Foto
TOESPRAAK VAN PATER PETAR
  • Deel 1
  • Deel 2
  • Deel 3
  • Deel 4
  • Deel 5
  • Deel 6
  • Deel 7
  • Deel 8
  • Deel 9
  • Foto
    Foto
    Het  logo  van  het  Bisdom  Gent  van  MG.  Van  Looy
     
    Origen
    Quantcast
    Met hulp en medewerking van John Pont is dit blog gemaakt
    HOUD UW LAMPEN BRANDEND.
         Image and video hosting by TinyPic
    For this blog to translate into language of your choice? Select your language below.
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
     2 prachtige pps-jes hierboven van Godelieve en ook Mama rechts heeft ze gemaakt
    Klik op de banner en bekijk nog veel meer moois op haar blog
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Klik op de banner hier beneden en ga eens langs bij Lenie voor nog meer moois
    Alle Ave Maria pps-jes hierboven zijn van haar
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Gastenboek

    Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek

    Foto
    Wonder

    11-03-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Begraven lichaam van de ’Zieneres van Onkerzele’ vergaat niet.

    Begraven lichaam van de ’Zieneres van Onkerzele’ vergaat niet.

    Voor ze stierf zei Leonie: ( Graaf mij op, Ik zal ongeschonden zijn ).

    De Oost – Vlaamse gemeente Onkerzele is al meer dan een halve eeuw in de ban van een mysterie. Het lichaam van Leonie – ( Nieken ) - Van Den Dijck, een zelfverklaarde zieneres, is 62 jaar na de begrafenis nog steeds intact. De gemeenschap spreekt van een mirakel, en wil dat de vrouw zalig wordt verklaard.

    De Kerken mogen dan leeglopen, er zijn wel degelijk plekken te vinden waar nog steeds een bijzonder diep en oprecht geloof leeft. Die plekken bezochten journalist Marnix Peters en fotograaf Rudi Van Beeck voor het boek ( God in Vlaanderen ) , dat deze week verschijnt. Het opmerkelijkste hoofdstuk in dat boek gaat over Leonie Van Den Dijck, de "Zieners van Onkerzele". Wij bezoeken het gehucht waar we Frans Verleysen ( 64 ) en Roger De Cremer ( 75 ) ontmoetten, respectievelijk voorzitter en secretaris van het plaatselijke "Komiteit Leonie Van Den Dijck". Onkerzele, een deelgemeente van Geraardsbergen, is weinig meer dan een straat en een kerk. Veel valt er op het eerste gezicht niet te beleven, maar elke eerste zaterdag van de maand komen er tientallen, soms honderden bedevaarders samen om te bidden aan het graf van Leonie Van Den Dijck. Om 17 uur, na het gebed, gaat dan het museum open dat gevestigd is in het sterfhuis van Nieken, zoals Leonie altijd werd genoemd. In dat huis, aan de Kampstraat 44, ontmoeten we voorzitter Frans en secretaris Roger. Twee rationele mensen die ons zonder enige dweepzucht het onwaarschijnlijke, maar met talrijke documenten gestaafde verhaal van de Onkerzeelse zieners vertellen.

    SIGAREN DRAAIEN.

    Roger, die de (zieneres ) goed gekend heeft toen hij nog kind was, legt eerst uit dat Leonies huis flink verbouwd is na haar dood. Een van de dochters is hier dan komen wonen, zegt hij. Zij heeft een keuken gemaakt waar de stal stond van Leonies geit. Het huisje was ook anders ingedeeld, met een voorplaats en een achterplaats. Daar ston het bed waarin Leonie gestorven is.

    Frans; We hebben nog overwogen om het huisje terug in zijn oorspronkelijke toestand te restaureren, maar we hebben er het geld niet voor. We zijn al heel blij dat onze vzw het gebouwtje heeft kunnen kopen.

    Wat voor vrouw was Leonie Van Den Dijck?

    ROGER. Een hardwerkende vrouw, zoals iedereen in die tijd. Leonie heeft 13 kinderen gebaard, waar er negen in leven zijn gebleven. Toen haar jongste drie jaar oud was, heeft haar man een kleine erfenis gekregen en hij is vertrokken. Ze heeft haar kinderen dan in haar eentje grootgebracht, door als thuiswerkster sigaren te draaien voor de fabrieken hier.

    Frans: Onkerzele was in die tijd gekend voor zijn sigaren.

    Zo waren er veel vrouwen in die tijd. Waarom wordt er vandaag wel nog over Leonie gesproken en niet over al die andere alleenstaande moeders met een groot gezin?

    Roger; Tussen 4 augustus en 19 oktober 1933 is de Heilige Maagd in totaal 36 keer verschenen aan Leonie. Ze heeft visioenen gehad, boodschappen doorgekregen, voorspellingen gezien. Dat was nationaa nieuws in die tijd. Er werden speciale treinen ingelegd naar Onkerzele. Leonie heeft de dood van koning Albert I voorspeld. Toen de koning in Marche – les – Dames omkwam, zijn ze Leonie hier komen halen. Zij heeft dan de plek aangeduid waar gezocht moest worden en daar lag de knijpbril van de koning. Op de plek waar hij van de rotsen is geduwd.

    Geduwd? Was de dood van Albert geen klimongeluk?

    Roger; In haar vision heeft Leonie iemand de koning van de rotsen zien duwen. Zij wist ook wie het was, maar ze heeft nooit een naam willen noemen.

    Zo is het gemakkelijk. Hoe weten jullie zo zeker dat die verschijningen echt zijn?

    Roger ; Soms was Leonie alleen, maar meestal waren er getuigen bij. Ik herinner me dat de kleermaker van het dorp me vertelde hoe ze een kaars onder Leonie haar hand hielden toen ze weer een visioen had. Maar Leonie bougeerde niet.

    Frans; dat is een typische test om te zien of die extase wel echt is. Mocht Leonie gedaan hebben alsof, dan had ze de pijn niet kunnen verstoppen.

    Het betekent ook dat niet iedereen geloofde in de visioenen van Leonie.

    Roger ; ze heeft heel veel tegenstand gehad. Geraardsbergen is een rode burcht. Er zijn verschijningen geweest die verstoord werden door de socialistische jonge wachten. Haar jongste zoon Richard was mijn buurman. Hij geloofde ook niet in zijn moeder, misschien omdat hij ermee uitgelachen werd. Als hij een café binnenkwam, keken alle mannen naar de hemel. Er werd echt gespot met Leonie, indertijd.

    Frans ; maar dat is allemaal veranderd met de opgraving.

    Welke opgraving?

    Roger ; Voor Leonie in 1949 stierf, had ze gezegd: Twintig jaar na mijn dood zal ik een teken geven. Dan moet je me opgraven. Ik zal ongeschonden in mijn graf liggen. Maar ja, een teken. Wat voor teken?

    Frans ; Je moet weten dat er al sinds 1648 een jaarlijkse ommegang is in Onkerzele ter ere van Onze – Lieve – Vrouw van Smarten.

    Roger; Iemand die deelnam aan de Ommegang van 1971 heeft de processie gefilmd met zijn Super8- camera. Toen hij die film afspeelde, was er een beeld van de Heilige Maagd te zien op het graf van Leonie. Een beeld dat er in het echt niet was. Hij heeft die film ook aan andere mensen getoond.

    Frans ; Aan mensen die de geschiedenis van Leonie kenden. Misschien is dat het teken , dachten die en zo hebben ze beslist om het lijk van Leonie op te graven.

    Dat mag toch niet zomaar?

    Roger; Nee, dat zou grafschennis zijn. We hebben er toestemming voor gevraagd, er was een wetsdokter aanwezig, de opgraving is ook gefilmd. Dat was in 1972, 23 jaar na haar dood.

    Frans; Die film is uitgezonden op televisie , in ( Echo ) , en is een belangrijk document.

    Roger ; De doodskist van Leonie was aan het vergaan. De zinken bak waarin ze lag was gescheurd en de lijkwade waarin ze gewikkeld was, viel uiteen van het vocht. Maar haar lichaam was intact.

    Frans ; En dat lag niet aan de grondsoort, want de lijken in de graven ernaast waren wel vergaan.

    Roger ; Daar schoot niets meer van over, terwijl er bij Leonie geen ontbinding was en er zelfs geen spoor te merken was van wormen en insectenresten. Dat staat letterlijk in het verslag van de wetsdokter. Richard, de jongste zoon van Leonie, is door die opgraving totaal van mening veranderd. Voor ze haar lichaam in een nieuwe kist hebben gelegd, heeft hij zijn dode moeder op zijn schoot genomen. Op dat moment werd hij een van de grootste voorstanders van Leonie. Tien jaar na die opgraving is Richard overleden en begraven naast zijn moeder, dat was zijn wens. Toen hebben we vastgesteld dat het lichaam van Leonie nog altijd intact was.

    Is Leonie toen een tweede keer opgegraven?

    Frans; Ja, in 1982. Eerst was Leonie in volle grond begraven, nu rust ze in een grafkelder. En haar nieuwe doodskist heeft een klein venstertje waardoor je haar gezicht kan zien.

