Als laatste artikel wil ik graag een van de Vlaamse tenoren aan het woord laten. Niet omdat alles wat hij zegt zaligmakend is maar ik denk wel dat er een basis van waarheid zit in sommige stukken. Ik kom er zeker op terug tijdens mijn voorstelling.
In de link onderaan kan je een voorbeeld vinden van een familie die vaak moet verhuizen voor het werk van de vader. Ze kwamen zo in een Australische school terecht. Een echte verademing zo lezen we. De kinderen mogen vanuit hun leefwereld ook zaken voorbrengen. Zo is er een enorme betrokkenheid. Er is ook tijd voor awards en speelse opdrachten. In plaats van de oppervlakte te meten op een blad papier, gaan ze effectief de speelplaats opmeten.
Ze zeggen letterlijk dat het Nederlandse onderwijs zeer saai is. Wij sturen onze leerlingen een heel leven naar zulke scholen. Dit moet anders! De laatste zin van de tekst vind ik enorm schrijnend. Dit legt de vinger op de wonde.
Op de volgende site vind je heel mooi uitgelegd wat de onderwijshervormingen inhouden. Lees het zeker een keertje diagonaal door. Het is enorm interessant en zeer duidelijk uitgelegd.
Lees zeker de tekst op de volgende site eens
door. Het gaat over een tekst van Martha Nussbaum. Zij heeft het over ons onderwijssysteem
en wat er misloopt. Haar visie is enorm interessant en zeker het lezen waard.
Ze spreekt niet enkel over wat beter moet, ze zegt ook hoe ze het zou
verbeteren.
Ik heb lang getwijfeld wat ik als laatste zou
posten over mediawijsheid. Ik denk dat ik niets beter kan doen dan een
fantastische bron te posten. Je kan er enorm veel op vinden, alles wat in je
opkomt als je het woord mediawijsheid hoort staat op deze site. Ga dus zeker
eens een kijkje nemen op http://mediawijs.be/.
Ik heb 1 artikel gekozen waarover ik het met
jullie ga hebben. Zo heb je een idee waar de site over handelt:
Spelenderwijs leren: de kracht van games om beter les te geven in
de klas
Auteur(s):
Jeniffer
Groff
De klas van meester Smith zit in de zevende graad en speelt een
online spel tijdens de wiskundeles. Op het scherm zijn monsters te zien en een
puzzel waarbij je personages monstervoer moet kopen. Het ziet er misschien
uit als ontspanning, maar om succesvol te zijn in deze puzzel moet je
variabelen kunnen manipuleren en factoren verkennen. In dit spel, Lure
of the Labyrinth, spelen cijfers in feite maar een kleine rol. Wel
legt het een goede basis, iets dat "voorbereiding op toekomstgericht
leren" wordt genoemd. Deze ervaring helpt bij het tot stand brengen van
een cognitief kader voor in de toekomst.
Games worden steeds meer gekend om hun diepgaande kracht om
leerkrachten te bewegen, te ondersteunen en in staat te stellen nieuwe kennis
te ontwikkelen. Waar het idee om videospelletjes als didactisch klasmateriaal
te gebruiken vijf jaar geleden voor vele onderwijzers nog ongehoord was, is het
gebruik van games in de klascontext vandaag mainstream aan het worden. Meer en
meer onderwijzers ontdekken het spelgebaseerd leren en vinden digitale spellen
nuttig om leerlingen bij de les te betrekken, te motiveren en te ondersteunen
op een diepere manier dan ervoor. Dit komt voor een deel dankzij het groeiend
aanbod van betere educatieve games, de toename van werkmiddelen om leerkrachten
te ondersteunen bij hun zoektocht naar het juiste spel en een beter begrip van
hoe spelgebaseerd leren eruit kan zien.
De meerderheid van de onderwijzers zetten evenwel nog maar hun
eerste pasjes in de wereld van het spelgebaseerd leren. Misschien hebben ze een
spel gevonden en geprobeerd dat zeer goed aan hun leerdoelen beantwoordt, maar
zijn ze niet zeker hoe ze dit verder kunnen verkennen, of misschien staan ze -
zoals de meesten - nog steeds toe te kijken vanuit de marge, geïnteresseerd
maar niet zeker hoe ze er zelf mee aan de slag kunnen.
