For this blog to translate into language of your choice? Select your language below.
2 prachtige pps-jes hierboven van Godelieve en ook Mama rechts heeft ze gemaakt Klik op de banner en bekijk nog veel meer moois op haar blog
Klik op de banner hier beneden en ga eens langs bij Lenie voor nog meer moois Alle Ave Maria pps-jes hierboven zijn van haar
Gastenboek
Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek
Wonder
30-08-2011
Marpingen - Duitsland. "IK KOM TERUG IN ZEER BERNARDE TIJD"
Marpingen - Duitsland
op 3 september 1877 heeft Maria afscheid genomen met deze woorden:
"IK KOM TERUG IN ZEER BERNARDE TIJD"
Aan een eenvoudige boer, die veel in de genadekapel ging bidden, daar gebouwd na de gebeurtenissen van 1876-1876, verscheen de Maagd Maria op 16 juli 1983 en dicteerde hem de volgende boodschap:
"Meer dan 100 jaren zijn voorbij gegaan. Gij hebt noch het genadebeeld, noch mijn boodschap verstaan. Men heeft mijn boodschap verdraaid en belachelijk gemaakt: 'gij zult zondigen en niet bidden!' Ik heb u gezegd hoe gij echt christelijk moet leven en wat tot zonde voert. Ik heb u de hel getoond voor de zondaars die eeuwig verloren gaan. Ik heb u het grootste van alle wonderen getoond, het zonnewonder. Velen waren daarvan getuige. Doch uw zonden en ondeugden hebben de toorn van God en de tweede wereldoorlog uitgelokt. Ook deze kwellingen waren weer vergeten. De zonden van deze tijd overtreffen deze van alle verleden tijden in hun afschuwelijkheid...
Nu triomfeert gij nog in uw zonden, spot en lastert daarover. Gij maakt u vrolijk over Mijn boodschappen en over allen die bidden en op het genadewater vertrouwen. Wees niet verwonderd wanneer de catastrofe over nacht komt. Er is u zoveel tijd gegeven geworden voor bekering en om beter te worden. Wanneer het onheil zich plotseling voordoet, dan heeft uw "Heer, Heer," roepen geen zin meer! Gij gaat allen ten gronde! De vorst van deze wereld, de tegenstander van God, heeft u voor Gods geboden blind gemaakt. Hij heeft u in het aards gewin- en genotzucht verstikt in het geestelijk leven. Uw leven is niet christelijk meer, maar het leven van het nieuwe heidendom! Alleen nog maar laster, haat, onvrede, twist, hebzucht, vrije liefde, genotzucht van het vlees triomferen. Het leven van een christelijke familie is reeds lang verbroken.
Onheil en oorlog van een onvoorstelbare omvang, die er nog nooit geweest is, zullen u verrassen. Nu gaat gij in uw afschuwelijke zonden in de afgrond. Ik sta wenend voor de poorten van Duitsland, zoals Christus over Jeruzalem geweend heeft. De christelijke vlag wordt naar buiten getoond, maar het eigenlijke leven wordt ZONDER GELOOF en GEBED geleefd. Hoe dikwijls heb Ik u er door Mijn boodschappen aan herinnerd! In geen tijd van de mensheid heb ik zoveel boodschappen van Gods almacht afgesmeekt als juist in deze tijd. Maar de vorst van deze wereld, de tegenstander van God, heeft u voor Gods geboden en boodschappen blind gemaakt.
In 1999 is Maria daar terug. Zij verscheen er aan 3 jonge vrouwen, op 17 mei, 26 mei, 7 juni, 13 juni, 20 juni, 18 juli, 8 augustus, 21 augustus, 5 september, 6 september en op 17 oktober.
Sixtijne Kapel. PPS.
Een spiritueel roosje uit mijn doosje.
Een spiritueel roosje uit mijn doosje,
" Gegroet, gij Moeder van genade,
u prijzen alle volken groot.
Gezegend zijt gij onder de vrouwen,
gezegend die Gods woord hebt geloofd" (Hymne, getijdenboek, 1552).
Meer dan 150 jaar geleden is de Onbevlekte Maagd in Lourdes verschenen.
Tussen de bergen in een grot van steen, een klein meisje was daar alleen.
Zij luisterde en deed wat Maria gevraagd had, maakte een kuiltje terwijl zij eerbiedig bad.
Veel zieken bezochten later deze bron, verkregen troost of genezing zoveel dit kon.
Mijn moeder vertelde het als een sprookje, sindsdien koesterde mijn kinderhart een droompje.
Eens dicht bij ons Lieve Vrouwke te zijn,stil en alleen, tussen de bergen aan de grot van steen.
Na zeer veel jaren van geduld, werd mijn hartenwens vervuld.
Door een vakantietrip kreeg ik wat ik wou, met het gezin zoals God het plannen zou.
Geknield bad ik aan de grot van steen ; " Maria, wees mijn troost wanneer ik ween ".
Een diep verlangen trok mij naar de bron, daar kreeg ik het licht van de zon.
Het oneindig vertrouwen voor de Moeder Maagd, die de toekomst in handen draagt.
Haar liefde dreef ons naar wat ik zocht, en ons leven nam een grote bocht.
Maria wist ons hart te raken, om van ons een apostel te maken.
Door Haar fijngevoelig gebaar, werd Marias liefdesdroom in ons waar.
De rozenkrans kreeg een nieuw leven, om geestelijk voedsel door te geven.
Er groeide een Krans van Rozen, waarin veel mensenharten voor de Moeder Gods kozen.
Zo ontvangt onze Koningin van de Vrede, duizenden roosjes om Haar Moederlijke zegen.
Om al de genade en goedheid te gedenken, wilde wij onze dankbaarheid schenken.
Zoals elk heiligdom blijft Lourdes een aantrekkingskracht, waar Maria op ieder kind wacht.
En zie, hier staan wij voor de gezegende grot, met kinderen en kleinkinderen, dankzij God.
Biddend en stil met gevouwen handen, opdat het vlammetje in ons mag blijven branden.
We blazen een handkusje naar het Mariabeeld, dat met zachte glimlach onze harten steelt.
Voor wij terug naar huis toegaan, zingen we luid en vreugdevol met vrienden allen saam.
"Ave, Ave, Ave Maria, Ave, Ave, Ave Maria.
Verenigd in de Krans van Rozen, de Moederlijke zegen,
Lea.
Augustus 2011.
LITANIE TER ERE VAN ONZE LIEVE VROUW VAN LA SALETTE
(19 sepember)
- Heer, ontferm U over ons,Christus, ontferm U over ons.
- Heer, ontferm U over ons,Christus, aanhoor ons. Christus, verhoor ons.
- God, hemelse Vader,ontferm U over ons.
- God Zoon, Verlosser van de wereld,ontferm U over ons.
- God, Heilige Geest,ontferm U over ons.
- Heilige Drievuldigheid, één God,ontferm U over ons.
- Onze Lieve Vrouw van La Salette, verzoenster der zondaars, bid voor ons. - Onze Lieve Vrouw van La Salette, steun der rechtvaardigen, bid voor ons. - Onze Lieve Vrouw van La Salette, genezing der zieken, bid voor ons. - Onze Lieve Vrouw van La Salette, troosteres der bedrukten, bid voor ons. - Onze Lieve Vrouw van La Salette, die verschenen zijt aan arme kinderen op de Alpen, om ons gewichtige vermaningen te geven, bid voor ons. - Onze Lieve Vrouw van La Salette, die tranen stortte, denkende aan de zonden van de mensen, bid voor ons. - Onze Lieve Vrouw van La Salette, die ons de bedreigingen van de Heer deed horen, opdat wij ons zouden bekeren, bid voor ons. bid voor ons. - Onze Lieve Vrouw van La Salette, die, door uw smekingen, de arm van de Heer, die tegen ons vergramd is, weerhoudt, bid voor ons. - Onze Lieve Vrouw van La Salette, die gezegd hebt: Indien mijn volk zich niet wil onderwerpen, zal ik genoodzaakt zijn de arm van mijn Zoon zijn macht te laten uitoefenen, bid voor ons. - Onze Lieve Vrouw van La Salette, die gedurig tot uw goddelijke Zoon bidt, opdat Hij ons barmhartig zou zijn, bid voor ons. - Onze Lieve Vrouw van La Salette, die zo veel hartzeer lijdt uit hoofde van onze zonden, bid voor ons. - Onze Lieve Vrouw van La Salette, die gans onze erkentenis verdient, bid voor ons. - Onze Lieve Vrouw van La Salette, die na uw vermaningen aan de kinderen op de berg gegeven te hebben, hun gezegd hebt: Mijn kinderen, gij zult dit aan mijn volk bekend maken, - Gij, die aan de mensen schrikkelijke straffen voorzegd hebt, indien zij zich niet bekeren, - Gij, die hun de barmhartigheid en de vergiffenis hebt aangekondigd, indien zij tot God weerkeren, bid voor ons. - Gij, die overvloedige genaden belooft, indien men boetvaardigheid doet, bid voor ons. - Gij, wie haar miraculeuze verschijning in de twee werelddelen luisterrijk bekend is, bid voor ons. - Gij, wie haar wonderen in alle landen tentoongespreid worden, bid voor ons. - Gij, wie haar eredienst dagelijks aangroeit, bid voor ons. - Gij, wie haar weldaden al uw kinderen in verrukking brengen, bid voor ons. - Gij, wie men nooit tevergeefs aanroept, bid voor ons. - Gij, die voor uw voeten een miraculeus water hebt doen springen, bid voor ons. - Gij, die, naar het voorbeeld van Jezus, het gezicht aan de blinden, de beweging aan de lammen, de gezondheid aan de zieken geeft, bid voor ons. - Gij, die alle ongelukkigen vertroost, bid voor ons. - Gij, die schittert in licht verschenen zijt, bid voor ons. - Gij, die op uw borst het kruisbeeld en de werktuigen van het bitter lijden van uw Zoon droeg, bid voor ons. - Gij, die ons vermaant hebt dat wij de dag van de Heer moeten vieren, indien wij schrikkelijke straffen willen vermijden, bid voor ons. - Gij, die gezegd hebt dat het werken op zondagen en de godslastering op bijzondere wijze Gods gramschap verwekt, bid voor ons. - Gij, die ons verweten hebt dat wij de vastendagen en de verstervingen, door de heilige Kerk opgelegd, niet onderhouden, bid voor ons. - Gij, die ons de gesels van de Heer voorzegd hebt, indien men voort gaat met zijn geboden te overtreden, bid voor ons. bid voor ons. - Gij, die ons het morgen- en avondgebed aanbevolen hebt, bid voor ons.
