Nog eens speeltijd voor de Hiesentriets in T'Hezac: VIDE GRENIER.
Zondag 30 mei 2015.
Dausse Massoulles 7kilometer.
Om de begeleidsters de kans te geven de rommelmarkt in THezac te bezichtigen en onveilig te maken, is er voor mij een korte tocht gepland. Dit maakt het eenvoudiger om de verbinding te maken. Morgen is het dan weer normaal tarief richting Agen.
Normaal gezien zouden we binnen 10 dagen de vierde wimpel moeten halen. We zitten dan pal aan de Frans-Spaanse grens in Saint Jean Pied de Port.
Vandaar zou het nog een 900 kilometer wandelen zijn. We hebben dan ruim 1400 kilometer, meer dan de helft achter de rug. Niet dat ik begin af te tellen, maar het doet me toch wat te weten dat die beide voetjes zulke getallen hebben te verduren gehad. Elke morgen, wil ik mij bewust maken dat ik niet een klein beetje mazzel heb dat deze inspanning kan geleverd worden door mijn lichaam. Hoeveel zouden het willen doen, maar er niet toe in staat zijn, alleen al maar om hun fysiek onvermogen. Dat mijn lichaam dit zo maar verwerkt zonder letsel, zonder hinder, zonder pijn is niet zo normaal. Ik ben er mij bewust van en ik ben er ook iemand dankbaar voor. Ik weet eigenlijk niet wie ik daarom danken moet. Ik noem mijn gepeins geen gebed, ook geen geprevel. Zou ik het waardering durven noemen voor die ene createur? Ook respect en aanvaarding om welke kansen ik krijg en door welke beperkingen ik mijn grenzen moet aanvaarden.
Hier in Dausse is het nu zondag voormiddag. En wat dacht je niets dat beweegt. Er is geen terrasje waar ik de gezelligheid van dit Franse ritueel door mijn keel kan laten glijden. In grotere centra waar zich wel een bar met annex terras bevindt, zitten die Fransmannen met elkaar dan te socialiseren en bij te praten bij een klein tasje koffie of een Picon, Ricard of af en toe wel een glaasje Lot-Cabarnet wijn. Mensen werken hier wel in deze streek. De agrarische industrie is wel de voornaamste bron van inkomsten en de vele velden die je tegenkomt met graangewassen, boomgaarden pruimelaars en notelaars, en alle wijngaarden zijn prachtig onderhouden. Geen enkele tuin aan een woning waar het gras niet werd afgereden. Alle hoven zijn netjes onderhouden en intensief verzorgd en besproeid.
De huizen zelf zijn aan een laagje verf toe, ook barsten in de gevels worden niet bijgewerkt. De luiken zijn soms scheef gezakt en autos zijn duidelijk reeds maanden niet in bad geweest. Maar zo lijkt me ondertussen de mentaliteit van de doorsnee Fransman wel te zijn. Niet de hoedanigheid van mijn habitat waar ik in leef en slaap moet hoog zijn, wat ik eet en drink moet goed en lekker zijn en bovendien voorzien zijn van een hoog kwaliteitslabel. Bij ons durft dat al eens anders te liggen.
Gisteren zijn we met de Hiesentriets een Pizza gaan eten in een plaatselijke soort Pizza hut van een jong koppeltje dat ( naar de infrastructuur en hun eigen leeftijd te zien) onlangs startte met hun Pizzazaak. Kei propere keuken, netjes aangeklede en vriendelijke mevrouw, heel voorkomend, en vooral beleefd. Het spreekt aan en alles in fel contrast met de rest van het dorpje hier. Alle andere handelszaken zijn vanaf 13 uur gesloten. Deze jonge mensen willen werken en geloof me, de telefonische bestellingen liepen hier binnen zoals de telefonische klachten op de consumentendienst van de Belgische NMBS. Heel druk dus .
We vroegen ons bij wijlen af of deze hard werkende jonge mensen wel van Frankrijk waren! Maar dat is bijzaak.
We keren terug naar ons vertrouwd kerkpleintje en drinken nog een glaasje wijn, luisteren naar en zingen w(z)at mee met muziek van Leonard Cohen (Lover, lover, lover,lover ) Joe Dasin (lEté Indiain), Joe Cocker (Hymne for my soul), Albert hamond ( music and a free electric band) Jack Johnson ( At or with me mijn super voorkeur. Als de torenklok boven ons hoofd zijn tien klepelslagen luidt is het tijd voor mij om onder de flanel en er de tussen verstopte veertjes te kruipen. Ik slaap dan ook al vast als enig klauter, wring en grijpwerk van de wederhelft me uit mijn REM-fase haalt en ik was net zo goed en heerlijk aan het dromen over dit ongelooflijk Compostella avontuur.
Vanavond eten we dus die kiek met de appelmoes, want die staat ondertussen nog van gisterenavond op het vuur. Ze zal nu wel mals genoeg zijn beweert één van onze keukenexperts. Ik doe straks wel een controle.
Tot morgen.
Digitale communicatie: Zuster, ik wil de wereld iets vertellen.
zaterdag 30 mei 2015.
Lacapelle-Cabanac Dausse 23,3 kilometer.
Er werd gisteren even gebriefd dat er in THezac, zowat 8 kilometer van onze vertrekplaats, een vide de grenier plaats vindt tijdens les fêtes de THezac. Deze plaats bevindt zich op 1/4 van onze tocht vandaag. De rommelmarkt vindt plaats op zondag 31 mei en dus trachten we de dames wat bij te treden. Er wordt vandaag tot Dausse (23,5km) gewandeld. Terwijl kunnen de Hiesentriets naar de plaatselijke groenten en fruitmarkt. Ik loop mijn kilometers. Morgen kunnen zij dan de rommelmarkt doen in Thezac, terwijl ik mijn laatste 6 kilometers loop van Dausse naar Sarrazy. Na de rommelmarkt komt Sonja mij daar dan oppikken. Zo heeft iedereen zijn ding gehad.
Ik doe onderweg een berichtje naar een bevriende eerwaarde zuster die ik al enkele jaren respecteer omwille van haar objectiviteit, zeer integere Christelijke instelling en daarenboven toegewijde geestelijke professie. Voor mij een persoon die ik waardeer en vooral naar wie ik opkijk.
Om mijn verhaal dat nu volgt enige duiding en klaarheid te bieden, dien ik even te recapituleren in mijn leven. Niet om u, als lezer, in enige droevige sfeer onder te dompelen, noch om enig medelijden te ontlokken doe ik dit verhaal, maar het dient enkel om de epiloog die volgt te verduidelijken.
