Gestolen fototoestel, gevonden glimlach geklikt met flashlicht. Opgehoopte bloeduitstorting tot buil gedoopt. Verdwenen zwelling, kanker in groei. Bereikte grens, ten onder gaan de moed. Gekochte steun, niets waard en zonder garantie.
Verslaagde weemoed onder doods-efocentrisch woord geboortes. Pinkwijzend wordt de wijsvinger gevolgd. Weggesmeten boomerang, zoenloos van piepende ademhaling. Toekomstgericht verleden opgeklopte uitspraak, leugens van jou naar mij. Je hoeft je niet te houden aan de ingestampte leerstof der gedragingen naar leed toe. Vertel me voor eenmaal, de gedachtengang der jouwe individualiteit.
In een winterjas gehuld besef ik mijn verdriet. Mijn verdriet, reeds jaren de bloedproef der vriendschap doorstaan. Telkens je denkt te hebben gevonden wat je niet zocht besef je des te harder dat je verloren hebt waar je daadwerkelijk naar op zoek was. Ik voel me de schooier die de goten stuk per stuk afloopt in zijn zoektocht naar een sigarettenpeuk, terwijl een gesloten pak Marlborlo in zijn rechterzak zijn blinde darm van de koude beschermt. Ik heb wat ik hebben moet om mijn levendig bestaan zonder weemoed te doorkruisen. In erge nood heb ik een vriend voor elke hand als lichamelijke omarming waar de troost naar het hart toe vertrekt. Ik voel me eenzaam daar op mijn wandelweg doorheen mijn hersenkronkels. Kalverliefde eeuwig onbeantwoordt wanneer een prachtige woordspeling mijn buikorganen prikkeling geeft. Zinsconstructies met als resultaat orgasmes, enkel beseffend op latere leeftijd. Als vijand loopt de gedachte der alleenheid aan luchtsnelheid door mijn gedachtengangen heen, in een uitgebreide vriendenkring door de eenzaamheid bevangen worden. Nergens is mijn thuis gebouwd, vervallen krakerswoningen aan elke ademnood gevonden. Bij teruggevonden hartslag de thuis niet langer mijn thuis. Nooit zal ik mijn geluk beseffen want "mijn" geluk kende nooit zijn geboorte, de morning afterpil was het voor. Een verloren visie voor de levensweg der 80th's, te hard gehecht aan Gerswin en Chopin. Het sperma hield mij te lang in het "visleven" vooraleer ik de baarmoederhals mocht beklimmen. Niemand kan de wreedheid waarmee ik dit leven leidt vernietigen, wijn wreedheid, onbekend voor elkeen.
(11/04/01 , na dit opstel te hebben voorgelezen, opnieuw straf?!)
De loopsheid van de verlorenheid in het gevonden cirkelvierkant werd besmeurd door de bebloeding aangevraagd bij de menstruatiecyclus waar de onbevlekte bevangenis de traan de vrije loop gaf.
Ooit op een dag zal ooit op een dag de dag zijn dat ooit de "n" zal huwen, pas dan zal mijn ooit de waarheid worden.
Voordracht van versleten tijden is de beste maquillage der toekomstgerichte leven. Enkel blijft me onbekend, de bekendheid van het onbekende die me bewees dat het bekende me eeuwig onbekend zal blijven.
Ze zullen lijden onder mijn leiden! Men heeft de angst in het bloed, verdediging door lafheid is hun enige redding. Zij denken te hebben gewonnen, het sprekende recht te kunnen vernietigen. Maar beste, je ontvangt in 't kort een tekst. Jullie gingen te ver, het optimisme vermoorden uit angst het pessimisme te verliezen. Godverdomme, haar kapot is mij verkiezen als vijand. Ze was er, zelfs het afscheid wordt haar ontnomen. Lafaards, ik vernietig jullie!
Mijn gedicht is niet ik Het is mij Niet jij of ik Maar mij Het is mij zoals het papier mij kent De pen die gewillig mijn woorden vormt Mijn gedicht is mijn ziel die het uitschreeuwt in woorden Maar o zo stil als de nacht Mijn gedicht is mijn beste vriend Het weet alles van mij en ik weet alles van het.
