|
SERIE:
OFFERZIELEN deel 8
Offer voor de arme zielen van het Vagevuur (51.210
dagen aflaat) te vinden op internet:
Haast u! De minuten schijnen eeuwen! Help ons! Wij zullen het u vergelden!
De pauselijke Zoeaven (uitleg onderaan artikel) van
de Compagnie van Kapitein de Resimont lagen in 1870 te Civita-Castellana.
Voor de zielen in het vagevuur baden zij in de wachtzaal, van tijd tot tijd, op
hun rozenkrans, een soort van rozenhoedje dat zij uitgevonden hadden en wonnen
op enige minuten 51. 210 dagen aflaat, of meer dan 140 jaar toepasselijk aan de
lijdende zielen.
Zalig zijn de barmhartigen, omdat zij barmhartigheid
zullen verwerven. (Matth.5:7)
Opmerkingen:
·
Dit rozenhoedje bestaat uit de mooiste gebeden -
de aangenaamste aan God en de H. Familie - de voordeligste aan deze lijdende
zielen, - en voor ons de rijkste aan geestelijke gunsten.
·
Het moet gelezen worden met godvruchtigheid en
spijt in het hart.
·
Het mag herhaald worden zo dikwijls men wil,
het zullen ogenblikken worden van overvloedige geestelijke schatten.
·
Door het dagelijks te bidden wint men buiten de
gedeeltelijke aflaten, nog vier volle aflaten op de maand op de gewoonlijke voorwaarden.
·
Men mag het gedeeltelijk bidden: naar devotie, de
orde van deze gebeden veranderen, of degene herhalen die je het liefst bidt.
·
Deze zielen wiens geluk je verhaast hebt,
zullen God verheerlijken, en machtige beschermers, en voorsprekers worden bij
Hem, voor de Kerk, uw gezin en voor u.
Hoe te
bidden (op de gewone rozenkrans, de dagen aflaat zijn vermeld. Het zijn 51.210
dagen):
In de naam van de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen. (50)
Op het kruis: Mijn Jezus, Barmhartigheid, (100)
Op zes grote kralen:
Ik geloof in U, o mijn God, omdat U de waarheid bent. Ik
hoop op U, omdat U goed, almachtig en trouw bent. Ik bemin U, omdat U de
opperste goedheid bent, en ik bemin mijn naaste zoals mijzelf uit liefde voor
U.
(7 jaar en 7 keer een boetedoening van 40 dagen volle aflaat, een
keer per maand = 17.101)
Op 53 kleine kralen:
Zoet Hart van Jezus, wees mijn Liefde. Zoet Hart van Maria,
wees mijn Zaligheid.
(Volle aflaat, een keer per maand voor beide schietgebedjes = 31.800)
Na ieder tientje:
Zoet Hart van Jezus, maak dat ik u altijd meer en meer
bemin. (1500)
Op het einde:
Bemind zij bovenal het H. Hart van Jezus. (100)
H. Hart van Jezus, ontferm U over ons. (100)
Geloofd zij Jezus
Christus! Amen. (100)
Onbevlekt Hart van Maria, bid voor ons. (100)
Jezus, Maria, Jozef, ik geef u mijn hart en mijn ziel.
Jezus, Maria, Jozef, sta mij bij in mijn laatste doodstrijd. Jezus, Maria,
Jozef, dat mijn ziel bij U in vrede moge rusten. (300)
In de naam van de Vader, en de Zoon en de Heilige Geest.
Amen. (50)
Bijvoegsel
(bijkomend 900 dagen aflaat):
Jezus, zachtmoedig en nederig van Hart, maak mijn Hart
gelijkvormig aan het Uwe. (300)
Geloofd en gedankt zij, elk ogenblik, het Allerheiligste en
Allergoddelijkste Sacrament. (Volle aflaat, een keer per maand, 100)
Gezegend zij de Heilige, Onbevlekte en Allerzuiverste
Ontvangenis van de Gelukzalige Maagd Maria, Moeder Gods. (300)
OLVrouw van het H. Hart, bid voor ons! (100)
H. Jozef, vriend van het H. Hart, bid voor ons! (100)
Men kan al deze aflaten nog vermeerderen met 7 jaar en 7
maal 40 dagen, door het rozenhoedje te bidden voor een beeld van het H. Hart
van Jezus, voor openbare verering uitgestald.
