For this blog to translate into language of your choice? Select your language below.
2 prachtige pps-jes hierboven van Godelieve en ook Mama rechts heeft ze gemaakt Klik op de banner en bekijk nog veel meer moois op haar blog
Klik op de banner hier beneden en ga eens langs bij Lenie voor nog meer moois Alle Ave Maria pps-jes hierboven zijn van haar
Gastenboek
Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek
Wonder
12-07-2009
496 - Kadosh.
Jawoord aan Maria, Moeder van Smarten.
(door Myriam van Nazareth)
Lieve Moeder Maria,
Gehuld in de Mantel der Smarten, mooier dan een engel, verschijnt U in mijn hart en vraagt U om mijn jawoord.
O Moeder, het liefdevuur in Uw bedroefde ogen heeft Uw heilige naam in mijn kleine hart gebrandmerkt.
De onblusbare gloed leidt mij op wegen van vereniging die de brandende druppels uit Uw ogen voor mij hebben uitgetekend.
Mij geschiede naar Uw woord. Ik heb ermee ingestemd om de kruisdragende Jezus in mij te ontvangen.
In de overschaduwing door de Geest is Hij in mij gegroeid.
In een verborgen mysterie van eenwording met U heb ik Hem gedragen.
In het duister van de winternacht heb ik van Hem getuigenis afgelegd, maar de duisternis nam Hem niet aan.
Nu vraagt Uw gewonde Moederhart om mijn getuigenis onder het Kruis van de zelfofferande.
Zoals Uw allerheiligste schoot in gelukzalige vreugde het Heil heeft gebaard, zo baart Uw Onbevlekt Hart nu in ontroostbare smart Uw zegenbrengende droefheid in mijn hart, dat het onze is geworden.
O Moeder, ik ben toch Uw kind van Golgotha. Zie, geen andere gunst behaagt mij nog dan op Uw roepstem aan Uw zijde te staan, met de ogen gevestigd op het Kruis, waaruit de rode vloed van het Heil stroomt.
Terwille van de gelijkvormigheid en eenheid van hart waartoe U mij roept, wil ik er worden doorboord met het zwaard dat voor U is bestemd.
Ja, Moeder, ik geef mij totaal en onvoorwaardelijk aan U, opdat ik waardig moge worden, U bij mij op te nemen wanneer de volgende regen voor U komt, en mijn liefdegave Uw eenzaamheid van het nimmer eindigende Golgotha moge verzachten.
Hoe genadevol is het, Marias Smarten te mogen delen. Het is een onschatbare zegen voor Uw eigen ziel en deze van vele anderen. U kunt op meer dan één wijze geroepen worden tot eenwording met de Moeder van Smarten. Maria kan U uitnodigen om Uw dagelijks lijden aan Haar op te dragen. Zij kan U roepen tot bepaalde vormen van mystiek lijden. Zij kan U ook laten voelen dat U Haar lijden om de wereld kunt helpen dragen door het lijden van Uw medemens te helpen verzachten. Ook dat kan op vele wijzen gebeuren. Jezus en Maria lijden mee in de lijdende mens. Elke inspanning om het lijden van Uw naaste te verlichten, kan daarom worden beschouwd als verzachting van het lijden van Jezus en Maria.
GEBED ter ere van de NAAM VAN MARIA.
(door Myriam van Nazareth)
Lieve Moeder Maria,
U hebt de wereld zoveel gunsten geschonken nadat de Naam van Maria was aanroepen, en hebt beloofd, de mensheid in de Naam van Maria te zullen zuiveren van elke duivelse macht.
Maria, Uw Hemelse Naam vervult Uw kinderen van tedere liefde voor hun Moeder, hij vervult Uw apostelen van nederig ontzag, en hij vervult de dienaren van de duisternis van angst voor de Vrouw wier macht hen weldra voorgoed zal vernietigen.
Moge het uitspreken van Uw gezegende Naam ons vervullen van de hemelse krachten die God erin heeft gelegd.
Moge God ons laten begrijpen welke genade het betekent, Uw Naam met een van liefde brandend hart in onze mond te mogen nemen.
