Onze koning heeft in zijn nieuwjaarstoespraak voor "de gestelde lichamen" (wie of wat dat ook mogen
zijn) zijn bezorgdheid uitgesproken over het onvermogen van de politici om met
elkaar samen te werken, nu we méér dan 8 maanden na de verkiezingen nog altijd
zonder regering zitten. (Niet dat we enig verschil merken met de periode dat er
wél een "volwaardige" regering was.)
Tussen de lijntjes door kon je horen dat hij dat egocentrisme en eigenbelang
van onze politici stilaan grondig beu is. Net zoals de meesten van ons.
Maar onze koning toonde zich tegelijk ook heel optimistisch: hij is al
aan het dromen van het 200-jarig bestaan van België, in 2030.
Ik ben minder optimistisch over die aanstaande verjaardag: België
zoals we het nu kennen, zal vermoedelijk in 2030 niet meer bestaan.
Maar ik deel wél het optimisme van onze eigen wetenschappers in de
vooruitblik naar 2030.
Zo is er in het Centrum voor
Moleculaire Neurologie, verbonden aan de Universiteit Antwerpen, intensief
onderzoek bezig naar de genen die eventueel verantwoordelijk zouden zijn voor
het al dan niet krijgen van dementie.
De farma-industrie heeft de investeringen in dat soort onderzoeken zo goed als
stilgelegd, wegens te duur en te weinig vooruitgang; lees: te weinig kans op snelle winsten. Maar daar in Antwerpen zoeken ze
koppig en gestaag verder. En zie: ze maken vorderingen. In elk geval toch voor
één bepaald type van de vele mogelijke erfelijke vormen: de frontotemporale
dementie. Dat is na Alzheimer de
meest voorkomende vorm van jong-dementie. Ze hebben in dat lab ondertussen de
boosdoeners kunnen identificeren, en ze zijn bezig aan de ontwikkeling van een
medicijn dat binnen dit en 10 jaar hopelijk zal toelaten om de ziekte in elk
geval tot staan te brengen.
Als ze daarin slagen, dan is
er in 2030 inderdaad een reden om te vieren. Ook al zou België niet meer
bestaan. Want dementie is een vreselijke ziekte, voor de patiënt én voor
zijn/haar naasten.
En aan de Vrije Universiteit Brussel, samen met het Vlaams Instituut voor Biotechnologie, is
intensief en baanbrekend onderzoek bezig naar de onderliggende oorzaken van het
ontstaan van kanker. Veel kankers kunnen nu al behandeld worden, zij het
dikwijls met ernstige en zware nevenwerkingen. Maar in veel gevallen hebben de
patiënten te maken met een terugval nadien. Dikwijls ook zijn er kleine
uitzaaiingen die niet opgemerkt worden of blijven woekeren. Het onderzoek aan
de VUB concentreert zich nu vooral op de problematiek van herval: ze isoleren
de afweercellen die de patiënt opgebouwd heeft en spuiten die nadien terug in
met als "opdracht" om aan de gezonde
cellen instructies te geven over hoe ze op een kanker-aanval moeten reageren.
De kans op een terugval zou op die manier spectaculair moeten verminderen. De
techniek werkt al op proefdieren, en zou binnenkort op mensen kunnen uitgetest
worden. Het probleem is alléén dat er te weinig fondsen beschikbaar zijn om de
methode op grote schaal beschikbaar te kunnen maken. Hopelijk komt dat geld er
binnenkort wel, onder andere met de steun van "Kom op tegen Kanker". En dan kunnen we ervan uit gaan dat binnen
dit en 10 jaar een echt vaccin zou kunnen beschikbaar zijn tegen kanker. Ook
voor die types die nu nog niet kunnen behandeld worden.
Als ze daarin slagen, dan is
er in 2030 inderdaad een reden om te vieren. Ook al zou België niet meer
bestaan. Want kanker is een ziekte, die niet alleen veel fysiek lijden
veroorzaakt, maar die meestal ook zorgt voor een mentale kater. En, helaas,
dikwijls ook een financiële opdoffer.
En een ander nijpend en
schrijnend probleem is de toenemende "onvruchtbaarheid" bij de jonge
mensen dezer tijden. Doordat vrouwen alsmaar later aan kinderen beginnen, én
doordat de zaadkwaliteit bij de mannen alarmerend achteruit boert, zijn er meer
en meer koppels die hun kinderwens tot hun groot verdriet moeten opbergen. Eén
oplossing zou kunnen zijn om naar de goede fee te stappen waar ik het in een
eerder stukje al eens over gehad heb (en die voor mijn kleindochter gezorgd
heeft), maar dat is niet voor iedereen weggelegd. Een meer realistische piste
wordt nu onderzocht in de afdeling "Reproductieve Geneeskunde" van de
Universiteit Gent. Al klink het verhaal al even onvoorstelbaar als het verhaal
van de "machtige fee". Het gaat over het creëren van gezonde zaad- of
eicellen uit onze eigen huid. Of het corrigeren van genetische fouten die
onvruchtbaarheid veroorzaken in het DNA van embryo's. Of het combineren van de
gezonde delen van eicellen van twee vrouwen. Ik weet niet wat u daarover denkt,
maar voor mij klinkt dit een beetje als science-fiction. Maar dat soort
futuristische technieken zou binnen dit en 10 jaar wél een oplossing kunnen bieden
voor de onvruchtbaarheidsproblemen waar nu nog géén hoop voor bestaat.
Als ze daarin slagen, dan is
er in 2030 inderdaad een reden om te vieren. Ook al zou België niet meer
bestaan. Want ook onvruchtbaarheid is een ziekte, die voor veel jonge mensen
een zware mentale klap en ontgoocheling meebrengt. En waarbij, helaas, de
poging tot vervulling van de kinderwens dikwijls ook een enorme financiële
inspanning vergt.
Ben ik optimistisch over het 200-jarig
bestaan van België in 2030?
Niet echt. Maar ik ben wél
optimistisch over de vorderingen die de wetenschap binnen 10 jaar zal gemaakt
hebben op het gebied van gezondheid en het bestrijden van ziektes en van fysiek en
mentaal lijden.
Vandaag vieren we Valentijn.
Daar hoort een gepaste blog-bijdrage bij.
Ik ben duidelijk véél te vroeg geboren. In de vorige eeuw zelfs. Stel
je voor!
Ik ben dan ook opgegroeid in de tijd dat wij als jongeren niets
wisten: niets over seks of over hoe je met "het
andere geslacht" moest omgaan. Het was de tijd dat jongens en meisjes uit
elkaars buurt bleven: gescheiden scholen, gescheiden zitplaatsen in de kerk,
aparte jeugdbewegingen. Dat ik op de hoogte was van het bestaan van "meisjes" kwam alléén door het gelukkig
(?) toeval dat ik zussen had.
Er was ook niemand die het aandurfde om ons er iets over te leren. Wie
zou het trouwens gekund hebben? Diegenen die ons moesten opvoeden waren nog
véél vroeger geboren dan wij, en ze wisten zélf nóg minder.
De tijden zijn veranderd.
Jongens en meisjes gaan vandaag zonder stress en zonder complexen met
elkaar om. Ze zitten samen in de klas, ze zitten samen in de sportclub, ze
zitten samen in de jeugdbeweging. Jongens en meisjes zijn geen "vreemden" meer voor elkaar.
En ze weten nu ook "alles".
Tegen het moment dat hun puberteit zich begint te roeren hebben ze al alles
geleerd of ontdekt wat er te leren of te ontdekken valt: over seks, over de
biologie van de man en de vrouw. De "Kama
Sutra" heeft voor de gemiddelde tiener géén geheimen meer.
De vraag is wél of onze jongeren door die kennis en uitgebreide
ervaring beter en meer respectvol met elkaar zouden kunnen om gaan?
Het lijkt van niet: blijkbaar kunnen ze toch nog iets leren.
Vandaar dat de Gentse Universiteit dit academiejaar een cursus "Legaal Flirten" aanbiedt, want daar is
duidelijk nood aan.
Die cursus zou onze jongeren moeten leren "Nee" zeggen en, misschien nog meer, "Nee" accepteren. De cursus zou de jongeren moeten leren waar de
grenzen liggen en die grenzen duidelijk leren maken. En, misschien nog meer, leren
respecteren. De cursus zou de jongeren de nuanceverschillen moeten duidelijk
maken tussen ondeugend grappig zijn
en grof-beledigend. De cursus zou de
jongeren het verschil moeten uitleggen tussen complimentjes en ongewenste
toespelingen. De cursus zou de jongeren moeten leren op welk moment "aandacht" voor iemand dreigt om te slaan
in "stalking".
Ik heb nooit leren flirten.
Ik ben in mijn jonge jaren dan ook altijd een kluns geweest in het benaderen
van een meisje. Voor mij, en ook voor mijn mannelijke leeftijdsgenoten in de
lagere en secundaire school, waren "meisjes"
iets "onbekend", mysterieus, niet van deze wereld. En daarom hadden
contacten met een meisje altijd iets van "eerbiedigheid"
in zich. Misschien is dat wel één van de redenen waarom die cursus nodig is:
omdat meisjes die "mysterieuze" glans
kwijt zijn geraakt in deze moderne tijden, minder "onbereikbaar" geworden zijn. Het natuurlijke en vanzelfsprekende "respect" dat wij voelden voor die
vreemde wezens, is bij de jongens van nu compleet verdwenen.
Ik ben ook opgevoed in een sfeer waarbij zowat alles "taboe" was of "verderfelijk", en waarin men zich over alles moest schamen. Maar ik
heb wél altijd geleerd om respect te hebben voor een ander, man of vrouw. En
misschien is dat bij de hedendaagse jongeren een beetje verloren gegaan in de
stortvloed van dingen die ze wél kennen en leren.
En daarom is die cursus wellicht niet eens een overbodige luxe.
Het probleem met dit soort goedbedoelde cursussen is helaas dat
diegenen die de cursus het meest nodig zouden hebben, net diegenen zijn die er niet naartoe zullen komen.
Maar goed. Ik hoop toch dat het een succes wordt!
Dus: op 20 februari allen naar de Blandijnberg in Gent.
Er is geen twijfel mogelijk: als we onze wereld van de ondergang
willen redden, dan moeten we allemaal overschakelen op een dieet van insecten!
De kweek van insecten kost véél minder aan grondstoffen dan de kweek
van koeien of varkens, en insecten produceren ook véél minder mest en
broeikasgassen dan bij voorbeeld koeien. Bovendien zijn insecten erg eiwitrijk
en dus veel voedzamer dan vlees.
Het probleem is: ik ben niet echt enthousiast om in een pot meelwormen
te tasten, en al helemaal niet om een sprinkhanenpoot van tussen mijn tanden te
koteren. En ik ben duidelijk niet de enige in Europa die wat reserves heeft. Terwijl
in de rest van de wereld het eten van insecten, of met een geleerd woord: "Entomofagie", de gewoonste zaak van de
wereld is: 84% van de wereldbevolking eet af en toe een portie insecten. (En
dan heb ik het niet over de halve kilo vliegjes die we allemaal jaarlijks
onbewust verorberen in onze slaap.)
Nochtans zegt mijn gezond
verstand mij dat dit echt wel dé voedselbron van de toekomst is: vroeg of laat
zullen we allemaal insecteneters moeten worden.
