Bereken de dag van de week waarop 'n bepaalde gebeurtenis uit het verleden plaatsgreep (bvb. je geboortedag) >>> Kalender
T I L D O N K
Gemeente Haacht Prov. Vl.-Brabant
4 km > Haacht
5 km > Werchter 8 km > Tremelo 11 km > Leuven
18 km > Mechelen 20 km > Aarschot 30 km > Brussel
E-MAIL
Druk op onderstaande knop om te e-mailen (vragen, suggesties, opmerkingen, toevoegingen,...).
Je kan ook de 'reageer'-knop gebruiken onder elk bericht.
GASTENBOEK
Dit is onder meer de plaats om je mening te geven over de blog 'Tilloenk vruger'. Of om te lezen wat anderen ervan vinden.
'Festival de Tildonck 1862' Medaille gevonden te Elewijt door Steve Raiguel.
Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek
TILLOENK VRUGER
DEZE BLOG BEGON OP 29 NOVEMBER 2005 EN STOPTE EI ZO NA OP 16 APRIL 2011 NA HET BEREIKEN VAN 1000 ITEMS OVER HET VERLEDEN VAN TILDONK.
MAAR HET BLOED KRUIPT WAAR HET NIET GAAN KAN,
DUS AF EN TOE MAG JE JE NOG AAN WAT MOOIS VERWACHTEN...
Jan Gordts
1937 Trouwfeest Leopold Verbelen en Maria Van Assche en Eerste Mis Jaak Van Assche
Familiefeesten werden soms wel eens gecombineerd, zoals twee zussen die op dezelfde dag trouwen (zie vorige blogposten), of een gezamenlijk communiefeest van twee kinderen uit hetzelfde gezin, ... Dat maakte het ietwat speciaal en was uiteraard ook budgetvriendelijk.
De combinatie van een trouw met een eerste mis van respectievelijk zus en broer is wel uitzonderlijk. Op 9 augustus 1937 trouwde Maria Van Assche (°Londerzeel 5/3/1911) met Tildonkenaar Leopold Verbelen (°11/3/1907) van de Dormaalhoeve. Hun huwelijk werd ingezegend door pater Jaak Van Assche, missionaris van Scheut en broer van Maria, die bij deze gelegenheid tevens zijn Plechtige Eremis opdroeg.
De 'dischkaart' van deze dubbelviering heeft het onder meer over 'ossenharst met hofmoes' en wat verder ook over 'ooft'. Dit hebben we toch wel eventjes dienen op te zoeken ...
Dubbele trouw van de zussen Germaine en Lucienne Bisschop in 1961 (1)
Op 11 juli 1961 was 't groot feest in de familie Jerome Bisschop ('Jerome van Rikkes') en Celine Boedts. Die dag trouwden immers hun beide dochters Germaine (°1938) en Lucienne (°1940). Het gezin woonde in de Sussenhoek op de hoek van de Terbankstraat en de H.Geestweg. Jerome was zelfstandig bobineerder van stiel en Celine baatte er een kruidenierswinkel uit.
De eerste foto is genomen bij het verlaten van het gemeentehuis, op de tweede foto zie je de zussen (nog in hun trouwkleed maar zonder voile) met hun broer Louis in hun midden en op de derde foto hun ouders, Jerome en Celine, bij het buitengaan van de kerk.
1857: 't Kasteeltje en de Mot, oorspronkelijk 2 motten naast mekaar langs de Lips
Grootgrondbezitter Albert Marnef (x met Amélie Willems), toenmalig eigenaar van de brouwerijen Artois en kasteelheer te Wespelaar, bezat talrijke gronden in de gemeenten Wespelaar, Tildonk, Winksele, Buken, Veltem, Boortmeerbeek, Rijmenam, Haacht, Wakkerzeel en Kampenhout. In totaal spreken we over niet minder dan 460 hectare!*
In 1857 gelastte hij de gezworen landmeters Wirix uit Leuven en Petrus Coen uit Kampenhout om een kaartboek op te maken van al zijn eigendommen, en alzo belanden we bij onderstaand kaartje dat deel uitmaakt van bewuste atlas.
