terra's memories
Inhoud blog
  • Eind goed .....
  • Hanen en hun gekraai
  • streektaalboekje
  • Tijdverzetter
  • Vermist
  • Kosten en baten
  • Van heel ver weg naar heel dichtbij
  • NAGERECHT, TOESPIJS of TOETJE
  • FAQ
  • Pa's identiteit
    Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Aanbevolen adressen
  • Spinnenkop
  • opgeschreven herinneringen
    28-11-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Onleesbaar

    Over twee onleesbare boeken wil ik u in dit niemendalletje iets vertellen. Hoewel, onleesbaar: u ziet twee normale boeken, dat wil zeggen wat wij normaliter onder normaal verstaan. Witte bladzijden dus, bedrukt met zinnen, woorden en letters. Af en toe bovendien voorzien van een illustratie: een foto, een afbeelding, een schema, een grafiek, een tekening. Wat beide boeken onleesbaar maakt, is louter subjectief. Het is de taal waarin het boek geschreven is. Als dat uw moederstaal is, is er geen vuiltje aan de lucht. Het gaat om de aantallen lezers die iets begrijpen. Van het eerste boek zullen slechts weinig lezers kunnen zeggen dat zij lezen en begrijpen wat de auteur hen wil zeggen. Van het tweede boek weet de auteur dat zélf niet eens.

     

    Laat ik proberen u uit de droom te helpen. Het eerste boek is vers van de pers. Het heet Dinxperse grenspräötjes en is geschreven in een moeilijk op te schrijven, laat staan te begrijpen Oost-Nederlands dialect. Het bevat korte verhalen, jeugdherinneringen, die twee leeftijdsgenoten onafhankelijk van elkaar hebben opgeschreven en afhankelijk van elkaar samen in een boekje hebben gezet dat in november 2010 is verschenen. Voor eenieder die gewend is dialect te lezen (misschien bovendien te spreken) een fluitje van een cent. Maar voor niet-dialectkenners is de hier geschreven taal een grote sta-in-de-weg. Net zo iets als iemand die mij in een Zuid-Fins dialect uit de omgeving van Helsinki  een verhaal wil vertellen van een verdwaald rendier. Zoiets. Daar snap ik dus totaal niets van.

     

    Het tweede boek is nog raadselachtiger. Het bevat niet-arabische, latijnse of romeinse lettertekens, maar schichtige kronkeltekentjes die blijkbaar aan elkaar geschreven woorden en zinnen vormen die je van rechts naar links moet lezen. De voor ons verkeerde richting. Bovendien moet je dit boek van achteren naar voren lezen, wat het raadsel alleen nog maar groter maakt. De taal waarin dit boek geschreven is, is het farsi. Dat wordt bijvoorbeeld in Iran gesproken en geschreven.

     

    Het is zoals het is, en ik schaam me er ook niet voor. In beide boeken heb ik, uw nederige verhalenschrijver, de hand gehad. Als een van twee auteurs namelijk. Het eerste heb ik geschreven samen met een jeugdvriend, het tweede met een collega. Dat tweede boek gaat trouwens over kenmerken van het primaire onderwijs (het basisonderwijs) in een aantal Europese landen. Oorspronkelijk is het geschreven in het Engels en een collega uit Iran heeft het vertaald in een ook voor de auteurs onbegrijpelijke taal.

     

    De plaatjes hieronder laten de voorkanten zien. Eerst het Achterhoekse dialectboek, daaronder een stukje van het Engelse titelblad en daar weer onder de voorkant van het boek in farsi. Doe maar wat ik iemand altijd aanraad: ook al begrijp je er niets van, je kunt het altijd bewonderen.

     







    28-11-2010, 21:26 Geschreven door terra38  
    Reageren (0)

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Tags:boeken, leesbaarheid, boekentaal, begrijpen, dialect
    16-11-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Pimpelmans per abuis

    Mijnheer Pimpelmans is een veearts in ruste. Hij geniet van een onbezorgde levensavond, samen met zijn vriendelijke en hartelijke echtgenote. Hoe meneer Pimpelmans met zijn voornaam heet, weten we niet. Misschien heeft hij die niet eens. Wel zien we dat hij een ouderwetse monocle draagt, zo’n bril zonder pootjes, aan een touwtje, die je op je neus klemt. Het belangrijkste fysieke kenmerk van meneer Pimpelmans is ongetwijfeld zijn omvang. Hij weegt schoon aan de haak minstens 250 pond. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat zijn geliefde echtgenote hem daarbij op de voet volgt. Maar dit valt allemaal volkomen in het niet als je oog hebt voor het belangrijkste aan meneer Pimpelmans: hij trekt onheil aan en roept het over zich af. Dat doet hij ongewild en nooit expres: het overkomt hem. Het gebeurt per abuis. Hij is de levende Wet van Murphy: alles wat maar fout kan gaan, gaat in de nabijheid van mijnheer Pimpelmans gegarandeerd fout. Mijnheer Pimpelmans vervult zijn slachtofferrol met verve. Zijn zonnig gemoed helpt hem er altijd weer bovenop, hoezeer het onheil hem ook treft.

     

    Mijnheer Pimpelmans ten voeten uit. Alles wat hij onderneemt, loopt verkeerd af. Wij allen thuis, Ma niet in het minst, moesten hier vreselijk om lachen. Zelf vond ik het af en toe de spuigaten uitlopen. Waarom moest die arme mijnheer Pimpelmans zo lijden onder de grillen van het lot? Waarom vergat de schrijver van het verhaal die dingen te noemen die wél goed gingen? Ik had medelijden met meneer Pimpelmans, maar ik zag wel hoe zeer iedereen om mij heen genoot van Pimpelmans’ avonturen, dus kon het niet anders dan grappig zijn. En dus lachte ik mee. Maar niet altijd van harte.

