Zoeken in blog

De Karmelieten en andere kloosterorden
  • Karmel
  • Cisterciënzers
  • Favoriete Restaurants
  • Hostellerie De Biek Moorsel
  • Hof de Merode Mechelen
  • De Mooie Molen Meldert
  • Mijn favorieten
  • Bouwkundige termen
  • Nieuws Standaard
  • Lichaam Jürgen Conings mogelijk gevonden
  • Opluchting, maar ook ‘niets om u vrolijk over te maken’
  • Lichaam Jürgen Conings mogelijk gevonden
  • Opluchting, maar ook ‘niets om u vrolijk over te maken’
  • Opluchting, maar ook ‘niets om u vrolijk over te maken’
  • Bart De Wever: ‘Waarschuwingsmail PFOS over extra maatregelen nooit gekregen’
  • Lichaam van Jürgen Conings is mogelijk gevonden in Dilserbos
  • Bart De Wever: ‘Waarschuwingsmail PFOS over extra maatregelen nooit gekregen’
  • Lichaam van Jürgen Conings is mogelijk gevonden in Dilserbos
  • Bart De Wever: ‘Waarschuwingsmail PFOS over extra maatregelen nooit gekregen’
    Zilverpassen

    08-06-2021
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Gent en zijn monumenten
    Gent en zijn monumenten

    08-06-2021 om 19:51 geschreven door mave  


    >> Reageer (0)
    25-12-2019
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Bozar: Tentoonstelling Brancusi december 2019
    We maakten kennis met Constantin Brancusi (1876-1957), Roemeens beeldhouwer, één van de pioniers van de moderne beeldhouwkunst. De tentoongestelde topwerken, van over de hele wereld naar Brussel gereisd, tonen zijn zoektocht naar de essentie van de dingen. Hij verliet de traditionele paden van de beeldhouwkunst en ging radicaal zijn eigen weg. Ondanks de weerstand die zijn werk soms opriep, groeide hij uit tot één van de meest invloedrijke beeldhouwers van de 20ste eeuw.
    Verschillende stukken worden voor de eerste keer getoond, samen met werk van tijdgenoten (Duchamp, Modigliani, Man Ray, e.a.) en sculpturen van Rodin, bij wie Brancusi kort in de leer ging.

    Wat onze gids ons vertelde kan je ook vinden via deze link

     
     
    De kus

            De vraag is niet of ze kunnen ademhalen-dat kunnen ze niet. 
            Mond en neus zijn platgedrukt tegen die van een ander: geen speld past er tussen. 
            De vraag is ook niet wat ze van elkaar kunnen zien - dat is namelijk niets, zoals 
            dat gaat wanneer netvlies op netvies drukt, wenkbrauw op wenkbrauw, voorhoofd 
            aan voorhoofd kleeft. De vraag is wel wat de kunstenaar dacht toen hij het 
            geabstraheerde beeld uit één blok steen hakte, zaagde en schuurde.

       

    Slapende Muze
     

    Beeld en sokkel vormen één geheel
     

              Een vaak terugkerend thema in het werk van Brancusi is het liggende eivormige                   hoofd. In 1908 stemt hij per uitzondering toe een portret te maken van barones                     Renée Irina Franchon.
               Hij probeert eerst min of meer nog een gelijkend portret te maken maar hij is niet                 tevreden.
               Dan komt hij op het idee om het hoofd neer te leggen, de hals weg te laten en maar               een paar gelaatstrekken over te houden. "de Slapende Muze is geboren".

    Naast mensen vormen ook vissen en vogels een belangrijke inspiratiebron voor Brancusi.
    Ze staan centraal in zijn zoektocht naar het vatten van beweging. Over zijn afbeeldingen van een vis zei Brancusi:"Als ik zijn vinnen, zijn ogen en zijn schubben had weergegeven, zou ik hem laten stoppen met bewegen, zodat ik maar een fractie van de werkelijkheid zou weergeven. Ik heb een glimp willen laten zien van zijn ziel."De vissen die Brancusi maakt in steen en brons kunnen ook letterlijk bewegen, want ze zijn verbonden met hun sokkel door een staafje dat kan ronddraaien.
     
     

     

    Hier zoekt hij naar nieuwe methodes om de beweging door te geven. 
    Bij voorbeeld, de spiegeling op het gladde brons



    Van deze vogel maakt hij een lang uitgerekt exemplaar, zonder details want die zie je niet als hij vliegt. Hij plaatst de vogel op een heel klein puntje op zijn sokkel verbonden net alsof hij op het punt staat om weg te vliegen.
     


    Leda, Vogel in de ruimte

    25-12-2019 om 00:00 geschreven door mave  


    >> Reageer (0)
    20-12-2019
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hallepoort-Broodhuis/ november 2019
    Op het programma van deze activiteit staat in de voormiddag een bezoek aan de Hallepoort voor de tijdelijke tentoonstelling 'Back to Bruegel' en in de namiddag een begeleide rondleiding in het Broodhuis op de Grote Markt van Brussel.
    De Hallepoort bestaat uit 3 verdiepingen. Op de eerste verdieping bevindt zich een permanente tentoonstelling die kunstvoorwerpen bevat afkomstig uit de Koninklijk Musea van Kunst en Geschiedenis van Brussel. Op de 2de en 3de verdieping treffen we de tijdelijke tentoonstelling 'Back to Bruegel' aan. Een bezoek aan de permanente tentoonstelling is wel meegenomen.

       
    De tentoonstelling 'Terug naar Bruegel' doet ons de geschiedenis van de 16e eeuw ontdekken aan de hand van een combinatie van geavanceerde technologie en bijzondere kunstvoorwerpen uit de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis van Brussel. De mythische Hallepoort rees op in 1381 als schakel in de tweede reeks verdedigingswallen die Brussel omsloten.
    De 16e eeuw werd niet alleen gekenmerkt door religieuze oorlogen en gevechten, maar ook door de ontdekking van de nieuwe wereld, de bouw van steden en de bloei van het humanisme.
    Dit is allemaal te vinden in het uniek gebouw dat Bruegel dagelijks zag, waar hij langs liep toen hij in Brussel woonde en werkte.
    Voor de geschiedenis van de Hallepoort kan je best naar de volgende link.
    Op de eerste verdieping komt men in de gotische zaal. Deze zaal is sinds de 14e eeuw zo goed als onveranderd gebleven. Van hieruit werden de mechanismen van de ophaalbrug en het valhek bediend. Deze mechanismen alsmede ophaalbrug en valhek zijn niet meer bewaard gebleven. In de 19e eeuw, toen het gebouw werd omgevormd tot museum, werden de grote ramen toegevoegd. Vroeger werd alleen licht binnengelaten via de smalle schietgaten.
    In de 19de eeuw werd de stadsomwalling afgebroken. Alleen de Hallepoort 
    bleef behouden en werd omgeven door nieuwe boulevards. Ze werd één van de eerste musea in Brussel. De restauratie van het gebouw werd toevertrouwd aan architect Hendrik Beyaert. Aan hem danken we de brede wenteltrap en het nieuwe dak alles in een neogotische stijl.

        
     De paarden van Albrecht en Isabella.

