Het gaat over een meisje Lucie . Haar mama is gestorven in het kraambed.
Zij is met haar papa bij mammie blijven wonen , dat is haar grootmoeder, op een boerderij op het platteland.
De papa heeft dan iemand anders leren kennen , Isabelle. Zij kon er niet goed mee overweg , dat is haar mama niet . Lucie is dan alleen bij mammie . Papa en Isabelle zijn verhuisd naar een flat.
Als Lucie 7 is , sterft haar grootmoeder en moet ze bij hen gaan wonen. Een paar dagen later bevalt Isabelle van een zoontje Lucas. Op dat moment is het de begrafenis van mammie en Lucie mag er niet naartoe.
Lucie kan er niet mee om en ze gaat in staking.
Ze wil niets anders meer dan op haar kamer zitten , ze wil niet meer blij zijn.Ze heeft er genoeg van.
Papa wil haar dan ook nog eens op zomerkamp sturen , omdat hij denkt dat ze dat leuk vindt, maar dat is niet zo . Ze sluit zich op in haar kamer en wil niet meer praten met hen. Zelfs haar halfbroertje wil ze niet leren kennen.
Lucie heeft alleen nog maar verdriet. Maar op een keer dat papa en Isabelle weggaan , komt er een babysitter overnachten om op hen te passen. Lucas begint heel hard te wenen en de oppas slaapt , hoort het niet. Lucie is naar Lucas gegaan , heeft hem getroost en hij lachte naar haar. Sinds dat moment is ze beginnen nadenken dat het zo niet verder kan en dat ze haar nieuwe leven moet aanvaarden , zodat ze weer gelukkig kan zijn .
Ik vind het een heel ontroerend boek, om een traantje bij weg te pinken.
Hanne Olbrechts