- Door uw machtige bescherming, verlos ons van de ellenden die ons bedreigen, O Maria. - Arme zondaars, die wij zijn, bekeer ons, O Maria. - In de verplichting van onze plichten, help ons, O Maria. - In de ware godsvrucht, bevestig ons, O Maria. - In het standvastig onderhouden van alle deugden, moedig ons aan, O Maria. - In onze vreugden, wees met ons, O Maria. - In onze smarten, ondersteun ons, O Maria. - In alle voorvallen van het leven, verkrijg ons een volle onderwerping aan Gods wil, O Maria.
Lam Gods, dat wegneemt de zonder der wereld, spaar ons Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonder der wereld, verhoor ons Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonder der wereld,ontferm U over ons Heer.
Bid voor ons, heilige Moeder Gods, opdat wij de beloften van Christus waardig worden.
Laat ons bidden
Beminnelijke Zaligmaker, Gij hebt gezegd: Komt allen tot Mij die belast en beladen zijt, en Ik zal u verkwikken. Vol vertrouwen op dat woord, komen wij tot U, om U te bidden en te smeken dat Gij ons in genade zou ontvangen, ons van alle kwalen naar ziel en lichaam zou verlossen en ons de genade verlenen, van trouw in Uw heilige dienst te leven en te sterven. Dit vragen wij U door de verdiensten en de voorspraak van uw Goddelijke Moeder, die U ons, stervende aan het kruis, tot onze Moeder hebt gegeven. U die leeft en heerst in alle eeuwigheden der eeuwigheden. Amen
LITANIE VAN HET HEILIG KRUIS.
LITANIE VAN HET HEILIG KRUIS
- Heer, ontferm U over ons,Christus ontferm U over ons.
- Heer, ontferm U over ons,Christus aanhoor ons, Christus verhoor ons.
- God, Hemelse Vader, ontferm U over ons.
- God Zoon, Verlosser van de wereld, ontferm U over ons.
- God, Heilige Geest, ontferm U over ons.
- Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons.
- O heilig Kruis van onze Zaligmaker, heilig de rechtvaardigen en bekeer de zondaars. - Heilig Kruis, door de Verdiensten van Jezus gewijd, heilig de rechtvaardigen en bekeer de zondaars. - Heilig Kruis, dat tussen uw armen het aanbiddelijke Lichaam van Jezus Christus gedragen hebt, heilig de rechtvaardigen en bekeer de zondaars. - Heilig Kruis, met het Bloed van Jezus Christus bevlekt, heilig de rechtvaardigen en bekeer de zondaars. - Heilig Kruis, boom des levens, weg der zaligheid, sleutel des hemels, heilig de rechtvaardigen en bekeer de zondaars. - Heilig Kruis, de eerbied en de liefde van alle mensen waardig, heilig de rechtvaardigen en bekeer de zondaars. - Heilig Kruis, dat aan onze ogen het tafereel van alle deugden aanbiedt, heilig de rechtvaardigen en bekeer de zondaars. - Heilig Kruis, troost van de bedrukten, heilig de rechtvaardigen en bekeer de zondaars. - Heilig Kruis, schrik van de duivelen, heilig de rechtvaardigen en bekeer de zondaars. - Heilig Kruis, dat de overwinning geeft aan diegenen, die bekoord worden, heilig de rechtvaardigen en bekeer de zondaars. - Heilig Kruis, zegel van de uitverkorenen, heilig de rechtvaardigen en bekeer de zondaars. - Heilig Kruis, enige hoop van de zondaars, heilig de rechtvaardigen en bekeer de zondaars. - Heilig Kruis, verlangen van alle heiligen, heilig de rechtvaardigen en bekeer de zondaars.
- Van alle kwaad, verlos ons Heer. - Van de eeuwige verdoemenis, verlos ons Heer. - Door uw heilig Kruis, waaraan Gij genageld geweest zijt en waaraan Gij voor ons hebt willen sterven, verlos ons Heer. - Door de verheffing van uw heilig Kruis, verlos ons Heer. - Door de eer van uw heilig Kruis, verlos ons Heer. - Op de feestdag van uw heilig Kruis, verlos ons Heer.
- Wij zondaars, wij bidden U, verhoor ons, Heer. - Vergeef ons onze zonden, welke Gij aan het Kruis uitgeboet hebt. - Wees oneindig barmhartig jegens ons, verhef onze zielen tot het verlangen van de hemelse dingen. - Geef ons de genade onszelf te verzaken, ons kruis op te nemen en U te volgen. - Zoon Gods, maak dat wij, met een levendig berouw en een volmaakte liefde, in de omhelzing van uw heilig Kruis mogen sterven.
Lam Gods, dat wegneemt de zonder der wereld, spaar ons Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonder der wereld, verhoor ons Heer. Lam Gods, dat wegneemt de zonder der wereld, ontferm U over ons Heer.
Laat ons bidden
Heer, mijn God, die de standaard van het Kruis geheiligd hebt, wij smeken U, maak dat wij, na onze eerbewijzen aan dit heilig zinnebeeld waardig betoond te hebben, de vruchten van zaligheid en eer, welke het ons verschaft heeft, eeuwig genieten. Wij smeken U hierom, o God, die leeft en heerst in de eeuwen der eeuwen. Amen.
Spreuken 25:2.
Geliefde, ga dwars door elke hindernis die je wil verhinderen om vooruit te komen. Weersta alles wat je wil weerhouden van meer geestelijk inzicht en koninklijke openbaring. Ik breng je naar een hoger niveau, maar je moet wel het verlangen hebben naar grotere wijsheid, inzicht en onderscheidingsvermogen, en vervolgens alles weigeren wat je wil tegenhouden om dit mogelijk te maken. Blijf op de weg van ontdekkingen en houd een zuiver hart en een standvastige geest, zegt de Heer.
( Matt. 5:8 )
Duidelijkheid is aan de orde van de dag. Ik breng je naar een hoger niveau van geestelijk inzicht, zodat je klaar bent om alles beter te zien vanuit je hart en elke plaats van bewustheid zult onderscheiden. Oude herrinneringen zul je vergeten om te zien in zuivere waarheid, zonder vooroordeel. Naarmate de dag van de rechtvaardigen nadert zal de dag van duidelijkheid zichtbaarder worden. Ik roep je tot een grotere manifestatie van zuiverheid en heiligheid, zegt de Heer. ( Matt. 5:8 )
27-08-2011
GEBED VAN PAUS JOHANNES II.
Boodschap van 25 augustus 2011.
Lieve kinderen, vandaag roep ik u op om te bidden en te vasten voor mijn intenties, omdat Satan mijn plan wil vernietigen. Ik ben hier met deze parochie begonnen en ik heb de ganse wereld uitgenodigd. Velen hebben antwoord gegeven, maar er is een zeer groot aantal die mijn oproep niet wil horen, noch aanvaarden. Daarom, u die "ja" gezegd hebt, wees sterk en vastberaden. Dank dat u aan mijn oproep gevolg hebt gegeven.
Twaalfde Jaargang nummer 8. NIEUWSBRIEF.
Twaalfde Jaargang nummer 8.
NIEUWSBRIEF.
Medjugorje 23 juni 4 juli 2011
Als ik u iets ga vertellen over mijn bedevaart naar Medjugorje, dan baseer ik me op de uitspraak van Jezus: "aan de vruchten zult gij de boom erkennen."
De erkende marioloog René Laurentin heeft Medjugorje uitvoerig onderzocht en kwam tot de conclusie: "de vruchten van Medjugorje tonen aan dat dit van de hemel komt."
Ik wil hier vertellen, wat ik zelf kort geleden heb ervaren in Medjugorje.
De hele morgen door zijn er heilige Missen in diverse talen. s Avonds worden er twee rozenhoedjes van de rozenkrans gebeden van 18.00 tot 19.00 uur, waarna de internationale Heilige Mis volgt tot 20.00 uur, waarbij het evangelie wordt gelezen in vele talen. Buiten de kerk staat een hele rij biechtstoelen en de hele dag door komen de mensen daar biechten. Ze klampen je ook op de weg gewoon aan en vragen: mag ik even biechten?
Twee avonden in de week is er uitstelling van het Allerheiligst Sacrament buiten onder een grote tent van 22.00 tot 23.00 uur waaraan honderden mensen deelnemen.
Ik was daar vanwege het 30-jarig jubileum van de verschijningen, die begonnen op 24 juni 1981. Maria verscheen aan vier meisjes en twee jongens en tot vandaag verschijnt Zij nog dagelijks aan twee van hen.
De bisschop van Mostar, waaronder Medjugorje valt, gelooft niet in de verschijningen en is er fel tegen. Maar aangezien de kerk niet heen kan om het toenemende aantal mensen, dat daar komt bidden, al 30 jaar lang, heeft Rome een commissie ingesteld onder leiding van kardinaal Ruini, die de verschijningen onderzoekt. Kardinaal Ratzinger is op bezoek geweest voor hij Paus Benedictus XVI werd, en kort geleden heeft hij de 6 zieners/zieneressen naar Rome geroepen om persoonlijk met hen te praten.
Wat mij persoonlijk diep heeft getroffen en wat ik nog nooit eerder had meegemaakt, waren twee duivel uitdrijvingen, net na de Heilige Mis van 20.00 uur, net naast de kerk. De ene keer was het een jonge vrouw, de andere keer een jonge man. Onder stuiptrekkingen lag hij te schreeuwen sloeg met zijn armen en schudde zijn hoofd. Die schreeuw, die uit zijn keel kwam, was zo diep en intens, dat ik het niet kan nadoen; die kwam recht uit de hel. Priesters baden over hem, hielden een kruis over hem en besprenkelden hem met wijwater. Ik heb zelf ook een tijdje met mijn arm uitgestrekt over hem gebeden. Het deed me denken aan het verhaal in het evangelie, toen Jezus in Kafarnaum een duivel uitdreef. Die spartelde ook tegen, maar ging wel weg uit die jongen. Wat ik in Medjugorje meemaakte, was precies wat Jezus deed in Kafarnaum.
Dit gebeurt meerdere malen in Medjugorje en als de duivel in contact komt met Maria, wint Maria altijd. Ik zie het zo: er lopen in de wereld bezetenen rond, vaak zonder dat die mensen, die bezeten zijn, het zelf weten, maar als ze in de buurt van een bedevaartplaats komen, weten de duivels: mijn uren zijn geteld, ik moet hier uit en dat willen ze niet. Terug naar de hel is veel erger dan in een mens wonen. Ze spartelen tegen maar het is een ongelijke strijd. Maria wint altijd.
