een gezonde afwijking waar (nog) geen medicatie voor bestaat
29-04-2012
Rustdag nr 2 in Perigueux
Met 1004 km op de teller je oudste dochter en haar partner op bezoek krijgen. Pa wat ben je mager geworden. Gespierd bedoel je zeker. Mijn broek zakt af. Van zo'n tocht word je niet dikker. In de winkel neemt ze voor mij volle yoghurt. Straks en morgen gaan we eens goed eten. Ik voel me een beetje als jaren terug toen ik een afgetrainde marathonatleet was. Scherp maar wel gezond.
Het weerzien is plezant. Nog eens goed kunnen kletsen in je eigen taal een verademing. De ontwikkelingen van mijn toekomstig nageslacht in toenemende buikomtrek kunnen aflezen is bijzonder.
Kuieren door de hoofstad van de Perigord. En bezoek aan het zeer gevarieerde aanbod van het musee de Perigord is leerrijk en boeiend. Archeologische vondsten, kunstvoorwerpen, een beeld van de plaatselijke fauna, schilderkunst en beeldhouwwerken van vroeger en nu.
Een bezoek aan de grootse kathedraal mocht ook niet ontbreken.
Bijna ben ik in de helft van mijn tocht. Op 12 mei wil ik in Pamplona arriveren. Als alles blijft meezitten een haalbare kaart. Daar tref ik dan 4 stapmakkers die een week gaan meestappen. De laatste 2 weken Frankrijk kondigen zich aan. Het pakje Franse kaarten wordt erg dun. Alleen de afwezigheid van de zon en de chaleur doen het zuiden nog veraf lijken. Maar het kan hier vlug keren...
Vandaag is een speciale dag. De pelgrim krijgt bezoek vanuit zijn heimat. Vroeg uit de veren dus. Zien dat ik gewassen en gestreken ben voor de ontvangst van mijn dochter en haar partner.
Licht druppelend en zwaar bewolkt. Om 6.20 uur kan de ochtendmens in me dit al vaststellen. De temperatuur ligt hoog. Bij het bergoplopen voelt het onder mijn regenjas een beetje tropisch-regenwoud-achtig. Het traject leidt me langs de residentiele optrekjes aan de rand van de agglomeratie. Vastgoed en nieuwbouw zijn nooit ver weg. Een Britse Bentley scheurt me voorbij. Rare jongens die Britten. Ik ontmoet voor het eerst enkele koppels pelgrims. Ze vragen zich af of ik al van Santiago terugkom. Ik maak hen duidelijk dat ik een afspraak heb. Mijn nieuwe schoenen vertonen de eerste zoolslijtage. Pelgrim Leo had me gewaarschuwd. Ik klop aan in Perigueux bij een jonge zeer vriendelijke schoenlapper. Hij wil ze wel maken maar de zool is te nat. Ok dan zoeken we een andere oplossing. Wat denk je pelgrim van een koffietje drinken? Bah waarom niet. Ik bel mijn dochter op. Ze zitten al in de buurt van Limoges. Wat gaan die snel zeg... Ik ga binnen enkele ogenblikken 1000 km gestapt hebben. Ik krijg er voorlopig nog niet genoeg van.
Vrijdag is het net zoals in Herentals marktdag in Brantome. Een aanbod van lokale produkten. Een Afrikaan met handtassen ontbreekt niet in het aanbod. Afgewisseld nat en droog. De paraplu's worden bovengehaald. De Dronne staat hoog. Tijdens het weekend vindt een eetfestijn plaats in het park. Om het te kunnen bereiken wordt een noodbrugje aangelegd. Dominant gebouw in dit stadje is de vroegere Benidicteiner abdij. De Mairie en het office de tourisme zijn er gehuisvest. Ik maak een wandeling door het historisch en pitoresk stadje. Aan het ancien hospice is aanpalend een bejaardentehuis ondergebracht. Ik stap er naar binnen. Steeds een confrontatie. Hier niet anders dan bij ons. De bejaarden zijn verzameld in grote groep. Een vrijwilliger leest luidop een artikel voor uit de krant. Enkele inwoners stellen zich manifest ongeintresseerd op. Onze levenstocht is eindig. Ik ben wellicht over de helft. Straks mogen ze voor mij ook de krant voorlezen.
Als ik buitenstap druppelt het opnieuw. Mijn botten staan ingevet te drogen. Mijn kousen in mijn teva 's worden nat. Ik besluit me te laten opdrogen in de bar van Le Coligny. Na een opwarmertje bestel ik de plat de jour. Ondertussen is zowel de markt als de regen gestopt. Ik ga een tukje doen. Het is toch rustdag voor iets... en als toch niemand voor mij de vlaamse krant wil voorlezen.
