30/03
Lekker lang genoten van een duur luxekamer, maar om half zeven kan ik niet meer blijven liggen. Na een erg uitgebreid ontbijt (want het wordt weer een moeilijke dag wat het eten betreft) wordt ik naar de luchthaven gevoerd. Met dezelfde shuttle waarmee de piloten naar hun werk worden gebracht. Want dat is me intussen duidelijk: piloten slapen in luxe hotels.
Om 14 uur land ik eindelijk op de luchthaven van Leticia. In alle reisgidsen staat dat het niet evident is om hier te raken. Ze hebben gelijk. Eigenlijk ben ik onderweg van gisterenmorgen 4uur, met alle vereiste documenten en reservaties op zak. Maar zoals meestal: de volhouder wint! Tijdens de landing meldt de piloot dat het daar een gezellige 35 graden is en dat het lichtjes regent. In de luchthaven word ik tegen gehouden omdat ik geen invoerrecht heb betaald. Blijkbaar is Letiticia zo ver weg van Bogotá dat zij zelf belastingen en invoerrechten vast leggen en heffen. Met 20.000 pesos (iets minder dan 7 euro) is dat ook weeral opgelost. Ik kom buiten en er is een wolkbreuk bezig. Het water stroomt bij beken uit de lucht. Warm water! In mijn hotel word ik verwelkomd met een nieuwe jugo. Ditmaal van arazá. Nog nooit van gehoord. Ik kan de vrucht dan ook nog niet beschrijven. Maar de smaak is heel fijn en geraffineerd. Ik krijg een kamer met een kingsize bed en tegelijk wordt er al gevraagd of ik zin heb in Peruaanse ceviche. Ik zeg niet neen. En tien minuten later tuf ik met een tuktuk 5 cuadras verder (meer is het echt niet). Ja dat zal wel. Na 5 cuadras kom ik aan een aanlegsteiger ( deMalecon noemen ze dat hier een beetje eufemistisch) en daar moet ik een gammele houten kano op. Hij koerst naar het midden van de stroom, ter breedte van de Schelde en och arme maar een zijriviertje van de Amazone). Dan wijst de schipper naar bakboord en zegt daar begint Brazilië, dan naar stuurboord en zegt daar begint Perù en achter ons ligt Colombia. Het fameuze drielandenpunt. We steken de grens over met Perú en gaan in een restaurant nog eens echte ceviche eten: een torenhoge schotel. Echt waar, ik heb er een foto van genomen. Uitstekend van smaak. Ben benieuwd wat mijn darmen er zullen van vinden. Dan terug naar Colombia, naar de serpentaria (het slangenhuis) van het Tanimboca reservaat. Ik kom daar aan om 17 uur. Eigenlijk weer een uur te laat. Maar ja, ik kan niet toveren. Ik sta daar vol bewondering te kijken naar zo een gigantische hut van bamboe en bladeren, wel 20 meter hoog. Op de achtergrond hoor ik ze zeggen dat het serpentarium niet meer bestaat: de slangen zijn ontsnapt! Maar ze hebben een alternatief: een boswandeling. Ik heb geen ander alternatief en stem in. De gids en ik zijn geen 20 meter verder of ik realiseer me dat het oerwoud zich rond mij sluit en opslokt. Ik kan het gevoel niet anders omschrijven. Ik sta hier even voor valavond onvoorbereid in een short (omwille van mijn kniewonde), en een t-shirt met korte mouwen. Het enige wapen dat ik bij heb is een lokaal muskietenverdrijver (un repelente). Ik sproei me goed in en ploeter moedig door de grote modderpoel (want dat is de Amazone), goed oplettend of er geen mug op mijn blote armen of benen neer strijkt. Ik heb de wandeling van een uur zonder grote schade doorstaan. Ondanks drie sproeibeurten heb ik toch nog een tiental muggen naar het muskietenparadijs moeten sturen. Die hadden allicht een verstropte neus. Ondanks de invallende duisternis toch nog t een en t ander gezien: een klein bruinrode kikker van 1,5 cm en een gele gifkikker ( die beestjes zijn amper 2-3 cm lang maar springen makkelijk 1 meter ver. Ik sprong bijna mee van het schrikken. En de gids houdt halt bij een schril boompje. De naam is Caponero. Van de schors maken de indianen een brij tegen allergieën. De gids zegt dat zij hem hiermee van een piña allergie hebben afgeholpen. De schors schilfert in dunne velletjes af en ze heeft een licht bruin/oker kleur. Alhoewel de wandeling te laat en te kort was, ben ik er erg mee opgezet: de wonde aan mijn knie is dicht en ze is dicht gebleven. Dat is een hele opluchting! En ik heb geen muggenbeet op de korst gekregen. Dat is ook mooi mee genomen.
s Avonds ga ik in de buurt een pizza eten. Ik neem een vegetarisch exemplaar, kwestie van eens wat groenten te eten. De Colombianen blijken zelfs suiker bij de groetenpizza te doen, verdorie!. En nog niet een klein beetje!