Rustig genieten van gedichten, liedjesteksten, muziek, vertellingen, prenten en foto's.
Welkom in mijn thuishaven. Zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens.
27-03-2013
Koorts. Annie Salomons
Mijn lief, waarom heb je zo met me gespeeld, kon je dan niet zien in mijn ogen, dat mijn ziel er in beefde, dat enkel ik leefde, van jouw blikken, die logen, logen?
Ben je dan vals, wat wilde je dan, toen je dwingend me ving in je toverban?
Wou je me breken, of wist je het niet, hoe me zou knagen, alle nachten en alle dagen, verdriet, het verdriet.
Ik lag met wijdopen ogen, en woelde onrustig, als het kindje klein, dat in de nacht niet kan slapen om het angstig zijn, in het donker.
En over me hing gebogen, jouw winnende, willende sfinxenblik, geflonker, dat ik niet kon ontkomen, noch laten.
O jij bent slecht, jij bent vals, weg je arm van mijn hals, je vleiende stem, je ogen, je mond, weg, haten zal ik je, haten.
27-03-2013, 07:07
Geschreven door André
26-03-2013
Arm. Annie Salomons
Wij, die elkaar in dromen minden, buiten de dwang van ruimte en tijd, hoe zullen wij bevrediging vinden, in deze arme werkelijkheid?
Uw hoofd, in mijn arm gedoken, lijkt als een vrucht zo broos en klein, gij houdt uw ogen vroom geloken, kan daar mijn hele wereld zijn?
Er ligt een troost van rustig weten, in uw handen een vaste druk, maanden van hunkering, fel verbeten, heeft rusteloos mij de drang bezeten, naar dit onmogelijke geluk.
Maar, bang en blij tot u gekomen, zoals een kind naar het eerste feest, lijkt liefde's liefste mij ontnomen, gij maakt een einde aan al mijn dromen, ik ben nog nooit zo arm geweest.
26-03-2013, 09:54
Geschreven door André
Aan een vriend 5. Annie Salomons
Wat moet ik doen, om toch je hart te neigen tot mij, die het mijne al geheven houd?
Moet ik mij versieren met veel bloemen, goud en sieraden, of moet ik wachtend zwijgen? En, wijl jij argeloos mij als een kind vertrouwt, tere gedachten tot guirlandes rijgen, tot ik je daarin als gevangen houd?
Moet ik loklachend schijnen doen mijn jeugd, in je moede ogen, die om blijheid vragen, en zo jouw smart verminderen door mijn vreugd?
Of moet mijn blik in jouw blik wederklagen, dat lijden tussen ons zingt als een zachte stem, met tederdroeve klankenrijen en, zo leed lief wordt omdat wij het samen dragen?
Het is immers beide waar, leven is mooi, voor wie jong is en sterk, en toch zo lang en leeg kan het schijnen, niets dan ijdele toon, dat ik heel innig naar God verlang.
En ik kan alles tarten, overstout, en dan weer neerslaan in een treurend zwijgen, als ik maar wist hoe ik je hart kan neigen, tot mij, die het mijne al geheven houd.
26-03-2013, 07:44
Geschreven door André
Aan een vriend 4. Annie Salomons
O, was verlangen maar een felle pijn, die scherp en martelend door mijn leden drong, die al mijn spieren spande en mijn hoofd volstuwde, met heet samendringend bloed.
Die mij deed gillen, dat de stilte brak in honderd splinters, door zo een wild geluid, die mij deed kruipen langs de grond en slaan, mijn handen woest voor mijn eigen kop.
Een pijn zo heftig, dat mijn lijf niets was, dan één plek van knaging, wonde en smart.
Het is niets, verlangen is niets, het doet geen pijn, Het is niets dan leegte.
26-03-2013, 07:42
Geschreven door André
25-03-2013
Aan een vriend 3. Annie Salomons
En elke dag leven wij zo maar voort, wij beiden eenzaam en in droefenis, elke wetend in de ander een arm gemis, aan één die troost, die ons begrijpend hoort.
En elke dag wenen uw ogen zacht, hun weemoed over mijn ogen uit, weemoed vaag schijnend, door de ruwe ruit van scherts, die voelen te verbergen tracht.