Naast de hoeve 't Kasteeltje met omgrachting (de vroegere Nieuwenborg) staat ook de hoeve de Mot getekend (de vroegere Oudenborg), die op dat ogenblik in handen is van de erfgenamen van Joannes Antonius Libau, 'doctoor' te Leuven. Een deel van de grachten van de Oudenborg verdween in 1750 in het vaarttracé. De naam 'de Mot' verwijst naar de oorsponkelijke mottestructuur.
Tussen beide voormalige motten kronkelde de Lips, nadat ze eerst via een sifon onder de vaart liep (zie de versmalling van de vaart op die plaats).
Andere eigenaars van omliggende gronden waren het Iers College, Groot Begijnhof van Leuven, graaf de Lalaing... geen inwoners van Tildonk dus.
-----------------------
*Ter vergelijking: de totale oppervlakte van de gemeente Tildonk bedroeg toen 731 hectare...
'Tildonksche boerinnekens', een lied op tekst gezet in de jaren '30 voor de VKBJ door dichter Jozef Simons (die o.m. ook de tekst schreef van het overbekende kerstlied 'Susa Nina' dat door componist Armand Preud'Homme op toon was gezet).
Het was hem willicht gevraagd door zijn broer Alfons Simons, toenmalig onderpastoor van Tildonk en vaste begeleider van de Tildonkse zangertjes die bijna elke week liedjes brachten op de radio bij 'Nonkel Jan'.
Vrouwelijke Katholieke Burgersjeugd (1930-1963) De Vrouwelijke Katholieke Burgersjeugd (VKBJ) was een "groepering die de katholieke meisjes uit burgerij en middenstand moet opleiden tot deelneming aan het hi�rarchisch apostolaat der Kerk om zo in de eerste plaats de burgerij en de middenstand voor Christus te herwinnen".
Deze jeugdbeweging voor de burgers- en middenstandsmeisjes ontstond binnen het Vrouwelijk Jeugdverbond voor Katholieke Actie. Dit VJVKA wortelde op zijn beurt in de jeugdafdeling van het Verbond van Belgische Katholieke Vrouwen (VBKVJ) uit 1922. Christine de Hemptinne uit Gent speelde in die organisatie een centrale rol. In het VJVKA werd, net als bij de mannelijke tegenhanger, een scheiding doorgevoerd tussen de verschillende jeugdorganisaties van de standen. De VKBJ en de Vrouwelijke Katholieke Studerende Jeugd (VKSJ) bleven door hun beperkt ledenaantal dichter aanleunen bij de koepel en werkten ook onderling nauw samen. VKBJ en VKSJ hadden in de beginjaren dikwijls dezelfde proosten en ook hun secretariaten waren meestal op dezelfde plaats gevestigd. In 1930 telde de vrouwelijke burgersjeugd in Vlaanderen ca. 5000 leden en 100 afdelingen. C�line Verschraegen, VKBJ-proost Raymond Van Bossuyt en VKSJ-proost Frans Tibbaut leidden het nationaal secretariaat, in 1932-1933 gevestigd in de Gentse Peperstraat.
De organisatie beschikte over een mooi tijdschrift, "Nieuwe Tijden". Dat evolueerde langzaam van het algemeen VJVKA-blad tot het exclusief orgaan voor de burgers- en middenstandsmeisjes. Oost-Vlaams en nationaal proost Raymond Van Bossuyt werd in augustus 1936 tot deken te Ledeberg benoemd. De opvolging liet enige tijd op zich wachten. Pas in april 1939 kwam er een nieuwe proost, met name Albert De Beer. Hij zou de VKBJ en de VKSJ (vanaf 1941), leiden tot in de jaren 1950.
Radio speelde vitale rol in de constructie van de Vlaamse culturele identiteit
(16-10-2014) De Vlaamse omroepverenigingen droegen in de jaren 1930 tot aan de Tweede Wereldoorlog bij aan de constructie van de Vlaamse identiteit, het groeiende Vlaamse natiebesef en Vlaamse emancipatie.
