Bewegwijzering : zeskante bordjes met de naam van de route
De route kreeg de naam van de in 1595 overleden 'Prins der Dietse Dichteren altegaeder', Jonker Jan van der Noot. De route doorkruist de omgeving van Brecht. Synoniem voor rust, landelijkheid en natuurschoon. Mogelijke haltes op het traject zijn de Sint-Leonarduskerk, de 'kathedraal van de Kempen' en de trappistinnenabdij O.-L.-Vrouw van Nazareth.
Jan Van der Noot (°1539-1595) was van adel, schepen van Antwerpen en geboren in Brecht. Hij vocht tegen Spanje en Rome,was balling in Londen en een gerenomeerd dichter om ten brode, in die hoedanigheid doorkruiste hij Europa.
Omschrijving:
Dit is voor ons het voornaamste fietspad. Het is een eigen uitgave van de VVV Brecht en de route loopt door alle drie de deelgemeenten. Er werd gekozen voor een parcours met zo weinig mogelijk verkeer en zoveel mogelijk natuurschoon. Op deze route ziet men duidelijk het verschil in landschap tussen het oostelijk deel en het centrum van onze gemeente waar men vooral een open weidelandschap en landbouw aantreft en het westelijke en zuidelijk deel waar men meer bos maar ook een dichtere bebouwing aantreft. Het Jan van der Nootpad is de beste manier om een indruk van onze gemeente op te doen in al zijn verscheidenheid.
DE ROUTE :
De route geeft een getrouw beeld van de gemeente Brecht en deelgemeenten Sint-Lenaarts en Sint-Job-in-t-Goor.
Het centrum en het oosten is overwegend een landbouwgebied terwijl het zuid-westen rijk is aan bossen.
We passeren de abdij van OLV van Nazareth en volgen een hele tijd het Antitankkanaal, alle facetten komen aan bod, landbouw, woonkernen, waters en bossen.
Eén klein nadeel echter, er zitten lange rechte stukken in, die bij ongunstige wind je het aardig lastig kan maken.
De Wastineroute verkent de zachtglooiende streek ten noordwesten van Tielt.
Rustige veldwegen met kruidenrijke bermen, mooie vergezichten en landelijke rust begeleiden de fietser op zijn tocht.
Ooit was dit een immens bos- en heidegebied, verdeeld in 'velden' of 'wastines'.
De routenaam verwijst trouwens naar dit historische landschap.
Vertrekkend vanuit de Pittemse deelgemeente Egem leidt de route vooreerst door de gronden van het voormalige Bulskampveld naar Koolskamp (Ardooie).
Vervolgens wordt richting Lichtervelde gefietst, waar de historische Huywynschbossen worden aangedaan.
Via het aloude Heerenveld en het middeleeuwse Vrijgeweed voert de tocht naar Wingene.
De terugweg doet o.m. de Lakebossen en de Munckebossen aan.
Langs uitgestrekte akkers en weiden, die ooit deel uitmaakten van middeleeuwse Heerlijkheden wordt het eindpunt bereikt.
Het Bulskampveld is nu het grootste aaneengesloten bosgebied in West-Vlaanderen. Je vindt er homogene naaldbossen en gemengde naald- en loofhoutpercelen. In de struik- en kruidlaag vind je braam en adelaarsvaren, maar ook lijsterbes, valse salie en mooie mospaketten. Sporen van de vroegere heidebegroeiing vind je vooral in de dreefbermen, op kapvlaktes en in het 17ha tellende natuurgebied Heideveld-Bornebeek, beheerd door Natuurpunt vzw afdeling Beernem. Het bosgebied is ook de woonplaats van grote bonte, groene en zwarte spechten en van de boomklever. Je hoort er talrijke zangvogels waaronder de nachtegaal en aan de rand van het bos zelfs de boomvalk, torenvalk en havik. Met een beetje geluk van je zelfs een glimp op van een schuwe vos of ree.
Startplaats: Reo Veiling Roeselare aan de Oostnieuwkersesteenweg
Route omschrijving
Deze route doorkruist het landelijk gebied rond Roeselare. In het hart van West-Vlaanderen ontmoeten zandstreek en zandleemstreek elkaar. Variatie en reliëf in het landschap zijn hiervan het resultaat.
Vertrekpunt vormt de Roeselaarse Reo-Veiling waarna je na enkele kilometers fietsen door het charmante Vijverbos rijd. Dit halfnatuurlijk bos is 9 ha groot en werd in 1985 aangekocht door de Vlaamse Gemeenschap.
De vruchtbare grond maakt de streek tot een uitgelezen land- en tuinbouwgebied. Vooral groententeelt domineert vaak het landschapsbeeld. . Via de dorpskern van Westrozebeke bereiken we de voet van de Stadenberg (45 meter hoog). Na deze heuvel fiets je voor de eerste maal over de spoorlijn Torhout-Ieper en gaat het opnieuw in stijgende lijn op de Parnassusberg (42 meter hoog). Enkele kilometers verder passeer je het Hoogleedse gehucht De Geite'. De volgende deelgemeente die deze route aandoet is het bloemendorpje Gits waar je de derde beklimming van de dag voorgeschoteld krijgt: De Gitsberg (45 meter hoog). Tussen Gits en Hooglede bevindt zich een Duitse militaire begraafplaats voor gesneuvelden uit de eerste Wereldoorlog. Via Hooglede rijden we langzaam maar zeker terug richting Roeselare en komen we terug bij het uitgangspunt.
Het gehucht De Blauwe Kei ontstond na het graven van het Maas-Scheldekanaal (1843-1855) en ontleent haar naam aan een grote leisteenachtige, meer westwaarts gelegen grenssteen tussen Mol en Postel. Bij verbredingswerken van het kanaal in 1926 zou deze steen onder opgespoten zand terecht gekomen zijn. De Geografische Dienst van België heeft zonder succes getracht deze steen terug te vinden. De oorspronkelijke steen zou door de Maas zijn aangevoerd in de loop der ijstijden, toen rotsblokken uit het Zuiden werden meegesleurd door een machtige stroom van gletsjers en smeltwater.
Op 22 mei 1981 werd een andere, tweede grenssteen in ere hersteld door de gemeentebesturen van Lommel en Mol. Hij noemt "de steen der Zeven Heerlijkheden" omdat er aan deze grenssteen in 1648 drie staten en zeven dorpen aan grensden, namelijk : Brabant of de Spaanse Nederlanden (met Balen, Dessel en Mol), het prinsbisdom Luik (met Luyksgestel) en Holland (vroeger Bergeyk, Eersel en Lommel).
Sas 1 of Blauwe Kei is vanuit Antwerpen het laatste verschepingspunt van de sassen op het Kempens Kanaal. Het is ook de eerste sluis van het gebied Bocholt-Lommel. Hier daalt het Maas-Scheldekanaal van het Kempens Hoogplateau trapsgewijs af naar de Belgische Noordelijke laagvlakte. Het Maas-Scheldekanaal verbindt Antwerpen met de Kempen en sluit in Lanaken op het Albertlaan aan, dat uiteindelijk naar Luik leidt.
WAT KOMEN WE TEGEN :
- Het gehucht De Blauwe Kei (zie hierboven)
- Lommelse Sahara
- Kanaal Bochelt-Herentals
Na de onafhankelijkheid van België (1830) kwamen in de Kempen landbouw en industrie tot ontwikkeling. Een kanaalverbinding met Antwerpen zou deze groeiende industrie en de economische ontwikkeling in de hand werken. Opnieuw werd er gedacht aan het graven van een kanaal... Het ontwerp werd terug opgevist in 1839. In 1843 werd bij wet besloten om het Kanaal Bocholt-Herentals te graven. In 1846 was deze verbinding al een feit, met eveneens een aansluiting naar de gekanaliseerde Nete. Het kanaal Bocholt-Herentals, met een afstand van 58,8 km, was toen al geschikt voor schepen tot 300 ton.
