 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    06-04-2026
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Geen krant vandaag.

    Deze morgen stak er geen krant in mijn brievenbus. Ik belde mijn buurman Firmin op: of ook hij de krant niet had ontvangen. 't Is vandaag Paasmaandag, zei Firmin, en dan zijn er geen kranten. Paasmaandag! Dan is het dus gisteren Pasen geweest, de dag waarop we herdenken dat onze almachtige en barmhartige mensgeworden god uit zijn graf is opgestaan en ten hemel opgestegen. Dat was mij dus helemaal ontgaan. Ben ik nog wel van deze wereld? Ik weet nog waar ik 't vorig jaar was op die eerste Paasdag. Samen met mijn geliefde zat ik in de tuin op een bank in de voorjaarszon. Ze was terminaal ziek. Ik had haar die morgen een zalige Pasen gewenst. Ze had flauwtjes geglimlacht en ... 't zal mijn laatste Pasen zijn, had ze gezegd. Ik durfde haar niet eens tegenspreken want ik wist dat ze gelijk had. Een maand later is zij heengegaan. En op heden zit ik hier, alleen, op die zelfde bank in de zon, en ik ween zachtjes.

    06-04-2026 om 20:15 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    29-03-2026
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vitraiku 4
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

    Nooit werd enig mensenkind

    door een godin zozeer bemind

    - tot Ares door naijver verblind

    de geliefde dodelijk verwondt -

    uit de bloeddoordrenkte grond

    ontspringen anemonen in het rond

    (klik op de foto om te vergroten)

     

    Adonis en Aphrodite (verhaal nr.19 uit mijn boek " De Griekse mythologie in 136 verhalen")

    "Myrrha was de dochter van de Fenicische koning Theias.
    Ze had mooi haar, weliswaar. Maar dat ze haar eigen
    haar mooier vond dan dat van Aphrodite nam de godin
    van de liefde haar meer dan kwalijk. Zij legde in het
    hart van Myrrha zondige liefdesgevoelens voor haar eigen
    vader. Met een list slaagde Myrrha erin het bed te
    delen met haar vader: ze maakte hem dronken en verleidde
    hem in het donker.
    Theias sliep alzo twaalf nachten lang met zijn eigen
    dochter. Toen hij haar echter de twaalfde nacht herkende
    bij het schijnsel van een zwak licht, werd hij wild
    van woede. Met een slagersmes achtervolgde hij Myrrha,
    doch deze slaagde erin te ontvluchten en aan een
    gewisse dood te ontkomen. Ze belandde in Arabië. Toen
    bleek dat ze zwanger was, was ze zo beschaamd dat ze
    de goden smeekte haar te doen verdwijnen: ze wilde
    niets meer zijn, noch onder de levenden, noch onder de
    doden. De goden veranderden haar in een myrrheboom,
    die overvloedig weent om de verloren gegane eer: haar
    tranen zijn de welriekende gomhars die de bast van de
    boom overvloedig afscheidt.
    De dag dat Myrrha normaal had moeten baren, scheurde
    de boomschors open en een kind kwam te voorschijn:
    Adonis. Het kind was zo mooi dat Aphrodite zelf het
    opnam, het in een koffertje legde en toevertrouwde aan
    Persephone, de godin van de onderwereld. Deze echter
    werd dermate bekoord door het kind dat ze weigerde het
    nog ooit terug te geven aan Aphrodite. Dit leidde tot een
    66
    twist tussen de twee godinnen. Het was Zeus die uiteindelijk
    optrad als scheidsrechter in deze zaak. Hij besliste
    dat Adonis één derde van het jaar bij Aphrodite zou vertoeven
    en één derde bij Persephone; over het laatste één
    derde zou de jongen zelf vrij mogen beslissen. Adonis
    gaf zijn deel geheel aan Aphrodite, zodat hij als opgroeiende
    knaap twee derden van het jaar in haar gezelschap
    vertoefde.
    De grote liefdesgodin geraakte zodanig in de ban van de
    mooie Adonis dat ze de aan haar gewijde plaatsen op
    Cyprus verliet en de andere goden negeerde. De god
    Ares kon moeilijk verkroppen dat de godin die hem
    eens had bemind nu al haar aandacht aan de sterfelijke
    Adonis besteedde. Hij veranderde zichzelf in een everzwijn
    en toen Aphrodite en de geliefde jongeling op een
    dag aan het jagen waren in de bossen van Fenicië,
    stormde het everzwijn recht op Adonis af en bracht hem
    een dodelijke wonde toe.
    Aphrodite nam het lichaam van de geliefde in de armen,
    maar ze kon niet verhinderen dat zijn bloed wegvloeide
    naar een beek, die stroomt aan de voet van de Libanon
    en die tot op heden rood gekleurd is door het bloed van
    Adonis. En verder stroomde het bloed via de Styx naar
    de onderwereld. In plaats van Adonis te beminnen kon
    Aphrodite hem nu nog enkel bewenen, en rondom
    bloeiden overal anemonen, gesproten uit het bloed van
    de beminde, waar het de aarde doordrenkt had.

    29-03-2026 om 00:00 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    21-03-2026
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Het hart op het graf.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

     

     

     

     

    (klik op de foto om te vergroten)

     

    Het hart op het graf van mijn geliefde vrouw. Het belooft een even groot mysterie te worden als de Apolloroof in 2015, die ons het hele jaar in de ban heeft gehouden. Op 11 januari van dat jaar schreef ik op mijn blog (versta onder Desdemona een schuilnaam voor "haar"):

    Ons Grieks beeld is verdwenen! Tachtig  jaar na die andere grote en nog steeds onopgehelderde kunstroof van "De rechtvaardige rechters", het beroemde paneel van Het Lam Gods. Desdemona was de eerste die de verdwijning had opgemerkt.

    - Apollo is verdwenen! zei ze, nogal paniekerig.

    Eén van de redenen waarom we de stad ingeruild hebben voor ons vredig geboortedorp, is de hoop die wij koesterden om alhier minder met diefstal en andere criminaliteit te maken te krijgen. Enkele weken geleden werd hier evenwel een dure vijftien meter lange internetkabel doorgeknipt en ontvreemd, en nu dit...

    Ik heb toen al gezegd dat we bewakingscamera's moesten plaatsen, rondom het huis, en dat vond jij niet nodig! zei Desdemona verwijtend.

    Het gestolen beeld was er een uit tufsteen, vermoedelijk de kop van een Griekse jongeling of dito god voorstellend. Het beeld stond er al jaar en dag, in een tuinprieeltje, en ik zou begot niet meer weten hoe het bij ons was terechtgekomen. Gemakshalve hebben we hem Apollo genoemd en door de jaren heen waren we ervan gaan houden. Hij was het onderwerp van één van mijn pictaiku's, te bewonderen op www.bloggen.be/pictaiku/archief.php?ID=2493955. En nu is hij dus verdwenen. 

    Op de plaats van de ontvreemde Apollo-kop stond nu een in 't donkergroen geschilderde plaasteren buste van een of ander eerbiedwaardig man: ik gok op Peter Benoit. Meer dan waarschijnlijk werd die daar door de dieven zelf neergepoot. Merkwaardig toch: welke dief haalt het in zijn hoofd om bij het roven van een kunstwerk een ander kunstwerk in de plaats te zetten en dan nog een dat in generlei mate op het geroofde lijkt? Misschien wilde de dief zich de kosten en de moeite besparen om de waardeloze Benoit-buste naar het containerpark te brengen? Of misschien ging het om een flauwe grap en zou onze Apollo wel ergens terug te vinden zijn tussen de struiken in onze tuin.

    We hebben de tuin uitgekamd en niets gevonden. Desdemona en ik zijn ontroostbaar. Zíj heeft alvast het pleit gewonnen: de bewakingscamera's komen er!

    Van de pleger(s) van deze kunstroof is er voorlopig geen spoor. Op de onderzijde van de plaasteren buste staat geschreven: Nap. Destanberg. Een aanwijzing?

    Ik heb een sterk vermoeden dat dit verhaal een vervolg krijgt. Mocht u een “tip hebben, waarde lezer: mijn e-mail adres is kvansteenbrugge@gmail.com. De tip die tot de oplossing van dit raadsel leidt zal beloond worden.

    Het spoor van Napoleon Destanberg dat aanvankelijk werd gevolgd leidde nergens heen. Het heeft mij wel kennis bijgebracht over de man zelf: hij was een bekende Gentenaar die leefde in het midden van de negentiende eeuw en naar wie in Gent een straat is genoemd. Een en ander daaromtrent staat te lezen op mijn pierpontblog d.d. 21/1/2015 en 13/2/2015.

    Op 18/2 vond ik in mijn brievenbus een brief aan mij gericht:

    Beste Kris,

    Ik stel het inmiddels vrij goed op mijn winterbestemming.

    Ik merk dat je mijn vriend Napoleon ondertussen hebt leren kennen.

    Hij is wat gevoeliger dan ik, voor vocht en kou, dus verzorg hem goed.

    Deze position-switch doet ons beiden goed.

    Tot binnenkort.

    Apollo en het Gentsche gevolg.

     

    Alles liet nu vermoeden dat de Apolloroof te herleiden was tot een studentengrap, door leden van het Gents seniorenkonvent (het SK) waarvan ikzelf preses (senior seniorum) was geweest in het academiejaar 1963-64. Maar... was de brief geen afleidingsmaneuver. Diende er geen ander spoor gevolgd te worden? Een en ander bracht de roof in verband met de diefstal van het paneel van het Lam Gods, mijn reeds lang overleden grootmoeder Leonie en de afgebrande kerk van Anzegem. Deze drie pistes had ik de wereld ingestuurd via mijn weblog. Respons bleef niet uit. Van overal, ook uit het buitenland, kwam er respons, doch uitsluitend in de vorm van aanmoediging en sympatiebetuiging. De verste brief kwam van Mensje Meinema uit Frieland! Maar helaas, geen bruikbare tips...

    En toen, op 2 mei, kwam een tweede brief, van "Apollo en het Ghentsche gevolg":


    Beste Kris,

    Ik stel het nog steeds goed op mijn nieuwe bestemming. Een andere omgeving kan soms echt goed doen. Ik merk dat je je wat zorgen maakt om mij. Ik had nooit gedacht dat je mij als kunst aanzag.

    Nooit heb ik je dan ook zelf van kunstroof beschuldigd, want dat zou het dan toch initieel zijn. Want geef toe, eigenlijk stond ik toch ook niet op mijn geboortegrond, en werd ik eerder barbaars bewerkt en verkocht, met bovendien een gat in mijn hoofd, waarbij ik intussen niet weet of ik hoofdpijn heb van het gat zelf of van het water dat er in stond.

    Het Ghentsche gevolg benadrukt je belang in de Ghentsche zaak, waar gij O voorvechter, op de barricades hebt gestaan. Maar de laatste feiten wijzen op een verminderde strijdvaardigheid en dan hebben we het inderdaad niet over Uw zangtalenten. Weet U trouwens dat de Ghentsche Nachtzwaluw weer normaal gedijt in Ghent sedert Uw vertrek als student? Na diepgaand en intens onderzoek zijn Uw cantussen gelinkt aan die periode met het gestoord gedrag.

    Nie pleuje (geldt niet voor dezen brief).

    Tot binnenkort,

    Apollo en het Ghentsche gevolg.

     

    Die tweede brief werd grondig ontleed. Grafologen meenden in het handschrift op de briefomslag dat van een vrouw te herkennen. Speurders kwamen tot allerlei vaak tegenstrijdige conclusies. Enkelen gingen zo ver te veronderstellen dat de dader bij de politie diende te worden gezocht.

    Niet veel later kwam nog een brief met een vraag om losgeld, maar dat werd door de speurders afgedaan als een grap. De zwaarste verdenking bleef voorlopig rusten op de schouders van de Gentse student. En toen, op 18 juni, werd mij gemeld dat de speurders plots een zeer ernstig spoor volgden. Er werd mij spreekverbod over de "Apollo-roof" opgelegd alsook het verbod om nog iets te publiceren op mijn blog omtrent deze zaak alsook over de diefstal van "De rechtvaardige Rechters".