    Deze twee paarden zijn afkomstig uit het hertogelijk paleis op de Coudenberg. Ze behoorden toe aan aartshertog Albrecht en zijn gemalin Isabella, die aan het begin van de 17e eeuw over de Nederlanden heersten. De huid van de overleden paarden is opgespannen op een structuur van hout, metaal en gips. Het zijn de oudst opgezette paarden.
    Het paard van Albrecht draagt een harnas dat paste bij het harnas van zijn meester. Het paard van Isabella had geen harnas, maar er wordt verteld dat dit paard was uitgerust met een zadel met inlegwerk van robijnen en diamanten. Aan de basis van de hals van het paard van Albrecht is een gaatje te zien van de kogel die het paard doodde tijdens een veldslag.
    Wieg van Keizer Karel 

    Deze rijkelijk versierde wieg is één van de eerste voorwerpen die in het 19de-eeuwse Hallepoort-museum werd tentoongesteld. Ze is afkomstig uit het oude Brusselse paleis op de Coudenberg. Vanaf 1406 verzamelden de prestigieuze bewoners, waaronder Keizer Karel en Isabella er allerlei trofeeën, diplomatieke geschenken en souvenirs, die ze tentoonstelden in de oude stallen van het kasteel.
    De wieg werd opgehangen aan de metalen staven die zich aan weerszijden van de wieg bevinden. In tegenstelling tot wat vaak werd verondersteld, is deze wieg waarschijnlijk niet gemaakt voor de toekomstige Keizer Karel, maar voor zijn vader, Filips de Schone.
    Deze hypothese is gebaseerd op de rijke, gepolychromeerde versiering die bestaat uit de wapens van Maria van Bourgondië en Maximiliaan van Oostenrijk, de ouders van Filips de Schone. Het gaat daarbij om twee verstrengelde letters 'M', hun initialen. De letters zijn met elkaar verbonden door een strik en zijn versierd met bloeiende distels.

      Ommegang van 1615, origineel is van Denijs van Alsloot
    in Prado museum Madrid.
    Het is één van een reeks van 6 schilderijen

    Deze kopie van een schilderij bewaard in de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België toont de optocht van de Ambachten tijdens het feest van de Ommegang op de Grote Markt te Brussel. De Brusselse Ommegang ontstond in de 14de eeuw als devotie rond het beeldje van Onze-Lieve-Vrouw van de Zavel. Tijdens deze jaarlijkse optocht defileerde de stedelijke elite waaronder ook de ambachtsgilden. De ambachtsgilden hebben een hele strijd geleverd om tot deze elite te behoren! Ze waren een grote hulp geweest bij de herovering van de stad toen deze in 1356 door Lodewijk van Male werd ingenomen. Vooral de koks en de slagers, die nabij de Grote Markt gevestigd waren, leverden verbeten slag, gewapend met messen en braadspiesen. Toch kregen ze pas na decennia van eisen en opstand in 1421 medezeggenschap in het stadsbestuur en het beheer van haar omwallingen.

    De tentoonstelling 'Back to Bruegel' bevindt zich op de 2de verdieping. Hier staat niet Bruegel zelf centraal maar wel de tijd waarin Bruegel leefde en wel op een bijzonder originele manier. Met een VR-bril neem je, vertrekkend uit een viertal schilderijen van Bruegel, een tijdreis door de 16de eeuw.
    Hier kan je er meer over vinden.


          

    Karel V, keizer van het Heilig Roomse Rijk, keizer van Europa, koning van Spanje, heerser in de nieuwe wereld, Amerika.
    Karel is geboren in Gent in 1500 op 24 februari. Hij verblijft dikwijls in Brussel. Hij voert oorlogen, schittert op het slagveld, in tornooien en tijdens de jacht.
    In 1555 doet hij troonsafstand in zijn residentie op de Coudenberg. Zijn enige zoon, prins Filips, wordt hertog en koning van Spanje. In 1559 verhuist hij naar Spanje.
      
     

    Het paleis op de Coudenberg (17de eeuw)

    Het gebouw vindt zijn oorsprong in de 12de eeuw. In de 13de eeuw wordt het verbouwd tot een prachtig paleis.
    Onder het bewind van Filips de Goede bekostigt de stad de bouw van een prestigieuze pronkzaal, de Aula Magna. De constructie ervan loopt van 1452 tot 1460.
    Gedurende de eerste helft van de 16de eeuw zal Keizer Karel persoonlijk toezien op de verdere uitbouw van het paleis. Een indrukwekkende Gotische kapel wordt opgetrokken.
    Het complex wordt in de loop van de eeuwen regelmatig verbouwd en elke heerser hoopt er zijn stempel op te drukken: opeenvolgend de Brabanders, de Bourgondiërs, de Spanjaarden en de Oostenrijkers.
    Op 3 februari 1731 wordt de helft van het paleis door een brand verwoest. Pas in 1770 wordt het paleis opnieuw opgetrokken, het Koninklijk Plein komt tot stand. het wordt omring door neoclassistische gebouwen en de tuinen worden vervangen door een neoclassistisch park.

      
     
    Virginaal met kermisscène


     
    In 1566 bestormen de beeldenstormers in Vlaanderen en Brabant alle kerken en slaan alle kunstwerken kort en klein. Beelden zijn afgoderij volgen Johannes Calvijn, hervormer. Brussel werd beschermd door de omliggende wallen en de legertroepen van landvoogdes Margaretha. 
    Dit oude beeld uit Anderlecht is onthoofd door een beeldenstormer.


    Op 5 juni 1568 wordt graaf van Egmont onthoofd op de Grote Markt van Brussel wegens landverraad.


    Op de bovenste verdieping, op de weergang, kan je door een magische verrekijker ontdekken hoe Brussel er rond 1550 uitzag.

     

    Wandtapijt van Bernard van Orley

    Bernard van Orley was de leermeester van Pieter Coecke, deze was de 
    leermeester van Pieter Bruegel de Oudere.
    Dit tapijt was betaald door Frans van Tassis, postmeester van Europa.
    Het was besteld voor de kerk van Onze-Lieve-Vrouw-ter-Zavel. 
    Op het tapijt wordt een miraculeus beeldje van Onze-Lieve-Vrouw 
    afgebeeld dat gebracht werd door een Brusselse dame, genaamd 
    Beatrijs Soetken. Ze had het weggehaald uit de kathedraal van Antwerpen.
     

    De wijn van Sint-Maarten, Bruegel

    replica waarvan het originele zich bevindt in het Prado Museum van Madrid.

    Dit schilderij van Bruegel beeldt een landelijk tafereel uit in de omgeving van de 
    Schaarbeekse poort (afgebroken op het einde van de 18de eeuw).
    Links boven zien we deze poort afgebeeld en rechts een kapel met driezijdig koor,
    achteraan de vallei van de Zenne. Elementen die terug te vinden zijn op de 
    topografische kaarten en andere documenten.
    Dat er op die plaats ook wijn werd geproduceerd kan afgeleid worden uit 
    bepaalde straatnamen uit deze omgeving.

       

     
    Het Broodhuis is een museum op de Grote Markt, het historische hart van Brussel. Het is gehuisvest in een neogotisch gebouw, in het Nederlands Broodhuis en in het Frans Maison du Roi genaamd. Deze dubbele benaming vindt haar oorsprong in de geschiedenis van het gebouw: Broodhuis verwijst naar zijn eerste bestemming, een broodhal in de 13de eeuw, terwijl Maison du Roi verwijst naar de titel van de eigenaar van het bouwwerk, de hertog van Brabant; Keizer Karel, "koning van Spanje".
    Het gebouw werd volledig beschermd in 1936 en staat sinds 2000 samen met de Grote Markt op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO.
    Volgend jaar viert de Grote Markt deze inschrijving 20 jaar geleden. In het Broodhuis werd naar aanleiding hiervan een tentoonstelling opgezet.
    Kunstvoorwerpen, schilderijen, etsen en foto's illustreren de woelige geschiedenis, de verschillende functies en gebruiken en gedaanteverwisselingen die de Grote Markt tussen de 12de eeuw en vandaag doormaakte.