Mijn moeder was de oudste van 5 meisjes en heeft lange tijd haar vier zussen mee helpen opvoeden nadat haar eigen moeder op jonge leeftijd stierf. Zijzelf heeft op haar 27 jaar reeds vier kinderen, (1950-1951-1952-1953) waarvan de jongste 6 maanden is wanneer zij sterft op 27 jarige leeftijd in 1954. De twee oudste kindere een jongen en het meisje ) worden erg snel toegewezen (zeg maar opgeëist) door de kinderloze zus van mijn vader en haar echtgenoot. Na enige domicilie-adressen voor de twee jongste, (huisvestingen die elkaar opvolgen zoals adressen in een tour de France), komt de derde jongste terecht bij de vier ongehuwde zussen van de moeder. De jongste telg wordt opgevangen in een weeshuis, maar komt een jaar later dan toch ook terecht bij zijn oudere broer en de vier tantes en een grootvader. Daardoor ontstaat er een meest goede oplossing voor een zeer slechte situatie. De tantes doen al wat ze in hun macht hebben om deze opgedrongen kinderen op te voeden zoals het kan. Er ontstaat voor mij een bron van schuld waar niemand iets kon aan doen, maar die vanaf mijn zesde levensmaand reeds begint te tellen.
Eén van de tantes trad op mijn 4 jaar in het klooster en ook dat heeft me erg aangegrepen omdat ik weer een erg vertrouwd persoon uit mijn leven zag verdwijnen. Nog een tante trad op mijn 6 jaar in het huwelijk. Mijn vertrouwde situatie was een heel labiele situatie geworden. Plots en onverwacht haakten personen af en vielen de één na de andere weg. De twee tantes die overbleven zijn ook zeer trouw ongehuwd gebleven omwille van hun pedagogisch engagement voor ons naar hun oudere overleden zus toe. Tot na mijn trouwfeest op mijn 21 ste heb ik de schuld-teller zien oplopen. Nooit zou ik in staat zijn deze schuldsaldo lening nog ooit te vereffenen. Ik weet nog zo goed, om maar één voorbeeld aan te halen, dat ik tijdens mijn studies in Meulebeke op maandagmorgen thuis vertrok. Mijn tante overhandigde me dan het geld om de trein te betalen(157 frank heen reis en 157 frank terug reis). Het werd een ritueel dat ik haar enigszins verlegen zei dat ik zaterdag wel al liftend naar huis zou komen Meestal moest zij me dus maar eenmaal 157 frank overhandigen.
Er zijn nog zoveel toestanden die verduidelijken dat we opgroeiden met een enorm schuldgevoel naar die tantes hun opgave toe. Op de grafzerk van tante Lea staat nog altijd het woord RESPECT. Voor Luk en voor mij een ultiem gebaar van waardering.
Waarom vertel ik dit nu? Over enkele jaren werd mijn tante nonneke (zo noemden we haar) in het klooster getroffen door een cerebrale aandoening waardoor zij heel moeilijke tolereerbare sociale gedragingen begon te vertonen in het gemeenschapsleven dat binnen de kloostermuren geldt. De Eerwaarde Zuster overste waarvan eerder sprake was in dit verhaal heeft toen mijn broer en mezelf met onze echtgenotes geraadpleegd. Dit om advies en zekerheid te verkrijgen dat ze niet verkeerd deed door de kloosterzuster (mijn tante ) te laten observeren in een psycho-geriatrische instelling en haar eventueel achteraf aan de hand van de diagnose in een gespecialiseerde dienst te laten opvangen. Wij hebben haar steeds in de volle besluitvorming ondersteund en bijgetreden. We gaven binnen onze mogelijkheden onze volledige steun en ook ons vertrouwen.
De andere tweelingzus (eeneiige tweeling) van mijn tante kloosterlinge is mijn tante die me mee hielp opvoeden. Ze woont nog steeds alleen (87 jaar), maar is erg afhankelijk van hulp en bijstand in vele dagelijkse activiteiten. Uiteraard zijn mijn broer en ik haar nog heel veel bijstand, ondersteuning en aanmoediging verschuldigd.
Wanneer er plots bij die tante symptomen opduiken die ons, de mantelhulp, de wenkbrauwen doen fronsen omwille van niet echt goede coöperatie en slecht en mank vertrouwen wordt er door ons ook wel eens beroep gedaan op mensen die professionele hulp kunnen bieden.
En nu komt de epiloog: Zo werd aan die eerder genoemde zuster-overste waar ik zo naar opkeek, enig advies in dezer gevraagd. Op mijn noodkreet kreeg ik een zeer koud en abrupt antwoord dat niet ter zake was: in familiale geschillen wens ik me niet te moeien. (sic). Een zeer zware deur viel voor mijn neus met een zware doffe klop in het slot. Al wekenlang is er een fly en go door mijn hoofd. Ik kan dit antwoord maar niet vatten en besluit deze morgen om via een digitaal SMS-je de zuster te melden dat ik op dit antwoord echt niet rekende. Ze antwoordde me dat ze niet de bedoeling had deze frustratie bij mij los te weken en nodigt me na de Compostella tocht uit voor een meer accuraat gesprek. Ongetwijfeld is er tegen dan al veel verloren tijd in te halen. Niet echt mijn stijl, maar nog altijd beter laat dan nooit. Ik heb voor mijn tante heel opoffering over, maar blijkbaar is er een gebrek aan vertrouwen dat zijn oorsprong vindt in één of andere mentale tekortkoming. Ook de huisarts wil in deze niet bevolen worden
Ik ben dus heel blij met het antwoord van de zuster want Compostella is voor mij ook een beetje dingen loslaten en oplossingen zoeken waar deze nog mogelijk zijn. Tijd genoeg om te denken.
Deze avond is er kip op het menu, appelmoes en gebakken patatjes uit de Lot.
Trouwens de tocht vandaag verliep zeer vlot. Ik had ook contact met Regine in verband met Rudy zijn toestand. Ze zullen waarschijnlijk een stuk van zijn hielbeen moeten amputeren. Ik tracht mij een beetje in die mensen hun problemen in te leven. Hoe durf ik over mijn vraagstuk zo uitgebreid te herkauwen?
Morgen ga ik terug ter zake uitgebreid rapporteren.
Als er weinig fotos doorkomen ligt dat aan de soort GSM verbinding die ik heb hier ter plaatse:
EDGE = geen fotos
2 G = ENKELE FOTOs, beperkt in MB
3G = MAXIMAAL 6 FOTOs maar ook beperkt in een groter aantal MB
Zo, dat weten jullie ook maar weer.
Digitale communicatie: Zuster, ik wil de wereld iets vertellen.
zaterdag 30 mei 2015.
Lacapelle-Cabanac Dausse 23,3 kilometer.
Er werd gisteren even gebriefd dat er in THezac, zowat 8 kilometer van onze vertrekplaats, een vide de grenier plaats vindt tijdens les fêtes de THezac. Deze plaats bevindt zich op 1/4 van onze tocht vandaag. De rommelmarkt vindt plaats op zondag 31 mei en dus trachten we de dames wat bij te treden. Er wordt vandaag tot Dausse (23,5km) gewandeld. Terwijl kunnen de Hiesentriets naar de plaatselijke groenten en fruitmarkt. Ik loop mijn kilometers. Morgen kunnen zij dan de rommelmarkt doen in Thezac, terwijl ik mijn laatste 6 kilometers loop van Dausse naar Sarrazy. Na de rommelmarkt komt Sonja mij daar dan oppikken. Zo heeft iedereen zijn ding gehad.