     

    Over meneer Pimpelmans’ avonturen konden we lezen in De Graafschapper. Dat was een drie keer per week verschijnende regionale krant die behalve een beetje wereld- en nationaal nieuws het vooral moest hebben van alles wat er plaatselijk stond te gebeuren of recentelijk was gebeurd. Die krant lazen we vroeger thuis. De strip met meneer en mevrouw Pimpelmans werd door iedereen als eerste gelezen. Hun belevenissen werden door mij uitgeknipt en met behulp van een kwastje en een potje gluton in een schoolschrift geplakt. Om er later nog eens van te kunnen genieten.

     

    Nu ik na zoveel jaar de tekeningen terugzie en de strip nog weer eens lees, vieren wij een feestje van herkenning. Zoals bij de tekening van de hagelwitte kluit ijs die mijnheer Pimpelmans, staande op het balkon, laat vallen op de blote rug van mevrouw Ribbenspek die nietsvermoedend op het terras beneden een kopje thee drinkt. Het gebeurt allemaal per abuis. En de herinnering aan haar wraak is springlevend: ze slingert hem niet alleen de heftigste verwijten naar z’n hoofd, maar ook het thonetstoeltje. Ook per abuis. Maar wat betekende, wist ik niet toen ik het verhaal voor het eerst las. Nu nog niet precies, trouwens.






    16-11-2010, 22:02 Geschreven door terra38  
    Reageren (0)

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Tags:stripverhaal, meneer Pimpelmans, De Graafschapper,
    31-10-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Storm en stilte


    Bij het woord ‘herfst’ denken we aan stormen die wal- en hazelnootbomen geselen zodat wij hun vruchten kunnen rapen. En aan de scholieren die bij ons op de grindweg merken wat het is om tien kilometer tegen de slaande regen in naar school te fietsen. Vaak echter brengt de herfst ook een aantal stille en windstille dagen. Het lijkt net of de tijd, net nadat ze is terugverzet naar de winterstand, even stilstaat om jou de gelegenheid te geven van de laatste mooie dagen te genieten. Ik lees in een oude almanak dat het vaak gebeurt in de tijd rond Allerheiligen en Allerzielen, wanneer oktober in november overgaat.

     

    Op zo’n moment ontwaakt ook mijn romantische zicht op de dingen. Romantisch is het verkeerde woord, ik bedoel eigenlijk sentimenteel. In de vroege ochtend kijk ik naar buiten, zie hoe de zon pogingen doet de ochtendnevels te doorboren, hoe de adem van de grazende koeien zichtbaar wordt, en pak ik mijn camera die altijd paraat ligt en schiet mijn eerste winterse tegenlichtplaatje. Zo mooi en gevoelig dat er zonder mankeren straks een fraaie kerst- en nieuwjaarskaart van gemaakt kan worden.

     

    Allerzielen en Allerheiligen, ze zeggen mij weinig omdat ik niet katholiek ben grootgebracht. Toch overvalt mij ieder jaar een gevoel van weemoed. Wanneer onze katholieke medeburgers hun graven hebben versierd met witte bloemen, weet ik zeker dat de nazomer definitief op zijn eind loopt. Ook al hebben de trekvogels vanwege de hoge temperaturen hun vertrek nog even opgeschort totdat het écht tijd wordt om te gaan.





    31-10-2010, 00:00 Geschreven door terra38  
    Reageren (1)

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Tags:herfst, herfsstorm, herfststilte, allerzielen, allerheiligen
    19-10-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wonderen in steen

    Je ziet ze weinig meer, religieuze voorstellingen die als muursteen de voorgevel verfraaien. En bijbelse voorstellingen, in het bijzonder als zij ons wonderen laten zien, zijn al helemaal niet meer van deze tijd. Natuurlijk komt dat door de secularisatie. Wij kennen het klassieke Bijbelverhaal van de vijf broden en de twee vissen niet meer, net zo min als de afloop. Wie van ons weet nog dat het hierbij gaat om de wonderbaarlijke broodvermenigvuldiging aan de oevers van het meer van Tiberias? Jezus die brood breekt en brokken vis uitdeelt, discipelen (apostelen zo u wilt) die de toegestroomde menigte van voedsel voorzien, kom daar tegenwoordig nog eens om. In elk geval waren vijf broden en twee vissen genoeg om duizenden hongerige magen te vullen, zegt het verhaal.)

     

    Thuis hebben we ook zo’n wonderlijke gevelsteen. Hij is gemaakt door mijn jongere broer tijdens zijn eerste jaar op de kunstacademie. Als ik toevallig eens zuidwaarts naar buiten kijk, valt mijn blik op zijn kunstwerk. Een steen van een of andere gipssoort, voorstellende de wonderbare visvangst, aangebracht op het tegenoverliggende muurwerk en overgeleverd aan weer en wind.

    Het verhaal wil dat enkele leerlingen van Jezus bij zonsopgang aan het vissen waren op het hierboven al genoemde meer van Tiberias. Ze hadden die nacht nog geen spierinkje gevangen. Jezus stond aan de kant, zag aan de kleur van het water waar de vis zat, (staat er niet, maar dat denk ik) en adviseerde zijn vrienden het net aan de ándere kant van de boot uit te werpen. Waarop de netten, brekend vol als zij waren, slechts met veel moeite binnen boord konden worden gehaald. U moet zich voorstellen dat u de vissers van boven ziet: aan de bovenkant twee hoofden, handen die een net trekken, vissen die in het net verward raken.

     

    Passend bij de vergankelijkheid van het leven is de verandering die onze muursteen ondergaat. Regen en wind, vorst en hitte, alles laat zijn sporen na. Dat de illustratieve zeggingskracht ook te lijden heeft, nemen wij op de koop toe. Ja, we zien steeds minder wat de steen voorstelt, maar dat geeft niet. Wij kennen immers het verhaal erachter. Dat zit in ons hoofd.

