For this blog to translate into language of your choice? Select your language below.
2 prachtige pps-jes hierboven van Godelieve en ook Mama rechts heeft ze gemaakt Klik op de banner en bekijk nog veel meer moois op haar blog
Klik op de banner hier beneden en ga eens langs bij Lenie voor nog meer moois Alle Ave Maria pps-jes hierboven zijn van haar
Gastenboek
Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek
Wonder
05-12-2010
AAN ALLE LEZERS VAN DIT BLOG EEN GEZEGENDE ZONDAG.
N. ( M ).
Introibo ad altare Dei.
Introibo ad altare Dei.
Ik zag een beeld van een groot leeg pand met ladders tot aan de zoldering.
Ik zag een beeld van een groot leeg pand met ladders tot aan de zoldering.
Heer, wat wil dit zeggen?. Vroeg ik me af.
En, ik hoorde Hem zeggen dat het lege pand diegenen voorsteld die aan de grond zitten - zowel geestelijk, emotioneel als finantieel, maar de ladders bieden mogelijkheden om er terug bovenop te komen. Geef niet op. Ik baan een weg waar er geen is. Niets is onmogelijk voor Mij. Vertrouw Me, en Ik zal je leiden, zegt de Heer. ( Jess. 35: 4-6 )
N. ( M ).
Kalmeer jezelf en luister naar Mijn stille, zachte stem.
Kalmeer jezelf en luister naar Mijn stille, zachte stem. Als je het geluid van angst en verwarring stil zet, zul je horen en geleid worden door wijsheid van Mijn Geest. Sta sterk in het geloof en weiger om de vijand de overhand te laten nemen in elke situatie. Vecht in de kracht van Mijn Geest om de duivel te verslaan waar je hem ook tegenkomt, zegt de Heer. Ik zal je ertoe leiden dat je als overwinnaar verschijnt. ( Jac. 3:13-18 )
N. ( M ).
NIEUWE BOODSCHAP HILLE KOK.
MÍJN MOEDERHART HUILT
OM DE WERELD
www.volendam-hillekok.nl
Ontvangen 23 november 2010,
s avonds half 11.
Hille Kok
Míjn Kínderen
Míjn Moeder Hárt Huilt
Dóór de Geváárlíjke Beslíssingen!!!
Díe de Mácht Hebbers Zúllen Némen!!!
Hóeveel lééd zal de Wéreld!!
Híerdoor onder gáán!!!
Zovéél tranen zúllen er Vloeíen!!
Béven en Schúdden Zal dé Aarde!!
De Bérgen Zullen Splíjten!!
Dálen Zullen Ónder lopen!!
Hét Wáter zal hier dóór gaan Strómen!!
Zovéél zal er Verníetigd Wórden
Catástrofes en Drámas
Zúllen de Ménsen Overvállen!!
Wéés Voor bereíd Op Wát!!
De Mácht Hebbers Klaar Hébben Stáán!!!
Dé Leíders Zíjn Bezéten!!
En Hándlangers van de Duível!!
Ze Zíjn Bezíg de Wéreld
Ín Hun Mácht te Kríjgen!!!
Zó Ook dé Zíelen te Verníetigen!!
Dóór Vele Sléchte Voor béélden
Díe Ze dé Mensen Aánreiken!!!
Dé Vader Huílt!!
Ik de Móeder Gods Zíet Toe!!
Wát er Allémaal zal gáán Gebeúren!!
De Oórlog Is- Zó Nabij!!!
Dwázen Zíjt Gíj Gewórden!!!
Véle Mensen wórden Slacht Offér!!
Dóór de Rámpen die Zé Veróórzaken!!!
Bídt Toch dé Rozenkrans!!!
Wéés één met Elkáár!!!
En Vráág Hulp áán de Váder!!
Vóór Verzachtíng van de Stráffen!!!
Dé Zuívering zal Héftig Zíjn
Allés zie Ik de Móeder Gods Gebéuren!!
Wéés Op Uw Hóede!!!
Bereíd U vóór op dé Aan vállen!!!
Díe worden Uít Gevoerd op de Pláátsen!!
Díe door Hét Kwaad wórden Uít gezócht!!!
En Gáán ten Stríjde Tegen dé Valse - Léiders!
De Váder Zal óók Hun!!
Díe Zoveel lééd Over dé Aarde Zénden!!!
Láten Líjden en Op Hun Kníeën
Om Vergéving laten Vrágen!!!
Kleín Zullen dé Grote dán Zíjn!!!
Wéés trouw áán Uw Gelóóf!!!
Hét Zal Moeílijk Wórden!!
De Kérken Zúllen Gesloten Wórden!!
De Príesters Raken In Verwárring!!
En Wéten Niet meer wát te dóen!!!
Hét Ene Wáre Geloof IS
Het Róóms Katholíeke Gelóóf!!!
Láát U Níet Misleíden
Blíjf Dícht Bíj de Vader!!!
Dráág Zíjn Blauw-Wítte Liefdes-Kruísje!!!
Hét Zal Úw Rédding Zíjn!!!
Zóvelen Zullen Verlóren Gaan!!
Dóór de Dwázen die Hún Eígen
Gelóven Creëren en Anderen
Er In Méé gaan Némen!!!
Wát n Verdríet Zullen Zíj Ondérgaan!!!
Wát zal dé Wereld Tríest Toch Zíjn!!!
Zó Duíster en Alléén!!!
Blíjf dicht bij dé Vader!!
Dráág Zíjn Líefdes Kruísje!!
Het Geschénk dat U zal Beschérmen!!
Tégen Het Duívelse Kwáád!!
Het Lícht In Hét Heílig Kruísje
Zal Hén doen Schríkken!!
En Zíj zullen van U Wéggaan!!!
Zíj Verdrágen dit Goddelíjk Lícht Níet!!!
Zó Zuíver IS dé Líefde van dé Vader!!!
Ik María vráág U Bídt de Rózenkrans!!!
Gewáárschuwd Zíjn Véle Ménsen!!