Ik doe onderweg een berichtje naar een bevriende eerwaarde zuster die ik al enkele jaren respecteer omwille van haar objectiviteit, zeer integere Christelijke instelling en daarenboven toegewijde geestelijke professie. Voor mij een persoon die ik waardeer en vooral naar wie ik opkijk.
Om mijn verhaal dat nu volgt enige duiding en klaarheid te bieden, dien ik even te recapituleren in mijn leven. Niet om u, als lezer, in enige droevige sfeer onder te dompelen, noch om enig medelijden te ontlokken doe ik dit verhaal, maar het dient enkel om de epiloog die volgt te verduidelijken.
Mijn moeder was de oudste van 5 meisjes en heeft lange tijd haar vier zussen mee helpen opvoeden nadat haar eigen moeder op jonge leeftijd stierf. Zijzelf heeft op haar 27 jaar reeds vier kinderen, (1950-1951-1952-1953) waarvan de jongste 6 maanden is wanneer zij sterft op 27 jarige leeftijd in 1954. De twee oudste kindere een jongen en het meisje ) worden erg snel toegewezen (zeg maar opgeëist) door de kinderloze zus van mijn vader en haar echtgenoot. Na enige domicilie-adressen voor de twee jongste, (huisvestingen die elkaar opvolgen zoals adressen in een tour de France), komt de derde jongste terecht bij de vier ongehuwde zussen van de moeder. De jongste telg wordt opgevangen in een weeshuis, maar komt een jaar later dan toch ook terecht bij zijn oudere broer en de vier tantes en een grootvader. Daardoor ontstaat er een meest goede oplossing voor een zeer slechte situatie. De tantes doen al wat ze in hun macht hebben om deze opgedrongen kinderen op te voeden zoals het kan. Er ontstaat voor mij een bron van schuld waar niemand iets kon aan doen, maar die vanaf mijn zesde levensmaand reeds begint te tellen.
Eén van de tantes trad op mijn 4 jaar in het klooster en ook dat heeft me erg aangegrepen omdat ik weer een erg vertrouwd persoon uit mijn leven zag verdwijnen. Nog een tante trad op mijn 6 jaar in het huwelijk. Mijn vertrouwde situatie was een heel labiele situatie geworden. Plots en onverwacht haakten personen af en vielen de één na de andere weg. De twee tantes die overbleven zijn ook zeer trouw ongehuwd gebleven omwille van hun pedagogisch engagement voor ons naar hun oudere overleden zus toe. Tot na mijn trouwfeest op mijn 21 ste heb ik de schuld-teller zien oplopen. Nooit zou ik in staat zijn deze schuldsaldo lening nog ooit te vereffenen. Ik weet nog zo goed, om maar één voorbeeld aan te halen, dat ik tijdens mijn studies in Meulebeke op maandagmorgen thuis vertrok. Mijn tante overhandigde me dan het geld om de trein te betalen(157 frank heen reis en 157 frank terug reis). Het werd een ritueel dat ik haar enigszins verlegen zei dat ik zaterdag wel al liftend naar huis zou komen Meestal moest zij me dus maar eenmaal 157 frank overhandigen.
Er zijn nog zoveel toestanden die verduidelijken dat we opgroeiden met een enorm schuldgevoel naar die tantes hun opgave toe. Op de grafzerk van tante Lea staat nog altijd het woord RESPECT. Voor Luk en voor mij een ultiem gebaar van waardering.
Waarom vertel ik dit nu? Over enkele jaren werd mijn tante nonneke (zo noemden we haar) in het klooster getroffen door een cerebrale aandoening waardoor zij heel moeilijke tolereerbare sociale gedragingen begon te vertonen in het gemeenschapsleven dat binnen de kloostermuren geldt. De Eerwaarde Zuster overste waarvan eerder sprake was in dit verhaal heeft toen mijn broer en mezelf met onze echtgenotes geraadpleegd. Dit om advies en zekerheid te verkrijgen dat ze niet verkeerd deed door de kloosterzuster (mijn tante ) te laten observeren in een psycho-geriatrische instelling en haar eventueel achteraf aan de hand van de diagnose in een gespecialiseerde dienst te laten opvangen. Wij hebben haar steeds in de volle besluitvorming ondersteund en bijgetreden. We gaven binnen onze mogelijkheden onze volledige steun en ook ons vertrouwen.
De andere tweelingzus (eeneiige tweeling) van mijn tante kloosterlinge is mijn tante die me mee hielp opvoeden. Ze woont nog steeds alleen (87 jaar), maar is erg afhankelijk van hulp en bijstand in vele dagelijkse activiteiten. Uiteraard zijn mijn broer en ik haar nog heel veel bijstand, ondersteuning en aanmoediging verschuldigd.
Wanneer er plots bij die tante symptomen opduiken die ons, de mantelhulp, de wenkbrauwen doen fronsen omwille van niet echt goede coöperatie en slecht en mank vertrouwen wordt er door ons ook wel eens beroep gedaan op mensen die professionele hulp kunnen bieden.
En nu komt de epiloog: Zo werd aan die eerder genoemde zuster-overste waar ik zo naar opkeek, enig advies in dezer gevraagd. Op mijn noodkreet kreeg ik een zeer koud en abrupt antwoord dat niet ter zake was: in familiale geschillen wens ik me niet te moeien. (sic). Een zeer zware deur viel voor mijn neus met een zware doffe klop in het slot. Al wekenlang is er een fly en go door mijn hoofd. Ik kan dit antwoord maar niet vatten en besluit deze morgen om via een digitaal SMS-je de zuster te melden dat ik op dit antwoord echt niet rekende. Ze antwoordde me dat ze niet de bedoeling had deze frustratie bij mij los te weken en nodigt me na de Compostella tocht uit voor een meer accuraat gesprek. Ongetwijfeld is er tegen dan al veel verloren tijd in te halen. Niet echt mijn stijl, maar nog altijd beter laat dan nooit. Ik heb voor mijn tante heel opoffering over, maar blijkbaar is er een gebrek aan vertrouwen dat zijn oorsprong vindt in één of andere mentale tekortkoming. Ook de huisarts wil in deze niet bevolen worden
Ik ben dus heel blij met het antwoord van de zuster want Compostella is voor mij ook een beetje dingen loslaten en oplossingen zoeken waar deze nog mogelijk zijn. Tijd genoeg om te denken.
Deze avond is er kip op het menu, appelmoes en gebakken patatjes uit de Lot.
Trouwens de tocht vandaag verliep zeer vlot. Ik had ook contact met Regine in verband met Rudy zijn toestand. Ze zullen waarschijnlijk een stuk van zijn hielbeen moeten amputeren. Ik tracht mij een beetje in die mensen hun problemen in te leven. Hoe durf ik over mijn vraagstuk zo uitgebreid te herkauwen?
