Inhoud blog
  • Ik verhuis naar een andere blogsite!!!
  • De mystiek achter de tweede komst van Jezus
  • Luz de Maria 24/4
  • Zalig de armen van geest
  • Aanbidden in geest en waarheid
  • 3.33 uur 's ochtends
  • De kracht van 1 Weesgegroet
  • Ze komen eraan
  • Vreemde en grote donkere wezens zullen spoedig overal binnendringen
  • Een volgende lockdown
  • Boodschap aan Anna Shelley 24/4
  • De devotie van de 7 smarten van OLVrouw
  • Toewijdingsgebeden aan God de Vader, het H. Hart van Jezus en het Onbevlekt Hart van Maria
  • Gebeden van toewijding van ziekte, lijden en levenslasten
  • De betekenis van Pinksteren - 4
  • Om een baby uit een miskraam en geaborteerde baby's te dopen
  • Exorcismegebed over je woning en grond en toewijdingsgebed
  • Gebeden van zegening en bescherming
  • Het is eindelijk aangebroken
  • Wat God me toonde over aanstootgevende kledij...
  • Wat God me toonde over feminisme
  • De betekenis van Pinksteren - 3
  • Einde van Satans invloed in zicht
  • Red de planeet, ga CO2 uitstoten
  • Over de verliezen aan Westerse kant wordt gezwegen
  • Boodschappen aan Eduardo Ferreira
  • Boodschappen aan Pedro Regis
  • Boodschappen van OLVrouw di Zaro 8/4
  • Boodschap aan Luisa Piccarreta
  • Boodschappen aan Valeria Copponi (tot 19/4)
  • Instorting van economie, en munteenheden
  • De uitval
  • Over Poetin
  • Zal dit het einde veroorzaken?
  • Een miraculeuze foto van de Gekruisigde Jezus
  • Boodschap aan Anna Shelley 20/4
  • Luz de Maria 20/4
  • Rusland wordt verder uitgedaagd
  • De 3 daagse duisternis
  • De 9 cirkels van de Hel
  • In de Hel wegens echtscheiding
  • Meteoor op California
  • 23 april
  • De komst van de asteroide
  • Massale afname van bevolking in Europa komt eraan
  • Repost: Genezingsgebed van God de Vader
  • Opwarming van het klimaat? Niet dus.
  • Let op voor cosmetica en dergelijke producten
  • De uitleg van het merkteken van het beest door de Heer
  • De volgende pandemie
  • Over Obama: hij kan de Antichrist worden, door bezetenheid
  • Luz de Maria 16/4
  • Boodschap aan Anna Shelley 19/4
  • Boodschap aan Luisa Piccarreta
  • Een zombievirus
  • Nano chip
  • VK zal getroffen worden
  • Dit zal gebeuren door Hem
  • Het is reeds begonnen
  • Hoe de Antichrist zal werken door AI en Biotechnologie
  • Ze komen voor onze kinderen
  • Vernietiging van 3 landen
  • Bloedmanen als waarschuwend teken
  • 5 tekenen dat je een Uitverkorene bent
  • Boodschap aan Luisa Piccarreta
  • OLVrouw van Smarten
  • Adviezen om de duivel te bevechten
  • Het sociaal kredietsysteem
  • NEEM GEEN VACCINS!!! GEEN ENKELE!!!
  • BID TEGEN ABORTUS!!!
  • De betekenis van Pinksteren - 2
  • De betekenis van Pinksteren - 1
  • Goede raad: wees niet afhankelijk van de staat
  • De plannen van de wereldelites
  • Boodschap aan Luisa Piccarreta
  • Bijhorende afbeelding bij de boodschap van Lorena
  • Nog eens nieuws van de Antichrist/Maitreya
  • Boodschap aan Pedro Regis 11/4
  • Luz de Maria 12/4
  • Boodschap aan Lorena 8/4
  • Chaga
  • Dit is de waarheid
  • Boodschap aan Anna Shelley 14/4
  • Noveen van de Goddelijke Barmhartigheid - 9
  • Janet Klasson - 9/2 Licht van de wereld in de Goddelijke Wil
  • Geheim van gedrevenheid
  • Kom, H. Geest, kom!
  • 3 middelen die Satan gebruikt om je ziek te maken
  • Gezegend zij
  • Gods Barmhartigheid is grenzeloos
  • Boodschap aan Anna Shelley 13/4
  • Noveen van de Goddelijke Barmhartigheid - 7 en 8
  • Boodschap aan Luisa Piccarreta
  • De Emmaüsgangers
  • Mummie
  • Noveen van de Goddelijke Barmhartigheid - 6
  • Op weg naar de microchip
  • Nog steeds kunnen we het tij keren - Niburu
  • Boodschap aan John Mariani
  • Noveen van de Goddelijke Barmhartigheid - 5
  • Boodschappen aan Jennifer
  • 28/3 Plaats dit in je huis en land (The Unsealed Message)
  • Maria Simma openbaart 7 geheimen
  • Het Gezicht van Jezus
  • Opruimen van de wereldbevolking was altijd het doel - Niburu
  • 11 april
  • Noveen van de Goddelijke Barmhartigheid - 4
  • Boodschappen aan John Leary - rest van maart
  • Boodschap aan Mary of Divine Mercy
  • Grote schudding 8/4
  • Luz de Maria: Paaszondag 9/4
  • Afbraak van immuunsysteem door vaccins
  • Luz de Maria: Stille Zaterdag 8/4
  • Luz de Maria: Goede Vrijdag 7/4
  • Noveen van de Goddelijke Barmhartigheid - 2 en 3
  • Boodschap aan Anna Shelley 6/4
  • Zalig Pasen!!!
  • Boodschap aan Anna Shelley 8/4 DRINGEND!!!
  • Gebed op vrijdag voor de Arme Zielen
  • Boodschap aan Eduardo Ferreira 24/3
  • Droom van J. Frances 3/4
  • Boodschap aan Manuela te Sievernich (25/3)
  • Het echte gevaar van het einde van de dollar
  • Schildklier en jodium
  • Boodschap aan Manuela te Sievernich (21/3)
  • Boodschappen aan Valentina Papagna
  • Noveen van de Goddelijke Barmhartigheid - 1
  • Boodschap aan Marco Ferrari 26/3
  • Boodschap aan Gisella Cardia 3/4
  • De Kruisweg
  • 15 doodzonden in het Katholieke Geloof
  • Luz de Maria: Witte Donderdag 6/4
  • Het bankroet van Europa
  • Boodschap aan Anna Marie - Houston 11/2
  • Plaats terug brood op je huisaltaar
  • Boodschappen aan Pedro Regis
  • Palmzondag-rede van Vigano
  • Luz de Maria: Heilige Woensdag 5/4
  • Boodschap aan Luisa Piccarreta
  • Het Communisme zal opgelegd worden door de elite
  • Boodschap aan Ned Dougherty 26/3
  • Boodschap aan Anna Shelley (3/4)
  • Het verraad van Judas Iscariot (2)
  • Het verraad van Judas Iscariot (1)
  • Luz de Maria: Heilige Dinsdag 4/4
  • Luz de Maria: Palmzondag 2/4
  • Luz de Maria: Heilige Maandag 3/4
  • Interview met Luz Maria de Bonilla
  • Grafeenoxide in vaccins
  • Boodschap aan Lorena 14/3
    Zoeken in blog

