Foto
TOESPRAAK VAN PATER PETAR
  • Deel 1
  • Deel 2
  • Deel 3
  • Deel 4
  • Deel 5
  • Deel 6
  • Deel 7
  • Deel 8
  • Deel 9
  • Foto
    Foto
    Het  logo  van  het  Bisdom  Gent  van  MG.  Van  Looy
     
    Origen
    Quantcast
    Met hulp en medewerking van John Pont is dit blog gemaakt
    HOUD UW LAMPEN BRANDEND.
         Image and video hosting by TinyPic
    For this blog to translate into language of your choice? Select your language below.
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
     2 prachtige pps-jes hierboven van Godelieve en ook Mama rechts heeft ze gemaakt
    Klik op de banner en bekijk nog veel meer moois op haar blog
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Klik op de banner hier beneden en ga eens langs bij Lenie voor nog meer moois
    Alle Ave Maria pps-jes hierboven zijn van haar
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Gastenboek

    Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek

    Foto
    Wonder

    13-10-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Naastenliefde is de taal van Jezus.

     

    Matteus 5, 43-48.

    Jullie hebben gehoord dat er gezegd is: U zult uw naaste liefhebben en uw vijand haten. Maar Ik zeg jullie: heb je vijanden lief en bid voor wie je vervolgen, dan zullen jullie kinderen worden van je Vader in de hemel, want die laat zijn zon opgaan over slechten en goeden, en Hij laat het regenen over rechtvaardigen en onrechtvaardigen. Want als je liefhebt wie jou liefheeft, welk loon verdien je dan? Doen de tollenaars dat ook niet? Als je alleen je broeders groet, wat voor bijzonders doe je dan? Doen de heidenen dat ook niet? Jullie zullen dus onverdeeld goed zijn, zoals jullie hemelse Vader onverdeeld goed is.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Verhaal van de lelies op het veld.

     

    Op een dag wandelde Jezus met zijn leerlingen langs het veld.

    Daar zagen ze mooie planten en bomen staan.

    De leerlingen waren heel druk aan 't praten.

    Ze maakten zich zorgen over later: wat zouden zij worden?

    Wie zouden zij later wel zijn?

    Maar jezus zei hun:

    Wat maken jullie je zorgen: dat is niet nodig.

    Weten jullie het niet? Jouw Vader zorgt voor u.

    Als hij al ervoor zorgt dat al het groen, de bloemen en de planten

    er na elke winter weer opnieuw zo mooi uit zien,

    dan zal Hij zeker voor jullie altijd zorgen.

    Wees dus maar gerust: God zorgt voor jullie.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.GODS DROOM OVER DE MENS.

     

    Een mens vroeg: 'God, hoe kan het nu, dat Gij mij roept? Hebt Gij ooit mijn handen gezien? Mijn begerige ogen? Mijn gesloten oren? Mijn zwakke schouders? Mijn mismaakte voeten? Hoe zou ik met deze handen... u kunnen dienen?'

    Sprak God met een lichte verontwaardiging: 'Maar mens toch, sinds wanneer zijn je handen van jou? En je voeten, je oren en je ogen? Heb ik je mijn eigen handen niet gegeven om mijn troost te strelen over bedroefde mensen? Heb ik je mijn voeten niet gegeven om op weg te gaan, mensen tegemoet? Heb ik je mijn oren niet gegeven om te luisteren naar het broze lied van 's mensen geluk? Heb ik je mijn ogen niet gegeven te zien waar mensen hun weemoed dragen? Heb ik je mijn hart niet geschonken om te slaan op het ritme van menselijk leed?'

    Ging de mens onder de bloeiende kerselaar zitten en keek naar zijn open handen, volgde de blik van zijn nieuwsgierige ogen, telde het onrustige kloppen van zijn hart, stapte mee met de trage gang van zijn voeten, luisterde naar het monotone geruis in zijn oren. 'Dat kan niet! God, nu moet Ge u toch vergist hebben.'

    Toen kwam er een klein meisje voorbij met de onschuld van de lente; het droomde zomaar over de weg en het struikelde over een verdwaalde steen en viel. En het weende om een schram op haar knie en om een scheur in haar kleed.

    Stond de mens haastig op en nam het kind zachtjes in zijn handen en droeg het op zijn sterke voeten naar de schaduw langs de gracht, keek vertederd naar de beschreide ogen, en streelde met zijn grove handen over haar verwarde haren en hoorde zich troostwoorden zeggen: 'Toe maar, het doet geen pijn', en voelde een stil zeer in zijn eigen hart. En het kind glimlachte, haar tranen werden bloemen en haar ogen zongen een diep geluk.

    En toen keek de mens naar zijn handen en ze waren zacht als die van een moeder. En hij betastte zijn voeten, en voelde een sterke kracht en hij merkte een diepe bewogenheid in zijn hart en zijn ogen zagen precies veel duidelijker en er hing een vrome zang in zijn oren.

    En toen knikte de mens en zei: 'God, misschien gaat het toch wel! Hier ben ik.'


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.GOD , LEER MIJ EENZAAM ZIJN.

     

    Mijn Heer , en mijn God , sinds ik 'weet' dat midden in het grote leven staan , voor mij voorbij is , en ik op de kleine wereld pijn van lege woorden en afstandelijkheid mijn eigen smalle weg moet gaan , ben ik bang ; om dood te gaan , vergeten en verloren in de betutteling van liefdesangst en de bescherming van zorgende machteloosheid. En toch , Heer , wil ik niet bidden om mij te bevrijden van die zorg die mensen zichzelf opleggen om mij nabij te zijn. Ik wil Jou vragen mijn pogen om mijn en hun pijn te dragen , te steunen , te schragen. Ik wil Jou vragen de mensen die mij graag zien te zegenen en te verlossen. O God , leer me zo eenzaam zijn dat ik mijn en hun verlatenheid doorheen de pijn van elke dag alleen kan dragen.....O God , leer me opstandig zijn om steeds opnieuw met heel veel kracht mijn levensdoel en levenszin te blijven bevragen.... O God , leer me moedig zijn om elke last en elk verdriet van 't loslatend 'moeten' te blijven verdragen..... O God , leer me geduldig zijn - eerst met mezelf - en dan met die anderen die ook de pijn om 't niet meer 'kunnen' moeten helpen dragen.... O God , leer me mild zijn om machteloosheid en hulpeloosheid in taal en teken te begrijpen... O God , leer me liefde zijn om altijd meer en altijd weer mezelf en al mijn pijn dicht bij mezelf te houden want niets doet zoveel pijn als 't hulpeloos staan in 't leed van zij die naast je gaan.... O God , leer me vrede zijn om in duizend kleine dingen Jouw liefde en Jouw vrede in een mild gebaar weer dagelijks uit te reiken. Dan wordt mijn wereld weer zo rijk en groot en diep en breed geborgen in Jouw heerlijkheid van zorgende aanwezigheid. Amen.


    11-10-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.GEBED OM KERKMENSEN. PPS.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Voor de H. Kerk en voor de priesters.

     

    O mijn Jezus, ik smeek U voor de hele Kerk.

    Schenk haar liefde en het licht van uw helige Geest.

    Geef kracht aan de woorden van de priesters, zodat de meest verstokte zondaars tot inkeer komen en terugkeren naar U.

    Goddelijke Hogepriester, geef ons heilige priesters, bewaar hen in heiligheid.

    Moge de kracht van uw barmhartigheid hen overal begeleiden en hen beschermen tegen de hinderlagen en valstrikken van de duivel, die de zielen van de priesters voortdurend bedreigen.

    O Heer, moge de kracht van uw barmhartigheid alles wat de heiligheid van de priesters kan aantasten, doen mislukken, want U kunt alles.

    Ik vraag U, Jezus, een bijzondere zegen en licht voor de priesters, bij wie ik gedurende mijn leven te biechten zal gaan. Amen.

     


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Eén Offer voor heel Christus Kerk. ( Johannes 11 : 52, ).

    Johannes 11 : 52,

    Eén Offer voor heel Christus Kerk.
    Gemeente,

    Vóóraf aan het laatste gedeelte van de lijdensweg, nog voordat Hij Jeruzalem binnentrekt, heeft de Heere in Bethanië Lazarus, de broer van Martha en Maria uit het graf doen opstaan!

    Wij kunnen begrijpen, dat dit wonderteken, dat Jezus gedaan heeft, grote indruk maakte. We lezen dan ook dat het op een groot aantal ooggetuigen van deze opwekking zo'n indruk heeft gemaakt, dat het voor hen de doorslag gaf om in de Heiland te geloven!

    Eigenlijk kun je het niet vatten, dat ook hier mensen bij geweest zijn, die het nodig gevonden hebben meteen Farizeeën op de hoogte te stellen van wat Jezus daar in Bethanië gedaan had.

    Toch zijn ze er geweest en hun boodschap gaf aanleiding voor de overpriesters en de Farizeeën om meteen de raad, het Sanhedrin, vanwege deze gebeurtenis, in vergadering bijeen te roepen.

    Waarom zij dit deden laat maakt de evangelist ons duidelijk, met de vraag die in dit beraad aan de orde komt: "Wat doen we? Want deze Mens doet vele tekenen."

    Die kan zo niet doorgaan, want deze Jezus van Názareth krijgt op deze manier steeds meer aanhangers. Hij doet tekenen en zo zullen hij en zijn volgelingen steeds meer onrust opleveren. Het zal uit de hand gaan lopen en onze positie ondermijnen en de Romeinen zullen alle aanleiding zien om in te grijpen en de rust met harde hand te herstellen. Dat zal desastreuze gevolgen hebben voor 'onze plaats en ons volk'.

    Gemeente, wat bedoelen ze met deze laatste woorden? Bij het woord 'plaats' moeten we denken aan de stad Jeruzalem. Jeruzalem aan te duiden als 'de plaats' gaat terug op de belofte, die de Heere aan Israël had gegeven toen ze op het punt stonden het Beloofde Land binnen te gaan om dat in bezit te nemen. De Heere had gezegd: "Dan zal daar de plaats zijn die de HEERE, uw God, zal uitkiezen om Zijn Naam daar te laten wonen. Daarheen moet u alles brengen wat ik u gebied: uw brandoffers, uw slachtoffers, uw tienden, de hefoffers uit uw hand en heel de keur van uw gelofteoffers die u de HEERE belooft."

