Foto
TOESPRAAK VAN PATER PETAR
  • Deel 1
  • Deel 2
  • Deel 3
  • Deel 4
  • Deel 5
  • Deel 6
  • Deel 7
  • Deel 8
  • Deel 9
  • Foto
    Foto
    Het  logo  van  het  Bisdom  Gent  van  MG.  Van  Looy
     
    Origen
    Quantcast
    Met hulp en medewerking van John Pont is dit blog gemaakt
    HOUD UW LAMPEN BRANDEND.
         Image and video hosting by TinyPic
    For this blog to translate into language of your choice? Select your language below.
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
     2 prachtige pps-jes hierboven van Godelieve en ook Mama rechts heeft ze gemaakt
    Klik op de banner en bekijk nog veel meer moois op haar blog
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Klik op de banner hier beneden en ga eens langs bij Lenie voor nog meer moois
    Alle Ave Maria pps-jes hierboven zijn van haar
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Gastenboek

    Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek

    Foto
    Wonder

    08-06-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Visioen uit 1968.

    Visioen uit 1968.

    Dit visioen beschrijft onze tijd en de dingen die ze beschrijft zijn al bezig om te beginnen.

    Een oude vrouw van 90 uit Valdres in Noorwegen had een visioen van God in 1968. De evangelist Emanuel Minos had een bijeenkomst waar ze woonde. Daar had hij de kans om haar te ontmoeten, en ze vertelde hem wat ze had gezien.
    Hij schreef het op, maar vond het zo onbegrijpelijk dat hij het in een lade liet liggen. Dan, bijna 30 jaar later, begrijpt hij dat hij deze visie met anderen moet delen.
    De vrouw uit Valdres was een zeer alerte, betrouwbare, wakkere en geloofwaardig christen, met een goede reputatie bij allen die haar kenden.

    Dit is wat ze zag: "Ik zag de tijd net voor de komst van Jezus en het uitbreken van de Derde Wereldoorlog. Ik zag de gebeurtenissen met mijn natuurlijke ogen. Ik zag de wereld als een soort van wereldbol en zag Europa, land voor land. Ik zag Scandinavië. Ik zag Noorwegen. Ik zag bepaalde dingen die zou plaatsvinden vlak voor de terugkeer van Jezus, en net voordat de laatste ramp plaatsvindt, een ramp zoals we die nog nooit eerder hebben ervaren. Ze genoemde vier golven:

    1. "De eerste golf voor de komst van Jezus en voordat de Derde Wereldoorlog uitbreekt zal er een zijn van 'detente' (ontspanning) zijn zoals we nog nooit eerder hebben gehad. Er zal vrede zijn tussen de grootmachten in het oosten en het westen, en het zal een lange vrede zijn. (Vergeet niet dat dit in 1968 is uitgesproken, toen de koude oorlog op zijn hoogtepunt was. E. Minos) In deze periode van vrede zal er ontwapening komen in veel landen, ook in Noorwegen en we zijn niet voorbereid wanneer het (de oorlog) komt. De Derde Wereldoorlog begint op een manier die niemand had verwacht - en uit een onverwachte hoek.

    2. "Een lauwheid zonder weerga zal bezit nemen van de Christenen, een afval van het ware levende christendom. Christenen zullen niet meer open staan voor indringende prediking. Ze zullen niet, zoals in vroeger tijden, willen horen van zonde en genade, wet en evangelie, berouw en herstel. Er komt een vervanging voor in de plaats: welvaart (geluk?).

    "Het belangrijkste zal zijn om succes te hebben, om iets te zijn met materiële dingen, dingen die God ons nooit heeft beloofd op deze manier. Kerken en gebedshuizen zullen leger en leger worden. In plaats van de prediking die we generaties-lang gebruikten - om het kruis op te nemen en Jezus te volgen, - zal vermaak, kunst en cultuur de kerken binnendringen, terwijl het bijeenkomsten hadden moeten zijn van berouw en opwekking. Dit zal sterk toenemen vlak voor de terugkeer van Jezus.

    3. "Er zal een morele verval plaats vinden zoals het oude Noorwegen nog nooit heeft meegemaakt. Mensen zullen samen leven als getrouwd zonder getrouwd te zijn. (Ik geloof niet dat het concept 'samenwonen' bestond in 1968? - E. Minos.) Veel onreinheid voor het huwelijk, en veel ontrouw in het huwelijk zal als heel natuurlijk (gemeenschappelijk) worden gezien, en het zal worden gerechtvaardigd vanuit elke hoek. Het zal zelfs plaats vinden in christelijke kringen en wij hebben plezier - zelfs in de zonde tegen de natuur. Vlak voordat Jezus terug komt zullen er Tv-programma's zijn zoals we nog nooit hebben ervaren. (TV was nog maar net aangekomen in Noorwegen in 1968. E. Minos)

    "TV zal worden gevuld met zo'n verschrikkelijke geweld waarbij het ons leert om mensen te vermoorden en elkaar te vernietigen, en het wordt onveilig in onze straten. Mensen zullen gedrag kopiëren wat ze zien. Er zal niet alleen een 'station' op tv, het zal worden gevuld met meerdere 'stations'. (Ze wist het woord kanaal niet wat we vandaag de dag gebruiken. Daarom noemde ze het stations. E. Minos.) TV wordt net als de radio waar veel stations zijn en het zal worden gevuld met geweld. Mensen zullen het gebruiken voor vermaak. We zullen vreselijke scènes zien van moord en vernietiging van de ander, en dit zal zich verspreiden in de samenleving. seksscènes zullen ook worden weergegeven op het scherm, de meest intieme dingen, wat plaatsvindt in een huwelijk." (Ik protesteerde en zei, hebben we een paragraaf die dit soort dingen verbiedt. E. Minos.) Maar de oude vrouw zei: "Het zal gebeuren, en je zult het zien. Wat we eerder hadden zal worden afgebroken, en de meest onfatsoenlijke dingen zullen voor onze ogen gebeuren."

    4. "Mensen uit arme landen zullen naar Europa stromen. (In 1968 was er nog niet zoiets als immigratie. E. Minos.) Zij zullen ook naar Scandinavië komen - en Noorwegen. Er zullen zo vele van hen komen dat de mensen beginnen met een hekel aan hen te krijgen en hard gaan worden voor hen. Zij zullen worden behandeld als de joden voor de Tweede Wereldoorlog. Dan zal de volle maat van onze zonden zijn bereikt (ik heb geprotesteerd tegen de kwestie van de immigratie. wat ik niet heb begrepen op het moment. E. Minos.) De tranen stroomden uit de ogen van de oude vrouw over haar wangen.
    "Ik zal het niet zien, maar jij wel. Dan opeens, zal Jezus komen en de Derde Wereldoorlog zal uitbreken. Het wordt een korte oorlog." (Zij zag het in de visie.)
    " Alles wat ik heb gezien over oorlog is slechts kinderspel vergeleken met deze, en het zal worden afgesloten met een atoombom. De lucht wordt zo verontreinigd dat men niet eens kan ademhalen. Het zal betrekking hebben op verschillende continenten, Amerika, Japan, Australië en de rijke landen. Het water zal worden verpest (besmet?). We kunnen niet langer op de eigen bodem blijven. Het resultaat zal zijn dat er alleen een overblijfsel aan mensen zal blijven. Het overblijfsel van de rijke landen zal proberen te vluchten naar de arme landen, maar ze zullen net zo hard zijn voor ons als we waren voor hen.

    "Ik ben zo blij dat ik niet zal zien, maar als die tijd komt, moet je moed houden en dit zeggen. Ik heb het van God, en niets van dit druist in tegen wat de Bijbel zegt."
    " Degene wiens zonden zijn vergeven en Jezus als Verlosser en Heer heeft, die is veilig.


    Nog een andere profetie.
    WANNEER DE OLIE STROOMT.
    Een ouderling in de Pinkstergemeente in Moss, Noorwegen, Martin Andersen, hoorde de volgende profetie in 1937, in Moss: "Wanneer de olie komt uit de Noordzee en langs de Noorse kust, dan zullen de dingen beginnen te gebeuren, en de terugkeer van Jezus nadert.
    "Wanneer dit woord werd gesproken, de mensen stonden op in de congregatie en vroeg de man om te gaan zitten en niet zulke onzin te spreken. In 1937 was het inderdaad onzinnig om te praten over olie die wordt opgepompt langs de Noorse kust. Vandaag de dag pompen alle grote olie-bedrijven ter wereld olie op langs de kust van Noorwegen. Noorwegen is de tweede werelds grootste exporteur van olie - na Saoedi-Arabië. Jezus komt zeer binnenkort!


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Huwelijk: deel 5 bijeengevoegd door Mgr. Léonard!

    HET SACRAMENT VAN HET HUWELIJK

     

    DE VRUCHTBAARHEID VAN HET VERBOND[1]

     

    In deze bijdrage zal ik enkel het delicate probleem van de band tussen de echtelijke liefde en de gave van het leven aanraken, en daarbij ook het verantwoord ouderschap belichten. De meer concrete vragen bewaar ik voor het laatste artikel gewijd aan het huwelijkssacrament.

     

    DE LIEFDE, BRON VAN LEVEN

    Het verbond tussen Christus en de Kerk is een bron van leven. Het is immers in hun wederzijdse vereniging dat de Heer en zijn Bruid ons allen in het nieuwe leven van het Rijk roepen. Daarom spreken we van de Kerk als ‘onze Moeder’. Een christelijke echtelijke liefde zal dus maar authentiek zijn als ze ook in de seksuele vereniging van de echtgenoten de huwelijksvruchtbaarheid weerspiegelt tussen Jezus en zijn Kerk, die op het kruis werd bezegeld.

     

    DE ONDERLINGE VERBONDENHEID TUSSEN LIEFDE EN VRUCHTBAARHEID

    Deze diepe band tussen huwelijksvereniging en vruchtbaarheid blijkt niet alleen vanuit een christelijk perspectief dat nadenkt over de ultieme betekenis van de menselijke seksualiteit. Ook een zuiver filosofische of psychologische benadering brengt deze aan het licht. Het is immers veelbetekenend dat de liefde van man en vrouw haar bekroning vindt in een daad (de geslachtsgemeenschap) die door haar eigen logica openstaat voor het verwekken van een nieuw leven en die zelfs structureel hierop gericht is. Moeten we dit niet zien als een heel concreet teken, in ons lichaam zelf geschreven, van een essentiële band tussen de liefde en de openheid naar nieuw leven? Jazeker, zowel vanuit het standpunt van de rede als met de ogen van het geloof is er een onlosmakelijke band tussen seksuele liefde en openheid voor het leven.

     

    EEN VERANTWOORDE VOORTPLANTING

    Het morele vraagstuk van de anticonceptie stelt zich omdat de structurele band tussen liefde en vruchtbaarheid is toevertrouwd aan de vrijheid van de mens. In de dierenwereld volgt voortplanting bij wijze van spreken automatisch uit de blinde drift van het instinct. Bij de mens daarentegen hangt de openheid van de liefde voor het doorgeven van het leven af van de verantwoordelijkheid van de echtgenoten, al is ze ingeschreven in de diepe logica van de seksualiteit. Zo komen we tot de notie van verantwoord ouderschap: het is door tegelijk rekening houden met het ware welzijn van het koppel, het verhoopte geluk van kinderen, de economische en sociale situatie van het gezin en ook met morele eisen van het openstaan voor  de gave van God, dat ouders het leven moeten doorgeven en het aantal kinderen bepalen dat ze zullen ontvangen.

     

    DE VERKEERDE IDEALEN VAN DE CONSUMPTIEMAATSCHAPPIJ

    Van de standpunten van de Kerk op dit vlak heeft men vaak een karikatuur gemaakt. Alsof ze echtgenoten zou aanraden om het grootst mogelijk aantal kinderen te krijgen dat biologisch haalbaar is voor het koppel! Niets is minder waar. De Kerk nodigt uiteraard uit tot een edelmoedige vruchtbaarheid, maar wel gecontroleerd — dit wil zeggen: met aandacht voor de verschillende aanwezige factoren. Maar het is waar de Kerk, door te hameren op de essentiële openheid van de liefde voor de vruchtbaarheid, de idealen van de consumptiemaatschappij in vraag stelt (zeker vandaag de dag). Die maatschappij beweert met klem dat jonge koppels voor hun eigen geluk en dat van de kinderen die zullen komen, eerst de tijd moeten nemen om met twee gelukkig te zijn, om hun financieel inkomen en hun huiselijk comfort te verzekeren, waarna dan eventueel een kind kan komen. Ons laag geboortecijfer, ver onder wat nodig is voor een loutere vervanging van de vorige generatie, wijst op dergelijke mentaliteit. De gevolgen zijn ernstig: een toenemende vergrijzing met alle gevreesde sociaaleconomische problemen van dien, wat onmiskenbaar kan leiden tot de ondergang van onze maatschappij.

     

    DE MIDDELEN VOOR GEBOORTEREGELING

    Bij de morele vraag naar een juiste geboorteregeling hangt veel af van de aard van de gebruikte middelen. Zoals steeds in de moraal, volstaan goede bedoelingen niet; men moet immers ook kijken naar de handelwijze waarmee die bedoelingen in de praktijk worden gebracht. Daarom verwerpt het christelijke denken om vanzelfsprekende redenen radicaal abortus als een middel van geboorteregeling. Het is eveneens radicaal tegen vrijwillige sterilisatie, of die nu tijdelijk is dan wel definitief. Sterilisatie drukt inderdaad de weloverwogen wil uit om op lange termijn de seksuele liefde los te maken van elke openheid, ja zelfs gewoon de mogelijkheid tot vruchtbaarheid.

     

    NATUURLIJKE EN KUNSTMATIGE METHODES

    Het debat is moeilijker wanneer het gaat over andere de meest voorkomende methodes voor geboorteregeling. Het struikelblok in de discussie is het onderscheid dat de Kerk maakt tussen kunstmatige of contraceptieve methodes enerzijds en natuurlijke methodes anderzijds. De Kerk keurt de eerste af, terwijl ze het gebruik van de tweede billijkt.

     

    ENKELE VERDUIDELIJKINGEN OVER DE TERMEN

    Laten we eerst enkele taalkundige kwesties verduidelijken. Onder ‘kunstmatige’ of ‘contraceptieve’ methodes worden alle methodes verstaan die actief tussenkomen in het verloop van de geslachtsdaad — hetzij ervoor, tijdens of erna - met als bedoeling deze onvruchtbaar te maken. Het gaat hierbij om fysieke, technische, chemische of hormonale middelen. Onder ‘natuurlijke’ methodes verstaan we methodes die de onvruchtbare en vruchtbare periodes in de vrouwelijke cyclus trachten te kennen om zo de seksuele betrekkingen te beperken tot de onvruchtbare periodes. Het gaat hier vandaag vooral om observatiemethodes op basis van gecombineerde indicatoren, die zeer betrouwbaar zijn wanneer ze goed onderwezen en toegepast worden. Deze observatiemethodes zijn doeltreffend om een ongewenste geboorte te voorkomen, maar ook zeer aangewezen voor het tegenovergestelde doel, namelijk om de kansen op een gewenst kind te vergroten.

     

    DOEL EN MIDDELEN

    De kunstmatige methodes onderscheiden zich van de natuurlijke door de aard van de gebruikte middelen (in het eerste geval een directe ingreep, in het tweede een waarneming), terwijl het beoogde doel in beide gevallen hetzelfde is: namelijk het in de tijd spreiden van geboortes of zelfs het niet krijgen van een kind. Dit herinnert er ons nogmaals aan dat de hele discussie over geboorteregeling essentieel afhangt van de objectieve morele waarde van de gebruikte middelen. Bovendien, als een doel ‘zelfs een goed doel, zoals verantwoord ouderschap’ niet voldoende is om het gebruik van om het even welk middel te rechtvaardigen, volstaat het omgekeerd evenmin om objectief correcte middelen te gebruiken om automatisch op moreel vlak ‘in orde’ te zijn! Een koppel dat vanuit een egoïstische bedoeling hoegenaamd geen kinderen wenst en voortdurend teruggrijpt naar natuurlijke methodes om de vruchtbaarheid te controleren, zou ernstig in tegenspraak zijn met het ideaal van de menselijke en christelijke liefde.

    Dit gezegd zijnde stelt zich de vraag waarom de katholieke Kerk zich zo vastberaden verzet tegen kunstmatige methodes of contraceptiva als geboorteregeling. Hier moeten we een duidelijk onderscheid maken tussen wat er echt op het spel staat en de bijkomstigheden.

     

    BIJKOMENDE BEZWAREN

    Men kan bijvoorbeeld - overigens veer terecht - bezorgd zijn over de erg zware morele gevolgen van een veralgemeend gebruik van contraceptiva, zowel op sociaal als op individueel vlak. Het is namelijk duidelijk dat het systematisch en uiteindelijk gebanaliseerd gebruik van contraceptiva de zedelijke ontaarding aanmoedigt. Het versterkt de mannelijke onverantwoordelijkheid (‘Ze moet maar de pil nemen!’) én de vrouwelijke (‘Met de pil loop ik geen enkel risico!’). Het ondermijnt bovendien de positieve ingesteldheid tegenover het kind (het wordt in de eerste plaats als een bedreiging beschouwd) en het maakt mensen welwillend tegenover abortus (als oplossing wanneer contraceptie tekortschiet), en ga zo maar door. Bovendien is het op politiek vlak voor rijke landen jammer genoeg gemakkelijker en meer winstgevend om arme landen sterilisatieprogramma’s en contraceptiva op te leggen, dan op een positieve wijze mee te werken aan hun economische ontwikkeling. Daarenboven is het bij al deze programma’s zo dat de staat de plaats van de ouders inneemt en hen haar opvatting over kind en gezin voorschrijft.

    Al deze bezwaren tegen contraceptie zijn belangrijk, en toch raken ze niet aan de essentie. Men kan immers opwerpen dat het om ‘onrechtmatig’ gebruik van contraceptie gaat. De hoger genoemde bezwaren geven dus geen afdoende argumenten tegen het gematigd gebruik in een concrete situatie. Ook het groeiend wantrouwen tegenover de pil om ecologische redenen raakt niet aan de kern van de zaak. We kunnen ons er wel over verheugen dat door deze verschuiving de profetische waarschuwing van Paulus VI uit 1968 tegen contraceptie voortaan beter aanvaard wordt in sommige milieus, die met reden bezorgd zijn omdat contraceptie (vooral de hormonale) permanent de diepste fysiologische en psychologische mechanismen van de mens aantast. Maar dit zijn ‘hygiënische’ beschouwingen die, hoe belangrijk ook, toch niet de kern behandelen van het morele probleem dat door contraceptie gesteld wordt.

     

    DE KERN VAN DE ZAAK IS NIET BIOLOGISCH

    Wat is dan de voornaamste reden waarom de katholieke Kerk kunstmatige contraceptie afkeurt, terwijl ze natuurlijke methodes voor geboorteregeling wel aanvaardt? Ook al wekt de woordkeuze de verkeerde schijn, het gaat er niet simpelweg om dat de eerste ‘kunstmatig’ en de tweede ‘natuurlijk’ zijn, in de zin van ‘met respect voor de biologische orde’. Iets ‘kunstmatigs’ is op zich immers niet verwerpelijk! Heel onze cultuur en knowhow berusten op ‘kunstmatigheden’, op ingrepen van de mens in het ‘natuurlijke’ verloop van de dingen. Overigens zijn ook de zogenaamde ‘natuurlijke’ methodes op hun beurt ‘kunstmatig’, omdat men teruggrijpt naar thermometers, naar nauwkeurig onderzoek, enzovoort. Wat de biologische natuur betreft: zij is als dusdanig geen absoluut respect verschuldigd. Integendeel, men zou zelfs kunnen zeggen dat heel de beschaving gebouwd is op het overstijgen van de primitieve eisen van de biologische orde. Eten bijvoorbeeld is voor de mens veel meer dan het opnemen van proteïnen of calorieën…

     

    HET GAAT OM EEN GEESTELIJK PROBLEEM

    Vanuit het oogpunt van het geloof net als in het licht van een welbegrepen filosofie is de inzet van contraceptie van geestelijke orde. Bij een probleem met evident biologische aspecten (engelen hebben, zoals men weet, geen contraceptieve bekommernissen), gaat het uiteindelijk om de houding van de persoon ten opzichte van de huwelijkspartner, ten opzichte van het mysterie van het leven en de gave van God. Hier zullen we het uitgebreider over hebben in de volgende bijdrage.

     

    + André-Jozef LEONARD, aartsbisschop van Mechelen-Brussel



    [1] Uit Pastoralia, november  2011, nr 9


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Huwelijk: deel 4 bijeengevoegd door Mgr. Léonard!

    HET SACRAMENT VAN HET HUWELIJK

     

    HET PROBLEEM VAN DE GESCHEIDEN HERTROUWDEN[1]

     

     

    Gescheiden hertrouwden helpen

    Ook al zorgt een mislukt huwelijk vaak voor veel verdriet, de problematiek van hertrouwde gescheiden mensen is zo mogelijk nog pijnlijker. Wat ook de subjectieve redenen zijn (soms zo begrijpelijk) die hen ertoe gebracht hebben om burgerlijk een nieuwe verbintenis aan te gaan, het blijft zo dat hun situatie objectief gezien de onverbreekbaarheid tegenspreekt van het door Christus gewilde verbond. In het spoor van de evangelische barmhartigheid nodigt de Kerk niettemin uit om hertrouwde gescheiden mensen te helpen en hen te omringen met veel liefde, zodat ze zich niet door de Kerk verlaten zouden weten. In zijn apostolische exhortatie over het christelijk gezin, was Johannes Paulus II hierover zeer duidelijk: ‘De Kerk moet voor hen bidden, hen bemoedigen, zich een barmhartige moeder tonen en hen zo steunen in het geloof en de hoop’. (§ 84, 3).

     

    Zij kunnen en moeten deelnemen aan het kerkelijk leven

    Net als alle andere gedoopten mogen en moeten gescheiden hertrouwden deelnemen aan het kerkelijke leven in al zijn aspecten. Zij zijn dus geenszins geëxcommuniceerd. Ze moeten echter vermijden taken op zich te nemen die hen in een delicate of moeilijke positie zouden brengen, zoals bijvoorbeeld: het godsdienstonderricht of een directiefunctie binnen het katholiek onderwijs.

    Het meest gevoelige probleem is uiteraard de deelname aan het sacrament van de eucharistie. De Kerk vraagt inderdaad dat gescheiden hertrouwden de Mis bijwonen, maar dat ze zich onthouden van het ontvangen van het Lichaam van de Heer. De reden hiervan is welbekend: de situatie van gescheiden hertrouwden betekent een feitelijke breuk met het nieuwe en eeuwige verbond vervat in het huwelijkssacrament. Hoe kunnen zij immers, zonder in tegenspraak te komen met zichzelf, dit nieuwe en eeuwige verbond belijden bij het ontvangen van het eucharistische Lichaam van de Heer?

     

    Naar een objectief standpunt

    Misschien is dit op het eerste gezicht schokkend. Het is niet makkelijk om in de hedendaagse mentaliteit een ‘objectief’ standpunt in te nemen. De Kerk kent haar kinderen. Zij is er zich terdege van bewust dat de subjectieve overwegingen van gescheiden hertrouwden zeer waardevol kunnen zijn, zelfs edelmoediger dan deze van sommige andere koppels. Maar wat zou er gebeuren indien de Kerk, op grond van deze lovenswaardige subjectieve intenties, zou voorbijgaan aan de objectieve tegenspraak tussen herhertrouwen na een echtscheiding en de eucharistie? Dat zou Christus’ boodschap over de onverbreekbaarheid van het huwelijk onbegrijpelijk en inhoudsloos maken, en ook christenen ontmoedigen die zich inzetten om, ondanks groot leed en zelfs pijnlijk overspel, trouw te blijven aan hun huwelijksverbond.

