For this blog to translate into language of your choice? Select your language below.
2 prachtige pps-jes hierboven van Godelieve en ook Mama rechts heeft ze gemaakt Klik op de banner en bekijk nog veel meer moois op haar blog
Klik op de banner hier beneden en ga eens langs bij Lenie voor nog meer moois Alle Ave Maria pps-jes hierboven zijn van haar
Gastenboek
Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek
Wonder
10-12-2008
EN WIE ZAL U KWAAD DOEN
De eerste brief van Petrus 3, 13 - 22 [13] En* wie zal u kwaad doen, als u zich inzet voor het goede? [14] Maar ook al moet u lijden vanwege de gerechtigheid, toch bent u gelukkig te prijzen. Vrees hun bedreigingen niet en laat u niet verontrusten, [15] heilig in uw hart Christus als de Heer, altijd bereid tot verantwoording aan ieder die rekenschap vraagt van de hoop* die in u leeft. [16] Maar doe het met zachtmoedigheid en respect, en vanuit een zuiver geweten. Dan zullen die honers van uw goede christelijke* levenswandel beschaamd staan met hun laster. [17] Het is beter te lijden voor het goede dat men doet, zo God dat wil, dan voor het kwaad dat men bedrijft. [18] Ook Christus heeft eens en voorgoed geleden* voor de zonden, de rechtvaardige voor de onrechtvaardigen, om u tot God te brengen. Hij is gedood naar het lichaam, maar tot leven gewekt door de Geest. [19] Zo* ging Hij heen en predikte voor de geesten* in de kerker, [20] die destijds weigerden te gehoorzamen, terwijl God geduldig wachtte, in de dagen dat Noach de ark bouwde. In de ark bleven slechts enkelen, niet meer dan acht personen, behouden te midden* van het water. [21] Dit* was een voorafbeelding van het doopwater, waardoor u nu gered wordt. De doop beoogt niet de verwijdering van lichamelijke onreinheid, maar is een verzoek* aan God om een zuiver geweten, krachtens de opstanding van Jezus Christus, [22] die ten hemel opgestegen zetelt aan Gods rechterhand, nadat engelen en machten en krachten aan Hem onderworpen zijn.
Een dag bij Bertha in het heilig bos in Genk deel 2
Een dag bij Bertha in het heilig bos in Genk
A Divine Revelation of Hell...........laatste deel nr 27
27. Tot besluit Ik wil u nog eens verzekeren dat de dingen die u in dit boek gelezen heeft de waarheid zijn. De hel is een werkelijke brandende plaats vol folteringen. Maar ik wil u tegelijkertijd vertellen dat de hemel eveneens waarlijk bestaat en uw eeuwig tehuis kan zijn. Als Gods dienstmaagd heb ik mijzelf overgegeven aan de leiding van de Here Jezus Christus en heb deze dingen die Hij mij heeft laten zien en heeft verteld, getrouw opgetekend. Voor de beste resultaten zoudt u dit boek moeten lezen met uw Bijbel naast u en hetgeen hier geschreven is in evenwicht brengen met de Heilige Schrift. Moge God dit boek gebruiken tot Zijn glorie. Mary Kathryn Baxter.
Openbaring 20:13-15 Mattheüs 10:28 Mattheüs 23:33 Jesaja 5:14 Lucas 16:20-31 Romeinen 10:9-10 Mattheüs 5:22 Spreuken 7:27 Spreuken 9:18 Lucas 12:5 Marcus 9:43-48 Jesaja 14:12-15 Psalm 9:17 1 Johannes 1:9 Over de schrijfster van dit boek
Mary Kathryn Baxter werd geboren in Chattannooga, Tennessee. Zij werd opgebracht in het Huis van God. Terwijl zij nog jong was onderwees haar moeder haar over Jezus Christus en Zijn behoudenis. Kathryn werd wedergeboren toen zij 19 jaar was. Nadat zij de Here verscheidene jaren had gediend is zij tijdelijk teruggevallen. De Geest van God wilde haar echter niet loslaten en zij kwam terug en gaf haar leven opnieuw aan Christus. Nu dient zij Hem nog altijd getrouw. In het midden van de jaren zestig verhuisde zij met haar familie naar Detroit, Michigan, waar zij tijdelijk heeft gewoond. Later verhuisde zij naar Belleville, Michigan, waar zij visioenen van God begon te krijgen. De voorgangers, leiders en heiligen van de Heer spreken met veel lof over haar en haar bediening. De beweging van de Heilige Geest met demonstraties worden gemanifesteerd in haar samenkomsten, want zij wordt geleid door de Geest van God. Zij heeft de Here lief met haar gehele hart, verstand, ziel en kracht, en verlangt boven alles om een zielenwinner voor Jezus Christus te zijn. Kathryn is meer dan 25 jaar getrouwd met Bill Baxter. Zij hebben vier kinderen en zes kleinkinderen, die haar helpen in haar bediening. Zij is waarlijk een toegewijde dienstmaagd van de Here. Haar roeping ligt bovenal op het terrein van dromen, visioenen en openbaringen. Zij werd ingezegend als predikante in 1983 in de Volle Evangelie Kerk van God in Taylor, Michigan. Tegenwoordig is haar bediening in de nationale Kerk van God in Washington, D.C. In 1976, terwijl zij in Belleville woonde, verscheen Jezus aan haar in menselijke vorm, in dromen, visioenen en openbaringen. Sinds die tijd heeft zij vele bezoeken van de Here gekregen. Gedurende die bezoeken heeft Hij haar de diepten, de graden, de verschillende niveaus en de martelingen van de verloren zielen in de hel laten zien. Zij heeft ook visioenen ontvangen van de hemel, de periode van de grote verdrukking en de eindtijd. Gedurende één periode in haar leven verscheen Jezus aan haar elke nacht, veertig nachten lang. Hij vertelde haar dat deze boodschap voor de hele wereld is.
