Inhoud blog
  • Overlijden Robert De Telder
  • Corona
  • Chronologische schema's - afbeeldingen - vanaf de Grote Vloed tot de Spraakverwarring
  • Joeja
  • De eerste drieduizend jaar, hoofdstuk 1
    Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    KRONOS
    chronologie - archeologie - oudheid
    15-03-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De twee getuigen te Jeruzalem
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Toen Jezus te Bethlehem in de vijfde maand Ab of juli/augustus van de westerse kalender (zie het artikel op dit blog van 28-01-2014) in het jaar vijf voor Christus geboren werd, werd hij naar de wet van Mozes, veertig dagen later in Jeruzalem door zijn ouders in de Tempel aan God opgedragen. Dit zijn verordeningen die Maria en Jozef naar het Bijbelboek Leviticus 12:1-4 volgden. Hierna het Bijbelgedeelte uit het Lucas-evangelie dat deze geschiedenis brengt:

     

    Lucas 2:21 En toen acht dagen vervuld waren, zodat zij Hem moesten besnijden, ontving Hij ook de naam Jezus, die door de engel genoemd was, eer Hij in de moederschoot was ontvangen. 22 En toen de dagen hunner reiniging naar de wet van Mozes vervuld waren, brachten zij Hem naar Jeruzalem om Hem de Here voor te stellen, 23 gelijk geschreven staat in de wet des Heren: Al het eerstgeborene van het mannelijke geslacht zal heilig heten voor de Here, 24 en om een offer te brengen overeenkomstig hetgeen in de wet des Heren gezegd is, een paar tortelduiven of twee jonge duiven.

    25 En zie, er was een man te Jeruzalem, wiens naam was Simeon, en deze man was rechtvaardig en vroom, en hij verwachtte de vertroosting van Israël, en de heilige Geest was op hem. 26 En hem was door de heilige Geest een godsspraak gegeven, dat hij de dood niet zou zien, eer hij de Christus des Heren gezien had. 27 En hij kwam door de Geest in de tempel. En toen de ouders het kind Jezus binnenbrachten om met Hem te doen overeenkomstig de gewoonte der wet, 28 nam ook hij het in zijn armen en hij loofde God en zeide:

    29 Nu laat Gij, Here, uw dienstknecht gaan in vrede, naar uw woord, 30 want mijn ogen hebben uw heil gezien, 31 dat Gij bereid hebt voor het aangezicht van alle volken: 32 licht tot openbaring voor de heidenen en heerlijkheid voor uw volk Israël. 33 En zijn vader en zijn moeder stonden verwonderd over hetgeen van Hem gezegd werd. 34 En Simeon zegende hen en zeide tot Maria, zijn moeder: Zie, deze is gesteld tot een val en opstanding van velen in Israël en tot een teken, dat weersproken wordt 35 – en door uw eigen ziel zal een zwaard gaan –, opdat de overleggingen uit vele harten openbaar worden.

    36 Ook was daar Hanna, een profetes, een dochter van Fanuël, uit de stam Aser. Zij was op hoge leeftijd gekomen, nadat zij met haar man na haar huwelijksdag zeven jaren had geleefd, 37 en nu was zij weduwe, ongeveer vierentachtig jaar oud, en zij diende God onafgebroken in de tempel, met vasten en bidden, nacht en dag. 38 En zij kwam op datzelfde ogenblik daarbij staan, en zij loofde mede God en sprak over Hem tot allen, die voor Jeruzalem verlossing verwachtten.

    39 En toen zij alles volbracht hadden, wat volgens de wet des Heren te doen was, keerden zij terug naar Galilea, naar hun stad Nazareth. (NBG Vertaling 1951)

     

    Wanneer we vanaf de vijfde maand Ab veertig dagen rekenen arriveren we ongeveer aan het begin van de zevende maand Tisjri of naar het einde toe van de zesde Hebreeuwse maand Eloel, naar gelang het vertrekpunt van ons rekenen. Met de woorden van Simeon in gedachten stel ik me echter voor dat de Christus met Rosj Hasjanah in de Tempel aan God opgedragen werd. Rosj Hasjanah betekent: ‘Hoofd van het Jaar’ en is van oudsher het Joodse Nieuwjaar dat ingaat op 1 en 2 Tisjri. In de Joodse overlevering is het een tijd van oordeel. Gedurende dertig dagen tijdens de voorafgaande Hebreeuwse maand bereidden de Joden zich voor op deze heilige dagen. Het was/is een tijd om in gebed na te denken over al het kwaad dat men zijn vrienden of kennissen mogelijk had aangedaan. Het was een tijd om vergeving te vragen en te krijgen. Iedere morgen tijdens deze periode werd op de Sjofar of ramshoorn geblazen ter voorbereiding van Rosj Hasjanah met tien dagen later de Grote Verzoendag of Jom Kippoer. Het is aldus niet onlogisch om het opdragen in de Tempel van de Christus des HEREN, de Heiland, op Rosj Hasjanah te laten plaatsvinden.

    De geboortedag van Jezus Christus viel dan veertig dagen eerder op de negentiende dag van de maand Ab. Dit gerekend op basis van 29 dagen voor de maand Eloel en 29 dagen voor de maan Ab.

    Een volgend punt waar ik aandacht aan wil geven is dat het geciteerde Bijbelgedeelte de christelijke traditie met het bezoek van de wijzen uit het oosten aan de kribbe te Bethlehem, als foutief bevindt. Het is duidelijk dat na de geboorte van Jezus te Bethlehem Hij veertig dagen later met zijn ouders te Jeruzalem was en dat zij vandaar naar Nazareth in Galilea reisden. Het is alzo in Nazareth in hun eigen huis dat de Magi hun opwachting deden (Matteüs 2:9-11).

     

    Maar nu eerst aandacht voor de twee getuigen bij de eerste komst van de Heer Jezus te Jeruzalem. Deze getuigen waren een oude man met de naam Simeon en een oude vrouw genaamd Hanna. Slechts twee getuigen in Jeruzalem bij de eerste komst? Ja, dat klopt. Bij de geboorte te Bethlehem waren het eerder de herders die nacht in het veld bij hun schapen de wacht hielden die getuige waren van de geboorte van de Heiland en daarna hierover getuigden. Hierna het Bijbelgedeelte:

    Lucas 2:8 En er waren herders in diezelfde landstreek, die zich ophielden in het veld en des nachts de wacht hielden over hun kudde. 9 En opeens stond een engel des Heren bij hen en de heerlijkheid des Heren omstraalde hen, en zij vreesden met grote vreze. 10 En de engel zeide tot hen: Weest niet bevreesd, want zie, ik verkondig u grote blijdschap, die heel het volk zal ten deel vallen: 11 U is heden de Heiland geboren, namelijk Christus, de Here, in de stad van David. 12 En dit zij u het teken: Gij zult een kind vinden in doeken gewikkeld en liggende in een kribbe. 13 En plotseling was er bij de engel een grote hemelse legermacht, die God loofde, zeggende: 14 Ere zij God in den hoge, en vrede op aarde bij mensen des welbehagens. 15 En het geschiedde, toen de engelen van hen heengevaren waren naar de hemel, dat de herders tot elkander spraken: Laten wij dan naar Betlehem gaan om te zien hetgeen geschied is en ons door de Here is bekendgemaakt. 16 En zij gingen haastig en vonden Maria en Jozef, en het kind liggende in de kribbe. 17 En toen zij het gezien hadden, maakten zij bekend hetgeen tot hen gesproken was over dit kind. 18 En allen, die ervan hoorden, verbaasden zich over hetgeen door de herders tot hen gezegd werd. 19 Doch Maria bewaarde al deze woorden, die overwegende in haar hart. 20 En de herders keerden terug, God lovende en prijzende om alles wat zij hadden gehoord en gezien, gelijk het hun gezegd was. (NBG Vertaling 1951)

     

    Veertig dagen later waren Maria en Jozef met hun kind in Jeruzalem in de Tempel ter vervulling van de Wet. Voor de priesters van dienst in de tempel die dag was dit gewoon maar een jong koppel uit de provincie met boreling. Bovendien sprak het koppel met een dialect, een tongval waar in Jeruzalem door velen op neergekeken werd. Aan deze priesters ging de komst van de Messias als kind voorbij, behalve aan de twee getuigen, twee oude mensen in Jeruzalem. Later kwamen de Magi naar Nazareth. Tot aan het openbaar optreden van Johannes de Doper in 26 AD zouden er geen getuigen meer zijn. De geschiedenis daaropvolgend van het jaar 26 tot 30 AD kennen we vanuit de evangeliën.

     

    Johannes 1: 1 In den beginne was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God. 2 Dit was in den beginne bij God. 3 Alle dingen zijn door het Woord geworden en zonder dit is geen ding geworden, dat geworden is. 4 In het Woord was leven en het leven was het licht der mensen; 5 en het licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet gegrepen. 6 Er trad een mens op, van God gezonden, wiens naam was Johannes; 7 deze kwam als getuige om van het licht te getuigen, opdat allen door hem geloven zouden. 8 Hij was het licht niet, maar was om te getuigen van het licht. 9 Het waarachtige licht, dat ieder mens verlicht, was komende in de wereld. 10 Hij was in de wereld, en de wereld is door Hem geworden, en de wereld heeft Hem niet gekend. 11 Hij kwam tot het zijne, en de zijnen hebben Hem niet aangenomen. 12 Doch allen, die Hem aangenomen hebben, hun heeft Hij macht gegeven om kinderen Gods te worden, hun, die in zijn naam geloven; 13 die niet uit bloed, noch uit de wil des vlezes, noch uit de wil eens mans, doch uit God geboren zijn. (NBG Vertaling 1951)

     

    De twee getuigen van de HERE God te Jeruzalem bij het opdragen van de boreling Jezus waren twee oude mensen; een man en vrouw, niet twee mannen, maar een man én een vrouw. En dit volgens de Scheppingsorde:

    Genesis 1: 27 En God schiep de mens naar zijn beeld; naar Gods beeld schiep Hij hem; man en vrouw schiep Hij hen.

    De vrouw is in deze geschiedenis een volwaardige getuige en gelijk aan de man als getuige. Geen onderscheid. Er waren bijvoorbeeld geen drie getuigen nodig; één man en twee vrouwen. Nee, in de Bijbel zijn man en vrouw aan elkaar gelijk. Van Hanna staat er bovendien in het Lucas-evangelie geschreven dat zij profeet was, de dochter van Fanuël uit de stam Aser:

    Lucas 2: 36 Ook was daar Hanna, een profetes, een dochter van Fanuël, uit de stam Aser.

    Dat God twee oude mensen als getuigen gebruikte en daarbij ook een vrouw is opmerkelijk. Oude mensen zijn naar de wijsheid van de wereld meestal afgeschreven en vrouwen gelden in de Midden-Oosten-cultuur als getuige onbetrouwbaar. Dit alles is ‘de dwaasheid der prediking’ waar Paulus in zijn eerste brief aan de Korintiërs naar verwees:

    1 Korintiërs 1:18 Want het woord des kruises is wel voor hen, die verloren gaan, een dwaasheid, maar voor ons, die behouden worden, is het een kracht Gods. 19 Want er staat geschreven: Verderven zal Ik de wijsheid der wijzen, en het verstand der verstandigen zal Ik verdoen. 20 Waar blijft de wijze? Waar de schriftgeleerde? Waar de redetwister van deze tijd? Heeft God niet de wijsheid der wereld tot dwaasheid gemaakt? 21 Want daar de wereld in de wijsheid Gods door haar wijsheid God niet gekend heeft, heeft het Gode behaagd door de dwaasheid der prediking te redden hen, die geloven. 22 Immers, de Joden verlangen tekenen en de Grieken zoeken wijsheid, 23 doch wij prediken een gekruisigde Christus, voor Joden een aanstoot, voor heidenen een dwaasheid, 24 maar voor hen, die geroepen zijn, Joden zowel als Grieken, (prediken wij) Christus, de kracht Gods en de wijsheid Gods. 25 Want het dwaze van God is wijzer dan de mensen en het zwakke van God is sterker dan de mensen. 26 Ziet slechts, broeders, wat gij waart, toen gij geroepen werdt: niet vele wijzen naar het vlees, niet vele invloedrijken, niet vele aanzienlijken.27 Integendeel, wat voor de wereld dwaas is, heeft God uitverkoren om de wijzen te beschamen, en wat voor de wereld zwak is, heeft God uitverkoren om wat sterk is te beschamen; 28 en wat voor de wereld onaanzienlijk en veracht is, heeft God uitverkoren, dat, wat niets is, om aan hetgeen wèl iets is, zijn kracht te ontnemen, 29 opdat geen vlees zou roemen voor God. 30 Maar uit Hem is het, dat gij in Christus Jezus zijt, die ons van God is geworden: wijsheid, rechtvaardigheid, heiliging en verlossing, 31 opdat het zij, gelijk geschreven staat: Wie roemt, roeme in de Here. (NBG Vertaling 1951)

     

    Maar nu naar de tweede of wederkomst van Jezus Christus. Het laatste Bijbelboek Openbaring handelt over dit onderwerp. Vooraf aan deze komst gaat een moeilijke periode van zeven jaar of 1260 dagen plus 42 maanden samen. Aan het einde van deze geprofeteerde periode komt de Koning der koningen en de Heer der heren terug. Over dit thema schreef ik meerdere boeken. Bij de aanvang van de zevenjarige periode die voorafgaat aan de openbaring van Jezus Christus treden in Jeruzalem opnieuw twee getuigen op (Openbaring 11:3) die tegen de dan herstelde offerdienst spreken. Wanneer we dit Bijbelgedeelte opzoeken en laten doordringen merken we ook weer iets van de ‘dwaasheid der prediking’ waar God zich van bedient. De twee getuigen zijn namelijk slechts met een zak bekleed, een soort poncho probeer ik het mij voor te stellen. Een sterk afwijkende kledij van hetgeen gangbaar is.