    En de andere situaties waarin het communiceren een schande is?

    Men zou kunnen opwerpen dat er best nog andere gevallen zijn waar christenen het verbond met de Heer met de voeten treden en beter niet zouden communiceren. Dat is zeker waar. Velen nemen er met reden aanstoot aan wanneer ze gedoopten, bekend om hun bedenkelijke morele, sociale, economische of politieke levenswandel, te communie zien gaan. Het betreft bijvoorbeeld personen die openlijk ongehuwd samenleven of oneerlijke zakenmensen, enzovoort. De Kerk moet het geweten van deze mensen uitzuiveren en hen wijzen op de noodzaak van de bekering en de biecht alvorens het Lichaam van Christus te ontvangen. Christus schenkt Zichzelf immers weg aan zondaars, maar niet zonder een voorafgaande innerlijke ommekeer. Laten we ook niet vergeten dat de communie geen religieuze privéaangelegenheid is die enkel het eigen geweten aanbelangt, maar een openbare daad, onderhevig aan welbepaalde voorschriften van de kerkelijke leer.

     

    Een ‘gedrag’ of een ‘situatie’

    Er dient evenwel een onderscheid te worden gemaakt tussen de gescheiden hertrouwden en de gevallen die we opsomden. Er is namelijk een verschil tussen een objectieve blijvende toestand en een gedrag. De Kerk kan niet beginnen met ieders gedrag te beoordelen en een uitspraak te doen in de zin van ‘Jij mag communiceren en jij niet’. Ze doet er goed aan om zich hier te verlaten op ieders persoonlijke geweten, en dat vervolgens trachten uit te klaren. Wie weet of iemand in tussentijd zijn zogenaamd ‘slecht’ gedrag niet heeft bijgestuurd en van levenswandel is veranderd? In het geval van gescheiden hertrouwden gaat het niet om een ‘gedrag’ dat men van de ene dag op de andere kan veranderen; het gaat om een feitelijke situatie die veelal blijvend is. Bovendien gaat het om een situatie die als geen ander in strijd is met het mysterie van het verbond. Als de Kerk aan de gescheiden hertrouwden vraagt om niet te communiceren, spreekt zij zich niet uit over hun innerlijke gesteldheid (die zeer goed kan zijn), maar beroept ze zich op de onuitwisbare tegenspraak tussen hun verbroken verbintenis en het eucharistisch sacrament van het huwelijksverbond. Het is kortom onmogelijk openlijk het eucharistisch vetbond te belijden, terwijl men het daadwerkelijk ontkent door de onttouw aan het huwelijksverbond zoals Jezus het wil.

     

    Geen discriminerende sanctie

    Merk op dat deze onthouding van de communie niet moet begrepen worden als een sanctie van de Kerk. Door zich burgerlijk of in een samenlevingsverband te binden (wat in tegenspraak is met de onverbreekbaarheid van het huwelijk), stellen echtgescheiden christenen zelf zich onverzoenbaar op tegenover de communie met het Lichaam van Christus. Door het sacramentele huwelijk hebben ze zich ertoe verbonden elkaar trouw te blijven in goede en kwade dagen en hebben ze de onverbreekbaarheid van het christelijke huwelijk in al zijn consequenties aanvaard. Wie ondanks alles burgerlijk hertrouwt (of gaat samenleven) na een echtscheiding, of als vrijgezel een gescheiden persoon huwt, maakt dus zelf de keuze om blijvend verstoken te zijn van de communie met het eucharistische verbond.

     

    Een andere manier om te communiceren

    Wil dit dan zeggen dat aan hertrouwde gescheiden mensen de genade van de Heer ontzegd wordt? Op geen enkele wijze. De eucharistische communie is de gebruikelijke manier om hier op aarde deel te hebben aan Jezus’ liefde voor ons. Maar God is niet de gevangene van de sacramenten van Zijn liefde. Er zijn ook andere manieren om te delen in de liefde van de gekruisigde Heer en te participeren aan de vrucht van zijn leven. Hertrouwde gescheiden mensen worden uitgenodigd tot deze deelname, door juist niet aan de communie deel te nemen. Tot deze christenen, vaak diep getroffen door het mislukken van hun eerste huwelijk, zegt Jezus: ‘Jij, mijn broeder, jij, mijn zuster, zal door de onthouding van de communie deelhebben aan mijn kruis en mijn verrijzenis. Aanvaard deze pijn uit liefde voor Mij en uit respect voor mijn liefdesverbond, en Ik, uw Heer en uw God, zal wel de middelen vinden om u te troosten en u op een andere manier vreugde te schenken. Vertrouw op Mij en mijn Kerk.’

    Ikzelf ben meermaals getuige geweest van de vruchten van heiligheid van gescheiden hertrouwde mensen die tijdens de Mis, op het moment van de communie, naar voor treden om gezegend te worden en die weliswaar de Hostie niet ontvangen, maar wel innig spiritueel deelhebben aan de Heer.

     

    De genadebronnen

    Hetzelfde geldt voor het sacrament van de verzoening. Dat kan niet toegediend worden aan hertrouwde gescheiden mensen, tenzij ze berouw voelen omwille van hun verbondsbreuk en bereid zijn om een leven te leiden dat niet in tegenspraak is met de onverbreekbaarheid van het huwelijk. Vermits in veel gevallen de hertrouwde gescheiden mensen, omwille van de kinderen, niet kunnen scheiden, betekent dit dat ze besluiten voortaan te leven als broer en zus en zich onthouden van de handelingen eigen aan het echtelijk verbond. Het is duidelijk dat enkel zeer gemotiveerde christenen met een doorleefde spiritualiteit deze veeleisende weg aankunnen. De anderen (de overgrote meerderheid) blijven evenwel niet verstoken van Gods genade. Want hier opnieuw: God is niet de gevangene van de sacramenten. De biecht is uiteraard de normale weg tot verzoening, maar voor hen die dit sacrament niet kunnen vragen omwille van hun foute huwelijksstaat, voorziet de Heer in andere bronnen van vergiffenis, voor zover hun hart ruim openstaat voor zijn genade. Wanneer ik deze broeders en zusters tijdens biechtvieringen mag onthalen, plaats ik me, samen met hen, voor de Heer en bid ik met deze woorden: ‘Heer, u weet dat mijn broeder (mijn zuster) op dit ogenblik de absolutie die de volle hereniging met de Kerk herstelt, niet kan ontvangen. Maar uw hart is groter dan alles en laat zich aan niets binden. Ik bid u: voltooi in mijn broeder (mijn zuster) zoals in mezelf het werk van onze bekering. Schenk mijn broeder (mijn zuster) de volle genade van de vergiffenis die hem (haar) vandaag toekomt. Laat hem (haar) proeven van de weldaad van uw barmhartige liefde, en leid hem (haar), zoals ook mezelf, naar de volle bekering. Amen.’

    Ook hier leert de ervaring me dat dit soort onthaal, in volle eerbied voor het sacrament van vergeving en zonder er afbreuk aan te doen, de boetelingen grote vrede brengt en hen helpt zich in geweten en naar waarheid te verzoenen met hun situatie.

     

    Veel zachtaardigheid en geduld

    Ik heb dit alles noodgedwongen wat snel uitgewerkt. In mijn boek L’Église vous aime. Un chemin d’espérance pour les séparés, divorcés, remariés (Parijs, Éditions de l’Emmanuel, 2010) heb ik deze thema’s uitgebreider behandeld. Het spreekt voor zich dat in een verhelderend gesprek over deze onderwerpen met betrokken mensen een grenzeloos respect en veel zachtaardigheid aan de dag moet worden gelegd en de nodige tijd moet worden uitgetrokken, zodat het woord van de Heer niet wordt geloochend: ‘Kom allen naar Mij toe die afgemat en belast zijn, en Ik zal u rust geven. Neem mijn juk op en kom bij Mij in de leer, omdat Ik zachtmoedig ben en eenvoudig van hart, en u zult rust vinden voor uw ziel’ (Mt. 11, 28- 29).

     

    Met deze overwegingen besluiten we de problematiek rond de onverbreekbaarheid van het huwelijksverbond. Resten ons enkel nog de vraagstukken betreffende de vruchtbaarheid binnen het huwelijk.

     

    + André-Jozef LEONARD, aartsbisschop van Mechelen-Brussel



    [1] Uit Pastoralia, oktober 2011, nr 8


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Huwelijk: deel 3 bijeengevoegd door Mgr. Léonard!

    HET SACRAMENT VAN HET HUWELIJK deel 3[1]

     

    In een eerste beschouwing over het sacrament van het huwelijk ontdekten we de enorme waardigheid die Jezus toekent aan ons aardse lichaam. Hetzelfde geldt voor de seksuele dimensie van onze persoon en de menselijke liefde. Dat was het onderwerp van onze tweede bijdrage. In dit derde deel zullen we het hebben over het gevoelige thema van de onverbreekbaarheid van het huwelijksverbond. Daarbij zullen we achtereenvolgens het pijnlijke probleem van de echtscheiding en de netelige kwestie van de burgerlijke hertrouw van gescheiden personen behandelen.

     

     

    DE ONVERBREEKBAARHEID VAN HET HUWELIJKSVERBOND

     

    Het pijnlijke probleem van de echtscheiding

    De tragiek van de echtscheiding is zo ingrijpend omdat we te maken hebben met een essentiële dimensie van de menselijke liefde in het algemeen en van het christelijk huwelijk in het bijzonder, met name de exclusieve, trouwe en onomkeerbare verbintenis tussen een man en een vrouw.

     

    Een exclusief, trouw en onomkeerbaar verbond

    Het enige huwelijksverbond naar het beeld van Christus’ liefde voor zijn Kerk is er een van exclusiviteit, dat wil zeggen monogaam (verwerping van polygamie), trouw (afwijzing van overspel) en onomkeerbaar, met andere woorden onverbrekelijk (weigering van de echtscheiding gevolgd door een hertrouw).

    Het eerste punt de monogamie is meer en meer de norm in alle culturen. Het geven van zichzelf, zowel geestelijk als lichamelijk, kan — zich spiegelend aan Jezus die Zich wegschenkt aan zijn bruid - niet ten volle beleefd worden tenzij op een exclusieve manier: jij en jij alleen, tot de dood ons scheidt. Zelfs vanuit louter filosofisch oogpunt vraagt de waardigheid van de menselijke persoon om deze exclusiviteit. Men kan zich niet voluit met lichaam en geest wegschenken aan meerdere personen tegelijkertijd. Vandaar dat polygamie en overspel zowel louter menselijk als christelijk onaanvaardbaar zijn.

     

    Kan men zich binden voor altijd?

    De kwestie van de onverbreekbaarheid van het huwelijk ligt minder voor de hand. Hoe kan ik vandaag een engagement voor het leven aangaan, als ik geen zicht heb op een groot deel van mijn verdere levensloop, noch op die van mijn partner? De vraag wordt nog moeilijker binnen de hedendaagse cultuur die gericht is op het onmiddellijke en die, door steeds nieuwe ‘recycling’- mogelijkheden aan te bieden, een engagement op lange termijn beknot. Nochtans, enkel het onherroepelijk engagement binnen de huwelijksband is werkelijk in overeenstemming met de waardigheid van personen, die wel in de tijd - met al zijn wisselvalligheden - leven, maar precies in hun spiritualiteit de tijdgeest het hoofd bieden en zich er niet door laten meesleuren. Zich slechts tijdelijk - en afhankelijk van de grillen van het leven - tegenover de ander engageren in liefde van hart en lichaam, is noch mezelf, noch de ander waardig. Op zulke wijze liefhebben is niet langer zich in liefde toevertrouwen aan de ander als persoon, aan diens diepste ‘jij’, maar enkel aan een gedeeltelijke en tijdelijke dimensie van diens mens-zijn. Dat is geen liefhebben in de sterke zin van het woord.

     

    De radicaliteit van Jezus’ woorden

    Vanuit christelijk perspectief zijn de woorden van Jezus van een helderheid zonder weerga: ‘Maar vanaf het begin van de schepping heeft Hij hen mannelijk en vrouwelijk gemaakt. Daarom zal een mens zijn vader en moeder verlaten en zich hechten aan zijn vrouw en die twee zullen één zijn. Ze zijn dus niet meer twee, maar één. Dus: wat God heeft verbonden, moet de mens niet scheiden.’‘Wie zijn vrouw verstoot en met een ander trouwt, pleegt echtbreuk tegenover haar, en als zij haar man verstoot en met een ander trouwt, pleegt zij echtbreuk.’ (Mc. 10, 6-12) Deze formele verklaring van Jezus is zeer veeleisend, maar ligt volledig in de lijn van het verbond waarin Jezus christenen die huwen betrekt, namelijk zijn eigen liefdesverbond met zijn Kerk.

     

    Naar het beeld van Christus trouw aan de ander, wat er ook moge gebeuren

    Hoe bemint God zijn volk, hoe bemint Christus zijn Bruid? Vanuit een liefde die zich totaal aan ons geeft, ondanks ons verraad en onze ontrouw. Niemand is verplicht om een christelijk huwelijk aan te gaan. Maar als men er zich toe verbindt, is het enige verbond dat zich werkelijk spiegelt aan het beeld van Christus, dát waarbij elke partner zich tegenover de ander engageert met de belofte trouw te zijn ondanks mogelijke ontrouw. Dat kan gek klinken, en dat is het ook enigszins. Maar alleen die dwaasheid getuigt van de mateloze liefde van God.

    Dat is ook de reden waarom de Kerk, in overeenstemming met het evangelie, sterk vasthoudt aan het feit dat een op een geldige wijze voltrokken huwelijk tussen gedoopten absoluut onverbrekelijk is, eens het is geconsumeerd door de seksuele vereniging. Dat toont ook het grote belang dat het christelijk geloof toekent aan het lichaam. Om een huwelijk onverbrekelijk te maken, volstaat niet enkel de viering van het sacrament, maar dient de verbintenis ook lichamelijk bezegeld te worden.

     

     

    EN DE MISLUKKINGEN?

     

    Hoe moet men zich opstellen tegenover de pijnlijke problemen die rijzen als huwelijken mislukken?

     

    Het geval van een nietig huwelijk

    Er zijn een aantal gevallen waarbij de Kerk, na een grondig onderzoek, kan besluiten dat een beletsel of een ernstige fout bij de instemming tot het huwelijk dat ongeldig maakt en dat er dus geen huwelijk heeft plaatsgehad. In een dergelijk geval ontbindt de Kerk een geldig gesloten huwelijk niet, maar erkent enkel de nietigheid van een huwelijk dat eigenlijk niet geldig was. Voor het overige eigent de katholieke Kerk, geplaatst voor een realiteit die haar overstijgt, zich niet de bevoegdheid toe om een huwelijk te ontbinden dat tussen twee gedoopten geldig is gesloten en lichamelijk is geconsumeerd.

    [Even terzijde: Veel christenen zijn geschokt en ik begrijp hen dat de Kerk zich niet het recht toe-eigent om een huwelijk dat is spaak gelopen te ontbinden, terwijl ze soms priesters die niet trouw zijn aan hun celibaat toelaat van hun engagementen te worden ontheven en christelijk te huwen. Dit wekt de ongelukkige indruk dat de Kerk onverbiddelijk is tegenover de leken, terwijl de priesters het onder elkaar regelen ... In feite is de situatie heel anders. Wat  betreft de onontbindbaarheid van het huwelijk dient de Kerk zich te houden aan de natuur van de dingen en aan de uitdrukkelijke wil van de Heer zelf, terwijl het celibaat niet noodzakelijk verbonden is met het priesterschap en afhangt van een beslissing van de Kerk zelf. De barmhartigheid van de Kerk geniet in dit laatste geval een vrijheid die haar niet is toegekend in het eerste. Niettemin blijft het een schandaal dat een vrijwillig aangegane verbintenis vervolgens verbroken wordt. We kunnen ons erover verheugen dat Rome in de afgelopen jaren nog slechts zeer uitzonderlijk dergelijke dispensaties verleent.]

     

    Het christelijk huwelijk vereist een ernstige voorbereiding

    Wat de talrijke mislukkingen van christelijke huwelijken betreft, moet er eerst en vooral herinnerd worden aan het belang van een goede voorbereiding op de viering van dit sacrament. Veel christenen hebben er geen moeite mee dat twee of drie jaar noviciaat nodig zijn om zich voor te bereiden op het religieuze leven, terwijl ze vinden dat men wel inderhaast kan huwen zonder een degelijke voorbereidingstijd. Is het huwelijksengagement dan minder belangrijk dan het religieuze of het priesterlijke engagement? Wanneer een huwelijksinzegening amper meer betekent dan een fraaie ceremonie in een mooie kerk, hoeft het niet te verwonderen dat de genade van dit sacrament niet werkzaam blijkt!

     

    Zich actief verlaten op de genademiddelen

    Na een adequate huwelijksvoorbereiding moeten partners ook voortdurend inspanningen leveren om te leven van de genade die uit de viering van het sacrament voortvloeit. Door te trouwen voor de Kerk (zoals men dat vaak uitdrukt) vragen twee christenen aan Christus om met de liefde waarmee Hij zijn Kerk heeft bemind - liefde die tot het kruis reikt en zich wegschenkt in de eucharistie - borg te staan voor hun liefde. Hierop doordenkend moet men

    dan ook besluiten dat een christelijk huwelijk geen stand kan houden tenzij de liefde van de gehuwden zich voortdurend voedt en versterkt met Christus in het gebed, de geregelde biecht en de frequente communie van het Lichaam van de Heer. Wanneer men geen gebruikmaakt van de middelen die de Heer aanreikt om het verbond dat Hij met ons wil aangaan te beleven, hoe kan men dan staande blijven doorheen beproevingen en stormen? En hoe kan men dan de tand des tijds weerstaan?

    Omdat ze zich niet verlaten op de middelen die de Heer ons rijkelijk schenkt, omdat ze die niet psychologisch laten doorwerken door de nodige tijd te nemen om samen te zijn en met elkaar te praten, overwegen al te veel koppels, van zodra de eerste ernstige crisis zich voordoet, dadelijk uit elkaar te gaan. Hoeveel scheidingen, met alle dramatische gevolgen voor de kinderen, zouden kunnen vermeden zijn dankzij een leven van een intensere christelijke spiritualiteit?

     

    Niet alle echtelijke mislukkingen over dezelfde kam scheren

    Wat te doen en hoe te reageren wanneer, ondanks alles, gehuwde christenen de facto uit elkaar zijn gegaan en zelfs burgerlijk scheiden? Het is allereerst van belang het nodige onderscheid te maken en niet alle gevallen over dezelfde kam te scheren. Johannes-Paulus II zelf drong daarop aan in zijn apostolische exhortatie over het christelijke gezin (Familiaris consortio) uit 1981:

    ‘De herders moeten weten dat zij, uit liefde voor de waarheid, verplicht zijn de situaties goed te onderscheiden. Er is immers verschil tussen degenen die zich oprecht ingespannen hebben om hun eerste huwelijk te redden, maar op volkomen onrechtvaardige wijze in de steek gelaten zijn, en degenen die door hun eigen zware schuld een kerkrechtelijk geldig huwelijk stukgemaakt hebben. Ten slotte zijn er degenen die een nieuwe verbintenis zijn aangegaan met het oog op de opvoeding van de kinderen en die soms in geweten overtuigd zijn dat het vorige huwelijk, dat onherstelbaar verbroken is, nooit geldig is geweest.’ (84, 2)

     

    Zij die gebukt gaan onder verlatenheid bemoedigen

    Wij allen moeten echtgenoten die ten onrechte verlaten werden en vaak ook tot een scheiding gedwongen werden, terwijl ze - vanuit het volle bewustzijn van de onverbreekbaarheid van het huwelijk en ondanks de breuk - hun echtgeno(o)t(e) willen trouw blijven en een nieuw burgerlijk huwelijk weigeren te overwegen, omringen met veel sympathie. In tegenstelling tot de wijdverbreide misvatting moet men weten dat deze personen, zolang ze geen nieuwe verbintenis aangaan, te communie mogen gaan en volwaardig kunnen deelnemen aan het leven van de Kerk. Ze zijn trouwens goed geplaatst om innig deel te hebben aan het mysterie van Christus, die zelf ook door de zijnen verraden werd.

     

    In het volgende nummer zal ik het hebben over de heikele vraagstukken in verband met de burgerlijke hertrouw - of het samenwonen - van personen van wie ten minste een van beiden gescheiden is na een geldig sacramenteel huwelijk.

     

    + ANDRÉ-JOZEF LÉONARD

     

     



    [1] Pastoralia, september 2011, nr 7


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Huwelijk: deel 1 t/m 2 bijeengevoegd door Mgr. Léonard!

    HET SACRAMENT VAN HET HUWELIJK[1]

     

    In de volgende artikelenreeks wil ik het, in voorbereiding op het tweede pastorale jaar gewijd aan de sacramenten, hebben over het sacrament van het huwelijk. Omdat dit sacrament zo nauw verbonden is met het menselijk lichaam, evenzeer als met het hart en de geest, wil ik allereerst in herinnering brengen hoe sterk het christelijk geloof een positieve theologie van de menselijke lichamelijkheid biedt.

     

     

    Ons heerlijk lichaam: grootsheid en tragiek van het lichaam

     

    Een belichaamde geest

    Sommige mensen zijn bijzonder gevoelig voor de schoonheid van het menselijk lichaam. Anderen voor zijn kwetsbaarheid. Nochtans komen we het gemakkelijkst onder de indruk van zijn grootsheid. Wat een wonderbaarlijke complexiteit! Wat een functionaliteit! Het menselijk lichaam is het voortdurende wonder van een belichaamde geest. Ik woon in mijn ogen, in mijn stem, in mijn handen. Zonder me ertoe te beperken, ben ik als het ware mijn lichaam zelf. We zeggen dan ook niet: ‘Mijn lichaam heeft het warm’, maar: ‘Ik heb het warm’. Door mijn lichaam dringt het meest geestelijke in mij door in het hart van de materie, en werkt het van binnenuit in op de wereld. Het lichaam is als een geestelijk paard van Troje in de fysische wereld...

    Als werkinstrument in de wereld is ons lichaam vooral communicatiegericht. Een knikje of een fronsje, een aanmoedigende glimlach of een knipoog van verstandhouding, een stevige handdruk of een liefdevolle streling: het lichaam spreekt. Uiteraard en op de eerste plaats met de stem in het gesproken woord, maar eveneens onuitgesproken vanuit zichzelf. Er bestaat immers zoiets als lichaamstaal.