Maar 's nachts als alles eerlijk is en stil, dan breekt in snikken mijn schijnkalme wil, dan ween ik woest om het droevig wit gezicht.
Dat ver en eenzaam op het kussen ligt, om het blauwe ogenpaar, dat schreit, diep in de nacht, in barre eenzaamheid.
25-03-2013, 08:52
Geschreven door André
24-03-2013
Aan een vriend 2. Annie Salomons
Hoe zal ik komen langs de verre wegen, tot waar ge woont in teruggetrokkenheid? Geen vriendelijke gedachte zondt gij tegen, die veilig mij door het onbekende leid.
Als hoge wallen om een slot gelegen, omgeven u, uw trots en schuchterheid, met harde monden, die al jaren zwegen, dwingen ze terug, die huiverend naderglijdt.
Maar ik weet de droeve schoonheid van uw woning, waar eenzaam treurend gij uittelt uur na uur, als een onttroonde langvergeten koning.
En ik ga als smekeling rond de hoge muur, steeds zinnend op het mooie wonderwoord, dat zal doen springen de gesloten poorten.
24-03-2013, 09:17
Geschreven door André
Aan een vriend 1. Annie Salomons
Hij is een stil man in het drukke leven, een goed man, ondanks aller zonden loon, om tere zachtheid, voorwerp van veel hoon, hij hij, tot hoger loon, allen vergeven.
Toen liefde binnentrad zijn stille woon, heeft blijverwonderd hij het hoofd geheven, en na het verbleken van een zo korte droom, is hij toch dankbaar weer alleen gebleven.
Nu leeft hij mee met de alledaagse mensen, hij zelf onwerkelijk als een ver visioen, weemoedberusting in zijn stille ogen.
En wijl de sterken zwoegen, hopen, doen, staat hij alleen, schijnzwak, onbewogen, hij de enige overwinnaar van zijn wensen.
24-03-2013, 07:06
Geschreven door André
23-03-2013
Lente emoties 2. Annie Salomons
Laten we lachen nu in het licht, mijn lief, dat ligt om ons beider gezicht, om de lichte, de nieuwe, de blijgouden schijn, waar al werelddingen omhuld nu van zijn.
Dat was er niet, lief, zoveel maanden lang, nu is het weer, o ik ben blij en bang, en ik durf niet te denken, aan wat zal komen, als uitslaan hun vingers, de takken van de bomen.
En de vogels ontwaken uit een lange droom, en ik denk maar alleen aan wat is geleden, aan verleden jaar en nog langer terug, het geluk slaat zo heftig over mijn rug.
Dat ik ril, of is het weemoed eerder, of smart, O de lente doet zwellen, doet barsten mij hart, lief, lief, neem mijn handen in jouw handen, en voel hoe mijn bloed door mijn lijf staat te branden.
23-03-2013, 09:58
Geschreven door André
Lente emoties 1. Annie Salomons
Dit zijn de lome lentedagen, die zwaar op alle leden drukken, de lucht is wolkig, wind met nukken, doet slierebomen buigend klagen.
Dit zijn de lome lentedagen, die kil en zoel ons vreemd bewegen, al is herinnering, mooie, vage, ons hart is overvol en lege.
Toch lege breiden wij de armen, en zoeken lome lentedagen, zo droeve, blije, kille, warme, zij brengen weemoed niet te dragen.
23-03-2013, 07:10
Geschreven door André
22-03-2013
Van lang geleden liefde 2. Annie Salomons
Een koude vriesdag, weet je het nog? Het park van sneeuw was glinsterend blank, speelden wij glijbaantje op een plas, dicht bij onze eigen vijverbank.
Ik viel, zeg, weet je het nog lief, hoe je toen schrikte, en greep me snel, en het af wou zoenen, het deed geen pijn, en vallen leek toen het leukste van het spel?
Zeg, weet je het nog, het was eigenlijk niets, niets van belang, wij waren klein, wij speelden zoals kinderen zijn?
Het was koud, wij waren fris en jong, en liepen samen in de zon, ik viel, en bang jij mij ophief, toch is geen herinnering mij zo lief.