Andere
oefeningen : H. Mis, H. Communie, Getijden van de overledenen,
Kruisweg, Aflaten, Blauwe Scapulier, H. Rozenkrans, Aalmoes, Versterving,
Vasten, Lijden, Heldhaftige akte van Liefde enz.
Vergeten
wij de doden niet!! (H.
Franciscus van Sales)
Imprimi, potest, Brugis
21 juli 1882. B. Van Hove, Vic. Gen.
Pauselijke
Zoeaven (wikipedia): In het Nederlands taalgebied is het
regiment Zuavi Pontifici ("Zoeaven van de Paus") het
bekendst. Dit bestond uit katholieke vrijwilligers die onder de regering van paus Pius
IX de Kerkelijke Staat verdedigden tegen de aanvallen van Victor
Emanuel II, koning van Italië, en diens bondgenoot Giuseppe Garibaldi, een
antiklerikaal liberaal-nationalist. Deze paus had een oproep aan de
gehele katholieke wereld gedaan om jonge, ongehuwde mannen te zenden
om hem bij te staan teneinde de dreigende verwoesting van Rome te
voorkomen. De snit van hun uniformen was bijna gelijk aan die van de Franse
zoeaven, zij het dat tuniekjasje en broek waren uitgevoerd in grijs met rode
biezen. Als hoofddeksel droegen de pauselijke troepen een kepie - een
fez werd gezien als te islamitisch voor de katholieke strijders. In totaal
kende het regiment 11.000 man, waaronder 3181 Nederlanders (het merendeel),
2964 Fransen, 1634 Belgen (voornamelijk Vlamingen), 700 Italianen en 500
Canadezen.
Van 1861 tot 1866 probeerden de zoeaven Garibaldi's troepen
te verjagen of binnenlandse onlusten te onderdrukken. Eind 1866 werden de
Franse troepen, die tot dan de zoeaven hadden ondersteund, uit Rome weggehaald,
waarna het aantal Italiaanse aanvallen steeg. Hierop waren de Fransen
genoodzaakt om weer troepen te sturen naar Italië. De Franse legers en de
zoeaven versloegen Garibaldi op 5 november 1867 te Mentana, wat de
situatie zou doen stabiliseren tot in 1870, wanneer Frankrijk zijn troepen
terug riep, omdat het zojuist de oorlog had verklaard aan Pruisen. Na de
val van het Tweede Franse Keizerrijk op 1 september 1870, had Italië
niets meer te vrezen. Op 20 september 1870 had de Inname van Rome plaats.
Een dag later werd het pauselijk leger ontbonden en werden de soldaten
huiswaarts gestuurd.
Boete en versterving:
Wanneer we spreken van
boete en versterving, hebben de meeste mensen een rare indruk. Voor
velen roepen deze woorden beelden op van geestelijken die aan zelfkastijding
doen tot het bloedige toe. Maar in tegenstelling tot het populaire geloof,
waren de mannen en vrouwen in de geschiedenis die boete praktiseerden dikwijls
de meest zelfopofferende en onzelfzuchtige mensen ooit. De profeten uit het
Oude Testament, vastten dikwijls en droegen een boetekleed om hun volk te
redden (boetekleed: een haren kleed, en een onderkleed gemaakt van ruwe stof
zoals geitenhaar). Ook de apostelen
vastten. Maar die legden zichzelf strenge vasten op. En ook de heiligen en
religieuze orden in de Christelijke geschiedenis beoefenden en dergelijk
ascetische levensstijl. De H. Franciscus van Sales bijvoorbeeld,
gebruikte zelfkastijding door het gebruik van een zweep, evenals een ijzeren
gordel en haren kledij. Ook de H. Johannes Maria Vianney was gekend voor zijn
soberheid in het vasten, evenals een gebruik aan zelfkastijding. De H. Jose
Maria Escriva droeg dikwijls een cilice.