Maar er is goed nieuws voor mensen zoals ik, die nogal huiverig staan
tegenover het inslikken van krieuwelende pootjes of krakende vleugels of
slijmerige wormen: aan de Gentse Universiteit zijn ze erin geslaagd een
vervangproduct voor boter te produceren, gemaakt uit insectenvet.
Als ik de vliegen en muggen rond mijn oren zie zoeven, of de mieren
zie rondspurten op mijn oprit, dan kan ik me eigenlijk niet voorstellen dat er
ook maar een greintje vet te vinden is bij een insect. (Misschien gaat het om dikke
bromvliegen of zo?)
Maar goed: insectenvet, dus. Te gebruiken om te braden en te bakken.
Je ziet geen enkel verschil met échte boter of bakmargarine, en je smaakt,
volgens de testpersonen, ook geen verschil. En bovendien is het véél gezonder
dan boter. Niet alléén is het gunstig voor de cholesterol en voor ons BMI, maar
bovendien zou insectenvet ook lichter verteerbaar zijn, én kan het virussen en
bacteriën in ons lichaam onschadelijk maken. Langer en gezonder leven door
insecten te eten; wie had dat gedacht?
Daarenboven hebben we hier in Europa en in ons eigen land genoeg
insecten, of we kunnen ze gemakkelijk hier kweken, zodat we door over te
schakelen op insecten ook bijdragen aan de mobiliteitsproblemen én aan een
beter klimaat, want al dat verre transport van exotisch voedsel is niet meer
van doen.
In de Thomas Moore Hogeschool in Geel zouden ze al willen
experimenteren met het kweken van meelwormen op het restafval van witloof.
Misschien is er wel een nieuwe Belgische delicatesse in de maak: witloof op een bedje van meelwormen?
Maar ook sprinkhanen en krekels zouden gemakkelijk te kweken zijn, op restafval
van de landbouw. Binnenkort krijgen we dus een heel nieuwe generatie
landbouwers. In plaats van 's morgens de koeien te gaan melken, zouden die dan
elke dag hun insectenvoorraad moeten oogsten.
In Somalië en Kenia hebben ze een gigantische sprinkhanenplaag te
verduren, waarbij hun totale (schamele) oogst wordt opgevreten. Ik begrijp niet
goed waarom ze zo wanhopig proberen die sprinkhanen weg te jagen of de plaag met
vergif te bestrijden. Zouden ze niet beter de beestjes verzamelen en vermalen
om er boter van te maken, of er voedzame koekjes van te bakken? Het gaat over
honderden miljoenen sprinkhanen; daar kan je véél mensen mee voeden, toch?
En nu we bij ons zo goed als géén winter gehad hebben, mogen we ons
ook hier in de zomer aan een ware insectenplaag verwachten. En dat is dus goed
nieuws: insectenvet en andere lekkernijen in overvloed.
Voor de liefhebbers heb ik alvast enkele suggesties: gefrituurde sprinkhanen in knoflookboter,
of risotto meelwormballetjes in filodeeg,
of ook nog: insecten sushi, of
misschien tagliatelle met krekelpesto.
Ik kan alvast "Het Insectenkookboek"
aanraden, verkrijgbaar bij bol.com.
Ciara heeft lelijk huis gehouden in de nacht van
zondag op maandag, en dus heb ik de maandagmorgen thuis de NMBS-app eerst gecheckt
vooraleer naar het station te rijden. Misschien waren er bomen op de sporen of
op de bovenleiding terecht gekomen, en reden er geen treinen naar Brussel?
Maar het zag er goed uit: de piekuurtreinen waren
afgeschaft, maar de IC-treinen leken op tijd te rijden.
Al stond er wel een waarschuwing bij: "Slechte weersomstandigheden!" Tiens, ik
wist niet dat de NMBS nu ook het weerbericht verzorgt?
Ik was om kwart na 6 in het station, en bekeek
het informatiebord. Mijn trein naar Brussel-Noord zou normaal gezien om 6u22
moeten vertrekken. Volgens de NMBS-app. (Maar die is even betrouwbaar als de
Buienradar, zo te zien.)
Aha, de trein van 6u00 naar de luchthaven was in
vertraging: + 22 minuten. Dat zou dus 6u22 worden, en vermits ze allemaal
vertraging hadden, was dat een ferme meevaller: als ik die zou nemen, zou ik
dan toch op mijn "normale" uur kunnen
vertrekken. Ik voelde een golf van sympathie voor de NMBS opwellen.
Ik ben het winderige perron op gestapt, en wachtte
in de bijtende kou op de trein. Met enig leedvermaak zag ik dat die andere
trein, van 6u22, ondertussen ook al 9 minuten vertraging had. Door mijn
gedurfde beslissing leek ik minstens 9 minuten reistijd gewonnen te hebben.
Maar terwijl ik stond te wachten, zag ik het
aankondigingsbord met elke voorbij schrijdende minuut wijzigen: + 23
minuten, + 24 minuten, + 25 minuten. Uiteindelijk kwam de trein toch aan, om
6u29. Mijn winst was zo goed als gesmolten, maar goed. Die andere zou heel
zeker ook nog met meer dan de aangekondigde 9 minuten vertraging vertrekken.
Ik ben dus op die trein geklommen. De deuren werden
gesloten. En dan: niets. We bleven gewoon staan. Ondertussen zag ik die andere
trein aankomen, "mijn trein". En ook weer
vertrekken, richting Brussel! Mijn sympathie voor de NMBS was al een heel stuk
minder.
Om 6u34 mochten wij ook vertrekken. En er kwam al
direct een bericht van de treinconducteur: "Omwille
van de slechte weersomstandigheden zal de trein met een verminderde snelheid van
80 km per uur rijden, en daardoor nog wat extra vertraging oplopen." Tja.
Dat had ik eigenlijk al verwacht. En dus kon ik me daar maar beter bij neerleggen.
Uiteindelijk kwamen we toch in de buurt van
Brussel, met een slakkengangetje. Er was een nieuw bericht van de
treinconducteur: "Wegens omstandigheden
zal deze trein niet verder rijden dan Brussel-Zuid. We excuseren ons voor dit
ongemak."
Hoezo: "wegens
omstandigheden"? Was de trein opeens kapot? Of was de batterij plat? Of de
tank leeg? Of was de machinist volledig uitgeput omdat die had meegedaan aan
het Nederlands kampioenschap "tegenwind-rijden"?
De vloek die in mij opborrelde had niets meer met
sympathie te maken. Eerder met onderdrukte woede. Maar de treinbegeleider was wél
bijzonder attent: hij heeft zich minstens 5 keer geëxcuseerd; in het Nederlands
én in zijn beste schoolengels, want er waren veel buitenlandse passagiers voor
de luchthaven. (In zijn gestresseerde haast heeft hij wel het Frans vergeten,
wat verplicht is in de regio Brussel. Ik vrees dat dit hem op een flinke boete
zal te staan komen.) En naast de herhaalde excuses, had hij gelukkig ook een
nuttige boodschap: "In Brussel-Zuid is er
een trein naar de luchthaven: de trein van 7u06, op perron 5, met een
vertraging van 19 minuten."
Ik zag de mensen rondom mij met hun valiezen
schuiven om toch maar die trein te halen. Ik kon vermoeden dat hun vliegtuig
niet zou wachten op de volgende trein-in-vertraging.
We kwamen aan in Brussel-Zuid om 7u21. Ik spoedde
mij, met vele andere onfortuinlijke reizigers, naar perron 5. Maar daar bleek
dat de trein van spoor 3 zou vertrekken, en niet van spoor 5.
Gelukkig was de vertraging van die trein
ondertussen ook al opgelopen tot 22 minuten. Tijd zat dus om naar het juiste
perron te stappen.
De trein naar "Brussels Airport - Zaventem" liet op zich wachten, en op
onverklaarbare wijze veranderde het aankondigingsbord: de bestemming was opeens
niet langer "Brussels-Airport", maar
wel "Brussel-Noord". Ik zag de mensen
met hun zware valiezen in paniek en niet-begrijpend naar elkaar kijken. Even
later klonk de bevestiging van een zoetgevooisde stem door de luidsprekers: "De trein op perron 3 wordt wegens
omstandigheden beperkt tot Brussel-Noord. De reizigers voor Brussels-Airport
kunnen de trein op perron 6 nemen."
Hoezo: "wegens
omstandigheden"? Was de trein opeens kapot? Of was de batterij plat? Of was
ook die machinist volledig uitgeput door het voorbije Nederlands kampioenschap "tegenwind-rijden"?
Met enige irritatie, maar toch bijzonder gelaten,
namen de getroffen passagiers opnieuw hun valiezen op, en haastten zich naar
perron 6.
Hoe het hen verder vergaan is, weet ik niet, want
tegen 7u30 kwam de trein "naar
Brussel-Noord" toe aan perron 3, en die heeft mij uiteindelijk op een
onberispelijke manier naar mijn bestemming gevoerd.
Al bij al heeft het mij maar 2 uur gekost om van
thuis op mijn werk te raken. En ik heb opnieuw kunnen merken dat het
treinpersoneel bij de NMBS alvast heel erg zijn/haar best doet.
En ik kon me gelukkig prijzen dat ik geen
vliegtuig moest halen!
Relaas van een jonge vrouw op avontuur in de modewinkels.
Ik heb mijn kleerkast eens
opgeruimd. Voor een deel omdat ze écht wel helemaal vol hing, en omdat ik er
van alles in gevonden heb dat al lang uit de mode is. Maar ook wel, moet ik met
een klein hartje toegeven, omdat veel van die kleren mij gewoon niet meer
passen. Het maatje 36 van toen ik nog een twen was, behoort definitief tot het
verleden.
Er bleef niet zo héél veel meer
over in mijn kast, en als ik niet elke dag met dezelfde outfit naar het werk
wilde stappen, zou ik toch één en ander moeten bij kopen.
En dus ben ik vorig weekend gaan
shoppen. In onze binnenlandse fysieke winkels. Want ik wilde me schikken naar
de boodschap van UNIZO: ik zou aan winkelhieren doen.
Erg veel keuze was er wel niet
voor mij. Alles leek hoofdzakelijk bestemd te zijn voor mijn tienerdochter:
blits en jong en hip. En allemaal maatje 36. Of soms een 38 waarvan ik al op
het zicht kon zien dat ik me daar nooit zou kunnen in wringen. Nee, dat was
allemaal niet voor mij.
Maar ik had geluk: ik heb een
hoekje "voor de plus-maatjes" gevonden. Wel ja, als het moest, dan zou ik daar
eens gaan kijken. Zij het dat ik er een erg slecht gevoel bij had dat ik bij de
plus-maten zou moeten gaan zoeken. Ik ben toch niet dik? Ik weet dat ik géén
fotomodel ben, en géén figuur om in Baywatch te acteren, maar toch. Dik? Nee
toch! Ik had thuis nog vlug even in de spiegel gekeken vooraleer aan mijn
avontuur te beginnen, en ik was best wel tevreden met wat ik zag. Maar goed: de
plus-maten, dus.
Veel keuze was er niet bij de
plus-maten. Een paar jutezakken waar de boer ooit nog zijn aardappelen in
bewaard heeft, denk ik. En een paar lompe broeken die ik alléén als pyjama zou
willen dragen. En alles in een maat 50 of méér. Ik ben teleurgesteld weer
buiten gestapt.