Voor mij is dit een bevestiging van Medjugorje, getuige Jezus eigen woorden: "Elk koninkrijk dat innerlijk verdeeld is, gaat ten onder. Als ook de satan verdeeld is en zijn eigen duivels uitdrijft hoe kan zijn rijk dan standhouden? Maar als Ik door de vinger Gods door mijn priesters de duivels uitdrijf, dan is kennelijk het Rijk Gods onder u gekomen". Medjugorje is een genadeoord. Ik maak er geen propaganda voor, maar ik denk alleen aan de woorden, die Jezus richtte tot de twee leerlingen van Johannes, die Jezus volgden en Hem vroegen: waar woont Gij? Jezus, zei hun: komt en ziet en ze bleven de hele dag bij Hem.
Maria van Medjugorje zegt hetzelfde: komt en ziet. En dan blijf je vanzelf bij Maria en Jezus.
Pater Henk Kager.
Heythuysen.
"O Maria, zonder zonden ontvangen, bid voor ons,
die onze toevlucht tot U nemen."
Vanwege Jules Jacomen.
volgende nieuwsbrief. ( Jules Jacomen.).
In de volgende nieuwsbrief zullen wij uitvoerig uitwijden over het minder gekende bedevaartoord "Gaverland". De feestelijkheden voor het jubeljaar 2011 - 2012 zijn ingezet op 15 Augustus en worden op beëindigd op 15 Augustus 2012. Gedurende dit jubeljaar wordt de vinding van het miraculeuze Mariabeeld gevierd (1511 2011) en de 100 jarige herdenking van de pauselijke kroning (1912 2012)
Gebed tot Maria.
Maria,
laat ons in dank bidden.
Bewaar en koester in uw moederhart
alles wat wij u toevertrouwen:
de vele kleine zorgen die beginnen te wegen,
de bedrukte vragen die blijven hangen,
de weemoed van wat we niet begrijpen,
de pijn bij vertrapte goedheid,
het zoeken naar genegenheid en begrip.
Maria,
Moeder van Jezus,
bevestig met uw woord en uw hart
de getrouwen van de Heer,
als moeheid en machteloosheid hen lam leggen
als eenzaamheid zwaar drukt,
als opeen lopende last hen te boven gaat,
als gelovig enthousiasme slinkt en wankelt,
als de trouw aan uw Jezus dreigt stuk te lopen.
Moeder, wij danken u dat gij ons in dit bidden steunt.
Maria,
bescherm in uw goedheid,
uw jeugd en de jongeren in onze kleine wereld,
bemoedig alle moeders die met veel zorgen zitten,
bewaar allen die u nu al jaren vergeten zijn
en ook ons die nu bij u bidden,
blijf voor ons allen de Moeder van Jezus!
Maria,
wij danken U dat wij vandaag zo met u konden bidden.
KATHOLIEK SPANJE IN CIJFERS.
KATHOLIEK SPANJE IN CIJFERS
Hilversum) 14 augustus 2011 - Spanje is deze week het gastland voor duizenden katholieke jongeren uit de hele wereld. Pelgrimsgroepen doen op hun reis naar de Wereldjongerendagen in Madrid verscheidene Spaanse dorpen en steden aan. Daar maken zij kennis met de flamboyante katholieke cultuur van het land, met haar vele kathedralen, kloosters, heiligenprocessies en volksdevoties.
Ook al heeft de secularisatie en het antiklerikalisme er hard toegeslagen, Spanje blijft een katholiek land. Hieronder een aantal cijfers (d.d. 31 december 2010) met betrekking tot katholiek Spanje, verstrekt door het Staatssecretariaat van de Heilige Stoel.
Aantal katholieken. Spanje telt ongeveer 46.073.000 inwoners, waarvan 92 procent katholieken.
Pastorale centra. Er zijn 22.890 parochies en 4.907 andere pastorale centra, verdeeld over 14 kerkprovincies, bestaande uit 69 diocesen.
Clerus. De Spaanse kerk telt 126 bisschoppen, 16.689 diocesane priesters, 8.089 religieuze priesters, 380 permanente diakens, 3.847 broeders en fraters, 50.337 kloosterzusters, 637 lekenmissionarissen en 99.581 catechisten.
Priesters. Eén op de 1.705 katholieken is priester. Het aantal priesters per pastoraal centrum bedraagt 0,89.
van 25 Augustus 2011
Priesterroepingen. Er zijn 1.258 kleinseminaristen (voortgezet onderwijs) en 1.866 grootseminaristen. Van de 100.000 katholieke inwoners van Spanje zijn er 4,05 grootseminarist. De verhouding tussen het aantal priesters en het aantal grootseminaristen bedraagt 100/7,53.
Kent U dit Mariaal bedevaartoord?
Kent U dit Mariaal bedevaartoord?
HET MARIALE BEDEVAARTOORD IN FOY-NOTRE-DAME
De bedevaart naar dat onooglijk klein dorp ontstond in 1609 toen een 22 centimeter hoog beeld van Onze-Lieve-Vrouw in kwarts werd ontdekt in een omgehakte eik. Een aantal mirakelen die aan dat beeld worden toegeschreven, leidden tot een populaire mariale devotie. Zo schonken de aartshertogen Albrecht en Isabella bij hun bezoek aan Foy-Notre-Dame in 1619 een beeld aan de kerk. Enkele jaren later kwam de huidige monumentale kerk tot stand. Als pastoor van Profonville in de jaren 1997-2004 kwam ik hier ieder jaar met de jongeren van de catechese op bezoek, vertelt Scholtes. Wat mij in die monumentale renaissancekerk aantrekt, is haar sobere exterieur en rijkelijk versierde interieur: één ruimte van veertig meter lang en elf meter breed. Dat alles was het werk van één man: Michel Stilmant uit Dinant. Hij was tezelfdertijd architect, schilder en beeldhouwer. Uniek is het eikenhouten vlakke plafond met zeven vierkanten in 21 opeenvolgende rijen. De 147 casementen bevatten ex-votos die door bedevaarders werden aangebracht.
WERELDWIJDE DEVOTIE
Sinds het begin van de zeventiende eeuw vonden geen wijzigingen aan het kerkgebouw plaats. De premonstratenzers van de abdij van Leffe verzorgen de liturgische diensten in de kerk. In de regio werden kapelletjes en genootschappen opgericht ter ere van Onze-Lieve-Vrouw van Foy. Die devotie verspreidde zich wereldwijd. Zo stichtten emigranten in de Canadese provincie Québec de gemeente Sainte Foy. "Tot op vandaag behoudt die plaats haar aantrekkingskracht", onderstreept Scholtes. "Wat mij iedere keer opnieuw treft, is de sfeervolle muziek in de kerk. En naast de kerk een gezellig barrestaurant. Ook die hoort thuis bij een bedevaartsoord.
FOLDER:
EEN WONDERBARE VONDST
Volgens de overlevering trof een houthakker op 5 juli 1609 een bescheiden Madonnabeeldje aan in het midden van de stam van een oude eik die hij aan het kappen was. Het gaat om een pijpaarden beeldje waarvan de gotische vorm sterk doet denken aan de manier waarop devotiebeeldjes in de 15de eeuw in de streek van Utrecht vervaardigd werden. Het verhaal meldt dat het beeldje bij het klieven geraakt werd waarbij het hoofd afgeslagen was. Een jonge maagd zou de twee stukken naar een naburige boerderij gebracht hebben en het hoofd met behulp van enkele druppels was op zijn plaats gelijmd hebben. Het madonnabeeldje werd een tijdje in een andere eik in de buurt gehangen maar uit veiligheidsoverwegingen werd het naar de kapel van het Kasteel van Vèves overgebracht enkele kilometer daarvandaan waar het zeven jaar bewaard zal blijven.
DE EERSTE WONDEREN
Het eerste wonder wordt pas in 1616 gemeld. Martin Pieltens is het slachtoffer van een hevige hernia-aanval. Hij smeekt Onze Lieve Vrouw om genezing en belooft ze te komen eren op de plaats waar haar beeltenis gevonden werd. De pijn verzacht en Pieltens begeeft zich vervolgens naar Foy om haar te bedanken op de plek waar ze in een boomholte verbleef. Het nieuws van de genezing verspreid zich en geeft aanleiding tot een toeloop van pelgrims naar Vèves. Andere mirakels doen zich voor waaronder de genezing van de zoon van de
heer van Celles die halfdood in de koer van het kasteel gevonden was. Het Madonnabeeld wordt tot hem
gebracht en tegen zijn lippen gedrukt, waarvan hij meteen opknapt. Het verhaal van de wonderbaarlijke vondst en de daaropvolgende miraculeuze genezingen is van de hand van de jezuïet Pierre Bouille, rector van het college van Dinant. Hij laat een boekje in 1616 verschijnen dat over de hele wereld verspreid zal worden. Het gaat om een apologetisch verhaal met als doel de verdiensten te loven van Onze Lieve Vrouw van Foy. Het aantal pelgrims groeit gestadig en er wordt besloten een kapel in Foy op te trekken.
DE AARTSHERTOGEN
Op 20 juli 1619 komen de aartshertogen Albrecht en Isabella in Foy bidden. Zij schenken het heiligdom een schilderij waarop Maria en Elisabeth in gezelschap van Jezus en Johannes de Doper afgebeeld staan. Het hangt nog altijd links aan de muur. De aartshertogen koesterden een bijzondere liefde voor het verhaal over de ontmoeting tussen Maria en Elisabeth. Het is inderdaad tijdens de Maria-Visitatie dat de oude en onvruchtbare Elisabeth de eerste tekenen van een zwangerschap vernam waar ze niet meer op hoopte. Het huwelijk van het aartshertogelijke paar vond plaats in 1598 maar ze zijn kinderloos gebleven en dit tot grote droefheid van Isabella die Maria meermaals haar leed en smeekbeden toevertrouwde tijdens bedevaarten naar Halle, Laken of Scherpenheuvel. Deze bevoorrechte relatie tussen de Maagd Maria en Elisabeth is een vaak wederkerend thema in de iconografie van de door de aartshertogen geschonken kunstwerken.
