Een nieuw huis, een nieuw kind, een nieuwe auto. Op persoonlijk vlak had 2021 qua Grote Stappen meer in petto dan alle jaren tussen 1983 en 2020 samen. Dat dit alles gebeurde tegen de achtergrond van alweer een jaar coronastilstand maakt het des te opvallender. Misschien is het helemaal geen toeval en heb ik het onbewust gedaan om de verveling te verdrijven, wie zal het zeggen. Desondanks wens ik mezelf in 2022 alvast geen nieuw huis, geen nieuw kind en geen nieuwe auto toe. Meer van minder mag wel, maar voor het zover is dient er een jaarlijks lijstje dat niemand leest gepubliceerd te worden.
Beste film: No time to die; Nomadland
Beste song:
1. The Anxiety feat. Willow - Meet me at our spot
2. Lana Del Rey - Chemtrails over the country club
3. The Weeknd - Save your tears
4. Celeste - I can see the change
5. Powfu - Death bed (coffee for your head)
6. Chromatics - Shadow
7. Mooneye - Fix the heater
8. Billie Eilish - NDA
9. The War on Drugs - Living proof
10. Jungle - All of the time
Beste tv: De Mol; How to sell drugs online (fast)?; Exit; Barry; Het Scheldepeloton; Als je ons kan horen; WK Wielrennen; Pretend it's a city; F*** you very, very much
To sleep like a baby. Een mens denkt er niet zo bij na zolang er geen slapende baby in de buurt is, maar intussen weet ik het wel zeker: de betekenis die aan deze uitdrukking gegeven wordt, bevat misleidende informatie. Officieel staat het voor 'heel vredig slapen'. Als praktiserende prille ouder moet ik echter maar naar de slapende Sienna kijken om tot geheel andere onderzoeksresultaten te komen. De zogenaamd vredige slaap moet het doorlopend afleggen tegen onaangekondigde paniekaanvallen. De armpjes schieten omhoog en wapperen hulpeloos in het luchtledige, begeleid door omineus gepreutel dat moeiteloos overgaat in een huilbui. Ongetwijfeld een reminiscentie van de bevalling, toen zij na negen maanden sereniteit opeens hardhandig via het geboortekanaal de wijde wereld in gekatapulteerd werd*.
Wanneer haar rust voor een keer gevrijwaard blijft van traumatische ervaringen uit het nochtans niet zo uitgebreide verleden, zijn dagelijkse beslommeringen nooit ver weg. Een keer onverhoeds hikken, niezen of kakken is meestal voldoende om de staat van vredigheid te laten voor wat het is. De ogen gaan open, waarna haar mond en onze oren snel volgen. Het procedé van het in slaap sussen van de baby kan aldus weer van voren af aan beginnen. Ik begrijp nu beter waarom iemand ooit ten einde raad zijn heil heeft gezocht in liedjes componeren over schapen met witte voetjes, die hun melk toch zo zoetjes drinken. Blaat het niet, dan schaadt het niet.
Zelf ben ik meer van het bouncen-op-de-springbal-principe, een milde schoktherapie die bijna altijd op Sienna's goedkeuring kan rekenen. Het voordeel ervan is dat het perfect te combineren valt met tv-kijken, waardoor ik nog meer streamwateren kan bevaren. Het nadeel bestaat erin dat het urenlange op en neer huppen een aanslag vormt op lijf en leden. Nek, schouder en knie (x 2) laten zich meer dan goed is gevoelen, deze oude man kraakt intussen in ongeveer al zijn voegen. Maar alles voor de goede zaak: get the baby to sleep like a baby.
*Voor de credibiliteit van deze blog dient vermeld dat deze bewering niet wetenschappelijk onderbouwd is. An gewaagt zelfs ronduit van zever, en meldt verder dat 'reminiscentie' woordgebruik is voor mensen die zich interessanter willen voordoen dan ze zijn.
Deze blog geeft en neemt. Waar in deze periode vorig jaar een droge eigennaam als titel onveranderlijk de voorbode was van verlies en verdriet, staat het nu voor nieuw leven en vreugde. Op 9 november vervoegde Sienna ons gezin alsmede de overbevolkingsproblematiek. Ineens was ze daar. Hoewel ik het proces van de bloemetjes en de bijtjes op een theoretisch niveau al even beheers, bleek de praktijkervaring van een ander kaliber. Een mens die ter wereld komt blijkt tegelijk van het gruwelijkste en het schoonste dat er is. Urenlang overheerste bij mij het eerste gevoel, gezien de zenuwslopende spanning en nadien het duwen, trekken, sleuren en knippen aan An in de hoop er een levend wezen uit tevoorschijn te toveren.