In het Learning Games Netwerk wil men aan deze uitdaging het hoofd
bieden door middel van het Playful Learning-initiatief. Uit onderzoek blijkt
dat onderwijzers nog het beste van elkaar kunnen leren - zeker wanneer het
aankomt op meer genuanceerde en "out
of the box" benaderingen, zoals bij spelgebaseerd leren het
geval is. Playful Learning is een initiatief dat een netwerk, werkmiddelen en
werktuigen biedt voor onderwijzers om spelgebaseerd leren in hun klas te kunnen
gebruiken.
Het Learning Games Netwerk is een initiatief van twee
onderzoeksgroepen (het MIT Education Arcade en het
Games+Learning+Society-programma van de Universiteit van Wisconsin-Madison) en
heeft als doel het veld van educatieve games vooruit te helpen. Ze zien
onderwijzers als de kern van deze opdracht.
Playful Learning werd gelanceerd in juni 2014 met de introductie
van de beta release van de knowledge base over games (terug te vinden opwww.playfullearning.com)
en het Playful Learning Summit kick-off evenement tijdens de
Games+Learning+Society conferentie in Madison, Wisconsin. De kick-off summit
bracht meer dan 150 onderwijzers op de been, samen met spelontwerpers en onderzoekers
voor een dag vol ontdekkingen, delen en leren over de kracht van spelgebaseerd
leren in de klas.
Met behulp van vrije gift van de Gates Foundation zijn er in het
afgelopen jaar nog vier summits en meer dan 21 workshops georganiseerd op
verschillende locaties in de Verenigde Staten. Deze workshops varieerden van 30
tot meer dan 200 onderwijzers. Met deze evenementen heeft men meer dan 1600
onderwijzers kunnen bereiken doorheen de Verenigde Staten, en zit het Learning
Games Netwerk perfect op koers om hun doel - van 2500 onderwijzers in twee jaar
te bereiken te halen. Hoewel deze evenementen heel wat spel-enthousiaste
onderwijzers aangetrokken hebben, bestaat de meerderheid uit mensen die eens
een spel of twee geprobeerd hebben en aanvoelen dat ze nog maar net beginnen en
uit onderwijzers die de buzz rond games hebben gehoord, die wel begrijpen
waarom games geweldige didactische werktuigen zouden zijn maar die zelf nog
geen games hebben uitgeprobeerd in hun klaslokaal.
De Playful Learning evenementen willen 1) onderwijzers verbinden
en ondersteunen die samen willen leren, delen en groeien in en buiten de
Verenigde Staten; 2) onderwijzers fundamentele ervaringen geven zodat zij een
gevoel krijgen van hoe deze pedagogie eruit kan zien en aanvoelt in een
klaslokaal; en 3) een basis van werktuigen- en middelen aanbieden die hen en
hun collega's kan ondersteunen wanneer zij terugkeren naar hun klaslokalen.
Hoewel het leidende team achter Playful Learning uit een handvol
onderzoekers en ontwerpers van Learning Games Netwerk en partneruniversiteiten
bestaat, wordt het ondersteund door een adviesraad van 12 onderwijzers en
gewezen onderwijzers: stuk voor stuk experts uit het veld en in educatieve
innovatie. Deze raadsleden zijn steeds belangrijke partners geweest bij het
sturen van de visie en richting van dit initiatief. Bovendien stonden zij
steeds paraat om hun collega-onderwijzers bij te staan op de Playful Learning
evenementen. Deze evenementen zijn altijd levendig en vol energie en
enthousiasme - gretigheid en gebabbel terwijl opvoeders samen spelen,
discussiëren en van elkaar leren.
In de herfst van 2014 start het tweede jaar van het Playful
Learning initiatief, met nog meer evenementen en summits in het verschiet. Het
leidende team en de adviesraad blijven groeien terwijl meer onderwijzers en
onderzoekers in het veld de opwinding opvangen en dieper betrokken raken. Er
zullen ook evenementen gepland woden in Europa. In de tussentijd: blijf
spelenderwijs leren.
Bezoekwww.playfullearning.comom meer te weten te komen
over aanstaande evenementen, de Playful Learning werkmiddelen en het bredere
initiatief.
Waarom wil ik dit artikel met jullie delen?
Als ik zelf op school zat vroeger vond ik de aanpak van de leerkrachten vaak
enorm saai. Met deze games denk ik dat je enomr veel jongeren terug kan
motiveren om naar school te gaan. Daarom zou ik al de toekomstige leerkrachten
kennis willen laten maken met deze organisatie. Indien iemand van jullie hier
iets van overneemt of leert ben ik een gelukkig man.
Op het internet vind je enorm veel.
Sommige bronnen zijn goed om zo te gebruiken, anderen staan boordevol fouten.