DE BOUW VAN EEN GROTE KERK
Gesterkt door de steun van de aartshertogen verspreidt de reputatie van Onze Lieve Vrouw van Foy zich tot over de grenzen. Pelgrims stromen toe, schenkingen stapelen zich op, het heiligdom verrijkt zich aanzienlijk Er wordt dus besloten een nieuwe kerk te bouwen, een omvangrijk gebouw naar de laatste mode. Het project wordt toevertrouwd aan stielmensen uit Dinant, Michel en Gaspart Stilmant, bijgestaan door de schilder Guillaume Goblet. De werkzaamheden gaan van start in 1622 en vorderen snel. In 1626 schenkt de prins-bisschop het hoogaltaar. Een opschrift herinnert eraan dat deze daad gesteld werd in de eer van de Madonna van Foy, in erkenning van de ontelbare gunsten die haar over heel de wereld beroemd gemaakt hebben, voor de eeuwige verwarring van de beeldenstormers en de versterking van het door onze voorvaderen geschonken geloof
TUSSEN RENAISSANCE EN BAROK
Vanuit stilistisch oogpunt bevindt de kerk van Foy-Notre-Dame zich tussen renaissance en barok. De zoldering, het paneelwerk, de zanggalerij en de preekstoel getuigen van het voortbestaan van een renaissance-traditie in onze streken tot in het begin van de 17de eeuw. De altaren daarentegen breken met de renaissance-geest en duiden op de komst van de barokkunst ontstaan in Rome tegen het einde van de l6de eeuw. In deze kerk was de hoofdbekommernis van de bouwheer niet de stijl maar wel het iconografisch programma dat kenmerkend is voor een kerk uit de periode van de contrareformatie.
DE BEROEMDE ZOLDERING
De zoldering bestaat uit rijen van geschilderde vakken uitgevoerd in het prinsbisdom Luik in het begin van de 17de eeuw. Zo zijn er meer, maar die van Foy-Notre-Dame is waarschijnlijk de meest bekende en de best bewaarde. Het werd in 2003 geklasseerd als patrimoine exceptionnel de Wallonie (uitzonderlijk Waals erfgoed). Deze architecturale praktijk stamt uit de Italiaanse renaissance. Ze getuigt van een bepaald archaïsme tegenover de baroktrend die in deze periode voet aan de grond zet in onze contreien. Ze biedt echter meerdere voordelen. De zoldering laat toe een groot aantal afbeeldingen van heiligen of van het leven van Christus in het heiligdom te integreren, hetgeen in de lijn staat van de aanbevelingen van het Concilie van Trente inzake de heiligenverering en het gebruik van afbeeldingen. In de praktijk is een zoldering lichter en goedkoper dan een gewelf. Het maakt de bouw van een grote hall mogelijk omringd door dunnere muren zonder schoormuren. Tenslotte biedt het de pelgrims de gelegenheid om een paneel te doneren zodat de bouwkosten verlaagd kunnen worden.
DE ROZENKRANS
Het iconografisch hoofdthema van de kerk is de Rozenkrans. Dit gebed bestaat uit vijftien maal tien gebeden gericht tot Maria (Weesgegroet), telkens geassocieerd met een meditatie over een episode uit het leven van de Heilige Maagd. De Rozenkrans wordt zo een meditatie over het leven van Maria met als hoogtepunt haar apotheose in de hemel. De gelovige die zich innig aan Maria spiegelt, kan hopen om zoals zij zich bij de volkomenheid van God te vervoegen. De as van de zoldering bestaat uit zeventien taferelen die uitkomen op de Ten hemelopneming.
DE TAFERELEN VAN DE ZIJALTAREN
Op de zijaltaren kunnen de gelovigen twee taferelen aanschouwen met voorbeelden uit het christelijk leven. Dat van de Heilige Familie toont rechts het ideale gezin. Het wordt aangevoerd door Jozef, de voedstervader en Maria de liefhebbende en nederige moeder. Samen met Jezus vormen ze de Drievuldigheid op aarde. Jozef biedt het model van de man actief in zijn geloof. Het linker tafereel toont een ideaal van het gebed, dat van de heiligen Dominicus en Catharina in extase voor de Heilige Maagd van de Rozenkrans. Handeling en gebed worden als twee waarden van het heiligzijn door de kerk van de Contrareformatie voorgesteld.
HET HOOGALTAAR VAN DE PRINSBISSCHOP
Het hoogaltaar werd door de prins-bisschop van Luik geschonken. Het ontwerp ervan is zeer geleerd. Het is warempel een manifest van de katholieke doctrine van de contra reformatie. Het hoogaltaar verheerlijkt de Eucharistie. Het offerlam dat het tabernakel siert verwijst naar de verlossende Christus aan het hoogste punt van het altaar. In het midden van de as "offer-verlossing" zet een tafereel van de geboorte van Christus, Maria in het centrum van de retabel maar ook van de hele kerk. Dit bevestigt de hoofdrol van de Heilige Maria in het verhaal van de redding. Het schilderij met een hoge artistieke waarde is het werk van een Luikse schilder, François Walschaert. Het spel met het licht, de rijkdom aan kleuren en de natuurgetrouwheid van de personages verlenen een grote emotionele intensiteit aan het tafereel.
EEN ZEGE OVER DE BEELDENSTORM
Het ontstaan van de Onze Lieve Vrouw van Foy-verering sluit aan op de context van de katholieke contrareformatie. Naar aanleiding van de door Luther ingeleide protestantse reformatie herbevestigt de katholieke kerk haar overtuigingen en dynamisme. Onder de twistpunten tussen de protestanten en de katholieken komen de Mariaverering en het gebruik van beelden voor de dienst voor. Op het einde van de l6de eeuw hebben de gereformeerden, in de heetste momenten van de strijd, veel beelden in kerken vernield, hetgeen bekend staat onder de benaming beeldenstorm. De herontdekking en de wonderen van Onze Lieve Vrouw van Foy vertolken dus de overwinning van een beeltenis van de Heilige Maagd dat aan het oog onttrokken was en dat zelfs doorkliefd werd maar dat uiteindelijk weer door iedereen aanschouwelijk geworden was. Het beeld en Maria zegevieren als het ware op de ketterse beeldenstorm. De achterkant van het beeldje vertoont een snee die herinnert aan de breuk waarvan gewag gemaakt wordt in het verhaal van pater Bouille. De anekdote van het doorkliefde beeld houdt een hoge symbolische waarde in. Het is het teken van haar martelaarschap.
MARIA, NIEUWE EVA
Een andere symboliek ontwikkelt zich in Foy, het gaat om de band tussen de Heilige Maagd en de boom. Maria is een nieuwe Eva door wie God de fout gaat afkopen van Eva, die abusievelijk van de vrucht van de boom geproefd heeft. Maria wordt van de boom herboren en reikt de mens opnieuw een hoop op verlossing aan. De band tussen de Heilige Maagd en de Boom komt vaak voor in de Onze Lieve Vrouw-heiligdommen van de 17de Eeuw.
OP DE KANSEL ERGENS IN LIMBURG. ( Men heeft mij gevraagd iets meer te vertellen over de aflatenleer.).
OP DE KANSEL ERGENS IN LIMBURG.
Beste broeders en zusters,
Men heeft mij gevraagd iets meer te vertellen over de aflatenleer.
Voor de critici: de aflatenleer is een geloofspunt, en wat ik nu zal vertellen, is de leer van de hedendaagse theologie, namelijk de Kerkelijke leer van na het 2de Vaticaans Concilie. De Kerk veroordeelt degenen die ofwel beweren dat aflaten nutteloos zijn, ofwel ontkennen dat de Kerk de macht heeft aflaten te verlenen.
We weten dat iedere mens, hoe goed hij het ook meent, fouten maakt tijdens zijn leven. We zijn immers onvolmaakt, zodat we, vaak tegen onze wil in, zondigen. We geloven echter in een barmhartige God die alles wil vergeven, maar tevens weten we dat God ook rechtvaardig is. Wij, die naar Gods beeld geschapen zijn, voelen aan, dat als iemand iets misdoet dat hij daarvoor ook een straf oploopt. Dit zegt ons natuurlijk geweten.
Het is waanzin te geloven dat iedereen, hoe goddeloos hij ook geleefd heeft, bij zijn sterven onmiddellijk in de hemel opgenomen wordt. Het zou niet rechtvaardig zijn van God. Dan zijn alle mensen die godvruchtig en liefdevol geleefd hebben, benadeeld. In de Apocalyps staat immers dat niets onreins de hemel kan binnengaan. Anders is het geen hemel meer. En toch, is de grootste eigenschap van God, zijn barmhartigheid. Onze zonden worden vergeven bij de persoonlijke belijdenis van onze zonden tijdens de biecht. Maar de zogenaamde straffen blijven, met andere woorden: we moeten het terug goed maken door boete te doen. Deze zondestraffen worden gedeeltelijk kwijtgescholden door de penitentie, die de priester geeft, ook door onze goede werken hier
op aarde, en door ons lijden en tegenslagen geduldig te dragen. De rest wordt dan vereffend in het zogenaamde vagevuur.
Of zoals Jezus bij Lukas zegt: Ge zult er niet uitkomen, voordat ge tot de laatste cent betaald hebt.'
Maar de Heer is zo oneindig goed voor ons, dat Hij ook deze zondestraffen, die wij verdiend hebben, wil kwijtschelden. Dit doet Hij door middel van de verdiensten van Zijn Kerk. Er zijn vele martelaren, en christenen, die naar het voorbeeld van Christus, verschrikkelijk lijden of geleden hebben, zonder dat ze het verdienden. Christus zelf heeft zelfs genoeg geleden om alles wat ooit fout liep terug goed te maken. Welnu, de Kerk ziet al dit lijden als een geestelijke schat, die aangelegd werd uit de oneindige verdiensten van Christus en de heiligen. Zij hebben geleden als plaatsvervangers van ons, en de Kerk heeft de macht om uit deze schat te putten om ons te bevrijden van zondestraffen die blijven na de berouwvolle biecht.
Jezus heeft immers deze macht aan zijn Kerk gegeven door te zeggen, in het evangelie van Matteüs: "Al wat ge op aarde zult ontbinden, zal ook in de hemel ontbonden zijn". Dus wat ons belet om het eeuwige leven binnen te gaan, daar kan Christus Kerk ons van ontslaan. En zo zijn de aflaten ontstaan.
De Kerk legde toen aan de biechtelingen een bepaald werk op: bijvoorbeeld vastendagen, een bedevaart of een aalmoes geven Door die aalmoezen is er wel iets fout gelopen: zoals nu nog steeds breed uitgesmeerd wordt, zelfs door gelovigen. Er waren misbruiken ontstaan door aflaten te verkopen tegen grof geld. Daartegen heeft Luther in de 16de eeuw geprotesteerd. Met gevolg: het concilie van Trente heeft in dezelfde eeuw nog verboden om aflaten te verkopen aan hoge bedragen. Dus, wat dat betreft, heeft het misbruik der aflaten niet lang geduurd. Dat men er nu nog steeds over spreekt
Tegenwoordig worden nog steeds aflaten uitgereikt door de Kerk. Men kan dus een aflaat verdienen voor zichzelf, of voor een ziel in het vagevuur. We kunnen uiteraard zelf niet kiezen voor welke ziel, dat ligt in Gods macht. Daarbij kan niemand aflaten toepassen op anderen die nog in leven zijn.