Dat blijkt uit het doctoraatonderzoek van musicologe Lieselotte Goessens. Zij doctoreert in de communicatiewetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel bij prof. Katia Segers en in de kunstwetenschappen aan de UGent bij prof. Francis Maes. Lieselotte Goessens bestudeerde de omroepverenigingen in de periode van 1928 tot en met 1939. De omroepverenigingen die bestudeerd werden, zijn de Katholieke Vlaamsche Radio-omroep, Socialistische Arbeiders Radio-Omroep voor Vlaanderen, Liberale Radio-omroep en Vlaams-nationale radiovereeniging. De nationalisten mochten maar 1 dag in de maand uitzenden op de openbare omroep, de rest 1 keer per week. De liberalen mochten dat vanaf 1932. De rest van de zendtijd werd gevuld door het NIR (Nationaal Instituut voor Radio-omroep).
Deze omroepverenigingen identificeerden zich met Vlaanderen en haar cultuur en gaven daar uiting aan op de radio. Ze waren ontstaan vanuit een zeker flamingantisme. Flamingante persoonlijkheden en organisaties waren er bij betrokken zoals het Davidsfonds, en enkele vooraanstaande componisten en musicologen, zoals Floris Van der Mueren of Arthur Meulemans. De radio was een belangrijk strijdtoneel voor Vlaamse emancipatie. De omroepverenigingen hadden wel allemaal verschillende opvattingen over wat Vlaamse ontvoogding inhield. De katholieken wilden vooral culturele ontplooiing en morele verheffing van een achtergesteld Vlaanderen. De nationalisten wilden een zelfbeschikkingsrecht van een onderdrukt Vlaanderen. De socialisten streefden intellectuele, sociaal-maatschappelijke en culturele ontplooiing van de Vlaamse arbeider na door middel van sociaaldemocratie. De liberalen wilden recht op vrijheid voor iedere Vlaming, dat moest worden vastgelegd in de Belgische grondwet. Het onderzoek van Lieselotte toonde aan hoe de verschillen in opvattingen over Vlaamse identiteit en Vlaamse ontvoogding ook invloed had op de artistieke programmatie van de diverse omroepverenigingen.
Vlaamse identificatie vindt onder meer uitdrukking in de cultivatie van een zogenaamde Vlaamse mythscape, bestaande uit verhalen over het Vlaamse verleden, Vlaamse symboliek en Vlaamse kunst, erfgoed en tradities. De omroepen konden dagelijks Vlaamse kunst in de huiskamer brengen en stimuleerden op die manier een Vlaams gemeenschapsgevoel.
17de eeuwse tegel met een "zot" of nar die de rommelpot bespeelt. Carnaval
was van oorsprong het feest van Vastenavond dat vanaf de Middeleeuwen
tot ver in de 18de eeuw in de Nederlanden werd gevierd. Voordat de
vastenperiode begon werden eerst de bloemetjes nog eens flink buiten
gezet. Daarbij bespeelden ze de rommelpot: een pot met daarover een
varkensblaas. Een rietje dat door de blaas heen en weer werd bewogen,
zorgde voor een mysterieus, oud aandoend brommend geluid. De
zottenfeesten verdwenen in de loop der tijd, wat bleef op sommige
plaatsen was de rommelpotterij waarbij kinderen langs de deuren gingen
en daarbij bedelliedjes zongen.
Jan Miense Molenaer, Two boys and a girl making music, 1629 (London, National Gallery). De jongen met het rode hemd bespeelt de rommelpot.
Een rommelpot of foekepot is een oud volksmuziekinstrument dat gebruikt werd in de Nederlanden. Het
bestaat uit een aardewerken pot met een vlies erover gespannen (een
rommelpot is dus een membranofoon). Door het midden van het vlies wordt
een stokje gestoken en vast bevestigd. Dit stokje is bestreken met hars.
Het stokje wordt in de hand genomen en met een wrijvende beweging in
trilling gebracht. In zekere zin is een rommelpot dus ook een
strijkinstrument. De trilling wordt overgedragen op het vlies. De pot
dient als klankkast en versterkt het geluid. Het resultaat is niet erg
welluidend: een soort frroep geluid, dat als een astmatische hijg
beschreven kan worden. Dit geluid wordt gebruikt als ritmische
begeleiding bij solozang. Het 'foek' in de naam 'foekepot' is
waarschijnlijk ontstaan als onomatopee (= klanknabootsing) op basis van
deze klank. 'Rommel' is waarschijnlijk door volksetymologie ontstaan uit
het Brabantse 'romme' (melk). In de 'rommepot' werd melk tot boter
gekarnd. In sommige streken van Nederland (onder andere op het eiland
IJsselmonde tot eind jaren 1950) was het gebruikelijk op Oudjaarsavond
met de rommelpot van deur tot deur te gaan met een liedje zoals:
Rommelpotterij frroep, rommelpotterij frroep geef me een centje en ik ga voorbij geef me een appel of een peer en je ziet me het jaar niet weer. frroep
In vorige bijdrage hadden we het over een zekere band tussen schilder Dirk Bouts en Tildonk. Volgens een artikel in het tijdschrift 'Beeldende Kunst' van 1/4/1939 had hij in Tildonk familie wonen (zijn zwager). Of dienen we hier eerder te lezen dat hij grond kocht te Tildonk?
