|
Leer
van de Antichrist
Hoofdstuk
9 : Judaïsme, de Torah, Tenach en Bijbelcode : deel 2
Lag Baomer
(14 mei 2017)
18 Ijar. Lag Ba'omer valt ieder
jaar op 18 Ijar (meestal in mei), dat samenvalt met dag 33 van de omertelling.
De tijd tussen Pesach tot Sjavoeot is een rouwperiode in het jodendom: de
omertijd. Gedurende 33 dagen van de omertijd wordt niet getrouwd, worden geen
feesten gegeven en gaat men niet naar de kapper. In deze periode zijn door de
eeuwen heen veel joden slachtoffer geworden van vervolgingen. Ook zijn er
tijden geweest waarin er met name ellende is ontstaan door onderlinge
verdeeldheid van de joden.
Lag Ba'omer markeert het einde van een plaag die aan de leerlingen van rabbi
Akiwa het leven kostte. Dat was de dag waarop er een einde kwam aan de
geheimzinnige massale sterfte in de tweede eeuw van de gangbare jaartelling.
Deze rabbi was vermaard om zijn geleerdheid ten aanzien van de Mishna.
Tevens is het de overlijdensdag van Rabbi Shimon bar Yochai, de schrijver van
het kabbalistische boek Zohar. Hij wilde dat zijn overlijdensdag als feestdag
gevierd zou worden. Vele duizenden met name chassidische joden bezoeken op deze
dag zijn tombe in Miron, nabij Safed in het noorden van Israël. Er zijn niet
veel gebruiken aan de dag verbonden. In Israël worden vaak vuren gestookt en is
het een dag waarop (weer) veel huwelijken gesloten worden.
Jom Jeroesjalajiem (Jeruzalemdag) (24 mei 2017)
28 Ijar. Meeste recente Joodse
feestdag. Herdenking van de inname van de oude stad Jeruzalem (7 juni 1967).
Jaarlijks op de 28-ste dag van de maand Ijar. Valt 28 Ijar op vrijdag of
sjabbat dan wordt de viering verplaatst naar de daaraan voorafgaande donderdag.
Nadat Israël in 1948 onafhankelijk was geworden, werd de jonge staat
aangevallen door omringende landen. Jordanië veroverde het oostelijk deel van
Jeruzalem dat het tot 1967 bezette. Pas in juni 1967 in de Zesdaagse oorlog
verkreeg Israël de zeggenschap over de Oude Stad van Jeruzalem, de Werstelijke
Tempelmuur en de Tempelberg (waarvan het het beheer liet aan de Islamitische
Waqf). Sindsdien wordt op 28 Ijar de hereniging van Jeruzalem 'Jom (Ichoed)
Jeroesjalajiem' gevierd.
Sjavoeot (Wekenfeest) (31 mei tot en met 1 juni 2017)
Sjavoeot (Wekenfeest) begint officieel
de voorgaande avond bij zonsondergang, dus op zaterdagavond 19 mei 2018.
6 en 7 Sivan. Het feest Sjavoeot wordt vijftig dagen (oftewel zeven
weken) na Pesach gevierd. Sjavoeot is de Hebreeuwse naam voor Wekenfeest.
Precies zeven weken na Pesach - de uittocht uit Egypte - verzamelden de joden
zich aan de voet van de berg Sinai, waar God hen de Tien Geboden gaf.
In de joodse opvatting zijn de Tien geboden symbolisch voor de gehele Thora,
vandaar dat het feest ook 'Matan Torah' (De gift van de Thora) genoemd wordt.
Tijdens Sjavoeot staat leren centraal.
De traditie vertelt dat de Joden zich hadden verslapen op de ochtend dat zij de
Wetten en Geboden ontvingen.. Om dit te compenseren waken zij tegenwoordig
tijdens de hele eerste nacht van Sjavoeot. Zij leren tot 's ochtends vroeg uit
de Thora en de vele commentaren. Sjavoeot luidt voor sommige Joden ook het
begin van de Joodse opvoeding van hun kinderen in.
In de met bloemen versierde synagoge wordt het boek Ruth gelezen, om het
karakter van oogstfeest, wat Sjavoeot van oudsher ook heeft, te benadrukken.
Dit verhaal vindt heel toepasselijk plaats tegen de achtergrond van de oogst.
Een niet-joodse vrouw aanvaardt het jodendom. Als climax blijkt Ruth een
voorouder van David, de koning uit wiens nageslacht de messias geboren zal
worden. Ruth en Sjavoeot lijken daarmee te willen zeggen dat niet geboorte en
afstamming, maar trouw aan de Tora tellen. Openbaring als doel van de schepping
is de voorwaarde voor uiteindelijke verlossing. Sjavoeot speelt bijgevolg ook
een rol bij de joodse opvoeding van kinderen.
