Ik ben het Lam van
God dat uit de Hemel komt bij elke consecratie die mijn trouwe Herders hebben
gedaan; elke geconsacreerde Hostie is geestelijk voedsel voor mijn schapen!
12/06/2020
Oproep
van Jezus, Heilig Sacrament, aan Zijn trouwe volk – Bericht aan Enoch
Mijn
vrede zij met jullie, Geliefde Kinderen
Hoe
verdrietig voel Ik me in mijn liefdevolle Hart als Ik de minachting,
vernedering en heiligschennis zie die ik van veel van mijn Priesters en mijn Kinderen
zal ontvangen, wanneer mijn Huizen worden heropend! Ik zeg je dat mijn Heilig
Offer niet langer hetzelfde zal zijn; het voorwendsel van de pandemie zal ertoe
leiden dat veel van mijn Priesters en Hiërarchen van mijn Kerk mijn Goddelijkheid
zullen ontheiligen en mijn Lichaam en mijn Bloed zullen uitreiken aan mijn Kudde
in de hand alsof het een stuk brood is. Ontrouwe herders! Weten jullie niet dat
IK IN ALLE GECONSACREERDE HOSTIES LEVEND EN WAARLIJK AANWEZIG BEN, Mij geef als
het Geofferd Lam, als Spiritueel Voedsel, voor mijn Volk? Wat een gebrek aan
gezond verstand! Wat een gebrek aan naastenliefde voor Mij en mijn Kudde, degene
die jullie gaan plegen wanneer mijn Heilig Offer wordt hervat!
Ik ben
het Lam van God die neerdaalt uit de Hemel bij elke Consecratie die door mijn
Trouwe Herders wordt uitgevoerd; elk Geconsacreerde Hostie is spiritueel
voedsel voor mijn Schapen. In elke door mijn Priesters Geconsacreerde Hostie
voltrekt zich het Mysterie van de transsubstantiatie van mijn Lichaam en Bloed.
Ik ben het, in al mijn Goddelijkheid, die neerdaalt uit de Hemel om Leven te
worden, om Zichzelf te geven als Spiritueel Voedsel en om in het hart van elk
van mijn trouwe Kinderen te wonen, die mij waardig ontvangen. Ik ben niet enkel
een stuk brood. Ik ben het Levende Brood dat neerdaalt uit de Hemel. Ik ben het
Spiritueel Manna, die de honger stilt en de dorst lest van mijn Kudde. Ik ben
jullie Drie-ene God, die komt om jullie Leven in Overvloed te geven.
Ik vraag
jullie: verdien Ik zo’n verachtelijk misbruik door sommige van mijn Priesters
die mij uitreiken aan mijn Volk, als was het een stuk brood? Verdien Ik zo’n
verachtelijk misbruik wanneer Ik wordt ontvangen door vele van mijn Kinderen,
onwaardig of in de Hand? Waarlijk Ik zeg jullie: Ieder die mij uitreikt, of mij
onwaardig ontvangt, of in zijn hand, is schuldig en pleegt heiligschennis, als
hij geen berouw heeft en er eerherstel voor biedt. Zoals jullie mij behandelen
in deze wereld, zo zullen jullie ook behandeld worden in eeuwigheid, wanneer
jullie voor Mij verschijnen.
Heroverweeg dit, Priesters van mijn Kerk; denk na Dwaze
Schapen, zodat jullie morgen over niets spijt moeten hebben! Ik ben het Lam
Gods die Zichzelf geeft uit Liefde en Leven wordt in de eenvoud van elke
Geconsacreerde Hostie. Vergeet dit niet, zodat jullie mijn Goddelijkheid niet
blijven mishandelen! Vrede laat Ik jullie, mijn vrede geef Ik jullie.
Heb berouw en bekeer jullie, want het Koninkrijk van God is
nabij.
Jullie Lam, Jezus in het Heilig Sacrament
Maak mijn boodschappen kenbaar aan de hele mensheid, mijn
Kudde
Beste vrienden, ik heb de oproep gevoeld om de leringen van
onze Heer over de 'gave van het leven in de goddelijke wil', die Hij ons via
Luisa Piccarreta heeft gegeven, vuriger te promoten. God heeft deze
buitengewone genade, deze 'gave van alle gaven' voor onze tijd bewaard als een
remedie - en meer dan een remedie - voor de ongekende kwalen van de wereld. Ik
heb hieronder bronnen opgesomd die duidelijk het onderscheid uitleggen tussen
het doen van de goddelijke wil en het leven in de goddelijke wil. Geloof me,
het maakt het verschil in de wereld. God speelt geen verdedigend spel, Hij
speelt in het offensief helemaal tot aan zijn niet te stoppen overwinning.
Luisa Piccarreta was een zeer heilige ziel (1865-1947),
onvoorstelbaar nederig, met een bijzonder mystiek leven, wiens heiligheid wordt
erkend, niet alleen door haar degenen die haar kenden (inclusief H. Padre Pio),
maar op het hoogste niveau van de Kerk. Ze is tot Dienares van God verklaard en
haar zaligverklaring werd aan het Vaticaan voorgelegd. Haar dagboek, meer dan
8000 pagina's, werd bestudeerd door Vaticaanse theologen in de Italiaanse taal
en er is vastgesteld dat het geen fouten in geloof of moraal bevat. In 2015
publiceerde de Vaticaanse pers haar biografie, met een voorwoord van Kardinaal José Saraiva Martins.
Wat hij in het voorwoord schreef: De diepe getuigenis van
Luisa Piccarreta trekt mensen aan tot de diepste eenheid met [God] Dit leven
in de Goddelijke Wil [de hoofdzaak van Luisas openbaringen] is de feitelijke
weg waarin de Zoon Jezus op aarde leefde, en hier met Hem het leven in de Hemel
bracht [Luisa] transformeerde haar hele hart in een woonplaats voor God
alleen. Degenen die haar ontmoetten voelden zich aangetrokken tot de waarheid
van de Hemel het is precies in het alledaagse leven dat Gods barmhartigheid de
mensheid zoekt om hen tot de onschuld van Eden te herstellen Kardinaal Martins
The Sun of My Will
Het boek was snel uitverkocht en er is nog geen tweede druk
beschikbaar. Professor Daniel O'Connor heeft echter een video geplaatst waarin
hij de belangrijkste thema's van het boek samenvat, samen met de bijbehorende
fragmenten. De video en fragmenten zijn hier te vinden: www.sunofmywill.com.
Padre
Pios goedkeuring van Luisa Piccarreta
Wie het lijden van Gods Wil aanvaard, en angst overwint,
zoals de H. Padre Pio van Pieltrelcina, een groot bewonderaar van Luisa p. 66
Betreffende Federico Abresch, de bekende fotograaf van
Padre Pio, die de intense relatie tussen Luisa en Pio levend hield door
boodschappen te brengen tussen de twee, staat in The Sun of My Will:
er ontstond een sterke spirituele band tussen [Federico
Abresch] en Padre Pio evenals met Luisa; en daarom voelde Federico zich altijd
een toegewijd spiritueel kind van Padre Pio en een trouwe discipel van Luisa
Hij vond een eindeloze bron voor zijn spiritualiteit in de boodschap van de
Goddelijke Wil. En naar beste vermogen deelde hij vreugdevol over de weldaden
aan degenen die het omarmden. Er zijn talloze getuigenissen over de wederzijdse
achting en geloof dat Luisa en Padre Pio in elkaar hadden p. 174-175
Padre Pio verwees ook naar Luisa als heilige, hoewel haar
geschriften werden veroordeeld (wat teniet werd gedaan door Kardinaal Ratzinger
in 1994):
de beroemde zin van Padre Pio was bedoeld met betrekking
tot Luisa nadat haar geschriften werden veroordeeld: Heiligen worden gemaakt,
maar wee degenen die de Heiligen maken! p. 175
Padre Pio maakte het kruisteken over het hoofd van een
stervend meisje en zei: Ja, door de voorspraak van Luisa Piccarreta, heeft de
Heer haar gered. p. 175
Zelfs de inwoners van San Giovanni Rotondo wisten hoeveel
respect Padre Pio had voor Luisa. Mevr. Adriana Pallotti herinnert dat de dag
dat ze Padre Pio, haar spirituele leidsman, vroeg of ze er goed aan deed geld
te geven om Luisas boeken te laten drukken. Padre Pio zei ja en tot haar
eigen verbazing liet hij haar de vraag herhalen en zei hij opnieuw duidelijk ja.
p. 175
Mirakels
rond Luisa
Zoals sommige grote mystieken werd Luisa miraculeus gevoed
door de Eucharistie alleen. Als Luisa soms iets eet, wanneer ze ertoe
gedwongen wordt door een familielid, geeft ze het over een paar minuten later.
Maar het voedsel dat ze overgeeft is helemaal intact, fris en geurig. Maar de
mensen rond haar lijken een soort spirituele blindheid te hebben en zien hierin
niets miraculeus. p.46
Eveneens verbazingwekkend werd Luisa elke morgen wakker,
maar stijf als een steen nog kon ze zich bewegen, of kon iemand anders haar
verplaatsen (hoe sterk ze ook waren) tot de priester binnenkwam om haar te
zegenen, dan werd haar stijfheid volledig genezen. Zoals we kunnen zien, was er
geen leven zo afhankelijk van priesters als dat van Luisa. Over dit fenomeen
staat het volgende:
Deze staat van voortdurend bedlegerig te zijn wordt met de
gehoorzaamheid van haar biechtvader, Luisas permanente en definitieve
conditie, maar als er geen zegen is van de priester, blijft ze stijf als een
steen. P.73-74
Wanneer het duidelijk wordt dat Luisa niet langer in staat
zal zijn om haar huis te verlaten en dat zonder mirakel haar toestand van
stijfheid onomkeerbaar is, worden haar ongewone deugden erkend, vooral haar
gehoorzaamheid en nederigheid. Daarom wordt een verzoek voor een indult
gezonden naar Paus Leo XIII [na de indult werd ingewilligd door de Paus wordt
elke dag de Mis opgedragen in haar kamer] en wordt haar kamer omgevormd tot een
kapel waar het altaar zich in een grote kleerkast bevindt p.80-81
Het feit dat Luisa bedlegerig is niet buitengewoon op
zich [haar] situatie lijkt normaal voor iemand die ziek is, maar is van
een hele andere natuur dat niemand kan uitleggen geen familieleden, dokters,
of andere mensen Wanneer men denkt aan Luisa, is de persoon waaraan men denkt
de H. Theresia van Lisieux, een tijdsgenote, maar die helemaal niet anders
leek te zijn p. 93
Zelfs
Luisas dood en begrafenis waren miraculeus:
Pr. Benedetto Calvi beschrijft wast er gebeurde bij Luisas
dood: Haar hele lichaam ontwikkelde geen rigor mortis Mensen konden het elke
dag zien hoe ze was opgebaard. Mensen van Corato en vele mensen van andere
steden kwamen afscheid van haar nemen en konden haar aanraken. Men kon haar
hoofd draaien in alle richtingen zonder inspanning, haar armen opheffen, haar
vingers plooien. Zelfs haar oogleden konden geopend worden en haar ogen zagen
helder als tevoren, zonder een doodsfilm. Luisa leek te leven, net alsof ze
sliep. Daarom kwam een groep dokters het lichaam grondig onderzoeken en
verklaren dat Luisa werkelijk gestorven was. Met toestemming van de
autoriteiten was het noodzakelijk haar vier dagen op haar sterfbed te laten en
er waren geen tekenen van ontbinding. Zo kon de grote menigte mensen haar een
laatste groet brengen in haar huis. p. 179
Na drie dagen en drie nachten waren haar handen zo zacht
alsof ze nog leefde. Hoewel ze reeds vier dagen was overleden was er geen
doodsgeur in de kamer. Van zodra het nieuws zich verspreidde in de stad dat ze
was overleden, stroomden de mensen toe naar de Magdalenastraat 20 om de stoffelijke
resten te zien van Luisa de heilige. Dat was de naam waarbij ze bekend was.
Omdat het niet mogelijk was haar op haar rug te leggen, moest een timmerman een
speciale kist maken om haar positie te bewaren. Pr Benedetto voegde eraan toe
dat de begrafenis een feestdag was voor heel Corato. Duizenden arbeiders en
boeren gingen niet werken. Velen gingen naar de begrafenisprocessie, om haar
bescherming te vragen omdat ze aanzien werd als heilige. De nieuwsbladen
hadden het over de gebeurtenis, die in het geheugen van de bevolking bijbleef
als iets buitengewoons p. 180-181
H.
Hannibal (Annibale) Di Francia: De zeer ijverige Apostel van Luisas
geschriften
Luisa kende Pr Annibale Di Francia sinds 1910 waarvan
Luisa Jezus hoort zeggen dat hij de eerste apostel van de Goddelijke Fiat zal
zijn en aankondiger er werden minstens 69 brieven geschreven van Luisa aan Pr
Annibale en 21 van de priester aan Luisa. Hij voelt de drang om het bewustzijn
van wat Christenen elke dag bidden in het Onze Vader te verspreiden, met Uw
Wil geschiede op aarde als in de Hemel op de eerste plaats. Nadat hij Luisa
bezocht, gaat hij dikwijls naar de kleine kamer ernaast waar hij leest, op zijn
knieën en met tranen van vreugde in zijn ogen, wat Luisa had geschreven. P.
106-108
Pr Di Francia is zo overtuigd van het belang en de weldaad
van haar geschriften dat hij beslist een van Luisas werken in 1915 te
publiceren met een nihil obstat en een imprimatur. Zijn enthousiasme voor de
tekst is zo groot dat hij in 1915 een kopie stuurt naar de aartsbisschoppen en
bisschoppen met een circulaire erbij waarin hij vraagt om het meer te
verspreiden om dat Deze paginas geïnspireerd lijken p. 109
Pr Annibale heeft een groeiend verlangen om deze leer over
de Goddelijke Wil kenbaar te maken aan iedereen. In het voorwoord zegt hij dat
het Traktaak van de Goddelijke Wil een geheime openbaring is van het feit te
leven in vereniging met de Goddelijke Wil en de immense, onschatbare weldaad
dat eruit voortvloeit. Het handelen in Gods Wil betekent zich zo volledig
identificeren met alle Goddelijke intenties en acties dat de ziel groeit en
transformeert. Door de kleine non zonder klooster [Luisa], zoals Jezus het
wilde, in een kleine stad in het Zuiden van Italie, stuurt God een boodschap
dat als ze verwelkomd wordt, Hij erover zegt dat het de wereld zal veranderen.
Priester Di Francia verspreidt de boodschap met de autoriteit dat hij heeft en
op een manier, dat traag maar zeker, een eeuw later tot ons is gekomen. p.
114-115
In het kort zegt Pr Hannibal erover:
Dit zijn geschriften die kenbaar moeten gemaakt worden aan
de wereld. Ik geloof dat ze grote weldaden zullen brengen geen menselijk
intellect zou in staat zijn om ze te creëren. p. 117
Aartsbisschop Giuseppe Maria Leo zal zijn imprimatur
verlenen aan de eerste 18 delen. Het werk heeft ook een titel die door Jezus werd
geïnspireerd. In feite ziet Luisa Hem naast Pr Annibale in haar extases, en
vertelt hem de titel om het aan het boek te geven dat zal gedrukt worden over
zijn Wil: Het Koninkrijk van mijn Goddelijke Wil temidden van schepselen het
boek van de Hemel de oproep van het schepsel naar de orde, de plaats en het
doel waarvoor hij werd geschapen door God. En paar maanden vooraleer hij
sterft biecht hij aan Luisa op, op 14 februari 1927: Weet dat ik voor een
tijdje niet langer bezig was met praktisch iets te doen of andere dienen
betreffende mijn bediening, omdat ik mij volledig heb toegewijd aan het grote
werk van de Goddelijke Wil. Hij zeg het zelfde nogmaals op 24 maart 1927. Pr.
Annibale had de roeping zich bijna exclusief toe te wijden om Luisas
geschriften te verspreiden. Men kan zeggen dat Pr. Annibale, net zoals een paar
andere personen, Luisa en haar missie begrepen. Hij schreef van Luisa: De
vrome auteur van de Uren van het Lijden zou nooit, om geen enkele reden ter
wereld, haar intieme en lange communicaties met bewondering hebben opgeschreven
als Onze Heer zelf haar niet herhaaldelijk haar verplicht dit te doen, zowel
persoonlijk als door haar heilige gehoorzaamheid aan haar biechtvaders, waaraan
ze zich altijd onderwierp. De zuiverste maag, volledig toegewijd aan God, die
uitgroeit tot een uitverkorene te zijn van de Goddelijke Verlosser, Jezus Onze
Heer, die eeuw na eeuw, de wonderen van Zijn liefde nog meer uitdraagt. Het
lijkt dat Hij deze maagd wilde vormen. Hij noemt haar de kleinste die Hij op
aarde vond, zonder enige educatie, en tot instrument maakte van een missie die
zo verheven is nl. de triomf van de Goddelijke Wil. p. 121-122
Het censor liborum van Luisa's geschriften was Pr. Annibale
(of Hannibale) di Francia. Hij was een heilige man en de grondlegger van twee
religieuze ordes. Hij was de eerste en meest ijverig promotor van Luisa's geschriften.
Hij werd heilig verklaard door paus Johannes Paulus II in 2004 en in 2010
installeerde paus Benedictus XVI een groot standbeeld van de heilige buiten de
Vaticaanse basiliek.
Jezus vertelt Luisa dat de Heilige Geest klaar is om in
Zijn volheid op aarde af te dalen, om door deze gave het Tijdperk van Heiliging
in te luiden.
Personen die deze geschriften duidelijker maken
:
Daniel O'Connor (Divine
Will in a Nutshell)
Fr. Joseph Iannuzzi: hij kreeg van het Vaticaan de opdracht
te werken aan de Engelse vertaling van Luisas 36 delig dagboek
Fr. Robert Young (moge hij in vrede rusten) heeft een
uitstekende reeks podcasts over de goddelijke wil, te vinden op
https://divinewilllife.org/, inclusief een 12-delige inleiding tot de
goddelijke wil. Hij heeft dit gesprek van een uur ook als een korte
introductie.
De gave van leven in de goddelijke wil is voor iedereen
bedoeld. Het is niet bedoeld om andere katholieke devoties te vervangen, maar
omarmt en versterkt ze. We blijven al onze goede en heilige praktijken doen,
maar leren ze door genade op een nieuwe manier te doen. Dit omvat alle
alledaagse handelingen, van de kleinste tot de grootste. Hoe meer mensen er
zijn die naar deze gave verlangen en er meer over leren, des te eerder zal het
Onbevlekt Hart van Maria zegevieren en zal het Koninkrijk van de Goddelijke Wil
gaan regeren. Dit is niet de wederkomst van Christus, maar een herstel van het
leven op aarde zoals God het bedoeld heeft vanaf het begin, waar zijn wetten in
ons hart geschreven zijn, waar we zijn volk kunnen zijn en Hij onze God kan
zijn. Het is de vervulling van het gebed dat Jezus ons leerde en dat we 2000
jaar hebben gebeden: "Uw Rijk kome, uw wil geschiede op aarde zoals in de Hemel".