Alleen de brontekst kan ons hierover uitsluitsel bieden...
Wel, dit schijnt eveneens het geval geweest te zijn met de vermaarde schilder Dirk Bouts, zij het eerder onrechtstreeks. Want wat lezen we in het boek Messager des sciences historiques, ou Archives des Arts et de la Bibliographie de Belgique, Gent, 1866? (We vertalen vrij vanuit de Franse tekst van het boek; de oorspronkelijke tekst van de Leuvense schepenbankakte was in het Latijn opgesteld):
'Op 13 oktober 1450 liet Jan van Leeuwe(= schoonbroer van de schilder, jg)aan Dirk Bouts een eigendom na, met name een omheind terrein gesitueerd op de Roeselberg (Herent), dat zowel landbouwgrond als een wijngaard omvatte, genaamd "Het erf van Thieldonck".
In het boek heeft men het over "L'Enclos de Thieldonck". Het is mogelijk dat het terrein naar de familie "van Tildonk" verwijst, een riddersfamilie die alhier resideerde in de 12de eeuw en die tot in de 15de eeuw regelmatig opduikt bij de Leuvense patriciërs. In dat geval is de band met het dorp Tildonk natuurlijk iets minder nauw...
Het bewust document is overigens niet geheel onbelangrijk, het is namelijk het eerste archiefbescheid waarin Bouts als (portret-)schilder (pictor ymaginum) vernoemd wordt!
Dirk Bouts (Dieric Bouts) is ca. 1410 geboren te Haarlem. Na zijn opleiding tot schilder vestigt hij zich te Leuven en trouwt aldaar in 1448 met Katharina van der Bruggen, met wie hij twee zonen en twee dochters krijgt. Na de dood van zijn vrouw trouwt hij in 1474 voor de tweede maal en wel met Elisabeth van Voshem, de dochter van de toenmalige burgemeester. Dirk overlijdt te Leuven op 6 mei 1475. Zijn lichaam is bijgezet in de kerk der Minderbroeders naast dat van zijn eerste vrouw. Enkele van zijn wereldberoemde schilderijen hangen in de Sint-Pieterskerk, o.a. de triptieken: Het in 1464 geschilderde 'Het Laatste Avondmaal' en 'Het martelaarschap van de H. Erasmus'. Dirk, die wordt gerekend tot een van de belangrijkste Vlaamse Primitieven, werd in Leuven in 1468 de offici�le stadsschilder. Hij werd be�nvloed door Rogier van der Weyden en Jan van Eyk en leidde in zijn atelier diverse kunstenaars op, waaronder zijn zonen Dieric en Aelbrecht. http://comiteleuven.eu/bezienswaardigheden/historie/personen.htmlFrans Peters
Tildonk en omgeving, rampgebied op 14 september 1832 ... (1)
Op
donderdag 14 september 1832 (en niet 14 juli, zoals verkeerdelijk in het bericht staat) had onze streek blijkbaar te lijden van een meer
dan gewone storm. Met vernieling van oogst, vee en huizen, én dodelijke slachtoffers!
Je
zal niet alle dagen een Koninklijk Besluit tegenkomen dat een algemene
omhaling voorziet in al de provincies van het land om de nodige hulp te
bieden aan de gedupeerden van een troppeltje lokale dorpen.
(Bron: Recueil des Lois et Arrêtés Royaux de la Belgique, t. 6, Impr. H. Remy, Bruxelles, 1832)
Je snuistert in een 19de eeuws correspondentieboek van de gemeente Tildonk en tussen de quasi onleesbare hanenpoten die de toenmalige gemeentesecretaris produceerde verschijnt ineens een tekeningske van een man met een stok die een ruiter met hoed (?) tegenhoudt. 'On ne passe pas!!', staat erbij gekrabbeld.