Moge Uw heilige naam ons als honing op de lippen liggen wanneer de machten van het kwaad ons met de bitterheid van dit aardse leven willen vervullen.
Moge de Naam Maria het heilige water zijn dat de roos van onze ziel tot wasdom brengt, vooral wanneer deze in de dorheid van onze materiële woestijn dreigt weg te kwijnen.
Moge hij ons inspireren tot het openbaren van al het goede dat God in ons hart heeft verborgen.
Moge Uw mooie Naam de kiem van de ware heiligheid in ons laten openspringen, moge hij de sleutel zijn die ooit de poort van de hemel voor ons zal openen, en het paswoord dat ons toegang zal verschaffen tot Gods aanblik.
Moge de Naam Maria ons beschermen tegen onze vijanden, ons van dankbaarheid vervullen en ons veilig en zeker naar de eindbestemming van ons leven brengen.
Moge het uitspreken van Uw Naam zielen uit het vagevuur bevrijden.
Moge hij zieken kracht geven en bedroefden nieuw leven inblazen.
Moge het eerbiedig gebruik van Uw Naam alle heiligschennis jegens Uw Onbevlekt Hart vergoeden.
Moge het liefdevol uitspreken van Uw Naam U vreugde bezorgen, Uw Moederhart vertederen, Uw zielepijn verzachten en U troosten in Uw gezegende smarten.
Ik wens U vandaag met alle krachten van mijn hart en mijn ziel toe dat Uw heilige Naam de hele wereld moge veroveren, en dat hij alleen nog zou worden gebruikt met eerbied, ontzag en liefde, opdat hij zou mogen schitteren als de morgenster die weldra de duisternis van deze wereld zal openbreken.
Dank U, dat ik U mag dienen, danken, liefhebben, en mag verlangen naar Uw Komst als onze Medeverlosseres en lieve Moeder onder de Naam MARIA.
BETUIGING VAN TOTALE OVERGAVE AAN MARIA.
(voor toewijding in de streng Montfortaanse zin)
(door Myriam van Nazareth)
Mijn lieve Moeder en verheven Meesteres Maria,
Ik dank U voor het voorrecht, Uw liefdesslaaf te mogen zijn.
Ik leg mijzelf in totale overgave aan Uw voeten neer.
Wil mij, met al mijn gebreken en deugden, aanvaarden als een levende offerande te Uwer ere.
Deemoedig en zuiver mij, lieve Moeder, opdat ik Uw Aanblik waardig worde.
Vereer mij met Uw permanente Aanwezigheid in mijn hart en ziel, en laat mijn hele wezen volledig in U wegsmelten, opdat ik van dag tot dag minder ... (eigen naam) en méér Maria moge worden.
Lieve Moeder, ik heb U lief tot in de eeuwigheid. Neem mij op in Uw heiligheid.
Heer Jezus Christus U hebt dikwijls eenvoudige mensen in deze wereld uitgekozen om Uw grote werken te volbrengen - opdat wij niet groot zouden gaan op onszelf.
Zo hebt U gewild dat Uw Moeder een medaille aan ons zou geven door de Catharina Laboure om ons te helpen meer te geloven in onze verlossing.
In de Onbevlekte Ontvangenis van Uw Moeder, zien wij het best waartoe Uw verlossing in staat is.
U hebt in Maria de zonden overwonnen Zij werd er zelfs niet door aangetast.
Wij smeken U, - bevrijd ook ons van de zonden.
Amen.
11-07-2009
GEBED TOT DE H. MAAGD, MOEDR VAN DE VERLOSSER.
Onbevlekte Maagd Maria Moeder van Jezus Christus en Moeder van ons wij hebben het grootste vertrouwen in Uw voorspraak.
U kunt van Uw Zoon alles verkrijgen, wat goed is voor ons.
Wij danken U, dat U ons daaraan herinnert door de medaille, waarop onze verlossing is afgebeeld.
U houdt van ons, - wij vertrouwen op U.
Wil voor ons Uw kinderen de genade verkrijgen, waarom wij nederig vragen.