A Divine Revelation of Hell Netherlands by Mary Kathryn Baxter
A Divine Revelation of Hell...........deel 26
26. Een profetie van Jezus Toen Jezus de eerste keer aan mij verscheen, zei Hij: "Kathryn, de Vader heeft je gekozen om Mij te vergezellen door de diepten van de hel. Ik zal je vele dingen laten zien over de hel en over de hemel, waarvan Ik wens dat de wereld ze zal weten. Ik zal je zeggen wat te schrijven zodat dit boek een waarachtig verslag is van wat deze onbekende plaatsen werkelijk zijn. Mijn Geest zal geheimen openbaren over de eeuwigheid, het oordeel, liefde, de dood en het leven hiernamaals". De boodschap van de Here aan een verloren wereld is deze: "Het is niet Mijn verlangen dat u naar de hel gaat. Ik heb u gemaakt voor Mijn eigen welbehagen en voor eeuwigdurende vriendschap. U bent Mijn schepping, en Ik heb u lief. Roep Mij aan terwijl Ik nabij ben, en Ik zal u horen en u antwoorden. Ik wens u te vergeven en te zegenen". Aan hen die wedergeboren zijn zegt de Here: "Vergeet niet uw samenkomsten. Komt te zamen en bidt en bestudeert Mijn Woord. Aanbidt Mij in de geest van heiligheid". De Here zegt tot de kerken en de natiën: "Mijn engelen strijden altijd voor de erfgenamen van de zaligheid, en voor hen die erfgenamen zullen worden. Ik verander niet. Ik ben Dezelfde gisteren, vandaag en tot in eeuwigheid. Zoekt Mij en Ik zal Mijn Geest op u uitstorten. Uw zonen en dochters zullen profeteren. Ik zal grote dingen onder u doen". Als u nog niet gered bent, neem alstublieft op dit moment de tijd ervoor om te knielen voor de Here en Hem te vragen of Hij uw zonden wil vergeven en u tot Zijn kind wil maken. Wat de kosten ook zijn, u zou nu de beslissing moeten nemen om de hemel tot uw eeuwig tehuis te maken. De hel bestaat werkelijk en de hel is verschrikkelijk. ***
A Divine Revelation of Hell...........deel 25
25. Visioenen van de hemel Sommige van de volgende visioenen werden mij gegeven voordat Jezus mij meenam naar de hel. Sommige hiervan kwamen tot mij toen mijn reis door de hel bijna ten einde was. Gelijkenis van God Ik ontving dit hemelse visioen terwijl ik diep in gebed, meditatie en aanbidding was. De heerlijkheid van de Here daalde neer op de plaats waar ik in gebed was. Grote golven van vuur, schitterende lichten en majesteitelijke macht kwamen mij voor ogen. In het centrum van het vuur en de lichten was de troon van God. Op de troon was een gelijkenis van God. Vreugde, vrede en liefde vloeiden uit God de Almachtige. De ruimte rondom de troon was gevuld met baby cherubs, zingende en kussende de Here op Zijn gezicht, Zijn handen en Zijn voeten. Het gezang dat zij zongen was: "Heilig, heilig, heilig is de Here God Almachtig". De cherubs hadden tongen van vuur op hun hoofd en op elke kleine vleugelspits. Hun vleugels schenen zich gelijktijdig te bewegen met de beweging van de macht en de glorie van de HERE. Een cherub vloog naar mij toe en raakte mijn ogen aan. Gouden bergen In een visioen keek ik ver uit over de aarde. Ik kon zien dat het land voor vele mijlen dorstig was naar regen. De grond was opengebarsten, droog en kaal. Er waren geen bomen noch was er enig ander gewas te zien. Toen werd mij toegestaan verder te zien dan het droge land en ik keek langs heel de afstand naar de hemel. Daar, zij aan zij en elkaar aanrakend bij hun basis, waren twee reusachtige bergen. Ik weet niet hoe hoog zij waren, maar ze waren heel erg hoog. Ik kwam dichterbij en ontdekte toen dat zij van solide goud gemaakt waren - goud, zo puur, dat het transparant was. Door en voorbij de bergen zag ik een schitterend wit licht, en het licht nam toe totdat het heel het universum vulde. Ik voelde in mijn hart dat dit het fundament van de hemel was. Mensen vechten om een kleine gouden ring, maar God bezit al het goud. Het bouwen van een woning. Terwijl ik aan het bidden was ontving ik dit visioen. Ik zag engelen alles lezen wat opgetekend staat over de werken die we hier op aarde doen. Sommigen van de engelen hadden vleugels en anderen niet. Sommigen waren groot en anderen waren klein, maar hun gezichten waren alle verschillend. Zoals de mensen hier op aarde konden ook de engelen herkend worden aan hun gelaatstrekken. Ik zag dat de engelen druk bezig waren met het snijden van buitengewone diamanten die ze plaatsten in de fundering van prachtige grote huizen. De diamanten waren 30 cm dik en 60 cm lang en zeer mooi. Elke keer dat er een ziel voor God gewonnen is, wordt een diamant toegevoegd aan de woning van de zielenwinner. Geen arbeid die voor God gedaan is, is zonder beloning. De poorten van de Hemel. Op een andere keer toen ik in gebed was, zag ik het volgende hemelse visioen. Ik was in de geest en een engel kwam naar mij toe en nam mij mee naar de hemelen. Nogmaals waren daar de prachtige taferelen van golvend licht en verblindende glorie zoals ik gezien had achter de solide gouden bergen. Het was ontzagwekkend de glorie van God tentoongespreid te