Het moet iets te maken gehad hebben met een geschil tussen ene Nackaerts en ene Van Asselberghs in 1859, doch wie zal het fijne ervan meer dan 150 jaar later nog kunnen achterhalen?!
In de jaren '60 werden er jaarlijks meerdere koerswedstrijden ingericht in Tildonk. Niet zelden grepen deze plaats tijdens een van de vele kermissen (Tildonk-kermis, Brugskes-kermis, Hoekskes-kermis, kermis aan 't Sas, ...) Begin- en eindpunt lagen steeds langs plaatselijke café's, en daar waren er genoeg van toen!
---
Wieler-
en Supportersclub "Tildonk Vooruit", gevestigd in het lokaal bij Jozef
De Coster (café "Onder de Toren", bij Wiske Sunt), vraagt toelating aan de
gemeente om een wielerwedstrijd voor Liefhebbers-Nieuwelingen in te
richten.
Een koers van 75 km, met vertrek aan café "In de Congo" (bij Gustaaf Hermans) en aankomst aan café "Coppi" (bij Louis Gordts).
De af te leggen afstand was al iets groter dan in 1919 ... (zie vorige blogpost)
Laten we het even hebben over Willem Mommaers (°Leuven 1784, +Tildonk 1865), stamvader van een brugdraaiersgeslacht te Tildonk. Immers opgevolgd door zijn zoon Eduardus Mommaers (°Tildonk 1844, +Tildonk 1925) en kleinzoon Josephus Mommaers (°Tildonk 1873, ÷Tildonk 1968), beter gekend als ‘Jef van de brug’.
We vonden Willem terug in een artikel in het Leuvense 'Journal des Petites Affiches' van 19 februari 1865, geschreven bij zijn overlijden. Daaruit blijkt dat Willem-Hendrik-Daniël Mommaers niet zomaar een soldaat van Napoleon geweest is doch dat hij behoorde tot het elitekorps, de 'Garde Impériale', van Napoleon!
Even wat meer duiding.
De soldaten van Napoleon, deel van zijn gigantische 'Grande Armée', waren een multinationale mix van Fransen en militairen uit veroverde en geallieerde gebieden (zoals Belgen, Nederlanders, Duitsers, Polen) die vochten in infanterie, cavalerie en artillerie, vaak na een verplichte dienstplicht met loting, en inclusief elite-eenheden zoals de Keizerlijke Garde (Garde Impériale). Deze eenheid werd op 18 mei 1804 opgericht door Napoleon Bonaparte, was zijn persoonlijke elite-eenheid, een leger binnen het leger, bestaande uit de meest loyale en ervaren veteranen. Het korps groeide van een kleine groep uit tot een enorm machtsblok, bekend om zijn onwankelbare toewijding aan Napoleon, vaak 'de Onsterfelijken' genoemd, en was bekend om zijn deelname aan vele campagnes waarbij het enorme verliezen leed, vooral in de desastreuze Russische veldtocht.
Willem streed niet minder dan 10 jaar lang op verschillende slagvelden en overleefde het allemaal wonderwel. Algemene achting viel hem te beurt na zijn terugkomst en uit erkentelijkheid kreeg de geboren Leuvenaar de post van brugdraaier op de Leuvense vaart te Tildonk.
In 1868
verscheen een boekje uitgebracht door L. Schwannsche Verlagshandlung te Köln u.
Neukirchen. Het had een dubbele titel: Die jungen von der Waldwiese en
Reise durch ein Stückchen deutsches Land. Hoofdauteur was de toen bekende
heimatschrijver Friedrich Wilhelm Grimme.
Eén van de
sagen gaat zowaar over Thildonck bei Löven, duidelijk geen "Stückchen
deutches Land"!
Het is een
mooi stichtend verhaaltje, maar het klopt niet. Het Franse leger waarvan
sprake in de tekst was toen al lang van onze bodem verdwenen. Het klooster in Tildonk werd trouwens pas
opgericht in 1818 toen Hollander Willem I alhier de plak zwaaide.
