Laat ik wat meer uitleg geven over mijn Franse klasjes voor zover ik het zelf begrijp want het is ingewikkeld!
Ik ben ondertussen al twee weken aan het lesgeven en ik heb nog steeds niet door welke klassen ik precies heb. Hoe het allemaal begon, dat hebben jullie vorige week al kunnen lezen. Eerst op bezoek bij Madame Qui, waar ik dus vier uur extra heb gekregen. Die extra lessen heb ik nog niet moeten geven want het was maandag maanfeest en dus geen les. Dan op bezoek bij Monsieur Zhu waar we twee lessen verwisseld hebben zodat ik les geef bij de driejaars en bij de vierjaars. Het vreemde is dat de vierjaars veel beter spreken en veel beter verstaan hoewel ze niet zover in hun boek gevorderd zijn dan de driejaars. De driejaars zitten zogezegd dus verder maar als ik iets uitleg, dan spreek ik tegen een muur. Ze kijken me aan met van die ogen, wat zegt ze me nu?, een beetje zoals ik altijd kijk in de Chinese les. Een deel van die lesjes die ik moet geven, is grammatica. Altijd maar een klein blokje in functie van het tekstje en de oefeningen maar probeer het gebruik van "ce qui" en "ce que" maar eens uit te leggen, als ze u staan aan te staren als koeien in de wei. Ik probeer het zo simpel mogelijk te doen genre: "ce sont des pronoms relatifs, des connecteurs qui forment un lien entre deux phrases. Ce qui est toujours suivi par un verbe, ce que toujours par un sujet." Ik maak een tekeningetje met zin A, ce qui, ce que zin B. Na de uitleg maken we een oefeningetje om te kijken of ze het begrijpen. Worden die boekjes toch niet geleverd met oplossingen zeker! Ik heb al zo dikwijls gezegd, doe die oplossingboekjes weg, zo gaan jullie het nooit leren. Maar dan doen ze het in het geniep. Ik heb het gevoel dat ze die zinnetjes dan gewoon vanbuiten leren en dan kennen ze het ook. Maar ze snappen nog altijd het systeem erachter niet. De afspraak tussen Zhu en mij is ook dat ik de even hoofdstukken neem en hij de oneven, maar dat betekent dat ik elke les een hoofdstuk gezien moet hebben. Dus tijd voor extra oefening is er echt niet. Trouwens, ik ben hier om ze te laten spreken dus als er tijd is, dan laat ik ze in groepjes van twee of drie dialoogjes spelen in het thema van dat hoofdstuk. Bij de vierjaars gaat dat goed, daar kan ik rondgaan en hen verbeteren op uitspraak, als ik ze een vraag stel dat niet in het boek staat, kunnen ze daarop antwoorden, dat is fijn. Maar bij die driejaars moet ik eerst nog eens overal rondgaan om hen nog eens uit te leggen wat ze moeten doen en eer ik dat gedaan heb, is de les om. Frustrerend af en toe. Maar ja, de andere buitenlandse leerkrachten hebben al gezegd dat we ons dat zeker niet moeten aantrekken, we doen gewoon wat we moeten doen. Vrijdagochtend van acht tot tien moet ik ook les geven en het was nog wel grappig. Ik kwam binnen en verwachtte groep A of B van de driejaars. Omdat ik het zelf nog niet wist, vroeg ik dan maar aan een student welke groep dit was en zij antwoordde doodleuk C. Ach, dan weet ik dat ook weer!
De omschrijving hierboven klinkt misschien slechter dan het werkelijk is. Ik krijg mijn lessen zeker gevuld en de meeste werken goed mee, maar het is soms frustrerend om niet te weten waar ik precies aan toe ben. Opeens een ander hoofdstuk dus heb ik niets voorbereid. Onpersoonlijke werkwoorden gevolgd door een subjonctif terwijl ze die nog niet eens kunnen vormen (genre: il faut que, il arrive que + subjonctif en ga heel die vorming maar eens uitleggen op 5 minuten tijd). Maar gelukkig is mijn Frans wel zo goed dat ik dat kan opvangen. Ik heb één klas deze week zelfs werk gegeven, ben benieuwd of ze het gemaakt hebben.
Het is ook echt niet allemaal slecht nieuws. Donderdag was Emmy, de andere Franse leerkracht te laat in haar klas om acht uur. Ze had de wekker niet horen afgaan en de studenten hadden haar om acht uur gebeld om te vragen waar ze was. Om half negen was ze uiteindelijk wel in de les maar voelde zich zo schuldig dat ze beloofde om die avond met haar studenten te eten. Omdat we dezelfde klassen hebben, vroeg ze of ik ook niet meeging en dat heb ik gedaan. Ze hebben ons meegenomen naar een van de drie kantines hier op de campus, maar blijkbaar een van de betere. Daar hadden we een hele tafel voor de onze groep en hebben echt goed gegeten. Wij mochten niets betalen maar omdat zij het eten al betaalden, hebben wij in de drank voorzien. Toen bleek ook nog een meisje jarig te zijn en heeft iedereen een stukje taart gekregen.
Vrijdagmiddag zijn we met een deel van de buitenlandse leerkachten en met Andi, de vrouw die alle administratie op school verzorgt, naar het visacentrum gegaan om onze papieren nog in orde te brengen. Sarah en Emmy kende ik al maar Matt, een Brit, een Schot of een Ier - Zou hij het me kwalijk nemen dat ik het niet weet? - en een Japanner wiens naam ik echt niet meer weet en altijd eenzaam in een hoekje bleef staan omdat hij geen Engels sprak, zag ik toen voor het eerst. Het was eigenlijk nog wel gezellig. We moesten in dat visumkantoor eventjes wachten in de wachtzaal terwijl ondertussen een Amerikaanse Chinees, of een Chinese Amerikaan, in woede uitbarstte omdat hij blijkbaar zijn visum niet kreeg. Hij liet zich nog net niet vallen om dan driftig met zijn vuisten op de grond beginnen te slaan.
Die avond hebben we afgesloten met een verrassingsfeestje voor Rosanne, ook van het hivt afkomstig, voor haar verjaardag maandag. Daar heb ik nog twee mensen leren kennen, Shane en Damian, die ook Engels geven en ook op de campus wonen en een paar vrienden van Sarah en Rosanne. Er was dus wel wat volk en het was heel gezellig.
Nu wordt het toch dringend tijd dat ik nog eens wat ga poetsen en dat ik ook eens begin te studeren.