(Hier maakt men zijn intenties.
Moeder Maria verkrijg voor ons niet alleen tijdelijke gunsten maar vooral dat wij bereid mogen zijn tot gebed en offer.
Zo alleen zullen wij in staat zijn tot ware liefde voor Uw Zoon en tot oprechte liefde voor de evenmens.
Dan zullen wij het geluk van de hemel verkrijgen dat U reeds bezit als onze Koningin en Moeder.
Amen.
GOD WIL EEN TEMPEL BOUWEN.
God wil een tempel bouwen om ons nabij te zijn, zal Zij gezegend zijn die Hij zich heeft verkoren: Maria is Haar naam, een roos die zonder doornen In bloei zal komen staan.
De bloem gaat zich ontvouwen, het zonlicht wekt Haar zacht, verwacht in stil vertrouwen het wijken van de nacht: zo heeft Zij willen wachten, zo schijnt na vele nachten ons levenslicht voorgoed.
Zijn warmte zal verlichten De armen in het land, op aarde vrede stichten: kom reik elkaar de hand. God zal zijn tempel bouwen Een wereldwijd tehuis; mensen die Hem vertrouwen worden er kind aan huis.
OP LEVEN GERICHT.
Op leven gericht, ten goede gekeerd, gaan wij in het licht van Hem die ons leert het Woord te volbrengen, de schrift nu te doen. U laat zich kennen, wij leven verzoend.
De grond waar wij staan is heilige grond, U deelt ons uw naam, weer klinkt uw verbond. Wij leren te breken, wij eten uw brood, wij moeten wel spreken, wij zeggen U voort.
De Levende geeft ons een nieuw gezicht, verlangen herleeft naar uw stad van licht: de poorten zijn open, gebouwd wordt op recht, geen mens uitgesloten, zo leven wij echt
BEKERING TOT LEVEN.
Herfst, de natuur sterft. En Wij? En onze samenleving? Er zijn zondaars, mensen die dingen doen die ten dode zijn. Er zijn vrome mensen die morren op de zondaars met blikken die kunnen doden, dodelijk liefdesloosheid.
Maar er zijn ook zondaars die zich bekeren, mensen die zonder voorbehoud gaan delen met wie niet heeft, die wat ze afgeperst hebben vierdubbel terugbetalen, die hun huis, tafel en hun hart voorgoed openstellen voor de naaste.
Er zijn vrome mensen die barmhartig willen zijn als God, die de zondaar niet veroordelen, maar blij zijn met diens ommekeer, die bij alle kwaad dat er is levenskansen zien in een ander mens en juist daarop spreken zij die mensen aan.
DICHTBIJ IS GOD.
Waarachtig en waar is al wat Hij zegt, God is vol iefde in al wat Hij doet. God is dichtbij voor wie dreigen te vallen, die in verdrukking zijn, richt Hij weer op.
De ogen van allen zien uit naar U, en Gij geeft ieder zijn eten op tijd. Gij opent met liefde uw hart en hand, de wensen van ieder die leeft, vervult Gij.
Dichtbij is God voor wie Hem roepen, voor hen die van harte bidden tot Hem. Wensen vervult Gij van die Hem vrezen, Hij hoort hen roepen en verlost hen.
WIE IN SCHADUW GODS.
Wie in schaduw Gods mag wonen, hij zal niet sterven in de dood. Wie bij Hem zoekt naar onderkomen, vindt eenmaal vrede als zijn brood. God legt zijn vleugels van genade beschermend om hem heen als vriend en Hij verlost hem van het kwade, opdat hij eens geluk zal zien.
Engelen zendt Hij alle dagen Zij zullen hem op handen dragen door een woestijn van hoop en pijn. Geen vrees of onheil doet hem beven, geen ziekte waar een mens van breekt. Lengte van dagen zal God geven rust aan een koele waterbeek
Hem zal de nacht niet overvallen; zijn dagen houden eeuwig stand. Duizenden doden kunnen vallen; hij blijft geschreven in Gods hand. God legt een schild op zijn getrouwen, die leven van geloof alleen. Hij zal een nieuwe hemel bouwen van liefde om zijn tranen heen.