     

    De taal van de seksualiteit

    Binnen deze lichaamstaal speelt de seksualiteit ongetwijfeld een relatieve, maar soms ook een doorslaggevende rol. Door hun structuur en werking houden de mannelijke en vrouwelijke

    geslachtsorganen een belofte tot communicatie en een waarborg tot vruchtbaarheid in. Ze laten toe een mogelijke omhelzing van lichaam en hart aan te voelen. Ze dragen de kiem in zich van het leven dat daaruit kan voortkomen. Deze twee aspecten zijn trouwens nauw met elkaar verbonden: de seksualiteit als ruimte van fysieke en geestelijke communicatie en de seksualiteit als genitaal vermogen tot voortplanting. De menselijke geslachtsorganen zijn er zo op ingesteld dat ze oproepen tot de vleselijke eenwording van man en vrouw ‘van aangezicht tot aangezicht’, wat uitzonderlijk is in de dierenwereld. Uit zichzelf lenen ze zich tot het persoonlijke intersubjectieve taalgebruik. Maar tegelijkertijd is de menselijke seksualiteit objectief gericht op de voortplanting. Het gehele productieproces van de spermatozoïden, de gehele vrouwelijke cyclus met zijn arsenaal aan hormonen en het complexe mechanisme van de ovulatie, en tenslotte de gehele fysiologie van de geslachtsdaad, dat alles geeft uitdrukking aan de volhardende vindingrijkheid van de natuur om de biologische bevruchting toe te laten en het doorgeven van het leven te verzekeren. Dit objectief taalgebruik van de organen en hun ontmoeting is een onmiskenbaar onderdeel van de menselijke seksualiteit. In staat zijn te verwekken én tegelijkertijd tederheid en vreugde kunnen delen: daaruit spreekt de grootsheid en de waardigheid van het lichaam als zetel van communicatie.

     

    Zwaarwichtigheid en ondoorzichtigheid van het lichaam

    Maar het kan niet geloochend worden dat het lichaam ook zijn lasten en tragiek kent. In zijn gerichtheid op communicatie en uitwisseling is het lichaam ook een factor van afzondering en ondoorzichtigheid. Iedereen is door zijn lichaam in zekere zin in zichzelf opgesloten. Ik ben ik. En jij bent jij. Op onoverbrugbare ‘lichaamsafstand’ van elkaar. Wat gaat er schuil achter dat aangezicht? Welke leugen ligt misschien verdoken onder dat woord of gebaar? Zelfs in de seksuele eenwording kunnen partners totaal vreemden blijven voor elkaar.

    Ons lichaam maakt het ons mogelijk te handelen en de wereld te veranderen. Maar het stelt ons ook bloot aan pijn en ziekte, en leidt ons onverbiddelijk naar de beproeving van de dood. Er komt gewis een dag dat onze krachten zullen afnemen en ons lichaam het laat afweten. Het lichaam staat voor levendige activiteit, maar evenzeer voor lijdzame passiviteit.

     

    De anarchie van het seksuele instinct

    Mensen raken bovendien in verwarring door het falen van het lichaam: ongeneeslijke ziekten, ernstige lichamelijke of geestelijke handicaps enzovoort. Armzalig lichaam... Zelfs in het liefhebbende, vreugdevolle en levengevende vermogen dat de seksualiteit is, schuilen sombere aspecten die de dood oproepen. In de seksuele drift uit zich een kracht die - gelukkig maar - voorbijgaat aan de helderheid van het geweten. Dit laat de seksuele liefde toe om levensbelangrijke liefkozing te zijn, een extase van hart en lichaam.

    Maar in het instinct schuilen ook een blind geweld en een ongeordende drift, die iets woest en dierlijks oproepen en die ook een mogelijke doodsbedreiging verhullen.

     

    Tussen de aftakeling en de heerlijkheid: ons huidig lichaam

    Een christen kan niet onverschillig blijven tegenover deze dubbelzinnigheid van het lichaam. Hij weet dat het lichaam, zoals hij het nu ervaart, niet aan zijn uiteindelijke waarheid toe is. We zijn slechts een schim van wat we zullen zijn bij de opstanding. Bovendien behoren wij in alles wat we zijn, met inbegrip van ons lichaam, tot een gebroken wereld, tot een schepping ‘onderworpen aan een zinloos bestaan’, zoals Paulus het uitdrukt (Rom. 8, 20). We zijn vervreemd van de integriteit van de prille schepping, en kennen de pracht van de nieuwe wereld nog niet. Het lichaam en het seksuele onderscheid tussen man en vrouw maken deel uit van het initiële scheppingsplan van God, en zullen nooit kunnen worden weggecijferd. Wij zijn wezens van vlees en bloed, mannen en vrouwen voor de eeuwigheid. Maar in onze huidige lichamelijke toestand en in onze beleving van de seksualiteit merken we aspecten die betrekking hebben op de gevallen wereld waarin we ons bevinden. Zij zullen verdwijnen op de dag van de verrijzenis en wellicht behoorden zij niet tot het menselijke bestaan vóór de zonde. Zegt Jezus, wanneer Hij het heeft over de nieuwe wereld van de verrijzenis, niet zelf: ‘Die waardig zijn gekeurd deel te krijgen aan de andere wereld en aan de verrijzenis uit de doden, huwen niet en worden niet ten huwelijk gegeven. Zij kunnen immers niet meer sterven, omdat zij gelijk engelen zijn’ (Lc. 20, 35-36a). Dit betekent niet dat we in het eeuwig leven geen lichaam meer zullen hebben en niet langer man of vrouw zullen zijn, maar wel dat we, niet meer bedreigd door de dood, deze laatste niet hoeven te bezweren door de seksuele voortplanting. Kortom, een volgeling van Jezus is bijzonder gevoelig voor het feit dat in deze wereld het lichaam en de seksualiteit, hoewel fundamenteel goed, getekend zijn door een zekere dubbelzinnigheid. Grootsheid en tragiek van het lichaam.

    En toch, het is precies dit lichaam dat God, volgens het christelijk geloof, voorbestemt voor de heerlijkheid. Hij geeft het nu reeds een weergaloze waardigheid, tot in zijn seksuele dimensie toe. Zozeer zelfs dat we over het christendom kunnen spreken als een ‘godsdienst van het lichaam’.

     

     

     

    Het christendom: een godsdienst van het lichaam

     

    De christelijke verheerlijking van het lichaam

    De Kerk wordt er wel eens van beschuldigd het lichaam te geringschatten en de seksualiteit te misprijzen. Natuurlijk zijn misvattingen altijd mogelijk en het kan dat pessimistische geesten van de huidige dubbelzinnigheid van het lichaam en de seksualiteit enkel de negatieve signalen onthouden. Maar in de gehele mensengeschiedenis vertolkt Jezus’ Kerk in essentie de meest positieve boodschap over de menselijke lichamelijkheid.

     

    God heeft een lichaam en een vrouw is de moeder van het vleesgeworden Woord

    Als christenen belijden we dat God zelf voor eeuwig is belichaamd in Jezus. Want Hij is de vleesgeworden Zoon van God in onze geschiedenis. Jezus’ lichaam is dus werkelijk Gods lichaam. Dat is het geladen waagstuk in de godsdienst van de incarnatie die het christelijk geloof is: een menselijk lichaam, het lichaam van Jezus, is in vlees en bloed het lichaam van de goddelijke Persoon!

    Zoals elk menselijk lichaam is Jezus’ lichaam geboren uit een vrouw, Maria van Nazareth, verloofde van Jozef. Zeker, Maria is maagd, vermits Jezus, als waarlijk mens, geboren moet worden uit een vrouw, maar, als waarlijk God, geen andere vader kan hebben dan God zelf, die Hij trouwens op unieke wijze ‘zijn Vader’ noemt. Maar het blijft even waar dat de Kerk Maria vereert als echte moeder van Jezus, en dus — vermits Jezus waarlijk God is — als moeder Gods. Er is met andere woorden een vrouw uit ons mensengeslacht die het fysieke lichaam van God in haar werkelijk maagdelijke moederschoot heeft gedragen en aldus het geïncarneerde Woord, de vleesgeworden Zoon van God heeft gebaard.

     

    Jezus’ genezende, vernederde en verheerlijkte lichaam

    Omdat Jezus’ lichaam het menselijk lichaam van God is, is het een bron van genezing en heil voor de gehele mensheid. De opdringende menigte die Hem trachtte aan te raken, omdat er een kracht van Hem uitging die hen allen genas (cf. Lc. 8,46), had het niet verkeerd.

    Is het niet door zijn lichaam van vlees en bloed - bespuwd, gegeseld, gekruisigd en doorboord - dat Jezus, zoals Petrus het schrijft, onze zonden op het kruishout heeft gedragen en dat wij door zijn striemen zijn genezen, opdat we, verlost van de zonden, zouden gaan leven voor de gerechtigheid (cf. 1P. 2, 24)? En is het ook niet dat lichaam van Jezus, geboren uit de Maagd Maria en geslachtofferd op het kruis, dat de Vaderde derde dag heeft opgewekt, om de uiteindelijke bestemming van de mens, namelijk de verheerlijking te openbaren? Ook dat is een waagstuk van de christelijke incarnatiegodsdienst: in zijn gekruisigde lichaam heeft Jezus, de mensgeworden Zoon van God, het gewicht van onze zonden en onze dood gedragen — in zijn verheerlijkte lichaam heeft Hij gezegevierd en het onvergankelijke leven van de nieuwe wereld geopenbaard!

     

    Werkelijk aanwezig lichaam in de eucharistie

    Laten we vooral niet geloven dat sinds de verrijzenis en de Hemelvaart Jezus’ lichaam, totaal vervreemd aan onze huidige toestand, ergens rondzweeft in het hemelrijk. Neen! Terwijl het geheel toebehoort aan de nieuwe wereld van de opstanding, blijft Jezus’ lichaam voor ons toegankelijk in de eucharistie die de Kerk ons biedt. Wanneer we de geconsacreerde hostie nuttigen, nemen we Gods lichaam tot ons en hebben we deel aan het lichaam van Hem die onze zonden gedragen heeft op het kruis. Wanneer we drinken van de geconsacreerde wijn, ontvangen wij Jezus’ bloed dat uit zijn handen, zijn voeten en zijn doorboorde zijde is gevloeid. Wanneer wij de eucharistie krijgen, ontvangen wij het verheerlijkte lichaam van onze verrezen Heer. En bij de verering van het Heilig Sacrament aanbidden we het allerheiligste lichaam van de Eerstgeborene onder de doden, van Hem die ons op een dag zal verwelkomen in de nieuwe hemel en de nieuwe aarde die op Pasen door hem zijn aangebroken.

     

    De heerlijkheid van ons lichaam

    Maar er is nog meer. Sinds ons doopsel zijn wij ingelijfd in Jezus’ leven en voorbestemd voor dezelfde transformatie. Nu reeds is ons lichaam van vlees en bloed een tempel die bewoond wordt door de drie goddelijke Personen. Dat is de prachtige waardigheid van ons lichaam, zelfs in zijn bescheidenheid en huidige dubbelzinnigheid! Ons lichaam dat de Geest van de Vader en Jezus tot zijn huis maakt; ons lichaam dat gevoed wordt door het verrezen Lichaam van de Heer; ons lichaam geschapen tot heerlijkheid... Want de opstanding is ons toegezegd, Jezus’ verrijzenis achterna. God heeft ons lichaam niet gemaakt om te vergaan in een graf of om weer te keren tot stof en as. Neen, Hij maakte je lichaam tot het jouwe, tot je unieke lichaam, voor het leven zonder einde. Wie anders buiten de Kerk houdt er een zo gewaagd taalgebruik op na over de oneindige waardigheid en de eeuwige bestemming van het menselijke lichaam?

     

     

    In het eerste deel van onze overwegingen rond het sacrament van het huwelijk (zie: Pastoralia, mei 2011) ontdekten we wat een enorme waardigheid Jezus toekende aan ons aardse lichaam. Is dat echter eveneens het geval wat de seksuele dimensie van onze persoon en de menselijke liefde betreft?[2]

     

     

    DE GROOTSHEID VAN DE MENSELIJKE LIEFDE

     

    ‘Man en vrouw schiep Hij hen’

    De hele Bijbel spreekt ons over de zegen die rust op de menselijke liefde en bijgevolg ook op de seksualiteit. Staat er in het boek Genesis niet reeds te lezen: ‘God schiep de mens als zijn beeld; als het beeld van God schiep Hij hem; man en vrouw schiep Hij hen’ (Gen. 1, 27). Het seksuele onderscheid tussen man en vrouw wordt dus in verband gebracht met de schepping zelf van de mens naar het beeld van God! Dit geeft aan dat man en vrouw, doorheen hun menselijke liefde en haar vruchtbare gerichtheid op een kind, een gemeenschap beleven die wonderbaarlijk op deze van God als drie-eenheid gelijkt.

     

    Een liefdeslied in de Bijbel

    Een Oudtestamentisch boek is volledig gewijd aan het bezingen van de hartstochtelijke liefde die man en vrouw verenigt. Dat liefdeslied waarin ruim aandacht wordt besteed aan een welbegrepen erotiek, maakt dus deel uit van de Bijbelse openbaring, het Woord Gods aan de mensheid. Het gaat om het Hooglied, waarvan volgende verzen het bekendste zijn:

     

    ‘Ik ben van mijn lief;

    naar mij gaat zijn verlangen uit.

    Kom, mijn lief laten wij naar buiten gaan,

    laten we overnachten in de dorpen.

    Dan trekken we ‘s ochtends vroeg

    de wijngaarden in

    om te zien of de wijnstok al uitbot,

    of de knoppen zijn opengebroken

    en de granaatbomen al bloeien.

    Dan zal ik je met liefkozingen overstelpen!

    (Hoogl. 7, 11-13)

     

    Is dat niet de poëtische duiding van wat het boek Genesis al verwoordde: ‘Zo komt het dat een man zijn vader en zijn moeder verlaat en zich zo aan zijn vrouw hecht, dat zij volkomen één worden’ (Gen. 2,24)?

     

    Het liefdeshuwelijk van Jezus

    Jezus zelf heeft de echtelijke liefde gezegend. Niet enkel door zijn aanwezigheid op de bruiloft te Kana (cf. Joh. 2, 1-12) en zijn uitdrukkelijke afwijzing van echtscheiding en hertrouw (cf. Mc. 10, 1-12), maar door zelf het grootste liefdeshuwelijk van de hele mensengeschiedenis aan te gaan.

    Voor een goed begrip: Jezus is ongehuwd gebleven. En Maria-Magdalena was niet zijn  geliefde! Het tegendeel zou trouwens ondenkbaar zijn. Hoe ZOU de mensgeworden Zoon van God, neergedaald voor het heil van allen, zich exclusief hebben kunnen binden aan één welbepaalde persoon? Het is juist de liefde waarin Jezus zich wegschenkt aan de gehele mensheid, die door het Nieuwe Testament als een waar huwelijksverbond wordt beschouwd.

     

    ‘Ik neem u als mijn bruid, voor altijd’

    Het Oude Testament had de liefde van de Heer voor zijn volk al verwoord in termen van een echtelijke verbintenis tussen man en vrouw: ‘Ik neem u als mijn bruid, voor altijd, als mijn bruid, in recht en gerechtigheid, in goedheid en mededogen, als mijn bruid, in trouw: dan zult u de Heer leren kennen’ (Hos. 2, 21-22). In lijn met deze traditie begreep ook Sint-Paulus op  dezelfde wijze de liefde van Christus voor zijn Kerk. Zo schrijft hij: ‘Mannen, heb uw vrouw lief, zoals ook Christus de Kerk heeft liefgehad en zich voor haar heeft overgeleverd om haar heilig en rein te maken, door het waterbad en het woord, om haar tot zich te voeren in haar luister, zonder vlek of rimpel of iets dergelijks, maar heilig en onbesmet’ (Ef 5, 25-27).

     

    De Kerk is Iemand!

    Om de betekenis van deze tekst ten volle te vatten, moet men begrijpen dat voor Jezus de Kerk niet datgene is waarvoor men ze soms houdt, namelijk een organisatie, een anoniem instituut of een of ander verbazingwekkend ‘apparaat’. Voor Jezus is de Kerk Iemand. De Kerk, dat zijn wij allen. In Jezus’ ogen is de Kerk dat deel van de mensheid, dat zich van zijn liefde laat doordringen en die liefde ook beantwoordt. Voor Jezus is de Kerk, in zijn tedere liefde voor alle schepselen, de uitverkoren partner. Vandaar dat de Kerk in haar diepste wezen gesymboliseerd wordt door een levende persoon, een vrouw, de Maagd Maria.

     

    De Kerk, bruid van Christus

    In dit perspectief zijn de woorden van Paulus bijzonder veelzeggend. Christus hield en houdt van de Kerk zoals een persoon een ander kan liefhebben, zoals een man kan houden van een vrouw. Hij heeft zichzelf voor haar overgeleverd aan het kruis. Doorheen de geschiedenis heeft Hij haar gezuiverd en geheiligd door het doopwater. Telkens over een nieuw kind van God de rituele woorden: ‘Ik doop u in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest’ worden uitgesproken, onttrekt Jezus opnieuw een mensenkind aan de macht van het kwade. Hij neemt het op in zijn teerbeminde bruid, van wie Hij wenst dat ze heilig en onbevlekt is, met name de Kerk.

     

    Het grote mysterie van de liefde en de seksualiteit

    Christenen worden uitgenodigd om de ultieme draagwijdte van de liefde tussen man en vrouw te plaatsen binnen deze liefde van Christus voor zijn bruid, en uiteindelijk ook de diepe betekenis van de seksualiteit te kaderen in dit huwelijksverbond russen Jezus en ons die zijn Kerk uitmaken. Verwijzend naar de mysterievolle grootsheid van de menselijke liefde, benadrukt Paulus dan ook wat verder in zijn brief ‘Dit geheim is groot. Ikzelf betrek het op Christus en de Kerk’ (Ef 5,32).

    Het is niet toevallig dat Jezus, Zoon van God - een man dus - in deze wereld is gekomen en dat de Kerk in wezen vrouwelijk is (de geliefde, de bruid, de moeder) en in haar geheel wordt verpersoonlijkt door een vrouw, Maria! Niet voor niets schiep God hen ‘in het begin’ als man en vrouw. Dat alles betekent dat de menselijke liefde ingeschreven is in het hart van de Schepper zelf en dat de echtelijke vereniging van man en vrouw onlosmakelijk verbonden is met de grootste liefdesdaad uit de geschiedenis: de liefde van Jezus die op het kruis zijn bloed vergiet tot heil van de mensheid.

    Nu rest ons nog de belangrijkste kenmerken te benadrukken van dit liefdesverbond russen Hem die de theologen wel eens ‘de Nieuwe Adam’ noemen - te weten Jezus en haar die ze aanduiden als ‘de Nieuwe Eva’ - namelijk de Kerk, verpersoonlijkt door Maria.

     

     

    HOE HEEFT JEZUS ZIJN BRUID LIEF?

     

    Het liefdesverbond tussen Jezus en ons, zijn Kerk, heeft vier bijzondere kenmerken. Ze geven een aanzet om het wezenlijke van het christelijke seksualiteitsbegrip (dat uiteraard ook vatbaar is voor een filosofische reflectie) op het spoor te komen. Ze zullen ons ook toelaten verder in te gaan op enkele aspecten van het christelijke huwelijk.

     

    Een authentieke zelfgave

    De liefde van Jezus toont zich allereerst in een waar verbond, dat echter meteen ook een zichzelf wegschenken aan een ander in zich draagt. Jezus’ liefde is niet narcistisch, niet op zichzelf gericht. Naar het beeld van de eeuwige God - liefdeseenheid tussen de drie goddelijke personen — cijfert Jezus’ liefde zichzelf in overgave weg. ‘Christus heeft de Kerk liefgehad en heeft zich voor haar overgeleverd’ (Ef. 5, 25). En Paulus voegt eraan toe: ‘Mijn sterfelijk leven is een leven in het geloof in de Zoon van God, die mij heeft liefgehad en zichzelf heeft overgeleverd voor mij’ (Gal. 2, 20).

     

    Een liefde van hart en lichaam, die uitmondt in het bruiloftsmaal van de Eucharistie

    Dit verbond is tegelijk spiritueel en lichamelijk. Her eerste spreekt voor zich: Jezus bemint ons met heel zijn verstand, heel zijn wil en heel zijn hart — dus op authentiek spirituele wijze. Maar - en dat is minstens even belangrijk - Hij bemint ons ook op een manier die we met enige omzichtigheid ‘lichamelijk’ kunnen noemen. Want inderdaad, om ons helemaal te redden, om het Lichaam van zijn Kerk te vrijwaren, stemde Hij ermee in zijn lichaam van vlees en bloed voor haar te offeren.

    Is dat niet de ware lichamelijke liefde? Maar er is meer. Her christelijke geloof durft het aan een diepe gelijkenis te zien tussen Jezus’ liefde voor de Kerk - liefde die ons wordt aangeboden in de Eucharistie - en de lichamelijke liefde tussen man en vrouw. In de seksuele ontmoeting komt, na de dialoog en het liefdesspel, het moment dat de man zijn zaad, vanuit zijn meest intiemste ik, toevertrouwt aan de schoot van de vrouw. Het is het moment van stilzwijgende eenwording, van gedeeld welbehagen, gewoonlijk gevolgd door enkele ogenblikken van rust, van louter samenzijn in gemeenschappelijke dankbaarheid voor de voldoening en de vreugde, die werd gegeven en ontvangen.

    Mits de nodige omzettingen en zonder verschillende taalregisters te verwarren, kan hetzelfde gezegd worden over het eucharistische bruidsmaal tussen de Christus-Bruidegom en zijn Kerk-Bruid. Na een moment van luisterbereidheid - de dienst van het Woord - en na een moment van wederzijdse aanwezigheid - de eucharistische dienst - , komt het moment van de communie. In een grootse beweging van liefde schenkt de Heer daarbij vanuit zijn diepste menselijkheid het levenszaad, zijn eucharistisch Lichaam: ‘Dit is mijn lichaam, dat voor u gegeven wordt.’ Dat levenszaad vertrouwt Hij toe aan ons vlees, legt Hij in de schoot van zijn Kerk. Het is het moment van stilzwijgende eenwording (communio), van wederzijds welbehagen waarbij de Kerk - dat wil zeggen: elk van ons - zoals de bruid uit het Hooglied zachtjes kan fluisteren: ‘Ik ben van mijn lief en mijn lief is van mij’ (Hoogl. 6, 3). Daarna volgt een moment van dankzegging en gemeenschappelijke rust. Jezus vindt rust in ons en wij vinden rust in Jezus. Hierbij zijn we hem dankbaar om zijn aanwezigheid en trachten wij zijn liefde voor ons te beantwoorden met onze liefde voor hem.

     

    ‘Met eeuwige liefde ontferm Ik mij over u’

    Het huwelijksverbond tussen Christus en zijn Kerk is ook een onverbrekelijk verbond. Onverbrekelijk omdat, ongeacht onze ontrouw of zelfs ons verraad, de Heer ons eeuwig trouw blijft. Eenmaal gesloten kan het verbond - tenminste vanuit zijn kant — niet verbroken worden. ‘Al wijken de bergen en wankelen de heuvels, mijn gunst wijkt niet van u, en mijn vredesverbond wankelt nooit,’ zegt de Heer (Jes. 54, 10). Dat is ook wat Jezus ons wou duidelijk maken doorheen zijn hele lijdensverhaal, zijn gegeseld lichaam, zijn vergoten bloed en zijn doorboorde hart: ‘Met eeuwige liefde ontferm Ik mij over u’ (Jes. 54, 8); ‘tot het uiterste gaat mijn liefde’ (cf. Joh. 13, 1).

     

    Een mateloze en vruchtbare liefde

    Het onverbrekelijke en trouwe verbond van Christus en de Kerk is ten slotte vruchtbaar: het is een bron van leven. Vanuit deze liefde zijn wij als christenen geboren voor het nieuwe leven in het rijk Gods. We noemen de Kerk ook dikwijls ‘onze moeder de heilige Kerk’, waarin wordt uitgedrukt dat de ontelbare gedoopten allen kinderen zijn van deze liefde. Ze zijn de mateloze vrucht van het huwelijk tussen Jezus en zijn Kerk, ingezegend op her Kruis en voltrokken in de Eucharistie. Dat alles opent enkele perspectieven…

     

     

     

    + André-Jozef Léonard,

    aartsbisschop van Mechelen-Brussel

     

     

     



    [1] Pastoralia, nr 5, mei 2011.