    Deze plaats is de berg Sion geworden, de stad Jeruzalem. Daar, in de tempel, woont de Heere in het midden van het volk van Zijn verbons. Daar vindt de dienst van de verzoening plaats, daar wordt de Heere dank gebracht, daar worden de gebeden uitgesproken en de zegen ontvangen. De dienst van de Heere, die van levensbelang is voor Israël.

    Maar wat zal er gebeuren als de Romeinen komen, een opstand neerslaan? Dan zou het wel eens kunnen zijn, dat er niet alleen aan het bestaan Jeruzalem en Gods Huis een eind gemaakt wordt, maar ook aan het voorbestaan van het Joodse volk als zelfstandige natie!

    Kortom: er staan enorme belangen op het spel! Ons voorbestaan is er mee gemoeid! We kunnen dit niet laten lopen en we mogen hier niet langer wachten. Er moet ingegrepen worden! Maar hoe?

    En dan neemt Kajafas het woord, die in dat jaar Hogepriester was en hij zegt: "U weet niets!"

    Maar Kajafas weet wel raad: "…u overweegt niet, dat het nuttig voor ons is dat één mens sterft voor het volk, en niet heel het volk verloren gaat."

    Was er dan reden om Jezus om te brengen? Welke misdaad had Jezus begaan toen Hij Lazarus het leven had teruggegeven?

    Nee, Kajafas spreekt ook niet over een misdaad. Hij spreekt over wat in het algemeen belang is! Béter één mens, die zoveel risico oplevert, uit de weg geruimd, dan een héél volk dat ten dode opgeschreven staat! Kajafas wil de Heere opofferen voor het algemeen belang! Hij is een man, die in grote lijnen denkt met een pragmatische instelling!

    Het algemeen belang vraagt dat er aan de volksbeweging waarvan Jezus het centrum is zo spoedig mogelijk een eind komt en dat doe je door de leider uit te schakelen. Beste mensen, zo zegt Kajafas, laat jullie verstand nu een werken. Bekijk het zakelijk, weeg de dingen eens nuchter tegen elkaar af!

    Wat is beter, dat één Mens sterft of dat allen sterven?

    Gemeente, heeft Kajafas daar geen punt? Soms moet je dingen doen die hoogste onrecht zijn om meerdere schade te voorkomen! Offer de rechtvaardige liever op als dat de rust hersteld en een héél volk kan redden!

    Gemeente, worden zulke geluiden vandaag ook niet gehoord? Er zijn grotere belangen, dan in te grijpen in Libië om het bloedvergieten daar te stoppen. Daar zijn de oliebelangen, de economische belangen, onze westerse belangen, het broze herstel van de ingestorte economie. Er worden politieke afwegingen gemaakt, er wordt uitgesteld, vergaderd terwijl iedere dag het bloedvergieten doorgaat. Misdaden tegen de menselijkheid…

    Beraamt Kajafas hier niet de grootste misdaad van de mensheid? Om Zoon van God, die Rechtvaardige! - op het altaar van het algemeen belang en het eigen voordeel te slachtofferen?

    Hij Die gezonden is door de Vader en gekomen is in deze wereld om te doen, wat Hij in Bethanië al deed om het doel van Zijn komst te onderstrepen? Allen, die ten dode gedoemd zijn vanwege de zonde, uit de dood te doen opstaan tot het eeuwige leven!

    Maar, nog wonderlijker wordt het, wanneer de Heere ons net als Hij het deed bij Johannes ons de ogen er voor opent, dat Kajafas deze 'wijsheid' niet van zichzelf had!

    Nee, ze houdt de evangelist ons hier voor: "Kajafas profeteerde als Hogepriester dat Jezus sterven zou voor het volk!"

    Het waren profetische woorden, ondanks het goddeloze advies dat deze sluwe vos aan de raadsleden gaf!

    Hoe dubbel! Nee, niet dubbel… Kajafas beoogde als Hogepriester Jezus zo spoedig mogelijk uit te schakelen, maar tegelijk werd Hij door God in de hemel gebruikt om precies aan te geven waartoe Deze Zijn Zoon in de wereld gezonden heeft! En dat is dat de Christus zal lijden en "sterven voor het volk. En niet alleen voor het volk, maar óók om de kinderen van God, overal verspreid, bijeen te brengen."

    Gemeente, wij moeten dit alles lezen, zo zegt Johannes, als een duiding van Godswege van het werk van onze Verlosser!

    De Christus is gekomen om te sterven voor het Joodse volk, Gods volk van ouds! Hij is gezonden tot verlossing van de Joden. Een ten dode gedoemd volk mag zijn plaats aan hem afstaan. Hij is gekomen om op Golgotha's Kruis hun plaats voor God in te nemen! Sterven voor een zondig volk, dat typeert wat de Heiland gedaan heeft op de Goede Vrijdag.

    Het tekent hem als Middelaar, die het voor de veroordeelden opneemt en hun straf overneemt. Vandaar dat wel gesproken wordt van onze Zaligmaker, als onze schuldovernemende Borg en Middelaar!

    Laten we niet vergeten, dat Hij dit in de eerste plaats is geweest voor het Joodse volk. Hij is allereerst Israëls Messias, de Christus der Schriften. Nog altijd. Daarom is er ook voor Israël geen Andere Naam waarin zaligheid gevonden wordt. Maar er wordt meer gezegd hier door Johannes de evangelist. Er staat 'niet alleen, maar óók!' En hier gaan de Hemelpoort open voor ons, die uit de volkeren zijn: "Maar ook om de kinderen van God, overal verspreid, bijeen te brengen."

    Eén zal voor állen sterven. Die éne is Christus en die állen zijn niet alleen de kinderen Israëls, maar nader toegespitst alle kinderen van God, die uit Abraham, ja die uit Adam zijn voortgekomen!

    Zijn dat alle Joden zonder onderscheid? Zijn dit alle mensen zonder onderscheid? Nee, Johannes spreekt hier over allen, die in Hem geloven zullen en Hem belijden zullen als hun Zaligmaker. Die in de weg van het geloof en door het werk van de Heilige geest wedergeboren worden tot kinderen van God!

    Die zal Hij, Jezus Christus, Gods Zoon bijéén brengen!

    Want ze zijn overal verspreid. Verstrooid zegt de oude versie. God heeft Zijn kinderen óveral!

    Overal in deze wereld, en door de verkondiging van het evangelie van Zijn dood en opstanding Christus vanuit de hemel door Zijn geest hen nog aldoor bij elkaar!

    Want dat is het waar de Heere ook vanmorgen mee bezig is als Hij Zijn Woord, het Woord waarin het leven gevonden wordt! - tot ons doet komen!

    Christus die gestorven is, maar óók opgestaan brengt nog aldoor overal vandaan, uit Israël en de volken Zijn gemeente samen! Van heinde en verre, van noorden en zuiden, van westen en oosten! Eén grote schaapskudde verzamelt onze Goede Herder in de hemel rondom Zichzelf bijeen. Een schare die niemand tellen kan uit alle volken!

    Gemeente, daarvan heeft Kajafas getuigt en dat Zijns ondanks.

    Hoe wonderlijk gemeente, dat Johannes dit verstaan heeft. Dat Johannes er zicht op gekregen heeft, dat hier niet hier tot Jezus' dood besloten wordt om te volk te redden, maar dat daar al veel en veel eerder toe besloten is in de hemelse gewesten door de Allerhoogste God!

    Als Kajafas het zich bewust geweest was, dan had hij wel anders gesproken. Kajafas heeft gedachten tot de dood, maar God heeft gedachten gehad ten Leven!

    Het is opmerkelijk, wanneer Johannes Calvijn hier over schrijft, dat hij niet zozeer het wonder naar voren haalt van het Plaatsbekledend lijden en sterven van onze Heere en heiland, als wel de gedachte van het 'bijeen vergaderen' van heel de Kerk, van heel de Gemeente van Jezus Christus wereldwijd. Of wellicht ook niet, wanneer we beseffen welke plaats het besluit van Gods verkiezing in zijn theologie inneemt. Want we zien hier dat Johannes preekt over de kinderen van God, waarvan nog niet gezien wordt op dit cruciale moment, waar ze zich bevinden. En wij weten dit al evenmin als Johannes. De Heere laat ons niet in de boeken kijken. Wel wordt als vaststaand over het bestaan van Gods Kinderen gesproken. Óók over die kinderen van God, die eerst veel alter geboren zijn of nog geboren zullen worden. Ook van die ongeboren kinderen van God, is zeker dat hun namen al van eeuwigheid staan opgetekend in het Boek des Levens des Lams. De inschrijving van hun naam in dit register vindt niet eerst bij hun geboorte plaats. Óók niet op het moment van hun wedergeboorte, waarmee het leven van het geloof voor hen een aanvang neemt. Nee, van eeuwigheid al zijn ze bij hun hemelse vader bekend, al vóórdat hun roeping tot het leven plaats vindt en zij door de Geest worden opgewekt tot een nieuw leven. Dit geeft aan, dat dit kindschap alleen als geschenk van God in ons leven werkelijkheid kan worden. Of zoals de apostel Paulus het ons leert in Romeinen 8 vers 30, dat allen, die God verkoeren heeft óók door de Heere geroepen worden! Alle kinderen van God, worden door hun hemelse Vader geroepen! Ze horen hoe hun hemelse Vader hun bij hun naam roept. Ze vernemen dat Hij hen kent en weet wie ze zijn en waar ze zich bevinden. Ze weten zich in het Evangelie van God aangesproken en ontdekken dat ze Christus als Zaligmaker nodig hebben. Ze leren in Christus hun gerechtigheid kennen. Ze gaan de hand van de Heere in hun leven ervaren en weten zich aangesproken. Zo vergadert God Zich in Christus een Kerk op aarde!

    De Gemeente van Christus is geen organisatie die door mensen in het leven geroepen is. Het is die gemeenschap, die de allerhoogste God, in en rond de Persoon van Christus, verenigt tot die éne Kerk van alle tijden en plaatsen! Dat is het wat Johannes in wat hier gebeurt heeft mogen ontdekken en doorgeven. Oók ons tot bemoediging. Góds werk ging door, ondanks het voornemen om Jezus om te brengen. Góds werk gaat door ook wanneer vandaag Christenen vervolgd, gedood, verdrukt en verstrooid worden.

    "Zij komen aan, door Godd'lijk licht geleid,

    Om 't nakroost, dat den HEER' wordt toebereid,

    Te melden 't heil van Zijn gerechtigheid

    En grote daden". (Psalm 22 vers 16 berijmd)

    AMEN.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Bezinning ..