    In het Bijbelboek Openbaring worden geen namen van deze getuigen genoemd noch het geslacht van hen. Het traditionele christendom gaat er van uit dat het mannen (waren) of (zullen) zijn, tussen haakjes geplaatst naar gelang de hermeneutiek die men in de verschillende christelijke kerken hanteert.

    Bij diegenen die een geestelijk oog hebben voor het toekomstig nationaal en geestelijk herstel van het Jodenvolk en een wederkomst van Jezus christus te Jeruzalem verwachten lopen de meningen betreffende de identiteit van de twee getuigen uiteen. Een van de getuigen meent men met zekerheid te herkennen als de profeet Elia waarvan de profeet Maleachi in het Oude Testament voorzegt heeft dat Elia voor de Dag des HEREN zal terugkeren. Hierna het relevante Bijbelgedeelte:

    Maleachi 4:1 Want zie, de dag komt, brandend als een oven! Dan zullen alle overmoedigen en allen die goddeloosheid bedrijven, zijn als stoppels, en de dag die komt, zal hen in brand steken – zegt de HERE der heerscharen – welke hun wortel noch tak zal overlaten. 2 Maar voor u, die mijn naam vreest, zal de zon der gerechtigheid opgaan, en er zal genezing zijn onder haar vleugelen; gij zult uitgaan en springen als kalveren uit de stal. 3 Gij zult de goddelozen vertreden, want tot stof zullen zij zijn onder uw voetzolen op de dag die Ik bereiden zal, zegt de HERE der heerscharen. 4 Gedenkt de wet van Mozes, mijn knecht, die Ik hem op Horeb geboden heb voor gans Israël, inzettingen en verordeningen. 5 Zie, Ik zend u de profeet Elia, voordat de grote en geduchte dag des HEREN komt. 6 Hij zal het hart der vaderen terugvoeren tot de kinderen en het hart der kinderen tot hun vaderen, opdat Ik niet kome en het land treffe met de ban. (NBG Vertaling 1951)

    Betreffende de andere niet bij naam genoemde getuige denkt men gewoonlijk aan andere 0ud-Testamentische mogelijke mannelijke kandidaten zoals Mozes en/of Henoch.

    Ik meen dat nochtans een andere piste ook mogelijk is. We moeten bedenken dat alle profetie pas duidelijk is wanneer ze zich vervult. Het is dus uiteindelijk wachten op het optreden van de twee getuigen te Jeruzalem. Ik ben voorzichtig van mening dat het mogelijk is dat zowel een vrouw als een man als ‘twee getuigen’ samen zullen optreden. Beide dan in de geest en de kracht van Elia zoals het ook van Johannes de Doper bij de eerste komst van Christus geschreven staat:

    Lucas 1:17 En hij zal voor zijn aangezicht uitgaan in de geest en de kracht van Elia, om de harten der vaderen te keren tot de kinderen en de ongehoorzamen tot de gezindheid der rechtvaardigen, ten einde voor de Here een weltoegerust volk te bereiden

    En men moet bedenken dat indien de Joden de Heer Jezus Christus bij zijn eerste komst als Messias aanvaard hadden, dat dan Johannes de Doper de profeet Elia geweest zou zijn. Lees het hierna volgende Bijbelgedeelte dienaangaande:

    Matteüs 11:Johannes nu hoorde in de gevangenis de werken van de Christus en liet Hem door zijn discipelen de vraag overbrengen: Zijt Gij het, die komen zou, of hebben wij een ander te verwachten? En Jezus antwoordde en zeide tot hen: Gaat heen en boodschapt Johannes wat gij hoort en ziet: blinden worden ziende en lammen wandelen, melaatsen worden gereinigd en doven horen en doden worden opgewekt en armen ontvangen het evangelie. En zalig is wie aan Mij geen aanstoot neemt. Terwijl dezen heengingen, begon Jezus tot de scharen te zeggen van Johannes: Wat zijt gij in de woestijn gaan aanschouwen? Een riet, door de wind bewogen? Maar wat zijt gij gaan zien? Een mens in weelderige kleding? Zie, die weelderige kleding dragen, zijn aan de hoven der koningen. Maar waarom zijt gij dan gegaan? Om een profeet te zien? Ja, Ik zeg u, zelfs meer dan een profeet. 10 Deze is het, van wie geschreven staat:

    Zie, Ik zend mijn bode voor uw aangezicht uit, die uw weg voor U heen bereiden zal. 11 Voorwaar, Ik zeg u, onder hen, die uit vrouwen geboren zijn, is er niemand opgestaan, groter dan Johannes de Doper, maar de kleinste in het Koninkrijk der hemelen is groter dan hij. 12 Sinds de dagen van Johannes de Doper tot nu toe breekt het Koninkrijk der hemelen zich baan met geweld en geweldenaars grijpen ernaar. 13 Want al de profeten en de wet hebben geprofeteerd tot Johannes toe; 14 en indien gij het wilt aanvaarden: Hij is Elia, die komen zou. 15 Wie oren heeft, die hore! (NBG Vertaling 1951)

     

    En er zijn nog vrouwen in de Bijbel te vinden die profeet waren. Op deze blog schreef ik op 25-02-14 een artikel over de richter Debora die niet alleen Israël voor een periode van veertig jaar gericht heeft maar ook als profeet en generaal in de Bijbel beschreven staat. De perceptie bestaat dat de Bijbel vrouwonvriendelijk zou zijn, wat bij nadere studie toch niet klopt. Het zijn alleen vele religieuze systemen die antivrouw zijn.

     

    Bij een profeet mogen we niet onmiddellijk uitsluitend denken aan het voorspellen van de toekomst. Een profeet (zowel man als vrouw) in de huidige Ekklesia is iemand die voor de vergadering spreekt in de zin van: stichtend, vermanend en bemoedigend (1 Korintiërs 14:3). In de apostolische Ekklesia van de eerste eeuw bestond hier geen onderscheid tussen mannen en vrouwen wat blijkt uit de eerste brief van Paulus aan de Korintiërs. Maar wat bedoelde Paulus dan met 1 Timoteüs 2:11-12? Een Bijbelgedeelte waar Paulus stelt dat een vrouw niet mag onderrichten of gezag over een man zou mogen hebben. Idem dito het Bijbelgedeelte van 1 Korintiërs 14:34-35 waar Paulus stelt dat de vrouw in de Gemeente moet zwijgen. Een Bijbelgedeelte waar het lijkt dat Paulus zichzelf tegenspreekt. De Bijbelvorser Dr. C. I. Scofield heeft het volgende commentaar:

    http://www.biblestudytools.com/commentaries/scofield-reference-notes/1-corinthians/1-corinthians-14.html

    We moeten echter bedenken dat bij de aanvang van de Ekklesia met Pinksteren in anno Domini 30 er nog altijd het aanbod van de HERE God aan Zijn oude verbondsvolk Israël was, om alsnog de Messias aan te nemen. Dit is een draad, een uitnodiging die we in het hele Bijbelboek Handelingen tot en met het laatste hoofdstuk 28 kunnen volgen. Het boek Handelingen eindigt met de Joden in Rome die het evangelie volgens de apostel Paulus definitief afwijzen. Het is vanaf dit tijdstip dat de huidige Ekklesia van start ging met Paulus die zijn brief aan alle op dat moment bestaande gemeentes schreef: bekend onder de Efeze-brief.