Morgen ga ik terug ter zake uitgebreid rapporteren.
Als er weinig fotos doorkomen ligt dat aan de soort GSM verbinding die ik heb hier ter plaatse:
EDGE = geen fotos
2 G = ENKELE FOTOs, beperkt in MB
3G = MAXIMAAL 6 FOTOs maar ook beperkt in een groter aantal MB
Zo, dat weten jullie ook maar weer.
En plots na de streek van de Quercy is het weer wandelen tussen de wijngaarden.
vrijdag 29 mei 2015.
Mas Sarat Lacapelle-Cabanac 27,4 kilometer.
En plots na de streek van de Quercy is het weer wandelen tussen de wijngaarden.
Gisteren zaten we blijkbaar weer midden in een zwarte vlek van de Franse GSM verbinding. Het bestaat hier dus wel degelijk en veel in het land van le pain, le boursin, le vin et le GSM-chagrin. Regelmatig komen we in zones waar echt geen enkele provider een antennetje heeft staan. Dus daardoor kwam de blogtekst van gisteren pas vandaag door.
Vrij vroeg wederom vanonder de veertjes. Net niet voldoende zuiver om van een helblauwe hemel te spreken. Ik doe toch maar een body warmer aan om te vertrekken. Het zijn hier toch wel kleppers van heuveltjes. Reeds van bij het begin wordt een aarden pad gekozen langs waar ik me opwaarts wring tussen allerlei omhoog en opgeschoten bramen, varens, wilde bloemen en gras in zaad. Ik voel me wel in goede doen, blijf nog steeds voldoende herstellen en voel geen opstapeling van melkzuur of afvalstoffen in mijn spieren. Ik wandel als een jonge ree, en dat brengt me naadloos bij het volgende item.
Als je zo stil en alleen door de bossen wandelt, gebeurt het wel eens dat je diertjes verrast. Plots op 30 meter voor mij zit een haas op zijn achterste geplooide poten samen met een kleine ree te grazen. Ze hebben mij zelfs niet opgemerkt. Ik houd halt en kijk die prachtige lenige viervoeter recht in de ogen.
De haas ziet mij en wipt voor het ree-jong het bos in aan de andere zijde. Het door jagers zo begeerde doelwit wipt soepel en zonder aanloop over de bosrand, de haas achterna. Geen sprake van om uw fototoestel te gebruiken want het gaat allemaal zo snel, en ook je bent zo verwonderd dat beredeneerde actie achterwege blijft. Ook dat heb ik dan weer eens mee gemaakt denk ik toch vergenoegd bij mijzelf.
Na een tijdje wandelen schrijd ik geurend en snuivend door een klein gehuchtje. Ik ruik de geur van gebakken brood. Dus moet hier in de omgeving een bakker wonen. Neen, ik wandel een huis rechts van mij, voorbij. Links, aan de overkant van de straat bevindt zich zowaar een broodoven die met de opening naar de straatkant staat. Ik ontwaar een bakoven die staat af te koelen. Drie broden zie ik liggen naast een stapeltje smeulende asse.
Onder weg bedenk ik een paar dingen die mij door de drukte der familie-reunie een beetje zijn ontgaan. In Laval de Cère haalde ik de derde van de zes te halen wimpels. Dus op dat vlak zitten we aan 50%. Ook op woensdag wanneer ik wandelde van Rocamadour naar Frayssinet overschreed ik de 1000 kilometer te voet. De totale tocht zou om en bij de 2300 kilometer zijn. Vandaag heb ik totaal 1054 kilometer. Nog een kleine 100 kilometer en dan zijn we dus halverwege deze tocht. Goed bezig denken wij allen.
De unieke ploeg spreekt af in Puy de LEveque. Een klein stadje met maar één brug over de rivier De Lot. Een heel oud gedeelte van de stad is mooi gerestaureerd en zeer zeker een bezoek waard. Fijne kleine steegjes waar geen auto door kan en mag. Een lintbebouwing van heel lage en kleine woningen die dan weer wel en dan weer niet aan elkaar vastgeklonken zijn. Geen uniforme architectuur, ook geen bouwkundige hoogstandjes, wel eenvoudige gevels, zoals wij ze als kind en peuter tekenden op papier. Zo eenvoudig kan dat zijn.
Marie Rose merkt op dat dit één van de prachtigste streken is van Frankrijk die ze tot nu toe al zag. De Provence komt nog altijd op de eerste plaats. Misschien rijden we na dit avontuur wel eens naar de Mont Ventoux. Ik wou die al zo lang eens te voet beklimmen.
De kerk en de Mairie van Puy de LEveque zijn een foto waard. Mocht het van mij afhangen dan had ik zeer zeker hier wat langer gebleven. De afspraak was echter om tussen 12.00 en 13.00 uur aan de brug ajuinsoep met korstjes te nuttigen. Miet en Sien Hiesentriet hadden zich gewaagd aan deze soep. Ik wilde er ruim op tijd zijn want die ajuinsoep zou wel eens een turbo motor kunnen doen aanslaan. Zolang het maar niets doet exploderen denk ik, want ajuin en ik wekt op mijn digestief systeem als een Molotof-cocktail. Ze waren verwittigd, dus geen klagers achteraf. Blijkbaar heeft één van de dames bij een bezoek aan de stad achteraf, zelfs de achterkant van het kerkhof niet meer bereikt. Er moest een risico worden genomen aan de voorkant Eigen schuld, dikke bult.
Ik stap dan maar rustig verder naar ons eindpunt in Mauroux. De heimat wordt echter opgeslagen in Lacapelle-Cabanac. Tijdens deze laatste kilometers passeer ik het ene wijnkasteel na het andere. Dit is dus wijn uit de Lot. Wat ben ik aanvankelijk blij geweest dat mijn traject perfect evenwijdig de hoogtelijnen volgt. Ik zie links naast mij de wijngaarden (waar ik letterlijk doorheen loop) die vervaarlijk op de zuidflank hoog omhoog lopen. Ook de berg en bosgordel daarboven doen bij mij een mysterie oprijzen. Zou ik via een smalle doorgang door deze heuvel kunnen doorglippen of moet ik tijdens de ultieme kilometers nog over deze zweetverger. Het laatste is het geval. Ik moet erover. Het begint hier plots te stijgen en warempel, ik, en vooral mijn benen zijn hun soepele en ritmische tred plots zoek. Nog een 3,6 kilometer tot aan het eindpunt. Moet ik daarvoor zo kort bij het einde zijn om nog eens goed mijn hemd en broek nat te maken van het zweet? Ik kom boven op de berg aan en weet mij heel gelukkig deze tocht weer afgewerkt te hebben.
Deze avond bezorgt het keukenteam Caisinées a la graisse de canard à lail et au persil avec un salade froid, mélangé . On combine ca avec un steak de Limousin. Tous cela acompagné avec un vin rouge du Lot. Niks minder en ook niks meer. Ik weet heel zeker dat er velen voor minder te voet naar Compostella zouden trekken.