Als auteur van de sage gokken we op een Duitse zuster
(er verbleven er enkelen in die periode in het klooster van Tildonk), een
Duitse pensionaire of lekenlerares is uiteraard ook mogelijk...
Tijdens de Franse oorlog werd het wapengekletter zelfs tot in het stille dorp
Tildonk in België gehoord. Natuurlijk waren in die streek alle mensen
geschrokken, maar vooral een groep nonnetjes die ten allen prijze een brutaal
treffen niet wilden meemaken. Wat moesten ze dan doen? Ze moesten vluchten, en
zeer snel, want de voorposten bestookten al het klooster.
In doodsangst haalden de nonnen Het OLV-beeld uit hun kapel en plaatsten het
daar waar iedereen langs moest, op de dorpel van het klooster. Dan sloten ze
alle deuren en hingen alle sleutels om de hals van het OLV-beeld, aan wiens
bescherming ze het klooster toevertrouwden. Zo rap ze konden snelden ze het
dorp en het land uit.
Na een half jaar was het
krijgsgewoel afgenomen en de nonnetjes konden zo de terugkeer overwegen.
Met kloppend hart naderden ze
Tildonk, ervan overtuigd dat ze in hun vredig onderkomen geen enkele steen nog
op een ander zouden vinden.
Hoe aangenaam waren ze verrast
toen ze vaststelden dat het OLV-beeld het klooster goed bewaakt had. De
sleutels hingen nog om haar hals, alle deuren waren nog gesloten en geen vijand
had het vredige huis betreden.
Sindsdien vieren de nonnen ieder
jaar op de bewuste dag een dankfeest.
"Tildonk taught me French at the age of 7. Which gave me the inner confidence to go and live in Paris for 5 years - where I was told my accent was Belge... to which I hastily replied: "Yes that's where I learnt it." The fonctionnaire looked so taken aback! Tildonk taught us to look out onto the world without prejudice and with interest in people and the world in general. I remember we were lucky enough to be taken to see The Ballet BEJART in Brussels. We had some very interesting Belgian and American teachers. I can picture them now but have forgotten their names. Tildonk was cosmopolitan."
*1933: Vlaginhuldiging te Tildonk. De socialisten laten zich zien... 'tot spijt van wien 't benijdt'
De opkomst van de socialisten in onze dorpen werd, om het zacht uit te drukken, niet door iedereen toegejuicht. Zoveel is wel duidelijk na het lezen van onderstaand krantenbericht...
De Volkswil, 3/9/1933
Op de bewuste vlag van de Tildonkse Socialistische Werkersbond stond het jaartal 1932 geborduurd terwijl de afdeling volgens onze bronnen pas op 12 juli 1933 werd gesticht!
Ben je benieuwd of je familienaam voorkomt in de blog? Of zoek je info over bvb. het klooster, 'varkens en beren', de vaart, ... Breng je zoekterm hierboven in en je krijgt onmiddellijk ALLE artikels waarin deze term voorkomt!
ZEKER EENS PROBEREN! DIT WERKT DUS NIET MEER
DE FOTO'S IN DE BLOG
Gebeurlijke miniatuurfoto's in het middengedeelte kan je doorgaans vergroten door erop te klikken.
De foto's in de linker- en rechterkolom echter niet, ze zijn dan ook veeleer bedoeld als opsmuk. Het gros kwam je wel al eerder tegen in een artikel in het middengedeelte.
.
WARM AANBEVOLEN
Voor slechts 34 € word je lid van HAGOK, de Haachtse Geschied- en Oudheidkundige Kring. Als lid kan je de meeste activiteiten van HAGOK gratis meemaken. Ontvang je HOGT, een glossy magazine met tientallen kleuren- en andere foto's; elk jaar goed voor meer dan 300 blz. streekgeschiedenis, heemkunde, genealogie, archeologie en wetenschappelijke bijdragen over de dorpen van de driehoek Aarschot-Leuven-Mechelen.
Als lid kan je de artikels over Tildonk, naast alle andere reeds verschenen artikels, en dat zijn er ondertussen meer dan 1500 (!), ten allen tijde gratis online raadplegen. Over Tildonk zelf verschenen doorheen de tijd heel wat uitgebreide bijdragen (de recentste tref je bovenaan het lijstje):
Jan Gordts & Arnold Bonne, Philippine Artois (1886-1977). Een casus van Pseudologia phantastica en mythomania of veeleer berekende fantasie?