Net als Pesach is Sjavoeot van oorsprong een oogstfeest. Het markeert het einde
van de gerstoogst die met Pesach is begonnen. Tegelijk staat het voor het begin
van de oogst van de tarwe: tarwe was hét voedsel van de mensen in die tijd. Op
die dubbele wijze is het feest het hoogtepunt van de zomeroogst.
Zoals meestal bij oogstfeesten staat daarin de gewoonte centraal van het
aanbieden en/of offeren van de eerste en beste rijpe landbouwproducten van dat
jaar oftewel 'de eerstelingen van het land' in de tempel. Daarvoor verzamelden
de joden uit de dorpen van het platteland zich op centrale plaatsen om vandaar
samen op te trekken naar Jeruzalem. Naast Wekenfeest wordt Sjavoeot daarom ook
wel het Feest van (het aanbieden van) de Eerstelingen genoemd.
Daarnaast is Sjavoeot vooral een openbaringsfeest: men herdenkt hoe Mozes op de
vijftigste dag na de uittocht uit Egypte op de berg Sinaï de Wetten en
de Tien Geboden ontving.
Synagogen en huizen worden op Sjavoeot versierd met bloemen, fruit en groen,
als symbool voor de hellingen van de berg Sinaï die tijdens de wetgeving met
bloemen, vruchten en planten waren bedekt.
Na het versieren wordt er in de synagoge een speciale dienst gehouden waarin de
Tien Geboden voorgelezen worden. Ook wordt voorgedragen uit het boek Ruth,
vanwege de zomeroogst die het beschrijft. Thuis nuttigt men op Sjavoeot voornamelijk
melkgerechten. Deze gerechten symboliseren de Thora, die wegens zijn
voedende kracht vergeleken wordt met melk. Ook is het gebruikelijk om zgn.
'blintzes' (speciale kaaspannenkoeken) te eten (zie recept hieronder).
De Tien Geboden
In de joodse traditie wordt niet gesproken van geboden, maar van woorden: de
Hebreeuwse aanduiding 'aseret ha-dibrot betekent "de tien
woorden".
Men hanteert de volgende indeling:
1.
Ik ben de eeuwige, uw god die u uit het
land Egypte, uit het diensthuis, geleid heeft.
2.
Gij zult geen andere goden voor mijn
aangezicht hebben.
3.
Gij zult de naam van de eeuwige uw god,
niet ijdel gebruiken.
4.
Gedenk de Sjabbat, dat gij die heiligt.
5.
Eert uw vader en uw moeder.
6.
Gij zult niet doodslaan.
7.
Gij zult niet echtbreken.
8.
Gij zult niet stelen.
9.
Gij zult geen valse getuigenis spreken
tegen uw naaste.
10.
Gij zult niets begeren dat van uw naaste
is.
Men verdeelt de woorden soms als 1 + 3 +
3 + 3: één afgezonderd (heilig) woord, drie met betrekking tot de relatie
tussen mens en God, drie met betrekking tot de verhouding tot de naaste en drie
met betrekking tot het innerlijk van de mens.
Vasten 17 Tammoez (Shiva Asar bTammuz)
(11 juli 2017)
17 Tammoez. Een Joodse vastendag op
de 17de dag van de vierde maand (meestal in juli). Op deze dag wordt herdacht
dat de muren van de stad Jeruzalem werden doorbroken tijdens de belegering door
Nebuchadnezzar, wat uiteindelijk leidde tot de verwoesting van de Eerste Joodse
Tempel (in 587 v. Chr. door de Babyloniërs).
Tisja bAv (Treurdag om Jeruzalem) (1 aug 2017)
9 Av. Tisja Beav is de traditionele rouwdag van het jodendom. Een treurdag
ter gelegenheid van de verwoesting van de tempel. Men herdenkt met Tisja Beav
de verwoesting van zowel de Eerste als de Tweede Tempel, respectievelijk in 568
v. Chr. en 70 n. Chr.
Het is een dag van vasten en het zingen van klaagliederen. De synagoge is op
deze dag slechts zwak verlicht. Ook: Tisha Beav, Tisja Be'av of Tisha b'Av.
Dit is niet bepaald een feestdag. Op deze dag staan de Joden stil bij de verwoesting
van de tempel door de Romeinen in het jaar 70 na Chr. en nog een aantal andere
rampen die rond deze tijd van het jaar in het verleden plaatsvonden.
Het is een dag van rouw, waarop joden vasten en in de synagoge de Thora-rollen
omhullen met zwart doek, het licht is uit, de meesten zitten op de grond of op
lage bankjes en alleen de 'ner tamied' (een soort Godslamp) brandt.
De tempel betekent veel voor de joden,
het enige wat er nog van rest is de klaagmuur. Op deze dag worden vooral de klaagliederen
gelezen.
