Inhoud blog
  • 33ste dag - 28 mei 2010 - van Donzenac naar Molenstede
  • 32ste dag - 27 mei 2010 - van Burgos tot Donzenac - (750 km.)
  • 31ste dag - 26 mei 2010 - terug huiswaarts van Santiago naar Burgos
  • 30ste dag - 25 mei 2010 - van Melide naar Calzada en Santiago (23 km. + 32)
  • 29ste dag - maandag 24 mei 2010 - van Sarria naar Portomarin en Melide (22km. + 41 km.)
    Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Jules weg naar Santiago
    stappen en fietsen naar Compostela
    22-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.27ste dag - 22/05/2010 - San Juan - Rabanal - Villafranca (22 km + 58 km)
    Van morgen alles terug OK met het openen en sluiten van onze auto. Na het ontbijt vertrokken voor mijn voettocht van San Juan naar Rabanal. Een totaal ander lanschap. Geen landbouw meer maar sterk heuvelende gebieden met struiken, bomen en soms bossen. Heel warm weer en geen enkel wolkje aan de hemel.Vandaag werd het meer dan 30 graden. Daardoor ging het niet meer zo goed als de vorige dagen en moest ik tegen iets minder dan 6 km/u vooruit. De belgen uit Kalmthout passeerden me met een leuke begroeting. Deze week heb ik ook al heel vaak "Buon Camino" gezegd, de begroeting als je een andere pelgrim tegen komt. De vorige dagen ging ik er altijd rond de 60 voorbij, vandaag maar een stuk of dertig. Ik was rond half negen vertrokken en 10' na twaalf kwam ik in Rabanal aan.
    In de dorpjes die ik passeerde waren er geen kruidenierswinkels of bakkers, zodat we deze middag genoodzaakt waren in een bar-restaurant in Rabanal te gaan eten. Op de binnenkoer was het er druk, maar we konden er ons toch gezellig installeren. We hebben er een koffie genomen met een pincho tortilla (tortilla met brood). Zo'n gebak is maagvullend. Louisa kreeg de hare niet op. Tegen half twee dan de fiets op voor een lange tocht naar Villafranca del Bierzo. Van in Rabanal (1.160 meter ) was het iets meer dan 8 km klimmen om de top van de St. Jacobsroute te bereiken nl. een hoogte van 1.504 meter op de Cruce de Hierro. Daarna was het ongeveer 5 km op- en neergaand. Dan begon een lange afdaling van ongeveer 14 km. om een hoogteverschil van 900 meter te overbruggen. Ik waande mij in de ronde van Frankrijk, maar moest toch heel voorzichtig zijn in de haarspeldbochten. Als ik onder was, had ik nog een paar km. te doen om in Ponferrada te komen, een redelijke grote stad waar het weer zeer moeilijk was om de juiste weg te vinden. Al bij al lukte het wel aardig (een drietal keer de juiste richting gevraagd). Eens uit de stad was het steeds op dezelfde weg blijven om in Villefranca te geraken. Louisa had 's middags opnieuw naar Astorga moeten rijden en had vandaar de autostrade genomen naar Villafranca. Zij had er bijna honderd km. opzitten. Ik had haar aangeraden de autosnelweg te nemen zodat ze niet door Ponferrada hoefde te rijden. We hebben wel wat rond gereden om een overnachtingsplaats te pakken te kunnen krijgen. Uiteindelijk zijn we terecht gekomen in een casa rural "llave". We konden hier het avondmaal niet gebruiken, maar morgenvroeg wel het ontbijt. We zijn dan maar naar een restaurant getrokken om er een pelgrimsmaaltijd te gaan eten. Die maaltijden zijn praktisch in ieder restaurant te verkrijgen aan democratische prijzen van 10 à 11 euro de man. Daar zit een voorgerecht in, een hoofdgerecht en een dessert. Drank is er eveneens in begrepen (wijn of water).   

    22-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (3 Stemmen)
    Categorie:reizen
    21-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.26ste dag - 21/05/2010 - El Burgo - Villamoros de Mansilla - San Justo de la Vega (23km + 35 km)
    Het weer wordt met de dag beter. De voorgaande 2 dagen waren al erg goed met temperaturen die vlot boven de twintig graden waren en de hele dag zonneschijn zonder enig wolkje aan de hemel, maar vandaag was het uitstekend weer tot 25 graden en geen wind meer. Gisteren had Louisa de 2 Italianen uit de Dolomieten nog gezien en er was een Belg uit Kampenhout gestopt die wat gebabbeld had met haar omdat hij dacht dat ze de vrouw was van de Limburger die hij onderweg was tegen gekomen. Die Limburger was ik geweest. Inderdaad hij had al fietsend zo'n honderd meter meegereden met mij en zal gedacht hebben dat ik een Limburger was omdat ik ABN met hem sprak.
    Deze morgen eindeloos gegaan tot het eerstvolgend dorpje. Langs de linkerkant van het pad stonden niets anders dan  platanen die 10 meter van elkaar stonden en misschien een jaar of tien oud waren. Reliegos heette het dorpje en er waren daar nog grotwoningen bij het binnenkomen van het dorpje. Van daar naar Mansilla de la Mulas was nog eens 6 km en de rij platanen liep gewoon verder. Het landschap was vlak en de landbouw was minder aanwezig dan de voorgaande dagen, want er lagen grote stukken land braak en, in de omgeving van beekjes had men hectaren populieren aangepland. De laatste 5 km gingen dan tot mijn eindbestemming van deze voettocht. 
    Het was 25' na 12 als ik daar in Villamoros de Mansilla toekwam en Louisa reeds een hondertal meter op voorhand zag staan. Na het eten zijn we om kwart na één vertrokken per auto, want Louisa wilde niet meer alleen door een grote stad rijden. Ze had teveel meegemaakt in Burgos en Léon kan je gemakkelijk vergelijken met Burgos. Het was ongeveer 8 km tot Léon en daarna nog een 10-tal km om buiten de bebouwde agglomeratie te geraken tot het eerstvolgend dorp van waaruit ik dan per fiets verder zou rijden. Louisa heeft gelijk, want het is echt zottenwerk om door zo'n stad te rijden. De gps geeft steeds maar verkeerde inlichtingen waardoor je soms 3 à 4 maal dezelfde plaats passeert, ook al omdat het systeem niets afweet van éénrichtingswegen en de meeste ronde punten niet kent daar die de veelal recentelijk werden aangelegd. Zo heb ik ook ongeveer een uur rondgetoerd vooraleer buiten de stad te geraken. Tegen iets na half drie zat ik toch op de fiets in Valverde de la Virgen voor een tocht van 35 km. naar San Justo de la Vega. Eerst moet ik nog wat klimmen, want Léon ligt in een kom. Daarna was het landschap terug fel heuvelend, zodat ik verschillende klimmen heb moeten doen. Tegen kwart na 4 was ik in San Justo en heb Louisa moeten bellen om te weten waar ze stond. Uiteindelijk vonden we elkaar toch en stonden praktisch voor het pension dat we dachten te nemen om te overnachten. Vermits we er niet konden eten en ook niet ontbijten zijn we verder gereden naar Astorga, een stad die 4 km verder ligt en waar het aanbod voor overnachting veel groter is. We hebben nochtans ook wat moeten rond rijden. Eerst waren we in een soort hotel gehouden door geestelijken. Dat stond mij niet aan. Uiteindelijk, na wat zoeken, want de gps deed ook hier rare bokkesprongen hebben we hotel Peseta gevonden.
    Toen we onze auto uitgeladen hadden en ik de auto wilde sluiten ging dat van geen kanten. Na alles in 't hotel te hebben gebracht ben ik opnieuw gaan proberen en gingen alle deuren op slot behalve de linkerdeur achteraan die zelfs niet meer dicht kon. Uiteindelijk ben ik na een kwartiertje terug gegaan en heb de sleutel in het kinderslot gestoken en daar wat gedraaid tot alle deuren klikte en ze terug open waren. Het was een heikele affaire geweest en Louisa sprak al van Touring Wegenhulp op te bellen.
    Ik wil toch voorzichtig blijven want zulke rare toestanden kunnen zich morgen opnieuw voor doen.  