zien. Toen de engel en ik twee reusachtig grote poorten naderden, die gezet waren in een grote muur, zagen wij bijzonder grote engelen met zwaarden. Zij waren ongeveer 15 meter lang, en hun haar was gesponnen goud. De poorten waren zo hoog, dat ik de bovenkant ervan niet kon zien. Zij waren het prachtigste kunstwerk dat ik ooit gezien heb. Zij waren gebeeldhouwd met ingewikkelde vouwen, draperingen, lagen, beeldsnijkunst, saffieren en andere edelstenen. Alles aan de poorten was in volmaakt evenwicht en de poorten openden naar buiten. Een engel met een boek in zijn hand kwam tevoorschijn van achter de poorten. Na het boek gecontroleerd te hebben, knikte de engel, hiermee bevestigde hij dat ik kon binnenkomen. Lezer, u kunt de hemel niet binnengaan als uw naam niet geschreven staat in het Boek des Levens van het Lam. Het Archief In een visioen nam een engel mij mee naar de hemel en liet mij een heel grote kamer zien met muren van solide goud. Alfabetische letters waren hier en daar in de muren gegrift. De scéne had veel weg van een enorm grote bibliotheek, maar de boeken waren in de muur ingesloten in plaats van op boekenplanken gezet. Engelen in lange klederen namen boeken uit de muren en bestudeerden ze naukeurig. Het scheen dat bij hun werk de orde streng werd gehandhaafd. Ik merkte op dat de boeken dikke gouden kaften hadden en dat sommige van de pagina's rood waren. De boeken waren erg mooi. De engel die bij mij was zei dat deze boeken een verslag bevatten van het leven van ieder mens die ooit op de aarde geboren was. Mij werd verteld dat er op een andere plaats meer kamers waren met nog meer verslagen. Van tijd tot tijd brachten de aartsengelen de verslagen voor God voor Zijn goedkeuring of afkeuring. De boeken bevatten gebedsverzoeken, profetieën, houdingen, groei in de Here, zielen tot Christus geleid, de vrucht van de Geest en nog veel meer. Alles wat wij op aarde doen is door de engelen opgetekend in één van de boeken. Telkens nam een engel een boek uit de muur en waste dan de bladzijden met een zachte doek. De gewassen bladzijden werden rood. Een Hemelse Ladder De Geest van de Here bracht mij het volgende visioen. Ik zag een grote geestelijke ladder die nederdaalde van de hemel naar de aarde. Aan een kant van de ladder daalden engelen naar de aarde, terwijl zij aan de andere kant omhoog klommen. De engelen op de ladder hadden geen vleugels, maar iedere engel had een boek met een naam op de voorkaft geschreven. Sommigen van de engelen schenen aanwijzingen te geven en vragen te beantwoorden die de andere engelen hen stelden. Als de aanwijzingen waren ontvangen en hun vragen beantwoord waren, verdwenen zij. Ik zag ook andere ladders in andere delen van de aarde. Engelen waren aanhoudend in beweging, klimmend en dalend. De engelen bewogen zich met vrijmoedigheid en autoriteit, aangezien zij boodschappers waren met opdrachten van God.
A Divine Revelation of Hell...........deel 24
24. Gods laatste pleidooi Jezus zei: "Vermaant hen die in de wereld zijn niet hooghartig te zijn en niet te vertrouwen op onzekere rijkdom, maar op de levende God, die ons alles rijkelijk geeft om ervan te genieten. Wandel in de Geest, en u zult niet toegeven aan de begeerte van het vlees. "Dwaalt niet, God laat niet met zich spotten. Want wat een mens zaait, zal hij ook oogsten. Zaait op (de akker van) het vlees, en u zult verderf oogsten. Zaait op (de akker van) de Geest en u zult eeuwig leven oogsten. De werken van het vlees zijn: overspel, hoererij, onreinheid, afgoderij, toverij, twist, afgunst, dronkenschap, brasserijen, en dergelijke. Zij, die dergelijke dingen bedrijven zullen het Koninkrijk van God niet beërven. "De vrucht van de Geest is liefde, blijdschap, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, trouw, zachtmoedigheid en zelfbeheersing. Want wie Christus toebehoren, hebben het vlees met zijn hartstochten en begeerten gekruisigd. "Wanneer het Woord van God vervuld is geworden zal het einde komen. Niemand weet de dag noch het uur dat de Zoon van God naar de aarde zal wederkeren. Ook de Zoon weet het niet, want het is alleen bekend bij de Vader. Het Woord wordt haastig vervuld. Kom als een kind, en laat Mij u reinigen van de werken van het vlees. Zeg tot Mij: "Here Jezus, kom in mijn hart, en vergeef mij al mijn zonden. Ik weet dat ik een zondaar ben, en ik heb berouw van mijn zonden. Was mij in Uw bloed, en maak mij rein. Ik heb gezondigd tegen de hemel en tegen U en ik ben niet waardig Uw kind genoemd te worden. Door het geloof ontvang ik U nu als mijn Redder". "Ik zal u voorgangers naar Mijn eigen hart geven, en Ik zal uw Herder zijn. Gij zult Mijn volk zijn, en Ik zal uw God zijn. Leest het Woord, en verzuimt uw eigen bijeenkomsten niet. Geeft uw gehele leven aan Mij en Ik zal u bewaren. Ik zal u nooit verlaten of begeven". Mensen, door die ene Geest hebben wij toegang tot de Vader. Ik bid dat u allen zult komen om uw hart aan de Heer te geven.