Máár Ze nemen Het Níet Aan!!!
Zé Lachen en Spótten ér Méé!!
De Wéreld Staat Op de Ránd
Ván de Afgrónd door Al Het Kwáád!!!
Zovéél Onheil stáát de Wéreld te Wáchten!!
!
Kóm Luíster let op Kijk om U Héén!!
Het Wáter Zal gáán Strómen!!!
En de Huízen zullen Ónder Kómen!!!
Rédt Tóch Uw Zíelen Gá te Bíecht!!!
De Oórlog Is één Zíelen Stríjd!!!
Hét . Zijn de Sátanisten
Díe Géén Chrísten Kínderen van God!!
Om Hun Héén nog Verdrágen!!!
Zé Zullen Hún Komen Verjágen!!!
Of nog Erger Ze Móórden ze Uít!!!
De Róóms Katholíeken
Zíj Zullen Hét Zwaar Nóg Kríjgen!!!
Míjn Droevenis IS Gróót!!
Ik Uw Móeder zal bíj U Zíjn!!
En Stá tussen Míjn Rózenkrans Kínderen!!
De Líefde Zal U allen Omríngen
En Bemínnen
Amen
Hille Kok
www.volendam-hillekok.nl
Paus groet pelgrims uit Medjugorje!
Paus groet pelgrims uit Medjugorje!
www.medjugorje.hr - Op het einde van zijn wekelijkse audiëntie, bij het begroeten van de groepen pelgrims in diverse talen, richtte de Paus zich tot de pelgrims uit Kroatië: "Ik groet alle pelgrims uit Kroatië en in het bijzonder deze uit de Sint-Jacobusparochie van Medjugorje. Uw bedevaart naar Rome maakt deel uit van de voorbereiding op de komst van de Heer. Daarom, wees hoopvolle evangelisten voor de liefde tot God onder uw volk. God zegene u!"
Update: Een blije, glimlachende Paus groet op deze foto de pelgrims uit Medjugorje - Woensdag 1 december 2010 om 12u25.
"Lieve kinderen, vandaag bid Ik hier samen met u opdat u de nodige krachten zou opdoen om uw harten te openen en zich aldus bewust te worden van de krachtige liefde van de lijdende God. Door Zijn liefde, goedheid en zachtmoedig-heid, ben ook Ik met u. Ik nodig u uit, dat deze bijzondere tijd van voorbereiding, een tijd van gebed, boete en bekering zou mogen zijn. Mijn kinderen, u hebt God nodig. U kunt niet vooruit komen zonder Mijn Zoon. Als u dit begrijpt en aanvaardt zal wat u beloofd is, worden verwezenlijkt. Door de Heilige Geest zal het Koninkrijk des Hemelen in uw harten geboren worden. Ik leid u daarheen. Dank u wel!"
DOOPSEL VOOR DE ONGEBOREN KINDEREN.
DOOPSEL VOOR DE ONGEBOREN KINDEREN
Bid eerst de geloofsbelijdenis :
Ik geloof in God, de almachtige Vader,
Schepper van hemel en aarde,
en in Jezus Christus,
Zijn enige Zoon, onze Heer,
die ontvangen is van de Heilige Geest,
geboren uit de maagd Maria.
Die geleden heeft onder Pontius Pilatus,
gekruisigd is, gestorven en begraven,
die nedergedaald is ter helle,
de derde dag verrezen uit de doden.
Die opgevaren is ten hemel
en zit aan de rechterhand van God,
Zijn almachtige Vader.
Van daar zal Hij komen oordelen
de levenden en de doden.
Ik geloof in de Heilige Geest,
de heilige katholieke Kerk,
de gemeenschap van de heiligen,
de vergiffenis van de zonden,
de verrijzenis van het lichaam,
het eeuwig leven. Amen.
Neem gewijd water en sprenkel het (als het kan met een gewijd palmtakje) naar de vier windstreken, terwijl men volgend gebed bidt :
"Allen die deze nacht dood geboren zullen worden en gij allen die vandaag en in de nacht in de moederschoot zult gedood worden, om u de liefde tot de Heer Jezus Christus te laten verwerven, vragen we aan God de Vader u de doopnamen te geven van de Heilige Maagd Maria, de Heilige Jozef, Heilige Johannes, Heilige Jacobus, Heilige Anna, Heilige Joachim, Heilige Elisabeth, Heilige Zacharias, de Heilige engel Michaël, Gabriël, Rafaël, Laetichiel en de heilige die vandaag in de Kerk gevierd wordt ... Ik doop u in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest."
Maak
ook een kruisteken met gewijd water.
Daarna bidt men nog :
- Een Onze Vader
- Een Weesgegroet
- Een Eer aan de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
++++++++++++++++++++++++
Ooit zal men weten, hoeveel kleine zieltjes, dankbaar zijn voor dit geestelijk doopsel. Hoe vurig zal hun voorspraak zijn voor hun weldoeners...!
++++++++++++++++++++++++
UIT EEN ZONDAGSERMOEN ERGENS IN LIMBURG DE 10 GEBODEN.
UIT EEN ZONDAGSERMOEN ERGENS IN LIMBURG
DE 10 GEBODEN
Deze geboden heeft de Heer zelf aan zijn volk geopenbaard. We vinden ze terug in het Oude Testament, in het boek Exodus. Ook in het evangelie is er sprake van die geboden. Een jonge man kwam bij Jezus en vroeg wat hij moest doen om het eeuwig leven te verwerven. Jezus antwoordde hem: "Als gij het eeuwig leven wilt binnengaan, onderhoud dan de geboden".
Deze geboden heeft Jezus samengevat in 2 geboden, namelijk: "Gij zult de Heer uw God beminnen met geheel uw hart, geheel uw ziel en geheel uw verstand". Het tweede, daaraan gelijk: "Gij zult uw naaste beminnen als uzelf."
Als we de 10 geboden nader bekijken, dan vinden we deze in die 2 geboden samengevat. De eerste 3 geboden hebben betrekking op het beminnen van God. Ik noem ze even op: Bovenal bemin één God. Zweer niet ijdel, vloek noch spot. Heilig steeds de dag des Heren.