     

    Tenslotte wil ik met uw toestemming nog even terug naar de andere kant van het meer van Tiberias, daar waar de wonderbaarlijke brood- en visvermenigvuldiging plaats vond. Het mooiste van het verhaal vond ik altijd het slot. Nadat iedereen – vijfduizend man, vrouwen en kinderen niet meegerekend, kunt u nagaan - voldoende gegeten had, werden de restjes opgehaald. Twaalf manden vol! Want je moet nooit eten weggooien of ongebruikt laten liggen. En zeker niet zolang er mensen op aarde honger lijden.

     





    19-10-2010, 19:18 Geschreven door terra38  
    Reageren (0)

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Tags:religieuze voorstellingen, muurstenen, wonderbare visvangst,
    08-10-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Onmogelijke figuren

    Pas geleden stuurde een neef mij een fotootje. We zien (als u even naar beneden scrolt en stopt bij het eerste plaatje) een onzichtbaar iemand die met één ferme handbeweging de datum op de scheurkalender een dag voorwaarts brengt. Toeval of niet: vandaag, op de 25ste september zien we een postzegel van 25 eurocent. Twaalf miraculeus geordende kubusjes, bedacht door de Zweedse graficus Oskar Reutersvärd.

     

    Er klopt iets niet. Je ziet het, maar je wilt het niet zien, niet erkennen. Want het brengt je in verlegenheid, je raakt in de war. De kubusjes laten een driedimensioneel figuur zien dat tweedimensioneel wordt afgebeeld.

    Reutersvärd noemt deze manier van afbeelden ‘perspectives japonaise”.  Wij spreken van onmogelijke figuren. Reutersvärd heeft er talloze bedacht. Deze, met de twaalf kubussen in een driehoek, is wel zijn bekendste.

     

    Een aantal jaren geleden had ik dit figuur nodig voor de omslag van mijn boek. Ik schreef de ondertussen beroemd geworden graficus een brief met het verzoek om toestemming. Die kreeg ik. Ik kreeg nog meer: Reutersvärd had de tijd en moeite genomen om speciaal voor mij een nieuw onmogelijk figuur te ontwerpen. Perspective japonaise No. 442.

     

    Sommigen die deze figuren voor het eerst zien, denken aan de Nederlander M.C. Escher die wij allemaal kennen van zijn ingenieuze prenten met figuren die van de ene vorm in de andere overgaan. Maar nu weten wij beter. Zien we zó’n onmogelijk figuur, dan is de maker vast en zeker (zeker en vast) Reutersvärd.

     

     






    08-10-2010, 23:14 Geschreven door terra38  
    Reageren (0)

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (3 Stemmen)
    Tags:onmogelijke figuren, Oscar Reutersvärd,
    03-10-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Diploma-inflatie

    Zeer onlangs zijn enkele Nederlandse hogescholen negatief in het daglicht verschenen omdat de studenten van enkele studierichtingen voor een appel en een ei – anders gezegd: met heel weinig moeite, bijna voor niets, voor een habbekrats – een diploma kregen uitgereikt. Even een eerder afgekeurde scriptie kopiëren, even een geschikte docent opzoeken, en even naar school om je diploma op te halen. Ja, zo ken ik er nog een paar.

    Je moet de weg weten. Dat blijkt ook weer bij het schandaal over deze Nederlandse hogescholen die toestaan dat hun studenten met een minimum aan kennis en inspanning en een maximum aan door-de-vingers-zien door de verstrekkende instantie een einddiploma ontvangen. Wat overigens geen wonder is wanneer het criterium voor kwaliteit (doelen, inhoud, docenten, exameneisen) verlegd wordt naar de simpele vraag: hoeveel studenten zijn in het afgelopen collegejaar afgestudeerd? Nee, het verbaast mij niet dat studenten gebruik maken van handige leerroutes, daarbij gadegeslagen door quasi-onwetende collegebesturen, managers en docenten die het naar eigen zeggen ook niet kunnen helpen want zij wisten niet beter.

    Dan vroeger, toen immers álles beter was. Iedere cursus en opleiding, kort of lang, stond of viel met helder geformuleerde eisen (zowel aan studerenden als aan lesgevenden) waaraan niet te tornen viel. Neem als voorbeeld de opleiding voorafgaand aan de status van gediplomeerd melker. Ik kom hierover te spreken omdat, jaren geleden, tijdens een genoeglijke gemeenteavond de vraag gesteld werd: wie van u heeft bijvoorbeeld een melkdiploma? Twee aanwezigen bleken de vraag met ja te kunnen beantwoorden: de echtgenote van de plaatselijke dominee en mijn echtgenote: mevrouw Terra dus.

    Hoe grondig de opleiding was blijkt uit de even grondige manier waarop het opleidingsprogramma  was samengesteld. Want het handmatig melken van een koe is inderdaad wel iets meer dan even trekken aan een van de vier voorbijkomende spenen teneinde droppels melk in een schone emmer te kunnen opvangen. Wat dacht u van alle eisen op milieutechnisch en hygiënisch gebied? Wist u dat het uier van tevoren gewassen moet worden en afgedroogd wordt met een droge, ruwe doek? En wist u dat je niet alleen kunt melken, maar ook moet námelken. En dat je voor het melken een voldoende kunt hebben gehaald, terwijl het namelken beloond wordt met een schamele onvoldoende?

    Hieronder ziet u hoe vernuftig het cijfersysteem in elkaar zat. Je kreeg voor elk onderdeel een cijfer tussen de 1 en de 5 dat vermenigvuldigd werd met een moeilijkheidsfactor. Want het is duidelijk dat het regelmatige, krachtige melken meer punten op moet leveren dan een fiere houding bij het verlaten van de koe.

