Ze lijken de stad langzaam terug op orde te krijgen. De meeste van mijn collega's hebben terug stroom, de meeste verkeerslichten werken ook terug, en de "driving ban" is verlicht tot een "travel advisory". Dat is echter maar vanavond gebeurd, dus de unief moest noodgedwongen vandaag dichtblijven. Het is symptomatisch voor de sfeer in de groep dat iedereen (maar dan ook echt iedereen) er vanochtend om 9 uur was, inclusief prof. C., die thuis nog steeds geen electriciteit heeft, en zich heel de namiddag heeft lopen afvragen waar zijn secretaresse nu toch bleef ... Voor de rest was de campus uitgestorven, op een hoop verkleumde studenten in de bibliotheek na. De temperatuur is hier vannacht tot onder het vriespunt gedaald, en als ge dan geen verwarming hebt is het even schrikken bij het wakkerworden, surtout omdat de huizen hier quasi niet geisoleerd zijn. Ergo, 30F buiten = 30F binnen en het water in uw WC is ook bevroren. Dat soort zorgen heb ik niet gehad, het enige probleem was dat Tracy enkele vrienden had uitgenodigd om dan maar bij ons in de living te overnachten. Eén koppel (tot daar alles ok), twee kleine kinderen die heel de dag ge-entertaind moesten worden (door Tracy) met als resultaat een ontstellende hoeveelheid verschrikkelijk veelkleurige koekjes (de meeste hebben ze gelukkig ook zelf opgegeten, de foto is enkel wat over is), en tot slot ook nog de twee honden van de familie. Gelukkig had M.G. 's avonds andere plannen, en heeft hij me meegenomen naar een etentje bij een vriendin: het gezelschap bestond uit drie Italia(a)n(s)en, een Roemeen, een Slovaak (M.G.), en Japanner, een Amerikaan en ik. Het diner zelf bestond uit lasagna, en het was eigenlijk heel gezellig. De verhalen gingen weliswaar over mensen die ik nog nooit ontmoet had, en eerdere legendarische feestjes in Buffalo en wijde omstreken, inclusief steeds groter wordende hoeveelheden geconsumeerde drank, maar het bleef toch aangenaam. Ondanks het feit dat het merendeel van het gezelschap Europees was, stonden ze erop de fles sherry die M.G. had meegebracht "port" te noemen. Rond elf uur was ik dus thuis, om middenin het kinderen-honden-en-koekjes-inferno terecht te komen. Nog een kleine opmerking over het organisatietalent van die Amerikanen. Ofwel hebben ze op twee dagen tijd vanuit alle kanten van het continent bulldozers naar hier verscheept, ofwel is er ergens in Buffalo een opslagplaats ter grootte van het Heizelstadion waar die dingen bumper aan bumper drie verdiepingen hoog geparkeerd staan. Gisterennacht bij het naar huis rijden was er *elke twee straten* zo'n ding bezig stukken boom in vrachtwagens te laden. Daarmee zijn natuurlijk de electriciteitsdraden nog niet gerepareerd, maar niettemin zag het er vanochtend al een stuk presentabeler uit.