    Het werd nu even stil... tot 2 november.

    Wat er toen is geschied? Ik heb het verteld in mijn zestiende en laatste blogverhaal:

    De zon priemde al fel door de spleten van het niet geheel naar beneden gelaten elektrisch rolluik - 't liep al tegen de middag - toen iemand mij wild enthousiast kwam wakker schudden met de woorden:

    - Apollo is terug! Apollo is terug!

    't Was precies, dag op dag, een half jaar geleden dat de gerechtelijke instanties mij de raad hadden gegeven een absolute stilte te bewaren omtrent de diefstal die drie maanden tevoren, zo rond de jaarwisseling, moet hebben plaats gehad. En laat het nu juist de dag zijn waarop ik mij voorgenomen had die stilte te doorbreken.

    Hij stond er, in de blakende zon, niet op de plaats waar hij altijd placht te staan, maar aan de overkant van de tuin, te midden van groen lover. Maar wát een Apollo! Een schitterend wit beeld, helemaal gezandstraald. De aanblik van de stralende zonnegod, was pijnlijk voor de ogen. En de vreugde om de terugkeer van de god is zo immens dat ze ruimschoots opweegt tegen het verdriet om het tijdelijk gemis, want dat Apollo ooit zou terugkeren, daar heb nooit aan getwijfeld.

    Het overheersend gevoel is er een van geluk, maar er is ook de schaamte. Ik had nooit zo onbezonnen moeten zijn om mensen te beschuldigen en daar het gerechtelijk apparaat bij te betrekken. Ik beken dat ik in de eerste plaats gedacht heb aan een diefstal door leden van het Gents studentenkorps. Talrijke anonieme brieven wezen in die richting. Er waren er ernstige bij en minder ernstige; de laatste kwamen ongetwijfeld van grappenmakers die losgeld eisten. En al kan er van diefstal geen sprake geweest zijn, en misschien zelfs niet van een studentengrap, toch denk ik nog steeds dat dit het werk is van een  student van mijn geliefde Alma Mater, een student in de archeologie die als eindwerk voorgeschoteld heeft gekregen: een oud Grieks beeld in zijn frisse oorspronkelijke staat herstellen. En of hij daarin geslaagd is! Grootste onderscheiding mét felicitaties van de jury.

    Maar misschien vergis ik mij wel; zoals ik mij ongetwijfeld ook vergist heb toen ik er op een gegeven ogenblik van overtuigd was dat de politie zelf er voor iets tussen zat. Een naam die in verscheidene anonieme brieven naar voor is gekomen is die van ene Hendrik. De allerlaatste tip die ik kreeg een paar dagen vóór de gelukkige ontknoping, wees ook in die richting. Vóór de putto, het klassieke engelenbeeld dat we op de plaats van de verdwenen Apollo hadden geplaatst, stond plots een stoere Viking in vol ornaat en de beide handen steunend op een literfles sterk bier van het merk "Straffe Hendrik". En wat wil het geval? Dat ik die ene Hendrik, die ik goed ken en die overigens van goeden huize is, helemaal niet in staat acht tot een dergelijke daad. Anders zou ik hem toch niet "Brave Hendrik" noemen, hetgeen ik sinds jaar en dag doe.

    Ik heb alvast mijn "klacht-tegen-onbekenden voor diefstal" ingetrokken; hopelijk bijten die van het gerecht zich daar nu niet verder in vast. Een gelukkiger ontwikkeling had ik niet durven verhopen: ik heb er een vernieuwde Apollo aan overgehouden, plus een borstbeeld van Napoleon Destanberg, een Viking en een fles Straffe Hendrik!...

    Mocht u zich nu ook nog afvragen, beste lezer, hoe groot de kansen zijn dat de kunstroof van de vorige eeuw, zijnde die van de Rechtvaardige Rechters nog ooit een even gunstige afloop kent, dan moet ik u helaas teleurstellen. De aandachtige lezer van de veertien vorige edities van "De Kunstroof" zal zeker al tot de conclusie gekomen zijn dat een fatale kerkbrand in het zuiden van West-Vlaanderen aan alle illusies dienaangaande aan definitief einde heeft gemaakt.

     

    Het heeft nog enkele maanden geduurd, maar uiteindelijk ben ik toch aan de weet gekomen wie de dader is geweest. Hij/zij is zichzelf te mijnen huize komen aanmelden. Hij/zij heeft mij gevraagd dit niet wereldkundig te maken en ik heb hem/haar geheimhouiding beloofd. Er is dus geen zeventiende aflevering over de kunstroof verschenen op de blog. Hooguit drie of vier personen kenden het geheim. Eén onder hen was mijn vrouw die jammerlijk overleden is, nu bijna een jaar geleden. In de aarde waaronder zij rust, op het kerkhof in Kaster, heeft iemand een hartje gemaakt, een nobele onbekende. Mag ik hopen dat hij of zij zich op een mooie dag bij mij komt aanmelden? Zijn/haar werk zal niet onbeloond blijven en desgewenst zal ik zwijgen... als een graf.

     

     

    21-03-2026 om 00:00 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    20-03-2026
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Sondevoeding.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

     

     

    (klik op de foto om te vergroten)

    Na bijna drieënzestig jaar gelukkig samenzijn is mijn lieve vrouw op 10 mei van 't vorig jaar voor altijd van mij heengegaan, na een lange lijdensweg van operaties, chemotherapie, radiotherapie, gastrostomie... De laatste maanden kreeg ze zuurstof toegediend en kreeg ze sondevoeding: "NUTRISON Energy Multifiber" één fles van 1000 mililiter per dag. Na haar overlijden bleken er nog elf flessen over te zijn. Na een paar weken belde ik de leverancier op met de vraag of de flessen konden teruggenomen worden: de houdbaarheidsdatum was 2 februari 2026, nog acht maanden dus. Helaas, het kon niet meer, ik had een paar dagen vroeger moeten opbellen. Die leverancier was wel zo vriendelijk mij een goede raad mee te geven: bied de flessen aan bij uw apotheker of bij een verzorgingsinstelling, die kunnen daar ongetwijfeld nuttig gebruik van maken. Ik heb die goede raad gevolgd, die kostbare voeding zomaar teloor laten gaan vond ik zonde, men hoefde mij er niets voor te betalen... Maar er was blijkbaar niemand die het zaakje vertrouwde.

    Het is nu 21 maart. De houdbaarheidsdatum is ruim overschreden. Ik zit hier met mijn elf flessen. Ik stel ze op zoals in mijn prille jeugdjaren een voetbalelftal opgesteld werd - keeper, 2 backs, 3 halfbacks, 5 voorspelers - en ik geef ze de namen van de spelers die ik mij nog herinner uit de tijd toen de voetbalsport mij nog kon boeien... Met pijn in het hart zal ik ze één voor één uitgieten in het WC. De lege flessen gaan naar PMD. Eén zal ik houden als souvenir. Wellicht wordt het Richard Orlans, die dit jaar vijfennegentig wordt, waarschijnlijk de enige van het elftal die nog in leven is. Hij had een café in de Overpoortstraat: de Zwaan. Er stond een biljart. Ik heb er ettelijke partijtjes gespeeld. Richard zelf heb ik er nooit gezien...

    20-03-2026 om 22:46 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    17-03-2026
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Doctoren en dokters.

    Mijn eerste jaar aan de universiteit, 't is negenenzestig jaar geleden. Dat heette toen "eerste kandidatuur geneeskunde". We waren met honderdtweeënnegentig studenten. Of de leerstof toen moeilijker was dan heden ten dage, en of de opleiding toen beter was? Op de tweede vraag is het antwoord: néén, néén en nogmaals néén! Op de eerste vraag zou ik voorzichtig já durven antwoorden. Er waren zes vakken: 1° natuurkunde (alles wat niet maken had met electriciteit, hetwelk pas in het tweede jaar aan bod zou komen), 2° anorganische scheikunde (de organische was eveneens voorbehouden voor het tweede jaar), 3° plantkunde (morfologie), 4° plantenfysiologie, 5° logica en 6° celleer. Enkel dat laatste vak had mijns inziens enig uitstaans met "geneeskunde". In de twee volgende kandidaturen

    was het nauwelijks anders: alleen de vakken biochemie, fysiologie en anatomie met als practicum de lijkdissecties, leken mij geschikte basisvakken voor een toekomstige arts. In die eerste drie jaar kwam het woord "ziekte" niet eens aan bod, verre van dat wij met een patiënt of met de kliniek in aanraking kwamen. Heden ten dage kunnen studenten die één jaar geneeskunde achter de rug hebben al reanimeren, wij hebben dat nooit geleerd, in die zeven jaar "opleiding". Maar dat de studies toen minder lastig waren durf ik ten zeerste te betwijfelen. Alleen al als we nagaan hoe groot het percentage geslaagden toen was. In dat eerste jaar waren er van de honderdtweeënnegentig amper vijfenveertig geslaagd in de eerste zittijd en daar zijn er nog een twintigtal bijgekomen in de tweede zittijd. De meesten waren gestruikeld op de vakken scheikunde en natuurkunde. Ook in het tweede jaar zijn er nog een pak afgevallen, weeral gestruikeld op die "wetenschappelijke" vakken. Vanaf het derde en alleszins vanaf het vierde jaar jaar waren er minder gebuisden. Toen de echte geneeskunde aan bod kwam en nog enkel de wiskundige/wetenschappelijke knobbels overbleven bleek het professorenkorps veel toleranter te zijn: hopen dan maar dat ze allen ook goede doktoren zouden zijn...

    In het vierde jaar kregen wij "algemene ziekentenleer" en leerden wij over medicijnen en in het vijfde jaar werd al eens een patiënt ten tonele gebracht. In het zesde jaar mochten we enkele uren in de week consultaties bijwonen in verschillende specialiteiten. De uren op de afdeling dermatologie vond ik de aangenaamste, ik kreeg er de smaak te pakken en ik zag mij reeds als huidarts door het leven gaan. Wie er op mij de sterkste indruk maakte was Firmin, een simpele bediende die enkel tot taak had de patiënten te begeleiden naar de afdeling. Nochtans, één oogopslag was voor Firmin meestal voldoende om de diagnose te stellen en de daaruit voortvloeiende therapie. Ik denk dat de professor zelf op dat gebied voor hem moest onderdoen. Firmin zelf liep overigens niet hoog op met zijn kennis. Hoe kan het ook anders, zei hij, ik zit al meer dan veertig jaar op deze dienst.

    Het laatste jaar, het zevende, was het stagejaar dat we grotendeels doorbrachten in de kliniek: vier maanden op inwendige ziekten, twee maanden kinderkliniek, twee maanden op de afdeling chirurgie, één maand op de afdeling verloskunde alwaar wij moesten blijven inslapen en dan nog drie maanden op afdelingen naar keuze. Zelf heb ik niet één operatie bijgewoond, laat staan dat ik ooit het scalpel zelf ter hand zou genomen hebben, en één verlossing had ik op mijn actief, ene waarbij het kind er als vanzelf uitgefloept was, en onder het toezicht van een bekwame vroedvrouw.