Met de minuut nam de twijfel toe: gaan we dit slagveld echt heelhuids kunnen verlaten, laat staan met méér manschappen dan bij aanvang van de schermutselingen? Is zoiets werkelijk al ooit eerder gelukt? Ze zeggen altijd van wel, maar nu sta je er zelf en je gelooft er niks van. Helpen waar mogelijk dan maar. Helaas bedenk ik ter plekke het meest accurate adjectief voor mijn gedrag: schutterig. Telkens een vroedvrouw enige actie onderneemt, sta ik een halve meter verder soortgelijke handelingen uit te voeren in het luchtledige, zonder heel veel tastbaar resultaat. Mijn verbale steun beperkt zich intussen tot varianten op "goed bezig, nog effe!", een idioom dat is blijven hangen na de wielercarrière van mijn broer.
Maar ineens was ze daar dus. Op een moment dat ik de hoop al half had opgeborgen, vond een gezond kraakvers mensje de armen van haar mama. Waar de Belgische 9/11 tot dan in mijn gevoelswereld veel weg had van de Amerikaanse 9/11 van twintig jaar geleden, veranderde als bij toverslag alles. De twee torens stonden weer recht, kantoorklerken keken uit het raam zonder er een nooduitgang in te bevroeden, en in de staalblauwe lucht boven New York viel slechts een minieme rimpeling te bespeuren. Een wolk van een baby. Welkom, Sienna!
Het feit dat ik nog nauwelijks naar de schrijftafel te bewegen ben heeft zo zijn repercussies. Belangrijke gebeurtenissen dreigen in de analoge vergetelheid te geraken, terwijl ik voorheen ook trouw een plekje in de digitale vergetelheid voorzag. Nu is het moment aangebroken om alsnog te redden wat er te redden valt. Want een misdaad oplossen, om maar iets te noemen, was me voorheen nog maar zelden gelukt en mag dus ook om met enige vertraging wel extra belicht te worden.
Zoals het een goeie thriller betaamt, was er in eerste instantie geen vuiltje aan de lucht. Zowel An als ik werkten van thuis: An in de bureauruimte, ik aan de keukentafel. In de vroege namiddag kwam een fotograaf van Steen Vastgoed langs met de vraag of hij vanuit onze tuin wat foto's mocht nemen van het bouwproject. Vriendelijke man, Kaukasisch uiterlijk. We payrolden rustig verder, een gezapige werkdag onder een aangenaam nazomergesternte. Een zwaard van Damocles viel met de beste wil van de wereld niet te bespeuren.
Het omslagpunt vond plaats in de late namiddag, toen ik met een zakje aardappelschillen in de hand de deur buiten stapte - meteen ook de eerste keer in de geschiedenis van de mensheid dat een omslagpunt er zo uitzag trouwens. Werktuigelijk wilde ik de inhoud van het zakje (aardappelschillen dus, voor de goeie verstaander) in de gft-bak deponeren, die in onze voortuin tegen de gevel van het huis rustte. Of beter: zou moeten rusten, want waar eens een pronte gft-bak had gestaan, bevond zich nu slechts een kale plek in het gras, als herinnering aan een pronte gft-bak. Ik voelde me terstond als de boer die wakker werd en graancirkels in zijn veld aantrof. Dit kon niet anders dan het werk zijn van buitenaardse wezens! Die graancirkels bedoel ik, niet de verdwijning van mijn gft-bak.
Nee, dergelijke paranoia was niets voor mij. Mijn vermoedens gingen eerder in de richting van de gft-bakmaffia, die aan de drugsmaffia waarschijnlijk een welgekomen bliksemafleider had waardoor ze in Antwerpen onder de radar kon opereren. Wie dacht dat ik me daardoor liet afschrikken, heeft het goed mis. Ik had namelijk al eerder in dit soort situaties gezeten. Talrijke fietsdiefstallen in Leuven in combinatie met te veel misdaadseries hebben mijn draaiboek vormgegeven: veldonderzoek, een perimeter instellen, de buurt uitkammen, deep search online op tweedehandssites... Nooit een fiets teruggevonden helaas.
