Lezing uit het boek Genesis 13,2.5-18. Psalmen 15,2.3-4.5. Heilig Evangelie van Jezus Christus volgens Mattheus 7,6.12-14.
Lezing uit het boek Genesis 13,2.5-18.
Abram was zeer rijk aan vee, aan zilver en goud. Ook Lot, die met Abram was meegetrokken, bezat schapen, runderen en tenten. De landstreek echter liet niet toe, dat zij bij elkaar bleven wonen; want hun bezittingen waren zo groot, dat zij onmogelijk bij elkaar konden blijven. Telkens rees er twist tussen de veeherders van Abram en de veeherders van Lot; bovendien woonden ook de Kanaänieten en de Perizzieten nog in die streek. Daarom zei Abram tot Lot: Laat er toch geen onenigheid zijn tussen mij en u, tussen mijn en uw herders; want we zijn toch broers van elkaar. Ligt niet het hele land voor u open? Trek dus liever van mij weg; gaat gij links, dan ga ik rechts; gaat gij rechts, dan ga ik links. Lot sloeg zijn ogen op en zag, dat de hele Jordaanstreek overvloed van water had; voordat Jahweh Sodoma en Gomorra had verdelgd, was ze, tot Sóar toe, als de tuin van Jahweh, als het land van Egypte. Daarom koos Lot de hele Jordaanstreek voor zich, en trok op naar het oosten. Zo gingen ze uiteen. Abram bleef in het land Kanaän wonen, maar Lot vestigde zich in de steden van de Jordaanstreek, en sloeg zijn tenten op tot Sodoma toe, ofschoon de mannen van Sodoma zeer slecht waren en zwaar zondigden tegen Jahweh. Jahweh sprak tot Abram, nadat Lot zich van hem gescheiden had: Sla uw ogen op, en blik van de plaats, waar ge staat Naar het noorden en zuiden, het oosten en westen. Al het land, dat ge ziet, zal Ik geven aan u En uw kroost voor altijd. Ik zal uw nageslacht talrijk maken Als het stof der aarde. Als iemand het stof der aarde kan tellen, Dan zal hij ook uw geslacht kunnen tellen. Sta op, doorkruis het land in zijn lengte en breedte, Want aan u zal Ik het geven! Toen brak Abram zijn tenten op, en ging te Hebron wonen bij de eik van Mamre, en bouwde daar een altaar voor Jahweh.
Psalmen 15,2.3-4.5.
Die onberispelijk is van wandel, En van rechtschapen gedrag; Die in zijn hart de waarheid spreekt, En met zijn tong niet lastert. Die zijn naaste geen kwaad doet, Geen smaad op zijn evenmens werpt; In wiens oog een vervloekte verachtelijk is, Maar die eert, wie Jahweh vreest. Die zijn naaste een eed heeft gezworen, En hem niet breekt; Die zijn geld niet uitleent met woeker, Geen steekpenning neemt, om de onschuld te schaden. Wie zó doet, Wankelt in eeuwigheid niet!
Heilig Evangelie van Jezus Christus volgens Mattheus 7,6.12-14.
Geeft het heilige niet aan de honden, en werpt uw paarlen niet voor de zwijnen, opdat zij ze niet met de poten vertrappen, zich omkeren, en u gaan verscheuren. Al wat gij dus wilt, dat de mensen u doen, doet het ook hun; want dat is de Wet en de Profeten. Gaat binnen door de enge poort; want wijd is de poort en breed is de weg, die ten verderve leidt; en velen zijn er, die daardoor naar binnen gaan. Hoe eng is de poort en hoe smal is de weg, die ten leven voert; en weinigen zijn er, die hem vinden.
Bron : Petrus Canisius bijbelvertaling
SMEEKGEBED TOT JEZUS, GODDELIJKE BRON DER WONDEREN.
Lieve Jezus, Messias van God, heb medelijden met mijn zwakke ziel.
U die noch de woestijn noch de vallei der doden hebt geschuwd, wil mij toch bezoeken in de duistere grot van mijn armzaligheid.
Bestrijk toch mijn blinde ogen, opdat ik alle wonderen van Gods Licht moge zien.
Open toch mijn dove oren, opdat ik het bezielende gefluister van de Heilige Geest moge horen.
Wil toch al mijn zonden en fouten vergeven, opdat ik moge genezen van de verlamming die mij verhindert om Gods wegen te gaan.
Wil toch uit mij elke onreine geest verdrijven, opdat ik niet langer werken van duisternis zou betrachten.
Wil mij toch genezen van mijn stomheid, opdat ik Gods Liefde moge verkondigen.
Spreek toch in mij Uw bevrijdende woord Ik wil, word rein, opdat mijn ziel moge genezen van haar melaatsheid.
O spreek toch in mij Uw woord Mijn vrede zij met u, opdat ik moge genezen van de koorts en de onrust van de ziel die U door haar overtredingen heeft gekruisigd.
O Jezus, wil mij nu opwekken uit de dreigende dood van mijn ziel, opdat ik in andere stervenden het zaad van de Liefde moge uitstrooien als getuige van Gods Wonderwerken. AMEN.
FFERANDE VAN DE DUISTERNIS DER ZIELEN , AAN MARIA .
Maria, machtige Meesteres van de zielen,
Ik breng U de offerande van alle zwakheden, tekortkomingen, nalatigheden, onheilzame gewoonten, gehechtheden en neigingen tot ondeugd van alle zielen.
Moge op Uw machtige voorspraak en tussenkomst het Licht van de Heilige Geest de duisternis der zielen doorstralen, opdat zij gereinigd en genezen worden, en zij, vervuld van Goddelijk Licht, mogen worden tot vruchtbare grond waarop het Rijk Gods op aarde gevestigd kan worden. AMEN.