Kattenbosserheide geeft je een idee van de vroegere uitgestrekte 'woeste gronden' van de Kempen en vormt een echte heideparel, midden in het bos. Vroeger werd de heide gebruikt om de koeien en schapen te laten grazen. Maar ook kinderen werden begin vorige eeuw nog 's morgens op de heide achtergelaten met een kapmes. 's Avonds haalde vader ze met een berg heideplagsel weer op met een kar... De mest van de dieren was kostbaar en werd zorgvuldig bijgehouden. Vermengd met afgeplagde heide, was dit broodnodige bemesting voor de akkers op de voedselarme zandgronden. Door de opkomt van kunstmest was dit intensieve werk niet meer nodig en verloor heide grotendeels zijn functie. Veel heide werd daarom beplant met grove den als stuthout voor de mijnen.
- Kristalpark Het aantrekken van nieuwe investeerders is een constante betrachting van het stadsbestuur. Sinds het einde van de jaren tachtig is Lommel opgenomen in de lijst van gemeenten die in aanmerking komen voor Europese steunmaatregelen, het zogenaamde Doelstelling-2-gebied. Ook in de toekomst zullen investeerders in Lommel nog van Europese steunmaatregelen kunnen genieten.
- Lommel-Werkplaatsen
- Waaltjes
- Kanaal naar Beverlo
Een tweede verbinding, vertrekkend van het kanaal Bocholt-Herentals, was het Kanaal naar Beverlo. De werken voor het graven van dit kanaal vingen gelijktijdig aan met de graafwerken van het kanaaltraject Turnhout naar Schoten (1854). De werken duurden tot eind 1857. Met een lengte van 14,8 km, is dit eerder een klein kanaal dat de verbinding moest maken tussen het Kanaal Bocholt-Herentals en het dok van Beverlo. Het kanaal had voornamelijk militaire doeleinden, zoals het vervoeren van militair materiaal.
Startplaats : Grote markt in Tienen (voor gratis parkeren dan aan t' station)
Afstand : 25 km, 35 km of 55 km.
Bewegwijzering : Zeskante bordjes wit met rood
De Suikerroute is een bewegwijzerde fietsroute in Tienen (Vlaams-Brabant, België).
Het fietsparcours start op de Grote Markt van Tienen, en loopt door de deelgemeenten Bost, Goetsenhoven, Hakendover, Oplinter, Sint-Margriete-Houtem, Vissenaken, Kumtich, Oorbeek, en terug naar het centrum van Tienen.
De route loopt overwegend over beton- of asfaltwegen. In het algemeen is het een vlak parcours met enkele zeer lichte hellingen.
In de kernen van de deelgemeenten zijn kerken in verschillende bouwstijlen te bewonderen. Het landschap bestaat overwegend uit boomgaarden, weiden en akkers.
Hoe bereik je Tienen?
Het station van Tienen ligt op ongeveer 10 minuutjes wandelen van de Grote Markt.
Tienen ligt vlak naast de snelweg E40 Brussel-Luik en is dus ook makkelijk bereikbaar met de wagen of autobus. Neem afrit 25 Tienen/Hoegaarden en volg richting Tienen.
Gratis parking
Station1200 plaatsen
Kazerne centrum700 plaatsen
Alexianenweg77 plaatsen
t Hoekske63 plaatsen
Electrabel60 plaatsen
De route vertrekt op de Grote Markt van Tienenmet als bezienswaardigheden de O.L.-Vrouw ten Poelkerk, Heldensquare, stadhuis en de stadshallen met het suikermuseum.Al vlug komen we tussen de graan- en bietenvelden en ontdek je op de glooiende hellingen kleine bosjes : "haagjes in het landschap" - vandaar de naam Hageland.De route loopt verder langs Vissenaken, in de vallei van de Velpe, Kumtich en Oorbeek in de Menevallei.
WAT KOMEN WE TEGEN :
- De grote markt in Tienen is al een belevenis op zich
- Groot Overlaar
- Ast met zijn astveld waar ook een vliegveld ligt
- Goetsenhoven
- Ramshoven
- Hakendover
- Bosselhoeve
- Langs het wissebosover de Sitterbeek en de Ganzendriesnaar oplinter
- St.Huibrechtskapel
- Stok
- Sint-Margriete-Houtem
- Sint-Martens
- Vissenaken Sint-Pieters
- Breisem
- Kumtich met zijn St-Barbarakapel en het kratelbos
- Langs de Zegelberg, over rivier de Pomp terug baar Tienen
Koksijde, Veurne, Ghyvelde, Les Moëres, Wulpendamme, Kerkepanne, Oosthoek, De Moeren, Koksijde-Bad, Adinkerke, Witte Burg, Galopen, Oostduinkerke, Bulskamp, De Zeepanne, Noordveldhoek, Bewesterpoort
Deze route start aan de hoofdkerk halverwege tussen Oostduinkerke-Bad en Oostduinkerke-Dorp.
We volgen eerst een 5-tal km één van de mooiste trajecten uit de kustfietsroute tot in St. Idesbald (Koksijde) Vandaar trekken we richting de polders naar Adinkerke.
In Adinkerke fietsen we een heel eind langs de oudste duinen van de Belgische kust: De Cabourg-duinen.
We steken zelfs de Belgisch-Franse grens over naar Ghyvelde.
We rijden tot voorbij de autostrade naar Calais en draaien hier het unieke landschap van de Moeren in.
De Moeren werden pas in de 17de eeuw drooggelegd.
Het gebied ligt nog steeds onder de zeespiegel en overtollig water wordt opgepompt naar hoger gelegen gebieden en afgevoerd.
Het landschap wordt getypeerd door rechte verbindingswegen afgezoomd met bomen en door vierkante of rechthoekige percelen. Hier en daar staat nog een oude windmolen of de resten ervan waarmee water werd opgevijzeld (via de schroef van Archimedes).
Na een heel stuk van dit landschap te hebben doorkruist komen we aan bij De Barke: het enige openluchtcafé van Vlaanderen, waar we verwelkomt worden door de immer gastvrije kastelein.
Je moet er zeker een Moerduvel proeven. Een plaatselijke cocktail van bier met picon die smaakt naar meer.
Maar ook niet teveel; we hebben nog een 14-tal km voor de boeg door het prachtige landschap van Veurne-Ambacht tot aan ons vertrekpunt in Oostduinkerke. Met dank aan GPS-Tracks
De Cabourduinen zijn met hun 5000 jaar de oudste duinen aan de Belgische kust. Ze danken hun naam aan de eerste eigenaar Charles Cabour, een reder uit Duinkerke. Tijdens WOII werd het gebied gebruikt om het lokale Belgische leger van vers drinkwater te voorzien. Er bevinden zich nog 5 bunkers op het domein, die nog getuigen van de aanwezigheid van het leger.
De Cabourgduinen - hun vorm is eigenaardig met een lengte van 13 kilometer bij hooguit 400 meter - langs Adinkerke zijn de oudste van de Belgische kust. Daar zijn ook de oudste archeologische vondsten weergevonden. Die gaan terug naar de prehistorie, het steentijdperk. De duinen zelf zijn fossielen, waren ooit - ruim 5.500 jaar terug - pal aan zee gelegen, maar na die lange verwijdering van de zee is de grond er totaal ontkalkt en groeien er de meest merkwaardige en zeldzame planten. De naam Cabour wijst op de naam van de vroegere eigenaar, die er in 1906 ook een kasteel liet bouwen
De Romeinen noemden het Atuatuca Tungrorum. Nu is Tongeren de oudste stad van België, een internationaal trefpunt voor liefhebbers van cultuur, kunst en antiek. U ontdekt het wanneer u de stad met de fiets verkent.
