Maanden geleden wist ik het al, en had ik ook besloten: als het zover is zal ik het doen. Dan zal ik meedoen aan de waanzin aan de schoolpoorten, waarbij mensen soms urenlang in de rij staan in de hoop hun kind te kunnen laten inschrijven in de desbetreffende school. In ons geval: om Jongste te laten inschrijven in een middelbare school voor Buitengewoon Onderwijs.
Maar hoe dichter de datum naderde, hoe meer de spanning en de schrik groeide bij het vooruitzicht. Vooral de onwetendheid boezemde me angst in. Allerlei vragen spookten door mijn hoofd. Want hoe gaat dat nu eigenlijk precies? Hoe laat moet je er eigenlijk staan om nog op tijd te zijn? Heeft die school meer dan één ingang, en hoe weet je welke de juiste is? En als je er bent, hoe bewaak je dan je beurt, zonder dat het tot conflicten komt? Kan je het je dan veroorloven om, bij een nachtje door, toch een poos te gaan slapen? Wat als iemand het beurtsysteem aan zijn laars lapt?
Ook het lijfelijke welbevinden baarde me zorgen. Urenlang aanwezig zijn, wat slapen in een auto. Op veel kan je je voorzien. Tegen de kou een slaapzak en een heleboel dekens. Tegen de regen regenkledij en een paraplu. Tegen de verveling leesboeken en het mini-videoapparaatje met enkele films. Verder een picknick, water, een thermoskan met koffie. Maar de grote zorg, de àllergrootste zorg op dit gebied was wel: wat als ik naar het toilet moet? Want waar kan je dan heen als er geen toilet in de buurt is? Vooral vrouwen, zeg nu zelf, zijn dan vreselijk in het nadeel. Zelfs "iets" voorzien voor in de auto leek me moeilijk te doen. Want een gewone personenwagen, met aan alle kanten ramen, biedt een vrije inkijk. En in de buurt van zo'n wachtrij zouden vast op elk moment mensen kunnen langskomen.
Op de bewuste zondag begaf ik me op weg. Goed voorbereid. Over de gang van zaken nog wat inlichtingen gevraagd op de school zelf. En ik had ook aflossing geregeld: Middelste Zoon zou met enkele vrienden een poos de wacht overnemen, terwijl Oudste Broer samen met Pa en Schoonzus, mij zouden ophalen om ergens een hapje te gaan eten. En ik ook de gelegenheid zou hebben om naar het toilet te gaan.
Ruim een week geleden is het inmiddels, dit mini-avontuur. Een beklijvend mini-avontuur. Zo een school organiseert zelf helemaal niets bij een dergelijk gebeuren. Wellicht om het kamperen niet nog aan te moedigen. Als vierde in de rij wist ik al vlug dat Jongste verzekerd was van een plaatsje in de school. De ouders die eerst waren, (de allereerste had inderdaad een kampeerauto gehuurd en stond er al een etmaal eerder dan ik), organiseerden de hele boel. Legden lijsten aan waarop nauwkeurig de volgorde en het uur van aankomst werd genoteerd. Letten op of mensen, na het invullen op de lijst, ook ter plaatse bleven. Maakten voor alle zekerheid foto's van de rij auto's.
Er heerste een zekere opgewonden sfeer. Een vreemde mengeling van wedijver en verbondenheid. Ook al betroffen de inschrijvingen ook andere disciplines in de school, alle wachtende ouders stonden er voor een kind met een stoornis in het Autismespectrum.
Na enkele uurtjes slaap, een felle discussie buiten wekte me al om half vier, mochten we op maandagochtend om vijf uur de auto's tot op het terrrein rijden. Dan nog een uurtje wachten vooraleer we binnen mochten in het gebouw en vergast werden op een kop warme koffie of thee. Die wachttijd werd opgevuld door onderling gebabbel over het kind in kwestie en de kans op een plaats op de school. Over hoe lang we hier stonden ook en vooral dan over het "toiletprobleem" bij de dames. Eén mevrouw had in haar auto inderdaad gebruik gemaakt van het potje van haar kleinste kind!
Er hing een zekere zelfzekerheid over de "eerste" ouders. Een grote bezorgdheid over de mensen die pas 's nachts of 's ochtends waren aangekomen. Vaak was deze school hun enige hoop, en wanneer het hier niet lukte, moest de zoektocht beginnen naar een alternatief. Voor een kind, waarvan wordt ingeschat dat het zich niet zal redden in het gewoon onderwijs, hing heel veel af van dit moment.
En daar stond ik dus ook. De kansen te verdedigen van mijn eigen jongske. Met een mengeling van gevoelens: blijdschap omdat ik er op tijd bij bleek te zijn, twijfel over of dit echt wel de goede beslissing was voor ons kind. Mededogen met al die andere ouders aan wie ik het succes van "ingeschreven" te geraken ook zo van harte gunde, aangegrepen door de bijna moedeloze stressblik van ouders die nog maar pas op het terrein aankwamen.
Om zes uur werden we binnen gelaten in het gebouw. En wat toen gebeurde benam me toch nog voor de eerstvolgende uren de zekerheid en de hoop om er op tijd bij te zijn....
(wordt vervolgd)
|