     

    Dit originele bronzen beeld van patroonheilige Sint-Michiel waakte van boven op de toren van het stadhuis over de stad sinds 1455. Het bestaat uit
    messingplaten en gehamerd koper, is 5,7 meter hoog en weegt 400 kg.
    Het beeld heeft de grote brand van Brussel, de verschillende invasies van 
    Spanje en Nederland aanschouwd. Maar na 600 jaar in de buitenlucht raakte 
    het beeld te veel beschadigd. 22 jaar geleden besloot de stad daarom het beeld te vervangen door een kopie, het origineel kreeg een plaats binnen de toren echter verborgen voor de vele toeristen.
    Ter gelegenheid van de tentoonstelling werd het verhuisd naar het Broodhuis
    waar het verder zal verblijven.
     

    Ook hier enkele replica van de Ommegang in 1615. Ze tonen de optocht van de Ambachten.
     
    Oliedoek eind 17de eeuw, schilder onbekend.
    De grote brand vernielt de gebouwen op de Grote Markt

    Lodewijk XIV, die zijn rijk aanzienlijk wil uitbreiden, is in oorlog met een alliantie van Europese staten, gekend onder de naam de Liga van Augsburg. Een van die staten is Spanje, waaarvan koning Karel II ook over onze contreien heerst-de zogeheten Spaanse Nederlanden. Brussel vormt bij uitstek een doelwit voor de Franse koning. Door de stad te bombarderen, wil hij zijn macht op spectaculaire wijze laten gelden en zijn tegenstanders de stuipen op het lijf jagen.
     

    Enkele kogels gebruikt bij de bombardementen op Brussel op 13, 14 en 15 augustus 1695 door de troepen van Lodewijk VIX van Frankrijk. Hierdoor stond het centrum in brand. 
    Niet alleen vele gebouwen maar ook kunstwerken en archieven kwamen in de brand om.




      

    Toneelvoorstelling op de Grote Markt te Brussel begin 18de eeuw.
    Schilderij van Balthazar van der Borght.

    20-12-2019 om 00:00 geschreven door mave  


    >> Reageer (0)
    15-06-2019
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Abdij Herkenrode, Hasselt juni 2019
    Abdij van Herkenrode is het voormalige cisterciënzerinnenklooster met abdijhoeve en bedrijfsgebouwen, is gelegen op de zuidelijke Demeroever in Kuringen, deelgemeente van Hasselt.

    In 1179 verliest Gerard, graaf Van Loonde strijd met het prinsbisdom Luik. Noodgedwongen verhuist hij het machtscentrum van Borgloon naar Kuringen. Hij verkoopt een stuk grond aan een broeder uit de Cistersiënzerorde van Aulne met als opdracht een nieuwe abdij als begraafplaats voor hem en zijn nazaten op te richten. Met de opbrengst van de verkoop financierde hij de 3e kruistocht. Zijn zoon Lodewijk II van Loon huwt met Ada, gravin van Holland. De rijke Ada heeft een enorme invloed gehad op de ontwikkeling van de abdij, waarschijnlijk is zij diegene die besliste er een Cistersiënzerorde voor vrouwen te maken. De oorkonde van de abdij dateert van 1217. De abdij van Herkenrode ontwikkelde zich tot de eerste en rijkste vrouwenabdij van de Nederlanden.


       

    Abdissenresidentie
     



     
    Poortgebouw
     

    Permanente Sculpturale installatie van Hans Op de Beeck


    Het stille uitzicht / The Quiet View 2015 (interieur)
     

    Toegang tot de permanente sculpturale installatie

                


    Sacramentskapel 1661



    Het gebouw was een sacristie met de benodigdheden voor de eucharistie of een devotiekapel voor het Heilig Sacrament van Mirakel

    In de indrukwekkende kruiden-inspiratietuin bevinden zich vele kruiden elk met hun eigen verhaal.

     
    Lamiaceae/Salvia sclarea/Scharlei
       
    Vingerhoedskruid

    15-06-2019 om 00:00 geschreven door mave  


    >> Reageer (0)
    07-04-2019
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Duinkerke April 2019

    Duinkerke of Dunkerque was aanvankelijk een vissersdorp en strategisch gunstig gelegen voor de handel tussen Vlaanderen en Engeland.
    Reeds tijdens het bewind van Keizer Karel begonnen kapers de handel op de scheepvaart onveilig te maken. Kapers mochten wel niet doden, wel saboteren om uiteindelijk de buit binnen te halen.
    Duinkerke is bezet geweest door Spanjaarden, Fransen en Engelsen. In 1662 slaagde Frankrijk erin de havenstad van Engeland af te kopen.
    Vauban versterkte de haven en liet een citadel bouwen.
    In 1713 lieten de Engelsen in het Verdrag van Utrecht de vestingwerken afbreken en de haven afsluiten zodat de uitvalsbasis van de kapers onschadelijk werd gemaakt. De handel richtte zich dan op visserij en koloniale waren.
    Duinkerke is nu de derde grootste haven van Frankrijk na Marseille en Le Havre.

    Jean Bart (1650-1702), geboren in Duinkerke, stamde uit een familie van zeelieden.
    Hij was één van de bekende kapers in het gebied van de Noordzee in opdracht van de koning van Frankrijk, Lodewijk XIV.
    In de slag van Texel in 1694 versloeg hij met 6 kleine fregatten 6 Hollandse oorlogsschepen.
    Als beloning werd hij door Lodewijk XIV tot ridder geslagen en benoemd tot commandant van de zeemacht van Duinkerke. Hij werd een echte held in Duinkerke.
    Hij stierf niet tijdens een zeeslag maar ten gevolge van een longontsteking. Zijn standbeeld (beeldhouwer David d'Anger) staat op het vroegere koningsplein sinds 1845.
    Hij werd begraven in de kerk Saint-Eloi (Sint-Eligius) en we vinden hem terug op de gevel van het stadhuis en in een glasraam binnenin.
       


     
    Deze 57 meter hoge toren uit de 15de eeuw was tot 1558 een klokke-
    toren, met carillon en verbonden met de St-Eloikerk. Sinds de Franse
    aanval het enige wat overeind bleef en nu functioneert als Belfort.
    Hier is ook de toeristische dienst gehuisvest.
    De beiaard met 48 klokken speelt om het kwartier.
    Sinds 2005 vermeld op UNESCO-Werelderfgoedlijst

    Na de vernieling in 1558 besloot het gemeentebestuur in 1559 een nieuwe kerk te bouwen
    onder leiding van architect Jean de Renneville. De middelste beuk werd verhoogd en de kerk
    werd vergroot door een aantal aangebouwde kapellen. Wegens geldgebrek werd de toren
    (nu Belfort) niet meer verbonden met de kerk. De onafgewerkte kerk werd afgesloten door
    een 40m lange blinde muur. In 1591 was de kerk nog verbonden met de toren door een
    gaanderij. Tussen 1783 en 1787 werd de kerk grondig verbouwd en raakte de toren definitief
    gescheiden van de kerk. De voorgevel van de kerk werd herhaaldelijk vervangen en
    uiteindelijk tussen 1887 en 1889 vervangen door een kerkportaal in neo-gotische stijl.
    Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd ze nogmaals vernield en na de oorlog in neo-gotische
    stijl gerestaureerd. De voorgevel vertoont nog steeds honderden inslagen van kogels en
    granaten uit de 2 wereldoorlogen.

     
     
    Gedenkteken voor de vele gesneuvelden op het land, de zee en in de lucht onderaan het Belfort
     
        Binnenzicht van de Sint-Eligiuskerk

     
    Grafsteen van Jean Bart in de Sint-Eligiuskerk

     

    Grafsteen van een pagador: pagador is een betaalmeester van de soldij
    voor de Spanjaarden die te klein van stuk waren om deel te nemen aan
    de gevechten. Hiervan afgeleid is 'pagadder' bijnaam voor kleine kinderen.