wikipedia: een cilicium is een boetegordel of -kleed, vervaardigd
uit geitenhaar of een ijzeren gordel met haakjes aan de binnenkant, die om het
dijbeen of om een ander deel van het lichaam gedragen wordt. Doordat de haakjes
of de ruwe stof in het vlees snijden, ervaart de drager pijn.
cilice
In meer recente tijden hebben we het voorbeeld van de Heilige
Johannes Paulus II die dikwijls sliep op de harde vloer, of de Heilige Moeder
Teresa, die met haar zusters vrijwillig leefde in extreme armoede. Voor ons
lijken deze praktijken misschien vreemd. En inderdaad, het idee van boete en
versterving zijn uitgestorven in het Westen. Toch hebben zon
soberheidsmaatregels en zelfbeheersing altijd deel uitgemaakt van het
Christelijk leven, en zelfs gemeengoed onder de vele religieuze orden in de
geschiedenis tot midden de 20ste eeuw.
H. Alfonsus van Liguori: "Vandaar dat de H. Paulus
uitriep, dat hij geen ander genoegen of glorie wilde dan het Kruis van de
Verlosser. Opnieuw zegt hij, dat de kruisiging van het vlees de test is waarbij
de ware minnaars van Jezus Christus gekend zijn. Als het vermaak van het
lichaam door sensuele pleziertjes het enige en voortdurende is van de wereldsen,
dan is de voortdurende versterving van het vlees door de heiligen, het enige
voorwerp van hun zorg en hun verlangen. Wereldsen zoeken sensuele bevrediging,
maar de volgelingen van Christus zulen enkel lichamelijke versobering.
H. Johannes Maria Vianney: "Oh, hoe bitter zullen we
spijt hebben in het uur van de dood over de tijd dat we pleziertjes hebben
gehad, tijd dat we onnuttige gesprekken hebben gevoerd, gerust hebben, in plaats
van de tijd te hebben gebruikt voor versterving, gebed, goede werken, na te
denken over onze zonden, nadenken over onze onwaardigheid. Dan zullen we zien
dat we niets hebben gedaan voor de Hemel. Oh, mijn kinderen, hoe triestig is dit! Drie
vierde van degenen die Christen zijn werken voor niets dan het bevredigen van
hun lichaam, terwijl het spoedig begraven zal zijn en aangetast. Ze besteden
geen minuut aan hun arme ziel, die gelukkig of miserabel zal zijn in
eeuwigheid."
Waarom?
Wat is het doel?
In het kort, het doel van het ascetisch leven is liefde,
namelijk: het stelt de liefde in staat om te volgroeien in het menselijk
lichaam. Waarom? In een
poging om beknopt te zijn:
De oproep van het Christelijk leven is liefde. Dit is het
grootste gebod. Liefhebben betekent een totale zelfgave aan een ander, om zich
volledig weg te geven (het goede voor de andere willen). Maar men kan niet
geven wat men niet bezit. Daarom is het noodzakelijk om eerst zichzelf te
bezitten, om zich volledig te kunnen weggeven. Daarom is zelfbeheersing
noodzakelijk. En zelfbeheersing komt enkel door de manier van een ascetische
levensstijl. Dit betekent de ongebreidelde verlangens van het vlees beteugelen
door zelfverloochening, boete en versterving. Daarom is het beoefenen van een
ascetische levensstijl noodzakelijk om lief te hebben, om een Christen te zijn.
Zoals de H. Alfonsus van Liguori zei: Boete en versterving
zijn noodzakelijk om de ongebreidelde neigingen van eigenliefde te beteugelen.
Inderdaad, eigenliefde is het tegengestelde van authentieke liefde (eigenliefde
is op het zelf gericht, terwijl authentieke liefde op anderen gericht is). Het
is vanuit dit perspectief dat we moeten beginnen. Want zoals de heilige zegt: Eigenliefde
is de meest bedrieglijke van alle vijanden. Hij spreekt hier van de wereld,
het vlees en de duivel, onze drie voornaamste vijanden in dit leven. Zoals hij
opmerkt: Het vlees is de meest gevreesde van de drie, omdat het deze vijand is
die zorgt dat de andere twee vrij spel hebben (het komt van binnenin, van de
wil van de mens). "Een huiselijke vijand, zegt de H. Bernardus, is de ergste
vijand. De H. Johannes van het Kruis heeft het over hetzelfde: De wereld is
de minst moeilijke om te overwinnen; de duivel is de lastigste om te begrijpen;
maar het vlees is de meest hardnekkige, en deze valt aan zolang het oude zelf
leeft.