     

    De prediking aan de Joden vanaf Pinksteren 30 AD tot Handelingen hoofdstuk 28, in 60 AD, ging gepaard met wonderen en tekenen. Ook tongentaal (vreemde talen en engelentaal) kwam in de vergaderingen toen algemeen voor. Dit laatste gebeurde met heel veel verwarring, wat de reden was dat Paulus in zijn eerste brief aan de Korintiërs instructies geeft hoe het met tongentaal en de vertaling en uitleg ervan, er in de vergaderingen aan toe moest gaan. En ik meen dat het dit aspect van grote verwarring was, wat Paulus bedoelde met het voorschrift tot zwijgen van de vrouw in de vergadering. Dus niet de vrouw als profeet moest zwijgen maar de vrouw als eventuele tolk en uitlegger van vreemde talen.

     

    Het fenomeen van de vreemde talen (zowel van mens als engel) als Goddelijke boodschap naar Israël toe was in het Oude Testament door de profeet Jesaja voorspeld.

    Jesaja 28:11 Voorwaar, door mensen die een onverstaanbare taal spreken, en in een vreemde tongval zal tot dit volk spreken Hij, die tot hen gezegd heeft: 12 Dit is de rust, geeft de vermoeide rust, en dit is de verademing – maar zij wilden niet horen.

    Het is dit Bijbelgedeelte dat Paulus in zijn eerste brief aan de Korintiërs aanhaalt waar hij in het veertiende hoofdstuk het bijzondere van de tongentaal behandelt.

    1 Korintiërs 14:22 Derhalve zijn de tongen een teken niet voor hen, die geloven, maar voor de ongelovigen; de profetie echter is niet voor de ongelovigen, maar voor hen, die geloven.

     

    Deze bijzondere prediking naar Israël toe eindigde in het jaar 60 AD in de periode volgend op Handelingen hoofdstuk 28.

    Het zal na het afsluiten van de huidige Ekklesia zijn dat de draad met het oude Verbondsvolk Israël opnieuw opgenomen wordt. Het laatste Bijbelboek Openbaring van het zogenaamde nieuwe testament, handelt over het herstel van Israël zowel nationaal in het oude land der vaderen, als geestelijk.

     

    Maar zoals eerder geschreven gaat aan het geestelijke herstel een moeilijke periode van misleiding vooraf. Het is de periode van de zeventigste jaarweek van Daniël. Een periode van zeven jaar die gelijk is aan de tijdsperiode in het boek Openbaring van 1260 dagen en 42 maanden. In de eerste periode van 1260 dagen treden er opnieuw twee getuigen van God te Jeruzalem op. Twee getuigen, een man en een vrouw(?), die in de geest en de kracht van Elia tegen de herstelde tempeldienst spreken.

     

    Openbaring 11:1 En mij werd een riet gegeven, een staf gelijk, met de woorden: Sta op en meet de tempel Gods en het altaar en hen, die daarin aanbidden. 2 Maar laat de voorhof, die buiten de tempel is, erbuiten, en meet die niet; want hij is aan de heidenen gegeven; en zij zullen de heilige stad vertreden, tweeënveertig maanden lang.

    3 En Ik zal mijn twee getuigen lastgeven om, met een zak bekleed, te profeteren, twaalfhonderd zestig dagen lang. 4 Dit zijn de twee olijfbomen en de twee kandelaren, die voor het aangezicht van de Here der aarde staan. 5 En indien iemand hun schade wil toebrengen, komt er vuur uit hun mond en het verslindt hun vijanden; en indien iemand hun schade wil toebrengen, moet hij zó de dood vinden. 6 Dezen hebben de macht de hemel te sluiten, zodat er geen regen valt gedurende de dagen van hun profeteren; en zij hebben macht over de wateren, om die in bloed te veranderen en om de aarde te slaan met allerlei plagen, zo dikwijls zij willen. 7 En wanneer zij hun getuigenis zullen voleindigd hebben, zal het beest, dat uit de afgrond opkomt, hun de oorlog aandoen en het zal hen overwinnen en hen doden. 8 En hun lijk (zal liggen) op de straat der grote stad, die geestelijk genaamd wordt Sodom en Egypte, alwaar ook hun Here gekruisigd werd. 9 En uit de volken en stammen en talen en natiën zijn er, die hun lijk zien, drie en een halve dag, en zij laten niet toe, dat hun lijken in een graf worden bijgezet. 10 En zij, die op de aarde wonen, zijn blijde en verheugd over hen en zullen elkander geschenken zenden, omdat deze twee profeten hen, die op de aarde wonen, gepijnigd hadden. 11 En na [die] drie en een halve dag voer een levensgeest uit God in hen, en zij gingen op hun voeten staan en grote vrees viel op (allen), die hen aanschouwden. 12 En zij hoorden een luide stem uit de hemel tot hen zeggen: Klimt hierheen op! En zij klommen naar de hemel op in de wolk, en hun vijanden aanschouwden hen. 13 En te dien ure kwam er een grote aardbeving en een tiende deel der stad stortte in, en zevenduizend personen werden door de aardbeving gedood, en de overigen werden zeer bevreesd en gaven de God des hemels eer. 14 Het tweede wee is voorbijgegaan: zie, het derde wee komt spoedig.

