Ik ben Eric De Bruyn
Ik ben een man en woon in Wuustwezel (België) en mijn beroep is pensionado.
Ik ben geboren op 20/10/1955 en ben nu dus 70 jaar jong.
Mijn hobby's zijn: Middelnederlands / laatmiddeleeuwse kunst.
Studies Germaanse Filologie 1973-1977 - Universiteit Antwerpen. In 2000 gepromoveerd aan de KU Brussel
Een komedie in zwartwit met Louis De Funès, die hier monsieur Charolais, directeur-generaal van een groot reisbureau, speelt. Maar de eigenlijke hoofdrol is weggelegd voor Jean-Claude Brialy in de rol van Paul Martin, een jonge bediende van het reisbureau die verschrikkelijk slijmt bij Charolais met de bedoeling om snel promotie te maken. Als de beloofde promotie echter uitblijft, broedt Martin snode plannen uit. Met zijn verloofde, de dochter van zijn onmiddellijke chef, heeft hij immers allerlei bouw- en andere plannen, en tegelijk beweert zijn minnaresje dat zij zwanger is. Om uit de financiële problemen te raken, maakt Martin gebruik van inbraak, briefvervalsing en zelfs een bompakketje om zijn oversten, chefs en directeuren één voor één uit te schakelen. Enigszins geholpen door het toeval lukt hij daar ook in: De Funès valt stomweg door zijn eigen schuld ergens naar beneden, een andere directeur ontploft door het bompakket, nog een andere wordt gearresteerd door de politie, nog een andere wordt gek en uiteindelijk is Martin zelf directeur-generaal en wordt hij op zijn beurt naar de mond gepraat door een jonge slijmbal van een bediende (een klein rolletje voor een jonge Alain Delon!).
Zoals zo vaak in de films met De Funès is het scenario weer heel zwak en eigenlijk nauwelijks grappig. In feite is deze film een donkere komedie en een satire op de teugelloze hebzucht en ambitie in het bedrijfsleven en op de losse zeden in liefdesaangelegenheden (Martin die én een verloofde én een bedvriendinnetje heeft). Ook de politie komt er niet goed uit: de inspecteur die de verdachte gebeurtenissen onderzoekt, is duidelijk getraumatiseerd door de nazi-folterpraktijken tijdens de Tweede Wereldoorlog maar gedraagt zich nu zelf als een soort gefrustreerde nazi. Die oorlog is trouwens een soort nevenmotief, want Charolais wordt er door die inspecteur van beschuldigd aan economische collaboratie te hebben gedaan. Dat alles maakt dat er over deze film een ongemakkelijk stemmende, bittere waas hangt die ervoor zorgt dat er nauwelijks te lachen valt. En omdat het verhaal, zeker naar het einde toe, erg oppervlakkig wordt uitgewerkt, komt ook de satire weinig overtuigend over. Manifest een zeer zwakke prent van die Marcel Bluwal. Een carambolage is overigens een gecompliceerde autobotsing.