    Mevrouw Terra behaalde destijds 182 van de 200 mogelijke punten. Laten we zeggen: eindcijfer een negen. Geslaagd: ja. Dat spreekt vanzelf. Dat vond ook de Rijksveeteeltconsulent voor Gelderland waaraan de managers en de bestuursdirecteuren van de diverse hogescholen een voorbeeld kunnen nemen.






    03-10-2010, 00:00 Geschreven door terra38  
    Reageren (1)

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Tags:diploma, Nederlandse hogescholen, diploma-inflatie, melkdiploma
    27-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vlijmscherp

    Wie herinnert zich niet uit haar of zijn lagere schooltijd de steeds terugkerende misère met de potloodpunten. Grafiet slijt, dat merk je gauw genoeg als je voor de eerste keer een potloodje in je hand neemt om op de onderkant van een smetteloos wit stuk tekenpapier een huis te tekenen met een schoorsteen waar rook uit kringelt. Nóg erger is het afbreken van de potloodpunt bij een beetje tegendruk. Je probeert een tak aan een boom te tekenen, zo eentje met veel zijtakken en bladeren, en páts … weer een gebroken punt. Het is om horendol van te worden. En ik was als kleine jongen toch al zo’n driftkikker!

     

    Faber, dat waren de beste, zei mijn vader. Hij had verstand van potloden, want hij was een meester in het met potlood tekenen van fraaie portretten. (Hieronder laat ik u er een zien.) Faber was een duur potloodmerk. Maar voor de jongens en meisjes op school waren die Fabers veel te kostbaar. Wij kregen van die gele Bruynzeelpotloden die ergens in Zaandam of daaromtrent werden gemaakt. Tekenen deden we sowieso met potlood in tekenschriften. Maar ook in schriften met lijntjes (taalschriften) en hokjes (rekenschriften) werkten wij met potlood. Wij noemden dat kladschriften, naar Jaapje van Nieuwenhuizen uit de vijfde klas die een meester was in het bekladderen van alles waar inkt, verf en waskrijt aan bleef kleven. Je had ook netschriften. Daar schreef je in met kroontjespen en Gimborn-inkt die de meester schonk uit een grote mandfles in een glaasje, dat in een holletje op je bank stond.

     

    Kleuren deden we met kleurpotloden. Je had dozen met kleuren in zesvoud. Ik bedoel kleine doosjes met zes verschillende kleuren of grotere met een veelvoud daarvan. Favoriet was de 24-delige Caran d’Ache kleurdoos. Je was de koning te rijk op de dag na Sinterklaasavond, als je triomfantelijk met je nieuwe kleuraanwinst op school kwam en iedereen de ogen uitstak. Het nadeel van kleurpotloden was dat hun punten nog vlugger braken dan de gewone HB-zwartgrijze.

     

    Het aanpunten van de potloden was een bijzonder ritueel. De meester had een puntenslijper op het hoekje van zijn bureau laten monteren. Achteraan zat een wieltje met handvat, aan de voorkant kon je door te knijpen een opening forceren waar je potlood met de stompe kant naar voren ingestoken werd. De meester draaide gelijk Michiel de Ruyter aan het puntenslijperswiel, waardoor, o wonder, een scherp inwendig verborgen mesje dunne spiralen cederhoutslingertjes produceerde. Net zolang totdat het grafieten binnenste een vlijmscherpe punt had gekregen.

    Scherp is scherp. Je kon draaien wat je wilde, maar een scherpe potloodpunt kreeg je nooit nóg scherper.

     

    Tegen de tijd dat het edele draai- en handwerk vervangen werd door een elektrisch aangedreven mechaniekje ging het bergafwaarts met het potlood. De ballpoint kwam hem vervangen. Die had het grote voordeel dat je hem nooit hoefde aan te slijpen en prachtige vlekken kon toveren in je schoolschriften. Zodat de meester op een dag zei: Op blaadjes mag je met een balpen schrijven, maar in het netschrift schrijven wij zoals gebruikelijk uitsluitend met pen en inkt.

     

    U mag het best weten: ik schrijf nog iedere dag met potlood. Om iets te noteren wat ik anders onherroepelijk zou vergeten. Of om een inval voor een weblogje te bewaren voor de eeuwigheid. Ergens op mijn bureau staat altijd wel een glas met potloden. Samen met zo’n kleine metaal-glimmende puntenslijper. Voor potloodpunten waar je een puntje aan kunt zuigen.

     

     

    Zoals beloofd een potloodtekening van Terra Sr. voorstellende de beroemde schrijver Louis Couperus.

     








    27-09-2010, 23:31 Geschreven door terra38  
    Reageren (0)

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Tags:potlood, potloodpunt, putenslijper, kleurpotloden, school
    19-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wit windend licht

    Ipomoea
    is de prachtige Latijnse naam voor deze eenjarige bloeier. Wij zeggen eenvoudig: ‘winde’ of ‘blauwe winde’. Soms zie je geheel witte. En dan zeggen wij in het verborgene, besmuikt achter onze hand, in het achterhoeks, omdat wij ons voor het woord schamen: pispötjes. Je hebt ze in verschillende kleuren, ook in rood bijvoorbeeld. Welke kleur ook, de winde slingert zich rechtsdraaiend omhoog langs verticale stokken en palen en verblijdt ons met de meest fantastische bloemen.


    De blauwe winde is naar mijn bescheiden opvatting de mooiste bloem die er bestaat. U mag daar anders over denken, maar over sommige smaken valt niet te twisten. Het is niet alleen de kleur die deze bloem haar allure geeft. Het is ook niet de bloemvorm: kroon- en kelkbladen. Buitengewoon fraai, dat wel, maar niet exceptioneel.

    Het is het onuitsprekelijke wit dat zich in de bloemkelk rondom stamper en stempel ophoudt. Letterlijk oogverblindend. Het laat zich ook niet in een plat vlak vangen. Als je de bloem fotografeert, kun je moeilijk scherpstellen op het witte innerlijk. Het is ongrijpbaar. En tegelijk onbegrijpbaar.