Ik vond op het internet een artikel waar volgens mij een waarheid inzit. Het
gaat over infobesitas. Ik denk dat iedereen die in de huidige maatschappij
leeft wel gedwongen wordt om er ook aan te lijden. Daarom zet ik het artikel
ook even op mijn blog. Zo kunnen jullie ook eens lezen wat het is en voor
jezelf uitmaken of jij er ook last ban hebt. Je kan het originele artikel
vinden op:http://pc-en-internet.infonu.nl/communicatie/8591-infobesitas-te-veel-informatie-en-mails-maken-je-dommer.html
Wanneer gaat u de
digitale stress verminderen? Overladen worden met informatie geeft veel stress
en maakt mensen eigenlijk alleen maar dommer. Sommigen dumpen werkelijk alle
informatie die los en vast zit en zijn zelfs verslaafd aan de digitale
informatie. Een beetje management kan daarom geen kwaad. Sommigen lijden aan
infobesitas en zijn verslaafd aan steeds weer nieuwe informatie. Ze worden daardoor
overbelast en zouden een dieet moeten volgen, niet minder eten maar minder
informatie, mails, Facebook, Twitter en zo verder.
Digitale stress
Sociale media,
mails, internet, smartphone, elke dag weer en als u er niets aan doet elk
moment weer ook als u er niet op zit te wachten. Digitale stress en infobesitas
liggen op de loer. We kunnen niet zonder de internetinformatie lijkt wel, maar
is al die digitale stress wel goed voor u en wat gaat u eraan doen. Van te veel
informatie wordt men namelijk niet slimmer, maar dommer en burned-out.
David Shenk
David Shenk
dacht tien jaar geleden dat we om zouden komen in de informatie. Hij beschreef
in zijn boek Smog een wereld, waarin informatie via mail en web iedereen zou
overspoelen. En of hij nu gelijk gekregen heeft of niet, je moet tegenwoordig
wel de vaardigheden hebben om je niet te laten overspoelen met informatie.
Time
management
Bijna 90% van de
werkenden zit tegenwoordig bijna de hele dag achter de pc. Vele mensen laten
zich door van alles en nog wat afleiden, en niet in de minste plaats door de
overload aan mails. Niet alleen de spam, maar zeker ook al die dumps van
collegas. Vaak blijft het eigenlijke werk zo liggen. Shenk schat de schade aan
de Amerikaanse economie op jaarlijks miljarden dollars. Effectief je tijd
benutten en je niet laten storen door telefoon, mail, instant messages, sms,
voice mail of bezoek, is een vaardigheid geworden. Op het werk, en onderweg in
auto of trein.
Institute of Psychiatry te Londen
De informatie
stress en digitale stress zijn inmiddels een echt probleem geworden. Het
Institute of Psychiatry te Londen heeft onderzocht dat het IQ van werknemers
die voortdurend in hun werkzaamheden worden gestoord, met 10 punten daalt.
Hierbij zijn de mails de grootste verstoorders. Wat zou helpen is het inbouwen
van filters. We kennen natuurlijk de spam filters, maar het is ook goed
denkbaar dat op een centraler punt in een bedrijf informatie wordt ingedeeld in
relevant en niet relevant, voordat het de werknemer bereikt. Een soort van
centraal elektronisch archief. Zoals een goede secretaris of secretaresse hun
baas of afdeling behoeden voor een overvloed aan overbodige info. Maar
medewerkers zijn vaak geneigd om toch alle informatie te willen zien en te
bewaren, omdat ze denken anders essentiële informatie te missen. Een wel bekend
misverstand. Persoonlijk contact kan helpen tegen informatie stress, evenals
een lossere beleving van het belang om informatie te zien en te bewaren. Daar
zijn inmiddels vele trainingen voor.
Onderzoeksresultaten stress
Nog enkele
opvallende cijfers bij het onderzoek naar stress:
·90% is afhankelijk van de computer.
·een derde deel zegt absoluut niet zonder computer te kunnen.
·40% van de werknemers zegt dat werken lastiger is als het netwerk uitvalt.
Allemaal zeer begrijpelijk, maar
tegelijkertijd zorgwekkend. Zijn wij er om de computer aan ons dienstbaar te
maken, of worden we geleefd door de computer en willen we dat wel. Het lijkt
wel het laatste, helaas.
