|
Kerstnoveen met Paus Benedictus XVI
16/12
De eerste Komst van Christus
In naam van de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.
Matteüs
17:10-13: De leerlingen vroegen Hem: Waarom zeggen de
schriftgeleerden toch dat Elia eerst moet komen? Hij antwoordde: Elia zou
inderdaad komen en alles herstellen. Maar Ik zeg jullie dat Elia al gekomen is,
ze hebben hem alleen niet herkend, en ze hebben met hem gedaan wat ze wilden.
Zo zal ook de Mensenzoon door hun toedoen moeten lijden. Toen begrepen de
leerlingen dat Hij op Johannes de Doper doelde.
Een
overweging met Paus Benedictus XVI:
Door "ja" te zeggen, werd de Maagd
Maria de "woonplaats" van de Heer [...] een echte "tempel"
en een "deur" waardoor de Heer op aarde binnenging.
Maria behoorde tot dat deel van
het volk van Israël dat in Jezus' tijd met oprechte verwachting wachtte op de
komst van de Redder. En uit de woorden en daden die in het Evangelie worden
verteld, kunnen we zien hoe ze echt leefde, doordrenkt van de woorden van de Profeten;
ze verwachtte volledig de komst van de Heer.
Ze kon zich echter niet
voorstellen hoe deze komst tot stand zou komen. Misschien verwachtte ze een
komst in glorie. Het moment waarop de H. Aartsengel Gabriël haar huis
binnenkwam en haar vertelde dat de Heer, de Redder, mens in haar wilde worden,
zijn komst door haar wilde bewerkstelligen, moet haar des te meer verbaasd
hebben.
We kunnen ons de vrees van de
Maagd voorstellen. Maria zei met een geweldige daad van geloof en
gehoorzaamheid "ja": "Ik ben de dienares van de Heer". En
zo gebeurde het dat ze de "woonplaats" van de Heer werd, een echte
"tempel" in de wereld en een "deur" waardoor de Heer de
aarde binnenging. (26/11/2005)
We hebben gezegd dat deze komst uniek was:
"de" komst van de Heer. Toch is er niet alleen de laatste komst aan
het einde der tijden: in zekere zin wil de Heer altijd door ons heen komen. En Hij
klopt aan de deur van ons hart: ben je bereid mij je menszijn, je tijd, je
leven te geven?
Dit is de stem van de Heer die
ook ons tijdperk wil binnengaan, hij wil door ons het menselijk leven
binnengaan. Hij zoekt ook een levende woonplaats in ons persoonlijk leven. Dit
is de komst van de Heer. Laten we dit in de Adventstijd nog eens leren: de Heer
kan ook onder ons komen. (26/11/2005)
Zo is God: Hij dringt zich niet
op, Hij gebruikt nooit geweld om binnen te komen, maar vraagt, als een kind, om
welkom geheten te worden. In zekere zin stelt ook God zich voor aan een
behoefte aan aandacht: Hij wacht tot wij ons hart voor hem openen, voor Hem
zorgen. (30/12/2005)
Het Magnificat: Hoog verheft nu mijn ziel de Heer, verrukt is mijn
geest om God, mijn Verlosser, Zijn keus viel op zijn eenvoudige dienstmaagd, van
nu af prijst ieder geslacht mij zalig.
Wonderbaar is het wat Hij mij
deed, de Machtige, groot is Zijn Naam! Barmhartig is Hij tot in lengte van
dagen voor ieder die Hem erkent.
Hij doet zich gelden met
krachtige arm, vermetelen drijft hij uiteen, machtigen haalt Hij omlaag van hun
troon, eenvoudigen brengt Hij tot aanzien; Behoeftigen schenkt Hij overvloed, maar
rijken gaan heen met lege handen.
Hij trekt zich Zijn dienaar
Israël aan, Zijn milde erbarming indachtig; zoals Hij de vaderen heeft beloofd,
voor Abraham en zijn geslacht voor altijd.
Onze Vader - Wees gegroet - Glorie zij
17/12 God met een Menselijk Gezicht
In naam van de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.
Lucas
3:10-18: De mensen vroegen Johannes: Wat moeten we dan doen? Hij
antwoordde: Wie twee stel onderkleren heeft, moet delen met wie er geen heeft,
en wie eten heeft moet hetzelfde doen. Er kwamen ook tollenaars om zich te
laten dopen, en die vroegen hem: Meester, wat moeten zij doen? Hij zei tegen
hen: Vorder niet meer dan wat jullie is opgedragen. Ook soldaten kwamen hem
vragen: En wij, wat moeten wij doen? Tegen hen zei Hij: Jullie mogen niemand
afpersen en je ook niet laten omkopen, neem genoegen met je soldij.