    In een bijbels scheppingsverhaal staat beschreven wat er het éérst geschapen werd. In het allereerste begin was de aarde aardedonker, woest en ledig, maar plotseling klonk het en wás het er: het licht. Maar de vraag rijst meteen, waar kwam dat licht dan vandaan?


    Ja, nú weten wij het. Want de wetenschap staat voor niets. Het licht stamt uit het binnenste van de blauwe winde. Dat is de bakermat waar alle golflengten samenkomen in een alles omvattende witte gloed. In het Engels heet zij ‘Heavenly Blue’ en ook dat kan geen toeval zijn. Hemels witblauw, dát is het. Het windt zich in alle richtingen hemelwaarts.

     








    19-09-2010, 11:49 Geschreven door terra38  
    Reageren (0)

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Tags:winde, blauwe wind, bloemen, rechtsdraaiend, wit
    10-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Grensgezicht
          Wie zoals ik geboren is in een dorp waar de landsgrens dwars doorheen loopt, staat er niet meer bij stil wanneer iemand met één been in Duitsland en de andere in Nederland gaat staan. Bij ons kan dat. De grens is een vast bestanddeel in ons bestaan en we worden er alleen warm of koud van wanneer van hogerhand besloten wordt de looprichting te veranderen. Dat was in 1949 het geval, toen een stukje Duitsland aan Nederland werd toegevoegd en in 1961 toen het correctiebesluit weer ongedaan werd gemaakt en de Bondsrepubliek zijn stukje land compleet met bebouwing en inwoners (rond 500) terugkreeg.

          Waar de bewoners van ons grensdorp altijd zenuwachtig van worden is de factor prijsverschil. Wanneer bijvoorbeeld een half pond boter in Nederland twee keer zo duur is dan in Duitsland, (ik geef maar een voorbeeld,) dan raken wij van de kook. Wij hebben dan de neiging in Duitsland duizend kilo van het goedje in te slaan en dat later in Nederland voor een zacht prijsje met een vette winst van de hand te doen. Het illegaal verplaatsen van goederen van het ene naar het andere land noemen wij smokkelen. En wij glimlachen er bij omdat het zo’n aangename inkomstenbron is. Tenminste, als de commiezen er geen stokje voor steken.

    Ik geef schoorvoetend toe – het is geen reden om trots op te zijn – dat ik ook wel eens gesmokkeld heb. Als 10-jarige jongen bracht ik wel eens boter en koffie naar familie die een paar kilometer over de grens in Duitsland woonde en die wel eens weer trek had in een lekker bakje plus een krentenboterham met goede, échte, boter. ‘Ach’, zei mijn moeder geruststellend, ‘de commiezen laten zo’n jongen als jij wel lopen.’

    Commiezen, douanebeambten, douaniers, wat u maar wilt, waren geüniformeerde overheidsdienaren die moesten zien te voorkomen dat goederen zonder papieren, clandestien, illegaal en ongelimiteerd de grens passeerden. Je had bij ons zowel Duitse en Nederlandse commiezen.

          De commies op de foto’s is in Duitse dienst. Hij tuurt, met een typisch Duits petje gewapend, door zijn verrekijker de weg af om te zien of er een smokkelaar met verdachte waren de hoek om komt. Hij is klaar om in actie te komen en bereid om tot aanhouding over te gaan. De smokkelende dorpsgenoten hebben echter ook een aantal manieren om iemand om de tuin te leiden. Zij laten zich niet kennen, vinden een sluipweggetje en leveren hun waren op afgesproken plaatsen af. Later vertellen zij honderduit over hun grootse prestaties bij het misleiden van de douaniers. Totdat er in de krant een keer het bericht staat dat onze geachte dorpsgenoot H. te K. betrapt is op het onrechtmatig over de grens brengen van zestig pond bohnenkaffee en door de rechtbank in Arnhem is veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie maanden en een boete van duizend guldens. Op die momenten lachten de commiezen.

          Waarschijnlijk is het u niet eens opgevallen, maar de commies heeft zijn verrekijkertje verkeerd-om. Hij ziet alles heel ver weg en dat schiet ook niet op. Het is een grapje van de kunstenaar die de beelden langs de grens heeft gemaakt. Hij heet Jürgen Ebert en woont in Bocholt. Hij heeft gevoel voor humor.

     






    10-09-2010, 18:00 Geschreven door terra38  
    Reageren (1)

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Tags:grens, landsgrens, smokkelen, douane,
    06-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.ZEGELTJES PLAKKEN

    Wij – ik spreek nu even over de Nederlanders als medelandgenoten; over Vlamingen, Walen en Duitstalige Belgen durf ik mij geen oordeel aan te matigen – wij, Nederlanders, zijn niet alleen een volk van kankeraars en criticasters, maar eerst en vooral een volk van plakkers. Niet zozeer in de vorm van sijsjeslijmers en bumperklevers, alhoewel, maar ik zit meer te denken aan onze fobie of manie om bij iedere gelegenheid en in elke supermarkt zegeltjes te willen verzamelen om die later thuis gezellig op een spaarkaart te kunnen plakken. Wij zijn een volk van zegeltjesplakkers. Ontegenzeggelijk.

     

    Weet u overigens wat échte plakkers zijn? Dat zijn, en nu houdt alle ironie even op, armzalige vluchtelingen in Zuid-Afrika die uit buurlanden komen waar het de mensen nóg beroerder gaat. Ze trekken naar ZA, bouwen ergens van afvalhout, golfplaten, plastic en blik een hutje. Wanneer zij erin slagen rook uit een geïmproviseerde schoorsteen te laten opstijgen vóór zonsondergang,  mogen zij blijven wonen. Dat zegt tenminste het heersende recht. Plakkers wonen  met zijn duizenden in plakkerskampen. Als alles meezit is er een lokale overheid die voor stroom en water zorgt.