Het is een terugkeer naar het doel, de plaats en de volgorde waarvoor we zijn
gemaakt.
Als u een opwinding in uw hart voelt, weet en geloof dat
God u roept om deel uit te maken van dit Grote Werk van Hem. Moge God ons
allemaal dieper in Zijn heilige en aanbiddelijke Wil leiden. Fiat!
Een priester vertelde me onlangs dat een leek tot God kan
bidden om zijn zegen over verschillende dingen. En we kunnen wijwater op
voorwerpen en plaatsen sprenkelen en de Naam van Jezus herhalen. Maar we kunnen
ze niet wijden of zegenen op eigen
kracht of iets zeggen als "In de naam van de Heer zegen ik u" of
"In de macht van de Kerk..." Dat is voorbehouden aan de Priester.
Maar hij moedigde me wel aan om door het huis te gaan en heilig water te
sprenkelen terwijl ik de naam van Jezus herhaalde.
Wat je wel kunt zeggen als je reeds wijwater en gezegend
zout of olie hebt: Moge God (voorwerp of
naam van persoon) zegenen in de Naam van de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.
Hier vraag je God om genaden uit te storten, geen kracht om te zegenen, want
dat kan enkel een Gewijde Priester.
Een vader/moeder kan wel hun kind zegenen met een kruisje
met de duim te geven op het voorhoofd van het kind, en het zo onder de
bescherming van God te plaatsen: God
zegent je, God beware je.
H. Cyrillus van Jeruzalem: Laat het Kruis ons zegel zijn,
met moed, gemaakt door onze vingers op ons voorhoofd en in alles; over het
brood dat we eten en de beker dat we dringen, in ons komen en gaan, voor onze
slaap en wanneer we wakker worden, op reis en wanneer we rusten.
(in de vroege kerk maakten ze een kruisje op het voorhoofd)
Paus Benedictus XVI angelus op 11/09/2005 : 'Het kruisteken
maken - zoals we tijdens de zegen zullen doen - betekent een zichtbaar en
openbaar' ja 'zeggen aan Degene die voor ons stierf en verrees, aan God die in
de nederigheid en zwakheid van Zijn liefde de Almachtige is, sterker dan alle
macht en intelligentie van de wereld. '
Katholieke
Encyclopedie :
De waarde van een zegen die een particulier in zijn eigen
naam geeft, staat in verhouding tot zijn aanvaardbaarheid voor God vanwege zijn
individuele verdiensten en heiligheid. Aan de andere kant heeft een zegen die door
de Kerk is goedgekeurd het gewicht van autoriteit die de stem van de bruid van
Christus, bereikt en pleit namens haar kinderen. De hele werkzaamheid van deze
zegeningen, voor zover ze liturgisch en kerkelijk zijn, is dus afgeleid van de
gebeden en aanroepingen van de Kerk die in haar naam door haar dienaren wordt
gedaan.
Zegeningen kunnen worden onderverdeeld in twee klassen,
namelijk: als aanroeping en constitutief. De eerste zijn die waarin de
Goddelijke goedheid wordt aanroepen op personen of dingen, om een tijdelijk
of spiritueel goed op hen neer te doen dalen zonder hun vroegere toestand te
veranderen. Dit soort zijn de zegeningen die aan kinderen en over maaltijden
worden gegeven. De laatste klasse wordt zo genoemd omdat ze personen of dingen
permanent tot goddelijke dienst toewijden door hun een heilig karakter te
geven, waardoor ze een nieuwe en aparte spirituele relatie aangaan . Dat zijn
de zegeningen of wijdingen die kerken en liturgisch vaatwerk krijgen door hun
toewijding. In dit geval wordt een zekere blijvende kwaliteit van heiligheid
verleend op grond waarvan de personen of dingen die gezegend worden,
onschendbaar heilig worden, zodat ze niet van hun religieuze karakter kunnen worden
ontdaan of voor profane doeleinden kunnen worden gebruikt. Theologen
onderscheiden zegeningen van een gemiddeld soort, waardoor dingen tot
bijzondere instrumenten van redding worden gemaakt zonder tegelijkertijd
onherroepelijk heilig te worden, zoals gezegend zout, kaarsen, enz. Zegeningen
zijn geen sacramenten; ze hebben geen goddelijke instelling; ze verlenen geen
heiligmakende genade; en ze brengen hun effecten niet voort krachtens de ritus
zelf, of ex opere operanto. Het zijn sacramenten en als zodanig hebben ze de
volgende specifieke effecten:
* Opwekking van vrome emoties en genegenheid van het hart
en, door middel hiervan, opwekken tot vergeving van alledaagse zonden en van uitboeting
van de tijdelijke straf die daardoor wordt veroorzaakt.
* Bevrijding van macht van boze geesten;
* Behoud en herstel van de lichamelijke gezondheid.
* Diverse andere voordelen, tijdelijk of spiritueel.
Al deze effecten zijn niet noodzakelijkerwijs inherent aan
één zegen; sommige worden veroorzaakt door een gebruikte formule en andere volgens de intenties van de Kerk. Evenmin
mogen deze effecten als onfeilbaar worden beschouwd, behalve voor zover de Kerk
deze eigenschap toekent. De religieuze verering, waarin de gelovigen zegeningen
niet aanzien als bijgeloof, aangezien het helemaal afhangt van de offers van de
Kerk aan God aangeboden (door de verdiensten van Jezus op het Kruis) dat de
personen die de gewijde dingen gebruiken die door de bedienaars van de Kerk
wijden, aan hen bepaalde bovennatuurlijke voordelen kunnen ontlenen. Er worden
gevallen gemeld in heiligenlevens waar wonderen werden verricht door de
zegeningen van Heiligen. Er is geen reden om de wonderbaarlijke tussenkomst van
God te beperken tot de vroege eeuwen van de Kerk, en de Kerk accepteert deze wonderbaarlijke
gebeurtenissen nooit tenzij het bewijs van hun authenticiteit absoluut
onaantastbaar is.
Dus een wijding moet strikt door
een Priester, Bisschop of Diaken gebeuren (zoals wijwater, medailles, kaarsen
enz.) omdat het de Priester is in Jezus plaats die de zegening of wijding
doet.
Maar een leek mag door hun Doopsel en hun geloof zegenen en
moet deze zegeningen gebruiken in het leven. Het kruisteken is een grote gaven
voor alle Christenen. Dus: een ouder mag de zegen geven aan zijn kinderen,
mensen mogen elkaar zegeningen toewensen, mensen mogen zegeningen vragen voor
andere mensen of zaken, maar natuurlijk
heeft het niet dezelfde uitwerking als van een Kerkelijk Bedienaar wat betreft
vb. het opheffen van duivelse krachten.
Wat met relikwieën van Heiligen? Het hangt af van het
geloof en de staat van genade van de persoon die de relikwie bij zich heeft en
hoeveel geloof hij stelt in de voorspraak van de Heilige. Maar een gewijd
voorwerp van de Priester, Bisschop of diaken heeft de zekere wijding en kracht.
Over het huwelijk:
De gedoopte mensen kunnen zegenen omdat God hen gezegend
heeft. We weten dat: 1. Het huwelijk een sacrament is. En een sacrament is een zichtbaar
teken waarmee God zijn Genade meedeelt. 2. We weten dat het doel van het
huwelijk betekent verenigd zijn en de Schepper, het hoofddoel is waarmee de echtgenoten zich
door middel van hun vruchtbaarheid ten dienste van het Leven stellen. Maar we weten
ook dat het een fout is om die vruchtbaarheid te beperken tot het zuiver
biologische aspect, alsof de samenwerking van de mens met God met betrekking
tot het nieuwe leven beperkt zou zijn om zwanger te worden en het nieuwe wezen
te verlichten. Nee, de vruchtbaarheid van de Christelijke echtgenoten is niet
beperkt, maar het strekt zich nog steeds uit en vindt uitdrukkingen die
verhevener zijn dan die van de biologische verwekking van het kleintje, waarbij
de verwekking in het leven van de geest is, en waarin de ouders zich verbinden
tot het doopsel en alle christelijke vorming. Het huwelijk is dus een sacrament,
omdat de echtgenoten daardoor de genade ontvangen die nodig is om voor de ander
een beeld van Christus te zijn, en een instrument waarmee Christus zijn genade
aan hen meedeelt.
Dit maakt in eerste instantie dat elke echtgenoot er is voor
de ander, wat het verenigende doel van het huwelijk vormt; maar het is
duidelijk dat het huwelijk niet kan worden beperkt dat, en dat tegelijkertijd
het verenigende doel NIET het hoofddoel alleen is dat het huwelijk beoogt; maar
dat de ouders, die deze eenheid van liefde hebben gevormd, samen, door middel
van deze eenheid, in de eerste plaats die liefde van Christus die ze beleven,
naar de anderen moeten overbrengen, in de eerste plaats naar de kinderen die
God aan hun zorg heeft toevertrouwt. Om die reden is het voortplantingsdoel het
primaire of belangrijker doel van het huwelijk: omdat een veronderstelde
eenheid van liefde tussen de Christelijke echtgenoten die deze genade van
Christus niet aan de anderen meedeelt, een dode eenheid is die niet echt op
Christus is gebaseerd.
Als de mens zegent omdat hij door God is gezegend, dus
in het specifieke geval van het huwelijk, de ouders, het beeld van God voor de
kinderen, wanneer de ouder de zegen aan zijn kinderen doorgeeft, de genade aan
hen van het huwelijk doorgeeft, is dat inderdaad het geval de genade die God
hen heeft gegeven om bevrucht te worden door middel van haar eenheid, die haar
kinderen niet alleen het biologische leven, maar ook het leven van de geest
voortbrengt. Kortom, de zegen van de ouders brengt de genade met zich mee die
God hen heeft gegeven om hun kinderen het leven van de geest te geven, reden
waarom het daarin een bevoorrechte daad is waarmee de ouders hun kinderen
helpen God te vinden en ze zegenen.
Plaats een afbeelding van de Goddelijke Barmhartigheid op je
voordeur, zodat het duidelijk is dat je je vertrouwen stelt in God en de
belofte van bescherming.
Je kan deze afbeelding laten zegenen door een priester.
Maar een leek mag dit in dit geval
alleen ook zelf zegenen (niet
hetzelfde als wijding, dat kan enkel door een priester gebeuren):
RKKatechismus nr 1669 : Zij vallen onder het priesterschap
zoals dit door het doopsel verleend wordt: elke gedoopte wordt geroepen een
zegen te zijn en te zegenen. Daarom
kunnen leken bepaalde zegeningen verrichten, hoe meer een zegening het
kerkelijke en sacramentele leven betreft, hoe meer het voorgaan in een viering
aan de gewijde bedienaar (bisschoppen, priesters of diakens) voorbehouden zal
zijn.
Hoe de
zegening te verrichten over de afbeelding:
Maak
een Kruisteken over de afbeelding en zeg ondertussen: O Heer, ik zoek Uw zegen
over deze afbeelding in naam van de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.
De afbeelding van Jezus is heel belangrijk omdat Hij hier
wordt afgebeeld als het Offerlam waarbij een stroom van water en Bloed uit het
Hart van Jezus komt als een stroom van genade voor de hele wereld. Jezus
beloofde de H. Faustina dat ieder die deze afbeelding vereert niet in de Hel
terechtkomt. Hij belooft de zege over onze vijanden hier op aarde, vooral in
het stervensuur, en ons te verdedigen als Zijn eigen Glorie. Hij beloofde ook
vele genaden uit te delen zodat elke ziel er toegang zou toe hebben. Haar
biechtvader voegde er door de H. Faustina nog aan toe: Wanneer kastijdingen voor
zonden op de hele wereld neerkomen en je land ondervindt uiterste verwording
zal de enige toevlucht het vertrouwen zijn in Mijn Barmhartigheid.
Ik zal de steden en woonplaatsen beschermen waar de
afbeelding van de Goddelijke Barmhartigheid wordt gevonden. Ik zal de personen
beschermen die deze afbeelding vereren. De enige schuilplaats zal het
vertrouwen zijn in Mijn Barmhartigheid. Laat iedereen een afbeelding voorzien
voor zijn woonplaats want er zullen beproevingen komen, en deze gezinnen en elk
individueel die een diepe verering heeft voor deze afbeelding zal ik beschermen
tegen elke soort tegenslag. Er zal een tijd komen dat al degenen die dit in
praktijk brengen getuigenis zullen brengen van deze miraculeuze efficiëntie
ervan en bijzondere bescherming die van deze afbeelding komt.
Nr 1671 : Tot de sacramentalia behoren allereest de
zegeningen (van personen, maaltijden, voorwerpen, plaatsen). Elke zegening
bestaat uit een lofprijzing van God en een gebed om zijn gaven te verkrijgen.
In Christus zijn de Christenen door God de Vader gezegend met elke geestelijke
zegen (Ef 1:3). De Kerk geeft daarom de zegen onder aanroeping van de naam van
Jezus, hetgeen gewoonlijk gepaard gaat met het heilig teken van de kruis van
Christus.
Nr 2626 : De zegening geeft uiting aan de fundamentele
beweging van het Christelijke gebed: het is de ontmoeting tussen God en de
mens; hierin ontmoeten de gaven van God en het ontvangen van de mens elkaar en
beide gaan een eenheid vormen. Het gebed van zegening is het antwoord van de
mens op de gaven van God: omdat God zegent, kan het hart van de mens als
reactie daarop Hem zegenen die de bron is van elke zegening.
2627 : Er zijn twee fundamentele vormen die uitdrukking
geven aan deze beweging: nu eens gaat het gebed, gedragen door de H. Geest, in
opwaartse richting via Christus naar de Vader (wij zegenen Hem, omdat Hij ons
gezegend heeft); dan weer roept het de genade af van de H. Geest die, via
Christus, neerdaalt vanaf de Vader (Hij is het die ons zegent).
Daarom is het huwelijk een sacrament en kunnen ouders hun
kinderen zegenen. Deze zegeningen zijn gebeden en de gelovigen kunnen deze
zegeningen geven. Dit zijn geen zegeningen zoals een priester/diaken wijdt.
Het thema van water loopt als een rode draad door het
Nieuwe Testament. Nergens is er zoveel bewijs dat in het Evangelie van
Johannes. J. B. Lightfoot merkt op dat het hele Evangelie verwijst naar water,
als een symbool van zuivering, leven en de H. Geest; het is het medium waardoor
Jezus herhaaldelijk zijn identiteit toont en zijn doel van redding.; en een
sacramenteel symbool van het doopsel en de Eucharistie. Het motief verschijnt
eerst wanneer Johannes de Doper zich aankondigt als degenen die doopt met water
(Johannes 1:26). Het wordt voorgezet in de eerste mirakels van Jezus zoals in de
bruiloft te Kana. Water dat gebruikt werd in vaten die gebruikt werden voor de
Joodse zuiveringsrite veranderden in wijn, en zorgden dat de gasten nieuwe wijn
kregen toen de voorraad was uitgeput. De discipelen begrepen op deze manier
beter Jezus identiteit.(Joh 2:1-11) In zijn dialoog met Nicodemus legde Jezus
uit dat enkel degenen die geboren werden uit water en de Geest het Koninkrijk van
God zullen binnengaan (Joh 3:5).
Hij heeft ook een bijzondere ontmoeting met de
Samaritaanse vrouw bij de bron waar een groot deel van het gesprek over water
gaat (Joh 4:6-30). Hij geneest een lamme bij de poel van Bethesda (Joh 5:2-9),
verbaast zijn discipelen door op het water te lopen (Joh 6:16-21), een blinde
te genezen met water bij de poel van Siloam (Joh 9:7) en de voeten van zijn
discipelen te wassen als symbool van dienstbaarheid (Joh 13:1-20). Water maakt
een krachtige indruk in Johannes beschrijving van de Kruisiging wanneer het
water samen met Jezus Bloed uit zijn zijde vloeit als Hij aan het Kruis hangt.
Het suggereert dat Hij evenzeer redt door water als door Bloed. Uit deze
laatste verwijzing is de praktijk gerezen in verschillende Christelijke
tradities dat water gemengd wordt met wijn in de kelk. Het gebruik van wijn
gemengd met water in de viering van de Eucharistie wordt het eerst vermeld door
Justinus de Martelaar, de vroege Christelijke apologist, midden 2de
E.
De oorsprong van wijwater
De Kerk ontwikkelde zijn eigen concept van wijwater. In
hoofdzaak werd zijn spirituele efficiëntie bekeken in termen van exorcisme, wijding
en genezing, van de wijding door een priester en occasioneel door een leek.
Maar de Oosterse Kerk nam hierin de leiding en wijdde en gebruikte wijwater
vanaf de 4de E. Epiphanius, bisschop van Salamis vertelt dat in de
late 4de E bij Tiberias een man, Jozef genoemd, water sprenkelde op
een krankzinnige, nadat hij eerst het kruisteken had gemaakt en de boze geesten
beval om uit hem te treden. Theodore van Antiochië vermeldt dat Marcellus,
Bisschop van Apamea in de late 4e E water wijdde door een kruisteken
erover te maken en dat een van de paarden van de keizer weg genezen door het gewijdde
water te drinken. De oudste overlevering van de liturgie voor het wijden van
water werd gevonden in de Euchologion van Serapion, die Bisschop was van Thmuis
in Neder-Egypte en stierf rond 392, en een andere die blijkbaar door de H.
Basilius de Grote werd opgesteld gedurende een bezoek aan Jeruzalem in 377. De
H. Basilius bevestigde dat het water door gebed en wijding van de Priester de
levengevende kracht van de H. Geest ontvangt. Zijn ritueel werd waarschijnlijk
gebruikt in Antiochië op het feest van Driekoningen in 387 toen de H. Johannes
Chrysostomos een preek hield en zei: Dit is de dag waarom Christus werd
gedoopt en door Zijn doopsel heiligde Hij het element van water.
En om die
reden wordt op middernacht van dit feest, alle gelovigen tot het wijwater
geroepen en opgeroepen om het thuis te bewaren, omdat het water op deze dag
werd gewijd. Het werd later herzien door de H. Proclus, patriarch van Jeruzalem
van 634 tot 638. De Byzantijnse liturgie voorziet voor de plechtige wijding van
water op Driekoningen als herinnering van Christus doopsel in de Jordaan. Het
wordt beschouwd als een herbekrachtiging van het doopsel, waardoor Jezus aan
het water een mystieke kracht van heiliging gaf, een teken van de hemelse
stromen van goddelijke genade. Er wordt van het wijwater ook permanent wat aan
de ingang van de kerken in een wijwatervat bewaard, en het wordt officieel
hydrokometes (geïntroduceerde door water) dat de gelovigen sprenkelde als ze
binnen gingen. Terwijl de jaarlijkse Driekoningen ceremonie gekend was als de
Grote Wijding van het Water, werd er een reserve aangelegd voor andere mindere
wijdingen en wanneer er meer wijwater nodig was voor doopsels en andere
doeleinden. Het Concilie van Constantinopel van 691 bevatte de ritus voor het
wijden van water bij het begin van elke maand volgens de maankalender.