    En ik was "doctor in de genees-, heel- en verloskunde". Het diploma gaf recht op het zelfstandig uitoefenen van de geneeskunst. Ik kon meteen aan de slag als huisarts. Heden ten dage zijn er afgestudeerden in de geneeskunde die in Zuid-Amerika hun stage in de verloskunde volbracht hebben, sommigen hebben er zelfstandig tientallen keizersneden verricht - ik had er amper één bijgewoond... Of zij nu ook "doctor" zijn. Bijlange niet, zij zijn "arts" en vooraleer zij toegelaten worden tot het zelfstandig uitoefenen van de geneeskunde dienen zij eerst nog een opleiding van een drietal jaar te volgen bij een erkende huisarts ofwel een specialistenopleiding in een erkend ziekenhuis. Die doctorstitel is mij uiteindelijk van zeer groot nut geweest tijdens mijn opleiding tot keel-neus-oorarts in het universitair ziekenhuis Dijkzigt (nu Erasmus) van Rotterdam - één van de grootste ziekenhuizen van West-Europa. Ik was er amper een jaar in opleiding toen er in Leiden een groep professoren uit universiteiten van over de hele wereld neerstreek, allen top-specialisten in de neuschirurgie, onder de leiding van de beroemde Amerikaanse professor Cottle. Ze kwamen de allernieuwste technieken van de neuschirurgie uit de doeken doen. Voor de cursus die over veertien dagen liep diende zeventienduizend gulden betaald. Wie een doctorstitel had mocht gratis. Ons ziekenhuis stuurde er de twee oudste assistenten naartoe plus degene die gratis mocht, ikzelf. Nooit in mijn leven heb ik meer theoretische en practische kennis opgedaan dan die veertien dagen in Leiden...

    17-03-2026 om 13:50 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    03-03-2026
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vitraiku 3
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Het leven zonder jou

    de eenzaamheid

    ik hou 't niet langer vol

    ik kom je halen

    ik breng je terug

    naar je schaapjes

    je wafels en je witte rozen

    ... mijn Eurydike

       

    03-03-2026 om 19:42 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    22-02-2026
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Treurigheid op note...
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     

     

     

     (klik op foto om te vergroten)

     

    Liefste,

     

    We waren zestig jaar sâam. Zie maar hoe gelukkig we toen waren. Ik schreef toen in mijn dagboek:

     

    Maar moe niet glô, al word ons oud,

    Ons hart kan nooit verander;

    Ons liefde is nog lang nie koud,

    Ons staan nog bij mekander.

     

    Het waren verzen uit een oud Afrikaans studentenlied (tekst C.F.Visser, muziek E.Hullebroeck) dat ik talloze keren heb gezongen in de jaren dat ik jou nog niet kende, en dat nog steeds in mijn geheugen gebeiteld staat. We dachten dat wij ons geluk te danken hadden aan een alwetende, almachtige en oneindig barmhartige god...

     

    ... maar toen werd jij ziek. Na een ondraaglijke lijdensweg die anderhalf jaar geduurd heeft ben jij voorgoed van mij heengegaan. Ik heb die god toen verloochend, maar jij bent - ten ware ik mij vergis - in hem blijven geloven. En misschien bestaat hij voor jou dan nog wél en zit jij nu aan zijn rechterhand. Vraag hem de toelating om mij een mailtje te sturen. Ik wil zo gaarne nog iets van jou vernemen, mijn verdriet is zo groot, ik ben zo eenzaam zonder jou...

     

    P.S. Mijn e-mailadres is - mocht je dat vergeten zijn - kvansteenbrugge@gmail.com

     

    En ik schrijf nu in mijn dagboek:

     

    Ek staan nou moedersiel alleen

    Nooit keer hul ooit terug vir mij,

    Die tijd, die lieflingsbeelde.

    O, treurigheid op note,

    Ek staan op eie pote.

    Gaan dit met stamp en stote,

    Nog blij ons op ons pote!

    22-02-2026 om 00:00 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    17-02-2026
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Snelheidsduivel

    Wat prijs ik mij gelukkig om op loopafstand te wonen van de Statiestraat, zij het dat ik wel gebruik maak van mijn Skodaatje voor een bezoek aan de bakker, mijn grootwarenhuis(je) Okay, mijn postpunt, mijn krantenwinkel, mijn carwash, mijn apotheker, mijn pompstation en mijn treinstation, die alle gevestigd zijn in de Statiestraat. Op 6 februari heb ik mijn wagentje voor 't eerst in dit gezegend jaar 2026 ingespannen voor een afstand van meer dan twee kilometer: een bezoekje aan mijn van een operatie herstellende schoonbroer, een tocht van zo maar eventjes twaalf kilometer, waarvan een mooi stukje buiten het slingerweggetje naar de Statiestraat. Op de brede weg tussen Kerkhove en Avelgem was er nauwelijks verkeer en u raadt het al: mijn Skodaatje en ik die al een hele tijd er naar snakten om de teugels eens te laten vieren... En dan is het snelheidsduiveltje in mij losgekomen: tegen zestig kilometer per uur vlogen wij richting Avelgem! 

    Vandaag is de "pro justitia" er gekomen: waar zestig gereden werd mocht maar vijftig! "Eigen schuld, dikke bult" zouden ze in Holland zeggen. Maar laten we eerlijk zijn: 63,67 euro is in feite een belachelijk lage boete voor zo'n dollemansrit. En laten we blij zijn dat justitia er is voor iedereen, dat is zowel voor de rijders met een Skodaatje als voor de zware BMW-ers, zowel voor de rijders met een groot pensioen als voor de rijders met een klein pensioentje. En, rijders met een klein pensioentje, laat het voortaan een les wezen: rij voor alle zekerheid niet meer dan vijfenveertig per uur, want vijftig rijden is dansen op een smalle koord.

    P.S. Zopas verneem ik dat Remco de tijdrit in Abu Dahbi gewonnen heeft met een gemiddelde snelheid van zesenvijftig kilometer per uur. Gelukkig zal hij de boete niet zelf hoeven te betalen, dat doet de sponsor wel...

    17-02-2026 om 00:00 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    15-02-2026
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Ingredienten voor de wafelbak

    100 gr. margarine

    1 liter karnemelk

    1/2 kg bloem

    3 eieren

    30 mililiter maïsolie

    7,5 mililiter bicarbonaat

    15-02-2026 om 12:54 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    26-01-2026
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Schaaktoernooi

    Dit weekend stond mijn landelijke gemeente weer in het teken van de edelste onder alle denksporten: schaken. Er was het jaarlijks schaaktoenooi in de gemeentelijke feestzaal. Drie jaar geleden heb ik aan dat toernooi deelgenomen, zij het met geen al te groot succes. Ik herinner mij dat ik toen, na het beëindigen van mijn laatste partij - er waren er in totaal zes - in een "gemoedelijk" gesprek was geraakt met de burgemeester van de gemeente, tot het gesprek afgebroken werd omdat aan de burgemeester gevraagd werd de namen van de prijswinnaars af te roepen en tegelijkertijd de prijs te overhandigen. Toen hij mijn naam afriep speurde hij de zaal af naar wie Kris Vansteenbrugge wel mocht wezen: ik stond nog steeds naast hem en sommige aanwezigen dachten dat hij een grapje maakte. Achteraf zei de burgervader mij verontschuldigend dat hij slecht was in het onthouden van namen en hij tracteerde mij op een biertje. En nu was hij er weer, zoals het een goede bestuurder betaamt. Hij herinnerde zich het "incident" nog nauwelijks. Er waren zesendertig deelnemers. Met mijn vijfentachtig lentes was ik veruit de oudste van de bende: vijfentachtig jaar en nog steeds niet in de greep van de dementie... Elke deelnemer diende zes partijen te spelen en de totale tijd was vier uren: "semi-snelschaken" dus...

    Mijn eerste tegenstander was een ernstige jongeman. Met een kwinkslag trachtte ik bij hem een glimlach te ontlokken. Het lukte nauwelijks. Ik had al gauw in de gaten dat deze tegenstander een haalbare kaart was. Ik slaagde erin hem serieus in het verweer te dringen: met zijn zwarte Koning op B8 en mijn Toren op A1 met de vrije loop naar het vak A8 dat beschermd stond door een van mijn beide Lopers terwijl mijn andere loper de enige uitwijkmogelijkheid van de zwarte Koning belemmerde. Ik plaatste mijn Toren met een triomferende armzwaai op A8. De zwarte Koning stond mat. Tenminste... dat dacht ik, en dat moet ook mijn tegenstander gedacht hebben, want hij stond op van zijn stoel en reikte mij de hand ten teken dat hij mij feliciteerde met mijn overwinning. Tot er plots een toeschouwer opdook die beweerde dat er helemaal geen sprake was van "mat", dat de zwarte Koning gewoon de witte Toren had kunnen slaan! En warempel, nu bleek het vak A8 plots niet meer op de diagonaal van mijn Loper te liggen. Mijn tegenstander ging weer zitten, deed alsof er niets bijzonders gebeurd was en sloeg mijn Toren... Het vervolg laat zich raden: met een Toren achterstand was ik nu een vogel voor de kat. Iemand van de jury kwam mij achteraf zeggen dat ik de overwinning mocht opeisen want dat de tegenstander door mij de hand te schudden in feite de partij had opgegeven. Maar wat zóu ik? Het zou alleen maar voor narigheid gezorgd hebben...

    Mijn tweede tegenstander was precies zesenzeventig jaar jonger dan ik. Een jongetje van negen jaar! De oudste tegen de jongste. Dat moest voor mij alleszins een haalbare kaart zijn. Hoezeer heb ik mij vergist!... Ik vroeg wat zijn naam was. Vinke, zei het jongetje. Ik bedoelde je voornaam, zei ik. Vinke, zei het jongetje, mijn achternaam is Derijke. Er waren geen tien zetten gedaan of het was al duidelijk dat het voor mij een serieuze afgang zou worden. Hoezeer ik mijn hersens ook pijnigde, na elke "weldoordachte" zet van mijnentwege volgde prompt een snelle tegenzet van die gewiekste vinke, die mij telkens weer met mijn neus op het feit drukte dat ik te doen had met een schaakwondertje, een schaakgrootmeester in de dop. De stand was twee-nul in mijn nadeel. Ik verlangde naar een "gemakkelijke" tegenstander.

    En die kwam er. Mijn derde partij was weer tegen een jonge knaap, zij het iets ouder dan de vorige; twaalf jaar schat ik hem. Opvallend veel jonge deelnemers waren er dit jaar, er bleek een jongerenschaakclub uit Oudenaarde neergestreken te zijn. Mijn derde tegenstrever bleek gelukkiglijk uit zachter hout gesneden te zijn dan Vinke. Ik won gemakkelijk.

    Ik ken u, zei de man die mijn volgende tegenstander zou worden, ik heb nog les gekregen van u: anatomie. Hij kwam mij niet bekend voor en ook zijn naam deed geen belletje bij mij rinkelen. Ik heb inderdaad gedurende zeventien jaar lang les gegeven aan studenten in de kinesitherapie, in de anatomie van het bewegingsstelsel, zijnde het beendergestel, de spieren en de gewrichten van het menselijk lichaam. Deze man had het beroep van kinesist uitgeoefend, op zelfstandige basis zoals dat heet. Hád (!), want hij was reeds met pensioen. Jezus, hoe razend snel holt de tijd met ons heen, naar het einde... Oud-leerlingen die met pensioen zijn... De partij ging gelijk op, al voelde ik mij van in het begin lichtelijk de meerdere. Ik won en ik was blij met die overwinning. Een nederlaag tegen een oud-leerling zou allicht een enigszins wrange nasmaak met zich meegebracht hebben...

    Partij nummer vijf was tegen een mijnheer Derijke. Precies, de vader van Vinke. Ik vroeg of hij al even goed kon schaken als zijn zoontje, of misschien nog wel beter. Hij zei dat hij het meestal moest afleggen tegen Vinke, maar dat hij toch nooit helemaal kansloos was tegen hem. Nooit helemaal kansloos, daarmee wist ik genoeg: het zou weer een nederlaag worden! En dat werd het ook. De stand was nu twee overwinningen tegen drie nederlagen. Met een overwinning in mijn zesde en laatste partij kon ik nog eervol uit de slag komen.

