Bereken de dag van de week waarop 'n bepaalde gebeurtenis uit het verleden plaatsgreep (bvb. je geboortedag) >>> Kalender
T I L D O N K
Gemeente Haacht Prov. Vl.-Brabant
4 km > Haacht
5 km > Werchter 8 km > Tremelo 11 km > Leuven
18 km > Mechelen 20 km > Aarschot 30 km > Brussel
E-MAIL
Druk op onderstaande knop om te e-mailen (vragen, suggesties, opmerkingen, toevoegingen,...).
Je kan ook de 'reageer'-knop gebruiken onder elk bericht.
GASTENBOEK
Dit is onder meer de plaats om je mening te geven over de blog 'Tilloenk vruger'. Of om te lezen wat anderen ervan vinden.
'Festival de Tildonck 1862' Medaille gevonden te Elewijt door Steve Raiguel.
Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek
TILLOENK VRUGER
DEZE BLOG BEGON OP 29 NOVEMBER 2005 EN STOPTE EI ZO NA OP 16 APRIL 2011 NA HET BEREIKEN VAN 1000 ITEMS OVER HET VERLEDEN VAN TILDONK.
MAAR HET BLOED KRUIPT WAAR HET NIET GAAN KAN,
DUS AF EN TOE MAG JE JE NOG AAN WAT MOOIS VERWACHTEN...
Jan Gordts
Update 2/04/2024: de teller werkt terug, de rest nog niet. We hopen af en toe toch nog iets te kunnen toevoegen, dus het blijft zeker de moeite om nu en dan eens langs te komen.
°°°°°°°°°°
Beste bezoeker van ‘Tilloenk Vruger’,
De teller bovenaan de linkerkolom staat al een hele tijd vast op 737.628 views. Maar dat is helaas niet het enige probleem: de zoekfunctie ligt plat, statistieken zijn onbereikbaar, online bezoekers worden niet meer geregistreerd en nieuwe blogs aanmaken lukt niet langer. Het platform Bloggen.be lijkt stilaan volledig stilgevallen.
Volgens de nieuwe eigenaars zouden de bestaande blogs wél online blijven, maar in de praktijk blijkt dat gepaard te gaan met stevige beperkingen...
Daarom pauzeren we voorlopig het bijwerken van de Tilloenk-blog, tot er duidelijkheid komt over wat hier precies aan de hand is. Hopelijk is deze situatie niet definitief, want deze blog blijft ons troetelkindje, een project waarin we bijna twintig jaar lang ontelbare uren hebben gestoken.
De problemen treffen uiteraard ook de honderden andere actieve blogs op Bloggen.be. Ik hoop dat de nieuwe eigenaars beseffen welke impact hun drastische ingrepen hebben. Veel blogs draaien al twee decennia mee, maar op dit moment is er totaal geen communicatie van of met de domeineigenaars.
Het voelt alsof we gewoon niet meer passen in hun commerciële plaatje...
(1) In 1935 verdiende bijvoorbeeld een ongeschoolde metser 4,13 Bfr per uur. Hij moest niet minder dan 230 uur (oftewel 23 werkdagen van 10 uur) werken om zijn radio betaald te krijgen. Zulke dure uitgave was dus niet meteen aan hem besteed
1588: een lazerij of melaatsenhuis in de Mortelstraat
Itinera Nova
Het stadsarchief van Leuven ging in 2009 van start met het project Itinera Nova. De doelstelling van het project bestaat erin om de meest omvangrijke bron uit het ancien régime die in het stadsarchief wordt bewaard, integraal te digitaliseren en gaandeweg ook voor onlineraadpleging te ontsluiten. Die archiefbron bestaat uit 1.127 registers van de Leuvense schepenbank, die samen een onafgebroken periode van meer dan vier eeuwen (1362-1795) bestrijken. Ze vormen een belangrijke en tot op heden onontsloten gebleven historische bron voor de geschiedenis van Leuven en van het hertogdom Brabant (de huidige provincies Vlaams- en Waals-Brabant, Antwerpen en Noord-Brabant). Het project maakt gebruik van de modernste technieken en bestaat uit een gemeenschap van meer dan 50 vrijwilligers, die zich in hun vrije tijd inzetten om deze handgeschreven registers folio per folio in te scannen en te transcriberen.
https://www.itineranova.be/in/home
Momenteel hebben deze vrijwilligers reeds 950.000 beelden ingescand en gedigitaliseerd uit 1.120 registers en 100.000 akten minutieus gelezen en uitgeschreven! Dat dit geen simpel werkje is bemerk je in onderstaand fragment...
Bepaalde akten hebben betrekking op Tildonk en dat interesseert ons natuurlijk danig.
Een voorbeeld: een akte van 12 maart 1588 (SAL 7483) getranscribeerd door Etienne Franckx, leert ons dat er zich toen in de buurt van het Tildonkse Mortelveld een lazerij bevond! Een lazerij was een leprozen- of melaatsenhuis. De herbaene waarvan sprake is de huidige Mortelstraat.
"... ontrent drije boendere(n) eijgens winnens landts gelege(n) in twee partije(n) oft stucke(n) opt mortervelt onder thieldonck aende herbaene aldaer tussche(n) de lazerije ende d'eijcke..."
De Bertrodestraat, een van de oudste straten van Tildonk... (3) Afpaling van een akker in 1792
Foto: Schets (naar een oorspronkelijke tekening uit 1815)(1)van het stuk grond op het Jansveld dat eigendom was van de 'Grote Heilige Geest van Leuven' en dat in 1792 afgepaald werd. De exacte grootte ervan bedroeg: 1 bunder 2 dagwanden en 70 roeden. Het stuk land was toen begroeid met 2 wittelaren, 5 olmen, 7 canada's en 24 knotwilgen en in het noordelijk puntje ervan, tegen de Mortelstraat aan, was een huis gelegen ('chemin dit Postweg, de Malines à Louvain' = de huidige Vijfeikenstraat; 'chemin dit Bertele straete' = de huidige Bertrodestraat).