    21-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (3 Stemmen)
    Categorie:reizen
    20-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.25ste dag - 20/05/2010 - Villalcazar - Calzadilla de la Cueza - El Burgo Ranero (24 km + 47 km)
    Het was deze morgen maar slappe kost voor het ontbijt. We kregen een bord met daarop een baguette in 2 gesneden ter grote van een sandwich. Daarbij een cupje boter en een cupje jam. Na vraag van van de uitbaatster wat we erbij wilde drinken, hebben we een kop koffie genomen en dat was het dan. Nadat mijn broodje op was, ben ik echter opnieuw brood gaan vragen voor mij. Ik kreeg terug een bord gevuld met dezelfde eetwaren als erop het eerste bord lagen. Na betaald te hebben zijn we maar gauw vertrokken, want het waren onvriendelijke mensen. Alles was precies teveel gevraagd. Ik ben vanaf het hotel-restaurant mijn voettocht begonnen naar Calzadilla de la Cueza om 20' voor 9. Het eerste stadje dat ik tegenkwam was ook het laatste want het volgende was mijn eindbestemming. Ik moest dus zorgen dat ik daar in Carrion de los Condes de nodige voorraad insloeg voor het middageten. In het stadje was het ook markt. Ik moest van daaruit nog 18 km door vlak land en een 6 meter breed Caminopad dat ook de boeren gebruiken om op hun land te geraken. Het was niet meer uitsluitend graan dat op de velden stond, maar ook grote velden erwten en gras. Op een bepaald ogenblik was er een boer een tiental ha. gras aan 't afrijden met een machine dat precies een dorsmolen was. De weg leek wel eindeloos. Na een 6-tal km. stond er plots een mobilhome langs de kant. Ik dacht wat komt die daar doen. Er stonden enkele plooibare stoelen en er zaten 3 man en nog een andere stond in de deuropening van de mobilhome. Als ik voorbij ging riep de man van de mobilhome of ik een kop koffie wilde wat ik maar al te graag aanvaardde. Toen pas kreeg ik in 't oog dat er nog 2 pelgrims een koffie aan drinken waren. Ik kreeg een hele kuip koffie en de helper van de baas gaf me melk en zuiker en zegde neem maar een koekje ook en je geeft wat je wilt. Ik heb ze een euro gegeven en als ik vertrok zei de baas: ik zal je drinkbus vullen met goed koud water. Dat was welkom wat mijn bus was bijna leeg. Ik kon er voor de volgende 12 km. weer tegen. Ik ben in Calzadilla toegekomen om kwart voor 1. Louisa stond weer eens op de juiste plaats. Elke dag worden onze afspraken beter en beter.
    Tegen 2 u., en na lekker gegeten te hebben, moest ik nog een fietstocht van 41 km afhaspelen van Calzadilla naar El Burgo Ranero. Het vlakke landschap werd opnieuw heuvelig. Maar dat was geen enkel probleem, want ik krijg al twee dagen de hulp van de wind die stevig uit het noord-oosten blaast zodat ik de heuvels nu tegen 20 per uur kan nemen ipv tegen 11 a 12. Ook deze middag lagen de dorpen dun gezaaid. Na 7 km kwam ik Ledigos tegen en na 21 km Sahagun. Ik volgde de N120. Op een bepaald moment moest ik die verlaten maar ik wist niet waar omdat er geen dorpen zijn. Ik ben dan toch in een dorp geraakt en zag op mijn kaart dat ik al een 7 a 8 km te ver zat en dat ik de juiste afslag gemist had. Daar heb ik aan een boer, die met zijn tractor passeerde, gevraagd waar de richting naar El Burgo was. Hij wees mij naar een asfaltwegje aan de overkant en zegde dat het nog bijna 10 km was. Ik volgde het wegje maar na een paar honderd meter veranderde dat in een veldweg met kiezel. Zo heb ik ongeveer een km. door het landschap gereden. Maar dat veldwegje veranderde nogmaals in 2 sporen gemaakt door de voertuigen van de boeren. En plotseling was ook dat gedaan en zag ik alleen nog maar sporen op het gras. Ik kon niet meer fietsen en moest mijn fiets voort duwen, op een bepaald ogenblik zelfs door de modder. Ik had echter altijd enkele huizen in zicht waar ik trachte naar toe te gaan. Op zeker ogenblik werden de sporen echter terug een kiezelweg en kwam ik in een klein dorpje uit. Daar nog eens gevraagd naar El Burgo Ranero en ik zat juist, want nog geen tien minuten later was ik er en zag de Louisa al van in de verte staan met de auto. De tocht was 7 km meer dan gepland en ik was hier om kwart na 4.  Na vijf minuten hadden we al onderdak gevonden in hotel-restaurant El Peregrino. Hier vonden we vriendelijke mensen. Ook internetgebruik was geen probleem, want ze hebben hier 4 pc's die daarvoor gebruikt kunnen worden. Om half 7 kunnen we hier ook dineren.  

    20-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Categorie:reizen
    19-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.24ste dag - 19/05/2010 - Tardajos - Hontanas - Villalcazar de Sirga (21 km + 49 km)
    In pension-bar-Ruiz hadden we alles voorhanden: we konden er slapen, dineren en ontbijten aan een schappelijke prijs. Onze kamer lag wel op de 2de verdieping en was te bereiken langs een nogal steile trap. De douches en WC's lagen in de gang recht tegenover onze kamer.Het restaurant waar we gisterenavond konden eten lag naast nog een andere bar van de dezelfde uitbater. In allebei stonden jonge mannen, waarschijnlijk zonen, terwijl in het restaurant een jong meisje alles regelde.
    Deze morgen hebben we dan ontbeten om 20' na 7 in de bar waar boven ons verblijf lag. Daarna hebben we alles in de auto geladen en wat verder in het dorp gezocht naar een slager en bakker. Beide winkels waren dicht. Daar aan de bakkerswinkel kwamen we de Italianen tegen die we gisteren morgen verlaten hadden. Ze vroegen waar we gegeten hadden want zij moesten nog ontbijten. Daarna ben ik dan maar vertrokken en heb tegen Louisa gezegd dat ik onderweg wel wat zou kopen voor 's middags. Dat was geen probleem, want in elk dorpje dat je tegen komt is er wel een winkeltje waar je alles kunt kopen ivm eten. In het tweede dorp, Hornillos del Camino, ben ik bij een kruidenier binnen gewipt en heb daar vlees, brood, bananen, koffiekoeken en wat chocolade gekocht en in mijn rugzak gestoken. Tussen dat dorp en Hontanas ligt er geen ander dorp meer. Het is van Hornillos nog 11 km tot Hontanas. De hele voormiddag heb ik op een slingerend pad gelopen tussen de graanvelden. Kilometers en kilometers niets anders dan tarwevelden links en rechts van het Caminopad. Ook een drietal windmolenparken waren er te zien. Van als ik in Spanje ben, heb ik er zeker al een stuk of vijftien gezien. Ze staan altijd boven op hoogvlaktes en hinderen niemand, want in de verste verte zijn er geen huizen te bespeuren.
    Iets voor twaalf was ik in het dorpje Hontanas, waar het geen probleem was om Louisa te vinden. Zij zelf had het ook gemakkelijk gevonden.
    Met mijn meegebrachte voorraad hebben we er smakelijk gegeten. Tegen 1 uur ben ik dan aan mijn fietstocht begonnen naar Villalcazar de Sirga. 9 kms. gingen sneltreinvaart tot voorbij het eerste dorp Castrojeriz. Daar had ik het idee om per fiets het Caminopad te nemen. Na ongeveer een kilometer was het echter steil bergop (erger dan de muur van Hoei) en dat bleef meer dan 1km duren. Het was onbegonnen werk om er al fietsend op te geraken. Dan maar de hele weg stoten tegen 3 à 4 km/u.
    Boven even verpozen en wat filmen van op de hoogvlakte. Er was daar een prachtig uitzicht over de wijde omgeving.
    Na een vijfhonderdtal meter kwam ik aan een enorme afdaling. Ik moest niets anders doen dan de remmen dicht houden. Maar plotseling, op zo'n 100 meter voor ik beneden was, sloeg ik toch onderuit wegens de losliggende kiezelsteentjes. Mijn hele linkerarm was toegetakeld  ( bloed met stof vermengd ) en wat verhakkeld vlees. Met mijn zakdoek en water uit mijn bidon heb ik mijn arm wat proper gemaakt. Mijn linkerbeen was op een tweetal plaatsen ook wat geraakt. Daar ik op mijn buik vooruit was geschoven was de tiret van mijn heuptas wat open gegaan zodat mijn fototoestel en camera ook wat geschuurd hadden. Mijn fototoestel werkte niet meer, maar mijn camera was nog in goede staat. De ketting was van mijn fiets af.
    Na alles wat in orde gebracht te hebben vertrok ik gaand tot ik de volledige afdaling achter de rug had. Na wat gefietst te hebben, ontdekte ik dat ik mijn horloge niet meer om de pols had en dat ik ook mijn zonnebril niet meer op had. Dus terug naar de onheilsplek. Daar lag mijn bril in een greppeltje, terwijl mijn horloge half onder het stof bedolven lag. De armband was echter stuk.
    Ik ben dan weeral al gaand naar beneden gegaan. Eens ik terug kon fietsen en na nog een 2-tal km. kwam ik terug op een asfaltweg. Ik heb de natuur niet meer bewonderd maar ben ik gestrekte vlucht naar mijn einddoel gefietst nl. Villalcazar. Onderweg ben ik wel een bronnetje tegen gekomen, waar ik mijn wonden helemaal proper gemaakt heb. In Villalcazar stond Louisa op de afgesproken plaats.Ze had die gemakkelijk en zonder problemen bereikt. 
    We hebben dan gauw voor onderdak gezocht. We kwamen terecht in het dorp bij hotelas "Las Cantigas". We konden er deze avond dineren en morgenvroeg kunnen we er ook het ontbijt nemen.
    Morgen gaat de voettocht naar Calzadilla de la Cueza en de fietstocht naar El Burgo Ranero.
    Het was vandaag prachtig weer zonder enig wolkje aan de lucht ( 24 à 25 graden ), maar er was wel een stevige bries uit het noord-oosten. Vandaar dat ik goed kon fietsen als ik in westelijke richting reed.    