    Gedurende een periode van 1260 dagen, de eerste helft van de eindtijdperiode, treden de twee getuigen in Jeruzalem op. Zij spreken tegen de herstelde offerdienst op het tempelplein te Jeruzalem. In de toekomst zal een replica van de verloren gewaande ark van het verbond ergens gevonden worden en een bron van misleiding worden. Tijdens de eindtijdperiode van zeven jaar zullen alle wereldreligies samen gaan (Openbaring 17). Een grote verzoening op basis van dit Schriftwoord kan verwacht worden tussen Jodendom en Islam en christendom. Op en rond de ark van het verbond zullen opnieuw dierenoffers gebracht worden. Een misleider zal vuur uit de hemel kunnen laten neerkomen op het offer (Openbaring 13:11-13) met als resultaat een wereldwijde religieuze verwondering lees verdwazing. De misleider wordt in het aangehaalde Schriftwoord ‘het beest uit de aarde’ genoemd, een Israëli aldus, een Levi of een Cohen en ijveraar voor het instellen van de nieuwe offerdienst in Jeruzalem na een onderbreking van haast tweeduizend jaar. Hij wordt geholpen door ‘het beest uit de zee’ een man uit de volken, een niet-Jood, en vermoedelijk een Assyriër, een land dat dan in het Midden-Oosten ook hersteld zal zijn. Hij is de eerste ruiter op het witte paard van Openbaring hoofdstuk 6, die overwinnende uittrekt. Een periode van algemene wereldvrede met de zegen van alle verenigde godsdiensten breekt dan aan. De huidige periode van oorlogen en geruchten van oorlogen lijkt dan afgesloten. En tegen deze algemene religieuze vredeseuforie spreken tot afgrijzen van velen, de twee gehate getuigen van God.

     

    Maar het gaat in dit artikel om die mogelijke piste dat de twee getuigen een man én een vrouw zullen zijn. Ik haalde de vrouw Hanna de profeet te Jeruzalem aan in het jaar 5 v. Chr. bij het opdragen van Jezus in de Tempel. Daarna vinden we in de Bijbel dat vrouwen de eerste getuigen waren van de opstanding van de Heer Jezus Christus. Vrouwen waren ook aanwezig bij de kruisiging van Jezus en zijn daar ook gebleven tot aan Zijn sterven (Matteüs 27:55-56 en Johannes 19:25). Van de apostelen wordt alleen de aanwezigheid van Johannes vermeld (Johannes 19:25-27). De andere mannen zijn blijkbaar ondergedoken. De vrouwen waren aanwezig toen Jezus' lichaam van het kruis werd genomen en maakten dat het kapot gefolterde en totaal leeggebloede lichaam van Jezus zo goed mogelijk verzorgd (Lucas 23:55-56) in het graf van Jozef van Arimatea gelegd kon worden. De apostelen zijn op dat moment ook nergens te bespeuren. Alleen Nicodemus en Jozef van Arimatea worden ter plaatse vermeld om de begrafenis te organiseren. (Johannes 19:38-42).

     

    Bij de opstanding uit de dood van Jezus Christus zijn het alleen vrouwen die getuigen zijn. Het is aan de vrouwen dat Jezus’ persoonlijk verschenen is. Wat heel opmerkelijk is wanneer we dit weer in het licht van de Midden-Oosten-cultuur willen zien waar vrouwen als getuigen als niet betrouwbaar gelden.

     

    Mattheüs 28:1 Laat na de sabbat , tegen het aanbreken van de eerste dag der week, ging Maria van Magdala en de andere Maria het graf bezien. 2 En zie, er kwam een grote aardbeving, want een engel des Heren daalde uit de hemel neder en kwam nader, en hij wentelde de steen weg en zette zich daarop. 3 Zijn uiterlijk was als een bliksem en zijn kleding wit als sneeuw. 4 En de bewakers werden door vrees voor hem bevangen en zij werden als doden. 5 Doch de engel antwoordde en zeide tot de vrouwen: Weest gij niet bevreesd; want ik weet, dat gij Jezus zoekt, de gekruisigde. 6 Hij is hier niet, want Hij is opgewekt, gelijk Hij gezegd heeft; komt, ziet de plaats, waar   Hij gelegen heeft. 7 En gaat terstond op weg en zegt zijn discipelen, dat Hij is opgewekt uit de doden. En zie, Hij gaat u voor naar Galilea; daar zult gij Hem zien. Zie, ik heb het u gezegd. 8 En zij gingen terstond weg van het graf, met vrees en grote blijdschap, en liepen haastig voort om het zijn discipelen te berichten. 9 En zie, Jezus  kwam haar tegemoet en zeide: Weest gegroet. Zij naderden Hem en grepen zijn voeten en zij aanbaden Hem. 10 Toen zeide Jezus tot haar: Weest niet bevreesd. Gaat heen en bericht mijn broeders, dat zij naar Galilea gaan, en daar zullen zij Mij zien.

    Het lijkt er op dat de ‘mannelijke’ apostelen sinds de gevangenneming van Jezus gevolgd door zijn kruisiging en sterven in verwarring waren en niet aanspreekbaar, dit terwijl de vrouwen beter bij hun positieven bleven.

     

    Nu ik met dit artikel aandacht wil geven aan de twee getuigen te Jeruzalem tijdens de eerste helft van de eindtijdperiode van zeven jaar met de mogelijkheid dat één van de twee getuigen een vrouw zal zijn, moet ik ook een schijnbaar negatieve verwijzing in het Bijbelboek Openbaring naar de vrouw behandelen. Het Bijbelgedeelte namelijk waar in Openbaring 14:1-5 over de 144.000 verzegelden uit Israël gesproken wordt en deze maagdelijk genoemd worden en die ‘zich niet met vrouwen hebben bevlekt’. Dit laatste wordt door vrouwen van alle tijden bij het (voor)lezen als beledigend (terecht?) ervaren. Onvoorstelbaar ook: maagdelijke mannen die zich niet met vrouwen bevlekt hebben. Dit kan onmogelijk letterlijk bedoelt zijn en is beeldspraak. Dat moet duidelijk zijn. De ‘vrouwen’ waar de 144.000 verzegelde ‘mannen én vrouwen’ uit alle stammen van Israël zich niet mee bevlekt hebben zijn de vrouwen van het beschreven religieuze systeem in hoofdstuk 17 van het boek Openbaring. In dat hoofdstuk kreeg de apostel Johannes ‘de grote hoer’ te zien die ‘op’ het beest zit en ‘de moeder van alle hoeren’ van Babylon en van de gruwelen der aarde genoemd wordt. Dit is overduidelijke beeldspraak. Wanneer we Schrift met Schrift vergelijken vrij van eigenmachtige uitlegging kan dit volgens mij de enige conclusie voor dit Schriftgedeelte zijn.

     

    Heb ik nu de identiteit en/of geslacht van de twee toekomstige getuigen aangetoond? Nee, maar ik herhaal dat profetie pas duidelijk is bij de vervulling ervan. Wel wil ik met dit artikel de aandacht op andere mogelijke piste wijzen.

     

    Met vriendelijke groet,

    Robert De Telder

    15-03-2014 om 00:00 geschreven door Robert De Telder  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    13-03-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Waar lag de stad Avaris?
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Met mijn artikel op deze blog ‘waar lag Telaïm’ van 25-01-2014 had ik al aandacht voor de studie van Velikovsky betreffende de plaatsing van Avaris op de landkaart. Avaris was  een versterkte burcht en hoofdplaats vanwaar uit de Hyksos – dynastieën over Egypte, gedurende vier eeuwen, heersten. Volgens de orthodoxe Egyptologie lag Avaris in het noordoosten van de Nijldelta. De Egyptologen vermoeden dat de stad gelegen was waar nu Tell el Daba ligt, al is de juiste ligging nog steeds onderwerp van discussie.