Lieve Moeder Maria, wil Uzelf totaal in mijn hart uitstorten en het daarna verzegelen, opdat nooit meer iets anders in mij zou leven dan U
AANROEPING bij bekoring
Mijn Meesteres, ik sterf liever dan U te bedroeven door toe te geven aan deze zwakheid. Vermeerder mijn liefde tot U, opdat ik mijzelf kan overwinnen, en verlicht mij, opdat ik elke bekoring tijdig moge herkennen
AANROEPING bij het begin van alle gebeden
Maria, machtige Meesteres van de zielen, wil al mijn gebeden bekleden met Uw zegel en Uw intenties, tot verwezenlijking van Gods Plan van Heil voor de zielen
22-06-2009
AAN AL MIJN BESTE VRIENDEN.
HARTELIJK DANK VOOR DE LIEVE MAILTJES,
DIE JULLIE MIJ STUURDEN VOOR HET BIDDEN
VOOR MIJ, VOOR EEN GOEDE AFLOOP VOOR STRAKS
IN HET ZIEKENHUIS, DAN IS HET NOG TWEE WEKEN
WACHTEN OP HET RESULTAAT.
IK DANK U ALLEN.
NELLY.
HEILIG UUR, FATIMA.
Openbaring van MARIA, zaterdag 20 juni 2009 , (Feest Onbevlekt Hart van Maria)
Wegen naar het Licht
Bloempjes van Mijn Onbevlekt Hart, Mijn Goddelijke Zoon Jezus Christus heeft Zijn Allerheiligst Hart, de Schatkamer van de volmaakte, onvoorwaardelijke en eeuwigdurende Goddelijke Liefde, aan het Kruis van Golgotha voor alle zielen laten doorsteken opdat de Bron van het Goddelijk Leven zich over hen zou uitstorten.
Waar het Goddelijk Leven stroomt, verdrinkt alle duisternis, alle ellende, alle ongeluk. Sedert de dagen van Jezus op aarde heeft de prins der duisternis ontelbare nieuwe middelen ingezet om in de zielen de beekjes van het Goddelijk Leven te laten opdrogen onder het vuur van onophoudelijke bekoringen. De duivel heeft zich opgeworpen tot moordenaar van de God-Mens, en hij is door de eeuwen heen moordenaar van zielen gebleven. Hij vermoordt het geweten, doch verbergt zijn misdaad door de zielen in nevels te hullen, zodat zij noch het Licht uit Gods Hart noch hun eigen innerlijke gesteldheden zien.
Jezus kent alle strategieën van de satan, en Hij kent alle zwakheden van de menselijke natuur. Daarom bestond één van de laatste genadedruppels uit Zijn liefhebbend Hart uit het geschenk van Zijn Moeder aan jullie. Hij heeft Mij aan jullie geschonken als de gouden sleutel tot jullie bevrijding uit de kerker waarin de wereld jullie gevangen heeft gezet.
Zie toch de strategie van de moordenaar van alle Liefde: hij verblindt jullie voor zijn eigen wandaden en voor de werkingen van zijn sluipend gif, dooft het licht in jullie tempel en ketent jullie vast aan jullie eigen zwakheden en verleidbaarheden. Hij verziekt jullie hart zo lang, tot jullie ervan overtuigd zijn dat het leven niets dan duisternis te bieden heeft en dat God dood is.
Kijk Mij aan. Ik ben de Draagster van het Licht van de opgaande zon. God heeft de hele schepping getoond dat Ik de ochtendzon draag. Ik ben de Dageraad van een nieuw leven, het ware Goddelijk Leven. Eerst stortte God Zich zo volkomen in Mij uit, dat Mijn ziel vervuld was van een Licht dat geen ziel ooit in zich had gedragen. In deze bedding voltrok Zijn Geest aan Mij de volmaakte Hemelse Bruiloft, om als Vrucht de Middagzon te baren: de Christus, het Licht der Verlossing.
Nu wil de Middagzon dit Mysterie in elke individuele ziel herhalen en voltooien. De ziel die haar vrije wil overlevert aan de voltrekking van Gods Wet en de uitvoering van Zijn Plannen, en dagelijks herhaalt: O Drieëne God, ik wil, maak mij rein en bevrijd mij uit mijn kerker. Laat in mij Uw Licht opgaan, opdat mijn kerker van duisternis opnieuw een tempel van Uw Licht moge zijn, zal sterven aan alles wat haar bedreigt. Verlang naar Mij. Ik ben de Dageraad van het ware Leven. Ik bezit de macht om de Middagzon van de Christus in jullie te baren.
Zie, Ik draag het Licht van de ware hoop. Jullie verlangen naar het Licht is het geloof. Waar hoop en geloof bruiloft vieren, wordt de Liefde geboren. De Liefde is de Middagzon, het teken van de zomer in de ziel. Ik kom in elke ziel het vuur van de bekoringen doven met de dauw van de Heilige Geest, en een nieuw Vuur baren, dat niet doodt doch het ware Leven geeft: de Zon die nooit ondergaat.