A Divine Revelation of Hell...........deel 23
23. De wederkomst van Christus Ik zag de komst van de Here. Ik hoorde Zijn roepen als het klinken van een bazuin en de stem van een aartsengel. En de hele aarde schudde, en uit de graven kwamen de rechtvaardige doden om hun Heer in de lucht te ontmoeten. Het scheen mij toe dat de bazuinen urenlang klonken en de aarde en de zee gaven hun doden op. De Here Jezus Christus stond bovenop de wolken in een gewaad van vuur en aanschouwde het glorieuze tafereel. Weer hoorde ik het geluid van de bazuinen. Terwijl ik toekeek begonnen de levenden die achterbleven op aarde op te stijgen om hen te ontmoeten. Ik zag de verlosten als miljoenen lichtpunten zich samenvoegen op een vergaderplaats in de lucht. Daar gaven de engelen hun gewaden van het puurste wit. Er was grote vreugde. Het werd de engelen gegeven om de orde te bewaren en zij schenen overal te zijn. Zij gaven speciale aandacht aan de verrezenen. De verlosten ontvingen een nieuw lichaam en zij werden veranderd terwijl zij door de lucht gingen. Grote vreugde en geluk vulden de hemelen en de engelen zongen: "Glorie voor de Koning der koningen!" Hoog in de hemelen aanschouwde ik een groot geestelijk lichaam - het was het lichaam van Christus. En het lichaam lag op zijn rug op een bed, en bloed druppelde op de aarde. Ik wist dat dit het geslagen lichaam van onze Here was. En toen werd het lichaam groter en groter totdat het de hemelen vulde. En miljoenen vrijgekochten gingen in en uit. Ik zag in grote verbazing dat miljoenen mensen trappen naar het lichaam beklommen en het begonnen te vullen, te beginnen met de voeten en vervolgens de benen, dan de armen, de buik, het hart en het hoofd. En toen het lichaam vol was, zag ik dat het gevuld was met mannen en vrouwen van iedere natie, volk en taal van de aarde. En met een machtige stem prezen zij de HERE. Miljoenen waren gezeten voor een troon, en ik zag engelen terwijl zij de boeken brachten waaruit het oordeel werd voorgelezen. Daar was het verzoendeksel en aan velen werden beloningen gegeven. Toen, terwijl ik bleef kijken bedekte duisternis het oppervlak van de aarde en overal waren demonische machten. Ontelbaar vele boze geesten waren uit hun gevangenis bevrijd en werden op de aarde geworpen. Ik hoorde de Here zeggen: "Wee de bewoners van de aarde, want satan is gekomen om onder u te wonen". Ik zag een kwaad beest en hij stortte zijn venijn uit over de hele aarde. De hel schudde in haar furie en uit een bodemloze put kwamen horden van slechte creaturen die krioelden over heel de aarde. Ze maakten de aarde zwart met hun enorme aantallen. Mannen en vrouwen renden roepend om hulp naar de heuvels, de grotten en de bergen. En er waren oorlogen op de aarde en er was hongersnood en dood. Ten slotte zag ik vurige paarden en wagens in de hemelen. De aarde beefde en de zon werd rood als bloed. En een engel riep: "Hoor, o aarde, de Koning komt!" En daar verscheen in de lucht de Koning der koningen en de Heer der heren, en met Hem waren de heiligen van alle eeuwen, gekleed in pure witte gewaden. En ik herinnerde mij dat de bijbel zegt dat elk oog Hem zal zien en elke knie zich voor Hem zal buigen. Toen begonnen de engelen met hun sikkel het gerijpte graan te oogsten - dit is het einde van de wereld. Jezus zei: "Bekeert u en laat u verlossen, want het Koninkrijk van God is nabij. Mijn wil en Mijn Woord zullen volbracht worden. Bereidt de weg de Heren". En ik dacht: Wij moeten elkander liefhebben. Wij moeten vaststaan in de waarheid en onze kinderen corrigeren in het licht van de spoedige komst van Christus. Want voorzeker, de Koning komt spoedig!