Morgen weer een nieuw verhaal over de tocht naar Sarazy (29 kilometer)
En plots na de streek van de Quercy is het weer wandelen tussen de wijngaarden.
vrijdag 29 mei 2015.
Mas Sarat Lacapelle-Cabanac 27,4 kilometer.
En plots na de streek van de Quercy is het weer wandelen tussen de wijngaarden.
Gisteren zaten we blijkbaar weer midden in een zwarte vlek van de Franse GSM verbinding. Het bestaat hier dus wel degelijk en veel in het land van le pain, le boursin, le vin et le GSM-chagrin. Regelmatig komen we in zones waar echt geen enkele provider een antennetje heeft staan. Dus daardoor kwam de blogtekst van gisteren pas vandaag door.
Vrij vroeg wederom vanonder de veertjes. Net niet voldoende zuiver om van een helblauwe hemel te spreken. Ik doe toch maar een body warmer aan om te vertrekken. Het zijn hier toch wel kleppers van heuveltjes. Reeds van bij het begin wordt een aarden pad gekozen langs waar ik me opwaarts wring tussen allerlei omhoog en opgeschoten bramen, varens, wilde bloemen en gras in zaad. Ik voel me wel in goede doen, blijf nog steeds voldoende herstellen en voel geen opstapeling van melkzuur of afvalstoffen in mijn spieren. Ik wandel als een jonge ree, en dat brengt me naadloos bij het volgende item.
Als je zo stil en alleen door de bossen wandelt, gebeurt het wel eens dat je diertjes verrast. Plots op 30 meter voor mij zit een haas op zijn achterste geplooide poten samen met een kleine ree te grazen. Ze hebben mij zelfs niet opgemerkt. Ik houd halt en kijk die prachtige lenige viervoeter recht in de ogen.
De haas ziet mij en wipt voor het ree-jong het bos in aan de andere zijde. Het door jagers zo begeerde doelwit wipt soepel en zonder aanloop over de bosrand, de haas achterna. Geen sprake van om uw fototoestel te gebruiken want het gaat allemaal zo snel, en ook je bent zo verwonderd dat beredeneerde actie achterwege blijft. Ook dat heb ik dan weer eens mee gemaakt denk ik toch vergenoegd bij mijzelf.
Na een tijdje wandelen schrijd ik geurend en snuivend door een klein gehuchtje. Ik ruik de geur van gebakken brood. Dus moet hier in de omgeving een bakker wonen. Neen, ik wandel een huis rechts van mij, voorbij. Links, aan de overkant van de straat bevindt zich zowaar een broodoven die met de opening naar de straatkant staat. Ik ontwaar een bakoven die staat af te koelen. Drie broden zie ik liggen naast een stapeltje smeulende asse.
Onder weg bedenk ik een paar dingen die mij door de drukte der familie-reunie een beetje zijn ontgaan. In Laval de Cère haalde ik de derde van de zes te halen wimpels. Dus op dat vlak zitten we aan 50%. Ook op woensdag wanneer ik wandelde van Rocamadour naar Frayssinet overschreed ik de 1000 kilometer te voet. De totale tocht zou om en bij de 2300 kilometer zijn. Vandaag heb ik totaal 1054 kilometer. Nog een kleine 100 kilometer en dan zijn we dus halverwege deze tocht. Goed bezig denken wij allen.
De unieke ploeg spreekt af in Puy de LEveque. Een klein stadje met maar één brug over de rivier De Lot. Een heel oud gedeelte van de stad is mooi gerestaureerd en zeer zeker een bezoek waard. Fijne kleine steegjes waar geen auto door kan en mag. Een lintbebouwing van heel lage en kleine woningen die dan weer wel en dan weer niet aan elkaar vastgeklonken zijn. Geen uniforme architectuur, ook geen bouwkundige hoogstandjes, wel eenvoudige gevels, zoals wij ze als kind en peuter tekenden op papier. Zo eenvoudig kan dat zijn.
Marie Rose merkt op dat dit één van de prachtigste streken is van Frankrijk die ze tot nu toe al zag. De Provence komt nog altijd op de eerste plaats. Misschien rijden we na dit avontuur wel eens naar de Mont Ventoux. Ik wou die al zo lang eens te voet beklimmen.
De kerk en de Mairie van Puy de LEveque zijn een foto waard. Mocht het van mij afhangen dan had ik zeer zeker hier wat langer gebleven. De afspraak was echter om tussen 12.00 en 13.00 uur aan de brug ajuinsoep met korstjes te nuttigen. Miet en Sien Hiesentriet hadden zich gewaagd aan deze soep. Ik wilde er ruim op tijd zijn want die ajuinsoep zou wel eens een turbo motor kunnen doen aanslaan. Zolang het maar niets doet exploderen denk ik, want ajuin en ik wekt op mijn digestief systeem als een Molotof-cocktail. Ze waren verwittigd, dus geen klagers achteraf. Blijkbaar heeft één van de dames bij een bezoek aan de stad achteraf, zelfs de achterkant van het kerkhof niet meer bereikt. Er moest een risico worden genomen aan de voorkant Eigen schuld, dikke bult.
Ik stap dan maar rustig verder naar ons eindpunt in Mauroux. De heimat wordt echter opgeslagen in Lacapelle-Cabanac. Tijdens deze laatste kilometers passeer ik het ene wijnkasteel na het andere. Dit is dus wijn uit de Lot. Wat ben ik aanvankelijk blij geweest dat mijn traject perfect evenwijdig de hoogtelijnen volgt. Ik zie links naast mij de wijngaarden (waar ik letterlijk doorheen loop) die vervaarlijk op de zuidflank hoog omhoog lopen. Ook de berg en bosgordel daarboven doen bij mij een mysterie oprijzen. Zou ik via een smalle doorgang door deze heuvel kunnen doorglippen of moet ik tijdens de ultieme kilometers nog over deze zweetverger. Het laatste is het geval. Ik moet erover. Het begint hier plots te stijgen en warempel, ik, en vooral mijn benen zijn hun soepele en ritmische tred plots zoek. Nog een 3,6 kilometer tot aan het eindpunt. Moet ik daarvoor zo kort bij het einde zijn om nog eens goed mijn hemd en broek nat te maken van het zweet? Ik kom boven op de berg aan en weet mij heel gelukkig deze tocht weer afgewerkt te hebben.
Deze avond bezorgt het keukenteam Caisinées a la graisse de canard à lail et au persil avec un salade froid, mélangé . On combine ca avec un steak de Limousin. Tous cela acompagné avec un vin rouge du Lot. Niks minder en ook niks meer. Ik weet heel zeker dat er velen voor minder te voet naar Compostella zouden trekken.
Morgen weer een nieuw verhaal over de tocht naar Sarazy (29 kilometer)
Een onbewaakte overweg wordt maximaal beveiligd: overwegen worden afgesloten.
donderdag 28 mei 2015.
