|
"HIJ HEEFT ME AANGEKEKEN EN IK WERD VERLEID".
We danken Kardinaal Danneels die ons toestond het persoonlijk
getuigenis weer te geven dat hij vorig jaar uitsprak te Beauraing.
We danken eveneens de redactie van Sanctifer die in oktober voor
het eerst dit getuigenis publiceerde dat we hier enigzins ingekort hebben.
Getuigen over mezelf is iets dat ik zelden doe, maar vandaag wil ik toch een
kleine uitzondering maken.
Hoe ik Jezus ontmoet heb ?
Hem ontmoeten als kind, of als priester, is een beetje verschillend.
Hij is mij overkomen, Hij was daar !
Een beetje zoals met Maria gebeurd is : zij verwachtte er zich niet aan een engel
te zien, maar ......hij was daar !
U vraagt me hoe ik mijn roeping gekregen heb.
Ik weet het echt niet.
Inneens was Christus daar, als een onmetelijk geschenk ; ik weet niet waarom,
maar Hij was daar.
Ik geloof dat mijn hart verwond was ; iedere keer dat ik een zin uit het evangelie
hoorde, raakte me dat ; ik zat met die zachte kwetsuur in mijn hart waarvan
men nooit geneest.
Jezus "heeft me aangekeken en ik was verleid" !
Al zijn woorden, zijn daden, zijn dood en zijn verrijzenis raakten me.
Iedere Goede vrijdag bijvoorbeeld leed ik.
Ik zag in mijn kleine dorp de boeren, de handelaars, doen alsof er niets
gaande was en ik dacht bij mezelf : "Jezus, je zal opnieuw helemaal
alleen sterven !"
En tegelijk voelde ik een voorkeursliefde voor de armsten, de meest
gekwetsten, de zieken.
Iedere keer als ik in de kerk binnenkwam voor de eucharistieviering,
was er in mijn hart een warmte ; niets miraculeus, maar iets heel eenvoudigs.
Als ik misdienaar was, keek ik naar het brood en de wijn en ik werd
erdoor geraakt.
Later waren het vooral de uren van eucharistische aanbidding die deze
warmte veroorzaakten, zelfs in volle winter was die warmte daar.
Ik voelde ook een geheim verlangen om leven te geven ; ik had echt het
gevoel van vaderschap.
Ik voelde mij geen profeet of professor, maar vader.
Ik leidde een leven van "vader" tot de dag waarop ik de passage las
waar Sint - Paulus zegt ; "Ik heb u tot leven gewekt in Jezus Christus".
Dat woord heeft me nooit meer verlaten.
Naast dat verlangen om leven te geven, voelde ik ook een hartstocht
voor de Kerk.
Wie van het hoofd houdt, moet ook van de ledematen houden.
Ik hou van de Kerk.
Ik kan lijden aan haar omdat zij haar zwakheden heeft en haar
compromissen, maar in al die miserie draagt zij Christus, is zij
tempel van de heilige Geest.
Hoe ouder ik word, hoe meer ik van haar hou.
Dat wil niet zeggen dat ik haar gebreken niet zie - en soms overkomt
het mij ook om ze uit te spreken - maar twee minuten later herken ik
dat ze mijn moeder is.
Ik zou het recht niet hebben om u hier vanavond toe te spreken indien
ik van haar daartoe de zending niet had ontvangen.
Zij is het die mij krediet verleent.
Verder ervaar ik hoe me een innerlijke vreugde bewoont, vooral als
ik het voorrecht heb om in de stilte te zijn.
Het gebed is de bron die mij voedt.
Als ik na een drukke dag onderdompel in het gebed, vindt mijn hart
zijn normale ritme terug, in eenklank met het hart van Christus, en
daar smaak ik de Vrede.
En dat vooral nog als ik de psalmen bid.
De Kerk nodigt me uit om op verschillende ogenblikken van de dag
de psalmen te bidden ; morgengetijden, avondgebed........
Het kunnen psalmen zijn die niet overeenkomen met mijn actuele
innerlijke gesteltenis.
Indien ik zelf de psalmen zou uitkiezen, denk ik dat me op een gegeven
ogenblik bepaalde vitamines zouden ontbreken die ik nodig heb voor
mijn innerlijk leven.
Als ik bijv. een psalm moet bidden die over vreugde spreekt terwijl ik
me juist bedroefd voel, denk ik aan de miljoenen mensen die in vreugde
verkeren en ik bid voor hen.
Het is een grote vreugde de psalmen te bidden zoals de Kerk mij
die voorstelt.
Dat verruimt mijn hart.
Ik leef in grote innerlijke vrijheid.
Jezus heeft gezegd ; "Wie broers, zusters, vader, moeder, verlaat om
mijnentwil, die zal het honderdvoudige ontvangen en eeuwig leven.
"Er ligt een zekere vreugde in het kunnen verzaken aan goede dingen.
In deze tijd waar men zich hecht aan zoveel dingen, maakt de
onthechting mij gelukkig.
Met vreugde lees ik in het evangelie wat Jezus heeft gezegd ;
"Maak je geen zorgen. Kijk eens naar de vogels in de lucht en
naar de bloemen op het veld....Ze hebben alles ; ze zijn beter
gekleed dan wie ook !"
Dat is de Christus die ik ken.
Slecht bij mij dood zal ik volledig kunnen antwoorden op de vraag ;
"Wie is Christus voor u ?"
Maar ik zal heel mijn leven gezocht hebben om hem te kennen.
Voor mij is Jezus ook een uitstekende pedagoog.