Maar deze keer zou het anders zijn. Dankzij een alerte buur kreeg ik mijn tijdslijn op punt: de bak in kwestie was diezelfde ochtend om acht uur nog op zijn vaste plaats gesignaleerd. De onrustwekkende verdwijning moest dus in de loop van diezelfde dag hebben plaatsgevonden. Hiermee kon ik aan de slag. Na twee weken van tobben en vastlopen op dwaalsporen haalde ik mijn laatste troefkaart boven. Een schroomvallige mail naar Steen Vastgoed, teneinde de piste van de fotograaf ook te kunnen sluiten. Omwille van vakantie en spanningsopbouw volgde hun antwoord pas een week later: de fotograaf had de gft-bak bij de overburen gezet en was hem nadien vergeten terug te zetten. Ik zat middenin een misdaadonderzoek en dat antwoord klonk wel erg alsof het een fait divers betrof. In tegenstelling tot wat ik dacht bleek later, tijdens het verhoor van de overbuur, bovendien dat er nog geen adres op onze bak gemarkeerd stond. De classificatie 'misdaad' is mogelijk dus misleidend. Maar een misverstand uitgeklaard, die verdienste nemen ze me nooit meer af.
Oh ja, ik word eveneens heel binnenkort vader, ook dat is het boekstaven waard.
1 september. Als de zomer nog niet officieel ten einde is, dan toch zeker officieus. Hoewel, kan er een einde zijn zonder een begin? Wat voor de zomer moest doorgaan, kwakkelde als nooit tevoren. Zelfs bij benadering gaat het hier niet om een overdrijving. De zomers in mijn jonge jaren speelden zich af onder de stralende hemel van de nostalgie, terwijl vanaf de eeuwwisseling de opwarming van de aarde meer en meer zijn duit in het zakje begon te doen. In 2021 lijken jeugdigheid en wetenschap echter van het toneel verdwenen. Er was regen, er was wind, er was geklaag over regen en wind.
Vooruitblikken dan maar. Of nee, dat is ook wat drastisch. In weerwil (no pun intended, maar het staat er toch maar) van bovenstaande alinea, beschikt de steller dezes over een mooi getaande huid en een voorraad vitamine D om een decennium in de schuilkelder mee door te komen. Dit alles dankzij het concept 'reizen', dat opnieuw flink in opgang is sinds twee welgemikte inentingen volstaan om ons terug in 2019 te wanen - reizen voor een prikje is helemaal out, dezer dagen draait alles om reizen na een prikje. Ik geraakte er alvast mee in Italië, dat dankzij de combo Eurosong - EK elke hypothetische verkiezing van 'Land van het jaar' met de vingers in de neus zou winnen.
De kennismaking was zowel uitgebreid als grondig. Pisa, Firenze, Siena, San Gimignano,... noem het op en ik heb het gezien. Wel liefst niet Rome of Milaan opnoemen, want dat heb ik niet gezien. Waar al eerder op werd gealludeerd is trouwens niks overdreven: de zon scheen blaren boven de Laars. Een recordtemperatuur van 42,5 graden (Celsius) deed ons terugvallen op ons oerinstinct, namelijk de gave van de Mens om zich aan alle omstandigheden te kunnen aanpassen. In ons geval hadden we daar doorgaans slechts een koel zwembad voor nodig. Zo moeilijk is het uiteindelijk ook allemaal niet.
The chase is better than the catch. Vrij vertaald: het 'verlangen naar' is leuker dan het 'bezitten van'. In die optiek is het des te spijtiger dat mijn blog de afgelopen maanden niet meer op expansie te betrappen viel. Reikhalzend uitkijken naar een voetbaltornooi is zelden een overbodige luxe, wetende dat er aan het eind van het verhaal slechts één winnaar kan zijn - beduidend minder dan in de aanloop naar het gebeuren. Nu, op het moment van het schrijven, weten we nog altijd niet wie die winnaar is, maar wel dat het geen flikker meer uitmaakt: ook deze keer bijt onze Gouden Generatie in het zand.