Het concept van wijwater lijkt later zijn intrede te hebben
gevonden in de Westerse Kerk, met de eerst historische getuigenis van de
praktijk van het wijden van water vanaf de 5de E, hoewel de H.
Ambrosius, bisschop van Milaan, die stierf in 397, leerde dat de H. Geest het
water consacreerde door het gebed van de bedienaar. De vroegste gekende
Latijnse liturgische tekst over het onderwerp is een voorschrift om het
wijwater te mengen met gewijd zout in de 6de E in het Liber
Pontificalis. Net zoals in de oosterse traditie zijn er vroege verwijzingen
naar de efficiëntie van leken die zegenen, evenals wijwater gewijd door
Priesters.
Gregorius van Toursvertelt het verhaal over een kluizenaar Eusitius genoemd die in de 6de
E leefden en slachtoffers van derdendaagse koorts genas door hen water te
geven dat hij had gezegend. Onder de vroegste opgetekende getuigenissen van het
gebruik van wijwater in Engeland is een verhaal van Bede die verteld hoe John
of Beverley, Bisschop van York van 706-721, een monnik stuurde om wat water mee
te nemen die hij had gewijd voor de wijding van een kerk naar een vrouw die
reeds 40 dagen zwaar ziek was. De monnik kreeg de instructie zowel haar wat van
dat water te drinken te geven en het deel van haar lichaam te wassen wat het
meest pijn deed. Onmiddellijk daarna stond de vrouw recht uit haar bed en was
ze volledig genezen. Uit: Water: A Spiritual History Ian Bradley
Lourdeswater
Op vraag van Anselme Lacadé in 1858 werd het Lourdes water
onderzocht door een professor in Toulouse, die rapporteerde dat het water
drinkbaar is en dat het water de volgende elementen bevat: zuurstof, stikstof,
koolzuur, carbonaten van kalk en magnesium, sporen van ijzercarbonaat, een
alkalisch carbonaat of silicaat, chloriden van kalium en natrium, sporen van
kaliumsulfaten en natriumcarbonaat, sporen van ammoniak en sporen van jodium. In
wezen is het water vrij zuiver en inert.
Het water is meestal koud; de temperatuur is ongeveer 12° C.
Lourdeswater stroomt uit een bron in de grot op dezelfde plek waar Bernadette
het ontdekte. Het water stroomt maximaal 40 liter per minuut. Het water wordt
opgevangen in een stortbak en afgegeven via een kranensysteem in de buurt van
het heiligdom, waar pelgrims het kunnen drinken of in flessen kunnen verzamelen
om mee te nemen. De originele bron is te zien in de grot, beschermd door een
glazen scherm.
In de afgelopen jaren is het systeem van kranen geleidelijk
veranderd. Vanaf 2008 wordt water afgegeven uit een reeks kranen die in steen
zijn geplaatst in een cirkel rond de basis van een van de kleinere torens van
de bovenste basiliek.
In 2002 werd de Waterwandeling geïntroduceerd, over de rivier
Gave en iets stroomafwaarts van de Grot. Het bestaat uit een reeks van negen
staties waar zich een kleine kraan bevindt. Tijdens de wandeling worden
pelgrims uitgenodigd om zich te wassen of te drinken en te mediteren over
Bijbelteksten. Elke statie werd vernoemd naar een Bijbelse poel.
In de Rooms-Katholieke Kerk bestonden twee rituelen voor de
uitreiking van de hosties: op de tong of op de hand. Tot aan het Tweede
Vaticaans Concilie (1962-1965) kregen gelovigen de communie op de tong uit
handen van de Priester. Een misdienaar kan daarbij een communieschaal onder
de mond van de gelovigen houden die knielen aan een communiebank.. In de
westerse Katholieke Kerk werd sinds 1969 in die kerkprovincies waar
de bisschoppenconferentie daarom gevraagd heeft, bij wijze van indult
ook toegelaten de hostie op de hand te leggen. In de derde eeuw was er
handcommunie aanwezig maar de communiehostie werd bij de vrouwen op de hand
gelegd, die bedekt was met een sluier. De priester was verplicht om te
waarschuwen eerbiedig met de hostie om te gaan. Uiteindelijk is deze
handcommunie afgeschaft wegens wangebruik, stukjes vielen op de grond en de
hostie werd meegenomen door satanisten. De Hemel is hierover HEEL DUIDELIJK EN
LAAT ENKEL de H. Communie geknield en op de tong toe, door uitreiking van de
gewijde Priester.
Boodschappen
aan Veronica Lueken uit Bayside
WARE AANWEZIGHEID
“Je schendt je heilige
vertrouwen. Je hebt het Lichaam van je Schepper, de Zoon van je God in de
Drie-eenheid genomen en Hem geschonden. Je moet thuis eten! Als je naar het
grote Offer komt, het Heilige Offer van de Mis, moet je met eerbied komen. Je
moet knielen en boete doen voor de overtredingen tegen je God! ...
Kunnen jullie, net als in het
verleden, het mysterie van Hemel en aarde niet herkennen? Veranderde de staf
van Mozes niet in een slang volgens God’s wil? Veranderde de rivier in Egypte
niet in bloed volgens Gods wil? En kan God niet, volgens Zijn wil komen om het
brood en de wijn te veranderen in de werkelijke Aanwezigheid van Zijn Lichaam
en Bloed?" – H. Aartsengel Michael, 1 februari 1977
GOEDHEID EN LIEFDE
"Je mag het Lichaam van Mijn
Zoon niet in je hand nemen! Je opent de deur voor boze geesten om het Lichaam
van Mijn Zoon te verontreinigen! De gewijde vingers van een naar behoren gewijde
man van God, de Priester, zullen Mijn Zoon in je mond plaatsen, en je moet Zijn
Lichaam tot jou nemen met goedheid en liefde." - OLVrouw, 22 maart 1975
HEILIGSCHENNIS
“Mijn Zoon is niet blij met de
manier waarop Zijn Lichaam en Bloed aan alle mensen op aarde wordt uitgereikt.
De handcommunie is nooit gebruikelijk geweest en zal niet worden geaccepteerd
door de Hemel. Dit is een heiligschennis in de ogen van de Eeuwige Vader, en
mag niet worden voortgezet, want je voegt alleen maar toe aan je straf als je
doorgaat op de manier die de Eeuwige Vader onaangenaam is." - OLVrouw, 30
juni 1984
MAN VAN GOD
“Een priester is een man van God,
uitsluitend uit de wereld gekozen om een vertegenwoordiger van de Zoon van
God te zijn ... Als man van God brengt hij je het Lichaam en Bloed van je
Verlosser.
Ik zeg jullie, mijn broeders en
zusters, dat niemand het gezuiverde lichaam van je Heiland in zijn handen zal
nemen! Alleen de gewijde vingers en handen van de vertegenwoordiger van
Christus, de Heer, zullen deze gave geven en aan de mensheid uitreiken! – H.
Theresa, 2 oktober 1975
HET LAATSTE AVONDMAAL
Veronica - Ik zie nu een hele
grote muurschildering in de lucht. Het is donker. En ik weet dat het een afbeelding
is; het is als een afbeelding hier in de lucht, en het toont de twaalf
apostelen tijdens het Laatste Avondmaal. Ik zie grote droefheid op hun gezichten
vanwege de schending van de H. Hostie tegenwoordig. - 7 september 1977
BOOSAARDIG PLAN
“Ik vraag je, mijn kinderen – jullie
vragen het mij vaak in jullie gebeden, mag ik het Lichaam van mijn zoon in mijn
handen aanvaarden? Nee, zeg ik jullie! En opnieuw nee, en dat met reden!
Je kunt niet al degenen om je
heen beoordelen, mijn kinderen, die deze duivelse praktijk onder het mom van
leiderschap hebben geaccepteerd. Nee, mijn kinderen, dit werd teweeggebracht om
mijn Zoon te ontheiligen, om de waarheid van Zijn Goddelijke natuur weg te
nemen. Niemand mag Mijn Zoon's Lichaam en Bloed in de handen accepteren! De
kelk zal zich keren en jullie zullen baden in Zijn Bloed!
Het was, Mijn kinderen, een
sinister plan uit de diepten van de Hel om de kennis van de Goddelijkheid van
Mijn Zoon van jullie te verwijderen.” – OLVrouw, 10 februari 1978
BEDROG
“Keer op keer kom ik om Mijn
kinderen te leren dicht bij de Eucharistie, het Brood des levens, te blijven.
Maar laat jullie niet misleiden: accepteer het Lichaam van Mijn Zoon niet in je
handen.
Satan, Lucifer, kwam als een
engel van licht en plaatste zijn agenten in de hiërarchie van de Kerk van Mijn
Zoon en misleidde hen. Allerlei gruwelen worden nu op het Lichaam van Mijn Zoon
gepleegd." - OLVrouw, 15 juli 1978
GODSLASTERING
“Velen reiken Mijn Lichaam uit
een manier die alleen godslastering genoemd kan worden. Velen accepteren Mijn
Lichaam in de Eucharistie op een manier die de Godheid lastert, en ook ontwijding,
heidendom en onzuiverheid van hart en
daden bevordert tijdens het Heilig Offer van de H. Mis." - Jezus, 26 mei
1979
ONTWIJDING
“Mijn kind, vraag je waarom ik
huil? Ik huilde tranen van grote ellende. Ik kijk opnieuw naar de ontheiliging
van het Lichaam van Mijn Zoon die op aarde wordt gepleegd. Niemand zal zijn
handen op Zijn Lichaam leggen!
Mijn Zoon heeft jullie in
vertrouwen degenen gegeven die Hij onder de mensheid heeft uitgekozen om Hem te
vertegenwoordigen – jullie Priesters. Geen enkele andere persoon mag Mijn Zoon
naar de mensheid brengen! Jullie mogen Zijn Lichaam niet verontreinigen door
Hem in handen van vrouwen te geven, of degenen die niet door de Vader werden voorbereid
als gewijde Priesters in de huizen van God - luiheid, wereldse bezigheden en de
genoegens van het vlees zullen niet getolereerd worden! " - OLVrouw, 1
november 1974
GEZUIVERDE VINGERS
"We vragen en herhalen dat
niemand het Lichaam van Mijn Zoon mag vastnemen met niet-gewijde handen! Het
zal onrein worden, tenzij alleen een gewijde Priester, een man van God, met gezuiverde
vingers van de Heilige Geest, het Lichaam en Bloed van Mijn Zoon uitreikt aan
iedereen onder zijn hoede.” - OLVrouw, 6 september 1975
GROOTSTE VERDRIET
“Mijn kinderen, het grootste
verdriet dat Mijn Hart treft, is de ontwijding van het Lichaam van Mijn Zoon.
Deze afschuwelijke daden worden door de Zijnen in Zijn kerken op aarde
gepleegd.
Ik herhaal nogmaals dat niemand
het H. Lichaam van Mijn Zoon, Zijn Lichaam en Bloed, aan iemand anders mag
brengen tenzij een gewijde Priester met gewijde handen. Ik zeg: Mijn kinderen, gewijde
handen, gezegende handen, gereinigd door de Heilige Geest! Niemand zal excuses moeten
verzinnen om het Lichaam van Mijn Zoon te verontreinigen."- OLVrouw, 14 mei 1977
SATANISTEN
Veronica - Alle welwillende
mensen zullen nu een gezamenlijke inspanning leveren om het gewonde hart van
Jezus te kalmeren in de tabernakels van de wereld. De handcommunie werd
gepromoot door satan vanwege de opkomst van satanisten nu in ons land en in de
wereld. Ze voeren in het geheim en openlijk zwarte missen uit. De kinderen zijn
de grootste slachtoffers van dit kwaad.
De H. Hostie wordt op een zeer
weerzinwekkende manier gebruikt tijdens deze rituelen van zwarte missen en
satanisme. Alsjeblieft, zegt OLVrouw, neem de Hostie niet in je hand. Laat deze
belediging niet toe. - 19 november 1977
ENIGE UITZONDERING
“Alleen een man - ik zeg een man,
niet een vrouw of een kind - zal de machtiging krijgen via de gewijde priester
om in hoogdringendheid de Hostie naar de stervende te brengen!
Deze vernedering van het Lichaam
van Mijn Zoon zal niet ongestraft blijven!” – OLVrouw, 21 augustus 1975
ONREINE HANDEN
“Geen onreine handen mogen het Lichaam
van Mijn Zoon raken. Alleen God kan de handen zuiveren.” - OLVrouw, 7 september
1970
EEN GAVE
“Ga vaak te Communie en aanvaard
de gave van Mijn Zoon, Zijn fysieke Lichaam, aanwezig in de Eucharistie - maar
alleen aan jou gegeven door gewijde handen, handen gezegend door Mijn Zoon en
gewijd om Zijn werk te doen en Hem te vertegenwoordigen.” - OLVrouw, 11
februari 1971
Het Feest van Corpus Christi,
Corpus Domini, Sacramentsdag of in het Latijn: Dies Sactissimi Corporis et
Sanguinis Domini Iesu Christi (Dag van het Allerheiligste Lichaam en Bloed van
Jezus Christus, de Heer)
De feestdag was gisteren op 11 juni, maar wordt met de
sacramentsprocessie gevierd op zondag 14 juni. Deze feestdag viert de
Werkelijke Aanwezigheid van het Lichaam en Bloed, Ziel en Goddelijkheid van
Jezus Christus onder de vorm van brood en wijn. De Instelling van de
Eucharistie gebeurde op Witte Donderdag in een sombere atmosfeer die leidde tot
Goede Vrijdag. De liturgie op deze dag herdenkt ook de voetwassing, de
instelling van het Priesterschap en de doodsangst in de tuin van Gethsemane.
Het Feest van Corpus Christi werd voorgesteld door de H.
Thomas van Aquino, Kerkleraar aan Paus Urbabus IV, om een feestdag volledig te
wijden aan de H. Eucharistie alleen, met de nadruk op de vreugde dat de H.
Hostie het Lichaam en Bloed, Ziel en Goddelijkheid van Jezus Christus is na de
consecratie. Nadat de authenticiteit van het Eucharistisch Mirakel van Bolsena
werd erkend op aanzet van H. Thomas van Aquino in 1264, richtte de Paus die
toen in Orvieto leefde, het Feest van Corpus Christi in als Plechtige Feestdag
en riep ze uit voor de hele Rooms Katholieke Kerk.
Het feest wordt liturgisch gevierd op de donderdag na
Drie-eenheidszondag, maar omdat de Feestdag van het Allerheiligste Lichaam en
Bloed van Christus geen verplichte feestdag is, wordt ze gevierd op de zondag
na de Drie-eenheidszondag.
Op het einde van de H. Mis is er gewoonlijk een processie
van het H. Sacrament, tentoon gesteld in een monstrans. De processie wordt
gevolgd door de Zegening met het H. Sacrament. Elk jaar wordt gewoonlijk een
Eucharistische processie gehouden, voorgegaan door de Paus in Rome, waar ze
begint bij de Basiliek van St Jan Lateranen tot de Basiliek van H. Maria
Maggiore, waar besloten wordt met de Zegening met het H. Sacrament.
H. Juliana de Cornillon (ook H. Juliana van
Luik)
De instelling van Corpus Christi als een feest op de Christelijke
kalender was het resultaat van ongeveer veertig jaar werk van Juliana de
Cornillon, een 13e-eeuwse Norbertijnse kanunnikin, ook wel bekend als Juliana van
Luik, geboren in 1191 of 1192 in Luik, een stad waar groepen vrouwen gewijd
waren aan de eucharistische eredienst. Geleid door voorbeeldige Priesters
woonden ze samen, toegewijd aan gebed en liefdadigheidswerk. Op vijfjarige
leeftijd wees geworden, werden zij en haar zus Agnes toevertrouwd aan de
verzorging van de Augustijnse nonnen in het klooster en leprosarium van
Mont-Cornillon, waar Juliana een speciale verering ontwikkelde voor het Heilig
Sacrament.
Ze verlangde altijd naar een feestdag buiten de vastentijd
ter ere van het H. Sacrament van het Altaar. In de optekening van haar leven
vermeldt men dat dit verlangen werd versterkt door een visioen van de kerk
onder het verschijnen van de volle maan met één donkere vlek, wat de
afwezigheid van een dergelijke plechtigheid betekende. In 1208 maakte ze gewag
van haar eerste visioen van Christus waarin haar werd opgedragen te pleiten
voor de instelling van het feest van Corpus Christi. De visie werd de komende
20 jaar herhaald, maar ze hield het geheim. Toen ze het uiteindelijk aan haar
biechtvader doorgaf, gaf hij het door aan de bisschop.
Juliana diende ook een verzoekschrift in bij de geleerde
Dominicaanse Hugo van St-Cher en Robert de Thorete, bisschop van Luik. In die
tijd konden bisschoppen Feesten instellen in hun bisdom, dus gaf bisschop Robert
in 1246 opdracht om Corpus Christi elk jaar op de donderdag na de
Drie-eenheidzondag in het bisdom te vieren. De eerste dergelijke viering vond
datzelfde jaar plaats in de Sint-Martinuskerk in de stad.
Hugo van St-Cher reisde in 1251 als kardinaal-gezant naar
Luik en stelde vast dat het feest niet werd gevierd. Het jaar daarop
organiseerde hij het feest voor zijn hele jurisdictie (Duitsland, Dacia,
Bohemen en Moravië), dat gevierd moest worden op de donderdag na het octaaf van
de Drie-eenheid (een week later dan was aangegeven voor Luik), maar met een
zekere flexibiliteit, want hij verleende een toegift aan allen die hun zonden
beleden en naar de kerk gingen "op een datum en op een plaats waar [het
feest] werd gevierd".
Jacques Pantaléon van Troyes werd ook gewonnen voor de
Feestdag van Corpus Christi tijdens zijn bediening als aartsdiaken in Luik. Hij
was het die, nadat hij in 1264 Paus was geworden als Urbanus IV, de
plechtigheid van Corpus Christi op de donderdag na Pinksteren instelde als een
feest voor de hele Latijnse Kerk, door de Pauselijke Bul Transiturus de hoc
mundo. De legende wil dat deze daad werd geïnspireerd door een processie naar
Orvieto in 1263, nadat een dorpspriester in Bolsena en zijn parochie getuige
waren van een Eucharistisch wonder van een bloedende, geconsacreerde hostie in
Bolsena. Hoewel dit het eerste Pauselijk opgelegde universele feest was voor de
Latijnse Kerk, werd het in feite al een halve eeuw eerder lokaal gevierd,
hoewel het werd aangenomen door een aantal bisdommen in Duitsland en door de
cisterciënzers, en in 1295 werd het gevierd in Venetië. Het werd pas een echt
universeel Feest nadat de Bul van Paus Urbanus IV werd opgenomen in de
verzameling wetten die bekend staat als de Clementines, samengesteld onder Paus
Clemens V, maar werd afgekondigd door zijn opvolger Paus Johannes XXII in 1317.