De andere 7 hebben betrekking op het beminnen van de naaste: Vader, moeder zult gij eren. Dood niet, geef geen ergernis. Doe nooit wat onkuisheid is. Vlucht het stelen en bedriegen. Ook de achterklap en t liegen. Wees steeds kuis in uw gemoed. En begeer nooit iemands goed.
Deze geboden verenigen het gelovige en het sociale leven van de mens. Men kan de naaste niet beminnen, zonder de Schepper te eren, want alle liefde komt van Hem. En men kan God niet liefhebben, zonder de naaste te beminnen, want God is aanwezig in ieder mens. Dit heeft onze huidige paus uitvoerig uitgewerkt in zijn encycliek: Deus Caritas Est.
Deze geboden heeft God niet zomaar gegeven. Hij weet hoe de mens in elkaar zit, Hij heeft de mens immers zelf geschapen. Die geboden zijn er, opdat de mens reeds hier op aarde, gelukkig zou zijn. De heilige Irenéüs zegt: "Vanaf het begin had God de voorschriften van de natuurwet in het hart van de mensen gegrift. Dit waren de 10 geboden".
Wanneer de mensen zich niet houden aan die 10 geboden, dan storten de menselijke relaties in elkaar. We ervaren in onze huidige wereld, dat velen zich afgekeerd hebben van de goddelijke geboden, of minstens van enkele ervan. Met alle gevolgen van dien.
Waarom heeft men moeite om die geboden te aanvaarden? Men beweert dat het onderhouden ervan de vrijheid van de mensen beknot. Niets is minder waar, integendeel, als we de geboden onderhouden dan pas worden we vrij, en leven we reeds hier in een veilige wereld. Dan zal er geen doodslag, geen diefstal, geen leugen, geen overspel meer voortkomen
Onze paus Benedictus XVI verkondigde in één van zijn homilieën: de 10 geboden zijn geen pakket van verbodsborden, maar een levensvisie:
Ja tot het gezin vierde gebod;
ja tot het leven vijfde gebod;
ja tot een verantwoorde liefde zesde gebod;
ja tot solidariteit, tot sociale verantwoordelijkheid, tot gerechtigheid zevende gebod.
Laten we dan ook ja zeggen aan alle geboden, die door God zelf aan ons zijn gegeven, en waar onze Moeder de heilige Kerk ons bij helpt om die te onderhouden. Laten we ons toch niet beetnemen door menselijke overwegingen, waarover Jezus het heeft in het evangelie van vandaag. Hij zegt: "Zij eren Mij, maar zonder zin. Gij laat het gebod van God varen, en houdt vast aan de overlevering van mensen." En wat wordt er heden ten dage aan de mensen overgeleverd?
Volg enkel uw eigen lusten, je leeft maar één keer. En de gevolgen van zon levenswijze zien we: men acht het niet meer nodig om s zondags naar de mis te gaan, één uur per week is teveel gevraagd om God te eren,
huwelijkstrouw is een zeldzaamheid, kindjes worden reeds gedood voordat ze geboren worden, tegennatuurlijke huwelijken, euthanasie, pedofilie, enz enz... enz...
Hieruit kunnen we het besluit formuleren : "Hun hart is ver van de Heer "
Broeders en zusters, laten we de geboden onderhouden met een dankbaar hart, uit liefde tot de Heer en de naaste, en niet zozeer uit verplichting. Als we aan de wijze verlangens van onze Schepper kunnen gehoorzamen, zoals een kind vol liefde naar zijn moeder luistert, dan zal het ons helpen om het beter te begrijpen.
Van een moeder weten we dat ze het beste wil voor haar kinderen, een moeder wil dat haar kinderen echt gelukkig zijn en wil zeker nooit, dat haar kinderen slecht terecht komen. Zo mogen we luisteren naar de uitspraken van God, ons doorgegeven door zijn Kerk. Vanuit zijn vaderlijke bezorgdheid wil Hij, dat we echt gelukkig zouden leven, dat we zouden leven zoals HIJ het bedoeld heeft.
Vragen wij daarom zijn genade om vanuit ons hart zijn wegen te volgen, zodat we eens aankomen in het land, waar Hij op ons wacht. Amen.
DE TIEN GEBODEN VAN GOD
1. Bovenal bemin één God.
2. Zweer niet ijdel, vloek noch spot.
3. Heilig steeds de dag des Heren.
4. Vader, moeder zult gij eren.
5. Dood niet, geef geen ergernis.
6. Doe nooit wat onkuisheid is.
7. Vlucht het stelen en bedriegen.
8. Ook de achterklap en t liegen.
9. Wees steeds kuis in uw gemoed.
10. En begeer nooit iemands goed.
+++++++++++++++++++++
EEN LEVEN NA HET LEVEN?
EEN LEVEN NA HET LEVEN?
Een ongeboren tweeling in gesprek in de schoot van hun moeder:
-
Oef, wat is het hier eng! Ik kan me hier bijna niet meer bewegen. Jij bent te groot geworden.
-
Maar neen! Jij bent het die te groot bent geworden. Ik ben eerder smalletjes!
-
Hou op met mij uit te lachen. Dat dient tot niets!
-
En toch,... wat denk je: waar gaat dit op uitdraaien?
-
Geen idee!
-
Jij gelooft dus niet dat er een leven is na de geboorte?
-
Een leven na de geboorte? Geloof jij daar echt in?
-
Ja zeker! Het is het doel van ons leven hier. We moeten groeien en ons klaar maken om sterk genoeg te zijn voor de bevalling en voor het leven daarna.
-
Ben je gek geworden?! Het is totaal zinloos wat je vertelt over een leven na de geboorte! En hoe zou dat leven er dan uitzien?
-
Dat weet ik niet zo goed, maar in elk geval met veel meer licht dan nu. En misschien zullen we kunnen stappen en eten met de mond, en wat dan nog!
