1.
Uit die blou van onse hemel,
uit die diepte van ons see,
Oor ons ewige gebergtes
waar die kranse antwoord gee.
Deur ons ver-verlate vlaktes
met die kreun van ossewa
Ruis die stem van ons geliefde,
van ons land Suid-Afrika.
Ons sal antwoord op jou roepstem,
ons sal offer wat jy vra:
Ons sal lewe, ons sal sterwe -
ons vir jou, Suid-Afrika.
2.
In die merg van ons gebeente,
in ons hart en siel en gees,
In ons roem op ons verlede,
in ons hoop of wat sal wees,
In ons wil en werk en wandel,
van ons wieg tot aan ons graf
Deel geen ander land ons liefde,
trek geen ander trou ons af.
Vaderland! ons sal die adel
van jou naam met ere dra:
Waar en trou as Afrikaners -
kinders van Suid-Afrika.
3.
In die songloed van ons somer,
in ons winternag se kou,
In die lente van ons liefde,
in die lanfer van ons rou,
By die klink van huweliksklokkies,
by die kluitklap op die kis
Streel jou stem ons nooit verniet nie,
weet jy waar jou kinders is.
Op jou roep sê ons nooit nee nie,
sê ons altyd, altyd ja:
Om te lewe, om te sterwe -
ja, ons kom Suid-Afrika.
4.
Op U Almag vas vertrouend
het ons vadere gebou:
Skenk ook ons die krag, o Here!
om te handhaaf en te hou
Dat die erwe van ons vad're
vir ons kinders erwe bly:
Knegte van die Allerhoogste,
teen die hele wêreld vry.
Soos ons vadere vertrou het,
leer ook ons vertrou, o Heer
Met ons land en met ons nasie
sal dit wel wees, God regeer.
11-11-2010, 15:41 geschreven door Johan
TRANSVAALSE VOLKSLIED
Cath. F. van Rees, 1875
1. Kent gij dat volk vol heldenmoed
En toch zo lang geknecht?
Het heeft geofferd goed en bloed
Voor vrijheid en voor recht.
Komt, burgers! laat de vlaggen wapp'ren,
Ons lijden is voorbij;
Roemt in de zege onzer dapp'ren:
Dat vrije volk zijn wij!
Dat vrije volk,
Dat vrije volk,
Dat vrije, vrije volk zijn wij!
2. Kent gij dat land, zo schaars bezocht
En toch zo heerlijk schoon;
Waar de natuur haar wond'ren wrocht,
En kwistig stelt ten toon?
Transvalers! laat ons feestlied schallen!
Daar waar ons volk hield stand,
Waar onze vreugdeschoten knallen,
Daar is ons vaderland!
Dat heerlijk land,
Dat heerlijk land,
Dat is, dat is ons vaderland!
3. Kent gij de Staat, nog maar een kind
In's werelds Staten rij,
Maar toch door't machtig Brits bewind
Weleer verklaard voor vrij?
Transvalers! edel was uw streven,
En pijnlijk onze smaad,
Maar God de uitkomst heeft gegeven,
Zij lof voor d'eigen Staat!
Looft onze God!
Looft onze God!
Looft onze God voor land en Staat!
11-11-2010, 15:38 geschreven door Johan
VRYSTAATSE VOLKSLIED
H. A. L. Hamelberg
1. Heft, Burgers, 't lied der vrijheid aan
En zingt ons eigen volksbestaan!
Van vreemde banden vrij,
Bekleedt ons klein gemenebest,
Op orde, wet en recht gevest,
|: Rang in der Staten rij. :|
2. Al heeft ons land een klein begin,
Wij gaan met moed de toekomst in,
Het oog op God gericht,
Die niet beschaamt wie op Hem bouwt,
Op Hem als op een burcht vertrouwt,
|: Die voor geen stormen zwicht. :|
3. Zie in gena' en liefde neer
Op onze President, o Heer!
Wees Gij zijn toeverlaat!
De taak, die op zijn schouders rust,
Vervulle hij met trouw en lust
|: Tot heil van volk en staat! :|
4. Bescherm, o God, de Raad van't land,
Geleid hem aan Uw vaderhand,
Verlicht hem van omhoog,
Opdat zijn werk geheiligd zij
En vaderland en burgerij
|: Ten zegen strekken moog'! :|
5. Heil, driewerf heil de dierb're Staat,
het Volk, de President, de Raad!
Ja, bloei' naar ons gezang
De Vrijstaat en zijn burgerij,
In deugden groot, van smetten vrij,
|: Nog tal van eeuwen lang! :|