Terwijl de instelling van de H. Eucharistie wordt gevierd
op Witte Donderdag, herdenkt de liturgie op die dag ook de voetwassing van de
discipelen door Christus, de instelling van het Priesterschap en de doodsangst
in de Tuin van Getsemane. Op deze dag vonden zoveel andere gebeurtenissen
plaats dat het hoofdevenement bijna uit het oog werd verloren. Dit wordt in de
Bul Transiturus genoemd als belangrijkste reden voor de introductie van het
nieuwe Feest. Daarom werd het Feest van Corpus Christi opgericht om een feest
te creëren dat uitsluitend gericht was op de Heilige Eucharistie.
Drie versies van het officie voor het feest van Corpus
Christi in bestaande manuscripten leveren bewijs voor de Luikse oorsprong en de
stem van Juliana in een origineel officie, dat werd gevolgd door twee latere
versies van het officie. De hymne van Aquino, gecomponeerd voor de Vespers van
Corpus Christi, Pange Lingua of een andere eucharistische hymne, wordt ook
gebruikt op Witte Donderdag tijdens de processie van het Heilig Sacrament naar
het altaar van de rust. De laatste twee verzen van Pange Lingua worden ook
gebruikt als een aparte hymne, Tantum Ergo, die wordt gezongen bij de Zegening
door het H. Sacrament. O Salutaris Hostia, een andere hymne gezongen bij de
Zegening door het H. Sacrament, omvat de laatste twee verzen van Verbum
Supernum Prodiens, Aquinos hymne voor de Lauden van Corpus Christi. Thomas van
Aquino componeerde ook het tijdeigen voor de Mis van Corpus Christi, inclusief
de sequentie Lauda Sion Salvatorem. De tweedelezing voor de mis is afkomstig uit Paulus' eerste brief aan de Korintiërs
(1 Korintiërs 11: 2329), en de evangelielezing is afkomstig uit het evangelie
van Johannes (Johannes 6: 5659).
Toen Paus Pius V de Algemene Romeinse Kalender herzag, was
Corpus Christi een van de slechts twee 'devotiefeesten' die hij hield, de
andere was Drie-eenheidszondag. In die kalender werd Corpus Christi gevierd op
de donderdag na Drie-eenheidszondag. Het feest had een octaaf tot 1955, maar toen schrapte Paus Pius XII alle octaven,
zelfs in lokale kalenders, behalve die van Kerstmis, Pasen en Pinksteren.
Van 1849 tot 1969 werd oorspronkelijk een apart feest van
het Kostbaarste Bloed van onze Heer Jezus Christus toegewezen aan de eerste
zondag van juli, later aan de eerste dag van de maand. Dit feest werd in 1969
van de algemene Romeinse kalender verwijderd, omdat het Kostbaarste Bloed van
Christus de Verlosser al wordt vereerd in de plechtigheden van het Lijden, van
Corpus Christi en van het Heilig Hart van Jezus en in het feest van de Kruisverheffing.
Maar de H. Mis van het Kostbaarste Bloed van onze Heer Jezus Christus wordt
onder de votiefmissen geplaatst.
In vele landen is de donderdag na Drie-eenheidszondag een
verplichte feestdag om de viering van de H. Mis bij te wonen. In België wordt
de feestdag gevierd op de zondag er opvolgend. Traditioneel wordt in de
parochie of in de omringende straten een processie gehouden ter ere van het H.
Sacrament. De H. Hostie wordt in eenmonstrans rondgedragen door een lid van de geestelijkheid. Op het einde
van de processie wordt de Zegening met het H. Sacrament gegeven aan de
aanwezigen.
Eucharistisch
mirakel te Bolsena
De marmeren vloer met een afdruk van de H. Hostie
Het oorspronkelijk altaar waar het wonder gebeurde
De corporale waar de bebloede H. Hostie werd ingewikkeld
In 1236 gebeurde een Eucharistisch mirakel in
Bolsena-Orvieto.Gedurende de Mis in
Bolsena sprak de Priester Dit is Mijn Lichaam en de Hostie begon overvloedig
te bloeden. De Priester nam de Corporale en wikkelde de bloedende Hostie in het
doek, hoewel er bloed op de marmeren vloer viel voor het altaar. Hij nam de Hostie
onmiddellijk naar Paus Urbanus IV die bij Orvieto was ten tijde. De Paus
verklaarde dat het Eucharistisch Mirakel echt was en smoorde de ketterij van
het Berengarianisme (ontkenning van de Ware Aanwezigheid van Onze Heer in de
Eucharistie) in de kiem.
Hostie
Een hostie is binnen de RKKerk. Ze
heeft de vorm van ronde schijfjes ongedesemd tarwebrood. Een hostie die
niet (uitsluitend) van tarwemeel is gemaakt, is volgens de Kerk "ongeldige
materie". Het woord hostie komt van het Latijnse hostia dat
slachtoffer betekent.
Volgens de RK opvatting worden de hostie op de pateen en de
eucharistische wijn in de miskelk tijdens de H. Mis geofferd
(deelname hier en nu aan het ene offer van Christus op Kalvarië). In de
katholieke kerk breekt de Priester tijdens de H. Mis de hostie in
stukken en deelt andere kleinere hosties aan de gelovigen uit tijdens de
communie als een symbolische herhaling van het Laatste Avondmaal.
Katholieken geloven dat na de epiklese en
de consecratie de hostie wezenlijk is veranderd in het Lichaam van
Christus en ze kan daarom, wegens die transsubstantiatie, ook
aanbeden worden.
De epiklese is
het gebed waarin de priester de Vader smeekt de H. Geest te zenden,
opdat de offergaven het Lichaam en Bloed van Christus worden en de gelovigen,
door ze te ontvangen, zelf een levende offerande aan God worden. De epiklese
vormt de opmaat naar de consecratie en samen vormen ze het hoogtepunt
van het eucharistisch gebed waarin het kruisoffer van Christus
opnieuw tegenwoordig wordt gesteld en Hijzelf werkelijk aanwezig komt in de
gaven, de hostie en wijn. In de Rooms-Katholieke traditie is dat de
consecratie, het verheffen van het brood en de wijn.
Bij de consecratie
verandert God door de liturgische actie van de priester (de substantie van) het
brood van de hostie in (de substantie van) het Lichaam van Jezus. Dat heet het
dogma van de transsubstantiatie: de fysische en zintuiglijk waarneembare
eigenschappen van het brood en de wijn blijven bestaan, maar door de goddelijke
macht hem verleend bij de priesterwijding, vernietigt de priester de substantie
van brood en wijn en stelt in de plaats ervan de substantie van het Lichaam en
Bloed van Jezus, zoals hij zich nu bevindt zittend aan de rechterhand van de
Vader in de hemel. Toen Jezus zei Dit IS mijn lichaam en dit IS mijn bloed IS
het ook zijn lichaam en bloed geworden (de wezenheid, de substantie , het
zijn is veranderd) , ook al blijven we brood en wijn ZIEN: de zintuiglijk
waarneembare eigenschappen zijn gebleven. De fysische eigenschappen van brood
en wijn zijn gebleven na de consecratie, de metafysische eigenschap
(substantie) is veranderd. Daarom de term "transsubstantiatie": de
transformatie van de substantie.
Er
belde vandaag een dame over het ontvangen van de H. Eucharistie. Het is
werkelijk mensen schrik aanjagen, dat in het geval van de uitreiking van de H.
Communie NIET NODIG IS:
1 Als de hostie door de Priester werd geconsecreerd dan is
de hostie door de transsubstantiatie het echte Lichaam en Bloed van Jezus. Dat
wil zeggen Jezus is werkelijk aanwezig. Het spreekt vanzelf dat Jezus geen
ziektes of virussen verspreidt, Hij is juist het GENEESMIDDEL VOOR LICHAAM EN
ZIEL.
2 De Priester heeft heilige handen, dat wil zeggen dat hij
zonden kan begaan, maar zijn handen zijn heilig als het op zegening, wijding en
de sacramenten aankomt. Dan staan zijn heilige handen los van zijn persoon. Hij
kan dus geen ziekten verspreiden tijdens de zegening, wijding en sacramenten
bediening.
3 De Priester mag de communie op de tong NOOIT weigeren. Het gebruik werd
reeds met Paus Benedictus XVI de gewoonte om de H. Communie te ontvangen.
4 Burgerlijke wetten zijn burgerlijke wetten. Zij hebben
geen zeggenschap over de kerkelijke wetten en over de liturgie.
5 Het is nu toch wel duidelijk dat de angst voor het Covid
een andere oorsprong heeft en in de kaart speelt van de Vrijmetselarij die zich
verheugd om de H. Eucharistie te verbieden of ze naar hun hand te zetten.
6 In het geval dat een Priester toch in zijn koppigheid
volhard, gebruik dan het communiedwaal op de communiebank om de H. Hostie vast
te nemen, of indien het niet aanwezig is een wit doekje (laten wijden door de
Priester voor de H. Mis).
7 God heeft alles onder controle. Degenen die uiteindelijk
sterven, sterven doordat God het toelaat.
Dat wil zeggen dat de taak van deze mensen op aarde erop zit. Het laat
natuurlijk een diep gemis achter bij de nabestaanden, maar dit is de gang van
het leven. Laat H. Missen opdragen voor hun zielenheil, en bid voor hen.
8 Een H. Hostie in een pixis zal de Priester gewoonlijk weigeren omdat hij niet weet wat er met de hostie gebeurt. De hostie MOET GECONSUMEERD worden ter plaatse in het zicht van de Priester. Als er aan de zieken de H. Communie wordt uitgereikt moet de Priester het doen, of de aalmoezenier van het ziekenhuis of tehuis.
Janet Klasson 30/3 : Goddelijke Barmhartigheid voor de stervenden
Goddelijke Barmhartigheid voor de stervenden
30/3/2020
Een bericht van Pr. Philip van de karmelieten in Vancouver:
Niemand sterft alleen-project
Ik las een nieuwsbericht dat, onder vermelding van een arts
in een ziekenhuis in Italië, de kop had: "Iedereen sterft alleen".
Het was een zeer ontnuchterend en tragisch verslag waarin werd beschreven hoe,
omdat ze geïsoleerd moeten worden, degenen die lijden en langzaam sterven aan
Covid19 hun einde bereiken zonder troost van hun familieleden en geliefden. De
medische staf doet wat ze kan, maar wordt overweldigd door de taak die voor hen
ligt. Toen ik die kop las, werd ik meteen geroerd om aan dit kleine project te
beginnen.
Geïnspireerd door een scène in het dagboek van de H.
Faustina, waar ze geestelijk werd aangemoedigd door de Heer om de Kroontje van
Goddelijke Barmhartigheid te bidden aan het bed van een stervende man die ze
niet kende, zou ik willen voorstellen
dat we ons elk verbinden om het Kroontje van de Goddelijke Barmhartigheid elke
dag te bidden om ons geestelijk naast een van de arme ongelukkige mannen en
vrouwen te plaatsen die alleen sterven in ziekenhuizen of thuis over de hele
wereld vanwege dit virus en andere ziekten, van wie sommigen misschien
spiritueel niet goed voorbereid zijn voor hun aardse einde.
Als gezinnen het zouden bidden, zouden meerdere stervenden
met het ene gebed van het Kroontje van de Goddelijke Barmhartigheid geestelijk
worden geadopteerd. Als we het Kroontje bidden voor de stervenden, smeken we Jezus
om hen in hun laatste uren in zijn Barmhartige Liefde te omarmen en hen een
sterke ervaring van zijn troostende aanwezigheid te schenken voordat ze
afscheid nemen van dit leven.
Dit zou een grote daad van genade en liefde zijn voor
degenen die het slachtoffer zijn van dit virus en andere ziekten en hun einde
naderen. Overweeg alstublieft deel te nemen aan dit project. U hoeft zich
nergens voor aan te melden. Het is een simpele beweging die enorme vruchten zal
dragen voor de zielen voor wie we bidden. Ik zou het op prijs stellen als u dit
zou doorgeven aan anderen die u kent, en die misschien bereid zijn dit
spirituele werk van barmhartigheid op zich te nemen.
In de laatste weken van de vasten zou het een goede
spirituele oefening zijn om op te nemen in onze gebedsroutine, maar ook door
het jaar. De Uwe in de Harten van Jezus en Maria. Pr Philip
Dit is zo'n mooie gedachte! Wel, beste vrienden in de
Goddelijke Wil, laten we het exponentieel opdrijven en dit bidden in de
Goddelijke Wil in de naam van allen van Adam tot de laatste mens. God zal zorgen
voor de resultaten, laten we doorgaan in geloof en vertrouwen.
Geliefde
Jezus, ik ga de Liefdesvlam binnen en met Maria, Jozef en Luisa versmelt ik mij
in U samen. Terwijl ik dit Kroontje van Goddelijke Barmhartigheid in de
Goddelijke Wil bid in naam van allen, vlieg ik naar het bed van iedereen die nu
de doodsstrijd lijdt, vooral degenen die uw genade het meest nodig hebben, en
overlaad ze met elke spirituele genade en zegen, met de genade om Uw liefde en
genade te kennen en erin te geloven, en met de grote genade van uiteindelijke
bekering. En als het Uw wil is, geef ze dan een signaalgenade om hen te helpen
zich te bekeren. U kent hun behoeften beter dan ik. Pas dit ook toe op alle
zielen van alle tijden om U de grootst mogelijke glorie te geven. Laten we
samen voor ze allemaal zorgen. Jezus, ik vertrouw op U! Fiat!
Kroontje
van Goddelijke Barmhartigheid:
bid dagelijks het Kroontje - de priesters moeten ze de
zondaars als laatste redding aanbevelen - ontelbare genaden aan de zielen, die
hun vertrouwen in Gods Barmhartigheid stellen
Kruisteken
1 ste kraal : Wordt eerst niet gebruikt. (later wel : zie
verder)
2 de kraal : Onze Vader
3 de kraal : Weesgegroet
4 de kraal : de Geloofsbelijdenis
Alle grote kralen: Eeuwige Vader, ik offer U op, het
Lichaam en Bloed, de Ziel en de Godheid van Uw welbeminde Zoon, onze Heer
Jezus Christus, tot verzoening van onze zonden en die van heel de wereld.
Alle kleine kralen: Omwille van het bitter lijden van Uw
Zoon, wees barmhartig voor ons en voor heel de wereld.
Na de laatste kleine kraal: Op de 2de en 3 de en 4 de kraal (= driemaal):
Heilige God, Heilige Almachtige God, Heilige Eeuwige God, wees barmhartig voor
ons en voor heel de wereld.
Op de 1 ste kraal (zie begin) : O Bloed en Water, die uit
het Hart van Jezus vloeiden, als bron van Barmhartigheid voor ons, ik vertrouw
op U. Amen.
2 Samuel 24:10-14: Toen het tot David doordrong wat hij had gedaan,
sloeg de schrik hem om het hart. Hij zei tegen de Heer: Ik heb ernstig gezondigd
met mijn daad. Ach Heer, vergeef uw dienaar zijn zonde; ik ben een dwaas geweest.
De Heer richtte zich tot de profeet Gad, de ziener van David: Ga naar David en
zeg hem: Dit zegt de Heer: Drie straffen leg ik je voor. Kies er een uit; die
zal ik je opleggen. Toen David de volgende ochtend opstand, kwam Gad hem
vragen: Wat hebt u liever: zeven jaar hongersnood in uw rijk, drie maanden op
de vlucht voor een belager die u in het nauw drijft, of drie dagen de pest in
uw land? Denk goed na wat voor antwoord ik moet geven aan degene die mij
gezonden heeft. David antwoordde: Ik ben in het nauw gedreven! Liever vallen wij
in handen van de Heer, want groot is zijn mededogen, dan dat ik in menshanden
val.
Terwijl ik naar een bezinning luisterde, werd ik herinnerd
aan de Schrifttekst hierboven. Ja, onze zonden verdienen elke vorm van straf.
God heeft ons vrij laten regeren, en dat heeft tot dit punt geleid. Nu heeft
Hij besloten dat het tijd is dat de heerschappij van de zonde eindigt en dat
het niet rustig zal gaan. Maar we hoeven niets te vrezen als we ons volledig
aan God overgeven. Davids instinct was juist: laten we in de hand van de Heer
vallen, want zijn barmhartigheid is groot; maar laat me niet in menselijke
handen vallen. Daar hebben we inderdaad genoeg van!
Wat er ook is en wat er ook komt, God staat het toe, maar
degenen die op hem vertrouwen hoeven niet bang te zijn. Hij is trouw, ook als
we dat niet zijn. Bid met vertrouwen en grote hoop, want Zijn barmhartigheid is
groot!
Jezus, ik vertrouw op U! Bid het tot je het meent!
Hij is zo dicht bij je als je eigen adem, geliefden. Adem in
Boek van de Hemel Vol 12, 28/12/1917
Terwijl ik onlangs luisterde naar de uitleg van Fr. Robert
Young over deze tekst uit het dagboek van Luisa Piccarreta, gaf het mij zoveel
hoop dat, hoewel we ons misschien hulpeloos thuis voelen, we verre van
hulpeloos zijn.
Hier is de tekst waarin hij uitleg geeft uit Deel 12 van
het Boek van de Hemel:
Jezus
wil de voortdurende handelingen van de mens. Het maakt niet uit of ze klein
zijn; zolang er beweging is, verenigt Hij het zaad met het Zijne en maakt Hij
ze groot.
Terwijl ik doorging in mijn gebruikelijke toestand en een
beetje leed, dacht ik bij mezelf: Hoe komt het dat ik geen rust kan vinden, 's
nachts of overdag? Het is eerder: hoe zwakker en hoe meer lijden ik voel, hoe
meer mijn geest wakker is en niet in staat om uit te rusten.
En mijn lieve Jezus zei tegen mij: Mijn dochter, je kent
de reden niet, maar Ik wel; en nu zal ik het je vertellen. Mijn mensheid had
geen rust; zelfs in slaap had Ik geen rust, maar Ik werkte intensief; en dit,
omdat Ik alles en iedereen tot leven moest brengen en alles in Mij opnieuw
moest doen. Het was voor Mij gemakkelijk om te werken zonder een ogenblik te
stoppen; en iemand die leven moet geven, moet voortdurend in beweging zijn en
ononderbroken handelen. Daarom was Ik voortdurend bezig om levens van schepselen
uit Mezelf te laten en ze te ontvangen. Als Ik had willen rusten, hoeveel
levens zouden er dan niet bevrijd zijn geweest? Hoeveel mensen zouden zich
zonder Mijn voortdurende handeling niet ontwikkeld hebben en verdord blijven?
Hoeveel mensen zouden niet in Mij binnengaan, omdat de handeling van het Leven
van de Enige die leven kan geven, ontbreekt?
Nu, mijn dochter, aangezien Ik jou samen met Mij wil in
mijn Wil, wil ik jouw voortdurende handeling. Daarom is je wakkere geest een handeling,
het gefluister van je gebed een handeling, de bewegingen van je handen, het
kloppen van je hart, het bewegen van je blikken, zijn handelingen. Ze zijn misschien klein, maar het geeft
niet voor Mij. Zolang er beweging is, het zaad, verenig Ik ze met de mijne, Ik
maak ze groot en ik geef ze de deugd om levens voort te brengen.