Dit betekent echter niet dat het lichaam op zichzelf slecht
is. De mens werd geschapen naar het beeld en gelijkenis van God, en is daarom
inherent goed van natuur, hoewel het in zich de kiem van het kwaad bevat
(erfzonde, zinnelijkheid), die hem tot het kwaad neigt. Het is deze neiging tot
eigenliefde dat elke Christen geroepen is om te bestrijden in dit leven. Elke
Christen is daarom geroepen om een ascetische levensstijl in praktijk te
brengen, zoals we hebben gezegd, tot zelfbeheersing opdat liefde zou kunnen
bestaan (om een zelfgave te realiseren). Het is tot dit doel dat we dit
onderwerp van boete en versterving bespreken, niet tot de morbide vernietiging
van het lichaam, maar in de verheffing van het lichaam en de persoon tot zijn
ultieme doel: GOD. En God is Liefde zelf.
Zoals Johannes Paulus II zegt: De noodzaak voor
zelfbeheersing en reglementen moeten niet als negatief aanzien worden, als een
lange NEE, maar als een JA! waarvan bepaalde NEEs het gevolg zijn. Zo ook: Een
professionele atleet houdt zijn lichaam onder controle met straffende NEEs om
het JA te bereiken van een eerste plaats. Hij stelt zijn hele leven in dit teken. Toch worden
degenen op het religieuze vlak degenen
die hun lichaam disciplineren voor een oneindig groter goed aanzien als
gestoord).
Johannes Paulus II
H. Alfonsus de Liguori: "Om de ziel en het lichaam te
bevrijden van smet, moet iemand ook het vlees kastijden door te vasten, door
onthouding, door discipline en andere boetewerken. En als men niet de
gezondheid of de kracht daartoe heeft om zon verstervingen te doen, moet men opgeruimd
zijn lijden en pijn verdragen en het opdragen als offer.
H. Teresa van de Andes: De religieuzen moeten Calvarie
bestijgen. Daar zal ze zichzelf opofferen voor zielen. Liefde zal haar
kruisigen; ze sterft aan zichzelf en aan de wereld. Ze wordt begraven, en haar
graf is het Hart van Jezus; en vandaar verrijst ze, en is tot een nieuw leven
herboren en leeft ze spiritueel verenigd met de hele wereld."
H. Teresa van Avila: Jullie zijn de religie binnengegaan
niet om zich goed te voelen in het vlees maar om te sterven voor Jezus Christus.
Als we niet besluiten om het gebrek aan gezondheid te negeren, hebben we niets
gedaan. Wat kan de dood ons doen? Hoe dikwijls hebben onze lichamen ons
gehinderd? Zullen we ze niet versterven op onze beurt?"
H. Alfonsus van Liguori: De H. Johannes zag al de heiligen
met palmen in hun handen. Uit deze tekst leren we dat al de uitverkorenen
moeten martelaren zijn, of door het zwaard van de tiran of door de vrijwillige
kruisiging van het vlees."
Zalige Maria van Agreda: "(Maria:) Je wilt de
onwetendheid en dwaling van stervelingen begrijpen en hoe ver ze afdwalen van
de weg van licht. Maar bijna allen streven ernaar om arbeid en lijden te
vermijden en ze zijn bang de uitstekende en zekere weg van versterving en het
Kruis aan te nemen. Vol van deze bedrieglijke onwetendheid, gruwelen ze niet
alleen van de gelijkenis met Christus lijden en de mijne, maar ze ontzeggen
zich van de ware en hoogste zegening van dit leven. Ze maken hun genezing
onmogelijk, omdat ze allen zwak en gekweld zijn door de vele zonden, waarvoor
de enige remedie lijden is."
H. Jose Maria Escriva: Om zijn zuiverheid te beschermen,
rolde de H. Franciscus zich in de sneeuw, de H. Benedictus gooide zich in een
doornstruik, de H. Bernardus sprong in een vijver met ijs. Jij, wat heb jij gedaan? [
]
Als je beseft dat je lichaam je vijand is, en een vijand van Gods glorie omdat
het een vijand is van je heiliging, waarom behandel je het dan zo zacht?"