     
    Werk van Pieter Pourbus, hangt wat ongelukkig achteraan Sint-Eligiuskerk
     
    Offerblok ten gunste van de kapers, staat achteraan in de Sint-Eligiuskerk
     




    Het stadhuis van Duinkerke dateert van 1901 en is opgetrokken in de Vlaamse renaissancestijl. In de nissen bevinden zich Ridders en andere historische figuren
    die iets betekenden voor Duinkerke.
    In de inkomhal staan vele Vlaamse namen van voormalige burgemeesters vermeld. Duinkerke is immers lange tijd Vlaams geweest.
    De toren van het stadhuis wordt het tweede belfort van Duinkerke genoemd, 75 m hoog. Hij werd in 1901 geïnaugureerd door de Franse president Emile Loubet
    en tsaar Nicolas II van Rusland en is opgenomen in de werelderfgoedlijst van Unesco.
    In het midden in een nis bevindt zich het bronzen beeld van koning Lodewijk XIV gezeten op een paard. Het paard staat afgebeeld met één voorpoot opgeheven:
    de ruiter is aldus op het slagveld verwond en elders overleden. (2 poten in de lucht betekent dat de ruiter op het slagveld is gestorven, 4 poten op de grond
    betekent dat de ruiter aan een natuurlijke dood is overleden)


     

    Glasraam van Jean Bart boven de traphal in het stadhuis. De kaper staat er afgebeeld (rechts onder de
    man met de blonde krullen) bij zijn terugkeer na de zeeslag van 1694 die hij had gewonnen (slag om
    Texel).
    De vlag van Duinkerke staat hier verkeerd afgebeeld, bovenste streep moet wit zijn. Lodewijk XIV was
    ook niet aanwezig bij zijn aankomst na de zeeslag.
     

    Op dit werk lieten glazenier Gaudin en ontwerper Tardieu zich inspireren voor het glasraam.
    De prent hangt in het Musée de la Marine in Parijs.


    Kennismaking met de haven door een rondvaart met de TEXEL


    Links het trainingschip la Duchesse Anne, een Duits schoolschip uit 1901.
    Het schip kwam in Franse handen na de Tweede Wereldoorlog als betaling
    voor oorlogsschade. In 1959 werd het uit de vaart genomen en lag te
    verkommeren. Duinkerke heeft het aangekocht in 1980 en laten restaureren.
    Het is nu een geklasseerd monument en is onderdeel van het Havenmuseum
    van Duinkerke over leefomstandigheden van cadetten.

    Rechts ligt het Franse lichtschip Sandettié en diende ter waarschuwing van zandbanken.
    In 1946 werd met de bouw gestart en in 1949 neergelegd bij de zandbank Dyck.
    In 1978 kreeg het een nieuwe bestemming en kwam te liggen bij de zandbank Sandettié
    voor de kust van Calais. Het deed daar dienst tot 1989.
    Het licht had een bereik van 25 zeemijl en flitste elke 5 seconden.
    De bemanning bestond uit 2 personen. Het schip maakt nu deel uit van de collectie van
    het Havenmuseum.



     

    Het havenmuseum, vroegere tabaksloods biedt 500 geëxposeerde werken waaronder scheepsmodellen en havenwerktuigen waarvan hieronder enkele voorbeelden.


           

           



    De Leughenaer, verdedigingstoren uit de 15de eeuw waarop men op
    de uitkijk stond. 'Leugheren' (loeren) betekende 'uitkijken'. Er doen 
    allerlei verhalen de ronde over die uitkijkfunctie. Zo bestaat er één 
    dat de toren zou gebruikt zijn om de schepen te misleiden en op het
    strand te doen stranden. Hij is 30m hoog en octogonaal.
     

    Dat Duinkerke ooit Vlaams is geweeest wordt meermaals duidelijk
    gemaakt door talrijke Vlaamse Leeuwen hier te merken op de Place 
    charles Valentin voor het stadhuis. Op de achtergrond merk je een
    flatgebouw, 75 m hoog en niet hoger dan het nabijgelegen Belfort.
    Het gebouw bestaat uit slecht geïsoleerde appartementen.


    Duinkerke is ook bekend om zijn langdurig vieren van Carnaval. Twee en een halve maand lang komen de carnavalvierders op hun mooist uitgedost bij elkaar, om in een gemoedelijke sfeer te paraderen. Iedere zaterdag wordt er ergens in een wijk een volksbal georganiseerd. Op zondagmiddag geven "bendes" of orkesten meestal de toon aan. Het absolute hoogtepunt blijft de week van Dikke Dinsdag, met optochten van kleurrijke reuzen.
    Tijdens het carnaval worden vanop het balkon van het stadhuis gerookte haringen (kippers) naar beneden gegooid.
    Meer hierover indien interesse!

    07-04-2019 om 00:00 geschreven door mave  


    >> Reageer (0)
    25-03-2019
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Kreken en Polders in het Meetjesland, februari 2019

    'Meetjesland’ of grootmoedersland. Keizer Karel kwam hier in het verleden jagen op jonge vrouwen, maar keerde nadien meermaals ontgoocheld terug naar Gent. 
    Afspraak met de gids aan het station van Eeklo. Nadien met de bus richting Middelburg (Maldegem) een piepklein Middeleeuws dorpje met een grote geschiedenis van Pieter Bladelin.

    Bladelin had door zijn functies binnen het Bourgondische hertogdom een belangrijke politieke en artistieke invloed.

    In 1460 liet hij een triptiek schilderen door Rogier Van der Weyden, waarop hij zelf staat afgebeeld, met op de achtergrond zijn pas voltooide burcht te Middelburg. Zie info.

    Middelburg was 500 jaar geleden een welvarend stadje dat gesticht werd door Pieter Bladelin, een rijke Brugse poorter. Rond 1450 bouwde hij er zijn eigen luxueuze kasteel.  

    We drinken koffie in het Convent van Santa-Clara waarna we via een korte wandeling een bezoek brengen aan de kerk en het kasteel. Foto's zie website.

       

       


    Ooit woonden, werkten en mediteerden er vierentwintig Arme Klaren in het oude kloostergebouw van Middelburg. Nu heeft Paul Verstraete er zijn middeleeuwse praat- en peuzelkroeg Convent Santa-Clara, met trappistenbier. Grote eiken kloostertafels, een middeleeuwse vloer en een prachtig gerestaureerde schouw zijn een belangrijk deel van het uiterlijk. Het terras aan de tuinzijde sluit daar bij aan. In de tuin zijn nog de fundamenten van een kapel en een stukje oude kademuur gevonden.

    Uitbater Verstraete is als het ware vergroeid met Middelburg. De geschiedenis van het grensdorpje heeft hem altijd mateloos geboeid en hij was tot voor enkele jaren ook de eigenaar van de gronden waar het kasteel van Pieter Bladelin stond. Het oudste deel van het gebouw dateert van 1515. Het was één van de eerste slotkloosters van de Clarissen in de streek. Het klooster werd grotendeels verwoest in 1604. Dat was het einde van de zogenaamde Arme Klaren in Middelburg.

    Het dorpje heeft veel meer te bieden dan enkel rust en groen: de schandpaal midden het dorp, de archeologische kasteelsite, de Sint Pieter en Pauluskerk, de Molenkreek, het bezoekerscentrum, het bijenhuis Lekens ...


     




     

     
     

    de Sint Pieter en Pauluskerk, meer info


    Middaglunch in Aardenburg restaurant ‘ den Wijngaard’. Namiddag tocht door polders en kreken. In St Jan in Eremo bezoek aan een eeuwen oude Zeeuwse schuur, met een verzameling oude rijkoetsen in bezit van adellijke familie. Kerk van St Jan De Doper (1682), het 19e eeuwse Godshuis in St Laureins:

    Het Godshuis in de Meetjeslandse gemeente Sint-Laureins is een monumentaal negentiende-eeuws gebouw.