Maar aan het einde van de vastentijd, 's middags worden de Joden eraan
herinnerd dat in deze tijd van het jaar, de Negende Av ook de Messias zal
komen.
Op de negende dag van de maand Av op de Joodse kalender wordt getreurd om de
verwoesting van de Tweede Tempel. Maar het is niet de enige ramp die het Joodse
volk in haar lange geschiedenis juist op deze datum trof.
Op Tisja Beav gebeurden er vijf nationale rampen:
* In de tijd van Mosje Rabbeinoe (leraar Mozes), accepteerden de Joden in de
woestijn de schandalige lasterpraat van de twaalf spionnen, en het vonnis werd
over hen geveld dat hen verbood het Land Israël binnen te gaan (in het jaar
1312 v. Chr.).
* De Eerste Tempel werd verwoest door de Babyloniërs, onder leiding van Nebukadnezar.
Honderdduizend Joden werden afgeslacht en miljoenen in ballingschap
gedeporteerd (586 v. Chr.).
* De Tweede Tempel werd verwoest door de Romeinen, onder leiding van Titus.
Ongeveer twee miljoen Joden kwamen daarbij om en nog ongeveer een miljoen
werden verbannen (70 na Chr.). "De Romeinen die vorige week reeds de stad
zijn binnengedrongen hebben nu ook de tempel veroverd en steken die nu in
brand. De Joden hebben zich heldhaftig verweerd tegen de heidense aanvallers,
maar helaas, onze zonden waren te groot en Hasjem heeft ons tot deze
verschrikkelijk straf veroordeeld."
* De Bar Kochba opstand werd neergeslagen door de Romeinse Keizer Hadrianus. De
stad Betar - de laatste vesting waar de Joden hadden standgehouden - werd
veroverd en verwoest. Meer dan 100.000 Joden werden afgeslacht (135 na Chr.).
* Het Tempelplein en zijn omgeving werden omgeploegd door de Romeinse generaal
Turnus Rufus. Jeruzalem werd herbouwd als een heidense stad - het kreeg een
nieuwe naam: Aelia Capitolina - en de toegang daartoe was de Joden verboden.
Er gebeurden nog vele andere ongelukken en rampen in de Joodse
geschiedenis op de Negende Av, waaronder:
* Paus Urbanus II riep op tot de eerste kruistocht. Daarbij werden
tienduizenden Joden gedood en vele Joodse gemeenschappen vernietigd.
* De Spaanse Inquisitie bereikte zijn hoogtepunt met de verdrijving van de
Joden uit Spanje op Tisja Beav 1492.
* De Eerste Wereldoorlog brak uit op Tisja Beav in 1914, toen Rusland
aan Duitsland de oorlog verklaarde. De Duitse rancune over deze oorlog kan mede
gezien worden als de aanleiding voor de Holocaust.
* Op Tisja Beav begon de deportatie van de Joden uit het Getto van
Warschau.
Tisja b'Av is de rouwdag van het jodendom waarop primair de vernietiging van de
Tempel wordt herdacht. Daarnaast zijn er nog drie andere vastendagen ingesteld
m.b.t. die gebeurtenis: 10 Tevet (Asara bTevet), 17 Tammoez (Shiva Asar bTammuz)
en 3 Tisjri (Tzom Gedaliah).
Tu bAv (Joodse Valentijnsdag) (7 aug 2017)
15 Av. Een romantische Joodse
feestdag, jaarlijks op de 15-e dag van de Joodse maand Av, die gevierd wordt
als een soort Valentijnsdag. Tu b'Av wordt beschouwd als een goede dag om te
trouwen, een aanzoek te doen of geloftes te vernieuwen. Tu b'Av is een vrolijke
feestdag die oorspronkelijk het begin van de druivenoogst markeerde (met Jom
Kipoer als het einde van de druivenoogst). Op beide dagen droegen de ongehuwde
meisjes van Jeruzalem witte kleren en dansten ze in de wijngaarden.
Rosj Hasjana
(Joods Nieuwjaar) (21-22 sept 2017)
Het begin van het Joodse jaar 5778. Rosj
Hasjana (Joods Nieuwjaar) begint officieel de voorgaande avond bij zonsondergang,
dus op woensdagavond 20 september 2017.
1 en 2 Tisjri. De eerste twee dagen van de joodse maand Tisjrie, de
zevende maand van de joodse kalender, is het Rosj Hasjana, het Joods Nieuwjaar.
Ook wel: 'Hoofd van het Jaar', Jom Teroe'a, de dag van het Bazuingeschal.