    ALLES GAAT VOORBIJ, BEHALVE GOD !
    agenda

    Belangrijke data in mijn agenda

    Mijn favorieten
  • Mijn bibliotheek
  • Nieuwe blogsite
  • Archief per maand
  • 05-2023
  • 04-2023
  • 03-2023
  • 02-2023
  • 01-2023
  • 12-2022
  • 11-2022
  • 10-2022
  • 09-2022
  • 08-2022
  • 07-2022
  • 06-2022
  • 05-2022
  • 04-2022
  • 03-2022
  • 02-2022
  • 01-2022
  • 12-2021
  • 11-2021
  • 10-2021
  • 09-2021
  • 08-2021
  • 07-2021
  • 06-2021
  • 05-2021
  • 04-2021
  • 03-2021
  • 02-2021
  • 01-2021
  • 12-2020
  • 11-2020
  • 10-2020
  • 09-2020
  • 08-2020
  • 07-2020
  • 06-2020
  • 05-2020
  • 04-2020
  • 03-2020
  • 02-2020
  • 01-2020
  • 12-2019
  • 11-2019
  • 10-2019
  • 09-2019
  • 08-2019
  • 07-2019
  • 06-2019
  • 05-2019
  • 04-2019
  • 03-2019
  • 02-2019
  • 01-2019
  • 12-2018
  • 11-2018
  • 10-2018
  • 09-2018
  • 08-2018
  • 07-2018
  • 06-2018
  • 05-2018
  • 04-2018
  • 03-2018
  • 02-2018
  • 01-2018
  • 12-2017
  • 11-2017
  • 10-2017
  • 09-2017
  • 08-2017
  • 07-2017
  • 06-2017
  • 05-2017
  • 04-2017
  • 03-2017
  • 02-2017
  • 01-2017
  • 12-2016
  • 11-2016
  • 10-2016
  • 09-2016
  • 08-2016
  • 07-2016
  • 06-2016
  • 05-2016
  • 04-2016
  • 11--0001
    Levend geloof 9

    07-09-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De verrijzenis van de doden en het Algemeen Oordeel - deel 2