-
Och man, pure gekheid wat je vertelt! Lopen? Maar het loopt helemaal niet. En eten met de mond, wat een raar idee! We worden toch gevoed door de navelstreng en die streng is nu al te kort om er mee te bewegen.
-
Toch zal het mogelijk zijn. Maar anders dan nu.
-
Maar is er al iemand teruggekomen van daar? Niemand! Heb je dit goed begrepen? Na de geboorte eindigt het leven. Daarbij, vind ik dat dit leven hier al pijnlijk en somber genoeg is.
-
Maar we zullen zelfs, al weet ik het ook niet goed hoe, na de geboorte onze eigen moeder zien!
-
Onze moeder? Geloof jij daar ook al in? En waar zou die zijn, onze moeder?
-
Wel hier. Overal om ons heen! Zonder haar zouden we zelfs niet kunnen leven!
-
Bah, ik heb nooit iets gemerkt van een moeder. Dus ze bestaat niet!
-
Toch wel! Soms, heel soms, als we ons heel stil houden, hoor ik zoiets als een stem, waar we niet bij kunnen, maar die ons soms heel nabij is. Ik geloof echt dat we haar eens zullen zien. Och, ik snak ernaar om haar te zien en te kennen!
+++++++++++++++++++++++++++
"Hart van Jezus, hoogste vreugde van alle heiligen!".
"Hart van Jezus, hoogste vreugde van alle heiligen!".
Er ligt een stijgende gradatie in de laatste drie aanroepingen van het H. Hart: van hoop naar vervulling, van verlangen naar verwezenlijking, van de aarde naar de hemel. Na de aanroepingen: "heil van hen die op U hopen" en "hoop van hen die in U sterven", sluiten we met een laatste toewending tot het Hart van Jezus: "hoogste vreugde van alle heiligen". Het is reeds een doorkijk naar het paradijs; het is een vluchtige weergave van het leven in de hemel, een enkel woord dat de oneindige horizon opent naar de eeuwige zaligheid.
Op aarde leeft de leerling van Jezus in de verwachting zich bij zijn Heer te kunnen vervoegen, in het verlangen zijn aangezicht te mogen aanschouwen, in het smartelijk streven om voor altijd bij Hem te zijn. In de hemel echter, eens dat de verwachting voorbij is, is de leerling binnengegaan in de vreugde van zijn Heer: nu aanschouwt hij het aangezicht van de Heer en dat niet slechts één ogenblik, maar hij ziet voor eeuwig de afstraling van het eeuwige Licht; nu leeft hij in Jezus en hetzelfde leven als Jezus. Het hemelse leven is niets anders dan de volmaakte, onvergankelijke en intense vreugde van de liefde van God - Vader, Zoon en H. Geest; het is niets anders dan de totale openbaring van het intieme wezen van Christus, de volle gemeenschap met het leven en de liefde die opwelt uit zijn Hart. In de Hemel zien de heiligen al hun verlangens verwezenlijkt, iedere profetie vervuld, elk verlangen naar geluk bevredigd: zich van alle behoeften voorzien.
Daarom is het Hart van Christus de levensbron van de liefde van de heiligen: in en door Christus worden de gelukzaligen in de hemel bemind door de Vader, die hen met zich verenigd door de band van de H. Geest, de goddelijke Liefde; in en door Christus beminnen zij de Vader en alle mensen, hun broeders, met de liefde van de Geest. Het Hart van Christus is de vitale plaats van de zaligen: de plaats waar zij in liefde verblijven, de plaats van hun eeuwige vreugde zonder einde. De oneindige dorst van liefde, die mysterieuze dorst die God in het menselijk hart heeft gelegd, wordt volledig gelest in het goddelijk Hart van Christus.
Want daar openbaart zich geheel en al de liefde van de Verlosser voor de mensen die nood hebben aan heil; ook de liefde van de Heer voor de leerlingen die dorsten naar de waarheid; daar openbaart zich de liefde van de Vriend die iedere afstand opheft en de dienaars tot vrienden verheft, voor altijd en in alles. Dat intense verlangen, dat zich op aarde uit in de verzuchting: "Kom, Heer Jezus!", wordt in de hemel van persoon tot persoon verwezenlijkt in het stille bezit, in de samenvloeiing van het leven: van Christus in de heiligen, van de heiligen in Christus!
Terwijl wij de blik van onze ziel omhoog richten en opkijken naar degenen die met hun Koningin, de Allerheiligste Maagd, rond Christus zijn geschaard, herhalen wij met een standvastig vertrouwen deze vreugdevolle aanroeping: "Hart van Jezus, hoogste vreugde van alle heiligen, ontferm U over ons!".
"Hart van Jezus, hoop van hen die in U sterven".
"Hart van Jezus, hoop van hen die in U sterven".
Het recente memento van alle gelovige overledenen nodigt ons vandaag uit om in het licht van het geloof en de hoop de dood van de christenen te beschouwen aan de hand van de volgende aanroeping van het H. Hart: "Hart van Jezus, hoop van hen die in U sterven, ontferm U over ons". De dood maakt deel uit van ons mens-zijn; hij is de laatste fase van onze levensgeschiedenis. Het christendom ziet de dood als een doorgang: een doorgang van het geschapen naar het ongeschapen licht, van het tijdelijke naar het eeuwige leven. Als nu het Hart van Christus de bron is waaraan de christen het licht en de kracht put om als kind van God te leven, naar welke andere bron zou hij dan wel gaan om de kracht te vinden te sterven op een wijze die past bij zijn geloof? Wanneer hij "leeft in Christus", kan hij niet anders dan "sterven in Christus". De aanroeping vat in het kort de christelijke ervaring samen bij het sterven: het Hart van Christus, zijn liefde en barmhartigheid zijn een hoop en een zekerheid voor wie sterft in Hem.