Het volk was vol verwachting, en allen vroegen zich af of
Johannes misschien de messias was, maar Johannes zei tegen hen: Ik doop jullie
met water, maar er komt iemand die meer vermag dan ik; ik ben zelfs niet goed
genoeg om de riemen van Zijn sandalen los te maken. Hij zal jullie dopen met de
H. Geest en met vuur; Hij houdt de wan in Zijn hand om de dorsvloer te
reinigen, het graan zal Hij bijeenbrengen in Zijn schuur en het kaf in
onblusbaar vuur verbranden. Op deze en andere wijze spoorde hij de mensen aan
en verkondigde hij hun het goede nieuws.
Een
overweging met Paus Benedictus XVI:
Johannes verkondigt het "Goede
Nieuws" aan de menigte: "God is niet ver van ons verwijderd, God is
dicht bij ons, zo dichtbij dat Hij zichzelf tot een kind maakt."
Het Nieuwe Testament is het
waarachtig "Evangelie", het "Goede Nieuws" dat ons vreugde
brengt. God is niet ver van ons verwijderd, onbekend, raadselachtig of
misschien gevaarlijk. God is dicht bij ons, zo dichtbij dat hij van zichzelf
een kind maakt en we kunnen deze God intiem aanspreken.
[...] "de ware God bestaat
en deze ware God is goed, Hij houdt van ons, Hij kent ons, Hij is bij ons, bij
ons zelfs tot het punt dat Hij mens werd!". Dit is de grote vreugde die het
Christendom verkondigt. Deze God kennen is werkelijk "Goed Nieuws",
een woord van Verlossing. (18/12/2005)
Laten we, geleid door de woorden van Paus
Benedictus XVI, het menselijke gezicht van God ontdekken.
Is er nog een behoefte aan God?
Is het nog redelijk om in God te geloven? Is Christus slechts een figuur in de
geschiedenis van religie of is hij werkelijk het Aangezicht van God dat we allen
nodig hebben? Kunnen we ten volle leven zonder Christus te kennen?
[...] Het is essentieel om mensen
duidelijk te maken dat Geloof permanent actueel en volkomen begrepen kan worden.
[...] Uiteindelijk is het Geloof eenvoudig en rijk: we geloven dat God bestaat,
dat God telt; maar welke God? Een God met een gezicht, een menselijk gezicht,
een God die verzoent, die haat overwint en ons de kracht van vrede geeft die
niemand anders ons kan geven.
[...] De situatie is anders in de
westerse wereld, die zijn eigen cultuur beu is. Het is een wereld die de tijd
heeft bereikt dat er geen bewijs meer is voor de noodzaak van God, laat staan
Christus, en daarom lijkt het alsof de mens op zichzelf kan bouwen. In deze
sfeer van een op zichzelf staand rationalisme dat het wetenschappelijk model als
het enige kennismodel beschouwt, is al het andere subjectief. (25/7/2005)
Maar de mens kan zichzelf niet
volledig begrijpen als hij God negeert. (1/4/2006)
Het Magnificat: Hoog verheft nu mijn ziel de Heer, verrukt is mijn
geest om God, mijn Verlosser, Zijn keus viel op zijn eenvoudige dienstmaagd, van
nu af prijst ieder geslacht mij zalig.
Wonderbaar is het wat Hij mij
deed, de Machtige, groot is Zijn Naam! Barmhartig is Hij tot in lengte van
dagen voor ieder die Hem erkent.
Hij doet zich gelden met
krachtige arm, vermetelen drijft hij uiteen, machtigen haalt Hij omlaag van hun
troon, eenvoudigen brengt Hij tot aanzien; Behoeftigen schenkt Hij overvloed, maar
rijken gaan heen met lege handen.
Hij trekt zich Zijn dienaar
Israël aan, Zijn milde erbarming indachtig; zoals Hij de vaderen heeft beloofd,
voor Abraham en zijn geslacht voor altijd.
O Wijsheid, U kwam voort uit de mond van de
Allerhoogste en, van begin tot eind reikend, beval U machtig en lieflijk alle
dingen. Kom en leer ons de weg van voorzichtigheid.
Onze Vader - Wees gegroet - Glorie zij
|