    De verrijzenis van de doden en het Algemeen Oordeel : deel 2

    Na de Verrijzenis volgt onmiddellijke en zonder uitstel het Oordeel, Het is onmogelijk een voorstelling te maken van het getal van de leden van de menselijke familie, van een lange lijn van generaties, bij elkaar gebracht van de grenzen van de aarde en trachten de sporen te herkennen van de plaatsen waar zij gewoond hebben en weer teruggebracht om ze te besproeien met het zweet van hun aangezicht en bakkeleien over hun overblijfselen. Het is evident dat de mensheid, eenmaal verrezen, zal overgaan naar een andere wijze van bestaan, en dat de goddelijke Goedheid gehouden is nieuwe verblijven te openen en nieuwe woonplaatsen. Deze woonplaatsen zullen van verschillende soorten zijn, overeenkomstig de verdiensten of niet verdiensten van iedere persoon. De rechtvaardigen zullen het Paradijs binnengaan, de verdoemden zullen de donkere afgronden van haat en vervloeking vullen. Het is nutteloos deze goddelozen te weerleggen, die deze hoogste manifestatie van gerechtigheid en de plechtige climax van de menselijke bestemming ontkennen. Het algemeen oordeel is een absoluut feit, aangekondigd door de profeten. Het is een waarheid door Jezus Christus voortdurend beklemtoond, een waarheid, die door het verstand wordt bevestigd en in overeenstemming is met de wet van het geweten en ieder idee van billijkheid. Telkens wanneer in de H. Schrift gesproken wordt zonder enige kwalificatie en dit Oordeel wordt aangeduid met de woorden ‘dies Domini, dies irae’ of andere termen, moeten deze uitdrukkingen worden verstaan met betrekking tot het Algemeen Oordeel, dat op het einde der tijden plaats zal hebben. Zo staat het geschreven:: “Ik verzeker u, het zal voor Tyrus en Sidon gemakkelijker zijn op de Oordeelsdag dan voor jullie. De dag van de Heer komt als een dief in de nacht. Laat je niet gauw in verwarring brengen .door te geloven dat de dag van de Heer hier en nu is.” De profeten zijn vol van dit soort uitspraken: “De grote dag van de Heer is nabij”, zegt de profeet Zephaniah. “Die dag is de dag van wraak, een dag van kwelling en droefheid, een dag van rampen en ellende, een dag van duisternis en verwarring, een dag van wolken en wervelstormen, een dag van de bazuin en alarm.” Christus’ woord is meer expliciet en uitgesproken in Mattheüs: “Laat ze groeien tot de oogst; dan met de oogsttijd zal ik de oogsters bevelen: ‘Verzamel eerst het onkruid en bind het samen om te verbranden, en verzamel dan de tarwe in mijn schuur.’”

    Elders in het zelfde Evangelie zegt Hij: “Het Rijk Gods is eveneens gelijk aan een visnet, dat in het meer geworpen is, dat allerlei dingen verzamelt. Wanneer het vol is wordt het naar de oever gesleept en men zit neer en wat de moeite waard is, wordt in vaten gedaan. Wat nutteloos is, wordt weggegooid. Zo zal het gaan bij het einde van de wereld. De engelen zullen uitgaan en de slechten scheiden van de goeden en de bozen zullen zij in de vurige oven werpen, waar geween is en tandengeknars. ‘Heb je dit alles begrepen?’ en zij antwoordden: Ja! Aan deze teksten uit de H. Schrift voegen wij het getuigenis van Thomas van Aquino toe. Hij geeft ons drie theologische argumenten voor de geschiktheid en gepastheid van het algemene Oordeel.

    De eerste van deze drie redenen bestaat in het feit, dat de werken van de mens, of zij goed zijn of slecht zijn niet altijd geïsoleerde en voorbijgaande handelingen. Meer dan eens, vooral in het geval van leiders van naties en hen die bekleed zijn geweest met openbare ambten, blijven doorgaan te bestaan nadat zij zijn afgesloten, hetzij in de herinnering van andere mensen of in de publieke achting, als gevolg van de opschudding, die zij hebben gehad en het schandaal dat zij hebben veroorzaakt. Zo, op het eerste gezicht lijkt een bepaalde geheime misdaad slechts een privé, aangelegenheid maar het wordt sociaal vanwege haar gevolgen. Het is een geloofspunt, dat er een bijzonder oordeel is en dat iedere mens, op het ogenblik van het vertrek van de ziel uit het lichaam, het eeuwige vonnis hoort uitspreken. Toch is dit oordeel niet het laatste, maar moet worden gevolgd door een ander openbaar oordeel, waarin God zijn handelen niet zal onderzoeken specifiek op zichzelf genomen, maar in hun uitwerking op andere mensen, - in het goede of het kwaad, die ervan hebben afgeleid voor families en volkeren – kortom in de gevolgen, die zij hebben voortgebracht en welke hij die ze heeft begaan, was gehouden te voorzien.

    De tweede reden die de Engelachtige Doctor geeft voor deze publieke manifestatie heeft betrekking op de valse oordelen en foute waardering van de menselijke opinie. De meeste mensen, zelfs de wijste en meest verlichte, worden gemakkelijke overtroefd en bedrogen door anderen. Zij onderscheiden de binnenste diepten van zielen niet, en kunnen er niet lezen wat geheim is en innerlijk; vandaar gebeurt het, dat zij meestal hun oordeel vormen naar de schijn, naar wat zichtbaar is en uiterlijk. Nogmaals, hieruit volgt dat goede mensen dikwijls worden bejegend met onterechte hardheid, dat zij niet worden gewaardeerd en worden gekwetst in hun reputatie. Van de andere kant blijft de boosaardigheid van een groot aantal mensen onbekend, en genieten overal de achting en vertrouwen van het publiek en de wereld geeft hen die aandacht en lof, die eigenlijk alleen aan de rechtvaardigen toekomt. Dus een oordeel, dat alle vooringenomenheid bloot legt en huichelarij ontmaskert, en de verborgen listen en alle valse en lage eigenschappen ten toonstelt, is nodig. Dit oordeel, zo zegt Johannes, zal niet plaats vinden volgens het vlees, noch volgens dat wat de ogen zien en de oren horen”; het zal tot stand komen in het verblindende schittering van het licht van God, in het onderscheiden van alle intenties en alle verlangens, de volle intuïtie van de meest geheime en mysterieuze uithoeken van het hart: Corda omnium intuendo.