    Telkens weer zal het lijden van de wereld,

    het kruis dat mensen dragen,

    een oproep zijn,

    een vraag om stil te staan,

    om niet voorbij te gaan,

    om je te laten raken door het zeer van een ander .

    Om in die ander weer zijn vraag te horen :

    'Wie zegt gij dat Ik ben ?'

    en om antwoord te geven,

    vaak onhandig,

    onbeholpen,

    zwijgend,

    omdat je geen woorden vindt,

    maar eerlijk en levensecht.

    Het kruis waaraan je niet voorbijgaat,

    kan ommekeer bewerken;

    Je gaat verder als een nieuwe mens.


    06-10-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.HEER JEZUS. PPS.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Feest van Heilige Bruno, pr.

    AVE MARIA
    Abbaye Saint-Joseph de Clairval
    21150 Flavigny sur Ozerain
    France

    AVE MARIA

    Abbaye Saint-Joseph de Clairval

    21150 Flavigny sur Ozerain

    France

    email : abdij@clairval.com

    Brief van 6 oktober 2011,

    feest van Heilige Bruno, pr.

    Dierbare Vrienden,

    Op een zomerse dag in 1955 meldt zich een studente aan de faculteit Geneeskunde van Milaan voor een moeilijk examen ter afsluiting van het tweede jaar. Onverwacht moet ze een mondeling examen afleggen. Eerst reageert ze niet, vervolgens bloost ze en legt verlegen uit: «Professor, ik ben in behandeling voor een zenuwziekte, ik hoor niets... Ik hoop dat ik zal genezen... Heeft u alstublieft geduld... Kunt u me de vragen schriftelijk stellen?» De aanwezige studenten in de zaal beginnen te lachen. De professor die denkt dat het een slechte grap is schreeuwt: ««Geduld, geduld!» Kijk eens aan! Wie heeft er ooit een dove arts gezien?» En hij gooit het studieboekje tegen de muur terwijl het meisje, van haar stuk gebracht en vernederd, fluistert: «ik wilde u niet beledigen.» De professor is onvermurwbaar. De studente is gezakt, verlaat de zaal en zegt tegen een huilende vriendin die alles heeft gezien: «Het is niet erg; luister, zeg nog niets tegen mama; ik zal het haar morgen vertellen» en zij zelf zal haar professor bij haar moeder proberen te verontschuldigen. Dit meisje heeft haar artsendiploma nooit gehaald, maar vanuit de hoge hemel leert ze talloze «patiënten» de kunst hoe goed te lijden.

    Benedetta (Benedicte) Bianchi Porro werd op 8 augustus 1936 geboren in Dovadola, een dorp in de provincie Forlì in Romagna (Noord-Italië). Haar moeder heeft een diep geloof en zal proberen dit aan haar zes kinderen door te geven. Wanneer ze nog maar een paar maanden is, krijgt Benedetta poliomyelitis; de ziekte wordt tegengehouden, maar haar rechterbeen zal altijd korter blijven dan het andere. Op een dag, tijdens een spel op de speelplaats, roept een jongen voor wie het meisje in de weg zat tegen haar: «Hé! Mankepoot!» Haar broer Gabriele neemt het niet, met als gevolg dat de jongens met elkaar op de vuist gaan. De moeders snellen toe om hen uit elkaar te halen. Maar Benedetta is niet boos: «Hij heeft me «mankepoot» genoemd; wat is daar verkeerd aan? Het is de waarheid!» Door deze woorden verzoenen de jongens zich weer met elkaar en hervatten hun spel.

    De grote verlangens van een tiener

    In 1942 vestigt de familie Bianchi zich in Sirmione, aan de oever van het Gardameer. Vanaf 1946 vertrouwt Benedetta haar gedachten toe aan een dagboek waarin het kind vaak aandacht schenkt aan haar gebreken: «Mama zegt dat ik onuitstaanbaar ben... Ik ben onopgevoed en boosaardig.» In 1949 moet ze een corset aan om te voorkomen dat ze een bochel krijgt. Diezelfde dag schrijft ze: «Ik heb gehuild; het corset knelt zo onder mijn armen! Voorheen was ik onbezorgd en ik dacht bijna net als de anderen te zijn. Maar wat een diepe kloof gaapt er nu tussen hen en mij! Maar in het leven wil ik zijn zoals zij, misschien zelfs een beetje meer. Ik zou willen dat ik iemand kon worden.» Op school bereikt het meisje uitstekende resultaten. In 1953 schrijft ze: «Vandaag is het Pasen; wat zou ik graag herrijzen uit mijn zonden en nog alleen van God leven!... Vandaag hebben Gabriele en ik een beetje gefilosofeerd over God en de onsterfelijkheid van de ziel. Wat zijn de mensen toch dwaas dat ze zich schamen over zulke belangrijke dingen te praten!»

    In een preek op 15 april 2010 voor leden van de pauselijke Bijbelcommissie, merkte Paus Benedictus XVI op: «Tegenwoordig zijn we vaak een beetje bang om over het eeuwig leven te spreken. We spreken over dingen die nuttig zijn voor de wereld, we laten zien dat het christendom eveneens bijdraagt tot verbetering van de wereld, maar we durven niet te zeggen dat het doel dat ons voor ogen staat het eeuwig leven is en dat uit dit doel vervolgens de criteria voor het leven voortkomen... We moeten opnieuw erkennen dat het christendom slechts vanuit het perspectief van het eeuwig leven zijn volledige zin te zien geeft... Het eeuwig leven bestaat, het is het ware leven, en uit dit ware leven komt het licht voort dat ook deze wereld verlicht.»

    Op 15 februari 1953 wordt Benedetta mondeling overhoord tijdens de les Latijn, maar het lukt haar niet de vragen van de leraar te horen. Deze gehoorstoornissen doen zich meerdere malen voor. In haar dagboek zegt ze hierover: «Hoe moet ik er op zulke momenten wel niet uitzien? Maar wat maakt het uit? Op een dag zal ik misschien niets meer begrijpen van wat de anderen zeggen, maar zal ik altijd de stem horen van mijn ziel en dat is de ware gids die ik moet volgen.» Door hard te werken haalt ze in oktober het maturiteitsexamen (baccalaureaat) met een uitstekend cijfer. Daarna schrijft ze zich in aan de faculteit Geneeskunde van Milaan; haar doel is «Leven, strijden en me opofferen voor alle mensen.»

    Door de dreiging van doofheid maakt Benedetta echter een periode van ontmoediging door. Ze ervaart hoe duizelingwekkend nietig iemand zich kan voelen. Aan haar vriendin die haar op dat moment het naast is schrijft ze: «Weet je, Anna, het lijkt of ik in een eindeloos en eentonig moeras zit, en dat ik langzaam wegzink, pijnloos en zonder spijt, zonder besef van en onverschillig tegenover hetgeen komen gaat, zelfs wanneer het laatste streepje hemel weg is en de modder boven mij alles weer afsluit»... «Ik ben heel vaak vervuld van twijfels en verzink in de diepste scepsis.» Het grootste gevaar dat het meisje bedreigde was niet de ziekte, maar de verraderlijke verleiding zich te verliezen in nihilisme en wanhoop. Maar juist op dat moment begint ze te beseffen wat een rijkdom het innerlijk leven is dat een wereld omvat die veel groter is dan die van de zinnen. En er ontglipt haar een kreet die een voorteken is van hoe haar toekomstig leven eruit zal zien: «Wat zou ik graag alleen voor God leven!» Haar persoonlijke ontmoeting met God zal echter pas later plaats vinden.

    Met een stoïcijnse volharding strijdt Benedetta tegen haar handicap en vervolgt met goed gevolg haar studie. Ze heeft leren liplezen. Op mondelinge examens heeft ze terstond een antwoord op alle vragen en is er niets van doofheid te bespeuren. In november 1955 mag ze het mondeling examen van de voorgaande zomer overdoen; deze keer worden de vragen haar schriftelijk gesteld en haalt ze een uitmuntend cijfer; maar diezelfde avond krijgt ze een aanval van migraine en plotseling vernauwt haar gezichtsveld zich. Haar bekruipt onmiddellijk een voorgevoel: «Nee, mijn God! Nee, niet de ogen!» Op een avond in 1956 laat de studente een vriendin een geneeskundige verhandeling zien: «Dat is mijn ziekte»; en ze laat haar een foto zien van een patiënt die is aangetast door «diffuse neurofibromatose», ook wel de «ziekte van Recklinghausen» genoemd: deze zeer zeldzame, maar onverbiddellijke pathologie verwoest geleidelijk aan de zenuwcentra door de vorming van kleine tumoren. De gehoorzenuw wordt als eerste aangetast en vervolgens de oogzenuw en de andere zintuigen; tot slot geleidelijke verlamming. Na de nodige onderzoeken geven de artsen tot hun ontsteltenis toe dat de diagnose van Benedetta juist is. Dan begint er een lange reeks van ziekenhuisopnamen en chirurgische ingrepen die het verschrikkelijk proces moet vertragen.

    «Een gedwee lam in zijn handen»

    Op 27 juni 1957 wordt Benedetta aan haar hoofd geopereerd. Ze ziet de dood onder de ogen en vertrouwt haar moeder toe: «Wat ben ik blij, mama, dat ik naar de zuivere, van de doodzonde gevrijwaarde Heer mag.» De woorden van H. Franciscus waar ze zo van hield komen haar weer in herinnering: «Geprezen moet Gij zijn, mijn Heer, voor onze zuster, de Lichamelijke Dood, aan wie geen levend wezen kan ontkomen. Wee degenen die sterven in een toestand van doodzonde; gelukkig zij die de dood vinden in overeenstemming met uw heilige wil, want de tweede dood zal hen niet deren» (Heilige Franciscus van Assisië, Loflied over de schepping). Terwijl men haar de haren afscheert voelt ze zich vernederd, maar neemt haar toevlucht tot het gebed: «Terwijl men mij knipte voelde ik me als een lam dat wordt geschoren. Ik heb de Heer gevraagd dat ik een gedwee lam in zijn handen mag worden.» Nauwelijks is ze uit de verdoving of ze betast haar gezicht: «Ze hebben mijn aangezichtszenuw doorgesneden»; nu is de linkerhelft van haar gezicht verlamd. De chirurg weet niet hoe hij haar om vergeving moet vragen voor deze professionele fout; zij zegt eenvoudig tegen hem: «U heeft gedaan wat u kon; geeft u mij de hand en wees in vrede! Dat is iets dat kan gebeuren: u bent de eeuwige Vader niet!»