Ook Mijn daden waren niet allemaal schijnbaar geweldig,
vooral niet toen ik als kleintje kreunde en melk van mijn Mama zoog, ik mij
amuseerde door haar te kussen, haar te strelen en mijn kleine handjes met die
van haar te verstrikken. Toen ik wat ouder was, plukte ik bloemen, bracht ik water
en andere dingen. Dit waren allemaal kleine handelingen, maar ze waren verenigd
in mijn Wil, in mijn Goddelijkheid - en dit was genoeg. Ze waren zo groot dat
ze miljoenen en miljarden levens konden creëren. Daarom, terwijl Ik kreunde,
kwamen er levens van wezens uit mijn gekreun; Ik zoog, Ik kuste, Ik streelde,
maar er kwamen levens uit voort.
Zielen stroomden in mijn vingers, verstrikt in de handen
van mijn Moeder; en toen ik bloemen plukte en water bracht, kwamen er zielen
uit de hartslag van mijn ongeschapen hart en ze gingen het binnen. Mijn
beweging was voortdurend bezig. Dit is de reden voor je wake. Wanneer ik je beweging en je handelingen in
mijn Wil zie - nu zich aan mijn zijde plaatsend, nu stromend in mijn handen, nu
in mijn stem, in mijn geest of in mijn Hart - maak ik van hen de beweging van
alles en geef ik leven aan een ieder in mijn Wil, waardoor ze de deugd krijgen
van mijn eigen handelingen; en Ik laat ze lopen voor de redding en voor het
welzijn van allen.
Luisa Piccarreta, Boek van de Hemel, Volume 12, 28/12/1917
O mijn Zoon! Mijn Zoon!
Jezus, mijn Zoon! Waarom heb je mij in de steek gelaten? Mijn
ziel is verlaten, en weduwe, tweemaal verdrietig, alleen onder velen. De wereld
is verstoken van alle troost.
De rots die je rustplaats bedekt, Jezus, mijn zoon, is
harder dan de hardste diamant, sterker dan ijzer. Het verwerpt mijn smeekbeden,
negeert mijn tranen, draait zijn gezicht van graniet mij spottend toe.
Toch ben jij de verbreker van ketenen, mijn Zoon, Jezus,
mijn Zoon! Je brak de rots bij Meriba en verpletterde de seraf in de wildernis.
Jullie allen wachten op de vervulling van de belofte van de Vader. Mijn hele
wezen wacht op jou.
Jezus, mijn zoon! Mijn zoon! Jezus, mijn zoon!
Mysteries van Hoop
Een rozenkransmeditatie over de tocht
van Onze Lieve Vrouw van de duisternis naar de dageraad
Hemelse Vader,
Vul onze geest, hart en ziel met
de liefde van onze zuiverste Moeder van God, die op de donkerste dag van de
wereld dicht bij de discipelen bleef en met hen doorzette totdat het licht van
de Verrijzenis op de wereld aanbrak.
Laten we haar de hand reiken en met
haar wandelen, haar vergezellen in haar verdriet, naar haar wijsheid luisteren
en vervuld worden met haar zoete aanwezigheid. Aan haar zijde om ons te
begeleiden op onze geloofstocht, schenk ons haar hoop voor de toekomst en voor
het leven in de Hemel met U.
We bidden dit in Naam van Jezus
Christus, onze Heer. Amen.
1. De Kruisafneming van Christus
Wijd als de zee gapen je wonden
wie ken je genezen?' (Klaagliederen 2:13)
Hij wordt volkomen uitgestort.
Hij kan niets meer geven. Mijn zoon, mijn Heer. Elke druppel bloed die ze
hebben laten vloeien. Heeft iemand ooit zoveel gegeven?
Toen Jozef van Arimathea bij
zonsondergang aankwam met zorgzame vrienden van Jezus, was Golgotha een
verlaten woestenij. Alle mensen hadden het toneel verlaten. De lucht was akelig
stil. Het enige geluid was dat van een nachtuil, een roofvogel, om hen te
herinneren aan het gruwelijke onrecht dat die dag op de Onschuldige was begaan.
Maria was daar, getuige van de afneming
van God vanaf Zijn troon. Ze verzamelde het Kostbare Bloed en ontvangt Zijn
levenloze lichaam in haar liefdevolle omhelzing zoals ze Hem als een baby had
gewiegd. 'Is er verdriet zoals het mijne?' mompelt ze zonder dat ze een
antwoord nodig heeft.
De Heilige van Israël ziet mijn
verdriet. Mijn hoop zal niet tevergeefs zijn. Op de derde dag zal al wat
bestaat tot in de kern worden geschud. Hij zal opstaan van waar Hij ligt. Ik
geloof het.
Onze Vader 10 x Wees gegroet Glorie zij Fatimagebed :
O mijn Jezus, vergeef ons onze zonden, behoed ons voor het vuur van de Hel en breng
alle zielen naar het Paradijs, vooral degenen die dit het meest nodig hebben.
2. De neerlegging in het Rotsgraf
Sion, je hebt voor je wandaden geboet, de Heer zal je niet
meer verbannen. (Klaagliederen 4:22)
Ik zie het nu. Ik begrijp wat ik
voorheen niet wist. De zonde is nu in de diepte van Sheol geworpen. Hij werd
zonde om de zonde te begraven. Hij probeerde het ons te vertellen. We waren
blind. Nu is de nacht zo helder als de dag.
De dienaren van de Heer wikkelen
Zijn heilig Lichaam in een lijkwade en plaatsen Hem in het graf van de vooraanstaande.
De ene Jozef stond aan het begin van Zijn mensenleven en de andere Jozef stond
aan het einde. Ieder trouw aan zijn taak; elk biedt een rustplaats: de ene een
wieg, de andere een graf.
OLVrouw kijkt naar de
liefdevolle handen van Zijn vrienden terwijl ze het Lichaam van haar Zoon naar
beneden laten zakken en afdalen op een schijnbaar eindeloos pad. Dit graf is
niet voor altijd Zijn rustplaats. Hij gaat de 'zielen in het Voorgeborchte' in
Sheol bezoeken om ook hen te verlossen.
Zei hij niet over Lazarus:
"Deze ziekte houdt niet op in de dood"? Lazarus stierf, ja, maar hij
bleef niet dood. Beste Lazarus. De mensgeworden hoop. Mijn Zoon stierf ook,
maar Hij is niet dood. Ik geloof het.
Onze Vader 10 x Wees gegroet Glorie zij Fatimagebed :
O mijn Jezus, vergeef ons onze zonden, behoed ons voor het vuur van de Hel en breng
alle zielen naar het Paradijs, vooral degenen die dit het meest nodig hebben.
3. Het treurende
Hart
Heer, zie toch mijn nood, zie hoe de vijand zich verheft!
(Klaagliederen 1:9)
Geen enkele andere vrouw heeft
ooit God gebaard. Niemand anders kent dit verdriet. De nagels doorboorden niet
alleen zijn ledematen, maar ook mijn hart. Net als Zijn heilig Bloed, word ook
ik uitgestort in duizend stroompjes pijn.
De trouwe vrouwen blijven bij de
rouwende moeder in het huis van Johannes. Voor hen was Zijn dood het verlies
van een Leraar, een Meester, een Vriend en een Strijder. Voor Haar is Zijn dood
het verlies van haar eerstgeboren kind, haar enige Zoon. Woorden leiden nu af.
Eten biedt geen troost. Alleen gebed en geduld blijven over.
Gods stad is vannacht leeg.
Zielen huilen, zoals Maria Magdalena en de weinige gelovigen die niet zijn
gevlucht. Ze zijn allemaal bang voor wat er daarna komt. Maar de aanwezigheid
van de treurende Moeder van God is op de een of andere manier een troost voor
hen. Ze huilt met hen, voor hen en namens hen. Ze is Dochter Zion, huilend voor
de hele wereld.
Mijn verdriet is eeuwig voor een
Liefde die geen grenzen kent. Ik voel het verdriet van mijn eigenzinnig volk
zelfs vanaf de tijd van onze vader Abraham. Ik heb de tranen van de hele
mensheid vergoten voor hun afwijzing van God. Maar Hij heeft ons niet
afgewezen. Ik geloof het.
Onze Vader 10 x Wees gegroet
Glorie zij Fatimagebed : O mijn Jezus, vergeef ons onze zonden, behoed ons
voor het vuur van de Hel en breng alle zielen naar het Paradijs, vooral degenen
die dit het meest nodig hebben.
4. De Lange Wake
Altijd als ik roep, bent u nabij; u zegt mij: Wees niet
bang. (Klaagliederen 3:57)
Ik was met Hem in de Tuin van
Olijven - in mijn hart. Ik voelde elke druppel bloedzweet van Zijn voorhoofd
stromen. Ik ben hier met Hem bij Zijn graf, levenloos, wachtend op de terugkeer
van het Leven Zelf.
De verschrikking van vrijdag
wordt weer duidelijk bij het aanbreken van zaterdag. Hij is weg. De kaalheid
van de stad voelt nu als de totale leegte van de zondige mensheid. De hele
wereld is verstoken van licht omdat Hij weg is. De discipelen druipen een voor
een af en gaan naar het huis van Johannes, waar de maagdelijke Moeder zich in
afwachtend verdriet bevindt. Ze vergeeft degenen die in angst zijn weggelopen.
Ze spreekt vriendelijke woorden, geen verwijten, tot de ontkenner en betreurt
de dood van de verrader.
De Heilige Moeder is ook het
brandpunt van hun verdriet. Ze kalmeert hun gebroken harten. 'Heeft Hij je niet
gezegd te wachten?' Dat betekent dat er iets is om op te wachten. Ze weet dit.
Ze heeft op dit moment drieëndertig lange jaren gewacht. Ze spreekt met een
zekerheid dat voortkomt uit een onvergankelijke band. Geduld en gebed. Stilte
en hoop. Het is een lange wake. Hoop wordt niet teleurgesteld.
Wat kon ik ze vertellen waardoor
ze zouden geloven? Geloof is niet moeilijk als je Hem kent zoals ik. Er is pijn
in de scheiding, ja, diepe, blijvende pijn. Maar het zal spoedig gevuld zijn
met leven. Wacht, wacht, wacht met standvastige harten, mijn liefste kinderen.
Wacht op de Heer! Alle profeten vertelden erover. Ik geloof het!
Onze Vader 10 x Wees gegroet
Glorie zij Fatimagebed : O mijn Jezus, vergeef ons onze zonden, behoed ons
voor het vuur van de Hel en breng alle zielen naar het Paradijs, vooral degenen
die dit het meest nodig hebben.
5.Het moment voor de dageraad
De Heer heeft zijn brandende toorn uitgegoten, hij heeft
in Sion een vuur ontstoken dat haar fundamenten verteerd. (Klaagliederen 4:11)
Mag een moeder nog meer hoop
koesteren? Kijk! Er komt een smalle straal boven de berg Sion! Ik heb op je
gewacht, zuster licht! Zijn dag is nabij. Zijn graf zal spoedig zijn rijkdommen
op aarde ledigen. Zijn vuur zal uitbarsten om de duisternis te verbreken, en
genade zal op het menselijk ras worden uitgestort. Zo werd het geprofeteerd. Ik
geloof het.
Als de Moeder van Christus sliep
terwijl haar Christus onder de doden neerdaalde 'om tot de zielen in het
Voorgeborchte te prediken' (1 Petrus 3:19), heeft de Schrift geen rekenschap.
Maria's heilige zaterdagnachtwake was een vereniging van geest, genade, geloof,
geduld. Heroïsch geduld. Ze wachtte en bad, wachtte en bad.
Als de schrijver van het boek
Genesis het verhaal van de Nieuwe Adam en de Nieuwe Eva zou vertellen wanneer
de Nieuwe Dag aanbrak, zou zijn verhaal als volgt eindigen: "Het werd
avond en het werd ochtend - de Eeuwige Dag."
Mijn ziel verkondigt de
grootheid van de Heer! Mijn geest verheugt zich in God, mijn Redder. Want Hij
heeft met gunst de nederigheid van Zijn dienstmaagd bekeken. Ja! Alle
generaties zullen me gezegend noemen! Heilig, heilig, heilig is Zijn Naam!
Onze Vader 10 x Wees gegroet
Glorie zij Fatimagebed : O mijn Jezus, vergeef ons onze zonden, behoed ons
voor het vuur van de Hel en breng alle zielen naar het Paradijs, vooral degenen
die dit het meest nodig hebben.
Wees gegroet, Koningin, Moeder
van barmhartigheid, ons leven, onze vreugde en onze hoop, wees gegroet. Tot u
roepen wij, ballingen, kinderen van Eva, tot u smeken wij, zuchten en wenend in
dit dal van tranen. Daarom dan, onze voorspreekster, sla op ons uw barmhartige
ogen; en toon ons na deze ballingschap, Jezus, de gezegende vrucht van uw
schoot. O goedertieren, O liefdevolle, O zoete Maagd Maria. Bid voor ons, H.
Moeder van God, opdat wij de beloften van Christus waardig worden.
Laat ons bidden
Heer Jezus Christus, Eeuwige God en Vader van de komende wereld,
Levengevende Geest, toen U opstond uit de dood en gaven aan de mensheid gaf,
aarzelde U niet om ons te vervullen met eeuwige hoop in de belofte van Uw Koninkrijk.
We zijn weeskinderen, zijn op tocht in een donker land, vol
verdriet en pijn, kinderen van Eva. Maar onze Moeder van Hoop loopt met ons mee
om ons eraan te herinneren dat er niets definitief verloren is gegaan niettegenstaande
alle klaagzangen en beproevingen van een gebroken wereld.
Vul ons met haar vrede en inspireer ons door haar moed om
tot het einde te volharden met oneindige hoop op eeuwige vreugde bij U en onze
geliefden, in een wereld zonder einde.
In het Engels noemen ze het "Flying Memorare". Je kunt het een crashnoveen noemen. Het bestaat in het bidden van 9 opeenvolgende memorare's om snel een verzoek te doen.
Vader van Waarheid, kijk naar Uw Zoon, een Offer dat U
aangenaam is. Aanvaard dit offer van Hem die stierf voor mij; kijk naar Zijn
Bloed dat vergoten werd op Golgotha voor mijn redding. Het is mijn voorspraak.
Aanvaard mijn offer omwille van Hem. Mijn zonden zijn talrijk, maar Uw
barmhartigheid is groter. Wanneer het op een weegschaal wordt geplaatst is
weegt Uw Barmhartigheid door boven het gewicht van de bergen zonden die enkel
door U zijn gekend. Beschouw de zonden en beschouw het eerherstel; het
eerherstel is groter en gaat de zonde te boven. Uw geliefde Zoon doorstond de
nagels en de lans omwille van mijn zonden zodanig dat U genoegdoening vindt in
Zijn lijden en Ik leef.
Gebed
om Genaden te verkrijgen
Heer, oneindig Heilig en verheerlijkt in Uw Heiligen, U
hebt de H. Charbel, de H. monnik, geïnspireerd om het perfecte leven van een
monnik te leiden. We danken U om hem de zegen en de kracht te hebben verleend
om zich te onthechten van de wereld zodanig dat het heldendom van de monastieke
deugden van armoede, kuisheid en gehoorzaamheid zouden zegevieren in deze
kluizenarij. We verzoeken U om ons de genade te verlenen om U lief te hebben en
U te dienen, in navolging van zijn voorbeeld. Almachtige God, die de kracht van
de voorspraak van de H. Charbel heeft gemanifesteerd door talloze mirakels en
gunsten, verleen ons deze genade (noem het verzoek) die we U verzoeken door
zijn voorspraak. Amen.
Janet Klasson 8/4 : Martelaarschap van eenzaamheid
Martelaarschap van eenzaamheid 8/4/2020
Lukas 2:19 Maria bewaarde al deze woorden in
haar hart en bleef erover nadenken.
Ik was onlangs een rozenkrans aan het bidden met behulp van
een meditatiegids. Bij het Vierde Glorierijke Mysterie, de Tenhemelopneming van
Maria, bleef ik stilstaan hoewel ik ze eerder had gelezen. De meditatie dankte
God voor alle genaden die Onze Gezegende Moeder voor de Kerk won tijdens het
onuitsprekelijke "martelaarschap van eenzaamheid" dat ze leed na
Jezus Hemelvaart. Terwijl ik nadacht over het 'martelaarschap van eenzaamheid'
van OLVrouw, voelde ik dat het een grotere betekenis kreeg voor de Kerk van
vandaag, evenals een duidelijke roeping voor de gelovigen in deze turbulente
dagen.
Sommige ervaringen die ik onlangs heb gehad, hebben
onderstreept hoe wij, vooral als boetelingen, geroepen worden om het
martelaarschap van eenzaamheid van Maria binnen te gaan, een eenzaamheid waar
de aanwezigheid van Jezus in de wereld niet alleen niet wordt gevoeld, maar
zelden wordt gezocht. Ik ken jou
Wees trouw gelovig en waakzaam 8/4/2020
In het boek Be Faithful and Attentive: A Handbook for
Living in the Divine Will, door Robert T. Hart (2004) duidde ik een tekst
aan in de Ronde van Schepping als dankzegging voor onze nederige dienaars: de
bomen. Het is een mooie meditatie als we Goede Vrijdag naderen, de dat dat
Jezus, in een fiat de hele Hemel en aarde deed verbaasd staan door zich te
laten nagelen op een boom.
Ik ben niets, God is alles. Mijn geliefde Jezus, ik
verspreid mijn niets in het immense en eindeloze licht van je allerheiligste Wil
om rond te gaan in de Schepping. Daarbij vraag ik je FIAT om zich te
onthullen in elk geschapen ding om mij te leren wat het doet met de goddelijke Majesteit
en de lessen die het aan mensen wil geven. Dan zal ik me bij je
"FIAT" voegen in elk ding om de handelingen van het verheerlijken van
de Schepper te herhalen, in naam van iedereen. En ik zal ook bidden dat de mens
de lessen leert die Hij wil geven, zodat uw Goddelijke Wil, die zich meer tot
de mens aangetrokken voelt, openlijk kan regeren in Zijn volledige triomf op
aarde zoals in de Hemel. [ ]
Uw goddelijke FIAT brengt nu de bomen van de aarde voor
mij en toont mij uw grenzeloze goedheid en uw oneindige opofferende liefde
verheerlijkt door Uw Wil, verborgen in elke boom. Ja, bomen zijn, net zoals U,
mijn Jezus, vrijgevig en geven alles wat ze hebben aan de mens. Bomen
beschermen ons niet alleen met hun bladeren tegen de zomerhitte, verrukken ons
met hun prachtige bloesems en geuren, en geven ons hun zoete vruchten en
smakelijke noten als voedsel, maar ze geven ons ook hun levensbloed in hun
nuttige sap. Sterker nog, ze laten zich kappen zodat hun hout kan worden
gebruikt om bruikbare voorwerpen te vormen of om woningen te bouwen om ons te
beschermen, en ze bieden zich zelfs aan om in het vuur te worden verteerd om
ons te verwarmen. Kortom, bomen geven alles wat ze hebben. Ze lijken zoveel op
U, lieve Jezus, dat U aan een boom wilde worden vastgemaakt terwijl U uw hele
Zelf gaf, zelfs tot de laatste druppel van Bloed, in uw daad van kruisiging
wordt alles verteerd in uw liefde voor de mens. Dus Uw Wil, verborgen in elke
boom, wil tegen de mens zeggen: Als je verbonden en onafscheidelijk van Jezus
wilt zijn, volg Me dan en geef alles, zelfs om je levensbloed te geven en
jezelf in liefde te verteren. Het is waar dat het je alles zal kosten wat je
hebt en bent, maar je zult de grote vreugde hebben om te weten dat je jouw
Jezus enorm hebt behaagd, door te helpen leven te geven aan jullie broeders en
zusters van wie Hij zo houdt en die Hij wil redden. En in je eigen wonden zult je
de eeuwige banden vinden die je voor eeuwig één met Jezus zullen maken."