Was onze uitschakeling in de kwartfinale te wijten aan het ondermaats presteren van de Rode Duivels? Sommigen zullen zeggen van wel. Toch wil ik hier een bescheiden mea culpa plaatsen. Onze vroegtijdige exit is mogelijk ten dele (of, wie weet, voor de volle 100%) mijn schuld. Dat zit zo. Nadat België zich slaapwandelend door de groepsfase richting de moeilijkst denkbare tabelhelft heeft gemanoeuvreerd (niet voor de eerste keer), settel ik me bloednerveus op een Antwerps terras voor de kraker tegen Portugal. Er is nog een kleine vier uur te gaan tot de match en ik begin na te denken. Enkel drank gaat mij, en per uitbreiding ons, Rode Duivels, niet redden deze keer. Gaandeweg vormt zich een oplossing, een veilige corridor die ons toelaat de volgende ronde te bereiken. Had Bikkel geen geluksnoot, die na België - Wales in 2016 prompt aan flarden werd getrapt door zijn beste vriend? Ja. Staat in dit café een onbewaakte doos met limoenen? Ja. Is een limoen beter dan een noot? Ja. Zo geschiedde. Portugal werd met meer geluk dan kunde verslagen, al school er toch best veel kunde in dat geluk, zoals hierboven aangetoond.
Tegen die zwakke Italianen kon het dus niet mislopen. En dan, beste vrienden, loopt het natuurlijk net mis. Echt voetballen kunnen die Italianen dan wel niet, parasiteren op nonchalance des te meer. Halfweg mijn fietstocht richting kwartfinale, richting Antwerpen, ging het als een flits door me heen: fuck, ik heb onze lucky lemon* niet mee! Meteen daarna: ach, tegen Italië lukt het ook wel zonder. Niet dus. Het ontbrak me aan scherpte die avond, en dat moesten we bekopen met een zure nederlaag.
Het enige wat me rechthoudt in deze tijden, is de andere helft van mijn openingszin. The chase is tenslotte better than the catch. Een dikke tien jaar geleden hebben Tom en ik ontelbare keren Pro Evolution Soccer 2008 gespeeld, samen in de ploeg, trachtend om het toen nog zwakke België op niveau 'Wereldklasse' richting wereldtitel te leiden. De weinige keren dat het effectief lukte, juichten we enige seconden, staarden vervolgens wat om ons heen, om dan bij gebrek aan beker en beter pro forma een fles of glas in de lucht te steken, alvorens weer over te gaan tot de orde van de dag. "Pintje?"
*zoals An niet geheel onterecht opmerkte, is de vertaling van limoen 'lime' en niet 'lemon'. Wat de vertaling van betweter is, weet ik overigens ook niet.
Dag op dag dertig jaar geleden - of toch zeker jaar op jaar dertig jaar geleden - hangt mijn moeder aan de lijn met Mariëlle, een goede vriendin van haar en tevens moeder van mijn beste vriend Jeroen. Plots richt ze zich tot de jonge Tsigalko, die op de mat in de living driftig de bruine tegen de groene soldaatjes laat vechten. Het was 1991 en de kinderlijke fantasie had geen boodschap aan glasnost en perestrojka: dood aan die vuile communisten!
"Tsigalko!" Lap, eerst Gorbatsjov, nu mijn moeder die de pret komt verstoren. "Mariëlle vraagt of ge ook mee wilt gaan voetballen bij Vroenhoven. Jeroen gaat ook."
Ik antwoord ja om ervan af te zijn en verleg mijn focus opnieuw naar het strijdtoneel, want met die Russen ben je nooit klaar. Later, toen ik hieraan terugdacht, bijvoorbeeld op 10 mei 2021, begon het me te dagen dat ik hiermee de ironie van ons bestaan heb gecapteerd: in het beste geval hangen we hier tientallen jaren rond, maar niet zelden worden de diepste voren in ons leven getrokken door schijnbaar willekeurige opwellingen, meer gedreven door onverschilligheid dan door wat anders, zonder dat er zelfs maar zoiets als buikgevoel aan te pas komt. Je zegt ja terwijl dit net zo goed nee had kunnen zijn, waarna de gevolgen van deze beslissing doorheen de rest van de levenswandel geweven worden.