    Tenslotte, een derde reden volgens Thomas van Aquino is, dat God de mens leidt door aanpassing aan de omstandigheden van zijn natuur, en zal hem oordelen volgens de beloften, die Hij hem heeft gedaan en de hoop die Hij in hem heeft gewekt, hetzij door beloning of straf. Hij is het zijn Wijsheid verschuldigd zich te houden aan de wetten en grenzen van distributieve rechtvaardigheid, zoals Hij ze in dit leven heeft vastgelegd. Welnu de Apostel Paulus zelf noemt het huidige leven een wedloop, een arena; Hij tekent de mens uit als een reiziger op aarde, onder het beeld van een soldaat of atleet, die vooruit snelt naar zijn kroon; hij houdt ons het vooruitzicht van het eeuwige leven voor ogen, dat hij met de namen noemt van: “palm, trofee, kroon van leven en glorie.” Opdat dan de beloning werkelijk gelijk kan zijn aan de belofte, moet het worden geschonken bij een publieke bijeenkomst, met een Hem waardig ceremoniële plechtigheid, die haar uitdeelt, in de tegenwoordigheid van allen die deel hebben gehad aan de strijd, van alle vijanden waarover de heiligen hebben getriomfeerd, volgens de manier waarop het oude Rome en Griekenland plachten te doen met hun overwinnende krijgslieden en helden.

    In wat voor plaats zal het Laatste Oordeel worden gehouden? Niemand weet dit met de zekerheid van het geloof, maar de algemene opinie van de Kerkvaders en die van Thomas van Aquino is, dat het zal zijn in de vallei van Josafat. De H. Schrift geeft deze naam aan de regio, waardoor de Cedron beek stroomt, welke binnen haar grenzen de stad Jeruzalem en ook de Calvarieberg bevat en zich uitstrekt tot de Olijfberg. - Is het, inderdaad, niet passend dat Christus zich manifesteert in Zijn glorie juist op de plaatsen, die de scène waren van zijn passie, waar Hij verscheen in zijn lijden en vernederingen? Dat was wat de engel bedoelde te zeggen tot de leerlingen, “Deze Jezus, die van jullie is opgenomen, zal zo komen.” Het is ook zeer passend, dat het deel van de aarde waar de eerste mens geschapen werd, waar de Zoon van God de Verlossing en het Heil van de mens gewrocht heeft, eveneens zou moeten zijn de plek, waar de Heiligen de volheid en de vruchten van Zijn Lijden en Dood zullen ontvangen, waar zij deel zullen hebben in Zijn glorievolle Hemelvaart en waar Jezus Christus een rechtvaardige wraak zal eisen van zijn vervolgers, en van allen die geweigerd hebben hun zielen te wassen door de oneindige kracht van Zijn kostbaar Bloed. Daarom roept de profeet Joël uit: “De Heer zal brullen van Sion, en vanuit Jeruzalem Zijn Stem verheffen.” Het bezwaar, dat onze zienswijze niet met bewijzen kan worden gestaafd en dat het afdoende is weerlegd door het feit dat de vallei van Josafat een minder uitgestrekte ruimte omvat en beperkter is dan de meeste Alpen valleien; en dat, bij gevolg, het onmogelijk is de duizenden miljoenen menselijke wezens te bevatten, die elkaar gevolgd hebben of nog zullen volgen op aarde, is nutteloos. De Apostel Paulus, in Zijn brief aan de Thessalonicenzen lost deze moeilijkheid op en werpt licht op dit probleem; Hij herinnert ons dat op de dag van het oordeel de verrezen uitverkorenen niet massaal bijeengebracht zullen worden op aarde, maar, “zullen worden opgenomen om de Heer te ontmoeten in de lucht.” Onze Heer Jezus Christus zal afdalen naar de regio van de lucht, gelegen boven de vallei van Josafat, en daar, omgeven door engelen, zal Hij zitten op de Troon van Zijn Majesteit. Is het dan niet passend dat, vanwege Zijn waardigheid, de rechter moet worden opgeheven boven allen, op een verheven plek, vanwaar Hij kan worden gezien en gehoord door alle mensen? Is het niet billijk dat, gelet op de verdiensten en de volmaaktheid, aan de uitverkorenen, die van de wet van de zwaartekracht zijn verlost en die nu verheerlijkte en subtiele lichamen bezitten, en niet meer de aarde nodig zullen hebben ter ondersteuning, een eerbare plaats nabij de soevereine Rechter wordt toegekend.