Zielen, verlang naar het Licht zoals een drenkeling naar de reddingsboei. Geef Mij jullie hart onverdeeld. Ik moet erover kunnen heersen om het grote wonder te voltrekken. Laat jullie niet langer tot gevangenen van alle wereldse invloeden maken. Hoe dieper allerlei wereldse invloeden, maar ook herinneringen uit jullie eigen verleden, op jullie inwerken, des te zwaarder worden jullie geest en hart. Deze indrukken zijn het, die jullie van de kracht beroven om jullie ketenen te verbreken. Voed jullie geest met Hemels voedsel. Voed jullie hart met Mijn woorden van hoop, bemoediging en Liefde. Hoe minder macht jullie de wereld schenken om jullie denken en voelen richting te geven, des te vrijer zullen jullie innerlijk worden. Vestig jullie innerlijke blik op niets anders dan op het blijde vooruitzicht, Mij totaal toe te behoren, en wees overtuigd van de waarheid dat elke beproeving, elk dagelijks kruis, in werkelijkheid zaad van Goddelijk Leven is, mits jullie het zonder protest aanvaarden. Dit alles geeft jullie de sleutel om de poort van jullie tempel van binnen uit voor Mij te openen. Zodra Ik werkelijk Meesteres van al jullie denken en voelen kan zijn, kan Ik jullie tempel doordringen van het parfum van Mijn macht, en kan Ik jullie ramen wijd openen voor het Licht van de Heilige Geest. De bloei van de nieuwe, eeuwige lente ligt reeds in het zaad van jullie beproevingen besloten. Laat Mij over jullie bodem lopen, en Ik zal het zaad tot bloei brengen.
Mijn Hart is onbevlekt omdat al Mijn innerlijke gesteldheden voor eeuwig vrij zijn van duisternis. Ik kan ook jullie hart bevrijden van duisternis, ontmoediging, ontevredenheid, ongeloof en alle andere negatieve gevoelens die jullie verlammen en verzieken. Ik vraag van jullie deze dagelijkse inspanning:
1. Beschouw elke beproeving reeds als overwonnen. Dat is zij ook, zodra de ziel dit vast gelooft, want dit geloof maakt haar licht, schenkt haar de blijheid terug, en begint de eerste duisternis in het hart op te ruimen;
2. Verminder in jullie hart het belang van elke wereldse invloed en van elke negatieve herinnering. Vergeet nooit dat alles voorbij gaat. Slechts de eeuwige gelukzaligheid is blijvend voor de ziel die echt kind van het Licht wil zijn. Vele zielen zijn niet meer in staat, de invloeden van werelds denken en voelen, en van negatieve herinneringen, in zichzelf onwerkzaam te maken. Van hen vraag Ik dat zij hun verlangen naar bevrijding volledig aan Mij toevertrouwen, en vast geloven dat zij bevrijd zullen worden in de mate waarin zij zich op positieve gedachten, gevoelens en beelden richten en hierdoor de wegen van het negatieve denken en voelen in zich onbegaanbaar helpen maken;
3. Wees elk ogenblik overtuigd van de overwinning van het Licht op de duisternis. Daartoe is Jezus voor jullie aan het Kruis gestorven, heeft Hij de Heilige Geest doen neerdalen, en ben Ik voor jullie verheven tot Meesteres van alle zielen.
Ik draag de ochtendzon, het Licht van de ware hoop. De ware hoop is het vermogen om te leven in de overtuiging dat het Goddelijk Licht de duisternis nu reeds overwonnen heeft, ook in het eigen leven. De eindoverwinning ligt reeds in Gods Hart en in Mijn Hart besloten. Zij is er reeds, alleen zien jullie haar nog niet. Daarin ligt precies jullie kracht en jullie bevrijding. Bedenk dat geen engel iets wezenlijks kan toevoegen aan de staat van genade van de schepping, want geen engel bezit het zaad van beproevingen, wereldse indrukken of negatieve herinneringen dat hij door hoop en geloof tot bloei kan brengen. De mensenziel bezit deze schatten wèl. De mate waarin zij dit zaad tot bloei weet te brengen door het aan Mij toe te vertrouwen en zich inwendig volledig op het Licht te richten, maakt de verdiensten van haar leven uit. Het zijn deze verdiensten die Licht scheppen waar voorheen duisternis was.
De wereld zal de bevrijding uit alle duisternis pas zien zodra een voldoende aantal zielen door de ware hoop de hemelpoort hebben geopend. In Mijn Onbevlekt Hart ligt de gouden sleutel. Hij is gesmeed in het liefdevuur van het Lijdende Hart van Jezus, en aan Mijn hoede toevertrouwd. Ik toon jullie de weg naar het sleutelgat.
DE GESCHIEDNIS VAN HET CHRISTENDOM.
In de dertiende eeuw veranderde de situatie door de opkomst van de soms al christelijke Mongolen in het oosten. Hun heersers hielden zich niet echt bezig met religie en binnen hun domein tolereerden zij christenen en aanhangers van andere geloven. Sommige christenen hadden zeer veel invloed binnen het nieuwe Mongoolse Rijk. Möngke, die in 1250 opperste Chan werd, liet liet zijn broer Hoelagoe de veldtochten in het Midden - Oosten leiden ; Hoelagoe had groot ontzag voor zijn vrouw, Dotuz Khatun, die christen was en naar verluidt hoopte op een bekering van de Mongolen. De Mongolen kregen veel Arabisch grondgebied in het Midden - Oosten in handen, waaronder Bagdad, Nisibis en Edessa. Velen zagen de mongolen als bevrijders, die de kerk redden uit handen van de islamitische overheersers. De nestoriaanse katholikos kon zelfs zijn intrek nemen in het nu lege paleis van de kalief in Bagdad. Maar de Mongolen vergaloppeerden zich. In 1260 werden ze verslagen door de Mamelukken uit Egypte, die Syrië heroverden en veel minder welwillend waren tegenover de christenen. Maar het ergste moest nog komen, wederom vanuit Centraal - Azië. Aan het einde van de veertiende eeuw verscheen een nieuwe krijgsheer, Timoer Lenk ( Timoer de kreupele ) , vooral bekend als Tamerlan. Deze Turkse Mongool en moslim riep zich uit tot chan en begon vanuit Samerkand weer een groot rijk te veroveren. Het grootste deel van Centraal - Azië en Mesopotamië viel in slechts een paar jaar tijd. Tamelan kende geen genade voor degenen die tegen hem in opstand kwamen, militair als wat betreft geloof. de kerk van het Oosten werd een chaos en stierf vrijwel uit in het nieuwe rijk. Tamerlans imperium en de 'donkere tijden' voor de Kerk van het Oosten duurden een eeuw, voordat zijn erfgenamen verder vertokken om in India een Mongools rijk te stichten. De kracht van de Ker van het Oosten was gebroken en de kerk bleef slechts bestaan als kleine, verstrooide gemeenschappen.