Infobesitas
Last
van Infobesitas, verslaafd aan het web (Facebook, Twitter, allerlei apps), de
smartphone of digitale foto's. Dan ben je continu op zoek naar nieuwe
informatie. Over werkelijk van alles: nieuwsberichten, nieuwe games op
internet, berichten en mails, nieuws op Facebook of Twitter. Dit de hele dag
door en soms tot diep in de nacht. En dat is natuurlijk niet goed voor een
mens, maar wel leuk?
Jammer genoeg moet ik ook toegeven dat het soms een enorme stress geeft om steeds tijdig te antwoorden. Ik vind dat kinderen hierop moeten worden voorbereid. Misschien is het wel een enorm zinvolle invulling voor de nieuwe ICT-eindtermen
Ken Robinson is wereldwijd bekend om zijn betogen over
creativiteit bij kinderen. Hij is ook bezig met het verbeteren van de
bedrijfswereld. Dit doet hij niet in de bedrijfswereld zelf. Zijn stokpaardje
is de toekomstige bedrijfswereld. Hoe wilt hij dit aanpakken? Door de aanpak
van de school compleet te veranderen. Ken werkt samen met regeringen over de
hele wereld om zijn idee te verspreiden. Hij is de meest bekeken TED-talker die
er is. Daarnaast staat hij in de top 50 van beste denkers in de hele wereld.
Daarom wil ik hem toch ook even aan bod laten in deze blog.
Waarom is Ken zo gegeerd? Hij legt op een zeer grappige manier de
problemen uit. Geen saaie en lange toespraken dus. Op maximum 20 minuten tijd
legt hij uit wat het probleem is, geeft hij mogelijke oplossingen en dit doet
hij op een zeer aangename manier. 20 minuten vliegen voorbij. Dat is de kracht
van een goede toespraak.
In deze toespraak heeft hij het over de tekortkomingen van
onderwijs. Waar moet onderwijs op inzetten om in de toekomst betere studenten
af te leveren. Ken geeft drie punten die in het huidige onderwijs anders zouden
moeten. Deze som ik hieronder op.
1. Elk kind is anders. Wanneer
je kijkt naar gezinnen met 2 kinderen zie je ook enorme verschillen tussen
broer en zus. Onderwijs speelt hier veel te weinig op in. Er wordt enorm veel
tijd besteed aan wiskunde en talen. Dit zijn uiteraard belangrijke vakken maar
wat met de creatieve leerlingen? Wat met de kunstenaars? Wat met de sportieve
kinderen? Deze worden compleet vergeten.
10
procent van de kinderen is gediagnosticeerd met ADHD. Ze stellen zich geen
vragen waar dit vandaan zou komen. Wie weet komt het wel omdat kinderen op een
dag 6 uur moeten stilzitten op school. Misschien zijn ze gewoon gefrustreerd?
2. Kinderen zijn van nature goed
in leren. Ze leren graag en snel. Ier is wel een voorwaarde aan verbonden. Wat
ze leren moet ze nieuwsgierig maken naar meer. Ze moeten leren vanuit deze
nieuwsgierigheid. Meneer Robinson zegt: Curiousity is the engine of
achievement. Dat vind ik enorm goed gezegd. Ook volwassenen leren het liefst
en dus ook het meeste over wat ze graag weten.
Jammer
genoeg is ons onderwijssysteem te weinig bezig met het leren. Lesgeven gebeurt
enorm vaak maar effectief leren is iets wat te weinig gebeurt. We weten
allemaal nog wel uit onze eigen schoolcarrière een moment waar we gedwongen
werden om iets te leren. Denk aan de data van geschiedenis. Urenlang heeft u er
waarschijnlijk aan besteed, allicht kende u er ook een hele hoop. Als ik u nu
vraag om 5 data op te sommen loopt dit al een pak moeilijker. Waarom hebben we
dit dan geleerd?
Daarnaast
wil ik iets zeggen over een schoolreis. We hebben allemaal wel een schoolreis
naar het buitenland gemaakt. Londen, Italië, Barcelona, Als ik vraag wat u hier allemaal gezien heeft,
dan kan u waarschijnlijk een avond vullen. Dat is het grote verschil tussen
leren en les krijgen. In het eerste geval heb je les gekregen. In het tweede
heb je effectief geleerd. Scholen zouden veel meer moeten inzetten op het
effectieve leren.
Critici onder jullie zullen nu de bedenking maken: Hoe kunnen we dan
evalueren? Dat is een enorm goede vraag. Deze ga ik beantwoorden met een
andere vraag. Waarom moet er altijd geëvalueerd worden? Als er geleerd wordt
vanuit de interesse van het kind is dit absoluut overbodig. Dit is wat ik het
echte differentiëren noem. Ook Mr. Robinson meldt dit. Testen moeten een
hulpmiddel zijn, geen basismiddel.