Toch moeten we hier even blijven stilstaan en ons de vraag stellen: Wat betekent "sterven in Christus"? "Sterven in Christus", betekent allereerst dat wij het pijnlijke en mysterieuze gebeuren van het sterven zien in het licht van het onderricht van de Zoon van God: wij moeten het zien als het ogenblik van vertrek naar het huis van de Vader; door zelf te sterven is Jezus voor ons een plaats gaan bereiden. Kortom: het betekent geloven dat de dood, ondanks de ontbinding van het lichaam, de voorwaarde is voor leven en overvloedige vruchten.
"Sterven in Christus" wil ook zeggen, dat we op Christus onze hoop stellen en dat we ons totaal overgeven aan Hem door onze bestemming in de handen te leggen van die Broeder, die Vriend, die Goede Herder, van Hem die eveneens al stervend zijn geest legde in de handen van de Vader. "Sterven in Christus" betekent de ogen sluiten voor het licht van deze wereld, maar in vrede, vriendschap en vereniging met Jezus. Want niets, "noch de dood noch het leven..... zal ons kunnen scheiden van de liefde Gods, die is in Christus Jezus onze Heer". In dat laatste ogenblik weet de christen dat het Hart van Jezus groter is dan het zijne, ook al klacht zijn eigen hart hem aan, en dat Hij iedere fout uitwist als hij berouw heeft.
"Sterven in Christus" wil ook zeggen: zich op dat beslissende ogenblik wapenen met de "heilige tekenen" van de "paasdoorgang", namelijk met het "Boetesacrament", dat ons verzoent met de Vader en met geheel de schepping; zo ook met de heilige Teerspijs, Brood van leven en bron van onsterfelijkheid; verder nog met de Ziekenzalving, die kracht geeft aan lichaam en geest voor de allerlaatste strijd.
Tenslotte betekent "sterven in Christus": "sterven als Christus", namelijk al biddend en vergevend, terwijl de heilige Maagd naast ons staat. Als Moeder stond zij onder het kruis van haar Zoon; als Moeder staat zij eveneens aan de zijde van haar stervende kinderen, want door haar liefde heeft zij meegewerkt aan het ter wereld brengen van de gelovigen: zij staat hen bij als een moeder vol medelijden, opdat de stervenden door die doorgang van de dood zouden overgaan naar het leven van de heerlijkheid.
"Hart van Jezus, heil van hen die op U hopen".
"Hart van Jezus, heil van hen die op U hopen".
In de heilige Schrift lezen we steeds weer de bevestiging, dat de Heer een "God is die redt" en dat het heil ons gratis wordt gegeven omwille van zijn liefde en barmhartigheid. De Apostel Paulus bevestigt met stelligheid in een tekst van grote leerstellige betekenis: God "die wil dat alle mensen gered worden en tot de kennis van de waarheid komen". Dat verlangen om het heil te schenken, dat in het verloop van de geschiedenis zo vaak zichtbaar werd in de wonderbare tussenkomsten van God, bereikt zijn hoogtepunt in Jezus van Nazareth, het vlees geworden Woord, Zoon van God en Zoon van Maria. In Hem wordt het woord, dat de Heer richtte tot zijn "Dienaar", volledig vervuld: "Ik stel u aan om een licht voor de volken te zijn: mijn heil moet reiken tot in de uithoeken van de aarde".
Jezus is de openbaring van de heilbrengende liefde van de Vader. Toen Simeon het Kind Jezus in zijn armen nam, riep hij uit: "Mijn ogen hebben thans uw heil aanschouwd". In Jezus werd alles neergelegd betreffende zijn zending als verlosser: zijn naam ("Jezus" betekent "God die redt"), de woorden die Hij spreekt, de daden die Hij stelt. Jezus wist op volmaakte wijze van de zending die de Vader Hem had toevertrouwd: "De Mensenzoon is immers gekomen om te zoeken en te redden wat verloren was". Die werkzaamheid voor het heil van de mens ontspringt uit zijn Hart, d.w.z. uit het diepst van zijn wezen; ze dringt Hem ertoe om, als een zachtmoedig lam, op te gaan naar Calvarië, zijn armen uit te strekken op het kruis en "zijn leven te geven als losprijs voor velen".
Wij kunnen dus onze hoop stellen op het Hart van Christus. Dat Hart, zegt de aanroeping, is het heil "voor wie in Hem geloven". De Heer die op de vooravond van zijn lijden aan de Apostelen vroeg vertrouwen te hebben in Hem: "Laat uw hart niet verontrust worden. Gij gelooft in God, gelooft ook in Mij", vraagt vandaag aan ons volledig vertrouwen te stellen in Hem. Hij vraagt het ons, omdat Hij ons liefheeft; want omwille van ons heil heeft Hij zijn Hart laten doorboren, werden zijn voeten en handen vastgenageld. Wie in Christus gelooft, gelooft in zijn liefde, krijgt opnieuw de ervaring van Maria Magdalena, waar de paasliturgie ons over spreekt: "Mijn hoop, mijn Christus is verrezen". Laten we dus onze toevlucht nemen tot het Hart van Jezus! Zijn woord voor ons is eeuwig; Hij bemint ons met een oneindige liefde, met een vriendschap die nimmer faalt; Hij is altijd bij ons.
Dat de zalige Maagd, "die het Woord van God heeft opgenomen en het in haar maagdelijke schoot heeft mogen ontvangen", ons toont hoe wij heel ons vertrouwen kunnen stellen in het Hart van haar Zoon, en dat met een zekerheid die niet zal teleurgesteld worden.
"Hart van Jezus, slachtoffer voor de zondaars".
"Hart van Jezus, slachtoffer voor de zondaars".