    Maar die overwinning kwam er niet. Die laatste partij was er blijkbaar teveel aan. Ik was te vermoeid, ten prooi aan een soort schaakblindheid. Ik had niet in de gaten dat een vijandelijk paard dreigde met een zet waarmee mijn Koningin aangevallen stond en mijn Koning tegelijk scháák! Zonder de Koningin was het opboksen tegen de bierkaai. Een partij die ik in frisse omstandigheden niet had mogen verliezen. Al moet ik er eerlijkheishalve aan toevoegen dat mijn laatste tegenstander ook niet meer van de jongste was, namelijk tachtig, wellicht de oudste van de bende. Ná mij wel te verstaan.

    26-01-2026 om 00:00 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    23-01-2026
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Orpheus en Eurydike


    51. Orpheus en Eurydike.

    (hoofdstuk 51 uit het boek "De Griekse mythologie in 136 verhalen")
    Eén van de Argonauten was Orpheus, de zanger. Zijnvader was Oiagros, een koning uit Thracië, maar sommigen
    beweren dat de god Apollo de vader was. Zijn moeder was Kalliope, één van de negen Muzen. De Muzen waren de godinnen van de kunsten en de wetenschappen. Ze waren de dochters van de titanes Mnemosyneen van de oppergod Zeus. Ze waren volgelingen van Apollo en hadden hun verblijfplaatsen in de buurt van het Parnassos- en Helikongebergte. Orpheus was een buitengewoon begaafd dichter en musicus. Van Apollo zelf had hij een lier gekregen, waaruit hij hemelse muziek toverde en waarmee hij zijn gezangenbegeleidde. Hij bracht mensen en dieren en zelfs de planten, kortom de hele natuur, in vervoering door zijn kunst. Ook de goden kon hij ontroeren. Orpheus is
    vooral bekend door zijn dramatisch liefdesverhaal met Eurydike, een Najade ofte waternimf. Orpheus aanbad Eurydike. De liefde was grenzeloos. Op het huwelijksfeest deed zich echter een tragisch incident voor. Argeloos wandelde Eurydike blootsvoets door het jonge gras, toen zij plots in de voet gebeten werd door een giftigeslang, een adder. Op haar geroep kwam Orpheus aangerend. Net op tijd om zijn geliefde in zijn armen te zien sterven… Onuitsprekelijk was zijn verdriet. Bloedstollende klaagliederen bracht hij ten gehore, en allen luisterden mee ende hele natuur werd in diepe rouw gedompeld. De gedachteom verder te moeten leven zonder zijn beminde was ondraaglijk. Toen nam hij zich voor iets te ondernemen wat nog nooit iemand vóór hem had gedaan: haar terughalen uit het dodenrijk. Op zijn tocht daarheen speelde hij zo aandoenlijk op zijn lier, dat niemand hem iets in de weg durfde leggen. Ook Charon niet, de veerman, die de doden over de dodenrivier naar de onderwereld bracht en anders nooit levenden overzette. Zelfs
    Kerberos de hond met de drie koppen, die de hellepoort bewaakte, werd vertederd door Orpheus’ gezang en bood geen weerstand. En ook de schimmen van de doden werden ontroerd en ze kwamen in dichte drommennaderbij en luisterden, ademloos. Tot bij de troon van Hades en Persephone drong Orpheus door. Ook het godenpaar van de onderwereld raakte in de ban van zijn gezang. Op aandringen vanzijn gade liet Hades zich overhalen om Eurydike te laten weerkeren naar de aarde. Eén voorwaarde werd gesteld: zij diende op haar tocht haar man te volgen en deze
    mocht in geen geval naar haar omzien vóór ze het rijk van de levenden zouden bereikt hebben. Zoniet, dan was Eurydike onverbiddelijk en voor altijd voor hem verloren.
    Lang was de terugweg die ze moesten gaan, langs donkere,soms smalle en steile paden. Orpheus liep voorop. Hij hoorde de voetstappen van zijn geliefde achter hem, hij hoorde haar ademhaling en voelde zelfs haar adem in zijn hals, en dat stelde hem gerust. Doch plots leken die geruststellende geluiden verdwenen. Volgde zij hem niet meer? De angst deed Orpheus de waarschuwing van Hades vergeten en… hij keek om. Eurydike volgde hem nog steeds op de voet. Nog voor even, want haar gestalte vervaagde en als een schim gleed ze van hem weg, weer in de richting van het dodenrijk. Ze stak nog evende hand naar hem uit en ze fluisterde: “vaarwel mijn liefste”. Radeloos rende Orpheus terug naar de hellepoort, maar de hellehond liet ditmaal zijn tanden zien en was onvermurwbaar.
    Zeven dagen lang bleef de gebroken man zitten op de oevers van de Styx, zonder eten of drinken. Hij richtte smekende gezangen tot de goden en uiteindelijk ook verwensingen aan hun adres. Alles tevergeefs. Daarna zwierf hij door verscheidene landen, het gezelschap van andere mensen mijdend, vooral van vrouwen. Nimmer meer stelde hij zijn hart open voor een andere liefde. Daarom werd hij gehaat door de nimfen en door de Maenaden. Jaren later was het dat hij de Argonauten vergezelde op hun tocht: door zijn muziek en zijn wijze raad heeft hij zeker bijgedragen tot het welslagen van de onderneming. Na de tocht trok hij zich terug in Thracië. Daar troffen de vrouwelijke volgelingen van Dionysos hem aan, zittend aan de oever van een rivier en tokkelend op zijn lier. De uitzinnige vrouwen wierpen zich op de gehate man en scheurden zijn lichaam in stukken vaneen. Zijn hoofd werd samen met de lier in de rivier
    geworpen. Het kwam zodoende in de zee terecht en het bereikte het eiland Lesbos, alwaar het werd begraven. Zijn ziel ging naar de Hades bij zijn geliefde Eurydike. Hun zielen waren nu voor immer verenigd.

    23-01-2026 om 00:00 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vitraiku 2
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Weldra zijn wij weer saam

    onder Hades' vleugels.

    Je had niet blootvoets

    moeten lopen

    door het jonge gras,

    mijn Eurydike...    

    Het glas-in lood is van Michiel Leenknegt

    23-01-2026 om 00:00 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    13-01-2026
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hoop doet leven.

    Hoop doet leven

    Het staat mij nog zo helder voor de geest, hoe ik twintig jaar geleden, in 't jaar 2005, de deur van mijn dokterskabinet in het hospitaal achter mij dichttrok. Voor de laatste keer. Nooit zou ik het nog betreden. Adieu aan dat vertrouwd medisch materieel dat ik vierendertig jaar lang het mijne had mogen noemen, ofschoon het in feite eigendom was van het ziekenhuis. Nu zou een ander er mee werken. Ik had mijn vrouw meegenomen ten einde dat afscheid op foto vast te leggen. Eén van die gebeurtenissen die inhakken in het leven van een mens. En toch... ik heb toen geen traan gelaten, als ik mij dat tenminste goed herinner, mijn emotie was niet torenhoog. Dat heeft wellicht te maken met het feit dat ik dat beroep niet echt met hart en ziel heb uitgeoefend ofschoon ik het naar mijn gevoel naar behoren heb gedaan en plichtbewust. 

    Mijn vrouw en ik hebben ons daarna teruggetrokkrn en twintig jaar lang gelukkig geleefd. Tot er vorig jaar, met haar heengaan een abrupt eind is gekomen aan dat geluk. 't Was in de maand mei, als de lente komt...

    Er is een spreekwoord dat zegt: een ongeluk komt nooit alleen. In de maand augustus, als de zon de harten verblijdt, werd onze mooie uithoek van de Vlaamse Ardennen uit zijn gewone doen gerukt: Vlaanderens mooiste loopkoers "Dwars door Grijsloke" bestond niet meer. Mijn geesteskind! En toch, het leek mij minder te beroeren dan ik verwacht had, als dit ooit te gebeuren stond. Het leek wel of ik immuun geworden was voor dit soort zielepijn...


    En alsof dit alles niet genoeg was en alsof het spreekwoord steevast zijn gelijk opeist - geen twee zonder drie - haastte Brigitte Bardot zich om nog vóór het einde van dit rampjaar, op 28 december, van dit aards tranendal te verdwijnen. Ook dat heengaan liet mijn versteend hart vrij onbewogen. En hoezeer heb ik nochtans niet met haar gedweept in mijn studententijd! Vijf jaar lang heeft op mijn studententenkamer een bijna levensgrote poster gehangen van B.B., het mooiste kunstwerk dat de Schepper ooit heeft voortgebracht: ze maakte me blij, ze was mijn toevlucht in bange dagen. Ze was begiftigd met alle gaven Gods, enkel de onsterfelijkheid heeft de Almachtige haar nooit kunnen schenken, al zal hij dat ongetwijfeld wel gewild hebben. Een jaar of twintig was ze toen ze de wereld veroverde met de film "Et dieu créa la femme". In vijftig films moet zij gespeeld hebben en met allicht evenveel mannen heeft zij een liefdesrelatie gehad: de Aphrodite van het witte doek! Ze hield niet alleen van de mannen, maar evenzeer hield ze van de dieren. Haar uitgesproken dierenliefde is overigens de aanleiding geweest tot het abrupt beëindigen van haar filmcarrière. In haar laatste film werd een rol gespeeld door een geitje. Het beestje was ingehuurd en de eigenaar maande de makers van de film aan spoed te zetten achter de opnames want de plechtige communie van de zoon kwam er aan en dan moest het lieve diertje aan het spit. Brigitte betaalde een mooie som losgeld voor het geitje en besloot op staande voet haar verdere leven nog uitsluitend te wijden aan het welzijn van de dieren. Ze nam meteen afscheid van haar wilde jeugd: "j'ai donné ma jeunesse et ma beauté aux hommes, maintenant je donne mon expérience et ma sagesse aux animaux".

    De poster van B.B. is jammer genoeg verloren gegaan. 

    Op tweede nieuwjaarsdag zat ik achter mijn bureau en ik schreef haar naam in mooie letters op ruitjespapier - Bardot - en mijn gedachten gingen uit naar Margootje, het buurmeisje uit mijn vorig verhaaltje. En, alsof de hemel ermee gemoeid was, daar stond ze plots, aan mijn deur, zoals in het liedje van Wim Sonneveld, op tekst van M.G. Schmidt, "Margootje". Ik kom je een gelukkig nieuwjaar wensen, zei ze, en je uitnodigen op de koffie en ik zal je leren kunstwerkjes maken in glas, te beginnen met een bloemetje voor op het graf van je vrouw, een "zonnevangertje" dat zal je helpen om je verdriet te verwerken.

    Mijn eerste work-shop in vitrailkunst heb ik nu achter de rug. Maar voor ik het vak een beetje onder de knie heb zullen er nog meerdere lessen moeten volgen ten huize van Margot. En onder de naam van B.B. schrijf ik nu háár naam - Margot - en het valt mij op hoe opvallend ik die namen in elkaar kan laten overgaan op dit ruitjespapier...


    En nu zit ik weer in mijmeringen verzonken. Hier ligt ook mijn laatste boek: Mijmerarij. Het boek is opgedragen aan mijn geliefde en op de cover prijkt het Kasteelke waar ik haar drieënzestig jaar geleden heb leren kennen.


    Mag ik geloven dat er voor mij toch nog geluk is weggelegd in dit nieuwe jaar? En als dat geloof er niet is, dan is er misschien nog de hoop, het weze dan hoop tegen beter weten in...

    ... hoop dat enkele dapperen het in hun hoofd zullen halen om "Dwars door Grijsloke" weer op te richten en het de glans van weleer terug te schenken;

    ... hoop dat de poster die eens mijn studentenkamer gesierd heeft, ooit nog teruggevonden wordt, het weze door de speurders naar "De rechtvaardige Rechters";

    ... hoop dat ik weer in een god kan geloven, in een alwetende, almachtige en oneindig barmhartige god. Hij zal zich moeten verantwoorden voor al het lijden dat mijn lieve vrouw op het haar weg naar het hiernamaals doorstaan heeft en waarvoor hij de ogen heeft gesloten en hij zal mij moeten beloven dat hij iedere dag een straaltje zal sturen naar het zonnevangertje langswaar zij mij zal toefluisteren: "ik hou nog altijd zielsveel van jou". Dan zal ik hem wellicht vergiffenis schenken en misschien zal ik dan ook weer toetreden tot de club.