3. Het menselijk leven is
creatief. Elk kind is creatief op zijn eigen manier. Daar zou onderwijs ook
rekening mee moeten houden. In plaats van de Vlaamse ministers die rond hun
tafeltje beslissen wat er moet gebeuren zou dit in de school moeten kunnen.
Daar wordt geleerd, niemand weet zo goed wat er leeft als de scholen zelf. Als
je onderwijs wegtrekt van de scholen werkt het niet meer. Als we meer zouden
inspelen op wat de individuele jongeren nodig hebben zou ons onderwijs er veel
beter uitzien.
Ons
rigide onderwijs stoomt jongeren steeds minder klaar voor een omwentelende
wereld
Nieuwe cijfers over het
welzijn van leerkrachten laten een zorgwekkende tendens zien. Psychische
problemen zijn goed voor meer dan een derde van het totale aantal ziektedagen
in het onderwijs. Dat percentage ligt veel hoger dan bij andere functies in
overheidsdienst.
Stress, burn-out, depressie: geen enkele werkvloer blijft ervan gespaard, maar
in de leraarskamer slaat de psychische malaise blijkbaar pas goed toe. Met een
combinatie van groot professioneel engagement, geïsoleerd werk in de klas,
flexibele en vaak lange (naschoolse) werkuren en een gevoel van onderwaardering
vormt het onderwijs dan ook een risicocategorie bij uitstek.
Die onderwaardering is meer
dan een gevoel. Behalve het hoge psychische ziekteverzuim wijst ook de
blijvende uitstroom van jonge werkkrachten uit het onderwijs op een probleem
van personeelsmanagement. Dat heeft vast te maken met de gebrekkige interne
organisatie van scholen en netten, maar ook de overheid draagt hierin een grote
verantwoordelijkheid. Ook nu weer stoten alle vrome politieke beloftes om het
beroep aantrekkelijker te maken op de keuze voor blijkbaar andere en
dringendere budgettaire prioriteiten. Nog altijd blijkt het onmogelijk om
jonge, geëngageerde beginnende leerkrachten enige zekerheid over hun werkplek
te bezorgen. Pogingen om het beroep te verruimen met ervaren instromers met een
andere beroepsachtergrond dreigen ook alweer te stranden.
Daarbij komt dat de maatschappelijke druk op de leerkracht nog toeneemt. Er kan
geen crisis uitbreken of dra klinkt de roep dat kinderen in de klas weerbaar
moeten gemaakt worden met mediawijsheid, wereldonderricht, financiële
geletterdheid en wat al niet meer. Waar gezin en samenleving soms
tekortschieten, wordt de school makkelijk als sociale brandweer te hulp
geroepen. Dat is veel gevraagd in een etnisch, sociaal en ook mentaal
superdiverse omgeving waar de boel bij elkaar houden vaak nog het hoogst
haalbare is.De malaise bij het personeel is dan ook een waarschuwing voor een dieper
liggend probleem van ons onderwijs. De kwaliteit van het Vlaamse onderwijs
blijft een van de grootste verworvenheden van onze welvaartsstaat, maar links
en rechts beginnen rode lampjes te flikkeren. De instroom in het hoger
onderwijs stijgt niet meer, prestaties stagneren, ongelijke kansen nemen weer
toe. Het rigide, op routineuze kennisverwerving gerichte onderwijs maakt
jongeren steeds minder klaar voor een veranderlijke, omwentelende wereld.
Leerkrachten beseffen dat ze 'hun' jongeren enkel kunnen wapenen met een
spreekwoordelijke pijl en een boog. Je zou van minder ziek worden.
Dit lazen we in DeMorgen op
10 december 2015
via http://www.demorgen.be/opinie/ons-rigide-onderwijs-stoomt-jongeren-steeds-minder-klaar-voor-een-omwentelende-wereld-bac6bd69/
Ik vond het enorm
schrijnend om te lezen. Terwijl jongeren het tegenwoordig heel hard nodig
hebben om met verandering om te kunnen gaan lijkt dit net niet het geval te
zijn. Daarnaast blijft het enorm moeilijk om leerkrachten een job aan te bieden
en hen hier goed in te begeleiden. Door de crisis moet er ook in het onderwijs
bespaart worden. Dat is enorm jammer. Dit gaat ten koste van de kinderen, onze
kinderen. Moeten we dit blijven dulden? de overheid blijft verder besparen op
onderwijs, is dat wel ok? Is het geen tijd dat de leerkrachten hun eisen op
tafel leggen?