Tussen de laat-18de eeuwse documenten van de Tildonkse schepenbank bevindt zich een interessante akte die de afpaling beschrijft van een stuk land dat aan 'den Grooten Heiligen Geest van Loven' (2) toebehoorde. Deze Leuvense geestelijke instelling, tijdens het Ancien Régime voorloper van de latere Commissie van de Openbare Onderstand (C.O.O) en van het huidige O.C.M.W., was zowat de rijkste instelling van de omgeving. Zij bezat niet alleen de belangrijkste verzameling kunstwerken van het land (3), zij verwierf daarenboven doorheen de tijden een indrukwekkende hoeveelheid grondeigendommen. Zo was zij in Tildonk onder meer eigenaar van het aloude, imposante (in de 19de eeuw verdwenen) Hof Ter Leeps, dat gelegen was op de grens met Herent en Delle. Ook bezat zij op het Jansveld (gelegen tussen de Bertrodestraat en de Vijfeikenstraat) een partij land, groot: '6 daghwanden salvo justo'(4), 'regenoten' (5): 1) den Postwegh van Loven op Mechelen, 2) de pastorije van Thildonck (6), 3) den heere Lamotte (7), 4) t Clooster van Vrouwperk(8).
De 'momboirs'(9) en de rentmeester van de instelling richtten aan de Tildonkse schepenbank het verzoek om dat land af te palen. En zo geschiedde ook.
Op 12 juni 1792 verklaarden 'Peeter Coremans, Guillielmus Faijaerts, Joannes Janssens, Jan Frans Vanden Schrieck ende Hendrick Gordts, schepenen des graefschappe van Thildonck' hoe zij zich van deze taak hadden gekweten:
'Op de hoecken ofte limiet scheijdinge gestelt vier paelsteenen respective geteeckent HG naest den cant van hetselve stuck lants waer onder wij ondergeteeckende schepenen tot meerder versekering ende getuijgenisse hebben geleijdt ieder een clijn steenken.In teecken der waerheijdt hebben wij aen den H. Geest van Loven verleydt dese tegenwoordige acte. Actum binnen Thildonck desen 12 junij 1792'.
We vragen ons af of het gebruik om een klein steentje onder een scheidingspaal aan te brengen als een soort attestatie, algemeen voorkwam in onze contreien. De letters 'HG' op de palen verwijzen natuurlijk naar 'Heilige Geest'.
(1) Rijksarchief Leuven (RAL), Archief COO Leuven, nr 6810 ('terres et près du Grand Esprit'). (2) RAL, Schepengriffies arr. Leuven, nr 2002 (Tildonk). (3) Maes P.V., Schatten der Armen. Het artistiek en historisch bezit van het O.C.M.W.-Leuven, Leuven, 1988. (4) 6 dagwanden of dagmalen = ca. 2 ha (de roede gerekend aan 20 Leuvense voet; uitleg: zie bijdrage 207); salvo justo: ongeveer. (5) Regenoten: de aangrenzende percelen. (6) Bedoeld wordt 'het land, eigendom van de pastorij (of de kerkfabriek)'. (7) De toenmalige eigenaar van de Bertrodehoeve. (8) De abdij Vrouwenpark te Rotselaar, waar nu het Montfortcollege gelegen is. (9) Momboirs: leden.
De Bertrodestraat, een van de oudste straten van Tildonk... (2)
Het intrigeerde ons steeds dat de oude Tildonkenaren steevast spreken van de 'Bèddelestroat' als ze het over de Bertrodestraat hebben. Maar wie schetst onze verbazing toen we in het Algemeen Rijksarchief te Brussel(1) op bijgaande tekening stootten? Ze dateert uit 1723 en is van de hand van landmeter G. Gansemans die er de te Tildonk gelegen eigendommen van de abdij van Vrouwenpark op weergaf. Onderaan rechts aanschouwen we een figuratieve afbeelding van de kerk en enkele huizen in de dorpskom. Links onderaan is een plannetje getekend van een perceel dat gelegen was tussen de huidige Lipsestraat ('de herbaene van Loven naer Mechelen') en de 7de Liniestraat ('den post wegh'). Maar welke straat wordt er in sierlijke krulletters centraal in de schets vermeld? de Betelle straedt!!
Bovenaan lezen we 'THILDONCK a 18 1/3 vo'. Dit vergt enige verduidelijking. Tijdens het Ancien Régime (d.i. de periode voor de Franse Revolutie van 1789) was er helemaal geen standardisatie van 'maten en gewichten'. Oppervlakten drukte men in onze contreien uit in bunders, dagwanden en roeden (1 bunder = 4 dagwanden (2) = 400 roeden). De (vierkante) roede was een oude oppervlaktemaat maar ook een lengtemaat. En deze laatste werd bepaald door het aantal voeten dat er in gingen. Dit aantal verschilde echter wel eens van dorp tot dorp, en om het nog ingewikkelder te maken: men gebruikte in eenzelfde periode soms verschillende maatstaven naast mekaar. Zo zien we dat in Tildonk in de 17de en de 18de eeuw de roede gerekend werd aan respectievelijk 20 Leuvense voet, 18 1/3 Leuvense voet (zoals in dit geval) en 18,5 Leuvense voet. Het feit dat men sprak van Leuvense voet impliceert bovendien dat ook de voet niet overal even lang was... (3) Bijgevolg was men dus steeds verplicht om op elk plan de gebruikte maatstaf te vermelden. Want de oppervlakte kon nog al eens verschillen al naargelang: zo was 1 bunder gelijk aan 1,3 ha (roede à 20 Leuvense voet) of 1,12 ha (roede à 18,5 Leuvense voet) of 1,09 ha (roede à 18 1/3 Leuvense voet). Lekker ingewikkeld, niet?!