Arnold Bonne & Jan Gordts, Cimorné gezien in Tildonk
Jan Gordts, Raar maar waar?! De Tildonkse Sint-Jan-de-Doperkerk is gezegend met een merkwaardige preekstoel
Jan Gordts, Een geval van overbemesting te Tildonk in 1795
Arnold Bonne, West-Vlaamse WO I-vluchtelingen, poserend voor Hôtel du Cygne (1918)
Jan Gordts, Zieltjes redden in 1827. Tildonkse pastoor Lambertz neemt mes van chirurgijn Beckers ter hand
Jan Gordts, Jacobus Evers (°Tildonk 1828), een 'filius septimus' of zevende zoon
Arnold Bonne, Jan Gordts & Freddy Vens, De grauwzusters van Roeselare en andere vluchtelingen tijdens de Eerste Wereldoorlog in Tildonk
Jan Gordts, 1848, de jonge Tildonkenaar Gaspar Gielielmus Engelborgs overlijdt in den vreemde
Kristien Suenens, Een man, duizend vrouwen. De ursulinen van Tildonk
Jan Gordts, 'Ge moet niet alles geloven wat in de gazetten staat...'
Jan Gordts, Vondelingen te Tildonk op het einde van de 18de eeuw
Jan Gordts, De memoires van Tildonks brugdraaier Jozef Mommaers, alias 'Jef van de brug' (1873-1968)
Jan Gordts, Lucienne De Keuster (1923-2015) dochter van de sassenier van Tildonk. Een vergeten partizane
Jan Gordts, Lokalisatie van enkele 18de-eeuwse gronden te Tildonk. Een oefening
Peter Dejaegher, Het gevecht aan de Lips (1266)
Jan Gordts, André Van Aerschot & Jan Cleynhens, Begin september 1944: de bevrijding van Haacht en omgeving
Jan Gordts, Betwisting rond een in 1820 te Tildonk gevonden geldpot
Ward Caes, Een zilvermunt van keizerin Maria Theresia of een pot bier in 1750?
Jan Gordts, 'Life in a Belgian Convent: A Sydney Girl Abroad'. Een relaas uit 1913 door Maie Mason, Australische oud-leerlinge van de Tildonkse ursulinenkostschool
Jan Gordts, Liedeken op de groote moordery geschied tot Tildonck in den nagt op Gulde Mis (1837)
Jan Gordts, Marie Antoinette Caroline van der Gracht de Fretin en het kasteel ter Elst te Tildonk
Jan Gordts, Voorjaar 1814. Het veldleger van "de Zwarte Hertog" Frederik Willem van Brunswijk strijkt neer in onze dorpen
Roger Casteels, Uittreksels uit het frontblad 'Het Kanton Haacht onder de wapens' - (Thildonck)
Jan Gordts, Wat mispeuterden de Tildonkenaren zoal een goede honderd jaar geleden? Een verhaal van onder meer 'varkens' en 'beren'
François van der Jeught, Een nieuwe Van den Gheinklok voor de kerk van Tildonk in 1601
Jan Gordts, Het Tildonkse ursulinenklooster, litho op postkaart 1903-04
Jan Gordts en Guido Abts, De preekstoel met de verkeerde parochieheilige
Germaine Verheyt, 'Maurice Neefs, een oorlogsslachtoffer uit Tildonk
Jan Gordts, Openbare boedelverkoop in 1771 van de Tildonkse hoeve van 'de Tafel van de Grote Heilige Geest van Leuven' (Hof Ter Leeps)
Jan Gordts, Leerlingenwerving voor de internationale kostschool van de Tildonkse ursulinen in de 19de en 20ste eeuw
Jan Gordts, Bijna vier eeuwen Tildonkse pastoors (1626-1999)
Willy Van Langendonck, De waternaam Lips
Hubert Simonart, Tildonk-Banneux 1933-2008. Een uitzonderlijke band
Jan Gordts, Het testament van kanunnik Philippus Van 't Sestich (+ Tildonk 15 oktober 1764)
Jan Gordts, De Tildonkse processie van weleer
Willy Van Langendonck, Het toponiem Tildonk
Jan Gordts, Een Tildonks politiereglement uit 1837