Het stadium waar ik nu ben aanbeland is dat van de machtsoverdracht. Mijn voetbalschoenen hebben al meer kilometers afgelegd dan ze nog te gaan hebben, het is tijd om uit te kijken naar verse voeten om ze te vullen. Ik moet naar Mariëlle bellen, Alesso kwansuis de existentiële vraag stellen en hem vervolgens vastpinnen op zijn terloopse antwoord. Vertaald naar deze tijd: zijn beste vriendje Lasse als stichtend voorbeeld aanhalen en verder rekenen op de zich altijd maar weer herhalende geschiedenis. Zo gezegd, zo gedaan. Na op enkele trainingen bij FC Ekeren vooral zijn enthousiasme geëtaleerd te hebben, werd Alesso's aansluitingsformulier voor het komende seizoen vandaag in orde gebracht. De opvolging is dus verzekerd. En mocht er toch iets misgaan, dan is hij in elk geval verzekerd.
Je zou het niet zeggen, maar een belangrijke verjaardag is hier onopgemerkt voorbijgegaan. Corona en zijn bijhorende crisis zijn immers 1 jaar geworden. In maart 2020 werd ons aller sociale leven gereduceerd tot een beperkte bubbel, gingen restaurants en cafés op slot en vielen grote evenementen als dominosteentjes omver. Als je het zo leest, klinkt het alsof het gisteren was. Wat bij nader inzien ook wel gewoon klopt. Same shit, different year.
Snel, iets om ons aan op te trekken! Wel, dat treft: morgenochtend zullen wij allen ontwaken op de dag van Vlaanderens Mooiste, één van die zeldzame ochtendstonden met goud in de monden. Paaszondag staat in dit seculiere tijdsgewricht exclusief in het teken van De Ronde van Vlaanderen, of er moet ergens een occasioneel paasei te scoren vallen. Wie zal het worden, Wout Van Aert, Mathieu van der Poel of Julian Alaphilippe? Op deze gezegende dag kan het haast niet anders of iemand van dat triumviraat gaat met de hoogste eer lopen. Samen blinken zij nu al een gans jaar van doffe corona-ellende op, tegen beter weten in.
Neem de Tirreno-Adriatico. In pre-pandemietijden wordt 's avonds via Sporza akte genomen van de ritwinnaar van die dag. De titel volstaat meestal, er effectief op klikken is zo'n moeite - zo interessant is het nu ook weer niet. In 2021 leveren de tenoren echter dag na dag een heroïsche strijd op het scherp van de snee. De thuiswerker, hij ziet voor het eerst in maanden een straaltje licht in de duisternis. Het is afkomstig van het televisietoestel, de laatste 60 kilometer van een willekeurige Tirreno-etappe wil je niet missen. Met ook nog Pogacar en Evenepoel is de nieuwe gouden era van het wielrennen definitief ingeluid. Zoveel jong talent, zo snel. Ik denk aan een oud gezegde, specifiek toepasbaar op het wielrennen: "Als iets te mooi lijkt om waar te zijn, dan ís het ook te mooi om waar te zijn." Tot voor afgelopen jaar geloofde ik rotsvast in die stelling. Intussen weet ik beter: het ondenkbare kan wel degelijk gebeuren.
Als schrijver komt het erop aan om altijd weer het gat in de markt te vinden, datgene wat iedereen interesseert maar waar maar zelden epistels aan worden gewijd. Een boeiend onderwerp vanuit een originele invalshoek aansnijden, dat is de kunst. Helaas is dat niet altijd even gemakkelijk, wat me heeft doen besluiten een stapje verder te gaan. Is het immers niet nog wat exclusiever om een eind weg te palaveren over iets waar geen kat van wakker ligt? Exact. Na vijf grandioze albums lanceert Lana Del Rey morgen 19 maart haar nieuwe worp. Een beter moment kan ik me niet indenken om een beetje orde te scheppen in haar repertoire. Tientallen geweldige songs zijn inmiddels met de geluidsgolven meegegeven, maar wat zijn nu eigenlijk de aller-allerbeste? Wil iemand het weten? Nee. Hier gaan we!
1. Ride (2012)
Is dit de beste song aller tijden? Misschien wel. Het is slechts uit een diep ontzag voor de rijke muziekgeschiedenis dat ik hem in de Tijdloze van Studio Brussel pas op de derde plaats parkeer, na de (toch voor de helft) eeuwige Beatles en het alles overstijgende icoon David Bowie. Ook de clip is episch. Lana is op de dool, enkel omringd door de Amerikaanse woestenij en verteerd door een schurend onbehagen. Er zit nog maar één ding op: I just ride.