NUBIË IN DE TIJD VAN DE ISLAM.
De Nubische koninkrijken bleven eeuwenlang bestaan door een combinatie van culturele kracht, militaire vastberandenheid, vaardige doplomatie en dom geluk. In 641 vielen de Arabieren, vlak na hun verovering van Egypte, de twee noordelijkste Nubische koninkrijken aan : Nobatië en Makurië. De Nubiërs vroegen om vrede en de moslims trokken zich terug. Zij vonden dit land het bezetten niet waard, in ieder geval niet vergeleken met Egypte. Een wankel evenwicht was het resultaat. Vervolgen verenigden Nobatië en Makurië zich tot één koninkrijk rondom de stad Dongola. Hierdoor waren de Nubiërs zowel religieus als politiek eensgezinder. Makurië was in 745 zelfs machtig genoeg om Egypte binnen te vallen en de patriarch van Alexandrië te bevrijden die daar gevangen zat. Toch waren de relaties tussen de christelijke Nubische koninkrijken en de moslims in het noorden in deze periode gebaseerd op de baqt ( letterlijk : pact ) , een basisovereenkomst die het bestaansrecht van de andere partij erkende. Egypte was de baas in dit pact, want Makurië moest hen regelmatig van slaven voorzien en ook moest het de moskee in Dongola onderhouden en beschermen. Alwah lijkt buiten de condities van de baqt te zijn gehouden, maar die staat had relatief weinig te vrezen van Egypte, aangezien Makurië tussenin lag. In 836, toen hij nog slechts medeheerser was met zijn vader, bracht Georgios I van Makurië een bezoek aan Bagdad, zetel van de kalief van de Abbasiden, en herbevestigde de baqt ook met hem. Af en toe waren er kleine oorlogen tussen Makurië en Egypte. Onder de baqt werd Makurië opmerkelijk machtig en ontstond een nauwe band tussen kerk en staat, waarbij Byzantium tot op zekere hoogte als voorbeeld diende. De koningen waren zelfs traditionele priesters, zodat een soort 'cesaropapisme' werd gecreëerd, dat technisch gezien nog extremer was dan dat van Byzantium. De grote christelijke, Romeinse keizers stonden model ; Merkurios, die heerser was aan het begin van de achtste eeuw, werd 'de nieuwe Constantijn' genoemd en liet veel paleizen en kerken bouwen. In Faras bouwde hij een grote kathedraal in Nubische stijl, waarvan de resten ook nu nog indrukwekkend zijn. De muren zijn nog altijd versierd met grote, mooie Fresco's, een kenmerk van Nubische kerken en kathedralen. Kloosters schijnen een belangrijke rol te hebben gespeeld binnen het Nubische christendom.
Wordt vervolgd.
LITANIE VAN HET VOLMAAKTE BEROUW.
Heer ontferm U over ons. Christus, ontferm U over ons. Heer ontferm U over ons. God de Vader, uit de hemelen, waar Gij zijt nedergezeten, ontferm U over ons. God de Zoon, Verlosser van de wereld, ontferm U over ons. God de H. Geest, Heiligmaker van de zielen, ontferm U over ons. H. Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons.
Gij, die de dood van de zondaar niet wilt, maar dat hij zich bekeert en leeft, ontferm U over ons. Gij, die met geduld op de bekering van de zondaar wacht, Gij, die de boetvaardige zondaar zo genadig ontvangt, Gij, die U verheugt in de bekering van de zondaar, Gij, die de volmaakste geneesheer van onze zielen zijt, Gij, die de goede Herder zijt,
Dat ik gezondigd heb, het is mij leed uit geheel mijn hart, o mijn God. Dat ik zo lang, zo dikwijls en zo zwaar heb gezondigd, Dat ik gezondigd heb door gedachten, woorden en werken, Dat ik gezondigd heb door al de zintuigen van mijn lichaam, Dat ik gezondigd heb door al de krachten van mijn ziel, Dat ik gezondigd heb met vrije wil en volle kennis van mijn boosheid, Dat ik U heb verloochend om mij aan de ijdelheid te hechten, Dat ik Uw oneidige volmaaktheden heb versmaad, Dat ik Uw gaven en weldaden heb misbruikt, Dat ik het lijden van Jezus Christus heb vernieuwd, Dat ik Uw gunst en vriendschap heb verstoten, O mijn God, het is mij leed uit geheel mijn hart, en maar alleen om U. Het is mij leed uit geheel mijn hart, o mijn God. Omdat ik U heb mishaagd, Omdat ik U heb vergramd, Niet door de vrees voor straf, Niet door de hoop op enig loon, Maar uit liefde tot U, Uit eerbied voor uw opperste Majesteit, Omdat Gij oneindig heilig, oneindig beminnelijk zijt, en de zonde U boven alles mishaagt, Ik beween mijn zonden, Heer, met dezelfde droefheid, welke de heiligen erover gevoeld hebben, Omdat ik U bemin, o mijn God, wil ik mij beteren met Uw genade, U van heden nooit meer vergrammen, Al de gelegenheden tot zonde vluchten, Mijn kwade driften steeds bestrijden, Weerstaan aan alle bekoringen, Alle zondige gedachten verdrijven, Liever al wat ik bezit verliezen, dan U opnieuw te vergrammen, Liever alles lijden, en zelfs sterven, dan U voortaan nog te vergrammen,
Laat ons bidden, O God, die in Uw oneindige goedheid altijd bereid zijt om de zondaar in genade te ontvangen, aanschouw de menigvuldigheid en de grootheid van mijn boosheden niet, maar wel Uw oneindige barmhartigheid. O, verstoot toch niet een vernederd en vermorzeld hart! Met de hulp van Uw genade wil ik mijn leven beteren, de gevaren en de gelegenheden tot zonde vluchten. Liever zou ik sterven dan U nog door één enkele zonde te vergrammen. Kastijd mij gelijk het U behaagt; geen straf is te groot voor mij, die U, o mijn God, zo dikwijls en zo zwaar beledigd heb. Alleen deze genade smeek ik U af, door uw lieve Zoon, die voor de zondaars gestorven is: verleen mij, dat ik in dit leven nog boetvaardigheid moge doen, opdat ik eenmaal, met al de heiligen van de Hemel, Uw oneindige barmhartigheid zal kunnen loven. Amen.