Er zijn 2 soorten aflaten: gedeeltelijke en volle. Vroeger werd er bij de gedeeltelijke aflaten het aantal jaren of dagen vermeld. Bijvoorbeeld: 300 dagen aflaat enz. Deze tijdsbepaling is vervallen. Bij een gedeeltelijke aflaat wordt een deel van de tijdelijke zondestraffen, die resten na een berouwvolle biecht, kwijtgescholden.
De volle aflaat is de kwijtschelding van alle tijdelijke zondestraffen, na een berouwvolle biecht. Dit wil zeggen: de ziel van het vagevuur, die de Heer aanwijst, kan dan onmiddellijke de hemel binnentreden, waar hij onze voorspreker kan zijn.
Voor het verkrijgen van een volle aflaat wordt ten eerste vereist: de uitvoering van het werk dat met de aflaat verrijkt is en ten tweede de vervulling van volgende voorwaarden.
- De bedoeling / intentie hebben deze aflaat te verdienen;
- De sacramentele belijdenis van de zonden tijdens de biecht , voor of na het tijdstip van de te verdienen aflaat/aflaten;
- Het ontvangen van de heilige Communie op de dag zelf,
- Bidden voor de intenties van de Heilige Vader de Paus: een Onze Vader en een Weesgegroet.
- En tenslotte wordt vereist dat elke begeerte naar zonde, ook dagelijkse, wordt uitgesloten.
(In tegenstelling met vroeger kan men nu slechts één volle aflaat per dag verdienen!
Beste broeders en zusters, laten wij dankbaar gebruik maken van deze grote genade, zowel voor onszelf als voor onze dierbaren die nog vertoeven in de lijdende kerk, het vagevuur. Wijzelf worden erdoor vernieuwd en de zielen uit het vagevuur worden, eenmaal bevrijd, de grote voorsprekers van de strijdende Kerk, waartoe wij behoren, zodat onze Kerk steeds heiliger wordt door hun gebed en door het gebed van de triomferende Kerk: de heiligen in de hemel! Amen.).
GOD.
God,
Met mijn menselijke tekortkomingen en beperkingen,
richt ik mij tot U.
Waar mijn trouw ondermaats is
Uw trouw verre van waardig
reik mij Uw hand.
Waar mijn geduld op de proef wordt gesteld
en Uw geduld verre van benaderd,
reik mij Uw hand.
Waar mijn geloof veel te klein is,
Uw geloof in mij veel groter is,
reik mij Uw hand.
Waar mijn hoop te weinig verwacht,
U hoopvol naar mij uitziet en mij blijft zoeken,
reik mij Uw hand.
Waar mijn liefde in het niets lijkt te verdwijnen
omdat Uw Liefde mateloos en onbegrensd naar mij verlangt,
reik mij Uw hand.
Leer mij berouwvol en nederig Uw genadegeschenken te ontvangen,
Uittreksels uit het boek "Oorzaken en behandelingen"
10.30: Dr. Lut Gillis:
Mededelingen, activiteiten Studiegroep Hildegard van Bingen
11.15: Eucharistie
12.30: Picknick, zelf mee te brengen
Soep en drank zijn wel verkrijgbaar
14.00: Mevr. Lucette Verboven:
Boeiend namiddagvullend programma over het leven en werk van Hildegard van Bingen
17.00: Einde
Kosten: 15 euro, ter plaatse te betalen
Gelieve vooraf een seintje te geven aan Dr. L. Gillis
l.gillis@telenet.be - Tel. 0032-15 31 92 05
Iedereen is hartelijk welkom.
De Brief van de Heilige Jacobus.
Meditatie te Hasselt op 25 juni 2011.
E.H. P. van de Kerckhove.
"Wie Mijn leerling wil zijn, moet zichzelf verloochenen, zijn kruis opnemen en Mij volgen."
Leerling van Jezus zijn wil zeggen: "Jezus navolgen". Maar daar is een geestelijke voorbereiding voor nodig. Er zijn twee dingen nodig: je zelf verloochenen en je kruis opnemen. Deze woorden veronderstellen dat reeds de Heer Jezus Zelf het leven als een kruisweg beschouwt en dat het woord "kruis" in religieusgeestelijke zin gebruikt wordt door Hem. Moderne exegeten aanvaarden dit over het algemeen niet en ze twijfelen ook aan de Jezus-echtheid van deze woorden.
Iemand volgen wil zeggen: achter iemand lopen; in zijn of haar voetsporen lopen. Figuurlijk betekent het iemands voorbeeld navolgen Dat laatste is het wat Jezus van ons verlangt. Maar voordat je begint met Jezus na te volgen, moet jij je ook geestelijk voorbereiden.
Onszelf verloochenen: dit wil zeggen, ons ontdoen van ons eigen ik, ons egoïsme. Daarmee begint het werk van onze heiliging. Ons egoïsme uit zich op zovele manieren: o.a. het altijd gelijk willen hebben, altijd gediend willen worden, altijd de baas willen spelen. Dit alles vindt zijn oorsprong in een ongeordende liefde die de mens heeft voor zichzelf en dat vindt weer zijn oorsprong in de hoogmoed die in elke mens zit. We zijn gehecht aan vele dingen; vaak op een ongeregelde manier aan de schepsels van God, zaken, mensen of dieren Soms zijn het zondige gewoontes waarvan we slaaf zijn, seks, geldzucht, rock and roll Die ongeregelde liefde voor geschapen dingen, doet ons de liefde voor God vergeten en we vergeten dat God de Schepper is van hemel en aarde. We vergeten dat alles bestaat voor God en door God. Het is toch ten slotte God Die de zin geeft aan ons bestaan en niemand anders. God eren en dienen, dat is het doel van de schepping en dus ook het doel van ons leven op aarde! Zichzelf verloochenen in de context van het nú betekent dat we dagelijks terugkeren naar het principe waarvoor wij geschapen zijn: waarom lopen we hier rond op deze aardbol?
Dan komen we tot de conclusie: we zijn hier toch niet voor onszelf, voor ons egoïsme, toch niet om geld te scheppen of om oorlog te voeren, om te trouwen Dat zijn de dingen die deze wereld draaiende houden. Daarvoor zijn we toch niet op de wereld. Men moet geen theoloog zijn om na te denken over dat principe.
Zichzelf verloochenen: dit is juist loskomen van je eigenliefde die je vastbindt aan het geschapene en je opheffen tot God, Die de Schepper is, onzichtbaar. Het is Hem Die we moeten eren en dienen in ons leven om onze ziel te redden Het lichaam is ook maar een schepsel van God. Wat doen de mensen allemaal niet voor het lichaam? Het is bijna een afgodencultus! Sodoma en Gomorra zijn eraan ten onder gegaan, zoals ook onze westerse consumptiemaatschappij eraan ten onder gaat.
En zijn kruis opnemen en Lucas voegt eraan toe elke dag opnieuw. Het Kruis is het instrument waarmee Jezus Christus ter dood gebracht werd, maar ook het instrument waardoor de Redding gekomen is, want we werden erdoor bevrijd van de zonde! Welnu, ook voor de Christus is het kruis een instrument waardoor we sterven (we sterven voor de wereld, voor alle zondige gewoontes in ons ). "Wie bevrijdt ons van dit lichaam van zonde van zonde?", schrijft Paulus in één van zijn Brieven. Welnu, het Kruis van Christus deed dat. Aan ons is het om eraan mee te werken.
Zichzelf verloochenen, leidt tot een leven van versterving, vernedering onthechting; niet voor één dag maar elke dag opnieuw. Lucas geeft dat detail: "elke dag opnieuw". Het is dus te verstaan als een voortdurende actie. Ons leven is inderdaad een kruisweg, met vallen en opstaan, met momenten van vreugde en pijn, zoals in elk christelijk leven.
Jezus Kruisdood was een dood die tezelfdertijd een voltooiing was. "Het is volbracht!", zei de Heer aan het kruis. Wat Hij heeft volbracht, was onze verlossing en na Zijn Kruisdood kwam ook het nieuwe leven; de verrijzenis in verheerlijkte toestand. Hij is uit het graf opgestaan en 40 dagen later ten hemel opgeklommen bij Zijn hemelvaart. Ook voor ons is het sterven, een sterven op het kruis in geestelijke zin. Na een leven van onthechting en strijd tegen onze begeerten en tegen de wereld, na dit leven komt de dood en het oordeel. Dan zullen wij, die ons kruis hebben gedragen elke dag en Jezus zijn gevolgd, wij die in Zijn voetsporen zijn getreden om Hem te volgen, welnu, wij zullen Hem ook volgen en Hem achterna gaan in de eeuwige zaligheid van de hemel.
"Wij zullen ons leven redden, als we het verliezen", zegt de Heer Jezus. Als je jezelf verloochent en je kruis opneemt en je leven opoffert voor God en de Kerk, dan zul je eeuwig leven vinden hierna. Gelooft in de Heer, want Hij is Zijn geloften getrouw.
We zullen dus "verrijzen": dit is de "eerste verrijzenis" (cfr. Apoc. 20). Dit is het verder leven van de ziel bij God n afwachting van de "tweede verrijzenis", dit is de lichamelijke verrijzenis op het einde van de wereld en bij de glorievolle wederkomst van Jezus bij het Laatste Oordeel.
Wanneer de Messias in glorie wederkomt zal Hij al Zijn uitverkorenen verzamelen, maar de bozen zal Hij straffen met het eeuwige vuur van de hel. Ieder zal vergelding vinden naar zijn daden (dit zijn de "werken" cfr. Matth. 16,27).
Dat staat dus in de context van de Navolging van Jezus: zichzelf verloochenen, zijn kruis opnemen, zich onthechten van al die ongeregelde liefdes (we lopen van alles achterna, het geld of een idool, dingen of personen die ons van God wegtrekken ). Dat is een noodzakelijke voorwaarde om het Rijk der Hemelen binnen te gaan. Het is een noodzakelijke voorwaarde om Jezus te kunnen volgen hier op aarde, om Hem te kunnen volgen in de eeuwige zaligheid van de hemel.
De Brief van de Heilige Jacobus.
E.H. P. van de Kerckhove.