LAAT MIJ, ZO IK LEEF.
Hoor, o Heer, naar wat staat in de waarheid, luister Gij naar mijn bittere klacht; wees onvankelijk voor mijn gebed: Het komt van een mond zonder leugen.
Laat van U mijn beoordeling uitgaan, uw oog ziet wat onkreukbaarheid is. Die mijn hart toetst, het peilt in de nacht, mij hebt uitgezuiverd met vuur.
Mijn treden hielden uw spoor, mijn schreden wankelden niet. Ik roep U: Gij, God, weet het antwoord; luister naar mij, verhoor wat ik vraag.
Toon de wonderen van uw genade; Gij redt immers wie tot U vluchten van hun aanvallers vrij door uw hand! Bewaar als uw oogappel mij, verberg mij, door uw vleugelen beschaduwd.
Laat mij, zo ik leef naar uw wil, uw aanschijn aanschouwen, aan uw beeltenis mij mogen laven wanneer ik ontwaak.
ALLE EER EN GLORIE.
Alle eer en alle glorie geldt de luisterrijke Naam! Viert de vrede die Hij heden uitroept over ons bestaan. Aangezicht vol van licht, zie ons met ontferming aan!
Alle eer en alle glorie geldt de Zoon, de erfgenaam! Als de genade die ons toekomt is Hij onze nieuwe naam. Licht uit licht, vergezicht, steek ons met uw stralen aan!
Alle eer en alle glorie geldt de Geest, die leven doet, die de eenheid in ons ademt, vlam die ons vertrouwen voedt! Levens zon, liefdesbron, maak de tongen los voorgoed!
GOD HEEFT HET EERSTE WOORD.
God heeft het eerste woord. Hij heeft in den beginne het licht doen overwinnen , Hij spreekt altijd voort. God heeft het eerste woord. Voor wie ter wereld kwamen, riep hij ons reeds bij name, zijn roep wordt nog steeds gehoord. God heeft het laatste woord. Wat Hij van oudsher zeide, wordt aan het eind der tijden in heel zijn rijk gehoord. God staat aan het begin en Hij komt aan het einde. Zijn woord is van het zijnde oorsprong en doel en zin.
ALS GOD ONS THUIS BRENGT.
Als God ons thuis brengt uit onze ballingschap, dat zal een droom zijn.
Wij zullen zingen, lachen, gelukkig zijn. Dan zegt de wereld: 'Hun God doet wonderen' Ja, Hij doet wonderen, God in ons midden, Gij onze vreugde.
Breng ons dan thuis, keer tot ons leven, zoals rivieren in de woestijn die, als de regen valt, opnieuw gaan stromen.
Wie zaait in droefheid, zal oogsten in vreugde. Een mens gaat zijn weg en zaait onder tranen. Zingende keert hij terug met zijn schoven.
Als God ons thuisbrengt uit onze ballingschap, dat zal een droom zijn.
LUISTER.
Luister, Heer, want mijn zaak is rechtvaardig, let op mijn geroep. Wil mijn gebed aanhoren; mijn lippen bedriegen U niet. Standvastig volg ik het pad van de wet, mijn voet struikelt niet op uw wegen. Nu roep ik U aan, want Gij zult mij verhoren, wend dus uw oor naar mij, hoor naar mijn stem. Spaar mij, zoals men zijn ogen spaart, verberg mij onder de schuts van uw vleugels. Maar ik ben rechtschapen en mag U aanschouwen, uw aanblik verzadigt mij als ik ontwaak.
DE GEEST DES HEREN HEEFT EEN NIEUW BEGIN GEMAAKT.
De Geest des Heren heeft een nieuw begin gemaakt, in al wat groeit en leeft zijn adem uitgezaaid. De Geest van God bezielt die koud zijn en versteend, herbouwt wat is vernield, maak een wat is verdeeld.