    Roger ; Dat was enkel een beetje donkerder geworden van kleur, maar verder was er niets aan veranderd.

    Wat wel totaal veranderd is, is het geloof in Nieken. Anders waren jullie hier niet zo mee begaan.

    Roger ; Eigenlijk was Nieken zo goed als vergeten, maar nadat de film van de opgraving werd uitgezonden, hadden we opeens 900 deelnemers aan de Ommegang. We hebben dan het Komiteit opgericht, om erover te waken dat Nieken niet opnieuw vergeten zou worden en dat ze erkenning krijgt.

    Wat voor erkenning? Ijveren jullie voor de zaligverklaring van Nieken?

    Roger ; Eerst moeten de verschijningen erkend worden.

    Frans ; In de jaren dertig heeft de toenmalige bisschop dat niet willen doen, maar het schijnt dat hij daar achteraf spijt van heeft gekregen.

    Roger ; De huidige bisschop, monseigneur Van Looy, staat er in ieder geval wel voor open. Hij is hier een hele dag geweest.

    Frans ; De bisschop wilde zelf voelen in welke mate de devotie hier leeft. Is het geloof in Nieken echt, of is dat iets van enkele halvegaren? Dat wilde de bisschop weten. We hebben hem ook gesproken over de genezingen.

    Heeft Nieken mensen genezen?

    Frans ; Ze heeft bemiddeld bij genezingen. Mensen vragen haar in het gebed om voor hen tussen te komen bij Onze – Lieve – Heer of bij Onze – Lieve – Vrouw. Zo zijn er uit de jaren veertig en vijftig toch een achttal gevallen bekend, maar de bisschop vroeg recentere zaken en die zijn er wel degelijk.

    Roger ; Een meisje van 18 jaar had botkanker en was opgeschreven door de artsen. Haar grootmoeder is komen bidden bij het graf van Nieken en dat meisje is genezen.

    Frans ; Ze is inmiddels 26 en officieel kankervrij verklaard. Vorig jaar is ze getrouwd. Haar getuigenis is gefilmd door Jan Van Rompaey, maar de beloofde kopie hebben we nog altijd niet gekregen. Die zouden we goed kunnen gebruiken voor het dossier.

    Hebben jullie het gevoel dat jullie tegengewerkt worden?

    Roger; Ik denk niet dat de dokters ons zullen helpen aan getuigenissen. Zij willen niet in de gazet komen met een genezing waar zij voor niets tussen zitten.

    Frans ; Ik weet niet of de zaak van Nieken geblokkeerd zit of tegengewerkt wordt, maar het gaat wel erg langzaam. De kerk is bijzonder terughoudend in dergelijke dossiers en dat is maar goed ook. Want de dag dat de verschijningen van Nieken erkend worden en de dag dat ze zalig verklaard wordt, weten we zeker dat er een serieus onderzoek aan voorafgegaan is.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen."WIJ HEBBEN ZIJN HEERLIJKHEID AANSCHOUWD" (Joh 1,14b).

    "WIJ HEBBEN ZIJN HEERLIJKHEID AANSCHOUWD" (Joh  1,14b).

    Dr. Luc Kiebooms.

     

    Nieuwere inzichten in de lezing van het Johannesevangelie en het Boek Openbaring,  in het licht van de mysteries van het Licht ingesteld door Paus Johannes Paulus II.

     

    Het evangelie is niet zomaar toegankelijk. Dit maakt dat het soms jaren duurt vooraleer bepaald vertrouwde evangelielezingen helderder worden. Zo heeft Paus Johannes Paulus II eerst op het einde van zijn pontificaat, als groot Mariavereerder, aan ons aloude rozenkransgebed een vernieuwend impuls willen geven door de mysteries van het Licht eraan toe te voegen.

     

    1.De Doop van Christus in de Jordaan.

    Het begin van Zijn openbaar leven (2 Kor. 5:21, Mat. 3:17).

     

    “Hem, die geen zonde gekend heeft, heeft Hij voor ons tot zonde gemaakt, opdat wij zouden worden: gerechtigheid Gods in Hem. (2 Kor. 5:21).

     

    1 Joh. 2,2 Hij is de verzoening voor onze zonden, en niet alleen voor onze zonden (als Joden) maar voor die van de hele wereld.

    1 Joh. 4,10 Hierin bestaat de liefde: niet wij hebben God liefgehad, maar Hij heeft ons liefgehad en Zijn Zoon gezonden als zoenoffer voor onze zonden.

     

    “Met het doopsel aanvaardt en begint Jezus Zijn zending als lijdende Dienaar. Hij laat Zich bij de zondaars rekenen.

    1. Hij is al 'het Lam Gods dat de zonde van de wereld wegneemt' (Joh. 1,29); Hij loopt al vooruit op het 'doopsel' van zijn bloedige dood.

    Joh 1,33,b “Op wie gij de Geest ziet nederdalen en blijven rusten, Hij is het die doopt met de Heilige Geest.”

    2. Hij komt reeds 'de gerechtigheid volledig vervullen' (Mat. 3,15), d.w.z. Hij onderwerpt zich geheel aan de wil van Zijn Vader: uit liefde stemt Hij in met dit doopsel van de dood tot vergeving van onze zonden. (KKK 536).

     

    2. De Bruiloft van Kana.

    De zelfopenbaring van Jezus.  Eerste teken (Joh. 2:1-12)

     

    Dit heeft Jezus gedaan als begin van Zijn tekenen te Kana in Galilea en Hij heeft Zijn heerlijkheid geopenbaard, en Zijn discipelen geloofden in Hem. (Joh. 2:1-12).

     

    Het teken van het water dat te Kana in wijn veranderd werd, kondigt reeds het uur van de verheerlijking van Jezus aan. Het toont de vervulling van het bruiloftsmaal in het Rijk van de Vader, waar de gelovigen de nieuwe wijn zullen drinken die bloed van Christus is geworden. (KKK 1335)

     

    3. De verkondiging van het Rijk Gods.

    De Oproep tot Bekering.

    Hij zegde: “De tijd is vervuld en het Koninkrijk Gods is nabijgekomen. Bekeert u en gelooft het evangelie.” (Mc 1:15).

     

    Jezus nodigt de zondaars uit aan de tafel van het Koninkrijk: 'Ik ben niet gekomen om rechtvaardigen te roepen, maar zondaars' (Mc. 2,17).Hij nodigt hen uit tot bekering. Zonder dat kan men het Koninkrijk niet binnengaan, maar Hij toont hun ook in woord en daad hoe grenzeloos de barmhartigheid van zijn Vader is jegens hen en hoe immens de 'vreugde in de hemel over één zondaar die zich bekeert' (Luc. 15,7). Het uiterste bewijs van deze liefde zal het offer zijn van Zijn eigen Leven 'tot vergeving van zonden'. (Mat. 26,28). (KKK 545).

     

    4. De wonderbaarlijke Gedaanteverandering op de berg Tabor.

    De openbaring van Zijn Glorie aan de Apostelen. (Luc 9:35).

     

    En er klonk een stem uit de wolk, die zegde: “Deze is Mijn Zoon, de Uitverkorene, luistert naar Hem.” (Luc 9:35)

    2 Petrus 16-18. Toen wij u immers de macht en de komst van onze Heer Jezus Christus verkondigden, beriepen we ons niet op vernuftig bedachte mythen, maar wij spraken als ooggetuigen van Zijn luister. Want Hij heeft van God de Vader eer en verheerlijking ontvangen, toen door de verheven Majesteit dit woord tot Hem werd gericht:  ”Deze is Mijn geliefde Zoon in wie Ik Mijn welbehagen heb.”, en die Stem hebben wij uit de hemel horen klinken toen wij met Hem waren op de heilige berg.

     

    De gedaanteverandering geeft ons een voorproef van de komst in heerlijkheid van Christus  'die ons armzalig lichaam zal herscheppen en het gelijkvormig zal maken aan Zijn verheerlijkt Lichaam' (Fil. 3,21). Maar zij herinnert ons ook eraan dat 'wij door vele kwellingen het rijk Gods moeten binnengaan'. (Hand. 14,22) (KKK 556).

     

    5. De Instelling van de Eucharistie.

    De sacramentele uitdrukking van het Paasmysterie. (Joh 13:1). “Voor het Paasfeest, toen Jezus wist, dat Zijn uur gekomen was om uit deze wereld over te gaan tot de Vader, heeft Hij de Zijnen, die Hij in de wereld liefhad, liefgehad tot het einde”

    Hij is de lijdende Dienaar, het Lam Gods dat in elke communie tot ons komt.

     

    Om hun een onderpand van deze liefde na te laten, om Zich nooit van de Zijnen te verwijderen en om ze deelgenoot te maken aan Zijn Paasmysterie, stelde Hij de Eucharistie in als de gedachtenis aan Zijn dood en verrijzenis, en Hij beval Zijn apostelen deze gedachtenis te vieren (en Hem tegenwoordig te stellen) totdat Hij zou wederkomen, 'waardoor Hij hen toen als priesters van het Nieuwe Verbond aanstelde. (KKK 1337)  (Tantum ergo sacramentum).