Maar ik gaf niet op, en ben een
andere winkel binnen gestapt waar de stijl zo te zien beter aansloot op
volwassen vrouwen. En ik heb er een mooie broek gevonden, maat 38. Dat leek me
wel wat. Ik naar het pashokje, en daar heb ik die broek over mijn bips gesjord,
tot op mijn heupen. Ik stond in schuim en zweet van de inspanning, maar het is
toch gelukt. Vol blijde verwachting stapte ik uit het hokje en zocht de
dichtstbijzijnde spiegel op. Daar ben ik in paniek van weg gevlucht: ik zag in
de spiegel een walvis in een spandex; ik wist niet eens dat ik zó veel
rondingen had! Dan maar een maatje 40 gehaald, maar ook die spande nog altijd
véél te veel op plaatsen waar ik liever niet de aandacht wil op trekken. Een
maat 42 dan? Die paste wel, maar het hoefde voor mij al niet meer: ik heb me
nog nooit zó vernederd en gedeprimeerd gevoeld.
's Avonds hadden we bezoek van
vrienden. Ik vertelde het verhaal van mijn ontmoedigend avontuur, en mijn
vriendin repliceerde dat zij bij Zalando zopas een nieuwe broek gekocht had,
die ze trouwens die avond droeg. Maatje 38. Ik was stikjaloers!
Ze bekeek mij kritisch en maakte
de bedenking dat zij en ik toch ongeveer dezelfde figuur leken te hebben. En ze
stelde voor dat ik haar broek eens zou proberen. Ik heb heel erg geaarzeld,
want ik had géén zin in een nieuwe vernedering. Maar ze drong aan, en we zijn
samen naar mijn slaapkamer gestapt. Daar heeft zij haar broek uitgetrokken, en
ik heb die geprobeerd. En ze paste. Perfect. Ik stond er prachtig mee!
Het is wel duidelijk: de ene
maat 38 is de andere niet.
Mij krijgen ze nooit van mijn
leven nog een kledingwinkel binnen! Ik laat het winkelhieren voortaan aan
anderen over. De bezorgschaamte neem ik er dan wel bij; dat kan nooit zo erg
zijn als de passpiegelschaamte in een kledingwinkel met mini-maatjes voor
anorexia-vrouwen.
Een terloops bericht op vrtnws:
een man van 35 is tot 18 jaar cel en "ontzetting
uit zijn rechten" veroordeeld wegens mishandeling van zijn beide (ex) partners
en zijn dochters. De rechter heeft de man "asociaal"
genoemd. De rechter was fout: het gaat om een volbloed psychopaat, onbekwaam om ook maar enig gevoel voor een ander op te
brengen. In mijn ogen nog erger dan Dutroux.
(Volgens Wikipedia: "Psychopaten
staan vooral bekend om hun veronachtzaming voor de sociale en morele normen,
waarbij ze vaak relaties hebben die zich kenmerken door geweld, uitbuiting of
verleiding. Ze zijn niet tot nauwelijks in staat om empathie en berouw te
voelen en ze reageren vaak abnormaal op angst en pijn. Andere emoties worden
vaak oppervlakkiger gevoeld dan door niet-psychopaten. Psychopaten hebben geen
respect voor de sociale en morele normen, omdat zij niet beïnvloed worden door
gevoelens als schuld, wroeging en soms ook angst.")
Ik heb het artikel gelezen, en voelde me tegelijk gloeiend kwaad én
misselijk. En ik had één brandende vraag: "Hoe
is zoiets kunnen gebeuren? Hoe heeft die man zó lang zijn gang kunnen gaan?"
Want blijkbaar was de man al 15
jaar bezig. Volgens eigen zeggen: "Streng
maar rechtvaardig."
Ik wil de gruwelijke details van hoe hij tekeer is gegaan, liever niet
herhalen. Want dit is erger dan de horror van Hannibal Lector.
Maar ik wil toch graag een paar vragen stellen. En een oproep
lanceren.
Vragen over de man zelf.
Hoe ziek moet je niet zijn om zoiets te doen en om dat dan bovendien
nog voor jezelf te kunnen rechtvaardigen? De man is duidelijk een wrede en
ziekelijke sadist en een gevoelloze psychopaat. En dan vraag ik me af: "Hoe wordt iemand zo?" Zou hij zo geboren
zijn? Of is hij zo geworden door één of ander trauma in zijn jeugd? En hoe kan
het dat niemand dat heeft zien aankomen? Er moeten toch vroeger al signalen
geweest zijn? Hoe kan het dat niemand daar aandacht voor heeft gehad? Of heeft
men altijd vergoelijkend gedacht: "Het
zal wel overgaan", en verder vooral geprobeerd om het te negeren?
Vragen over de beide vrouwen die zijn slachtoffer geweest zijn.
Hoe blind moet je zijn om niet te zien met wat voor man je te maken
hebt? Hoe naïef moet je niet zijn om met zo'n man een relatie aan te gaan én er
dan nog bij te blijven ook? Ondanks wat hij jou en je kinderen aan doet?
Het lijdt geen twijfel dat de man, als psychopaat, bijzonder
manipulatief was, en vermoedelijk ook heel erg charmant en aantrekkelijk
tegenover vrouwen. Maar voor de vrouwen die hij in zijn netten gevangen had,
moet het na korte tijd toch duidelijk genoeg geweest zijn dat ze bij een beest
beland waren? Zéker als hij ook zijn dochters begon te mishandelen en
terroriseren, zowel mentaal als fysiek! En dat hij bij één van die vrouwen
geprobeerd heeft om haar ongeboren baby dood te maken, moet toch een alarmbel
doen rinkelen hebben die zijn charmes overstemd heeft? Hoe is dit dan toch 15
jaar lang kunnen blijven doorgaan?
Maar vooral vragen over de scholen waar die kinderen naartoe gingen,
en over de dokters die hen moeten gezien hebben. En over het CLB dat de
signalen toch moet opgemerkt hebben?
De kinderen gingen naar school, en werden daar toch opgevolgd? Ze
moeten daar toch verhalen verteld hebben waarbij de leraars of opvoeders van
ontzetting bleek zijn uitgeslagen? De kinderen en de vrouwen zijn toch af en
toe bij een dokter geweest? Heeft niemand dan de brandwonden gezien? Of de
blauwe plekken en kneuzingen? Of de sporen van zweepslagen?
Maar niemand heeft iets gedaan, niemand heeft alarm geslagen, niemand
heeft vragen gesteld, niemand heeft ingegrepen. Er was in 2012 al een dossier
geopend bij het CLB, maar het heeft toch nog tot 2017 geduurd eer iemand die
meisjes ernstig genomen heeft!
En dat begrijp ik niet.
Ik begrijp niet hoe die man zo geworden is, en ik begrijp niet hoe die
vrouwen dat konden toestaan, maar ik begrijp vooral niet waarom niemand uit de buitenwereld ingegrepen heeft!
Vragen over justitie ook. Wat is de zin van zo'n straf?
"Ontzetting uit zijn rechten":
het zal de man een zorg zijn. Dit is even efficiënt als iemand zijn rijbewijs
afnemen; ook die rijdt de volgende dag gewoon weer rond.
En 18 jaar cel? Binnen 6 jaar is de man weer vrij en kan hij gewoon
nieuwe slachtoffers zoeken en opnieuw een vrouw en kinderen terroriseren. Zo
iemand zou nooit meer op de maatschappij mogen losgelaten worden!
Het had ongetwijfeld méér kunnen geweest zijn, want er was ook een
beschuldiging van verkrachting van zijn dochters. Om één of andere mysterieuze
reden is de man voor die aanklacht vrijgesproken. Met dank allicht aan een
sluwe advocaat. Ik mag hopen dat die advocaat er geen nachtmerries aan over
houdt en zichzelf in de dagen en jaren die komen, nog in de spiegel zal kunnen
aankijken.
Eigenlijk wil ik hier vooral een oproep lanceren om méér alert te zijn
voor mogelijke mistoestanden in de eigen omgeving, en om minder tolerant te
zijn tegenover klein of groot geweld binnen een relatie of tegenover een kind.
We kunnen allemaal helpen om
horrorverhalen zoals dit in de toekomst te vermijden. We moeten alléén
maar onze ogen open houden en onze mond durven opendoen!
Eén van de gemakkelijkste manieren om jezelf onder de aandacht te
brengen bij pers en media in dit "Van
Eyck"-jaar is ongetwijfeld met één of andere spectaculaire mededeling
omtrent de gebroeders Van Eyck of omtrent hun meesterwerken, al dan niet pas
ontdekt en/of pas gerestaureerd.
En succes is helemaal verzekerd als je een onthulling te doen hebt
omtrent "De Rechtvaardige Rechters",
het verloren paneel van het "Lam Gods".
Wat ik dus nu van plan ben. In mijn blog.
De première van mijn ontdekking is voorlopig alléén aan mijn
blog-lezers voorbehouden. Maar zodra ik staalharde bewijzen heb, kom ik er mee voor
het voetlicht. De kunstwereld zal op stelten staan, en de internationale pers
zal woorden tekort komen.
Ik vermoed enige scepsis bij mijn lezers, en dat kan ik best
begrijpen. Ik ben tenslotte niet de enige die met zulke stoute beweringen komt
aandraven, en ik ben zéker niet de meest bekende of meest illustere uit de hele
rij.
Zo is bijvoorbeeld Marc De Bel mij al voor gegaan. Hij was, of leek,
héél zeker van zijn gelijk, en kwam met een grondig uitgewerkte plot waar
Pieter Aspe een puntje kon aan zuigen. Op zijn aanwijzing hebben ze zelfs de
straat opgebroken op de Kalandenberg in Gent. Uiteraard zonder resultaat.
Vóór hem was er onder andere ene Gaston De Roeck geweest, die met
grote stelligheid had achterhaald dat het schilderij verborgen zat achter het
altaar van de grote kerk in Wetteren. Resultaat van die zoektocht was een lege
nis "met exact de afmetingen van het
gestolen paneel."
En in 2008 had men de vloer open gebroken van een parkeergarage aan de
Sint-Jansvest, op zoek naar een waterput waarin het schilderij, opgeborgen in
een metalen koker, zou gegooid zijn. Resultaat: niemendal.
En nu heel onlangs waren er de boude beweringen van een Dendermondse kunstenaar.
Volgens hem ligt het paneel onder de Grote Markt van Dendermonde. Ook die man heeft
een logica ontwikkeld waar geen speld tussen te krijgen is, en bijgevolg is hij
zeker van zijn stuk. Of het stadsbestuur van Dendermonde naïef, of
opportunistisch, genoeg zal zijn om zó ver met het verhaal mee te gaan dat ze
de Grote Markt gaan openbreken, zal nog moeten blijken. Ik twijfel er een
beetje aan. En hoe dan ook: het zou vergeefse moeite zijn, verloren kosten.
Want het paneel ligt ook daar niet.
En waar ligt het dan wel?
Erg ver hoef je niet te zoeken: het paneel ligt onder het Van Eyck
zwembad in Gent. Waar anders? Waarom zou een zwembad naar een schilder genoemd
worden? Niet omdat de beroemde gebroeders daar de muren zouden geverfd hebben,
hee!
Ook al is het zwembad al behoorlijk oud, en is het een heel mooi
gebouw uit 1886, het heeft niets met Van Eyck vandoen. Nee, het heet het "Van Eyck zwembad" omdat vriend Arsène Goedertier
daar het gestolen schilderij van Van Eyck verstopt heeft. Wie de kaart van Gent
bekijkt, ziet trouwens meteen dat het zwembad maar een boogscheut van de
Sint-Baafskathedraal verwijderd ligt.