1,1a. Jacobus stelt zich voor als "dienstknecht van God en van de Heer Jezus Christus" (1,1a). Volgens Origenes is deze Jacobus de "Broeder des Heren". Galaten 1,19 noemt Jacobus, "Broeder des Heren", een apostel. Het is dezelfde als Jacobus de Mindere (Marc. 15,40). Matheus 13,53 geeft de namen van de vier broers van de Heer Jezus: Jacobus, Jozef, Simon en Judas. We bezitten ook de brief van Judas waarin de auteur zich "broer van Jacobus noemt. Deze Jacobus bleef in Jeruzalem als familie van de Heer om de Kerk in Jeruzalem te besturen bij afwezigheid van Petrus. Hij zal ook als martelaar sterven. Hij sprak het volk toe van op de tempel, maar werd door de Joden naar beneden gegooid en dan afgemaakt met stenen (Flavius Jozefus, Ant. 20). Over de dood van Jacobus in 62 na Christus vinden we details bij Eusebius die citeert uit Hegesippus en Clemens van Alexandrië (H. E. II, 23). Eusebius twijfelt echter aan de authenticiteit van het epistel van Jacobus.
Er wordt aan Jacobus ook een apocrief evangelie toegeschreven dat vele details over bevat over de geboorte en de kindsheid van Maria en Jezus. Dit proto-evangelie van Jacobus werd oorspronkelijk geschreven in 150 na Christus.
1,1b. Jacobus schreef zijn brief aan "de twaalf stammen in de verstrooiing", d.i. de Joodse bekeerlingen van de diaspora. Wat moeten we hier verstaan onder "diaspora"? De term "diaspora" duidt zowel het volk zelf aan dat verstrooid leefde, als de geografische regios waarin het volk leefde, in casu Syrië, Cilicië en Galatië.
De authenticiteit van de Jacobusbrief: wordt aanvaardt door o.a. Hengel (cfr. Tradition and Interpretation in the N.T., 1987, pp. 248-270); andere exegeten beschouwen Jacobus als pseudoniem van een latere auteur (o.a. Bauer, Dibelius, ).
Datering: de brief dateert m.i. van na Paulus eerste missiereis (anno 45-48 Hand. 13-14). Maar volgens Mayor J.B. dateert de brief nog van voor het eerste apostelconcilie (zie mijn Evangelie in Actie, h. VI). Persoonlijk denk ik dat Jacobus een jaar na de Galatenbrief van Paulus schreef. Aanleiding was het feit dat enkele Joodse tegenstrevers van Paulus hun beklag kwamen doen in Jeruzalem zeggende dat Paulus te ver ging in zijn rechtvaardigingsleer door het geloof, zonder de werken van de Wet (bv. Abraham). Jacobus brief was een reactie naar aanleiding van bepaalde misverstanden, die gerezen waren na Paulus Galatenbrief en om de tegenstrevers van Paulus in toom te houden. Jacobus vermeldt Paulus nergens in zijn brief en er was ook geen conflict tussen beiden. Beiden hielden zich aan de conciliebesluiten, maar Jacobus preciseert dat het geloof zich moeten uiten in DADEN.
"Aan de twaalf stammen in de verstrooiing". Twaalf stammen is een aanduiding voor het volk van Israël (Exod. 24; Ezech. 47; enz.), maar ook voor het nieuwe Israël van de Kerk (Apoc. 7, 5-8). De verstrooiing is een aanduiding voor het verstrooide volk, alsmede voor de territoria waarin het volk verstrooid was in ruime of beperkte geografische zin (Syrië met hoofdstad Antiochië cfr. 1 Petr. 1,1). Van de diasporajoden verbleven er velen in Jeruzalem tijdens de belangrijke feesten (Pinksteren, Pasen, enz.). Bij het eerste Pinksterfeest (in het jaar 30) hadden zich al 3000 Joden bekeerd en die waren nadien teruggekeerd naar hun respectieve landen van herkomst.
1, 2-27: Een reeks van morele vermaningen.
1, 2-8: Gelukkig bent u als u beproefd wordt in uw geloof. Daardoor wordt u standvastig en zo wordt u volmaakt in uw geloof.
Het belang van standvastigheid (Gr. hupomonè), volharding wordt ook in de Evangeliën onderstreept. Zo zegt de Heer Jezus dat het zaad dat in de goede aarde valt vele vruchten voortbrengt door volharding. Door standvastigheid zult ge uw ziel redden. Eindvolharding is een noodzakelijke deugd ter zaligheid van de ziel. De beproeving van het geloof leidt tot standvastigheid. Het geloof wordt erdoor tot volmaaktheid gebracht.
Ik wil twee grote theologische themas met u bespreken. De rest van de brief zijn eigenlijk morele vermaningen.
1, 12-15: Eerste belangrijk theologisch thema.
"Gelukkig de mens die standhoudt in de beproeving. Hij heeft de toets doorstaan, dan zal hij de zegekrans van het leven ontvangen die God beloofd heeft aan wie Hem liefhebben. Wie beproefd wordt, mag niet zeggen: Ik word door God beproefd. God, Die niet door het kwaad wordt beproefd, beproeft Zelf ook niemand. Wordt iemand beproefd, dan is het door zijn eigen begeerte die hem lokt en meetrekt. Daarna, als de begeerte bevrucht is, baart ze zonde en de zonde, eenmaal volgroeid, baart de dood."
De begeerte leeft in het hart van de mens. Het is de begeerte tot onkuisheid, of tot haat, of tot diefstal, of tot leugen. Zonden ontstaan in de gedachten van de mens (Marc. 7,21). De zondige begeerte, die in ons is, is op zichzelf geen zonde als we ertegen strijden natuurlijk, maar het wordt zonde als we vrijwillig erop ingaan. Uit het hart van de mens komen slechte gedachten, ontucht, diefstal, moord, echtbreuk, gierigheid, hoogmoed, lichtzinnigheid al deze dingen bezoedelen de mens. Maar met ongewassen handen eten, verontreinigt de mens niet. De rituele reinigingsvoorschriften van de Farizeeën kunnen de mens niet reinigen van zonde, maar wel de innerlijke gerechtigheid die Jezus Christus ons geeft met Zijn heiligmakende genade, die kan ons reinigen van zonde.
1,13: God beproeft Zelf ook niemand.
God is puur Licht van Goedheid en Waarheid. Er is bij God geen donkere plek van zonde of zondige begeerte. God wordt Zelf niet door het kwaad beproefd en Zelf beproeft God ook niemand tot kwaad doen. God test wel onze deugdzaamheid, maar Hij bekoort ons niet tot het kwade. God test ons (Gr. peirazein)!
1. Testen, beproeven in de zin van testen van de deugdzaamheid. God zal niet toelaten dat u boven uw krachten beproefd wordt (1 Kor. 10,13).
2. Bekoren, verleiden tot kwaad doet God zeker niet (Gal. 6,1; Jac. 1,13).
De duivel wordt "verleider" genoemd (Mat. 4,3). In de bede van het "Onze Vader" betekent het "leidt ons niet bekoring", "onderwerp ons niet aan de bekoring tot iets kwaads". Men vraagt aan God de kracht om niet te vallen in de bekoring tot zonde. Deze interpretatie past ook bij de andere passage waar Jezus zegt: "Bid opdat je niet op de bekoring ingaat" (Mat. 26,41).
1,14: Jacobus zegt: "Wordt iemand beproefd (in de zin van bekoord tot het kwaad), dan is het door zijn eigen begeerte".
Zucht naar geld en plezier komt voort uit onze eigen begeerlijkheid, drift van de menselijke natuur die door de erfzonde is aangetast. (Gr. epithumia, betekent: begeerte, verlangen, ook seksueel!, ook in de zin van lust). Zo verbiedt de Bijbel andermans vrouw te begeren. Het woord heeft vaak een negatieve bijklank (cfr. Gal. 5,24; 1 Petr. 1,14; Jac. 1,14; ). Maar het kan het verlangen naar iets goeds betekenen (Fil. 1,23); ook de neiging van een man naar zijn vrouw en vice versa is iets goeds, objectief bekeken. Het wordt moreel slecht zo het motief van handelen verkeerd is.
1,15: "De begeerte baart de zonde en de zonde, eenmaal voltooid, baart de dood".
De zonde die voltooid is (Gr. apoteieô = voltooien): men kan zelfs in zijn hart de daad voltrekken, zodat het toch een zonde is!
Wie een vrouw aanziet om haar te begeren, heeft in zijn hart reeds echtbreuk met haar gepleegd (Mat. 5). Het gaat wel degelijk om een getrouwde vrouw. Een man met een ongetrouwde vrouw gold in het Oude Testament niet als zonde, maar voor de christelijke moraal, is dit wel zo. De christelijke moraal verbiedt elke vorm van seksualiteit buiten het huwelijk.
Hoofdstuk 1 bevat verder nog morele vermaningen:
- Wees vlug in het luisteren, maar traag in het spreken.
- Wees zachtmoedig.
- Luister niet alleen naar het Woord, maar handel ook ernaar (dit is belangrijk voor het tweede grote theologische thema in hoofdstuk twee).
- Beteugel uw tong.
- Discrimineer niet de armen onder u. De armen zijn uitgekozen om rijk te zijn in geloof. Dat is vaak zo: arme mensen zijn vaker dieper gelovig dan rijke. Uitzonderingen zijn er altijd natuurlijk.
- Vervul de Koninklijke Wet = de Evangeliewet van de naastenliefde.
- Onderhoud de Wet. (In de Jacobusbrief is dat de Tien Geboden en de bovenvermelde wet van de naastenliefde; ook de wet van de zaligsprekingen. Dat is de nieuwe wet van het Nieuwe Verbond die heeft afgekondigd in de Bergrede.
Dan komt in hoofdstuk twee het tweede grote theologische thema:
"Gerechtigheid komt door de werken. Geloof zonder de werken is dood".
Dit is de centrale theologische passage van de Jacobusbrief 2, 14-26.
2, 14-26: "Wat baat het de mens te beweren dat hij geloof heeft, als hij geen daden kan laten zien. Kan zo een geloof hem soms redden? Stel dat een broeder of zuster geen kleren heeft en niets om te eten, en iemand van u zou zeggen: Ga in vrede, hou u warm en eet maar goed., zonder hun te geven wat zij nodig hebben, wat heeft dat voor zin? Zo is ook het geloof op zichzelf genomen, als het zich niet uit in daden, dood.
Iemand zal zeggen: U hebt het geloof, maar ik heb de daad. Bewijs me eens dat u geloof hebt als u geen daden kunt tonen. Dan zal ik u uit mijn daden, mijn geloof bewijzen. U gelooft dat er slechts één God is. Uitstekend. Ook de demonen geloven dat en sidderen. Dwaas, wilt u het bewijs dat het geloof zonder de werken waardeloos is? Is onze vader Abraham niet gerechtvaardigd vanwege zijn daden, omdat hij zijn zoon Isaak op het altaar ten offer bracht? Het is duidelijk dat zijn geloof zich in daden uitte en pas door zijn daden volkomen werd. Zo ging het Woord van de Schrift in vervulling dat luidt: Abraham geloofde God en het werd hem als gerechtigheid aangerekend en hij werd Gods vriend genoemd. Het is duidelijk dat een mens door daden wordt gerechtvaardigd en niet alleen door geloof.