Lezing uit het boek Genesis 12,1-9. Psalmen 33(32),12-13.18-19.20.22. Heilig Evangelie van Jezus Christus volgens Mattheus 7,1-5.
Lezing uit het boek Genesis 12,1-9.
Jahweh sprak tot Abram: Trek weg uit uw land, Uit uw stam en uit het huis uws vaders Naar het land, dat Ik u tonen zal. Ik zal een groot volk van u maken, U zegenen en uw naam beroemd maken, Zodat hij ten zegen zal zijn. Ik zal zegenen, die u zegent, Vervloeken, die u vervloekt. En in u zullen alle geslachten der aarde worden gezegend. Toen vertrok Abram, zoals Jahweh hem bevolen had, en Lot ging met hem mee; Abram was vijf en zeventig jaar oud, toen hij uit Charan wegtrok. Abram nam Sarai, zijn vrouw, en zijn neef Lot met zich mee, met heel hun bezit, en al de slaven, die zij in Charan hadden verworven; ze gingen op weg naar het land Kanaän, en kwamen daar aan. Abram trok het land door tot de plaats Sikem, en de eik van More. De Kanaänieten woonden toen nog in het land. Nu verscheen Jahweh aan Abram, en sprak: Dit land zal Ik aan uw nageslacht geven. Toen bouwde hij daar een altaar ter ere van Jahweh, die hem verschenen was. Vandaar reisde hij verder naar het bergland ten oosten van Betel, en sloeg zijn tent op tussen Betel ten westen en Ai ten oosten; daar bouwde hij een altaar voor Jahweh, en riep de naam van Jahweh aan. Daarna trok Abram steeds verder naar het zuiden.
Psalmen 33(32),12-13.18-19.20.22.
Gelukkig de natie, die Jahweh tot God heeft, Het volk, dat Hij Zich tot erfdeel verkoos! Jahweh ziet neer uit de hemel, Richt zijn blik op alle kinderen der mensen. Maar het oog van Jahweh rust op hen, die Hem vrezen, En die op zijn goedheid vertrouwen: Om ze te redden van de dood, Ze in het leven te houden bij hongersnood. Onze ziel blijft opzien tot Jahweh: Hij is onze hulp en ons schild; Uw genade, o Jahweh, dale over ons neer, Naarmate wij op U blijven hopen!
Heilig Evangelie van Jezus Christus volgens Mattheus 7,1-5.
Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt. Want met het oordeel, dat gij velt, zult gij geoordeeld worden; en met de maat, waarmee gij meet, zal men ook meten voor u. Waarom ziet ge de splinter in het oog van uw broeder, en de balk in uw eigen oog ziet ge niet? Of waarom zegt ge tot uw broeder: laat mij de splinter uit uw oog trekken; en zie, de balk zit in uw eigen oog? Huichelaar, trek eerst de balk uit uw eigen oog; dan zult ge zien, hoe ge de splinter uit het oog van uw broeder moet trekken.
Bron : Petrus Canisius bijbelvertaling
GEBED OM DE GEEST VAN STERKTE.
O Heilige Geest,
In diepe rouwmoedigheid open ik mijn hart voor Uw bezielende kracht.
Heb toch medelijden met mijn zwakheid.
Hoe groot is mijn verlangen om mijn ziel te tooien met de bloemen der ware heiligheid.
Ik smeek U, vervul mij met stromen van Leven uit de Bron van Gods heiligheid, opdat ik een grote weerstand moge verwerven tegen elke neiging die mij kan laten afdwalen van de paden naar Gods Tuin van eeuwige zaligheid.
In U, o Heilige Geest, worden al mijn zwakheden tot bouwstenen voor een tempel van licht die de duisternis beschaamt.
Zie mijn arme ziel, zij heeft zich neergelegd aan de voeten van Maria, haar Meesteres en Uw allerzuiverste Bruid.
Moge Haar allermachtigste voorspraak mij de instorting bekomen van Gods kracht om mijn zwakheden te overwinnen, opdat mijn heiligheid Marias voeten moge sieren als een kroon van Hemelse bloemen, en ik Uw lof moge bezingen tot in de eeuwigheid. AMEN.
DAGELIJKSE BELIJDENIS VAN DE CHRISTEN.
Ik wil U toebehoren, o Eeuwige Vader. Vervul mijn ziel met Uw heiligmakende Genaden, opdat zij een lichtpunt in Uw schepping wordt.
Ik wil U toebehoren, o Jezus. Zalf mijn lichaam, opdat het een instrument voor de redding van zielen wordt.
Ik wil U toebehoren, o Heilige Geest. Doorstraal mijn geest met de Goddelijke Wijsheid, opdat in mij slechts Hemels Licht zou wonen.