     

    het Godshuis in Sint Laureins, meer info

       


    Het Godshuis, 75 meter lang en 56 meter breed, werd tussen 1843 en 1849 gebouwd in een neoclassicistische stijl met neobarokke en neorenaissancistische elementen. Het fraaie gebouw bevindt zich pal in het centrum van Sint-Laureins. In de jaren 90 van de 20e eeuw stond het hele gebouw te verkommeren, maar vandaag is het prachtig gerestaureerd. Het is nu een hotel, restaurant en feestzaal.

    Tussen 1843 en 1849 werd het Godshuis gebouwd met financiële ondersteuning van juffrouw Antonia Van Damme (1797-1879). De bedoeling was dat het grote gebouw een soort ziekenhuis zou worden voor mensen met moeraskoorts, een ziekte die toen nog frequent voorkwam in het waterrijke Meetjeslandse krekengebied. De bestemming van het gebouw werd een aantal keer gewijzigd doorheen zijn geschiedenis: van tehuis voor bejaarden en gewone zieken, tot een weeshuis en een onderwijsinstelling.

    In 1940 en ook tijdens de bevrijding in 1944 verwierf het Godshuis grote populariteit, omdat de grote kelders een veilig toevluchtsoord waren voor de bevolking tijdens de gevechten.

    In 1999 werd het vervallen gebouw zeer grondig gerestaureerd en in 2004 ging het Godshuis weer open als hotel en restaurant.

     


       

     




    Koffie & versnapering in Krekenpoort en terug via Kaprijke, Lembeke naar Eeklo.


     


            

    25-03-2019 om 00:00 geschreven door mave  


    >> Reageer (0)
    14-12-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Beyond Klimt Bozar - december 2018
    Beyond Klimt

    De tentoonstelling werd opgezet in samenwerking met het Belvederemuseum in Wenen. Ze toont kunststromingen na Klimt in Centraal-Europa. Ze onderzoekt de relatie tussen kunst en politiek in de periode tussen de twee wereldoorlogen. Ze gaat over het uiteenvallen van landen, over kunstenaars die moeten migreren, over de kwellingen van de Eerste wereldoorlog.
     
    Een 80-tal werken van o.a. Gustav Klimt, Egon Schiele, Capek, Oskar Kokoschka, László Moholy-Nagy worden tentoongesteld.  
    Wie vooral voor Klimt de bus opstapte kwam wat bedrogen uit alhoewel we al spoedig door enkelen gewaarschuwd werden. 
    De publiekstrekker van de expositie is het kunstwerk van Gustav Klimt, Johanna Staude.
     
     

    Johanna Staude 1917-1918 Gustav Klimt

         

    Moeder van Oskar Kokoschka 1917

    Romana

    Johanna Staude poseerde verschillende keren voor Klimt. Iets wat
    ze ook deed voor zijn jongere collega Egon Schiele.
    Ze is geboren in Wenen op 16 februari 1883 en stierf aldaar op 2 juli 1967.
    Ze gaf als beroep achtereenvolgens op taallerares en schilder.
    Het portret is onafgewerkt, vooral de mond. Klimt wou dat ze terugkwam 
    naar zijn atelier.
    4 jaar vóór haar dood verkocht ze haar portret aan het Belvederemuseum.

      Oskar Kokoschka was een jonge kunstschilder toen hij in 1911 Alma Schindler, weduwe van de 19 jaar oudere componist Gustav Mahler, ontmoette.
    Er ontstond een heftige liefdesrelatie. Twee jaar lang hadden ze een intense 
    relatie. Hij adoreerde de knappe Alma en  schilderde meerdere portretten van haar. Ze werd zwanger van Kokoschka, maar besloot het kind te aborteren.
    Kokoschka's moeder dreigde Alma te vermoorden als ze de relatie niet beëindigden en patrouilleerde met een vuurwapen door haar straat om het dreigement kracht bij te zetten. Uiteindelijk brak Alma rond 1914 de relatie om terug te keren bij een oudere liefde. Kokoschka was geobsedeerd door Alma, zelfs nadat de relatie voorbij was.
    Hij liet daarom een levensgrote pop van haar maken.
    Hij kon de afwijzing niet verdragen en vluchtte het leger in. Hij overleefde nauwelijks de Eerste Wereldoorlog, na een schotwonde in zijn borst.
    Gedurende deze tijd bleef hij van Alma houden.

    Meer over Oskar Kokoschka

     

    Place de l'Observatoire - Boedapest 1914 József Rippl

    József Rippl is een Hongaars kunstschilder (1861-1927) Hij wordt gerekend tot het symbolisme, synthetisme en postimpressionisme.

     
    De Laatste Mens (1917-1924) Anton Hanak
    bronzen reuzengroot beeld, 200 kg, gerealiseerd van 1917 tot 1924

    Als op 11 november 1918 de Grote Oorlog eindigt werkt Anton Hanak aan zijn meesterwerk:
    Zie de mens: in wankel evenwicht aan de rand van de afgrond

    Anton Hanak, Oostenrijks beeldhouwer 1875-1934

       

    Meisje met kam - zelfportret
    (1926) Marie-Louise von Motesiczky

    Von Motesiczky (1906-1996), opgegroeid in een welgestelde Joodse familie in Wenen, studeert vanaf 1928 enige tijd  aan de academie in Frankfurt. Haar vroege werk vertoont duidelijke invloed van  Duitse expressionist Max Beckman.
    Later wordt haar schilderwijze losser en staat het dichter bij de stijl van Oskar Kokoschka.  Vanaf 1938 verblijft ze  in Londen, waarheen zij met haar moeder is gevlucht. 
    Von Motesiczky’s werk is net als dat van haar twee grote voorbeelden gedeeltelijk naar de werkelijkheid geschilderd (stillevens, landschappen, portretten, waaronder vele van haar moeder), gedeeltelijk op de fantasie gebaseerd en symbolisch geladen.  

                                                                                      

    De macht van muziek 1918-1919 Oskar Kokoschka




    In de macht van muziek brengt Oskar Kokoschka, student van Klimt, zijn gevoelsleven op expressionistische manier tot uiting. Een combinatie van enerzijds warme kleuren voor de mansfiguur en anderzijds koelere tinten voor de vrouw met trompet. Een uitbeelding  van Kokoschka’s emoties naar aanleiding van een onbeantwoorde liefde. Strijd tussen de seksen waarbij de vrouw de man betovert en tot wanhoop drijft.
              

    Study for around a point (1911-1930) Frantisek Kupka

    Frantisek Kupka is een Tsjechisch abstract schilder 1871-1957
     
    Squatting Man - dubbel zelfportret 1918 Egon Schiele

    Egon Schiele (1890-1918), Oostenrijks kunstenaar, jugendstil en expressionisme .

       
       
       





    14-12-2018 om 00:00 geschreven door mave  


    >> Reageer (0)
    15-11-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Antwerpen 'Barok Shock'
    Barock  Shock

    Deze activiteit werd een stadswandeling die ons liet kennismaken met de wonderlijke religieuze kunst uit de 17e eeuw, verwezenlijkt in de twee mooiste barokkerken van Antwerpen: Sint-Carolus Borromeus aan het Hendrik Conscienceplein en Sint-Augustinus in de Kammenstraat. Onze gidsen leidden ons langs de hoogtepunten van de Antwerpse barok en de resterende sporen in de straten, de harten en geesten van de Antwerpenaar. Talrijke gevels in de stijlen van weelderige rococo, pralende neobarok en imponerende beaux-arts. Barok weet ook in 2018 nog hedendaagse kunstenaars te prikkelen en te inspireren.
    We eindigden deze wandeling met een bezoek aan de voormalige Sint-Augustinuskerk, parel van vroegbarokke architectuur, nu het internationale muziekcentrum AMUZ.
     