Het beloofde ommetje aan de pizzaman is er niet van gekomen. St Jean-de-Cole zal wellicht schoon zijn, het staat slecht bewegwijzerd. Met de nattigheid een kaart bovenhalen is geen sinecure. De track volgen dan maar. In Villars beland ik om 14.00 uur. Mijn lichaam verlangt voedsel en een droge plaats om het op te eten. Geen bar. De office de tourisme is gesloten wegens reorganisatie. Het afdakje laat me toe mijn sandwich droog naar binnen te werken. Nog 12 km te gaan. De teller staat al op 35. Even doorbijten. Morgen neem ik een rustdag. Ik pep me op. De laatste loodjes weet je wel.
Om 16.30 uur bereik ik het door het water omringde stadje. La Dronne noemt de plaatselijke Nete hier. Het office de tourisme is niet door een reorganisatie getroffen. Ze hebben en chambre hotes voor mij bij de 78 lentes tellende madam Merillou. Simpel en betaalbaar optrekje. En pelgrim is vlug content. Ik ga er mijn batterijen opladen, mijn platinnekes vervangen en een nieuw bougie laten steken... bij wijze van spreken dan.
Ik zit op 969 km van de Kempen. Is de Kleine Nete ook buiten zijn oevers getreden?
Om 7 uur heb ik me in de halve en natte duisternis gegooid. Regenponcho aan. In la Coquille zet ik de bakkerswinkel en de beenhouwerszaak onder water. Ik hou er een sanwich met hesp aan over. De Limousin koeien, ondertussen mijn beste vrienden, hebben collectief besloten beschutting te zoeken onder een boom. De pelgrim stapt voort en krijgt zelfs plezier in al die nattigheid. Het stoort geen kat dat ik luidkeels 'I am singing in the rain' uit mijn strottenhoofd pers. Als iemand dit ziet riskeer ik voor eeuwig en 3 dagen een collocatie in de Sano.
In St Jory-de-Chalais vertelt mijn maag me dat stilaan welletjes is met dat gepuber. Ik vind onderdak in Bar Lou Tornoli. Hij doet de toog. Zij de winkel. Ik eet mij muesli op en giet 2 grand cafes door mijn keelgat. Tijdens deze actie krijg ik van de plaatselijke pizzaboer het advies om via St Jean-de-Cole naar Brantome te stappen. Un des plus beaux village monsieur. Ik beloof de man, die zijn pizzas enkel belegt met lokale producten, dat ik zijn raad zal opvolgen.
De nacht heeft rust gebracht. De uitschakeling van Barcelona nog net meegemaakt. De gemiste strafschop van Messi heeft de nachtrust van mijn collega Geert misschien verstoord. Ik heb er niet van wakker gelegen.
Rustig ontbeten en pas omstreeks 8.30 de deur uit. Het weinige nat dat er valt kan de pret niet bederven. Het wordt wel nooit echt droog vandaag. Het landschap is golvend, agrarisch, een opeenstapeling van petieterige gehuchtjes, schitterende vergezichten en kunstmatige meertjes. Sommige met recreatieve doeleinden. Andere prive en peche interdit. Al of niet voorzien van een lelijk betonnen kot. Ik voel me een beetje in de Vlaamse achtertuintjes.
Als je echt, maar dan ook eens echt NIEMAND tegen het lijf wil lopen, dan is dit the place to be. Uitgestorven, huizen zonder beweging of levenstekenen. Heb hier maar iets aan de hand. De enige en massale bewondering die mijn sierlijk wandelend lijf vandaag in ontvangst kon nemen was die van de bruine Limousin koeien. Alle ogen van zo'n ganse wei op mezelf gericht. Ge zult voor minder naast uw wandelschoenen gaan lopen.
Het blijft regenen. Om 14.00 uur arriveer ik aan het piepklein stationnetje van Bussiere-Galant. Geen bar, restaurant, bakker of winkel open. Weer doods. Een bende tieners en een knorrige autochtoon. De man begint over het gebrek aan stiptheid van de treinen en het feit dat de Britten er alle huizen opkopen. Ze komen er niet wonen en ze jagen de prijzen de hoogte in. Ik ben blij dat hij het galspuwen stopt als zijn trein toch in aantocht blijkt. Ik warm me wat op aan de verwarming en slaag wat naar binnen.