A Divine Revelation of Hell...........deel 22
22. Het merkteken van het beest Ik hoorde de Here zeggen: "Mijn Geest zal niet altijd strijden met de mens. Kom en zie het beest. "Gedurende de laatste dagen zal een slecht beest opkomen uit de aarde en velen verleiden uit iedere natie op de aarde. Hij zal eisen dat iedereen zijn merkteken draagt, nummer 666, op hun hand of op hun voorhoofd. Iedereen die het merkteken ontvangt zal het beest toebehoren en zal met hem geworpen worden in de poel van vuur die brandt van vuur en zwavel. "Het beest zal oprijzen onder de toejuichingen van de wereld, want hij zal zoveel vrede en voorspoed brengen dat niemand ooit iets dergelijks heeft meegemaakt. Wanneer hij de wereldheerschappij heeft verkregen zullen diegenen die zijn merkteken niet op hun voorhoofd of op hun hand hebben, niet in staat zijn om voedsel, kleren, auto's, huizen of wat dan ook te kopen. Noch zullen zij in staat zijn om iets dat zij bezitten te verkopen aan iemand anders, tenzij zij het merkteken hebben. "De Here God verklaart nadrukkelijk dat zij die het merkteken dragen, hun getrouwheid aan het beest hebben bevestigd en voor altijd van de Here God afgesneden zullen worden. Zij zullen hun deel hebben met de ongelovigen en de werkers der ongerechtigheid. Het merkteken verklaart eenvoudig dat zij die het bezitten, God hebben verworpen en zich tot het beest hebben gekeerd voor hun levensonderhoud. "Het beest en zijn volgelingen zullen hen die het merkteken weigeren, vervolgen en zij zullen velen van hen doden. Zij zullen grote druk uitoefenen op degenen die in de ware God geloven om hen te dwingen het merkteken aan te nemen. Kinderen en baby's zullen gedood worden voor de ogen van de ouders die weigeren het merkteken te dragen. Het zal een tijd van grote rouw zijn. "Zij, die het merkteken bezitten, zullen gedwongen worden hun bezittingen aan het beest te geven in ruil voor de belofte dat het beest zal voorzien in alle noden van zijn volgelingen. "Sommigen van u zullen verzwakken en zich overgeven aan het beest en zijn merkteken op hun hand of voorhoofd ontvangen. U zult zeggen: "God zal vergeven, God zal begrip hebben". Maar Ik zal niet op Mijn Woord terugkomen. Ik heb u herhaaldelijk gewaarschuwd door de mond van Mijn profeten en dienaars van het Evangelie. Bekeert u nu, terwijl het nog dag is, want de nacht komt waarin het oordeel voor altijd zal vastgesteld worden. "Als u het beest niet gehoorzaamt en weigert zijn merkteken te dragen, zal Ik voor u zorgen. Ik zeg niet dat velen niet voor hun geloof zullen moeten sterven in die tijd, want velen zullen onthoofd worden omdat zij op de Here God vertrouwden. Maar gezegend zijn zij die in de Here sterven, want hun loon zal groot zijn. "Het is waar dat er een tijd van vrede en voorspoed zal aanbreken en gedurende die tijd zal het beest aan populariteit en respect winnen. Hij zal de problemen van de wereld in het niets doen verdwijnen - maar de vrede zal eindigen in bloedvergieten en de voorspoed zal in het land veranderen in grote hongersnood. "Vrees niet voor wat een mens u kan doen, maar vrees hem die uw ziel en lichaam in de hel kan werpen. Want al zal er grote vervolging zijn en zullen de verdrukkingen vermenigvuldigd worden, Ik zal u door alles heen bevrijden. "Maar voordat die boze dag komt zal Ik een machtig leger verwekken dat Mij zal aanbidden in geest en in waarheid. Het leger van de Heer zal machtige heldenfeiten verrichten en wonderbare daden voor Mij doen. Daarom, komt te zamen en aanbidt Mij in geest en in waarheid. Brengt de vruchten der gerechtigheid binnen en geeft Mij wat Mij toekomt, en Ik zal u bewaren voor het boze uur. Bekeert u nu, en wordt behouden, dan zult u bewaard worden voor de vreselijke dingen die de onverstandigen en onbekeerden zullen overkomen. "Het loon dat de zonde geeft is de dood, maar de genade die God schenkt, is het eeuwige leven. Roept Mij aan terwijl u nog kunt en Ik zal u aannemen en vergeven. Ik heb u lief en het is niet Mijn wil dat u verloren gaat. "Geloof dit verslag en leeft. Kiest heden wie u dienen wilt". * * *
A Divine Revelation of Hell...........deel 21