(1) Algemeen Rijksarchief Brussel, afdeling Kaarten en Plannen, nr. 942. (2) Een dagwand (of dagmaal): zoveel land als iemand in één dag kon omploegen of 'wenden'. (3) Leuvense voet: 0,2855 m, Mechelse voet: 0,2780 m, Brusselse voet: 0,27575 m, ... Die van Leuven leefden dus blijkbaar 'op grote voet'.
De Bertrodestraat, een van de oudste straten van Tildonk... (1)
De Bertrodestraat is een van de oudste straten van Tildonk. Kaarsrecht loopt ze van de Mortelstraat tot aan de Bertrodehoeve, waarna ze een bocht van negentig graden maakt. Maar ooit was dat anders. Nog halverwege de 19de eeuw was het een echte kronkelstraat, zoals onder meer op de Poppkaart te constateren valt. De aandachtige wandelaar aanschouwt heden ten dage een boogvormige veldweg die op een bepaald ogenblik de Bertrodestraat verlaat om een kleine honderd meter verder terug op dezelfde straat terecht te komen (ter hoogte van perceelnummer 653 op de kaart): een overblijfsel van de rechttrekking van deze straat. Een lichte depressie in de weide voor de woning met huisnummer 14 (perceelnummer 542) verwijst eveneens naar de oude bedding van de straat aldaar. Historisch leidde de Bertrodestraat naar het primitieve gehucht Bettenrode, met als centrum het hof Te Bettenrode (op de kaart vermeld als Bertroeden hof).
De naam van de straat werd in oude documenten nogal eens verbasterd: Bettelroidssche strate (15de eeuw), Betroeijstraete (1655), Beteroestraette (1663), Betelle straedt (1723), Bettel Roodestraet (1741), Betrauwde straet (1743), Betroeij straet (1765), Bertelloos strate (1777), Bekenrodestraete (1787), Bertele straete (1792), Bortroedestraet (1821), Bertroedestraet (1850), Bertrodestraat (nu). Terwijl de 'oude' Tildonkenaren het nog altijd hebben over de 'Bèddelestroat'!
In de naam Bettenrode kan je twee delen onderscheiden: 'betten' waarschijnlijk afkomstig is van de voornaam Elisabeth, terwijl 'rode' afgeleid is van het werkwoord 'rooien'. Bettenrode verwijst met andere woorden naar een ontginningsfase in de geschiedenis van het dorp.*
* Over de evolutie van Bettenrode naar Bertrode meent naamkundige prof. W. Van Langendonck dat "... de twee vormen Bet en Bert wellicht verward werden, vooral omdat in het Tildonks dialect de -r voor -t wegvalt, vgl. bijvoorbeeld (h)èt uit hart/hard; èët uit er(w)t, enz. Op een bepaald moment is men dan hypercorrect geworden en heeft men gedacht: Bet (wat ze niet meer verstonden) komt van Bert! Wat hier historisch niet klopt, maar het is begrijpelijk vanuit de idee dat het wegvallen van -r dialectisch is. Komt daarbij dat de -n na een doffe -e ook al wegvalt: Bettenrode wordt Betterode... Zie: Gordts J., 'Over oude Tildonkse pachthoven. 2. Het hof Te Bettenrode, win- of pachthof van vele heren', HOGT 19 (2004) 28-46.
Het tracé van de Bertrodestraat in 1850 (Popp). De straat noemt op de kaart deels Bertroede straet, deels Bertroede weg.
De annalen van de ursulinen van Tildonk, zowat hun dagboek, staan vol met weetjes.
Ons oog viel op een passage die het had over een verstopping van het sanitair. We vertalen vrij vanuit het Frans:
"1961 - Sanitaire werken - Op 30 oktober deed er zich een verstopping voor. Gelukkig waren de meeste leerlingen met vakantie.
Gommaire Peeters van de Spaanse hoeve - het oudste huis van Tildonk, daterend van 1642 - was zo vriendelijk om ons uit de nood te helpen.
Stad Leuven zal onze putten ledigen ..."
Wat ons opvalt in de tekst is de vermelding van 't Kasteeltje als de "Spaanse hoeve". Het is de eerste keer dat we die benaming voor dit gebouw tegenkomen.
1642 valt natuurlijk midden in de periode waarin de Zuidelijke Nederlanden zich onder Spaans bewind bevonden (1556-1715). Vandaar toch Spaanse hoeve?
Je krijgt in onderstaande tekst meteen ook de pree mee van de Leuvense stadsarbeiders zoals die in 1961 gefactureerd werd, zijnde ongeveer 100 fr/uur...
Knechten op de vuist in het 18de eeuwse Tildonk...
Foto: Op de voorgrond, achter de muur van de pastorietuin, ontwaren we de herberg 'het Pannenhuijs'van meier Jan De Coninck alwaar de 'aertsgaten' in de gracht werden geduwd. Het imposante klooster op de achtergrond moeten we hierbij eventjes wegdenken want dit werd pas opgericht in de 19de eeuw (detail postkaart 1906).