Om 15.00 uur sta ik aan de gemeentelijke gite van St Pierre-Frugie. Ik bel de adjunct burgemeester van het 420 zielen tellende dorpje. We zitten in de Perigord Vert. Departement Dordogne. Irene moeder van 8 kinderen en 14 kleinkinderen legt me werking van de gite uit. Iets later komen ook nog 3 fransmannen binnen die 2 dagen aan het stappen zijn een al behoorlijk getekend. De gite is volzet.Hopelijk zijn er geen snurkers bij...
Toen ik deze middag St Leonard-de-Noblat de rug toekeerde, zonder een bezoek te brengen aan zijn symphatieke en bekende inwoner Raymond Poulidor, kreeg ik bakken water over mijn al doorweekte torso. De aangezwollen Vienne bulderde door haar nauwe dal. Enkele buien en een onweer verder, spoel ik aan in Solignac. Marie en Alain van de chambre hotes Le Cheyrol hebben me zeer goed opgevangen in hun prachtige woning. Gelegen op een heuvel hebben ze een panoramisch zicht op de groene vallei van de Briance. Uitblazen en opdrogen. En dat op 888km van chez nous...ik mis jullie allemaal een heel klein beetje
Momenteel schuil ik even voor de onophoudelijke regen in de Limousin. Enkel de koeien blijken er zin in te hebben. Ze draaien hun kont naar de regen en grazen ongestoord verder. De pelgrim loopt voor het eerst met poncho.Ik heb me genesteld in de hoek van een PMU kroeg. Als het regent zullen we maar gokken. 2 nederlandse pelgrims geven er net als hun regering de brui aan. Zij het dan om andere redenen. Vandaag wil ik nog in Solignac geraken. Maar de goesting die is even weg. Dit warm hol verlaten om me weer in die nattigheid te begeven... door die zure appel moeten we even door.
7.00 uur. Boeltje is gepakt. Koffie en brood met zelfgemaakte confituur achter de kiezen. Uitgeslapen en fit. Niet ver vandaag. Slechts 26 km. De regen wordt mijn gezel voor de ganse rit. Mijn Elzasser kamergenoot Robert, bezig aan zijn laatste pelgrimage, stapt mee op. De Mulhouzer kreunt en puft van stijvigheid. Hij is 65. Ik vraag me af of hij dit nog fijn vindt? "Mein Gott" stuurt hij meermaals ongevraagd de ether in. Ja die zal het wel weten.
Al vlug scheiden onze wegen. Ik zie hem pas terug op het eindpunt.
Het parcours is Ardens. In het gat Champegaud heeft een Mechelse scheper het gemunt op mijn pezige kuiten. De bevallige en jonge eigenares van dit dier roept hem ter orde. Ik vraag aan haar of dit het einde van de wereld is. Ze antwoord "Le jolie fin du monde". Na deze correctie stap ik door bossen en beken. Het natte Limousin dat met zijn 6�C. en mist op 500m hoogte doet verlangen naar een warme kachel en de wafelbak van madam peip.
De burgemeesten van Les Billanges die met zijn VW camionet zijn territoir verkent wil me een lift aanbieden. Hij wil met me kennismaken. Geen probleem om kennis te maken, maar ik ga wel te voet. Hij biedt me een tas koffie aan op de Mairie. Da's prima. Ik kom er aan.
Op de Mairie van het 1000 zielen tellende stukje Limousin tref ik naast de burgemeester Manuel ook nog de secretaris Sylvie en de adjunct David. Kiezen zij voor Sarkozy of Hollande? De verpakking is verschillend maar de inhoud gelijk is het antwoord.
Le Billanges is het mooiste plaatske ter wereld omwille van de prachtige kerk en omwille van de glimlach van hun secretaris. Dat is de mening van een charmeur van een burgemeester. Ik moet hem toch ook een beetje bijtreden. Bovendien blijkt de dame ook erg bedrijvig in de cyclo cross en de VTT.Ze werd zelf Frans kampioene.
Op dan naar Chez Francoise. De gite van de 60 jarige schilderes. Een aparte vrouw die dit zaakje eigenhandig runt. De boerderij stamt van haar familie. Het gebouw heeft niets aan authentisiteit ingeboet.De toets van haar naieve schilderkunst is overal aanwezig. De gekleurde houten welving, de mozaieken in de vloer en de bizarre sculpturen her en der in de leefruimte.