Dertig dagen lang, in de Hebreeuwse maand Eloel, bereiden Joodse mensen zich
voor op de komende feestdagen. Iedere morgen denken zij in hun gebeden na over
hun gedrag van het afgelopen jaar. Zij denken na over het kwaad dat zij hun
vrienden of kennissen misschien hebben aangedaan. Zij vragen vergeving aan
ieder die zij misschien hebben gekwetst en als zij wellicht onbewust iemand
hebben gekwetst, vragen zij voor alle zekerheid vergeving aan ieder die zij
kennen. Zij sturen kaarten met goede wensen rond:
Dat je opgeschreven mag staan voor een goed jaar.
Iedere ochtend van deze bijzondere maand horen zij het geschal van de sjofar,
de ramshoorn. Dan worden zij eraan herinnerd dat het een bijzondere tijd is en
dat een heilige periode op het punt staat aan te breken.
Als Eloel voorbij is begint de maand Tisjrie. De eerste tien dagen van Tisjrie
staan bekend als Hoogheilige Dagen. Dit zijn de belangrijkste dagen van het
hele Joodse jaar. De eerste twee dagen is het Rosj Hasjana, het Joodse
Nieuwjaar. De laatste dag is het Jom Kippoer. De dagen ertussenin worden dagen
van bekering genoemd.
Rosj Hasjana valt in de herfst, gewoonlijk in september of oktober. Het opent
een gloednieuw kalenderjaar voor Joodse mensen. Maar Rosj Hasjana is niet
alleen het Joodse Nieuwjaar, het is ook wat Joodse mensen Jom Hadin
noemen, de Oordeelsdag.
Volgens de Joodse overlevering bestaat er in de hemel een symbolisch boek,
waarin alle daden van de mens staan geschreven. Aan de ene kant staan zijn
goede daden en aan de andere kant zijn slechte. Joodse mensen geloven dat God
op Rosj Hasjana in dit Symbolische boek kijkt en het gedrag van iedereen
afzonderlijk in het afgelopen jaar bestudeert. Is hij een goed mens geweest?
Heeft hij geprobeerd behulpzaam te zijn? Heeft hij iemand gekwetst, zonder dat
hij het wist? God bestudeert alle daden van de mens. De volle tien Hoogheilige
Dagen blijft het hemelse boek geopend. Als de zon ondergaat op Jom Kippoer
tekent God het op of Hij schrijft in wat ieders lot in het komende jaar zal
zijn.
Omdat het lot van de mens met bezegeld is vooraleer Jom Kippoer ten einde
loopt, proberen Joodse mensen vanaf Rosj Hasjana betere mensen te worden. Zij
proberen tot inkeer te komen, dat wil zeggen, zij trachten zich alles te
herinneren wat zij in hun leven verkeerd hebben gedaan, om dan hun leven te
kunnen beteren. Door hun berouw hopen zij ingeschreven te worden voor een beter
leven.
Het is een heel ernstige en een heel heilige tijd. Omdat Rosj Hasjana zo'n
heilige tijd is, brengen Joodse mensen vele uren biddend in de synagoge door.
Veel Joden dragen eenvoudige witte kleren om zichzelf te herinneren aan de
heiligheid en de zuiverheid van de tijd. De gebeden die zij zeggen uit een
speciaal Rosj Hasjana gebedenboek, zijn oud en mooi en als gedichten
geschreven. Soms worden ze als liederen gezongen. Dezelfde sjofar die in de
maand Eloel iedere morgen éénmaal werd geblazen, klinkt meer dan honderd keer
op de dagen van Rosj Hasjana. Scherp en trillend klinken de lange en de korte
stoten. Zij versterken de heilige gevoelens van die tijd.
Op Rosj Hasjana lezen Joodse mensen dat deel van de Bijbel dat over het offer
van Isaäc gaat. Het vertelt hoe God aan Abraham het bevel gaf zijn zoon Isaäc
te nemen, zijn enige zoon die hij zo diep liefhad, om hem aan God te offeren.
Abraham had een groot geloof in God en trof voorbereidingen om te voldoen aan
Zijn bevel. Hij nam de jongen en bracht hem naar een verafgelegen plaats en hij
bouwde het altaar zoals God bevolen had. Toen hij het mes ophief, hoorde
Abraham Gods stem die hem zei zijn zoon geen kwaad te doen. Hij moest in zijn
plaats een dier offeren.
Toen Abraham om zich heen keek, bemerkte hij een ram die met zijn horens
vastzat in het struikgewas. Deze ram zou Abrahams offer zijn aan God. Tot op de
dag van vandaag herinneren Joodse mensen zich Abrahams grote geloof in Gods
eigen wegen als zij de sjofar, de ramshoorn, horen.
Op Rosj Hasjana zijn er allerlei interessante gebruiken. Het speciale
feestbrood, de challa, dat gewoonlijk de vorm van een vlecht heeft, wordt ter
ere van deze feestdag rond gebakken, zoals het huisje van een slak. Dat
herinnert de mensen eraan dat het jaar een kringloop is.