Die aanroeping van het H. Hart herinnert ons eraan, dat Jezus - volgens het woord van de Apostel Paulus - overgeleverd is "voor onze zonden"; hoewel Hij geen zonde heeft gedaan, heeft God "Hem voor ons tot zonde gemaakt". Het gewicht van de zonden van de wereld weegt zeer zwaar op het Hart van Jezus. In Hem werd op een volmaakte wijze het beeld van het "paaslam" werkelijkheid, het aan God geofferde offerlam, opdat door het teken van zijn bloed de eerstgeborenen van de Joden zouden gespaard blijven. Zo herkent Johannes de Doper het ware "Lam Gods": het onbekende Lam dat de zonde van de wereld op zich had genomen om ze onder te dompelen in het heilzame water van de Jordaan; het zachtmoedige Lam "dat ter slachting wordt geleid; zoals een schaap dat stom is voor zijn scheerders", want zijn goddelijk stilzwijgen stond tegenover de trots van de vijanden. Jezus is een vrijwillig slachtoffer, want Hij heeft zich overgeleverd "aan zijn vrijwillig lijden", als zoenoffer voor de zonden van de mensen, die Hij in het vuur van zijn liefde heeft verteerd.
Jezus is een eeuwig slachtoffer. Verrezen uit de dood en verheerlijkt aan de rechterhand van de Vader, bewaart Hij in zijn onsterfelijk lichaam de wondetekenen aan zijn handen en voeten en aan zijn doorstoken zijde; Hij toont ze aan de Vader in zijn voortdurend gebed tot bemiddeling voor ons. De prachtige strofe uit de Paasmis herinnert ons aan dat feit van ons geloof en spoort ons aan: - "Christenen, offert lofgezangen aan het geofferde Paaslam. Lam dat vrijkocht de schapen, Christus die in zijn onschuld schuldigen verzoende met de Vader". En de prefatie tijdens dezelfde plechtige Mis verkondigt: - Christus is "het ware Lam dat de zonden van de wereld heeft weggenomen; Hij heeft door te sterven de dood vernietigd, en door te verrijzen ons het leven weergegeven".
We hebben het Hart van Jezus beschouwd, het slachtoffer voor onze zonden; maar eerder dan wij, en dieper dan wij allen, heeft de lijdende Moeder Hem aanschouwd. De liturgie zegt ons hierover: "Zij zag Jezus / voor de zonden van zijn volk bedekt met wonden / van de wrede geseling". Laten wij bij het naderen van de liturgische herinneringen aan de Moeder van Smarten, onze gedachten richten op die onverschrokken aanwezigheid van de Madonna onder het Kruis op Calvarië, en tevens met immense erkentelijkheid denken aan het ogenblik dat de stervende Christus, slachtoffer van de zonde van de wereld, haar als Moeder aan ons heeft gegeven: "Ziedaar, uw Moeder".
Wij vertrouwen onze smeekbede toe aan Maria, terwijl wij tot haar Zoon Jezus zeggen: Hart van Jezus, slachtoffer voor onze zonden, aanvaard onze lofprijzing, onze eeuwige dankbaarheid, ons waarachtig berouw. Ontferm U over ons, vandaag en altijd. Amen.
VERVOLG OPENBARINGEN VAN DE H. BRIGITTA VAN ZWEDEN.
ROME VROEGER EN NU.
DERDE BOEK, KAP. 27.
O, Maria, hoewel ik vertoornd geweest ben, roep ik u te hulp, en ik smeek u, dat gij u verwaardigt te bidden voor deze verheven en heilige stad Rome. Ik zie met mijn oogen, dat sommige Kerken, waarin de beenderen der heiligen rusten, vernield zijn. Eenige daarvan zijn wel is waar in gebruik, maar het hart van hare voorgangers en hun zeden zijn ver van God. Verschaf en geef hun liefde. Want ik heb gehoord, dat er geschreven staat, dat er voor iederen dag van het jaar zeven duizend martelaren hier in Rome geteld worden. Hoewel de zielen voorzeker niet minder eer in het hemelrijk genieten al worden hun beenderen op aarde ook geminacht, toch bid ik u dat uw heiligen en hun relikwieën meer eer bewezen worden op aarde, opdat de heiligenvereering van het volk grooter worde.
Gods moeder antwoordde: Indien iemand afbakende honderd voet aarde in de lengte en evenveel in de breedte en die vol zaaide met zuivere tarwe, zoo dicht, dat er geen afstand was tusschen het eene zaadje en het andere, maar dat zij éen lichaam vormde en ieder zaadje honderdvoudig vrucht droeg, dan waren er toch nog meer martelaars en geloovigen in Rome van den tijd af, toen Petrus ootmoedig naar Rome kwam, tot Celestinus afstand deed van den pauselijken zetel en naar de eenzaamheid terugkeerde. Maar ik spreek van de martelaars en geloovigen, die rechtvaardig en waarachtig geloof predikten tegenover ongeloof, ootmoed tegenover trots en stierven voor de waarheid van het geloof, of bereid waren daarvoor te sterven.
Maar Petrus en vele anderen waren zoo warm en vurig om Gods woord te verkondigen, dat zij het gaarne gedaan zouden hebben, indien zij hadden kunnen sterven voor ieder mensch afzonderlijk. Toch waren zij zeer bevreesd, dat zij aan den blik onttrokken zouden worden, van hen die zij opwekten door preeken en vertroostende woorden. Want zij dachten meer aan het welzijn dier zielen dan aan zich zelf en aan hun eigen eer. Zij waren ook voorzichtig, en daarom werkten zij in het geheim, in den tijd toen er openlijk haat heerschte van de heidenen tegenover de christenen, opdat zij aldus meerdere zielen voor God zouden winnen.
Niet allen tusschen Petrus en Celestinus waren goed, zoo min als allen slecht waren, maar sommigen waren beter, anderen best. De eersten dachten aldus: Wij gelooven alles wat de heilige kerk voorhoudt. Wij willen niemand bedriegen, allen dat wat onrechtvaardig verkregen is weergeven.
In den tijd toen Rome gegrondvest werd, waren er ook lieden, die dachten volgens hun geloof: Wij begrijpen en weten door al het geschapene, dat God de Schepper is aller dingen. Hem willen wij boven alles liefhebben. Velen dachten ook: Wij hoorden van de joden, dat de ware God zich aan hen geopenbaard heeft door vele wonderen. En daarom, indien wij wisten aan welken wij ons hechten zouden, deden wij het gaarne. En Petrus kwam op bepaalden tijd naar Rome en verlichtte zulke personen en leerde hun hoogere dingen en kennis van God.
