Ik ben Bart Bonne
Ik ben een man en woon in Las Palmas (Gran Canaria-Spanje) en mijn beroep is mountainbikegids.
Ik ben geboren op 08/11/1974 en ben nu dus 50 jaar jong.
Mijn hobby's zijn: wielrennen,metal,voetbal (Anderlecht).
VERVOLG op ayuntamiento 2. (Wat niet onlogisch is, aangezien de titel hierboven ayuntamiento 3 is... Dit trouwens volledig terzijde en dienst doende als schermvulling. Volledig overbodig om te lezen dus, maar aangezien u nu toch bezig bent zal ik maar direct verder gaan met de orde van de dag, waarbij je dus mijn "saga" om de verblijfskaart kan volgen, en wel meteen hieronder.)
Een "tarjeta de residente" bemachtigen is hier een dagtaak op zich, dus vertrek ik in de voormiddag opnieuw naar Arrecife met de fiets. Ik ben nauwelijks vijfhonderd meter ver of ik word al voorbijgesneld door een "geblokte" persoon met harige benen. M´n plannen om het hier de eerste weken rustig aan te doen worden hierdoor al direct door elkaar geklutst. Twee dingen kunnen nu eenmaal niet door de beugel: voorbijgereden worden door een vrouw, of door iemand waarbij de benen nauwelijks van een grizzly te onderscheiden zijn... Gelukkig kiest m´n "derny" vrij vlug het hazepad, en kan ik in mijn slakkengangetje m´n tocht verderzetten. Een halfuurtje later piloteer ik mijn fiets op de ruime binnenkoer van de Politia National, maar ik word al direct door een norse spierklomp (van om en bij de twee meter) erop gewezen dat ik mijn vertrouwde tweewieler buiten de omheining moet plaatsen. Dit opgeblazen kalf van een security agent denkt zeker dat dit een fietske is waarmee je op zondagmorgen om verse koffiekoeken rijdt bij de bakker? Hij maakt me echter duidelijk dat hij een oogje in het zeil gaat houden, maar toch begeef ik me wat onzeker naar binnen. "Dure racefiets gestolen voor politiekantoor." Zie ik in mijn verbeelding al de krantenkoppen voor morgen. Ik zet die akelige gedachte vrij vlug uit mijn hoofd, en schuif aan bij een lange rij wachtenden voor me. In die wachtrij bevinden zich mensen van verschillend pluimage: Aziaten, Zuid-Amerikanen, Noord-Afrikanen, en waarschijnlijk ook enkele bootvluchtelingen die het geluk hadden om niet overboord te zijn gekieperd bij hun poging om de Canarische Eilanden te bereiken. De meesten hebben een papier bij dat ze gewoon laten afstempelen, en even vrees ik dat dit niet het politie maar het stempellokaal is. Als ik na twintig minuten eindelijk aan de beurt ben, en zeg dat ik voor m´n verblijfskaart kom, bromt de "simpele oelie" vanachter zijn desk dat dit enkel kan tussen 9 en 11 uur in de voormiddag!!!!! {Grom, slik, f*ck sh*t hell and devil!!!!!} Nou ja, een retourtje Arrecife kan er eigenlijk nog wel bij.
...Daar weet een vriendelijke beambte me te vertellen dat ik eerst naar het politiebureau moet om de gewenste administratieve documenten op te halen. Allemaal goed en wel... maar waar is dat verrekte politiebureau??? "Oh, je kan niet missen, het ligt juist naast het kerkhof." Ja, daar ben je natuurlijk vet mee als je het kerkhof weet liggen, maar als je in mijn geval nog geen bibliotheek van een ayuntamiento kan onderscheiden..., en van degenen die naast het politiebureau liggen, hoef ik waarschijnlijk ook niet bijster veel hulp verwachten. Tegen alle verwachtingen in echter toch in het politiebureau gesukkeld, waar ik te horen krijg dat ik die documenten persoonlijk moet afhalen bij de Politia National in de hoofdstad Arrecife... Als ze me ooit naar de emythologische betekenis polsen van de uitdrukking: "Van het kastje naar de muur sturen," dan kan ik alvast vermelden dat het hoogstwaarschijnlijk op dit eiland is uitgevonden. Allez vooruit. Barduk (in zijn ondertussen zweterig koerslijfje) op weg naar Arrecife. Het eerste uur rij ik in het drukke centrum straat in en uit, maar van het vervloekte politiebureau geen spoor. "Vraag het dan, achterlijk kalf." Hoor ik jullie denken. Maar nee, ik wil het ZELF ontdekken. Stel je voor dat Christopher Columbus indertijd vroeg: "Halooooo, der weet ier niemand Amerika liggen verzekers?" Dat zou toch niet bijster clever overgekomen zijn in de geschiedenisboeken, nietwaar? Wel, mijn ambitie om enige bijdrage te leveren tot de geschiedenisboeken is uiterst beperkt, want uiteindelijk moet ik toch plooien en de weg vragen. Als ik (na slechts twee maal te zijn misreden) het politiebureau weet te lokaliseren, blijkt alles al gesloten te zijn. "Volver mañana." Morgen terugkeren dus...