21. Valse religie De Here zei: "Als de mensen op aarde naar Mij willen luisteren en zich bekeren van hun zonden, zal Ik de werkingen van de antichrist en het beest tegenhouden tot er een tijd van verfrissing komt. Bekeerden de inwoners van Ninevé zich niet op de prediking van Jona? Ik ben Dezelfde, gisteren, vandaag en tot in eeuwigheid. Bekeert u, en Ik zal een tijd van zegen zenden". Toen hoorde ik Jezus zeggen: "Mijn volgelingen zouden elkaar moeten liefhebben en elkaar moeten helpen. Zij moeten de zonde haten en de zondaar liefhebben. Door het zien van deze liefde zullen alle mensen weten dat u Mijn discipelen bent". Toen Jezus sprak opende de aarde zich en waren we terug in de hel. Ik zag een heuvelkant bezaaid met dode boomstammen en daar overal tussendoor was een grijsachtige grond. Ik zag ook kleine putten in de heuvelzijde, en de grijze vormen van mensen die liepen en praatten. Ik volgde Jezus op een zeer krom, slingerend en vuil spoor dat omhoog voerde de grijze heuvel op. Toen wij naderbij kwamen zag ik dat de mensen volledig waren, maar wel dood. Zij waren samengesteld van grijs dood vlees, en zij waren verbonden met een touw van slavernij, een soort koord van grijs materiaal dat zich geheel rondom de mensen op de heuvel wond. Hoewel er geen vuur te zien was, wist ik dat dit een deel van de hel was, want dood vlees viel van de beenderen van de mensen en groeide dan weer vlug aan. De dood was overal, maar de mensen schenen er geen erg in te hebben - zij waren geheel verdiept in hun gesprekken. Jezus zei: "Laten wij luisteren naar wat zij zeggen". Een man zei tegen een ander: "Heb je gehoord over deze man Jezus die kwam om de zonde weg te nemen?" Iemand antwoordde: "Ik ken Jezus. Hij heeft mijn zonden weggewassen. Feitelijk weet ik niet wat ik hier doe". "Ik ook niet", zei de eerste man. Weer een ander zei: "Ik probeerde tegen mijn buurman te getuigen over Jezus, maar hij wilde niet eens luisteren. Toen zijn vrouw stierf kwam hij naar me toe om geld te lenen voor de begrafenis, maar ik herinnerde me dat Jezus had gezegd dat wij voorzichtig moesten zijn als de slangen en argeloos als de duiven. Daarom wees ik hem af. Hoe dan ook, ik wist dat hij het geld aan iets anders zou besteden. Wij moeten goede rentmeesters van ons geld zijn, weet u". De man die het eerst gesproken had, sprak weer. "Ja broeder", zie hij: "een jongen in onze kerk had kleren en schoenen nodig, maar zijn vader drinkt, daarom weigerde ik om iets voor zijn zoon te kopen - wij hebben die man werkelijk een les geleerd". "Wel", zei weer een andere man, terwijl hij het touw van slavernij in zijn handen hield en het nerveus helemaal om zich heen wond: "wij moeten anderen altijd leren hoe als Jezus te leven. Die man had niet het recht om te drinken. Laat hem maar lijden". Jezus zei: "O onverstandigen en tragen van hart, laat de waarheid tot u doordringen, en hebt elkander lief met een vurige liefde. Helpt de hulpelozen. Geeft aan hen die in nood zijn zonder iets terug te verwachten. "Als u berouw toont, o aarde, dan zal Ik u zegenen en niet vervloeken. Ontwaakt uit uw slaap en komt tot Mij. Vernedert u en buigt uw harten voor Mij en Ik zal tot u komen en bij u wonen. Gij zult Mijn volk zijn en Ik zal uw God zijn".
A Divine Revelation of Hell...........deel 20
20. De hemel Ik was vele dagen ziek nadat ik in de kaken van de hel was achtergelaten. Ik moest het licht aan hebben wanneer ik sliep. Ik moest de bijbel altijd bij mij hebben en ik las er aanhoudend in. Mijn ziel was in ernstige shock. Ik wist nu wat de verlorenen doormaakten wanneer zij voorgoed naar de hel gingen. Jezus zei telkens: "Vrede, wees stil", en dan stroomde de vrede mijn ziel binnen. Maar een paar minuten later werd ik weer gillend wakker, hysterisch van angst. Gedurende deze tijd wist ik dat ik nooit alleen was, Jezus was er altijd. Maar zelfs met die wetenschap kon ik soms Zijn tegenwoordigheid niet ervaren. En ik was zo bang dat ik weer naar de hel terug moest dat ik soms zelfs bevreesd was om Jezus bij me te hebben. Ik probeerde anderen te vertellen over mijn ervaringen in de hel. Zij wilden niet naar mij luisteren. Ik smeekte hen: "Alstublieft, bekeert u van uw zonden, voordat het te laat is". Maar het was moeilijk voor de mensen om te geloven wat ik hun vertelde over de folteringen waar ik doorheen was gegaan en dat Jezus mij had gezegd dat ik over de hel moest schrijven. De Here verzekerde mij dat Hij de Here, mijn Heelmeester, was. En hoewel ik dacht dat ik nooit ten volle zou herstellen: de genezing kwam. En toen gebeurde het weer. Nogmaals was ik in de geest met de Here Jezus, en wij stegen hoog de lucht in. Jezus zei: "Ik wil je de liefde en goedheid van God laten zien en gedeelten van de hemel. Ik wil dat je de wonderlijke werken van de Here ziet, die zo prachtig zijn om te aanschouwen". Voor ons zag ik twee reusachtige planeten, heerlijk-mooi en glorieus in al hun luister. God Zelf was daar het licht. Een engel kwam ons tegemoet en zei tegen mij: "Zie de goedheid en liefde van de Here uw God. Zijn