Werd ook de hoer Rachab niet gerechtvaardigd vanwege haar daden, omdat zij de spionnen in haar huis opnam en langs een andere weg liet vertrekken? Zoals het lichaam dood is zonder de ziel, zo is het geloof dood zonder daad."
Het geloof zonder de werken is dood! Zo een geloof is nutteloos ter zaligheid. Wat voor nut heeft het te zeggen: "Ik geloof dat onze Heer barmhartigheid wil en dat we onze naaste liefhebben en vergeven " Wat baat het dat te geloven als we er niet naar handelen! Zonder daden is ons geloof nutteloos! Ook de duivels geloven dat Jezus de Zoon van God is. Maar het is tenslotte de duivel die Jezus heeft doen kruisigen en die de Zoon van God heeft doen vermoorden! Als ge gelooft in de Zoon van God maar blijft uw broeder haten en ge blijft slecht doen, en overspel plegen, en liegen en stelen, dan is het alsof ge door uw slechte daden Jezus, de Zoon van God, opnieuw kruisigt. Maar als ge vanuit uw geloof goede daden stelt, dan is dat het bewijs dat uw geloof ook vruchtbaar is, m.a.w. dat het Woord Gods in goede aarde is gevallen, de goede aarde van een goed hart en een vrije wil en een nederig en berouwvol hart. Zo brengt Gods Woord vruchten voort door standvastigheid. Het woord "standvastigheid" staat bij Lucas op het einde van de parabel van de zaaier en is hetzelfde als "volharding".
Het geloof uit zich in daden. Dit zijn de vruchten die men voortbrengt als men het Woord van God hoort en het in een goed hart bewaart en als men alles doet om zich te vrijwaren van de besmetting van de wereld. Ge kunt niet Gods Woord horen en de principes van het Evangelie volgen, en tezelfdertijd luisteren naar de richtlijnen van de communicatiemaatschappij. Als ge gelooft in één God, Schepper van hemel en aarde, kunt ge niet geloven in de grote Architect van de Vrijmetselarij. Ge gelooft dat heeft gesproken door de profeten en door Zijn Zoon en dat Hij mirakels heeft gedaan. Welnu, ge kunt niet tezelfdertijd zeggen dat God Zich niet heeft geopenbaard en dat Jezus geen mirakels heeft gedaan, zoals de modernisten zeggen.
Het geloof wordt dood daden volkomen Zo werd Abraham gerechtvaardigd door het geloof dat volmaakt werd door zijn daden. "De goede aarde", zegt de Heer in de parabel van de zaaier, "zijn zij die het Woord horen en het aanvaarden en het vruchten laten dragen door standvastigheid". Uw geloof wordt beproefd, dus wees standvastig, en duurt de beproeving tot het einde van uw leven, blijf dan standvastig tot het einde toe. De eindvolharding is noodzakelijk ter zaligheid. Ge weet dat de beproeving ophoudt, in het slechtste geval met uw dood. Ge zult zeggen: "Dat is maar een magere troost". Maar een magere troost is ook een troost.
2, 14-17: Geloof zonder daden is doelloos (nutteloos Gr. ti to ofelos: "Wat voor nut is het ). Geloof zonder daden is zonder nut voor de redding en het is ook een zinloos geloof, zonder betekenis voor ons zielenheil. Het is een dood geloof. Geloof zonder de vruchten of de daden is dus dood!
1 Joh. 3, 17-18 zegt hetzelfde: "Hoe kan de liefde blijven in een mens die geld genoeg heeft en toch zijn hart sluit voor de nood van een ander? We moeten niet liefhebben met woorden, maar met daden die waarachtig zijn".
2, 18: Geloof en daden sluiten elkaar in. Ge bewijst maar dat ge geloof hebt door uw daden. Men kan een toepassing maken op wat vele jongelui tegenwoordig zeggen: "Ik geloof, maar ik praktiseer niet." Dat is nu juist wat Jacobus een dood geloof noemt. Als ge zegt: "Ik ben wielrenner, maar ik praktiseer niet.", dan zijt ge een dode wielrenner of ge zijt opgehouden met wielrennen. Als ik zou zeggen: "Ik ben priester, maar ik praktiseer niet.", dan ben ik dood of ik ben opgehouden priester te zijn, wat niet mogelijk is, want ik ben "priester voor eeuwig" (sacerdos in aeternum).
"Christen zijn" is een geloof, maar dat veronderstelt ook een praxis die voortvloeit uit dat geloof en die noodzakelijk is voor onze redding. Als ge christen zijt dan leeft ge toch ook volgens de principes van het Evangelie, in het bijzonder de zaligsprekingen. Deze zijn handelingen, noodzakelijk om het Rijk der Hemelen binnen te gaan.
2, 19-20: U gelooft dat er slechts één God is. Welnu, ook de duivel gelooft dat maar hij aanbidt God niet. Als ge gelooft in één God, aanbidt ge ook één God en niet vele goden.
Het geloof zonder de daden is waardeloos!
Hier volgt het voorbeeld van Abraham, die gerechtvaardigd werd door zijn daden, omdat hij zijn zoon Isaak wilde offeren. Hij volbracht de daad niet in de werkelijkheid, maar in zijn hart was hij bereid tot deze daad. Die innerlijke daad was voor God voldoende om hem te rechtvaardigen. De daden van ons geloof kunnen soms in ons hart gesteld worden, (zoals vergeving, berouw, ), zoals ook zonden eerst innerlijk kunnen voltrokken worden (woede, onkuisheid, ).
Paulus schrijft echter in Romeinen 3,28 dat het geloof rechtvaardigt zonder de werken van de Wet. Is dit niet in strijd met Jacobus? Het is wel opvallend dat Jacobus juist niet verwijst naar de besnijdenis als werk van Abraham, omdat het juist een werk is van de Wet van Mozes. Jacobus zit op dezelfde lijn als Paulus wat betreft de rechtvaardigingsleer en ze zullen trouwens beiden dezelfde leer onderschrijven op het concilie van Jeruzalem. Bij Jacobus gaat om de vruchten van het geloof (werken of daden genoemd). Bij Paulus gaat het om de werken van de Wet (o.a. de besnijdenis). Het geloof in Jezus Christus als Verlosser rechtvaardigt de mens zonder de werken van de Wet van Mozes. Men moet zich niet bekeren tot de Wet of tot het Jodendom om gered te worden. Een dergelijke polemiek is niet aan de orde bij Jacobus zodat ze elkaar niet tegenspreken.
In Gal. 3, 6-12 zegt Paulus dat Abraham gerechtvaardigd werd door het geloof en niet door zijn werken: "Abraham heeft God geloofd en het werd hem als gerechtigheid aangerekend." Het argument van Paulus in Galaten moeten we ook in de context zien van een polemiek tegen judaïsanten. Paulus heeft het in die context over "werken van de Wet van Mozes" en niet over "werken" van naastenliefde. Het is van belang dit te begrijpen opdat men niet Paulus en Jacobus in strijd met elkaar gaat uitleggen, want dat zou een verkeerde interpretatie zijn.
2, 22-23: Het is duidelijk dat Abrahams geloof zich in daden uitte. Het geloof wordt maar volkomen door de DADEN en zo ging ook de Schrift in vervulling die zegt: "Abraham geloofde God en het werd hem als gerechtigheid aangerekend." (Gen. 15,6 in de versie van de LXX). Abraham geloofde God en zijn geloof, dat zich uitte in daden werd hem als gerechtigheid aangerekend. Hetzelfde oudtestamentische citaat wordt door Paulus gebruikt (Rom. 4,3; Gal. 3,6) in een andere context als argument om een andere thesis te bewijzen.
De rechtvaardigingsleer bij Jacobus en Paulus.
Jacobus en Paulus hebben beiden dezelfde rechtvaardigingsleer maar ze belichten andere aspecten van dezelfde leer. Het is een theologische reflectie op dezelfde oudtestamentische tekst van Habacuc ("de rechtvaardige door het geloof zal leven") die in een andere context wordt gebruikt. Bij Paulus is het een polemische context tegen judaïsanten. Bij Jacobus is het een moraliserende vermaning. De mens wordt gerechtvaardigd door het geloof zonder de werken (van de Wet van Mozes) en het geloof zonder de daden (handelingen conform de 10 geboden en de christelijke naastenliefde) is een dood geloof, zijn elkaar aanvullende uitspraken.
Zei de Heer ook niet: "Aan de vruchten kent men de boom."? Uit de daden van de mens kent men zijn geloof. Men kan dit ook toepassen op het gebied van de liturgie. Aan de liturgische uitdrukking, ken je het geloof, de manier van liturgie vieren, zegt ook veel over het geloof dat men heeft.
Over de verhouding van de werken t.o.v. het geloof maakt de volgende vergelijking veel duidelijk: een blinde man alleen ziet de weg niet. Zo is ook het geloof alleen waardeloos voor het heil. Maar met een blindengeleidehond vindt de blinde wel zijn weg. Zo zijn ook de werken noodzakelijk voor het heil. De werken vervolledigen het geloof. Het werk kan reeds in het hart (het verlangen) van de mens volbracht worden, zoals het offer van Abraham. Als Genesis 15,6 zegt dat Abraham gerechtvaardigd werd door het geloof (in de Belofte van een zoon) dan is dat door een werkzaam geloof, niet door een dood geloof. "Weest geen hoorders alleen, maar ook volbrengers.", zegt Jacobus (1,22). Men wordt dus gerechtvaardigd, niet alleen door het geloof, maar door het volbrengen van de daden die ons geloof ons oplegt.
Het argument van Abraham wordt bij Jacobus en Paulus op een andere manier gebruikt. Het geloof in de belofte (van de geboorte van zijn zoon Izaak), rechtvaardigde Abraham (Gen. 15). Paulus gebruikt dit argument voor zijn thesis van de rechtvaardiging door het geloof, zonder de werken van de Wet, want toen Abraham werd gerechtvaardigd, was er nog geen wet van Mozes. Jacobus stelt dat het offeren van Isaak een daad was die Abraham rechtvaardigde, want het geloof dat rechtvaardigt, is juist een geloof dat zich uit in daden. Zonder daden is het een dood geloof. Dus concludeert Jacobus: "Eigenlijk zijn het de daden die de mens rechtvaardigen en niet het geloof zonder de daden."