     

    Sleutelwoorden van het Evangelie van Johannes.

    Lam Gods, Mensenzoon,  Mijn uur,  verheerlijking - heerlijkheid,  tekenen, de Geest

     

    Vanaf de proloog en de getuigenis van Johannes de Doper vinden we deze sleutelwoorden.

     

    Het Lam Gods is te kaderen binnen de getuigenis van Johannes. Joh. 1,29-31.

    Het uur wordt vermeld bij  het wijnwonder van Kana en bij het Laatste Avondmaal, (voetwassing Joh 13, een teken dat Hij hen beminde tot het uiterste toe) en onder het kruis.  Waarom was de Moeder van Jezus er juist bij voor het begin van de tekenen en voor de laatste woorden van Jezus op het kruis ? Een niet minder belangrijke vraag is wellicht ook waarom de geliefde leerling zich zo persoonlijk betrokken voelde in het gebeuren, dat hij dadelijk na de woorden van Jezus daaraan toevoegde, dat hij vanaf dat uur de Moeder van Jezus bij zich in huis opnam. (Joh 19,27).

     

    Duidt deze toevoeging niet op een persoonlijk getuigenis en drukt het niet zijn jawoord uit op de uitnodiging van Jezus om, zoals Hijzelf, zoon te worden van Zijn Moeder ?

    Om Mensenzoon te worden, aanvaardde Jezus Zoon van Maria te worden. Zij aanvaardde Zijn Moeder te worden. De menswording van Gods Zoon en het moederschap van Maria zijn onverbrekelijk één. God zelf wilde het zo, toen Hij Zijn engel zond om Maria uit te nodigen. Toen werd tussen God en Maria een verbond gesloten dat enig is in intimiteit en trouw. Maria sprak er een jawoord uit naar Gods hart: zonder voorbehoud en in volle overgave. Nooit wellicht had een menselijk jawoord zo’n inhoud, buiten dat van Jezus

     

    Om in te gaan op de betekenis van dit begin en einde moeten we de evangelist volgen op de weg die dit begin en einde verbindt. We moeten met hem mee opgaan naar het uur dat Jezus in Kana aankondigde. Het vierde Evangelie is opgang naar het uur van Jezus.  Alles wordt gezien in het licht van Gods heilsplan zoals dat beschreven staat in het Oude Testament. Jezus vervult dit en steunt er steeds opnieuw op. Hij is zelfs “Begin en Einde”  Alfa en Omega. (Openbaring 1, 8: “Ik ben de Alfa en de Omega”, zegt God de Heer, “Hij die is en die was en die komt! De Albeheerser.”). Hij overziet alles vanaf het begin en voorziet de uiteindelijke voltooiing. Hij is dè Profeet en belooft Zijn Geest om bij Zijn leerlingen te blijven (Joh 14,17) en om hen in alles verder in te lichten. (Joh 14,26).

     

    De Moeder van Jezus is het voorbeeld van ‘de verwante naar het vlees’, die door haar volledige trouw aan Gods woord ook het voorbeeld wordt van de geestelijke verwantschap. Zij werd trouwens omwille van haar geloof Moeder van Jezus, zoals Abraham stamvader werd omwille van zijn geloof.

     

    Toch mag Johannes niet volledig los gesteld worden van de andere nieuwtestamentische geschriften, die toch alle steunen op een gemeenschappelijke mondelinge traditie en alle hetzelfde heilsplan beogen. Keren we in een eerste vergelijking even terug naar de anekdote uit de Synoptici, waarin verteld wordt, dat de Moeder van Jezus, met Zijn broers, Jezus wilden spreken, maar door Jezus niet werden gehoord (Mat. 12,46-50; Mc 3,31-35; Luc 8,19-21).

    Matteüs en Marcus plaatsen dit verhaal in dezelfde context. Het is voorafgegaan door de beschuldiging van de Farizeeën, dat Jezus door de hulp van Beëlzebub demonen uitdreef, en het wordt gevolgd door de parabel van het zaad. Deze context is belangrijk, omdat erdoor aangetoond wordt dat het inderdaad gaat om “de ware (echte) verwantschap”.

    Bij Johannes stellen we herhaaldelijk vast dat de kinderen Gods die Jezus volgen, gesteld worden tegenover de volgelingen van de satan. Deze thematiek is sterk aanwezig in zijn Evangelie, zijn Eerste Brief en in het Openbaringsboek. We zullen daarop nog moeten terugkomen.

     

    Op het bericht (in de synoptici) dat de Moeder van Jezus en Zijn broers Hem willen spreken, antwoordt Jezus : "Wie is Mijn Moeder en wie zijn Mijn broers ?" Hij strekte dan Zijn hand uit naar Zijn leerlingen en zei: "Kijk, hier zijn Mijn Moeder en Mijn broers, want “wie de wil van Mijn Vader in de hemel doet” is Mijn broer en zuster en Moeder". (Mat 12,46-50).

    De context toont aan wat de juiste bedoeling is van de evangelisten. Ze willen uitdrukken dat ‘de verwantschap naar het vlees’ (Joodse afstamming en besnijdenis) geen waarborg is voor de eeuwige verwantschap. Belangrijk en beslissend is het verrichten van de wil van de Vader van Jezus. In hoever Jezus hier Zijn verwanten afwijst lijkt niet zo eenvoudig. Hij zet alleszins iets recht, dat ook voor de Joden als uitverkoren volk geldt. Anderzijds zijn het Joden, die Jezus het eerst volgden en, onder zijn getrouwen, zijn heel wat familieleden. Dat kan al uit de Evangelies afgeleid worden. Heel de nadruk wordt gelegd op het geloof in Jezus en het volbrengen van de geboden.

     

    AI in de Proloog van het vierde Evangelie treedt dit thema van de verwantschap op de voorgrond. De evangelist getuigt er: "Aan diegenen echter die Hem wel aanvaardden, gaf Hij het vermogen om kinderen van God te worden: aan hen die in Zijn Naam geloven" (Joh 1,12).  Hoe dicht we bij de voorstelling van de Synoptici, Matteüs en Marcus  komen wordt duidelijk uit het vervolg van de tekst: "Ze zijn niet uit het bloed of uit de wil van het vlees of uit de wil van een man, maar uit God geboren." (Joh 1,13).

     

    (Of deze laatste zin in het meervoud moet gelezen worden of in het enkelvoud, doet geen afbreuk aan het thema, dat ons hier bezighoudt.) Jezus aanvaarden is voorwaarde om kind van God te worden en tot Zijn verwanten te worden gerekend.

    Bovendien schijnt deze zin te verwijzen naar de maagdelijke geboorte van Jezus. Dit wijst er dan weer op, dat de nieuwe geboorte uit de Geest, waarover Jezus met Nicodemus spreekt (Joh 3,5), en ook Johannes de Doper in zijn “getuigenis” (1 Joh., 33-34): “Hij is het Die doopt met de H. Geest. Ik heb het zelf gezien en getuig: ‘Deze is de Zoon van God’, in relatie wordt gesteld met de geboorte van Jezus. Maria heeft in deze voorstelling alleszins een plaats. De Menswording van Jezus uit haar staat als model.

     

    Johannes noemt het bruiloftsfeest van Kana het begin van de tekenen. Deze woorden lijken ons zo profetisch geladen. Dat hij aan dit teken veel belang hechtte, blijkt uit de toch geweldige affirmaties: Jezus openbaarde zijn heerlijkheid en zijn leerlingen geloofden in Hem (Joh 2,11).

     

    In het eerste hoofdstuk vernemen we dat Johannes de Doper over Jezus opvallende dingen verklaard had.  Lees de vraag aan Johannes (Joh 1, 19-28): “Wie zijt gij? Wat doopt gij?” De volgende dag zag hij Jezus naar zich toekomen en spreekt hij opvallende woorden als: “Lam Gods, de Geest, Zoon van God!” (Joh. 29-34). En weer de volgende dag, in het bijzijn van twee leerlingen, richt hij zijn oog op Jezus: “Zie het Lam Gods …” Onder de indruk van deze woorden volgden die twee leerlingen Jezus (Joh 1,35-42). Een van die twee leerlingen was Andreas die daarna zijn broer Petrus ontmoette. Andreas vertelde aan zijn broer Simon, dat ze de Messias gevonden hadden.

     

    De volgende dag: Filippus (uit Bestsaïda de stad van Andreas en Petrus) en die nodigde Natanaël uit om te komen zien, en een korte dialoog volstond om deze te doen uitroepen: "Rabbi, Gij zijt de Zoon van God; Gij zijt de Koning van Israël" (Joh 1,49). De verwondering van de eerste leerlingen was wel bijzonder groot. Toch schijnt Jezus ze nog op te drijven. Hij richtte zich dadelijk tot Natanaël en zei: "Gij zult nog grotere dingen zien dan deze". En in het meervoud vervolgde Hij: "Voorwaar, voorwaar, Ik zeg U: gij zult de hemel geopend zien en de engelen van God zien opstijgen en neerdalen over de Mensenzoon" (Joh 1,51).