Tot ver buiten de Tongerse stadswallen lieten de Romeinen duidelijke sporen na. Fietsend door het zuidelijke deel van Haspengouw, met zijn holle wegen en beeldige kerkdorpjes, ontdekt u keer op keer nieuwe bewijzen van de Romeinse aanwezigheid en invloed.
De Tongriafietsroute, in het zog van de Oude Belgen.
De Tongriafietsroute leidt u door de oude stadskern, langs rustige binnenwegen en met extra aandacht voor archeologie en het Gallo-Romeins verleden.
DE ROUTE :
De route loopt over Piringen Zammelen Overrepen Neerrepen Sint Huibrechts Hens sHerenhelderen
- Burcht van Kolmont De burcht was een onderdeel van de gordel van versterkingen aangelegd door de graven van Loon. De donjon is het belangrijkste overblijfsel.
- Kasteel van s Herenelderen Het u-vormige waterkasteel was de residentie van de heren van s Herenelderen. Aan de rechterkant van kasteel staat een gesloten 17de eeuwse kasteelhoeve met poortgebouw en duiventil, rond het kasteel bevindt zich een park in landschapsstijl.
Deze kerk staat opvallend op een heuvel. Ze heeft een Romaanse oorsprong. Het middenschip, en de onderbouw van de toren en het dwarsschip dateren van rond 1100. In het interieur zijn de arcadebogen nog origineel en Romaans. Ook het portaal in de noorderbeuk is nog origineel.
Het gros van de toren is waarschijnlijk in de 13e eeuw opgebouwd, en werd in de 18e eeuw nog verhoogd.
- Kasteel Scherpenberg Scherpenberg was een belangrijk leengoed met kasteel dat afhankelijk was van het leenhof Hamal te Rutten. Een lid van de familie van Scarpenberh was in 1285 schout te Tongeren. Slechts een toren van de oude bucht bleef bewaard. Herman Vaes bouwde er in 1579-1580 een huis met schuren en een brouwerij. Het woongebouw werd tijdens de Franse Revolutie door brand vernield. In de 19de eeuw werd een nieuw woonhuis gebouwd en werd er ook een vleugel bijgebouwd. Boven het poortgebouw dat midden 17de eeuw werd gebouwd, staat een verweerde steen ingemetseld met de wapens van Vaes en Schroots (André Vaes huwde in 1685 met Jeanne Schroots). De steen werd aangebracht in 1697 omdat het goed toen terug in het bezit kwam van de familie Vaes
- Kasteel Rosmeulen : Het kasteel Rosmeulen vertoont kenmerken van de Jugendstil. De ronde koepel is eerder een Oosters element.Het kasteel is omheind door een prachtig smeedijzeren traliehek.Op de toegangsbrug staan een reeks eigenaardige figuren,o.a. leeuwen met meisjeskoppen. In het prachtige park staat de buste van de heer Roismeulen bouwer van dit kasteel.
- Kasteel van Hamal Van de oorspronkelijke burcht is enkel een Romaanse donjon overgebleven. De huidige residentie werd in 1770 gebouwd in opdracht van Baron de Haxhe. Het interieur is rijkelijke versierd met stucwerk en Italiaanse muurschilderingen met trompe loeil. Tip: rond het kasteel bevindt zich een goed bewaard landschapspark
- Hoeve Mot in Rutten
- Burchtruïne van RuttenVan de met mergelstenen gebouwde woontoren resten enkel nog de buitenmuren.
- De Daalmolen : De Dalemolen werd ook wel Schaliemolen, Moulin al Xhaille of Siversteenmolen genoemd. Hij is stroomafwaarts van de dorpskern van Lauw gelegen. Hij hoorde in het begin van de dertiende eeuw aan het Sint-Kruiskapittel van Luik toe, dat tevens grondheer van Lauw was. Door ruiling verwierf prins-bisschop Hendrik van Gelder in 1247 deze heerlijke rechten en de molen. Hij deelde het dorp Lauw toen bij de stadsvrijheid Tongeren in. Zijn opvolger Jan van Vlaanderen, schonk de Dalemolen echter in 1288 aan de abdij van Beaurepart te Luik.
- De Beukenberg Domein BeukenbergDe Beukenberg is een mooi wandelgebied vlakbij het centrum van de stad. Het domein is een kunstmatig aangelegde heuvelrug welke in de Romeinse tijd fungeerde als onderbouw van een aquaduct. De plaatselijke wandelroutes leiden je door een mooi landschap.
EN BEZOEK ZEKER DE STAD TONGEREN WANT DEZE MENEER MOET JE GEZIEN HEBBEN
De route loopt van Stekene naar Klein-Sinaai Wullenbos groene put naar en langs de Nederlans-Belgische grens naar Prekeke en de E34 Kluizemolen Kemzeke Sint-Pauwels Stekene
WEETJES :
De Schandpaal
Deze schandpaal waaraan vroegere schurken weren ten toon gezet dateerd uit 1774, en werd vervaardigd door de steenhouwer J.E. De Lateur. De schandpaal is gesitueerd op het marktplein waar het vroegere kerkhof is geweest. De schandpaal heeft tijdlang op de hoek van de Bormte gespaan, verdween en werd opgevist door de Koninklijke Oudheidkundige kring van het Waasland en belandde zo in de tuin van het Museum van Sint-Niklaas. In 1975 werd de schandpaal opnieuw in eigen midden gebracht. Het heraldisch leeuwtje bovenaan is van de beeldhouwer Werner Heyndrickx en dus van recentere datum.
De Fait-divers uit 1637 hadden Hans (Jan)Van Steene, woonachtig nabij de Wildernis, van duivelskunstenarij beschuldigd en deze zou, veroordeeld door het kasteel van Rupelmonde,naar de brandstapel worden geleid te Stekene. De schandpaal aan de Bormte werd ter zijner nagedachtenis opgericht. die plek noemde men in Stekene 'Hanske van Steenes Kerkhof'. Tevens werd er in 1986 een massaspel georganiseerd tr ere van Jan Van Steene. Net over de grens is er trouwens nog het dorp met de naam St-JansSteen.
Het Reynaertbeeld
Albert de Smedt en Arnoud Heyse bij de inwijding van de Stekense Vos nabij het marktplein eind 1988.
Stekene is steeds verbonden geweest met het dierenepos 'Van den Vos Reynaerde' Om deze verbondenheid te benadrukken werd dit monument van de beeldhouwer A. De Smedt opgericht
De route loopt van Sint-Niklaas over Sint-Gilles Waas - Nieuwkerken Waas - Recreatiepark "De Ster" - Velle - Industriepark Noord - Steenbakkerij
WEETJES :
De stad Sint-Niklaas is een moderne centrumstad met bijna 70.000 inwoners, waar er op elk vlak wat te beleven valt. Als hoofdstad van het landelijke Waasland heeft ze een belangrijke regionale aantrekkingskracht.
Sint-Niklaas wordt als hoofdstad van het Land van Waas aanzien. De stad is ook gekend om zijn marktplein, het grootste van België.