"Boete, boete, boete!" Dit waren de woorden van
de engel te Fatima, die de wereld opnieuw opriep tot boetedoening. Inderdaad,
de oproep tot boete en bekering is de voortdurende oproep van de verschijningen
van Maria in de geschiedenis, maar vooral in deze laatste honderd jaar, waar we
meer verschijningen gezien hebben dan in enige andere eeuw in de geschiedenis. OLVrouw
smeekte ons: "Offer jezelf voor zondaars, en zeg vele keren, vooral
wanneer je een offer doet: O Jezus, het is uit liefde voor U, voor de bekering van zondaars en
als verzoening voor de zonden die gepleegd zijn tegen het Onbevlekte Hart van
Maria. Zo zien we dat boete en versterving niet alleen een heiligend
effect op een individu hebben, maar ook op geheel de Kerk. Hoe meer het leven
van een persoon gevormd is naar het leven van onze VerlosserWiens grootste
werk het grootste offer met zich meebracht- hoe meer hij zal willen bijdragen
voor hetgeen wat ontbreekt in het lichaam van Christus, zoals de H. Paulus ons vertelt.
Onze Heer zegt hierover tegen de H. Faustina: "Je zult meer zielen redden
door gebed en lijden dan een missionaris door zijn leer en preken alleen."
Het
grootste belang van innerlijke versterving
Hoewel de dramatische natuur van lichamelijke boetedoening,
zoals haren kledij en cilices, veel aandacht trekt, bieden de heiligen ons een waarschuwend
woord vooral aan beginners die misschien meer worden gelokt door zintuiglijke
boetedoening. Terwijl uiterlijke boetedoening een belangrijk compliment kan
zijn voor iemands spirituele vooruitgang, komen ze op de tweede plaats na de
innerlijke verstervingen, waar we onze wil, onze gehechtheden, onze voorkeuren,
onze begeerten, ons ego, onze verlangens naar comfort ontzeggen. Deze
innerlijke verstervingen worden door de heiligen beschouwd als het meest
verdienstelijk, omdat ze direct de wortel van de eigen wil en de eigenliefde
uitroeien.
Een ketting dragen of blootsvoets lopen op een rotsachtige
grond kan helpen om de passies van het vlees te stillen, maar als een persoon
vervuld is van hoogmoed en verwaandheid zullen dergelijke praktijken enkel
bijdragen om deze ondeugd te vermeerderen. Hij denkt dan van zichzelf dat hij
vroom is door zon prestatie (en het wordt niets meer dan een prestatie).
Liefde en nederigheid moeten aanwezig zijn, evenals gehoorzaamheid en
volgzaamheid aan de Goddelijke Wil. Uiterlijke verstervingen zouden
uiteindelijk moeten leiden naar innerlijke versterving. Teresa van Avila zei
dat innerlijke verstervingen het middel zijn waardoor elke andere soort
versterving veel verdienstelijker en perfect wordt.
H. Faustina: De grootste werken zijn waardeloos in Mijn
ogen als ze gedaan worden uit eigenwil, en dikwijls zijn ze niet in
overeenstemming met Mijn wil en verdienen ze eerder straf dan beloning. En aan
de andere kan, zijn zelfs de kleinste van je daden, gedaan met de biechtvaders
toelating aangenaam in Mijn ogen en zeer kostbaar voor Mij.
In feite hebben de heiligen waarschuwende woorden voor
degenen die lichamelijke boetedoening doen zonder hun eigenwil en gehechtheden uit
te roeien. Het spreekt vanzelf dat
velen in het religieuze leven het slachtoffer zijn van deze bekoring.