     

    Op deze merkwaardige uitspraak van Jezus volgt dan: “Op de derde dag was er bruiloft te Kana in Galilea”  (dus we zijn dag 7!). Het verhaal van het bruiloftsfeest: Jezus schijnt de zo pas uitgesproken belofte al dadelijk te bevestigen door het wijnwonder, dat Johannes het begin van de tekenen noemt.

     

    Met het woord begin suggereert de evangelist, dat er nog andere tekenen zullen volgen. Het wordt het startsein naar het eindteken, en het wordt nog gevolgd door de vele andere, waarvan Johannes er slechts een klein deel in zijn Evangelie opnam (Joh 20,30).

    Dat Jezus in Kana al op het eindteken zinspeelde kan misschien ook verklaard worden door de zinspeling op Zijn uur, dat volgens niet weinig exegeten een verwijzing is naar Zijn dood en verheerlijking. Toen dat uur op komst was, getuigde Jezus alleszins : "Het uur is gekomen, waarop de Mensenzoon verheerlijkt wordt” (Joh 12,23). Hij gebruikte daarbij de naam Mensenzoon.  In zijn hogepriesterlijk gebed lichtte Jezus de betekenis van Zijn verheerlijking toe, toen Hij tot de Vader bad:

    "Ik heb U op aarde verheerlijkt door het werk te volbrengen, dat Gij Mij in handen hebt gegeven. Verheerlijk Gij Mij nu, Vader, bij Uzelf met de heerlijkheid, die Ik bij U bezat voordat de wereld was" (Joh 17,4-5).

     

    De verheerlijking in het uur van Jezus is dezelfde als de heerlijkheid die Hij van alle eeuwigheid bezat. Hij drukte in Kana al uit dat het wijnwonder in verband staat met de openbaring van die heerlijkheid. AI Zijn werken zijn er manifestatie van. Het wordt in het Evangelie van Johannes steeds weer herhaald. Hoewel Johannes misschien onderscheid maakt tussen de tekenen en de werken van Jezus, stellen we toch vast, dat de tekenen de belangrijkste en meest overtuigende werken van Jezus vormen. Ze zijn voor Jezus de gunstige gelegenheid en het middel bij uitstek om over Zijn heerlijkheid te spreken en over te

    gaan naar Zijn belofte van eeuwig leven.

     

    Nicodemus was blijkbaar onder de indruk gekomen van de tekenen van Jezus en leidde eruit af dat Hij van God moest gezonden zijn. Met volle gezag gaat Jezus op die verklaring in en beweert dat niemand in het Rijk Gods kan komen, als hij niet van boven herboren wordt uit water en de Geest. Hij aarzelt zelfs niet daar nog aan toe te voegen : "Verwonder er u niet over dat ik u zeg: ‘Gij moet van boven herboren worden.’" (Joh 3,7).

     

    Jezus verduidelijkt aan Nicodemus dat de Mensenzoon moet opgeheven worden, zoals Mozes de slang in de woestijn opgeheven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft eeuwig leven ontvangt. Zoals God de duisternis door het licht verdreef bij de schepping, zo zendt Hij Zijn Zoon als het Licht van de wereld, die in de duisternis van de zonde leeft. Als de zonde het hart van de mensen verduistert, kan de Geest van God niet bij hen blijven.

     

     

     

     

     


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen."Het Teken van de Mensenzoon " (Schriften van Madeleine)

    ACHTSTE VERSCHIJNING.

    Dinsdag, 12 juni 1973 om 19.00 uur, in de kapel

    Madeleine beëindigt met de zusters en de priester het rozenkransgebed. Zij voelt een wind langs haar gezicht strijken en denkt dat het tocht is, maar benieuwd vraagt zij de priester toch of hij die wind ook heeft gevoeld. Na zijn ontkennend antwoord verschijnt de glans "van een verbluffende schoonheid" op de plaats van het tabernakel.

    Jezus verschijnt met uitgestrekte handen als om haar te begroeten, en zegt :

    "Weest zo goed om tot hier te naderen."

    Madeleine gaat dichtbij Hem staan.

    "Zegt dit hardop."

    Hij heeft heel langzaam, woord voor woord voorgezegd :

    "Ik ben de Eerste en de Laatste, en de Levende, en Al wat u gegeven is : Ik ben de Liefde, de Vrede, de Vreugde, de Opstanding en het Leven. Kust de aanwezigen hier uit liefde en medemenselijkheid."

    "Weest zo goed om dit te herhalen :

    "Attendite, quod in aure auditis, prædicate super tecta. Per te Magdalena civitas Dozulea decorabitur per Sanctam Crucem et ædificat Sanctuarium Domino in monte ejus. Terribilis est locus iste".

    Vertaling uit het Latijn : "Opgelet ! Hetgeen u met het oor hoort, verkondigt dat van de daken. Door u, Madeleine, zal de stad Dozulé getooid worden met het Heilig Kruis en zal het een Heiligdom voor de Heer vestigen op zijn berg. Hoe vreeswekkend is deze plaats !"

    Kust de grond drie keer uit boete voor de Ongerechtigheid."

    Jezus was diep bedroefd. Langdurig heeft Hij naar de drie aanwezige personen gekeken en heeft gezegd :

    "Zegt dit hardop tegen de personen, die met u de rozenkrans bidden (de twee zusters en de priester) :

    "Haast u de wereld bekend te maken wat u gezien en gehoord hebt in mijn Naam. Geeft opdracht aan het bisdom mijn voorschrift bekend te maken om het Glorierijke Kruis en het Heiligdom van Verzoening op te doen richten, op dezelfde plaats waar Madeleine het zesmaal gezien heeft, en komt hier allen heen in processie".

    Vervolgens heeft Jezus zijn armen opgeheven met de handen naar Madeleine gekeerd, zijn blik in de verte, en heeft Hij gezegd :

    "Wanneer dit Kruis van de aarde verhoogd wordt, zal Ik alles tot mij trekken."

    Waarop armen en handen weer in begroetende stand kwamen en Hij zei :

    Weest zo goed hier iedere eerste vrijdag van de maand te komen. Ik zal u bezoeken tot aan de oprichting van het Glorierijke Kruis."

    Madeleine bewondert Hem een ogenblik waarna Hij verdwijnt terwijl Hij zich enigszins verheft.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.DE INNERLIJKE VERTROOSTING.

    Gods genade is onverenigbaar met aardsgezindheid.

    Mijn zoon, de genade is een kostbaar goed, zij is vreemd aan uiterlijke dingen en ook aan aardse troost. Daarom moet gij u van alle belemmering ontdoen, als gij haar invloed wenst te ervaren.

    Zoek een stille plaats uit voor uzelf; wees graag alleen; zoek geen samenspraak met wie dan ook; maar bied God uw vurige gebeden aan om berouwvol van hart en zuiver van geweten te blijven. Beschouw de hele wereld als niets; opgaan in God gaat vóór alle uiterlijke dingen. Maar gij kunt niet in Mij opgaan en tegelijk uw genoegen zoeken in wat voorbijgaat. Gij moet u op enige afstand houden van vrienden en bekenden en uw innerlijk vrij bewaren van alle aardse troost.

    Zo bezweert de zalige apostel Petrus dat de getrouwen van Christus zich ‘als vreemdelingen en pelgrims’ in deze vergankelijke tijd zullen gedragen. Wat een groot vertrouwen voor iemand die op het punt van sterven is, dat geen gehechtheid aan wat ook hem nog vasthoudt aan de wereld. Maar inwendig zo van alles los te zijn is onbegrijpelijk voor een hart dat nog niet gezond is, en de aards gerichte mens weet van geen innerlijke vrijheid. Maar toch als hij in waarheid geestelijk wil zijn, zal hij een zeker vaarwel behoren te zeggen aan vrienden zowel als aan bloedverwanten en voor niemand meer op zijn hoede dienen te zijn dan voor zichzelf.

    Als gij uzelf volkomen overwonnen hebt, zult gij de rest gemakkelijker beheersen. De volmaakte overwinning is de triomf over het eigen ik. Want wie zichzelf tot onderwerping dwingt, zodat de zinnelijkheid aan de rede en de rede in alles aan Mij gehoorzaamt, hij is de ware beheerser van zichzelf en meester van de wereld.

    Wilt gij die hoogte bereiken, dan moet gij met mannelijke kracht beginnen en de bijl aan de wortel leggen om de ongeordende neiging tot uzelf en tot ieder persoonlijk en stoffelijk goed te vernietigen en uit te rukken.

    Uit dit gebrek: dat de mens zichzelf al te ongeregeld liefheeft, komt bijna alles voort wat tot in de wortel moet overwonnen worden. Is dit kwaad overwonnen en ten onder gebracht, dan zal er voortdurend rust en vrede zijn.

