- 600 gr. kalfsgebraad - 300 gr. champignons - 3 sjalotten - 1 el vloeiende bloem - 2 dl. droge witte wijn - 2 dl. room - zeste van 1/2 citroen - boter of olie - pezo
Het gebraad in fijne plakjes snijden. De champignons in plakjes snijden. De sjalotjes fijn snipperen.
De vleesplakjes kort in boter of olie op een hevig vuur bakken. Kruiden met peper en zout. Apart warm houden.
In dezelfde pan de champignons en de sjalotsnippers kort bakken. De bloem toevoegen en omscheppen. De wijn er bij doen, omscheppen en vijf minuten laten sudderen. De room toevoegen en drie minuten zacht laten koken.
Het vlees toevoegen, samen met de citroenzeste. Afkruiden met peper en zout en laten doorwarmen.