Ze heeft zich duidelijk buiten de moderniteit verbannen. Een computer bezit ze niet. Een GSM wel. Een mens moet compromissen maken. Ze sleurt eigenhandig sprokkelhout aan uit de bossen. Haar rug laat het afweten en ze vraagt me een handje toe te steken. Ik help met een kruiwegen waarvan de band plat staat. Een pomp is er niet. Als God in Frankrijk. Hoe houdt dat mens dit vol. Ze zal zich ook de vraag stellen bij mijn bezigheid. Waarom gaat een Belg te voet naar Spanje? Ja waarom? Ik denk erover na... ik heb nog een tijdje om hierover een boompje over na te denken bij de open haard op 840 km. van huis... ronk ronk ronk...Oei Robert komt binnen...
Meer info over Les Billanges op http://lesbillanges87.unblog.fr
De track op mijn gps volgt blijkbaar niet steeds de Camino. Op de info in Brugge van het genootschap werd gesteld dat je de camino zelf kan zoeken. Er is geen vaste weg. Ik heb stukken gevolgd en stukken zelf ontdekt. Toch hebben broeder Willy en zuster Maria mij mobilhomegewijs terug op het rechte pad moeten zetten.
Dese morgen ben ik om 10 uur vertrokken in Dun-le-Palest. Ik stapte vandaag 25 km naar Benevet l'Abbeye.
De aprilse grillen zijn er weerom in geslaagd om zich te tonen. 1 keer een echte gril op mijn sjokkedijzen. Er zijn ook tekenen van de komst van de chaleur. Daar wachten ze hier echt op. Ik hoorde vandaag het eerste krekelgesjirp. Misschien eentje met Alzheimer... Morgen volg ik de Gr 654. Ik zit nu midden in de Limousin streek. De bruine Limousin koeien maken er deel uit van het landschap. Ik slaap hier in een gite op het marktpleintje. De uitbaatsters een koppel: Hij Bretoen, zij Boergondier. In deze gesloten landelijke omgeving worden ze als vreemdelingen bekeken. Wat er ook van zij, ze hebben een hart voor pelgrims. Week 3 zit er op. Er komt weer een volledige werkweek aan. Volgende zondag neem ik mijn eerste rustdag. Mijn dochter en vriend komen me bezoeken. Iets om naar uit te kijken.
Afscheid genomen van de 2 Proostenbroeders omstreeks 8 uur. Ze scheurden rustig richting Belgikske met hun stalen ros.
De hemelsluizen zullen vandaag in cresendo de pelgrim van water en hagel voorzien. Voor de middag 2 buitjes en na de middag de full option aprilse gril. De zon en de wind lukken erin om alles droog te krijgen. De regenwormen en naaktslakken vinden dit dolle pret. Ze manifesteren zich op het asfalt.
Het landschap lijkt wel Iers. Niet enkel omwille van het weer. Kleine heuvelachtige kavels omzoomd met heggen en bomen. Paarden en koeien vullen het decor. De dreigende lucht, de filmmuziek van Ennio Morecconi en de geur van kruidnagel maken de zintuigelijke lustbeleving compleet.
Als de koekoek roept zijn we al bijna in het beperkte wijngebied van Chateaumeillant.
Als ik in het centrum van Ste Severe in een winkel wat voorraad opsla krijg ik telefoon. Willy en Maria zijn met hun mobilhome in de buurt. Een fractie later doe ik mij te goed aan gebakken patatten met groenten en vlees. Buiten is het rotslecht als we de 2e fles ontkurken. Ik heb al 29 km gestapt. Plots heb ik wat minder goesting precies... als de wijn is in de man...
Ik besluit om toch nog verder te stappen. Om 5 uur kom ik aan in Genouillac. Maria en Willy zijn er ook nog. Ze zorgen voor de koffietafel. We zitten hier aan de rand van de Limousin. Je merkt het aan het landschap. Buiten blijft het koud. Zelfs in midden Frankrijk. 788 km zit ik nu verwijderd van de Kempen.
Vandaag ga ik het kort houden. Ik heb bezoek van mijn twee schoonbroers. Geert en Daniel komen de pelgrim bezoeken en hebben goud, wierook een mirre bij. Lees, sportdrank, waspoeder en propere kleren. Vandaag heb ik terug wat Lichterts kunnen praten. Dat doet deugd.
Ik ben beland in Le Chatelet. Klein dorpje. Vandaag heb ik slechts een 4 tal uren gestapt. De teller staat na 20 dagen op 740 km.