Ik wil U toebehoren, o Hemelse Koningin Maria. Beheers mijn hart, opdat in mij slechts bloemen van liefde en zuiverheid bloeien en ik alle zonde kan vluchten. AMEN.
Nederland is een opvallende voorganger rijker: een voor alle religies. Joan Elkerbout begint deze zomer een nieuw kerkgenootschap de eerste kerk voor het ietsisme.
Ik ben niet opgeleid in één religie, maar in alle, zegt Joan Elkerbout (39) uit Sint-Oedenrode. Morgen rondt ze, samen met 87 medestudenten, haar studie in New York af en wordt ze ingezegend als interfaith minister: een voorganger voor alle godsdiensten.
In september begint Elkerbout een eigen kerk in Nederland. Die legt een relatie met spirit, de natuur, God of Iets en zo wordt de kerk die nu nog een beweging heet, de eerste officiële tempel voor het ietsisme.
Voor haar opleiding stapte de domineesdochter elke maand een andere religie binnen. Ik onderging de bijpassende gebeden en rituelen zelf.
Met de inzegening van Elkerbout in de Verenigde Staten is Nederland een pionier in interreligieus voorgaan rijker. Eenmaal in Nederland begint ze niet alleen het eerste interreligieuze kerkgenootschap, maar in de toekomst mogelijk ook een interreligieus seminarie.
Haar opvoeding in de pastorie de vader van Elkerbout is emeritus PKN-dominee heeft ervoor gezorgd dat mijn spirituele kant gevoed en ontwikkeld werd. Het leverde ook een worsteling op: het christelijke kader was haar te smal. Nu voelt ze zich meer thuis in de interspirituele benadering, die op verschillende wijsheidstradities stoelt uit zowel wereldreligies als filosofie en psychologie.
Elkerbout deed een opleiding maatschappelijk werk en was medeoprichter van het bedrijf Vogelvrij, dat onder andere weerbaarheidstrainingen aanbiedt voor mensen die worden gepest. Na jaren werken werd ze onrustig. Het moment om te kiezen voor een sabbatical, een time off om uit te zoeken wat er in mij speelde. Wat er riep. Haar partner wees Elkerbout op haar nieuwe levensdoel. Ze zei: Ik denk dat jij zelf dominee moet worden. Voorganger, net als haar vader, maar dan anders. Elkerbout voelt zich namelijk verbonden met alles van wicca (hekserij - red.) tot islam, humanisme en new age.
Na een zoektocht vond ze in Amerika wat ze zocht: de One Spirit Learning Alliance in New York. Die leidt sinds zeven jaar interreligieuze voorgangers op.
Na afronding van deze opleiding is het mogelijk om een huwelijksceremonie van een hindoe en een christen voor beide partijen betekenisvol in te zegenen, zegt Elkerbout. Daarnaast beleggen afgestudeerden maandelijks interreligieuze vieringen en gebedsdiensten.
Er zit wel een grens aan, zegt Elkerbout. Voor sacrament-achtige zaken, zoals de eerste communie, moet ik uit respect voor de religie toch echt samenwerken met een erkende religieuze autoriteit.
Na de zomer wil ze, onder de naam RenaisSenseMovement, een interreligieus kerkgenootschap oprichten, waarschijnlijk in haar thuisdorp Sint-Oedenroden.
Kerkgenootschap klinkt misschien christelijk, maar dat is het dus niet, zegt ze. In Nederland is de term overigens niet gereserveerd voor christenen. Zo is er bijvoorbeeld ook het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap.
Het is in de westerse wereld vaak moeilijk te begrijpen, maar we gaan vanuit allerlei wijsheidstradities stilstaan bij gebeurtenissen, vieringen houden en bidden. De focus ligt dus niet op één religie, het is een benadering zonder dogma.
Elkerbout ontleent haar inspiratie aan de Amerikaanse Interfaith Church, die een kwarteeuw bestaat. In Londen, waar in 1996 al een interreligieus seminarie is opgezet, is de kerk een succes, zegt Elkerbout.
De meeste afgestudeerden uit New York sluiten zich aan bij een interreligieuze kerk in Amerika of brengen het geleerde in praktijk via hun baan, bijvoorbeeld in het welzijnswerk of als therapeut.
Maar is er in Nederland wel behoefte aan een interreligieuze kerk? Ari van Buuren, voorzitter van de Nederlandse tak van het United Religions Initiative, werkt voor de dienst voor levensoriëntatie en geestelijke verzorging in het Universitair Medisch Centrum Utrecht. Hij vindt Elkerbouts plannen niet vernieuwend. De soefis gebruiken in hun vieringen al heel lang diverse heilige boeken. Van Buuren citeert de dalai lama: Religie is een medicijn. Geen enkel medicijn helpt tegen alle kwalen. Religies vullen elkaar dus aan en een interreligieuze kerk zou daar bij kunnen passen.
De voorzitter noemt de interreligieuze dialoog stimulerend. Het levert veel positieve energie op. Toch is hij sceptisch over Elkerbouts idee. Het kan leiden tot syncretisme: tot één pot nat. Zelf vindt hij het vruchtbaarder om bij elkaar op bezoek te gaan in plaats van alles te combineren in één geloof.
Rien Ipenburg, een van de samenstellers van het boek Wegwijs in religieus en levensbeschouwelijk Nederland, moet als de plannen van Elkerbout doorgaan na de zomer dus een nieuw kerkgenootschap toevoegen aan zijn standaardwerk. Ook hij is sceptisch over de RenaisSenseMovement.
Zelf een kerk oprichten, wat zijn de regels?
Rosenkranz zum Heiligen Geist Teil 5.
LITANIE VAN HET VOLMAAKTE BEROUW.