Onze media (daarmee bedoel ik de internationale media) hebben bijzonder
veel macht. Ze hebben de macht mensen te doen geloven in iets wat ze beweren.
Zeer bekend voorbeeld was het radioprogramma The War of the worlds
uitgezonden op de Engelse zender CBS. Dit was een fictief hoorspel dat
uitgezonden werd op Halloween in de vorm van nieuwsberichten. Het verhaal ging
over de wereld die werd aangevallen door buitenaardse wezens. Hoewel er telkens
herhaalt werd dat het een hoorspel was, ontstond er een massahysterie. Iedereen
dacht dat het waar was, het leek ook zo echt. Mensen waren en zijn nog altijd
gewend dat nieuwsberichten waarheid bevatten. Hieruit blijkt dat nieuws altijd
als waar wordt aanzien. Daarin schuilt een mogelijk gevaar. De media kunnen je
alles wijsmaken wat ze maar willen. Denk ook aan de 1-aprilgrappen die de
nieuwsdiensten elk jaar uithalen. Iedereen gelooft ze, gewoon omdat ze in het
nieuws komen.
In de inleiding heb ik al kort
Rupert Murdoch en Silvio Berlusconi aangehaald. Dit zijn twee zeer bekende
mediamagnaten. Mediamagnaten zijn mannen/vrouwen die zeer veel macht hebben
over de media. Berlusconi heeft bijvoorbeeld mediaset in zijn handen. Mediaset bezit
de belangrijkste zenders in Italië en is ook bezig Spanje te veroveren. Het
heeft alles in zijn greep. Van het plannen tot het maken van programma's, het
uitzenden van reclame, het verkrijgen van uitzendingsrechten tot en met het
uitzenden van signalen. Hij bezit de grootste zenders met als gevolg dat hij er
zijn standpunten laat opkomen en natuurlijk horen de schaars geklede vrouwen
daarbij.
Rupert Murdoch heeft bijzonder
veel zenders/kranten onder zich. Het
lijstje kan je zien op (http://en.wikipedia.org/wiki/List_of_assets_owned_by_News_Corp) Hij bezit niet alleen de zenders. Hij zorgt
er ook voor dat ze uitzenden wat hij wilt. Decorrelatie van Fox-news, het meest
bekeken nieuws in Amerika, en de overwinning van George Bush Junior als
president is zeer hoog. Waarom? Murdoch is een republikein pur sang en zijn
utopie is dat iedereen republikein is. Het is bekend geraakt dat hij
medewerkers onderdrukt hun eigen mening te zeggen, dat hij democraten die aanwezig waren in de
nieuwsshow liet uitkafferen, dat hij modder gooide naar John Kerry, Hij zorgt voor grote angst bij de bevolking.
De mensen krijgen versluierd nieuws, ze weten niet echt wat er gebeurt. Er
wordt gezegd dat het slecht gaat met Amerika en alleen de GOP (republikeinen)
kan het oplossen. Dus iedereen stemt er effectief voor. Het ergste is dat
niemand iets kan doen aan de zaken die Rupert Murdoch allemaal doet. De man is
zo groot dat je hem niet kan vervolgen.
Sensatie, het begrip dat de
media van de afgelopen tien jaar omvat. In bijlage 1 vindt u een voorpagina van
een van de bekendste kranten van Vlaanderen. (Ik wil even vermelden dat dit
geen aanval is tegen het Laatste Nieuws, er zijn nog kranten die zulke
voorpaginas gebruiken). De rode kaders zijn delen die geen relevantie
hebben. De groene kader is de kader met maatschappelijk relevant nieuws. Wat
valt op? Dat een krant (aanzien als een medium om ons iets bij te brengen en feiten
te geven van wat er gebeurd in de wereld) meer waarde hecht aan sensatie. Dit
fenomeen zien we ook op de frequente nieuwsuitzendingen. Zowel VRT als VTM
eindigen met sport en weinig relevant nieuws.
Met de moordende concurrentie waarin journalisten vandaag moeten
opereren, voelen ook kwalititeitsmedia zich verplicht te focussen op het
choquante in plaats van het interessante. Gewone menselijke fouten worden
opgeblazen en - onder meer omdat journalisten zich graag de nieuwe
Nixon-onthoofders Woodward en Bernstein wanen - gepresenteerd als een
samenzwering. De interpretaties die de media geven van wat politici zeggen,
worden door een soortgelijke vorm van paranoia gevoed. Dit zegt Buelens in een
stuk over de kwaliteitsvolle media en dit is wat er echt gebeurd. Dé droom van
een journalist is iets groots ontdekken. Of het waar gebeurd is maakt niet uit,
zolang iedereen het maar geloofd.