    Maar aangezien maar weinigen het opbrengen volmaakt aan zichzelf af te sterven en niet geheel buiten zichzelf treden, daarom blijven zij innerlijk verward en kunnen zij zich niet in de geest verheffen. Wie echter in vrijheid met Mij wenst om te gaan, moet alle slechte en ongeregelde genegenheid doen verdwijnen en geen enkel schepsel met een bijzondere en hevige liefde aanhangen.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VERVOLG OPENBARINGEN VAN DE H. BRIGITTA VAN ZWEDEN.

    AAN HET VOLK VAN NAPELS.

    ZEVENDE BOEK, KAP. 27.

    Aan iemand, die in aandachtige gebeden verzonken was, verscheen Jezus Christus en zeide: "Luister, aan wie het gegeven is geestelijke dingen te hooren en te zien, en geef nauwkeurig acht op wat gij horen zult en verkondig het volk uit mijn naam, dat gij de woorden niet spreekt tot uw eigen eer of om roem te verkrijgen; en gij zult ze niet verzwijgen uit wereldsche vrees voor afkeuring of smaad.

    Want deze dingen, die gij horen zult, worden u niet getoond alleen ter wille van u zelf maar ook ter wille van de gebeden mijner vrienden in deze stad Napels, die gedurende vele jaren mij met geheel hun hart baden, om mijn vijanden, die in deze zelfde stad wonen, enige genade te tonen, waardoor zij op den weg der redding terug konden komen en hun zonden en slechte gewoonten nalaten. Deze gebeden en de goede werken van die vrienden bewogen mij u deze woorden te zeggen. Hoor daarom nauwkeurig wat ik zeg.

    Ik ben de Schepper en Heer van alles, zowel die der duivelen als die aller engelen, en niemand zal mijn oordeel ontgaan. Wel heeft de duivel op drievoudige wijze tegen mij gezondigd, namelijk door overmoed, afgunst en liefde voor zijn eigen wil. Zo groot was zijn hoogmoed, dat hij de heer wilde zijn en ik hem onderdanig, en zo afgunstig was hij dat hij mij gaarne gedood zou hebben, indien het mogelijk ware geweest, opdat hij heer had kunnen zijn en op mijn troon zitten. Zijn eigen wil was hem ook zo dierbaar, dat hij mijn wil niet telde, indien hij kans zag zijn eigen wil door te zetten en te volgen. En daarom viel hij uit den hemel, en van engel werd hij tot een duivel in de diepste diepten der hel.

    En toen ik de grote boosheid en haat zag, die de duivel voor den mens koesterde, toonde ik den mens mijn wil. En ik gaf den mensen mijne geboden, opdat zij mij door het volgen mijner geboden zouden behagen en den duivel mishagen. Daarna, van wege de grote liefde, die ik voor de mensen koesterde, kwam ik op de aarde, door een maagd bebaard. En ik zelf leerde den mens met woorden en daden den waren weg tot redding. En om hem volmaakte liefde en genade te tonen, opende ik met mijn eigen bloed voor hem het hemelrijk.

    Maar wat doen nu de mensen die mijn vijanden zijn? Zij versmaden mijn geboden, werpen mij uit hun hart als het dodelijkste gif en spuwen mij uit hun mond en schuwen mij als de afschuwelijkste ziekte. Maar de duivel en zijn werken zijn zij genegen, hem leiden zij hun hart binnen en zij doen met genoegen en vreugde zijn wil en volgen de ingevingen van zijn geest. Daarom zullen zij volgens mijn rechtvaardig oordeel in de hel van den duivel vergelding zonder einde ontvangen. Voor den hoogmoed, dien zijn toonen, zullen zij eeuwig smaad en schande verkrijgen, een schande zo groot dat alle engelen en duivelen zullen zeggen dat zij geheel en al met schande bedekt zijn.

    Verder zult gij weten, dat evenals alle doodzonden de zwaarste zijn, ook de dagelijksche zonde kan overgaan in doodzonde, als de mensch er behagen in schept en er willens in volhardt. Er worden twee zonden bedreven, die ik u noem, die vele andere zonden tengevolge hebben, en alle dagelijksche zonden schijnen; maar omdat de mensen er behagen in scheppen en er bewust in volharden, gaan zij over in doodzonden. En nog vele andere zonden begaat het volk in de stad Napels, welke ik u nu niet noemen wil.

    De eerste van de twee zonden, die ik u wel wil noemen is, dat menschen die verstand hebben, hun gezicht besmeren en het met verschillende kleuren beschilderen, evenals men beelden verft, opdat zij schooner mogen schijnen dan ik hen geschapen heb.

    De tweede zonde is dat mannen en vrouwen den waren vorm van hun lichaam veranderen door de onbetamelijke kleederen, die zij dragen, en dat doen zij uit hoogmoed, opdat zij schooner zouden schijnen en verleidelijker, dan God hen schiep. Weet daarom, dat even vaak als zij hun gelaat met verf besmeren, even vaak missen zij de ingeving van den Heiligen geest, en des te meer nadert de duivel hen. En even vaak als zij zich sieren met onzedelijke en onbetamelijke kleeren en aldus hun lichaam mismaken, even vaak vermindert de fraaiheid hunner ziel en wordt de heerschappij van den duivel in hen groter.

    O! Mijne vijanden, die zonder vrees en zonder zich te schamen zulke zonden en andere zonden tegen mijn wil begaan, waarom vergeet gij mijn lijden en waarom is het uw hart onverschillig, dat ik naakt en gebonden aan het kruis stond en met harde roeden wreed geslagen werd, dat ik naakt was en aan het kruis hing, vol wonden, geheel en al bebloed? En als gij uw gelaat besmeert, waarom bedenkt gijlieden dan niet hoe mijn gelaat met bloed bedekt was? En waarom ziet gij niet hoe mijn ogen verduisterd werden door tranen en bloed en hoe mijn oogleden blauw werden?

    Waarom ziet gij niet naar mijn mond, en naar mijn oren en mijn baard, hoe die bedekt waren met bloed en geverfd door bloed en hoe mijn ledematen afgrijselijk verscheurd werden door pijn en kwelling en hoe ik blauw en bloedend aan het kruis hing ter wille van u en daar door allen beschimpt en bespot werd, opdat de herinnering daaraan u mij zou doen liefhebben, uw God, en daardoor de netten des duivels ontvlieden, waarin gij zoo vreeselijk verward zijt. Doch dit alles is vergeten door uw ogen zowel als door uwe harten. Gij doet als vrouwen, die wel lichamelijk genot verlangen, maar geen kinderen willen baren.

    Zo doet ook gij, want de genade van mij, uw God en Schepper en Verlosser, staat voor u allen open en ik klop aan uw hart, want ik heb allen lief. Maar zodra gij de geringste ingeving van den Heiligen geest in uw hart voelt, of mijne woorden hoort en een goede wil bij u opkomt, doet gij dadelijk wat gij kunt om de ingeving van den Heiligen geest te smoren, of alle berouw terug te dringen, hetzij door uwe zonden te verontschuldigen, hetzij er genot in te vinden en er op afkeurenswaardige wijze in te volharden. Zo doet gij den wil des duivels en opent gij hem uw hart. En zo sluit gij mij verachtelijk buiten, waardoor gij zonder mij zijt en ik niet met u ben. En gij zijt niet in mij maar in den duivel, want gij gehoorzaamt zijn wil en zijn ingevingen.

    Maar nu ik het vonnis heb uitgesproken, zal ik u ook mijn barmhartigheid mededeelen. Door mijn barmhartigheid wordt zelfs mijn grootsten vijand en den grootsten zondaar mijn genade niet ontzegd, indien hij met een ootmoedig en ernstig hart om barmhartigheid bidt. Daarom moeten mijn vijanden drie dingen doen, indien zij genade en barmhartigheid verkrijgen willen en mijn vriendschap, en indien zij zich met mij verzoenen willen. Ten eerste moeten zij met geheel hun hart berouw gevoelen en zich willen beteren, omdat zij zondigden tegen mij hun Schepper en Verlosser.

    Ten tweede moeten zij eerlijk, volhardend en ootmoedig hun zonden bekennen en biechten aan hun biechtvader met den wil zich te beteren en hun zonden boeten volgens den raad van hun biechtvader en volgens diens redelijk besluit. Dan zal ik hen naderen en wordt de duivel teruggedrongen. Ten derde moeten zij mijn lichaam nuttigen, als zij wat hieraan vooraf ging volvoerd hebben met godsvrucht en oprechte liefde, en den wil hebben nooit meer in zonde te vervallen, maar tot aan het eind des levens in het goede te volharden.

    En ik zal hen, die zich op deze wijze beteren, tegemoet gaan, zo als een tedere vader zijn verdwaalden zoon, en zal hen in genade met veel meer liefde aannemen en groter vreugde dan zij zich denken kunnen, of waarom zij bidden. En dan zal ik in hen zijn en zij in mij, en zullen zij eeuwig met mij leven en zich met mij verheugen.