    19-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (3 Stemmen)
    Categorie:reizen
    18-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.23ste dag - 18/05/2010 - Santa Domingo de la Calzada - Belorado - Tardajos ( 22 km. + 58 km.)
    Deze morgen waren we tijdig uit de veren. De hospitaleros kwam om 20 na 6u. al op ons deur kloppen. Hij had gisterenavond gezegd dat het ontbijt om half zeven zou zijn. Gisterenavond kwam hij ook al zeggen dat het stil diende te zijn. Onze Steven was aan het bellen met Louisa en die sprak nogal hard, wat hij gehoord had. We waren dan ook vroeger op weg dan normaal, zodat ik al van kwart voor acht in Santo Domingo kon vertrekken voor mijn voettocht naar Belorado. Het Caminopad was toen al druk bezaaid met pelgrims. Het pad slingerde zich ook vandaag door de heuvels. Maar vandaag geen wijngaarden meer, alleen uitgestrekte velden waarop graan geteeld werd, vooral tarwe maar ook koren. Het pad gaat steeds door de dorpjes en stadjes. Daar zijn steeds fonteinen waar water kan bijgetankt worden. Praktisch overal vindt men een bar of zijn er op het dorpsplein stenen tafels met banken zodat men er even kan verpauzen en eventueel wat kan drinken of eten. Het pad volgt nog steeds in grote lijnen de N120 en dat zal zo zijn tot in Santiago. Het was dan ook niet moeilijk om Louisa deze middag terug te vinden, want ze had de auto geparkeerd op een plaats die ook voor de pelgrims was voorzien (juist naast de straat) en waar de pelgrims de straat diende over te steken. 
    We hebben daar gegeten en tegen iets voor 1 ben ik aan mijn fietstocht naar Tardajos begonnen. Eerst was er Los Burgos gepland, maar omdat er beter logeermogelijkheden waren in Tardajos ben ik tot daar gereden. Mijn fietstocht werd er langer door. Bij mijn aankomst in Tardajos bekloeg Louisa zich erover dat ze in Burgos bijna een uur aan het rondrijden was geweest omdat het gps systeem steeds verkeerde informatie of helemaal geen informatie gaf. Ronde punten kende het systeem niet en op sommige plaatsen kon ze niet door wegens werken. Mijn fietstocht viel geweldig mee. Buiten een lange klim van meer dan 5 km aan 6 percent had ik daarna steeds bergaf of praktisch effen wegen, zodat ik er een flink tempo op na kon houden. In Burgos heb ik wat aan toerisme gedaan door de kathedraal te fotograferen en wat te filmen. Toch was ik om kwart na vier al op de afspraak in Tardajos. We hebben daar bij het binnen komen van het dorp een pension gevonden, waar we deze avond ook kunnen dineren en morgen vroeg het ontbijt kunnen nemen. Vandaag was het een schitterende dag, die fris begon maar allengs beter en beter werd. De zon heeft de ganse dag geschenen en na de middag werd het zelfs warm. Ik schat dat het meer dan 20 graden was.
    Morgen gaat onze tocht verder naar Hontanes en dan nog verder tot Villalcazar de Sirga.

    18-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Categorie:reizen
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.22ste dag -- 17/05/2010 -- Torres del Rio - Logrono - Santo Domimgo de la Calzada ( 22 km. + 58 km )
    Gisteren had ik geen aansluitingsmogelijkheden op het internet. We verbleven in een piepklein dorpje, in een Albergue en daar deed mijn mobiele aansluiting op het internet het niet. 's morgens hadden we in Los Arcos het ontbijt in buffetvorm. Daarna terug naar Torres del Rio om vandaar uit mijn voettocht te beginnen naar Logroño. Het was al 9 u. gepasseerd eer ik vertrok. Na ongeveer een km. was ik op de Camino-route.In het begin was dit een prachtig pad, effen en bijna een echte weg. Het pad slingerde zich door een landschap van Riojawijngaarden. Het eerste stadje dat we tegenkwamen was Viana. Ik ben het stadje ingetrokken, heb een foto genomen en heb in een superette wat beleg gekocht voor ons middageten. Het volgend doel was al Logroño, een tamelijke grote stad. De Camino er naartoe liep soms door tunnels om de oversteek van wegen te ontwijken. Kort voor Logroño besloot ik van het pad af te gaan en naar de N120 te gaan. Daarom daalde ik door een wijngaard naar beneden. Als ik bijna op de N120 was, ontwaarde ik onze auto langs de weg. Dus was het de juiste ingeving van mij om juist op die plaats naar de N120 te gaan. Van een toeval gesproken. Het was ongeveer kwart voor 1 als ik bij Louisa terecht kwam. We zijn dan naar de andere kant van Logroño gereden om daar te lunchen. 
    Tegen 10 voor 2 u. zat ik op de fiets voor de tocht naar Santo Domingo de la Calzada. Onderweg was ik opnieuw wat verloren gereden vooral te wijten aan de werken aan de autostrade. Men is een autostrade aan het aanleggen van Logroño naar Burgos en zo verder. Hiervoor wordt de N120 op vele plaatsen gebruikt waardoor de bewegwijzering dikwijls wegvalt. Zo kwam ik op een rondpunt terecht dat al aangelegd werd voor de autostrade en waar de N120 ophield. Op die plaats heb ik een verkeerde richting gekozen. Maar na een paar km. kwam ik in een dorp waar ik de juiste richting voor Santo Domingo vroeg. Ik moest terug tot aan het rondpunt en vandaar naar rechts rijden en steeds die weg blijven volgen. Maar ja, aan dat rondpunt stond er naar Santo Domingo geen enkele aanduiding, alhoewel het maar 12 km verder lag. In Santo Domingo vond ik Louisa vlot terug langs de N120. Vandaar zijn we naar Ciruena gereden waar we onderdak vonden in een albergue. We kregen daar een kamer voor ons alleen met een stapelbed. 's avonds zaten we er samen aan tafel met 2 Italianen en 2 Noren. Het weer was redelijk goed: in de voormiddag fris en bewolkt en in de namiddag overwegend zonnig 
     

    18-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Categorie:reizen
    16-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.21ste dag - Cizur Menor - Puente la Reina - Torres del Rio (18 km. + 55 km.)
    Nadat we gisterenavond van een menu "peregrinos" hadden genoten in het restaurant verbonden aan het logementshuis, was er 's morgen grote consternatie, omdat ik, na het ontbijt dat we hadden genoten in een cafétaria in het centrum van Pamplona, naar mijn auto ging om die te gaan halen om de bagage op te laden, en ik mijn auto niet meer vond op de plaats waar ik hem gisteren had achter gelaten. Ik had die gisterenavond geparkeerd in een doodlopend zijstraatje van de Calle Jaraute waar wij een pension betrokken. Ik was dat gaan vertelllen aan Louisa en die zegde zovlug mogelijk naar de policia gaan. Als ik terug buiten kwam zag ik een politieauto passeren. Ik hield hem tegen en zegde dat mijn auto gestolen was (ik was er van overtuigd dat ze hem weggesleept hadden). De politieman in zijn beste Frans, zegde me: de auto is niet gestolen maar weggebracht naar een ondergrondse parking op zowat 1 km van de plaats waar wij ons bevonden. Hij nam een stadskaart van Pamplona uit de auto en tekende erop aan welke weg ik diende te volgen om daar te geraken. Na een tiental minuten had ik de bewuste parking gevonden en kon ik aflezen dat de stad er een bureel had waar ivm auto's die weggesleept werden, het nodige kon gedaan worden om de auto terug te krijgen. De administratieve rompslomp nam bijna een kwartier in beslag. Dan diende ik 112 euro te betalen en kreeg een ticket mee waarmee ik de bareel kon openen om zo naar buiten te rijden. Het was ondertussen al bijna 10 uur geworden eer ik terug in de Calle Jaraute was beland.
    Iets na 10 zijn we dan eindelijk vertrokken naar Cizur Menor, een dorpje naast Pamplona waar ik normaal gisteren had moeten aankomen per fiets. Rond half elf ben ik dan uiteindelijk aan mijn voettocht begonnen. Ze werd ook wat ingekort gezien het late uur van vertrek, zodat ik na drie uur er 18 km. opzitten had als ik Puente la Reina arriveerde. Daar hebben we onze lunch genomen. Het weer was vandaag stukken beter als gisteren, maar toch nog altijd niet zoals het zou moeten. Het was fris met een noord-westen wind, die behoorlijk stevig waaide. De zon kwam constant door de wolken piepen.
    De streek die ik vandaag doortrok, kenmerkt zich door een gebergte met een hoogte van rond de 500 à 600 meter. Hoe verder Navarra in, hoe wijdser het landschap wordt. In de achtergrond kan men nog wel de Pyrénéen ontwaren.
    Na de middag ging de fietstocht van Puente la Reina naar Torres del Rio via Estella (middelgrote stad) en Los Arcos. In het begin had ik het Sint-Jacobspad genomen, omdat daar veel pelgrims per fiets op reden. Na een drietal km. werd het echter zo steil dat niemand er nog op kon fietsen, enerzijds omdat het te steil was (ik schat zo'n 25 à 30 graden, anderzijds gleed het achterste wiel weg als je kracht zette wegens de kiezelsteentjes. Ik zag zelfs iemand die zijn fiets voorduwde en bijna niet vooruit geraakte (hij had wel zware zakken aan zijn fiets hangen. Een stuk of 7 mountainbikers stootten hun fiets ook naar boven. 
    Als Louisa op haar stoeltje zat te wachten in Torres del Rio, zijn er 2 Nederlanders bij haar gestopt. Het waren Zeelanders die net zoals wij op 26 april waren vertrokken. Zij doen ongeveer 100 km. per dag. Ze vroegen waar wij elke dag logeerden. Zij zouden, volgens hun uitleg, elke avond ergens in een hotelletje verblijven.
    Wanneer ik Los Arcos passeerde, heb ik even gestopt om de mooie kerk te filmen en rond te kijken welke weg ik diende te nemen. Nergens was er een aanduiding naar Torres del Rio, alhoewel dit dorp er maar een zevental km. van verwijderd is. Zo heb ik een negental km. teveel gereden vandaag. Het ergste was om tot in het volgend dorp te geraken. Stevige wind op kop en bergop. Ik heb er meer dan 25 minuten over gedaan. Daar zag ik uiteindelijk iemand in zijn hof werken. Ik vroeg hem of ik wel in de juiste richting naar Torres del Rio zat. Hij explikeerde mij dat ik naar Los Arcos moest terug rijden en daar in het centrum naar rechts moest draaien. Na 8 minuten stond ik deze keer terug in Los Arcos (wind mee en bergaf). Daar heb ik voor alle zekerheid nogmaals gevraagd. Na nog eens een goeie 25 minuten stond ik bij Louisa. We zijn dan terug gekeerd naar Los Arcos om er te overnachten in hotel "Monaco". We hebben hier vanavond, zoals gisteren, een pelgrimsmenu als avondmaal gegeten ( voorgerecht, hoofdmaal, wijn, water en nagerecht) voor 11,50 eur. de man.
    Morgen gaat de voettocht van Torres del Rio naar Logrono en de fietstocht van Logrono naar Santo Domingo de la Calzada.     
     