Knechten op de vuist in het 18de eeuwse Tildonk*
Gekrakeel, vechtpartijen, vandalisme... De krant staat er soms vol van maar toch is dit niks nieuws onder de zon want ook in vroegere tijden werd er aardig wat gebakkeleid en geknokt. Onderstaande twee teksten troffen we aan in het archief van de Schepengriffies van het arrondissement Leuven (1). De histories spelen zich af in het rurale Tildonk op het einde van het Ancien Régime en de hoofdacteurs zijn telkens knechten. Nog meer dan de omliggende dorpen bezat Tildonk in die periode een aantal grote pachthoven waarop meerdere knechten hun kost verdienden: Dormaalhof (Hambos), Terbankhof (Hambos), Nieuwenborg (Hambos), hoeve van het Iers Collegie (Hambos?), hof Ter Elst (Hambos), Bettenrodehof (Bertrodestraat), hof Ter Cammen (Mortelstraat), H. Geesthof (grens Winksele-Delle-Herent), Vijfeikenhoeve (Vijfeikenstraat), Voetemhof (Terbankstraat), ... Een knecht werkte tegen kost en inwoon, een echt loon zat er niet in. Hij stond dan ook helemaal onderaan op de sociale ladder en was heel dikwijls ongeletterd. Er waren verder zeer weinig ontspanningsmogelijkheden, de vrije dag werd meestal in de herbergen in de omliggende dorpen doorgebracht. Een en ander verklaart de toch wel banale ruzies en vernielzucht die aan het handgemeen, waarover we het hieronder hebben, voorafgingen. Het feit dat de meier en schepenen (= de wethouderen) getuigenverklaringen optekenden duidt erop dat de daders nadien voor de gepleegde feiten gerechtelijk vervolgd werden. Snuistert u even mee in de 18de eeuwse getuigenverklaringen? Van Algemeen Nederlands was toen nog geen sprake, zoveel is duidelijk...
Eenighe vechterije geschiet binnen de prochie van Thildonck op den 24e junij 1770(2)
Samenvatting: Een drietal knechten uit Wilsele halen een vandalenstreek uit in de omgeving van de pastorie van Tildonk en gooien er enkele "aertsgaten" (3) in de gracht. Een vierde knecht die van het voorval getuige is, maakt een opmerking maar wordt daarop door hen afgetroefd. Een vijfde knecht kan de vorige ontzetten van zijn belagers. De veldwachter komt eraan, wil een der daders arresteren, doch wordt op zijn beurt in mekaar geslagen. Een meester-chirurgijn uit Leuven stelt in een attest de verwondingen vast.
Informatiens preparatoires, genomen door die wethouderen des graefschappe van Thildonck (4) ten versoecke van Jacobus Vanden Schrieck, drossaert over der selven heerelijckheijt, over eenighe vechterije geschiet binnen deselve prochie op den 24e junij 1770. Is gecompareert Jan Cool, cnecht bij Peeter Trappeniers, pachter onder Herent, oudt ontrent de 19 jaeren, hier toe gedaeght per den officier Jan De Vleeschouwer ende gestelt in eede door den meijer deser prochie, tuijght ende verclaert dat hij deponent op den 24 junij 1770 is geweest ten huijse van Peeter Vanden Bosch, dat hij van daer sijn affscheijt heeft genomen van tusschen den seven ende acht uren des savonts vanden selven dagh ende gecomen sijnde ontrent de pastorije alhier heeft gehoort eenigh gerucht ende geschreeuw ende voorts heeft hij deponent gesien dat seeckeren Christiaen 2e peerdencnecht woonende bij Jan Verhulst woonende onder Wilsel heeft aengevat seeckeren Jan Luijten eersten peerdencnecht woonende bij Jan Michiels (5) onder dese jurisdictie. Gelijck oock heeft hij deponent gesien dat seeckeren Jan Sterckx eersten peerdencnecht woonende bij den pachter Jan Van Haeght onder het selve Wilsel den gemelden Jan Luijten oock is toegecomen. Hebbende den deponent gesien dat de twee lest genoemde cnechten den gemelden Luyten differente slaegen hebben toegebracht. Verclaerende hij deponent voorens gesien te hebben dat corts daer naer aldaer is aengecomen seeckeren Jan Bols, innegesetenen van Rotselaer, den welcken dese vechterije heeft gestilt, dat een weijnige daer naer aldaer ter plaetse voorschreven is aengecomen Jan De Vleeschouwer, officier deser prochie, den welcken den voorschreven Christiaen ende Jan Sterckx over de vechterije heeft gecalengeert (6) ende gearresteert. Als wanneer dese twee lest genoemde persoonen beneffens seeckeren Jan Cremers, oock cnecht bij pachter Verhulst, den gemelden officier sijn toegevaeren ende aen denselven toegebracht differente slaegen, soodaenigh dat hij ter aerde was gevallen.
- Eodem is gecompareert Jan Luijten, woonende bij Jan Michiels, pachter alhier.
- Jan Luijten verklaart dat hij op 24 juni, toen hij uit het huis van de meier (7) kwam, zag dat de twee knechten van pachter Verhulst van Wilsele evenals een knecht van pachter Van Haecht uit hetzelfde Wilsele bezig waren enkele aarsgaten in de gracht te stoten.
... dat den deponent hun daer over heeft vermaent seggende dat sulckx niet wel gedaen en was, dat naer eenighe woorden de selven cnechten hem hebben aengepackt ende aenden selven toeghebracht differente slaeghen soo op sijn hooft als op sijne lede, soodanigh dat het bloedt uijt des selffs hooft in abondantie was vloijende alswanneer den deponent overvallen sijnde heeft geroepen tot hulp. Dat daarop is aengecomen seeckeren Jan Bols, woonende tot Rotselaer, in sijne handt hebbende eenen stock, alswanneer dese voorschreven cnechten den deponent hebben los gelaeten, hebbende den deponent alsdan de vlucht genomen ten huijse van Francis Vildieu, alwaer hij deponent heeft gesien dat sijnen casack ten deele doorsneden was. Voorders verclaert den deponent corts daer naer gesien te hebben dat Jan De Vleeschouwer, officier van alhier gansch bebloeijt stont.
