In de muziekschool hadden de kinderen die eerste dag nog niet echt les. Wel konden ze hun boeken komen ophalen en afrekenen. Zelf kon ik er niet om, die namiddag, omdat ik al ergens heen moest en verder nog een hele rits boodschappen had af te werken. En ik oordeelde dat Jongste dat best zelf kon: even op en neer rijden met de fiets om bij de juf zijn boek op te gaan halen. Voor ik vertrok legde ik het geld klaar en vertelde Jongste wat hij moest doen. Alleen sprak ik vaag over "deze namiddag" en vergat het uur te vermelden waarop hij daar ten laatste terecht kon. En "deze namiddag" duurt bij Jongste nu eenmaal tot aan het avondeten. Gevolg was dat hij erg laat aankwam op de muziekschool en de juf al naar huis was gegaan. Hij had ook wel veel pech gehad, vond hij. Bij de heenweg had hij heel lang aan de overweg van de spoorlijn moeten staan. "Wel drie treinen hé, kwamen er na elkaar!" De slagbomen waren een keer terug open gegaan, de mensen begonnen al over te steken en ineens begon het rode licht weer te knipperen. Jongste had, misschien gelukkig maar, niet over gedurfd zoals de andere mensen. Dan, in de muziekschool, had hij zijn juf niet kunnen vinden. "Wel een úúr heb ik daar staan wachten!" Ik probeerde het mij voor te stellen. De onzekerheid en verlorenheid waarmee hij daar had gestaan. Eén keer had hij een mevrouw gezien die volgens hem heel erg leek op zijn juf. Tenminste, gezien langs achteren. "Langs de achterkant hé, dan was dat precies juf Lotte. Maar alleen maar langs achteren. Want toen ik haar zag van opzij, zag ik dat het juf Lotte niet was. En weet je hoe ik dat zag? Ik zag het aan haar kin. Haar kin was niet hetzelfde als bij de juf. Haar kin stak veel meer naar voren als bij juf Lotte..!"
Dat mensen met autisme anders denken weet ik natuurlijk al lang. Toch kan ik er bij Jongste niet altijd de vinger op leggen. Maar met een uitspraak als deze wel. Dan valt de andere denkstijl, en het detaildenken op. Ook wij menen wel eens iemand te herkennen, die die bepaalde persoon niet blijkt te zijn. Maar op het moment dat we dat opmerken flitsen er heel snel een heleboel kenmerken tegelijkertijd binnen, die we oppikken, zonder ze misschien te kunnen benoemen. Jongste pikte er hier één detail uit. En het vroeg van hem heel wat "denkarbeid" eer hij zijn conclusie kon trekken.
Het werd een hele ervaring voor hem, dat "eventjes zijn muziekboek ophalen". En dan kwam hij nog thuis zónder. Maar wel fijn dat hij het zo verwoorden kon. Daardoor daagt er in mij weer eventjes iets van zijn manier van denken.
|