    16-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    Categorie:reizen
    15-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.20ste dag - zaterdag 15/05/2010 - St.-Jean-Pied-de-Port - Roncevalles - Pamplona (17 km. + 50 km)
    Gisterenavond om 20u.00' zaten we met elven rond de tafel voor het avondmaal. Anita, die vlot 4 talen sprak en helpster is in de refuge, uitgebaat door het Franse Genootschap van Compostela, had een avondmaal bereid, bestaande uit soep (je kon er je lepel in rechtzetten) en een goedgekruide mengelmoes van groenten, aardappelen en carbonade. Als drank was er water, wijn en sangria à volonté. We zaten er met 6 nationaliteiten tesamen. Wij als Belgen, een Fransman, een Amerikaanse uit Colorado, 4 Spanjaarden een Brit en 2 Slovenen. En toch verstonden we elkaar allemaal. De Fransman, die ook op onze kamer sliep, sloop deze morgen gepakt en gezakt reeds om half zeven de deur uit. De andere 2, de Amerikaanse en een Sloveen stonden, zoals wij, pas om zeven uur op. Voor de Amerikaanse zou het de 1ste wandeldag zijn. Tegen half acht zijn we gaan ontbijten. Iedereen moest zich zelf maar behelpen met het maken van koffie, cacaodrank of thee. Je boterhammen kon je afsnijden van baguettes die er lagen en beleg (confituur ) kon je uit grote potten scheppen.
    Daar het de godganse nacht geregend had en nog steeds stevig aan 't doorregenen was, ging ik de auto halen, zo'n 300-tal meter verder om hem voor de deur van het logementshuis te parkeren, kwestie de bagage niet zo ver door de regen te moeten slepen.
    Tegen 20' voor 9 vertrokken we dan onder kletterende regen. Eerst moest Louisa nog op het goede spoor gezet worden. Zo diende ik tot aan de Spaanse grens te rijden om vandaar af de autokaart  van Spanje in het gps-systeem te krijgen. Ik ben dan ook van daar vertrokken voor mijn voettocht in barre weeromstandigheden. Het bleef water gieten en het was nauwelijks 5 graden. De tocht naar Rocevalles zou dan ook maar 17 km. bedragen. Onderweg ging het van kwaad naar erger, want na een viertal km. begon het te sneeuwen en het zou niet meer ophouden tot in Roncevalles. Soms was de hemel volledig grijs van de zware sneeuwval.De sneeuw bleef ook liggen langs de kanten, terwijl er op de weg een ijzellaag kwam te liggen van half gesmolten sneeuw. Zo heb ik een paar keer een pak van die smeltbrij over me gekregen als auto's daar wat te snel doorreden. Gelukkig kon ik ook 3 à 4 keer gebruik maken van het St-Jacobspad dat door de bossen liep en dan weer terug uitkwam op de grote baan. De weg steeg tot 1.057 m. bij de Ibaneta-pas. Daar lag alles onder de sneeuw. Daarna was het nog 3 km. afdalen tot in Roncevalles ( 800 m. hoog ), waar Louisa me stond op te wachten. Ze zei tegen mij dat ze een drietal keer lichtjes geschoven had met de auto. Ze had geen zin meer om de tocht naar Compostela verder te zetten. Vandaag had ze weer 2 uur kou geleden en de vorige veertien dagen waren al niet veel beter geweest inzake temperatuur. Ze wilde dat ik mijn tocht zou staken en op een ander moment zou verder zetten. Ze had enigzins wel gelijk als je veertien dagen niks anders dan regen en koude te verduren hebt gekregen en steeds alleen dient te wachten in de auto, want buitenkomen was niet aangewezen in die periode. 
    De fietstocht kon in dergelijke helse weersomstandigheden dus niet gefietst worden.
    Uiteindelijk zijn we naar Pamplona afgezakt om daar een logement te zoeken en morgen de tocht toch verder te zetten, want erger als vandaag kan nog moeilijker. Voor mij is het belangrijk, dat ik mijn droom, om in 1 keer de tocht naar Compostela te volbrengen, kan doen slagen.    

    15-05-2010 om 22:33 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    Categorie:reizen
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.20ste dag - zaterdag 15/05/2010 - St.-Jean-Pied-de-Port - Roncevalles - Pamplona (17 km. + 50 km)
    Gisterenavond om 20u.00' zaten we met elven rond de tafel voor het avondmaal. Anita, die vlot 4 talen sprak en helpster is in een refuge, uitgebaat door het Franse Genootschap van Compostela, had een avondmaal bereidt, bestaande uit soep (je kon er je lepel in rechtzetten) en een goedgekruide mengelmoes van groenten, aardappelen en carbonade. Als drank was er water, wijn en sangria à volonté. We zaten er met 6 nationaliteiten tesamen. Wij als Belgen, een Fransman, een Amerikaanse uit Colorado, 4 Spanjaarden een Brit en 2 Slovenen. En toch verstonden we elkaar allemaal. De Fransman, die ook op onze kamer sliep, sloop deze morgen gepakt en gezakt reeds om half zeven de deur uit. De andere 2, de Amerikaanse en een Sloveen stonden, zoals wij, pas om zeven uur op. Voor de Amerikaanse zou het de 1ste wandeldag zijn. Tegen half acht zijn we gaan ontbijten. Iedereen moest zich zelf maar behelpen met het maken van koffie, cacaodrank of thee. Je boterhammen kon je afsnijden van baguettes die er lagen en beleg (confituur ) kon je uit grote potten scheppen.
    Daar het de godganse nacht geregend had en nog steeds stevig aan 't doorregenen was, ging ik de auto halen, zo'n 300-tal meter verder om hem voor de deur van het logementshuis te parkeren, kwestie de bagage niet zo ver door de regen te moeten slepen.
    Tegen 20' voor 9 vertrokken we dan onder kletterende regen. Eerst moest Louisa nog op het goede spoor gezet worden. Zo diende ik tot aan de Spaanse grens te rijden om vandaar af de autokaart  van Spanje in het gps-systeem te krijgen. Ik ben dan ook van daar vertrokken voor mijn voettocht in barre weeromstandigheden. Het bleef water gieten en het was nauwelijks 5 graden. De tocht naar Rocevalles zou dan ook maar 17 km. bedragen. Onderweg ging het van kwaad naar erger, want na een viertal km. begon het te sneeuwen en het zou niet meer ophouden tot in Roncevalles. Soms was de hemel volledig grijs van de zware sneeuwval.De sneeuw bleef ook liggen langs de kanten, terwijl er op de weg een ijzellaag kwam te liggen van half gesmolten sneeuw. Zo heb ik een paar keer een pak van die smeltbrij over me gekregen als auto's daar wat te snel doorreden. Gelukkig kon ik ook 3 à 4 keer gebruik maken van het St-Jacobspad dat door de bossen liep en dan weer terug uitkwam op de grote baan. De weg steeg tot 1.057 m. bij de Ibaneta-pas. Daar lag alles onder de sneeuw. Daarna was het nog 3 km. afdalen tot in Roncevalles ( 800 m. hoog ), waar Louisa me stond op te wachten. Ze zei tegen mij dat ze een drietal keer lichtjes geschoven had met de auto. Ze had geen zin meer om de tocht naar Compostela verder te zetten. Vandaag had ze weer 2 uur kou geleden en de vorige veertien dagen waren al niet veel beter geweest inzake temperatuur. Ze wilde dat ik mijn tocht zou staken en op een ander moment verder zetten. Ze had enigzins wel gelijk als je veertien dagen niks anders dan regen en koude te verduren hebt gekregen en steeds alleen dient te wachten in de auto, want buitenkomen was niet aangewezn in die periode. 
    De fietstocht kon in dergelijke helse weersomstandigheden dus niet gefietst worden.
    Uiteindelijk zijn we naar Pamplona afgezakt om daar een logement te zoeken en morgen de tocht toch verder te zetten, want erger als vandaag kan nog moeilijker. Voor mij is het belangrijk, dat ik mijn droom, om in 1 keer de tocht naar Compostela te volbrengen, kan doen slagen.    

