Daar antwoord ik volmondig 'ja!' op. De Aziatische woestijnmus namelijk. Deze lijd er een hard bestaan, in die hitte vind ze in het mulle zand maar weinig wormen. Verder werd ze belaagd door woestijnvossen en zandstormen. Dierenleed laat me niet koud. De eerste die in mijn buurt een dier mishandeld toon ik zijn uitgescheurde ingewanden na de lever en het hart onder mijn hielen te hebben geplet. Maar verder ben ik een vreedzaam mens. Ik help jan en alleman, rook 2 pakjes per dag om de Belgische Staat te steunen en probeer zo weinig mogelijk naar waterige porno te kijken.
Ik ben in mijn leven nog maar 2 keer verliefd geweest. Op dezelfde vrouw, twee keer omdat we twee keer met vlammende haat uit elkaar zijn gegaan. Nu is ze mijn beste vriendin, ik zou alles voor dat meisje over hebben. Ze is een deel van mij. Ik kan al bijna in het ziekenhuis kamperen, ik moest voor een spuit die niet werkte of een bloedonderzoek die een vitamine d tekort aanwijst waarop je druppeltjes moet slikken die smaken naar het voorvocht van een ontbindende prostituee langsgaan. Dat wilde die pillendraaier me nog een medicijn opsolferen dat ik elke week op bloedonderzoek moest komen. Ik loog dat het een lieve lust was. Hij kon zijn medicament zelf beginnen slikken. En leren schrijven. Want altijd ontbreek ik wel één medicament.
Dus ben ik alleen met wat vrienden, ouders hond en een trits stemmen in mijn hoofd. Die laatste maken constant ruzie. Ze hebben al een berisping van een ingebeelde wijkagent gekregen voor burengerucht. Deze werd op het matje geroepen omdat hij zonder huiszoekingsbevel alle stripteaseuses in een bar had gefouilleerd op zoek naar a little green bag. De tip kwam van George Baker. En René, de flik, had een hekel aan cannabis. Maar nu moet ik echt vertrekken. Boeken gaan kopen die ik toch nooit zal lezen omdat ik er godverdomme de tijd niet voor heb.
Geen nieuwe Brusselmans, geen Amoras. Uitverkocht of niet binnen. Ik koos dus maar lukraak 4 strips die op elkaar volgden. Ik had mijn moede lijf nog maar net neergevlijd of de wijkagent stond aan mijn deur (de echte). Of ik klachten had over onze straat of een misdrijf wist aan te geven.
'Wel ik wil geen verklikker zijn maar onze buurman, ik wees met mijn duim naar links, is een heroïnedealer. Hij versnijdt zijn stuff in dat zogenaamde duivenkot van hem.'
De agent trok ogen en rukte zijn walkie talkie van zijn gesp. 'Alfa October, eenheid 6 waar bent u?'
'In de Meuleschettestraat.'
'Ruk meteen uit naar mijn locatie, en verwittig het speciaal interventie squadron nadat je een huiszoeking hebt geregeld...'
De rest hoorde ik niet meer. Ik had de deur al dicht gesmeten. Mijn burgerplicht zat erop. Wist ik veel of er drugs te vinden was, maar sinds Eigen Kweek moest je opletten met de derde leeftijd. Die waren sinds de Benimdorm Bastards rond uit misdadig geworden.
Even later weer de bel. Een lelijke dikzak en een al even afschuwelijk karkas.
Ik zag mijn buurman zwaar toegetakeld in handboeien afgevoerd worden.
'Gelooft u meneer in een betere wereld en een hemel, wij Getuigen van Jehova...'
'Sorry, maar ik ben satanist en u stoort me eigenlijk in een belangrijk ritueel, mijn mensenoffer, een baby zou wel eens de buurt durven bijeen krijsen. En ik wil geen ambras met de wijkagent.'
Ze haastten zich weg. Wat een dag.
25-04-2014, 00:00
Geschreven door Michaël Janssens 
|