    De zeer grote morele kracht waarvan Benedetta blijk geeft is echter niet voldoende om haar toestand te doorstaan. Haar beste vriendin, Maria Grazia, schrijft ze op een dag, vanuit haar Milanese woning op de zevende verdieping: «Van tijd tot tijd krijg ik bijna zin me door het raam te gooien.» Ze geeft zich echter niet gewonnen aan de ziekte; verwoed werkt ze door en sluit met succes in juni 1959 haar vijfde jaar geneeskunde af. Ze is nog maar een jaar af van het eindexamen! Maar weldra blijkt een operatie, die was bestemd om de voortschrijdende verlamming van de onderste ledematen een halt toe te roepen, uiteindelijk mislukt te zijn: ze kan helemaal niet meer lopen. In 1960 ziet ze zich gedwongen volledig van haar studie af te zien: een zware beproeving voor een meisje dat zo begaafd is en zo graag de handen uit de mouwen wil steken. Maar terwijl haar naaste medewerkers machteloos toezien bij haar voortschrijdende lichamelijke aftakeling, zijn deze ook de stomverbaasde getuigen van haar geestelijke bloei. Afgezonderd in haar slaapkamer, vertoont ze geen enkel teken van bedroefdheid noch van ontmoediging: «Ik leid het leven van alledag, maar wat lijkt het nog gevuld! Het leven op zich lijkt al een wonder, en ik zou een lofzang willen aanheffen tot Hem die het me heeft gegeven.» En haar moeder die haar een vogel in een kooitje geeft met de opmerking: «Die is zoals jij», geeft ze ten antwoord: «Nee, mama, ik ben nog nooit zo vrij geweest sinds ik hier het bed moet houden.» Tegen Maria Grazia zal ze, met de oprechtheid die haar tekent, kunnen zeggen: «Voor wat de geest aangaat ben ik volledig gerust en zelfs meer dan dat: ik ben gelukkig; denk niet dat ik overdrijf.» Tegelijkertijd wordt ze nederig wanneer ze beseft hoe onvolmaakt ze is, een «zondares» in de ogen van God en ze vreest die innerlijke vreugde te verliezen omdat ze het gevoel heeft haar niet waardig te zijn.

    Niet alles loopt echter op rolletjes. Op de vredigheid volgen momenten van innerlijke strijd met de dood. In 1960 schrijft Benedetta een nieuwe vriendin, Nicoletta, die reeds ervaren is op het gebied van het geestelijk leven: «Ik maak momenteel een periode door van grote dorheid. Ik voel me alleen, moe, enigszins vernederd en niet erg geduldig... Het smartelijkste is dat ik niet in vrede ben. Bid voor mij, bid voor mij... Waarom overkomt mij dit? Waarom staat God dit toe?» Haar vriendin antwoordt: «Forceer je niet om het gevoel te krijgen dat je gelooft, noch om te begrijpen waarom het juist zou zijn dat je zoveel lijdt. Maak je niet ongerust wanneer je het gevoel hebt dat je in opstand komt: in Gods ogen is het van geen belang. Hij kent de waarheid... Tegenover dit onmetelijk groot geheim verlangt Hij van ons slechts dat we «ja» zeggen en het is niet erg als we het verkeerd zeggen.» Benedetta luistert, spreekt haar «ja» uit en geleidelijk aan ervaart ze de aanwezigheid van de in haar levende Jezus Christus. Nicoletta zal ze nog schrijven: «Wees gezegend om de vreugde die je me hebt gebracht, een vreugde die te groot is voor mij, onwaardige. Ik word overstroomd door vreugde, alsof alle oceanen hun water in een notendop loosden.»

    Vanaf dat moment ervaart Benedetta het lijden minder als een heldhaftig te dragen last, maar meer als het teken van een goddelijke voorkeursbehandeling. Jezus nodigt me uit zijn kruis met Hem te delen met de bedoeling zich met Hem te vereenzelvigen. Ze geeft zich over en vindt hiervoor de kracht in het Evangelie dat ze iedere dag leest, in H. Paulus en in de psalmen.

    In zijn encycliek over de hoop, zegt Benedictus XVI hoe juist deze houding is: «Wil het gebed deze reinigende kracht ontplooien, dan moet het enerzijds heel persoonlijk zijn, een confrontatie van mijn 'ik' met God, de levende God. Anderzijds moet het steeds weer worden geleid en verlicht door de grote gebedswoorden van de Kerk en van de heiligen, door het liturgisch gebed, waarin de Heer ons steeds weer leert goed te bidden» (Encycliek Spe salvi, 30 november 2007, n.34).

    «Zeg het tegen de Madonna!»

    In mei 1962 vertrekt Benedetta naar Lourdes in een trein met medische verzorging. In het ziekenhuis ligt in het bed naast het hare een meisje van 22 jaar, Maria, dat is verlamd zoals zij. In een situatie die naar materiële en menselijke maatstaven geoordeeld hopeloos is te noemen, is Maria naar Lourdes gekomen om aan de Onbevlekte Ontvangenis een wonder te vragen; ze bidt voortdurend, maar er gebeurt niets. Op de dag voor ze weer vertrekken bevinden de twee zieken zich zij aan zij voor de grot; Maria snikt. Benedetta neemt dan haar hand en houdt die dan zo stevig vast alsof ze in haar plaats moest bidden: «Maria, de Madonna is daar, ze kijkt naar je! Zeg het tegen de Madonna!» En plotseling staat Maria van haar brancard op. Langzaam maakt ze een paar stappen, nog enigszins ongelovig. En dan, loopt ze, dol van vreugde verder tussen de rolstoelen, huilend van ontroering en dankbaarheid. Benedetta is gelukkig om dit wonder, maar is ook even melancholiek gestemd wanneer ze bedenkt dat een ander dan zij er de begunstigde van is. Daarna neemt ze er vrede mee en geeft zich over in de handen van Maria. Een jaar later zal ze naar Lourdes terugkeren en van daaruit schrijven: «Ik voel hoe zoet de berusting is. Dat is voor mij dit jaar het wonder van Lourdes... De Madonna heeft alles teruggegeven wat ik was verloren. Alles wat me was afgenomen heeft ze me vergoed, want ik bezit nu de rijkdom van de Heilige Geest.» Op 20 augustus 1963 treft een verpleegster de zieke aan terwijl ze in extase is. Benedetta zal haar toevertrouwen dat ze de Heilige Maagd heeft gezien: «Wat is ze mooi, de Madonna!»

    Intussen heeft ze de ene na de andere operatie aan het hoofd ondergaan. Voor de laatste operatie (27 februari 1963) vertrouwt Benedetta haar angst toe aan Maria Grazia die haar dan herinnert aan de passage uit het «Dagboek van een plattelandspastoor», een roman van Georges Bernanos: «Als ik bang ben zal ik onbeschaamd zeggen: «ik ben bang», en de Heer zal me kracht geven.» Benedetta herhaalt zachtjes en langdurig deze zin; en gaandeweg keert de rust in haar weer. Ze bedankt haar vriendin uitbundig. Daags na de operatie kondigt ze aan dat ze nu blind is, maar ze vraagt of men het niet tegen de chirurg wil zeggen, om deze niet te bedroeven. Ze heeft dit kruis van blindheid, dat haar in 1955 nog zo veel angst aanjoeg, aanvaard, en haar ziel is in vrede: «We moeten gewoon met gesloten ogen op God vertrouwen. Ik ben bezig te ervaren wat eenvoud is, dat wil zeggen de ziel die zich van al het overbodige ontdoet«.wat is dat mooi! Je wordt er zo licht en vrij van!»

    Benedictus XVI laat zijn licht schijnen op deze grote beproevingen die ons menselijk gezien als ondraaglijk voorkomen, op het geheim dat Benedetta heeft ontdekt: «Het is belangrijk om te weten: ik mag altijd nog hopen, ook als ik voor mijn leven... ogenschijnlijk niets meer te verwachten heb. Ondanks alle mislukkingen, mijn eigen leven en de geschiedenis in het algemeen , geborgen in een onverwoestbare macht van de liefde en door die liefde zin en betekenis hebben, kan alleen de grote zekerheid van de hoop dan toch de moed geven om te werken en te volharden» (Spe salvi, n.35).

    Voortaan, en dat bijna een jaar lang, is Benedetta als een slot, ontoegankelijk, zonder poorten noch vensters. Er blijven echter twee kleine «schietgaten» over die de opening zijn naar de buitenwereld: een heel ijl stemmetje om zich hoorbaar te maken en haar linkerhand waarin het gevoel «wonderbaarlijk» behouden is gebleven; met de vingers van deze valide hand vormen haar naasten op haar gezicht de letters van het geluidloze alfabet dat ze niet ziet, maar wel kan voelen (de «b» wordt bij voorbeeld gevormd door de wijsvinger en de middelvinger naast elkaar op haar wang te drukken)... Op die manier kan ze toch communiceren! In haar slaapkamer stromen de bezoekers toe die haar komen bemoedigen, maar ook haar hulp komen vragen. Benedetta bezit de gave vreugde om zich heen te verspreiden; ze geeft raad en wijst allen de «nauwe weg» die naar God voert. Tegen haar beste vriendin die het niet kan verdragen haar zo lichamelijk te zien lijden zegt ze: «We moeten het mysterie aanvaarden, Maria Grazia; door ons af te vragen «waarom?» worden we juist bang... De Heer geeft ons zoveel lijden als we kunnen dragen; niet meer en niet minder.» En haar vriendin zal ervan getuigen: «Ik heb toen gemerkt dat er onverhoeds iets in haar was veranderd sinds ze blind was geworden. Een diepe vrede scheen bezit van haar te hebben genomen, alsof ze zich helemaal bevrijd scheen te voelen van de angst en de vrees.» Don Gabriele, een priester die haar vaak de heilige Communie komt brengen krijgt de volgende confidentie te horen: «Als de bekoringen een ogenblik de kop op steken roep ik Hem aan en, zelfs nog bleek van schrik, voel ik onmiddellijk de aanwezigheid van de Heer die mij vertroost.»