Zoodat sommigen het ware geloof aannamen maar in echtelijke gemeenschap bleven volgens wettelijke regeling. Anderen schonken hun bezittingen weg uit liefde voor God en toonden anderen een voorbeeld door goede levenswijze in woord en daad en hadden God lief boven alles. Weer anderen eindelijk waren er die hun lichaam overgaven om gepijnigd te worden ter wille van God. Maar tracht eens na te gaan hoe gloeiend nu de liefde voor God is! Zoek onder ridders en leeraars, zoek onder hen die rein leven, wie van hen de wereld zou verlaten en versmaden! Zeer zeker zal zeer zelden zoo iemand aangetroffen worden.
Er is geen harder leven dan het leven der ridders, indien zij hun ware bestemming getrouw blijven. Want aan de monniken is voorgeschreven dat zij een pij moeten dragen, maar aan de ridders iets wat veel zwaarder is, namelijk een maliënkolder, of harnas. Indien het den monnik zwaar valt te strijden tegen den lust des vleesches, zwaarder is het voor den ridder zich tevens onder gewapende vijanden te begraven.
Indien den monnik een hard bed bereid wordt, zwaarder is het voor den ridder om in de wapens te rusten. Indien de monnik geplaagd en gepijnigd wordt door onthouding, zwaarder is het voor den ridder geplaagd te worden door voortdurend levensgevaar en angst. Want de christelijke ridderschap werd niet ingesteld ter wille van wereldsche bezittingen en hebzucht, maar om de waarheid te verdedigen en het ware geloof te verbreiden. Maar nu hebben allen de goede en lofwaardige bestemming van hun stand verlaten, want liefde voor God is veranderd in liefde voors werelds lusten. En bood men iemand goud aan, liever verzwegen de meesten de waarheid, dan dat zij het goud zouden willen missen.
Nu spreekt Gods bruid zeggend: Ik zag verder vele tuinen op aarde en zag rozen en lelies in de tuinen. En op een groote uitgestrektheid van de aarde zag ik een akker, honderd voet in de lengte en evenveel in de breedte en op iederen voet zeven tarwekorrels gezaaid, en iedere korrel gaf honderdvoudig vrucht. Daarop hoorde ik een stem, zeggende: O, Rome, Rome, uw muren zijn vernield en omvergeworpen. Daardoor zijn uw poorten zonder verdediging, daardoor worden uw heilige vaten verkocht, daardoor zijn uw altaren vernield, en stijgt geen zoete lucht op uit het Heilige der Heiligen.
En terstond daarop verscheen Gods zoon en zeide: Ik zal u zeggen wat dit beduidt. De aarde, die gij zaagt, beteekent iedere plaats waar nu christelijk geloof is. De tuinen beteekenen de plaatsen, waar de heiligen hun kronen wonnen. Evenwel leefden er velen van Gods uitverkorenen, zoowel onder de heidenen als in Jeruzalem en op andere plaatsen, die u nog niet getoond zijn. Een akker, honderd voet in lengte en breedte, beteekent Rome, want indien alle tuinen van de heele wereld vereenigd waren en vergeleken met Rome, voorzeker zou Rome even groot zijn wat de martelaars aangaat, die lichaamspijnen leden, omdat die stad uitverkoren is door Gods liefde. En de tarwe, die gij op iederen voet zaagt, beteekent hen die door vleeschlijke onthouding en berouw en rein leven het hemelrijk binnen gingen. En de rozen beteekenen de martelaars, die vele plaatsen rood gekleurd hebben door het vergieten van hun bloed. De lelies zijn de leeraars, die het heilig geloof predikten en bekrachtigden met woord en daad.
En nu moet ik over Rome spreken, zooals de profeet over Jeruzalem sprak, zeggende: Vroeger woonde er rechtvaardigheid, en waren haar vorsten, vorsten des vredes. Maar nu is de stad veranderd in een vuilnishoop. O, Rome, indien gij uwe dagen wist en kende, dan zoudt gij weenen en u niet verblijden. Voorwaar in vroegere dagen war Rome als linnen, versierd met de schoonste kleuren, van den fijnsten draad geweven. De aarde was rood geverfd door het bloed der heiligen, en vermengd met de beenderen der heiligen. Maar nu zijn haar poorten vernield, want haar verdedigers en beschermers zijn in zonde vervallen.
De muren zijn omvergeworpen en worden niet verdedigd, want het verlies der zielen wordt niet geteld, maar het priesterschap en het volk dat Gods muren zijn, wordt vernield en in het rond verspreid door den wil des vleesches in te volgen en daaraan te voldoen. Gods heilige vaten worden schandelijk verkocht, want Gods sacramenten worden uitgedeeld voor geld en om in de gunst der menschen te komen.
De altern zijn vernield, want wie het ambt uitoefent met de heilige vaten, diens handeln zijn leeg aan liefde voor God. En hoewel hij waarachtig God in de handen houdt, is zijn hart toch niet vervuld van God, want het is vol vans werelds ijdelheid. Het heiligdom, waar de dienst volbracht wordt, beteekent goddelijk verlangen, waaruit liefde zou moeten opstijgen als een geur voor God en de medechristenen, en alle deugden en onthouding. Maar nu wordt het offer in de poort des tempels verspild, dat is in de wereld. Want alle liefde voor God is overgegaan in onmatigheid en wereldsche ijdelheid.
Zoo is Rome in waarheid, zooals gij zaagt. Vele altaren zijn vernield. Vele Priesters geven meer acht op de wereld den op God. Toch zult gij weten, dat van den tijd van den ootmoedigen Petrus, totdat Bonifacius den zetel besteeg, ontelbare zielen den hemel zijn binnengegaan. Toch mist Rome Gods vrienden nog niet, die tot God moesten roepen opdat Hij hun te hulp komend, zich over hen erbarme.
Wordt vervolgd.
02-12-2010
AAN ALLE LEZERS VAN DIT BLOG EEN GEZEGENDE DONDERDAG.