Met de markt wordt vaak de traditionele concrete markt bedoeld die op een plein wordt georganiseerd, en waar marktlieden in stalletjes waar aan de man proberen te brengen. Het woord markt is afgeleid van het Latijnse woord mercatus, hetgeen markt en handel betekent
Een algemene markt waar alle soorten producten worden aangeboden wordt aangeduid als een warenmarkt, maar er zijn ook gespecialiseerde markten. Zo spreken we ook bijvoorbeeld over een groentenmarkt, een vismarkt, een textielmarkt, een eiermarkt, et cetera. Ook kan een markt genoemd worden naar een gebeurtenis die plaatsvindt of gevierd wordt ten tijde of omstreeks het tijdstip waarop de markt plaatsvindt. zoals: de kerstmarkt en de nieuwjaarsmarkt.
Panorama Grote Markt
Het Waasland wordt in het noorden begrensd door de staatsgrens met Nederland, in het oosten door de Schelde, in het zuiden door de Schelde en de Durme, en in het westen door de Durme.
Het was oorspronkelijk een overwegend agrarisch gebied, bekend door zijn typische panorama's van bolle velden begrensd door knotwilgen.
In het wapenschild van het Waasland is een raap terug te vinden.
In het bekende Middelnederlandse dierenepos 'Van den Vos Reynaerde' komen tal van plaatsnamen uit het Waasland voor, bijv. Daknam en Belsele.
In de Middeleeuwen vormde het Waasland de noordoosthoek van het graafschap Vlaanderen.
Grote delen waren dunbevolkt. Een groot bosgebied strekte zich uit van west naar oost, het zogenaamde Koningsforeest. In het gebied kwamen in de Middeleeuwen geen steden tot ontwikkeling.
De zandgronden in het centrum van het Waasland zijn weinig vruchtbaar, in tegenstelling tot de zandleemgronden in het zuiden, vandaar ook veel schapehoeders
Het noordoosten was aanvankelijk veengebied, dat in de late Middeleeuwen intensief afgegraven werd. Bij overstromingen in de zestiende eeuw raakte het volledig onder water. Later is het weer ingepolderd.
Opitter is een dorp in de Belgische provincie Limburg en de grootste deelgemeente van Bree. Het heeft een brouwerij, Sint-Jozef genaamd, die vooral bekend is om haar streekbieren zoals Ops-Ale, Pax Pils, Bokkereyer en vele andere. Het heeft ongeveer 1500 inwoners. Sinds 1977 is het een deelgemeente van Bree. In Opitter vind je ook de Pollismolen, een tot hotel/restaurant verbouwde watermolen
Een route die de twee gemeenten Meeuwen en Gruitrode en de omliggende gebieden ontdekt
Solterheide is een gebied met een oppervlakte van 835 ha. Het is een gebied van naaldbossen, afgewisseld met hooilanden, akkers, houtwallen en kastanjedreven. Solterheide maakt deel uit van een uitgestrekt en bijzonder waardevol landschap: 'De Hoge Kempen'. Het betreft een kleinschalige afwisseling van eiken en dennenbossen met landbouwpercelen. De bosoppervlakte overweegt op het landbouwgedeelte. Het gebied grenst tevens aan de vallei van de Itter- en Eetsevelderbeek.
Tussen KP 35 en KP 34
- Het Gruitroderbos
- Het staatsbos Ophovenerheide
Tussen KP 33 en KP 04
- We rijden langs het schietterrein
- De Meeuwerheide
Tussen KP 04 en KP 03
- De Gielisheide en de Berenheide
Tussen KP 03 en KP 02
- Erpekom en Elikom
Tussen KP 02 en KP 31
- de bunders
- de Zoetebekerheide
- de Muizendijk
- Het Kopshof
- De brandheide
Beschermd natuurgebied in Voorshoven (Neeroeteren) In de brand, een onderdeel van de Vallei van de Itterbeek, tref je zowel een landbouw- als een bosgebied aan. Het bosgebied (het Sustje) bestaat voornamelijk uit populieren, sparren, eidken en haagbeuken. De weilanden zijn relatief vochtig. De Brand heeft een bijzondere vogelrijkdom. In de vallei van de Itterbeek kun je vrij wandelen. Er is een uitgestippeld wandelpad van 8,5 km dat vertrekt aan het bezoekerscentrum aan de kerk van Voorshoven.
Tussen KP 31 en KP 36
- Het Itterdal Aan de oostzijde van het Kempense plateau verloopt de overgang naar de Maasvallei erg bruusk. Van een hoogte van ongeveer negentig meter duikt de rand van het plateau opeens veertig meter dieper. Meteen weet u hoe Opitter en Neeritter, beide langs de Itterbeek, aan hun naam kwamen. Er borrelt trouwens flink wat water op uit de verborgen diepten van het plateau. Een handvol beken dat uit de bronnen ontstond, schuurde diepe valleien uit het plateau. De Itterbeek is ongetwijfeld één van de mooiste voorbeelden. Langs weerszijden van de beekvallei ontstonden er steile hellingen. Het is geen toeval dat net langs dit deel van de beek heel wat watermolens werden gebouwd. Het water krijgt er immers plots een groot verval.
De Nete is een rivier in België in het Stroomgebied van de Schelde. Lier ligt aan de samenloop van de Grote Nete en de Kleine Nete.
Zoals Felix Timmermans het uitdrukt: "waar de drie kronkelende Nethen een zilveren knoop leggen". Stroomafwaarts vanaf Lier heet de rivier gewoon Nete of ook wel Beneden Nete. Deze vloeit bij Rumst samen met de Dijle en vormt zo de Rupel, die uiteindelijk uitmondt in de Zeeschelde. Tot aan Grobbendonk op de Kleine Nete is de getijdewerking merkbaar.
De Grote Nete is een zijrivier van de Nete in het stroomgebied van de Schelde.
De Grote Nete ontspringt nabij Hechtel-Eksel. Vanaf Lier stroomt ze samen met de Kleine Nete en vormt ze de Nete of de Beneden Nete, soms daar ook verder Grote Nete genoemd.
Haar voornaamste zijrivieren zijn de Wimp en de Grote Laak.
De Kleine Nete is een zijrivier van de Nete in het stroomgebied van de Schelde.
De rivier ontstaat uit vele door regen gevoede beekjes in het gebied tussen Arendonk, Retie en Mol-Postel in de Belgische Kempen, en bevat veel in Vlaanderen zeer zeldzame vissen. Vanaf Lier stroomt ze samen met de Grote Nete en vormt ze de Nete of de Beneden Nete.
Haar voornaamste zijrivieren zijn de Molenbeek, de Aa en de Wamp.
De Kleine Nete stroomt door volgende gemeenten : Retie, Kasterlee, Geel, Olen, Herentals, Vorselaar, Grobbendonk en Nijlen.
Deze route loopt over Hombeek Laar Tisselt Willebroek Rumst Leest - Heffen
We rijden langs o.a. De Zenne Willebroekse vaart De Rupel
WAT KOMEN WE TEGEN :
- Kasteel van Relegem
Net voorbij de provinciegrens met Brabant komen we langs het park en de gebouwen van het kasteel van Relegem (1760). Het open landschap biedt hier mooie vergezichten, sporadisch onderbroken door enkele boerderijen. http://genk.com/028/
- Kasteel Ekspoel
- Hoeve De Vleug
Hoeve De Vleug is een 18de eeuwse abdijhoeve uit 1783, met een oudere oorsprong. De hoeve is een unieke getuige van het vroeger agrarische Willebroek. De bewaarde gebouwen met woonhuis, stalling en schuur vormen de karakteristieke bestanddelen van een hoevebedrijf. Het omliggende jachtgebied met onder meer een deels verdwenen toegangsdreef, strekt zich uit tot aan de Willebroekse vaart. Hoeve de Vleug werd in 1998 omwille van zijn historische waarde als monument beschermd
- Provinciaal domein Broek-De Naeyer
Het broek De Naeyer is een provinciaal domein met eveneens een unieke fauna en flora. In het gebied loopt een wandelpad langs vijvers, moerassige gronden en een oude spoorwegberm met typische plantengroei. Een deel van het gebied wordt beheerd als reservaat en is enkel toegankelijk op afspraak.