Ik geef de wekker geen kans vandaag. Om 5 voor 5 wip ik uit mijn zalig bed van de prachtige gemeentelijk gite van Sancoins. Ik stap om 6.20 uur de donkere en zwaarbewolkte wereld in. Mijn voeten stevig ingesmeerd met Alkeline zalf. Dank voor de tip pelgrim Leslie Thiebout. Mijn benen voelen terug lekker Rambo. Wat geestig zo'n puber in een oudemannenlichaam. De weg naar St Amand Montrond is niet veel soeps. Ik besluit een heel stuk de D951 te nemen. Op het kantje links van de baan en tegen het verkeer in. Het blijft lang rustig op deze lange lange rechte baan. In St Aignan-des-Noyers vraag ik aan enkele wachtenden op de bus of er een bar is. Ze wijzen naar een winkeltje. Ik stap er binnen en de winkelierster zet er een Senseo voor mij en een gepensioneerde werkende independant die ook even pauzeert in zijn smerige overal. Als er 2 gedateerde plaatselijke schonen de winkel betreden vraag ik of ik van hun een foto mag nemen. Ze stemmen giegelend toe als ik hen vertel dat er in Belgie zo'n mooie vrouwen, met uitzondering van 'mon epouse', niet rondlopen. De Rubensiaanse winkelierster wil er ook bij. Au revoir.
Aan het kerkje van St Pierre-les-Etieux rust ik even. Om 12.30 uur kom ik een beetje erg uitgehongerd aan in de supermarkt Lecrerc in St Amand-Montrond. Er is een restaurant dat op deze donderdagmiddag meer dan 50 klanten telt. Ze serveren me biefstuk friet. Terwijl ik met een meer dan gezonde eetlust deze koolhydraten naar binnen wurm barst buiten de hel los. De regen valt met bakken uit de hemel. Spurtende mensen achter een winkelkarretje op de parking. Plezantere tafelanimatie kan je je nauwelijks voorstellen.
Als ik de tent verlaat schijnt de zon terug. De laatste 3 km naar het centrum moeten de stramme spieren opnieuw geactiveerd worden.
Ik zocht en vond een bed in het statige herenhuis van pelgrimverzorger Monsieur Couetdic. Voor geen geld kamer met ontbijt. St Amand-Montrond aan de Cher is een zeer gezellige stad met vele kleine huisjes. Het doet me wat aan Brugge denken.
Ik ben 19 stapdagen ver. Teller staat op 715. Vandaag noteerde ik er 39. Morgen ga ik naar le Chatelet. Dat is slechts 25 km. Ik zal er hopelijk mijn 2 gemotoriseerde schoonbroers Daniel en Geert ontmoeten. De duvel staat al koud en de pelgrim raakt opgewarmt.
In het termidor hotel in Nevers heb ik mijn wonden gelikt. Alle pharmaceutische truks uitgeprobeerd en vooral goe gerust. Als ik om 5.15 uur uit bed val voelen de benen goed.
De lucht hangt als een dreigend zwaard boven Nevers. Bij de oversteek van de naar beneden bulderende Loire valt het eerste nat. De schuimende watermassa die vanuit het centraal massief komt zoekt via Nevers zijn weg om in de Atlantische oceaan uit te monden.
Ik volg de camino. Net als vorige dagen raak ik het spoor weer kwijt. Ik besluit eigenwijs mijn eigen weg te kiezen. Via een RN kom ik aan het canal lateral du Loire. Ik volg het kanaal. Op de oever fotografeer ik een huisjesslak. Wellicht ook op weg naar SDCompostella. Op de oever groeien wilde aardbeien. Om ze te eten ben ik te vroeg. Ze staan in bloem.
Even later steek ik de Allier over in le Guetin. Het kanaal gaat hier via een brug over de rivier. Speciaal maar een vaak gebruikte techniek in la France. In la Grenouille (de kikker) komt de zon er door. Ik stap tot in Apremont. Het is een middeleeuws dorpje dat er erg Brits uitziet. C'est un des plus beaux villages de France. Een verrassing. Alleen is het cafe gesloten. Ik doe beroep op mijn eigen catering. Madam de burgemeester belooft me een tas koffie binnen 10 minuten op de Mairie. Als ik er toekom is alles gesloten. Ik zal ze nog twee keer onderweg tegenkomen met haar wagen. Er was iets onverwachts tussen gekomen. Waarschijnlijk kreeg ze telefoon van Sarkozy. Wat een drukke job. Op de middag stopt ze halfweg Sancoins. Haar auto vol met kinderen. Het is woensdag en maar een halve dag school. Waarschijnlijk is ze ook nog moeder. Ze verbaast er zich over dat ze me al op dat punt ontmoet. Jij gaat snel zeg. Ik vertel haar dat ik jong ben en sportief. Niks gelogen dus. Na een kaarsrechte bosweg en een vrij drukke baan te volgen kom ik omstreeks 33 km in een slaperig Frans stadje. Sancoins. Ik zit in het departement Cher. In Restaurant Saint Jozef werp ik me uitgehongerd op een lekkere maaltijd. De marktkramers zijn druk bezig hun boeltje bijeen te pakken. Ik ga een gite zoeken.