    Voorgevel van de Sint-Carolus Borromeuskerk, ontworpen door leden van de jezuïetenorde tussen 1615 en 1621, gebouwd bovenop de toenmalige Ankerrui.
    De kerk is een typisch product van de contrareformatie, waarin de katholieke Kerk probeerde het volk weer aan zich te binden door pracht en praal. De jezuïeten speelden hierbij een leidende rol. De voorgevel is geïnspireerd op o.a. die van de Gesù-kerk in Rome, moederkerk van de jezuïeten. Zij is 8 meter hoger dan de kerk zelf.



    IHS met een kruis boven de H en 3 strepen eronder is het embleem van de jezuïeten, de strepen staan voor de nagels waarmee Jezus werd gekruisigd.


    Rubens had als schilder-decorateur-architect een hand in de toren, de voorgevel, het hoogaltaar, het plafondstucwerk en de Houtappel of Mariakapel. De brand van 1718 vernielde 39 plafondschilderingen van Rubens waarvan de schetsen nog bewaard gebleven zijn in het Plantijn Moretusmuseum.


    Het hoogaltaar bestaat geheel uit hoogwaardig marmer en is gespaard gebleven uit de brand in 1718. De wijde vensters op de bovengalerij laten overvloedig licht binnen.


    Het hoogaltaar wordt hier bekroond door het schilderij van Cornelus Schut De Kroning van Maria- (1597-1655) uit de Antwerpse School. Dit schilderij wordt afwisselend gewisseld met de - Kruisoprichting- van Gerard Seghers (1591-1651) d.m.v. een vernuftig katrolsysteem. Drie maal per jaar gebeurt deze wissel - op Aswoensdag, Paasmaandag en 14 augustus onder grote belangstelling. Een derde kunstwerk Onze-Lieve-Vrouw van de Karmel  van Gustaaf Wappers functioneert mee in deze wisseling.
    Vroeger maakten de twee retabels - De mirakelen van de H. Ignatius van Loyola (stichter van de jezuïeten) - en - De mirakelen van de H. Fransiscus Xaverius - van Rubens deel uit van de te vervangen schilderijen. Deze bevinden zich thans in het Kunsthistorisch museum van Wenen. 
    De houten communiebank op de voorgrond dateert uit de 18de eeuw.

    Bij het betreden van één van de twee zijkapellen 'Mariakapel' werden we in vervoering gebracht door de speelse barokkunst. Een juweel dat gelukkig gespaard bleef van de brand  van 1718. Deze realisatie werd mogelijk gemaakt door het mecenaat van de drie gezusters Houtappel van Ranst en hun vader Godefridus Houtappel.  De grafsteen van Godefridus H. bevindt zich vóór het altaar waaronder de grafkelder van de familie ligt.
    De amper vijf à tien minuten durende uitleg van onze gids was te kort om al dit moois te kunnen bewonderen, laat staan alles te fotograferen. De enkele beelden hieronder volstaan zeker niet om al het prachtige wat de kapel te bieden heeft te kunnen opnemen. Daarom, en zeker niet te versmaden, ga je best naar de uitvoerige beschrijving over de Houtappel of Mariakapel.

     


    Kopij (1925) van het altaarstuk 'De tenhemelopneming van Maria' van P.P.Rubens. Het originele werk was oorspronkelijk bedoeld voor de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal, aangekocht in 1776 door keizerin Maria Theresia en bevindt zich nu in het Kunsthistorisch Museum in Wenen.


    Marmeren beelden als patroonheiligen van de opdrachtgevers, de gezusters Houtappel en hun nicht Anna 's Grevens: H.H.Anna, Cristina, Catharina van Alexandrië en Suzanna.


    Het leven van Maria kun je volgen op de tien taferelen geschilderd door Hendrik I van Balen (1560-1632) op de marmeren wanden, opzij en als predella (voetstuk) van het altaar. Bijzonder speels hierbij is dat de nerven van de okerbruine marmeren ondergrond in sommige taferelen aangewend werden voor de rotspartijen terwijl voor de weergave van grote tempelarchitectuur geopteerd werd voor een ondergrond van wit marmer.
    Hier de presentatie van Maria in de tempel. 


    De marmeren communiebank vervangt een houten exemplaar. De schenkster, Anna Houtappel, laatste overlevende van de familie, betaalde de som van 1800 florijnen.
    Centraal staat de gekroonde naam van Maria (links in dit beeld). Bloemsymbolen: de roos van uitverkiezing en lelie van zuiverheid. Plantaardige symbolen voor de aanwezigheid van Jezus in de eucharistie: maïskolven voor het brood van de hostie (het lichaam van Christus) en druiven voor de wijn (bloed van Christus).


    Lieve-Vrouwebeeld op het altaar gemaakt uit het hout van de miraculeuze boom van Scherpenheuvel, geschonken door aartshertogen Albrecht en Isabella.



    Het schilderij "De Terugkeer van de Heilige Familie uit Jeruzalem" werd in 1620 gedoneerd door de Antwerpse burgemeester Nicolas Rockox en aangebracht in de St.-Carolus Borromeus boven het Sint-Jozef altaar.

    Na de opheffing van de Jezuïetenorde werd het werk op 20 mei 1777 in Antwerpen, in 1829 te Brussel, in 1830 te Londen geveild en vervolgens in 1871 aangekocht door het Metropolitan Museum in New York. Een veiling in 1980 bij  Christie's in New York was de voorlaatste stap vooraleer de 'Terugkeer...' terugkwam naar de St-Carolus Borromeuskerk. In 2011 heeft de kerkfabriek van Sint-Carolus Borromeuskerk het werk terug kunnen kopen op een veiling. Daags na de verkoop is het schilderij voor 5 jaar naar KIKIRPA vertrokken voor een grondige restauratie. Sinds 23 juni 2017 hangt het schilderij van Rubens terug op zijn oorspronkelijke plaats in Sint-Carolus Borromeuskerk.


    Verstopt in een inham van de Minderbroedersrui staat dit standbeeld van Paul Van Ostaijen (1896-1928). Dichter van o.a. 'Marc groet 's morgens de dingen...'.
    Wilfried Pas (uit Londerzeel en familielid van Annemie Pas) maakte in 1966 het beeld op het intieme pleintje. Het beeld bruist van de vitaliteit die de dichter en prozaschrijver niet enkel in zijn werk staande hield maar ook in zijn leven.

    Enkele barokgevels tijdens de wandeling:



    Herenhuis in barokstijl in de Mutsaardstraat, oorspronkelijk gebouwd door de familie Van Den Kerckhoven in het einde van de 17e eeuw. Vanaf 1920 gebruikt door de Katholieke Normaalschool en in 1944 zwaar beschadigd door een V-bom in de Minderbroedersstraat. In 2005 gerenoveerd tot wooncomplex met winkels.
     
     

    Koninklijke Academie voor Schone kunsten gevestigd in een pand van het minderbroedersklooster sinds 1811. Resten van de kloosterkerk zijn nog te zien.


    Hotel Delbeke oorspronkelijk gebouwd in 1516 door stadspensionaris A. Herbouts.


    Het Snijders&Rockocxhuis in de Keizerstraat. Meer weten over dit gebouw, eigendom van KBC.


    Keizerkapel in de Keizerstraat

     

    Toren van de Sint-Carolus Borromeuskerk in de Sint-Katelijnevest.

     

    Calvarie in de Korte Nieuwstraat.


    Gebouw op de hoek van de Sint-Katelijnevest en de Beggaardenstraat, gebouwd in opdracht van drukker D. De Vettere. Op het massieve topstuk rust een buste van Johannes Gutenberg, uitvinder van de Europese boekdrukkunst (loden letters).
     