    [2] Pastoralia juni 2011, nr 6


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wederom een artikel van mijn hand.
    Wederom een artikel van mijn hand.
    Dit keer over de wordingsgeschiedenis van de staat Israël.

    In Christus en Maria verenigd,

    Hubert Luns.

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.JEZUS TOT MIDDELPUNT VAN JE LEVEN MAKEN.

    JEZUS TOT MIDDELPUNT VAN JE LEVEN MAKEN.

    groetjes,Frank.

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Gebedsgroep “Koningin van de Vrede”

    Gebedsgroep “Koningin van de Vrede”

    p/a Hengelhoefstraat 177

    3600 Genk

    Tel. 089-355100 of 089-385077

    Email mia.stassen@telenet.be

    Zaterdag 23 juni gaan we bij voldoende inschrijvingen met een bus naar de LANXESS arena te Keulen, Duitsland (zoals in 2010). Hier zal dan weer de gebedsdag van de ‘Vrouwe van alle Volkeren’ plaats vinden. Er zal aanbidding zijn, biechtgelegenheid, getuigenissen en voordrachten. Een pontificale Hoogmis om 16u, waarbij de hoofdcelebrant de aartsbisschop van Keulen Kardinaal Meisner zal zijn, samen met de bisschop van Haarlem-Amsterdam Mgr. Punt en ter afsluiting de toewijding aan het Onbevlekt Hart van Maria.

    We vertrekken aan de kerk van de gebedsgroep te Genk in de Hengelhoefstraat om 7u 15.

    Maandag 8 oktober tot en met vrijdag 12 oktober hopen we met veel mensen de retraite van zuster Margaritha te kunnen meemaken in Helvoirt (Ned.). We vertrekken op 8 oktober met een bus aan de kerk van de gebedsgroep in de Hengelhoefstraat. De tijd van vertrek op 8 oktober staat nog niet vast.

    De prijs van deze vijfdaagse retraite met inbegrip van de reis bedraagt 240 euro.

    Het boek “Jezus leeft vandaag” van zuster Margaritha is te verkrijgen aan 7 euro

    Het zijn mooie en genadevolle dagen die ons geboden worden, probeer aan de oproep van Onze Lieve Vrouw te beantwoorden: “Bid, bid, bid!”

    Maria Koningin van de Vrede bid Gij voor ons


    07-06-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Naar de hel en weer terug.
     

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Boodschappen voor de nieuwe tijd.

    Tweede verschijning van de H. Aartsengel Raphael.

     

        In de nacht van 13 op 14 juni 1985 werd ik wakker door een tik op de linkerschouder. Toen ik opkeek naar de achterkant van het bed, zag ik opnieuw “dezelfde gestalte” als in augustus 1984. Deze keer zag ik alles veel duidelijker. Zijn gezicht was duidelijk te zien; het was het gezicht van een jonge man. Zijn leeftijd schat ik op 25-28 jaar. Hij was groot en fors. Tevens zag ik zijn kleed, wat crèmekleurig was (glansstof) en er speelde een glimlach om zijn mond.

        Toen ik wilde vragen “Waarom bent u zo blij?” zei hij: “U moet dat weten want vandaag is het de dag van het H. Sacrament en het liefdeshart van Jezus.” Vervolgens boog hij zeer diep en eerbiedig. Toen zei hij, dat het Jezus heel erg blij maakt, wanneer men Hem vaak opzoekt in de H. Eucharistie. Ik heb toen beloofd  elke vrijdag de H. Mis bij te wonen. Hierop  antwoordde hij: “Dat zal veel vreugde aan het liefdeshart van Jezus brengen.” Bij het uitspreken van de naam Jezus boog hij steeds zeer diep en eerbiedig, met de handen gevouwen.

        Daarna vroeg ik: “Is het goed, wat wij doen in onze geloofsgemeenschap?” Waarop  hij reageerde: “Zeer binnenkort zult u in uw gemeenschap, welke staat onder de leiding van goede priesters, een vreugdevolle dag beleven. Daaraan zult u duidelijk zien dat het goed is. Door toedoen van een gezant van Hem, die Hij zond.” Daarna zei hij: “U moet zich stellen onder leiding van een goede priester.” Daarop vroeg ik: “Bedoelt u pater (N.1) of ...?” Toen ik de naam van pater (N.2) wilde uitspreken kwam ik niet zover. Hij zei: “De priester die nu in uw gedachten is zal geschikt zijn. Deze priester is op de hoogte van het hele verloop en staat dicht bij uw gemeenschap.”

        Vervolgens wilde ik informeren naar de gesteldheid van een ernstig zieke jongeman. Zonder deze vraag uit te spreken kreeg ik als  antwoord: “Alleen door handoplegging en het aanroepen van de naam Jezus Christus zal deze jongeman genezen. Voeg daarbij uw gebed en dat van uw gemeenschap en dit zal ten goede komen aan zijn genezing. Het zou goed zijn dat u zich door gebed geheel geeft aan uw Schepper en dat u dit alles op schrift stelt. Spoedig zal ik terugkomen.” Langzaam vervaagde “de gestalte” en verdween.

    Wim Holtschlag.

    Wordt vervolgd.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Kruistochtgebed (58) ‘Kruistocht om bekering’

    Kruistochtgebed (58) ‘Kruistocht om bekering’

     

    Donderdag 31 mei 2012   21.00u

     

    Kruistochtgebed dat aan de wereld gegeven werd door de H. Maagd Maria, de Moeder van de Verlossing.

     

    Ik verzoek jullie dringend, kinderen, om de maand juni te wijden aan de bekering van de mensheid en ervoor te zorgen dat zij streven naar redding.

     

    Noem deze maand de ‘maand van de Kruistocht om bekering’ en bid eendrachtig door middel van gebedsgroepen doorheen de wereld.

     

    Hier is het kruistochtgebed voor de Kruistocht om bekering.

     

    Kruistochtgebed (58) ‘Gebed voor de Kruistocht om bekering’

     

    O lieve Jezus,

    ik roep U op om al Gods kinderen te omhelzen

    en hen te bedekken met Uw Kostbaar Bloed.

    Laat iedere druppel van Uw Bloed elke ziel bedekken

    om hen af te schermen van de Boze.

     

    Open het hart van allen,

    in het bijzonder van de verharde zielen

    en van diegenen die U kennen maar die besmeurd zijn met de zonde van hoogmoed,

    om neer te vallen en te smeken dat het licht van Uw liefde hun ziel overspoelt.

     

    Open hun ogen om de waarheid te zien

    zodat de dageraad van Uw Goddelijke Barmhartigheid op hen zal neerstromen

    waardoor zij bedekt worden met de stralen van Uw barmhartigheid.

    Bekeer alle zielen door de genaden die ik U nu vraag (persoonlijke intentie).

     

    Ik smeek U om barmhartigheid en bied U dit geschenk van vasten aan,

    gedurende één dag elke week van deze junimaand,

    als boetedoening voor alle zonden.

    Amen.

     

    Kinderen, jullie moeten elke week gedurende één dag vasten in de junimaand.

     

    Jullie moeten Mijn Rozenkrans en het Kroontje van de Goddelijke Barmhartigheid dagelijks bidden.

     

    Door dat te doen, kinderen, zullen jullie de ziel van miljoenen redden door de barmhartigheid van Mijn Zoon, Jezus Christus.

     

    Jullie geliefde Moeder

    Moeder van de Verlossing

     

     


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.BOODSCHAP. H. Maagd Maria: Juni, de maand van de Kruistocht om bekering.

    H. Maagd Maria: Juni, de maand van de Kruistocht om bekering.

     

    Donderdag 31 mei 2012   21.00u

     

    Mijn kind, alles wordt in het werk gesteld, door Satan en die zielen die hij besmet heeft, om het allerheiligste woord van Mijn Zoon te ondermijnen.

     

    Denk er altijd aan dat Satan de eerste zaadjes van twijfel in het hart van de uitverkoren zielen zaait.

     

    De grootste afkeuring zal over deze boodschappen uitgestort worden door diegenen die intiem verenigd zijn met Mijn dierbare Zoon.

     

    Wanneer Satan dat doet, wint hij zielen.

     

    Laat hem dat niet doen, Mijn kind! Loop weg en laat je niet met hem in!

     

    Mijn Zoon verdedigt Zijn heilig woord nooit en zo zou jij evenmin mogen bezwijken voor deze bekoring.

     

    De omvang van de satanische invloed neemt toe en verspreid zich doorheen de wereld.

     

    Mijn arme kinderen lijden zozeer en Ik huil tranen van verdriet als Ik hun verslagenheid en smart zie.

     

    Mijn kinderen, bid in deze tijd om vrede zodat overal Gods kinderen zich om kracht tot Mijn Zoon wenden.

     

    Enkel een goddelijke tussenkomst, geschonken door de genaden die verleend worden door jullie gebeden, kunnen jullie pijn en lijden verlichten.

     

    Mijn Zoon hunkert ernaar dat de zielen zich tot Hem wenden, want alleen Hij kan de troost bieden die zij nodig hebben. Niets anders zal soelaas bieden voor de kwelling die jullie nu doorstaan.

     

    Ik verzoek jullie dringend, kinderen, om de maand juni te wijden aan de bekering van de mensheid en ervoor te zorgen dat zij streven naar redding.

     

    Noem deze maand de ‘maand van de Kruistocht om bekering’ en bid eendrachtig door middel van gebedsgroepen doorheen de wereld.

     

    Hier is het kruistochtgebed voor de Kruistocht om bekering.

     

    Kruistochtgebed (58) ‘Gebed voor de Kruistocht om bekering’

     

    O lieve Jezus,

    ik roep U op om al Gods kinderen te omhelzen

    en hen te bedekken met Uw Kostbaar Bloed.

    Laat iedere druppel van Uw Bloed elke ziel bedekken

    om hen af te schermen van de Boze.

     

    Open het hart van allen,

    in het bijzonder van de verharde zielen

    en van diegenen die U kennen maar die besmeurd zijn met de zonde van hoogmoed,

    om neer te vallen en te smeken dat het licht van Uw liefde hun ziel overspoelt.

     

    Open hun ogen om de waarheid te zien

    zodat de dageraad van Uw Goddelijke Barmhartigheid op hen zal neerstromen

    waardoor zij bedekt worden met de stralen van Uw barmhartigheid.

    Bekeer alle zielen door de genaden die ik U nu vraag (persoonlijke intentie).

     

    Ik smeek U om barmhartigheid en bied U dit geschenk van vasten aan,

    gedurende één dag elke week van deze junimaand,

    als boetedoening voor alle zonden.

    Amen.

     

    Kinderen, jullie moeten elke week gedurende één dag vasten in de junimaand.

     

    Jullie moeten Mijn Rozenkrans en het Kroontje van de Goddelijke Barmhartigheid dagelijks bidden.

     

    Door dat te doen, kinderen, zullen jullie de ziel van miljoenen redden door de barmhartigheid van Mijn Zoon, Jezus Christus.

     

    Jullie geliefde Moeder

    Moeder van de Verlossing

     


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.BOODSCHAP. Mijn doodsstrijd in de Hof wordt nogmaals herbeleefd en Ik lig dubbelgevouwen door de pijn van het lijden.

    Mijn doodsstrijd in de Hof wordt nogmaals herbeleefd en Ik lig dubbelgevouwen door de pijn van het lijden.

     

    Woensdag 30 mei 2012   15.30u

     

    Mijn zeer geliefde dochter, de kwelling jou aangedaan door diegenen met een gebrek aan ware nederigheid, maar die beweren in Mijn naam te spreken, zal nu heviger worden.

     

    Luister naar geen andere stem dan de Mijne. Laat je niet in met, of reageer niet op, diegenen die Mij beledigen.

     

    Zij hebben toegelaten dat de menselijke hoogmoed Mij verspert, en dat alleen is nog niet genoeg, bovendien vervolgen zij Mij.

     

    Mijn Tweede Komst zal vergelijkbaar zijn met de gebeurtenissen die gedurende Mijn eerste tijd op aarde plaatsvonden.

     

    Mijn heilig woord zal in twijfel getrokken, bekritiseerd, afgewezen en vervolgens verworpen worden.

     

    De eerste om Mij te verwerpen, zal Mijn eigen familie zijn, die zielen die het meest van Mij houden. Zij zullen op de voorste rij staan om de eerste steen te gooien.

     

    Mijn doodsstrijd in de Hof wordt nogmaals herbeleefd en Ik lig dubbelgevouwen door de pijn van het lijden.

     

    Ik stond doodsangsten uit door de zonden van de mensheid, niet enkel van diegenen die toen leefden maar ook door diegenen die Mij vandaag de dag verwerpen. Diegenen die Mij tegenwoordig verwerpen, doen Mij meer pijn daar Ik voor hun zonden gestorven ben. Zij hebben niets geleerd.

     

    Bovendien zijn diegenen - die met Mij de spot dreven en Mijn oog door de doorn, de scherpste van de doornenkroon, verscheurden – de vertegenwoordigers van Mijn Kerk op aarde.

     

    Zij willen Mijn Tweede Komst of de waarschuwingen die Ik hen openbaar, niet aanvaarden.

     

    Elk woord dat uit Mijn mond komt, wordt verslonden door de nederige zielen, net als kinderen in hongersnood.

     

    Maar diegenen, gevoed door de kennis van de waarheid over Mijn Leer, draaien hun hoofd om en kijken de andere kant op.

     

    Nederigheid is niet langer aanwezig in de ziel van veel van Mijn volgelingen waardoor zij niet in staat zullen zijn om voordeel te halen uit Mijn bijzondere genaden.

     

    Jullie kunnen Mij niet horen, tot jullie klein worden in de ogen van God.

     

    Jullie zullen de kracht van de Heilige Geest niet voelen, tot jullie de hoogmoed en de arrogantie hekelen.

     

    Wanneer jullie Mij vandaag verwerpen, kloppen jullie de eerste nagel in Mijn pols.

     

    Wanneer jullie, Mijn gewijde dienaren, Mijn heilig woord – dat jullie nu gegeven wordt – hekelen, drijven jullie de tweede nagel in Mijn andere pols.

     

    Wat die arme zielen betreft die geen interesse hebben voor Mijn Leer of voor de redding die Ik de wereld schonk door Mijn kruisdood: zij hebben niemand om hen de weg te wijzen.

     

    Zij zijn hier de slachtoffers. Zij worden niet naar Mij geleid. Er wordt hen de kans ontzegd om zich voor te bereiden op Mijn Tweede Komst.

     

    Ik roep thans al Mijn volgelingen op om zich voor te bereiden. De strijd onder de gelovigen zal weldra beginnen. De ene helft zal niet enkel deze boodschappen hekelen maar zij zullen ook trachten deze te verbieden.

     

    De andere helft zal deze benutten om anderen te bekeren.

     

    De eenvoudige, verdwaalde zielen, die Mij helemaal niet kennen, zullen Mij kennen zodra Ik hen tijdens de Waarschuwing de waarheid openbaar.

     

    Voor hen zal het gemakkelijker zijn om de waarheid in te zien dan voor diegenen die zeggen dat ze van Mij houden maar die Mij verloochenen.

     

    Dat is de reden waarom jullie moeten bidden om de genaden die jullie in staat stellen Mij te zien, Mij te horen en Mij toe te laten jullie voor te bereiden op Mijn Tweede Komst.

     

    Geloof nooit dat het gemakkelijk zal zijn om Mij – vooral in deze tijd, de Eindtijd – werkelijk te volgen.

     

    Want deze keer zal stil eerbetoon aan Mijn heilig woord niet genoeg zijn.

     

    Jullie zullen zoals een nieuwe rekruut in eender welk leger zijn. Jullie zullen jullie moeten bekwamen, jullie ziel doen herleven en tot Mij komen door de Sacramenten voordat jullie sterk genoeg en dapper genoeg zullen zijn om Mijn heilig woord te verspreiden.

     

    Jullie eerste taak zal bestaan uit de verspreiding van Mijn kruistochtgebeden.

     

    Jullie, Mijn strijdmacht, zullen de grootste kruistocht ooit voeren van Mijn heilige missie op aarde. Jullie zullen klein starten maar zullen aanzwellen tot 20 miljoen.

     

    De gebeden en het lijden van Mijn Restkerk kunnen genoeg zijn om de hele mensheid te redden. Vergeet nooit dat jullie gebeden de ziel van de zwaarste zondaars kunnen redden, zo krachtig is het gebed. Bereid jullie dus voor om samen te komen. Bereid jullie goed voor want er zullen pogingen ondernomen worden om jullie tegen te houden. Aanvaard de grove beledigingen die naar jullie geslingerd worden.

     

    Weet dat er allerlei argumenten jullie zullen voorgehouden worden om jullie te stoppen in jullie missie. Maar weet dat Ik jullie de weg wijs, jullie stuur en jullie sterk maak.

     

    Weet tevens dat jullie, Mijn strijdmacht, verantwoordelijk zullen zijn voor de redding van miljoenen zielen. Zielen die geen hoop zouden gehad hebben.

     

    Laat Mijn liefde jullie ziel raken en jullie eensgezind met elkaar verbinden, in vereniging met Mij, Jullie Jezus.

     

    Sta Mij toe jullie te bedekken met Mijn Kostbaar Bloed en laat Mij Mijn gaven schenken om jullie te helpen trouw te blijven aan Mij, zodat jullie Mijn oproep aan jullie op dit ogenblik nooit loochenen, hoe sterk de bekoring ook is.

     

    Ik zegen jullie allen, Mijn sterke strijdmacht.

     

    Ik zal jullie bij elke stap op de weg begeleiden in jullie opmars naar het Nieuw Tijdperk van Vrede.

     

    Jullie geliefde Redder

    Verlosser van de mensheid

    Jezus Christus


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.BOODSCHAP. Gebeden kunnen de gruwelijkheden, die gepland worden om aan te zetten tot het gebruik van kernbommen, afwenden.

    Gebeden kunnen de gruwelijkheden, die gepland worden om aan te zetten tot het gebruik van kernbommen, afwenden.

     

    Dinsdag 29 mei 2012   17.42u

     

    Mijn zeer geliefde dochter, Mijn profeten, Mijn boodschappers en al de ware zieners in deze wereld verenigen zich in de geest om in deze tijd Mijn heilig woord te verkondigen.

     

    Diegenen, uitgekozen voor de moeilijke missie ervoor te zorgen dat de zielen van de hele mensheid voorbereid worden op Mijn Tweede Komst, krijgen de opdracht de wereld toe te roepen.

     

    Zij zullen weldra aansporen tot dringend gebed om diegenen te helpen die in de komende oorlogen zullen lijden.

     

    De tijd, waarin oorlogen gaan uitbreken, is nabij en veel onschuldige zielen zullen de slachtoffers zijn van deze met haat vervulde terreur tegen Gods kinderen.

     

    Velen zullen tijdens deze oorlogen in verschillende richtingen getrokken worden en in het Midden-Oosten zal er veel verwarring heersen.

     

    Zo veel kleine oorlogen zullen escaleren.

     

    Zo veel partijen die aanvankelijk in alle richtingen versplinterd zijn, zullen opgaan in slechts een klein aantal partijen.

     

    Daarna zullen de grotere legers betrokken raken samen met veel naties die zich daarbij aansluiten.

     

    Hoe rollen Mijn tranen om dit verschrikkelijk onheil, aangevoerd onder invloed van Satan die zo snel mogelijk zo veel mogelijk mensen wil doden.

     

    Bid dat deze oorlogen afgezwakt worden.

     

    Bid dat Gods kinderen door hun gebeden deze gruwelijkheden, die gepland worden om aan te zetten tot het gebruik van kernbommen, kunnen afwenden.

     

    Mijn liefste dochter, Satan zal momenteel alles doen wat in zijn macht ligt om de Katholieke Kerk aan te zetten jou aan te klagen en deze boodschappen als ketterij uit te roepen.

     

    Je moet deze aanvallen negeren. Al diegenen, die Mijn onderrichtingen navolgen, moeten alleen maar hun hart volgen want zij zullen het gemakkelijk vinden om de waarheid te onderscheiden.

     

    Als aan Mijn profeten vanuit de Hemel de genaden - om bestand te zijn tegen dergelijke vervolging – niet gegeven werden, zou Mijn heilig woord - Mijn instructies om al Gods kinderen voor te bereiden op Mijn Tweede Komst – niet gehoord worden.

     

    Als, vanaf het begin der tijden, de koppige volharding van al Gods profeten en Gods boodschappers er niet geweest was, zouden Gods kinderen nog steeds onwetend zijn.

     

    Zodra de kennis jullie gegeven is, Mijn dierbare volgelingen, moeten jullie nooit bang zijn want dan volgen jullie het pad naar het Eeuwig Leven. Elk ander pad – los van de roemrijke, maar waardeloze, bekoringen die jullie naar het werelds vertoon toe trekken – zal jullie niet tot Mij voeren.

     

    Want als, en wanneer, de leugens over Mijn Heilige Eucharistie beginnen op te duiken, moeten jullie dapper zijn en heengaan.

     

    Bid om de kracht, de vastberadenheid en de moed om Mij te volgen op het uiteindelijke pad naar redding.

     

    Jullie geliefde Jezus


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Sacramentsdag.

    AVE MARIA
    Abbaye Saint-Joseph de Clairval
    21150 Flavigny sur Ozerain
    France

    email : abdij@clairval.com

    Brief van 7 juni 2012,
    Sacramentsdag

    Dierbare Vrienden,

    «Haal onmiddellijk die kruisbeelden uit de kamers!» De officier in uniform is categorisch: de wet van het Duitse Rijk dat begin 1940 oppermachtig is verbiedt dit religieus teken in openbare gelegenheden. Niemand onder de aanwezigen voert het bevel echter uit. Een paar dagen eerder, tijdens de inwijding van een nieuw gebouw van het ziekenhuis van Mödling, nam een zuster de verantwoording op zich om in ieder vertrek een kruisbeeld te laten ophangen, iets wat niemand anders durfde te doen. Deze zuster, Restituta Kafka, is zalig verklaard op 21 juni 1998 door Johannes Paulus II – zij is de eerste martelares van Oostenrijk.
    Helena Kafka is geboren op 1 mei 1894 in Brünn-Hussowitz, in Moravië (het huidige Brno in de Republiek Tsjechië). Haar vader, een eenvoudige schoenmaker, moet hard werken om zijn zeven kinderen de kost te kunnen geven. Het gezin vestigt zich weldra in Wenen. De kinderjaren van Helena zijn getekend door de armoede, maar zij krijgt een zeer katholieke opvoeding. Direct na de verplichte schooljaren gaat het meisje werken als dienstmeisje en vervolgens werkt ze in een winkel. Helena, die iets wil doen ten dienste van zieken, wordt ziekenverzorgster in het ziekenhuis van Wenen-Lainz. Daar ontmoet ze zusters Franciscanessen van de Christelijke Naastenliefde, bekender als de “Zusters Hartmann”, naar de naam van de straat waar hun moederhuis staat. Het meisje besluit in te treden in deze congregatie om zich nog vollediger te kunnen wijden aan het werk voor de naaste door middel van een aan God gewijd leven. Als postulante is Helena een jaar werkzaam in Lainz; vervolgens wordt haar kandidaatstelling onderzocht door drie zusters. Een bruidsschat die in beginsel is verplicht kunnen haar ouders niet betalen, maar haar vroomheid en ijver pleiten in haar voordeel: ze wordt in het noviciaat geaccepteerd en ontvangt samen met veertien andere meisjes op 23 oktober 1915 het kleed van de Orde.. Ze krijgt als religieuze de naam Zuster Restituta. H.Restituta is een Romeinse maagd martelares uit de IIIe eeuw.
    De novicemeesteres leert de jonge zusters een aantal heel eenvoudige praktijken die iemand echter ver kunnen voeren op de weg naar de volmaaktheid: regelmatige biecht, dagelijkse communie, bezoek aan het Allerheiligste, devotie tot de Heilige Maagd, rozenkrans. Zuster Restituta zal die altijd trouw blijven; zij zal uit haar devotie voor Onze-Lieve-Vrouw der Zeven Smarten een grote kracht putten. In oktober 1916 legt ze haar eerste geloften af. In 1919 begint ze in het ziekenhuis van Mödling, in de voorstad van Wenen, en wordt er weldra benoemd tot eerste assistent op de operatieafdeling. De geneesheer-directeur van deze kliniek, dokter Stöhr, is een veeleisende man met een moeilijk karakter, die al meer dan eens een zuster de moed heeft doen verliezen. De verstandhouding tussen chirurg en assistent komt snel tot stand. Door haar moeilijke jeugd heeft Helena geleerd geduld te oefenen, zich te schikken naar het karakter van anderen zonder evenwel na te laten duidelijk te zeggen wat ze ervan vindt indien dit noodzakelijk is. Ze houdt van haar werk en van haar patiënten; haar fantasierijke geest is vruchtbaar aan ideeën waarmee de zorg kan worden verbeterd.