    De verdoemden echter zullen worden vastgehouden op aarde; maar, zoals Suarez uitlegt, zouden we ongelijk hebben ons te verbeelden, dat zij beperkt en begrensd zijn binnen de enge grenzen van de vallei van Josafat; hun enorm aantal, zal, voor zover nodig, zich uitstrekken naar de omringende gebieden van de Olijfberg, de berg van Sion, de plaats waar Jeruzalem stond en misschien naar verdere streken. Als gezegd wordt dat het Oordeel zal plaats hebben in de vallei van Josafat, dan is dat omdat deze vallei de plaats zal zijn, waarin de mensheid zal beginnen zich te verzamelen. Door wie zal het Oordeel worden uitgevoerd? Door Christus Jezus, niet echt door Christus Jezus als God, die dezelfde substantie deelt en het zelfde leven met Zijn Vader, maar door Christus Jezus in zover als Hij geïncarneerd werd als mens in de tijd en Mensenzoon werd genoemd. Bij Johannes lezen we: De Vader Zelf oordeelt niemand, maar heeft alle oordeel aan de Zoon toegekend. Zodat alle mensen de Zoon mogen eren, zoals de Zoon de Vader eert. Hij gaf Hem macht te oordelen, “omdat Hij de Mensenzoon is.” Inderdaad, als God is Jezus Christus gelijk aan de Vader, de uitdrukking en beeld van zijn soevereine Macht, en bezit, kon substantieel met de twee andere goddelijke Personen het recht om te oordelen, dat Zij hebben. Vanuit dit oogpunt hoeft CHRISTUS tweede macht te ontvangen, en het is slechts in beschouwing Hem als een mens, dat Johannes kon zeggen, dat Hij geëerd zal worden door allen, vanwege de rechterlijke macht, die aan Hem is verleend door de Vader. In de volgende verzen, leert Johannes ons, dat Christus de macht ontvangen heeft om de doden tot leven terug te brengen: “Ik verzeker U, een uur komt, ja het is er al, wanneer de doden de Stem zullen horen van de Zoon van God”. Uit deze tekst blijkt, dat de macht om te doen verrijzen, die aan de Mensenzoon is gegeven, een gevolg is van Zijn macht als Rechter. Het is wezenlijk voor de uitoefening van juridisch gezag, dat hij die ermee is bekleed, de middelen moet hebben om de schuldigen te dagvaarden en ze voor zijn tribunaal te brengen. Daar het oordeel moet worden uitgevoerd over mensen, merkt de H. Thomas op, moet het aan hun vermogens zijn aangepast; het moet rekening houden met de eisen en neigingen van hun natuur. De mens is evenwel, samengesteld uit ziel en lichaam; hij bevat het geestelijke en het onzichtbare slechts door de vermogens van het tastbare. Als dat zo is, is het dan niet noodzakelijk, dat de mens wordt geoordeeld door een mens, door een wezen dat verschijnt in het vlees, wiens gelaat hij kan zien en wiens stem hij kan horen? Juist, zegt Johannes ons: De Vader heeft aan Hem macht gegeven om Oordeel te vellen, omdat Hij de Mensenzoon is.

    Bovendien, als we dingen beschouwen naar onze manier van denken, moet dan de rechter niet worden gezien door alle mensen gedagvaard naar zijn rechtbank? Welnu, in zover als Hij een menselijke gedaante heeft, zal Christus door de rechtvaardigen en de bozen gelijk worden gezien. In zover Hij een goddelijke gedaante heeft, kan Hij zichzelf aan de uitverkorenen alleen tonen. Tenslotte heeft God de Vader het oordeel aan Jezus Christus toevertrouwd als mens, in een geest van vriendelijkheid, om de schittering van deze ontzagwekkende manifestatie te temperen en te matigen en de gestrengheid en hardheid te verzachten; Want de Kerk zegt in de Sequentia van haar Liturgie:( Dies Irae)

    “Judex ergo cum sedebit,   ls de Rechter neergezeten,

    Quidquid latet, apparebit.    Al ‘t verdoken kwaad zal weten,

    Nil inultum remanebit.                   niets zal blijven ongewroken.

    Als Christus zou verschijnen in de hoedanigheid van een hoger en totaal hemelse natuur, wie zou in staat zijn het gewicht van Zijn Majesteit en het vuur van Zijn ogen te kunnen verdragen? Hij zal verschijnen met het gelaat en de gedaante die Hij had tijdens zijn aardse leven. Hij zal verschijnen met Zijn Kruis en de andere kentekenen van Zijn vernederingen. Zijn Hemelse lidtekenen van de wonden in Zijn voeten en handen zullen te zien zijn: “Videbunt in quem transfixerunt” De verdoemden zullen geen tegenstand meer durven bieden aan Zijn Gerechtigheid, en de goeden daarentegen zullen zich tot Hem aangetrokken voelen in diep vertrouwen. Het hart van de Apostel Paulus was vol vreugde en hoop; bij de gedachte, dat Christus zijn rechter zou zijn, voelde hij al zijn vrees en wantrouwen verdwijnen. “Wie zal een beschuldiging brengen tegen Gods uitverkorenen?” zei hij. “God, die rechtvaardigt? Wie zal hen veroordelen? Christus Jezus, die stierf, of eerder die opstond, die zit aan de rechterhand van God en die voor ons ten beste spreekt? Wat betreft de manier van zijn tweede komst; het zal gelijk de eerste zijn: “Sic veniet quemadmoddum vidistis eum euntem in Coelis.” Het zal dezelfde Christus zijn en dezelfde mens, en Zijn trekken en verschijning zullen dezelfde zijn als gedurende Zijn sterfelijke leven. Het zal genoeg zijn voor hen, die leefden en met Hem spraken, hun ogen te vestigen op zijn persoon, om Hem te herkennen. Maar deze tweede manifestatie zal niet plaats vinden in zwakheid en vernedering, maar in majesteit en glorie. Het Mattheüs Evangelie zegt: “Maar ik zeg je dit: Spoedig zal je de Mensenzoon zien, gezeten aan de rechterhand van de Macht en komend op de wolken des Hemels.” Met andere woorden, Jezus Christus zal verschijnen omgeven door pracht en praal van Zijn Goddelijk Koningschap. De verheerlijkte uitverkorenen en de menigte engelen zullen een schitterend hof vormen rond Zijn Troon, zoals geen geest kan schilderen. Zij die hebben gevochten met de grootste standvastigheid, die Hem van dichtbij hebben gevolgd in de arena van Zijn lijden, zullen Zijn Persoon het meest nabij zijn. “Dan zal de rechtvaardige mens met groot vertrouwen in de aanwezigheid staan van hen die hem kwelden” aldus het boek Wijsheid. We kunnen ons de spijt en wanhoop van de verdoemden voorstellen door het beeld, dat dezelfde auteur van hen tekent: “Dan staat de Rechtvaardige met groot vertrouwen tegenover hen, die hem eens verdrukten, en verachtelijk neerzagen op zijn zwoegen. Dezen zullen bij dat gezicht van grote vreze worden bevangen, geheel ontsteld over dat onverwachte onheil. Ze zullen tegen elkaar zeggen, met spijt in het hart en in hun zielsangst zuchten: “Dit is nu de man, die wij vroeger bespotten, als een toonbeeld van hoon, wij dwazen. Wij hebben zijn leven voor waanzin gehouden en zijn einde voor eerloos. Hoe wordt Hij nu onder Gods kinderen gerekend, en deelt hij het lot van de heiligen.”