    Benedetta stelt in iedereen belang, vooral in de mensen die ver van God zijn. In mei 1963 leest haar moeder haar via de «taal van de handen» de brief van een jongeman voor die in een weekblad is gepubliceerd. Natalino heeft een ernstige ziekte; ontredderd en zonder hoop roept hij om hulp. Zij schrijft hem: «Ik ben doof en blind, daarom zijn de dingen ingewikkeld geworden voor mij... Op mijn lijdensweg ben ik echter niet wanhopig geworden; ik weet dat Jezus aan het eind van de weg op mij wacht. Allereerst in mijn stoel en nu in mijn bed dat voortaan mijn verblijf is heb ik een grotere wijsheid gevonden dan die je bij de mensen aantreft; ik heb ontdekt dat God bestaat, dat Hij liefde is, trouw, vreugde, zekerheid, tot aan het einde der tijden... Mijn dagen zijn niet gemakkelijk; ze zijn zwaar, maar ook zoet omdat Jezus bij me is, met mijn lijden, en omdat Hij mij zijn liefde geeft in de eenzaamheid en licht in de duisternis... Hij lacht me toe en aanvaardt dat ik met Hem samenwerk. Vaarwel, Natalino: het leven is kort, het gaat snel voorbij; een heel korte loopbrug, gevaarlijk voor degene die gulzig wil genieten, maar veilig voor degene die met Hem samenwerkt om het Vaderland binnen te gaan.»

    Op 21 januari 1964 voelt Benedetta dat het moment nabij is waarop ze Jezus, haar Echtgenoot, uiteindelijk zal ontmoeten. Ze biecht en ontvangt de communie. In de nacht van 22 januari vraagt ze de verpleegster bij haar te blijven want ze wordt door Satan bekoord: «Emilia, morgen zal ik sterven. Ik voel me erg ziek.» 's Ochtends merkt haar moeder een witte roos op die in de tuin is ontloken... een bloeiende roos, in januari! Ze vertelt Benedetta wat ze heeft ontdekt en die antwoordt: «Dat is het teken waar ik op wachtte!» Ze herinnert haar dan aan een droom die ze het voorgaande Allerheiligenfeest heeft gehad: ze liep de familiegrafkelder binnen en zag dat die versierd was met een witte roos in stralend licht. Even later krijgt ze een hersenbloeding en overlijdt op zeventwintigjarige leeftijd terwijl ze fluistert: «Dank.»

    «Ik zal niet meer alleen zijn met de vrees»

    De uitstraling van Benedetta Bianchi Porro is na haar dood alleen maar groter geworden. Talloze mensen die met lijden worden geconfronteerd putten kracht en moed uit het lezen van haar levensverhaal en haar brieven. Zoals Maria Grazia kunnen zij haar zeggen: «Ik zal niet meer alleen zijn met de vrees omdat jij me hebt geleerd wat bidden waard is.» Op 23 december 1993 heeft Paus Johannes Paulus II het decreet goedgekeurd dat de heldhaftigheid van haar deugden officieel bevestigt; nu is het wachten op de erkenning van een op haar voorspraak verkregen wonder en de eerbiedwaardige Benedetta kan «Zalig» verklaard worden.

    In zijn apostolische exhortatie Salvifici doloris (11 februari 1984), heeft de zalige Johannes Paulus II deze regels geschreven die precies van toepassing zijn op de geestelijke weg die door Benedetta is afgelegd: «Toch kan men er zeker van zijn dat bijna iedere mens het lijden binnengaat met een verweer dat heel menselijk is en met de vraag «Waarom?» Iedereen vraagt zich af wat de zin is van het lijden en zoekt op menselijk vlak een antwoord op deze vraag... Christus antwoordt noch rechtstreeks noch abstract op deze menselijke vraagstelling over de zin van het lijden. De mens verneemt zijn verlossend antwoord geleidelijk aan terwijl hij deelneemt aan het lijden van Christus... Dit antwoord is meer dan een oproep. Het is een roeping. Christus verklaart de redenen van het lijden niet op een abstracte manier, maar Hij zegt bovenal: «Volg Mij! Kom! Neem door uw lijden deel aan het werk van de verlossing der wereld, dat wordt voltrokken door mijn eigen lijden, door mijn Kruis!» Naarmate de mens zijn kruis opneemt en zich geestelijk verenigt met het Kruis van Christus, zal de verlossende zin van het lijden hem steeds duidelijker worden... Dan vindt de mens in zijn lijden innerlijke vrede en zelfs geestelijke vreugde» ( n.26).

    Op 24 mei 1963 vertrouwde Benedetta iemand toe: «Ik zou tegen hen die lijden, tegen de zieken willen zeggen dat wanneer we nederig en gewillig zijn, de Heer in ons grote dingen zal voltrekken.» Laten we in navolging van haar aan Jezus vragen van ieder van ons «een gewillig lam in zijn handen» te maken.

    Dom Antoine Marie osb

     


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Gebed van de Aartsengel Michaël.

     

    Aartsengel  St.  Michaël,  die  in  de  hemel  verblijft,  bescherm  mij  tegen  alle  gevaren  en  alle  kwaad.

    Ik  smeek  U,  geef  mij  uw  zegen.

    Wil  ook  mij  zegenen  opdat  mij  geen  kwaad  zal  treffen.

    Ik  smeek  U,  behoed  mij  voor  mijn  vijanden.

    Dank  zij  U  ken  ik  geen  armoede,  en  daarom  zeg  ik  U  dank.

    Bescherm  mij  tegen  jaloerse  medemensen  en  zend  mij  nooit  weer  in  mijn  ellende.

    Ik  wens  voor  anderen  wat  ik  voor  mezelf  wens,  want  liefde  is  de  verwezenlijking  van  fortuin,  gezondheid  en  gemoedsrust.

    Aartsengel  St.  Michaël,  ik  vraag  U  heel  nederig  alle  mogelijke  aanvallen  op  mijn  fortuin  ongedaan  te  maken  en  op  alles  wat  mij  het  meest  dierbaar  is,  ( de  liefde  van ..)  en  ik  zal  U  dank  betuigen.  Amen.

     

     


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen. ( Marc. 10:27 )
    Weiger je te laten overweldigen door de omstandigheden en situaties waarin je terecht komt en door moet. Behoud je rust en blijf kalm, want Ik breng je ook door deze periode met grote zekerheid. Weet dat je in staat bent om datgene te bereiken dat je verlangt zelfs als twijfelt aan je capaciteiten. Stel je vertrouwen op Mij, zegt de Heer. Ik kan doen wat je zelf niet kunt.

    04-10-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.TOEWIJDING VAN DE ZIEKEN. PPS.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Gebed tot bekering – geschonken door de hemel aan een blinde offerziel in Duitsland.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Gebed tot bekering – geschonken door de hemel aan een blinde offerziel in Duitsland.

    De Moeder Gods zegt:

    Ik schenk jullie een gebed opdat de harten, de verkilde, eenzame, verblinde harten mogen omkeren zolang het nog mogelijk is, want de voeten van Mijn Zoon zijn op de aarde en de mantel van Mijn Zoon is uitgespreid over de aarde, over de mensen, opdat de zoom der liefde (de zoom is vol bloed!) de mensenharten tot bekering moge brengen. Ik smeek al Mijn kinderen, bidt, bidt, bidt! De tijd is nabij! De poort staat open! De mantel bedekt de aarde. De zoom van de mantel ligt op het hart der mensen. Wie zijn hart opent, zal beroerd worden door de liefde van Mijn Zoon, bevrijd en getroost worden!

    Bid lieve kinderen:

    Wij bidden U, o allerhoogste God,

    De Drievoudige, barmhartige Liefde, kome alle mensen ten goede.

    Weesgegroet…

    Wij bidden U, o allerhoogste God,

    De Drievoudige, brandende Liefde, kome alle mensen ten goede.

    Weesgegroet…

    Wij bidden U, o allerhoogste God,

    De Drievoudige, bloeiende Liefde, kome alle mensen ten goede.

    Weesgegroet…

    Glorie zij de Vader, … Amen.

    Lieve kinderen, met dit gebed kan Ik veel, veel, vele zielen uit de muil van de satan trekken, ook degenen die reeds verkoold in zijn muil liggen. Want de brandende, barmhartige, bloeiende Liefde van de H.Drievuldigheid is tegenwoordig, waar ze ook maar aanroepen wordt! Op het ogenblik van de aanroeping moet de satan zijn muil openen en Mij, de Onbevlekte Ontvangenis, de zielen geven!

    Hij schuimbekt van woede en Ik vloei over van liefde! (Bij iedere aanroeping wordt een bloedtraan van de Moeder Gods veranderd in goud en valt als zuiver water neer voor de troon van God.)

    Lieve kinderen, 3 x 33 arme zielen mag Ik door de barmhartigheid Gods, tot eer van de 33 jaar van Mijn Zoon op aarde, uit de muil van de satan trekken. Zo waardevol is dit gebed tot eer van de H.Drievuldigheid. Ik dank U, lieve kinderen! Ik dank alle kinderen die dit gebed als een kostare schat in hun hart dragen.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.30.09.2011 (deel 1) katholieke kapel van het Onbevlekte Hart van M aria. Place of Apparition of the … Plaats van Verschijning van de ...
     

    01/10/2011 04:11:03: Beste broeders en zusters! Look what priests of traditional churches of Ukraine (greek-catholic and roman-catholic), who are the same orthodox, have made with the Chapel, which you saw, through authorities, whom they serve and from whom they depend. Kijk wat priesters van traditionele kerken van Oekraïne (grieks-katholieke en rooms-katholiek), die dezelfde orthodoxe, hebben gemaakt met de kapel, die je zag, door de autoriteiten, die zij dienen en van wie zij afhankelijk zijn. What persecuted Holy Сatholic Church is! Wat vervolgde Heilige Сatholic kerk is! We ask for your help and support! Wij vragen uw hulp en steun!

    Catholic Chapel of the Immaculate Heart of Mary. Katholieke kapel van het Onbevlekte Hart van Maria. Place of Apparition of the Holy Virgin Mary 13th of June 2003. Plaats van Verschijning van de Heilige Maagd Maria, 13 juni 2003. city Ternopil. stad Ternopil. Ukraine. Oekraïne. 30.09.2011 (Part 1) 30.09.2011 (deel 1)

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.30.09.2011 (deel 2) katholieke kapel van het Onbevlekte Hart van Maria. Place of Apparition of the … Plaats van Verschijning van de ...
     