De metronoom van de dood spookt door mijn hoofd zoals een idioom die mijn zoete woorden vermoordt. Ignocererend leef ik mijn leven spelend met de verlossing en zie de dood als een idylle.
Ik, de arrogante zelve, ben student. Een student om U tegen te zeggen. Ik, vriend van de gierigheid, vijand van de onzekerheid ontmoette haar, Isabella, ergens halverwege 1999. Was het haar introversie die mijn onzekerheid omarmde en afwachtte? Isabella, mijn dirrigente voor de wals op de rand van afgrond. Oogverblindend mooi zoals ze was, vergat ze haar alter-ego te laten leven. Schoonheid was haar alles Ik vroeg mezelf steeds waarom is Gaultier zoveel meer? 't Was mijn "ik" die haar hart stal met mijn "mij" vermomd achter Gaultier. Ik hield me groot tot op die dag, die dag aan het kerkhof. Isabella deed de doden reizen op hun laatste reis. Ook Gaultier stond erbij. Gaultier, het perfecte dode, hij die de schuld perfect verpakte in de onschuld. Ik voelde de haat langzaam de onzekerheid doden. Het bloed smaakte me, door het krijsen kwam ik klaar. Vanaf dan werd het kerkhof mijn genot. Daar ligt hij nu, Gaultier, niet Armani en zomeer. Nu is hij een "echte" Strattier zoals hij ooit geboren en getogen was, getint met het perfecte kleur van Gaultier.
Bedankt, klerenhater. Je bent wel te laat want ik ben reeds al begonnen aan mijn laatste dans met m'n Calvin Klein, de ideale partner, voor eenieder die er niet mag zijn.
't is niet zo lang geleden en toch lijkt het al eeuwen achter mij te liggen. Die dag, dat moment, we waren duivels en voelden ons goden in den hoge. Dat zalig geluid, dat stootje in mijn buik vergeet ik nooit. De angst gesnapt te worden verloor zijn doel bij elke aanraking. We zouden het doen, nu, nu, hier zouden we nu groot worden. Geen enkele beweging was ons nog geheim, enkel en alleen de daad telde. Ik zet me er bovenop, giechel zenuwachtig, volg het ritme van het gekraak. "Egoïst", mompel ik. Rillingen overmeesteren me. Ik vraag me af: doe ik het nu in mijn broek? "Ik, ik, ik doe het!" schreeuw ik hees fluisterend. Ik geef een stoot met mijn voet, draai mijn hand op en neer. Het geluid is er weer, harder en hoger. Ik licht mijn voeten van de grond, knijp mijn dijen dicht. Ik voel de rillingen, de schokken golven door- heen mijn lijf. Ik geef mijn hand de vrije loop. "Je doet het," hoor ik verdwijnen in het niets. "De max! Ik rijd op een brommer!" fluister ik schreeuwerig tot mezelf.
De kanker van het cynisme sluipt het lichaam binnen, de glimlach masturbeert zichzelf tot grijze gelaatsuitdrukkingen. De dagen worden enkel nog geleefd in negligé, de dood verleidend. De eenzaamheid toont zen ware gelaat, de troost is dakloos want elke "..." werd verbouwd tot een theater. Kanker, je huwde mijn moeder, zaaide je erfelijkheid door haar lichaam heen. De hemel opende haar deuren voor de perfecte huwelijksreis. Starend naar de hemel verliest de pijn zijn kracht, want ik zie je glimlach gesigneerd in de nacht.
Vreemdeling van men hand de storm der drachtigheid doorstaan. Aanvallen van euforie achterhaalt bij Gods gebeden. Kapotgeslagen gebit door het vergif der leven verzuurd. Naturist in gedachten over de lelijkheid van het mooie. Ik heb een vin, vis-vin-. Wroeging wroetend zoals een hond zijn geslachtsorgaan van de vuilheid ontdoet. Gekraakte nagels vasthangend in de vetheid van sinds weken ongewassen haar. Om men rug aanstaar ik de lafheid van het hemels bestaan.
bedoeling was een koppel bij elkaar te houden......
De aanval wordt afgevuurd terwijl de verdediging zich nog niet eens ontblootte. Vergeving is geen ziekte of vergif, vriendschap is de waarheid in conversatie. Jullie missen elkaar, geef elkaar opnieuw de hand. Vervanging bestaat niet, enkel slachtoffer "in use".