Genoeg Indianen gezien! Langs immer mooie wegen verlaten we Boruca (eenmaal bespeuren we een wel heel vreemde witte mot op ons autoraampje) en belanden 1 uur later al in Sierpe, waar we de boot naar Drake Bay willen nemen (de auto blijft 3 dagen in Sierpe staan op een bewaakte parking). Maar die gaat pas om 11.30 hr, zodat we nog ruim de tijd hebben wat rond te lopen. Allemaal vriendelijke mensen hier, vooral veel opgeruimde kinderen. Daarna wachten we in het restaurant op de boot van kapitein Alex, die ons naar de Cotingas Lodge zal brengen. De boot zit helemaal vol, dunkt ons, maar toch moeten die lui die nog op de kade staan ook nog mee. Het lukt op een of andere wijze, waarna een leuke boottrip door de mangroves van 1 uur zich ontrolt. Op de oevers enige krokodillen, in de bomen een hele stoet Macaw-papegaaien, maar dat speelt zich te ver van onze lens af. Drake Bay heet zo omdat Sir Francis Drake hier ooit belandde, maar een echte plaats kan je het niet noemen. Er zijn wel veel lodges en die van ons is weer helemaal zo een tropisch paradijsje waar Costa Rica het patent op heeft. Je kan hier ook met het vliegtuig komen (vanuit San José, maar het zijn erg kleine toestellen zodat je lang op voorhand moet boeken) en zelfs met een 4x4, maar dan moet je bereid zijn rivieren zonder brug over te steken en we weten niet of onze mini-SUV dat zou aankunnen. Nee, doe ons maar de boot. In de Lodge komen meer dan eens families apen voorbij, een goede voorbereiding op het nationaal park hier in de buurt. Maar het uitzicht vanuit onze eigen van een hangmat voorziene kamer-met-balkon slaat alles. Groovy! Slechts 1 nadeel: je moet behoorlijk wat trappen doen om boven te geraken. Maar gelukkig stond een sterke jongen van de Lodge op het strand te wachten om daar meteen onze zware koffer op zijn hoofd te nemen, want zelf zouden we die nooit naar onze hoge bungalow hebben gekregen. We geven hem maar een goeie tip, zodat hij meteen gemotiveerd is om die koffer maandag ook weer naar beneden te dragen, als wij hier weer vertrekken.