Een ander gebruik is het eten van zoetigheid, zoals stukjes appel of challa
gedoopt in honing. Dat is het symbool van een zacht jaar. Een ander gebruik is
het eten van vers fruit van het seizoen na er een gebed over uitgesproken te
hebben. In de namiddag van de eerste dag van Rosj Hasjana wandelen sommige
Joden bij voorkeur langs een stromend water en zeggen dan een speciaal gebed,
Tasjlich geheten. Als zij hun gebed beëindigd hebben, werpen zij broodkruimels
in het water, opdat hun slechte daden net als de kruimels zullen wegdrijven.
Vasten 3 Tisjri (Tzom Gedaliah) (24 sep 2017)
3 Tisjri. De 'Vastendag van
Gedalia' is een Joodse gedenkdag waarop vanaf zonsopkomst tot zonsondergang
wordt gevast om de moord op Gedalia, de gouverneur van Juda, te betreuren. Zijn
dood betekende het einde van de Joodse autonomie en werd voorafgegaan door de
verwoesting van de Eerste Joodse Tempel (in 587 v. Chr. door de Babyloniërs).
Tisja bAv is de rouwdag van het jodendom waarop primair de vernietiging van de
Tempel wordt herdacht. Daarnaast zijn er nog drie andere vastendagen ingesteld:
10 Tevet (Asara bTevet, 17 Tammoez (Shiva Asar bTammuz) en 3 Tisjri. Als Rosj
Hasjana op donderdag en vrijdag valt, wordt het vasten uitgesteld tot zondag (4
Tisjri), aangezien er niet gevast mag worden op zaterdag (behalve met Jom
Kipoer).
Kol Nidrei (Alle Geloften) (29 sep 2017)
9 Tisjri. Kol Nidrei betekent 'alle
geloften'. Dit zijn de beginwoorden van het aanvangsgebed dat op de vooravond
van Jom Kippoer driemaal wordt gereciteerd.
Voorbereiding op Jom Kipoer (Grote Verzoendag). Kol Nidrei is het joodse gebed
dat negen dagen na het Joods nieuwjaar, op de tiende van de joodse maand
'Tisjri' en wel op de avond van Jom Kipoer driemaal wordt opgezegd. In dit
gebed verklaart men dat alle onbezonnen beloften die men het komende jaar tot
de nieuwe Jom Kipoer tegen zichzelf zal afleggen geen waarde zullen hebben.
Het gebed is nog voor de verwoesting van de Tempel ontstaan. Voordat de
Hogepriester het Heilige der Heiligen binnenging (één keer per jaar, op Jom
Kipoer) zong hij een lied over zijn zonden, over de zonden van de overige
priesters en over de zonden van heel Israël. Nadat hij in het Heilige der
Heiligen voor de zonden van het gehele volk had geofferd stuurde men een geit,
de zogeheten zondebok, de woestijn in om daar te sterven. Deze geit stond
symbool voor alle zonden van het volk.
Jom Kipoer (Grote Verzoendag) (30 sep 2017)
Jom Kipoer (Grote
Verzoendag) begint officieel de voorgaande avond bij zonsondergang, dus
op vrijdagavond 29 september 2017.
10 Tisjri. Jom Kipoer (voluit Jom ha-Kippoeriem = Dag van de
Vergevingen) is de heiligste dag van het joodse jaar en daarmee de
belangrijkste joodse feestdag. Op deze dag beslist God over het lot van de
mensen in het komende jaar. Men belijdt zijn eigen en gemeenschappelijke
zonden. Ook: Jom Kippoer.
Op Jom Kipoer is het verboden om te eten en te drinken, zich te wassen en
seksuele omgang te hebben. Ook mag de orthodoxe jood geen leren schoenen
dragen. Zo laat hij zien dat hij de heiligheid van de aarde respecteert.
De viering van Jom Kipoer is plechtig maar niet sober, want het nieuwe jaar
geeft kansen om alles beter te doen. Er wordt gedurende meer dan een etmaal
gevast, zowel wat eten als wat drinken betreft. Het is gebruikelijk op deze dag
naar de synagoge te gaan.
Jom Kipoer of Grote Verzoendag wordt als de belangrijkste feestdag beschouwd in
het jodendom. Het was de ene dag in het jaar, dat de hogepriester de
allerheiligste plaats in de tempel te Jeruzalem betrad. Het feest wordt
beschreven in Tenach en dus de Bijbel, in het boek Numeri (Bamidbar) 29:7.
De dag valt op de 10e van de maand Tisjri uit de joodse kalender. Doordat dit
een maankalender is, vallen joodse feestdagen zoals Jom Kipoer steeds op
verschillende data van de Gregoriaanse kalender. In de lijst hieronder staat
een aantal data aangegeven waarop Jom Kipoer valt. Het joodse etmaal en dus
iedere feest- en gedenkdag loopt van zonsondergang tot zonsondergang, dus heeft
de dag achtereenvolgens een avond, nacht, morgen, middag en namiddag. Men houdt
zich aan beperkingen zoals vasten en niet-werken van begin zonsondergang tot
einde zonsondergang - drie sterren in de hemel - op de volgende dag.