     

     

    De barokke kunst van weleer inspireert nog steeds de huidige kunstenaars, ook in de streetart.

     

    Gevel van de voormalige Sint-Augustinuskerk, thans locatie van AMUZ

    Als sluitstuk van onze rondleiding bezochten we het AMUZ gelegen in de voormalige barokke kerkruimte Sint-Augustinus getransformeerd naar een modern concerthuis.  

    Speciaal voor 'Antwerpen Barok 2018' ontwierp de Antwerpse totaalkunstenaar Jan Fabre drie nieuwe werken die samen met het verhaal van de gerenoveerde kerk, de realisatie van de nieuwe infrastructuur, de basis vormden van deze rondleiding.
    De nieuwe kunstwerken vervangen de altaarstukken die Pieter Paul Rubens, Antoon Van Dyck en Jacob Jordaens in1628 schilderden. De originele schilderijen behoren thans tot de collectie van KMSKA. De kopieën (20ste eeuw) die lang in de Sint-Augustinuskerk hingen, zijn van de hand van Leon Van Ryssegem en kregen een nieuwe bestemming.

    Bij deze drie kunstwerken maakt Fabre gebruik van de dekschildjes van de Juweelkever, zoals bij de permanente plafondsculptuur 'Heaven of Delight' in de Spiegelzaal van het koninklijk paleis in Brussel. Elk apart schildje, restproduct zoals een mosselschelp, heeft een groen-blauwe glans, absorbeert het licht en laat dat tegelijk reflecteren met een iriserend effect zoals parelmoer.
    Fabre werd hiervoor bijgestaan door 10 jonge internationale kunstenaars om de 450.000 keverschildjes op de panelen aan te brengen. Ze werkten er ongeveer 2,5 jaar aan.


     

    Op het hoofdaltaar : 'Het  mystieke contract' vervangt 'H.Familie en de veertien heiligen' van P.P.Rubens

     

    Linkerzijaltaar: 'Het monastieke optreden' vervangt 'Extase van de Heilige Augustinus' van Van Dijck



    Rechterzijaltaar: 'De extatische opname' vervangt ' De marteldood van de H.Apolonia' van Jacob Jordaens


    Blik op de restauratie van het stadhuis op weg naar het restaurant 


    Deze gegoogelde 'dronefoto' geeft ons een verrassend beeld van de Sint-Carolus Borromeuskerk met de 8 meter hoge voorgevel op het Hendrik Conscienceplein en de toren aan de Sint-Katelijnevest.

    15-11-2018 om 00:00 geschreven door mave  


    >> Reageer (0)
    12-11-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hoeilaart september 2018

    De rondleiding vangt aan in het Gemeenschapscentrum Felix Sohie van Hoeilaart dat geopend werd in juni 2012. Het werd genoemd naar de grondlegger  van de Belgische druiventeelt onder glas Zijn borstbeeld bevindt zich in de grote serre, een overdekt cultuurplein dat 'binnen' en 'buiten' zuid- en noordvleugel met elkaar verbindt. De serre verwijst naar de grootschalige druiventeelt van weleer. Hoeilaart wordt dan ook wel eens het 'glazen dorp' genoemd. De druiventeelt werd tot in de tweede helft van de twintigste eeuw in verwarmde serres gedaan.


         

    Het was Felix Sohie die in 1865 te Hoeilaart de eerste serre bouwde ... voor meer  weten zie Ontstaan en Bloei van de druiventeelt.

    Onze rondleiding gaat verder langs het Jan Van Ruusbroecpark waar we verscheidene kunstwerken aantreffen:


    'Lichtvolume' van de kunstenaar Vincent Strebelle (1946°) uit Hoeilaart 

    Dit kunstwerk is een spel van lijnen, plooien, rondingen en schaduwen. Strebell vertrekt hierbij steeds van een A-4papier, dat hij door plooien vorm geeft en vervolgens in staal laat uitvoeren en vergroten. 



     

    'Druiventros' van Thierry Verhelle, (1955°) beeldhouwer uit Tervuren n.a.v. 125 jaar druiventeelt


    Onze gids toont hier het beeld van Jan van Ruusbroec gemaakt door Rik Van Schil, fransiscaner beeldhouwer uit Vaalbeek n.a.v. de viering 125 jaar Sint-Clemenskerk, met als thema 'Hoop op gerechtigheid'- 1999

    Het beeld  is een kunststoffen replica van het bronzen beeld dat uit veiligheidsoverwegingen in het gemeentehuis blijft staan.

    Het is een afbeelding van Jan van Ruusbroec (1293-1381), de eerste prior van de priorij van Groenendaal en een van de grote mystici van het Europese christendom. In 1343 ontvluchtte Ruusbroec met twee andere vrome mannen de wereldse drukte van de stad Brussel en vestigde zich in Groenendaal. In 1350 werd deze 'kluis' een augustijnerklooster. Het klooster overleefde de Franse Revolutie niet. 


    Romeinse Votiefsteen ontworpen door Luc Cauwenberghs, beeldhouwer uit Tervuren (°1953)

     

    Dit beeld verwijst naar de Romeinse aanwezigheid in Hoeilaart. Het bevat een kopie van de votiefsteen ( votief: gebeeldhouwde of geschilderde afbeelding in kerk als dankbetoon voor verkregen gunsten) uit de Romeins-Keltische periode, die in 1870 bij de afbraak van de oude Sint-Clemenskerk gevonden werd. De originele votiefsteen bevindt zich nu in de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis (Jubelpark) in Brussel.

    Uit de tekst op de steen kan afgeleid worden dat hij opgericht werd door een zekere Caius Appianius Paternus, waarschijnlijk een Germaan die diende in het Romeinse leger en na zijn krijgsdienst mocht beschikken over een 'domein', hier in het Zoniënwoud. 




    Kasteel-gemeentehuis. 

    Waar nu het gemeentehuis staat, stond vroeger het uit de 15de eeuw daterende kasteel van de heerlijkheid Terheide. Dit landgoed werd door de baron Jozef de Man d'Hobruge (burgemeester van Hoeilaart van 1823 tot 1846 en van 1848 tot 1854) aangekocht in 1820. 
    Zijn zoon, baron Jean de Man d'Attenrode (burgemeester van Hoeilaart van 1854 tot 1878) liet in het begin van de jaren 1850 het kasteel van de heerlijkheid Terheide afbreken en vervangen door het huidige kasteel, een typisch gebouw uit de periode van de romantiek, waarin natuurelementen en neo-stijlen vermengd zitten. Het werd ontworpen door architect Jozef Claes uit Antwerpen.
    Na de oorlog van 1914-1918, namelijk op 1 december 1919, werd het kasteel door Maxime de Laage de la Rocheterie aan het gemeentebestuur verkocht. De onderhoudskosten werden immers te zwaar. Het kasteel werd hervormd tot gemeentehuis.



    Bij het kasteel horen ook de kasteelhoeve en de Onze-Lieve-Vrouwkapel. De kasteelhoeve is een overblijfsel van het domein van de heerlijkheid Terheide. In haar huidige vorm gaat ze terug tot de 17de eeuw. Hier zijn nu de sociale dienst van het OCMW en de dienst Omgeving gevestigd.  

    Enkele beelden van het interieur van het gemeentehuis. De renovatiewerken (afgerond in 1995) werden grotendeels uitgevoerd door het gemeentepersoneel. Hierbij werd getracht de eisen van een moderne administratie te verzoenen met de eigen sfeer en het historisch kader van dit oude kasteel.
     