    01/10/2011 04:34:12: Beste broeders en zusters! Look what priests of traditional churches of Ukraine (greek-catholic and roman-catholic), who are the same orthodox, have made with the Chapel, which you saw, through authorities, whom they serve and from whom they depend. Kijk wat priesters van traditionele kerken van Oekraïne (grieks-katholieke en rooms-katholiek), die dezelfde orthodoxe, hebben gemaakt met de kapel, die je zag, door de autoriteiten, die zij dienen en van wie zij afhankelijk zijn. What persecuted Holy Сatholic Church is! Wat vervolgde Heilige Сatholic kerk is! We ask for your help and support! Wij vragen uw hulp en steun!

    Catholic Chapel of the Immaculate Heart of Mary. Katholieke kapel van het Onbevlekte Hart van Maria. Place of Apparition of the Holy Virgin Mary 13th of June 2003. Plaats van Verschijning van de Heilige Maagd Maria, 13 juni 2003. city Ternopil. stad Ternopil. Ukraine. Oekraïne. 30.09.2011 (Part 2) 30.09.2011 (deel 2)

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De H. Clara van Assis - 800 jaar de regel der Clarissen.

    Het Jaargetijde van Eerwaarde Heer Armand Ory zal doorgaan op dinsdag 15 NOVEMBER in de kerk van Hendrieken Voort (Borgloon) te 18 uur.

    Jubeljaar van de heilige Clara van Assisi. Haar regel.

    Dr. L. Kiebooms.

    Op Palmzondag, 17 april 2011, zijn de zusters Clarissen wereldwijd de voorbereiding op de verjaardag van de stichting van de orde begonnen. In 1212 is dit precies achthonderd jaar geleden. Reden genoeg dus om te feesten. Maar een christelijk feest is nooit zomaar een feest. Het begint met een gedachtenis. Even stilstaan dus. Maar een christelijke gedachtenis biedt ook steeds een gelegenheid om en roept op te herbronnen.

    Deze feestviering is een bijzondere gelegenheid om de heilige Clara extra in het licht te stellen en om haar doopnaam alle eer aan te doen: Clara, de lichtende, de heldere, de zuivere. Wat maakte haar zo helder en lichtend? We trachten in wat volgt te schetsen wat Clara tot die unieke en profetische figuur gemaakt heeft. We willen nagaan waarom zij na acht eeuwen nog zo actueel is in de orde die ze gesticht heeft en ook een uitdaging in de hele samenleving.

    Clara, van adellijke afkomst, was een vrouw met een christelijke opvoeding en een hoge begaafdheid. Ze leefde in een moeilijke en harde tijd. Niet voor niets de tijd die ook de heilige Franciscus voortbracht. In tijden van ballingschap staan profeten op! Als jonge rijke vrouw bracht ze haar dagen door in een tijdsgewricht dat gekenmerkt werd door feodale heerszucht, rivaliserende steden, die mekaar bestreden, macht- en geldzucht ... Dat alles zou uiteindelijk geen vat op haar hebben. Integendeel, Clara zocht en vond mensen die het evangelie authentiek beleefden. Zij werd door Christus gegrepen, zoals de Samaritaanse bij de bron. Zij dorstte niet naar luxe en aanzien, maar naar het levend water dat alleen Christus haar kan geven en Die in haar een waterbron wordt, opborrelend ten eeuwigen leven (Joh. 4,14).

    Zo ontmoette ze de pas bekeerde Franciscus, die zich totaal had afgekeerd van zijn werelds leven en zich helemaal liet inspireren door de Blijde Boodschap. Hij werd een nieuw soort minnezanger, iemand die al zijn liederen opdroeg aan de Schepper. Hij werd de nieuwe profeet voor de nieuwe tijd die toen aanbrak. Alles herinnerde Franciscus aan zijn Heer en Schepper. Later, gelouterd en gerijpt, zou hij met ontroering het Zonnelied dichten, de samenvatting van zijn spiritualiteit. Daarna zou Franciscus wenend door de straten van Assisi trekken met de bede "De Liefde wordt niet bemind". Hij voelde intens aan dat Christus, die Hij had leren kennen in de kus aan een melaatse, niet de plaats kreeg die Hem toekwam. Het lijkt wel of de geschiedenis zich vandaag herhaalt. Een nieuwe Franciscus zou terug door de straten moeten trekken ...

    Door Franciscus begrijpen we Clara ook beter. Ook zij wordt aangestoken door het radicale van Franciscus, door een immense liefdesdrang voor Jezus bezield, door Hem in bezit genomen als Zijn bruid.(Apocalyps 19,7 uit het avondgebed op zondag) Clara’s roeping betekende een radicale keuze voor God alleen. De jonge Clara vond steun bij Gods troubadour om afstand te doen van de wereld en Christus totaal na te volgen. Samen gaven zij beiden een nieuw gezicht aan de Kerk. Hun betekenis voor de hernieuwing van Kerk en wereld kan nauwelijks onderschat worden. Hun radicale keuze voor de beleving van de armoede als aanvulling op de regel van Benedictus, die de grondslag is van het contemplatieve leven, is het originele. Clara bekwam als enige het voorrecht van giften te mogen weigeren als deze de armoede ondergraven!

    Als jonge vrouw stichtte Clara de arme vrouwen van San Damiano, die later Clarissen werden genoemd. Navolgers van Christus naar het model van Clara. Thans leiden over heel de wereld ongeveer 1800 Clarissen, verspreid over circa 800 monasteria een leven van beschouwing, gebed en handenarbeid. Ze leven allemaal volgens de regel die ze heeft geschreven.

    Clara was de eerste vrouw die een regel schreef die door de Paus van Rome werd aanvaard. Uit die regel blijken de sterke krachtlijnen voor het leven als Claris, voor iemand die zich laat opnemen in de Kerk als godgewijde vrouw. Ze brengt haar leven door in beslotenheid, vroeger zelfs letterlijk achter de kloostertralies. Ze bevestigt het verbond met God door de geloften van algehele armoede, ze geeft zich over aan God door gehoorzaamheid en maagdelijkheid door een algehele liefde voor Christus. Zo zijn als "deze die het Lam volgen waarheen het ook gaat" (Apocalyps 14,4). Dat beschouwend leven wordt tot op de dag van vandaag gesteund door de afzondering. Een doelgericht leven dat verborgen is met Christus. Het is een echo van de opdracht van de Heer om in het verborgene te bidden en te vasten.(Mattheus 6, 1-34). Om het bidden op volgehouden wijze mogelijk te maken, hebben ze zich gespiegeld aan het koorgebed zoals Sint Benedictus het zijn leerlingen leerde. Daarin paste ook de totale armoede. Clarissen voelen zich zoals de rijke jongeling uit het Marcus evangelie, (misschien Marcus zelf), die zich door Jezus liefdevol aangekeken voelde. In tegenstelling tot de rijke jongeling die diep bedroefd heengaat omdat hij dat offer niet kon brengen, verzaken de volgelingen van Clara en Franciscus radicaal aan het aardse met vreugde en blijdschap terwijl ze Gods lof zingen. Hij alleen doet grote dingen in hen.

    In haar Regel en in haar Testament - dat zij eveneens achterliet als leidraad voor het Clarissenleven - liet zij zich helemaal leiden door één gedachte: dat dit contemplatief leven vruchtbaar zou worden voor Kerk en wereld.

    Herhaaldelijk legt Clara in die twee documenten de nadruk op de navolging van Christus. Hij is ons tot weg geworden. Ze stippelt het traject uit van de kribbe tot het kruis en vervolgens van Stille Zaterdag tot Paaszondag. Het gaat om Hem die voor ons mens geworden is en arm neerlag in de kribbe. Het is die arme Jezus die Clara aan haar volgelingen voorhoudt.

    Leven in gemeenschap, zoals Franciscus en Clara dit bedoeld hebben, is alleen maar mogelijk als Claris, die door God geroepen, door Christus zelf bewoond is. Elke zuster draagt in de gemeenschap daarbij haar verantwoordelijkheid en zij dient in blijheid en vrede, die verwijzen naar een gelukkig godgewijd leven. Dit willen we doorgeven, wij kunnen niet anders dan Christus als de Verrezen Heer in ons hart heiligen en wij zijn altijd bereid om getuigenis af te leggen van de hoop die in ons leeft.(1 Petr. 3,15)

    De regel is heel evenwichtig vastgelegd, op meerdere plaatsen zoals het kapittel, keuze van abdis en raadgevers voor de abdis aan wie zij verplicht raad moet vragen, zijn een echo van Sint Benedictus hoe een gesloten kloostergemeenschap realistisch God kan blijven dienen. Niets menselijk wordt uit de weg gegaan. De heiligheid is een smal pad waarbij tussen beleving en toch niet meer echt beleven dikwijls ongemerkte overgangen bestaan. Het kapittel en het gezamenlijk ondervragen van: ‘of de gemeenschap wel op het juiste pad blijft zoals Clara dat heeft uitgestippeld’ is daarvoor noodzakelijk. In verantwoordelijke functies, waar abdis en raadgevers zich, via een keuze door de gemeenschap, gedragen weten, is een wijs besluit van Sint Benedictus. Ook het toelaten van een nieuwe zuster via een keuze door de gemeenschap is een waarborg dat iemand echt opgenomen wordt om samen met de medezusters de lange weg met Christus te gaan.

    Moge de Heilige Franciscus en Clara hun volgelingen beschermen, deze die andere wegen volgen terugbrengen naar de groenende weiden, moge wij allen bidden opdat dit 800 jaar inspiratie nieuwe roepingen kan opwekken. Dat zij die door de Heer liefdevol worden aangekeken om alles te verlaten, dat ook met een blij hart doen en in de gemeenschap hartelijk worden opgenomen in de vreugde van het dagelijks koorgebed van de Kerk. Dan wordt de afzondering en de totale armoede een rijke zegen voor onze Kerk.

    +++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

    Toevoeging ter overweging.

    PREEK VAN DE HEILIGE VADER PAUS JOHANNES PAULUS II IN DE SS. NOME DI MARIA, een Romeinse Parochiekerk op 1 maart 1989.

    Voorafgaandelijke uitleg.

    Op 21 november 1990 schreef een dame uit 2000 Antwerpen, Mej. Jeanne PRASATYA, een brief naar Mgr. J.P.C. Van Lierde in Vaticaanstad. Zij was in het bezit gekomen van de tekst van de hierna vermelde preek en wenste de authenticiteit ervan bevestigd te zien.