- Sportwaterbaan Hazewinkel De roeibaan werd in 1978 uitgegraven met als bedoeling de verlaten kleiputten te dempen in het kader van de sanering van de Rupelstreek. De Olympische watersportbaan van het Bloso centrum Hazewinkel is gelegen tussen de groot-steden Brussel en Antwerpen. Deze ideale watersportbaan ligt centraal in Europa. Het BLOSO centrum is één van de belangrijkste topsportcentra in Vlaanderen.
Het Zennegat is de plaats in Battel in Mechelen waar verschillende waterlopen samen lopen. De Zenne komt er samen met de Kanaal Leuven-Dijle (Leuvense vaart) en de Dijle, die enkele honderden meters verder dan weer samen met de Nete uitmondt in de Rupel. Het stukje Dijle tussen het Zennegat en de monding in de Rupel wordt in de volksmond de Koestaart genoemd
Rijden we langs het Albertkanaal en de gevangenis van Hasselt
HASSELT - Nieuwe gevangenis
Op 20 december 1996 besliste de ministerraad om een nieuwe gevangenis in Limburg te bouwen.
De voorkeur ging naar de Herckenrodesingel omwille van de ligging, de vlotte bereikbaarheid, de oppervlakte, de afmetingen van het terrein, de gesteldheid van het oppervlakte en de ondergrond, de synergie met de omgeving en de stedenbouwkundige randvoorwaarden.
De werken startten in april 2002. In oktober 2004 was de gevangenis voltooid.
bestaan hoofdzakelijk uit aangelegde visvijvers en weilanden. De aanvoer van water dat verrijkt is met talloze meststoffen heeft de rijke flora geen goed gedaan. We krijgen immers een toenemende verruiging van de begroeiing.
Dit reservaat is echter vooral gekend voor zijn grote vogelrijkdom. Talrijke soorten vinden hier een geschikte pleister- en broedplaats. De meeste binnenpaadjes zijn dan ook afgesloten voor het publiek omdat de vogels anders te veel gestoord zouden worden.
Kiewit is een openbaar natuurdomein van de stad Hasselt met een oppervlakte van meer dan 100 ha. De wandelaar vindt er bewegwijzerde wandelpaden van verschillende lengtes die langs de mooiste hoekjes van ons domein leiden, ook kan je via deze wandelpaden naar domein Bokrijk wandelen.
De voor ons land unieke natuurtuin is zeker ook een bezoek waard. In deze tuin, die op een natuurlijke wijze geëvolueerd is, vind je haast al de wilde planten die vroeger in Limburgse weiden voorkwamen.
Tussen 91 en 71
Provinciaal domein Bokrijk,
Het Domein Bokrijk heeft een grote fun-factor! Naast het Openluchtmuseum staan er nog tal van andere dingen op het programma in Het Domein Bokrijk.
Met de grootste speeltuin van het land, Het Bokrijk Adventure Park, de groene oase van rust met de wandelroute Bokrijk Kiewit en nog veel meer heeft het domein alles in huis voor een geslaagde daguitstap. En dit voor jong en oud!
In Bokrijk gaat het leven zijn gangetje, op het ritme van de natuur. De ochtendzon priemt doorheen het weelderig groen bladerdak en tovert een kleurrijk lichtspel op het Kempens plein. De kerkklokken luiden en de windmolen komt traag op gang. De pastoor maakt zich klaar voor de donderpreek. En terwijl de boer en de boerin zich opwarmen aan het haardvuur patrouilleert de champetter met waakzame blik door het dorp. De heerlijke geur van versgebakken brood bij de lokale bakker doet de kinderen, op weg naar school even talmen. Benieuwd wie de strenge onderwijzer vandaag de ezelsoren zal opzetten?
Tussen 71 en 72
Boxbergheide, Winterslag
De parochiekerk van Boxbergheide is toegewijd aan de heilige Jan Baptist de la Salle. De kerk werd in 1966-1967 gebouwd naar een ontwerp van de Hasseltse architect Van de Vondel. Tussen 1952 en 1967 had men diensten gehouden in een noodkerk.
De wijk wordt doorsneden door de spoorlijn Hasselt-Genk, maar de stopplaats die een tijdje bestond leverde te weinig reizigers op om deze open te houden. Vanaf Boxbergheide liep een aftakking van de spoorlijn naar de vroegere mijnen Winterslag, Zwartberg en Waterschei.
Tussen 70 en 82
Natuurreservaat De Maten, het diepenbekerbos
De Maten Diepenbeek sluit aan bij het 300 ha. grote reservaat De Maten Genk.
Een moerassig gebied met duinkammen, vijvers, dijken, moerasbosjes, droge en natte heide. Er lopen verschillende wandelpaden doorheen. De grootste omloop "Het Augustijnerpad", bedraagt zowat 6 km, vertrek is in de Sluisstraat.
Tussen 98 en 97
Het golfterrein in Godsheide en de Japanse tuin
De aanleg van de Japanse tuin is een gezamenlijk initiatief van de steden Hasselt en Itami(Japan) dankzij de jumelageband die op 5 april 1985 werd ondertekend. De Japanse tuin is ontworpen door de meest vooraanstaande Japanse ontwerpers en dat met respect voor historisch bepaalde regels. De 2,5 ha grootte tuin is zijn kinderschoenen ontgroeid. Hij werd aangelegd in 1992. Bomen en heesters hebben de tijd genomen om volop uit te groeien en het vormbepalende decor van rotsen, waterpartijen en gebouwen verder aan te kleden. Via de westelijke tuin komt de bezoeker in de centrale tuin met de twee fraaie gebouwen. De oostelijke tuin is uitgevoerd als kerselarenpark en uitgerust met banken om te genieten van het uitzicht. FOTO HLN
ARGUS, vzw Kempens Landschap, Natuurpunt en VLM laten je al fietsend kennis maken met het prachtige gebied van de Merode, het gebied tussen Nete en Demer, het land van de Witte van Zichem.
ROUTE 3
Demerbroekenroute
Vertrek : Je start aan Huize Ernest Claes in Zichem
Ernest Claesstraat 152, 3270 Scherpenheuvel-Zichem (open: mei, juni en september:
dinsdag en woensdag van 13u tot 17u, zon- en feestdag van 13u tot 18u - juliaugustus:
dinsdag tot en met vrijdag van 13u tot 17u, zon- en feestdag, van 13 tot
18u - oktober tot april: dinsdag en woensdag van 13u tot 17u).
Afstand :16,1 km Als je de uitloper naar de Heimolen meeneemt, rijd je 22,1 km.
Bewegwijzering :
fietsknooppunten, herkenbaar aan de wit/groene bordjes met omcirkelde cijfers.
De tocht loopt door de Demervallei. Blikvangers onderweg:
De Maagdentoren en de ijzerzandstenen kerk van Zichem, de watermolen van Testelt, de Heimolen in Langdorp, Averbode Bos & Heide en de abdij.
De wegen zijn vaak onverhard, fietsen met dikke banden zijn eenaanrader.