    De Apostelen, martelaren, Doctors en duizenden rechtvaardigen, die gevochten hebben voor de eer van God en het belang van het Geloof, zullen zich verenigen met hun leider in het afkondigen van de waarheid van Zijn vonnissen en de billijkheid van Zijn oordelen. Het oordeel wordt terecht universeel genoemd, omdat het wordt uitgesproken over alle leden van het menselijk geslacht, omdat het over iedere misdaad wordt uitgesproken, iedere misdraging en omdat het definitief en onherroepelijk zal zijn. Op de eerste plaats zal het laatste oordeel gaan over alle leden van de mensheid. De mensen van, iedere stam, en iedere taal zullen er verschijnen. Er zal geen onderscheid zijn van rijkdom, geboorte, rang of stand onder hen. Zij wier namen waren: Alexander, Caesar en Diocletianus zullen worden gerangschikt samen met herders, die op dit moment hun kudden weiden op eenzame vlakten, waar de as van deze meesters van de wereld ligt uitgestrooid. Mensen zullen overheerst worden door andere zorgen dan nieuwsgierigheid en leegheid. Veel ernstigere spektakels zullen hun blik en aandacht gevangen houden; het beeld van de wereld zal voorbij zijn, en de overwinningen van grote captains, de werken van de genieën, de ondernemingen en de grote ontdekkingen zullen worden geacht als schijn en kinderspel. Net als in een theater, zegt Johannes Chrisostomos, wanneer een acteur het toneel verlaat, is het niet vanwege het partij dat hij heeft gespeeld, waar de mensen hem voor bewonderen. Zij bewonderen niet het feit dat hij de persoonlijkheid van een koning heeft nagebootst, noch het feit dat hij een lakei of een bedelaar heeft geacteerd, zij prijzen eerder zijn kundigheid, en zij geven hem applaus voor de perfectie, waarmee hij zijn partij heeft gespeeld. Zo zal het zijn bij het laatste oordeel worden uitgeoefend over alle leden van het menselijk geslacht. Een man zal niet geëerd worden omdat hij koning was, een welsprekende redenaar, een minister, en een groot staatsman. Al deze eerbewijzen en onderscheidingen, die de wereld in hoge achting houdt, zullen worden beschouwd van geen verdienste of waarde. De mensen zullen worden geprezen enkel en alleen voor hun deugden en goede werken: “Opera enim illorum seguuntur illos.”

    Ten tweede, wordt het oordeel universeel/algemeen genoemd, omdat het gaat over iedere misdaad, en overtreding. Dan zal de menselijke geschiedenis beginnen. In de helderheid van het licht van God zullen alle misdaden, publiek en geheim, die zijn bedreven in iedere omvang en in iedere leeftijd, helder en in detail worden gezien. Het hele leven van ieder mens zal worden bloot gelegd. Niets hoe gering ook zal over het hoofd worden gezien: geen handeling, woord, of verlangen zal onbekend blijven. We zullen worden herinnerd aan de verschillende perioden die we zijn doorgegaan; de lustvolle mens zal zijn wanordelijk gedrag en vrijzinnige praat voorzetten; de ambitieuze man, zijn afwijkende, listige wegen. Het oordeel zal alle draden ontwarren en slim beraamde omwegen van deze intriges ontrafelen; het zal al die lage herroepingen en laffe daden van medeplichtigheid in hun waar licht plaatsen, dat mensen bekleed met openbaar gezag hebben gezocht te rechtvaardigen, hetzij door de kostbare voorwendsels van reden van staat, of door ze toe te dekken met het masker van vroomheid of belangeloosheid. De Heer, zegt Bernardus, zal al die vrijheden, die men voor zichzelf verborg, al die ongekende wanordelijkheden, die geplande misdaden waaraan de uitvoering slechts ontbrak, al die onoprechtheden; die voorgewende deugden en die vergeten zonden, uit het geheugen gewist, zullen plotseling te voorschijn komen, zoals vijanden naar buiten snellend van een hinderlaag: Prodient ex improviso et quasi ex insidiis. Zonder twijfel zijn er mensen zo gehard in het kwaad, dat de gedachte van dit vreselijke schouwspel op hen weinig indruk maakt. Vertrouwd zijnde met misdaad, gaan zij er mee om als een onderwerp van amusement en bluffen en glorie. Zij pochen waarschijnlijk en schatten het oordeel in met dezelfde onbeschaamdheid, om door hun cynische en arrogante houding de Majesteit van God en het geweten van de mensheid uit te dagen. IJdele hoop! Zonde zal niet meer worden geacht naar de waardering van vleselijke mensen, gemakkelijk om de meest grove uitbarstingen te verontschuldigen, omdat zij geen naaste schade berokkent, hetzij in zijn goederen als in zijn leven. De lelijkheid en wanorde van de zonde zal in de onuitsprekelijke helderheid van Gods Licht worden geopenbaard. Zonde, zegt Thomas van Aquino, zal zich oordelen, zoals God Zelf het oordeelt: “Tunc confusio respiciet aestimationem Dei, quae secundum veritatem est de peccato.”