    Met zijn brief van 15 januari 1991 antwoordde Mgr. Van Lierde als volgt:

    Zeer geachte Mejuffrouw,

    Uw brief van 21 november 1990, heb ik ontvangen, en ik kan U, ondanks mijn omvangrijke en verscheidene taken, mijn antwoord sturen:

    De toespraak van de H. Vader is authentiek.

    Veel geluk en vooral Gods Zegen in 1991,

    In Christus,

    (get.) + Petrus Canesius Van Lierde.

    De tekst van de preek.

    "De morele orde, die in God zijn oorzaak vindt, moet in ons hele leven heersen. Zijn Wil – Zijn allerheiligste Wil – moet in alles prevaleren. Daarin ligt de innerlijke eenheid van het leven. Zoals Jezus leert, kan de mens niet twee heren dienen, niet God dienen en de Mammon."

    "De mens leeft tegenwoordig alsof er geen God zou zijn, alsof God niet de Schepper van de wereld en de Heerser over het heelal, en ook de Bezitter van alle rijkdommen en schatten in de hemel en op aarde zou zijn. De mensen geloven dat alles hun werk is en dat zij recht hebben op deze dingen; ze zijn zelfs trots op de talenten die God de Heer hun toch gegeven heeft, anders hadden zij ze helemaal niet."

    "Wanneer de mens aan andere goden en afgoden de voorkeur geeft, dan zal hij God verachten, ja zelfs haten, en daarvoor in de hel komen. Wat is nu de reden dat de mens zo gemakkelijk afdwaalt, de weg kwijt raakt en verloren gaat? Het is het afnemen van de eerbied; want daardoor wordt hij vermetel en trots en vertrouwt ofwel geheel op zichzelf, of hij rekent vermetel op Gods Barmhartigheid. De weg naar de Barmhartigheid gaat slechts via het overwinnen van het eigen ik, via de Genade van Nederigheid, die de Heer alleen aan de Zijnen schenkt wanneer zij Hem daarom vragen. De Zijnen echter, die de Heer liefheeft, tuchtigt Hij. Wie God vreest, met andere woorden: eerbied voor Hem heeft omdat Hij de Schepper van het heelal en de wereld is, die zal Hem ook de eer betuigen die wij Hem verschuldigd zijn, en hij zal straffen en tuchtigingen graag aannemen."

    "Wij moeten nu spoedig op een nieuwe tuchtiging rekenen, die alle straffen van God die er tot dusver geweest zijn, veruit zal overtreffen. Niemand zal aan deze tuchtiging ontkomen; ofwel zal hij ze graag over zich heen laten komen en dan meteen verlost worden zoals de goede moordenaar aan het kruis, of hij zal voor altijd verloren gaan wanneer hij in opstand komt, zoals de lasterende moordenaar in zijn gekrenkte trots."

    "Het ergste zijn wel de lasteringen over Gods liefdevolle woorden, die Hij ook nu voortdurend door Zijn Moeder en Zijn Zoon naar de arme aarde zendt! Uiterlijke vormen van eerbied zijn daarom noodzakelijk, opdat wij niet vergeten, Wie wij tegenover ons hebben. Zelfs op menselijk vlak kennen wij bepaalde beleefdheidsvormen – en tegenover God willen wij deze achterwege laten? Daarom waarschuw ik nogmaals voor alle vormen van oneerbiedigheid, zoals bijv. de hier in mijn diocees verboden handcommunie, en ook het staan tijdens de vele Heilige gedeelten van de Heilige Mis, omdat men niet meer weet, wat men hier met elkaar viert. Het is niets minder dan de dood van onze Heer en Heiland, Die wij alle dank verschuldigd zijn. Wij houden rekening met het menselijk opzicht, zijn bang dat wij uitgelachen zullen worden, en vrezen nadelen van de kant van de mensen – God echter vrezen wij niet? Ik heb niet herroepen wat één van mijn Voorgangers daarover gezegd heeft: het gebeurt op uw verantwoording, waarde Bisschoppen van de buitenlandse diocesen, en ik bid voor U, opdat U nog tijdig zult inzien, hoe verkeerd uw weg is!"

    "Dit zeg ik U, als uw Bisschop!"


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vergadering S.G.A.G.

    Vergadering S.G.A.G.

    Zaterdag 29 oktober 2011.

    Cultureel Centrum Hasselt

    Detmoldzaal – gelijkvloers.

     

    Programma:

    - 14.00 u rozenhoedje

    - 14.30 u conferentie door E.H. P. van de Kerckhove.

    "De essentie van het authentiek, christelijke gebed."

    - 16.00 u koffiepauze

    - 16.30 u mogelijkheid tot vragen stellen

    - 16.45 u slotgebed

     

    AANDACHT

    De vergadering van volgende maand is op

    26 november 2011.

     

    Verantwoordelijke uitgever: A. Spaas

    Luikersteenweg 281, 3500 HASSELT (011/271445)

    Penningmeester: L. Vos – S.G.A.G.

    Visésteenweg 159, 3770 RIEMST (012/453764)

    Rekening: 103-2243867-34

    (Voor wie ons wil steunen).

     

    Afgiftekantoor

    3770 RIEMST

    P2A8750

    S.G.A.G.

    Studiegroep Actueel Geloofsleven

    Schaapsdries 28 – B 3600 GENK

    Afdeling Thomas Moregenootschap Limburg

    Maandblad: Verschijnt niet in JULI en AUGUSTUS.

    Nummer 267 oktober 2011.

    "Ik ben geheel de Uwe."


    30-09-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.MOEDER IN DE HEMEL. PPS.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.HET MIRACULEUZE BEELDJE VAN GAVERLAND.

    HET MIRACULEUZE BEELDJE VAN GAVERLAND.

    In 1511 vond de godvruchtige familie Van den Bosch, terugkerend van het werk op de akker, een Mariabeeldje onder een lindeboom, op het gehucht Schaarbeek, (Gaverland). In een oud boekje ("Geschiedenis van het Vermaard Miraculeus Beeld van Onze Lieve Vrouw van ‘t Gaverland" uitgegeven door Drukkerij Daelschaert-Praet van Sint-Niklaas in het jaar 1886) vinden we volgend verhaal:

    "Het blijkt, uit oude overleveringen, dat dit miraculeus beeld gevonden is omtrent het jaar 1511 door een zeer godvruchtige familie met de naam Van den Bosch. Deze deugdzame landbouwers begaven zich gezamenlijk naar de Beverse polder om hun vruchten te wieden. Bij hun terugkomst, ‘s avonds, ontdekten zij, onder een oude lindeboom een beeldje van de Heilige Maagd. Het is zeer klein en zwartkleurig: 39 centimeter hoog. Het is geheel in hout gesneden, en de Maagd draagt het kindje Jezus op de linken arm. Zonder nadenken namen zij het beeldje mee, om het een rechtmatige plaats te bezorgen. Zij lieten het achter aan de muur van de parochiekerk van Melsele, met de idee dat het ‘s morgens zou ontdekt worden zijn door de heer pastoor, die het wel in de kerk zou plaatsen. Maar groot was hun verwondering toen zij ‘s morgens vroeg, opnieuw over het 

    Gaverland naar het veld gingen ... het beeldje bevond zich net op dezelfde plaats onder de lindeboom, waar zij het ‘s avonds voordien hadden gevonden. De pastoor plaatste nadien het beeldje in de kerk, maar tot grote verwondering van iedereen vond men de volgende dag het beeldje opnieuw onder de lindeboom. Dit gebeurde tot driemaal toe. Het gerucht van dit wonder werd in de ganse parochie en in de omliggende gemeenten verspreid. De mensen kwamen in menigte de Heilige Maagd vereren, in de veronderstelling dat Zij deze plaats gekozen had, om de mensen met weldaden te vervullen. Zij werden geenszins in hun hoop bedrogen. Want men verzekert dat verscheidene gehandicapten het gebruik van ledematen terugvonden, anderen werden van slepende en ongeneesbare kwellingen genezen. Met andere woorden, niemand die aldaar Maria met vertrouwen aanriep, ging ongetroost heen. Daardoor groeide de godsvruchtig tot Onze Lieve Vrouw van ‘t Gaverland zodanig aan, dat men in korte tijd in staat was, met de giften van parochianen en vreemde pelgrims, een kapel te bouwen."

    DE OUDE LINDE VAN GAVERLAND

    De boom waaronder het beeldje werd gevonden werd zou er nog steeds staan. Het is de linde achter de kapel. Deze boom zou dus meer dan 500 jaar oud zijn.

    In het hoger vermeld boekje "De geschiedenis van het vermaard Miraculeus beeld van Onze Lieve Vrouw van ‘t Gaverland" schrijft de auteur dat de boom, waaronder het beeldje van Onze Lieve Vrouw gevonden werd, deel uitmaakte van een aantal lindebomen die zich in een driehoek ingesloten tussen drie wegen bevonden. Toen uiteindelijk na de Franse Revolutie slechts die ene linde overbleef, bleek deze boom in de weg te staan voor de bouw van een nieuwe kapel. Het bleek nodig om de linde een viertal meter te verplaatsen. De drie eeuwen oude linde werd toen inderdaad verplaatst en (...)"tot overmaat van voldoening en verwondering van eenieder groeide de oude linde beter dan voordien" .

    Volgens Gabriël Van Bortel, hoofd van de gemeentelijke beplantingsdienst, ziet de boom er in elk geval geen 500 jaar uit. Eén en ander zou wel eens uit de lucht gegrepen kunnen zijn. Mogelijk gaat het hier om een ent van de "miraculeuze" voorganger. Hoe dan ook hier geldt weer het alom gekende gezegde… ‘si non è vero, è ben trovato’, ((Als het niet waar is, is het toch goed gevonden.))

    BOUWGESCHIEDENIS VAN DE KAPEL

    (volgens het boekje geschreven door pastoor Livinus Marquenie, onderpastoor en later pastoor te Melsele)

    Eerste kapel

    Bij graafwerken in het voorjaar van 1868 die nodig waren om de toenmalige kapel te vergroten stootte men op de grondvesten van de eerste kapel uit de 16de eeuw. Het was een relatief klein gebouw. De funderingen waren drie meter op zes meter en gemetseld in kareelsteen[3]. Het was in deze kapel dat Alexander Farnese kwam bidden tot O.-L.-Vrouw om de overwinning bij de belegering van Antwerpen af te smeken in het jaar 1585.

