|

 
De A K K E R D I S T E L .
Circium arvense - Andere benamingen: Boerenplaag - Dijsel - Hofstekel - Paardendistel - Stekel - Zogedistel.
GROOTTE:
Kan uitgroeien van 60 tot 120 cm
VINDPLAATS:
Te vinden in velden, akkers, weiden, tuinen, braakliggende gronden en op vuilnisbelten.Voorkeur voor diepe, voedingsstofrijke en niet te droge gronden.
BLOEITIJD:
Van juni tot einde september.
KENMERKEN:
Behoort tot de familie van de Composieten (Asyteraceae). Het is een overblijvende plant. De bladeren zijn net als stekelige vleugels. De stengels zijn zonder stekels. De bladeren zijn lancetvormig ingesneden, stekelig getand, gekroesd, vrijwel kaal. Gewoonlijk staan de bloempjes in kleine hoofdjes bijeen, de kleur van de bloesems zijn roodlila. De vruchtjes zijn aan de top voorzien van geveerd vruchtpluis (distelpluis), dat een overblijfsel van de kelk is. De bladstekels zijn ongeveer 5 mm lang en zeer scherp. De plant kan zowel via de wortel als via het zaad vermenigvuldigd worden. Boeren hebben er een hekel aan en weten amper hoe ze hem moeten bestrijden. Er zijn heel wat dieren die van de distels in het algemeen profiteren. Gegeten worden ze door o.a. ezels, geiten en soms ook wel door de konijnen. De olierijke zaadnootjes dienen als voedsel voor de vinkachtigen en de mezen. De insecten moeten een lange tong hebben om bij de nectar te kunnen, zoals bv. de hommels, de bijen en de zweefvliegen. Verder leven er kevers, bladhaantjes, bladluizen en snuitkevers van het bladgroen en zijn er de vlinders die zowel de nectar snoepen als de plant gebruiken om er hun eieren op te leggen zodat de rupsen van het blad kunnen eten, zoals de distelvlinder. Deze vlinder trekt naar het zuiden zodra de vorst in aantocht is.
OOGST:
Men knipt de stengel af tot men de laagst staande bloesem mee heeft en zodoende kan de plant op zijn geheel in de volière geworpen worden. Bij dit werkje kan men best handschoenen gebruiken voor de aanwezige stekels. Men kan ook de bloemhoofdjes alleen plukken en nadien de zaadjes, door middel van een rasp in een doosje laten vallen om ze goed te laten drogen en te bewaren voor de winter. Het best verzamelen voordat de pluis weg is, anders zijn de zaadjes ook weg.
BESTANDSDELEN:
De werkzame bestanddelen zijn voornamelijk - bitterstoffen,etherische olie, slijm, anorganische zouten, looistof, calcium, kiezelzuur en vitamine B1.
EIGENSCHAPPEN:
Van alle distelzaden wordt er een hoogwaardige olie gemaakt. De distelzaden bevatten ongeveer 22 % vet. Dus zeker niet overdrijven bij het voeren van de vogels.
GEBRUIK:
De distel kan in zijn geheel aan de vogels gegeven worden, maar vooral de zaden. Vooral voor de distelvink, sijs,barmsijs, goudvink, kanarie, maar ook kleine parkieten en kleine exoten lusten er wel van.
|