    In 1049 v. Chr. werd de stad door farao Ahmose, de stichter van de achttiende dynastie, ingenomen en de Hyksos verdreven. Daarna verviel Avaris langzaam tot een ruïne.

    Volgens de Nieuwe Chronologie veroverden de Hyksos Egypte na de Israëlitische Exodus uit Egypte. Flavius Josephus citeert Manetho als het volgt:

    "There was a king of ours whose name was Timaus. Under him it came to pass, I know not how, that God was averse to us, and there came, after a surprising manner, men of ignoble birth out of the eastern parts, and had boldness enough to make an expedition into our country, and with ease subdued it by force, yet without our hazarding a battle with them. So when they had gotten those that governed us under their power, they afterwards burnt down our cities, and demolished the temples of the gods, and used all the inhabitants after a most barbarous manner; nay, some they slew, and led their children and their wives into slavery. At length they made one of themselves king, whose name was Salatis; he also lived at Memphis, and made both the upper and lower regions pay tribute, and left garrisons in places that were the most proper for them. He chiefly aimed to secure the eastern parts, as fore-seeing that the Assyrians, who had then the greatest power, would be desirous of that kingdom, and invade them; and as he found in the Saite Nomos, [Sethroite,] a city very proper for this purpose, and which lay upon the Bubastic channel, but with regard to a certain theologic notion was called Avaris, this he rebuilt, and made very strong by the walls he built about it, and by a most numerous garrison of two hundred and forty thousand armed men whom he put into it to keep it. Thither Salatis came in summer time, partly to gather his corn, and pay his soldiers their wages, and partly to exercise his armed men, and thereby to terrify foreigners.”

     

    Dr. Immanuël Velikovsky maakte zich sterk dat het Avaris van de Hyksos te El Arisj gelegen was, een plaats in het noorden van de Sinaï waar de beek van Egypte, de wadi el Arisj in de Middellandse Zee uitmondt. In zijn bekend werk ‘Eeuwen in Chaos’ wijst hij naar El Arisj waar de archeologen zouden moeten graven, want daar ligt het Avaris van de Hyksos onder het zand begraven.

    Toen hij zijn werk in de jaren vijftig van de vorige eeuw wereldkundig maakte was het enige bewijsmateriaal dat hem op deze denkpiste zette, een schrijn van zwart graniet met hiëroglyfen beschreven, dat in El Arisj tot op de ontdekking, door Arabieren als een drinkbak voor hun vee gebruikt werd. Deze zwarte monoliet werd in 1860 toevallig ontdekt en de tekst in 1890 vertaald en gepubliceerd. Het document verhaalt dezelfde gebeurtenissen van de Exodus maar dan van de zijde der Egyptenaren bekeken. De naam van de farao van de Exodus wordt vermeld: zijnde Thom, en de plagen die aan de Exodus voorafgingen beschreven. Velikovsky zag onmiddellijk het verband van de naam van farao Thom met de naam van de stad die de Israëlieten in slavernij volgens de Bijbel, moesten bouwen: Pi-thom, wat stad van Thom betekende. De Egyptische naam Thom van het schrijn te El Arisj is dan dezelfde naam als de “Timaus” die Manetho via Josephus in de Griekse taal doorgaf. Daarnaast vond Velikovsky in de Bijbel, waar de geschiedenis van Saul ’s strijd tegen Amalek beschreven staat, aanwijzingen dat Avaris buiten de Nijldelta gezocht moest worden, op de grens tussen Egypte en Kanaän, namelijk aan de beek van Egypte te El Arisj.

    Verder werd Velikovsky ’s aandacht getrokken naar het Edict van farao Horemheb. Dit is een document dat in de periode van het tot stand komen van zijn studie, al bekend was. Farao Horemheb was een overgangsfiguur tussen de 18de en de 19de dynastie en van hem is een wettekst bekend waarin als straf voor bepaalde misdadigers het afsnijden van de neus werd voorgeschreven, waarna zij verbannen werden naar Tjaru, een plaats oostelijk van de Nijldelta. De afgesneden neuzenstraf was de reden dat dit verbanningsoord later de naam Rhinocolura kreeg. Een plaatsnaam die door Griekse schrijvers vermeld zou worden. En dit Rhinocolura is zonder twijfel El Arisj. Tot op heden is te El Arisj nog nooit archeologisch onderzoek verricht. Een onderzoek waar Velikovsky naar uitzag, maar niet ingewilligd werd. De gevestigde Egyptologie van een halve eeuw geleden heeft getracht Velikovsky monddood te maken. Dat is echter niet gelukt getuige het internet vandaag. Wanneer men op de Google zoekmachine de naam Immanuël Velikovsky intikt krijgt men meer dan 80.000 verwijzingen naar hem van zowel voor- als tegenstanders.

    Wat het opgraven van Avaris betreft is het wachten op een nieuwe Heinrich Schliemann. Dr. Schliemann was een rijke dilettant die uit puur enthousiasme zijn kapitaal besteedde door als een waar archeoloog te werk te gaan en Troje in 1873 vanonder het zand tevoorschijn te brengen. Door zijn inzet bleef de Ilias van Homeros niet alleen een dichterlijk werk maar werd ook geschiedschrijving.

     

    Hierna het commentaar van Velikovsky betreffende het mogelijk archeologisch opgraven van Avaris:

     

    THE GREATEST FORTRESS OF ANTIQUITY

    With this imposing score of confirmations from the field of archaeology, ever growing since 1952, for my work of reconstruction of ancient history, the question could be asked: which test, besides a complete radiocarbon survey of the New Kingdom in Egypt would I desire and which discovery reflecting on chronological problems would I anticipate in the years to come? Compelling evidence will continue to arrive from almost every excavated place and there will be an ever-growing number of surprises. I shall select here one site of great promise for excavation. the identification of Avaris and el-Arish was offered by me as a crucial test—for my equation of the Hyksos (called Amu by the Egyptians) and the Amalekites, one of the basic contentions of Ages in Chaos:

    “generally, Avaris is looked for in the eastern part of the Delta, from Pelusium to Heliopolis, passing through Tell el Her, el-Qantara, San el-Hagar (Tanis), Tell el-Yahudieh,” wrote P. Montet in Le Drame d’Avaris. The site as identified in Ages in Chaos is quite a distance northeast from the Delta: el-Arish is at the wadi of the same name, known in the Old Testament as Nakhal Mizraim (“Stream of Egypt” ), the historical frontier between Egypt and Palestine.