Op de avond van Jom Kipoer is het Kol Nidrei (Alle Geloften) waarop het Kol
Nidrei-gebed wordt uitgesproken. In het gebed wordt spijt betuigd over de verkeerde
daden die mensen in het voorgaande jaar hebben gedaan, de zonden ten aanzien
van de Schepper. Het Aramese Kol Nidrei betekent letterlijk 'alle eden': men
bezint zich ook over alle eden en beloftes waaraan men tekortgeschoten is, en
spreekt de wens uit in het gebed dat waar dit het geval is, dit tenietgedaan
mag worden. Dit betreft nooit geloften die tussen mensen gedaan zijn, zoals
zaken die contractueel zijn vastgelegd, enkel zaken tussen de mens en de
Schepper. Het besef en bekennen van het eigen falen staat tijdens Jom Kipoer
centraal.
In de Tenach staat beschreven, dat de hogepriester op deze dag een geitje
offerde, en dat het lot een geitje koos om (symbolisch) de zonden te dragen van
het volk, dat vervolgens de stad uit werd geleid en daar in de woestijn
vrijgelaten werd. Het begrip zondebok dat de Nederlandse taal kent, en 'scape
goat' in het Engels, is afkomstig van dit ritueel.
Diensten of onderdelen van de dienst op de dag zelf zijn de Sjachariet, de
Moesaf, de Mincha en de slotdienst, de Ne'ila. Onderdeel van de dienst is de
lezing van het boek Jona: de profeet Jona probeerde onder zijn verplichtingen
ten aanzien van God uit te komen, wat hem niet lukte.
Op Jom Kipoer wordt niet gewerkt. Verder wordt er gedurende meer dan een etmaal
gevast, zowel wat eten als wat drinken betreft, en sober geleefd, men onthoudt
zich ook van seksuele omgang. Het is gebruikelijk op de dag naar de synagoge te
gaan, waar een lange dienst wordt gehouden die een groot deel van de dag duurt.
Verder wordt veel witte kleding gedragen als symbool voor onschuld of
zuiverheid. Ergens aan het einde van de dag is er een dodenherdenking. Vaak
worden hierbij ook de slachtoffers van de sho'ah herdacht.
Aan het eind van de dienst in de synagoge bij zonsondergang, de Ne'ila, wordt
na het ne'ilagebed de lang aangehouden tekia op de sjofar geblazen. Hiermee
wordt het feest besloten, en een soort nieuw begin ingeluid.
Soekot (Loofhuttenfeest) (5 okt tot en met 11 okt 2017)
15 Tisjri. Soekot (Sukkot) of
Loofhuttenfeest is een joods feest dat zeven dagen duurt, en waarbij herdacht
wordt, dat de joden veertig jaren lang in hutten in de woestijn omzwierven.
Veel van de joodse gedenkdagen herinneren aan de gebeurtenissen die in het oude
testament staan (Het eerste deel van de christelijke bijbel). Met Soekot wordt
herdacht dat het joodse volk 40 jaar door de woestijn moest zwerven. Zij
leefden toen in hutten gemaakt van palmbladeren.
Het loofhuttenfeest is het begin van een 7 dagen durende periode, waarin bij
veel Joodse gezinnen in hun tuin of in hun woning een hut wordt nagebouwd.
Gedurende deze dagen wonen zij hierin, gebruiken er de maaltijden en luisteren
naar de verhalen over de tocht van de joden door de woestijn.
Het feest wordt beschreven in Tenach en dus de Bijbel, in het boek Leviticus
hoofdstuk 23 vanaf vers 33 t/m 44.
Het feest begint op de 15e van de maand Tisjri uit de joodse kalender. Doordat
dit een maankalender is, vallen feestdagen zoals soekot niet steeds op dezelfde
data van de Gregoriaanse kalender. De twee dagen die volgen op soekot zijn ook
feestdagen, namelijk Sjemini Atseret en Simchat Torah. Vaak rekenen mensen deze
dagen ook tot het soekotfeest.
Soekot is een vreugdevol feest. De periode in de woestijn lag tussen de
uittocht uit Egypte, die met pesach wordt gevierd, en de intocht in het
beloofde land.
Gebruiken tijdens soekot: de soeka
Op de twee eerste dagen van soekot wordt er niet gewerkt. Volgens het gebod
dient men in hutten te verblijven, hiervoor wordt vaak een hut (Hebreeuws:
soeka, meervoud: soekot) in de tuin gemaakt, en het eten van een maaltijd in
een dergelijke hut geldt al als vervulling van het gebod, hoewel het er meer
mee overeenkomt als men, indien mogelijk, erin overnacht, wat ook wel wordt
gedaan. Het dak van de hut moet van takken en gebladerte van bomen en andere
plantaardig materiaal zijn gemaakt, niet van ander materiaal, zoals kunststof.