    15-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Categorie:reizen
    14-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.19de dag - Orthez - Sauveterre - St.-Jean-Pied-de-Port (18 km + 42 km.)
    Vandaag ongeveer dezelfde weeromstandigheden als gisteren. Dus meestal overtrokken weer met periodes van zonneschijn en nu en dan enkele druppels regen. Het blijft ook fris als de zon er niet is. Deze morgen in de gîte rural lekker gegeten. De vrouw des huizes heeft ons nog koffie meegegeven. Gisterenavond hebben we bij de gîte nog een eeuwenoude eik bewonderd met een doorsnede van wel 4 meter. Volgens de vrouw was hij 650 jaar oud. Onderaan was er een groot gat in en aan één kant waren de takken verdord. Hij is dus stilaan aan sterven! Deze voormiddag gestapt van Orthez naar Sauveterre-de-Béarn meestal langs het Sint-Jacobspad, maar ook langs de D23. Het steeg behoorlijk en vanaf l'Hôpital-d'Orion begon het voorgeborchte van de Pyrénéen. Onderweg heb ik nog zo'n dikke eik gezien, die er even erg aan toe was als die van gisteren. De heuvels werden hoger en in de weiden liepen er reeds koeien rond met belklokjes in hun nek. Ook nieuwe villa's waren er soms te zien, waarvan men kon zien dat ze niet permanent bewoond waren, omdat de luiken dicht waren. Dus 2de verblijfplaatsen. Ik was al om kwart na 8 vertrokken en kwam toe in Sauveterre rond half 12. Tegen één uur zat ik op de fiets om naar St-Jean-Pied-de-Port te fietsen. Na enkele kms zat ik echt in de Pyrénéen en kwam door de pelgrimsstadjes Saint-Palais en Obstabat. Ik had het me veel erger voorgesteld. Meestal was het bergaf en maar 3 keer een serieuse helling. Tegen 20' na 3 stond ik al bij Louisa. Daarna zijn we het stadje ingereden om naar ons overnachtingsverblijf te gaan. Het was geweldig druk in het stadje. Mensen van allerlei pluimage doorkruiste de smalle straatjes. Met moeite kon ik een parkerplaats bemachtigen, maar dan nog op ongeveer 200 meter afstand van de refuge waar we moesten zijn. In l'Etoile werden we ontvangen door de heer met wie ik gisterenavond gebeld had om het verblijf te regelen. We werden ondergebracht op een kamer op de 2de verdieping waar nog 3 bedden stonden. Om 20u. kunnen we deze avond eten. Morgen trekken we dan Spanje binnen. Het weer was vandaag behoorlijk, niet te koud en ook niet echt warm.  

    14-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (3 Stemmen)
    Categorie:reizen
    13-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.18de dag - 13/05/2010 - Mont-de-Marsan - Saint-Sever - Orthez (21 km + 45 km)
    Na een karige petit-dejeuner, in tegenstelling tot het overvloedige diner van gisterenavond, zijn we om half negen vertrokken naar onze startplaats die even terug lag, bij het binnenkomen van Mont-de-Marsan. We zijn nog even binnengewipt bij een bakker en een slager om onze voorraad brood en vlees op peil te houden. Om 5' voor negen het pad op voor een tocht naar Saint-Sever. De lucht was nog niet open en het was tamelijk betrokken. Rond kwart voor 10 kwam de zon er toch door, zodat het plotseling warmer werd. Om half elf was ze al terug weg en werd het opnieuw overtrokken en fris zo'n 12 à 13 graden. Het Sint-Jacobspad, dat ik deze morgen volgde,  ging eerst langs kleine wegen, daarna door een bos om tenslotte voor Saint-Sever terug op kleine wegen uit te komen. Door het bos gaan, hield in, dat het pad daar helemaal omgewoeld was door de wielen van de zware voertuigen die zich bezighouden met bosexploitatie. Gezien het onweer van gisteren lagen de diepe sporen, die de voertuigen hadden gemaakt, vol modder en water. Ik was daar genoodzaakt, iets hoger, op de rand van het afgekapte bos te gaan en evenwijdig te blijven met het bospad. Na een ongeveer een kilometer was het pad opnieuw begaanbaar, maar hier en daar moest toch nog uitgeweken worden wegens waterplassen. Ik ging een Compostelagangster voorbij die zich rustig onder een boom gezet had en een sigaretje pafte. Wat later zag ik 2 vrouwen een eind voor me oplopen. Ze hielden er een stevige tred op na. Ik hoorde dat ze Nederlands tegen elkaar spraken. Ze begroetten mij in 't Frans, terwijl ik hen in 't Nederlands begroette. Ze kwamen uit Noord-Holland en waren in Limoges aan hun tocht begonnen. Na nog wat gepraat te hebben ben ik op mijn eigen ritme verder gegaan. In Saint-Sever ben ik dan wat te ver gestapt zodat ik Louisa miste. Maar na een telefoontje van mij en 2 van haar, en aangezien ik wist waar ze zich bevond was het gemakkelijk om haar te vinden, weliswaar met een half uurtrje vertraging.
    Onze boterhammen hebben we daar op een bank in een klein parkje opgegeten. 
    Na de middag ging de fietstocht van Saint-Sever naar Orthez (uitspraak: Ortès). Zoals 's morgens al te zien was, was het landschap ook in de namiddag hetzelfde: veel bossen met daartussen velden waar de zonnebloemen hun jonge kopjes boven de grond staken. In 't begin dacht ik dat het om maïs ging. Andere teelten waren er niet te zien. In tegenstelling tot gisteren waren er vandaag opnieuw serieuse hellingen te doen. We naderen de Pyrenéen en dat ziet men aan het landschap.
    Tijdens de laatste 10 km begon het te regenen. In Orthez was ik naar de afgesproken plaats gereden, maar Louisa was er niet. Ik belde haar op en ze zegde mij dat ze in de stad was en onmiddellijk naar de afgesproken plaats zou komen. Daarna zijn we voor overnachting de stad terug ingereden. In de refuge waren maar 2 kamers met elk 3 bedden, waarvan er al 1 ingenomen was door een echtpaar, terwijl op de andere kamer ook al een vrouw was. Deze stelde voor dat we samen haar de kamer kinden delen. Op dat moment kwam er nog een jongere vrouw binnen met helm op, deze vroeg ook of ze logeren. Ik heb toen maar gezegd dat wij iets anders zouden gaan zoeken. Ik had immers juist buiten Orthez een aanwijzing zien staan van: gîte rural. We zijn daar naartoe getrokken en hebben daar een gastenkamer gekregen met inbegrip van het ochtendmaal. 's Avonds hebben we dan een restaurant in Orthez gevonden om ons avondmaal te nutten.
    Morgen zal het de laatste dag in Frankrijk worden, want we gaan dan aankomen in Saint-Jean-Pied-de-Port.         

    13-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    Categorie:reizen
    12-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.17de dag -12/05/2010 - Van Auros naar Roquefort en zo tot Mont-de-Marsan (57 km + 19 km)
    Gisteren hadden we onderkomen gevonden in Rodin te Bazas. Er waren 2 personen die de opvang deden waaronder een Filipijnse vrouw, die echt bekommerd was en zeer bereidwillig om alle hulp te vestrekken. Zo ook deze morgen, toen we koffie en warm water vroegen om mee te nemen. Ze gaf zelfs nog een fles water mee en pakte een tiental klontjes suiker in om in de koffie te doen. Daarenboven gaf ze een paar plastieke messen en lepeltjes mee. Na onze carnetjes te hebben laten afstempelen door diezelfde vrouw, zijn we terug gereden naar Auros waar ik gisteren mijn fietstocht had beeindigd. Vandaag had ik de rollen omgedraaid en begon met het fietsen in de voormiddag van Auros naar Roquefort via Bazas. Na Bazas kwam ik in de Landes terecht. Daar was men ook bezig met de aanleg van een nieuwe autostrade. Volgens mij moest die Bordeaux verbinden met Mont-de-Marsan. Later in de dag waren er ook verschillende werftoegangen te zien tot praktisch in Mont-de-Morsan. Na 24 km kwam ik in Captieux aan, mijn normale aankomstplaats indien ik gestapt zou hebben. De hemel was nog altijd zwaar betrokken en af en toe viel er wat motregen. Vanaf Captieux kwam ik op lange rechte stukken weg terecht met langs weerzijden dennebossen. Er was praktisch geen niveau verschil meer op de weg: dus geen hellingen meer. Na 57 km. bereikte ik Roquefort waar ik Louisa heel gemakkelijk terug vond.
    Nadat we gegeten hadden, rond iets na twaalf hebben we wat in de zon gezeten, die rond 12 uur was doorgebroken. Het zag er toen plots heel mooi  uit en het was tevens warm geworden. Kwart na 1 ben ik dan aan mijn voettocht begonnen naar Mont-de-Marsan. Dit gebeurde ook langs een grote baan zoals ook in de voormiddag toen de werfcamions de ene na de andere naast me doorraasden. Ook nu was het druk, maar langs de kant had men het gras gemaaid, waardoor ik gemakkelijk en veilig over de grasberm kon stappen. Het was een kaarsrechte weg naar Mont-de-Marsan met bomen langs weerkanten van de weg en bossen daarachter. Hier en daar stond er een huis, maar een eigenlijk dorp is er niet te bespeuren tussen Roquefort en Mont-de-Marsan. Om 2 uur hoorde ik het rommelen aan mijn rechterkant en dacht dat kan geen kwaad gezien dat de oostelijke kant was en het weer uit het westen kwam. Tegen 3 uur begon het overal te rommelen. Het moment op het stapritme nog wat op te drijven want ik wilde vermijden dat ik nat zou worden. Ik dat niet kunnen vermijden want om half vier begon het eerst stil te regen met enorme bliksems en bulderende donder. Ik had geen regenjas bij en liep gewoon in mijn T-shirt en korte broek. Aangezien er geen huizen stonden om te schuilen liep ik nog maar verder door tot het hard begon te regenen. Op dat moment ben ik onder een laurierstruik gekropen waarboven nog een conifeer groeide. Het druppelde wel wat door, maar het verhinderde dat ik mestnat werd. Daar heb ik 50 minuten gezeten. Tegen half 4 belde Louisa mij om te vragen waar ik was. Ik zei haar dat ik bijna in Mont-de-Marsan en dat ik onmiddellijk zou voortgaan, omdat het bijna gedaan was met regenen. Nu bleek dat ze met de auto op slechts 300 meter van mijn schuilplaats stond. We zijn vlug doorgereden naar Mont-de-Morsan centrum waar tercht konden in hotel-restaurant "Les Pyrenées".  