Jozef Hamels, Renners uit onze regio: Maurice Croon
Jan Gordts, De Tildonkse galg
Roger Casteels, Dagboek van de ursulinen van Caen over hun belevenissen te Wespelaar en Tildonk tijdens de Eerste wereldoorlog
Jan Gordts, Tildonk ten tijde van de Oostenrijkse Successieoorlog (1741-1748)
Louis Swiggers, Over Tildonkse dorpsfiguren: Jakke Vanden Acker, alias Sinterklaas; de smed; Jef van Woil; Lewie Van Krieken; Plien Borreman
Jan Gordts, De geschiedenisles van schoolmeester Paulus Goossens over Tildonk (1856)
Roger Casteels, Het Tildonkse ursulinenklooster en de Eerste Wereldoorlog
Jan Gordts,Tildonk beschreven rond 1830 in de 'dossiers d'expertise' van het kadaster
Jozef Hamels, Renners uit onze regio: met Tildonkse connectie
Henri Vannoppen, De familie de Behault du Carmois tegen de achtergrond van de samenleving van Tildonk
Jan Gordts, De Tildonkse notarissen in de periode 1758-1920
Jan Gordts, De bewogen carrière van Leon Vincart, gevolmachtigde minister van België in Venezuela (°Huy, 22 april 1848 - +Tildonk, 6 juli 1914)
Maurice Vandenheuvel, In 1945 was het klooster van Tildonk een Brits legerhospitaal
Jan Gordts, Knechten op de vuist in het 18de eeuwse Tildonk
Jan Gordts, De Tildonkse reuzen Jan en Babs in de kijker
Jan Gordts, Over oude Tildonkse pachthoven. Het hof ter Elst, van pachthof van de abdij van Affligem tot kasteelhoeve van de families Van 't Sestich en Snoy
Jan Gordts, Over oude Tildonkse pachthoven. Het hof te Bettenrode, win- of pachthof van vele heren
Jan Gordts, Gaf Sus Artoos zijn naam aan de Tildonkse wijk Sussenhoek?
Maurice Vandenheuvel, Het Janssenskapelletje (1852) en de familie Janssens te Tildonk
Jan Gordts, Het Tildonks Sticht in de periode 1818-1832, voorloper van het latere ursulinenklooster
Jan Gordts, De Tildonkse handbooggilde van St.-Sebastiaan in het begin van de 18de eeuw
Henri Vannoppen, Schilderijen en kunstwerken rond de notarisfamilie Verzyl te Tildonk
Jan Gordts, De grote kloosterbrand te Tildonk in 1928
Henri Vannoppen, De familie de Behault du Carmois tegen de achtergrond van de samenleving in Tildonk
Jan Gordts, Indische bedevaarders op bezoek te Tildonk in 1935
Maurice Vandenheuvel, Met Tildonkenaars op de vlucht in mei 1940
Jan Gordts, Het ploeg-handmerk van Louis Van Bolle, schepen van Tildonk (1664)
Marleen Rosier, Het Ursulinenklooster te Tildonk. De Art Nouveauzaal
Roger Casteels, Op 26 mei 1940 verloor Tildonk 2/3 van zijn onderwijzerskorps
Marleen Rosier, Het Ursulinenklooster te Tildonk:een bouwhistorisch en iconografisch overzicht
Jan Gordts, 12/8/1942: een Engels gevechtsvliegtuig stort te pletter in Tildonk
Jo Vandesande, Een 18de-eeuwse kaart van Tildonk en Wespelaar
Jos Cools, Tildonk
Jan Gordts, Een drievoudige moord te Tildonk in 1837
Henri Vannoppen, Een beeld van de gemeenten Haacht, Tildonk en Wespelaar rond 1830
Jo Vandesande, Motten en heerlijkheden te Tildonk. Deel II: De heerlijkheid Lauwendries
Jo Vandesande, Motten en heerlijkheden te Tildonk. Deel I: De heerlijkheden Tildonk, Ter Borcht (Nieuwenborg) en Oudenborg, vanaf hun ontstaan tot omstreeks 1650
Bart Minnen, Getuigenissen uit 1390 over de verdeling van de tienden te Tildonk