Arsène had trouwens geluk, want tot 1932 was het zwembad alléén in de
zomer open, en zou het op het moment van de diefstal (op 10 april) gesloten
geweest zijn als hij zijn snode daad een paar jaar vroeger gepleegd had. Al had "geluk" hier niets mee te maken: hij
heeft tot 1934 gewacht, om zeker te zijn dat hij in het zwembad binnen mocht
met zijn buit. Wat gemakkelijk ongemerkt kon, want hij had het doek opgerold in
de grote badhanddoek waarmee hij in het zwembad is binnen gegaan.
Wie goed kijkt, zal ook zien dat de voorgevel van het zwembad lijkt op
een triptiek, net als het schilderij waarvan Arsène een deel weg gegrist heeft.
En we weten allemaal dat Arsène Goedertier niet vies was van een beetje
symboliek, en opzettelijk een aantal verborgen hints in de bergplaats van het
gestolen paneel heeft ingebouwd. Vooral met de bedoeling de goegemeente een
neus te zetten.
En zeg nu zelf: wat had Arsène Goedertier in het Van Eyck zwembad te
zoeken, met die grote badhanddoek onder de arm? De man kon niet zwemmen!
Wel een beetje jammer dat de vloer van de mooie Art-Deco inrichting
zal moeten uitgebroken worden.
Droomt u er af en toe ook van om heel snel en gemakkelijk rijk te
worden? En wil het met de Lotto of EuroMillions niet zo goed lukken? Dan heb ik
een gouden tip voor u: wandelen!
Daar had u nog niet aan gedacht, hee?
Ik ook niet. Maar een meneer uit de streek van Aarschot had een
lumineus idee: wandelen langs de trage
wegen in de buurt. En dat heeft opgebracht: 1,65 miljoen euro. Ja, dat
leest u goed: één komma vijfenzestig miljoen euro heeft de man verdiend met
wandelen.
Het verhaal is zó gek dat zelfs Roald Dahl het niet had kunnen
bedenken.
De meneer in kwestie maakt er een "sport"
van om veelvuldig te gaan wandelen langs de "trage wegen" in de streek van Holsbeek en Aarschot. En wat zijn "trage wegen"? Dat zijn paden die niet bestemd
zijn voor "gemotoriseerd verkeer", en
voorbehouden zijn aan voetgangers, fietsers en ruiters. Trage wegen lopen
dikwijls in natuurgebieden, en zijn in die zin bijzonder belangrijk voor de
natuurontwikkeling: ze zorgen voor een "ecologische
verbinding" tussen natuurgebieden, waardoor planten zich gemakkelijker
kunnen verspreiden over grotere oppervlaktes. Bovendien zijn ze een geschikt
biotoop voor heel veel planten die niet (mogen) gedijen in onze afgelikte
tuintjes.
Wat moet je dus vooral doen voor het onderhoud van een "trage weg"?
Helemaal niets, zou ik
denken. De natuur gewoon zijn gang laten gaan. Zoals tegenwoordig ook gebeurt op spoorwegbermen of op de bermen langs de autosnelweg. Ook voor
onze achtertuin wordt meer en meer aangeraden om ruimte te voorzien voor een
stukje "wilde" of "natuurlijke" tuin: een stukje waar de
biodiversiteit ongestoord haar gang kan gaan zonder dat je er elke zaterdag met
een grasmaaier overheen dendert.
In Aarschot en Holsbeek hadden ze dat ook zo begrepen. Maar onze "trage wegen activist" zag dat anders:
die heeft tegen de beide gemeenten een proces aangespannen omdat ze hun "trage wegen" niet goed hebben
onderhouden.
Geen idee waar die man zich precies aan stoort. De netels en distels
tussen de grasstengels? De vele soorten "onkruid"
die overal opduiken? Misschien moet hij bij het wandelen af en toe wel over een
putje of een plas heen stappen? Of een bultje op de weg waar hij langs moet? Of
misschien blijven zijn "nordic walking"
wandelstokken wel haperen aan het kleefkruid langs het pad? Of zou hij bij een
eerdere wandeling eens zijn voet omgeslagen hebben bij het struikelen over de
sporen die de dikke banden van een stel mountainbikes achtergelaten hebben?
Voor mij is het een mysterie, maar voor die man was het een
levenskwestie. En dus is hij naar de rechtbank gestapt. En die heeft hem gelijk
gegeven. Niet één keer, maar talloze keren. En elke keer heeft hij verkregen
dat de gemeente een forse boete moest betalen wegens het slecht onderhoud van de "trage wegen".
Ondertussen is het totaal bedrag aan dwangsommen al opgelopen tot 4,7
miljoen euro. Als je het mij vraagt, zijn ze daar in Aarschot ook niet bijster
goed bezig met hun financiën en de opvolging van hun problemen. Anders hadden
ze het nooit zó ver laten komen. De penningmeester van Aarschot moet in elk
geval bij mij nooit de boekhouding komen doen!
En nu heeft de gemeente in arren moede met de man een minnelijke
schikking getroffen: als hij de eis tot betaling van de dwangsommen laat
vallen, dan krijgt hij 1,65 miljoen euro cadeau. Iedereen content.
Bij mijn volgende wandeling langs de "trage wegen" in Merelbeke en omstreken kijk ik voortaan de hele
tijd naar de grond waar ik overheen stap. Ik hoop hier en daar een distel te
zien staan, of een plukje netels, of andere planten die er niet thuis horen. En ik weet nu al een aantal paadjes die een ware opeenvolging zijn van putten en
bulten. Mijn fortuin is gemaakt!
De Gentse politie zou in de uitgaansbuurt van de Overpoortstraat graag
wat minder lawaai en overlast van zatte studenten zien. Daarom hadden ze een
voorstel om aan de vele studentencafé's een tijdstip op te leggen vanaf
wanneer geen luide muziek meer mag gedraaid worden.
Ik hoor de (ex-)studenten onder u al protesteren: "Toch niet al té vroeg, hoop ik? Je kan een
student toch niet om 1 uur 's nachts al naar zijn bed jagen!?"
Nee hoor: 5 uur 's morgens,
dat is wat de politie voorstelt. En let wel: de café's zouden niet persé om 5
uur moeten sluiten, ze zouden alléén maar vanaf 5 uur stil moeten zijn. Zou er
iemand van die studenten in laveloze toestand na 5 uur 's morgens nog beseffen
of er al dan niet nog muziek aan het spelen is?
Furieus protest bij de Gentse horeca, want zij zijn bang dat de boel
dan om 5 uur zal uitdoven, en dan kunnen ze meteen op dat vroege uur al hun
deuren sluiten. En dat zien ze écht niet zitten. Om 5 uur al stoppen met drank
verkopen aan zatte studenten? Geen sprake van!
Misschien om een uur of 7, ja,
dat zou nog redelijk zijn. Maar om 5 uur al? En de inkomsten dan die ze
zouden moeten mis lopen?
Want blijkbaar wordt er behoorlijk wat drank verzet in die vroege
uurtjes, en dat brengt véél geld in het laatje. En daar draait het uiteindelijk
allemaal om, niet? Geld verdienen! Zo véél mogelijk, zo vlug mogelijk.
De keerzijde van het ochtendlijke gezuip is dat de Overpoortstraat
's morgens vroeg voor iedereen behalve een beschonken student te mijden is: onuitstaanbaar
lawaai, zatteriken die je lastig vallen als je in de buurt komt, en kots overal
waar de drank er langs de verkeerde kant weer uit komt. Om nog maar te zwijgen
over de effecten op die studenten zélf: slechte studieresultaten omdat ze de
vorige nacht te lang waren uit geweest, en hun hersenen die in sneltempo kapot
gemaakt worden door de alcohol.
Maar dat zal de café-uitbaters een zorg zijn. Als zij hun inkomsten
maar kunnen binnen rijven. De consequenties zijn hun probleem niet. De stad zal
wel zorgen dat de straten achteraf weer proper gemaakt worden, en de politie
zal wel patrouilleren om al te grote verstoringen van de nachtrust te beperken.
En de ouders zullen de studenten wel van de nodige centjes voorzien om tot 7
uur in de morgen te kunnen slempen.
Tot 7 uur 's morgens! Ik ben ook student geweest, maar ik kan geen
enkele reden bedenken waarom je tot 7 uur in de morgen zou moeten of willen aan
het brassen blijven. Vermoedelijk zijn de meeste van die nachtbrakers tegen dan
al in een toestand van halve coma, en beseffen ze nauwelijks nog iets van hun
omgeving of van wat er gebeurt. Maar de horeca wil geld kunnen verdienen, en
dus moet die "traditie" behouden
blijven.
Het doet me denken aan gelijkaardige toestanden op de Balearen: Ibiza
en de andere party-eilanden. Ook daar willen de verantwoordelijken heel graag
paal en perk stellen aan de buitensporige uitspattingen van zatte toeristen.
Hoe die Britse en Duitse vakantiegangers daar soms te keer gaan, het
is niet om aan te zien: alle "beschavings-vernis"
is verdampt in een walm van alcohol en andere brol. En de plaatselijke
bevolking ziet het met lede ogen gebeuren, en moet lijdzaam ondergaan.
Ook daar wil men dus graag beperkingen opleggen. Maar ook daar ligt de
horeca dwars, want dronken toeristen zijn een gemakkelijke bron van inkomsten.
En de problemen zijn voor een ander.
Het nieuwe schooljaar begint. Een bijzonder opwindende dag, zéker voor
de leerlingen van het eerste leerjaar: eindelijk naar de "echte school".
De juf is vol goede bedoelingen, en wil de nieuwe kindjes zo veel
mogelijk op hun gemak stellen. De allerbelangrijkste opdracht van de school is
immers te zorgen voor het "welbevinden"
van de kinderen, weet je wel. En dus besluit de juf om de kindjes zelf te
laten kiezen waar ze in de klas willen gaan zitten: bij wie wél en bij wie
niet.
Paul, die vast van plan is om dwars te liggen, is de eerste die zijn
handje opsteekt: "Ik wil zeker niet bij
Bart zitten!"
Waarop Bartje, die heel zeker is van zichzelf, rustig antwoordt: "Voor mij is het allemaal gelijk."
Daarna steekt Koen schuchter zijn hand op: "Ik wil zeker wél naast Bart zitten. En ook naast Paul."
Charles wil niet voor Paul onderdoen, en roept: "Ik wil graag naast Koen zitten! Maar niet in de buurt van Bart."
Gwendolyn wil zich heel graag laten gelden, en moet dus ook iets kwijt:
"Ik vind dat Bart zou moeten zeggen wie
naast hem mag komen zitten."
Maar Meyrem is haar eerlijke zelf: "Ik wil alléén maar naast Jean-Marc zitten, want dat is mijn vriendje.
En Paul en John moeten ook dicht bij mij zitten."
Enfin, om een lang verhaal kort te maken: binnen het half uur zijn
alle kinderen tegen elkaar en tegen de juf aan het schreeuwen, en staat de hele
klas op stelten. Van les geven komt de hele dag niets in huis. Maar goed:
morgen is er een nieuwe dag.
De juf begint de tweede schooldag met veel goeie moed, en met het
vaste voornemen zich in te spannen voor het "welbevinden" van de kinderen. En dus probeert ze een volgende
poging om de kindjes zélf te laten kiezen.
Bartje begint met een verrassing: "Voor
mij is het gelijk. En wie naast mij komt zitten, krijgt een snoep."
