200 g bosvruchten zoals blauwe bessen en aalbessen, rood fruit zoals aardbeien, frambozen
poedersuiker, voor het bestuiven (desgewenst)
Extra nodig:
een koekjessteker van 6,5 cm doorsnee
een taartblik voor 12 taartjes ingevet
Bereiding:
Draai de amandelen, bloem en tafelsuiker kort met de pulseerknop in een keukenmachine. Voeg de boter toe en pulseer tot het mengsel op fijn broodkruim lijkt. Giet er bij de draaiende moter geleidelijk het water bij tot het mengsel een deeg vormt. Giet er zo nodig iets extra water bij. Druk het deeg samen tot een bal. Verpak in plasticfolie en leg minstens 30 minuten in de koelkast. Rol het deeg op een licht met bloem bestoven werkblad dun uit. Steek er met de koekjessteker cirkels uit en gebruik de afsnijdsels om meer cirkels uit te steken. Druk de cirkels in het ingevette taartblik en prik de bodems in met een vork. Bak ongeveer 12 minuten in een op 190 °C voorverwarmde oven tot het deeg goudgeel en gerezen is. Laat afkoelen op een metalen rooster.
Spatel in een kleine kom de crème fraîche en lemoncurd door elkaar. Schep lepels van het mengsel in elk deegbakje. Verdeel er de bosvruchten over en bestrooi desgewenst met poedersuiker.