Pont De Rhodes - Mas Sarat: 30,2 kilometer
De hemel blauw en zonnestralen door het dakvenstertje verraden dat dit wel eens weer een heel zonnig dagje zou kunnen worden. Op het programma staat een mooie tocht door het Haut Quercy gebergte. Al gauw heb ik de behoefte om mijn interne buikdruk, in het ruhrgebied, wat bij te regelen, zeg maar, de druk wat van de ketel te halen. Het wordt aangewakkerd elke stap die ik zet. Bosjes genoeg, maar passanten zijn er ook voldoende aanwezig deze eerste kilometers. Ik geniet van een pechstrook en ook aan de beschutting werd gewerkt. Ik zet mij achter twee zwarte vuilniscontainers en bekijk de streek plots vanuit de hoogte. Diep onder mij ligt een landschappelijk stukje Frankrijk om U tegen te zeggen. De deugddoende actie was dubbel: Wie kan in deze stresserende tijden uiten dat hij tijdens een dringende ontlastingsprocedure met ruim zicht op het diepere gelegen dal wenste dat deze verrichting nog even kon blijven duren In Saint Germain du Bel Air (toepasselijke naam) is het mij overkomen. Na deze actie zie ik niet te veel achterom, en voel enige schaamte, maar wandel toch in Frankrijk, dus so What. Ik stap uren over aarden padjes en karrensporen die overwoekerd zijn door gras en onkruid. Soms ook erg moeilijk herkenbaar.
Lang leve de GPS, want hier wandelen met kaarten is niet erg doeltreffend. De aanduidingen en het vernemen van uw eigen lokalisatie is een prioriteit omdat je anders de dupe bent van wegeltjes die niet meer bestaan of wegeltjes die nog niet op de kaart staan. Het gebeurde vandaag alweer dat ik een heel mooi bewandeld pad volg dat spijtig genoeg over een geëlektrificeerd spoor zijn vervolg vind. Wat gebeurt er? Het wandelpad samen met de dienst veiligheid van de SNCF kiest voor de grootst mogelijke veiligheidsmarge. De onbewaakte overweg wordt herschapen in een onmogelijke over te steken overweg. Wandelaar trek uw plan! Weer eens klimmen over een hek. Ik blijk er een optie op te hebben. Dit is reeds de tweede maal op twee dagen dat ik gedwongen wordt om de muur te doen! Ik klauter over het hekken, steek het spoor over en klim aan de overkant dan ook maar over de afrastering. Ik trok mijn plan. I did it my way
Er is tekort aan afkoeling, dus begin ik maar te transpireren zoals naar gewoonte. Op 8 kilometer van het einde kom ik voorbij het kerkhof van Thédirac. Een kraantje met drinkbaar water. Wat een weelde! Ik was uitvoerig mijn armen en benen met koel stromend water en zelfs mijn hoofd wordt onder de kraan gehouden. De temperatuur is ondertussen opgelopen tot om en bij de 27 graden Celcius. Ik drink mijn 2 bussen voorraad volledig leeg en vul ze met zuiver water. Eer ik thuis ben zijn deze ook weer leeg.
Op het laatste van mijn tocht valt mij het aantal Nederlandse en Engelse brievenbussen en personenwagens op. Op erg geprivilegieerde locaties en vooral erg afgelegen centra, die niet zo maar aan het oog van Jan-publiek worden ten toon gespreid.
Ik loop er zomaar per toeval voorbij en zonder moeite noem ik het erg arrogante en zonevreemde doeninkjes. Zwembad en aangelegde tuin naar behoren, gerestaureerde woning niet op zijn Frans, maar echt op zijn rijkelijkst. Ik moet af en toe mijn tempo wat matigen om deze immobiele hoogstandjes te kunnen vatten. Ook hun uitzicht lijkt me niet alledaags. Wanneer je vanuit je zwembad uitkijkt op de diepe vallei onder je afkoelwater , dan is dat een belangrijke troef om te kunnen spreken van een bevoorrechte situatie.
Mijn ogen worden ook bijzonder gefocust op de rode aarde die ik hier en daar sporadisch opmerk. Ik weet wel dat Rousillon bestaat, maar waar dat zich juist ten opzichte van onze locatie bevindt, daar heb ik geen weet van. Ik zoek het op..
Ik kom aan in Mas Sarat en sta erop mijn lijf na deze tweede zware zweet dag grondig te kunnen wassen en ontgeuren. We rijden van Lafont (Mas Sarat) naar het kerkhof van Lhern om me daar bijzonder grondig te verfrissen en te wassen? De dames profiteren ervan om op het aangelegen terrasje een Leffe te drinken, Ook Stella is pression voor mij 2 pintjes graaag.
Morgen staat er weer een tocht van 29 kilometer op de rol. Van Mas Sarat naar Mauroux.
Vanavond eten we vis filetjes iun de saus, met tomaat, en Frans brood, met een Entre deux Meres van 213.
Wat zou jij daar van denken?
woensdag 27 mei 2015.
Rocamadour Fraysinnet 26,8 kilometer.
Ik doe een gooi naar het ochtendrecord. Er wordt met de hondjes reeds om 07.10 gewandeld, geplast en gesch . De bedoeling is om vroeg ter vertrekken met de motor home naar de startplaats van de tocht, een drie tal kilometer verder dan de parking. Het lukt ook. Om 8.45 uur doe ik mijn eerste stappen stijl bergop. Recht toe, recht aan naar boven op de heuvel. Ik klim haast 80 minuten en reeds vanaf het eerste kwartier loopt het lijfvocht langs mijn vingers over mijn broek. Geen pijn in de voeten, geen pijn in de kuiten, niks van, maar den asem is spectaculair hoog in frequentie. Rustig aan denk ik. Ik ben een beetje ongegrond bezorgd omdat ik op de GPS lees dat mijn gemiddelde snelheid na een uur en twintig minuten slechts 4,5 kilometer per uur is. Niet moeilijk als je zo een heuvel over moet met koude beentjes. Ik trek het me niet zo aan, doe gewoon verder mijn ding. Al gauw maak ik kennis met een domein waar ik volgens de planning door moet en tot op zekere hoogte klopte dat, maar plots ligt de geplande weg achter een twee meter en zestig centimeter hoge draad met stevige palen. Ik begrijp het niet goed want ik volgde het traject en heb nergens het begin van deze draad opgemerkt. Ik denk (verkeerdelijk) dat deze draad dient om wild binnen het domein te houden en dat ik mij bevind aan de andere zijde van het openbaar gedeelte. Ik ben dus overtuigd dat ik wandel op privé domein. Want deze kant van de draad is vol wilde platengroei en bramen, de andere kant achter de draad is een mooi onderhouden pad. Ik maak na een 20 tal minuten vechten tegen bomen, bramen, varens en struiken toch het besluit om over deze niet eindigende afsluiting te klimmen en mezelf zo te ontdoen van de status: loslopend wild. De overschrijding van deze afsluiting bleek niet zo eenvoudig omwille van geen steun punten om hoog te geraken met de voet. Ik hou er enkele diepe krassen op mijn arm en pols aan over, en ook het kruis in mijn broek krijgt sinds de vlucht over de draad, wat meer lucht en zuurstof een goede scheur. Echter belangrijke onderdelen kwamen ongehavend uit de strijd en zullen verder naar behoren hun biologische positie en werk kunnen blijven uitvoeren. Ik kon mijn uitrusting niet over de draad werpen aangezien ik bij voorbaat niet wist dat ik zou lukken in mijn opzet om deze draad op te klimmen. Daardoor had ik minder bewegingsvrijheid tijdens het beklimmen van deze draad met mijn rugzak, de wandelstok en de schoudertas. Eenmaal bekomen van deze kamikaze inzet, ontsmet ik de wonden en loop als aangeschoten wild op het net en geëffende pad. Meer comfort dan aan de overkant denk ik bij mezelf. Pas later als ik aan de ingang van dit domein passeer ( na 3 kilometer) en de grote poort weer moet overklimmen (echter veel eenvoudiger deze keer wegens meer steun voor de voeten) begrijp ik waarom dit reservaat zo stevig en zo groot afgeschermd werd. Het blijkt om een kweek-project te gaan van everzwijnen. Ik heb nog zeker 13 kilometer zitten denken waar het fout is gegaan en waar ik ergens onwetend het terrein betrad. De enige verklaarbare uitleg is volgens mij dat het mooie pad achter de draad van het reservaat zelf was en dat ik eigenlijk in het reservaat ben ingeklommen en me onwetend tussen de everzwijnen positioneerde en daarna via de grote poort terug het domein verliet. Soit, ik ben niet aangevallen en heb er ook geen enkel zwijntje gezien zelfs. Gelukkig werd er niet op loslopend wild geschoten.