    12-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Categorie:reizen
    11-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.16de dag - 11/05/2010 - Van La Cabane naar Caplong en dan naar Auros (23 km + 48 km)
    Het weer zag er vandaag opnieuw wat minder. Koud was het niet, maar wel overtrokken en nu en dan vielen er enkele druppels. Soms scheen ook de zon en na de middag heeft een tweetal keer echt goed geregend. Het afscheid in La Cabane was tegen kwart voor 9, de Fransen waren al weg tegen kwart na 8. De vrouw des huizes was niet opgestaan, omdat ze in afwachting van een operatie veel diende te rusten volgens haar echtgenoot. Deze neemt van iedereen die komt overnachten, bij hun vertrek, een foto. Zo ook van de Fransen en van ons. De voettocht naar Caplong ging eerst naar Le Fleix al dalend zo'n 7 km. Daar moest ik de Dordogne oversteken en deze blijven volgen tot in Sainte-Foy-la-Grande, een mooi stadje. Door het advies van de eigenaar van ons logement te volgen, heb ik daar minstens 1 km. teveel gestapt, want langs het stadsplein en de kerk had ik niet moeten gaan, om mijn weg te volgen. Ik had gewoon naast de Dordogne moeten blijven verder gaan en zo kon ik gewoon op de D672 komen. Het volgende dorp lag een 8 km verder, nl. Lèves et Les Thoumeyragues. Daar stond een prachtige kerktoren. Tegen kwart voor één bereikte ik Caplong. Wat heen er weer getelefoneer en we vonden elkaar. Tegen 10' na twee zat ik op de fiets om naar Auros te rijden. De hele namiddag reed ik door de wijngaarden. De wegen slingerden zich lichtjes golvend door het landschap. Wel honderd wijn-chateaux heb ik gezien. Tegen kwart voor 5 was ik Auros. Daar hebben we gezocht naar overnachting, maar er was niets te vinden, alhoewel er wel 3 à 4 adressen in mijn boekje stonden. We hebben er wel in een superette wat inkopen gedaan. We zijn dan maar naar Bazas gereden, een stadje zo'n goeie 10 km verder. Daar zijn we er in geslaagd onderkomen te vinden. Alleen moesten we nog ergens gaan eten in de stad.
    Morgen gaat de tocht verder naar Captieux en dan naar Mont-de-Marsan.  

    11-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Categorie:reizen
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.15de dag - maandag 10/05/2010 - Sarliac s/ l'Isle - Razac s/ Isle - La Cabane ( 23 km + 48 km)
    Na het ontbijtbuffet in hotel Ibis, werd de fiets uit de bagagerieruimte gehaald en de bagage van de kamers. Het had deze morgen nog wat geregend, maar als we vertrokken kwamen er al grote gaten in het wolkendek. Dus eerst terug naar Sarliac-sur-l'Isle voor mijn voettocht naar Razac-sur-l'Isle. Om 10' na 9 ben ik daar vertrokken en nog voor ik in Périgueux was, was de hemel schoongevaagd en brandde het zonnetje.
    Er was onmiddellijk een aangename temperatuur van zo'n 18 à 19 graden. In Périgueux was het wat moeilijker om de juiste weg te vinden, maar enkele vragen aan passanten lieten me toe geen overbodige meters te stappen. Toch duurde het bijna 3 kwartier eer ik uit de stad was. In Périgueux is er een prachtige basiliek, waarvan de toren voorzien van een prachtige koepel, hoog boven de stad uittorend. Er zijn aan de basiliek nog 5 kleinere koepels met telkens 4 kleinere hoekkoepeltjes. Van Périgueux tot Razac was het nog ongeveer 12 km stappen. eerst was er een zeer lange en steile helling om de stad te verlaten. Eens boven kon ik op de rug van de helling blijven stappen en had een prachtig uitzicht over de wijdse omgeving. De krekels sjirpten er lustig op los. In tegenstelling tot de vorige dagen, waar de dorpen gecentraliseerd lagen en men soms 7 à 8 km diende te gaan alvorens een ander dorp te bereiken, heb ik vandaag gezien dat in de Périgord een soort lintbebouwing aanwezig is. Want voordurend zag ik huizen langs de kant van de weg opduiken. Hun typische vorm, hun kleur (okerkleurig) en hun dakbedekking (lichtbruine- halfronde pannen), laten zien dat men al in het zuiden zit. Op een 3-tal km van Razac (het was reeds kwart na 12), heb ik Louisa opgebeld en haar gezegd dat ik nog zeker een half uurtje te stappen had. In Razac aangekomen heb ik haar opnieuw gebeld en gevraagd war ze met de auto ergens stond, want ik vermoedde dat ze langs een andere invalsweg toegekomen was. Dat bleek ook zo te zijn. Maar na 5 minuutjes hadden we elkaar toch gevonden. Het was ondertussen al 10' voor één. Na de lunch, ben ik tegen 05' na twee de fiets opgesprongen voor een tocht van 48 km door de Périgord. Lange tijd was het naast de Isle rijden, eigenlijk tussen de Isle en de autostrade naar Bordeaux. Dat duurde tot in Mussidan zo'n 30 km ver. Het rijden ging tamelijk vlot, alleen was er een stevige wind. Ik had terug een short en T-shirt aangetrokken want het was aangenaam in de zon. Het laatste stuk van Mussidan tot La Cabane ging de weg meer bergop dan bergaf. Ik bereikte La Cabane tegen 16u. 45'. Ons verblijf was daar ook geregeld. Louisa stond met de auto maar op een 50-tal meter verwijderd van de plaats waar we moesten zijn. Daar troffen we al een Frans echtpaar aan. Aangezien de huiseigenaars niet aanwezig waren (mevr. had gisterenavond gezegd dat zij en haar man pas tegen half acht zouden thuis zijn, daar ze een afspraak had met haar dokter in Bordeaux), waren we in dezelfde ruimte. Aan de praat van de Fransen te horen, hadden ze liever dat we ergens anders een onderkomen zouden zoeken. Maar na wat gepraat te hebben, bleken ze zich met onze aanwezigheid verzoend te hebben. We hebben dan gedoucht en Lousa heeft soep bereid (minuutsoep). Mijn mobiel internet had geen voldoende bereik om mijn dagblog op te maken. Na thuiskomst van het echtpaar, heeft de vrouw nog een lekker eetmaal bereidt, waarna het tijd was om te gaan slapen.
    Morgen gaan we verder naar Caplong en Auros.    

    11-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Categorie:reizen
    09-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.14dag - 09 mei 2010 - Tocht van Aixe-sur-Vienne naar Châlus / Châlus naar Sarliac-sur-l'Isle (24 km. + 50 km.)

    Vandaag geen petit-déjeuner in 't hotel . We zijn daar rond 8 u. vertrokken, hebben de sleutel op de deur gelaten en onze bagage ingeladen. Er was niemand van het hotel te zien. De hotelier had zeker gespeeld, want we hadden 's avonds al betaald voor de overnachting. De deuren van het restaurant en van de bar waren allemaal met zware kettingen vastgemaakt. In de omgeving van het hotel vonden we een bakker waar we een brood en een baguette kochten. De beenhouwers waren allemaal nog gesloten. We hebben dan boterhammen gegeten met hetgeen ons nog restte aan belegsel. Na ons eetmaal ben ik vertrokken voor de voettocht naar Châlus. De weersomstandigheden zaten weeral niet mee. Er viel weer wat motregen en het was fris. Overal langs de wegkanten kropen bruine slakken van ongeveer 6 à 7 cm. lang met daartussen vele jonge slakjes. Het landschap was nog wel golvend, maar niet meer zoals de voorbije dagen. Ook veel minder bossen, maar meer weiden waar schapen graasden. Ook vele kleine vijvertjes waren er te zien langs de kanten van de wegen. Rond 20' na 12 was ik bij de auto. We hebben ons gasvuurtje aangestoken en warm water gemaakt voor onze koffie bij het eten.
    Tegen 20' na één, ben ik dan mijn fiets opgesprongen voor een tocht van Châlus over Firbeix, La Coquille, Thiviers en Sorges naar Sarliac-sur-l'Isle. Het regende nu eens stiller, dan weer wat harder en soms was er geen regen. Ik zat volop in de Périgord, bekend voor zijn truffels, maar ook voor zijn zwarte noten en foi grasse. In de dorpen die ik doorreed werden die producten aangeprezen op grote borden en werd er ook verwezen naar personen en firma's waar ze konden gekocht worden. De wegen waren gemakkelijker te berijden dan de voorgaande dagen, daar de hellingen niet meer zo bruusk omhoog gingen, maar geleidelijk aan stegen. Vandaar dat ik mijn 50 km. zo vlot aflegde vandaag, want ik stond al om 20' voor 4 u. in Sarliac bij mijn vrouwtje.
    Ik had 's middags al een viertal telefoons gepleegd om te kijken waar we konden overnachten. Maar vermits het zondag is kreeg ik weinig respons, vandaar dat ik ook het Ibis hotel in Périgueux belde. Daar was er nog plaats. We zijn daar naartoe getrokken en hebben er deze avond ook gegeten. We hadden gekozen voor het menu "Le Gourmande". Dat heeft ons bijzonder goed bevallen. Deze avond is het plots zonnig geworden! Morgen nog een petit-déjeuner in het hotel en dan kunnen we weeral een 70-tal km. verder trekken tot Monfaucon.