Doe vooral geen moeite om bovenstaande titel uit te brabbelen beste vrienden... Het is mij pas na anderhalve week en dagelijkse trainingssessies van vier uur gelukt! En dan nog met behulp van een aangebrande en nauwelijks te verteren "papa" (aardappel of "toat" int Aelters), die nadien zo zwaar op de maag lag dat de riolering in mijn nieuw dorp hier serieuze overuren moest draaien. Ayuntamiento betekend gemeentehuis, en daar moest ik volgens mijn eega zijn om mijn "tarjeta de residente" (verblijfskaart) aan te vragen. Het ayuntamiento ( ik blijf dit woord hardnekkig herhalen tot het bij jullie net zo soepel over de tong rolt als bij uw edele dienaar) ligt slechts zeven kilometer verwijdert van m´n woonplaats, maar daarvan lopen er helaas wel zes steil bergop. Toen ik na een halfuurtje en flink bezweet het ayuntadinges binnenkwam bleek het administratieve gedeelte net verhuist naar de overkant van de straat. Ik dus waggelend op m´n koersschoenen naar de overkant, de groene poort door die de bediende me zonet had aangewezen. "Buenos dias. Ik kom mijn verblijfskaart aanvragen en..." "Verblijfskaart?" Repliceert de man achter het loket. "Dit is de bibliotheek man! Het ayuntamiento is hiernaast, aan die groene deur..." "G*dverdomme, hoeveel groene deuren zijn hier wel???" Naar de andere deur gewandeld, en na wat gesukkel met de hardhorige man aan het onthaal (ofwel is mijn Spaans nog niet van degelijk niveau, dit laat ik nu even in het midden) moet ik blijkbaar op de eerste verdieping zijn. In het oude gebouw met metershoge gewelven beklim ik de trap. Op de stenen treden maken die verschrikkelijk ellendig lompe koersschoenplaatjes een hels kabaal. Klek, klek, klek, klek, kl...kedeng (verdomme, trede gemist) klek, klek, klek, ... Uiteindelijk zonder been- of enkelbreuk in het juiste bureau beland, en daar.....................
Deze week stond hier in het teken van mijn verblijfskaart (tarjeta de residente), maar later meer daarover, want ook hier sloeg het nieuws van de plotse dood van Frank Vandenbroucke in als een bom. Generatiegenoot Frank was slechts twee dagen ouder dan ik, en geloof het of niet, maar regelmatig verwardden sommige mensen ondergetekende met het wielertalent uit Ploegsteert. We schrijven winter 2003. Ik stond volledig ingeduffeld en met m´n lange manen netjes verstopt in mijn thermovest te wachten aan de verkeerslichten in Eeklo. De kleuren en kledij van mijn toenmalig team leken met enige fantasie (en voor de bijziende medemens: zonder enige fantasie...) verdacht veel op de "tenuetjes" van Quick Step, waar Frank op dat moment timmerde aan een zoveelste comeback. Een wielertoerist komt naast me staan, bekijkt me van kop tot teen, en vraagt dan schuchter of ik dé Frank Vandenbroucke niet ben. Ik moet de brave man teleurstellen, maar ik herriner me nog dat de striemende tegenwind me toen amper kon deren, en ik in ware "VDB-stijl" huiswaarts kliefde! Enkele maanden later, bij de start van Gent-Wevelgem in Deinze was het weer zover. Dat het begin april nog serieus koud kan zijn, is een open deur intrappen, dus trok ik m´n blauwe muts diep over mijn flappers, zonnebril op de snuit, de haren opnieuw weggemoffeld (een fladderende staart onder zo´n koersmuts is geen zicht en "not done"), en reed met de fiets tussen de massa door naar de startplaats. Verschillende mensen tikten me op de schouder en riepen: "Daar! VDB, VDB...!" Twee kinderen vroegen me zelfs een handtekening, en het kostte me heel wat moeite om hen erop te wijzen dat ik VDB niet was. Ik geloof dat ik er toen zelfs een "Helaas niet..." aan heb toegevoegd... Het waren leuke anekdotes, die al in de achterste helft van mijn brein aan het rondzweven waren, maar door de recente tragische gebeurtenis me nu plots opnieuw helder voor de geest komen. Veel mensen zullen spijtig genoeg vooral de negatieve zaken uit Franks leven onthouden. Ik daarintegen, vergeet echter nooit hoe ik tien jaar terug tijdens L-B-L op het puntje van mijn stoel de ontknoping volgde, en met open mond zat te kijken naar zoveel talent en klasse...