    Zuster “Resoluta”

    I

    n Mödling ziet men al snel dat de dingen waarmee zuster Restituta zich belast ook slagen. Ze is klein van stuk en ook al enigszins gezet, maar werkt snel en goed. Door haar resoluut karakter krijgt ze de bijnaam van zuster “Resoluta”. In de zustercommunauteit is ze een element van aanstekelijke vrolijkheid; tijdens de recreaties en speciaal met Carnaval is ze onweerstaanbaar geestig. Ze weet dat feesten en momenten van gezamenlijke ontspanning de zusters helpen moedeloosheid en droefgeestigheid te boven te komen. Zij vormt ook een “brug” tussen dokter Stöhr en de mensen die door het soms bruuske optreden van deze arts waren gekwetst. Zij vindt altijd een oplossing wanneer iemand in nood moet worden geholpen: «Geen bed beschikbaar», krijgt een zieke te horen op een dag dat hij zich komt laten opereren. Zuster Restituta krijgt het onmiddellijk voor elkaar dat er in een vertrek dat voorlopig als kamer zal dienen een bed wordt neergezet.
    We moeten toegeven dat zuster Restituta geen zuster is als alle anderen. Ze brengt haar ex-patiënten vaak thuis een bezoek; na een uitputtende dag gaat ze zich soms in een nabij gelegen brasserie ontspannen en krijgt van de eigenaar een kop “goulasch”, haar lievelingsgerecht, en een pul bier aangeboden. Dat was men binnen de congregatie allemaal niet gewend. Het vastberaden karakter van zuster Restituta heeft als keerzijde een zekere bitsheid waardoor men zich overvallen voelt: ze neemt geen blad voor de mond en heeft haar eigen opvattingen. Sommige zusters zijn een beetje bevreesd voor haar! Al deze tekortkomingen – waarvoor ze zichzelf iedere maand in de communauteit, tijdens de “schuldbekentenisbijeenkomst in het kapittel” op de borst slaat – verhinderen niet dat zij wordt bemind en geacht. Dat ze iedere avond – zelfs als het al heel laat is – haar geestelijke krachten gaat vernieuwen tijdens een lang onderhoud met Jezus in het tabernakel is niet onopgemerkt gebleven.
    In de loop van de vele jaren dat ze werkzaam is op de operatiekamer verwerft zuster Restituta een bepaalde competentie die zo reëel is dat de jonge artsen soms de indruk hebben dat zij de praktiserend arts is: ze hoeven haar nauwelijks te vragen om een chirurgisch instrument, of ze heeft het al gereed in haar handen! Hoewel zwaar van lijf en altijd pijn aan de voeten, moet ze de hele dag staan, maar toch “regeert” ze op de operatiezaal en lijkt alles eenvoudig voor haar. Met de invloed die ze heeft kan ze een apostolische rol vervullen voor de patiënten en het medisch personeel. In Mödling wordt het gewoonte zuster Restituta te gaan raadplegen als men een probleem heeft: om goede raad, materiële steun of een opbeurend woord te horen... Religieuzen van andere instituten die haar patiënten zijn geweest vragen haar voor hen te komen zorgen in hun klooster. Al dit succes dat haar beroepshalve en menselijk gesproken ten deel valt wekt echter naijver. Jonge artsen stellen het niet bepaald op prijs dat zij hen categorisch verbiedt in het voorvertrek van de operatieafdeling te roken; ze vinden dat zij het terrein te veel in beslag neemt en in hun licht staat.

    «Moge God aanwezig zijn...»

    V

    anaf de annexatie van Oostenrijk door Duitsland, in maart 1938, heeft het regime getracht zijn controle over alle sectoren van het maatschappelijk leven uit te breiden; de katholieke Kerk moet het in het bijzonder ontgelden. De nazi’s proberen de ziekenhuissector van haar kerkelijk karakter te ontdoen door al wat christelijk is voor zo ver mogelijk uit te bannen. Een dergelijke politiek is helaas niet het monopolie van totalitair geregeerde landen. In november 2009 heeft een arrest van het Europees Hof van Justitie Italië willen verplichten de aanwezige kruisbeelden in de overheidsscholen te verwijderen. In verzet tegen de agressieve deconfessionalisering, had Paus Benedictus XVI op 15 augustus 2005 gezegd: «In het openbare leven is het van belang dat God, bijvoorbeeld door middel van het Kruis, aanwezig is in de openbare gebouwen; dat God aanwezig is in ons gemeenschapsleven; anders worden de verschillen onverenigbaar omdat onze gemeenschappelijke waardigheid niet meer wordt erkend.» Vervolgens bedankte de Paus op 17 december 2010 de ambassadeur van Italië voor het verzet van zijn regering ten aanzien van het arrest dat tegen de kruisbeelden was gericht, met de volgende woorden: «Men kan onmogelijk een authentiek maatschappelijke vooruitgang denken na te streven en tegelijkertijd de godsdienstige factor ter zijde schuiven en zelfs uitdrukkelijk afwijzen, zoals men tegenwoordig op verschillende wijzen geneigd is te doen. Een daarvan is bij voorbeeld de poging uit openbare gelegenheden de uitstalling van religieuze symbolen te weren, als eerste het kruisbeeld dat ongetwijfeld het symbool bij uitstek is van het christelijk geloof maar tegelijkertijd alle mensen van goede wil aanspreekt en, als zodanig, geen factor van discriminatie is.»
    Een van de artsen van de kliniek, dokter Stumfohl, is eerzuchtig en openlijk nazi, lid van de S.S. Zijn aanwezigheid wordt voor de zusters, en in het bijzonder voor zuster Restituta aan wie hij een hekel heeft, snel een bedreiging. Van haar kant maakt zij er geen geheim van dat ze principieel tegen het nationaal socialisme, onverenigbaar met de katholieke godsdienst, is gekeerd. Sommige zusters zijn bang en zeggen tegen haar: «Praat niet zoveel, houd je mond.» Stumfohl heeft zijn informanten die overal in de kliniek spioneren. Hij verbiedt de zusters een priester te roepen om stervenden bij te staan, tenzij deze hier uitdrukkelijk zelf om hebben gevraagd; een zuster zal de kliniek moeten verlaten omdat ze op een avond een priester heeft laten roepen om een stervende de laatste sacramenten toe te dienen. Zuster Restituta verzet zich tegen de methodes van deze onbekwame geneesheer, in het bijzonder op een dag dat hij klaar staat om zonder reden de voet van een patiënt te amputeren; ze weigert mee te werken door hem er kalm op te wijzen dat die medisch onnodige ingreep de patiënt zonder reden levenslang gehandicapt zou maken. Stumfohl is woedend maar moet wel inbinden. Een andere keer, toen hij had geweigerd dat een priester aan een Pool het Heilig Oliesel toediende, stopte zuster Restituta een kruisbeeld in de handen van de zieke en bad voor hem tot hij vredig was gestorven. Dan krijgt de zuster van de arts een waarschuwing: als het nog eens gebeurt, zal ze voor de gevolgen moeten opdraaien.

    Beschuldigend carbonpapier

    O

    p een ochtend in december 1941 komt zuster Restitutie het kantoor van een secretaresse op de afdeling radiologie binnen. Ze heeft in haar hand de tekst van een satirisch gedicht dat is gericht tegen Hitler en dat in het geheim onder de Oostenrijkse soldaten, die in het Duitse leger zijn gerekruteerd, van hand tot hand gaat. Ze vraagt aan de secretaresse dit document op haar schrijfmachine te kopiëren; maar in haar haast is de zuster niet zo voorzichtig dat ze de deur dicht doet; terwijl ze het gedicht dicteert hoort een onbescheiden oor alles. Dr. Stumfohl juicht: hij vindt zelfs het carbonpapier terug dat voor een duplicaat van de kopie was gebruikt. Hij heeft nu de kans de zuster die hij niet kan uitstaan bij de Gestapo aan te geven. Twee maanden lang gebeurt er niets; de zusters stellen elkaar gerust; maar de 18e februari 1942, Aswoensdag, komen vier agenten van de Gestapo de operatieafdeling binnen waar zuster Restituta, in haar wit ziekenhuisschort, naast dokter Stöhr staat; deze laat de soldaten wachten. Wanneer de operatie waarmee men bezig is, is afgelopen, wordt de zuster gearresteerd en terstond meegenomen. Diezelfde avond laat de generaal overste alle zusters vragen volstrekte geheimhouding te betrachten, «in het belang van de zuster zelf».
    De Gestapo probeert tevergeefs, door middel van marteling, van zuster Restituta de naam te weten te komen van de persoon die haar de gewraakte tekst had gegeven. Begin maart hoort men dat zuster Restituta is overgebracht naar het regionaal huis van bewaring van Wenen: het geval is ernstig. Ze zal er dertien maanden blijven. Ze lijdt onder de eenzaamheid: ze mist de communauteit erg, te meer daar de bezoeken van de zusters schaars zijn. Op bepaalde momenten dat ze terneergeslagen is, vraagt ze zich verbitterd af: «Hebben ze mij zo snel vergeten, ik die zo hard voor de congregatie heb gewerkt?» Ze weet niet dat post en bezoeken drastisch beperkt zijn: één bezoek per twee maanden, één brief per maand. De zuster is echter wel geestelijk met de communauteit verbonden; aan haar generaal overste schrijft ze: «Daar, dichtbij het tabernakel, zijn wij allen met elkaar verenigd en geen enkele kloof kan ons van elkaar scheiden.»
    Haar medegevangenen valt op hoe zachtmoedig ze is en hoeveel aandacht deze kleine vrouw voor de anderen heeft, zij die wordt aangesproken met het verkleinwoord “Restl”. Deze zuster die zich in de duisternis en de schaduw van de dood bevindt wordt al snel een licht in de nacht voor haar medekrijgsgevangenen. Ze besteedt bijzondere zorg aan één van hen die gevangen zit wegens kindermoord; deze ongelukkige vrouw lijdt aan een huidziekte en kan zelfs haar voedsel niet met eigen handen aanpakken. De andere schreeuwen haar toe: «Je hebt je baby van honger laten sterven, nu is het jouw beurt!» maar zuster Restituta geeft haar uit haar handen te eten. Ze weet dat Jezus niet is gekomen om de rechtvaardigen, maar om de zondaars te redden.

    «Het komt goed»

    I

    n de nationaalsocialistische gevangenis zijn melk en boter voorbehouden aan mensen van “Duitse bloede”; de anderen hebben er geen recht op. Zuster Restituta deelt haar portie met de niet-Duitse, joodse of andere vrouwen. Tegen de vrouwen die de hele tijd niets anders doen dan klagen en woorden van wanhoop spuien zegt de zuster altijd: «Het komt goed, alles komt goed; het kwaad kan niet zegevieren.» Wanneer het gerucht zich verspreidt dat ze berecht gaat worden, nemen al haar medegevangenen haar gezegde over: «Het komt goed; we zullen voor je bidden», zelfs zij die zichzelf atheïst noemen. Maar ze antwoordt onverstoord: «Nee, ik kom niet terug, ik zal sterven.»
    Op 29 oktober 1942 verschijnt zuster Restituta voor het “Volkstribunaal” van Wenen. Ze wordt beschuldigd van het «schrijven van een provocerend gedicht» dat gericht is tegen de Führer en van het «uitgeven van een staatsvijandig traktaat». In werkelijkheid was de beschuldigde niet de schrijver van het gedicht en de uitgave in kwestie bestond uit één enkele kopie op carbonpapier. Het Hitlerregime zocht een voorwendsel om de katholieke Kerk een hak te zetten in de persoon van een zuster die juist bekend stond om haar houding van verzet. Men herinnerde zich dat zij het was die de kruisbeelden aan de muren van het ziekenhuis had opgehangen. Aan het eind van dit schijnproces wordt de beschuldigde veroordeeld tot onthoofding «wegens samenzwering tegen het vaderland en poging tot hoogverraad». Haar tijdens de zitting aanwezige zusters zijn geschokt, maar zij hoort het vonnis in alle kalmte aan; wanneer hij hoort wat het vonnis is, zal dokter Stumfohl huilend uitroepen: «Dat heb ik niet gewild!»
    De een na de ander doet een poging het leven van de franciscanes te redden. Dokter Stöhr doet een verzoek om gratie op grond van haar beroepsbekwaamheid; zuster vicaris (eerste assistent) vertrekt naar Berlijn; de aartsbisschop van Wenen komt ook tussenbeide. Vanaf 1 januari 1943 begint de congregatie met deze intentie een eeuwigdurende novene voor de apostel Judas Thaddeus die zeer wordt vereerd in de Germaanse landen. Al deze pogingen stuiten op de onverzettelijkheid van Martin Bormann, de “grijze eminentie” van de Führer: deze beschouwt de executie – die de enige in haar soort zal blijven voor wat religieuzes van het “Duitse ras” betreft – als onontbeerlijk ter intimidatie van de geestelijkheid en de hele katholieke Kerk.
    Voortaan zit zuster Restituta opgesloten in de cel van de ter dood veroordeelden waar ze zes maanden zal blijven. Haar medegedetineerden lukt het echter toch bij haar te komen; Anna Haider, een communiste, die aan de doodstraf is ontsnapt, vertelt: «Zuster Restituta zat de rozenkrans te bidden. Ik knielde voor haar neer en zag dat ze huilde. Ik zei tegen haar: “Mijn God, Restl, nu is het jouw beurt!” Ze antwoordde me: “Denk niet dat ik huil omdat ik moet sterven; ik huil van vreugde omdat jij zult leven.” Aan het slot zei ze tegen mij: “Ik heb voor Christus geleefd, voor Christus zal ik sterven... ja, ik zal sterven!” Die woorden zijn voor altijd in mijn hart gegrift.»

    De zielenarts

    J

    ezus Christus, de zielenarts, besloot deze ziekenver- zorgster die patiënte is geworden persoonlijk te verzorgen. Hij maakt gebruik van de kwaadaardigheid van het nazi regime om de ruwe bolster te kraken als een noot, waardoor het van bovennatuurlijke liefde brandende hart dat erin verborgen zat tevoorschijn komt. Zuster Restituta werkte hard in de kliniek, maar ze bezat bepaalde macht om dingen te beslissen, ze was –zoals men zei – “een instelling” op zich. In de gevangenis is ze alleen nog maar een “vijand van het volk”, vernederd, uitgehongerd, bestemd voor het schavot. Deze religieuze, die zo overliep van bedrijvigheid, die ’s ochtends om half vier opstond, krijgt van God lijdzaamheid opgelegd: het reglement verbiedt haar de slaapplaats voor half zeven te verlaten. Ze stond graag aan het roer: ze moet nu haar gevangenbewaarders gehoorzamen en zich laten geleiden “als een lam naar het slachthuis”. Het was haar weelde dat ze zich geheel en al kon inzetten voor de zieken: ze kan hun niets meer geven... behalve haar woordeloze gebrokenheid die ze aanbiedt als offergave voor hen.
    De franciscanes heeft een medegevangene opgemerkt die zwanger is en haar baby wel eens zou kunnen verliezen als gevolg van ondervoeding. Ze geeft haar regelmatig een deel van haar portie aardappelen. In november 1942 komt in de gevangenis een meisje ter wereld; haar moeder wil haar laten dopen onder de naam Restituta; uit voorzorg brengt “Restl” haar van dit plan af; het meisje zal Helena heten, de doopnaam van haar die haar door haar offers heeft gered. De bewondering onder de gedetineerden neemt toe. Een van hen verklaart: «Een dergelijk geloof, een dergelijke goedheid, een dergelijke zelfverloochening is absoluut uniek!» Van zijn kant zal de aalmoezenier van de gevangenis, Mgr. Köck, erkennen: «Ze is voor mij een grote steun geweest in de uitoefening van mijn ambt onder de gevangenen.»

    «Ja, Vader!»

    E

    en maand voor haar dood schrijft de veroordeelde aan haar generaal overste: «Ik wacht er iedere dag op dat mijn kruisweg de Calvarieberg bereikt... hetzij nu of later, dat de heilige Wil van God geschiede. In die heilige Wil ligt heel mijn troost besloten; elke dag zeg ik “ja, Vader!” en alles gaat goed.» Drie dagen na haar veroordeling heeft ze de zusters haar “testament” laten bezorgen. Ze vraagt hun om vergeving voor alle veroorzaakte overlast en bedankt hen voor de ontvangen weldaden; ze vergeeft hen die haar kwaad hebben gedaan, in het bijzonder dokter Stumfohl; ze vraagt hun niet te huilen maar te bidden, opdat zij een goede dood zou mogen sterven. Op 31 januari 1943 schreef ze bijvoorbeeld: «Ik heb overvloedig ervaren hoe de Verlosser en diens Moeder ons nooit in de steek laten. Ik weet dat ik mijn kruis geen seconde langer hoef te dragen dan God heeft voorgeschreven. Niet door mijn verdiensten bewandel ik deze weg met zoveel moed, maar dankzij de ontelbare gebeden en opofferingen die iedere dag voor mij ten Hemel opstijgen.»
    Op 30 maart 1943 kondigt men de veroordeelde onverwacht aan dat het ogenblik van haar executie is gekomen. Bevend hernieuwt ze de offergave van haar gehele persoon zoals ze die had gedaan op de dag van haar professie. Ze nemen haar de professiering af en al haar kleren , die worden vervangen door een kleed van papier; ze zal sterven in de armoede van H. Franciscus. Mgr. Köck en een andere priester, eerwaarde Ivanek, staan haar bij. Op het moment dat ze naar het schavot wordt gebracht vraagt ze aan eerwaarde Ivanek haar een kruisteken op het voorhoofd te maken. Even later horen de priesters het doffe geluid van het mes dat neervalt: «Wij dachten toen dat de Hemel een God liefhebbende ziel rijker was.» Een medegevangene en overlevende zal met deze woorden getuigen: «Meerderen onder ons, die eveneens ter dood waren veroordeeld, zeiden: Ik zou willen sterven als zuster Restituta.»
    Op 4 december 1942 hadden de nazi’s, uit vrees dat zuster Restituta zou worden vereerd als martelares, verboden haar lichaam aan haar congregatie terug te geven: het wordt dus in een gemeenschappelijke kuil geworpen. Door schrik overmand durven de zusters zelfs niet meer over haar te praten. Eerwaarde Ivanek kan het stilzwijgen echter niet bewaren; hij vertelt hun van de dood van zuster Restituta die zo stichtend was en haalt haar laatste woorden aan: «voor Christus heb ik geleefd; voor Hem wil ik sterven». Eerwaarde Schebesta, haar biechtvader zal op zijn beurt een getuigenis afleggen: «Het norse en zeer resolute karakter van zuster Restituta heeft me altijd verwonderd, want ze was in wezen heel zachtaardig... Ik dacht wel dat God voor haar een zware beproeving in petto had... Het staat voor mij als een paal boven water: in de gevangenis is ze een Heilige geworden.» De eerste begunstigde van de hemelse bemiddeling van de martelares is Josefine Zimmerl, een oude vrouw, een medegevangene van haar. Als moeder van een verzetsman die was geëxecuteerd en zelf in het verzet, kon ze nauwelijks op enige clementie van de autoriteiten rekenen. Op een dag had zuster Restituta echter tegen haar gezegd: «Het eerste dat ik aan de goede God zal vragen als ik in de hemel ben is dat Hij jou bevrijdt.» Op 1 april, twee dagen na de executie van de zuster, krijgt Josefine te horen dat ze vrij is.
    Tijdens de zaligverklaring van zuster Restituta heeft Johannes Paulus II benadrukt: «Wat haar het hoofd heeft gekost is haar bekentenis tot het Kruis van Christus. Ze heeft die in haar hart bewaard en hernieuwd, vlak voor haar executie en vroeg daarbij aan de aalmoezenier haar een kruisteken op het voorhoofd te maken. Wanneer we naar de gelukzalige zuster Restituta kijken kunnen we zien tot welke geestelijke hoogten iemand kan worden gebracht als hij of zij zich overgeeft in de weldoende handen van God... Ons Christenen kan heel wat dingen worden afgenomen. Maar men zal ons het Kruis als teken van ons heil niet afnemen. Wij zullen niet toestaan dat het uit het openbare leven wordt verwijderd... Dank, zuster Restituta Kafka, dat u tegen de stroom van de tijdgeest bent ingezwommen!» Vervolgens riep de Paus, zich richtend tot de jongeren, uit: «Plant in jullie leven het Kruis van Christus! Het Kruis is de ware boom des levens!»

    Dom Antoine Marie osb



    Indien u klikt op de volgende link : "Kroniek 2011" dan kan u de jaarlijkse kroniek van onze Abdij openen, waar u de belangrijkste gebeurtenissen uit het leven van onze gemeenschap in het jaar 2011 kan vinden.

    http://www.clairval.com/
    ou

    http://www.clairval.com/index_nl.htm

    U kunt ook met de bankkaart (Visa, CB, Mastercard, American express) op onse internet site betalen :
    http://www.clairval.com/index_nl.htm

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VERVOLG Interview van Zuster Emmanuel Maillard met Maria Simma


    De "inwoners" van het Vagevuur

    Zr. Emmanuel: Maria, zijn er verschillende niveaus in het Vagevuur?
    Maria: Ja, er is een groot verschil op het niveau van het morale lijden. Elke ziel heeft een uniek lijden, voorbestemd voor deze ziel en er zijn vele niveaus.

    Zr. Emmanuel: Weten de arme zielen wat er gaat gebeuren in de wereld?
    Maria: Ja, niet alles, maar veel.

    Zr. Emmanuel: Vertellen deze zielen u soms wat er gaat gebeuren?
    Maria: Ze zeggen eenvoudig dat er iets voor de deur staat, maar ze zeggen niet wat. Ze zeggen alleen wat nodig is voor de bekering van de mensen.