Waarop Paul zegt: "Ik wil eerst eens
kijken wat die snoep zou kunnen zijn, en dan wil ik misschien wel naast Bart
zitten."
Maar Meyrem wil nog altijd niet wijken. Omdat ze nogal klein is voor
haar leeftijd, gaat ze op een stoel staan, en roept: "Ik wil Bart uit mijn buurt hebben! En ik wil dat Jean-Marc naast mij
zit, en John en Paul ook."
Gwendolyn pikt daarop in: "Ik wil best
ook wel naast Paul gaan zitten als Bart niet wil."
Maar Koentje blijft bij zijn idee: "Ik wil dat Bart naast mij zit. En Paul ook. En dan kan Meyrem
natuurlijk niet bij ons komen zitten."
John steekt onzeker ook zijn handje op: "Paul moet bij mij zitten! En Bart wil ik liever niet in mijn buurt
hebben."
Kortom: de chaos is even groot als de eerste dag, en de lessen
schieten er ook deze tweede dag bij in.
De derde schooldag kondigt zich zonnig aan, en de juf heeft er moed
op. Haar idealisme is ongeschonden, en ze is vastbesloten te zorgen voor het "welbevinden" van de kindjes. En dus
begint ze ook deze schooldag met de vraag wie bij wie zou willen zitten.
Bartje kijkt ongelukkig, en pruilt: "Ik wil bij iedereen gaan zitten. Maar Paul heeft ze allemaal
opgestookt, en nu wil niemand meer naast mij zitten!"
Waarop Koentje onmiddellijk reageert: "Maar jawel Bart, ik wil heel graag naast jou zitten. Maar je moet dan
wel eens zeggen wie er nog bij ons zou mogen zitten?"
Paul kijkt erg boos, en zegt: "Nee,
ik wil absoluut niet bij Bart in de buurt!"
En John en Meyrem vallen hem onmiddellijk bij: "Iedereen mag gelijk waar zitten, als Bart maar ver van ons blijft."
Charles komt er tussen: "Ik wil
ook helemaal niet bij Bart zitten!"
En Gwendolyn zegt: "Als niemand
bij Bart wil, dan ik ook niet."
De juf probeert wanhopig om een klas-indeling te vinden die tegemoet
komt aan de eisen en veto's van alle kindjes, maar het wil niet lukken. En van
les geven komt opnieuw niets in huis.
De vierde schooldag. Nieuwe poging om alle kindjes een plaats te
geven.
Joachim is de meest toeschietelijke, die morgen: "Ik wil eigenlijk naast iedereen zitten. Maar ik wil toch liefst Bart in
mijn buurt."
Waarop Paul: "Eigenlijk is het
mij om het even. Als Bart elke dag snoep mee brengt, dan mag hij wel naast mij
komen zitten. Maar Conner moet zeker ook bij mij zitten."
Maar Gwendolyn loopt rood aan: "Ik
ben niet akkoord! Als Koen en Paul en Conner al naast Bart zitten, dan is er
voor mij geen plaats meer! Waar blijf ik dan?"
Ook Meyrem is furieus: "Gisteren
kon ik nog kiezen, maar nu wil opeens niemand meer bij mij!"
En Georges-Louis is ook niet gelukkig: "Ik wil naast Paul zitten! Maar als Bart ook voor mij snoep mee brengt,
dan vind ik het wel okee dat Bart ook bij ons in de buurt zit."
De juf krijgt de klas ook die dag niet stil, en er wordt weer geen les
gegeven.
Maar als ze alles eens op een rijtje zet, begint ze toch stilaan
mogelijkheden te zien om alle kindjes in haar klas een plaatsje te geven waar
ze min of meer tevreden mee kunnen zijn.
En de volgende schooldag kondigt ze vol goeie moed en enthousiasme aan
waar iedereen mag gaan zitten, zodat ze eindelijk kan beginnen lesgeven.
Maar Paultje springt onmiddellijk naar voor, en roept: "Ik lust die snoepen van Bart helemaal niet! Nooit
van mijn leven wil ik naast Bart gaan zitten! Ik wil een andere plaats."
Bart is ook bijzonder boos: "Gwendolyn
heeft mij gisteren een harde por in de rug gegeven. Ik wil niet meer naast haar
zitten."
Meyrem is luidop beginnen huilen: "Maar
waarom wil niemand eigenlijk bij mij zitten? Ik kom nochtans met iedereen
overeen!"
En het geschreeuw begint van voren af aan.
In een hoekje van de klas staat de kleine Conner stilletjes te wenen: "Mijn beentjes doen zo'n pijn! Wanneer zullen
we nu eindelijk mogen gaan zitten?"
Donald Trump heeft, als eerste Amerikaanse president ooit, deelgenomen
aan een anti-abortus betoging. Of liever: een "pro life" betoging.
"Want," zegt Donald, "elk kind is een heilig geschenk van God.
Mensenrechten beginnen in de baarmoeder."
Dat is een erg spirituele en mooie gedachte van Donald: "Het leven is heilig. Elk leven. En het mag
niet zomaar beëindigd worden!"
Het is wel een beetje jammer dat het leven niet zo'n heilig geschenk
meer is als je de pech hebt om op een Amerikaanse school rond te lopen waar een
geschifte oud-leerling zijn arsenaal automatische geweren, vrijelijk gekocht in
de Walmart, komt leegschieten.
Er zijn bij benadering 300 miljoen schiettuigen in omloop in de USA. En
er sterven dagelijks om en bij 40
mensen door vuurwapengeweld in het
prachtigste land van de wereld. Het leven is heilig, maar elke dag zijn er
40 mensen die de pech hebben dat dat voor hen niet geteld heeft (omwille van de vrijheid van wapendracht, die blijkbaar nóg heiliger is dan het leven?).
En het is een beetje jammer dat het leven niet zo'n heilig geschenk
meer is als je de pech hebt om in een Jemenitisch ziekenhuis opgenomen te zijn
waarboven een Arabische bommenwerper, gekocht in Amerika, zijn lading bommen
(gekocht in Amerika) komt droppen.
De Verenigde Staten zijn namelijk verantwoordelijk voor méér dan de
helft van de totale wereldwijde wapenhandel. Dat vertegenwoordigt een jaaromzet
van méér dan 220 miljard dollar. Ze leveren wapens aan méér dan 170 landen; en "mensenrechten" zijn géén criterium
om al dan niet wapens te leveren.
En het is ook een beetje jammer dat het leven niet zo'n heilig
geschenk meer is als je een zwarte jongen bent die uit balorigheid stoer begint
te doen tegenover een slecht opgeleide politieman met een snelle greep naar
zijn dienstwapen.
Een ongewapende zwarte heeft in Amerika tot negen keer méér kans op
een politiekogel dan een blanke. In 2015 zijn er zo 306 jonge zwarten door een
politieofficier neergekogeld (en de trend in 2016 was nog stijgend). Nochtans was
ook het leven van die zwarten heilig in de baarmoeder.
Donald is duidelijk een erg godvruchtig en principieel man: "Mensenrechten beginnen in de baarmoeder!"
Maar wat er daarna gebeurt, eens het kind niet meer in de baarmoeder
zit, is helaas niet meer zijn zorg. En de mensenrechten lijken ook niet meer
van tel ná de geboorte.
Donald kan zich voor zijn pro-life
wetten misschien inspireren op de ideeën van de conservatief katholieke landen
ten zuiden van de USA.
Zoals bijvoorbeeld El Salvador ("What's in a name!") waar ze zódanig "pro
life" zijn dat een vrouw er van moord beschuldigd wordt als ze het heilige leven in haar baarmoeder niet
wenst nadat ze het aangedurfd heeft om zwanger te raken na een verkrachting.
En in Mexico zijn ze ook erg "pro
life": het aantal moorden heeft er al een gemiddelde van 95 per dag bereikt. Als "pro life" statement kan dat tellen!
Het is onvoorstelbaar hoe hypocriet een mens wel kan zijn.
En het is een angstaanjagende gedachte dat zo'n man als Donald immens veel
aanhangers heeft, en ook de volgende 4 jaar president van "het machtigste land ter wereld" zal blijven!
Voor alle kindjes in de baarmoeder heb ik dus één boodschap: "Als het enigszins kan,blijf nog vier jaar waar je bent, want
alléén daar ben je veilig en is je leven heilig!"
Het zat er eigenlijk al aan te komen, naar mijn gevoel: nu de oorlog
tegen sigaretten en nicotine stilaan gewonnen lijkt, moet een nieuw front
geopend worden en moet een nieuwe vijand gevonden worden. Hoe moeten
consumentenorganisaties en gezondheidspredikers anders aandacht blijven vragen?
Het nieuwe doelwit is nu de wierook die we af en toe in huis branden.
En onze geurkaarsen ook.
De vloek op het binnen-in-huis-roken van sigaretten, wegens de
rampzalige effecten op de longen van de "passieve"
mede-rokers in huis, door de fijne stof- en roetdeeltjes die tot diep in de
longen doordringen, heeft nu ook de wierookstokjes getroffen.
Ik kijk met spanning uit naar de resultaten van een onderzoek naar de
schadelijke stoffen in wat de mens zoal uitstoot bij het uitademen! En ik
verwacht binnenkort een verbod om uit te ademen in de nabijheid van zwangere
vrouwen en kinderen.
Als u dacht dat u goed bezig was als u binnen niet meer rookt, wees
toch maar niet al té zelfvoldaan. Vanaf morgen moet u ook de wierookstokjes
bannen. Want bij het branden van wierook komen kankerverwekkende stoffen vrij
die we ondoordacht te slikken krijgen. En ook nog een portie fijn stof dat tot
diep in onze longen doordringt en ons leven drastisch verkort. Erger nog: bij
het verbranden van wierook komt ook koolmonoxide vrij, het sluimerende
moordgas. Binnenkort lezen we de eerste krantenberichten: "Alle leden van de seniorenbond in het
ziekenhuis opgenomen met koolmonoxidevergiftiging door de wierook bij hun
yoga-oefeningen."
Ik heb me altijd afgevraagd hoe de plotse terugval in het kerkbezoek,
de voorbije jaren, te verklaren is. Nu weten we het: we gaan niet meer naar de
kerk omdat die boze priesters daar wierook branden! Een wekelijks kerkbezoek
staat gelijk aan een wekelijkse blootstelling aan fijne stofdeeltjes die onze
longen aantasten en aan vieze dingen zoals benzeen of naftaleen die ons kanker
bezorgen. Bij het eerstvolgende concilie zal de paus het gebruik van wierook
héél zeker in de ban gooien.
En wie tóch van de weldoende en ontspannende effecten van wierookgeur wil
genieten, die moet dat voortaan buiten doen, op zijn terras of in zijn tuin.
Zolang het nog zal mogen, natuurlijk, want de tijd is nabij dat ook wierook
branden op publieke plaatsen niet meer zal toegelaten zijn.
Maar ook kaarsen zijn dus uit den boze. Zéker geurkaarsen! Want ook de
walm van een brandende geurkaars bevat allerlei dodelijke stoffen, net zoals
wierook.
Ook hier weer: het hoeft niemand te verbazen dat de mensen in
onze Westerse wereld niet meer naar de kerk gaan, vermits er daar altijd
kaarsen branden. Nog een puntje voor het komende concilie of voor het
eerstvolgende conclaaf van de paus met zijn kardinalen: weg met de kaarsen in
onze kerken!