Dit lukt vrij aardig. De gemeente biedt deze service aan sinds 2 jaar. Gloednieuw en voor een prikje. Man hier ga ik ronken. Ik ben er helemaal alleen.
Geslapen als een rund. De wekker doet zijn job. 5h15. Ik had Patrick gewaarschuwd voor het onheil. Hij geeft geen krimp. Gemakkelijke fransman. Hij kiest voor links en denkt dat Hollande het gaat halen. Voorlopig kiest hij voor een zacht gegrom. Ik ontbijt en geniet van de laatste warmte van het electrische kacheltje van Arbourse. Buiten flirt de temperatuur met het vriespunt. De zon schildert de horizon gloedrood. Deze ochtendpelgrim gooit zwaar bepakt om 6h20 de gitedeur achter zich dicht. Flink doorstappen om de koude uit mijn lijf te houden. In dit boeregat hebben de erfhonden het niet zo begrepen op het getik van mijn stokken.
Enkele kilometers verder staat een kolos van een viriele stier dreigend mijn komst op te wachten. Dit dampende en briesende gevaarte wil enkel vertellen dat dit zijn wei en zijn koeikes zijn. Ik ben geen partij tegen zoveel imponatie. Mijn gespierd potloodlichaam is enkel in staat een foto van het dier te plegen. Als hij met zijn linkervoorpoot begint te harken teneinde duidelijk te maken dat hij me wel ziet zitten tussen een gehaktbroodje ben ik blij dat dat dunne draadje tussen onze beide lijven het houdt.
Enkele dagen heb ik last van een pijnlijke kuit. Na15 km stappen laat ze zich voelen. Stretchen, en wat ontzien. In het foret de Poiseux zet ik me op een bank. Het is al 9h40. Beetje honger. Wat granen met yoghourt. In Guerigny stap ik een apotheek binnen. En jonge kerel bezorgt met compeed voor mijn gestote badkamerhiel. Vel eraf op een wrijvingsplaats. Niet leuk. Ik koop ook een tube voltaren voor het kuitprobleem.
Om 13.00 uur bereik in Nevers. Dikke pizza doet iets aan mijn honger. In de buurt van het station gooi ik me op een hotelbed en rust en blog. Na 17 stapdagen staan 642 km op de teller.
8.30 uur. Ik verlaat atelier galerie en chambre d hotes du soleil in Varzy. Monique, de patroon van heel deze handel, wenst me een goede tocht toe. Het huis herbergt een tentoonstellingsruimte met keramische kunstwerken. Net voor ons afscheid vertelt ze me dat Arnout Hauben hier ook geslapen heeft. Ze vindt hem zeer symphatiek. Hij stuurde haar 2 postkaartjes. Een uit Pamplona. Het ander van de eindbestemming. Ze laat ze me beide triomfantelijk zien."Hij schijnt bekend te zijn bij jullie" vraagt ze zich af. Nou en of. Het was in de winter toen hij hier was. Dat herinnert zij zich ook nog. Ik beloof haar dat ik Arnout de groeten zal doen. Deze door het leven getekende vrouw is tevreden met mijn belofte. Il est tres sympha Arnout... wil ze nogmaals onderstrepen.
Ik zoek en vind de warme bakker van Varzy. Een rare snuister die naast me in de winkel staat en me aanspreekt met monsieur le pelerin, beveelt me sterk het 'pain au figue de la vieulle' aan. Zeer voedzame energieverschaffer voor een schelpendrager. Ik hou het bij een sandwich fromage et jambon en een pain au raisin.
Ik maak er vandaag een halve rustdag van. Lang geslapen en korte stapdag. Einddoel, een klein niemandalletje in de Bourgogne, Arbourse.
Even buiten Varzy maak ik kennis met een vrijwilliger die de bewegwijzering controleert van de chemin. Hij geeft me de tip om de route goed te volgen. Dan kom ik vanzelf aan de gite van Arbourse. In tegenstelling tot wandelaars worden pelgrims op alle wegen toegelaten. Ik voel me plots weer een beetje belangrijker. Om 11.20 drink ik een koffie in een cafe restaurant postlokaal van Champlemy.