H. Johannes van het Kruis: De onwetendheid van sommigen is
extreem bedroevend; ze belasten zich met buitengewone boetedoening en vele
andere oefeningen, en denken dat deze volstaan om verenigd te zijn met de
goddelijke Wijsheid. Maar dergelijke praktijken zijn onvoldoende als deze
zielen niet ijverig streven om hun begeerten te bestrijden. Als ze zouden
proberen om maar half deze energie te steken om aan hun verlangens te verzaken,
zouden ze in een maand meer vooruitgang boeken, dan in jaren met al deze andere
oefeningen. Ik durf zeggen dat zonder deze versterving, al wat gedaan is om
vooruitgang te boeken in perfectie en kennis van God en zichzelf, niet meer
opbrengt dan zaad dat gezaaid werd op onbewerkte grond. Dat brengt alleen onkruid voort. Tenzij de begeerte in
een ziel wordt uitgewist, zal de ziel altijd in duisternis blijven.
Johannes van het Kruis
H. Alfonsus de Liguori:
Er zijn sommige religieuzen die een groot aantal oefeningen van devotie
uitvoeren, die veelvuldig te Communie gaan, lange meditaties doen, vasten en
andere lichamelijke versterving doen, maar geen inspanning doen om bepaalde
kleine hartstochten te overwinnen. Bijvoorbeeld: bepaalde wrevel,
afkeer, nieuwsgierigheid, en bepaalde gevaarlijke hartstochten overwinnen. Ze zullen
zich niet onderwerpen aan enige tegenspraak; ze zullen zich blijven hechten aan
bepaalde personen en ze zullen hun wil niet onderwerpen aan de bevelen van hun
Oversten of aan Gods wil.
Welke vooruitgang kunnen ze maken in perfectie? Ongelukkige
zielen! Ze zullen voor altijd onvolmaakt zijn. Zelfs werken van piëteit moeten
altijd ondernomen worden met een geest van onthechting, zodat wanneer onze
inspanningen niet slagen we niet ontmoedigd zijn en wanneer onze oefeningen van
devotie worden verboden door de Overste we met een blij gemoed de oefeningen
opgeven. Alle soort gehechtheden hinderen een perfecte vereniging met God. We
moeten ons daarom ernstig en vastberaden voornemen om aan onze hartstochten te
versterven, en ons niet eraan onderwerpen als hun slaven.
Strategische planning
Daarom moet een ziel nadenken vooraleer een nieuwe
boetedoening uit te voeren. Het is goed eerst te overwegen of de boetedoening
zal dienen om zijn ongeregeldheden tot zwijgen te brengen, of dat ze erdoor
worden aangewakkerd. Bijvoorbeeld: als een ziel hoogmoedig is, is het goed te
zoeken voor die verstervingen die tegengesteld zijn aan deze ondeugd. Zoals
vernedering zoeken, zwijgen wanneer men beschuldigd wordt, nooit spreken over
zichzelf, en het verborgen houden van verstervingen. Zoals de H. Johannes zegt,
moeten we onze inspanningen concentreren op onze zwakste karaktertrekken, want
door bevrijd te zijn van deze slavernij, zullen we in staat zijn om vlug
vooruitgang te maken in liefde. (Hier geldt weer het principe: men kan niet
geven wat men niet bezit. Je moet eerst jezelf bezitten, om je te kunnen
weggeven.) We moeten vooral de bijl leggen aan de dode wortels van eigenliefde,
dat zich kunnen manifesteren in de kleinste dingen, of het nu gehechtheid is
aan materiële zaken (kledij, GSM, eten
) of grotere innerlijke gehechtheden
zoals de nood aan bevestiging, lofbetuigingen, eigen mening, verlangen naar
comfort, vriendschappen
). De H. Johannes klaagt over hoe weinig mensen vooruitgang
boeken in hun strijd tegen het zevenkoppig beest van de Apocalyps: "Het is
zeer spijtig dat velen die de strijd aangaan tegen het beest, zelfs niet in
staat zijn de eerste kop te verpletteren door het verzaken aan de tastbare
zaken van de wereld."
H. Faustina: Mijn dochter, je geeft Mij het meeste glorie
door geduldig je te onderwerpen aan Mijn wil, en je wint voor jezelf een
grotere verdienste dan dat door vasten of versterving ooit door je verkregen
wordt. Weet, Mijn dochter, dat als je je wil onderwerpt aan de Mijne, je Mijn
bijzonder genoegen aantrekt. Dit
offer behaagt Mij en is vol zoetheid. Ik schep er welbehagen in; er zit kracht
in.
|