Dag pap,
Neen het is geen grap, voor mij een eerste stap. Je leest het goed, hier je dochter, je eigen vlees en bloed.
Zelfs na zoveel jaren weet ik je misschien niet veel te vertellen. Heb je in gedachten wel 1000 keren willen bellen. Maar wat zou ik je dan zeggen? Hoe moet ik je nu in Godsnaam iets uitleggen?
Ik zal dan maar beginnen bij het begin. Het je uitleggen zin per zin.
Misschien is dit voor jou nu wel wat raar, een brief van mij na 20 jaar. Maar het moet mij even van het hart; Jij bent wel een geval apart!
Jij bent steeds die afwezige leidraad in mijn bestaan, was voor je werk steeds op de baan.
Ik vraag me af, nu ik ouder en wijzer ben, of ik je eigenlijk wel ken.
Je vluchtte steeds van huis, was er dan iets niet pluis?
Ik kan mijn vinger er niet op leggen, kan je enkel uitleggen
. Uitleggen hoe ik me toen en nu voel, misschien begrijp je me dan beter, weet wat ik bedoel.
Toen ik kwam vragen om te trouwen, om van iemand te mogen houden, zei mam; Zijd niet zo stom als ik! Oei! Ik schrik.
Jullie zijn moeten trouwen dat staat buiten kijf, want 6 maanden later kwam ik uit mams lijf.
Ben ik eigenlijk wel welkom geweest? Of enkel het product na een wild feest?
11 Maanden later kwam de volgende koter eraan. Vroeg je bij jezelf niet; Wat nu gedaan?
Jij toonde je sterk, dat denk ik wel, en je werk redde gewoon je vel.
Maar wat er tussen de 4 muren thuis afspeelde was voor jou precies van geen belang. Of was je misschien gewoon bang
Bang om papa te zijn, of vond je het idee niet echt fijn.
Waar was je plaats in dit gezin? Of voelde je gewoon te min. Voelde je je het 5de wiel aan de wagen? Ik blijf precies maar vragen vragen.
Maar vragen stel ik al heel mijn leven, enkel op sommige vragen is het antwoord uitgebleven.
Vragen stel ik mijn constant in mijn hoofd, zelfs als niemand mij geloofd.
Je zou er eens een kijkje moeten in gaan nemen. Je zou vlug de benen nemen.
Met je kinderen te ravotten, doen zoals alle andere zotten. Er eens voor ons zijn op tijd en stond, dat is wat ik er van vond.
Werken was voor jou misschien plezant, maar onbewust zette jij jezelf aan de kant. Ben je van je plaats geweken, heb je je kans verkeken.
Maar de grootste vraag in deze brief Heb je me eigenlijk wel lief? Want nooit heb je je gevoelens tegenover mij geuit. Je enige meid, je kleine (nu grote en eerste) spruit.
Nooit is er spraken geweest van die speciale band, die band van vader en dochter samen hand in hand.
Wanneer heb ik ooit eens tegen je aangeleund? Wanneer heb je mij eens gesteund?
Mamas wil was wet, nooit heb je je er tegen verzet. Nooit heb je je met je vuist op tafel geslaan. Nooit heb je gezegd; Stop! Genoeg! Gedaan!.
Het klinkt misschien wel raar, Paps! Verdorie we lijken uiteindelijk wel echt op elkaar.
Want als we het even niet zien zitten, gaan we op onszelf staan vitten.
Trekken we ons terug in onze schelp, en roepen heel hard help.
We vluchten beide uit het huis, ver weg van al dat gespuis.
Maar er is niemand die onze kreet zal horen niemand die zich aan ons zal storen.
Niemand die ons zal missen, ze kunnen enkel maar gissen.
De wereld gaat gewoon verder zijn gang, en wij worden meer en meer bang.
Nooit heb ik je echt gelukkig gezien, Komt het door die onnozele
.?
Heeft zij je zo in haar greep, dat je mij niet echt begreep?
Of was je gewoon blind, blind voor die onvoorwaardelijke trouwbelofte die jij haar gaf. Die jij zal meenemen tot in je graf.
Haar echte geheimen zal je nooit kennen, ook al heeft de buitenwereld daar wel aan mogen wennen.
Of wist je toch van haar avontuur, en stemde oogluikend toe op den duur!
Ik kon het niet meer aan, dat niemand mij nog zag staan.
Sorry, tot mijn grote spijt, maar ik ben niet jullie meid.( huishoudster) Ik was ook nog maar een kind, dat enkel naar wat liefde verlangde en niet echt werd bemind.
Koen heeft altijd alles gemogen, heeft jan en alleman bedrogen. Heeft altijd zijn zin mogen doen, mamas kleine kapoen.
Het zal daarom misschien wel wat hard klinken, maar laat hem nu ook maar eens in het huishouden uitblinken. Laat hem nu maar eens voor jullie zorgen vandaag en morgen. Laat dat nu zijn, zijn zorgen.
Hij heeft er altijd van geprofiteerd Dat is hem met de paplepel aangeleerd.
Daar heb jezelf ook een stuk mee in bijgedragen, Omdat je nooit hebt staan klagen. Nooit de dingen in vraag hebt gesteld. Nooit je veto hebt gesteld.
Nooit ben je komen vragen hoe de vork aan de steel zat. Jij hebt je antwoord zeker al van mama gehad.
Ik was het gewoon spuug zat. Dat je mij niet echt zag staan, dat ik daarom het huis uit ben gegaan. Dat je nooit voor me bent opgekomen.
De deur was gesloten, vervangen die sloten.
En enkel omdat ik een keer in mijn leven, eens alles aan mezelf had gegeven. Voor mezelf was opgekomen, eens was opgekomen voor mijn eigen dromen!
Maar je bent nu eenmaal wie je bent, zoals iedereen je kent Je leven heeft je zo gekraakt, je leven heeft je zo gemaakt.
Ik hoop dat je je niet laat kisten. Als ze dat eens wisten, dat je stiekem voor je kleinkinderen iets achterlied, het doet me veel verdriet.
Dat je een keuze hebt moeten maken voor het leven, daar sta ikzelf nog van beven.
Toen ik vroeg of je peter wilde zijn van je eerste kleinzoon, Zei je schoon ; Dat moet ik eerst aan die van thuis vragen!
Ja, hallo zeg, had ik even pech! Ik had wel een ander antwoord verwacht, wat had je anders gedacht
Het heeft niet mogen zijn, dat doet ergens nog altijd pijn. Misschien ook wel bij jou en stond je gewoon alleen, alleen in de kou.
Kon je geen enkele kant op, zat je hele leven in een strop. Dat je daardoor niet mag/kan/wil deelnemen aan dat leven van mij, dat stemt me helemaal niet blij.
Maar wat kunnen we er nu nog aan doen? Het is misschien zelfs al te laat, is er van liefde geen sprake meer enkel van haat.
Maar laat ik je even vertellen het is misschien wel raar; Haat en liefde ligt heel dicht bij elkaar.
Ik zal het net als jij een plaats moeten geven En verder gaan met mijn leven.
Verder gaan met wat ikzelf heb opgebouwd. Verder gaan met wat voor mij is zo vertrouwd.
Mijn kinderen en M.... Ja paps ik red me wel.
Je dochter, ( moedige strijdster).
|