    Zr. Emmanuel: Is het lijden in het Vagevuur pijnlijker dat het hevigste lijden op aarde?
    Maria: Ja, maar dan symbolisch. Het zit hem in de ziel.

    Zr. Emmanuel: Ja, ik denk dat het moeilijk is om dit te omschrijven, maar komt Jezus zelf naar het Vagevuur?
    Maria: Geen enkele ziel heeft me dit tot op heden verteld. Het is de Moeder Gods die komt. Op een dag vroeg ik aan een arme ziel of ze kon op zoek gaan naar een ziel waar ik naar vroeg. De arme ziel vertelde mij: "Neen, het is de Moeder van Barmhartigheid die er ons over vertelt." Ook komen de zielen uit de Hemel niet naar het Vagevuur, maar wel de engelen: Sint Michaël...en de engelbewaarder van elke ziel.

    Zr. Emmanuel: Fantastisch! De engelen zijn met ons...maar wat doen de engelen in het Vagevuur?
    Maria: Ze verzachten het lijden en voorzien de zielen van troost. De zielen kunnen hen zelfs waarnemen.

    Zr. Emmanuel: Verbazend! Als u zo blijft doorgaan, wens ik haast naar geen andere plaats heen te gaan dan naar het Vagevuur ... met al deze verhalen over de engelen. Een andere vraag: weet u, vele mensen geloven vandaag in reïncarnatie. Wat vertellen de zielen u over dit onderwerp?
    Maria: De zielen zeggen dat enkel God het leven schenkt.

    Zr. Emmanuel
    : Maar sommigen zeggen dat één enkel leven niet volstaat om God te kennen en om werkelijk te zijn bekeerd. Dat dit niet eerlijk zou zijn. Wat wenst u hierop te antwoorden?
    Maria: Iedereen heeft een innerlijk geloof [geweten], ook al praktiseert men het niet, maar ze geloven "stilzwijgend" in God. Iemand die niet gelooft ... dat bestaat niet. Elke ziel heeft een geweten om het onderscheid tussen het goede en het kwade te kennen. Een geweten, geschonken door God, een onderscheiden. Met dit geweten kan elke ziel Gods zegen verkrijgen.

    Zr. Emmanuel
    : Wat gebeurt er met mensen die zelfmoord hebben gepleegd? Bent u ooit door zulke mensen bezocht?
    Maria: Tot op heden heb ik geen weet van zo iemand die zou verloren zijn. Dit betekent niet, dat dit niet kan, maar de zielen vertellen me dat het meestal diegenen rondom hen zijn die het meeste schuld treffen, door achteloos te zijn of door roddel te verspreiden.

    Zr. Emmanuel
    : Hebben zielen die zelfmoord hebben gepleegd, spijt over hun daad?
    Maria: Ja, maar dikwijls ligt een ziekte aan de oorzaak.

    Deze zielen hebben spijt over hun daad omdat, als ze de dingen in Gods licht bekijken, ze onmiddellijk begrijpen welke genaden God voor hen nog voorbehouden had voor de tijd dat ze op deze aarde nog te leven hadden, en ze zien ook werkelijk die tijd die nog overbleef, soms maanden of nog jaren, en ze zien ook de zielen die ze nog konden hebben geholpen door de rest van hun verblijf aan God op te offeren. Wat hen uiteindelijk het meeste treft is om het goede te zien dat ze zouden kunnen hebben gedaan, maar niet deden, omdat ze hun leven hebben ingekort. Maar, wanneer de oorzaak een ziekte is, dan houdt de Heer hier uiteraard rekening mee.

    Zr. Emmanuel: Maria, bent u ooit bezocht door zielen die zichzelf hebben vernietigd door drugs, een overdosis, bijvoorbeeld?
    Maria: Ja, en ze zijn niet altijd verloren. Het hangt er allemaal van af wat de oorzaak van hun verslaving was, maar zij moeten lijden in het vagevuur.

    Zr. Emmanuel: Stel u nu bijvoorbeeld dat ik te veel lijd met mijn lichaam, in mijn hart, dat alles te zwaar voor mij lijkt en ik wens te sterven: wat kan ik dan doen?
    Maria: Dat gebeurt regelmatig en ik zou zeggen, waarom dit lijden niet opofferen om meer zielen te redden? Dit hernieuwt het geloof en geeft moed. Maar vandaag denkt niemand hier nog aan. Aan die zielen worden grote zaligheden verleend door dit te doen, een groot geluk in de Hemel. En in de Hemel zijn er duizenden verschillende soorten geluk, maar elke soort is er één van volkomen geluk. Alle wensen zijn vervuld. Iedereen weet dat hij niet meer kan verdienen.

    Zr. Emmanuel: Maria, ik zou u willen vragen: hebben ooit mensen van andere godsdiensten, zoals Joden, u bezocht?
    Maria: Ja, en ze zijn gelukkig. Iedereen die het geloof beleeft is gelukkig, maar het is door het Katholieke geloof dat wij het meeste verkrijgen voor de Hemel.

    Zr. Emmanuel: Zijn er godsdiensten die slecht zijn voor de ziel?
    Maria: Neen, maar er zijn zoveel godsdiensten op aarde! De meest nabije zijn de Orthodoxe en de Protestantse die de Rozenkrans bidden, maar de sekten zijn heel, heel erg duivels. Alles moet worden gedaan om de mensen daar weg te halen.

    Zr. Emmanuel: Zijn er priesters in het Vagevuur?
    Maria: [slaat de ogen naar de Hemel als om te zeggen: Helaas!] Ja, er zijn er vele. Zij hadden geen respect voor de Eucharistie en stimuleerden de mensen er ook niet toe. Ze zijn dikwijls in het Vagevuur omdat ze onachtzaam zijn geweest op de waarde van het gebed, wat hun geloof deed afnemen. Maar er zijn er ook velen die recht naar de Hemel gaan.

    Zr. Emmanuel: Wat zou u dan tot een priester zeggen die werkelijk wenst te leven volgens het Hart van God?
    Maria: Ik zou hem aanbevelen om veel te bidden tot de Heilige Geest en elke dag de Rozenkrans te bidden.

    Zr. Emmanuel: Maria, zijn er kinderen in het Vagevuur?
    Maria: Ja, maar voor hen duurt het Vagevuur niet lang en is het ook veel minder pijnlijk, omdat ze nog niet rijp genoeg waren om het onderscheid te kunnen maken tussen goed en kwaad.

    Zr. Emmanuel: Ik geloof dat er bepaalde kinderen zijn die u hier komen bezoeken: u hebt me het verhaal verteld van het kleine kind, het jongste dat u ooit zag, een klein meisje van vier. Vertel me, waarom was zij in het vagevuur?
    Maria: Omdat ze met Kerstmis van haar ouders een pop gekregen had. Zij heeft een tweelingzus en die had ook een pop gekregen. Dit vier jaar oude kind had haar pop kapot gemaakt en ging deze, in het geheim zonder dat iemand het zag, dan verwisselen met deze van haar zus, terwijl ze in haar kleine hart goed wist dat haar zus hierdoor verdrietig zou zijn. En ze wist ook heel goed dat het een leugen en een onrechtvaardigheid was.
    In werkelijk hebben kinderen vaker een zachter geweten dan volwassenen. Het is heel belangrijk hen in die levensjaren het liegen af te leren omdat ze hier op die leeftijd heel gevoelig aan zijn.

    Zr. Emmanuel: Maria, hoe kunnen ouders meehelpen om het geweten van hun kinderen een gestalte te geven?
    Maria: Eerst en vooral door zelf het goede voorbeeld te geven. Dat is het belangrijkste. Daarna door gebed. Ouders moeten hun kinderen zegenen en hen de dingen van God goed bijleren.

    Zr. Emmanuel: Heel belangrijk! Bent u ooit bezocht door zielen, die perversiteiten hebben begaan op aarde? Ik denk bijvoorbeeld, op sexueel gebied?
    Maria: Ja. Ze zijn niet verloren, maar ze moeten veel lijden om te worden gezuiverd in het Vagevuur. Homeseksualiteit bijvoorbeeld komt waarlijk van de duivel.

    Zr. Emmanuel: Welk advies zou u bijvoorbeeld geven aan hen die betrokken zij bij homoseksualiteit, die deze geaardheid in zich hebben?
    Maria: Veel bidden om aan die verleiding te kunnen weerstaan. Ze zouden boven alles moeten bidden tot de Aartsengel Michaël. Hij is de grootse vechter bij uitstek tegen de duivel.

    Zr. Emmanuel: Wat zijn de houdingen van het hart die voorgoed kunnen leiden tot het verlies van de ziel, ik bedoel om naar de hel te gaan?
    Maria: Wanneer de ziel niet wenst tot God te gaan en Hem heel duidelijk zegt: "Neen, ik wil dit niet."

    Zr. Emmanuel: Dank u, Maria, om dit te verduidelijken. Kunt u ons een verhaal vertellen dat dit toelicht?
    Maria: Op een dag zat ik op de trein en in mijn compartiment zat er een man die niet stopte met kwaad te spreken over de Kerk, over de priesters en zelfs over God. Ik zei tot hem: "Luister, u hebt het recht niet om dit allemaal te zeggen, dit is slecht wat u doet." Hij was kwaad op mij. Toen ik later in het station afstapte zei ik tot God: "Heer, laat deze ziel niet verloren gaan." Vier jaar later kwam de ziel van de man mij bezoeken en hij vertelde mij dat hij heel dicht bij de hel was, maar dat hij gewoon gered werd door mijn kleine gebed van dat ogenblik.

    Ja, het is buitengewoon om te zien dat slechts één enkele gedachte, één impuls van het hart, een klein gebed iemand kan redden van de hel. Het is de trots die naar de hel leidt. Hel is koppig en eigenwijs "neen" zeggen tot God. Onze gebeden kunnen een daad van nederigheid teweegbrengen bij het sterven, een plots moment van nederigheid, hoe klein dan ook, dat de ziel kan redden van de hel.

    Zr. Emmanuel: Dit is al bij al zo ongelofelijk. Hoe kan dan iemand "neen" zeggen tegen God op het ogenblik van de dood, als men Hem ziet?
    Maria: Ooit vertelde een man mij dat hij niet naar de Hemel wou gaan. Waarom? Omdat God onrechtvaardigheid aanvaardt. Ik zei tegen hem dat dit de mensen zijn, maar niet God...Hij antwoordde: "Ik hoop dat ik God niet ontmoet na mijn dood, want ik dood Hem met een bijl." Hij had een diepe haat voor God ontwikkeld. God verleent de mens een vrije wil. Hij geeft ieder van ons een eigen keuze.

    God verleent aan iedereen tijdens zijn leven èn op het uur van de dood, voldoende barmhartigheid voor een bekering, zelfs na een leven in duisternis te hebben doorgebracht. Indien oprecht om vergeving vraagt, kan iedereen uiteraard worden gered.

    Zr. Emmanuel: Jezus zei dat het voor een rijk man moeilijk was om in het Koninkrijk der Hemelen toe te treden. Hebt u kennis van zulke gevallen.
    Maria: Ja! Maar als ze goede werken doen, werken van liefdadigheid, als ze liefde uitstralen, kunnen ze daar, net als de armen, geraken.

    Zr. Emmanuel: Maria: krijgt u vandaag nog bezoeken van zielen uit het Vagevuur?
    Maria: Ja, twee tot driemaal per week.

    Zr. Emmanuel: Werkelijk? Wat denkt u over het oproepen van de geesten van overledenen, Ouija-borden, enzovoort?
    Maria: Dat is niet goed. Dat is altijd kwaad. Het is het kwade dat de tafel doet bewegen. 

    Het is heel belangrijk om dit te zeggen, omdat de mensen dit werkelijk moeten horen, want tegenwoordig, meer dan ooit, nemen deze gevaarlijke praktijken toe.

    Zr. Emmanuel
    : Maria, wat is het verschil tussen wat u beleeft met de zielen van dezen die zijn heengegaan en de praktijk van het spiritisme?
    Maria: We worden niet verondersteld zielen op te roepen. Ik probeer hen niet te lokken, wat bij het spiritisme wel gebeurt. Het onderscheid is heel duidelijk. Als ik de mensen zou mogen vragen om één ding van wat ik zeg te willen aannemen, dan is het dit: zij die zich inlaten met het spiritisme (bewegende tafels en andere dergelijke zaken) denken dat ze de zielen van de doden oproepen. De werkelijkheid is echter, als er een antwoord komt op hun oproep, dat het altijd en zonder uitzondering satan en zijn engelen zijn die de oproep beantwoorden. Mensen die aan spiritisme doen (waarzeggers, heksen, enzovoort) doen gevaarlijk dingen voor zichzelf en voor degenen die naar hen komen voor advies. Zij worden bestookt met leugens. Het is verboden, ten strengste verboden om de doden op te roepen. Wat mijzelf betreft: ik heb dit nooit gedaan, doe het nu ook niet en zal het nooit doen. Wanneer er mij iets verschijnt, is het God alleen die het toelaat. Uiteraard kan satan alles imiteren wat van God komt, en dat doet hij ook. Hij kan de stem en de verschijning van een dode nabootsen, maar elke openbaring van welke aard ook waar men om vraagt, komt steeds van de duivel. Vergeet niet dat satan zelfs kan genezen, maar die genezingen blijven niet duren.

    Zr. Emmanuel: Bent u persoonlijk ooit beetgenomen door valse verschijningen? Bijvoorbeeld door de duivel die zichzelf vermomt als een ziel uit het Vagevuur, om tot u te spreken?
    Maria: Ja. Op een dag kwam een ziel mij bezoeken en zei: "Aanvaard de ziel niet die na mij komt, want deze zal te veel lijden vragen van u, een lijden dat niet draaglijk is. U kunt niet doen wat deze ziel van u zal verlangen." Ik was verward omdat ik mij herinnerde wat mijn parochiepriester mij ooit had verteld: dat ik elke ziel met de grootste edelmoedigheid moest aanvaarden en ik was verward om wel of niet te gehoorzamen. Zo zei ik tot mezelf: "Misschien is het de duivel zelf die voor me staat en niet een ziel uit het Vagevuur, de duivel in vermomming!" Ik zei tegen deze ziel: "Als u de duivel bent, ga dan weg!" Onmiddellijk volgde er een luide schreeuw en ging hij weg. In werkelijkheid had de ziel die na hem kwam een echte nood aan hulp en het was heel belangrijk om naar deze ziel te luisteren.

    Zr. Emmanuel: Als de duivel verschijnt, helpt gewijd water dan altijd om hem te doen verdwijnen?
    Maria: Dit brengt hem hevig in beroering en hij vlucht onmiddellijk.

    Zr. Emmanuel: Maria, u bent nu heel bekend, vooral in Duitsland en Oostenrijk, maar ook over geheel Europa, dank zij uw praten en uw boek. In het begin was u echter nogal verborgen. Hoe komt het dat de mensen u plots herkenden als iemand die authentieke en bovennatuurlijke ervaringen had?
    Maria: Dit was toen de zielen aan hun familieleden vroegen om zaken aan hen terug te geven die ze op een oneerlijke wijze hadden verkrijgen. Ze ondervonden dat wat ik zei de waarheid was. 

    Hier verwees Maria naar een aantal getuigenissen, te lang om op te noemen. Meerdere zielen kwamen haar opzoeken en vroegen haar: "Ga naar mijn familie in dat of in dat dorp" [dat Maria niet kende], "en vertel mijn vader, mijn zoon, mijn broer om een bepaalde eigendom of geldbedrag terug te geven dat ik mij op een onrechtmatige wijze heb toegeëigend. Ik zal uit het Vagevuur worden bevrijd wanneer dit alles weer is teruggegeven aan de ware eigenaar. Maria kende hierbij alle details ter plaatste, het juiste geldbedrag of de juiste eigendom en de families waren verstomd dat Maria al deze details kende, omdat ze dikwijls zelfs niet wisten dat deze dingen op een onrechtmatige manier verkregen waren. En zo kreeg Maria Simma stilaan bekendheid.

    Zr. Emmanuel
    : Maria, is er een officiële erkenning door de kerk van deze gave van God met betrekking tot de zielen uit het Vagevuur en wat is de boodschap van Kerk voor de mensen die in het bijzonder getroffen zijn door uw getuigenissen?
    Maria: Mijn Bisschop heeft mij gezegd dat hier niets mis mee is, zolang er geen theologische vergissingen worden begaan. Meer dan dat: hij gaat er mee akkoord. Ook mijn parochiepriester, die mijn geestelijke begeleider is, bevestigt dit.

    Zr. Emmanuel: Ik zou u graag een wat indiscrete vraag willen stellen: u hebt zoveel gedaan voor deze arme zielen, dat, wanneer u komt te overlijden, duizenden zielen u op hun beurt gaan begeleiden naar de Hemel. Ik ben er bijna zeker van dat u niet hoeft langs het Vagevuur te gaan!
    Maria: Ik denk niet dat ik onmiddellijk naar de Hemel zal gaan zonder een tijd te moeten doorbrengen in het Vagevuur, omdat ik de gave van meer licht en grotere kennis bezit en hierdoor mijn fouten ook meer ernstig zullen worden genomen. Maar al bij al hoop ik uiteraard dat deze zielen mij zullen helpen om mij te escorteren naar de Hemel.

    Zr. Emmanuel: Zeker! Maria, houdt u van deze goddelijke gave? Of zijn al de verlangens van deze zielen soms een lastige en moeilijke opgave voor u?
    Maria: Neen. Ik probeer zo weinig mogelijk aandacht te schenken aan de moeilijkheden, omdat ik weet dat ik hen zo veel kan helpen! Ik kan vele zielen helpen en voel me daar uiteraard erg gelukkig bij.

    Zr. Emmanuel: Maria, Ik zou u ook graag, in naam van alle lezers van deze mooie getuigenis, willen bedanken. Maar sta me nog een laatste vraag toe zodat we u wat beter leren kennen. Zou u zo goed willen zijn om een paar woorden over uw leven te willen zeggen?
    Maria: Wel, reeds van toen ik klein was wou ik het klooster binnentreden, maar mij moeder zei mij om te wachten met deze beslissing tot ik twintig jaar zou zijn. Ik wenste niet te huwen. Mijn moeder heeft mij veel bijgebracht over de zielen uit het Vagevuur en reeds op school hielpen deze zielen mij enorm veel. En zo nam ik het besluit om mijzelf volledig aan hen te geven.

    Na mijn schooltijd dacht ik opnieuw na over een eventueel kloosterleven en zo ging ik binnen bij de Zusters van het Hart van Jezus, maar zij vertelden mij dat mijn gezondheid te zwak was om bij hen te blijven. Als kind had ik ooit een longontsteking en een borstvliesontsteking. Moeder Overste heeft mijn religieuze roeping bevestigd maar gaf mij tevens de raad om een meer gemakkelijke orde binnen te treden en enkele jaren te wachten. Ik wou boven alles een kloosterorde binnentreden en wel onmiddellijk.

    Maar na twee pogingen bleef het besluit hetzelfde: mijn gezondheid was te zwak en ik berustte stilaan in het feit dat een kloosterleven niet Gods wil was voor mij, maar ik heb hier geestelijk veel onder geleden. Ik zei steeds tot mezelf dat de Heer mij niet had getoond wat Hij van mij verlangde. Hij wachtte hiermee acht jaar, tot op het moment dat Hij mij de taak toevertrouwde om de zielen uit het Vagevuur te helpen.

    Wij waren thuis met acht kinderen. Ik werkte op onze boerderij vanaf mijn vijftiende. Toen ging ik naar Duitsland bij een boerenfamilie werken. Nadien werkte ik hier op de boerderij in Sonntag.

    Vanaf mijn 25ste, toen de zielen mij begonnen te bezoeken, heb ik veel moeten lijden voor hen. Maar nu voel ik mij lichamelijk veel beter. Dat was het dan.


    Slotwoord door Zuster Emmanuel Maillard: Een voorstel aan allen


    Nu heb ik een voorstel voor u allen: we kunnen beslissen dat niemand onder ons naar het Vagevuur moet gaan. Dit is inderdaad mogelijk, omdat wij alles in onze handen hebben om dit te kunnen waarmaken… Ik haal hiervoor de woorden aan van de Heilige Johannes aan het Kruis: hij zegt dat de Goddelijke Voorzienigheid in elk leven in de zuivering voorziet die ons toelaat om onmiddellijk naar de Hemel te gaan op het ogenblik van de dood.

    De Voorzienigheid plaatst genoeg moeilijkheden in onze levens zoals beproevingen, lijden, ziekte en tegenspoed opdat al die zuiveringen, indien wij ze aanvaarden voldoende kunnen betekenen om ons ogenblikkelijk naar de Hemel te brengen.

    Waarom gebeurt dit dan niet? Omdat we in opstand komen! We aanvaarden deze geschenken van beproevingen in ons leven niet met liefde en dankbaarheid en we zondigen omdat we hiertegen in opstand komen, we hebben te weinig nederigheid.

    Laat ons daarom aan de Heer vragen om de genade te verkrijgen om elke kans te kunnen benutten zodat Hij op de dag van onze dood ons zou zien schijnen in al onze zuiverheid en schoonheid.

    Uiteraard wil ik niet zeggen dat de weg gemakkelijk zal zijn als wij hiervoor beslissen. De Heer heeft nooit beloofd dat de weg gemakkelijk zal zijn, maar wel dat er vreugde zal heersen. Het zal dus een weg van geluk worden, want de Heer is met ons. Laat ons bovenal, en hier wens ik in het bijzonder de nadruk op te leggen, gebruik maken van de tijd die ons hier op deze aarde nog rest, om te groeien.  Deze tijd is kostbaar omdat we tijdens deze tijd nog steeds de kans krijgen om te groeien in liefde, te groeien naar de Glorie die moet komen en de schoonheid van onze uiteindelijke bestemming. Elke minuut kunnen wij nog groeien in liefde, in tegenstelling tot de Heilige Zielen uit het Vagevuur die niet langer meer kunnen groeien in liefde.

    Zelfs de engelen benijden ons deze macht waarover wij beschikken, om elke minuut die we nog hebben op deze aarde, te groeien in liefde.

    Elke kleine daad van liefde die we opofferen aan de Heer, elke klein offer van vasten, elk klein gebrek of elke van onze neigingen, onze fouten die we bestrijden, elke kleine vergiffenis aan onze vijand, alle kleine dingen van deze aard die we kunnen offeren, zullen later voor ons een sieraad, een juweel en een ware schat voor de eeuwigheid zijn.

    Een menselijke ziel is een grote glorie voor God. Dat is de reden waarom God van ons verlangt dat we zuiver zijn. Het is niet door foutloos te zijn dat we zuiver zullen worden. Neen, het is door het berouw over onze zonden en door onze nederigheid. Daar is een groot verschil tussen. De Heiligen waren ook geen "foutloze" zielen, maar waren wel mensen die, bij elke val, telkens opnieuw en opnieuw opstonden en vergiffenis vroegen. Dit is geen gemakkelijke opgave. Laat ons dus gebruik maken van deze geweldige middelen die God in onze handen legt om de zielen te helpen die nog steeds wachten om God te bezitten en tederheid voelen voor hen omwille van deze vertraging, omdat ze God reeds hebben waargenomen en daarom met geheel hun hart op Hem wachten.