Voor wie toch in de boosheid wil volharden: wat je zeker niet mag
doen, is je kaarsen binnen uitblazen of laten uitdoven. Want dan wordt je pas
écht getroffen door allerlei vreselijke stoffen: de ergste uitstoot is bij het
doven van een kaars. Voortaan ga je dus met je brandende kaarsen buiten om ze
uit te blazen.
Ik zie het zó voor me. Als ik in de nabije toekomst nog eens een
verkwikkende wandeling maak, dan zal ik overal in de tuinen en op de terrassen
mensen zien staan genieten van hun wierookstokjes, of andere mensen die de
laatste stompjes van hun brandende kaars buiten brengen om het vege lijf te
redden.
Maar goed, misschien heeft dat wel een positief effect op de harmonie
van onze samenleving? Daar waar vroeger de rokers elkaar buiten konden
ontmoeten voor een praatje en wat menselijk contact, zal je nu wellicht
groepjes mensen bij elkaar zien staan praten, met de uitgedoofde kaars in de
hand.
Ik ben verzot op het hoekje van
de tuin van onze buurman, dat aan onze tuin grenst. Het is erg schaduwrijk, en
een beetje afgelegen: een oase van rust in onze drukke buurt. Vreemd genoeg zie
ik onze buren zelden in dat hoekje van hun tuin zitten.
En daarom heb ik gedacht: "Waarom zou ik daar niet af en toe gebruik van kunnen maken? Anders ligt dat er
toch maar verloren bij."
En dus heb ik een deel van de omheining
weg gehaald, en ik heb daar een tuintafel en een paar stoelen geplaatst. Het is
echt genieten! Ik ben blij dat ik op dat idee gekomen ben.
Mijn buurman heeft het op een
dag toch bemerkt, en hij is komen klagen. Hij vond het niet kunnen, wat ik
gedaan heb. Maar ik heb hem uitgelegd dat dit stukje tuin er toch maar verloren
bij lag. En dat mijn oom de burgemeester is van onze gemeente, en hoofd van de
politie. Toen heeft hij het maar zozo gelaten.
We zijn ondertussen enkele
maanden verder, en ik heb echt al héél veel plezier beleefd aan mijn nieuw
verworven stukje groen. Regelmatig geef ik er een kleine party samen met mijn
vrienden, en het is reuze gezellig, samen onder het gebladerte. Mijn buurman is
daar niet zo blij mee, maar als hij eens komt klagen, dan herinner ik hem aan
mijn oom.
Ik vind het een beetje jammer om
zó weinig van dat perceeltje te profiteren, en daarom heb ik besloten om er een
barbecue te bouwen: een stevige bakstenen barbecue met een echte oven en zo. Ik
heb er alvast ook een stapel brandhout bij gelegd. Dat leek voor mijn buurman
toch nét een stap te ver, en hij is naar de politie gestapt. Huisvredebreuk en
vernieling van eigendommen en meer van dat. De politiecommissaris is nadien op
bezoek geweest, samen met de burgemeester. En ze hebben mijn buurman duidelijk
gemaakt dat hij er zich maar bij neer te leggen had. Tenslotte deed hij zelf
toch niet echt iets nuttig met dat stukje tuin. Sindsdien is er een soort koude
oorlog tussen mijn buur en mij, maar zolang hij niet al té heftig reageert,
trek ik mij dat niet aan.
We zijn een jaar verder, en ik
ben meer en meer aan dat stukje tuin met BBQ gehecht geraakt. Ik maak er dan
ook veelvuldig gebruik van. Ondanks de boze blikken en herhaalde klachten van
mijn buurman.
Vorige nacht heb ik een vreemde
droom gehad. Ik heb gedroomd dat God mij in een boodschap kwam vertellen dat
dit land eigenlijk van oudsher aan mij toebehoorde, en dat het aan mij beloofd
was.
En dus ben ik deze morgen een
afsluiting gaan plaatsen zodat mijn buur mijn stukje tuin niet meer zou kunnen
binnendringen. Hij moet van mijn eigendom weg blijven!
Hij is in blinde colère de
nieuwe omheining komen afbreken, maar dat soort agressie accepteer ik niet. Als
hij dát maar weet!
Morgen stap ik naar de
burgemeester, en zal een plan voorstellen om de burenruzie te beslechten en de
vrede te herstellen.
In mijn plan blijft de omheining
tussen mijn nieuw stukje en zijn tuin behouden, want dat ene stukje wordt aan
mijn tuin toegevoegd. En er zal binnen zijn tuin, aan zijn kant van de
omheining, een pad moeten voorzien worden langs de afscheiding tussen onze
tuinen, zodat ik vanaf de straatkant gemakkelijk mijn rust-hoekje kan bereiken
zonder elke keer over zijn grondgebied te moeten lopen. Dat kleine strookje
land is hij dan ook wel kwijt.
Daarmee komt een einde aan een
domme burenruzie over iets waar eigenlijk geen discussie over had mogen
bestaan. Dat stukje grond is immers van mij; het is altijd al van mij geweest.
God zelf heeft het bevestigd.
Voor zijn eigen welzijn hoop ik
nu maar dat mijn buur dit plan zal accepteren. Het is al bij al toch een héél
faire deal. Ik maak immers verder geen enkele aanspraken meer op stukken van
zijn tuin!
Voorlopig toch niet. Hij heeft
wel een heel mooie groentetuin aangelegd, op een perceeltje heel vruchtbare
grond, en dat interesseert mij wel, want bij mij wil er niks groeien. Maar we
zien nog wel.
Dit jaar vieren we de 75ste verjaardag van de bevrijding
van het uitroeiingskamp in het Poolse Auschwitz. (Het kamp werd nota bene
bevrijd door de gehate Russen. Die toen nog onze vrienden waren. "Het kan verkeren.")
Wie nog niet over de uitgebreide vieringen en feestelijkheden gehoord
heeft, die komt wellicht pas terug van een reis naar Mars. Het was hét
onderwerp van de voorbije dagen. En terecht, want de herinnering aan de
gruwelijkheden van toen mogen nooit verloren gaan. Het is een waarschuwing voor
dát waar de mens toe in staat is.
Het is wel een beetje spijtig dat de politici dit gebeuren toch weer hebben
willen recupereren voor hun eigen perfide boodschappen. De haat-speeches van de
Amerikaanse vicepresident en van de Israëlische corrupte eerste-minister aan
het adres van Iran, waren niet alléén totaal misplaatst maar ook immens
hypocriet en kwetsend voor de slachtoffers en overlevenden van de
Nazi-uitroeiingskampen.
Het is ook een beetje spijtig dat de hele wereld gemakshalve vergeet
dat de Nazi's heus niet de enigen geweest zijn die een dergelijke gruwel op
hun geweten hebben. Toegegeven: niemand heeft hen dat ooit voorgedaan op deze onthutsende
schaal, en gelukkig heeft ook nooit iemand het hen nog nagedaan. Maar het
principe van massale uitmoording omwille van ras of geloof of afkomst was niet
nieuw, en helaas ook niet eenmalig.
Massamoorden zijn, jammer genoeg, van alle tijden. En het is géén
privilege van één enkel continent of van één enkel ras.
Ik heb even gegoogeld, en er zijn talloze voorbeelden te vinden van
hoe mensen tegen hun soortgenoten tekeer zijn gegaan op een verbijsterende manier,
en eigenlijk altijd zonder ook maar de minste "geldige" reden.
Zo is er het voorbeeld van een massaslachting in het Byzantium van de
12de eeuw: minstens 60.000 Italiaanse burgers werden toen
afgeslacht, uit pure haat en afgunst. En in de 17de eeuw zijn de
Engelsen ook een keer gruwelijk tekeer gegaan tegen de inheemse Indianen in de
streek rond Massachusetts. En in 1944 hadden de Nazi's eerder al eens laten
zien tot wat ze in staat waren: toen hebben ze om en bij de 50.000 joden
vermoord in het Poolse Wola, bij het onderdrukken van een opstand.
En wat te denken van het beestachtige regime van de Rode Khmer in
Cambodja, eind de jaren zeventig van de vorige eeuw: méér dan 1,7 miljoen
mensen zijn toen omgekomen in hun "opvoedingskampen".
En nog niet zo héél lang geleden, in 1995, was er de massamoord in
Srebrenica, waar de Serviërs méér dan 8000 moslimmannen vermoord hebben.
En misschien nog de grootste verschrikking die we in de recente
geschiedenis gekend hebben: de genocide van de Tutsi in Rwanda, door
Hutu-milities. Het aantal dodelijke slachtoffers daar wordt geschat op iets
tussen 500.000 en 1 miljoen.
Jawel, wat de Nazi's uitgespookt hebben, en wat zij toendertijd de
joden hebben aangedaan, dat valt niet goed te praten. Maar nee, zij hadden daar
niet het monopolie op. Wie even rondneust in de geschiedenis, die zal
voorbeelden te over vinden.
Maar vreemd genoeg: als je zoekt op "massamoorden", dan vind je op het internet nauwelijks iets over de
afslachting van de Indiaanse bevolking in Noord-Amerika. Nochtans heeft zich ook
in Amerika een ware genocide afgespeeld: in de jaren 1500 waren de Indianen nog
met ongeveer 12 miljoen; bij het begin van de twintigste eeuw met minder dan 500.000.
De officiële houding van de Amerikaanse regering is trouwens tot een stuk in de
twintigste eeuw geweest: "De enige goede
Indiaan is een dode Indiaan." Maar niemand vindt het nodig om dit te
vermelden, laat staan om het woord "volkerenmoord"
uit te spreken. Toeval? Of een lichte vorm van censuur?
En al even vreemd: één van de grootste en meest zinloze massamoorden
ooit, werd gepleegd in 1945, in de stadjes Hiroshima en Nagasaki. Totale
balans: 250.000 doden op het moment zelf, en een veelvoud daarvan nadien door
stralingsziekte en kankers. Méér dan een half miljoen totaal onschuldige
burgers, vrouwen en kinderen, vermoord zonder enige reden. Zomaar. Maar daar
wordt met geen woord over gerept.
Wat de Nazi's gedaan hebben, of de Serviërs, of de Rode Khmer, of de
Hutu's, dat zijn allemaal "oorlogsmisdaden"
of "misdaden tegen de menselijkheid".
En die aanklacht is volkomen terecht.
Maar wat de Amerikanen in Japan uitgespookt hebben, is dat dan iets
anders?
Het is een erg nobel en groothartig streven om ervoor zorgen dat je
nabestaanden, je geliefden, na je dood een appeltje voor de dorst hebben. Om te
willen dat je kinderen, erfgenamen, hun leven kunnen opbouwen op een bredere en
meer stevige financiële basis dan je zelf hebt gehad.
Dat moet Karl Lagerfeld ook
gedacht hebben. Hij had op het einde van zijn leven een immens fortuin bijeen
gesprokkeld, en hij moet in het vooruitzicht van het onvermijdelijke gedacht
hebben: "Ik wil mijn meest geliefde
nabestaande een mooi sommetje nalaten, zodat zij zonder al te grote materiële
zorgen verder kan in haar leven."
Zo gezegd, zo gedaan, dus. En hij heeft zijn kat een fortuin
nagelaten: een flink deel van ongeveer 200 miljoen dollar die te verdelen viel.
Als dat niet bijzonder lief was van Karl, dan weet ik het ook niet
meer. Want anders bleef zijn Choupette
misschien wel achter in bittere armoede! Je mag niet vergeten dat Choupette héél veel kosten heeft: twee "nanny's", een kok, een bodyguard, een
privé-dokter en een "agent" moeten
door haar betaald worden. En dat allemaal met de schamele erfenis van Karl.