     

    Er bestaan ook zegeltjes die je niet hoeft te plakken. Ik vond ze bij het opruimen van een oude kast. Het zijn zegeltjes om uit te knippen, het zijn bonkaarten. Van na de oorlog, zegt iedereen die ze kent, toen nog veel spullen op de bon waren. Ze stammen uit de tijd van de distributie. In verband met de heersende schaarste werden de beschikbare goederen eerlijk verdeeld. Een vriendelijke ambtenaar op het distributiekantoor deelde per hoofd van de bevolking de bonnen uit. En in de plaatselijke krant stond welke bon je nodig had om deze week een half pond suiker te kunnen kopen. Ik heb heel lang in de overtuiging geleefd dat bonnen betaalmiddelen waren, maar dat was een misverstand, zei de kruidenier. Het was én én: je moest bonnen inleveren én je moest met geld betalen. In de bonnentijd was ik nog heel jong, maar toen al overtuigd van de gerechtigheid van het systeem. Zonder bonnen zou immers iemand met veel geld alles kunnen weg- en opkopen? Zodat er voor de minder bedeelden niets meer over was? Voor de bonnenwet was ieder gelijk, en zo hoorde het ook.

     

    Op een dag, kort na de oorlog, heeft het bonnennoodlot mijn moeder getroffen. Ma had voor een periode van een maand voor het hele gezin bonnen ingeslagen voor de noodzakelijke boodschappen. Om onverklaarbare redenen is zij toen de hele bonnenvoorraad kwijtgeraakt. Verloren. U begrijpt dat Leiden echt in last was, hoewel we daar niet woonden. Want zonder bonnen was er niets te koop van wat er in de winkel lag, dus dreigden dorst en hongersnood. En ook Pa kon naar zijn geliefde tabak fluiten.

    Met behulp van de vriendelijke distributieambtenaar en mede doordat  (1) Ma bij de plaatselijke dorpsbevolking geen kwaad kon doen en (2) Pa gemeenteambtenaar was, werd er een kleine inzamelingsactie georganiseerd. Iedereen die een bonnetje over had kon dat inleveren bij het distributiekantoor. Aan het eind van de actiedag kon de ambtenaar Ma een complete set bonnen overhandigen. Ma was buitengewoon geroerd door al die vrijgevigheid.

     

    Bonnenacties. Ze bestaan nog steeds. Het zijn nu zegeltjesacties bij de super, waarbij je bij twee halen er drie moet betalen met als compensatie dubbele zegels. Om thuis gezellig op te plakken.

     






    06-09-2010, 22:48 Geschreven door terra38  
    Reageren (0)

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (1 Stemmen)
    Tags:zegeltjes, plakken, bonnen, bonkaarten, distributie, voedselschaarste
    29-08-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Rampenplan

    Vóórzorgen is een mooi werkwoord, veel mooier dan het overdreven ‘voorzorgsmaatregelen treffen’. Je wilt een zich mogelijk voordoende onheilvolle situatie de baas zijn en daartoe bedenk je in de eerste plaats wat die schrikwekkende situatie wel niet zou kunnen zijn (brand, een ongeval: van zes meter hoogte van de ladder vallen, een natuurcatastrofe, ongenode gasten die drie weken komen logeren) en ten tweede bedenk je voor elk van die noodsituaties een passende reactie, een rampscenario, een rampenplan. Op deze manier proberen we het leed dat de ramp ongetwijfeld met zich mee zal brengen althans enigszins te verzachten.

     

    Een van de sprekendste voorbeelden van rampspoed waarop je je zou kunnen voorbereiden, is brand tengevolge van blikseminslag bij een plaatselijk onweer. Ik herinner mij nog vaag uit mijn kindertijd hoe ons moeder ons bij zwaar onweer uit bed trommelde, en ons vroeg ons aan te kleden. Gekleed en wel zaten wij dan in een verduisterd vertrek de tijdsduur te tellen tussen bliksemflits en bijbehorende, knetterende donderslag. Ergens, wisten wij, stond een klein kistje waar wat geld, trouwboekje en paspoorten, de polis van de brandverzekering, plus de weinige kroonjuwelen van ma in zaten, gereed om meegenomen te worden in geval van nood.

     

    Het typerende van een ramp is dat hij je altijd onverwacht en onvoorbereid treft. Bij het opstellen van een rampenplan en een rampscenario – dat doe je meestal achteraf, in een tijd van rust en vrede, bij het dempen van de put, als het kalf al lang is verdronken – denk je erover na wat er allemaal kan gebeuren en hoe daarop adequaat te reageren. Daarbij heb je verbeeldingskracht nodig, want je kunt natuurlijk niet in werkelijkheid twee tankwagens met uiterst gevaarlijke stoffen op de A26 met elkaar in botsing laten komen. Wat er precies gebeurt bij een échte ramp - zoals een aardbeving, een watersnood of een tsunami - overstijgt onze verbeelding vele malen.

     

    Ik geef toe dat ik heel ambivalent tegenover een rampscenario sta. Daarbij maak ik een onderscheid tussen rampen die óns en welke ánderen kunnen treffen. Een redelijke stem in mij zegt dat het in het laatste geval verstandig is van tevoren na te denken over hoe te handelen bij mogelijke calamiteiten. Ieder redelijk denkend verzorgingstehuis weet wat te doen in het geval dat de bewoners plotseling geëvacueerd moeten worden. Aan de andere kant beweer ik dat, als het jezelf betreft, een rampscenario geen zin heeft:  je kunt onmogelijk op alles voorbereid zijn. En bovendien, in tijden van nood vergeet je alle rationeel bedachte voorzorgsmaatregelen en doe je wat je hart je ingeeft om te doen.