    Despite many efforts made to have el-Arish surveyed and then also excavated, neither when the site was under the Egyptian authorities nor since it was occupied by the Israelis following the six-day war, has any survey or excavation taken place. In June 1968 John Holbrook jr., architect, backed by a group organized for the purpose of performing tests to determine the validity of my thesis (Foundation for Studies of Modern Science) proceeded to el-Arish in the military occupation zone to gain an impression as to the site of future excavation when, in days to come, such facilities might be extended, or permit granted. Chances are good that at such a time, however close or far, the excavators will lift sand from the greatest fortress of antiquity: before it fell it sheltered a huge garrison of warriors. It is also quite possible that much treasure had been dug into the ground by the besieged before the fortress that dominated the ancient East for several centuries surrendered. The virgin ground of the site never excavated cannot but entice the curiosity of field archaeologists; the prize of discovering Avaris is one of the great rewards that still lie in store for the enterprising.”

     

    62 jaar na het gepubliceerd worden van ‘eeuwen in chaos’ is er wat de identificatie van Avaris met El Arisj betreft, nieuw archeologisch materiaal ter beschikking gekomen. De belangrijkste vondst is een stele met farao Kamose’ relaas over zijn (nijl)veldtocht tegen Avaris. Een offensief dat deze farao in diens derde regeringsjaar volbracht. Vanuit Thebe rukte hij langsheen de Nijl op naar het noorden, naar Avaris. Een offensief dat diende afgebroken te worden aangezien de Hyksos farao Apophis de Kushieten in het zuiden verleidde om Kamose in de rug aan te vallen. Kamose die tot aan de burcht Avaris geraakt was brak daarop de belegering af en wendde de steven terug naar het zuiden, naar Kush.

    De volgende campagne tegen Avaris zou door de opvolger van Kamose, farao Ahmose uitgevoerd worden. Van deze veldtocht is ook nieuw archeologisch materiaal gevonden sinds het verschijnen van ‘eeuwen in chaos’. Het zogenaamde Rhind Mathematische Papyrus heeft op de rugzijde heel summier het militaire verloop van Ahmose’ strijd tegen Avaris vermeld:

    “Regeringsjaar 11, tweede maand van Shomu, Heliopolis ingenomen. Eerste maand van Akhet, dag 23, de zuidelijke prins veroverde Tjaru.”

    Ahmose rukte vanuit Thebe naar het noorden op. Heliopolis of On bereikte hij in juli, en daarop ging het langs een noordoostelijke zijarm van de Nijl richting kust naar Tjaru dat in oktober bereikt werd. Dit Tjaru kan alleen maar Tharu of het latere Rhinocolura – El Arisj zijn. De Egyptologen, na het bestuderen van deze nieuwe vondst, plaatsen dit voor hen onbekende Tjaru in het noordoosten in de buurt van Zile, en geven als commentaar dat door de inname van Tjaru, Ahmose hun Avaris, gelegen te Tell el Daba, wilde afsnijden van Kanaän. Alsof Ahmose zulk een actie niet beschreven zou hebben moest dat zijn intentie geweest zijn! Het is logischer aan te nemen dat Ahmose gewoon uitgevoerd heeft zoals in het papyrus beschreven werd, namelijk met zijn vloot noordwaarts naar Heliopolis, en daarop via het kanaal van het latere Bubastis, richting kust, daarop is hij langs de kust tot El Arisj getrokken.

     

    Wordt vervolgd

     

    Met vriendelijke groet,

    Robert De Telder

    13-03-2014 om 09:13 geschreven door Robert De Telder  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)