Of toch niet? Zo te horen heeft Choupette
haar eigen inkomsten, en die zijn niet te onderschatten. Ze heeft een eigen
make-up lijn en een handtassenlijn. En ze heeft zelfs haar eigen boek
uitgegeven. Ze heeft ook haar eigen Instagram-account waar ze een zakgeldje aan
verdient. En een eigen webshop. Kortom: ze verdient vermoedelijk méér dan wij
allemaal samen.
U dacht misschien dat ik zopas het script verklapt heb van de nieuwste
aflevering van "Family Guy", een
animatieserie waarin met alles en iedereen de draak gestoken wordt? Nee hoor,
ik heb niets verzonnen; het is allemaal bittere ernst.
En daar heb ik twee bedenkingen bij.
Bedenking één bij de mentale gezondheid van Karl Lagerfeld: hoe komt
iemand er in godsnaam bij om zowat 100 miljoen dollar na te laten aan een kat??
Is er echt géén betere bestemming van zijn erfenis te bedenken? Er zou heel
zeker wel iemand geweest zijn die zich, gratis en voor niets, over zijn kat zou
ontfermd hebben als haar baasje er niet meer was. En ik stel me zo voor dat een
kat géén privé-dokter of privé-kok nodig heeft.
Bedenking twee bij de mentale gezondheid van al die duizenden of
misschien zelfs miljoenen idioten die de Instagram-account van een kat volgen!
Hebben die echt niets beter te doen? Is hun intellectueel niveau echt niet
hoger dan dat van een kat? Om dan nog maar te zwijgen over de achterlijke snobs
die Choupette make-up willen kopen,
of herejezusnogaantoe, een Choupette
handtas. Ik vermoed dat die spullen niet goedkoop zullen zijn, en dat de
klanten van Choupette zich in de "betere"
maatschappelijke kringen bevinden. De schrik slaat mij om het hart bij de
gedachte dat het dit soort mensen zouden zijn die de economie sturen. Ik hoop
vurig dat het alléén maar gaat om leeghoofden, genre de Kardashians, die óók geld te veel hebben.
Maar dan volgt de
onvermijdelijke vraag: "Hoe komen die dan
aan al dat geld?"
Doordat andere mensen zich aan hen vergapen, mensen die
al even leeghoofdig zijn, of nog erger.
Het draait gewoon allemaal om leeghoofdigheid! Waarom heb ik daar niet
eerder aan gedacht? Dé sleutel tot succes in deze materialistische wereld is: leeghoofdigheid. Samen met een gezonde
portie stupiditeit.
Ik ga me direct gaan omscholen, zie!
Misschien is dit trouwens ook wel een goed idee voor Prinses Delphine?
Om haar minuscuul aandeel in de erfenis van haar vader met eigen
inkomsten aan te vullen, zou zij een kunstzinnige kledinglijn voor
leeghoofden kunnen ontwerpen. Succes verzekerd!
Eindelijk is er ook eens goed nieuws van het klimaatfront!
Nee, niet dat het opeens beter zou gaan, of dat de opwarming van de
aarde zou gestopt zijn. Wél dat we dankzij die opwarming allemaal samen héél
veel geld kunnen uitsparen.
Want wat heeft de CREG onlangs becijferd? Dat we, met dank aan de
klimaatopwarming, in de komende winters véél minder energie zullen nodig hebben
om onze huizen te verwarmen, en dat we het dus met minder elektriciteit zullen
kunnen stellen.
Voor wie niet helemaal op de hoogte is, of uit de tegenstrijdige
berichten niet meer wijs geraakt: de verantwoordelijken in ons land hebben dus
beslist om al onze kerncentrales te sluiten, tegen 2025. De groene jongens
willen die kerncentrales immers kost wat kost weg. Maar dan dreigt een risico
op stroomtekort, want de nucleaire centrales produceren momenteel ongeveer 39%
van al onze elektriciteit.
De voorgestelde oplossing voor dat doemscenario is even absurd als het
onhaalbaar is: we zouden dat kunnen
opvangen door gascentrales te bouwen. Die gascentrales produceren 40 keer
méér CO2 dan een nucleaire centrale, maar dat is voor die groene jongens een
klein detail. Die gascentrales zouden ook totaal onrendabel zijn; dat staat bij
voorbaat vast. Maar daar springt de belastingbetaler wel bij. Wij dus. Alweer.
Net zoals we ook voor andere "groene"
oplossingen mogen bijdragen om die te subsidiëren.
Ruwe schattingen voor de kostprijs van dit grapje: 13 miljard euro.
Weliswaar gespreid over 15 jaar. Dat komt neer op iets minder dan 80 euro per
jaar, per Belg. Voor de volgende 15 jaar. En de extra CO2 krijgen we er gratis
bij.
Maar nu komt het goede nieuws: als de opwarming van de aarde in onze
streken zich effectief doorzet, dan worden onze winters warmer. Volgens de
wetenschappers is het bij ons al 2 graden
warmer (maar ze zeggen er niet bij met welke periode ze dan vergelijken;
misschien wel met de laatste ijstijd?), en daar zou om de 10 jaar een halve
graad bij komen.
Dan hoeven we in de winter bijlange niet meer zo veel stroom te
verbruiken als voorheen. En dus komen we dan misschien wél toe met de
resterende elektriciteitscentrales, zonder die gascentrales van 13 miljard. Een
besparing van 80 euro per persoon per jaar!
En het leuke hierbij is: als we die bijkomende gascentrales niet
bouwen, dan gaan we minder CO2 uitstoten, en daarmee beperken we de opwarming
van onze planeet.
Hiermee is de cirkel helemaal rond: door de opwarming hebben we die
gascentrales niet nodig, en als we bijgevolg die gascentrales niet bouwen dan stoten we
minder CO2 uit, en doordat we minder CO2 uitstoten reduceren we de opwarming.
"I
love it when a plan comes together!" Dat
wisten ze bij het A-Team al.
De wereld is in paniek, omwille van het Chinese "corona-virus" (troetelnaam: "2019-nCoV"), want "er zijn al 4500 besmettingen en al 106 doden!"
Iemand zal mij toch eens moeten uitleggen waar die wereldwijde paniek
om draait? Ik wil het leed niet ontkennen van de zieken en de slachtoffers, maar
waarover spreken we? Over 4500 zieken op een bevolking van 1,4 miljard mensen.
Dat is méér dan 100 keer de Belgische bevolking. Als we bij ons eenzelfde
besmettings- en sterftegraad zouden hebben, dan zouden we spreken over hooguit 45
besmettingen, en 1 dode. Geen mens zou daar langer dan twee minuten bij
stilstaan.
Een epidemie? Een bedreiging voor onze planeet? Het lijkt me niet.
Dan zijn er andere virussen waar we ons héél wat sterker bezorgd over
zouden moeten maken, en die een véél grotere bedreiging vormen voor onze
samenleving.
Zoals het mazelenvirus, dat alsmaar
agressiever om zich heen slaat en waarbij het aantal besmettingen en doden
jaar na jaar stijgt. Wereldwijd zijn in 2018 méér dan 142.000 mensen aan de mazelen bezweken, op één jaar tijd; dat is al
15% méér dan het jaar ervoor. Dat komt vooral omdat er steeds minder
gevaccineerd wordt; ook bij ons in België, en overal in de Westerse Wereld. En
dat terwijl de ziekte eigenlijk volledig zou kunnen uitgeroeid worden: het
aantal besmettingen was tot vóór enkele jaren hoopgevend aan het afnemen. Helaas
raken de mazelen niet uit de wereld verdreven; onder andere omwille van het hardnekkige
vooroordeel dat het vaccin autisme of
ADHD zou veroorzaken. We weten
ondertussen al dat dit onzin is, maar toch zijn er meer en meer mensen die het
vaccin weigeren, met als gevolg dat de mazelen wereldwijd opnieuw in opmars
zijn.
Zo zijn er het voorbije jaar zowat 900 mensen gestorven in Madagaskar,
omdat niemand daar ooit was ingeënt. Ook in Congo woedt de mazelen-epidemie in
alle hevigheid: er zijn het voorbije jaar alleen al 300.000 mensen besmet geraakt, en er zijn daar méér dan 5700
mensen aan de mazelen gestorven, waarvan 75% kinderen waren.
Vergeleken met de verwoestende impact van de mazelen lijkt het corona-virus zowaar "onschuldig".
Ook de ebola-epidemie in
Oost-Congo raakt maar niet bedwongen: er zijn vorig jaar door het ebola-virus méér dan 2000 dodelijke
slachtoffers gevallen in Congo alléén al: 2000 doden op een bevolking van 81
miljoen. Dit virus zou nochtans helemaal bedwongen kunnen worden. Er is de laatste
jaren enorm veel onderzoek naar gedaan, en het vaccin dat ontwikkeld is, werkt
zeer goed. Het zou dus volstaan om de zieken te isoleren, en voor de rest
iedereen te vaccineren die een risico loopt. Helaas werkt dat zo niet, ginder
in Congo. Eigenlijk werkt daar totaal niets meer: de infrastructuur is kapot,
de scholen en ziekenhuizen zijn ruïnes, en enige vorm van gezag is er al lang
niet meer. Het enige wat nog werkt in Congo, is de corruptie. En de chaos. De
mensen van de Wereldgezondheidsorganisatie die ginder hard bezig waren om de
epidemie te bedwingen, zijn hals over kop moeten vluchten voor het
nietsontziend geweld. Grof en brutaal geweld van allerhande milities, geweld
van het leger. En de UNO-troepenmacht stond erbij en keer ernaar.
En dus raakt de ebola-epidemie niet onder controle.
Ook vergeleken bij ebola
lijkt het corona-virus zowaar "onschuldig".
Om de impact van het corona-virus
helemaal in het juiste perspectief te plaatsen: in België alléén al zijn er
door het influenza-virus, de
doodgewone griep, ongeveer 500.000
besmettingen per jaar, met ongeveer 1500 à 2000 dodelijke slachtoffers. En dat
op een bevolking van iets méér dan 11 miljoen. Dat komt neer op een maatschappelijke
impact die minsten 5000 keer erger is dan die van 2019-nCoV.
Ik blijf me dus verbazen over de wereldwijde paniek door dit virus. De
beurzen crashen en de wereldhandel valt stil, en over heel de wereld is dit een "hot item" in alle nieuwsberichten. Terwijl
het al bij al over een ziekte gaat met erg beperkte impact.
Zou het misschien toch iets te maken hebben met het feit dat de
oorsprong in China ligt?
Er zijn mensen, zonder ze bij
naam te noemen, die er alles voor over hebben om China in een negatief daglicht
te stellen. Mensen die een beetje fake news en gepaste overdrijving niet schuwen.
En die gretig door de media nagebauwd worden.
Allemaal hebben we dat liedje talloze keren gehoord, als baby en als
kind.
En ja, de wetenschappers hebben bevestigd dat een slaapritueel, zoals bij
voorbeeld een wiegeliedje bij het slapen gaan, enorm belangrijk is voor een
kind.
Niet alléén slapen de kindjes véél vlugger in, ze blijven ook langer
kalm na een liedje. Zelfs al zouden de ouders af en toe een beetje vals zingen.