goedertierenheid is tot in eeuwigheid". Er ging zoveel liefde en tederheid van de engel uit dat ik op het punt stond te wenen, maar toen sprak hij weer: "Aanschouw de kracht en de macht en de majesteit van God. Laat mij u de plaats tonen die Hij voor de kinderen heeft geschapen". Opeens rees daar een grote planeet voor ons op, een planeet zo groot als de aarde. En toen hoorde ik de stem van de Vader zeggen; "De Vader, de Zoon en de Heilige Geest zijn allen één. De Vader en de Zoon zijn één, en de Vader en de Heilige Geest zijn één. Ik zond Mijn Zoon om te sterven op een kruis, zodat niemand verloren behoefde te gaan. "Maar", zei Hij met een glimlach, "Ik zou je de plaats laten zien die Ik voor Mijn kinderen heb gemaakt. Ik heb alle kinderen zeer lief. Ik bekommer Mij erom wanneer een moeder een kind verliest, zoals de vrucht in jou schoot te vroeg werd geboren, Mijn kind. Je ziet, Ik weet alle dingen en Ik draag zorg voor Mijn kinderen. "Vanaf de tijd dat er leven is in de moederschoot weet Ik ervan. Ik heb kennis van de baby's die vermoord worden terwijl zij nog in het lichaam van hun moeder zijn - de geaborteerde levens die verworpen zijn en ongewenst. Ik weet alles van de doodgeborenen en van die kinderen die worden geboren met gebreken waardoor ze kreupel of verlamd raken. Vanaf de tijd van de ontvangenis is het een ziel. "Mijn engelen dalen naar beneden en brengen de kinderen naar Mij wanneer zij sterven. Ik heb een plaats waar zij kunnen groeien, leren en geliefd worden. Ik geef ze complete lichamen en herstel welke delen zij ook missen. Ik geef ze verheerlijkte lichamen". Over de hele planeet kon men voelen dat men geliefd was, er was een gevoel van volmaakt welzijn. Alles was volmaakt. Hier en daar tussen het weelderige gras en de poelen van kristalhelder water waren speelterreinen met marmeren zitplaatsen en glanzend gewreven houten banken om op te zitten. En er waren kinderen die zich met allerlei soorten activiteiten bezighielden. Elk kind droeg een smetteloos wit kleed en sandalen. De witte klederen waren zo helder dat ze glinsterden in het heerlijke licht op de planeet. Een overvloed van kleuren overal benadrukten de witheid van de klederen van de kinderen. Engelen waren de bewakers van de poorten en de namen van de kinderen werden alle in een boek geschreven. Ik zag kinderen het Woord van God leren en zag dat ze muziekles kregen uit een gouden boek. Ik was verbaasd toen ik allerlei soort dieren naar de kinderen toe zag komen of naast hen zag zitten, terwijl de kinderen in deze engelenschool waren. Er waren geen tranen en er was geen verdriet. Alles was uitermate mooi en overal was vreugde en geluk. Toen liet de engel mij een andere planeet zien die vóór mij scheen als een groot licht. Het licht scheen met een glans als van een miljoen sterren, en alles op de planeet was levend en vol van schoonheid. In de verte zag ik twee bergen die gemaakt waren van puur goud, en dichter bij mij stonden twee gouden poorten ingelegd met diamanten en andere kostbare gesteenten. Ik wist dat dit de nieuwe aarde was en dat de stad die in glorie voor mij lag het nieuwe Jeruzalem was: de stad van God neergedaald naar de aarde. En toen was ik terug op de oude aarde - de aarde zoals die was vóórdat de laatste vuren haar zouden zuiveren en reinigen voor Gods glorieuze doel. En hier was ook een nieuw Jeruzalem, de hoofdstad van het duizendjarig rijk. En ik zag mensen uit de rotsholen en uit de bergen komen en op weg gaan naar deze stad. Hier was Jezus Koning, en de natiën van de gehele aarde brachten Hem gaven en bewezen Hem hulde. Jezus gaf mij de vertolking van mijn visioen. Hij zei: "Spoedig zal Ik wederkomen en eerst met Mij mee naar de hemel nemen de rechtvaardige gestorvenen, dan zullen zij die levend achterbleven, opgenomen worden en Mij ontmoeten in de lucht. Hierop volgt de regering van de Anti-christ, hij zal op aarde regeren voor een vastgestelde tijd, en er zullen verdrukkingen zijn zoals er nimmer op aarde zijn geweest, en ook nooit meer wezen zullen. "En dan zal Ik terugkeren met Mijn heiligen, en satan zal in de bodemloze put geworpen worden waar hij duizend jaren gebonden zal zijn. Gedurende die duizend jaar zal Ik vanuit Jeruzalem regeren over de gehele aarde. Wanneer het duizendjarig rijk voorbij is zal satan tijdelijk losgelaten worden en Ik zal hem verslaan door de schittering van Mijn komst. De oude aarde zal voorbijgaan. "Zie er zal een nieuwe aarde komen en een nieuw Jeruzalem zal nederdalen op de aarde - en Ik zal regeren tot in alle eeuwigheden".
A Divine Revelation of Hell...........deel 19 b.