- Jan De Vleeschouwer verklaart op zijn beurt dat hij die bewuste avond drie personen omtrent de pastorie zag staan. Hij wou een van hen arresteren doch kreeg een vuistslag op zijn hoofd en heel wat slagen en stampen over zijn ganse lichaam. Hij was tengevolge hiervan acht dagen bedlegerig en werd onderzocht door een Leuvense chirurgijn.
- Een laatste getuige is de hierboven reeds vernoemde Jan Bols, 36 jaar oud en afkomstig uit Rotselaar. Hij kwam bij de pastorie van Tildonk aan en zag dat drie mannen Jan Van Luijten aanrandden. Deze riep om hulp:
... dat den selven Jan Van Luijten tot den deponent was schreeuwede dat hij hem mochte helpen ofte dat sij hem soude doodt gesmeten hebben, dat den deponent daerop tot de voorschreven drije manspersoonen heeft geseght houdt op oft ick slaeghe u doodt. Dat eenen van de voorschreven drije manspersoonen den selven Jan Van Luijten met den cop was houdende om hem alsoo tegens den muer te smijten. Dat eijndelinge deselve persoonen den gemelde Luijten hebben los gelaeten alswanneer voorschreven Luijten den vlucht heeft genomen ten huijze van Frans Vildieu. Hebbende hij deponent gesien dat den selven Luijten gansch bebloeijt was ende desselffs casack doorsneden was. Hebbende den deponent voorder gesien dat Jan De Vleeschouwer officier aldaer is aengecomen den welcken de voorschreven drije manspersoonen heeft gecalengeert als wanneer de selven manspersoonen den gemelden officier hebben ter aerde gesmeten ende eenen van hun met den pollevie op desselfs aensight toegebracht eenen stamp. Eeijndelijck verclaert hij deponent dat den gemelden officier in sijn aensight heden was gequetst soodanigh dat het bloet daer uijt in groote abondantie was vloeijede...
- J. Bt. Mommaers, meester-chirurgijn uit Leuven, schreef volgend attest:
Den ondergeschreven verclaert van op den 24 juni 1770 gecureert te hebben sekeren persoon met name Jan De Vleeshouwer, dienaer van het graefschap van Tildonck, bevonden gequetst te sijn aen sijn hooft, veroorsackende een opende wonde van op sijn recht voorhooft over de wenbrauwe over sijn oogh tot neffens ende door sijnen neus (?). Item alnoch een wonde achter sijn oor het gene moet geschiet sijn met een mes oft ander instrament. In teecken der waerheijt hebbe dit onderteekent den 24 juni 1770, Joannes Baptista Mommaers(?) meester serusijn der stat Loven.
Discours en chicaeneover de welgemaecktheijd van elkanders beenen,Thildonk den 11 Julij 1785 (8)
Samenvatting: Het hiernavolgende gebeuren speelde zich af op de Nieuwenborg. Guilliam Weltens, dienstbode bij pachter Jan De Wit (9) komt in aanvaring met diens zoon Antoon De Wit. Wat begint met enkele onnozele opmerkingen over de 'welgemaaktheid' van mekaars benen (!) eindigt op vuistslagen. Antoon De Wit ontvangt een pandoering en ook zijn zuster Marie Anne deelt in de klappen.
Informatiens preparatoir genomen door die ondergeteekende schepenen van Thildonck ten versoecke van Sr. Joannes De Coninck drossaert van aldaer, over eenige slaegen toegebracht aen Anthonius Dewit sone Jan binnen t voirschreven Thildonck desen 11 Julij 1785.
Is gecompareert Joannes Haé, gebortig tot St Truijen, actuelen dienstbode woonachtig bij pachter Jan de Wit binnen Thildonck, gedaeght ende in eede gestelt, den welcken verclaert op den 3 julij gepasseert, gesien te hebben dat Guilliam Weltens, oock dienstbode bij d(aegher)e Jan De Wit, zijnde aende voordeure van het huijs, in geselschap van Anthoen De Wit ende met denselven in discours en chicaene over de welgemaecktheijd van elkanders beenen, eijndelijck den voorschreven Anthoen De Wit heeft toegebracht eenige slaegen met sijn vuijst op deselfs hooft, sonder dat d(aegher)e Anthoen De Wit hem eenighsints verweert heeft. Verclaerende voorts oock gesien te hebben dat de huijsvrouwe van d(aegher)e Jan De Wit met hare schoondochter Marie Anne te helpe comende om sulckx te beletten, dese laeste oock eenige slaegen heeft gegeven, voorts drijgende de eerstgenoemde haer oock van t selve te geven ingevalle sij vandaer niet en ginck. Verclaerende tgene voorschreven te bestaen in de oprechte waerheijt ende naer voorlesinge heeft hij daer bij gepersisteert ende dese onderteeckent. (X t hantmerck van Joannes Haé verclaerende niet te connen schrijven).
Is oock gecompareert Jan Baptist Vandevelde, oudt 17 jaeren, gebortig van Winxele, gedaeght ende in eede gestelt als den voorgaenden, den welcken verclaert op den 3 julij gepasseert gesien te hebben dat Guilliam Weltens, oock dienstbode beneffens hem comparant bij pachter Jan De Wit, staende alsdan aen de voordeure van het huijs in geselschap met Anthoen De Wit, sone Jan, ende met denselven in discours sijnde ende laeter in chicaene tredende aengaende de welgemaecktheijd van elckanders beenen, eijndelijck aenden voorschreven Anthoen De Wit eenige slaegen heeft toegebracht, te weten twee met sijn vuijst op deselfs hooft ende twee ofte drij met de platte handt op het hooft ende rugge van den voorschreven Anthoen, sonder dat desen laesten hem eenighsints verweirt heeft, verclaerende voorts oock gesien te hebben dat sijne suster Marie Anne De Wit te helpe comende om sulckx te beletten, oock eene slag heeft gecregen op haer hooft van denselven Guilliam Weltens. Verclaerende hij deponent sulckx te bestaen inde oprechte waerheijt ende naer voorlesinge deser heeft hij daerbij gepersisteert ende onderteeckent. (X d' handmerck van Jan Baptist Vandevelde, verclaerende niet te connen schrijven; Peeter Coremans, Quod attestor, H. De Lellio, secretaris).