Bovendien heeft de wetenschap ook ontdekt dat een wiegeliedje voor de
baby een blijvende positieve invloed heeft op de latere intellectuele
ontwikkeling van het kind en op zijn/haar emotioneel welzijn als tiener. Een
slaapritueel zorgt voor structuur bij de kindjes, en geeft hen rust en
zekerheid. Niet alléén voor de komende nacht, maar ook in hun dagelijks
opgroeien: elk kind heeft zekerheden nodig, vaste steunpunten om zich aan vast
te houden in momenten van angst of onzekerheid.
Maar wat blijkt nu, tot mijn grote ontsteltenis?
Meer en meer komt die goede gewoonte in het gedrang! Meer en meer
jonge ouders, de millenials, zeg
maar, komen er 'avonds niet meer aan toe om hun baby met een rustgevend slaapritueel
in bed te stoppen. Geen tijd meer, misschien, na een te lange dagtaak? Of
compleet afgepeigerd en uitgeteld? Of gewoon geen zin meer omdat ze nog
voldoende ruimte voor zichzelf willen overhouden: "me time", ontspanning van de dagelijkse stress?
Hoe dan ook, het slaapritueel schiet er dan dikwijls, of soms helemaal,
bij in: er moeten immers keuzes gemaakt worden. Bij zowat twee derde van de
dertigers wordt er voor de kindjes geen slaapliedje meer gezongen.
Ik kan het niet genoeg benadrukken, voor alle jonge en aanstaande
ouders: "Laat het slaapritueel niet
vallen, maak er tijd voor!"
Het belang ervan is niet te onderschatten. Zowel voor de ouders zélf
als voor de kindjes: een gezond slaapritueel is de beste medicijn voor een
goede nachtrust.
Zing luidop over het schaapje met de witte voetjes, en je kind zal
heerlijk slapen. En jij zelf ook! Geen slaappillen meer nodig. Zélfs geen
meditatie of yoga meer nodig vóór het slapengaan. En schaapjes tellen om in
slaap te raken, hoeft ook niet meer. Gewoon zingen. Want vergis u niet: het
effect van het zingen is niet alléén rustgevend voor de kindjes, het helpt de
gestresseerde ouders ook om tot rust te komen en de stress van zich te laten
afglijden.
En wat de "me time" betreft:
als je baby na vijf minuten "Slaap kindje,
slaap" in dromenland vertoeft, dan heb je als ouder zélf extra veel "me time" voor de rest van de avond. En
ondertussen heb je, als bonus, onschatbare "we
time" gehad met je kind; en dat kan niemand je ooit nog afnemen.
Wie zélf niet kan zingen, die kan nog altijd een abonnement op Spotify
nemen en een playlist opstellen met wiegeliedjes, toch? En dan zélf ook in
slaap vallen terwijl de muziek speelt.
Had u gedacht dat het feminisme
een totaal nieuw fenomeen is van de wilde jaren zestig in de vorige eeuw, toen
vrouwen hun beha's gingen verbranden, en meer seksuele vrijheid zochten, en
het recht op abortus op de agenda werd gezet? De tijd van de "Dolle Mina's", en van de vrijgevochten
hippies, voor wie het zich nog herinnert. Vergis u niet: er waren al feministes
in de 14de eeuw.
En wie dacht dat fake news
een nieuw fenomeen is dat door D.J. Trump is uitgevonden, die is ook mis. Het
bestond ook al in de 14de eeuw.
Terloops: dat de feministes in de jaren zestig massaal hun beha's
zouden verbrand hebben, is óók fake news. Géén enkele vrouw heeft dat toen ooit
écht gedaan. Het is een verzinsel om de Dolle
Mina beweging een beetje spectaculairder te doen lijken. Het is wél zo dat
jonge vrouwen in die periode de beha als een vrouwonvriendelijk symbool van
seksuele onderdrukking beschouwden en zonder beha wilden rond lopen. Wat ook
weer grappig is, want de beha was een uitvinding van een vrouw, precies als
reactie tegen het vrouwonvriendelijk korset.
Maar we dwalen af.
De feministe waar ik het over wil hebben, is Heilwige Bloemaert: een geëngageerde, vrijgevochten en
sociaalvoelende jonge vrouw, die het op zich genomen had om in het Brusselse een
tehuis op te zetten voor weduwen of alleenstaande vrouwen die het moeilijk
hadden. Een soort opvangtehuis, dus.
Maar dat bleek niet naar de zin van de toendertijd nog oppermachtige
en hyper conservatieve katholieke kerk. De kerk had het niet erg op met vrouwen
die té "onafhankelijk" leken te zijn.
Zo werden bijvoorbeeld in die periode zelfs de begijntjes verketterd wegens hun
zelfstandige levensstijl. Want dat was niet naar de zin van de macho
kerkleiders.
Om dat een beetje extra in de verf te zetten, hebben de latere "geschiedschrijvers" in de 15de
eeuw een fake verhaal verzonnen over hoe die vrouw letterlijk onder de voet
gelopen werd door ene Jan Van Ruusbroec.
Dat was een monnik die in dezelfde periode leefde alsjuffrouw Bloemaert.
Die zou, volgens dat achteraf gefabriceerd verhaal een harde strijd geleverd
hebben tegen ketterse figuren zoals ons Heilwige.
Terwijl pater Ruusbroec helemaal geen
ketterjager was, maar eerder een brave man die de leer van de kerk naar het
gewone volk wilde brengen.
Geïnspireerd door dat verhaal, heeft een beeldhouwer dan in het begin
van de twintigste eeuw een beeld gemaakt, dat de Brusselse Sint-Michielskathedraal
opfleurt: pater Ruusbroec die het
hoofd van de ketterse "Bloemardinne"
met zijn voet verplettert. Het moet gezegd: beeldend is het wél. De opdracht
voor dat stichtelijke beeld kwam van de katholieke vertegenwoordigers in de
Brusselse gemeenteraad, als "wraak" omdat
er op één van de gevels van het Brusselse stadhuis een beeltenis gehouwen werd
van juffrouw Bloemaert(de enige vrouw, overigens, die de gevels siert)
terwijl zij een beeld van pater Van
Ruusbroec gewild hadden. Kortom: pure kleingeestige dorpspolitiek waar de
katholieke kerk toen niet bepaald vies van was.
Nee, een voorloper als het gaat over vrouwenemancipatie is de
katholieke kerk nooit geweest. En nu nog altijd niet. Zelfs de huidige,
redelijk progressieve, paus, die zowaar zelfs het celibaat in vraag durft te
stellen, is totaal niet te vinden voor het idee van vrouwelijke priesters.
Misschien moeten de resterende begijntjes eens in massa hun beha's
gaan verbranden op het Sint-Pietersplein in Rome?
Voor de fans van het Aalsterse carnaval, nog deze anekdote rond
diezelfde Brusselse kathedraal. Sommige glasramen beelden niet mis te verstane
karikaturen uit van de joden, compleet met haakneus en al. Maar in
tegenstelling tot de Aalsterse stoet is daar nooit een controverse rond
geweest, en heeft de Unesco géén enkel probleem met die afbeeldingen.
Hoe ging dat spreekwoord ook al weer over "twee maten en twee gewichten"?
Héél nabij zelfs: we zijn tot op 100 seconden van "Doomsday" verwijderd!
Nee, dat is géén voorspelling van Nostradamus
of van Madame Blanche. En het is géén
nieuwe conclusie van de Getuigen van
Jehovah. Het is ook geen fake
voorspelling gebaseerd op de Maya-geschriften. Het is zélfs geen boodschap van
de onheilsprofeten waartegen Donald ons gewaarschuwd heeft. Het is een
mededeling van een eminente groep wetenschappers, waaronder enkele
Nobelprijswinnaars, verzameld in een exclusieve studiegroep: de "Bulletin of Atomic Scientists". Geen
kneusjes of dommeriken, zou ik zo denken.
Ieder jaar maken die geleerden een "stand van de wereld" op, en berekenen ze hoe dicht we aan de rand
van de afgrond gekomen zijn. Symbolisch stellen ze dat voor met een klok, die
aangeeft of het al "vijf voor twaalf"
is: de "doomsday clock".
Hierbij kijken ze naar de grootste bedreigingen voor deze wereld. Door
de mensen zélf, oorlogsretoriek vooral; en door externe problemen op onze
planeet, zoals de klimaatopwarming.
En blijkbaar staan we op dit moment beangstigend dicht; dichter dan we
ooit geweest zijn.
Toegegeven, we balanceren al langer op de rand van de afgrond; het "einde der tijden" is al een hele tijd
gevaarlijk dichtbij. In 1949 is de klok voor het eerst dicht tot "middernacht" genaderd: 3 minuten vóór
middernacht om precies te zijn, omwille van de eerste proeven met kernwapens.
In 1953 zijn we zélfs al een keer tot op 2 minuten van "Doemdag" genaderd, toen zowel de Russen als de Amerikanen met
waterstofbommen begonnen te spelen. Maar daarna is de rede een beetje terug
gekeerd in deze wereld, en zijn de grootmachten eindelijk met elkaar gaan
praten; en in de jaren zestig hadden we weer 12 minuten om ons voor te bereiden
op het einde. In 1984 zijn we dan weer wat dichter bij de afgrond genaderd, tot
op 3 minuten, met dank aan de oorlogsretoriek van Ronald Reagan die zich nog
altijd een cowboy-acteur waande. In de late jaren tachtig is de koude oorlog
helemaal gaan ontdooien, met de val van de Berlijnse muur en zo. En de klok is in 1991 zelfs even terug gezet tot 17
minuten voor twaalf; nooit eerder, in de moderne geschiedenis hadden we zó veel
tijd op overschot. Maar sindsdien is het er alléén maar
op achteruit gegaan (of liever: vooruit, op de klok). En vanaf 2017 (met de
verschijning van de heer Donald J. Trump, weet je wel) gaat het écht steil
bergaf met de tijd die ons nog rest. En nu zijn we dus voor het eerst onder de
2 minuten gezakt.
En nu?
Ik zou zeggen: hoog tijd om onze bucket list af te werken!
Al is 100 seconden wel érg weinig om nog alles te doen wat je nog
graag had willen realiseren of meemaken.
Verdomme, hee! Had ik dat nu wat
vroeger geweten, ik was al wat eerder beginnen nadenken. Want nu heb ik maar
100 seconden meer, en die zullen voorbij zijn éér ik zelfs maar bedacht heb wat
ik nog wil beleven in de tijd die ons rest.
Vreemd eigenlijk, niet?
Stel dat we inderdaad niet lang meer hebben, hoe zouden we onze
resterende levensdagen dan willen doorbrengen? Heeft u daar al over nagedacht?
Ik dus nog niet, en daar heb ik nu spijt van, zie!
Het is toch wel een belangrijke vraag, is het niet?
Wat willen we nog doen met ons
leven? Wat willen we nog bereiken? Wat willen we graag nog één keer beleven?
Wie willen we graag nog een keer ontmoeten? Waar zouden we graag nog eens
naartoe gaan?
We piekeren dagelijks over de vraag wat we morgen gaan eten, wat we
morgen op het werk zullen moeten doen, hoe veel geld er nog op onze rekening
staat, hoe lang onze auto nog dienst zal kunnen doen, wat we nog allemaal
zouden willen kopen, enzovoort. Maar we staan er zelden of nooit bij stil wat
we met ons leven willen doen, hoe we van ons leven een écht mooi en kostbaar
leven willen maken, een leven dat de moeite waard zal geweest zijn als we er op
onze sterfdag op terug kijken.
Misschien beter niet te lang meer mee wachten: we hebben nog 100
seconden!