Wij zijn in Hem gedoopt, Hij zalft ons met zijn vuur. Hij is de bron van hoop in alle dort en duur.? Wie weet vanwaar Hij komt, wie wordt zijn licht gewaar? Hij opent ons de mond en schenkt ons aan elkaar.
De Geest die in ons bewoont, verzucht en smeekt naar God dat Hij ons in de Zoon doet opstaan uit de dood. Opdat ons leven nooit in weer en wind bezwijkt, kom Schepper Geest, voltooi wat Gij begonnen zijt.
TOT U MARIA.
Maria goede Moeder. Ik zou U willen zeggen vandaag. Hoe ik bezorgt ben over mijn kinderen. En mijn kleinkinderen.
Ze leven zo anders. Dan ik gedroomd heb: Ze leven voor andere waarden. En volgen andere normen.
Ze gaan hun eigen wegen. Het zijn goede kinderen. Maar hun geloof is zo anders. Dan wat wij vroeger leerden.
Maria goede Moeder. Gij zult mijn zorgen wel verstaan. Ook Uw Zoon ging andere wegen. Dan Gij gedroomd had.
En ook Zijn woorden klonken soms zo vreemd. Zorg voor mijn kinderen en kleinkinderen. Blijf bij hen als het Kruis komt. Laat hen nooit alleen.
Mogen zij door alles heen. Uw Zoon ontdekken.
AAN ALLE LEZERS VAN DIT BLOG
EEN ZEER GOED WEEKEND TOEGEWENST.
EEN BLIK IN DE HEMEL .
Enkele weken later op 27 november 1936, mocht zuster Faustina in een onbeschrijflijk gelukzalig visioen de heerlijkheid van de Hemel zien. Ze schrijft hierover in haar dagboek:
Vandaag was ik in de geest in de Hemel en zag het onvoorstelbaar mooie en het geluk, dat ons na de dood wacht. Ik zag hoe de schepselen zonder ophouden God loven en eren. Ik zag hoe groot de gelukzaligheid van God is, die uitstroomt over alle schepselen en hen vervult met onmetelijke diepe vreugde en hoe alle roem en eer uit dit geluk terugkeert naar de bron. Ze dringen door in de diepten van God, het innerlijke leven van God beschouwend - van de Vader, van de Zoon en van de H. Geest - dat ze nooit zullen begrijpen of doorgronden. Deze Bron van geluk is in haar wezen onveranderlijk, maar toch altijd nieuw. Er borrelt vreugde en zaligheid uit op voor alle schepselen. Nu begrijp ik de H. Paulus, die gezegd heeft, Geen oog heeft gezien, geen oor heeft gehoord, in geen mensenhart is opgekomen, hetgeen God bereid heeft voor degenen, die Hem liefhebben. En God liet mij begrijpen, dat er maar een ding is dat in zijn ogen oneindige waarde heeft en dat is liefde tot Hem, liefde, en nog eens liefde. Niets is te vergelijken met een enkele daad van zuivere liefde. Welke onvoorstelbare gunsten geeft God aan de ziel, die Hem oprecht liefheeft. O, gelukkig de zielen in wie HIj reeds hier op aarde webehagen heeft; het zijn de kleine nederige zielen. De grote heerlijkheid van God, die ik waarnam, wordt door allen die in de Hemel zijn geprezen, naar gelang de trap van genade en rangorde, waarin zij zijn ingedeeld. Toen ik deze macht en majesteit van God zag, werd mijn ziel niet vervuld van huiver, ook niet van angst. Nee, helemaal niet. Mijn ziel werd vervuld van vrede en liefde. Hoe meer ik de majesteit God leer kennen, des te meer ben ik erover verheugd dat God is zoals Hij is. Ook zijn majesteit verheugt mij oneindig enook, dat ik maar zo klein ben. Omdat ik zo klein ben, draagt God mij in zijn hand en drukt mij aan zijn Hart.
O mijn God, wat heb ik medelijden met de mensen, die niet in het eeuwige leven geloven. Ik bid vurig voor hen, dat ook zij door een straal van barmhartigheid geraakt worden en God hen aan zijn vaderlijk Hart zal drukken.