    09-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Categorie:reizen
    08-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.13de dag - 08/05/2010 - Bénévent l'Abbaye - Les Billanges - Aixe-sur-Vienne (23 km + 66 km)
    Het weer zit nog altijd niet mee. Deze morgen heeft het weer de hele morgen geregend. Niet hard, maar je werd er wel goed nat van. Tevens was het ook nog koud. Maar kom, na wat we meegemaakt hebben was het niet meer zo erg voor mij. Van Bénévent-l' Abbaye naar Marsac, dan naar Arrènes en zo verder tot St. Goussaud (een van de hoogste punten: 657 m.); verder ging het naar Châtelus-le-Mararcheix en zo tot in Les Billanges. Deze weg is niet dezelfde als die ik uitgestippeld had. Het was echter een mooie weg. Grote stukken ervan ben ik op het St-Jacobspad kunnen gaan, vooral de afdaling door het woud vanaf St. Goussaud tot in Châtelus-le-Marcheix, toch zo'n 6 km. lang was indrukwekkend. Louisa stond mij op te wachten in Les Billanges en niet in La Besse. Dit kwam omdat de gps alleen La Besse kent in de Dordogne. De streek die ik in de voormiddag doorliep deed me een beetje aan de Ardennen denken, misschien nog iets mooier en grootser. Alleen maar bossen op de imposante heuvels en in de diepe dalen, kabbelende beekjes en hier en daar toch ook een wei met runderen (ros-bruine koeien met hun kalfjes en telkens een tweetal stieren).
    In de namiddag heb ik dan gefietst van Les Billanges naar Aixe-sur-Vienne. Dat liep niet van een leie dakje.In het 1ste dorp dat ik tegen kwam zat ik al mis. Ik had Saint-Laurent-les-Eglises niet mogen binnen rijden, maar 1 km. er voor naar links moeten draaien om zo in Le Châtenet-Dognon te geraken. In dat dorp heb ik weer een verkeerde richting genomen nl. die naar Saint-Léonard-de-Noblat, een middeleeuws stadje dat men al vanop 5 à 6 km. ziet liggen. Het is moeilijk als je in een klein dorp bent om de goede richting in te slaan, want de wegwijzers duiden gehuchten aan die niet terug te vinden zijn op mijn kaarten en de nrs van de wegen ontbreken doorgaans ook. Zo ben ik van St-Léonard-de-Noblat terug naar Royères moeten rijden om op de goede weg terug uit te komen. De wegen gingen steeds bergop en bergaf tot in Limoges. Daar lag een mooi fietspad langs de ring en de aanduiding naar Aixe-sur-Vienne stond keurig aangegeven tot op zeker moment gele plakkaten aangaven dat er déviation was voor Aixe-sur-Vienne en Périgueux. Ik heb die aanduidingen gevolgd maar moest vaststellen, nadat ik al een half uur rond Limoges aan't rijden was, dat ik uiteindelijk op een soort autosnelweg was beland (E603). Daar die weg noorderlijker lag dan de richting die ik moest nemen ben ik onder die weg doorgereden en meer westerlijker gaan fietsen in de hoop dat ik daar een dorpje tegenkwam dat op mijn kaart stond en ik me zo kon heroriënteren. Daar ik in gehuchten verzeild was geraakt, heb ik dan een auto doen stoppen. De dame zegde dat ik terug tot bijna in Limoges diende te rijden en op het eerste rondpunt zou er een aanduiding staan naar Aixe-sur-Vienne, wat ook bleek. Vandaar diende ik nog 6 km. te rijden tot Aixe-sur-Vienne. In het centrum heb ik Louisa opgebeld met de boodschap dat ze naar het centrum moest komen (één lange straat van ongeveer 2km. lang) en dat ze me daar wel zou zien staan, wat ook zo bleek na enkele minuten. Op mijn fietsteller had ik meer dan 66 km. staan,waar dat maar een goeie 50 had mogen zijn. 
    Het was kwart voor 6 en we moesten nog herberging zoeken. Op het eerste telefoonnummer kon ik niemand bereiken, zodat we besloten maar onmiddellijk naar hotel "La Dilligence" af te zakken. Op het eerste zicht bleek dat gesloten te zijn, wat eigenlijk ook was. De uitbater had ons echter zien stoppen en zei dat we enkel konden overnachten want het was de 8ste mei (feestdag). We zijn dan maar ergens anders gaan eten in restaurant-auberge "Les 2 Ponts" aan de brug over de Vienne. Het petit-dejeuner morgenvroeg zullen we ook ergens anders moeten gaan nemen.          

    08-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Categorie:reizen
    07-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.12de dag, vrijdag 07 mei 2010, Gargilesse - Crozant - Bénévent-l'Abbaye (21km. + 46 km.)
    Vandaag was het weer beter dan gisteren en eergisteren; het was wel nog fris; de zon scheen regelmatig, maar na de middag was er alleen nog bewolking, waaruit rond vier uur wat druppeltjes vielen. Deze morgen hebben we ontbeten bij de homo's. De Brit ging zelf de sleutel van de kerk vragen opdat we stempels zouden kunnen zetten in onze carnetjes. Hij ging zelfs mee naar de bakker om te zeggen dat we Vlamingen waren die bij hem gelogeerd hadden. Zelf was hij die dag al twee keer bij die bakker geweest om baguetten en croissants te kopen. Nadat Pascal mijn fiets uit zijn garage had gehaald, konden we afscheid nemen van beiden. We reden opnieuw naar Gargilesse vanwaar ik mijn voettocht zou beginnen. Iets voor 9u. ben ik daar vertrokken voor een tocht van 21 km. De tocht zou tot 25' na 12 duren. Het traject liep enigzins anders dan ik had uitgestippeld. Ik ging over Cuzion, Fressine, Chambon (daar is een meer, ontstaan door de afdamming van de Creuse; er is daar een plage en een jachthaven met heelwat scheepjes) en via Vitrat kwam ik in Crozant, een ietwat groter dorp waar de Sédelle in de Creuse stroomt. In Crozant ben ik bij een beenhouwer binnengesprongen om wat broodbelegsel te halen.
    Rond kwart voor 2, ben ik aan mijn fietstocht begonnen. Hier had ik een volledig nieuw traject in de gauwte gemaakt omdat de gps van de auto Louisa over andere wegen wees. Nu ging het over Dun-le-Palistel en Le Grand Bourg naar Bénévent-l'Abbaye. Op dit traject ben ik 4 zware hellingen tegengekomen: één was 1.500 m. lang, de volgende 1.800 m. was de zwaarste qua stijgingspercentage, dan was er nog één van ongeveer 1km. en de laatste was weer een serieuse klepper van rond de 1.700 m.
    In Bénévent aangekomen kon ik Louisa niet direct vinden. Na het hele stadje te hebben doorkruist, belde ik haar op, maar men zegde het nummer is niet bereikbaar. Daarna heb ik nog twee maal geprobeerd. De telefoonstem bleef maar zeggen dat het nummer niet bereikbaar was. Uiteindelijk, na mijn kaart opnieuw grondig te hebben geraadpleegd en advies te hebben ingewonnen van een passante, bleef er maar één invalsweg over waar Louisa misschien kon te vinden zijn. En inderdaad, ze stond daar voor de plakkaat van het stadje op de D912 A1. Ondertussen was ik wel drie kwartier aan 't zoeken geweest. Maar eind goed, al goed!
    Van landbouw was er vandaag nog weinig te bespeuren. Er kwamen meer bossen, beboste hellingen en weiden met grote kudden runderen voor. De natuur was op zijn mooist in de diepe uitgesneden dalen waar de Creuse doorstroomt.
    In Bénévent-l'Abbaye zijn we op zoek gegaan naar overnachting. Eerst was ik in de pharmacie de sleutel gaan vragen - zoals in het pelgrimsboekje stond -. De apothekeres zei me echter om naar een zekere mvr. Godson te gaan. Daar belde ik een drietal keren aan, maar er kwam niemand opendoen. Ik probeerde of de deur open was en dat was het geval. Ik ging binnen en zag overal rommel liggen van pelgrims. Alle lokalen en kamers liep ik af en ik kon niemand vinden. In een lokaal stond er een wasmachine aan; in een zitkamer speelde de TV en toch was er niemand! Ik ben daarna Louisa er gaan bijhalen om dat ongelooflijk spektakel ook te komen bewonderen. Volgens onze waarnemingen zou er nog één lokaal vrij geweest zijn, waar een dubbel bed en een kinderbed stond. We besloten dan maar een andere lokatie op te zoeken om te overnachten. Deze vonden we in hotel "Le Cédre". Hier kon ik ook mijn fiets stallen en kreeg ik de toegangscode voor het internet. Om 8u. is het avondmaal voorzien.
    Morgen zal de voettocht gaan van Bénévent-l'Abbaye naar La Besse en de fietstocht van La Besse naar Aixe-sur-Vienne.