     

     

    13-01-2026 om 00:00 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    31-12-2025
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Nieuwjaarswens 2026

    Nieuwjaarswens op de laatste dag van 2025.

    Bij toeval vind ik de nieuwjaarsboodschap die ik zes jaar geleden bij de start van het nieuwe jaar de wereld heb ingestuurd. Ik druk het hier nog één keer af

    Een voorspoedig jaar zou 'k willen wensen

    aan jou en al mijn medemensen

    ofschoon het valt te vrezen

    dat die wensen weer eens ijdel zullen wezen.

    'k Geef dáárom slechts mijn zegen

    en dingen om te overwegen:

    (gevolgd door een twaalfregelig vers)

    Laten we blij zijn dat we leven

    en nog liefde kunnen geven,

    dat we nog kunnen denken

    en vertrouwen kunnen schenken.

    En er is nog de muziek en de teevee

    en de boeken van Claes en van Durnez,

    er is nog facebook en internet

    en altijd nog de warmte van een bed.

    En er zijn honderd and're dingen

    om het uit te zingen

    onze grieven te vergeten en blij te zijn

    ... en te hopen op een goed vaksijn.

    Het was een beetje in mineur, hoewel het twaalfregelig vers nog blijk gaf van een zekere "jeugdige overmoed". Bij de laatste overgang van oud naar nieuw heb ik mijn vrouwtje innig gekust zonder haar een gelukkig jaar te wensen. Ze zou mij meewarig aangekeken hebben: ze had nog amper een paar maanden te leven... Het twaalfregelig vers ziet er nu uit als volgt;

    Waarom zou ik nog willen leven

    nu ik geen liefde meer kan geven,

    liever wil ik nu niet langer denken

    en wie kan ik nog vertrouwen schenken?

    Er is geen muziek meer op de teevee,

    er is geen Claes meer en geen Durnez,

    er is nog facebook en nog internet,

    maar er is ook die leemte in mijn bed.

    Ik wil geen honderd and're dingen,

    voor haar alleen zou ik nu willen zingen

    over mijn eenzaamheid en eindeloze pijn;

    mijn hemel op aarde zal er nooit meer zijn...

    31-12-2025 om 14:25 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    24-12-2025
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Goed voor de dienst...

    Brief aan mijn vriend en confrater, Marc Van Hoye,

    Mijn beste Marc,

    We schrijven 18 december. Het rampzalig jaar 2025 loopt op zijn laatste benen. Een week geleden, op 11 december kreeg mijn hart weer een grondig nazicht. Was geleden van nieuwjaarsdag. Hoe slecht kan een jaar beginnen: ik werd toen met spoed opgenomen in mijn vertrouwd ziekenhuis wegens een zware aanval van draaiduizeligheid en evenwichtsstoornis. Grondige neurologische en cardiologische onderzoeken bleken mee te vallen, wat betekent dat de oorzaak niet in de hersenen en ook niet in het hart diende gezocht te worden. Een allerminst levensbedreigende stoornis was het, van het evenwichtsorgaan dat zich bevindt in het rotsbeen achter het oor, een aandoening waarvan men normaal spontaan herstelt binnen een paar weken en die geen restletsels nalaat. En zo is ook geschied... De hartspecialist die mij had onderzocht vond evenwel een controle over zes maanden ten zeerste aangewezen vanwege het feit dat ik lijder ben aan voorkamerfibrillatie in combinatie met een atrioventriculair block plus een verminderderde doorbloeding van de kroonslagaders met daarenboven lekkage van één of meerderer hartkleppen. Heb ik u overigens al verteld dat de twaalkoppige cardiologische equipe van datzelfde ziekenhuis mij twintig jaar geleden reeds een by-pass operatie + pacemaker had voorgesteld, waarop ik weliswaar niet ben ingegaan en desondanks toch reeds een tamelijk gezegende leeftijd heb bereikt? Het hartonderzoek van de vorige week bleek dus in feite nogal een meevaller te zijn en er was nog allerminst sprake van by-pass of pacemaker. Alhoewel, een "meevaller" is hier wel een term die dient gerelativeerd te worden. De dokter had gezegd: een meevaller, jawel, gezien uw leeftijd. En voor een hartcontrole over zes maanden kon maar beter meteen een afspraak gemaakt worden. Het werd 7 juli....

    Op 6 juli belde ik het ziekenhuis op. Of mijn afspraak bij de cardioloog wel kon doorgaan. Er was namelijk een doktersstaking afgekondigd op 7 juli. Mijn cardioloog bleek inderdaad te staken, mijn afspraak diende geannuleerd te worden en een nieuwe afspraak diende gemaakt. Het werd dus 11 december, eerder kon niet vanwege het feit dat de afspraakboek overvol zat. Overlopen naar een van die twaalf andere cardiologen had geen zin want ook bij hen zat de afspraakboek overvol. Het moge duidelijk wezen dat er in ons land een schromelijk tekort is aan doktoren, en dan te bedenken dat men er in ons land alles aan doet om de toegang tot de geneeskundige studies af te remmen door allerlei toegangsexamens! Hoe dan ook, de controle van mijn hart was nu blijkbaar niet meer zo dringend. Wat kon het mij ook schelen. Ik vroeg niets beters dan dat het plots zou ophouden met kloppen, midden in de nacht, in mijn slaap, net zoals mijn nonkel Fonske was overkomen. Het leven had voor mij geen zin meer sedert de dag dat mijn lieve vrouw voor altijd was heengegaan, na een lijdensweg die anderhalf jaar had geduurd en gedurende dewelke de geneeskunde alle zeilen had bijgezet: operaties, chemotherapie, röntgenbestralingen, sondevoeding via gastrostomie, zuurstoftherapie, beademing, palliatieve pijnbestrijding/euthanasie. Ik was er van overtuigd dat ik vanaf die dag - 10 mei om 17 uur stipt - nooit meer gelukkig zou zijn. De pijn van het afscheid leek ondraaglijk en ik had willen bidden tot de alwetende, almachtige en oneindig goede god dat hij mij zo snel mogelijk zou verlossen uit dit tranendal. Maar ik deed het niet. Hij zou mijn gebed niet verhoord hebben. Nonkel Fonske was zwaar verslaafd aan de alkohol (één bak bier en één fles jenever per dag) en die sukkelaar zal zeker een voetje vóór gehad hebben bij de almachtige.

    Vorige week 11 december. 't Was meer dan zeven maand geleden, mijn beste Marc, dat ik nog een voet in het ziekenhuis had gezet, het ziekenhuis waar ikzelf vierendertig jaar lang als arts had gewerkt en waar ik het laatste anderhalf jaar zovele dagen had doorgebracht aan het ziekbed van mijn vrouw, ik gruwde er nu van. De cardioloog onderzocht mij naar behoren en zei dat alles nogal meeviel - voor uw leeftijd, voegde hij er voor alle securiteit nog aan toe. Controle gewenst over een jaar, afspraak te maken over zes maanden want de wachttijden zijn lang. Het laat mij allemaal onverschillig, ik denk dat ik dit ziekenhuis niet meer ga betreden. Ik ben niet meer bang voor de dood. Ik wil "haar" weerzien in de hemel. De hemel? Onzin! De hemel, dat was hier toen zij nog leefde, toen wij samen waren. De hel, dat is het stukje leven dat er voor mij nog is weggelegd, daar moet ik nog door, en dan... niets meer.

    Ik groet je, mijn beste Marc, en breng mijn groet ook over aan Eliane en geef haar een kus.

    En vergeef het mij...

    Kris.

    24-12-2025 om 17:14 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    16-11-2025
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vitraiku 1

    Michiel Leenknegt. Een leven van glas en kleur. Beperkte ... 

    Glas-in-lood (Michiel Leenknegt) 

                              

    Uit d'ogen van mijn muze

    straalt het licht niet meer,

    geen liefdeslied, geen minnedicht,

    geen hoop...

    Enkel nog duisternis,

    leegte en verdriet...

     

    Dit jaar is zij heengegaan, mijn allerliefste, in de meiemaand, toen de lente kwam... Veertig jaar geleden overleed Michiel, eveneens in mei. Hij was "glazenier" (glas-in-lood), de grootste vitrailkunstenaar van zijn tijd. Hij zocht zijn inspiratie in de Griekse mythologie. Zijn geliefd thema was het dramatisch verhaal van Orpheus die zijn geliefde Eurydike ging terughalen uit de onderwereld. Deze allereerste "vitraiku" is opgedragen aan hem... en aan haar.

    [Meer over Michiel Leenknegt? Zie mijn verhaal d.d. 24 juni 2019 op  www.bloggen.be/pierpont/archief.php?ID=3165901]

    16-11-2025 om 00:00 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    12-11-2025
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Het feest voorbij...

    Het onthaal, de laudatio's, de lunch, de medailles, de bloemstukjes... alles was zo piekfijn in orde. Wat jammer dat mijn lief vrouwtje er niet meer bij was, ze zou er zo blij mee geweest zijn.

    Ik koester de medailles: die van tien jaar geleden (50 jaar doktoor) en die van heden (60 jaar) - en, wie weet, komt er ooit nog één van 70 jaar.


     

     2015 : Vijftig jaar doktoor...


    2025: zestig jaar doktoor...

    Tien jaar geleden zag ik vier collega's terug die samen met mij afgestudeerd waren in het "goddeloze" Gent (de tientallen anderen kwamen uit Leuven). Die vier waren: Marel Marchau, Claudine Van Nevel (de enige "por" van toen), Hugo Provoost en Eric Devos. Dat Marchau en Devos ondertussen overleden zijn had ik vernomen, maar ik had er zó op gehoopt Claudientje en Hugo nog eens terug te zien. Ze waren er niet...

    12-11-2025 om 00:13 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    06-11-2025
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Zestig jaar doktoor.

    Als "jubilaris met 60 jaar dienst" ben ik, samen met mijn partner, uitgenodigd door de Orde der Artsen van West-Vlaanderen om samen met 24 anderen gevierd te worden in het hotel-restaurant Van Der Valk in Oostkamp. Aansluitend wordt een luch voorzien...

    Toen ik in 1965 samen met zesenvijftig anderen aan de Gentse Universiteit afstudeerde als - schrik niet - "doctor in de genees-, heel- en verloskunde", was daar welgeteld één vrouwelijke doktoor bij. Claudine was haar naam. Ze heeft zich later gespecialiseerd in de pediatie en zich als kinderarts gevestigd in West-Vlaanderen. Heden ten dage overtreft het aantal vrouwelijke afstuderenden in belangrijke mate het aantal van hun mannelijke collega's. De Orde der Artsen heette toen nog Orde der Geneesheren... Als afgestudeerd doctor in de heelkunde had ik nog nooit een patiënt gereanimeerd en nog nooit een operatiemes in mijn handen genomen en deze doctor in de verloskunde had welgeteld één enkele verlossing op zijn palmares staan, onder het toeziend oog dan nog van een bekwame vroedvrouw. Heden ten dage zijn de afgestudeerden in de geneeskunde al lang niet meer de gelukkige bezitters van een ronkende doctorstitel, maar ze hebben geleerd hoe een patiënt dient gereanimeerd te worden en sommigen onder hen hebben een stage achter de rug in een Zuid-Amerikaans land waar ze eigenhandig keizersneden hebben verricht. En met hun diploma van "arts" zijn ze niet eens gerechtigd om in ons land zelfstandig de geneeskunde uit te oefenen, zonder eerst nog enkele jaartjes specialisatie in de huisartsengeneeskunde of een andere tak van de geneeskundige wetenschap.