Ik heb al zeer veel in de bossen gewandeld vandaag. Na de middag is het niet anders. Op een lange bosweg zie ik 300 meter voor me 4 herten oversteken. De schuwe beesten doen het een voor een. Ze kijken goed rond. Hun lichaamstaal verraadt hun onrust. Als ik op de plaats van oversteken kom zijn ze schampavie. Voorwaar ontdek ik er een verkeersbord dat waarschuwt voor overstekende herten. Die beesten kennen verdorie de wegcode!
Even later kom ik aan de gite van Arbourse. Zeer netjes. Plaats voor 4 personen. Wat winkelwaar dat je kan aanschaffen. De vrijwilligster legt met uit hoe alles werkt. Knap van die gasten van Arbourse. Van mij krijgen ze een duim. Voor slechts 10⬠kan ik me hier wassen en te slapen leggen. Even later komt Patrick uit St Dizier ut de Haute Marne binnen. We koken samen en luisteren naar Bruce Springsteen. 21.00 uur. Licht uit en snaveltjes toe na een babbel onder pelgrims. Arnout is nen sympha... Ik moet het nog vertellen
Deze morgen Vezelay verlaten om 6.45 uur. We zitten hier aan de rand van het Parc van de Morvan. Dat merk je aan het bebost en golvend landschap. Weilanden met houtkanten en heggen.Er waait een stevige Noordwester. De eerste regendruppeltjes vallen en na een poosje besluit ik mijn jas aan te doen. Zondag in la France dat betekent iedereen laat wakker en dus.... zeer rustig. Het landschap nodigt uit tot een experiment. Ik ga praten met mijn lichaam. Niet met mijn volledig lichaam uiteraard, maar met de afzonderlijke onderdelen.
Ik begin een conversatie met mijn linker kleine teen : "Luister vriend, je hebt al van in het begin tegen gedaan. Wat is er feitelijk aan de hand met jou? Je hoeft quasi niets te doen en je zeurt maar heel de dag. Kijk eens naar jou broertje aan de rechtervoet. Hij doet zijn job en je hoort hem van de hele dag niet. Neem daar eens een voorbeeld aan!" De zin "Als het niet betert amputeer ik u ambetanterik" kan ik nog net onderdrukken. Ik geef toe dat de converstatie redelijk eenzijdig was, maar het heeft wel geholpen. Hij heeft zich behoorlijk gedragen voor de rest van de dag.
Een andere manier om je op te beuren tijdens zo'n druilerige dag is luisteren naar de muziek van de Hukkelfukkers. Niet erg verheffend voor een pelgrim, maar o zo plezierig. Bart Van Soom, je hebt me weerom een fantastische dag bezorgd.
Ik steek iets verder de Yonne over en het Canal de Nivernais
In Tanney, een wijndorpje laat ik me verleiden tot de aankoop van een amandeltaartje. In een plaatselijk PMU cafe maak ik het soldaat bij twee tassen koffie. Ik heb al 22 km gestapt. Het café wordt druk bezocht. De jonge enthousiaste cafeuitbaatster, die over een stevige onderbouw beschikt, vertelt me dat er in Charlay geen gite is maar wel 2 km verder in Varzy.
Ik kom bergaf en met rugwind in Varzy aan. Ik spreek er iemand aan die net met zijn gehandicapt kind gaat wandelen. Hij brengt me naar de gite. Ik gebruik het ligbad, doe mijn was, maak mezelf wat eten en gooi me aan het bloggen.
Er is hier een motortreffen aan de gang. Af en toe wordt de stilte onderbroken door deze machines.
Ik ga eens goed rusten vannacht. Overmorgen probeer ik de Loire te bereiken in Nevers.
Er staan 579 km op de teller. Ik ben 15 dagen aan het stappen.
De nacht heeft deugd gedaan. De gastenkamer bij Freddy en Denise was een meer dan prettige ervaring. Ik voelde me op momenten de Arnout Houben van Man bijt hond. Uiteindelijk worden wildvreemden op enkele minuten tijd vrienden voor het leven. Zo vertelden we ronduit over de dingen des leven. Een Vlaming en een Française in Vermenton met een hart voor mensen. Schitterend koppel!
Uitslapen, ontbijten, rugzak pakken, afscheid nemen en vertrekken. om 10.00 uur...
De Cure volgen. De oevers bedekt met tapijten van maagdenpalm. Het purperen bloemetje met daarnaast de witte annemoon. Een roofvogel stoort zich niet aan het getik van mijn stokken. Iets verder vind ik de schedel van een jonge renard (vos) Ik spreek er enkele mensen over aan. Ze bevestigen mijn vermoeden.