    Maar mijn rechtvaardigheid zal komen over hen, die in zonde en boosheid volharden. En evenals de visscher, wanneer hij de vissen in het water ziet zwemmen, zijn vishaak uitwerpt, niet alle vissen tegelijk vangt maar den enen keer enige en den anderen keer andere, totdat hij ze alle heeft, zo zal ook ik doen met mijne vijanden, die in de zonden volharden, want langzamerhand zal ik hen ontrukken aan hun zondige levenswijze op aarde. En ik zal er hen aan ontrukken op een ogenblik dat zij het het minst verwachten en zij het meest genieten van dit aardse leven. En ik zal hen den eeuwigen dood inzenden, waar zij nooit mijn aanschijn, noch mijn glorie zullen zien. Want zij stelden liever hun eigen begeerten tevreden dan dat zij mijn wil en mijn geboden opvolgden."


    09-03-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.AAN ALLEN EEN GEZEGENDE WOENSDAG TOEGEWENST.

    N. ( M ).

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VERSCHIJNING AAN MIRJANA ( 2 MAART. )
     
    VERSCHIJNING  AAN  MIRJANA  ( 2  MAART. )

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.JOUW HANDEN.

    Jezus,

    Jij toonde ons Jouw handen.

    Het waren de verminkte handen

    Van Goede Vrijdag.

    Jij nam Jouw wonden

    mee in het graf en droeg

    Jouw pijn de hemel in.

    De ondergang van Goede Vrijdag

    en de kracht van Pasen

    is verenigd in Jouw lichaam.

    Laat ons nu voelen

    hoe het Licht van Pasen

    over onze donkere dagen

    mag schijnen.

    Dan zullen ook wij

    met onze pijn niet alléén staan.

    Amen.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.DE GEBODEN VAN DE KERK .

    Christus heeft aan de Kerk het recht gegeven om ons geboden op te leggen. In ons land zijn er nu nog twee verplichte zondagen. Deze extra zondagen zijn Eerste Kerstdag en Hemelvaartsdag. Op deze dagen moet je dus de Eucharistie mee vieren. Iedere katholiek is vanaf z'n zevende jaar verplicht elke zondag de Eucharistie mee te vieren. De Eucharistie volgen op de radio of teevee is niet voldoende. In de kerk hoort hij meteen 'n preek. Ook daardoor wordt hij in z'n geloof versterkt. Als je niet - of haast niet meer - naar de kerk gaat, zie je het geloof bij zulke mensen langzaam maar zeker verzwakken of zelfs verdwijnen.

    Christus heeft z'n heilswerk ook op onthechting en versterving gebouwd. Versterving wil zeggen otters brengen. De Kerk vraagt daarom ook dat we ons regelmatig versterven. Met versterving plus gebed kun je makkelijker het kwaad vermijden. Aswoensdag en Goede Vrijdag zijn vasten- en onthoudingsdagen. Vasten betekent dat je maar één maal per dag 'n volle maaltijd mag gebruiken; 's morgens en 's avonds dus minder.

    Op onthoudingsdagen mag je geen vlees eten. Op andere dagen, vooral in de Veertigdagentijd vóór Pasen kunnen we zelf onze versterving bepalen. Vooral door meer te doen voor mensen in nood.

    Het geld dat we uitsparen door soberder te leven, kunnen we goed gebruiken voor deze mensen die er vaak zo moeilijk voor zitten.

    Wie doodzonde gedaan heeft, moet dat minstens eenmaal per jaar bij 'n priester biechten.

    'n Katholiek moet minstens met Pasen te communie gaan.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.‘Het Derde Testament’

    Gaat over de roeping van Samuel. Ook in die dagen was de rol

    van God in het dagelijks leven nauwelijks merkbaar, zoals in de aanhef van de

    tekst wordt vermeld.

    De jonge Samuel diende in het heiligdom van JHWH

    onder toezicht van (de priester) Eli.

    In die dagen was het woord van JHWH schaars.

    Visioenen waren zeldzaam.

    Het geschiedde:

    op zekere dag had Eli zich te slapen gelegd

    op zijn gewone plaats.

    Zijn ogen waren zwak geworden en hij kon niet meer zien.

    De lamp van God was nog niet gedoofd

    En Samuel lag te slapen in het heiligdom van JHWH,

    waar de ark van God stond.

    Toen riep JHWH: "Samuel."

    Hij antwoordde: "Hier ben ik."

    Hij liep haastig naar Eli en zei:

    "Hier ben ik, want u hebt mij geroepen."

    Maar Eli antwoordde: "Ik heb niet geroepen;

    ga maar weer slapen."


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Lezing uit de profeet Joël.

    Hoor, de stem van God klinkt:

    "Keer tot Mij terug met heel je hart,

    in vasten, in wenen, in rouwklacht."

    Scheur niet je kleren, scheur je hart,

    en bekeer je tot de Heer jullie God.

    Want Hij is genadig en barmhartig,

    lankmoedig en vol liefde,

    berouw hebbend over het kwaad.

    Wie weet keert Hij zich dan weer tot ons,

    en schenkt Hij ons opnieuw zijn zegen,

    zodat wij weer naar de tempel kunnen gaan,

    met spijsoffers voor de Heer onze God.

    Blaas de bazuin op de Sion,

    nee, niet om ten strijde te trekken,

    maar om boete te doen.

    Roep een vasten uit,

    laat heel het volk samenkomen,

    de ouderen zowel als de kinderen en de zuigelingen.

    Laten ook de bruid en de bruidegom uit hun bruidsvertrek treden,

    laten de priesters zich in processie naar het altaar begeven,

    en wenend voorgaan in gebed:

    "Spaar, Heer, uw volk, geef uw erfdeel niet prijs aan de smaad,

    zodat geen heiden kan spotten: 'Waar is jullie God?'

    Uw naam staat op het spel!"

    Toen kreeg de Heer medelijden met zijn land,

    de Eeuwige ontfermde zich over zijn volk.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Mt 6,1-7.

    Jezus zei: Let erop dat je er niet bij iedereen mee te koop loopt,

    als je iets goeds doet.

    Anders heeft het in de ogen van uw hemelse Vader geen waarde.

    Wanneer je iemand helpt, doe het dan zonder ophef.

    Dat doen alleen diegenen die indruk willen maken

    en die op straat door de anderen

    met de nodige hoogachting willen aangekeken worden.

    Maar je moet zo helpen,

    dat je niet met je linkerhand natelt

    wat je rechterhand uitgeeft.

    Zo moet het ook zijn als je bidt.

    Doe het niet als de schijnheiligen,

    die bidden om bij de mensen op te vallen

    en indruk te maken.

    Maar als je bidt, ga dan je kamer binnen,

    sluit de deur en spreek in stilte tot je Vader.

    Hij ziet wat in het verborgene gebeurt.

    Bid niet gedachteloos, als leeghoofden,

    die menen dat zij verhoord worden

    omdat ze zoveel schone woorden gebruiken.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.ALMACHTIGE,EEUWIGE GOD.

    ALMACHTIGE,EEUWIGE GOD,SPAAR DE BOETVAARDIGEN,WEES GENADIG VOOR HEN,DIE TOT U SMEKEN.

    EN GEWAARDIG U,UW HEILIGE ENGEL,VAN DE HEMEL TE ZENDEN.

    OM DEZE AS TE ZEGENEN EN TE HEILIGEN,OP DAT ZIJ EEN HEILZAAM GENEES MIDDEL VOOR ALLEN WORDE DIE UW NAAM NEDERIG AANROEPEN,

    ZICH OPRECHT AAN HUN ZONDEN SCHULDIG BEKENNEN,

    VOOR UW GODELIJKE GOEDERTIEREND HEID,HUN MISSLAGEN BEWENEN,

    OF UW MILDDADIGE GOEDHEID,NEDERIG EN DRINGEND AFSMEKEN;

    EN BEWERK DOOR DE AANROEPING VAN UW HEILIGE NAAM;

    DAT DEGENEN,DIE MET DEZE AS BESTROOIT WORDEN TOT UITBOETING VAN HUN ZONDEN,

    GEZONDHEID VOOR HET LICHAAM,EN BESCHERMING VOOR DE ZIEL MOGE VERWERFEN.

    DOOR CHRISTUS ONZE HEER,AMEN


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.GOD,GIJ LAAT U BEWEGEN DOOR VERNEDERING.

    GOD,GIJ LAAT U BEWEGEN DOOR VERNEDERING,EN VERZOENEN

    DOOR BOETVAARDIG HEID.

    NEIG VOL LIEFDE UW OOR NAAR ONZE GEBEDEN,EN STORT OVER DE HOOFDEN VAN UW DIENAREN,

    DIE MET DEZE AS BESTROOIT ZIJN,GOEDGUNSTIG DE GENADE VAN UW ZEGEN UIT,OPDAT GIJ HEN VERVULD MET DE GEEST VAN ROUW

    MOEDIGHEID EN INDERDAAD GEEFT WAT ZIJ RECHT MATIG VRAGEN,

    EN MOGE DAT GENE DAT GIJ HEB GEGEVEN.

    VOOR ALTIJD BEVESTIGD,EN ONGESCHONDEN BLIJFEN

    DOOR CHRISTUS ONZE HEER,AMEN


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.BOETEVAARDIGHEID.

    GOD,GIJ WILT NIET DE DOOD VAN DE ZONDAARS,MAAR HUN

    BOETEVAARDIGHEID.