Sinds woensdag vertoef ik dus in Lanzarote, het meest noordelijke eiland van de Canarische archipel. Al is "noordelijk" in deze contreien een relatief begrip, met temperaturen die flirten tegen de dertig graden en zelfs 's nachts nog niet onder de 22 graden duiken. Voorlopig hoef ik dat flanelleke nog niet uit de kast te graaien! Alles pico bello dus, en omdat ik nog niet bijster veel om handen heb maakte ik reeds drie korte oefentochtjes met mijn onafscheidelijke tweewieler. Ik doe het voorlopig rustig aan. Zéér rustig, want ik wil m´n hartslag nog niet boven de 140 jagen. Nu, ik heb van nature een redelijk hoge hartslag. Ik moet maar een lepel oploskoffie in een kop gieten en ik zit al aan 120! Bovendien waait het in Lanzarote ook soms...(heel af en toe (!) ) een beetje en zijn de wegen niet echt vlak te noemen. Om een lang verhaal kort te maken: op een gegeven moment reed ik op een steil stuk nog amper 6,5 km per uur... Uitgerekend op dat moment steekt een auto vol toeristen me voorbij, en de talrijke kopjes in de wagen kijken meelijwekkend achterom. Ze zouden eens moeten weten dat ik nog adem genoeg had om achterstevoren en met veel pathos onze nationale hymne aan te heffen, terwijl ik ondertussen op mijn SPD-SL pedalen gerust de lambada kon dansen, al lurpend aan mijn lauwe drinkbidon!
Voor de rest gaat alles hier zijn gewone gangetje, al hadden we zaterdag wel wat meeval. Zeg maar: "Hoerechance!" Nadat we de boodschappen uit de auto hadden geladen, vonden we verdomme de sleutel van ons appartement niet meer. Alles omgekeerd, uitgeladen, weer omgedraaid en ingeladen... Het dekselse onding bleef spoorloos! Gelukkig... Als de nood het hoogst is, is de huisbaas nabij! Bleek die gozer nog iets te moeten regelen met de huurders onder ons, en had hij toch wel een extra sleutel van ons appartement bij zeker! Probleem meteen opgelost! Op onderstaande link vind je alvast wat foto´s van ons stulpje en de omgeving.
Dit is het einde... Met de wedstrijd in Ternat valt het doek over mijn seizoen 2009. In Belgie althans, want begin december rij ik de 21 ste: "Vuelta de Maspalomas" in Gran Canaria. Zoals de meesten wel weten vertrek ik op zeven oktober (morgen dus) naar Lanzarote voor x-aantal maanden, maar geen paniek. Ik zal jullie vandaaruit ook op de hoogte houden hoe het me daar vergaat. (Ik kan mijn "duizenden" fans hier moeilijk in de steek laten hé...) Mijn enige ambitie voor de wedstrijd in Ternat was niet vallen en de wedstrijd uitrijden. Vanuit dit standpunt ben ik trouwens grandioos geslaagd!!! Net voor de start informeren nog enkele ex-ploegmaten wanneer ik nu precies vertrek. Als ze horen dat dit woensdag al is, is hun eerste reactie: "Oei, en wat als ge valt???" Ja vlam! Hierdoor rij ik de eerste ronden een beetje met de bibber in de knieen rond, (bedankt Rudy ;-) )maar al gauw voel ik dat "Murphy" niet meerijdt vandaag in het peloton, en neem ik terug gezwind de bochten al was ik een patrijs die achtervolgd wordt door een bende wilde jagers met in hun gezelschap Micha Mara. Waar zou dat beest trouwens het meest schrik voor hebben??? In de wedstrijd zelf voel ik dat ik niet direct de benen heb om vandaag hoge ogen te gooien. Het is ook opvallend kouder dan de vorige weken en daar moet ik toch weer even aan wennen. Ik hou me dan ook schuil in het peloton en finish risicoloos als 22e.
68 Km. in 1h.44' 39,2 Gem. 22e/29 Gem. hartslag:174 Max. hartslag:197
Voila, mijn volgende exploten zal ik hier neerpoten met m'n lege kl.... in de zuiderse zon! Goed nieuws trouwens voor de mensen in de omgeving van Maria-Aalter en omstreken. Deze winter moeten ze op de weg niet op hun hoede zijn voor een in groen-zwart getooide idioot op een fiets. !Hasta luego amigos!