N. ( M ).
The Miracle of Damascus - Part 24.
Messages from Heaven .
HET ONZE VADER.
UUUUUUUUUUUUUUUUUUUU
HET ONZE VADER
Gebed voor de zielen in het vagevuur dat Jezuszelf in een verschijning aan de Heilige Mechtildis heeft aangeleerd. Telkens zij dit mooie gebed bad, zag zij grote scharen van mensen het vagevuur verlaten en de Hemel binnengaan. Als wij dit gebed bidden zullen ook scharen van zielen de hemel binnengaan en op hun beurt voor ons bij God ten beste spreken.
ONZE VADER, DIE IN DE HEMELEN ZIJT
Wij bidden U ootmoedig. eeuwige, goede en barmhartige Vader, vergeef de arme zielen die U zelf als Uw kinderen hebt aangenomen: dat zij U niet hebben liefgehad, U van zich verstoten hebben en U niet de verschuldigde eer hebben bewezen. - Als verzoening en boete offeren wij U op alle goedheid en liefde van Uw veelgeliefde Zoon, Onze Heer Jezus Christus.
GEHEILIGD ZIJ UW NAAM
Wij bidden U ootmoedig, eeuwige, goede en barmhartige Vader, vergeef de arme zielen dat zij Uw Naam niet verheerlijkt hebben, deze dikwijls onwaardig hebben gebruikt en onbedachtzaam hebben uitgesproken. Als verzoening en boete offeren wij U op, alle evangelisatie, waarmee Uw veelgeliefde Zoon, onze Heer Jezus Christus, Uw Naam op aarde heeft verheerlijkt
UW RIJK KOME
Wij bidden U ootmoedig, eeuwige, goede en barmhartige Vader, vergeef de arme zielen. dat zij Uw heilig Rijk niet met een brandend hart hebben gezocht, maar zich veel te dikwijls met aardse goederen hebben verrijkt. - Als verzoening en boete offeren wij U ophet grote verlangen van Uw veelgeliefde Zoon, Onze Heer Jezus Christus, waarmee Hij allen in Uw Rijk wenst op te nemen.
UWWIL GESCHIEDE OP AARDE ALS IN DE HEMEL
Wij bidden U ootmoedig, eeuwige, goede en barmhartige Vader, vergeef de arme zielen dat zij zich niet onderdanig hebben onderworpen aan Uw Heilige Wil, maar dikwijls naar eigen goeddunken hebben gehandeld en daardoor Uw Heilige Wil niet hebben volbracht. Als verzoening en boete offeren wij U op het goddelijk Hart van Jezus en zijn grote onderdanigheid.
GEEF ONS HEDEN ONS DAGELIJKS BROOD
Wij bidden U ootmoedig, eeuwige, goede en barmhartige Vader, vergeef de arme zielen dat zij uw hoogwaardig Sacrament des Altaars niet met volledige godsvrucht en liefde hebben ontvangen. maar dat velen zich onwaardig hebben getoond en het zelden of nooit hebben ontvangen. Als verzoening en boete offeren wij U op de grote heiligheid en godsvrucht van Uw veelgeliefde Zoon, onze Heer Jezus Christus en zijn grote liefde en zijn onuitsprekelijk verlangen. waarmee Hij ons deze kostbare Schat heeft geschonken. .
EN VERGEEF ONS ONZE SCHULDEN,
GELIJK OOK WIJ VERGEVEN AAN ONZE SCHULDENAREN
Wij bidden U ootmoedig, eeuwige, goede en barmhartige Vader, vergeef de arme zielen hun zware zondeschuld, dat zij hun vijanden niet hebben liefgehad en niet hebben willen vergeven. - Als verzoening en boete offeren wij U op de heilige woorden van uw veelgeliefde Zoon, onze Heer Jezus Christus, die Hij aan het Kruis heeft gesproken: "Vader, vergeef het hun want zij weten niet wat ze doen!".
EN LEID ONS NIET IN BEKORING
Wij bidden U ootmoedig, eeuwige, goede en barmhartige Vader, vergeef de arme zielen dat zij in de grote bekoringen geen weerstand hebben geboden maar de verlokkingen van satan zijn gevolgd en zo in het verderf zijn gestort. Als verzoening en boete offeren wij U op de gehoorzaamheid, het moeizame werk en heel het bittere lijden en sterven van uw veelgeliefde Zoon, onze Heer Jezus Christus.
MAAR VERLOS ONS VAN HET KWADE
Wij bidden U ootmoedig, eeuwige, goede en barmhartige Vader, vergeef de arme zielen en ook onze zielen en leid ons door de verdiensten van Uw veelgeliefde Zoon, Onze Heer Jezus Christus, in het Rijk van Uw Heerlijkheid, dat U zelf bent. Amen.
UUUUUUUUUUUUUUUUUUUU
SERMOEN OP ALLERHEILIGENDAG IN DE MINDERBROEDERSKERK TE HASSELT.
SERMOEN OP ALLERHEILIGENDAG IN DE MINDERBROEDERSKERK TE HASSELT.
Aansluitend op de Evangelietekst der zaligsprekingen hoorden wij:
Door vroegere bijbelkenners werden de woorden:zalig zijn de ..., ook vertaald als: U bent goed op weg als...
Ik dacht onwillekeurig aan onze Aartsbisschop Léonard, want bij de zaligspreking :Zalig zijt gij als men u om mijnentwil beschimpt en vervolgt en vals beschuldigd van allerlei kwaad.kan men dit ook verstaanals:
Monseigneur Léonard, U bent goed op weg,alsmen U om Jezuswil beschimpt en vervolgt en vals beschuldigd ...
Commentaar:Hoe treffend is inde huidige tijdsgeest, deze oudere vertaling, als we horen (en zien) hoe vrijzinnige kerkjuristeneen opvolger van de apostelenvan Jezus, beschimpen, in de mediavervolgen,zelfs zijn aftreden voorstellen.Verder commentaar is overbodig.