    GEEF GOEDGUNSTIG ACHT OP DE BROOSHEID VAN ONZE MENSELIJKE NATUUR.

    EN GEWAARDIG U OVEREENKOMSTIG,UW GOEDHEID,DEZE AS TE

    ZEGENEN,

    DIE WIJ OVER ONZE HOOFDEN WILLEN STROOIEN,ALS TEKEN VAN VERNEDERING,OM VERGIFFENIS TE VERKRIJGEN.

    OPDAT WIJ,DIE ERKENEN DAT WIJ STOF ZIJN,EN ALS STRAF VOOR ONZE BOOSHEID TOT STOF ZULLEN WEDER KEREN,

    VERGIFFENIS VAN ALLE ZONDEN,EN HET LOON DAT DE BOETE VAARDIGE BELOOFT IS,

    DOOR UW BARMHARTIG HEID MOGEN VERWERFEN.

    DOOR CHRISTUS ONZE HEER ,AMEN


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.God.

    God, daarom bidden wij Jou, rond deze as

    die ons herinnert aan onze broosheid en onze vergankelijkheid.

    Alles is voorbijgaand,

    ook ons leven en al wat we daarin bereiken,

    want ons leven is aan tijd gemeten.

    Jij alleen bent de Eeuwige.

    Leer ons daarom om onze verlangens

    te herschikken in het zicht van die eeuwigheid;

    om grenzen van onszelf en van elkaar te aanvaarden;

    om bijzaak van hoofdzaak te onderscheiden.

    Blijf bij, corrigeer ons en sterk ons in de komende 40 dagen,

    zodat wij nieuwe mensen worden,

    verrassend dicht bij Jouw droom van deze wereld. Amen


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Gebed voor Aswoensdag.

    Van stof en as zijn we.

    We zullen wegwaaien,

    verstuiven naar de vier windstreken,

    van stof en as zijn we.

    Klein en nietig, niemendalle.

    Vergaan zullen we

    terugkeren tot de aarde

    waaruit we zien gemaakt.

    Maar van uw adem zijn we, God,

    Gij hebt uw levensadem in de klei geblazen

    die ge als een pottenbakker

    tot ons, tot uw beeld hebt gekneed.

    Tot uw adem, tot uw hart

    en scheppende God keren wil terug:

    dat is onze hoop.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen."Het Teken van de Mensenzoon " (Schriften van Madeleine)

    ZEVENDE VERSCHIJNING.

    Woensdagavond, 27 december 1972 om 19.00 uur

    Madeleine verlaat samen met de pastoor de sacristie van de parochiekerk en ziet nu het Lichtende Kruis verschijnen, veel kleiner, en het lijkt wel hoger aan de hemel te staan.

    Enige seconden later vormt zich aan de voet ervan een ovale wolk, daarna verdwijnt plotseling het Kruis en op de wolk zet zich een menselijke gedaante neer :

    "Nog nooit heb ik zoiets moois gezien. Zijn hoofd was voorover gebogen en zijn handen naar mij uitgestrekt als om mij te begroeten".

    Zij hoort :

    "Vreest niet, Ik ben Jezus van Nazareth, de verrezen Mensenzoon..."

    "Weest zo goed dit te herhalen : "O sorte nupta prospera Magdalena ! Annuntiate virtutes Ejus qui vos de tenebris vocavit in admirabile Lumen suum."

    Vertaling uit het Latijn : "Oh Madeleine, welk een gunstig lot heeft u tot bruid gemaakt ! Verkondigt de deugden van Hem die u geroepen heeft vanuit de duisternis tot zijn wonderbaar Licht."

    En Madeleine schrijft :

    "Ik heb deze schone pracht nog even mogen bewonderen en toen was alles ineens verdwenen."

    Verder : "Vurig heb ik begeerd dat de tijd stil zou staan... dan zou ik niet de enige zijn geweest om Jezus te zien, die avond van de 27e december, dan zou de hele mensheid die Schoonheid hebben kunnen bewonderen... allen zouden hetzelfde verlangen als ik hebben gekend : Hem voor altijd te aanschouwen in alle eeuwigheid...

    Zijn ogen zijn vol liefde, allervriendelijkst en vol droefheid tegelijk, en zijn stem is van een weergaloze mildheid... En op zekere dag, lang niet ver weg, zal iedereen Hem zien, komende op een wolk, en op die Dag zal het aanschijn van de aarde in een schitterend licht zijn gedompeld. Nu is de tijd om het hoofd omhoog te heffen, u kunt nog gered worden... Wij zijn allen een enige geest in God. Jezus die zich verwaardigd heeft mij te bezoeken... Hij is evengoed aanwezig bij u, maar ons lichaam werkt belemmerend ten aanzien van Hem en belet het geestelijke te zien..."

    Opmerking :

    Madeleine had zojuist de kerk voor een huwelijk met bloemen versierd, een taak die haar door de afwezigheid van de zusters was toevertrouwd, en wat al die avond tevoren gereed had moeten zijn. Maar toen had de eerwaarde l’Horset geen tijd weten te vinden om haar aan te geven waar zich de bloempotten en nodige versiersels bevonden.


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.DE INNERLIJKE VERTROOSTING.

    De mens behoort zich geen troost

    maar eerder straf waardig te achten

    Heer, ik ben uw troost niet waard en ook niet een of ander geestelijk bezoek; daarom handelt Gij rechtvaardig met mij, wanneer Gij mij hulpeloos en eenzaam achterlaat. Want al kon ik een zee van tranen storten, dan nog zou ik uw vertroosting niet verdienen. Ik verdien immers niets dan gegeseld en gestraft te worden, want zwaar en dikwijls heb ik U beledigd en in vele dingen zeer misdaan. Want uw kruisiging is ook mijn schuld; niet alleen de Joden van toen, die U niet erkennen wilden als de Messias.

    Daarom, volgens een zuivere balans afgewogen, ben ik zelfs de minste gunst niet waardig. Maar Gij, genadige en barmhartige God, die niet wilt dat uw werken vergaan, opdat Gij de rijkdom van uw barmhartigheid zoudt laten zien in hen die volstrekt openstaan voor die barmhartigheid, Gij zijt wel zo goed dat Gij uw dienaar boven al zijn verdiensten uit wilt troosten op een meer dan menselijke wijze.

    Want uw vertroostingen zijn niet als het meepraten van de mensen.

    Wat heb ik gedaan, Heer, dat Gij vanuit de hemel mij enige troost zoudt brengen? Ik herinner mij niet iets goeds te hebben gedaan; integendeel: altijd tot het verkeerde geneigd, was ik traag om mij te verbeteren. Het is waar en ik kan het niet ontkennen. Als ik anders zou zeggen, zoudt Gij tegenover mij staan en niemand zou er zijn die mij kon verdedigen.

    Wat heb ik verdiend voor mijn zonden, tenzij de hel en het eeuwig vuur? Ik belijd in waarheid dat ik alle verguizing en verachting waard ben, en ik mag niet onder uw vrome dienaars worden gerekend. En al hoor ik het niet graag, toch zal ik tegen mijzelf mij volgens waarheid van mijn zonden beschuldigen, opdat ik gemakkelijker uw barmhartigheid mag vinden.

    Wat zal ik zeggen, ik schuldige die vol schaamte ben? Ik zie geen kans iets anders te zeggen dan dit ene: ik heb gezondigd, Heer, ik heb gezondigd, ontferm U over mij, wil het mij vergeven. Gun mij nog een ogenblik dat ik mijn ellende beween, vóór ik naar het duistere land vertrek dat met de schaduw van de dood bedekt is.

    Wat vraagt Gij het meest van een schuldige, ongelukkige zondaar dan dat hij diep berouw heeft en zich om zijn wandaden vernedert?

    Uit waarachtig berouw en innerlijke vernedering wordt de hoop op vergeving geboren, wordt het verontruste geweten gekalmeerd, wordt de verloren genade terug gegeven, de mens tegen de komende toorn beschermd en ontmoeten elkaar in heilige omhelzing God en de rouwmoedige ziel.

    Het nederig berouw over de zonden, Heer, is voor U een aangenaam offer: het is geuriger voor uw aangezicht dan brandende wierook. Het is ook de kostbare nardus die Gij gewild hebt dat over uw voeten werd uitgestort, want nooit, Heer, hebt Gij een berouwvol en vernederd mens afgewezen. Daar is het toevluchtsoord voor de woede van de vijand, daar wordt hersteld en weer gereinigd wat elders aan onreinheid was opgelopen.

     


    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VERVOLG OPENBARINGEN VAN DE H. BRIGITTA VAN ZWEDEN.

    AAN HET ROOMSE EN GRIEKSE VOLK VAN CYPRUS.

    ZEVENDE BOEK, KAP. 19.