2. Video Games (2011)
Ik herinner het me nog alsof het gisteren was, die keer dat 'Video Games' voor het eerst voorbijkwam - wat op zich al volstaat als argument, want ik herinner me zelfs dingen van een uur geleden niet alsof het gisteren was. Hoe dan ook, op een geschiedenisloze weekenddag in het ouderlijke huis in Hees stond de stereo in de living uitzonderlijk op Studio Brussel afgesteld. 'Video Games' knalde voor de allereerste keer door de Belgische ether, waarna de presentator meldde dat de clip al één miljoen keer bekeken was op YouTube (het was het tijdperk voor de clickfarms, nvdr). Ik spitste mijn oren om de naam van dit wonder op te vangen, spurtte naar de pc, tikte fonetisch deze Lanadeldinges in Google en voegde er diezelfde dag nog enkele tientallen views aan toe.
3. 13 Beaches (2017)
It took thirteen beaches to find one empty
But finally, it's mine
Poëzie hoeft niet altijd moeilijk te zijn. Het moet gewoon schoon zijn.
4. Love (2017)
Lana hervindt het geluk met 'Love', trekpaard van vierde cd 'Lust for live'. Nomen est omen. Zeemzoet, zonder de gebruikelijke weerhaken deze keer. De donkere gedachten zijn ver weg, de song is rechttoe rechtaan bloedmooi.
5. Mariners Apartment Complex (2019)
'Mariners Apartment Complex' bevindt zich opnieuw aan de vertrouwde kant van Lana's geluksspectrum. Het op klank gezette gebroken hart heeft het altijd al goed gedaan in de muzieklijsten, maar zelden gebeurde het met zoveel chirurgische precisie en tegelijk zo diepsnijdend als hier.
6. West Coast (2014)
'Ultraviolence', Del Rey's tweede album, is wat tussen de plooien van de geschiedenis gevallen. Na haar debuut waren de verwachtingen zo hooggespannen dat de opvolger op het gebrek aan hitpotentieel werd afgerekend. Onterecht uiteraard. Dat er niet echt uitschieters staan op de plaat, komt omdat 'Ultraviolence' alléén maar superieure songs bevat.
7. Brooklyn Baby (2014)
Ik ben nog niet helemaal uitgepraat over nummer zes of hier hebben we de volgende afvaardiging van 'Ultraviolence' al. Als dat geen waterdicht bewijs is! 'Brooklyn Baby' is een heerlijk speelse, sixties aandoende song op het snijvlak van hippie en hipster.
8. Chemtrails over the Country Club (2021)
Voorloper van de gelijknamige nieuwe cd. "Toch maar even afwachten, het kan niet elke keer prijs zijn", zeg ik tegen mezelf. Dan dit. Een dromerig meesterwerk over het leven toen we jong en onbezorgd waren. Chemtrails zijn trouwens de witte lijnen waarmee vliegtuigen de helderblauwe hemel uiteen splijten. Wat een country club exact is, daar heb ik dan weer het raden naar.
9. Norman Fucking Rockwell (2019)
Titelsong van het vijfde album. En wat voor één! Vaste prik in de auto na elke zaalvoetbalmatch, soundtrack bij een godverlaten E19 bij nacht. 'Norman Fucking Rockwell' is het beste album van de 21e eeuw. Enig minpuntje: zelfs het traject Leuven - Ekeren is net iets te kort voor zoveel schoonheid.
10. White Mustang (2017)
Mensen zouden trouwen, enkel en alleen om op 'White Mustang' de openingsdans te kunnen placeren. Vervang 'mensen' door 'ik' en je zit dicht bij de waarheid. 'Zouden' dan best ook aanpassen naar eerste persoon enkelvoud, anders is het wat slordig.
11. High by the Beach (2015)
Lekkere triphopinvloeden stuwen 'High by the Beach' vooruit, het beste nummer op 'Honeymoon'. Een ode aan het escapisme, wat we in deze tijden zeker niet afslaan.
12. Blue Jeans (2011)
Antifeministische hunkering naar het mannetjesdier. Of is het tongue in cheek en bedoelt Del Rey net het omgekeerde? Niemand die het weet, maar een briljant nummer is het zeker.