    Wat waren mijn ouders fier, in 1965, met hun kersverse doktoor, en zo ook mijn lief vrouwtje die toen al zwanger was van ons eerste kind. Ik begon als huisarts in combinatie met de toen nog verplichte legerdienst, maar na twee jaar hield ik dat voor bekeken ik ging mij specialiseren in de keel-neus-oorheelkunde aan het universitair ziekenhuis van Rotterdam, in die tijd en ook nu nog, een van de grootste van West-Europa. Teruggekeerd naar het vaderland en daar in een West-Vlaams ziekenhuis mijn beroep uitgeoefend tot ik er in 2005, op mijn vijfenzestigste, werd ontslagen wegens het bereiken van de pensioenleeftijd, op een ogenblik dat ik mij op het hoogtepunt van mijn medisch-technisch kunnen bevond...

    Tien jaar later - ik was toen al bijna vergeten dat ik ook doktoor was geweest - viel mij nochtans een grote eer te beurt: ik werd, samen met een veertigtal West-Vlaamse collega's en de partners, uitgenodigd door de Orde der Geneesheren, wier naam ondertussen veranderd was in "Orde der Artsen" aangezien de vrouwen in het geneeskundig korps toen (en terecht) al in de meerderheid waren. We werden gehuldigd vanwege "vijftig jaar doktoor", een gouden jubileum dus. We waren amper met vijf die het diploma aan de Rijksuniversiteit van Gent hadden behaald, de anderen kwamen uit de Katholieke Universiteit van Leuven: wie vijftig jaar geleden in het katholieke West-Vlaanderen ging studeren aan een niet-katholieke universiteit was toen niet helemaal in orde met "hierboven"... Die vier "Gentse" collega's waren Hugo Provoost (huisarts in Brugge), Erik Devos (kinderarts in Roeselare), Marcel Marchau (neuroloog in Brugge) en - jawel! - Claudine Vannevel, het porreke van toen... Van mijn allerbeste vrienden-studenten-geneeskunde uit "die tijd", Raymond Creus, Koen Huys, Dré Vannoorenberge, Carl Vanwelden en Marc Van hoye, was toen reeds nog amper de laatste in leven - en dat is hij gelukkig nog. Mij is toen tijdens die gouden jubileuimviering de eer te beurt gevallen om het dankwoord te mogen uitspreken. Wat waren we toen nog fier en gelukkig, mijn vrouwtje en ik...

    En nu ben ik dus weer uitgenodigd, voor de diamanten hulde: zestig jaar doktoor! Mét partner. "Zij" zal er helaas niet meer bij zijn, enkele maanden geleden is ze heengegaan: een verdriet dat nimmer meer overgaat... Er zijn in totaal nog vijfentwintig genodigden. Benieuwd of ze er allen zullen zijn, ze zijn per slot van rekening allen de vijfentachtig al even voorbij. Ik zal er zijn, bij leven en welzijn... Het staat mij vrij een begeleider/ster mee te nemen, maar ik durf het aan niemand vragen om mij te vergezellen, ik wil het niemand aandoen. Van mijn woonplaats tot bij Van Der Valk in Oostkamp is nog geen honderd kilometer, ik red het wel. En ik zal misschien Claudientje nog eens terugzien en Hugo Provoost. Erik Devos is ondertussen overleden en ook Marcel Marchau heeft het tijdelijke met het eeuwige verwisseld, die goede reus met wie ik een angstige tijd heb beleefd, vijfenzestig jaar geleden. Gelukkig waren we tijdens de viering van tien jaar geleden weer dikke vrienden. Rust in vrede Marcel... En als ik dat wonderlijke verhaal van toen hier nogmaals neerschrijf dan is dat met een oneindig gevoel van sympathie en dankbaarheid.

     

    Over Gigi, de Rosten en Marcel Marchau. (verhaal uit mijn boek "o jerum jerum jerum..." 2006)

    Fysiologie is de leer van de levensverschijnselen van levende wezens, zoals de dikke van Dale ons leert. Een volslagen leek zou het kunnen verwarren met filosofie, fytologie, filologie en dies meer. Er zijn tientallen vakken waarvan de naam begint met "fi". De menselijke fysiologie werd ons, in het tweede en het derde jaar, aangeleerd door professor Jean Jacques Vandevelde. De initialen van professor Vandevelde klonken - op zijn Frans - als "gigi" en Gigi was dan ook de naam waaronder alle studenten hem kenden. Een grote, corpulente, nogal goedmoedige man van rond de zestig, grijzend en kalend. De finishing touch was een bril met dikke glazen en een grote donkere montuur op zijn rond aangezicht. Het gaf hem iets geleerds en tegelijkertijd iets komisch. Niemand van zijn studenten beschouwde Gigi als een hoogvlieger en ook de andere professoren leken zijn intellectuele capaciteiten niet erg hoog in te schatten. Naar verluidt was hij al prof van op zéér jonge leeftijd, van toen hij nog lang geen dertig was. Maar er werd ook gezegd dat hij per ongeluk professor geworden was, dat zijn benoeming een vergissing was.

    Gigi werd niet echt au sérieux genomen en dat was jammer voor het vak fysiologie, dat toch zonder meer een hoofdvak was. Wat een contrast met de briljante docent die professor Fautrez was en die de studenten met zijn lessen in anatomie - in wezen toch een droge materie - oneindig veel meer kon boeien dan Gigi met zijn fysiologie. Dat het vak nochtans niet mocht onderschat worden moge blijken uit het groot aantal uren les die Gigi waren toebedeeld. Zeker in het derde jaar: drie tot vier keer in de week een dubbele les van twee keer vijftig minuten. En dan nog telkens om acht uur 's morgens. Dat betekende opstaan om half acht als je een half uur uittrok om je aan te kleden - wassen, scheren en ontbijt konden desnoods overgeslagen worden - en naar de les te gaan. Het auditorium was in de Apotheekstraat en vooral in het derde jaar, toen ik op kot was in de Afsneelaan, was dat een heel eind. Als je wat laat kwam had je soms niet eens een zitplaats, want er waren niet meer dan honderd plaatsen voor zo'n honderdvijftig studenten. In het begin van 't academisch jaar zat het er wel eens bomvol en moesten er een stuk of twintig blijven rechtstaan. Maar algauw waren er die zich "opofferden" en de lessen brosten. En toen het jaar halverwege was zat het auditorium nog amper halfvol…

    Fysiologie is op zichzelf een interessant en boeiend vak. De lessen van Gigi waren het evenwel niet. Gigi had bitter weinig didactische capaciteiten. Hij liet ook een beetje met zich sollen. 't Was één van de zeldzame keren dat ik zijn lessen heb bijgewoond: men had één van zijn dia's vervangen door de blote borsten van Jane Mansfield. Het plaatje had een weergave moeten zijn van de werking van de borstkas. Een andere keer kwamen Karel Ringoet en ik het leslokaal binnen, respectievelijk als Zwarte Piet en Sinterklaas. Gigi vond het wel leuk. Of misschien deed hij maar alsof? We hebben hem warempel zover gekregen dat hij op de knieën ging zitten voor de goede Sint.

    Het meeste wat ik over Gigi weet, heb ik van horen zeggen. Ik heb in die twee jaar immers geen twintig van zijn lessen bijgewoond, misschien maar tien. Als je jong bent heb je veel slaap nodig: Gigi had het ons zelf geleerd… En als je maar zelden vóór twee en vaak zelfs niet vóór vier uur in bed geraakt, is opstaan om half acht vroeg, té vroeg, onverantwoord vroeg. Te weinig slaap kan immers de gezondheid schaden. En wat doe je dan? Een gedrukte cursus bestond er niet…

    Ik stelde al mijn hoop op Marcel Marchau, een flink uit de kluiten gewassen medestudent van een meter negentig, met een weelderig krullende haardos die naar het hoogblonde neigde en een ruw en ietwat pokdalig gezicht. Marcel behoorde tot het groepje studenten die alle dagen trouw de lessen bijwoonden en de rest van hun tijd besteedden aan eten, slapen en studeren. Dat waren de modelstudenten, die zich gedroegen zoals iedere rechtgeaarde ouder dat van zijn kinderen verlangt. Ikzelf behoorde tot de tegenovergestelde groep: het hele jaar uitgaan, feestvieren, lessen brossen en op 't einde van 't jaar in ijltempo studeren en de leerstof toch nog in 't kopke krijgen op amper twee maanden tijd, waar de anderen een heel jaar over deden. De "ernstige" groep keek ongetwijfeld met enige minachting neer op de "losbandige" groep. Zij vonden ons opportunisten die met onvoldoende kennis door de brede mazen van het examennet wisten te glippen. Met lede ogen zagen ze hoe de meesten van ons telkenjare slaagden in 't examen en regelrecht op het diploma afstevenden. Of verbeeld ik mij dat alleen maar? Zeker is dat de losbandigen zelf - ik noem ze liever " de studentikozen" - smalend spraken over de "blokbeesten", van wie wij beweerden dat zij de smaak van het bier niet kenden. We waren er overigens heilig van overtuigd dat als wíj het hele jaar zouden blokken, wij veel betere resultaten zouden behalen dan zíj…

    Maar keren we terug tot Marcel Marchau. Ik wist dat hij trouw alle lessen van Gigi had gevolgd, dat hij alles had neergepend en, wat niet onbelangrijk was, dat hij een goed leesbaar handschrift had. De laatste twee weken had ik mij bijzonder vriendelijk opgesteld tegenover Marcel en toen de lessen fysiologie ten einde liepen kwam ik met de vraag naar hem toe: of ik misschien zijn notities mocht lenen voor een paar dagen?

    's Anderendaags bracht Marcel zijn notities mee: drie dikke ringmappen vol! Enkel maar voor een paar dagen, zei Marcel. Die drie dikke mappen! En het fotocopieerapparaat moest nog uitgevonden worden. Een hele week dag en nacht werken zou amper volstaan hebben om alles over te pennen. Ik nam de drie mappen mee… en toen moet ik een van de meest afschuwelijke black-outs van mijn leven gehad hebben. Het is namelijk een feit dat ik die avond op mijn kot arriveerde zonder de geschreven cursus van Marchau. Waar had ik de drie mappen achtergelaten? In de Casbah? In de Tivoli? Bij Njora? Was ik die namiddag naar de Savoy geweest, naar de film met Noël Roquevert en Darry Cowl? Of was dat de dag ervoor? In den Amber was ik niet geweest. In de Brug ook niet. Of toch? In paniek zocht ik de hele stad af. Ik zocht in cafés en winkels. Ik zocht zelfs in panden waar ik zelden of nooit een voet binnenzette. Ik vroeg aan eenieder die ik ontmoette of ze "om de liefde Gods" geen drie dikke ringmappen gezien hadden.

    Het was allemaal tevergeefs. Stilaan drong het tot mij door dat de mappen onherroepelijk verloren waren. Het angstzweet brak mij uit. Wat had de toekomst voor mij nog in petto? Was er überhaupt nog een toekomst voor mij? Marchau zou mij vermoorden als ik hem ging vertellen dat ik alles wat hij een jaar lang zorgvuldig genoteerd had, gewoonweg had verloren. Kon ik dan maar niet beter zelf een eind maken aan mijn leven? Ik kon er alvast niet van slapen. En als ik dan toch even voor een korte wijle indommelde, kwam Marchau die slaap deerlijk verstoren: ik een droom voelde ik zijn sterke vuisten als mokers op mijn hoofd beuken…

    Tegen 't einde van de week gaf Marchau te kennen dat hij zijn cursus terug wilde krijgen. Ik vroeg nog uitstel tot na het weekend. En na 't weekend - 't was na de les van "de Rosten" - vroeg ik nóg een paar dagen uitstel. De Rosten, dat was professor Vandendriessche. Zijn bijnaam had hij te danken aan de kleur van zijn haar. De Rosten doceerde biochemie, een moeilijk vak. Hij was uit ander hout gesneden dan Gigi. Klein van gestalte en minder aristocratisch. Maar een man met veel meer autoriteit en die zijn vak ook veel beter beheerste. Hij droeg te allen tijde een vlinderdasje en hij reed met een deux-chevauxtje waar tegen de voorruit een flessenopener* bengelde. Jaren later is hij rector geworden aan de universiteit van Antwerpen.