Heer ontferm U over ons. Christus, ontferm U over ons. Heer ontferm U over ons. God de Vader, uit de hemelen, waar Gij zijt nedergezeten, ontferm U over ons. God de Zoon, Verlosser van de wereld, ontferm U over ons. God de H. Geest, Heiligmaker van de zielen, ontferm U over ons. H. Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons.
Gij, die de dood van de zondaar niet wilt, maar dat hij zich bekeert en leeft, ontferm U over ons. Gij, die met geduld op de bekering van de zondaar wacht, Gij, die de boetvaardige zondaar zo genadig ontvangt, Gij, die U verheugt in de bekering van de zondaar, Gij, die de volmaakste geneesheer van onze zielen zijt, Gij, die de goede Herder zijt,
Dat ik gezondigd heb, het is mij leed uit geheel mijn hart, o mijn God. Dat ik zo lang, zo dikwijls en zo zwaar heb gezondigd, Dat ik gezondigd heb door gedachten, woorden en werken, Dat ik gezondigd heb door al de zintuigen van mijn lichaam, Dat ik gezondigd heb door al de krachten van mijn ziel, Dat ik gezondigd heb met vrije wil en volle kennis van mijn boosheid, Dat ik U heb verloochend om mij aan de ijdelheid te hechten, Dat ik Uw oneidige volmaaktheden heb versmaad, Dat ik Uw gaven en weldaden heb misbruikt, Dat ik het lijden van Jezus Christus heb vernieuwd, Dat ik Uw gunst en vriendschap heb verstoten, O mijn God, het is mij leed uit geheel mijn hart, en maar alleen om U. Het is mij leed uit geheel mijn hart, o mijn God. Omdat ik U heb mishaagd, Omdat ik U heb vergramd, Niet door de vrees voor straf, Niet door de hoop op enig loon, Maar uit liefde tot U, Uit eerbied voor uw opperste Majesteit, Omdat Gij oneindig heilig, oneindig beminnelijk zijt, en de zonde U boven alles mishaagt, Ik beween mijn zonden, Heer, met dezelfde droefheid, welke de heiligen erover gevoeld hebben, Omdat ik U bemin, o mijn God, wil ik mij beteren met Uw genade, U van heden nooit meer vergrammen, Al de gelegenheden tot zonde vluchten, Mijn kwade driften steeds bestrijden, Weerstaan aan alle bekoringen, Alle zondige gedachten verdrijven, Liever al wat ik bezit verliezen, dan U opnieuw te vergrammen, Liever alles lijden, en zelfs sterven, dan U voortaan nog te vergrammen,
Laat ons bidden, O God, die in Uw oneindige goedheid altijd bereid zijt om de zondaar in genade te ontvangen, aanschouw de menigvuldigheid en de grootheid van mijn boosheden niet, maar wel Uw oneindige barmhartigheid. O, verstoot toch niet een vernederd en vermorzeld hart! Met de hulp van Uw genade wil ik mijn leven beteren, de gevaren en de gelegenheden tot zonde vluchten. Liever zou ik sterven dan U nog door één enkele zonde te vergrammen. Kastijd mij gelijk het U behaagt; geen straf is te groot voor mij, die U, o mijn God, zo dikwijls en zo zwaar beledigd heb. Alleen deze genade smeek ik U af, door uw lieve Zoon, die voor de zondaars gestorven is: verleen mij, dat ik in dit leven nog boetvaardigheid moge doen, opdat ik eenmaal, met al de heiligen van de Hemel, Uw oneindige barmhartigheid zal kunnen loven. Amen.
Lezing uit het boek Job 38,1.8-11. Psalmen 107(106),23-24.25-26.28-29.30-31. Lezing uit de 2e brief van de apostel Paulus aan de Corinthiërs 5,14-17. Heilig Evangelie van Jezus Christus volgens Marcus 4,35-41.
Lezing uit het boek Job 38,1.8-11.
Nu nam Jahweh het woord, en sprak tot Job in de storm: Wie heeft de zee achter deuren gesloten, Toen zij bruisend uit de moederschoot kwam; Toen Ik haar de wolken gaf als een kleed, De nevel als haar windsels; Toen Ik haar grenzen heb gesteld, Slagboom en grendels haar gaf; Toen Ik sprak: Ge komt tot hier en niet verder, Hier wordt de trots van uw golven gebroken!
Psalmen 107(106),23-24.25-26.28-29.30-31.
Anderen staken op schepen in zee, Om handel te drijven op de onmetelijke wateren. Ook zij hebben Jahwehs werken aanschouwd, In de kolken zijn wonderen. Hij sprak: en er stak een stormwind op, Die zwiepte de golven omhoog; Ze vlogen op naar de hemel, ploften neer in de diepten, En vergingen van angst; Maar ze riepen Jahweh aan in hun nood, En Hij verloste hen van hun angsten: Hij bedaarde de storm tot een bries, En de golven legden zich neer; Wat waren ze blij, toen het kalm was geworden, En Hij hen naar de verbeide haven geleidde! Laat ze Jahweh voor zijn goedheid dan danken, En voor zijn wonderen voor de kinderen der mensen:
Lezing uit de 2e brief van de apostel Paulus aan de Corinthiërs 5,14-17.
Inderdaad, Christus liefde dringt ons. We oordelen aldus: Eén is voor allen gestorven; dus zijn ze allen gestorven. En Hij is voor allen gestorven, opdat zij die leven, niet voor zichzelf zouden leven, maar voor Hem, die voor hen gestorven is en verrezen. Daarom ook beoordelen we van nu af niemand meer naar het vlees; en zo we Christus naar het vlees mochten beoordeeld hebben, dan doen we dit thans niet meer. Derhalve, zo iemand in Christus is, dan is hij een nieuw schepsel; het oude is voorbij, zie het nieuwe is daar.
Heilig Evangelie van Jezus Christus volgens Marcus 4,35-41.