    Drie belangrijke groepen mensen zullen de aandacht op zich zelf trekken:

    De eerste zal die zijn van de zonen der gerechtigheid en licht, waarvan de verdiensten en de goede werken op de voorgrond worden geplaatst, en zullen van de helderziende en onfeilbare Rechter een goedkeuring en publieke lof verkrijgen, waarvan de getuigenis niet zou kunnen worden onderworpen aan enige dwaling en enige tegenspraak.

    In de tweede groep zullen de zonen van Voltaire zijn, de leiders van de vrije gedachte en de revolutie, die, in de huidige tijd, druk bezig zijn hun duistere en heiligschennende samenzweringen tegen Christus en zijn Kerk uit te broeden. Zij zullen sidderen en beven van onuitsprekelijke angst, wanneer zij Hem zien in zijn Glorie en Almacht, die zij hadden willen verpletteren, en die zij met namen hadden gestigmatiseerd als vijand, dwaas, en de eerloze (Voltaire noemde Christus “l’infame” de eerloze) Zij zullen een laatste kreet van woede en vervloeking uitschreeuwen, zoals keizer Julianus de ‘Apostaat’ (afvallige) deed op zijn sterfbed: “Jij hebt overwonnen, Galileëer”.

    Tenslotte, de derde categorie van mensen, aan wie speciale aandacht zal worden geschonken bij het oordeel, zal bestaan uit de zonen van Pilatus, de aanbidders van het gouden kalf en de kameleons van rijkdom en macht. ‘Wolken zonder water’, noemde de H. Judas ze. Ze waaien met alle winden mee, en hebben geen ander religieus of politiek kompas dan hun eigen ambities. Ze laten zich niets gelegen liggen aan de stem van hun geweten, speculerend op het bloed van zielen, bij gebrek aan goud, en Christus overleveren zoals de Romeinse geldschieter, om in het gevlei te komen van de gunst en genegenheid van de heer van het moment. Dit afzichtelijke, afstotende type keert , met dezelfde regelmaat en kenmerken, en bij iedere crisistijd en sociale onrust terug. De H. Johannes in zijn Evangelie heeft dit archetype van liegen en lafheid gevulgariseerd in een voor altijd populaire en levende beeldspraak, waaraan al onze Pilatussen in wetgeving en regering, die de rechtvaardige man verkopen om gunsten en winstgevende eerbewijzen, eeuwig zullen worden herkend. Zulke mensen als dezen zullen bij het oordeel leren, dat het niet handig is twee heren te dienen. Zij zullen de strocaesars vervloeken, waaraan zij dat gaven, wat zij God geweigerd hebben. Zij zullen uitroepen: “Ergo erravimus. We hebben dus gedwaald. ”

    Tenslotte, het Laatste Oordeel is algemeen, omdat het definitief is en onherroepelijk. Dit Oordeel is onherroepelijk, omdat er geen hoger instantie van beroep mogelijk is dan dat van GOD. En er kan geen beroep van een absolute gerechtigheid zijn naar een lagere en beperkte. Goddelijke vonnissen zijn onweerlegbaar, onveranderlijk, en Hij, die alles ziet, die de kern en de conclusie van de menselijke bestemming doorziet in de eeuwige raadsbesluiten van de predestinatie, zal waarschijnlijk niet terugkeren op zijn oordelen. Wat Hij gezegd heeft, zal Hij doen; wat Hij gedaan heeft, zal Hij bevestigen. Wat Hij eens verlangde zal eeuwig vaststaan, want hemel en aarde zullen voorbijgaan, maar het Woord van God zal niet aan dwaling of verandering onderhevig zijn: Caelum et terra transibunt, Verba autem mea non praeteribunt. Deze grote Waarheden maken weinig indruk op ons, omdat de dag van hun vervulling slechts een flauw in het vooruitzicht ligt, geplaatst in een verre toekomst, en omdat we graag ons verbeelden, dat tussen nu en de tijd, wanneer zij worden vervuld, wij hun gestrengheid zullen verzachten. Het is waar, dat de overwegingen van deze grote rechtzitting nog voor ons liggen, maar het voorafgaande onderzoek is begonnen en gaat door. Het staat geschreven: “De ogen van de Heer zijn op hen gericht die Hem vrezen. Het gelaat van de Heer doorziet de boosdoener. De Heer ziet nauwkeurig de rechtvaardige en de boosdoener, en hij die het kwaad lief heeft is de moordenaar van zijn ziel.” Precies zo in onze tijd, is internet een wonderlijk communicatiemiddel geworden tussen mensen, onmiddellijk berichten kan overbrengen en ieder woord van de ene plek van de wereld naar de andere met de snelheid van het licht, zo is er eveneens een goddelijke ‘telegraaf’: ieder gedachte van ons op het moment, het wordt gedacht, ieder woord, zodra het is geuit, wordt onmiddellijk opgeschreven in onuitwisbare letters en met beangstigende precisie, in het grote boek vermeld in de Heilige Liturgie, waar het wordt gezegd: Tunc liber scriptus proferetur, in quo totum continetur, unde mundus judicetur. Laten we ons dan niet bang maken door de arrogantie en duistere dreigingen van de bozen. Wij, die op dit moment ten prooi vallen aan geweld en onderdrukking en waarvan de rechten worden miskend, en met voeten getreden en die, bloot gesteld aan de listen en intriges van trouweloze mensen, lijden aan de hatelijke excessen van despotisme en macht. Als God zwijgt en lijkt op dit moment te slapen, zal Hij onfeilbaar opstaan in Zijn eigen tijd. Wij herhalen, het onderzoek is begonnen, de dossiers van de bozen zijn compleet, de getuigen zijn gedagvaard, en het bewijs is geleverd. Als de meest plechtige hoorzitting is uitgesteld dan is dat slechts voor een korte termijn.