    Nog twee dagen en dan wilde Marchau zijn drie mappen terug hebben of… Hij tikte drie keer onheilspellend met zijn gebalde vuist tegen zijn onderkin. Die vuist was bestemd om op míjn onderkin terecht te komen…

    De lessen van de Rosten mochten niet gebrost worden. Het was immers een vrij ingewikkelde materie, die niet zo goed in leerboeken terug te vinden was, en net zo min als van fysiologie bestond er een gedrukte cursus van biochemie. De dag dat mijn ultimatum verstreek kwam ik opzettelijk een paar minuten te laat in de les. Ik nam plaats op de achterste bankenrij*, zo dicht mogelijk bij de uitgang. Marchau die zoals steeds vooraan zat, keerde zich tijdens de les een paar keer om. Verscholen achter de brede rug van Ivan Coessens ontsnapte ik aan zijn speurende en dreigende blik. Maar dat spelletje kon niet blijven duren. Ik zou als een rat in de val komen te zitten, Marcel Marchau zou mij een ongeluk aandoen en ik zou nog niet eens op een beetje begrip kunnen rekenen, bij niemand!.. Ik was één en al ellende. De nood was hoog, zéér hoog.

    Maar, als de nood het hoogst is, is de redding nabij! En waarachtig, tegen 't einde van de les kwam er plots een straaltje hoop. De Rosten had, vóór het afsluiten van zijn les, nog een droevige mededeling: professor Vandevelde was ziek, ernstig ziek. Denk nu maar niet dat ik mij daar niet diep over schaam, maar het ís niet anders: die woorden van de Rosten klonken als muziek in mijn oren. Het leek wel als een geschenk uit de hemel: Gigi zou spoedig doodgaan en dan had zijn cursus geen enkel belang meer. De een zijn dood is de ander zijn brood, zegt het spreekwoord. Voor mij zou Gigi's dood de redding betekenen uit een uitzichtloze situatie.

    Twee dagen later hoorden we de honden in het laboratorium van Gigi janken en de Rosten maakte er ons op attent dat het een slecht voorteken was. Ik voelde, en de anderen zullen het ook wel gevoeld hebben, dat het met Gigi op zijn einde liep. Nog diezelfde dag overleed professor J.J. Vandevelde. De Rosten zou het examen van fysiologie afnemen. Hij gaf ons de titel van een boekje dat we dienden te kopen, een dun boekje van nog geen honderd bladzijden, en daarover zou hij ons ondervragen. Over de cursus van Gigi werd geen woord meer gerept.

    Zes of zeven weken waren verstreken en Marcel Marchau had, net als ikzelf trouwens, met succes het examen fysiologie afgelegd. Toen heb ik het aangedurfd hem de waarheid te vertellen: dat ik de cursus verloren had. Hij antwoordde kortaf dat hij zoiets al vermoed had. En uit wat hij er nog aan toevoegde meen ik begrepen te hebben dat als Gigi niet gestorven was, ze niet Gigi maar mij hadden moeten begraven…

    Vrienden zijn Marcel Marchau en ik tijdens onze verdere studiejaren nooit geweest. Marcel was tóch al mijn type niet, net zo min als ík zíjn type was natuurlijk. Na 't afstuderen hebben onze wegen elkander nog één keer vluchtig gekruist. 't Was in 't begin van de tachtiger jaren. Ik had de marathon Kortrijk-Brugge gelopen, in een verzengende hitte. Na de aankomst had ik verzorging nodig. De arts die mij bijstond was niemand minder dan Marcel Marchau, neuroloog aan het Sint-Janshospitaal in Brugge. Ik vroeg hem of hij mij nog kende. Of hij het zich nog herinnerde van die cursus van Gigi. Het beroerde hem blijkbaar niet. Wist hij het allemaal niet meer? Of was hij nog steeds kwaad op mij? Ik zou het hem niet eens kwalijk kunnen nemen…

     

    Verdomme toch, Marcel. Het leven toch... Een verhaal met altijd een slecht einde...

    06-11-2025 om 22:24 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    07-10-2025
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De medische wereld in beroering

    Op de voorpagina van mijn krant van maandag 6 oktober : HELFT ARTSEN VREEST PRAKTIJK TE MOETEN SLUITEN, en dat verwijst naar het hoofdartikel op pagina 4 waarvan de titel luidt "PATIËNT ZAL DUBBEL ZO LANG MOETEN WACHTEN OP AFSPRAAK". En daar sta je dan als arts, na zeven jaar studie aan de universiteit en in vele gevallen zes jaar opleiding tot specialist. Met een inkomen dat onvoldoende blijkt te zijn om menswaardig te kunnen leven... In mijn tijd was het toch even anders. Ik had een middelmatig grote ziekenhuispraktijk en heb daar altijd heel royaal kunnen van leven, zonder daarom ooit ook maar één supplement, of iets "in 't zwart", te hebben aangerekend. Altijd binnen de lijntjes gekleurd, altijd de ziekenfondstarieven gerespecteerd, voor collega's - de eed van Hippocrates indachtig - altijd gratis of tegen terugbetalingstarief gewerkt, mij niet bezondigd aan overconsumptie... En toch nog een spaarpotje overgehouden voor als ik het met mijn alleenstaandenpensioentje van 1751 euro bruto in de maand niet meer zou rooien. En als het aantal dokters tot de helft zal gereduceerd zijn, zijnde tot het niveau waarop het stond in "mijn tijd", volgt daar dus uit dat de patiënt dubbel zo lang zal moeten wachten op een afspraak, zijnde vijf à zes maanden in plaats van het huidig gemiddelde van elf weken. Was de wachttijd in "mijn tijd" dan ook vijf à zes maanden? Bijlange niet. Als iemand mij opbelde omdat hij last had van een verstopt oor met oorsuizen en ik voorstelde om hem 's anderendaags te zien, vond hij die wachttijd vaak behoorlijk lang en dan slaagde hij er altijd wel in dezelfde dag nog op raadpleging te komen. Dat de wachttijden nu zo lang zijn komt doordat de afspraakboeken van de specialisten bomvol staan met patiënten die op regelmatige tijdstippen op controle moeten komen, preventief, de slogan van dokter "Knock" (van Jules Romains) indachtig: "tout homme, bien portant est un malade qui s'ignore"....

    Dat zoveel artsen wellicht hun beroep niet meer zullen kunnen uitoefenen valt op zijn minst te betreuren. Een ander beroep kiezen is voor hen niet zo vanzelfsprekend, artsen zijn niet zo multi-inzetbaar als bijvoorbeeld een jurist of een specialist in de economie. Misschien ware een baantje in de politiek nog wel het overwegen waard. En toch is er iets positiefs aan dit hele verhaal, zij het dan niet voor de artsen zelf... De helft minder artsen in 't land heeft als onvermijdelijk gevolg dat het aantal studenten geneeskunde niet langer zal dienen afgeremd te worden door een ingangsexamen, hetwelk laatst voor zoveel opschudding heeft gezorgd, mede gezien het feit dat weinigen zich nog zullen aanbieden voor de studie, om later voor een hongerloon te moeten werken. Zo zie je maar dat de uitspraak die Johan Cruyff ooit deed altijd en overal blijft gelden: "elk nadeel heb se foordeel"...

    07-10-2025 om 14:00 geschreven door kris vansteenbrugge  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)


    Blog als favoriet !

    Foto

    O jerum jerum jerum…

    Mijn memoires

    (2006, 206 p., 17,95 €)

    Te bestellen via mail:

    kvansteenbrugge@gmail.com

    (geen verzendkosten)



    Mijn nieuwste boek (Uit het schuim van de zee, 2011) behandelt de hele Griekse mythologie in 136 verhalen (408 pag.) en 18 originele tekeningen. Het is nu reeds aan zijn derde druk toe. Het boek is te bestellen via mail (kvansteenbrugge@gmail.com). Betaling na ontvangst (18,95 euro). Bij bestellingen vóór 1 mei dienen geen verzendkosten betaald te worden.