    De imposante neoromaanse Sint-Clemenskerk werd ontworpen door de Limburgse architect Herman Jaminé. Ze dateert uit 1874.  Het kerkhof rond de kerk verdween voor de aanleg van een plein en werd overgeplaatst naar de Molenberg. Deze bakstenen kerk met speklagen en koorafsluiting in witte zandsteen heeft geen toren. Opmerkelijk zijn ook de luchtbogen aan de buitenzijden.  



    Het tramstation maakte deel uit van de lijn Groenendaal- Overijse, die bestond uit 2 sporen: een gewoon tramspoor voor het reizigersvervoer en een breder spoor voor het goederenvervoer dat gebruikt werd voor het ransport van druiven, mest en steenkool. In Groenendaal sloot het aan op de spoorweg Brussel-Namen. door de opkomst van het goederentransport per vrachtwagen en van de auto, en door de uitbouw van het busvervoer kwijnde de tramlijn langzaammaar zeker weg. In juni 1958 reed de goederentrein voor het laatst. Het tramstation is sinds 1997 beschermd erfgoed. het werd in 2000 door brasserie Nerocafé in gebruik genomen.
    Marcel Neels alias Marc Sleen liet Nero zijn intrek nemen in het tramstation in het album 'De verschrikkelijke tweeling' (1990). Ridder Marc Sleen woonde in Hoeilaart sinds 1955 en overleed op 93-jarige leeftijd in november 2016.


    In deze brasserie genoten we van ons middagmaal.


    Ook een gewezen inwoner van Hoeilaart was weerman Armand Pien (1953-1990). Een klein museum met zijn naam werd in het gemeentehuis opgericht in 2005.


    De IJse is een riviertje dat een paar kilometer verder westwaarts in het bos van Groenendaal ontspringt en in de Dijle uitmondt in Neerijse (Huldenberg).De talrijke vijvers ontstonden door het werk van de kloosterlingen van de priorij van Groenendaal en later in opdracht van koning Leopold II nog verder uitgegraven in het kader van de verfraaiing van het Zoniënwoud.


    Vooraleer te gaan lunchen begaven we ons naar Sylvies Schoonheidsinstituut dat gevestigd is in een typische serristenvilla.
    Wil je alles weten over Sylvies therapie en haar schoonheidsproducten op basis van geperste druivenpitten ga dan naar www.sylviestherapy.be






    Voor de namiddagactiviteit bezochten we nog één van de overgebleven serristen waar we een rondleiding kregen. Als afsluiting kregen we een glaasje puur druivensap. 
    Heerlijk !!!




    12-11-2018 om 00:00 geschreven door mave  


    >> Reageer (0)
    15-10-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Oudenaarde, Adriaan Brouwer oktober 2018
    Adriaan werd rond 1606 in Oudenaarde geboren als zoon van een tapijtwever. Op jonge leeftijd trekt hij naar de Noordelijke Nederlanden, waar hij roem vergaart in Haarlem en Amsterdam. Nadien trekt hij naar Antwerpen waar hij in 1638 op jonge leeftijd sterft. In deze korte tijdspanne schildert hij een indrukwekkend oeuvre bij elkaar van uitzonderlijk kunsthistorisch belang. 
    Adriaan Brouwer drijft in zijn werk wel eens de spot met mensen en hun gedragingen. Het tentoonstellingsproject ‘Charivari’brengt een 20-tal hedendaagse kunstenaars samen die in hun werk een gezond gevoel voor ironie, kritiek en spot aan de dag leggen, maar ook gedreven zijn door een zoektocht naar schoonheid, poëzie, een gevoel van verheffing en verlichting.

    Een schilder van wereldformaat, van wie het werk in de allergrootste musea hangt: dat is Adriaen Brouwer.  Nooit eerder werden er van zijn zeventigtal werken een kleine helft samengebracht.  

    Reeds tijdens zijn leven was Brouwer befaamd, zijn werken gegeerd. Ook de allergrootsten, zoals Rubens en Rembrandt, bezaten stukken van hem. Zijn schilderijen zijn bovendien een feest om naar te kijken. Een lust voor het oog. Brouwers werk wordt ook vergeleken met dat van tijdgenoten en navolgers zoals Frans Hals, David Teniers en Joos van Craesbeeck.

    Voor de afwezigen tijdens deze uitstap, geen nood,  je kan een uitgebreide reportage over de tentoonstelling opvragen via vrt.be

    15-10-2018 om 00:00 geschreven door mave  


    >> Reageer (0)


    Brancusi
    Archief per week
  • 07/06-13/06 2021
  • 23/12-29/12 2019
  • 16/12-22/12 2019
  • 10/06-16/06 2019
  • 01/04-07/04 2019
  • 25/03-31/03 2019
  • 10/12-16/12 2018
  • 12/11-18/11 2018
  • 15/10-21/10 2018
  • 11/06-17/06 2018
  • 07/05-13/05 2018
  • 16/04-22/04 2018
  • 12/03-18/03 2018
  • 12/02-18/02 2018
  • 08/01-14/01 2018
  • 25/12-31/12 2017
  • 13/11-19/11 2017
  • 25/09-01/10 2017
  • 11/09-17/09 2017
  • 19/06-25/06 2017
  • 08/05-14/05 2017
  • 17/04-23/04 2017
  • 13/03-19/03 2017
  • 13/02-19/02 2017
  • 06/02-12/02 2017
  • 09/01-15/01 2017
  • 14/11-20/11 2016
  • 17/10-23/10 2016
  • 10/10-16/10 2016
  • 12/09-18/09 2016
  • 13/06-19/06 2016

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Inhoud blog
  • Gent en zijn monumenten
  • Bozar: Tentoonstelling Brancusi december 2019
  • Hallepoort-Broodhuis/ november 2019
  • Abdij Herkenrode, Hasselt juni 2019
  • Duinkerke April 2019
  • Kreken en Polders in het Meetjesland, februari 2019
  • Beyond Klimt Bozar - december 2018
  • Antwerpen 'Barok Shock'
  • Hoeilaart september 2018
  • Oudenaarde, Adriaan Brouwer oktober 2018
  • Haven van Gent en rondleiding langs de Maisons de Plaisance en Kastelen in het Meetjesland
  • Bezoek aan Eperon d'Or in Izegem en Belle Epoquewandeling.
  • Roubaix : La Manufactures des Flandres of textielmuseum/ Kapel Sainte Thérèse/Villa Cavrois
  • Leuven, Museum M: Edgard Tytgat
  • Gerhard Richter februari 2018
  • Nieuwjaarslunch: De Mooie Molen-Harpiste Lakshmi
  • Bozar: Ancestors & Rituals
  • 200j UGent
  • Plantijn en Moretus Antwerpen- Luthers Lente in Sint Andrieskerk
  • Basiliek Oudenbosch NL/ Nassauwandeling in Breda
  • Veurne - Kasteel Beauvoorde - Jules Destrooper
  • Scherpenheuvel-Abdij van Averbode
  • le Cateau-Cambrésis / Henri Matisse
  • Uit de archieven van de stad Mechelen.
  • Het Zotte Kunstkabinet-Kazerne Dossin/Museum Holocaust
  • Extra activiteit: Dokter Guy Verhulst, gynaecoloog, spreekt over zijn levenswerk “RENAISSANCE”
  • Harpiste Anneleen Lenaerts
  • Styling en kleuradvies door 'La Patka'
  • Elisabethzaal-De Grungblavers
  • Caermersklooster - Tentoonstelling ´Voor God en Geld'.
  • HST-station Luik-Guillemins / Tentoonstelling ´ 21 rue La Boétie ´
  • Bezoek bedrijf Prins & Dingemanse Yerseke Nederland / Deltawerken
  • Beeldentuin Hugo Voeten in Geel / Rondleiding stad Geel

    Blog als favoriet !


    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!