22-03-2013, 07:00
Geschreven door André
Van lang geleden liefde 1. Annie Salomons
Laat mij nog eens het kleine meisje zijn, dat jou in kinderdromen innig liefde, laat mij mijn hoofd, van passie moe en pijn, leggen op jouw schoot, als toen nog niets mij griefde.
Kus nog eens zacht voorzichtig, mij op mijn wang, waar brandendhete zoenen sinds op brandden, en kijk mij in de ogen, diep en lang, en neem mijn handen vast in jouw handen.
Wij waren kinderen, mijn lief, het is lang geleden, en lang is weggevallen de smart om het scheiden, maar wat eens bracht onze zielen zo bijeen, zal leven tot een eeuwig groot verblijden.
22-03-2013, 00:00
Geschreven door André
21-03-2013
Afstand. Annie Salomons
Wij mogen nu houden, mijn lief, van elkaar, alleen met woorden, met woorden, die dansen van jou naar mij, en terug weer als kinderen in een lange rij, die strelen als zoelige wind in de mei, die juichen als vogels hoogopzingend blij, alleen maar woorden.
Wij mogen nu houden, mijn lief, van elkaar, alleen door ogen, en in elkaar weg, zullen zij branden, en tussen hen weven gouden banden, als vroeger bij kussen fel, bloosden onze wangen, heel het zijn in ogengetover gevangen.
Wij mogen nu houden, mijn lief, van elkaar, slechts in gedachten, er mag nu niets anders meer tussen ons zijn, dan weefsel van denken, als vogeltjes fijn, die klagen van liefde, die klagen van pijn, in donkere nachten, die klagen, omdat dit nooit werkelijk mag zijn, niets dan gedachten.
21-03-2013, 10:23
Geschreven door André
Kinderspel. Annie Salomons
Nu weet ik het allemaal, allemaal weer, hoe het was, zoveel jaren geleden, hoogwit was de gang in het schitterend licht, en een loper ving de klank van onze schreden.
Stil waren we samen de zaal uitgevlucht, jij, miniatuur cavaliertje, en ik, een klein meisje met loshangend haar, en we flirtten op een kindermaniertje.
Jij keek naar de zolder, ik keek naar omlaag, toen heb je mijn waaier genomen, geschuifel van voeten, muziek kwam heel vaag, en wekte veel wondere dromen.
Je waaide dat het dons van mijn jurk, trillend sloeg op mijn hals, en we durften niet praten, mijn hart klopte snel, en mijn bloed bonzend joeg, de gang was zo vreemd, zo verlaten.
Toen keek je me aan, en ik werd helemaal rood, je nam zacht mijn hand in de jouwe, en je zei dat ik mooi was, en lief en al groot, en je vroeg, of ik met je wou trouwen.
In de gang en daarna bij muziek en bij dans, onder het zwieren al woester, al heter, beschikten wij voor het verdere leven het al.
Twee piepjonge kinderen verliefd op een bal, slechts dronken van jeugd, in muziek en van glans, maar lief, weten wij het nu eigenlijk wel beter?
21-03-2013, 08:49
Geschreven door André
20-03-2013
Mijn verzen. Annie Salomons
Zoals de volken in de oude tijden, om hecht te maken bouw van kerk of steen, zijn medemens een droeve dood bereidden, door levend, het graf te metselen om hem heen.
Dat steeds zijn geest die plaatsen zou behoeden, tegen geweld van mensen en van goden.
Zo gaat uw levend leven traag verbloeden, in deze verzen, mijn lief, daarom schoon, zo zal uw geest hen lang nog voort doen leven, als een grafteken tot uw eer verheven.
20-03-2013, 09:51
Geschreven door André
Liefdeliederen 5. Annie Salomons
Als ik zing om de zon, als ik zucht om verdriet, Als ik juichend om het leven, de armen spreid, Als ik spreek, schrijf of wandelend van de stilte geniet, dan zeg, zucht en zing ik, om de liefste tijd.
Als me kleuren betoveren, als ik zwelg in muziek, die zwaarzoet van geur, mij ovestelpt met zijn schoon, als ik mijn woorden laat donderen over hoofden van schrik, of als ik stil neerlig te slapen, en ik droom.