13. Hope is a dangerous thing for a woman like me to have - but I have it (2019)
Minimalistisch - bedwelmend - etherisch - speciale titel: er valt veel te zeggen over dit pareltje uit 'Norman Fucking Rockwell'. Maar eigenlijk volstaat één woord: Lana.
14. Fuck it I love you / The Greatest (2019)
Twee totaal verschillende songs, oorspronkelijk gelanceerd als double feature. God mag weten waarom, maar het maakt de keuzestress wel net iets draaglijker. Centraal thema: datgene wat er niet meer is maar we elke dag missen. Open wondes kunnen zich geen betere balsem wensen.
15. Summertime Sadness (2011)
Kiss me hard before you go
Summertime sadness
I just wanted you to know
That baby you're the best
Cadillac met open dak, de wind in de haren en cruisen maar door de Californische hills. Carpe fucking diem, tot het onvermijdelijke komt. Go Lana!
Ik herinner me de tijd dat ik titels verzinnen als een deel van het ambacht beschouwde. De nét niet te voor de hand liggende woordspeling, de vergeten referentie, het banale substantief dat uittorenend boven een lap tekst opeens een andere dimensie krijgt: het zijn kleine pleziertjes die het leven van de schrijver heel even aangenamer maken. Helaas wordt deze verstrooiing me nu al maandenlang ontnomen. Meer zelfs, het vloeit voort uit een veel groter probleem. Getrouwen uit mijn omgeving vallen bij bosjes tegenwoordig. Er rest me dan ook weinig meer dan zorgvuldig, als was ik een ambtenaar van de burgerlijke stand, de respectievelijke namen te noteren en vervolgens hun bestaan in enkele mooie woorden samen te vatten, alvorens de bekomen elegie voor eeuwig in een vergeten uithoek van het wereldwijde web te laten rondslingeren. Voor dood achtergelaten, maar in de stellige hoop dat de betrokkenen bij gelegenheid weer tot leven zullen worden gewekt, al was het maar voor even.
De volgende in het rijtje is Kira. De cocker spaniel annex stofzuiger van mijn moeder blies in de nacht van zaterdag op zondag haar laatste ademtocht uit. Daarmee komt een einde aan onze hondendynastie die begon in 1992. Scruffy, een nogal plompe labrador, kreeg in 1997 het gezelschap van Rakker, een kwieke Jack Russell. In 2008 was er Toby om de leemte op te vullen die het verscheiden van Scruffy had gelaten. Nadat ook Rakker in 2011 op de eeuwige jachtvelden ging draven, kwam tot slot Kira in ons huis wonen. Tot 2015 functioneerde ze in duo met Toby, daarna ging ze solo als familiehuisdier. Tot nu dus, 14 maart 2021. Waarschijnlijk heb ik te veel films gekeken, maar het voelt bij mij alsof er veel meer dan een dier weg is. De wijsheden, herinneringen, voorvallen, scharniermomenten en ontwikkelingen van de familie Vandevenne/Vrindts zijn decennialang van hond tot hond doorgegeven kunnen worden. Dankzij de voortdurende overlap leefden de vroegste impressies van Scruffy zo ook nog tot in Kira voort. Zelfs mijn 8-jarige ik is dus een beetje mee met Kira verdwenen.
Met al die overdadige focus op haar ambt, zou ik bijna vergeten om de spot op Kira's karakter te richten. Dat zou niet minder dan onvergeeflijk zijn. Zeggen dat ze een hond uit de duizend was is misschien overdreven, maar een hond uit de vier was ze zeker en vast. Altijd goedgeluimd, kwispelend, supersociaal maar toch steeds trouw aan haar baasje: Kira was een droom van een hond. Blaffen heb ik haar bijvoorbeeld nooit horen doen en dat strekt haar tot eer, want in 99,9% van de gevallen is dat in feite toch gewoon nutteloos. Eten deed ze des te meer. Alles wat op de grond viel belandde binnen de seconde in haar maag, zonder onderscheid qua kleur, textuur of voedingswaarde. Een autopsie zou zonder twijfel gewag maken van een zorgwekkende hoeveelheid microplastics, om over de macroplastics nog maar te zwijgen. Ze kan het maar gehad hebben. Ik wens Kira een hondenhemel vol vallende gehaktballen toe, als billijke beloning voor de voortreffelijke wijze waarop zij onze hondendynastie ten grave heeft gedragen.