De media vervullen in onze maatschappij een zeer belangrijke taak. Ze
hebben vier zeer belangrijke maatschappelijke functies. De informerende,
opiniërende, de controlerende en de spreekbuis-functie. Bij de controlerende
functie wringt het schoentje. De media fungeren als waakhond. Ze houden alle in
het oog wat de overheid doet, maar wie houdt in het oog wat de media doen? Naast
de vierde macht ook een vijfde macht die bericht of de media goed bezig zijn.
(Ramonet.) In Januari 2003 werd op het Wereld Sociaal Forum in Porto Alegre
voorgesteld een Media Watch Global (MWG) op te richten om als tegengewicht te
dienen voor de mainstream media en hun propaganda,(9) met andere woorden om een
"vijfde macht" te vormen. MWG wil een "vreedzaam instrument zijn
dat burgers in staat stelt zich te verzetten tegen de nieuwe 'supermacht' van
de massamedia. Dat is er uiteindelijk niet doorgekomen.
Juist heb je kunnen lezen dat de media een grote macht heeft/is. Wanneer
deze macht zijn informerende functie slecht doet merk je al dat de volgers
foute of onvolledige informatie door zullen krijgen. Het gebeurt vaker en vaker
dat de media hapklare stukken van persbureaus of de zogenoemde geheime
bronnen overneemt zonder te controleren of dit juiste informatie is. Tussen 8
en 13 procent van de berichten uit De
Standaard en De Morgen is authentieke berichtgeving. De rest wordt
gefabriceerd door journalisten die artikels van AP en Reuters afkopen en zonder
controle in hun krant, uitzending, .. te plaatsen.
Teruggaan naar vroeger is niet altijd een slechte zaak. Dat is direct
een van de oplossingen. Journalistiek moet terug een ambacht worden. Nu is het
een zonder passie schrijvende bende die vaak geen benul hebben van wat ze doen.
Ze werken voor hun geld en voor niets anders. Tussen de soep en de patatten
schrijven ze snel een stuk dat hen weer weet ik het hoeveel euro- op zal
leveren waar ze weer mee op reis kunnen. Dat is een volkomen foute mentaliteit.
Als we dertig jaar terug gaan in de tijd had je mensen die stukken schreven
omdat dat is wat ze graag deden. Ze begonnen met een onderzoek. Nu moet het
snel af zijn, dan krijgen ze meer geld.
We moeten ook oppassen dat we in volle
passie niet teruggaan naar de verzuilde media.
In het buitenland merken we op dat kwaliteitskranten vaak dun zijn. Dit
komt omdat ze al hun informatie checken en dubbel checken. Dat kost tijd,
daardoor kunnen ze minder aanbieden maar wat ze aanbieden is wel beter. In
België is de tendens dat de kwaliteitskranten dikker worden (net het
tegenovergestelde van wat er zou moeten gebeuren). Dat toont goed aan dat
onderzoek hier nauwelijks of niet gebeurt, er is gewoon geen tijd voor.
Als krant mag je
gerust zeggen dat je fout was. Het moet niet in de doofpot gestopt worden. Als
krant moet je de verantwoordelijkheid durven nemen en zeggen dat je mis was.
Kranten zijn ook niet Goddelijk. Iedereen kan fouten maken. De Nederlandse
krant De Pers nam zijn verantwoordelijkheid op een humoristische manier. Onderaan hun beursrubriek staat de
waarschuwing dat elk advies relatief is en al helemaal aangezien het afgedrukt
staat in een krant waarvan de hoofdredacteur zijn geld had belegd bij een IJslandse
bank.
Voor het vak EMCV moest ik een blog aanmaken over education. Omdat het iets is dat enorm dicht ligt bij mijn interesses zet ik het bij deze blog. Ik zal de posts voor EMCV aanduiden met #EMCV. Zo weten jullie ook waarvoor dit staat.
Ziggo heeft zeer recent een nieuw lessenpakket mediawijsheid ontwikkelt voor groep 7 en 8. Dit is ongeveer het 5de en 6de leerjaar. Ga zeker eens een kijkje nemen op de link onderaan. Met deze link kunnen je leerlingen aan de slag. Ze leren bij over wat ze zelf doen op het internet en zijn tevens bezig met het vormen van een mediawijze houding. Al de opdrachten zijn zo gemaakt dat het de kinderen doet nadenken over hun eigen mediagebruik. De oefeningen dragen ook bij tot een kritische en zelfbewuste houding.