Neem bij warm weer voldoende drank mee. Enkel in de dorpscentravan Testelt, Averbode en Zichem zijn er horecagelegenheden. Aan de abdijstaan er ijsjesventers. Picknicken kan je in het speelbos
DE ROUTE :
- Sla de Ernest Claesstraat rechtsaf, en rij naar knooppunt 58
aan de spoorwegovergang. We rijden dan verder naar knooppunt 59, aan de Oude
Demer. Net voor het water slaan we linksaf, richting knooppunt 93. Rij naar de
Maagdentoren.
- Keer terug naar knooppunt 59, waar de Oude Demer de Ernest Claesstraat kruist.
Daar ga je linksaf, richting knooppunt 57. Net voor de Nieuwe Demer (zo heet de
volgende Demerarm) sla je rechtsaf, nog altijd richting knooppunt 57. Je fietst nu
evenwijdig met de Nieuwe Demer. Aan het einde van de fietswegeltjes kom je uit
aan de watermolen van Zichem.
- Volg opnieuw knooppunt 57. Na een vijftigtal meter rij je rechts de hoofdweg, de
Pater R. Van De Wouwerstraat, in (aan je linkerkant zie je de kerk van Zichem).
Recht tegenover de hoofdingang van de kerk sla je rechts Ter Elzen in. Aan de eerste
bocht ligt het oude klooster. Nu even opletten! Even voorbij die bocht - net
achter de kloostermuur - sla je rechts een smal aarden pad in. Na nog wat bochtenwerk
fiets je op een lang pad, dat de Hamerstraat verbindt met de Van
Thienwinkelstraat. Aan je rechterkant ligt een grote open ruimte. Er staat een
alleenstaande boom, een huis en - in de verte - een jachtkansel. Waar het aarden
pad uitkomt op de Van Thienwinkelstraat is het tijd om even op adem komen...
- Rij verder tot knooppunt 57. Daarna volg je knooppunt 56. Zo nader je de dorpskern
van Testelt. Rij de brug over de Demer over en sla linksaf naar de watermolen
- Rij verder naar knooppunt 56. Je rijdt eerst even naast de spoorweg. Op het
moment dat de weg de spoorweg naar links verlaat even opletten. De weg van het
knooppuntennetwerk maakt na 50 meter een haarspeldbocht van 180° naar
rechts, maar die volgen we nu nog niet. Je verlaat dus even het knooppuntennetwerk
en rijdt gewoon verder rechtdoor de aarden weg op, met aan de linkerkant
een rij prachtige bomen. Waar de rij bomen eindigt, maak je straks rechtsomkeer
- Maak rechtsomkeer en fiets wat verder door de tunnel onder de spoorweg. Trek
verder richting fietsknooppunt 56. Wie graag de uitbreiding naar de Heimolen wil
volgen (5 km extra) volgt aan knooppunt 56 verder richting knooppunt 19 tot aan
de Heimolen. Keer later langs dezelfde weg terug. Wie niet naar de Heimolen wil,
volgt verder de routebeschrijving op blz.15.
- Terug naar knooppunt 56. Daarna volg je knooppunt 18.
In dit gebied moeten de bestaande dennenbossen volgens de richtlijnen van een
Natuurontwikkelingsplan evolueren naar gemengd bos en naar een meer open
landschap met hoge natuurwaarde.
De weg gaat stilaan stijgen. Als je dicht bij knooppunt 18 bent, merk je aan de
rechterkant een speelbos met een zitbank en andere houten constructies. Even
uitblazen.
- Fiets verder richting knooppunt 18 en later 25. Tussenin vind je de abdij van
Averbode.
- Rij verder naar knooppunt 25 en verder naar 58. Zo kom je opnieuw uit op de
ARGUS, vzw Kempens Landschap, Natuurpunt en VLM laten je al fietsend kennis maken met het prachtige gebied van de Merode, het gebied tussen Nete en Demer, het land van de Witte van Zichem.
ROUTE 2
Averbode Bos & Heideroute
Vertrek : Afspaning Den Eik
Grensstraat 45, 2430 Laakdal (1 april - 30 september: alle dagen open vanaf 10 u /
Schoolvakanties: alle dagen open / 1 oktober - 31 maart: maandag gesloten - open
vanaf 11 u).
Afstand : 14.6 km
Bewegwijzering :
fietsknooppunten, herkenbaar aan de wit/groene bordjes met omcirkelde cijfers.
Langs het natuurgebied Averbode Bos & Heide en het natuurgebied Gerhagen.
Blikvangers: het Bosmuseum Gerhagen, de autovrije Luikerdreef en de abdij van Averbode.
DE ROUTE :
- Rij naar knooppunt 18 en volg dan 25. Aan je linkerkant vind je de abdij.
- Rij recht tegenover de abdij de dreef in (voorzichtig, gaat snel bergafwaarts), tot
knooppunt 25. Sla na zowat 300 m links af, volg knooppunt 334.
- Rij tot knooppunt 334, waar je nog eventjes 150 m rechtdoor rijdt (i.p.v. onmiddellijk
naar 15). Daar sla je rechts af (volg de bordjes Bosmuseum, VVV-toren, enz).
Aan je linkerkant zie je een bezoekerscentrum met een grote uitkijktoren. Allen
daarheen!
- Fiets even terug naar knooppunt 334 en rij nu richting knooppunt 15.
Zowat 1 km verder ligt de Peerdenposterij
- Rij naar knooppunt 15 en dan richting 14. Op een bepaald ogenblik steek je de
drukke Turnhoutsesteenweg over. Je rijdt een aarden weg in. Aan het einde ervan
is een T-splitsing. Er achter ligt een weide. Vaak staan daar ezeltjes, in de schaduw
van een grote, trotse eik.
- Rij verder tot knooppunt 14 en volg dan 17.
Als je op de openbare weg komt, wijk je even af van deknooppuntenroute.
Je volgt dan de pijl VEERLE-HEIDE tot aan het dorpsplein.
De dorpskern van Veerle-Heide werd niet lang geleden heraangelegd.
- Verlaat de dorpskern op dezelfde manier als je gekomen bent. Rij naar knooppunt
17. Daar draai je naar links, richting knooppunt 18. Je rijdt nu opnieuw op een
mooie weg tussen de bossen, namelijk de Grensstraat. (Deze naam geeft aan dat
we ons hier op de grens Scherpenheuvel-Zichem/Laakdal en provincies Antwerpen
en Vlaams-Brabant bevinden.) Na een honderdtal meter zie je houten paaltjes in
het midden van de weg, die verder alleen fietsers (en voetgangers) doorlaten.
Onmiddellijk daar achter heb je een wegeltje naar links. (We fietsen dit wegeltje
niet in). Daar is het weer tijd om even uit te blazen.
- Fiets verder richting knooppunt 18 en zo kom je terug uit op de startplaats Den Eik.
ARGUS, vzw Kempens Landschap, Natuurpunt en VLM laten je al fietsend kennis maken met het prachtige gebied van de Merode, het gebied tussen Nete en Demer, het land van de Witte van Zichem.
ROUTE 1
Kempenroute
Vertrek : Afspaning Den Eik
Grensstraat 45, 2430 Laakdal (1 april - 30 september: alle dagen open vanaf 10 u /
Schoolvakanties: alle dagen open / 1 oktober - 31 maart: maandag gesloten - open
vanaf 11 u).
Afstand : De korte tocht is 17,2 kmlang. De lange tocht (tot Westerlo) bedraagt. 22,5 km.
Bewegwijzering :
fietsknooppunten, herkenbaar aan de wit/groene bordjes met omcirkelde cijfers.