Verder zijn er nog andere eisen die aan het opzetten van de hut worden gesteld.
Etrog en loelav
De hut wordt versierd met vruchten en groenten. Er wordt een bundeling gemaakt
van een palmtak (loelav) twee wilgentakken (arava) en drie mirretakken (hadas).
Deze gehele bundel wordt ook loelav genoemd. Hierbij wordt een citrusvrucht
(etrog) gevoegd. De loelav vormt een symbool voor vreugde.
Ook tijdens processies worden de etrog en loelav meegedragen. Het is een oude
gewoonte om speciaal op Toe Bisjwat te bidden voor een goede en mooie etrog.
Fragment Leviticus 23
"Op de vijftiende dag van de zevende maand begint ter ere van de HEER het
Loofhuttenfeest, dat zeven dagen duurt. De eerste dag moet je als heilige dag samen
vieren; je mag dan niet werken. Elk van de zeven dagen moeten jullie de HEER
een offergave aanbieden. De achtste dag moet je opnieuw als heilige dag samen
vieren, en ook dan moeten jullie een offergave aanbieden aan de HEER. Er zal
dan een feestelijke samenkomst zijn en er mag niet gewerkt worden. Neem dit in
acht: Op de vijftiende dag van de zevende maand, wanneer je de oogst van het
land hebt gehaald, begint het feest van de HEER, dat zeven dagen duurt. De
eerste dag en de achtste dag moeten voor jullie rustdagen zijn. De eerste dag
moeten jullie mooie vruchten plukken en takken afsnijden van dadelpalmen,
loofbomen en beekwilgen. Zeven dagen lang moeten jullie feestvieren ten
overstaan van de HEER, jullie God. Elk jaar moet dit feest ter ere van de HEER
zeven dagen lang gevierd worden. Dit voorschrift geldt voor altijd, generatie
na generatie. Vier dit feest in de zevende maand. Zeven dagen lang moeten
jullie in hutten wonen, elke geboren Israëliet moet in een loofhut wonen, om
jullie kinderen eraan te herinneren dat ik de Israëlieten in hutten liet wonen
toen ik hen uit Egypte wegleidde."
Sjemini Atseret (Slotfeest) (12 okt 2017)
22 Tisjri. Sh'mini Atzeret. Dit
feest sluit het Loofhuttenfeest (Soekot) af. Men bidt om regen in de hoop op
een vruchtbaar jaar. Letterlijk betekent het: 'de achtste dag van het
samenkomen'. Op zich is zeven dagen al genoeg, maar het is voor God moeilijk om
afscheid te nemen, daarom blijven de joden nog een dagje. De tijd die men
hiermee kreeg wordt van oudsher gebruikt om te bidden voor extra regen zodat
straks alles zal gaan groeien en bloeien.
Simchat Tora (Vreugde van de Wet) (13 okt 2017)
23 Tisjri. Simchat Thora is een
vrolijke viering waarbij gedankt wordt voor de Thora (de Wetten), de eerste
vijf boeken van de joodse bijbel. In de synagoge leest men eerst het laatste
hoofdstuk van de Thora en daarna gaat men meteen verder met het eerste
hoofdstuk. Dit geeft aan dat het lezen uit de Thora nooit stopt. Degene die het
laatste hoofdstuk leest, wordt Bruidegom van de Wet (Chatan Torah) genoemd en
degene die het eerste hoofdstuk leest, heet Bruidegom van het Begin, Chatan
Bereesjiet.
Tijdens de dienst worden ommegangen, hakafot, met de Thora-rollen gemaakt.
Met de Thora op de arm gaat men dan al dansend door de synagoge. Ook kinderen
doen hieraan mee. De allerkleinsten worden door hun vader op de schouders
gedragen.
De negende en laatste dag van Soekot is het Simchat Thora (ook: Simhat Torah).
Belijdende joodse mensen lezen elke week een flink stuk uit de Thora ('de wet',
deze bevat de eerste vijf boeken uit de bijbel). Op deze dag is de hele
Thora (neergeschreven op boekrollen) doorgelezen en doorgeleerd en begint men
in de synagoge weer opnieuw. Of beter gezegd: de Thora wordt verder
gelezen, want elke keer kom je weer nieuwe dingen tegen.
Dit gaat gepaard met een uitbundig feest waarbij de Thora, gehuld in een
feestelijk kleed en versierd met zilver en juwelen, dansend wordt rondgedragen
in de synagoge.