    Een trotse en dappere, grootmoedige prins van Brittannië, - zo gaat het verhaal - werd verslagen en gevangen genomen door een woeste rivaal en naar een donkere kerker, met weinig licht en lucht, brood en zon geworpen, om er weg te kwijnen. Zijn einde was niet ver af, te midden van griezel en afschuw en onder druk van een kille, berekende langzame marteling. Op het punt van sterven, richtte het slachtoffer een oproep naar zijn moordenaar in de volgende woorden: “Ik dien een aanklacht in tegen jouw geweld en barbarisme aan de Hoogste Beschermer van de verdrukten; over een jaar en één dag zal ik je dagvaarden om met mij te verschijnen aan Zijn goddelijk tribunaal.” Toen die dag aanbrak, ging de moordenaar inderdaad van het leven over naar de dood en stierf. Wij zijn geen profeet, en we moeten het niet wagen, om op zo’n korte kennisgeving, alle boosdoeners te dagvaarden, de pamfletten verspreiders van de vrije gedachte, de aanstichters van onrechtvaardige wetten, zij die de eer en de vrijheid van het gezin, en de rechten en deugd van kinderen schenden; maar dat deze mannen, die God uitdagen en lachen om Zijn waarschuwingen zullen een keer rigoureus rekenschap hebben af te leggen aan Zijn gerechtigheid. Dit is een absoluut zekere waarheid, en vroeg of laat, zal de rekening worden vereffend. Op de dag van het plechtige herstel, zullen de bozen, die de rechtvaardigen voor dwazen hielden en die zichzelf vergenoegden, over hun martelingen en tranen, als mensen, die van honger hun brood verslinden, zullen tot hun schande leren, dat GOD niet met zich laat spotten en dat er geen straffeloosheid en willekeur zal zijn voor de weldaad van misdaad en kwaad. Alle onrecht zal met één slag worden recht gezet. Het bloed van Abel, dat de aarde waste, zal zich uitstorten over Kaïn en verheft een beschuldigende stem tegen hem. Petrus zal rekenschap vragen van Nero voor de folteringen, waartoe hij hem veroordeeld had. Maria Stuart zal goddelijke wraak afroepen over Elizabeth, haar moordenaar. Alle Heiligen zullen het eenstemmig uitschreeuwen tot God: “Usquequo, Domine, non judicas et non vindicas sanguinem nostrum de iis, qui habitant terram?” Er zal een groot Hof van Beroep zijn, waaraan een immense aantal gevallen, beroemd op aarde, zullen worden behandeld, waar een oneindig aantal veroordelingen, die angst, ambitie, of eigenbelang hebben gedicteerd aan de mensen, zal onherroepelijk worden geannuleerd, waar kortom de Voorzienigheid, waartegen dwazen op aarde lasterlijke beschuldigingen uiten, hardheid, onrechtvaardigheid, en blinde partijdigheid zal zorgen voor complete rechtvaardiging voor haar wegen, zoals het geschreven staat: “Ut vincas cum judicaris.”

    Er was eens een kluizenaar, die om zijn heiligheid en zijn werken bekend was. Hij genas zieken, gaf de blinden het zien terug en trok mensen van de omgeving naar zich toe. Keizer Otto besloot hem eens te bezoeken, geboeid door de woorden van wijsheid, die van de lippen van de heilige, kwamen, kende zijn bewondering geen grenzen: “Vader, zei hij, vraag me wat je wilt, al is het de helft van mijn koninkrijk, je zal het krijgen.” De gelaatsuitdrukking van de heilige werd ernstig, en majesteitelijk, hief hij zijn hoofd, als het ware, met een diadeem van adel en deugd, plaatste zijn hand op de borst van de Keizer, antwoordde hij plechtig: “Vorst, uw kroon en uw schatten zijn voor mij van geen nut, maar ik vraag u één gunst, dat U, te midden van de pomp en fascinatie van uw almacht en majesteit, zich iedere dag, voor een paar minuten moet terugtrekken in de verborgenheid van uw hart, om na te denken over de rekenschap die u eens zult moeten afleggen tegenover God; want zoals Sint Clemens de paus zegt: ‘Wie zal kunnen zondigen als hij altijd het oordeel van God voor zijn ogen plaatst, dat zeker zal worden geëist op het einde van de wereld.” Laten we dat ook doen en zeggen met de profeet: “Ik denk terug aan de oude dagen en herinner mij weer de vroegere jaren.” Laten we onszelf streng beoordelen, dan zullen we niet geoordeeld worden. Laten we leven met de Heer Jezus al de dagen van ons leven, en dan zullen we vrij zijn van alle vrees en angst, want er is geen veroordeling over hen die hun verblijf hebben bij de Heer Jezus: Nihil ergo nunc damnationis iis qui sunt in Christo.”