    07-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Categorie:reizen
    06-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.11de dag - 06/05/2010 Fosse-Nouvelle - Vicq-Exemplet - Gargilesse (23 km. + 52 km.)

    Deze morgen zag het weer er uit zoals het gisterenavond geëindigd was: dus regen en nog eens regen. De temperatuur bedroeg zo'n 4 à 5 graden. Na het petit-dejeuner bij Foyer des jeunes travailleurs, kon ik mijn fiets uit de garage halen en hem op de fietsenrek van de auto plaatsen op 2de stelling want ik had gisteren ergens mijn sleutels van mijn fietsenrek verloren.We zijn dan terug naar Fosse-Nouvelle gereden om vandaar onze tocht te hernemen. En zoals gisteren onder gietende regen. De hele voormiddag weer regen en opspringend water door het vervoer op de tamelijke grote weg die ik vandaag volgde (D951). Het bleef regenen tot Maissonais (een 5-tal km. voorbij Le Châtelet). Toen kwamen er openingen in het wolkendek. Als ik na iets meer dan 23 km aankwam in Vicq-Exemplet was ik al een beetje opgedroogd.
    We hebben daar onze lunch genomen en om 13u.30' ben ik vandaar per fiets vertrokken richting La Châtre. Het landschap was vandaag gekenmerkt door lichte glooiïngen, veel weiden met vleesrunderen en hier en daar toch nog wat graangewassen. Verder waren er ook nog de bossen en hier en daar meertjes. Na La Châtre kwam ik verderop in Cluis terecht waar ik een half uurtje halt hield om te kijken of we daar 's avonds ergens konden overnachten. Er waren daar 4 mogelijkheden: de refugio van de Sint-Jacobsvrienden, een Nederlander met een Chambre d'hôtes genaamd: La Cigogne de la Haie, een Chambre d'hôtes bij mevr. Duris en een gastenkamer bij Pascal Mira, genaamd: Chez Nous. Ik was eerst gaan kijken in de pelgrimsrefuge en aangezien er op de deur een bericht hing dat de sleutel ergens kon afgehaald worden en men meer uitleg kon verschaffen in de kruidenierswinkel, gelegen voor de kerk, ben ik daar naar toe getrokken. De vriendelijke uitbater zei me:,  gaat maar terug want het is open. En inderdaad, de deur was open en ik trof er een Duitser aan, een wat oudere man met wat langer grijs haar en dito baard. Hij zei me dat de beheerder een 50-tal meter verder woonde en ik mij daar moest gaan aanmelden, wat ik dan ook deed. De deur werd echter niet geopend. Ik ben dan maar terug naar de kruidenier gegaan. Deze had beloofd om contact op te nemen met de beheerder indien ik niet binnen geraakte in de refuge. Ook zijn telefoontje bleef onbeantwoord. Vandaar dat ik hem zei dat ik na een uurtje zou terug keren en dat dan misschien de beheerder bereikbaar zou zijn. Ik ben dan vertrokken en heb onderweg even stil gestaan bij de Nederlander: die vroeg 50 euro per persoon voor overnachting met ontbijt. Gezien die dure prijs heb ik mijn tocht verder gezet naar Gargilesse waar ik rond 5 u.00' aankwam bij de auto. We zijn dan terug gereden naar Cluis, heb mij aangemeld bij de beheerder (was nu wel thuis) die me zei: gaat al maar naar de refuge, ik zal seffens komen. De refuge was inmiddels reeds bezet door de Duitser en een koppel uit Hoei. Er was nog alleen plaats onder in de keuken, waar we dan op een divan konden slapen. Na overleg met mijn vrouwtje besloten we een ander logement op te zoeken en zo belandden we bij Pascal Mira, waar een oudere heer kwam open doen. Deze man sprak met een engelse tongval en heette ons van harte welkom. Hij bleek een Brit te zijn die samen met zijn vriend-artiest, Pascal, gastenkamers verhuurd en ook maaltijden serveert. Hijzelf, verbonden aan een internationale school, gaf Engelse les via het interenet. Hij had vanavond om half acht nog een videoconferentie met zijn school in Californië. We hebben bij dit koppel dan onze intrek genomen.Ze hadden het huis gekocht in 2005 en woonden vroeger in Bordeaux. Tegen 20u.00'  konden we eten. Ook gaf de Brit mij een interenetcode waardoor ik kon gebruik maken van het internet.
    Morgen gaat de tocht van Gargilesse naar Crozant en vandaar per fiets verder tot Bénévent l'Abbaye.       

    06-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Categorie:reizen
    05-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.10de dag Gimouille - Véreaux - Fosse-Nouvelle
    Vandaag 05 mei was de zwaarste dag tot nu toe. Niet inzake fysiek, maar inzake de ellende veroorzaakt door het rotweer. Het plan van vandaag is daardoor maar gedeeltelijk ten uitvoer gebracht. Het was rotslecht weer, nauwelijks 5 graden warm en geen weer om er een hond door te jagen. Het was reeds aan het regenen van gisterenavond. Het bleef de hele nacht regenen en ook vandaag viel het water bij bakken uit de hemel. Nu rond 20u.00' is het nog steeds aan't regenen, maar niet zo hard meer als van ochtend en deze namiddag.
    De voettocht heb ik nog volledig gedaan, maar na 20km. als ik in Véreaux toekwam was ik helemaal verzopen. Ik was door en door nat. Gelukkig had ik mijn bergschoenen aan, zodat mijn voeten toch nog wat droog gebleven waren. In betere omstandigheden had ik ook wat kunnen genieten van de streek waar ik doortrok. Eerst was er een riviertje waar ik langs liep. Na een 2-tal km. mondde dat uit in de Allier, een zeer brede rivier, die zelf juist voor Nevers uitmondt in de Loire. Daarna liep ik tot in Aprémont langs de oevers van de Allier. Van in Aprémont tot Grossouvre stapte ik door het woud gedurende een 7-tal km. In al die tijd zijn er me wel geteld 3 auto's gepasseerd. Dus van drukte zoals bij ons is er in de verste verte geen sprake. Men waant zich alleen op de wereld. In Véreaux heb ik droge kleren aangetrokken en ben ik samen met Louisa in het plaatselijke café-restaurant iets gaan drinken. Er stonden daar een 6-tal werklui van de groendienst aan de toog. Ze hadden hun regenjassen op de stoelen hangen om wat te drogen. Na gegeten te hebben, besloten we met de auto verder te rijden tot Fosse-Nouvelle, waar ik in normale omstandigheden per fiets had moeten toekomen. Maar ja, ik vind het een geval van heirkracht. Vanuit Fosse-Nouvelle, waar ik morgen zeker mijn voettocht ga verder zetten, zijn we naar de dichtsbijzijnde stad nl. Saint-Amand-Montrond gereden om slaapgelegenheid te vinden. Zo zijn we aanbeland bij Foyer des Jeunes Travailleurs, waar we van een avondmaal genoten, kunnen slapen en morgen kunnen ontbijten      

    05-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Categorie:reizen
    04-05-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.9de dag: Varzy - Nannay - Gimouille (20 km. + 49 km.)
    Na de goede ontvangst bij de Belgen, Robert en Lucie in Corvol d'Embernard, zijn we per wagen opnieuw vertrokken naar Varzy. Eerst wat inkopen gedaan in de plaatselijke superette, dan diesel getankt en tenslotte naar het vertrekpunt van onze volgende voettocht gereden. Deze ging vandaag over Chateauneuf-Val-de-Bargis naar Nannay of ongeveer 20 km. verder. Het was ijzig koud en er gierde een noord-westenwind. Men waande zich ergens in de maand januari of februari. Ik denk dat het niet meer was dan 7 à 8 graden. Eerst ging de tocht door een bos (ongeveer 10 km.), daarna werd het landschap terug golvend met weiden, bossen op de hoogten en graangewassen in de lagere gebieden. De aarde ziet er in deze regio rood uit, wat heel verschillend is met die van de Champagnestreek die wit is omdat ze kalkhoudend is. Van in Chateauneuf-Val-de-Bargis was het nog een viertal km. tot in Nannay. Even buiten Nannay, in een bosrijke omgeving hebben we onze boterhammen opgegeten. Daarna rond half 2 heb ik dan de fietstocht aangevat. Deze ging vandaag over La Charité-sur-Loire, een mooi stadje waar Compostelagangers rondliepen, naar Gimouille. In La Charité-sur-Loire moest ik over de 2 uitgestrekte armen van de Loire. Over diezelfde Loire moest ik nogmaaals om in Gimouille te geraken. Van in La Charité-sur-Loire tot in Gimouille bleef de Loire aan mijn linkerzijde liggen. In Gimouille kwam ik om 15u.55' toe na 49 km. gereden te hebben. We zijn dan naar het hotel "La Grenouille" gereden, gelegen in de gemeente Cuffy, waar ik al gepasseerd was met mijn fiets. Morgen trek ik van hieruit verder.

    04-05-2010 om 00:00 geschreven door Jules Sciot  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (3 Stemmen)
    Categorie:reizen


    Archief per week
  • 24/05-30/05 2010
  • 17/05-23/05 2010
  • 10/05-16/05 2010
  • 03/05-09/05 2010
  • 26/04-02/05 2010
  • 19/04-25/04 2010
  • 12/04-18/04 2010

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !


    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Meer blogs