|
xml:namespace prefix = o ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:office" />
Gisteren heb ik een krant gekocht. Ik doe dat niet alle dagen, omdat kranten een beetje duur worden voor iemand met een zelfstandigenpensioen die maar in beperkte mate mag bijklussen. Maar drie kranten in de week volstaan ruimschoots om goed geïnformeerd te blijven. De regeringscrisis was gisteren weer hét voorpaginanieuws en ook de paginas twee, tien en elf zijn helemaal aan de crisis gewijd. En dan te bedenken dat Het Laatste Nieuws nog van die grote paginas heeft. Wat de vorderingen omtrent de vorming van een nieuwe regering betreft zou men best kunnen volstaan met een krant ééns in de maand, of ééns in de twee maanden
Vindt u het jammer dat er na honderd dagen nog geen regering is? Vindt u al dat geschrijf verspilling aan menselijke energie, aan inkt en papier, enzovoort? Ik ben geneigd op beide vragen negatief te antwoorden, gesteld dat ze aan mij zouden gesteld worden. Ten eerste heb ik nog geen centje pijn ondervonden van het feit dat we al zo lang geen regering hebben en ten tweede mag de entertainende waarde van zon regeringssoap niet onderschat worden. Hoe anders hadden ze gisteren die vier bladzijden gevuld? En al die uren TV? Dan nog liever met een krantenkop op de eerste pagina er aan herinnerd worden dat er nog steeds geen regering is, dan wel aan het feit dat in ons land één arts op de vijf te weinig verdient.
En wat hebben ze nu weer uitgedokterd in Het Laatste Nieuws? Dat ongeveer één op de twee Vlamingen vóór de splitsing van België is, en dat twee op de drie denken dat die splitsing er weldra zal komen. Van alle politieke partijen zijn het alleen de groenen wier geloof in België onaangetast is. In een groen België
En nu bent u vanzelfsprekend benieuwd om mijn mening daaromtrent te kennen. Mocht u niet benieuwd zijn dan sluit u hier af natuurlijk, maar door verder te lezen geeft u wel degelijk te kennen dat u benieuwd bent. Welaan dan. Ik ben voor de splitsing. Maar een splitsing zal moeilijkheden met zich meebrengen, zegt men. Alsof die er nu níet zijn! De grootste moeilijkheden zouden zijn: wat doet men met Brussel? en wat doet men met de koning?
Ten eerste: wat met Brussel? Brussel, met de negentien randgemeenten, wordt een zelfstandige staat, een stadstaat zoals Monaco, Washington D.C. en de zovele beroemde Griekse stadstaten als daar zijn, Mykene, Thebe, Argos, Pylos en noem maar op. Brussel zou dan het Washington D.C. van Europa zijn en het zou daardoor ongetwijfeld aan prestige winnen. De officiële naam wordt Brussels, zoals het ook nu reeds bekend staat in het grootste deel van de wereld. De officiële taal van Brussels wordt logischerwijze het Engels, zoals het een cosmopolitische stadstaat past. Verder zal er de staat Vlaanderen zijn de grenzen liggen vast met als officiële taal het Nederlands, en de staat Wallonië met als officiële taal het Frans, behalve in de streek van Eupen en Sankt-Vith waar Duits de taal is bij mijn weten wenst de meerderheid van de Duitstaligen bij Wallonië te blijven .
En de koning? Albert moet troonsafstand doen ten voordele van zijn kinderen. Hij krijgt een werknemerspensioen dat beduidend hoger is dan een zelfstandigenpensioen en hij mag onbeperkt bijklussen zonder verlies van het pensioen. Ten voordele van zijn kinderen, zei ik. Hij heeft er drie. Drie koningen voor drie staten. En ik ben er van overtuigd dat ze alle drie de ambitie hebben om koning te worden, al is het dan zo dat alleen de oudste, Filip, dat met zoveel woorden kenbaar heeft gemaakt. Zou niet iedereen, en niet in het minst het koningshuis, gelukkig zijn met die regeling? Stelt u zich, beste lezer, eens in de plaats van Albert en Paola: alle drie hun kinderen zien terecht komen in een van de meest prestigieuze jobs die men zich kan indenken, koning! Blijft de vraag: wat geven we aan wie? Ik doe maar een voorstel, een niet-bindend voorstel. Aan Filip geven we de grootste staat, Vlaanderen, omdat hij de oudste is. Aan de tweede, Astrid kennen we Wallonië toe. Laurent tenslotte wordt koning van Brussel, dat de laatste jaren wel meer burgemeesters heeft gekend van dat slag, van het slag van de burgemeester uit F.C. De Kampioenen. Laurent zou ongetwijfeld een goede koning zijn voor de staat Brussels. Philippe Ghysens verwijt Laurent in diezelfde krant van gisteren dat hij meer bekommerd is om zijn eigen belangen dan om het milieu. Maar dat is toch de normaalste zaak van de wereld, beste lezer. Egoïsme is de drijfveer van al onze daden. Wie een rit wint in de Ronde van Frankrijk en beweert dat hij blij is, niet zozeer voor zichzelf, maar voor de ploeg, is een huichelaar. Laat een andere ploeg hem een hoger loon bieden en hij verlaat zijn huidige ploeg op staande voet!