Hij is dat geweest op de wegen van Palestina.
Hij sprak er zonder grote woorden, met voorbeelden die de
armen begrepen.
Zijn woord was krachtig.
En Jezus zegt me : "Je denkt dat ik maar dat ben, een goede
professor.......
Ik ben veel meer dan de dingen die ik gezegd heb, daarvoor is
een andere taal nodig dan die van een professor.
"En het is waar dat de beelden zonder inspanning uit Jezus'
mond vloeiden.
En alles begrepen, de heel kleinen.... en de groten, tenminste
degenen die wilden begrijpen.
Andere dagen zie ik Jezus als een grote voorspreker.
Hij leest de kaart van mijn innerlijk leven.
hij heeft zijn leerlingen leren bidden.
Zelf heeft hij de verschillende soort van gebed beleefd ; de
psalmen, de bedevaart.......
Zijn gebed was helemaal gericht op God, maar altijd droeg hij
de mensen in zijn hart.
Hij bad tot God voor de mensen.
Als Jezus bad heeft hij nooit "Onze Vader" gezegd.
Hij heeft wel aan ons gezegd dat we zo zouden bidden, maar zelf
heeft hij altijd "Mijn Vader" gezegd.
Want hij was de Zoon op een unieke manier, als énige.
Hij beleefde een unieke relatie met zijn Vader, een zo nauwe
band dat hij de Vader nooit op afstand voelde.
Voor ons is God dikwijls veraf.
Jezus was een heel innerlijke bidder.
Jezus is ook erg franciscaans.
Hij vraagt me mij geen zorgen te maken.
Hij bewonderde alles wat de Vader gegeven had ; de lammeren,
de zon, de wijngaard......
Jezus heeft de weelde, de overvloed van de schepping bezongen.
En zelfs daarin is hij anders dan we zouden denken.
Men stelt zich hem voor als een fransciscaan die huppelt van vreugde
in het gras dat nog bedekt is met de morgendauw.
Maar hij zegt ; "Verzaak aan de rijkdom, aan de macht, aan alles wat
jullie omringt, want geen enkele van deze mooie dingen van de schepping
is God.
Maar van de schepselen geen Schepper.
"Men moet kunnen verzaken aan bezitten, want alle geschapen dingen
zijn God niet : men moet ze erkennen als gaven, en naar de Gever
kijken die groter is.
Jezus is anders dan wat men denkt of waar men zich aan verwacht.
Aan zijn leerlingen vroeg hij, zoals hij het vandaag aan ons vraagt ;
"Wie ben ik voor u ?"
Persoonlijk heb ik afgeleerd om daar een antwoord op te geven ....
Wel weet ik één ding ; dat hij mij bemint, maar ik weet niet wat
dit allemaal zal inhouden.
Ik had me voorbereid op een leven als professor, universiteitsprofessor,
als theoloog, en ik heb dat gedurende achttien jaar gedaan.
Maar dan heeft men me bisschop van Antwerpen gemaakt ; je bent
daar helemaal niet op voorbereid.
En twee jaar later zegt hij me ; "Verhuis naar Mechelen" , waar ik nog
minder dingen kende.
Ik weet dat hij me bemint, maar ik weet niet wat hij me nog allemaal
kan vragen.
Hij is ook de bevrijder.
De bevrijdingstheologie heeft hem een grote bevrijder gemaakt ; hij stond
op alle T-shirts, hij droeg zelfs wapens, hele continenten hebben kracht
gevonden bij hem om mensen vrij te maken.
Maar hij is toch een 'eigenaardige' bevrijder.
Als men hem komt arresteren in de Olijfhof, verbiedt hij aan Petrus om
zijn zwaard te gebruiken, "Zelf levert hij zich over" , zoals de evangelist
Johannes zegt.
Voorbijgangers zeiden hem ; "Je hebt anderen bevrijd, bevrijd nu jezelf."
Maar hij heeft het nooit gedaan.
Nog meer onthutsend is zijn lijden.
De Zoon van God is mens geworden, werd genageld op een kruis,
is gestorven..............
Er bestaat tussen christus en het hout een vreemde verstandhouding.
Hij was overigens timmerman ?
Twee keer heeft hij op het hout gelegen ; bij zijn geboorte in de kribbe
van Betleem en op het kruis.
Soms heb je lust om hem te zeggen : "Jezus, je had dat niet mogen
doen, sterven op een kruis..."
De apostelen waren ook die mening toegedaan, en ze hebben hem
dat gezegd.
Maar zijn lijden gaat verder op onze dagen.
Hij ligt nog op het kruis wanneer de Kerk lijdt, en zij lijdt veel.
Wij voelen dan wat de apostelen hebben gevoeld op Goede vrijdag ;
het is gedaan.
Wij staan voor dat kruis waarvan Paulus zei dat het "een schande was
voor de Joden en waanzin voor de heidenen".
Het meest verassende is dat hij verrijst !
Dat is helemaal ongelooflijk.
Ik ben altijd verwonderd met welk gemak wij in het Credo zeggen ;
"De derde dag is hij verrezen."
Wat ik voel als ik naar Jezus kijk, dat is die onweerstaanbare kracht ;
hij heeft de dood overwonnen.
Kijk, dat is Jezus voor mij.
Hij bemint mij en zijn liefde is sterker dan de dood.
En als ook ik eens zal moeten sterven, zal hij daar zijn.
Wat zal hij me zeggen ; "Zie je wel, ik heb het je gezegd
dat ik je bemin !"
Dat volstaat voor mij !
Kardinaal Godfried Danneels.
|