Dan is al mijn denken, of ik lijd of geniet, al mijn willen en werken en dromen bij nacht, eigenlijk alles hetzelfde, één langinnig lied, van liefde, aan de liefste, die verweg me wacht.
20-03-2013, 08:40
Geschreven door André
19-03-2013
Liefdeliederen 4. Annie Salomons
Verlangen heeft doordrongen heel mijn leven, en ik weet niets, dat niet verlangen is, want al wat vroeger vreugde of smart kon geven, in mijn verlangen nu verdwenen is.
Ik zie verlangen en ik hoor verlangen, ik adem het, ik slaap het, het loopt met mij mee, zoals een vrouw, die heeft een kind ontvangen, zo onafscheidbaar samen zijn wij twee.
En zoals het kind die vrouw kwelt en pijnigt, en zij toch zoet droomt, de armen op haar schoot, en om het mooie wonder van haar liefde, zelfs weeldelachen kan in barensnood.
Zo zucht ik zalig, om het pijnlijk zwellen van mijn jong hart, en lief verlangenskwellen.
19-03-2013, 08:17
Geschreven door André
Liefdeliederen 3. Annie Salomons
Als je komt, mijn lief, zal je de kamer niet vreemd zijn, en de muren zullen niet van je schrikken, en als je mij in je armen neemt, zal de spiegel niet kijken met boze blikken.
Als je komt, mijn lief, als je komt in de nacht, zal de deur niet opgillend je komst verraden, als je hees bent van passie, en pijn doet van kracht, dan zullen mijn blanke madonna's niet smaden.
Maar om ons zullen zij zegenend hun liefde verbreiden, om jou te beschermen, als weloude vriend.
Want ze kennen je naam en je liefde en ons lijden, zij hoorden hoe vaak mijn verlangen om je schreide, en ze weten, hoe lang ik je al heb bemind.
19-03-2013, 07:46
Geschreven door André
18-03-2013
Liefdeliederen 2. Annie Salomons
Alle dingen in de kamer, staan rond mij te verlangen, de bleke najaarslucht, is op de spiegel uitgehangen.
De vazen tasten in het rond, met hun zoekarmen lange, de klok schort met schrille klank, of hij voortjaagt in angstig bangen.
En mijn ogen, mijn mond, droog van dorst, zijn gans in de kamer gevangen, zwaar drukt op mijn hijgende borst, verlangen, verlangen, verlangen.
18-03-2013, 09:51
Geschreven door André
Liefdeliederen 1. Annie Salomons
Nu vallen de bladeren wel overal, maar ik wil niet wenen, mijn lief, om de wenende bladerval.
En als kaal staan de bomen in de nacht, wanhopig de armen, ten hemel strekkend, als een zwijgende klacht, zucht dan niet, mijn lief, dat jouw wintertijd, jij zult zijn alleen, als de bomen in barre verlatenheid.
Zie, mijn lief, in mijn schoot, bloeien de bloemen rood, in mijn haar, om mijn hals, aan mijn armen bloot, heel mijn lijf is versierd met een vlammend rood.
En die bloemen, mijn lief, zullen niet vergaan, en dat rood zal je ogen nooit droef doen staan, dat zal voor jou lichten en laaien en branden, als een storm van vuur over heidelanden.
Laat de vlammen over ons heenslaan, in brand van rood, mijn lief, zal ons leven vergaan.
1904
Anna Maria Francisca Salomons. Rotterdam 1885- Den Haag 1980. Na het behalen van het H.B.S. diploma (middelbaar onderwijs) studeert zij Nederlandse letteren aan de universiteiten van Leiden en van Utrecht. In 1924 huwt zij met de jurist Henri Van Wageningen. Voor het huwelijk bekeert Henri Van Wageningen zich uit overtuiging tot het katholieke geloof. Hun huwelijk is zeer gelukkig. Na een verblijf van 3 jaar in Nederlands Indië (Het huis in de hitte), keren zij terug naar Nederland. Van Wageningen wordt rechter in Den Haag. Annie Saloms is en dichteres en romanschrijfster. Zij is lid van de Vereniging Van Letterkundigen en schrijft over de bewustwording van de vrouw. Zij heeft 2 boeken geschreven over de dichters en schrijvers die zij gekend heeft. En zij schreef ook onder de naam Ada Gerlo.