    Laat ons eveneens niet vergeten dat de gebeden van de kinderen een ongelofelijke macht hebben over Gods Hart. Laat ons daarom onze kinderen leren om te bidden. Ik herinner mij een klein meisje dat ik heb gesproken over de arme zielen. Ik zei tot haar: "Nu gaan we bidden voor de zielen van al uw familieleden en vrienden die al gestorven zijn. Zou u voor Jezus willen staan en Hem dit vragen?" Ze ging voor Jezus staan en, toen zij vijf minuutjes later terugkwam, vroeg ik haar: "Wat hebt u aan de Heer gevraagd?" Zij antwoordde: "Ik heb de Heer gevraagd om elke ziel uit het Vagevuur te bevrijden!" Dit antwoord trof met diep en al klonk mijn verzoek heel eigenaardig, het meisje verstond onmiddellijk wat ze moest vragen. Kinderen voelen zo veel aan, zij kunnen zoveel verkrijgen van Gods hart.

    Laat ons ook denken aan de mensen die op rust zijn en al diegenen die over vrije tijd beschikken. Als ze dikwijls naar de Heilige Mis gaan, dagelijks...Wat een schat aan genaden slaan zij dan op, niet alleen voor zichzelf, maar eveneens voor de overledenen en voor duizenden zielen! De waarde van één enkele Mis is onmeetbaar. Konden we dit maar begrijpen, want elke onwetendheid, elke onverschilligheid of gewoon elke luiheid is verloren tijd.

    En zo hebben we de macht in onze handen om onze broeders en zusters te redden, door zelf medeverlossers te worden, samen met Jezus, onze Redder en Verlosser!

     

    Zuster Emmanuel Maillard is een Franse kloosterzuster die na een indrukwekkende bekeringservaring einde twintigste eeuw binnen trad in de nieuwe gemeenschap van de Zaligsprekingen. Ze woont in Medjugorje en werd vooral tijdens de jaren van de burgeroorlog ginder bekend omdat ze maandenlang nagenoeg de enige betrouwbare informatiebron vanuit het oorlogsgebied was. Ze is een zeer charismatische persoonlijkheid die beklijvende boeken schreef over de gebeurtenissen te Medjugorje. O.a. “Medjugorje, de jaren negentig: de triomf van het hart” en “Het verborgen kind van Medjugorje”.

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Maria Simma in Nederlands!
    Klik op deze link en kijk ook boven:

    From: Jozef Truijen.


    Interview van Zuster Emmanuel Maillard met Maria Simma

     

    Maria Simma is een mystica uit onze tijd. Zij werd geboren in 1915 in Oostenrijk en overleed er in 2004. Vanaf haar vijfentwintigste kreeg ze naar eigen zeggen regelmatig bezoek van zielen uit het vagevuur die haar om gebed vroegen. Ze was een zeer eenvoudige vrouw die in armoede leefde. In het boek “Mijn belevenissen met de zielen van het vagevuur”, uitgegeven door Sainte Anne in 1974, getuigt ze van haar ervaringen.

     

    Hierna een interview dat Zuster Emmanuel Maillard (1) met haar had.

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

    Maria Simma uit Oostenrijk


    Maria Simma leefde in een klein huisje in Sonntag, een lieflijk dorpje in het Oostenrijkse Vorarlberg. Zij was een simpele landelijke vrouw, die in armoede leefde, zeer katholiek en nederig en werd in haar taak nauw bijgestaan en aangemoedigd door haar parochiepriester. Sinds haar kinderjaren bad zij vurig voor de zielen in het Vagevuur. Toen ze 25 jaar was kreeg ze bijzondere ervaringen. Ze kreeg "bezoeken" van zielen uit het Vagevuur. Maria schreef hierover verscheidene boeken en haar ervaringen zijn een unieke aanvulling van de geschriften van diverse heiligen die over deze aangelegenheid schreven. Maria Simma overleed op 16 maart 2004.

    Zuster Emmanuel Maillard uit Medjugorje kwam op een bijzondere wijze in contact met haar geschriften en werd er uitermate door geboeid. Toen ze vernam dat zij nog leefde twijfelde ze dan ook geen enkel ogenblik om met Maria Simma contact op te nemen en haar te gaan bezoeken. Hierna het verslag dat zij erover uitbracht (overgenomen uit brochure; zie eveneens
    www.bloggen.be/medjugorje/archief.php?ID=113701?)

     


    De eerste ontmoeting

    Zr. Emmanuel: Maria, kunt u ons vertellen hoe u voor de eerste maal door een ziel uit het Vagevuur werd bezocht?
    Maria: Ja, het was in 1940. Tijdens een nacht, rond 3 of 4 uur 's ochtends, hoorde ik iemand in mijn slaapkamer binnenkomen. Dit maakte me wakker: ik keek op om te zien wie er in hemelsnaam mijn slaapkamer kon zijn binnengetreden.

    Zr. Emmanuel: Was u bevreesd?
    Maria: Neen, ik ben helemaal niet bang. Zelfs als klein kind zei mijn moeder mij dat ik bijzonder was, omdat ik voor niets bang was.

    Zr. Emmanuel: Zo, die nacht....vertel ons!
    Maria: Wel, ik zag iemand die mij volledig vreemd was. Hij wandelde langzaam voor- en achterwaarts. Ik zei streng tot hem: "Hoe bent u hier binnengekomen?" Maar hij bleef ongeduldig verder rondwandelen in mijn slaapkamer alsof hij niets had gehoord. Daarop vroeg ik hem opnieuw: "Wat bent u aan het doen?" Toen hij nog steeds geen antwoord gaf, sprong ik uit mijn bed en poogde ik hem vast te grijpen, maar ik tastte enkel in het duister. Er was absoluut niets. Ik ging terug naar mijn bed en opnieuw hoorde ik hem voor- en achterwaarts stappen.
    Ik vroeg me af hoe het mogelijk was dat ik deze man kon zien, terwijl hem niet kon vastgrijpen. Ik stond opnieuw op om hem tegen te houden, maar weer greep ik in de leegte.
    Verward keerde ik terug naar mijn bed. Hij kwam niet meer terug, maar ik kon geen slaap meer vatten. De volgende dag, na de Mis, ging ik naar mijn geestelijke begeleider en vertelde hem alles. Hij vertelde me dat indien dit opnieuw zou gebeuren, ik niet moest vragen: "Wie bent u?", maar "Wat verlangt u van mij?"
    De daaropvolgende nacht kwam de man terug. Het was zeker dezelfde persoon. Ik vroeg hem: "Wat verlangt u van mij?" Hij antwoordde: "Laat drie Missen voor mij opdragen en ik zal bevrijd zijn."
    Toen begreep ik dat dit een ziel uit het Vagevuur was. Mijn geestelijke begeleider bevestigde dit en gaf me de raad om deze arme zielen nooit iets te weigeren, maar met edelmoedigheid alles te aanvaarden wat ze vroegen.

    Zr. Emmanuel: En daarna, gingen de bezoeken door?
    Maria: Ja. Gedurende verscheidene jaren waren er enkel maar drie of vier zielen, vooral tijdens de maand november. Nadien werden het er meer.

    Een liefdeswonde

    Zr. Emmanuel: Wat vragen deze zielen van u?
    Maria: In de meeste gevallen vragen ze om Missen te laten opdragen en dat er iemand zou bij aanwezig zijn. Zij vragen tevens om de Rozenkrans te bidden en om de Kruisweg te doen.

    Thans is de hoofdvraag: Wat is juist het Vagevuur? Ik zou zeggen dat het een prachtige uitvinding is van God. Ik zal u mijn indruk weergeven. Veronderstel dat er zich op een dag een deur opent en dat er een prachtig iemand verschijnt, uitzonderlijk mooi, van een schoonheid die we op deze aarde niet kennen. U bent onder de indruk en gefascineerd door deze persoon vol van licht en schoonheid, die lijkt aan te geven dat hij dolverliefd is op u, met een liefde waarvan u zelfs nog nooit hebt durven dromen. U voelt eveneens een groot verlangen om één te zijn met deze persoon. Het vuur van deze liefde dat in uw hart brandt zet u ertoe aan om u in zijn armen te gooien en u volledig op hem te verlaten.

    Maar wacht, plots realiseert u zich dat u zich in maanden niet meer gewassen hebt, dat u slecht ruikt, dat uw neus loopt, uw haar vet is en door elkaar ligt, dat er zich grote vlekken op uw kleding bevinden, en zo verder. U zegt dan tot uzelf: "Neen, ik kan mezelf niet in deze staat vertonen. Ik moet me eerst gaan wassen, een douche nemen, iets moois aantrekken en dan kom ik terug."

    Maar de liefde die in uw hart is ontstaan is zo intens, zo brandend, zo sterk dat deze vertraging, om u mooi te maken, niet draaglijk is. En de pijn van die afwezigheid, zelfs al duurt die maar enkele minuten, is een vreselijke wonde in uw hart. De pijn is evenredig met de hevigheid van de onthulling van die liefde, met andere woorden, het is een "liefdeswonde".

    Dat is nu precies het vagevuur. Het is een vertraging veroorzaakt door onze onzuiverheid, een wachten op Gods omhelzing, een liefdeswonde die een zodanig groot lijden veroorzaakt, een wachten, een nostalgie van liefde. Het is net dit branden, dit verlangen dat ons zuivert van wat nog onzuiver is in ons. Het Vagevuur is een plaats van verlangen, een dol verlangen naar God, een God die we al kennen, omdat we Hem al hebben gezien, maar met wie we nog niet zijn verenigd.

     

    Nu ga ik aan Maria een vraag stellen die een essentieel punt moet duidelijk maken.

    Zr. Emmanuel: Maria, hebben de zielen in het Vagevuur, ondanks alles, vreugde en hoop in het midden van het lijden?
    Maria Simma: Ja, geen enkele ziel uit het Vagevuur wenst terug te keren naar de aarde. Ze hebben kennis van het grote onbekende. Ze wensen enkel om niet te moeten terug keren naar de duisternis der aarde.

    Hier zien we het verschil met het lijden dat wij hier op aarde kennen. In het Vagevuur is er een zekerheid van eeuwig met God te zullen kunnen leven, zelfs al is de pijn van de ziel vreselijk. Het is een onwankelbare zekerheid. De vreugde is groter dan de pijn. Er is niets op aarde dat hen opnieuw hier wil doen leven. Hier op aarde is nooit iemand helemaal zeker van iets.

    Zr. Emmanuel: Maria, kunt u ons nu vertellen of het God zelf is die deze zielen naar het Vagevuur stuurt dan wel of het de zielen zelf zijn die hiervoor kiezen?
    Maria Simma: Het is de ziel zelf die wenst naar het Vagevuur te gaan omdat ze rein wil zijn alvorens naar de Hemel te gaan.

    De zielen in het Vagevuur zijn volledig vastgehecht aan Gods wil: zij verheugen zich in het goede, zij verlangen onze liefde en ze hebben heel erg lief: ze hebben God lief en hebben ons ook lief. Ze zijn volkomen verenigd met de Geest van God, het Licht van God.

    Zr. Emmanuel: Maria, op het ogenblik van de dood, ziet men God dan in het volle licht of eerder op een sombere, duistere wijze?
    Maria Simma: Op een eerder sombere en duistere wijze, maar tegelijk in een dergelijke helderheid dat het voldoende is om een groot verlangen te veroorzaken.

    Eigenlijk is het een oogverblindende helderheid als u het vergelijkt met de duisternis op aarde! En het is nog altijd niets vergeleken met het volle licht van de ziel die weet dat deze in de Hemel komt. Hier kunnen we verwijzen naar "bijna-doodervaringen". De ziel wordt zo door het licht aangetrokken dat het een kwelling is om na zo'n belevenis in het lichaam op aarde te moeten terugkeren.

    Menslievendheid dekt een groot aantal zonden

    Zr. Emmanuel: Maria, kunt u ons vertellen welke de rol van Onze Lieve Vrouw is met betrekking tot de zielen van het Vagevuur?
    Maria: Ze bezoekt hen dikwijls om hen te troosten door hen te vertellen dat ze vele goede dingen hebben gedaan. Ze bemoedigt hen.

    Zr. Emmanuel: Zijn er bijzondere dagen waarop deze zielen worden bevrijd?
    Maria: Vooral met Kerstmis, Allerheiligen, Goede Vrijdag en beide Hemelvaartsdagen

    Zr. Emmanuel: Maria, waarom gaat iemand naar het Vagevuur? Wat zijn de zonden die het meeste leiden tot het Vagevuur?
    Maria: Zonden tegen de naastenliefde, tegen de mildheid, een hard hart hebben, vijandigheid meedragen, laster en roddel verspreiden en al deze zaken.

    Gemene dingen, laster en roddel zijn de grootste onvolmaaktheden die een langdurige zuivering vereisen. Maria geeft ons nu een voorbeeld dat haar zodanig trof dat ik dit met u wil delen. Op een dag werd haar gevraagd om ze er kon achterkomen of een vrouw en een man zich in het Vagevuur bevonden.

    Tot grote verbazing van diegenen die dit hadden gevraagd, bevond de vrouw zich al in de Hemel en was de man nog steeds in het Vagevuur en dit terwijl de vrouw ooit een abortus had ondergaan en de man dikwijls naar de kerk ging en blijkbaar een waardig en gelovig leven leidde.

    En zo zocht Maria naar meer informatie om er zeker van te zijn dat ze zich niet had vergist, maar blijkbaar was het de waarheid. Ze stierven beiden praktisch op hetzelfde ogenblik, maar de vrouw toonde een diep berouw en was zeer nederig, terwijl de man niets anders had gedaan dan op iedereen kritiek te geven, te klagen en laster over iedereen te vertellen. Dat is de reden waarom hij zo lang in het Vagevuur moest verblijven. En Maria vervolgde: "wij mogen niet oordelen over uiterlijke schijn."

    Andere zonden tegen de menslievendheid zijn al onze afwijzingen van mensen van wie we niet houden, het weigeren om vrede te sluiten, het weigeren om te vergeven en al de bitterheid die we van binnen opslaan.

    Maria verduidelijkte ook dit punt met een voorbeeld dat ons tot nadenken stemt. Het is een verhaal over een vrouw die ze heel goed kende. Deze vrouw overleed en bevond zich in het Vagevuur, het laagste en vreselijkste niveau, met het grootste lijden. Toen ze Maria Simma kwam bezoeken vertelde ze waarom: zij had een vriendin en tussen hen was een grote vijandschap ontstaan. Zij zelf was hier de oorzaak van. Zij had deze vijandschap jaren en jaren aangehouden, ook al had haar vriendin haar meerdere malen gevraagd om vrede te sluiten en zich met elkaar te verzoenen. Maar elke keer had ze dit geweigerd. Toen ze vreselijk ziek werd, bleef ze haar hart gesloten houden en weigerde ze de ultieme verzoening die haar was aangeboden door haar vriendin tot op haar sterfbed. Ik geloof dat dit een goed voorbeeld is van de betekenis van een diep ingewortelde haat. Ook onze woorden kunnen vernietigend zijn: we kunnen er niet genoeg de nadruk opleggen hoezeer een kritisch of bitter woord kan doden, maar ook hoe een zacht woord daarentegen kan helen.

    Zr. Emmanuel: Maria, vertel ons wie diegenen zijn met de grootste kans om recht naar de Hemel te gaan?
    Maria: Deze die een goed hart hebben tegenover iedereen. Liefde overwint het grootste aantal zonden. Sint-Paulus zelf vertelt ons dit.

    Zr. Emmanuel: Wat kunnen wij hier op deze aarde doen om het Vagevuur te vermijden en recht naar de Hemel te gaan?
    Maria: We moeten veel doen voor de zielen in het Vagevuur, omdat zij ons op hun beurt zouden helpen. We moeten veel nederigheid hebben, want dat is het grootste wapen tegen het slechte, tegen de duivel. Nederigheid drijft het slechte terug.

    Ik moet u een mooie getuigenis vertellen van Vader Berlioux (die een mooi boek schreef over de zielen in het Vagevuur), over de hulp die door deze zielen wordt verleend voor hen die hun lijden verzachten door hun gebeden en lijden. In dat boek vertelt hij het verhaal van een dame die op een bijzondere wijze toegewijd was aan de arme zielen en die haar leven opofferde voor hun bevrijding.

    Op het ogenblik van haar dood, werd zij hevig aangevallen door een duivel die zag dat zij hem ging ontsnappen. Onmiddellijk was de hele ondergrond verenigd tegen haar en zij werd volledig omsingeld door de duivelse troepen. De stervende vrouw streed ondraaglijk toen ze plots in haar kamer een menigte zag aankomen van een oogverblindende schoonheid en de hele duivelse horde op de vlucht deed slaan. Ze naderden haar bed en spraken tot haar met de meest hemelse aanmoedigingen en woorden van troost. In haar laatste ademzucht, weende ze in grote vreugde: wie zijn jullie? Wie zijn jullie a.u.b., waarom doen jullie zoveel goeds voor mij?

    De weldadige bezoekers antwoordden: "We zijn bewoners van de Hemel. Uw hulp heeft ons gelukzaligheid gebracht. En nu komen wij uit dankbaarheid u helpen om de overkant van de eeuwigheid te bereiken en u te bevrijden van deze plaats van smart om u in de vreugde van de Heilige Stad te brengen."

    Met deze woorden kwam er een glimlach op het gelaat van de stervende vrouw, haar ogen sloten zich en zij sliep in, in de vrede van de Heer. Haar ziel, zuiver als een duif, voorgesteld aan de Heer des Heren, had zoveel beschermelingen en advocaten rondom zich. Het waren allemaal zielen die zij had bevrijd en die haar dankbaar waren. Ze trad de Hemel binnen in volle glorie, in triomf en onder het luid applaus en de zegen van al diegenen die zij had bevrijd uit het Vagevuur. Moge ook ons dit geluk ooit overkomen.

    En zo zijn de zielen die door onze gebeden worden bevrijd enorm dankbaar: zij helpen ons tijdens het leven en dit is duidelijk voelbaar. Ik kan u alleen maar sterk aanbevelen dat u dit zelf zou ondervinden! Zij helpen ons: zij kennen onze noden en verkrijgen vele genaden voor ons.


    Zr. Emmanuel: Maria, Ik denk aan de goede dief die zich naast Jezus aan het kruis bevond. Ik zou werkelijk graag willen weten wat hij voor Jezus had gedaan dat die Hij hem beloofde dat hij diezelfde dag nog bij Hem in het Koninkrijk zou zijn?
    Maria: Hij aanvaardde nederig zijn lijden en zei dat dit gerechtigheid was. Jezus moedigde hem aan. Hij had vrees voor God, wat nederigheid betekent. Ook ga ik u een voorbeeld geven van hoe goede daden heel wat zonden kunnen wegspoelen: ik kende een jongeman van om en bij de twintig jaar, uit een nabijgelegen dorp. Dit dorpje was enorm getroffen door een reeks van lawines die een heleboel mensen hadden gedood. Op een nacht hoorde hij vanuit zijn ouders huis een lawine naast de deur naar omlaag stormen. Hij hoorde mensen schreeuwen met een doordringende en hartverscheurende angst die uitriepen: "Spaar ons! Kom, spaar ons! We zitten in de val onder de lawine!" Hij sprong onmiddellijk uit zijn bed en vloog naar beneden om deze mensen te gaan redden. Ook zijn moeder had deze angstschreeuwen gehoord. Zij verhinderde hem buiten te gaan en ging voor de deur staan: "Neen! Laat anderen hen helpen. Niet altijd wij! Het is te gevaarlijk buiten, Ik wil niet nog een dode!" Maar omdat hij door deze angstschreeuwen zo diep was getroffen, voelde hij dat hij deze mensen moest redden en daarom duwde hij haar opzij en zei haar: "Ja! Ik ga! Ik kan hen zo niet laten sterven!". Hij ging naar buiten en op zijn weg werd ook hij door een aardbeving getroffen en stierf.

    Drie dagen na zijn dood bracht hij mij 's nachts een bezoek en zei mij: "Laat drie missen voor mij opdragen en dan zal ik bevrijd zijn van het Vagevuur." Ik ging zijn familie en vrienden inlichten en deze verbaasden zich dat er enkel drie missen nodig waren om hem te bevrijden uit het Vagevuur. Zijn vrienden zeiden mij: "Ik zou niet graag in zijn plaats geweest zijn op het ogenblik van zijn dood, indien u wist welke slechte dingen hij ooit gedaan heeft!" Maar de jongeman had hierop geantwoord: "Ziet u! Ik heb een daad van zuivere liefde gesteld door mijn leven op het spel te zetten om deze mensen te willen redden. Het is dankzij die daad dat de Heer mij zo vlug in de Hemel verwelkomde." Zo ziet u...liefdadigheid dekt heel wat zonden.

    Dit verhaal toont ons dat liefdadigheid, een eenvoudige daad van liefde vanuit het hart, voldoende was om deze jongeman te zuiveren van een losbandig leven. De Heer had van deze daad van liefde blijkbaar Zijn werk gemaakt. Maria Simma had er nog aan toegevoegd dat daar zonder die jongeman misschien nooit nog de kans had gekregen om zo'n grote daad van liefde te stellen en dat alles voor zijn ziel slecht zou kunnen zijn afgelopen. Maar de Heer, in Zijn genade, zag hem, op het ogenblik dat hij voor Hem verscheen, op zijn mooist, zuiverst, omwille van die daad van liefde.

    Het is heel belangrijk om ons, op het ogenblik van onze dood, helemaal toe te vertrouwen op God.

    Maria vertelde me het verhaal van een moeder met vier kinderen die ging sterven. In plaats van opstandig en bezorgd te zijn, zei ze: "Heer, Ik aanvaard de dood, als het Uw wil is, en ik plaats mijn leven in Uw handen. Ik vertrouw mijn jongens aan U toe en ik weet dat U zorg zult dragen voor hen."

    Maria zei dat deze vrouw, door haar enorm vertrouwen in God, onmiddellijk naar de Hemel ging en het Vagevuur vermeed.

    Daarom kunnen we werkelijk zeggen dat liefde, nederigheid en vertrouwen op God de drie gouden sleutels zijn om ogenblikkelijk naar de Hemel te gaan.

    Laat een Mis opdragen voor hen

    Zr. Emmanuel: Maria, kunt u ons nu vertellen wat het meest doeltreffend is om zielen te bevrijden uit het Vagevuur?
    Maria: De Heilige Mis.

    Zr. Emmanuel: Waarom de Heilige Mis?
    Maria: Omdat het in de Heilige Mis, Christus Zelf is die Zich offert uit liefde voor ons. Het is het offer van Christus Zelf aan God, de mooiste opoffering. De priester vertegenwoordigt God, maar het is God Zelf die Zich opoffert voor ons. De kracht van de Heilige Mis voor de overledene is nog groter voor hen die een grote waarde aan de Heilige Mis hechtten tijdens hun leven. Als zij tijdens hun leven aan de Eucharistieviering waren gehecht en met hun hart baden, als ze tijdens de weekdagen naar de Mis gingen, naargelang hun mogelijkheden, dan halen ze een groot voordeel uit de missen die voor hen worden opgedragen. Ook hier oogst men wat men gezaaid heeft.

    Een ziel in het Vagevuur ziet heel duidelijk op de dag van zijn of haar begrafenis of we werkelijk voor hen bidden of dat we enkel daar zijn om onze aanwezigheid te tonen. De arme zielen zeggen dat het niet de tranen, maar de gebeden zijn die hen helpen. Dikwijls klagen ze er over dat mensen naar hun begrafenis gaan zonder zelfs één enkel gebed tot God te richten voor hen, maar dat ze wel vele tranen laten lopen, terwijl dit laatste nutteloos is.