    Foto

    Archief per week
  • 13/04-19/04 2026
  • 06/04-12/04 2026
  • 23/03-29/03 2026
  • 16/03-22/03 2026
  • 02/03-08/03 2026
  • 16/02-22/02 2026
  • 09/02-15/02 2026
  • 26/01-01/02 2026
  • 19/01-25/01 2026
  • 12/01-18/01 2026
  • 30/12-05/01 2025
  • 22/12-28/12 2025
  • 10/11-16/11 2025
  • 03/11-09/11 2025
  • 06/10-12/10 2025
  • 08/09-14/09 2025
  • 25/08-31/08 2025
  • 14/07-20/07 2025
  • 07/07-13/07 2025
  • 19/05-25/05 2025
  • 14/04-20/04 2025
  • 10/03-16/03 2025
  • 03/03-09/03 2025
  • 17/02-23/02 2025
  • 06/01-12/01 2025
  • 30/12-05/01 2025
  • 16/12-22/12 2024
  • 25/11-01/12 2024
  • 18/11-24/11 2024
  • 21/10-27/10 2024
  • 07/10-13/10 2024
  • 23/09-29/09 2024
  • 16/09-22/09 2024
  • 09/09-15/09 2024
  • 22/07-28/07 2024
  • 15/07-21/07 2024
  • 01/07-07/07 2024
  • 24/06-30/06 2024
  • 17/06-23/06 2024
  • 27/05-02/06 2024
  • 29/04-05/05 2024
  • 15/04-21/04 2024
  • 01/04-07/04 2024
  • 25/03-31/03 2024
  • 26/02-03/03 2024
  • 12/02-18/02 2024
  • 22/01-28/01 2024
  • 25/12-31/12 2023
  • 04/12-10/12 2023
  • 13/11-19/11 2023
  • 16/10-22/10 2023
  • 02/10-08/10 2023
  • 18/09-24/09 2023
  • 04/09-10/09 2023
  • 28/08-03/09 2023
  • 07/08-13/08 2023
  • 10/07-16/07 2023
  • 05/06-11/06 2023
  • 15/05-21/05 2023
  • 17/04-23/04 2023
  • 10/04-16/04 2023
  • 03/04-09/04 2023
  • 27/03-02/04 2023
  • 27/02-05/03 2023
  • 20/02-26/02 2023
  • 13/02-19/02 2023
  • 06/02-12/02 2023
  • 25/12-31/12 2023
  • 07/11-13/11 2022
  • 03/10-09/10 2022
  • 29/08-04/09 2022
  • 15/08-21/08 2022
  • 18/07-24/07 2022
  • 06/06-12/06 2022
  • 23/05-29/05 2022
  • 02/05-08/05 2022
  • 25/04-01/05 2022
  • 28/03-03/04 2022
  • 14/03-20/03 2022
  • 07/03-13/03 2022
  • 07/02-13/02 2022
  • 31/01-06/02 2022
  • 24/01-30/01 2022
  • 17/01-23/01 2022
  • 10/01-16/01 2022
  • 03/01-09/01 2022
  • 26/12-01/01 2023
  • 13/12-19/12 2021
  • 29/11-05/12 2021
  • 15/11-21/11 2021
  • 25/10-31/10 2021
  • 18/10-24/10 2021
  • 04/10-10/10 2021
  • 27/09-03/10 2021
  • 20/09-26/09 2021
  • 13/09-19/09 2021
  • 06/09-12/09 2021
  • 23/08-29/08 2021
  • 16/08-22/08 2021
  • 09/08-15/08 2021
  • 05/07-11/07 2021
  • 21/06-27/06 2021
  • 14/06-20/06 2021
  • 31/05-06/06 2021
  • 24/05-30/05 2021
  • 10/05-16/05 2021
  • 03/05-09/05 2021
  • 26/04-02/05 2021
  • 19/04-25/04 2021
  • 12/04-18/04 2021
  • 05/04-11/04 2021
  • 08/03-14/03 2021
  • 08/02-14/02 2021
  • 01/02-07/02 2021
  • 25/01-31/01 2021
  • 18/01-24/01 2021
  • 28/12-03/01 2021
  • 14/12-20/12 2020
  • 23/11-29/11 2020
  • 09/11-15/11 2020
  • 02/11-08/11 2020
  • 19/10-25/10 2020
  • 12/10-18/10 2020
  • 21/09-27/09 2020
  • 07/09-13/09 2020
  • 17/08-23/08 2020
  • 10/08-16/08 2020
  • 03/08-09/08 2020
  • 20/07-26/07 2020
  • 13/07-19/07 2020
  • 06/07-12/07 2020
  • 29/06-05/07 2020
  • 01/06-07/06 2020
  • 25/05-31/05 2020
  • 11/05-17/05 2020
  • 04/05-10/05 2020
  • 20/04-26/04 2020
  • 13/04-19/04 2020
  • 06/04-12/04 2020
  • 30/03-05/04 2020
  • 09/03-15/03 2020
  • 30/12-05/01 2020
  • 23/12-29/12 2019
  • 09/12-15/12 2019
  • 25/11-01/12 2019
  • 18/11-24/11 2019
  • 11/11-17/11 2019
  • 28/10-03/11 2019
  • 14/10-20/10 2019
  • 07/10-13/10 2019
  • 30/09-06/10 2019
  • 23/09-29/09 2019
  • 16/09-22/09 2019
  • 26/08-01/09 2019
  • 19/08-25/08 2019
  • 12/08-18/08 2019
  • 05/08-11/08 2019
  • 29/07-04/08 2019
  • 08/07-14/07 2019
  • 24/06-30/06 2019
  • 03/06-09/06 2019
  • 20/05-26/05 2019
  • 06/05-12/05 2019
  • 29/04-05/05 2019
  • 08/04-14/04 2019
  • 11/03-17/03 2019
  • 04/03-10/03 2019
  • 25/02-03/03 2019
  • 11/02-17/02 2019
  • 28/01-03/02 2019
  • 07/01-13/01 2019
  • 31/12-06/01 2019
  • 10/12-16/12 2018
  • 03/12-09/12 2018
  • 26/11-02/12 2018
  • 19/11-25/11 2018
  • 12/11-18/11 2018
  • 29/10-04/11 2018
  • 08/10-14/10 2018
  • 24/09-30/09 2018
  • 17/09-23/09 2018
  • 03/09-09/09 2018
  • 27/08-02/09 2018
  • 23/07-29/07 2018
  • 25/06-01/07 2018
  • 14/05-20/05 2018
  • 09/04-15/04 2018
  • 02/04-08/04 2018
  • 19/03-25/03 2018
  • 12/03-18/03 2018
  • 26/02-04/03 2018
  • 19/02-25/02 2018
  • 12/02-18/02 2018
  • 29/01-04/02 2018
  • 15/01-21/01 2018
  • 01/01-07/01 2018
  • 25/12-31/12 2017
  • 20/11-26/11 2017
  • 06/11-12/11 2017
  • 23/10-29/10 2017
  • 09/10-15/10 2017
  • 25/09-01/10 2017
  • 18/09-24/09 2017
  • 04/09-10/09 2017
  • 28/08-03/09 2017
  • 07/08-13/08 2017
  • 24/07-30/07 2017
  • 17/07-23/07 2017
  • 26/06-02/07 2017
  • 05/06-11/06 2017
  • 29/05-04/06 2017
  • 22/05-28/05 2017
  • 01/05-07/05 2017
  • 24/04-30/04 2017
  • 03/04-09/04 2017
  • 23/01-29/01 2017
  • 26/12-01/01 2017
  • 28/11-04/12 2016
  • 07/11-13/11 2016
  • 31/10-06/11 2016
  • 24/10-30/10 2016
  • 17/10-23/10 2016
  • 10/10-16/10 2016
  • 03/10-09/10 2016
  • 26/09-02/10 2016
  • 29/08-04/09 2016
  • 22/08-28/08 2016
  • 15/08-21/08 2016
  • 25/07-31/07 2016
  • 18/07-24/07 2016
  • 27/06-03/07 2016
  • 13/06-19/06 2016
  • 23/05-29/05 2016
  • 16/05-22/05 2016
  • 09/05-15/05 2016
  • 02/05-08/05 2016
  • 18/04-24/04 2016
  • 21/03-27/03 2016
  • 07/03-13/03 2016
  • 22/02-28/02 2016
  • 28/12-03/01 2021
  • 21/12-27/12 2015
  • 07/12-13/12 2015
  • 02/11-08/11 2015
  • 19/10-25/10 2015
  • 21/09-27/09 2015
  • 07/09-13/09 2015
  • 17/08-23/08 2015
  • 27/07-02/08 2015
  • 20/07-26/07 2015
  • 13/07-19/07 2015
  • 29/06-05/07 2015
  • 22/06-28/06 2015
  • 15/06-21/06 2015
  • 08/06-14/06 2015
  • 18/05-24/05 2015
  • 11/05-17/05 2015
  • 04/05-10/05 2015
  • 27/04-03/05 2015
  • 20/04-26/04 2015
  • 13/04-19/04 2015
  • 06/04-12/04 2015
  • 23/03-29/03 2015
  • 16/03-22/03 2015
  • 02/03-08/03 2015
  • 23/02-01/03 2015
  • 16/02-22/02 2015
  • 09/02-15/02 2015
  • 02/02-08/02 2015
  • 26/01-01/02 2015
  • 19/01-25/01 2015
  • 12/01-18/01 2015
  • 05/01-11/01 2015
  • 30/12-05/01 2014
  • 22/12-28/12 2014
  • 15/12-21/12 2014
  • 08/12-14/12 2014
  • 24/11-30/11 2014
  • 17/11-23/11 2014
  • 10/11-16/11 2014
  • 22/09-28/09 2014
  • 08/09-14/09 2014
  • 01/09-07/09 2014
  • 11/08-17/08 2014
  • 04/08-10/08 2014
  • 14/07-20/07 2014
  • 30/06-06/07 2014
  • 23/06-29/06 2014
  • 16/06-22/06 2014
  • 05/05-11/05 2014
  • 28/04-04/05 2014
  • 14/04-20/04 2014
  • 24/03-30/03 2014
  • 17/03-23/03 2014
  • 03/03-09/03 2014
  • 17/02-23/02 2014
  • 10/02-16/02 2014
  • 03/02-09/02 2014
  • 20/01-26/01 2014
  • 30/12-05/01 2014
  • 23/12-29/12 2013
  • 09/12-15/12 2013
  • 28/10-03/11 2013
  • 14/10-20/10 2013
  • 07/10-13/10 2013
  • 30/09-06/10 2013
  • 26/08-01/09 2013
  • 12/08-18/08 2013
  • 05/08-11/08 2013
  • 15/07-21/07 2013
  • 24/06-30/06 2013
  • 17/06-23/06 2013
  • 29/04-05/05 2013
  • 22/04-28/04 2013
  • 15/04-21/04 2013
  • 01/04-07/04 2013
  • 18/03-24/03 2013
  • 04/03-10/03 2013
  • 18/02-24/02 2013
  • 11/02-17/02 2013
  • 04/02-10/02 2013
  • 28/01-03/02 2013
  • 31/12-06/01 2013
  • 10/12-16/12 2012
  • 03/12-09/12 2012
  • 26/11-02/12 2012
  • 19/11-25/11 2012
  • 12/11-18/11 2012
  • 05/11-11/11 2012
  • 22/10-28/10 2012
  • 01/10-07/10 2012
  • 17/09-23/09 2012
  • 03/09-09/09 2012
  • 20/08-26/08 2012
  • 13/08-19/08 2012
  • 30/07-05/08 2012
  • 23/07-29/07 2012
  • 16/07-22/07 2012
  • 09/07-15/07 2012
  • 02/07-08/07 2012
  • 18/06-24/06 2012
  • 28/05-03/06 2012
  • 21/05-27/05 2012
  • 30/04-06/05 2012
  • 23/04-29/04 2012
  • 16/04-22/04 2012
  • 02/04-08/04 2012
  • 12/03-18/03 2012
  • 05/03-11/03 2012
  • 13/02-19/02 2012
  • 09/01-15/01 2012
  • 24/12-30/12 2012
  • 12/12-18/12 2011
  • 21/11-27/11 2011
  • 24/10-30/10 2011
  • 17/10-23/10 2011
  • 12/09-18/09 2011
  • 05/09-11/09 2011
  • 22/08-28/08 2011
  • 25/07-31/07 2011
  • 11/07-17/07 2011
  • 27/06-03/07 2011
  • 30/05-05/06 2011
  • 23/05-29/05 2011
  • 16/05-22/05 2011
  • 18/04-24/04 2011
  • 04/04-10/04 2011
  • 28/03-03/04 2011
  • 21/03-27/03 2011
  • 14/03-20/03 2011
  • 07/03-13/03 2011
  • 21/02-27/02 2011
  • 14/02-20/02 2011
  • 31/01-06/02 2011
  • 24/01-30/01 2011
  • 17/01-23/01 2011
  • 26/12-01/01 2012
  • 06/12-12/12 2010
  • 22/11-28/11 2010
  • 15/11-21/11 2010
  • 08/11-14/11 2010
  • 01/11-07/11 2010
  • 25/10-31/10 2010
  • 18/10-24/10 2010
  • 11/10-17/10 2010
  • 27/09-03/10 2010
  • 20/09-26/09 2010
  • 13/09-19/09 2010
  • 23/08-29/08 2010
  • 09/08-15/08 2010
  • 02/08-08/08 2010
  • 26/07-01/08 2010
  • 19/07-25/07 2010
  • 05/07-11/07 2010
  • 28/06-04/07 2010
  • 21/06-27/06 2010
  • 07/06-13/06 2010
  • 24/05-30/05 2010
  • 17/05-23/05 2010
  • 10/05-16/05 2010
  • 26/04-02/05 2010
  • 12/04-18/04 2010
  • 29/03-04/04 2010
  • 22/03-28/03 2010
  • 08/03-14/03 2010
  • 22/02-28/02 2010
  • 08/02-14/02 2010
  • 01/02-07/02 2010
  • 25/01-31/01 2010
  • 18/01-24/01 2010
  • 04/01-10/01 2010
  • 28/12-03/01 2016
  • 21/12-27/12 2009
  • 07/12-13/12 2009
  • 30/11-06/12 2009
  • 23/11-29/11 2009
  • 16/11-22/11 2009
  • 09/11-15/11 2009
  • 02/11-08/11 2009
  • 26/10-01/11 2009
  • 19/10-25/10 2009
  • 05/10-11/10 2009
  • 21/09-27/09 2009
  • 14/09-20/09 2009
  • 31/08-06/09 2009
  • 10/08-16/08 2009
  • 03/08-09/08 2009
  • 27/07-02/08 2009
  • 13/07-19/07 2009
  • 06/07-12/07 2009
  • 22/06-28/06 2009
  • 08/06-14/06 2009
  • 01/06-07/06 2009
  • 18/05-24/05 2009
  • 11/05-17/05 2009
  • 04/05-10/05 2009
  • 27/04-03/05 2009
  • 20/04-26/04 2009
  • 13/04-19/04 2009
  • 30/03-05/04 2009
  • 23/03-29/03 2009
  • 16/03-22/03 2009
  • 09/03-15/03 2009
  • 02/03-08/03 2009
  • 23/02-01/03 2009
  • 16/02-22/02 2009
  • 09/02-15/02 2009
  • 29/11-05/12 -0001

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek



    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Meer blogs