Net vertrokken en al de eerste stop. De conducteur springt van de bus, holt naar een tempel en foefelt wat geld in een brievenbus. Vervolgens vouwt hij vlugjes zijn handen tot een schietgebed voor behouden vaart. Hij moet zijn compagnon aan het stuur door en door kennen want we zullen goddelijke bescherming nodig hebben. Op blote voeten dolt de chauffeur met zijn pedalen. Zijn toeter kent geen rust. In Europa wil elke bestuurder de bus steevast voorbij scheren, hier net omgekeerde... We bereiken het vlakke polderland. Rijstvelden halmen voorbij en een beschermd moerasgebied goochelt met mooie plassen. Een immens zoutwinningsgebied kondigt de nabijheid van de zee aan. Deze streek werd in 2004 het zwaarst getroffen door de tsunami. De Chinezen snelden ter hulp en zijn begonnen aan de totale verminking van het landschap. Ze leggen een nieuwe grote haven aan voor tankerschepen. Zonder enige vorm van ecologisch respect zijn ze begonnen aan wat zij vooruitgang noemen : indrukwekkend brede toegangswegen, reusachtige windmolens, een torenhoog flatgebouw, een gigantisch business center. Met spleetogen kan je onmogelijk verder zien dan je neus lang is... want er wonen hier maar een scheet vol bananentelers en rijstboerkes ! De eerste badsteden vallen tegen want ze liggen vlak naast de zeer drukke A2, die de zuidkust openspert richting inspecteur Colombo,hoofdstad van Sri Lanka, de parel van de Indische Oceaan. Wat brengt onze dagbestemming aan moois ?