De tocht loopt door de Kempense bossen langs Hertberg en Bergom tot
aan het kasteel van de Prins de Merode in Westerlo.
Via landelijke wegen keer je terug naar Den Eik.
DE ROUTE :
-En dan nu: de fiets op! Als je het terras van Den Eik verlaat en over de parking
richting straat rijdt, vind je aan je rechterkant een fietspad tussen de bomen dat je
naar fietsknooppunt 17 leidt. Daar start de tocht!
-Vanaf knooppunt 17 volg je richting knooppunt 88.
Je rijdt eerst door bossen en later langs landelijke gebieden met weidelanden. Op
een bepaald ogenblik fiets je langs de Degstraat en draai je rechts de Poedertoren
in. Je bevindt je nu in een dreef met eiken.
-Rij verder naar het knooppunt 88. Je rijdt een poosje op een fietspad langs een steenweg.
Aan knooppunt 88 (met aan de overkant de taverne Mie Maan)
-Wie voor de korte fietstocht (17 km) kiest, rijdt nu naar knooppunt 13,
Wie verder naar Westerlo wil, volgt knooppunt 84.
Dit is zeker een aanrader! Ofheb je vandaag misschien al een kasteel gezien?
We rijden nu over het grondgebied van Bergom. Op de onverharde weg aan de
Mariagrot kunnen we even op adem komen
-Rij nu verder in de richting van knooppunt 84. Zo kom je aan een rivier met een brug
erover. Neem het zandweggetje vóór je de brug opgaat naar links. Dan kan je na 200
meter een blik gooien op de achtergevel van het kasteel van de prins de Merode.
-Als je het kasteel bewonderd hebt, keer dan terug naar de brug en hou daar even
halt aan de Grote Nete.
-Rij nu verder naar fietsknooppunt 84. Let goed op de fietsknooppuntbordjes zodat
je de rustige wegen niet verlaat!
-Rij nu verder naar knooppunt 89. We fietsen nu over het grondgebied van de
gemeente Herselt. Volg de weg verder naar knooppunt 13 en volg dan nog eventjes
knooppunt 14. Hou even halt bij het kruisen van de Herseltseweg.
-Volg daarna opnieuw knooppunt 14.
Langs de Peirenstraat, als je links de Schransstraat gepasseerd bent mag je eventjes op adem komen.
-Fiets verder naar knooppunt 14.
Van hieruit volg je opnieuw knooppunt 17 en even knooppunt 18.
In het laatste stuk bos van onze tocht zal je opvallend veel varenszien.
-Volg verder knooppunt 18 tot aan Den Eik.
Hier eindigt onze fietstocht. Misschien met een drankje op het terras of een bezoekje aan het klompenmuseum?
-Vanuit het sportcomplex ga je het bruggetje over en zo kom je op een stuk rijweg dat parralel loopt met de
ring van Mol. In de zone rond het overdekt zwembad, de sporthal, de sportterreinen, het jeugdhuis Tydeeh en kinderdagverblijf Molleke komen functies als wonen, wandelen, fietsen, ontmoeting en recreatie op de eerste plaats.
Links draaien richting rode lichten en je zit op de route richting KP 56
Tussen KP 56 en 55
Je doet twee deelgemeenten van Mol aan nl. Ginderbuiten en Gompel
Tussen 55 52 51 50 73
We rijden een lang stuk langs het kanaal Kwaadmechelen Dessel, langswaar we ook het
De stranden van Mol passeren ; het Zilvermeer,het Zilverstrand en ook het Ecocentrum De Goren
Een dagje uit, een hagelwit strand en een heldere, zuivere zwemvijver. Speeltuinen voor elke leeftijd, sportmogelijkheden, evenementen en een heleboel overnachtingsmogelijkheden. Dat is het Zilvermeer! het Zilverstrand : http://toerisme.gemeentemol.be/Het_zilverstrand/2778/default_toerisme.aspx?_vs=0_N&id=2074&pg=2618 Naast witte stranden en een zwemplas beschikt het Zilverstrand nog over een belangrijke troef: grote delen van het domein zijn gereserveerd voor rust en de natuur. Aan het gebied paalt een stukje ongerepte natuur dat je complete rust geeft en contact met bomen, bloemen en vogels biedt. Wandel erdoorheen, kijk naar al die prachtige stukken heide, snuif de geuren op in de bossen, kom hier met respect en kom om te genieten. Het Zilverstrand beschikt over een prachtige camping.
Ecocentrum De Goren: Sinds 1993 vormt ecocentrum het hart van de Molse Meren. Het kenmerkende gebouw is omgeven door waterplassen, natuurgebieden, campings en recreatiedomeinen. Deze bijzondere ligging geeft meteen ook aan wat het doel is van het ecocentrum: toeristen verzoenen meet de natuur. Deze poortwachtersfunctie vult het ecocentrum in door volop te werken rond natuureducatie en door de toerist te bedienen met een uitgebreide toeristische balie. Natuur- en milieueducatie is toegespitst op leerlingen van het basisonderwijs. Het Ecocentrum is gesitueerd aan het Provinciedomein Zilvermeer in Mol. Je kan er terecht voor wandel- en fietsroutes. Er is een ruime parking voorzien waardoor dit de ideale vertrekplaats is voor een dagje natuur. Een aanrader voor fietsers is alvast de Vaarketsroute (40 km), deze brengt je langs de twee kanalen van deze regio. Je maakt ook kennis met de zandontginning. Voor de wandelaars is het interessant om weten dat veel wandelingen vertrekken vanop de parking van het Ecocentrum. In totaal heeft Mol 400 km wandelplezier, inclusief wegwijzers om het noorden niet te verliezen.
Knooppunt 74 : Aan knooppunt 73 gaan we de brug over naar 74 en daar ligt hij dan , de pannekoekenboot.: http://www.pannenkoekenbootdendiel.be/index%204.htm Je kunt hier kiezen uit 250 - tweehonderd vijftig - ambachtelijk gebakken pannenkoeken! Terwijl in de kombuis je bestelling verwerkt wordt, neem je best eens opnieuw de kaart voor de geschiedenis van dit schip en zijn technische gegevens. Het totale gewicht bedraagt 350 ton ... zonder pannenkoeken
Knooppunt 75 : Den Diel : Het natuurwandelpark den Diel bestaat grotendeels uit loofbos waarin bewust een natuurlijk beheer wordt gevoerd. Omgewaaide bomen blijven liggen want dood hout is een bron van nieuw leven in het bos. Centraal in den Diel vinden we oude sprietputten die inmiddels geëvolueerd zijn tot vijvers en ondiepe vennen. In en langs deze vennen heeft zich een zeldzame plantengroei ontwikkeld. Nergens in Vlaanderen komen zoveel verschillende soorten libellen voor als hier. Ook de reptielen en amfibieën zijn goed vertegenwoordigd.
Knooppunt 260 : De Blauwe Kei :http://users.telenet.be/deblauwekei/ De Blauwe Kei in Lommel, sluis 1. De eerste transportverbinding voor de industrie waren waterwegen. De Zuid-Willemsvaart, voltooid in 1826, had weinig invloed op de Limburgse industrialisatie. Van grote betekenis was de aanleg van het Kempisch Kanaal of de verbinding van de Schelde met de Maas in 1846. De belangrijke verbinding met Hasselt kwam pas in 1858 tot stand. Het gehucht De Blauwe Kei ontstond na het graven van het Maas-Scheldekanaal (1843-1855) en ontleent haar naam aan een grote leisteenachtige, meer westwaarts gelegen grenssteen tussen Mol en Postel. Bij verbredingswerken van het kanaal in 1926 zou deze steen onder opgespoten zand terecht gekomen zijn. De Geografische Dienst van België heeft zonder succes getracht deze steen terug te vinden. De oorspronkelijke steen zou door de Maas zijn aangevoerd in de loop der ijstijden, toen rotsblokken uit het Zuiden werden meegesleurd door een machtige stroom van gletsjers en smeltwater.