Bomen zijn ook een beeld van Gods standvastigheid, omdat ze
elk seizoen stevig blijven. In de herfst verkleuren hun bladeren en, stervend,
vallen ze op de grond. Dan komen de winterstormen, de harde wind en de kou; en
de kale takken worden bedekt met sneeuw en ijs. Voor iedereen lijken de bomen
dood; maar zoals God, die verborgen wonderen verricht en overwint wanneer Hij
lijkt te verliezen, zo doen ook de bomen een verborgen werk ondergronds terwijl
ze hun wortels dieper graven zodat ze in het voorjaar nieuwe scheuten kunnen
uitzenden, en een grotere kroon van bladeren ondersteunen, en meer fruit
voortbrengen dan voorheen. Uw Wil verborgen in elke boom geeft de mens deze
les: Blijf standvastig in je vrome praktijken in tijden van duisternis en kou
wanneer alles verloren lijkt. Beveilig je in deze tijden door je meer aan God
te hechten door de wortels van geloof en hoop dieper te graven, wachtend op
Jezus, je zon, die na een seizoen zal terugkeren met het licht van zijn genade
en de hitte van zijn liefde. Wanneer Hij komt, zal je merken dat je Hem meer
glorie kunt geven, omdat je standvastig blijft en door de wortels te verdiepen,
en je meer overvloedige vruchten kunt voortbrengen dan voorheen. En Jezus heeft
gezegd: De grootheid van mijn Vader zal zichtbaar worden wanneer jullie veel
vrucht dragen en mijn leerlingen zijn. (Johannes 15:8)
Be Faithful and
Attentive, Robert T. Hart (2004), pp. 690, 697-98
Lieve vrienden, God
wordt verheerlijkt in de hele Schepping. Moge we deze les over de bomen
ter harte nemen, zodat Hij ook altijd en overal verheerlijkt wordt in ons.
Jezus openbaarde
aan de H. Faustina een aantal manieren om mensen te helpen zeker te zijn dat
hun laatste bestemming de Hemel is. Maart 2020
Jezus deed buitengewone beloften voor het bidden van het
Kroontje van Goddelijke Barmhartigheid:
Op het uur van hun dood verdedig Ik elke ziel als Mijn
eigen heerlijkheid als ze dit kroontje bidden; of wanneer anderen het bidden
voor een stervende, dan is de vergeving hetzelfde. Wanneer dit kroontje bij het
sterfbed wordt gezegd, wordt Gods toorn gekalmeerd, en omhult de
ondoorgrondelijke genade de ziel, en de diepten van Mijn tedere barmhartigheid
worden bewogen omwille van het smartelijk Lijden van Mijn Zoon. (Dagboek van H.
Faustina Kowalska, 811).
Als ze dit kroontje zeggen in het bijzijn van de
stervenden, zal Ik tussen Mijn Vader en de stervende staan, niet als de
rechtvaardige Rechter, maar als de barmhartige Redder (Dagboek, 1541).
Hij
deed ook buitengewone beloften voor de verering van de afbeelding van de
goddelijke barmhartigheid:
Schilder een afbeelding volgens de afbeelding dat je ziet,
met de handtekening: Jezus, ik vertrouw op jou. Ik beloof dat de ziel die deze
afbeelding vereert, niet verloren gaat. Ik beloof ook de overwinning op [zijn]
vijanden die al hier op aarde zijn, vooral in het uur van de dood. Ikzelf zal
hem verdedigen als Mijn eigen glorie (Dagboek, 47 en 48).
Jezus deed buitengewone beloften voor degenen die op Hem vertrouwen.
De genade van Mijn genade wordt slechts door één vat van
deugd aangetrokken, en dat is - vertrouwen. Hoe meer een ziel vertrouwt, hoe
meer ze zal ontvangen (Dagboek, 1578).
Mijn dochter, weet dat Mijn Hart zelf genade is. Uit deze
zee van Barmhartigheid stromen genaden over de hele wereld. Geen enkele ziel
die Mij heeft benaderd is ooit troosteloos weggegaan. Alle ellende wordt
begraven in de diepten van Mijn genade, en elke reddende en heiligende genade
vloeit voort uit deze bron. Mijn dochter, ik wens dat je hart een blijvende woonplaats
van Mijn genade is. Ik wens dat deze genade door je hart over de hele wereld
stroomt. Laat niemand die je benadert, weggaan zonder het vertrouwen in Mijn
genade die Ik zo vurig verlang voor de zielen.
Bid zoveel mogelijk voor de stervenden. Door je smeekbeden,
verkrijg je voor hen vertrouwen in Mijn genade, omdat zij het meeste vertrouwen
nodig hebben en er het minste hebben. Wees ervan overtuigd dat de genade van
eeuwige redding voor bepaalde zielen op hun laatste moment afhangt van je
gebed. Je kent de afgrond van Mijn Barmhartigheid, dus trek ze aan voor jezelf
en vooral voor de arme zondaars. Hemel en aarde zouden eerder in het niets
veranderen dan dat Mijn genade een vertrouwende ziel niet zou omarmen.
(Dagboek, 1777).
Jezus deed ook buitengewone beloften aan al degenen die de boodschap en toewijding aan de Goddelijke Barmhartigheid
verspreiden:
Zielen die de eer van Mijn Barmhartigheid verspreiden,
bescherm Ik door hun hele leven als een tedere moeder voor haar kind te zijn,
en in het uur van de dood zal ik geen Rechter voor hen zijn, maar de
Barmhartige Redder. Op dat laatste uur heeft een ziel niets om zichzelf te
verdedigen behalve Mijn genade. Gelukkig is de ziel die zich tijdens haar leven
heeft ondergedompeld in de Fontein van Barmhartigheid, omdat gerechtigheid er
geen vat op zal hebben (Dagboek, 1075).
Wend
je tot OLVrouw
Laten we tijdens deze pandemie, God danken voor de
geweldige genaden die Hij ons ter beschikking heeft gesteld via de Heilige
Vader en via de H. Faustina. Laten we ervoor zorgen dat we het woord van Gods Barmhartige
Liefde verspreiden en regelmatig gebruik maken van de devoties die Hij ons met
zulke uitzonderlijke beloften heeft gegeven. En laten we ons bij de Heilige
Stoel voegen en de gezegende moeder nu om haar bijzondere hulp vragen:
Moge de Gezegende Maagd Maria, Moeder van God en van de
Kerk, Gezondheid van de zieken en Hulp van de Christenen, onze Voorspreekster,
de lijdende mensheid helpen, ons redden van het kwaad van deze pandemie en voor
ons elk noodzakelijk goed verkrijgen voor onze redding en heiliging.
Pieker niet het leidt alleen tot kwaad
10/3/2020
Zoals de meesten van ons had ik gisteravond na het zien van
het nieuws veel om over na te denken. Ik ging naar bed en werd later op de
avond wakker om te bidden. Daarna begon ik te piekeren en kon ik niet meer
slapen. Toen hoorde ik een innerlijke stem zeggen: "Sta op en bid!"
Dus stond ik weer op en dacht dat God me riep om te bidden over de
wereldsituatie. Het was zo, maar niet zoals ik had gedacht.
Zoals ik vaak doe voor de tweede ronde van het nachtgebed,
bad ik het Getijdengebed. Om de een of andere reden kan ik daarna altijd meteen
in slaap vallen. Ik werd begroet in het Getijdengebed met Psalm 37 verdeeld in
drie delen. Het is een aansporing tot geduld en vertrouwen. Ik moedig je (en
mezelf!) aan om vaak deze psalm te bidden. Deel I luidt als volgt:
Psalm 37
Erger je niet aan slechte mensen, wees niet jaloers op wie
kwaad doen, zij verdorren snel als gras, zij verwelken als het jonge groen.
Vertrouw op de Heer en doe het goede, bewoon het land en
leef er veilig. Zoek je geluk bij de Heer, hij zal geven wat je hart verlangt.
Leg je leven in de handen van de Heer, vertrouw op hem, hij
zal dit voor je doen: het recht zal dagen als het morgenlicht, de gerechtigheid
zal stralen als de middagzon.
Blijf kalm en wacht op de Heer, erger je niet aan wie
slaagt in het leven, aan wie met listen te werk gaat.
Wind je niet op, laat je woede varen, erger je niet, dat
brengt maar onheil. Slechte mensen worden verdelgd, wie hopen op de Heer,
zullen het land bezitten.
Nog even, en verdwenen is de zondaar, je kijkt waar hij is,
maar vindt hem niet. Wie nederig zijn, zullen het land bezitten en gelukkig
leven in overvloed en vrede.
De zondaar belaagt de rechtvaardige met een grijns op zijn
gezicht. Maar de Heer lacht hem uit en ziet de dag al van zijn ondergang.
Zondaars trekken hun zwaard en spannen hun boog, om zwakken
en armen te doden, om af te slachten wie eerlijk hun weg gaan. Maar het zwaard
dringt in hun eigen hart en hun bogen worden gebroken.
Beter het weinige dat een rechtvaardige heeft dan de
rijkdom van talloze zondaars. De macht van de zondaars wordt gebroken, maar de
Heer zal de rechtvaardigen steunen.
De Heer trekt zich het lot van onschuldigen aan, hun bezit
blijft voor eeuwig behouden. Zij worden niet teleurgesteld in kwade dagen, in
tijden van hongersnood hebben zij te eten.
De zondaars zullen ten onder gaan, de vijanden van de Heer
verdwijnen als bloemen in het veld, verdwijnen als rook.
De zondaar vraagt te leen en brengt het niet terug, de
rechtvaardige geeft, uit mededogen. Gods gezegenden zullen het land bezitten,
de vervloekten worden verdelgd.
Wie de Heer welgevallig is, mag zijn weg gaan met vaste
tred. Al komt hij ten val, hij blijft niet liggen, want de Heer richt hem op.
Ooit was ik jong, nu ben ik oud en nooit zal ik dat een
rechtvaardige werd verlaten, nooit zag ik zijn kinderen zoeken naar brood; hij
is vol mededogen en leent uit, elke dag, voor zijn kinderen is hij een zegen.
Mijd het kwade en doe het goede, en je zult voor eeuwig
wonen in het land, want de Heer heeft gerechtigheid lief, wie hem trouw zijn,
verlaat hij niet.
Zij blijven voor eeuwig behouden, maar het nageslacht van
zondaars wordt verdelgd. De rechtvaardigen zullen het land bezitten en het
bewonen, hun leven lang.
De mond van de rechtvaardige spreekt wijsheid, zijn tong
spreekt gerechtigheid, hij draagt de wet van God in zijn hart en zijn voeten
struikelen niet.
De zondaar loert op de rechtvaardige en zoekt een kans om
hem te doden, maar de Heer laat zijn dienaar niet los: wordt hij aangeklaagd,
vrijspraak zal volgen.
Vestig je hoop op de Heer en blijf op de weg die hij wijst,
hij zal je aanzien geven en grondbezit, je zult beleven dat zondaars worden
verdelgd.
Ik heb een zondaar gezien, een uitbuiter, hij groeide uit
als een woekerende laurier; op een dag was hij verdwenen, ik zocht hem en ik
vond hem niet.
Zie de onschuldige, kijk naar de oprechten: wie
vredelievend zijn hebben de toekomst. Maar zondaars worden verdelgd, er is geen
toekomst voor een slecht mens.
De rechtvaardigen vinden redding bij de Heer, hij is hun
toevlucht in tijden van nood. De Heer heeft hen altijd geholpen en bevrijd, hij
bevrijdt hen ook nu van de zondaars, hij redt hen, want zij schuilen bij hem.
De moraal van het verhaal is te onthouden dat God elke
situatie onder controle heeft. Door elk moment te beleven dat versmolten is met
de Goddelijke Wil, nemen we op een verborgen manier deel aan het mysterieuze
plan van God en brengen we het Koninkrijk tot bloei.
Alleen in God zal onze ziel in rust zijn. Glorie en lof aan
onze God! Fiat!
Janet Klasson 19/3 : Leven in de Goddelijke Wil (volledig)
Janet
Klasson 19/3 : Leven in de Goddelijke Wil
In het artikel van Mark Mallett, getiteld "The Time of St.
Joseph", schreef hij:
'De krachtige geesten die worden gestuurd om ons op dit uur te bekoren,
zijn de tegenstelling van de gezindheid van de H. Jozef. De geest van angst zou
ons het lawaai en de paniek van de wereld laten betreden; door de geest van
afleiding zouden we onze blik op Gods aanwezigheid verliezen; de geest van
trots wil dat we het heft in eigen handen nemen; en de geest van
ongehoorzaamheid wil dat we in opstand komen tegen God. ' En dan citeert hij
dezelfde passage uit Jakobus hierboven.
God is het antwoord: Blijf bidden!
Janet Klasson op 19/3: Vrienden,
ik post een paar teksten om uw smaak op te wekken om te luisteren naar Pr
Iannuzzi of Pr Robert Young, vooral Deel 12, alsl ze Luisa Piccarretas
geschriften interpreteren in het licht van de Kerk. Er zijn veel fouten gemaakt
in interpretatie, dus dit is erg belangrijk. Overweeg ook om de
doctoraatsthesis van Pr Iannuzzi aan te schaffen, die de meer dan 8000 paginas
van Luisas geschriften samenbrengt tot ongeveer 400 pagina's.
Het verborgen leven van Nazareth
Wat voor soort ballingschap zal dit zijn? Misschien dachten Jozef en
Maria hetzelfde toen hun werd opgedragen midden in de nacht naar Egypte te
vluchten om Herodes te ontvluchten. We kennen hun gedachten niet, maar we weten
wel dat ze er gewoon mee door zijn gegaan - wetende dat Gods Wil voldoende was.
Die ballingschap begon hun verborgen leven, waarvan 30 jaar, voor het grootste
deel een mysterie voor ons zijn.
Maar nu, door de geschriften van Luisa, krijgen we een glimp van de
glorie en kracht van die verborgen jaren. Meer dan dat, we krijgen de
onvoorstelbare genade van deelname aan die heerlijkheid en kracht door de
genade van het leven van onze eigen dagelijkse handelingen in de goddelijke
wil.
Luisa nam zelf deel aan het verborgen leven van Nazareth. Zij was
ongeveer 60 jaar aan haar bed gekluisterd. Haar heiligheid was omhuld met
nederigheid en de meeste mensen wisten niet hoe diep het spirituele leven was
dat ze beleefde. Vanaf het Kruis van haar bed nam ze deel aan het heilsplan,
grotendeels door anderen te helpen, geduldig haar lijden te dragen en niet in
de laatste plaats door altaardoeken te naaien en te borduren. In de
onderstaande geschriften zien we wat een prachtig, onvoorstelbaar geschenk het
is om onze dagelijkse handelingen, ons eigen verborgen leven in de Goddelijke
Wil te leven.
14 augustus 1912 Samenvatting van een deel in het boek: Om onszelf te vergeten, moeten we
elk ding doen, niet alleen omdat Jezus het wil, maar omdat Jezus het in ons wil
doen. Als Hij ons verlostte met Zijn Lijden, bereidde Hij met Zijn verborgen
leven de goddelijke handeling voor, voor elke menselijke handeling.
Toen ik mezelf in mijn gebruikelijke toestand bevond, zei mijn altijd
schattige Jezus tegen me: 'Mijn dochter, opdat de ziel zichzelf vergeet, moet
ze alles doen wat nodig is voor haar, alsof Jezus het in haar wil doen. Als ze
bidt, moet ze zeggen: Het is Jezus die wil bidden, en ik bid samen met Hem.
Als ze moet werken: Jezus wil werken; Jezus wil wandelen; Jezus wil eten. Hij
wil slapen, Hij wil opstaan, Hij wil zich vermaken ... 'enzovoort voor alle
andere dingen van het leven - behalve voor fouten. Alleen op deze manier kan de
ziel zichzelf vergeten; niet alleen zal ze alles doen omdat Ik het wil, maar
omdat Ik ze wil doen: ze zijn noodzakelijk voor Mij.'
Nu, op een dag werkte ik en ik dacht bij mezelf: 'Hoe is het mogelijk
dat Jezus in mij werkt terwijl ik werk? Wil Hij dit werk echt doen? En Jezus
zei: "Ja, dat doe ik. Mijn vingers zitten in de jouwe en ze werken. Mijn
dochter, toen ik op aarde was, liet Ik mijn handen niet zakken om het hout te
bewerken, de spijkers te slaan en mijn adoptievader Jozef te helpen bij het
smeden? Terwijl ik dat deed, met diezelfde handen en met die vingers, schiep ik
zielen en riep ik andere zielen naar het andere leven; Ik heb alle menselijke
handelingen vergoddelijkt; Ik heb ze geheiligd en elk van hen een goddelijke
verdienste gegeven. In de bewegingen van mijn vingers riep ik achtereenvolgens
alle bewegingen van je vingers en die van anderen; en als ik zag dat ze ze voor
mij deden, of omdat Ik in hen wilde handelen, zette Ik mijn leven van Nazareth
in hen voort en voelde Ik me door hen aangemoedigd voor de offers en de
vernederingen van mijn verborgen leven, waardoor Ik ze de verdienste van mijn
eigen leven gaf.
Dochter, het verborgen leven dat ik in Nazareth leidde, wordt door de
mensen niet in aanmerking genomen, terwijl het verborgen leven na het Lijden
niets hen meer ten goede kon komen. Door Mijzelf te verlagen tot al die kleine
handelingen en handelingen die mensen in hun dagelijks leven uitoefenen, zoals
eten, slapen, drinken, werken, vuur aansteken, vegen, enz. - allemaal
handelingen waar niemand zonder kan deed Ik in hun ziel een kleine goddelijk
muntje van onschatbare waarde stromen. Daarom, als mijn Lijden de mens
verloste, voorzag mijn verborgen Leven in elke menselijke handeling, zelfs de
meest onbeduidende, van Goddelijke verdienste en met oneindige waarde.
Zie je? Terwijl je werkt - werk je omdat Ik wil werken - stromen mijn
vingers in die van jou, en terwijl Ik in jou werk met mijn creatieve handen,
hoeveel geef ik er op dit moment het licht van deze wereld? Hoeveel anderen
roep Ik op? Hoeveel anderen heilig Ik, verbeter Ik, straf ik, enz.? Nu ben je
bij Mij die schept, oproept, corrigeert enz.; daarom ben Ik, net zoals jij niet
alleen bent, niet alleen in mijn werk. Zou ik je ooit meer eer kunnen geven?'