Ik wandel onder de autoroute naar Cahors in Vaysierre en eet op de rand van deze payage, gratis mijn boterhammen op. Af en toe geclaxonneer van heel jaloerse vrachtwagen chauffeurs. De laatste 10 kilometer vang ik aan. Wetende dat ik vandaag op deze afstand weer mijn 800 hoogtemeters overbrug, besef ik dat ik weer zal eindigen in grandeur met de bedenking : Dit pakken ze mij weer niet meer af. Ik mis een beetje het gepraat met Joke en Walter en Jacques en Pieter. Als je zo wat kan praten tijdens de march, verlopen de kilometers toch sneller, vind ik. Ik kom aan in Pont de Rhodes en weet allen dat de meisjes van Piet Hiesentriet mij vanavond heel erg verwennen: Zelf gemaakte gehaktballetjes met Chapeluur, en erwtjes en worteltjes met gekookte patatjes die in het hooi hebben gelegen tijdens het afgieten. Patatjes dus in het groen. Aperitief is een Craiment de Limoux (??)
Vanavond toch vroeg slapen want deze tochten zijn wel niet min.
Nog even mailen met broer Luk en vragen naar de gezondheidstoestand van tante Wis (wordt opgenomen in ziekenhuis wegens hartklachten en gezwollen onderste ledematen) en nog gauw in het dorp mijn stempel gaan halen.
Tot morgen.
Laatste dag samen: voor sommigen valt het afscheid toch wat zwaar.
Dinsdag 26 mei 2015.
Padirac Rocamadour 18,4 kilometer.
Het verslag werd pas later gemaakt omwille van mijn sociale verplichting mij te voegen bij de ganse groep. Vandaar een dagje nadien, het relaas.
De jeugd en de oudere senior besluiten deze dag toch nog samen af te werken. Joke en Pieter en ikzelf vertrekken om 11.45 vanuit de camping waar de familie Matthijs logeert. Er waren wat problemen met het warm water in de gehuurde chalet, maar het geraakte dan toch opgelost. De tocht vandaag was niet zo lang maar, O, zo mooi. Op papier bleek ze zwaarder dan in werkelijkheid. Echter de gemene hoogte intervallen maakten dat we voldoende brandstof moesten tanken om dit labeur aan te kunnen. We rijgen de kilometers aan elkaar, en voelen regelmatig de polsslag in onze keel bonzen. Goed gezien, om ons te overtuigen dat we nog leven. Wanneer wij boven de rotsmassa van het Foret des Singes klimmen, ontvouwt zich onder ons een ganse omcirkeling van een massale rots formatie. We worden er nog maar eens heel klein bij. De afdaling gebeurt voorzichtig en omzichtig om voetverzwikking praktisch kansloos te maken en de valpreventie ook naast de praktijk wat functionele toepassing te geven. De cadeau die we krijgen is prachtig: we wandelen nog een 8 tal kilometer naast een kleine rivier door het bos op een smal klein padje en wanen ons als allochtonen in het regenwoud. Wat kan een mens toch met weinig gelukkig zijn. De wandeling is voor mijn lichaam als een waar snoepje in mijn mond. Alleen maar jammer dat het ooit ophoudt. We komen aan de trap die leidt naar de centrale straat met al zijn terrasjes en winkeltjes. Maar, de afspraak was op de parking boven. En daar liep het wat mis er zijn verschillende parkeer plaatsen bovenaan. Een beetje nervositeit omdat we de vrouwtjes wel hadden zien boven komen rijden, maar plots niet meer vonden omdat ze op een parking gingen staan een twee kilometer verder. Wie was de reddende engel: Walter, mijn lieve vriend, offerde zich op om de boel te controleren en ons op te pikken met zijn wagen. Lang leve de Walter. We brengen nog een bezoek aan de stad en gaan dan allen samen eten. Tijdens de maaltijd wordt door Jacques nog eens aan Walter en Liliane vertelt hoe de zaken staan met Jos. Prompt biedt Walter ook zijn steun aan en ook Mia en Jan uit Herent willen onze Jos mee helpen om uit zijn penibele situatie te geraken. Het brengt enorm veel rust in mijn gemoed want elke dag denk ik wel een paar ogenblikken aan Jos en zijn onderneming in het verre Suriname. Gemoedsrust en voldoening ook vanwege de zeer toffe vriendenkring die duidelijk maakt dat investeren in vriendschap en vertrouwen onder mensen wel degelijk loont. Het is u gegund Jos.
Ik kreeg en berichtje van Frieda, Tienne en Bart om ons heel veel moed te wensen en duidelijk te maken dat ze de blog lezen en zo tof vinden. Dat is goed nieuws. Ik ben blij dat de teksten toch gelezen worden .
Een kleine verduidelijking: op maandag 25 mei heeft mijn fototoestel het laten weten, het gaf zijn geest, en maakte mij duidelijk dat het niet van het goede merk is: Ni?on. Mijn broertje lief zweert bij zijn Chinees merk, maar dit is toch wel het schoonste bewijs dat mijn Ca?on wel degelijk beter is. De volgende fotos zijn van Ca?on makelij. Vanaf nu terug deftige fotokes.
Het avondeten was een fris slaatje met tomaten, nootjes en worteltjes met een mayosausje en frans brood. Daarna aten we een eend filet gebakken op het houtvuur samen met een patat in zilverpapier met een dik looksausje en spekreepjes. Vervolgens een artisanaal bereid geitenkaasje. Alles doorgespoeld met een wit en rood wijntje. Heerlijk.