* Overgenomen uit:Gordts J., 'Knechten op de vuist in het 18de eeuwse Tildonk', HOGT 16 (2001), 220-225.
(1) Algemeen Rijksarchief Brussel (ARAB), Schepengriffies arrondissement Leuven, nrs. 1999 - 2002: schepenregisters van Tildonk, periode 1770-1790. (2) ARAB, Schepengriffies arrondissement Leuven, 1999, akte nr. 3-3. (3) Aarsgat: het ondereind van een gevelde boom (Van Dale). In ons dialect spreekt men van een 'eiesgat'. (4) Het document werd ondertekend door meier Jan DE CONINCK en schepenen Hendrick GORTS, Giliam FIJARDTS en Peeter COREMANS. (5) Jan MICHIELS (x Petronella GORDTS) was pachter op het hof Ter Elst (de hoeve Van 't Sestich). (6) Calengeren: aanklagen, berispen (Verdam). (7) De meier was Jan DE CONINCK (x Elisabeth SMEDTS) die de herberg 'het Pannenhuijs' openhield, gelegen op de oude dorpsdries naast de pastorie. (8) ARAB, Schepengriffies arrondissement Leuven, 2002, akte nr. 16. (9) Jan DE WIT (=Bertem 4/1/1731, +Tildonk 12/7/1808) huwde in 1756 Catharina MOMMAERS (°Duisburg +Tildonk 4/11/1778), waarvan hij 8 kinderen had w.o. de voornoemde Antonius (°Tildonk 20/4/1762) en Maria Anna (°Tildonk 5/10/1768). Na de dood van zijn vrouw hertrouwde hij met Maria Elisabeth SCHAVEYNE , die hem nog eens 7 nazaten schonk! Van 1778 tot 1785 was hij pachter op de Nieuwenborg en voordien pachtte hij de vlakbijgelegen hofstee van het klooster van Terbank (ARAB, Familiearchief de Lalaing, 1639, 1648). In 1785 bewerkte hij zijn akkers met de hulp van niet minder dan 9 paarden (ARAB, Schepengrifffies arr. Leuven, 5569). Hij was tevens schepen van Tildonk in de periode 1761-1773.Jan DE WIT was een van mijn voorouders (Kw70) en verwant met de gekende pachtersfamilies GORDTS, JANSSENS, VANDENHEUVEL en VANDENSCHRIECK.
17de eeuwse tegel met een "zot" of nar die de rommelpot bespeelt. Carnaval was van oorsprong het feest van Vastenavond dat vanaf de Middeleeuwen tot ver in de 18de eeuw in de Nederlanden werd gevierd. Voordat de vastenperiode begon werden eerst de bloemetjes nog eens flink buiten gezet. Daarbij bespeelden ze de rommelpot: een pot met daarover een varkensblaas. Een rietje dat door de blaas heen en weer werd bewogen, zorgde voor een mysterieus, oud aandoend brommend geluid. De zottenfeesten verdwenen in de loop der tijd, wat bleef op sommige plaatsen was de rommelpotterij waarbij kinderen langs de deuren gingen en daarbij bedelliedjes zongen.
Jan Miense Molenaer, Two boys and a girl making music, 1629 (London, National Gallery). De jongen met het rode hemd bespeelt de rommelpot.
Een rommelpot of foekepot is een oud volksmuziekinstrument dat gebruikt werd in de Nederlanden. Het bestaat uit een aardewerken pot met een vlies erover gespannen (een rommelpot is dus een membranofoon). Door het midden van het vlies wordt een stokje gestoken en vast bevestigd. Dit stokje is bestreken met hars. Het stokje wordt in de hand genomen en met een wrijvende beweging in trilling gebracht. In zekere zin is een rommelpot dus ook een strijkinstrument. De trilling wordt overgedragen op het vlies. De pot dient als klankkast en versterkt het geluid. Het resultaat is niet erg welluidend: een soort frroep geluid, dat als een astmatische hijg beschreven kan worden. Dit geluid wordt gebruikt als ritmische begeleiding bij solozang. Het 'foek' in de naam 'foekepot' is waarschijnlijk ontstaan als onomatopee (= klanknabootsing) op basis van deze klank. 'Rommel' is waarschijnlijk door volksetymologie ontstaan uit het Brabantse 'romme' (melk). In de 'rommepot' werd melk tot boter gekarnd. In sommige streken van Nederland (onder andere op het eiland IJsselmonde tot eind jaren 1950) was het gebruikelijk op Oudjaarsavond met de rommelpot van deur tot deur te gaan met een liedje zoals:
Rommelpotterij frroep, rommelpotterij frroep geef me een centje en ik ga voorbij geef me een appel of een peer en je ziet me het jaar niet weer. frroep
Een kaartje met nieuwjaarswensen, verstuurd vanuit het klooster van Tildonk op 1 januari 1899.
In die tijd bestond de leerlingenpopulatie van het internaat uit een zeer diverse groep. De leerlingen kwamen uit tal van landen, zoals Nederland, Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland, Polen, Engeland en natuurlijk België.
Rond het jaar 1899 beleefde de kostschool haar gloriedagen. Dat studentes, zoals Käthi Kreis, uit alle windstreken naar het toenmalige "pensionaat" in het kleine Brabantse dorp trokken, had te maken met de uitstekende reputatie van het talen-, etiquette- en deugdenonderwijs dat de zusters Ursulinen aanboden. De aanwezigheid van meisjes uit Centraal-, West- en Oost-Europa zorgde destijds voor een kosmopolitische sfeer binnen de muren van het imposante klooster.