Wie kan alles zeggen wat ik heb begrepen en al het goede dat voor
onszelf en voor anderen kan gedaan worden door dingen te doen omdat Jezus ze in
ons wil doen? Mijn
verstand dwaalt af, daarom stop ik hier.
20 augustus 1912 Samenvatting van een deel in het Boek:
Jezus is dicht bij ons, klaar om samen met ons alles goed te doen wat we gaan
doen, zodra we het Hem vragen.
Verderop vertelde mijn
altijd aanbiddelijke Jezus mij toen Hij kwam: Mijn dochter, wat vind Ik het
zielig om de ziel ineen gedoken te zien zitten en alleen te handelen. Terwijl
Ik dicht bij haar ben en naar haar kijk wacht Ik tot ze me roept, aangezien ze
vaak niet in staat is om goed te doen wat ze doet. Ik wacht tot ze zegt: 'Ik
wil dit doen, maar ik kan het niet. Kom en doe het samen met mij, en ik zal
alles goed doen. Bijvoorbeeld: ik wil liefhebben; kom samen met mij liefhebben.
Ik wil bidden; kom samen met mij bidden. Ik wil dit offer brengen; kom en geef
me Uw kracht, want ik voel me zwak ... '', enz. met al het andere. Graag en met
het grootste genoegen wil Ik mezelf voor alles aanbieden.
Ik ben zoals de leraar die
een essay aan zijn leerling heeft toegewezen en dicht bij hen blijft om te zien
wat zijn leerling doet. Niet in staat om het goed te doen, wordt de leerling
ongerust, opgewonden, van streek en hij kan zelfs huilen, maar hij zegt niet:
'Meester, leer me hoe ik dit moet doen.' Wat is niet de versterving van de
leraar, als hij zich als een niets behandeld voelt worden door zijn student?
Dat is mijn toestand.'
Vervolgens voegde Hij
eraan toe: Er wordt gezegd: de mens wikt, maar God beschikt. Zodra de ziel
voorstelt iets goeds te doen - heilig te zijn - beschik Ik onmiddellijk over de
dingen die nodig zijn rond haar: licht, genaden, kennis van Mij, onthechtingen.
En als Ik hiermee het doel niet bereik, dan door middel van versterving. Ik
weiger die ziel niets om haar te geven wat ze had voorgesteld. Maar, o, hoeveel
ontsnappen er heftig aan dit werk dat mijn Liefde om hen heen heeft geweven! Er
zijn er maar weinig die niet opgeven en Mij mijn werk laten doen.'
Vrienden, deze pandemische
crisis spijkert ons ongetwijfeld aan onze eigen kruisen, het kruis van verlies
van bepaalde vormen van vrijheid die we als vanzelfsprekend beschouwden, zoals
komen en gaan wanneer we willen, leren tevreden te zijn met minder, mensen tot
handelen aanzetten. (Bedenk dat het grootste deel van de menselijke
geschiedenis bestaat uit mensen die tot handelen aanzetten. God biedt de nodige
voorziening.)
Maar Luisa zat 60 jaar
lang vastgekluisterd aan haar bed. In een van de geschriften zei Jezus tegen
Luisa dat, aangezien zij het instrument was gekozen om de gave van Leven in de
Goddelijke Wil bekend te maken, haar lijden veel groter zou zijn dan voor
degenen die na haar kwamen. Dus als we het kruis van Leven in de Goddelijke Wil
opnemen, kunnen we het zien als een kans om ons in overeenstemming met Nazareth
te brengen.
Laten we Jezus roepen bij
elke handeling in ons leven. Jezus verlangt dit; Hij verlangt ernaar. Hij dorst
naar de zielen die hij via ons zal bereiken. Van onze kant zijn we blind voor
de effecten. Laten we niet naar resultaten zoeken, maar Hem nederig en biddend
vragen om deel te nemen aan al onze acties. "Jezus, laten we
dit samen doen."
Ik eindig met nog twee passages uit Deel 11
(Samenvatting van passage
in het Boek die vandaag relevanter is dan ooit!) Vaarwel in de avond
voor Jezus in het Heilig Sacrament:
O mijn Jezus, hemelse
Gevangene, de zon gaat nu onder, de duisternis valt over de aarde en U blijft
alleen in het Tabernakel van liefde. Ik lijk U daar te zien in een zweem van
droefheid voor de eenzaamheid van de nacht, omdat U de kroon van uw zonen en
van uw tedere bruiden niet om U heen hebt, die U altijd gezelschap kunnen
houden in deze vrijwillige gevangenisstraf.
O, mijn Goddelijke
Gevangene, ook ik voel mijn hart breken omdat ik U moet verlaten, en ik word
gedwongen afscheid te nemen; maar, wat zeg ik, o Jezus - nooit meer tot ziens.
Ik heb niet de moed om U met rust te laten. Ik zeg vaarwel met mijn lippen,
maar niet met mijn hart; ik laat liever mijn hart bij U achter in het
Tabernakel. Ik zal Uw hartslagen tellen en ik zal antwoorden met mijn hartslag
van liefde; ik zal U gefluister mompelen en, om U troost te geven, laat ik U in
mijn armen rusten. Ik zal uw waakzame schildwacht zijn; ik zal op mijn hoede
zijn om te zien of er iets is dat U in moeilijkheden brengt of U bedroeft, niet
om U nooit alleen te laten, maar om deel te nemen aan al Uw pijnen.
O Hart van mijn hart! O
Liefde van mijn liefde! Laat deze zweem van verdriet achter, wees getroost. Het
breekt mijn hart om U verontrust te zien. Terwijl ik vaarwel zeg met mijn
lippen, laat ik mijn ademhalingen, mijn gevoelens, mijn gedachten, mijn
verlangens en mijn bewegingen achter, die een ketting van voortdurende
liefdesdaden zullen vormen, verenigd met de Uwe, die U als een kroon omringen,
en van U houden voor iedereen. Bent U niet gelukkig, O Jezus? Je lijkt ja te
zeggen, nietwaar?
Vaarwel, liefdevolle
Gevangene - maar ik ben nog niet klaar. Voordat ik ga, wil ik ook mijn lichaam
voor U achterlaten; ik ben van plan om van mijn vlees en botten heel veel
kleine stukjes te maken om zoveel lampen te vormen voor zoveel Tabernakels die
er in de wereld zijn; en van mijn bloed vele kleine vlammen om die lampen aan
te steken. Ik ben van plan om in elke Tabernakel mijn lamp te plaatsen die,
verenigd met de lamp van het Tabernakel die U 's nachts licht geeft, zal
zeggen: 'Ik bemin U, ik aanbid U, ik zegen U, ik bied eerherstel en ik dank U
voor mij en voor allen.'
Tot ziens, O Jezus - maar
luister nog naar één ding: laten we een verbond sluiten, en het verbond zal
zijn dat we meer van elkaar zullen houden. U zult me meer liefde geven, me
omhullen in Uw liefde, me laten leven van Liefde en me begraven in Uw liefde.
Laten we onze liefdesband meer versterken. Ik zal alleen gelukkig zijn als U
mij Uw liefde geeft om echt van U te kunnen houden.
Tot ziens, O Jezus, zegen
mij - zegen allen. Druk me tegen Uw hart, zet me gevangen in Uw Liefde terwijl
ik Uw Hart kus. Tot ziens, tot ziens
(Samenvatting van een
tekst in het boek) Goedemorgen voor Jezus
O mijn Jezus, lieve
Gevangene van liefde, hier ben ik weer voor U. Ik nam afscheid, en nu kom ik
terug en zeg goeiemorgen. Ik brandde van verlangen om U weer te zien in deze gevangenis
van liefde, om U mijn hunkerende groeten te geven, mijn liefdevolle hartslagen,
mijn vurige verlangens en mijn hele zelf om het in U over te brengen en mezelf
in U achter te laten in de eeuwige herinnering en beloof U mijn liefde.
O mijn altijd aanbiddelijke
Sacramentele Liefde, weet U dat? Terwijl ik kwam om U mijn hele zelf te geven,
kwam ik ook om U geheel te ontvangen. Ik kan niet leven zonder leven, daarom
wil ik het Uwe. Alles wordt gegeven aan degene die alles geeft, is het niet zo,
O Jezus?
Daarom zal ik vandaag
beminnen met Uw hartslag van een passionele minnaar; ik zal ademen met Uw adem
op zoek naar zielen; ik zal Uw Glorie en het welzijn van zielen verlangen met
Uw onmetelijke verlangens. Alle de hartslagen van de schepselen zullen binnen
Uw goddelijke hartslag stromen; we zullen ze allemaal grijpen en ze redden.
We laten niemand
ontsnappen, ten koste van een offer, ook al zou ik alle pijn moeten verdragen.
Als U mij wegduwt, zal ik mij meer in U werpen, ik zal luider schreeuwen om
samen met U te pleiten voor de redding van Uw kinderen en mijn broeders en
zusters.
O mijn Jezus, mijn Leven
en mijn alles, hoeveel dingen zegt Uw vrijwillig gevangenschap mij! Maar het
embleem waarmee ik U helemaal verzegeld zie, is het embleem van de zielen, terwijl
de kettingen die U volledig en zeer sterk binden, liefde zijn. Het lijkt erop
dat de woorden zielen en liefde U doen glimlachen, U vermurwen en U dwingen
om U in alles over te geven; en ik, die deze excessen van Uw liefde overweeg,
zal er altijd voor U zijn en samen met U, met mijn gebruikelijke refreinen:
zielen en liefde.
Daarom wil ik U vandaag
helemaal; altijd samen met mij in gebed, in het werk, in genoegens en
onaangename zaken, in het eten, in het stappen, in het slapen - in alles. Ik
ben er zeker van dat ik, omdat ik niets zelf kan verkrijgen, met U alles zal
verkrijgen; en alles wat we zullen doen, zal dienen om al Uw pijnen te
verzachten, om elke bitterheid te verzachten, om U eerherstel te bieden voor
elke belediging en overtreding, om U voor alles compensatie te bieden en om U
te smeken voor elke bekering, hoe moeilijk en wanhopig ook. We zullen van elk
hart een beetje liefde gaan smeken om U gelukkiger en tevreden te maken - is
het niet goed zo, O Jezus?
O lieve Gevangene van
liefde, bind me vast met Uw kettingen, verzegel me met Uw liefde. Laat me
alsjeblieft Uw mooie gezicht zien. O Jezus, wat bent U mooi! Uw blonde
haarlokken heiligen al mijn gedachten; Uw kalme voorhoofd, zelfs temidden van
vele beledigingen, geeft U rust en brengt me volkomen tot rust, zelfs tussen de
grootste stormen, mijn ontbering van jou en wat je allemaal doet, die me mijn
leven hebben gekost. Ah, U weet het, maar ik ga verder; mijn hart zal U dit
vertellen, want het weet het beter uit te drukken dan ik. O Liefde, je
azuurblauwe ogen, sprankelend van goddelijk licht, veeg me weg naar de Hemel en
laat me de aarde vergeten, maar helaas, met mijn grootste pijn, blijft mijn
ballingschap nog doorgaan.
Schiet op, schiet op, O
Jezus. Ja, U bent mooi, O Jezus; ik lijk U in dit Tabernakel van liefde te
zien. De schoonheid en de majesteit van Uw gezicht bekoort me en laat me de
Hemel zien; Uw gracieuze mond plaatst elk moment lichtjes zijn vurige kussen.
Uw zachte stem roept me en nodigt me uit om elk moment lief te hebben; Uw
knieën ondersteunen me; Uw armen omsluiten me met een onverbrekelijke band, en
ik zal mijn brandende kussen, duizenden en duizenden, op Uw aanbiddelijk
gezicht drukken.
Jezus, Jezus, moge onze
wil één zijn, onze liefde één, ons geluk één. Laat me nooit met alleen, want ik
ben niets en het niets kan niet zonder het alles zijn. Beloof je het mij, O
Jezus? Het lijkt erop dat U ja zegt. En nu, zegen mij, zegen allen; en samen
met de Engelen, de Heiligen, de lieve Mama en alle schepselen, zeg ik tegen je:
Goedemorgen, O Jezus, goedemorgen.
Nadat ik deze gebeden had
geschreven onder invloed van Jezus, toen de avond naderde, liet Jezus me zien
dat Hij deze 'vaarwel' en 'goedemorgen' in Zijn hart hield, en Hij vertelde me:
" Mijn dochter, ze kwamen echt uit Mijn Hart. Degene die ze zal bidden met
de bedoeling bij Mij te zijn zoals het in deze gebeden tot uitdrukking komt,
zal Ik haar bij Mij en in Mij houden om alles te doen wat Ik doe. Ik zal haar
niet alleen verwarmen met Mijn liefde, maar Ik zal ook elke keer Mijn liefde
voor die ziel vergroten, haar toelaten tot de vereniging met het Goddelijke
Leven en met Mijn eigen verlangens om alle zielen te redden.
Ik verlang naar Jezus in
mijn gedachten, Jezus in mijn lippen, Jezus in mijn hart; Ik wil alleen naar Jezus
kijken, alleen Jezus voelen, mij alleen aan Jezus drukken. Ik wil alles samen
met Jezus doen; spelen met Jezus, huilen met Jezus, schrijven met Jezus; zonder
Jezus wil ik niet eens ademen. Ik zal hier blijven als een moeilijk klein kind
en niets doen, zodat Jezus alles met mij kan doen, tevreden zijn om Zijn
speeltje te zijn, mezelf over te geven aan Zijn liefde, Zijn kastijdingen, Zijn
zorgen en Zijn liefdevolle grappen, voor zover ik alles met Jezus doe.
Zie je, mijn Jezus? Dit is
mijn wil, en U zult me niet bewegen, hoor je? Kom dus nu met mij schrijven.
14 februari 1912
Samenvatting van de tekst
uit het Boek: Jezus kijkt naar alles in de wil, en het is daar in haar wil
dat het schepsel de eigendom behoudt van haar dingen. In de Goddelijke Wil worden
alle dingen gelijk.
Voortgaand in mijn
gebruikelijke toestand, kwam mijn altijd aanbiddelijke Jezus terwijl ik tegen
Hem zei: 'Vertel me, O Jezus, hoe het komt dat nadat je de ziel tot lijden hebt
gebracht, en ze van lijden houdt, wetende dat er goedheid in zit en ze bijna
met passie lijdt, gelovend dat haar lot is te lijden op dat moment je deze
schat van haar wegneemt?
Jezus: Mijn dochter, mijn
liefde is groot, mijn regel is onovertroffen, mijn leringen subliem, mijn
instructies goddelijk, creatief en onnavolgbaar. Daarom, om alle dingen - groot
of klein, natuurlijk of spiritueel, pijnlijk of aangenaam - één enkele kleur te
laten verwerven en één enkele waarde te hebben, en als de ziel eenmaal is
getraind om te lijden en het punt bereikt ervan te houden, laat ik dit lijden
overgaan in haar wil als haar eigendom. Dus elke keer als Ik haar pijn stuur,
zal ze altijd geneigd zijn om het te verdragen en ervan te houden, omdat ze het
in haar wil als eigendom en neiging houdt. Ik kijk naar dingen in de wil, en
het is alsof de ziel altijd leed, zelfs als ze niet lijdt.
En opdat genot dezelfde
waarde zou hebben als lijden, en bidden, werken, eten, slapen - kortom alles,
wat het ook moge zijn - één enkele waarde zou hebben, aangezien alles als
dingen van mijn Wil kunnen zijn, sta Ik de ziel toe om alle dingen in mijn Wil
te beoefenen met heilige onverschilligheid. Het kan dus voor de ziel lijken dat
Ik, net als ik haar iets geef, Ik het van haar afneem, maar het is niet zo. Het
komt eerder voor dat in het begin, wanneer de ziel nog niet goed is opgeleid,
ze gevoelig is voor lijden, bidden of liefhebben. Maar als deze dingen met
oefenen in haar wil overgaan als haar eigendom, de gevoeligheid ophoudt; en
aangezien ze af en toe gebruik moet maken van deze goddelijke eigenschappen die
Ik haar heb laten verwerven, begint ze deze, als de gelegenheid zich voordoet,
met vastberadenheid en onverstoorbaarheid te beoefenen. Bijvoorbeeld: treedt er
lijden op? Vindt ze in zichzelf de kracht en het leven van lijden. Moet ze
bidden? Vindt ze in zichzelf het gebedsleven; enzovoort.
Volgens wat Jezus zegt,
lijkt het mij zo: stel dat ik een geschenk heb gekregen. Totdat ik een besluit
neem over waar ik dat geschenk zal bewaren, kijk ik ernaar, waardeer ik het, en
voel ik een zekere gevoeligheid bij het liefhebben van dat geschenk; maar als
ik het achter slot en grendel bewaar en er niet langer naar kijk, houdt die
gevoeligheid op. Hiermee kan ik niet zeggen dat het geschenk niet meer van mij
is, het is zeker meer van mij omdat ik het op slot houd, terwijl het voordien
in gevaar was en iemand het van mij had kunnen stelen.
Jezus vervolgt: In Mijn
Wil houden alle dingen elkaars handen vast, lijken ze allemaal op elkaar en
zijn ze allemaal eensgezind. Daarom geeft lijden plezier en zegt: Ik heb mijn
deel gedaan in Gods Wil; nu doe jij het jouwe, en alleen als Jezus het wil, zal
ik mezelf weer in het veld plaatsen. Vurigheid zegt tegen koelheid: 'Je zult
vuriger zijn dan ik als je jezelf tevreden stelt met het blijven in de wil van
Mijn Eeuwige Liefde.'
Gebed richt zich tot werk,
slaap tot waken, ziekte tot gezondheid, alles; alle dingen onderling, het
lijkt erop dat elk van hen zijn plaats aan de ander overlaat om in het veld te
zijn - maar elk van hen heeft zijn eigen aparte plaats. Dan is het niet nodig
dat iemand die in mijn Wil leeft, beweegt om zichzelf in het verrichten van wat
Ik wil plaatst; ze is reeds in Mij, als een elektrische draad, en doet wat Ik
wil.
Een groot deel van Jezus
woorden aan Luisa Piccarreta, die opgeschreven werden in het Boek van de Hemel,
werd opgetekend rond de tijd van de Eerste Wereldoorlog. Jezus vertelde haar
van tevoren veel van de verschrikkingen die zouden komen. Hier zijn een paar
van Luisa's geschriften die in onze huidige situatie van toepassing zijn. We
mogen teksten uit de geschriften delen, ook al is er nog geen officiële Engelse
vertaling. Mij is verteld dat deze vertaling zeer goed is en lijkt veel
op die van Pr. Robert Young in zijn podcasts.