Dan volgde het afscheid. Er viel in alle kampen wel hier en daar een traantje, want wat de kleinkindjes betreft, daar hebben we toch allen met volle teugen van genoten. Ze zijn zo lief mijnheer
We gaan nu weer een groot deel van deze reis alleen op pad en ook dat zal wel even moeten wennen.
Morgen ga ik weer alleen op van Rocamadour naar Fraysinnet. Het zou een tocht moeten zijn van om en bij de 27 kilometer.
Ik laat het u wel weten.
Maandag 25 mei 2015.
Laval de Cere Padirac 30,8 kilometer
We vertrekken met 5 wandelaars om 9.45 uur in Laval en begeven ons gezwind naar richting zuiden. Padirac, met het grote gat in de grond is de eindmeet (Gouffre De Padirac). Dat het niet aan klimmeters zou ontbreken had ik al wel opgemerkt gisteren avond bij het nakijken van het traject. Ook de afstand was ingeschat op 28 kilometer, maar liep op omwille van een padje dat plots privé domein bleek te zijn geworden. Ik had aan mijn pelgrim-maten ware sparing partners, want ze liepen vrij snel en behoorlijk in de pas. Alleen de grootste van mond maar kleinste van gestalte had al vlug een manke gang omwille van een te plettende voetzool in een te klemmende wandelschoen. Geen probleem, met twee professionele verzorgers bij de hand was de klus in een mum van een slokje aan de fles verholpen. Terwijl hij zich laafde liet hij zich de voetverzorging rustig welgevallen. Ziezo, dachten we, die zullen we niet meer horen. Wat een misrekening! Wat kan een mens zich toch vergissen. Na 10 kilometer de andere voet natuurlijk. Hetzelfde scenario: Walter met zijn been omhoog terwijl twee ijverige en nederige onderdanen zijne majesteit zijn voet verzorgden. Helemaal de klus geklaard, kunnen we na een hap in onze boterham verder naar de richting van Loubrissac. We genieten van de vele Frescos die zich in werkelijkheid aan ons gezichtsveld ontvouwen. Werkelijke kunst fotos zijn niet in staat deze mooie natuurlijke schilderwerken te omvatten. Ik daag eender welke artistieke fotograaf uit om in zijn zwart en donker kastje deze prachtige vergezichten te reproduceren. Onmogelijk! Walter wordt stiller. Tijdens de verschillende beklimmingen blijkt de sfeer in de groep niet te moeten inboeten, echter wel geruislozer en stiller te worden. Het klimt op sommige momenten gedurende hectometers aan 17 tot 21 %. Mijn kleren worden met de meter natter en zelfs mijn brilglazen worden troebel van het zweet. Walter geeft echter geen krimp. Eenmaal para, altijd para. Het siert hem wel.
Jacques geeft ons op regelmatige basis uitleg over de dingen die we hier links en rechts tegenkomen: de route de la noix, de kastelen die we opmerken, de witte kalklagen en het leigesteente, ook over de geschiedenis van deze regio weet Jacques ons veel verklarende uitleg te geven. We mogen de gids zeker niet vergeten te betalen, uit Walter.
Even voor Loubrissac, nog een 8 tal kilometer te wandelen, zetten we ons neer aan een brug om tijdens een laatste tussenstop nog wat te eten en te drinken. We zien een blauwe reiger in de lucht en we weten het allemaal, van vogels, paddenstoelen en bloemen weet Walter heel veel. Ik vraag aan Walter wat een vogel daar vliegt, en prompt krijg ik het antwoord. Hij vertelt dat hij via zijn vader heel veel wetenschap over de natuur met pollepel mee kreeg. Van vogelen weet hij bijna alles, pretendeert hij. Geloof het of niet, maar nog geen drie minuten later krijgt Walter daar een lel van een vogelscheet op zijn linker schouder. Grote hilariteit in de groep. Er wordt zelfs aan Walter gepolst of hij via de vogelscheet ook kan achterhalen van welke vogel dit afkomstig is
We tellen de kilometers echter af, want na zo een drie maal uit de vallei omhoog te zijn geklommen is de brandstoftank wel ernstig aangesproken geweest. Ik tracht iedereen wat te motiveren met een belofte van een fris pintje bij de aankomst, maar die aankomst blijft voor Walter wel erg lang weg.
De laatste loodjes wegen het zwaars, want we worden nog eens geconfronteerd met een pad dat plots blijkt te behoren tot een privé domein en daardoor moeten we omweg maken van ongeveer totaal 2 kilometer. Wanneer ik roep naar Walter dat het nog drie kilometer is heeft hij het totaal verkeerd begrepen, en denkt hij dat ik riep: drinken! Hij beleeft een fata morgana. Walter drinkt van pure frustratie zijn eigen drinkbus leeg.
We komen na de bijna 31 kilometer aan bij het grote gat in de grond van Padirac. Ik had beloofd een rondje te trakteren maar blijkt dat ik maar 10 euro in mijn geldbeugel bezit. Pelgrims plantrekkerij wordt mij verweten. Walter blijkt dus wel echt heel moedig te zijn geweest, want zijn 4 kleine tenen rechts en links zijn ernstig gehavend door blaren. Niet goed te verstaan dat hij deze lange tocht zonder te morren op deze manier uitliep. RESPECT Walter. We blijken 850 hoogtemeters te zijn geklommen en bij mijn weten is dit tot op heden nog niet gebeurd tijdens deze Compostella trip.
We versieren deze wandeling met nog een zeer grote pint gesponsord door Pieter. Dan komen de dames ons ophalen en wacht ons een uitgebreide avondmaaltijd met tomaatjes, asperges, sla en frietjes.
We danken uitzonderlijk Chris en Jacques omwille van de mogelijkheid van het logement en hun gulle drank en voedsel giften. Liliane om haar huishoudelijke inzet en Sonja en Marie Rose om hun culinaire hoogstandjes. We zijn erg respectvol voor eenieders inzet tijdens dit avontuur.
Hilde en Guy ( van de Spaanse wijnwinkel in Kortenberg (Sacocha .)) wil ik bedanken om hun sympathieke aanmoediging. We trachten het echt tot een goed einde te brengen en de borrels van Guy om het te vieren staan reeds klaar in de bak om gekoeld te worden.
Gisteren zijn de fotos niet doorgekomen. Ik tracht ze vandaag opnieuw door te sturen.
Met Joke werd gedurende de tocht heel veel bijgepraat over de praktijk en veel van de patiënten. Blij te horen dat het in Herent zo goed blijft draaien. Ook al het nieuws over vele patiënten doet mij weer heel even vertoeven in de sfeer van de kiné praktijk. Ik ben erg begaan met hun evolutie. Langs de andere kant heb ik het volste vertrouwen in de collegae.
Morgen wordt er gewandeld van Padirac naar Rocamadour