     

    Er komt nog iets bij. Soms denk ik wel eens dat het de goden verzoeken is. Zo’n rampscenario opstellen bedoel ik. Het lijkt wel of de duvel ermee speelt. Heb je net een scenario klaar voor het geval er iets ergs gebeurt, gebeurt dat erge de volgende dag. (Zonder rampscenario, denk je, was er niets gebeurd.)  En een ander voorbeeld: net als het rampscenario na veel wikken en wegen met algemene stemmen is goedgekeurd, gebeurt er een ongeluk waar het verse scenario niet op van toepassing blijkt te zijn. Of waarbij pijnlijk duidelijk wordt dat zaken die er écht toe doen over het hoofd zijn gezien. Dan kun je maar beter helemaal geen rampscenario hebben.

     

    De volgende ochtend vraagt mijn vrouw: “Stel dat er hier brand uitbreekt. Wat zou jij het eerst in veiligheid brengen? Waar denk je aan?” Ik zeg: “Nergens aan, want sinds er geen lucifers meer in huis zijn omdat er niemand meer rookt, is de kans nihil dat er brand uitbreekt.” “Nou,” zegt ze, “ik weet het wel, het eerst moeten de fotoalbums in veiligheid worden gebracht.” “Goed,” besluiten we, “dan is hierbij punt één van ons rampscenario afgehandeld. Wíe voor de albums zorgt als het zover is, dat zien we dán wel.”








    29-08-2010, 12:11 Geschreven door terra38  
    Reageren (0)