Alle kinderen (ook jonger dan 13) zijn dan welkom, zij zwaaien met vlaggetjes
en over hun hoofden worden (als onder een huwelijksbaldakijn) gebedsmantels
uitgestrekt. Na afloop worden bruidssuikertjes uitgedeeld.
Chanoeka (13 tot en met 20 dec 2017)
Chanoeka begint
officieel de voorgaande avond bij zonsondergang, dus op dinsdagavond 12
december 2017.
25 Kislev - 2 Tevet. Chanoeka is een joods feest, ook bekend als het
lichtfeest of toewijdingsfeest. De eerste dag van dit feest, erev chanoeka,
begint na de zonsondergang van de 24e dag van de joodse maand Kislev.
Het verhaal van Chanoeka staat opgetekend in de boeken 1 Maccabeeën en 2
Maccabeeën. Deze boeken maken niet deel uit van Tenach, maar zijn onderdeel van
de apocriefen.
Chanoeka was ingesteld door Judah Maccabeüs en zijn broers in het jaar 165
v.Chr; om jaarlijks met vreugde gevierd te worden ter herdenking van de
toewijding aan het altaar in de tempel van Jeruzalem. (1 Macc. iv. 59). Na
Jeruzalem en de tempel te hebben hersteld, gaf Judah het bevel de tempel te
reinigen, een nieuw altaar in plaats van de verontreinigde te bouwen, en nieuwe
heilige bekers te vervaardigen. Toen het vuur opnieuw op het altaar werd
aangestoken, en de lampen op de kandelaar weer brandden, werd de toewijding aan
het altaar gedurende acht dagen gevierd, onder het brengen van offers en het
zingen van liederen. (1 Macc. iv. 36), wat enigszins lijkt op de
feestelijkheden van Soekkot. Ook in de huizen werden lichten aangestoken.
Volgens Josephus (Joodse Oudheden) werd het in de volksmond dan ook het feest van
de lichten genoemd.
In de Talmoed wordt het wonder van Chanoeka genoemd, dat niet in de Maccabeeën
wordt genoemd. Het feest markeert de overwinning op de legers van de
Seleucieden, die hadden geprobeerd het volk Israël te weerhouden het jodendom
uit te oefenen. Judah Maccabeüs en zijn broers vernietigden de overweldigende
strijdkrachten, en wijdden de tempel opnieuw in. Kenmerkend voor het feest is,
dat een speciaal soort kandelaar tijdens dit feest wordt aangestoken. Deze
kandelaar heet de chanoekia, en moet vooral niet worden verward met de menora,
die ook minder armen heeft.
Volgens de legende in de Talmoed, gingen de Maccabeeën de tempel binnen nadat
zij de bezetters uit de tempel hadden verjaagd, om de afgodenbeelden te
verwijderen en de tempel te herstellen. Zij ontdekten, dat de meeste rituele
voorwerpen ontwijd waren. Daarop zochten zij ritueel gezuiverde olijfolie om de
menora aan te steken en de tempel te herstellen, maar vonden slechts genoeg
olie voor een enkele dag. Zij staken dit evengoed aan, en gingen verder meer
olijfolie te persen en zuiveren. Op een miraculeuze wijze bleef deze kleine
hoeveelheid olie acht dagen lang branden, tot er nieuwe olie geperst en
gezuiverd kon worden. Om deze reden steken joden een kaars extra aan, iedere
nacht van het feest.
In de Talmoed worden twee gebruiken beschreven. Het was gebruikelijk om acht
lampen op de eerste nacht van het feest te laten schijnen, en het aantal met
een te reduceren bij iedere nacht. Een ander gebruik was, om op de eerste nacht
met een brandende lamp te beginnen, en iedere nacht een extra aan te steken tot
er acht brandden, op de achtste nacht. Het eerste gebruik werd door de volgers
van Sjammaj gevolgd, het laatste door die van Hillel. Volgens Josephus stonden
de lichten symbool voor de vrijheid die de joden verkregen, op de gebeurtenis
die op het feest wordt gevierd wordt.
Terwijl thuis de chanoekia voor het raam staat te stralen, worden in het gezin
spelletjes gespeeld, speciale gerechten gegeten en cadeautjes uitgepakt.
Speciale gerechten zijn bijvoorbeeld latkes en soevganiot. Soevganiot zijn
oliebollen gevuld met jam en latkes zijn aardappelpannenkoekjes.
Vasten 10 Tevet (Asara bTevet) (28 dec 2017)
10 Tevet. Een Joodse vastendag. Op deze dag wordt herdacht dat de
belegering van Jeruzalem door Nebuchadnezzar begon. Tisja bAv is de rouwdag
van het jodendom waarop primair de vernietiging van de Tempel wordt herdacht.
Daarnaast zijn er nog drie andere vastendagen ingesteld: 10 Tevet, 17 Tammoez
(Shiva Asar bTammuz) en 3 Tisjri (Tzom Gedaliah).
|