    Archief per week
  • 02/11-08/11 2020
  • 22/06-28/06 2020
  • 08/06-14/06 2020
  • 01/06-07/06 2020
  • 18/05-24/05 2020
  • 04/05-10/05 2020
  • 27/04-03/05 2020
  • 13/04-19/04 2020
  • 06/04-12/04 2020
  • 27/01-02/02 2020
  • 20/01-26/01 2020
  • 31/12-06/01 2019
  • 23/12-29/12 2019
  • 16/12-22/12 2019
  • 09/12-15/12 2019
  • 02/12-08/12 2019
  • 25/11-01/12 2019
  • 18/11-24/11 2019
  • 11/11-17/11 2019
  • 04/11-10/11 2019
  • 28/10-03/11 2019
  • 21/10-27/10 2019
  • 14/10-20/10 2019
  • 07/10-13/10 2019
  • 30/09-06/10 2019
  • 23/09-29/09 2019
  • 16/09-22/09 2019
  • 09/09-15/09 2019
  • 02/09-08/09 2019
  • 26/08-01/09 2019
  • 19/08-25/08 2019
  • 12/08-18/08 2019
  • 05/08-11/08 2019
  • 29/07-04/08 2019
  • 22/07-28/07 2019
  • 15/07-21/07 2019
  • 08/07-14/07 2019
  • 01/07-07/07 2019
  • 24/06-30/06 2019
  • 17/06-23/06 2019
  • 10/06-16/06 2019
  • 03/06-09/06 2019
  • 27/05-02/06 2019
  • 20/05-26/05 2019
  • 13/05-19/05 2019
  • 06/05-12/05 2019
  • 29/04-05/05 2019
  • 22/04-28/04 2019
  • 15/04-21/04 2019
  • 08/04-14/04 2019
  • 01/04-07/04 2019
  • 25/03-31/03 2019
  • 18/03-24/03 2019
  • 11/03-17/03 2019
  • 04/03-10/03 2019
  • 25/02-03/03 2019
  • 18/02-24/02 2019
  • 11/02-17/02 2019
  • 04/02-10/02 2019
  • 28/01-03/02 2019
  • 21/01-27/01 2019
  • 14/01-20/01 2019
  • 07/01-13/01 2019
  • 01/01-07/01 2018
  • 24/12-30/12 2018
  • 17/12-23/12 2018
  • 10/12-16/12 2018
  • 03/12-09/12 2018
  • 26/11-02/12 2018
  • 19/11-25/11 2018
  • 12/11-18/11 2018
  • 05/11-11/11 2018
  • 29/10-04/11 2018
  • 22/10-28/10 2018
  • 15/10-21/10 2018
  • 08/10-14/10 2018
  • 01/10-07/10 2018
  • 24/09-30/09 2018
  • 17/09-23/09 2018
  • 10/09-16/09 2018
  • 03/09-09/09 2018
  • 27/08-02/09 2018
  • 20/08-26/08 2018
  • 13/08-19/08 2018
  • 06/08-12/08 2018
  • 30/07-05/08 2018
  • 23/07-29/07 2018
  • 16/07-22/07 2018
  • 09/07-15/07 2018
  • 02/07-08/07 2018
  • 25/06-01/07 2018
  • 11/06-17/06 2018
  • 04/06-10/06 2018
  • 28/05-03/06 2018
  • 21/05-27/05 2018
  • 14/05-20/05 2018
  • 07/05-13/05 2018
  • 30/04-06/05 2018
  • 23/04-29/04 2018
  • 16/04-22/04 2018
  • 09/04-15/04 2018
  • 02/04-08/04 2018
  • 26/03-01/04 2018
  • 19/03-25/03 2018
  • 12/03-18/03 2018
  • 05/03-11/03 2018
  • 26/02-04/03 2018
  • 19/02-25/02 2018
  • 12/02-18/02 2018
  • 05/02-11/02 2018
  • 29/01-04/02 2018
  • 22/01-28/01 2018
  • 15/01-21/01 2018
  • 08/01-14/01 2018
  • 01/01-07/01 2018
  • 25/12-31/12 2017
  • 18/12-24/12 2017
  • 11/12-17/12 2017
  • 04/12-10/12 2017
  • 27/11-03/12 2017
  • 20/11-26/11 2017
  • 13/11-19/11 2017
  • 06/11-12/11 2017
  • 30/10-05/11 2017
  • 23/10-29/10 2017
  • 16/10-22/10 2017
  • 09/10-15/10 2017
  • 02/10-08/10 2017
  • 25/09-01/10 2017
  • 18/09-24/09 2017
  • 11/09-17/09 2017
  • 04/09-10/09 2017
  • 28/08-03/09 2017
  • 21/08-27/08 2017
  • 14/08-20/08 2017
  • 07/08-13/08 2017
  • 31/07-06/08 2017
  • 24/07-30/07 2017
  • 17/07-23/07 2017
  • 10/07-16/07 2017
  • 03/07-09/07 2017
  • 26/06-02/07 2017
  • 19/06-25/06 2017
  • 12/06-18/06 2017
  • 05/06-11/06 2017
  • 29/05-04/06 2017
  • 22/05-28/05 2017
  • 15/05-21/05 2017
  • 08/05-14/05 2017
  • 01/05-07/05 2017
  • 24/04-30/04 2017
  • 17/04-23/04 2017
  • 10/04-16/04 2017
  • 03/04-09/04 2017
  • 27/03-02/04 2017
  • 20/03-26/03 2017
  • 13/03-19/03 2017
  • 06/03-12/03 2017
  • 27/02-05/03 2017
  • 20/02-26/02 2017
  • 13/02-19/02 2017
  • 06/02-12/02 2017
  • 30/01-05/02 2017
  • 23/01-29/01 2017
  • 16/01-22/01 2017
  • 09/01-15/01 2017
  • 02/01-08/01 2017
  • 26/12-01/01 2017
  • 19/12-25/12 2016
  • 12/12-18/12 2016
  • 05/12-11/12 2016
  • 28/11-04/12 2016
  • 21/11-27/11 2016
  • 14/11-20/11 2016
  • 07/11-13/11 2016
  • 31/10-06/11 2016
  • 24/10-30/10 2016
  • 17/10-23/10 2016
  • 10/10-16/10 2016
  • 03/10-09/10 2016
  • 26/09-02/10 2016
  • 19/09-25/09 2016
  • 12/09-18/09 2016
  • 29/08-04/09 2016
  • 22/08-28/08 2016
  • 15/08-21/08 2016
  • 08/08-14/08 2016
  • 01/08-07/08 2016
  • 25/07-31/07 2016
  • 18/07-24/07 2016
  • 11/07-17/07 2016
  • 04/07-10/07 2016
  • 27/06-03/07 2016
  • 20/06-26/06 2016
  • 13/06-19/06 2016
  • 06/06-12/06 2016
  • 30/05-05/06 2016
  • 23/05-29/05 2016
  • 16/05-22/05 2016
  • 09/05-15/05 2016
  • 02/05-08/05 2016
  • 25/04-01/05 2016
  • 18/04-24/04 2016
  • 11/04-17/04 2016
  • 04/04-10/04 2016
  • 28/03-03/04 2016
  • 21/03-27/03 2016
  • 14/03-20/03 2016
  • 07/03-13/03 2016
  • 29/02-06/03 2016
  • 22/02-28/02 2016
  • 15/02-21/02 2016
  • 08/02-14/02 2016
  • 01/02-07/02 2016
  • 25/01-31/01 2016
  • 18/01-24/01 2016
  • 11/01-17/01 2016
  • 04/01-10/01 2016
  • 28/12-03/01 2016
  • 21/12-27/12 2015
  • 14/12-20/12 2015
  • 07/12-13/12 2015
  • 30/11-06/12 2015
  • 23/11-29/11 2015
  • 16/11-22/11 2015
  • 09/11-15/11 2015
  • 02/11-08/11 2015
  • 26/10-01/11 2015
  • 19/10-25/10 2015
  • 12/10-18/10 2015
  • 05/10-11/10 2015
  • 28/09-04/10 2015
  • 21/09-27/09 2015
  • 14/09-20/09 2015
  • 07/09-13/09 2015
  • 31/08-06/09 2015
  • 24/08-30/08 2015
  • 17/08-23/08 2015
  • 10/08-16/08 2015
  • 03/08-09/08 2015
  • 27/07-02/08 2015
  • 20/07-26/07 2015
  • 13/07-19/07 2015
  • 06/07-12/07 2015
  • 29/06-05/07 2015
  • 22/06-28/06 2015
  • 15/06-21/06 2015
  • 08/06-14/06 2015
  • 01/06-07/06 2015
  • 25/05-31/05 2015
  • 18/05-24/05 2015
  • 11/05-17/05 2015
  • 04/05-10/05 2015
  • 27/04-03/05 2015
  • 20/04-26/04 2015
  • 13/04-19/04 2015
  • 06/04-12/04 2015
  • 30/03-05/04 2015
  • 23/03-29/03 2015
  • 09/03-15/03 2015
  • 02/03-08/03 2015
  • 23/02-01/03 2015
  • 16/02-22/02 2015
  • 02/02-08/02 2015
  • 26/01-01/02 2015
  • 12/01-18/01 2015
  • 05/01-11/01 2015
  • 30/12-05/01 2014
  • 22/12-28/12 2014
  • 15/12-21/12 2014
  • 01/12-07/12 2014
  • 24/11-30/11 2014
  • 17/11-23/11 2014
  • 10/11-16/11 2014
  • 03/11-09/11 2014
  • 27/10-02/11 2014
  • 20/10-26/10 2014
  • 06/10-12/10 2014
  • 29/09-05/10 2014
  • 22/09-28/09 2014
  • 28/07-03/08 2014
  • 14/07-20/07 2014
  • 30/06-06/07 2014
  • 23/06-29/06 2014
  • 16/06-22/06 2014
  • 09/06-15/06 2014
  • 02/06-08/06 2014
  • 19/05-25/05 2014
  • 05/05-11/05 2014
  • 21/04-27/04 2014
  • 14/04-20/04 2014
  • 07/04-13/04 2014
  • 24/03-30/03 2014
  • 10/03-16/03 2014
  • 03/03-09/03 2014
  • 24/02-02/03 2014
  • 17/02-23/02 2014
  • 10/02-16/02 2014
  • 03/02-09/02 2014
  • 27/01-02/02 2014
  • 20/01-26/01 2014
  • 06/01-12/01 2014

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !

    Blog als favoriet !


    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!