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Tags:rampenplan, rampscenario, thuissituatie, ramp, voorzorgen
    Archief per week
  • 05/04-11/04 2021
  • 25/01-31/01 2021
  • 23/11-29/11 2020
  • 19/10-25/10 2020
  • 05/10-11/10 2020
  • 29/06-05/07 2020
  • 04/05-10/05 2020
  • 20/04-26/04 2020
  • 13/01-19/01 2020
  • 30/12-05/01 2020
  • 25/11-01/12 2019
  • 11/11-17/11 2019
  • 16/09-22/09 2019
  • 22/07-28/07 2019
  • 24/06-30/06 2019
  • 13/05-19/05 2019
  • 15/04-21/04 2019
  • 01/04-07/04 2019
  • 11/02-17/02 2019
  • 07/01-13/01 2019
  • 24/12-30/12 2018
  • 26/11-02/12 2018
  • 15/10-21/10 2018
  • 01/10-07/10 2018
  • 10/09-16/09 2018
  • 16/07-22/07 2018
  • 09/07-15/07 2018
  • 25/06-01/07 2018
  • 18/06-24/06 2018
  • 28/05-03/06 2018
  • 07/05-13/05 2018
  • 30/04-06/05 2018
  • 16/04-22/04 2018
  • 02/04-08/04 2018
  • 26/03-01/04 2018
  • 05/03-11/03 2018
  • 19/02-25/02 2018
  • 05/02-11/02 2018
  • 29/01-04/02 2018
  • 15/01-21/01 2018
  • 01/01-07/01 2018
  • 11/12-17/12 2017
  • 27/11-03/12 2017
  • 02/10-08/10 2017
  • 28/08-03/09 2017
  • 21/08-27/08 2017
  • 31/07-06/08 2017
  • 24/07-30/07 2017
  • 03/07-09/07 2017
  • 19/06-25/06 2017
  • 22/05-28/05 2017
  • 01/05-07/05 2017
  • 10/04-16/04 2017
  • 27/03-02/04 2017
  • 27/02-05/03 2017
  • 20/02-26/02 2017
  • 13/02-19/02 2017
  • 30/01-05/02 2017
  • 23/01-29/01 2017
  • 16/01-22/01 2017
  • 09/01-15/01 2017
  • 19/12-25/12 2016
  • 28/11-04/12 2016
  • 07/11-13/11 2016
  • 17/10-23/10 2016
  • 10/10-16/10 2016
  • 19/09-25/09 2016
  • 12/09-18/09 2016
  • 01/08-07/08 2016
  • 11/07-17/07 2016
  • 22/02-28/02 2016
  • 07/12-13/12 2015
  • 23/11-29/11 2015
  • 09/11-15/11 2015
  • 12/10-18/10 2015
  • 14/09-20/09 2015
  • 17/08-23/08 2015
  • 10/08-16/08 2015
  • 27/07-02/08 2015
  • 20/07-26/07 2015
  • 13/07-19/07 2015
  • 22/06-28/06 2015
  • 15/06-21/06 2015
  • 08/06-14/06 2015
  • 01/06-07/06 2015
  • 18/05-24/05 2015
  • 27/04-03/05 2015
  • 30/03-05/04 2015
  • 02/03-08/03 2015
  • 16/02-22/02 2015
  • 02/02-08/02 2015
  • 26/01-01/02 2015
  • 19/01-25/01 2015
  • 22/12-28/12 2014
  • 15/12-21/12 2014
  • 08/12-14/12 2014
  • 24/11-30/11 2014
  • 10/11-16/11 2014
  • 27/10-02/11 2014
  • 06/10-12/10 2014
  • 15/09-21/09 2014
  • 08/09-14/09 2014
  • 01/09-07/09 2014
  • 11/08-17/08 2014
  • 04/08-10/08 2014
  • 14/07-20/07 2014
  • 30/06-06/07 2014
  • 23/06-29/06 2014
  • 16/06-22/06 2014
  • 09/06-15/06 2014
  • 02/06-08/06 2014
  • 19/05-25/05 2014
  • 05/05-11/05 2014
  • 21/04-27/04 2014
  • 14/04-20/04 2014
  • 07/04-13/04 2014
  • 24/03-30/03 2014
  • 10/03-16/03 2014
  • 24/02-02/03 2014
  • 10/02-16/02 2014
  • 27/01-02/02 2014
  • 20/01-26/01 2014
  • 13/01-19/01 2014
  • 06/01-12/01 2014
  • 31/12-06/01 2013
  • 16/12-22/12 2013
  • 09/12-15/12 2013
  • 02/12-08/12 2013
  • 25/11-01/12 2013
  • 18/11-24/11 2013
  • 11/11-17/11 2013
  • 28/10-03/11 2013
  • 21/10-27/10 2013
  • 14/10-20/10 2013
  • 07/10-13/10 2013
  • 30/09-06/10 2013
  • 23/09-29/09 2013
  • 16/09-22/09 2013
  • 09/09-15/09 2013
  • 02/09-08/09 2013
  • 19/08-25/08 2013
  • 12/08-18/08 2013
  • 29/07-04/08 2013
  • 15/07-21/07 2013
  • 24/06-30/06 2013
  • 17/06-23/06 2013
  • 10/06-16/06 2013
  • 03/06-09/06 2013
  • 20/05-26/05 2013
  • 29/04-05/05 2013
  • 15/04-21/04 2013
  • 08/04-14/04 2013
  • 01/04-07/04 2013
  • 18/03-24/03 2013
  • 04/03-10/03 2013
  • 25/02-03/03 2013
  • 18/02-24/02 2013
  • 28/01-03/02 2013
  • 14/01-20/01 2013
  • 17/12-23/12 2012
  • 10/12-16/12 2012
  • 19/11-25/11 2012
  • 05/11-11/11 2012
  • 01/10-07/10 2012
  • 18/06-24/06 2012
  • 11/06-17/06 2012
  • 04/06-10/06 2012
  • 21/05-27/05 2012
  • 30/04-06/05 2012
  • 23/04-29/04 2012
  • 09/04-15/04 2012
  • 02/04-08/04 2012
  • 12/03-18/03 2012
  • 27/02-04/03 2012
  • 20/02-26/02 2012
  • 06/02-12/02 2012
  • 30/01-05/02 2012
  • 23/01-29/01 2012
  • 16/01-22/01 2012
  • 09/01-15/01 2012
  • 26/12-01/01 2012
  • 12/12-18/12 2011
  • 28/11-04/12 2011
  • 21/11-27/11 2011
  • 14/11-20/11 2011
  • 31/10-06/11 2011
  • 24/10-30/10 2011
  • 17/10-23/10 2011
  • 03/10-09/10 2011
  • 19/09-25/09 2011
  • 05/09-11/09 2011
  • 29/08-04/09 2011
  • 22/08-28/08 2011
  • 08/08-14/08 2011
  • 01/08-07/08 2011
  • 25/07-31/07 2011
  • 18/07-24/07 2011
  • 11/07-17/07 2011
  • 04/07-10/07 2011
  • 27/06-03/07 2011
  • 20/06-26/06 2011
  • 13/06-19/06 2011
  • 30/05-05/06 2011
  • 23/05-29/05 2011
  • 09/05-15/05 2011
  • 02/05-08/05 2011
  • 25/04-01/05 2011
  • 11/04-17/04 2011
  • 04/04-10/04 2011
  • 28/03-03/04 2011
  • 21/03-27/03 2011
  • 14/03-20/03 2011
  • 28/02-06/03 2011
  • 21/02-27/02 2011
  • 14/02-20/02 2011
  • 31/01-06/02 2011
  • 24/01-30/01 2011
  • 17/01-23/01 2011
  • 10/01-16/01 2011
  • 03/01-09/01 2011
  • 20/12-26/12 2010
  • 22/11-28/11 2010
  • 15/11-21/11 2010
  • 25/10-31/10 2010
  • 18/10-24/10 2010
  • 04/10-10/10 2010
  • 27/09-03/10 2010
  • 13/09-19/09 2010
  • 06/09-12/09 2010
  • 23/08-29/08 2010
  • 16/08-22/08 2010
  • 19/07-25/07 2010
  • 05/07-11/07 2010
  • 21/06-27/06 2010
  • 07/06-13/06 2010
  • 31/05-06/06 2010
  • 24/05-30/05 2010
  • 17/05-23/05 2010
  • 03/05-09/05 2010
  • 26/04-02/05 2010
  • 19/04-25/04 2010
  • 12/04-18/04 2010
  • 05/04-11/04 2010
  • 29/03-04/04 2010
  • 22/03-28/03 2010
  • 15/03-21/03 2010
  • 08/03-14/03 2010
  • 01/03-07/03 2010
  • 22/02-28/02 2010
  • 15/02-21/02 2010
  • 08/02-14/02 2010
  • 01/02-07/02 2010
  • 25/01-31/01 2010
  • 18/01-24/01 2010
  • 11/01-17/01 2010
  • 28/12-03/01 2016
  • 14/12-20/12 2009
  • 23/11-29/11 2009
  • 09/11-15/11 2009
  • 02/11-08/11 2009
  • 19/10-25/10 2009
  • 05/10-11/10 2009
  • 28/09-04/10 2009
  • 14/09-20/09 2009
  • 07/09-13/09 2009
  • 24/08-30/08 2009
  • 17/08-23/08 2009
  • 10/08-16/08 2009
  • 03/08-09/08 2009
  • 20/07-26/07 2009
  • 13/07-19/07 2009
  • 06/07-12/07 2009
  • 29/06-05/07 2009
  • 15/06-21/06 2009
  • 08/06-14/06 2009
  • 25/05-31/05 2009
  • 11/05-17/05 2009
  • 20/04-26/04 2009
  • 06/04-12/04 2009
  • 30/03-05/04 2009
  • 23/03-29/03 2009
  • 09/03-15/03 2009
  • 02/03-08/03 2009
  • 23/02-01/03 2009
  • 16/02-22/02 2009
  • 09/02-15/02 2009
  • 02/02-08/02 2009

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !

    Zoeken in blog



    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Meer blogs