De tekst op het kaartje, geschreven in het traditionele Duitse Kurrentschrift dat wat afwijkt van het huidige Latijnse schrift , luidt als volgt:
"Lieber Herr Kreis!
Sende Ihnen, Ihrer lieben
Frau und Heinrich, meine
herzlichsten Glückwünsche zum
neuen Jahre
Ihre Käthi Kreis."
Blijkbaar was Herr Kreis (‘Obersteiger’= hoofdopzichter / mijnbouwingenieur) genoeg bekend in de stad Neunkirchen, die rond 1900 ca. 28.000 inwoners kende, zodat de postbodes wisten waar de kaart te droppen niettegenstaande er geen verder adres op vermeld stond. Merkwaardig.
Onlangs stuitte ik op een reeks oude notities en ruwe schetsen die ik in 1976 maakte. In die tijd lagen er op de zolder van de pastorie in Tildonk verschillende obiits — adellijke rouwborden — rustig stof te vergaren. De heraldische terminologie was me toen nog volledig vreemd; woorden als sabel, keel, sinopel, azuur, argent en or zeiden me niets. Daarom hield ik het in mijn nota's dan maar op zwart, rood, groen, blauw, wit en geel... Pas veel later vernam ik dat de familie de Behault du Carmois de baronstitel droeg — iets waar ze, geheel in overeenstemming met haar discrete karakter, nooit mee heeft uitgepakt.
Ben je benieuwd of je familienaam voorkomt in de blog? Of zoek je info over bvb. het klooster, 'varkens en beren', de vaart, ... Breng je zoekterm hierboven in en je krijgt onmiddellijk ALLE artikels waarin deze term voorkomt!
ZEKER EENS PROBEREN! DIT WERKT DUS NIET MEER
DE FOTO'S IN DE BLOG
Gebeurlijke miniatuurfoto's in het middengedeelte kan je doorgaans vergroten door erop te klikken.
De foto's in de linker- en rechterkolom echter niet, ze zijn dan ook veeleer bedoeld als opsmuk. Het gros kwam je wel al eerder tegen in een artikel in het middengedeelte.
.
WARM AANBEVOLEN
Voor slechts 36 € word je lid van HAGOK, de Haachtse Geschied- en Oudheidkundige Kring.
Als lid geniet je van tal van activiteiten van HAGOK, gratis of aan een voordelige ledenprijs. Je ontvangt bovendien HOGT, een glossy tijdschrift boordevol kleurenfoto’s en artikels. Jaarlijks goed voor meer dan 300 pagina’s streekgeschiedenis, heemkunde, genealogie, archeologie en wetenschappelijke bijdragen over de dorpen binnen de driehoek Aarschot–Leuven–Mechelen.
Als lid kan je alle artikels over Tildonk, samen met meer dan 1200 andere bijdragen, op elk moment gratis online raadplegen. Doorheen de jaren verschenen heel wat uitgebreide studies over Tildonk. De meest recente bijdragen vind je bovenaan de lijst:
Jan Gordts & Arnold Bonne, Philippine Artois (1886-1977). Een casus van Pseudologia phantastica en mythomania of veeleer berekende fantasie?
Arnold Bonne & Jan Gordts, Cimorné gezien in Tildonk
Jan Gordts, Raar maar waar?! De Tildonkse Sint-Jan-de-Doperkerk is gezegend met een merkwaardige preekstoel
Jan Gordts, Een geval van overbemesting te Tildonk in 1795
Arnold Bonne, West-Vlaamse WO I-vluchtelingen, poserend voor Hôtel du Cygne (1918)
Jan Gordts, Zieltjes redden in 1827. Tildonkse pastoor Lambertz neemt mes van chirurgijn Beckers ter hand
Jan Gordts, Jacobus Evers (°Tildonk 1828), een 'filius septimus' of zevende zoon
Arnold Bonne, Jan Gordts & Freddy Vens, De grauwzusters van Roeselare en andere vluchtelingen tijdens de Eerste Wereldoorlog in Tildonk
Jan Gordts, 1848, de jonge Tildonkenaar Gaspar Gielielmus Engelborgs overlijdt in den vreemde
Kristien Suenens, Een man, duizend vrouwen. De ursulinen van Tildonk
Jan Gordts, 'Ge moet niet alles geloven wat in de gazetten staat...'
Jan Gordts, Vondelingen te Tildonk op het einde van de 18de eeuw
Jan Gordts, De memoires van Tildonks brugdraaier Jozef Mommaers, alias 'Jef van de brug' (1873-1968)
Jan Gordts, Lucienne De Keuster (1923-2015) dochter van de sassenier van Tildonk. Een vergeten partizane
Jan Gordts, Lokalisatie van enkele 18de-eeuwse gronden te Tildonk. Een oefening
Peter Dejaegher, Het gevecht aan de Lips (1266)
Jan Gordts, André Van Aerschot & Jan Cleynhens, Begin september 1944: de bevrijding van Haacht en omgeving
Jan Gordts, Betwisting rond een in 1820 te Tildonk gevonden geldpot
Ward Caes, Een zilvermunt van keizerin Maria Theresia of een pot bier in 1750?
