Vandaag is het dan tijd voor de laatste blog vanuit Canada, meer bepaald Toronto. Morgenavond rond 6 uur Canadese tijd (middernacht in België) stijgt ons vliegtuig op op de luchthaven, hier zo'n 25 kilometer vandaan, om dan zondagochtend rond 7 uur te landen op Schiphol. Dat wordt met andere woorden dus een lange, hopelijk niet te lastige dag...
Maar bon, op dit moment zitten we nog steeds in Toronto, in de Holiday Inn die echt downtown gevestigd is. En dat moge toch wel heel duidelijk zijn. Zodra je het hotel uit bent, kom je quasi meteen terecht in het überdrukke stadscentrum, dat vooral bezaaid is met duizenden mastodonten van appartementen, hoofdkwartieren van banken, etc. Qua vibes doet deze bruisende stad echt meer dan eens denken aan het Amerikaanse grote broertje, New York. Om een geschikt ontbijtplekje te vinden moesten we ons dus al meteen roeren in de bij momenten ietwat ongezellige drukte. De hele stadsbevolking lijkt een mélangé te zijn van zakenmensen, gewone burgers, studenten en leerkrachten maar ook wel heel wat bedelaars, daklozen die op het midden van de straat liggen te 'maffen' en nog een hele hoop marginalen. Echt typische allures voor een grootstad. Gelukkig kan je voor een ontbijt of iets van die trend altijd wel ergens een food court induiken, zoals wij deden deze voormiddag. Na ons ontbijt van muffins en broodjes trokken we dan verder de binnenstad in, richting de hoogste toren van Canada, de CN Tower (iets meer dan 550 (!) meter hoog, kan de Eiffeltoren nog een flink puntje aan zuigen). Daar hadden we op verschillende niveaus een mooi uitzicht over Toronto. Jammer genoeg was de lucht vandaag niet helemaal helder, anders hadden we wel een glimp van de Niagara Falls kunnen opvangen. Maar sommige van de uitzichten waren echt wel speciaal. In de shop hebben we achteraf nog een beetje geshopt, ik en mama toch, voor mij een T-shirt met de Canadese maple op en voor mama een Moose-slaapkleedje. Na ons bezoek aan de toren wilde papa eens binnenspringen in een nabijgelegen brouwerij, gerund door heel wat jongeren. We konden er ook meedoen aan een rondleiding. De onze werd geleid door een, op zijn zachtst uitgedrukt, van jeugdig enthousiasme bulkende gids. Zijn Engels was perfect, alleen was het wel een beetje rap; we moesten de nodige moeite doen om hem te verstaan. Als onze rondleiding gedaan was, besloten we om naar ons hotel terug te keren, en zodoende hebben we een flinke wandeling ondernomen langs onder meernde haven en het treinstation van Toronto. We hebben er denk ik wel een goeie 3 à 5 kilometer over gedaan om terug op onze kamer te geraken. Om 7 uur zijn we dan op zoek gegaan naar een goed restaurantje voor ons avondeten. We zijn voor de verandering eens de andere richting uitgegaan. En wat blijkt? Hoe verder je je van de downtown verwijdert, hoe landelijker, hoe meer Canadees het landschap weer wordt. We wandelden als het ware opnieuw door een buurt waar het principe huisje, boompje, tuintje de bovenhand voert. Eigenlijk voelde dit aan als een opluchting, zo eventjes weg van die grote drukte. We zijn uiteindelijk beland bij een restaurantje om de hoek van de straat, een soort van pub, maar het eten was er wel zeer lekker. Als voorgerechtje hebben we een bordje met verschillende soorten hesp, kaas en sla verdeeld onder ons drie, en daarna waren er de hoofdgerechten: een pastagerechtje met fètakaas en pesto voor mij, voor mama een 'burrito' (zacht, gezond broodje met wat stukjes kip en groenten), en voor papa een fajita (soort pannenkoek) met kip. Echt lekker, al hadden we er wel meer dan genoeg mee. Let's return to normal, Belgian portions. Zal een vrij makkelijke overgang worden, denk ik.
Nu zitten we op onze kamer nog wat uit te rusten, maar toch hebben we al heel wat voorbereidingen getroffen met het oog op morgen. De auto is geleegd, de valiezen zijn grotendeels gevuld, het eten en drinken wordt nog opgemaakt in de mate van het mogelijke, en het belangrijkste van al: de vliegtickets voor morgen zijn al ingesteld op de iPhones.
Ik stop er maar eens mee, dit was onze blog vanuit Canada. Hopelijk hebben jullie er 3 weken lang van genoten. Wij allesinds wel van onze reis, hoe lastig hij soms ook was. Hier wordt het stilaan tijd om te gaan slapen, dus: tot zondag, tot in ons België ofwel: home sweet home!