    Wat de Heilige Mis aangaat, zal ik u nu een mooi voorbeeld geven van de Abt van Ars die zich richtte tot zijn parochianen. Hij vertelde hen:

    "Mijn kinderen, een goede priester had het ongeluk een vriend te moeten verliezen die hij enorm hoog in schatte en daarom bad hij veel voor de rust van die ziel. Op een dag maakte God hem bekend dat zijn vriend zich in het Vagevuur bevond en enorm leed. De heilige priester geloofde dat hij niets beter kon doen dat het Heilige Offer van de Mis aan zijn geliefde overleden vriend op te offeren. Op het moment van de consecratie nam hij de hostie tussen de vingers en zei: "Heilige Eeuwige Vader, laat ons een ruil doen. U houdt de ziel vast van mijn vriend die zich in het Vagevuur bevindt, en ik hou het Lichaam van Uw Zoon in mijn handen. Goede en Barmhartige Vader, bevrijd mijn vriend en ik Offer U Uw zoon met alle verdiensten van Zijn dood en Passie. Het verzoek werd beantwoord. Op het ogenblik dat hij de hostie omhoog hield, zag hij de ziel van zijn vriend, schitterend in glorie opstijgen naar de Hemel. God had de ruil aanvaard. Mijn kinderen, als we wensen dat een ziel die ons echt nabij was, uit het Vagevuur wordt bevrijd, laat ons dan hetzelfde doen: laat ons een offer aanbieden aan tot God, door het Heilige Offer, Zijn Geliefde Zoon met alle verdiensten van Zijn dood en Passie. En God zal u dit niet kunnen weigeren."

    Verspil uw aardse lijden niet

    Er is nog een andere, zeer krachtige wijze om de arme zielen te helpen: het offeren van ons lijden, onze boeten zoals vasten, verzakingen, enz en uiteraard ons onvrijwillig lijden zoals gewone ziekten en rouw.

    Zr. Emmanuel: Maria, u bent dikwijls uitgenodigd geworden om te lijden voor deze arme zielen, met de bedoeling hen te bevrijden. Kunt u ons vertellen wat u hebt ervaren en ondergaan tijdens deze ogenblikken?
    Maria: De eerste keer vroeg een ziel mij of ik er geen bezwaar tegen zou hebben om drie uur met mijn lichaam te lijden, voor haar, en dat ik daarna opnieuw gewoon zou kunnen doorwerken. Ik zei tot mijzelf: "het zal allemaal wel over zijn in drie uur, ik kan dit aanvaarden." Die drie uren gaven mij de indruk dat ze drie dagen duurden, zo pijnlijk was het. Maar op het einde keek ik naar mijn uurwerk en ik zag dat het inderdaad maar drie uur had geduurd. Die ziel heeft mij verteld dat door dit lijden drie uur lang te aanvaarden, ik haar had gespaard van twintig jaar extra Vagevuur!

    Zr. Emmanuel: Ja, maar waarom leed u maar enkel drie uren om twintig jaar Vagevuur af te lossen? Wat was uw lijden dan meer waard dan haar lijden?
    Maria: Dat is omdat het lijden op aarde niet dezelfde waarde heeft. Als we op aarde lijden, kunnen wij groeien in liefde en verdiensten verkrijgen, wat met het lijden in het Vagevuur niet het geval is. In het Vagevuur dient het lijden enkel en alleen om ons te zuiveren van de zonde. Op aarde hebben wij alle genaden. We hebben de vrijheid om te kiezen.

    Dit allemaal is zo bemoedigend omdat het een buitengewone betekenis geeft aan ons lijden. Het lijden dat geofferd word, vrijwillig of onvrijwillig, zelfs de kleinste opofferingen zoals teleurstellingen, gewone ziekten, rouw ... als we deze met geduld ondergaan en ze met nederigheid verwelkomen, dan hebben deze kleine daden een ongekende kracht om de zielen te helpen.

    Het beste wat we kunnen doen, aldus Maria Simma, is onze pijnen te verenigen met die van Jezus, door ze in de handen van Onze Lieve Vrouw te plaatsen. Zij is diegene die het beste weet hoe ze te gebruiken, omdat wij dikwijls de hoogste noden rond ons niet kennen.

    Dit allemaal zal Maria ons uiteraard terugschenken op het ogenblik van onze dood.

    U ziet, de pijnen die wij hebben opgeofferd zijn onze meest dierbare schatten in de andere wereld. We moeten iedereen hieraan herinneren en hen aanmoedigen wanneer zij lijden.


    Schenk uw gebeden niet met tegenzin

    Nog een andere zeer effectieve wijze is, volgens Maria Simma, de kruisweg, omdat we door te bezinnen over het lijden van de Heer, de zonde beetje bij beetje beginnen te haten en de redding wensen voor alle mensen en deze hartenwens brengt grote verlichting aan de zielen in het Vagevuur.

    De kruisweg brengt ons ook tot berouw. Het berouw kan beginnen van zodra we onszelf met de zonde confronteren.

    Nog een ander betekenisvolle hulp voor de zielen in het Vagevuur is het opzeggen van de Rozenkrans, alle vijftien mysteries, voor het belang van de overledenen. Door de Rozenkrans worden er elk jaar vele zielen bevrijd uit het Vagevuur en, het moet gezegd, het is de Moeder van God zelf die de zielen uit het Vagevuur komt bevrijden. Dit is enorm mooi omdat de zielen in het Vagevuur Onze Lieve Vrouw de "Moeder van Barmhartigheid" noemen.

    De zielen vertellen eveneens dat aflaten een onschatbare waarde hebben voor hun bevrijding. Het klinkt eigenaardig, maar het zou misdadig kunnen lijken om geen gebruik te maken van deze schat die de Kerk voorstelt ten gunste van de zielen. Het onderwerp van aflaten zou te veel tijd in beslag nemen om hier te bespreken, maar ik kan verwijzen naar een prachtige tekst, geschreven door Paus Paulus VI in 1968 over dit onderwerp. U kunt er uw parochiepriester naar vragen of er gewoon naar vragen in een godsdienstige boekenwinkel.

    Ook kunnen we zeggen dat een grote hulp voor de zielen in het Vagevuur het bidden in het algemeen is. Alle soorten gebeden. Ik hou eraan om u hier een getuigenis te geven van Hermann Cohen, een Joodse artiest, die zich tot de Katholieke godsdienst bekeerde in 1864 en die een grote verering had voor de Eucharistie. Hij verliet de gewone wereld om binnen te treden in een zeer strenge religieuze orde. Hij aanbad regelmatig het Heilig Sacrament waarvoor hij een grote verering had. Tijdens zijn aanbidding, smeekte hij de Heer om zijn moeder, van wie hij zielsveel hield, te bekeren. En zo wierp Hermann zich, ziek van verdriet, nederig voor het Heilig Sacrament, in diepe smart, biddend: "Heer, Ik ben U alles verschuldigd, dat is waar. Maar wat heb ik U geweigerd? Mijn jeugd, mijn hoop in deze wereld, mijn welzijn, de familievreugde, een misschien wel hard verdiende rust. Ik heb alles opgeofferd van zodra u mij riep. En u, Heer, Eeuwige Goedheid, die mij heeft beloofd om mij het honderdvoudige terug te schenken, hebt mij de ziel van mijn moeder geweigerd. Mijn Heer, ik bezwijk onder dit martelaarschap, ik zal stoppen met klagen."

    Hij weende zijn arme ziel uit toen plots een geheimzinnige stem in zijn oor fluisterde: “Mens met een klein geloof! Uw moeder is gered. Weet dat uw gebed almachtig is in Mijn aanwezigheid. Ik heb al diegenen die u hebt aanroepen voor uw moeder verzameld, en mijn Voorzienigheid heeft haar in beschouwing genomen in haar laatste uur. Op het ogenblik van haar heengaan ben Ik tot haar gekomen. Zij zag me en weende: "Mijn Heer en Mijn God!" Heb moed want uw moeder heeft de verdoemenis vermeden  en uw vurige smeekbede zal haar ziel spoedig bevrijden van de verbondenheid met het Vagevuur.”

    En we weten dat Vader Hermann Cohen, spoedig daarna, tijdens een tweede verschijning vernam dat zijn moeder was opgestegen naar de hemel.

    Ook beveel ik sterk de gebeden aan van de Heilige Brigitta van Zweden voor de arme zielen. Laat mij iets heel belangrijks toevoegen: de zielen in het Vagevuur kunnen niet langer iets doen voor zichzelf. Zij zijn totaal hulpeloos. Als de levenden niet voor hen bidden zijn ze totaal verlaten. Daarom is het belangrijk u bewust te zijn van de onmeetbare en de ongelofelijke kracht die ieder van ons in zijn of haar handen heeft om de zielen die lijden te bevrijden.

    We moeten geen twee maal nadenken om een kind te helpen dat voor onze ogen neerviel of uit een boom viel en dat een gebroken been heeft. Uiteraard zouden wij alles voor dit kind doen. Op dezelfde manier zouden wij ook zorg moeten dragen voor deze zielen, die alles van ons verwachten, uitkijkend naar de geringste opoffering, hoopvol voor de minste van onze gebeden, om hen van hun pijn en smart te bevrijden. En het zou uiteraard ook fijn zijn om liefdadig te zijn.

    Ik denk bijvoorbeeld aan de vriendelijkheid van de Barmhartige Samaritaan uit het Evangelie, tegen de halfdode man aan de kant van de weg. Deze man was volledig afhankelijk van de goedheid van zijn voorbijganger.


    Zr. Emmanuel: Maria, waarom kan men niet langer verdiensten verkrijgen in het Vagevuur en op aarde wel?
    Maria: Omdat op het ogenblik van de dood de tijd om verdiensten te verkrijgen beëindigt. Zolang wij op deze aarde leven kunnen wij het kwade dat wij hebben aangericht nog herstellen. De zielen in het Vagevuur benijden ons hiervoor. Zelfs de Engelen zijn jaloers op ons omdat wij de mogelijkheid hebben om te groeien zolang wij hier op aarde zijn.

    Zr. Emmanuel: Maar dikwijls geeft het lijden op aarde aanleiding tot innerlijke opstand, waarbij wij het erg moeilijk hebben op dit te aanvaarden en te ondergaan. Hoe kunnen wij het lijden beleven zodat het zijn vruchten afwerpt?
    Maria: Lijden is het grootste bewijs van onze liefde voor God en als wij dit goed opofferen kan dit vele zielen helpen.

    Zr. Emmanuel: Hoe kunnen wij het lijden aanvaarden als een geschenk en niet als een straf, zoals wij dikwijls doen?
    Maria: We moeten alles schenken aan Onze Lieve Vrouw. Zij is diegene die het beste weet wie dit en dat lijden nodig heeft om te worden gered.

    Aan dit onderwerp van het lijden wens ik een buitengewone getuigenis die Maria Simma ons vertelde toe te voegen. Het was in 1954 en een reeks van dodelijke lawines had het naburige dorp van Maria getroffen. Daarop volgden er nog andere lawines, maar op een wonderlijke wijze hielden die op, voordat ze het dorp bereikten zodat er geen schade was.

    De zielen legden uit dat er in dit dorp een zieke vrouw was overleden die niet goed behandeld was. Zij had gedurende dertig jaren enorm geleden. En ze had al haar lijden opgeofferd aan de bescherming van het dorp.

    De zielen legden Maria uit dat het dankzij het offer van die vrouw was, dat het dorp gespaard bleef van de lawines.

    Zij had haar lijden met geduld gedragen. Maria vertelt ons dat, indien zij in een goede gezondheid had verkeerd, het dorp niet zou gespaard geweest zijn en voegt er aan toe dat pijnen die nederig en met geduld worden gedragen meer zielen kunnen redden dan gebeden (maar gebeden helpen ons wel om ons lijden te dragen).

    We moeten het lijden niet altijd als een straf beschouwen. Het kan niet alleen worden aangewend ter compensatie van onszelf, maar bovenal voor de anderen. Ook Christus was volledig onschuldig en hij heeft Zijn diepe lijden ondergaan voor de aflossing van onze zonden.

    Enkel in de Hemel zullen we alles weten dat we hebben verkrijgen door te lijden met geduld in eenheid met het lijden van Christus.


    Zr. Emmanuel: Maria, komen de zielen in het Vagevuur in opstand tegen hun lijden?
    Maria: Absoluut niet! Zij wensen zichzelf te zuiveren. Zij begrijpen dat dit nodig is.

    Op het ogenblik van de dood

    Zr. Emmanuel: Wat is de rol van berouw of spijt op het ogenblik van de dood?

    Maria: Berouw is heel belangrijk. De zonden worden in alle geval vergeven, maar er blijven de gevolgen van de zonden. Indien iemand een volledige aflaat wenst te verkrijgen op het ogenblik van de dood, wat recht naar de Hemel gaan betekent, dan moet de ziel bevrijd zijn van al de gevolgen.

    Hier zou ik een belangrijke getuigenis willen vermelden van Maria Simma. Op een dag vroegen familieleden haar na te gaan of een vrouw uit hun familie haar ziel al dan niet verloren was gegaan, omdat ze een ontzettend slecht leven had geleid. Ze verongelukte toen ze uit een trein viel. Een ziel vertelde aan Maria dat deze vrouw was gered uit de hel omdat ze op het ogenblik van haar dood tot God had gezegd: "U hebt gelijk mij het leven te benemen, omdat ik u nu niet langer kan ontstemmen." Die ene zin wiste al haar zonden. Dit voorbeeld heeft een zeer grote betekenis, omdat het aantoont dat één enkel ogenblik van nederigheid, van berouw, op het ogenblik van de dood ons kan redden. Dit betekent niet dat ze niet naar het Vagevuur ging, maar ze vermeed wel de hel die ze misschien wel had verdiend door haar goddeloos leven.

    Zr. Emmanuel: Maria, op het ogenblik van de dood, is er dan nog een moment waarin de ziel nog steeds de kans krijgt om zich tot God te keren, zelfs na een zondevol leven, vooraleer deze de eeuwigheid binnengaat. Een tijd tussen de zogenaamde dood en de werkelijke dood?
    Maria: Ja. De Heer geeft iedereen een aantal minuten om zich over zijn zonden te berouwen en te beslissen: ik aanvaard of ik aanvaard niet om God te zien. Het is daar dat we de film over ons leven te zien krijgen. Ik heb weet van een man die geloofde in de Kerkelijke leer, maar niet in het eeuwige leven. Op een dag werd hij hevig ziek en gleed in een coma. Hij zag zichzelf in een kamer met een bord vooraan waar al zijn daden stonden op geschreven, de goede en de slechte. Toen vielen het bord en de muren van de kamer naar beneden en alles was onmetelijk mooi. Toen ontwaakte hij uit zijn coma en besliste zijn leven volledig te veranderen.


    Dit lijkt veel op de getuigenissen van "bijna-doodervaringen", het ervaren van het bovennatuurlijke licht is zo'n belevenis dat deze mensen daarna niet meer wensen te leven zoals voorheen.

    Zr. Emmanuel: Maria, onthult God zich aan alle zielen met dezelfde intensiteit, op het ogenblik van de dood?
    Maria: Aan iedereen wordt Gods kennis over zijn leven gegeven en ook het lijden dat volgt, maar de intensiteit is niet dezelfde voor iedereen. De intensiteit van Gods openbaring hangt af van het leven dat de ziel heeft geleid.

    Zr. Emmanuel: Krijgt de duivel de toelating om ons aan te vallen op het ogenblik van de dood?
    Maria: Ja, maar de mensen krijgen ook de genade om hem te weerstaan, om hem weg te drijven. Als ze met de duivel niets willen te maken hebben, heeft de duivel geen enkele macht.

    Zr. Emmanuel: Dat is goed nieuws! Wanneer iemand weet dat hij spoedig zal sterven, hoe kan die zich dan het beste voorbereiden?
    Maria: Door zichzelf volledig aan God toe te vertrouwen. Offer al uw lijden. Wees volledig gelukkig in God.

    Zr. Emmanuel: En welke houding moet iemand aannemen voor een ander die gaat sterven? Wat is het beste dat we voor die persoon kunnen doen?
    Maria: Bid hard! Bereid hem voor op zijn dood. Men moet de waarheid spreken!

    Zr. Emmanuel: Welk advies zou u aan de mensen geven om heilig te worden op aarde?
    Maria: Wees zeer nederig! We mogen niet met onszelf bezig zijn. Trots is de grootste valkuil.

    Zr. Emmanuel: Maria, vertel ons, kan men aan de Heer vragen om het Vagevuur op deze aarde te mogen beleven, met het oog om het niet te moeten doorstaan na dit aardse leven?
    Maria: Ja. Ik kende een priester en een jonge vrouw die beiden met tuberculose in het ziekenhuis lagen. De jonge vrouw zei tot de priester: "Laat ons aan de Heer vragen om hier zoveel mogelijk te mogen lijden, zodat we recht naar de Hemel zouden mogen gaan." De priester antwoordde dat hij dit niet durfde te vragen aan God, maar een kloosterlinge die zich in de nabijheid bevond, had het gesprek opgevangen. De jonge vrouw overleed vóór de priester. De priester verscheen daarna aan de Zuster: "Had ik maar hetzelfde vertrouwen gehad als deze jonge vrouw, dan zou ik onmiddellijk naar de Hemel zijn gegaan."

    De "inwoners" van het Vagevuur

    Zr. Emmanuel: Maria, zijn er verschillende niveaus in het Vagevuur?
    Maria: Ja, er is een groot verschil op het niveau van het morale lijden. Elke ziel heeft een uniek lijden, voorbestemd voor deze ziel en er zijn vele niveaus.

    Zr. Emmanuel: Weten de arme zielen wat er gaat gebeuren in de wereld?
    Maria: Ja, niet alles, maar veel.

    Zr. Emmanuel: Vertellen deze zielen u soms wat er gaat gebeuren?
    Maria: Ze zeggen eenvoudig dat er iets voor de deur staat, maar ze zeggen niet wat. Ze zeggen alleen wat nodig is voor de bekering van de mensen.

    Zr. Emmanuel: Is het lijden in het Vagevuur pijnlijker dat het hevigste lijden op aarde?
    Maria: Ja, maar dan symbolisch. Het zit hem in de ziel.

    Zr. Emmanuel: Ja, ik denk dat het moeilijk is om dit te omschrijven, maar komt Jezus zelf naar het Vagevuur?

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Mariale Gebedsschool!
    Mariale Gebedsschool!!

    Lieve vrienden in de Krans van Rozen.

    Frater Benedict is een nog jonge broeder in de abdij van Tongerlo.

    In de kerk van de abdij staat een beeldje van het Kindje Jezus van Praag.

    Maandelijks is er een verering bij dat beeldje. Frater Benedict is hierbij een beetje de drijvende kracht. Omdat wij regelmatig naar die verering gaan hebben we zo Frater Benedict leren kennen.

    Hij gaat nu ook beginnen met een “Mariale Gebedsschool”, volgens de onderrichtingen van Maria: gebed, stilte, nederigheid, boetedoening.

    Hij zoekt daarvoor mensen met een actief gebedsleven die samen met hem in groep willen meebidden, om zo een “cenakel van aanbidding” te vormen. Alles gebeurt daarbij op vrijwillige basis.

    De geïnteresseerden worden dan uitgenodigd op enkele gebedsbijeenkomsten, telkens in Mariale heiligdommen en op een korte retraite in Scherpenheuvel met als thema: “ Ik ben het Levend Woord”.

    Het doel van onze vzw is dat door de verspreiding van het boekje “DE ROZENKRANS EEUWENOUD BLIJVEND JONG”, de rozenkrans terug meer zou gebeden worden, vooral in de gezinnen. Zo kan het gezin terug de hoeksteen in de maatschappij worden.

    Door het rozenhoedje, waarin wij het leven van Jezus en Maria overwegen, kan onze Hemelse Moeder ons dicht bij haar Zoon brengen. Zij kan ook veel genade bekomen voor al wie de rozenkrans bidt. De rozenkrans is immers een van de krachtigste gebeden.

    Lea en ik vinden dat het initiatief van Frater Benedict een prachtige, zinvolle aanvulling is op de doelstelling van onze vzw. Wij hebben ons dan ook aangesloten. Het zal ook sterk bijdragen tot onze groei in geloof.

    We leven in een moeilijke tijd. Het zal Maria zijn die ons daar met haar moederlijke bescherming veilig doorheen leidt. Het is Zij die de slang zal verpletteren. Dit initiatief van Frater Benedict komt op het juiste moment.

    Daarom maken we graag dit initiatief van de broeder aan jullie bekend zodat ook jullie de gelegenheid hebben om in te schrijven.

    Dit kan met het inschrijvingsstrookje in bijlage. Mail het door of zend het op aan Frater Benedict en jullie worden verder op de hoogte gehouden.

    Zo kunnen wij samen nog meer verenigd in gebed zijn.

    Vele groeten,

    Lea en Guido

    NB: voor diegene die over een adressenlijst beschikken, mail dit verder door. Voor de anderen, mail het door naar vrienden die ook interesse zouden kunnen hebben. Bedankt.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Milaan, Wereldbijeenkomst gezinnen.

    Milaan, Wereldbijeenkomst Gezinnen

    30 mei – 3 juni 2012

     

    Decreet van Groot-Penitencier, kardinaal Monteiro de Castro, op 17 mei, Hemelvaartdag:

     

    Benedictus XVI verleent aan katholieken “de gave der aflaten” wanneer zij zich in een geest van oprecht berouw en naastenliefde wijden aan de heiliging van het gezin naar het voorbeeld van de Heilige Familie van Jezus, Maria en Josef.

    Aan gelovigen die niet in de mogelijkheid zijn aan dit gebeuren deel te nemen wordt de volle aflaat verleend aan de gewone voorwaarden van biecht, communie en gebed voor de intenties van de paus, wanneer zij in de geest verenigd met de gelovigen in Milaan, met hun gezin het Onze Vader bidden, het Credo en andere gebeden om Gods barmhartigheid af te smeken voor de gezinnen.

    De gedeeltelijke aflaat wordt volgens het decreet verleend aan wie met een berouwvol hart bidt voor het welzijn van de gezinnen.

    Vanwege Leen.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Beste gelovigen / believers.
    Beste gelovigen / believers,
    Slachtoffers van criminele illuminatie-groepen vinden geen serieus gehoor meer sinds de affaire Dutroux (2004). Mishandeling binnen gesloten elitaire netwerken blijft sindsdien binnenkamers. Politici en vrijmetselaren is het gelukt om slachtoffers in een zwijgcultuur te plaatsen. Hulpverlening door eigen familie en vrienden wordt bemoeilijkt en soms ook strafbaar gesteld. Nu jaren na Dutroux beginnen kleine openingen te ontstaan, een beetje openheid en toegankelijkheid ten bate van de survivers (door hulpverlening / op internet). We mogen deze groep mensen niet in de steek laten en stilletjes een langzame dood laten sterven.
    Website welke verwijst naar een artikel over RM: http://www.overlevers-ritueel-misbruik.net
    Groet,
    Pastoor Geudens.



    Foto

    Getuigenissen van de jongeren van Cenacolo
  • Deel 1
  • Deel 2
  • Deel 3
  • Deel 4
  • Deel 5
  • Deel 6
  • Deel 7

  • Foto

    Foto

    Foto

    Godelieve heeft voor mij
    deze prachtige pps gemaakt
    waarvoor mijn dank





    Foto

    Schrijft u wat in mijn gastenboek
    klik dan op het boek boven




    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Klik op het plaatje en krijg een prachtige rondleiding door het Vaticaan
    Ieder nummertje is weer iets moois
    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Image and video hosting by TinyPic
    Image and video hosting by TinyPic
    Image and video hosting by TinyPic
    Foto

    Een interessant adres?


    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!