    Iemand, die in gebeden verzonken was, werd verrukt in den geest en zag een paleis van onmetelijke grootte en onuitsprekelijke schoonheid. En daar zag zij Christus als den hoogsten Keizer onder zijn Heiligen zitten, op den hoogsten, keizerlijken troon. En Hij opende Zijn gezegenden mond en uitte de volgende woorden, die hier aldus zijn neergeschreven: "Ik ben, voorwaar, de hoogste liefde, want alles wat ik gedaan heb sinds het begin, deed ik uit liefde, en eveneens komt alles wat ik doe en steeds doen zal, voort uit mijn liefde.

    Want de liefde is nu even onbegripelijk in mij als gedurend den tijd van mijn lijden, toen ik door mijn dood al mijn uitverkorenen van de hel redde, die deze verlossing en redding waardig werden. Want indien het mogelijk was, dat ik evenveel malen sterven kon, als er zielen in de hel zijn, zodat ik opnieuw den dood zou lijden voor een ieder van hen afzonderlijk, zooals ik dien leed voor allen, zou mijn lichaam bereid zijn dit alles uit te staan met blijden moed en de volmaaktste liefde. Maar het is onmogelijk, dat mijn lichaam wederom zou kunnen sterven of lijden.

    En even onmogelijk is het, dat een ziel, die na de dood naar de hel veroordeeld wordt, ooit daar uit gered zal worden of de vreugde des hemelrijks genieten, die mijn Heiligen en uitverkorenen genieten doordat zij in eeuwige zaligheid Gods aanzijn beschouwen, maar de verdoemde zielen zullen in eeuwigen dood de pijnen der hel lijden, omdat zij mijn lijden en mijn dood niet wilden annemen en mijn wil niet opvolgen, terwijl zij op aarde leefden. En daar ik alleen de rechter ben over de beleedigingen en de ondankbaarheid die mij aangedaan wordt en mijn liefde, die ik den menschen altijd bewijs, de zondaars voor mijn rechterstoel aanklaagt, heeft de rechtvaardigheid het recht de zondaars volgens mijn wil te vonnissen.

    Nu dien ik een klacht in tegen de inwoners van het rijk Cyprus, een klacht tegen één enkel mens. Ik klaag niet mijn vrienden aan, die mij liefhebben met geheel hun hart en in alles mijn wil doen. Maar ik klaag allen aan als één mens, die mij versmaadt en altijd weerstand biedt aan mijn wil en hardnekkig tegen mij opstaat. En daarom zal ik nu tot hen spreken als tot één mens: "O, volk van Cyprus, dat weerspannig tegen mij is, luister en geef nauwkeurig acht op wat ik zeg. Ik had u lief, zooals een vader zijn eenigen zoon liefheeft, dien hij wil verheffen tot alle eer. Ik gunde u een land waar in overdaad alles te vinden is wat noodig is tot onderhoud van uw lichaam.

    Ik zond u de warmte en het licht van mijn Heiligen geest, opdat gij het waar christelijk geloof begrijpen zoudt, waartoe gij u even getrouw verplichtte als gij u ootmoedig onderwierpt aan de gehoorzaamheid en bevelen der Heilige Kerk. Ik zette en stelde u ook op een plaats, die zeer geschikt was voor een trouw dienaar, namelijk onder mijn vijanden, opdat uw kroon in het hemelrijk des te kostbaarder wezen zou als loon voor uw werk op aarde en den strijd van uw lichaam. Ik droeg u ook lang in mijn hart, waarmee ik bedoel dat ik u lief had, en ik beschermde u als mijn oogappel in alle droefheid en tegenspoed.

    En zo lang gij mijn geboden navolgde en getrouw de gehoorzaamheid en de geboden der Heilige Kerk in acht naamt, kwamen voorzeker ontelbare zielen van het rijk Cyprus naar mijn hemelrijk om met mij de eeuwige glorie te genieten. Maar daar gij nu uw eigen wil volgt en doet al wat uw hart verheugt en mij, uw rechter, niet vreest, en mij, uw schepper, niet liefhebt, die u verloste door den bittersten dood, maar mij uitspuwde als iets wat slecht riekt en slecht smaakt en de duivel te zamen met uw ziel opsluit in uw hart, en mij daar uitwerpt als een dief, of een rover en u niet schaamt in mijn aanschijn te zondigen, daarom is het rechtvaardig en uw welverdiend loon dat gij niet in den hemel zult komen. Van al mijn vrienden verwijderd komt gij voor eeuwig in de hel, onder mijn vijanden.

    En een ding zeg ik u, waaraan niet te twijfelen valt, dat mijn Vader, die in mij is en ik in Hem en de Heilige geest in ons beiden, mijn getuige is dat nooit anders dan waarheid uit mijn mond kwam. Weet ook dat de ziel van een ieder, die is als gij nu zijt en die zich niet beteren wil, dezelfden weg gaat, dien Lucifer is opgegaan door zijn hoogmoed en Judas, die mij uit geldzucht verkocht, en Zambri, dien Phineës vermoordde, van wege zijn losbandigheid. Hij zondigde tegen mijn gebod, en daarom werd zijn ziel tot de hel verdoemd.

    En daarom verkondig ik het volk van Cyprus, dat indien gij u niet bekeert, uw geslacht en uwe nakomelingen in het rijk Cyprus zullen uitsterven en dat ik rijken noch armen sparen zal. Uw geslacht zal in korten tijd door de mensen vergeten zijn, alsof gij nooit geboren waart. Daarom behaagt het mij in dit rijk van Cyprus nieuwe loten te planten, die mijn geboden zullen opvolgen en mij beminnen met geheel het hart. Maar weet dat een ieder die zich wil beteren en met ootmoed naar mij terug wil keeren, dien zal ik met vreugde te gemoet ijlen als een tedere schaapherder en hem op mijn schouders zelf naar mijn schapen terugbrengen.

    Maar door mijn schouders versta ik, dat een ieder die zich geheel betert, door de verdiensten van het lijden dat mijn lichaam en mijne schouders doorstond, en door mijn dood de eeuwige vreugde in het hemelrijk zal deelachtig worden. Weet ook dat mijn vijanden, die in genoemd rijk wonen, het niet waard zijn dat zulk een goddelijke openbaring en waarschuwing hun door mij wordt toegezonden. Maar enkelen mijner vrienden, in hetzelfde rijk, die mij trouw dienen en liefhebben met geheel hun hart, bewogen mij er toe, door hun werk en door hun gebeden onder tranen, u door de woorden van deze openbaring het zwaar en droef gevaar van uw ziel te doen verstaan. Want enkelen mijner vrienden was het geopenbaard, dat ontelbare zielen in Cyprus buiten de eer van het hemelrijk gesloten zouden worden en eeuwig verdoemd waren tot de dood in de hel.

    Maar bovenstaande woorden spreek ik tot de christenen, die de latijnsche taal spreken, en onderworpen zijn aan de gehoorzaamheid van de roomsche Kerk en in den doop mij waar christelijk geloof beloofden, doch mij geheel verlieten en dingen deden die mij onaangenaam zijn. Maar de Grieken, die weten, dat het allen christenen betaamt een christelijk geloof te belijden en alleen éen Kerk te gehoorzamen, de roomse en in de wereld één enkel persoon boven allen te erkennen, den paus, als geestelijk vader en herder, maar die zich niet ootmoedig willen onderwerpen aan die roomse Kerk en mijn dienaar den paus, uit hoogmoed, geldzucht of andere redenen zijn mijn genade en barmhartigheid bij hun dood onwaardig.

    Maar andere Grieken, die innig verlangen om het geloof van de Roomsche Kerk grondig te leeren kennen, maar er geen gelegenheid toe hadden en het toch volgaarne aannamen, en zich ootmoedig onderworpen aan haar gebod en ondertusschen volgens hun beste weten leven in het ambt dat zij bekleeden en het geloof, dat zij hebben, en niet zondigen, zullen na hun dood, als zij voor mijn oordeel geroepen worden, barmhartigheid ondervinden. De Grieken moeten ook weten, dat hun rijk en hun domein nooit zeker of veilig zal zijn. Dat zij nooit in waren vrede zullen leven maar altjid onderdrukt zullen worden door hun vijanden, die hun de grootste en droefste ellende zullen aandoen, totdat zij zich aan de Roomse Kerk onderwerpen en met waren ootmoed die Kerk en haar heilige geboden en gebruiken volkomen gehoorzamen."

    En nadat de H. Birgitta in den geest deze dingen gezien en gehoord had, verdween dit visioen en verkeerde zij in grote vrees en was zeer verbaasd.




    Foto

    Getuigenissen van de jongeren van Cenacolo
  • Deel 1
  • Deel 2
  • Deel 3
  • Deel 4
  • Deel 5
  • Deel 6
  • Deel 7

  • Foto

    Foto

    Foto

    Godelieve heeft voor mij
    deze prachtige pps gemaakt
    waarvoor mijn dank





    Foto

    Schrijft u wat in mijn gastenboek
    klik dan op het boek boven




    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Klik op het plaatje en krijg een prachtige rondleiding door het Vaticaan
    Ieder nummertje is weer iets moois
    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Image and video hosting by TinyPic
    Image and video hosting by TinyPic
    Image and video hosting by TinyPic
    Foto

    Een interessant adres?


    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!