Tot hen sprak Hij nog op diezelfde dag, toen het reeds laat was geworden: Laat ons oversteken naar de andere kant. Toen lieten ze de menigte gaan, en namen Hem mee, daar Hij reeds in de boot was; ook andere boten waren er bij. En een hevige storm brak los, en de golven sloegen over de boot, zodat ze vol water kwam. Hij zelf lag aan de achtersteven op een kussen te slapen. Ze maakten Hem wakker, en zeiden tot Hem: Meester, raakt het U niet, dat wij vergaan? Nu stond Hij op, gebood aan de wind, en sprak tot het meer: Zwijg, wees stil! De wind ging liggen, en het werd heel stil. Toen sprak Hij tot hen: Wat zijt gij bevreesd? Hebt gij nog geen geloof? Maar een hevige angst greep hen aan, en ze zeiden tot elkander: Wie is Hij toch, dat zelfs de wind en het meer Hem gehoorzamen?
Bron : Petrus Canisius bijbelvertaling
GEBED TOT MARIA OM BEWAKING VOOR DE NACHT.
Lieve Moeder Maria, Koningin van de Nacht,
Mag ik deze nacht rusten in het bed van Uw Moederhart, de plaats waarin een bron van Hemelse geborgenheid is ontsloten, die zal vloeien tot het einde der tijden.
Wees de Waaklamp van mijn ziel, opdat de duisternis mij niet kan raken.
Wil mij toedekken met het deken van Uw macht en mij wiegen op de golven van Uw Liefde, opdat deze nacht mij moge sterken voor de beproevingen van de dag, die morgen nieuwe schatten van God in mijn ziel zullen begraven. AMEN.
SMEEKGEBED OM DOOPSEL IN GODS LICHT.
Lieve Moeder Maria, hoogverheven Moeder van het Licht,
God heeft mij geschapen opdat ik vruchtbaar zou zijn voor Zijn Werken.
Daarom smeek ik U, Uzelf totaal in mij te willen uitstorten, opdat ik volkomen en uitsluitend bezield moge worden door Uw harteklop in al mijn doen en laten.
Wil al mijn handelingen, woorden, gedachten, gevoelens, verlangens en bestrevingen dopen in de volheid van het Goddelijk Licht, opdat al mijn werken op de Uwe mogen gelijken.
Moge ik, door Uw totale heerschappij in mij, delen in de volheid van Uw vruchtbaarheid.
Wees daarom mijn Meesteres, alle dagen van mijn leven, en wil mij onderdompelen in Uw Hart, eeuwigdurend Tabernakel van het Goddelijk Licht. AMEN.
GEBED TOT AARTSENGEL RAFAELIN LICHAMELIJKE NOOD
Heilige Aartsengel Rafaël, genezer van het Hemels Hof,
In mijn lichamelijke zwakheid roep ik tot U, opdat U mij Hemelse draagkracht zou bekomen.
Wil het kruis van mijn ziekte, pijn en vermoeidheid bekleden met de kracht van de lijdende Christus, opdat zij mij genade mogen brengen voor mijn ziel, en heil en zegen over mijn medemens mogen afroepen.
Wil mij in deze beproeving verkwikken met de beker der vertroosting om de verlossing van dierbaren, want samen met de gekruisigde Jezus dorst ik naar zielen.
Wil mij zegenen met nieuwe kracht, o prins der lijdenden, opdat ik dit offer moge volbrengen tot verheerlijking van de Drieëne God.
Moge door Uw tussenkomst mijn lichaam de kracht vinden tot genezing, indien dit Gods Plan kan dienen, en moge ik op Uw gebed de genade verkrijgen om op elk ogenblik mijn lichamelijk lot in liefde te aanvaarden als de toestand waarin ik het best kan werken voor Gods Rijk, en mijn eeuwig heil het meest verzekerd is.
Daarom vraag ik om Uw Hemelse aanraking, door de verdiensten van de Goddelijke Verlosser Jezus Christus, en in naam van Uw Meesteres Maria, de Koningin van Hemel en aarde en Heil van de zieken. AMEN.
20-06-2009
[HQ] La guarigione straordinaria di Silvia a Medjugorje.
A video testimony of Silvia Busi, girl from Padova who was miraculously healed in Medjugorje. Fragment from the "Italy at the Mirror of 13/4/2009 broadcast on RaiDuo. Italian with English subtitles.
EMOTIONELE GROEI.
Je voelt je klein en nietig, Bang, boos en verdrietig... Alles wat je vroeger kon kun je niet meer, Je blijft het toch proberen, keer op keer. Jezelf vechtend door die muur van pijn, Je houdt je groot en wilt sterk zijn! Maar soms voel je toch je tranen branden; Ben je onzeker over waar het schip zal stranden.... Leef je leven van dag tot dag, Geniet van kleine dingen en lach! Vergeet je pijn, dat onbestemde gevoel, Alles in het leven heeft een doel! Je levenspad is een groete hindernisbaan. Maar toch ook een met een lach en een traan. Vol valkuilen, obstakels en wat al niet meer, Je moet ze nemen, iedere keer weer! De vraag van "Waarom ik? is al vaak gesteld, Maar het antwoord wordt nergens vermeld... Je moet groeien, je leven lang, Al is dat nog zo moeilijk en wrang! Leid je leven zoals jij dat wilt, Er is altijd iemand die je weer in het zadel tilt. Heb geduld, jou tijd komt nog wel, Alleen gaat alles niet zo snel... Deze Proeve des Levens krijgen we allemaal, En soms is deze erg basaal! Vroeg of laat gaat iedereen door de hel, Door dat vuur, heet en fel! Als is je leven nog zo'n zware last, Denk aan dit en houd het vast: Ik kwam, ik zag en overwon, En nu schijnt in mijn leven: de zon...