Tussen knooppunt 260 - 267 - 268 - 266 Hier rijden we langs het kanaal naar Beverlo Het kanaal neer Beverlo is een verbinding op het kanaal Bocholt-Herentals. Met een lengte van 15 km, is dit slechts een klein kanaaltje dat de verbinding maakt met het dok van het kamp van Beverlo.
Tussen knooppunt 60 en 59: We fietsen door een zeer bekend gebied, De keiheuvel (natuurpark) http://www.keiheuvel.be/ De Keiheuvel is een stuifduingebied aan de ingang van het terrein Keiheuvel-De Most. Verspreid komen vliegdennen voor, die hier in een natuurlijke successie groeiden. Deze strook vormt een prachtige entourage bij het binnenrijden van het Natuur- en recreatiepark Keiheuvel.
We fietsen ook nog door de dorpen Balen - Olmen - Hulsen en komen zo terecht in het gehucht "Heidehuizen" vanwaar we terugkeren naar ons vertrekpunt als we de verkeerslichten bereiken Oversteken en direkt links aanhouden naar de startplaats "Den Uyt"
Vanaf de watermolen steven je naar knooppunt 93> 96.
Onderweg steek je de drukke N18 Geel-Retie over en tegelijk ook de Witte Nete.
Je fietst nu eventjes op het grondgebied van Dessel waar je voorbij de historische hoeve Boerentang komt.
Zo bereik je knooppunt 96 aan het Kempisch Kanaal
Je volgt het jaagpad naar rechts in de richting van knooppunt 95.
Bij sas 6 staat een bijzonder huis. Café Sas 6 is een vooroorlogs café in de stijl van een typisch Kempens hoevetje dat na de Eerste Wereldoorlog een ontmoetingsplaats was voor schippers die in de file stonden voor de sluis.
Maar naast een pint drinken maakten de schippers er ook afspraken met voermannen wier paarden de schuiten 'jaagden'. Jagen is het voorttrekken van een schip met een dik touw.
Ondertussen is de grote drukte op het Kempisch Kanaal lang verleden tijd en hoeven schepen niet langer aan te schuiven voor de sluis. Toch heeft dit sascafeetje de tijden overleefd en maakt het deel uit van ons kanalenerfgoed.
Bij sas 7 (knooppunt 95) steek je de sluisbrug over naar de andere oever.
Je komt voorbij Dekshoevevijver, een vijvergebied dat beheerd wordt door de stad Geel.
Een rondje rond het vijvergebied telt zo'n 2 km.
Na knooppunt 20 volgt 21 aan sas 8, waar je uitzonderlijk, . . . maar op eigen risico, mag oversteken over
de sluisdeuren ondanks de verbodsvermelding 'Art. 95 van het KB 15.10.1935'.
Je blijft het jaagpad volgen richting knooppunt 22 en passeert Ten Aard, het meest noordelijk gelegen kerkdorp van Geel.
Bij knooppunt 22 moet je het Kempisch Kanaal verlaten en ga je weer op zoek naar de loop van de Kleine Nete.
Je houdt richting knooppunt 30 aan en komt in een open weidelandschap terecht.
Deze natte Netevallei was oorspronkelijk een ruig en moerassig laagveen.
Kort na de Tweede Wereldoórlog werd het gebied ontwaterd door de aanleg van kaarsrechte dijkwegen en een web van afwateringen.
Zo ontstonden geschikte weilanden voor de veehouderij. Elke boerderij kreeg 15 ha weiland toebedeeld.
Je krijgt aan je rechterkant de Molen van 't Veld in het vizier.
Die standaardmolen van 1796 stond oorspronkelijk in Heist-op- den-Berg, maar verhuisde in 1823 naar Geel-Elsum. Sinds 1992 staat hij op de Zeggedijk in de buurt van de Worfthoeve, waar ook een bakkerijmuseum gevestigd is. Op Zondagnamiddag laat een gelegenheidsmolenaarje het binnenwerk van de windmolen zien.
Je blijft de Zeggedijk volgen; de sloot naast de weg is de Zeggeloop.
Zegge is een geslacht van taaie grassen die het goed doen in vochtige, moerassige gronden.
Maar De Zegge is ook de naam van het beschermde natuurgebied dat je links ziet liggen.
Het is een moerassig, bijna ondoordringbaar gebied, dat een verre herinnering is aan het oerlandschap.
Aan de brug over de Kleine Nete is er een aanlegplaats voor kajakkers.
Aan de overkant ligt De Ark van Noë, een dagrecreatiecentrum met een speeltuin en vijvers.
Bij het naderen van knooppunt 30 doemt de Kempische Heuvelrug van Kasterlee op.
Daar houd je richting Kasterlee aan, maar de beklimming van de heuvel wordt
nog even uitgesteld tot na knooppunt 31.
Veel stelt deze klim door het Koningsbos niet voor.
Aan de dorpsrand van Kasterlee staat Keeses Molen, een houten standaardwindmolen van 1650.
Je nadert het knooppunt, 88, en vandaar is het nog 1 km tot aan de Kleine Nete
Aan de brug over de Kleine Nete ligt knooppunt 87.
De Watermolen van Brustele in het Kásterlese gehucht Houtum is een onderslagmolen van de 13de eeuw.
In 1583, tijdens de Tachtigjarige Oorlog, werd de molen helemaal verwoest en enkele jaren later heropge- bouwd.
Molen en sluis werden in 1921 grondig verbouwd. De molen bleef draaien tot in 1957. De laatste molenaar was Julius Josephus Biermans, van wie afstammelingen nu het Hotel De Watermolen uitbaten.
Naast het hotel is in de vroegere molenwerkplaats een taverne ingericht.
De weg naar knooppunt 26 loopt eerst parallel aan de rivier.
Je kunt eventueel met de fiets aan de hand het wandelpad naast.
het water volgen door na 200 m links wandelwegwijzer 70 te volgen.
Na 1 km sla je aan de tweede brug rechts af.
Je bent dan weer op het netwerk richting knooppunt 26.
Even verder steek je de Kleine Nete voor de tweede keer over in de richting van knooppunt 27.
Je steekt verderop twee zij beekjes van de Kleine Nete over: de Rode Loop ende Wamp.
Tussen knooppunt 27 en 91
klim je lichtjes uit de Netevallei en meteen verschijnen de eerste dennenbossen.
Op het grondgebied van Retie steek je eerst de Looi eindse Nete over en na knooppunt 91 de Kleine Nete.
Over kronkelende wegen bereik je de watermolen van Retie .
Al in 1633 stond er aan de Witte Nete een watermolen:
's Heren Corenwatermolen hoorde toe aan de heren van Retie.
De huidige stenen molen dateert van 1765. Deze onderslagmolen heeft een metalen waterrad met houten schoepen dat wacht op restauratie:
Aan de molenvijver ligt Taverne 't Meulezicht: op het zomerterras is het heerlijk verwijlen bij het geruis van vallend water terwijl je geniet van een hapje en een drankje...
Je kunt er een kano huren die je stroomafwaarts tot aan de watermolen van Brustele (Kasterlee) voert.
Of je kunt er vragen om de watermolen te bezoeken.
En deze locatie is een echte aanrader om deze prachtige route af te sluiten