Wat mogen we ons gelukkig prijzen dat we een organisatie
hebben die zich bezighoudt met het klimaat. De United Nations Framework
Convention on Climate Change of kortweg de UNFCCC komt jaarlijks bij elkaar om nieuwe
richtlijnen vast te leggen die het klimaat beschermen. Jammer genoeg zijn ze
meer geïnteresseerd in de economie dan in het klimaat. Wat doen ze eigenlijk op
deze vergaderingen behalve pronken met hun uitbundige wagenpark? Niemand heeft een
goed beeld van wat er gebeurt op deze conferenties. Een conclaaf is
toegankelijker voor de pers dan een COP. Dit zegt toch genoeg over de
zinvolheid van deze bijeenkomsten.
Wat is het verloop van deze vergaderingen hoor ik u denken?
Met hun milieuvriendelijke privéjet komen ze aanvliegen, waarna ze in hun
gigantische wagen stappen. Daarna even nadenken wat ze kunnen doen om het
klimaat te redden. Uiteindelijk kunnen ze weer geen consensus bereiken en gaan
ze terug naar huis. Moe en voldaan na het zware werk stappen ze in hun
prachtige wagen en rijden ze terug naar de vlieghaven. Lang leve de UNFCCC,
lang leve onze vertegenwoordigers!
Het laatste dat ze effectief bereikt hebben is het
Kyoto-protocol, wat ondertussen ook al 18 jaar oud is. Het doel was: tegen 2012
moeten al de landen de uitstoot van broeikasgassen met 8 procent doen dalen. Na
jaren enorm zware inspanningen geraakten men nog niet aan het vooropgestelde
doel. Nu zitten de politieke toppers met de handen in het haar. Oplossing:
laten we het Kyotoprotocol verlengen.
Ondertussen is er enorm veel veranderd. In het Kyotoprotocol
is er een onderscheid tussen de industrielanden die gebonden zijn aan het
verdrag en de ontwikkelingslanden waarvoor de regels niet bindend zijn. De
toenmalige ontwikkelingslanden zijn ondertussen economische grootmachten
(China, Brazilië, ). Zij staan, in het verouderde Kyotoreglement, nog steeds
bekend als ontwikkelingslanden. Zij stoten dus uit wat ze willen zonder er de
gevolgen van te moeten dragen. In tegenstelling, doordat zij geen rekening
moeten houden met Kyoto kunnen ze zo goedkoop blijven produceren. Jammer genoeg
is dit niet het enige probleem. Het allergrootste probleem is het Lobbywerk.
Puma, Ikea, Renault, Nissan, Ongegeneerd staan ze te
blinken tussen de verschillende ondersteunende actoren van deze top. De
geloofwaardigheid van de COP is helemaal onderuit gehaald door één pagina, die
dan nog staat te pronken op hun eigen website. Zonder schaamrood op de wangen
maken ze reclame voor multinationals met een disputabele reputatie. Hoe kan de
top nu objectief oordelen over reglementering van de luchtvaart als één van de
grootste sponsors de Parijse luchthaven is. Hoe kunnen ze nu het gebruik van de
auto aan banden leggen en terwijl samenwerken met Nissan en Renault.
Dit Lobbywerk is wat deze conferenties kenmerkt. Al de
landen houden de schijn hoog dat ze verandering nastreven. Geen enkel land wil
in zijn eigen voet schieten door te strenge maatregelen te nemen. Hoe vaak
horen we dat er iets moet gebeuren en hoe vaak gebeurt er ook effectief iets. Dit
zou de economie onderuit kunnen halen. We weten allemaal dat de economie de
wereld in zijn macht heeft en de landen dus eigenlijk niets kunnen ondernemen. Maar
door het grote rookscherm dat de politici optrekken rond dit gegeven, blijven
we dit pikken.
Ten tijde van Marx werd de godsdienst beschouwt als opium
voor het volk. Dit is helemaal verdwenen met de seculiere visie van de
postmoderne maatschappij. Het volk heeft echter wel zijn opium nodig om de
macht van derden te blijven slikken. Dit idee zit nu verscholen in dit soort
organisaties. Het volk wordt voorgelogen en wij blijven dit pikken. Hoog tijd
dus om zelf de koe bij de hoorns te vatten. Hoog tijd om te kijken wat wij
kunnen veranderen!