En nu nog iets over de wedde van de drie koningen zoals u ziet, ik heb aan alles gedacht . Ze mogen best goed betaald worden. Wat had u gedacht van iets in de orde van de wedde van een professor aan de universiteit? En alle kosten die zij moeten doen voor hun land door de staat betaald, hetgeen niet meer dan logisch is. Daarenboven zou ik de mogelijkheid overwegen om hen hun taak te laten verderzetten na het bereiken van de pensioenleeftijd, weliswaar na afleggen van een jaarlijkse proef waaruit blijkt dat ze nog tegen hun taak opgewassen zijn. Blijkt dat niet, dan kunnen zij genieten van een werknemerspensioen met zelfs de mogelijkheid van onbeperkte bijverdienste met behoud van pensioen. Deze laatste mogelijkheid zou er dan een zijn die alleen bedoeld is voor koningen. Zo zullen Willy Claeys en Jean-Luc Dehaene bijvoorbeeld nog steeds kunnen fluiten naar hun pensioen vanwege hun veel te hoge bijverdienste.
De taak van onze drie koningen zou zuiver representatief zijn. En ze mogen al eens wat leven in de brouwerij brengen en wat vrolijkheid onder hun landgenoten. Laten we de splitsing van België doorvoeren op 6 januari 2008. Die dag wordt dan als nationale feestdag uitgeroepen. Op die dag zal dan telkenjare de onafhankelijkheid herdacht worden van Vlaanderen, la Wallonie en Brussels en teneinde de vroegere verbondenheid te herdenken zullen de drie koningen op die dag gezamenlijk een tocht maken door de drie staten. Leute en plezier alom. En ik durf wedden dat de Vlamingen zich meer voor la Wallonie zullen interesseren en er ook meer van zullen gaan houden van zodra het buitenland is. En die tedere gevoelens zullen ongetwijfeld wederzijds zijn.
En om onze drie koningen nog eens een hart onder de riem te steken
Het is niet de uitgestrektheid van het koninkrijk die een vorst groot maakt. Was Rainier van Monaco een kleine vorst? En koning Agamemnon van Mykene? En zelfs de vorsten van Luxemburg en Liechtenstein? Regeren de koningen van de Skandinavische landen over meer onderdanen dan er zijn in Wallonië of in Vlaanderen? Wat télt voor een koning is niet de grootte van zijn land maar persoonlijkheid, présence en geestigheid. En ze hébben het, de drie koningen: koning Filip, koningin Astrid en koning Laurent. Zeker en wis, voor de kinderen van Albert is er nog een mooie toekomst weggelegd.
En wat met de troonopvolging in de toekomst? vraagt u zich misschien af. Ik wil dat even in het midden laten. Daar kan nog rustig over nagedacht worden. Erfopvolging hoeft misschien niet per se. Een koning kan toch ook verkozen worden door het volk? Iemand als Jean-Luc Dehaene of Margriet Hermans bijvoorbeeld? Koning Jean-Luc, dat klinkt mooi! Of koningin Margriet? En wat gedacht van le roi Elió (met de klemtoon achteraan)? Koningin Fientje lijkt mij minder geschikt. Trouwens, werd Fientjes naam onlangs niet genoemd in een zaak die naar fraude ruikt, of beter gezegd, naar belangenvermenging? Zoiets past natuurlijk niet bij een koning.
Maar om nu eens écht helemaal terzake te komen. Zou er voor mij, nu ik deze politieke crisis toch tot een goed einde heb gebracht, ergens iets weggelegd zijn? Zoiets als gecoöpteerd senator? En voor mijn twee kinderen en mijn twee kleinkinderen? Die kunnen ook best een duwtje in de rug gebruiken
Leve Vlaanderen, vive la Wallonie & long live Brussels!
(benieuwd wat mijn goede oude wijze vriend Jaak Vanlichtervelde hiervan zal zeggen en ik zal zeker ook niet nalaten de mening te vragen van professor O. van Togenbirger de Waelekens)
|