Het gaat hierbij uiteraard om mensen die daden kunnen stellen vanuit hun geloof, want u zal opwerpen: "Wat te denken van babys die gedoopt zijn en geen daden kunnen stellen." Uiteraard zijn die ook gered! Deze kwestie wordt hier niet behandeld in de Brieven en men moet deze kwestie er ook niet bij betrekken.
Het geloof van Abraham was in ieder geval een geloof dat werkte door de liefde (Gal. 5,6; 1 Kor. 13,4). Zodoende is Jacobus 2, 14-26 geen argument tegen Paulus rechtvaardigingsleer. Hoogstens kan Jacobus gereageerd hebben tegen enkele misverstanden die voortvloeiden uit Paulus zin: " zonder de werken is de mens gerechtvaardigd". E. Lohse schrijft in "Glaube und Werk" (pag. 7): "Daher läst sich höchstens annehmen, Jakobus könnte gewisse missverstandene Pauluslosungen im Auge haben, die dann in den Formeln xôrus tôn ergôn" (unter Fortlassung des Begriffes nomou"), ek pistreôsmonon", - sowie der Erwähnung der rettenden Kraft des Glaubens ihren Ausdruck gefunden hätten Keinesfalls aber haben wir mit einer frisch angreifenden Polemik gegen die Predigt des Paulus zu tun." Er is dus geen contradictie met Paulus, eerder een nuancering door Jacobus.
Deze rechtvaardigingsleer is geen uitvinding van de vroege Kerk, noch van Paulus, maar is van Jezus Christus zelf afkomstig en komt in zijn elementaire vorm reeds voor in het Evangelie (o.a. de parabel van de Farizeeër en de tollenaar). Niet de Farizeeër was gered (d.i. gereinigd van zonde) door de vervulling van de voorschriften van de Wet van Mozes. Vooral de farizeïsche hoogmoed wordt aan de kaak gesteld. Maar de tollenaar ging gerechtvaardigd heen want hij toonde berouw over zijn zonden en drukte zijn spijt uit. Dat was een "werk", een "daad" die voortkwam uit zijn geloof waardoor hij gerechtvaardigd werd. Ons eerste "werk" is dus nederig zijn en berouw hebben over onze zonden.
Verder onderstreepte de Heer Jezus ook de noodzaak van de vruchten voor diegenen die het Woord van God horen (cfr. parabel van de zaaier, de vijgenboom). Het volstaat niet het Woord te horen, men moet ook de Wil volbrengen van de hemelse Vader. "Niet hij die zegt: Heer!, Heer!, gaat binnen in de hemel, maar wel hij die de wil doet van Mijn Vader. "
2, 24 Conclusie: Het is duidelijk dat de mens door daden wordt gerechtvaardigd en niet alleen door het geloof. (Luther ging zo ver dat hij de Jacobusbrief verwierp omdat hij vindt dat dit totaal in strijd is met Paulus).
Een ander voorbeeld (2, 25-26) is de hoer Rachab. Zij werd gerechtvaardigd (niet omdat ze een hoer was uiteraard!) maar omdat ze spionnen in haar huis opnam en langs een andere weg liet vertrekken.
Zo is ook het lichaamdood zonder de ziel en zo is ook het geloof dood zonder de werken. Zo is ook de blinde hulpeloos zonder blindengeleidehond die hem de weg naar de hemel toont. Het is toch die weg die we willen gaan en de hemel die we willen bereiken als loon voor onze goede werken, vooral werken van naastenliefde en barmhartigheid.
De hoofdstukken 3-4-5 van de Jacobusbrief bevatten verdere morele vermaningen.
H3. Houd uw tong in toom. Uw tong is zoals het roer van een schip (3,4-5). De tong kan het hele lichaam bezoedelen. "De tong kan geen mens temmen. Dat rusteloos kwaad vol dodelijk vergif" (Gr. ios = vergif). Het woord wordt ook gebruikt voor "vrouwelijke verleiding". Het vergif van de lippen is ook iets typisch vrouwelijk. Het leidt tot geweld. Mannen vermoorden elkaar erom. Kijk maar de hele geschiedenis door. Gewoon belachelijk! Er zijn ook vrouwen die vechten over een man.
Wees niet jaloers, eerzuchtig en niet grootsprakerig.
H4. Hartstochten leiden tot vechtpartijen. Ge begeert geld, seks, macht. Ge begeert wat ge niet hebt en ge zet uw zinnen op wat ge toch niet kunt krijgen. Ge zijt jaloers op wat een ander heeft en gij niet hebt. Jaloezie is de wortel van alle kwaad. Er worden moorden voor begaan. Moord uit jaloezie kwam ook in de tijd van Jacobus voor en reeds veel vroeger (cfr. Kaïn en Abel). Jaloezie is een vreselijke ziekte. Jaloerse mensen zijn diep ongelukkige mensen. Mensen die niets verlangen zijn ook mensen die met weinig tevreden zijn. Dat zijn gelukkige mensen en die doen een ander ook geen kwaad, maar die leven in vrede met God, met de naaste en met zichzelf. Satan was jaloers op het paradijselijke geluk van Adam en Eva en hij bracht Adam ten val via Eva en haar verleidingskunst met haar appel
Ge kunt niet God dienen en de wereld. Vriendschap met de wereld is vijandschap met God. Ge kunt geen vriend zijn van God en tegelijkertijd vriend van de zondige wereld. Ge moet een keuze maken en de keuze is niet moeilijk.
Bied weerstand aan de duivel en nader tot God.
Erken uw ellende en heb berouw. Verneder u en de Heer zal u verheffen.
Vermijd kwaadsprekerij (achterklap! Dit is een van de 10 geboden).
H5. Verzamel u geen schatten op aarde waar ze verroesten. Uw goud en zilver is verroest. Die roest zal tegen u getuigen.
Doe met uw rijkdommen goede werken, dan zult ge een schat hebben in de hemel (cfr. Jezus).
Heb geduld tot de komst van de Heer (parousia) op het einde van de wereld. De Heer zal komen en oordelen als rechtvaardige Rechter en eerherstel brengen aan alle kleine, verdrukte mensen. Houd stand zoals Job en de profeten die standvastig bleven in hun vertrouwen.
Leg geen eed af (cfr. het Evangelie). Zweer niet bij hemel of aarde.
H5, 14-15: Er is hier in H5 een passage over ZIEKENZALVING.
De ziekenzalving met olie werd reeds werd reeds in het Evangelie tijdens Jezus leven toegepast door de apostelen en waarschijnlijk gaat de praktijk terug op een instelling door Jezus Christus zelf! Het sacrament van het H. Oliesel is geen uitvinding van de Kerk, zoals evenmin het doopsel is uitgevonden door de Kerk. Jezus stuurde Zijn apostelen uit om te dopen en ook om de zieken te zalven met olie (Marc. 6, 12-13; Mat. en Luc. Vermelden wel het genezen van zieken, maar niet de zalving met olie). Er is een precedent voor de ziekenzalving met olie in de brief van Jacobus. Ziekenzalving met olie gebeurde door de apostelen op bevel van de Heer volgens Marcus 6. Ook het concilie van Trente verwijst naar Marcus 6 in zijn decreet over het Laatste Oliesel.
De zalving met olie wordt alleen vermeld in het Evangelie van Marcus. Bij Jacobus wordt expliciet gemaakt wat de ziekenzalving met olie aan genade geeft: de ziekenzalving met olie heeft de kracht om te genezen. 1. Om de ziel de dagelijkse zonden te vergeven. 2. Om de gezondheid van het lichaam terug te vinden.
H5, 14-15: "Is iemand van u ziek, laat hij dan de oudsten van de gemeente roepen. Zij moeten een gebed over hem uitspreken en hem met olie zalven in de Naam van de Heer. En het gelovige gebed zal de zieke redden en de Heer zal hem oprichten. En als hij zonden heeft begaan, zal het hem vergeven worden."
Dit is een sacrale tekst over het Laatste Oliesel, maar de protestanten betwisten dit.
De presbyters (letterlijk oudsten) worden geroepen om de zieke te zalven. Deze presbyters waren ook echte priesters, christelijke priesters die een heilsfunctie hadden of een heiligingsfunctie (bidden en zalven met olie ) naast een bestuurlijke functie en een leraarsfunctie. Het concilie van Trente (De sacramento extrema unctionis canon 3) definieert i.v.m. de presbyters dat het echte priesters zijn met een wijdingsmacht. Bedienaar van dit sacrament is alleen de priester.
Reeds in de Oudheid kende men het gebruik om de zieke te zalven met olie, om ziekte of pijn te verzachten, ook bij de Joden (zie de parabel van de barmhartige Samaritaan). Bidden over de zieke kwam ook voor bij de Joden. Gebed over de zieken wordt in de rabbijnse literatuur vermeld. Bij Jacobus gaat het om gebed in de Naam van de Heer (Jezus Christus, of Vader, Zoon en H. Geest).
En het gelovige gebed zal de zieke redden (Gr. sôzein, d.i. genezen in fysieke zin, maar ook redden in religieuze zin) en de Heer zal hem oprichten (Gr. egeirein, d.i. doen opstaan in fysieke zin, maar ook in geestelijke zin in de ziel). En als hij zonden heeft begaan, zullen die vergeven worden.
Redden: in fysieke zin: redden van het lichaam (redden uit de dood, redden uit gevaar op zee, redden van ziekte); in geestelijke zin: bevrijden van de ziel van de eeuwige verdoemenis, van Satan en van geestelijke ziekten; ook in morele zin bevrijden van zonde.
Oprichten: in fysieke zin (doen opstaan van doden, genezen van een ziekte, uit slaap ); in morele zin (terug moed geven om beproevingen te doorstaan).
5,19-20: Breng zondaars terug van hun dwaalweg naar de waarheid en zo zult ge diens ziel redden van de dood en ge zult tal van zonden bedekken; d.i. een menigte van zonden zal vergeven worden door de liefde. Liefde bedekte alle zonden. Een zondaar terugbrengen tot de waarheid is een werk van liefde. De persoon die wordt bekeerd, zal gered zijn en zo ook bevrijd van een groot aantal zonden, ook de zonden die hij zou begaan hebben indien hij niet tot inkeer zou gebracht zijn geweest.
Dit is de laatste zin van de brief. Er is geen slot- en geen groetformule zoals ook in sommige Oudtestamentische Wijsheidsgeschriften (o.a. Sirach).
Tot daar deze lezing over de Jacobusbrief met een abrupt einde (het lijkt alsof er een stuk verloren is gegaan). Ik wil eraan toevoegen: volg deze mooie richtlijnen; breng uw broeder terug naar de waarheid en ge zult zijn ziel redden en hem vrijwaren van vele zonden. Wij vragen dit door de Heilige Jacobus. Amen.