Jan Gordts, 'Life in a Belgian Convent: A Sydney Girl Abroad'. Een relaas uit 1913 door Maie Mason, Australische oud-leerlinge van de Tildonkse ursulinenkostschool
Jan Gordts, Liedeken op de groote moordery geschied tot Tildonck in den nagt op Gulde Mis (1837)
Jan Gordts, Marie Antoinette Caroline van der Gracht de Fretin en het kasteel ter Elst te Tildonk
Jan Gordts, Voorjaar 1814. Het veldleger van "de Zwarte Hertog" Frederik Willem van Brunswijk strijkt neer in onze dorpen
Roger Casteels, Uittreksels uit het frontblad 'Het Kanton Haacht onder de wapens' - (Thildonck)
Jan Gordts, Wat mispeuterden de Tildonkenaren zoal een goede honderd jaar geleden? Een verhaal van onder meer 'varkens' en 'beren'
François van der Jeught, Een nieuwe Van den Gheinklok voor de kerk van Tildonk in 1601
Jan Gordts, Het Tildonkse ursulinenklooster, litho op postkaart 1903-04
Jan Gordts en Guido Abts, De preekstoel met de verkeerde parochieheilige
Germaine Verheyt, 'Maurice Neefs, een oorlogsslachtoffer uit Tildonk
Jan Gordts, Openbare boedelverkoop in 1771 van de Tildonkse hoeve van 'de Tafel van de Grote Heilige Geest van Leuven' (Hof Ter Leeps)
Jan Gordts, Leerlingenwerving voor de internationale kostschool van de Tildonkse ursulinen in de 19de en 20ste eeuw
Jan Gordts, Bijna vier eeuwen Tildonkse pastoors (1626-1999)
Willy Van Langendonck, De waternaam Lips
Hubert Simonart, Tildonk-Banneux 1933-2008. Een uitzonderlijke band
Jan Gordts, Het testament van kanunnik Philippus Van 't Sestich (+ Tildonk 15 oktober 1764)
Jan Gordts, De Tildonkse processie van weleer
Willy Van Langendonck, Het toponiem Tildonk
Jan Gordts, Een Tildonks politiereglement uit 1837
Jozef Hamels, Renners uit onze regio: Maurice Croon
Jan Gordts, De Tildonkse galg
Roger Casteels, Dagboek van de ursulinen van Caen over hun belevenissen te Wespelaar en Tildonk tijdens de Eerste wereldoorlog
Jan Gordts, Tildonk ten tijde van de Oostenrijkse Successieoorlog (1741-1748)
Louis Swiggers, Over Tildonkse dorpsfiguren: Jakke Vanden Acker, alias Sinterklaas; de smed; Jef van Woil; Lewie Van Krieken; Plien Borreman
Jan Gordts, De geschiedenisles van schoolmeester Paulus Goossens over Tildonk (1856)
Roger Casteels, Het Tildonkse ursulinenklooster en de Eerste Wereldoorlog
Jan Gordts,Tildonk beschreven rond 1830 in de 'dossiers d'expertise' van het kadaster
Jozef Hamels, Renners uit onze regio: met Tildonkse connectie
Henri Vannoppen, De familie de Behault du Carmois tegen de achtergrond van de samenleving van Tildonk
Jan Gordts, De Tildonkse notarissen in de periode 1758-1920
Jan Gordts, De bewogen carrière van Leon Vincart, gevolmachtigde minister van België in Venezuela (°Huy, 22 april 1848 - +Tildonk, 6 juli 1914)
Maurice Vandenheuvel, In 1945 was het klooster van Tildonk een Brits legerhospitaal
Jan Gordts, Knechten op de vuist in het 18de eeuwse Tildonk
Jan Gordts, De Tildonkse reuzen Jan en Babs in de kijker
Jan Gordts, Over oude Tildonkse pachthoven. Het hof ter Elst, van pachthof van de abdij van Affligem tot kasteelhoeve van de families Van 't Sestich en Snoy
Jan Gordts, Over oude Tildonkse pachthoven. Het hof te Bettenrode, win- of pachthof van vele heren
Jan Gordts, Gaf Sus Artoos zijn naam aan de Tildonkse wijk Sussenhoek?
Maurice Vandenheuvel, Het Janssenskapelletje (1852) en de familie Janssens te Tildonk
Jan Gordts, Het Tildonks Sticht in de periode 1818-1832, voorloper van het latere ursulinenklooster
Jan Gordts, De Tildonkse handbooggilde van St.-Sebastiaan in het begin van de 18de eeuw
Henri Vannoppen, Schilderijen en kunstwerken rond de notarisfamilie Verzyl te Tildonk
Jan Gordts, De grote kloosterbrand te Tildonk in 1928
Henri Vannoppen, De familie de Behault du Carmois tegen de achtergrond van de samenleving in Tildonk
Jan Gordts, Indische bedevaarders op bezoek te Tildonk in 1935
Maurice Vandenheuvel, Met Tildonkenaars op de vlucht in mei 1940
Jan Gordts, Het ploeg-handmerk van Louis Van Bolle, schepen van Tildonk (1664)
Marleen Rosier, Het Ursulinenklooster te Tildonk. De Art Nouveauzaal
Roger Casteels, Op 26 mei 1940 verloor Tildonk 2/3 van zijn onderwijzerskorps
Marleen Rosier, Het Ursulinenklooster te Tildonk:een bouwhistorisch en iconografisch overzicht
Jan Gordts, 12/8/1942: een Engels gevechtsvliegtuig stort te pletter in Tildonk
Jo Vandesande, Een 18de-eeuwse kaart van Tildonk en Wespelaar
Jos Cools, Tildonk
Jan Gordts, Een drievoudige moord te Tildonk in 1837
Henri Vannoppen, Een beeld van de gemeenten Haacht, Tildonk en Wespelaar rond 1830
Jo Vandesande, Motten en heerlijkheden te Tildonk. Deel II: De heerlijkheid Lauwendries
Jo Vandesande, Motten en heerlijkheden te Tildonk. Deel I: De heerlijkheden Tildonk, Ter Borcht (Nieuwenborg) en Oudenborg, vanaf hun ontstaan tot omstreeks 1650
Bart Minnen, Getuigenissen uit 1390 over de verdeling van de tienden te Tildonk