In La Jarrie (7huizen en een varkenskot als hoebenschot) ontmoet ik Eric die wissen kapt en er stoelen mee vlecht. Geen folkore maar keiharde economie. Hij werkt er in een open hok naast de weg.
Een habbekrats verder krijg ik Vezelay al in de gaten. Stadje boven op een heuvel met een imposante kathedraal. Maria Magdalena is er de patrones. Er liggen relekwieen van haar in de crypte. Het laatste stukje is zwaar. Hijgend en puffend spreek ik een jong nonnetje aan. Waar moet ik zijn zuster? Ze neemt me bij de hand en brengt me waar ik moet zijn. Hier lopen al wat meer pelgrims rond. Toeristen vragen we spontaan van waar ik kom. Ik slaap samem met Jean-luc, een fransman,op kamer21. Hij doet santiago in stukjes.Om 19 uur ga ik naar de mis. De kathedraal hangt vol met sculpturen van monsters en draken. Het indrukwekkende tafereel in de inkomhal staat in de steigers. Als ik de wissen stoelen zie denk ik aan Erik de vlechter. Het is lang rechtstaan in de kerk. Ik voel mijn voeten en denk aan al wie ik Chez nous mis. Het zijn er nogal wat.
5h15 uit de veren. Tim veert recht en masseert zijn stijve billen. Hij wil nog even blijven liggen.Veel kans geef ik hem niet. Ik maak hem wakker met kasteelkoffie en een stevige ochtendbabbel. Ik zet hem op de fiets en weg is hij.. Iets later om 6.45 uur stap ik de koude ochtend in. De hemel is wolkenloos en de zon manifesteert zich snel. De warmte doet goed. Tonnere wacht op me. Ik kom in het land van de Chablis. Wijngaarden bij de vleet.Na 20 km kom ik in het stadje binnen. Mijn linker kleine teen, die op de eerste stapdag een blaar van formaat vertoonde, laat opnieuw van zich horen. Verzorgen. Stapschoenen uit en sandalen aan. Ik wil richting Vermenton uit. Ik kan onderweg geen onderdak vinden. Het noodzaakt me om door te zetten naar Vermenton. Aan het kerkhof van het stadje spreek ik 2 dames aan. Ze kennen een gite en willen mij er naar toe brengen. Onderweg vertel ik dat ik uit den Belgique kom. Toevallig maar een van de dames is getrouwd met een Vlaming. Ik nodig mezelf uit om kennis te maken met haar man. Van het een komt het ander en Freddy en Denise bieden me een bed en maaltijd aan. Gastvrije mensen ontmoeten na een slopende dag is zalig. Een pelgrim is hier dankbaar voor. De soep vam mamy Denise, haar cake met ananas zijn onevenaarbaar. Ik ben vandaag op meer dan 500 km van huis. De teller staat op 513. Morgen wil ik Vezelay bereiken.
Deze morgen vroeg uit de veren. Om 6.45uur voelde me ik als Franciscus tussen de fluitende en kwetterende gevederden langs de Seine. De steile oevers bebost en voorzien van witte annemoontjes. Als ik in Polisot de Seine laat voor wat ze is krijg ik mijn eerste wijngaard te zien. We zijn voorwaar als in de meest zuidelijke champagne terroir. Er wordt hier flink gewerkt. De ranken worden goed geleid en stevig vastgemaakt. Snoeihout bij de vleet.
Het landschap wordt Franser. Wijngaarden en oerbossen en dorpjes van een carte postale. Klinkende namen zijn het niet. Bij mijn vakanties naar het Zuiden liet ik deze onterecht links liggen. Lingey, Avirey, Bagneux-la-Fosse, Bragelogne,Villers-le-Bois en last but not least Etourvy. Dorpje waar echt niks is. Op de rand van het departement l' Aube. Enkele km. verder het departement Yonne. Het einde van de Wereld en ik slaap er in een oud kasteel. Mijnheer doktoor schonk het aan de gemeente en momenteel doet het dienst als gite rural. Een aanrader. Jean Marie is hier de sympathieke onthaalmedewerker, klusjesman, tuiner en keukenpiet. Van flexibiliteit gesproken!
Er worden nog 2 Nederlandse pelgrims verwacht vandaag. Ook zit ik te wachten op Tim. Ik ben al 462 km van huis. Zowel lichaam als geest stellen het wel. Ik ga nu even kasteelheer spelen.