Volume 11,18
mei 1915
Nu ik in deze toestand
was, vertelde mijn lieve Jezus mij, om mijn angsten en angsten op de een of
andere manier te kalmeren: Mijn dochter, schep moed. Het is waar dat de
tragedie groot zal zijn, maar weet dat Ik respect zal hebben voor de zielen die
leven vanuit Mijn Wil, en voor de plaatsen waar deze zielen zich bevinden. Net
zoals de koningen van de aarde hun eigen hoven en vertrekken hebben waar ze
veilig zijn temidden van gevaren en onder de felste vijanden.
Mijn dochter, waarom blijven de Heiligen zelf veilig en
volledig gelukkig, zelfs als ze zien dat de mensen lijden en dat de aarde in
brand staat? Precies omdat ze volledig in mijn Wil leven. Bedenk dat Ik de
zielen die volledig leven vanuit mijn Wil op aarde in dezelfde staat stel als
de Heiligen. Leef daarom in mijn Wil en vrees niets. Sterker nog, in deze
tijden van menselijk bloedvergieten wil Ik niet alleen dat je leeft in mijn
Wil, maar ook leeft tussen je broeders en zusters - tussen Mij en hen. Je zult
Mij stevig vasthouden, beschut tegen de overtredingen en beledigingen die mensen
me sturen. Terwijl Ik je de gave van mijn Mensheid en van alles wat Ik heb
geleden, geef, terwijl je Me beschutting geeft, zal je aan je broeders en
zusters mijn Bloed, mijn wonden, mijn doornen mijn verdiensten geven voor hun
redding.
Volume
11, 25 mei 1915
Omdat ik in mijn gebruikelijke toestand was, liet mijn
altijd aanbiddelijke Jezus zich nauwelijks zien en zei me: Mijn dochter, de kastijding
is groot. Toch roeren mensen zich niet; ze blijven liever bijna onverschillig,
alsof ze op een tragische scène aanwezig moesten zijn, niet een realiteit. In
plaats van allemaal als één aan mijn voeten te komen huilen, om genade en
vergeving te smeken, zijn ze in plaats daarvan alert om te horen wat er
gebeurt. Ach, mijn dochter, hoe groot is het menselijke verraad! Kijk eens hoe
gehoorzaam ze zijn aan regeringen: priesters en leken eisen niets, ze weigeren
geen offers en moeten bereid zijn hun eigen leven te geven ... Ach, alleen voor
Mij is er geen gehoorzaamheid en geen offers. En als ze iets doen, is het meer doen
alsof en eigenbelang. Dit omdat de regering haar toevlucht neemt tot geweld.
Maar aangezien ik liefde gebruik, wordt deze liefde door de mensen genegeerd; ze blijven onverschillig alsof Ik
op niets van hen recht heb!
Terwijl Hij dit zei, barstte Hij in tranen uit. Wat een
wrede pijn om Jezus te zien huilen! Daarna vervolgde Hij: Bloed en vuur zullen
alles zuiveren en de berouwvolle mens herstellen. En hoe meer hij het uitstelt,
hoe meer bloed zal worden vergoten en het bloedbad zal zijn zoals de mens nooit
heeft overwogen. Terwijl Hij dit zei, toonde Hij het menselijke bloedbad ...
Wat een marteling om in deze tijd te leven! Maar mag de Goddelijke Wil altijd
gedaan worden.
Volume 11,6 juni 1915
Omdat ik in mijn gebruikelijke toestand was, wil mijn
altijd aanbiddelijke Jezus, terwijl Hij verborgen blijft, dat ik me volledig op
Hem richt, om voortdurend voor mijn broeders en zuster te smeken. Dus terwijl
ik aan het bidden en huilen was voor de redding van de arme strijders, en omdat
ik me aan Jezus wilde vastklampen om Hem te smeken dat geen van hen verloren
zou gaan, kwam ik op het punt onzin tegen Hem te zeggen. Hoewel stom, leek
Jezus tevreden te zijn met mijn verzoeken, en bereid om toe te geven aan wat ik
wilde. Maar er kwam een gedachte bij me op: dat ik moest nadenken over mijn
eigen redding. Jezus vertelde me: Mijn dochter, terwijl je aan jezelf dacht,
veroorzaakte je een menselijke gewaarwording, en mijn Wil, die volledig
Goddelijk is, merkte het op. In mijn Wil veranderen alle menselijke handelingen
in liefde voor Mij en voor de naaste. In de ziel die op deze manier leeft, is
er niets van haarzelf, omdat ze alleen mijn Wil bevat dat alle mogelijke
weldaden in zich bevat. Dus als ze deze bevat, waarom zou de ziel Me er dan om
vragen? Is het niet eerlijker dat ze bidt voor degenen die niet over deze
weldaden beschikken? Ach, als je wist welke calamiteiten de ellendige mensheid
zal meemaken, zou je namens hen actiever zijn in mijn Wil!
Volume 13, 11 januari 1922
Jezus vertelt Luisa: Kijk nu hoe deze zielen die in mijn
Wil leven voor mij nodig zijn. Aangezien ik ze voorbestemd heb om als huid voor
het Lichaam van mijn Kerk te zijn en als een levenscirculatie voor alle leden,
zullen zij degenen zijn die de leden de juiste groei zullen geven en die de
frisheid, de schoonheid, de pracht van het hele Mystieke Lichaam zullen
herstellen door hun voortdurend leven in mijn Wil, waardoor het volledig
vergelijkbaar is met mijn Hoofd, dat in alle Majesteit op al deze leden zal
rusten. Dit is waarom het einde van de
dagen niet kan komen als Ik deze zielen niet heb die leven alsof ze zijn
opgelost in mijn Wil - ze interesseren me meer dan wat dan ook.
Luisa: "Mijn lieve - alles in uw Wil, mijn kleine
pijnen, mijn gebeden, mijn hartslag, mijn ademhaling - alles wat ik ben en
alles wat ik kan, verenigd met alles wat U bent, om de leden van het Mystiek
Lichaam een geschikte groei te geven. (Ik bid dit gebed van Luisa elke dag.)
Janet Klasson 16/4 - gebed van Jezus in het Boek van Leven
Boek van de Hemel (Vol 14 6/7/1922)
Ik bid dikwijls Jezus woorden uit deze Bijbeltekst voor de
zieken en al diegenen die voor hen zorgen, in de Goddelijke Wil, en natuurlijk
door de Liefdesvlam van de Onbevlekte Maria. Fiat!
Ik dacht aan Jezus en vergezelde Hem in het uur van Zijn
lijden toen Hij naar Zijn Goddelijke Mama ging om haar heilige zegen te vragen;
en mijn liefste Jezus vertelde me in mijn innerlijk: Mijn dochter, vóór mijn lijden,
wilde Ik mijn Mama zegenen en door haar gezegend worden. Ik heb echter niet
alleen mijn Moeder gezegend, maar alle wezens, en niet alleen degenen die
bezield zijn, maar ook de levenloze. Ik zag de wezens zwak, bedekt met wonden,
arm; mijn hart klopte van verdriet en teder medeleven, en ik zei: Arme
mensheid, wat ben je gevallen! Ik wil je zegenen, zodat je weer kunt opstaan
uit je verval. Moge mijn zegen in jullie
het drievoudige zegel van Kracht, Wijsheid en Liefde van de Drie Goddelijke
Personen inprenten, en moge het jullie kracht herstellen, jullie genezen en jullie
verrijken. En om jullie met verdedigingen te omringen, zegen Ik alle dingen die
door Mij werden geschapen, zodat jullie ze allemaal door Mij kunt ontvangen. Ik
zegen voor jullie het licht, de lucht, het vuur, het voedsel, zodat je in stand
blijven alsof jullie ondergedompeld en bedekt zijn door mijn zegeningen.
Maar aangezien jullie deze zegen niet verdienden, wilde ik mijn Mama zegenen, Haar
gebruiken als kanaal waardoor mijn zegen jullie zou kunnen bereiken. En net
zoals mijn Moeder Mij met haar zegeningen had geroemd, wil Ik dat schepselen Mij
met hun zegeningen compenseren; maar helaas, in plaats van Mij zegeningen terug
te geven, vergoeden ze Mij met beledigingen en vervloekingen. Daarom, mijn
dochter, ga mijn Wil binnen en stijg op de vleugels van alle geschapen dingen,
verzegel ze allemaal met de zegeningen die allen Mij zouden moeten geven, en
breng de zegeningen van allen naar mijn bedroefd en teder Hart.
Nadat ik dit had gedaan, was het alsof Hij me wilde
terugbetalen, en zei: Mijn geliefde dochter, ik zegen je op een bijzondere
manier: ik zegen je hart, je geest, je beweging, je woord, je adem - ik zegen je
helemaal en alles in je.
Ik zeg jullie, mijn zo dierbare Priesters, wees goede
herders voor mijn schapen, want jullie zullen rekenschap moeten geven voor
jullie daden voor mijn Allerheiligste Vader. Mijn kudde is geleidelijk aan het
verdwalen op hun weg en jullie, waar ben je?
Zoek om orde te herstellen in Mijn Kerk. Wees duidelijk in
het preken en in het mediteren over mijn Woord, zodat degenen die naar jullie
luisteren hun geest zouden verrijken.
Jullie weten goed dat deze tijd waarin jullie leven zeer
moeilijk zijn en mijn kinderen verdwaald zijn. Ze vallen beetje per beetje,
zoals dode bladeren. Spreek duidelijk over de Hel, zodat elk van jullie
luisteraars erover nadenken en voor hun redding kiezen.
Ik houd van jullie. Ik heb jullie allen toegewijd aan mijn
Hart vanop het Kruis; stel Mij niet teleur. De tijd wordt korter naarmate ze
vordert. Wees altijd klaar om Mijn kinderen te vergeven wanneer ze naar jullie
biechtstoel lopen. Ik ben er om alle fouten te kunnen vergeven en vooral de
doodzonden.
En jullie, Mijn lieve kinderen, bemin jullie Priesters en
bid voor hen en voor al hun noden. Het huis van Mijn Vader wacht op jullie
allen, omdat na de kastijding er volkomen vreugde heersen, vreugde dat niemand
ooit opnieuw van jullie kan wegnemen.
Verlang het Paradijs met heel jullie hart. Beantwoord Mijn
Geboden positief en jullie zullen beloond worden met het eeuwig leven.
Lieve kinderen, bemin Mijn Moeder. Maak haar tranen tot een
zuiver reiniging voor al jullie daden van ongehoorzaamheid. Ik, Jezus, Zoon van
de Levende God zegen jullie, in naam van de Vader, de Zoon en de H. Geest.
Jezus, jullie Trooster
3/6 Maria, altijd
aanwezig
Moge mijn zegen op
jullie neerdalen. Mijn cenakel brand vandaag van liefde voor Mij
en voor Jezus. We zijn bij jullie en we smeken de Vader, zodat onze kinderen in
staat zijn om te recupereren nadat ze door moeilijke dagen zijn gegaan.
Jullie weten zeer goed dat enkel met gebed jullie in staat zijn
jullie leven in handen te nemen. Jullie prijzen nu nog meer de vrijheid. Jullie
hebben begrepen dat alles van God komt, zelfs al ze jullie zouden willen
overtuigen van het tegengestelde.
God heeft jullie vrij gemaakt, en vrij om te kiezen tussen
goed en kwaad. Mijn kinderen, ik geloof dat deze grenzen, dat jullie rustig
leven in gevaar brengen, tenminste dienen om jullie te doen begrijpen hoezeer
jullie Heer jullie liefheeft door jullie vrijheid te geven.
Ik herhaal: verkwansel deze gave niet, nu dat jullie hebben
bewezen hoe moeilijk het is te leven als de leiders van de wereld iets opleggen
en iets pretenderen. Wees sterk in de overtuiging dat enkel God, die elk en
iedereen kent, jullie ware, heilige en rechtvaardige vrijheid kan aanbieden.
Bid, mijn kinderen. Wees sterk in de zekerheid dat Jezus
altijd bij jullie is en jullie naar Zijn Koninkrijk zal brengen, waar jullie in
staat zullen zijn het kostbaarste goed: zuivere en heilige vrijheid te
genieten.
Bid dat deze onheilspellende beproevingen spoedig zouden eindigen.
Jullie Vader hoort jullie en zal jullie pijn omvormen tot vreugde, verrukking, vrijheid
en vergeving.
Ik beloof jullie dat ik zal bemiddelen voor jullie. Wees
niet bang, maar geloof in de liefde van God. Verrijk jullie leven met gebed en
er zal vreugde plaatsnemen in je hart en jullie ziel vervullen.
Maria aan Gisella Cardia Het begin van de
Apocalyps! 3/6/2020
Uit: www.countdowntothekingdom.com
Mijn
geliefden, dank je om hier verzameld te zijn in deze gezegende plaats en dank
je om geluisterd te hebben naar mijn oproep in jullie hart.
Geliefde
kinderen, maak gebruik van deze tijd om dichter tot God te komen, niet alleen
met gebed, maar vooral met het openen van jullie hart. Ik ben hier opnieuw om
jullie instructies te geven voor wat jullie zullen tegenkomen, want al wat werd
voorbereid voor deze mensheid en voor de ontmoeting met de Antichrist, zal
spoedig gebeuren en hij zal zich openbaren als redder.
Kinderen,
alles stort ineen: de pijn zal groot zijn. Als jullie Jezus niet laten
binnenkomen in jullie hart, zullen jullie niet in staat zijn vrede, liefde en
vreugde te hebben en moeilijke tijden kennen. Kinderen, misschien hebben jullie
nog niet begrepen dat jullie je aan het begin van de Apocalyps bevinden! Bid
voor de Kerk die mij zo genegen is, dat ze spoedig herboren wordt in vereniging
en liefde voor God.
Bid
voor Japan. Vandaag zullen veel genaden neerdalen op jullie en dit zal het
teken zijn van mijn aanwezigheid. Nu laat ik jullie mijn moederlijke zegen, in
naam van de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.
De
Madonna droeg een roze mantel en had een wit hoofddoek op haar hoofd: en aan
haar linkerhand had ze drie rozenkransen.
IN
NAAM VAN DE HEMELSE LEGIOENEN KOM IK NAAR JULLIE MET HET WOORD VAN WAARHEID OP
MIJN LIPPEN OM JULLIE TE ZEGGEN: WIE IS ALS GOD? ER IS NIEMAND ALS GOD!
Negeer de kans niet om een gebed te bidden tot Onze Koning
en Heer Jezus Christus zodat de H. Geest jullie zou willen bijstaan om
spiritueel te groeien.
Op zon bijzondere tijd voor de mensheid, vraag om wat je
ontbreekt en wees gehoorzaam aan de stem van de H. Geest (zie 1 Tess 5:19-21).
Een grote strijd wordt gestreden op spiritueel, moreel en
religieus vlak, en er zullen concepten aan het licht komen dat bedoeld zijn om
jullie Geloof uit te doven
Wankel niet, blijf standvastig en waarheidsgetrouw: toon
zonder angst dat jullie bij Christus behoren, en We zullen je te hulp komen.
BINNEN
DE KERK ZIJN DE LEDEN DAT HAAR VORMEN NIET ALLEN HETZELFDE, MAAR IN 1 DING
MOETEN ZE VERENIGD ZIJN: IN TROUW EN LIEFDE TEGENOVER GOD. Wat
de ziel is met trekking tot het menselijk lichaam is de H. Geest met betrekking
tot het Lichaam van Christus, dat de Kerk is. De H. Geest werkt in de Kerk op
gelijkaardige wijze tot de ziel in alle leden van een lichaam.
WEES
NIET BANG VAN NIEUWS VAN DE OPSCHORTING VAN HET EUCHARISTISCH VOEDSEL: ZE
WILLEN JULLIE IN VERWARRING BRENGEN OM HET GELOOF TE ONDERMIJNEN VAN GODS VOLK.
DE
VRIJMETSELARIJ ZAL ZIJN GROOTSTE WAPENS GEBRUIKEN TEGEN DE KINDEREN VAN ONZE
KONINGIN EN MOEDER VAN HEMEL EN AARDE, UIT VREES VERPLETTERD TE WORDEN DOOR DE
VROUWE GEKLEED MET DE ZON, MET DE MAAN ONDER HAAR VOETEN
(Openb 12:1). Jullie moeten blijven de taken van jullie staat als kinderen van
God verder zetten, zij dragen de Sacramenten als schild, de Zaligheden als
schoeisel, de Werken van Barmhartigheid als vleugels voor jullie voeten, de Geboden
als zwaard en de liefde voor God en de naaste als jullie kenmerk waardoor
jullie onderscheiden zijn van de anderen.
Bid met betrekking op voortdurende ziekten die zullen
opnieuw verschijnen.
Bid met betrekking de gesel van grote aardbevingen.
Bid voor Frankrijk en Duitsland, ze zullen lijden.
Bid voor de effecten van water op de continenten.
KINDEREN
VAN GOD EN ONZE KONINGIN EN MOEDER VAN HEMEL EN AARDE, DE CONTINENTEN SCHUIVEN
UITEEN.
DE ZON
ZAL HITTE UITSTOTEN, DAT DE AARDE ZAL TREFFEN, EN DEGENEN DIE NIET HEBBEN
GELOOFD ZULLEN ZICH HERINNEREN WAT DE HEMEL HEEFT AANGEKONDIGD EN BEVEN IN
VERSCHRIKKING EN ANGST OP DAT MOMENT.
Thailand zal zwaar lijden: het zal beven en het water zal het
overstromen.
Beproevingen voor de mensheid zullen geen uitstel kennen:
wat de mens bezig houdt zal komen. De economie zal haperen en vallen, met de
ene wereldmunt als uitgangspunt voor de heerschappij van de wereldorde.
Volk van God, behoud jullie geloof: dit is niet de tijd om
te wankelen, dit is de tijd om trouw te geloven boven al het andere.
De mens heeft niet de nederigheid om eerst God te zoeken en
dan naar zichzelf te kijken, jullie zouden anders moeten ingesteld zijn,
schijnen temidden van de duisternis dat de Aarde binnendringt. (zie Matt 5:16)
Wees voortdurend Christus-zoekers. Jullie navigeren in
stormachtige wateren, temidden orkanen en cyclonen, in het bewustzijn dat met
Onze Koning en Heer Jezus Christus jullie alle dingen kunnen.
WEES
NIET BANG, JULLIE MOETEN JULLIE DENKEN RICHTEN OP ONZE KONING EN HEER JEZUS
CHRISTUS ZODAT JULLIE GELOOF NIET ZOU VERMINDEREN EN ZODAT JULLIE DE GENADE EN
VOLHEID VAN DE H. GEEST ZOUDEN HEBBEN: DE VERZEKERING VAN GODDELIJKE BIJSTAND.
Wees niet ontmoedigd als sommige mensen hun geloof
verliezen: richt je blik naar de Hemel en reik de handen van jullie Koningin en
Moeder.
Als jullie metgezellen op reis, zullen we jullie niet in de
steek laten.
Bid met geloof, bid met een nederig hart, en jullie zullen
zegeningen ontvangen die jullie versterken op jullie weg.
In naam van de Allerheiligste Drie-eenheid.
WIE IS
ALS GOD? ER IS NIEMAND ALS GOD!
H. Aartsengel Michael
3 x
WEES GEGROET ONBEVLEKTE MARIA, ZONDER ZONDE ONTVANGEN