    Tweede kapel

    Pastoor Antonius Wuytens bouwde in 1665 ter vervanging van de veel te klein geworden eerste kapel een nieuwe bidplaats in de vorm van een dom. De benaming "dom" verwijst naar de koepel die deze kapel sierde. (Fr. dôme). De pastoor bouwde de kapel onder de oude linde waar het beeldje was gevonden. Tegelijkertijd bouwde hij ook een gebedsweg van 15 stenen staties met schilderijen van de rozenkrans mysteries. Twee van deze staties waren opmerkelijk groter dan de andere en dienden als rustplaats voor het Heilig Sacrament tijdens de processies die er regelmatig plaatsvonden. Tijdens de Franse Revolutie werden, op bevel van commissaris J.B. De Kever, in het jaar 1799 de kapel en de gebedsweg verwoest. Het miraculeuze beeldje van Onze Lieve Vrouw werd tijdig in veiligheid gebracht in de kerk van Melsele.

    Derde kapel

    Op 9 november 1799 kwam Napoleon aan de macht en er volgde een concordaat met de kerk. De toeloop naar Gaverland was vuriger dan ooit en in allerijl werd een houten kapel gebouwd. Volledigheidshalve moet gemeld worden, dat gedurende de Franse Revolutie verschillende strooien bouwsels werden opgericht die keer op keer verwoest werden op bevel van J.B. De Kever. Deze houten noodkapel zal tot 1840 dienst doen voor een steeds groter wordende menigte bedevaarders.

    Vierde kapel

    Het verwoesten van de kapel van voor de Franse Revolutie had de inwoners van Melsele en omliggende tot in het diepste van de ziel getroffen. Zij vonden dat de houten kapel te min was er werd besloten een nieuwe kapel te bouwen. Zij werd met Rupelmondse steen gemetseld en was vier meter breed en zeven meter lang. In het jaar

    1846 schonk een adellijke dame enige aren grond, waarop een huis gebouwd werd voor de bewaarster van de bidplaats. Maar ook deze kapel bleek veel te klein en in het jaar 1852 men met de funderingswerken voor een veel grotere en nieuwe kapel.

    Vijfde kapel

    De aannemer van de nieuwe kapel was Francis Van Esbeke, metselaar en timmerman, die meerdere eerste prijzen behaald had in de Koninklijke Tekenschool van Sint-Niklaas.

    De kapel werd op 2 mei 1864 ingewijd door de Gentse bisschop Delebecque. Het was klimatologisch een rotdag. Het was koud en het hield niet op met regenen zodat de processie waar men maanden aan gewerkt had niet kon uitgaan. Er werd ter vervanging een plechtigheid gehouden in de kerk van Melsele maar de grote feestelijkheden werden een week verdaagd. Een week later was het prachtig weer en verliep alles zoals men het de week voordien gehoopt had. De bisschop kwam per trein naar Melsele waar hij aan het station per koets werd afgehaald. De toeloop naar Gaverland bleek onstuitbaar. De nieuwe kapel voldeed niet aan de verwachtingen: ze was te klein. Vergroten kon niet omdat een oude graanmolen in de weg stond. De molen brandde echter af en zo ontstond er ruimte om de kapel te verbouwen. Ook het nieuw kapelhuis werd in 1869 op de vrijgekomen ruimte gebouwd. Omdat de verbouwing bijna het dubbele was van de vroegere oppervlakte diende de kapel opnieuw te worden gewijd. Dit gebeurde op 29 juni 1871 door de Zijne Hoogwaardigheid H.F. Bracq, bisschop van Gent. Er waren naar schatting meer dan 30.000 aanwezigen.

    DE KLEDIJ VAN HET MIRACULEUZE BEELDJE

    Het beeldje beschikt als het ware over een heuse garderobe met een rijk assortiment zilveren kronen. Het was de gewoonte dat elk jaar in de meimaand het beeldje opnieuw gekleed werd.

    DE MIRAKELS door bemiddeling VAN ONZE LIEVE VROUW VAN GAVERLAND

    ° Alexander Farnese wint de slag tegen Antwerpen

    Had Onze Lieve Vrouw hiermee iets te maken? Hoe dan ook, de gebeden van Alexander Farnese werden verhoord en de overgave van Antwerpen werd ondertekend in het jaar 1585 in het hoofdkwartier van Farnese dat zich in Beveren bevond in het kasteel van Singelberg.

    ° Ter dood veroordeelde ontsnapt aan de strop

    Postrijder Brijs, die de dienst tussen Antwerpen en Gent verzekerde, verloor in 1792 zijn brieventas waarin zeer belangrijke documenten en waardepapieren zaten. Hij stond hiervoor borg met zijn leven. Volgens de wet werd hij veroordeeld tot de strop. De nacht voor zijn terechtstelling bracht hij in gebed door en beloofde aan Onze Lieve Vrouw van Gaverland om alle dagen van het octaaf van Onze Lieve Vrouw Hemelvaart naar de kapel te gaan, zolang hij leven zou. ‘s Anderendaags bij zonsopgang, juist voor de terechtstelling werd de tas met onaangeroerde inhoud teruggevonden op de trappen van het landhuis van Sint-Niklaas. Brijs werd in vrijheid gesteld en hield zijn belofte tot zijn dood in 1802.

    ° Been dat diende geamputeerd te worden is plots genezen

    Carolus Franssens, een zevenjarig jongetje, viel uit een kar waardoor zijn been vermorzeld werd. Dokter Joos uit Kallo en dokter Verdickt uit Sint-Niklaas oordeelden dat het been moest afgezet worden. Vol vertrouwen wendden de ouders zich tot Onze Lieve Vrouw van Gaverland en gingen op bedevaart. Gedurende deze bedevaart genas het been van hun zoon en bij hun terugkomst kwam de knaap hen al tegengelopen.

    ° Blinde kan zien

    Joanna Deckers woonde te Kallo. Ze was blind sedert haar vierde levensjaar. Nadat alle middelen van de geneeskunde gefaald hadden namen de ouders hun toevlucht tot Onze Lieve Vrouw van Gaverland en deden een noveen. Reeds op de tweede dag van de noveen, wanneer zij aan de kapel kwamen, kon het kind plots terug zien. Dit gebeurde in 1843.

    Dit zijn enkele van de vele wonderen die opgetekend werden. Ook de vele ex voto’s die vroeger achter het altaar hingen in de kapel van Gaverland, en die je in vele bedevaartsoorden nog ziet hangen, wijzen op genezingen of bekomen gunsten.

    BEDEVAARTEN NAAR GAVERLAND

    Het aantal bedevaarders, zowel individueel als in groepsverband is sterk afgenomen. Vandaag zijn er slechts enkele van deze vele bedevaarten overgebleven. Processies, waarbij men te voet, naar Gaverland trok, zijn

    schier verdwenen. De bedevaarders komen vandaag per fiets of per auto en groepen worden met een luxueuze

    autocar tot aan de kapeldeur gebracht. Maar toch leeft de traditie voort en komen jaarlijks bedevaarders naar Gaverland om de aloude gebruiken in stand te houden.

    PAUSELIJKE KRONING IN 1912

    Ter gelegenheid van de 400ste verjaardag van het vinden van het beeldje deze verjaardag op een bijzondere wijze herdacht. Op zondag 4 augustus 1912 vond, in naam van Paus Pius X, de eigenlijke kroning plaats die gebeurde volgens het ceremonieel dat door de Heilige Congregatie der Riten was voorgeschreven. Om de 25 jaar vonden vieringen plaats om de kroning te herdenken. Het jaar 2012 wordt dan ook een echt jubeljaar. Het is te hopen dat vele nieuwe bedevaarders dit Mariaoord opnieuw zullen ontdekken. Dit jaar werd het 500 jarig jubileum gevierd van de ontdekking en vinding van het miraculeuze beeldje.

    IN DEZE NIEUWSBRIEF IS EEN GEILLUSTREERD PROGRAMMA

    VAN HET JUBILEUMJAAR – GAVERLAND - BIJGEVOEGD

     

     

    BEVEREN-WAAS - Tijdens het jubeljaar zijn er heel wat activiteiten gepland.

    Die vinden plaats in de kapel, (Gaverland) tenzij anders vermeld.

    Eucharistievieringen: Elke maandag om 08.30 uur,

    Elke donderdag om 19.00 uur

    Elke zondag om 0 8.45 uur en 17.30 uur.

    KALENDER

    2011

    7 oktober 19.00 uur: O.L.V. van de Rozenkrans

    21 oktober 20.30 uur: Concert van het orgelcomité in de kerk van Melsele

    21 november 08.30 uur: Opdracht van Maria in de tempel

    8 december 19.00 uur: Maria Onbevlekte Ontvangenis, Eucharistie gevolgd door concert Mater Dei

    25 december 08.45 uur: Kerstviering

    2012

    2 februari 19.00 uur: Maria Lichtmis. Eucharistie gevolgd door kinderzegen.

    11 februari 19.00 uur: Onze Lieve Vrouw van Lourdes kaarsenprocessie.

    25 maart 16.00 uur: Conferentie met schrijver Manu Verhulst.

    30 april 24.00 uur: Middernacht: Start meimaand met fakkeltocht.

    1 mei 15.00 uur: Grote ACW-bedevaart op de bedevaartweide.

    12 mei Start tentoonstelling over de kapel in CC Boerenpoort. Tot en met 27mei.

    27 mei 15.00 uur: Pinksteren: Grote jubileumviering met bisschop Van Looy op de bedevaartweide.

    31 mei 14.30 uur: Bezoek Maria aan Elisabeth. Viering Ziekenzorg.

    19.00 uur: Parochiale bedevaart.

     

     




    Foto

    Getuigenissen van de jongeren van Cenacolo
  • Deel 1
  • Deel 2
  • Deel 3
  • Deel 4
  • Deel 5
  • Deel 6
  • Deel 7

  • Foto

    Foto

    Foto

    Godelieve heeft voor mij
    deze prachtige pps gemaakt
    waarvoor mijn dank





    Foto

    Schrijft u wat in mijn gastenboek
    klik dan op het boek boven




    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Klik op het plaatje en krijg een prachtige rondleiding door het Vaticaan
    Ieder nummertje is weer iets moois
    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Image and video hosting by TinyPic
    Image and video hosting by TinyPic
    Image and video hosting by TinyPic
    Foto

    Een interessant adres?


    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!