19b. De kaken van de hel Vlak voor mijn ogen begon de vrouw te veranderen in een man, een kat, een paard, een slang, een rat en een jonge man. Wat ze ook verkoos te zijn, dat was zij. Zij bezat geweldige boze kracht. Boven haar kamer stond geschreven: "Koningin van Satan". Het beest liep door en het leek wel uren voordat het stopte. Met een stoot werd ik van het beest op de grond geworpen. Ik keek op en zag een leger van mannen te paard naar mij toe komen rijden. Ik werd gedwongen opzij te gaan toen zij passeerden. Zij waren ook geraamten met de vuilgrijze kleur van de dood. Nadat zij gepasseerd waren werd ik van de grond opgepikt en in een cel gegooid. Toen iemand de deur op slot deed keek ik vol afschuw de cel rond en huilde. Ik bad, maar zonder hoop. Ik weende en bekeerde mij wel duizend keer van mijn zonden. Ja, ik dacht aan de vele dingen die ik had kunnen doen om anderen tot Christus te leiden en om mensen te helpen wanneer ze mij nodig hadden. Ik had berouw van de dingen die ik had gedaan en van de dingen die ik ongedaan had gelaten. "O Here, red mij", riep ik uit. Telkens en telkens weer riep ik tot God om mij te helpen. Ik kon Hem niet zien of voelen. Ik was in de hel precies als al diegenen die ik had gezien. Ik viel op de grond in pijn en weende. Ik voelde dat ik voor altijd verloren was. Uren gingen voorbij, en telkens weer kwam dit harde geluid en dan vielen er weer andere zielen in de hel. Ik bleef roepen: "Jezus, waar bent U?" Er kwam geen antwoord. De wormen begonnen weer te kruipen binnenin mijn geestesvorm. Ik kon ze vanbinnen overal voelen. De dood was overal. Ik had geen vlees, geen organen, geen bloed, geen lichaam en geen hoop. Ik bleef de wormen uit mijn skaletvorm plukken. Ik wist alles wat er gebeurde en ik wilde doodgaan, maar ik kon niet. Mijn ziel zou voor eeuwig leven. Ik begon te zingen over het leven en de kracht die in het bloed van Jezus zijn, het bloed dat in staat is om van zonden te redden. Toen ik dit deed kwamen er grote demonen op mij af met speren, al schreeuwende: "Stop dat!" Zij doorstaken mij met de speren en ik voelde hete vuurstralen als de punten door mijn vorm gingen. Zij staken mij aanhoudend. Op een zangerige toon dreunden ze gedurig: "Hier is satan God. Wij haten Jezus en alles waarvoor Hij staat!" Toen ik niet wilde stoppen met zingen haalden ze mij uit de cel en sleepten mij naar een grote opening. "Als je niet stil bent", zeiden ze: "zul je zwaardere folteringen krijgen". Ik stopte met zingen en eindelijk brachten ze mij terug in de cel. Ik herinnerde mij een bijbelvers over gevallen engelen die in ketenen bewaard worden tot het laatste oordeel. Ik vroeg mij af of dit mijn oordeel was. "Here, red de mensen op aarde", schreide ik: "Schud ze wakker voor het te laat is". Vele bijbelverzen kwamen mij in de gedachten, maar ik was bang voor de demonen en zei ze niet hardop. Gekerm en gegil vulden de vuile lucht. Een rat kroop naar me toe. Ik schopte het beest weg. Ik dacht aan mijn man en kinderen. "O God, laat ze niet hier komen", smeekte ik, want ik wist zeker dat ik in de hel was. God kan mij niet horen. De oren van de Almachtige zijn gesloten voor het gekerm in de hel, dacht ik. Als er maar iemand wilde luisteren. Een grote rat rende mijn been op en beet me. Ik gilde en trok haar van mij af. Er was een ontzettende, snijdende pijn. Een vuur dat nergens vandaan kwam begon langzaam naar mij toe te branden. Seconden, minuten, uren gingen voorbij. Ik was een zondaar die naar de hel was gegaan. "O dood, kom alsjeblieft", huilde ik. Mijn kermend geroep scheen de kaken van de hel geheel te vullen. Anderen deden mee met mijn geweeklaag: voor eeuwig verloren, geen uitkomst! Ik wilde dood maar kon niet. Ik viel in een hoopje op de grond, en voelde al de martelingen. Ik hoorde de kaken weer opengaan, en er kwamen meer zielen binnen. De vuren waren me nu aan het verbranden en ik voelde een nieuwe pijn. Ik beleefde bewust alles wat er gebeurde. Ik had een scherp, helder verstand. Ik wist al deze dingen en ik wist dat wanneer zielen die niet gered zijn van hun zonden op aarde sterven, hier in de hel komen. "O mijn God, red mij", riep ik schreiend: "Alstublieft, red ons allen". Ik herinnerde mij mijn hele leven en al de mensen die mij over Jezus hadden verteld. Ik herinnerde mij dat ik voor de zieken had gebeden en hoe Jezus hen genezen had. Ik herinnerde mij Zijn woorden van liefde en troost en Zijn getrouwheid. Als ik maar meer als Jezus was geweest, dan zou ik hier niet zijn, dacht ik. Ik dacht aan al de goede dingen die God mij had gegeven - dat Hij mij zelfs de lucht die ik inademde had gegeven, voedsel, kinderen, een huis, en goede dingen om van te genieten. Maar, als Hij een goede God is, waarom ben ik dan hier? Ik had geen kracht om op te staan, maar mijn ziel bleef aanhoudend roepen; "Laat mij eruit". Ik wist dat boven mij het leven doorging en dat mijn vrienden en familie hun normale leven leefden. Ik wist dat er gelach, liefde en vriendelijkheid was ergens daarboven. Maar zelfs dat begon te vervagen in de ontzettende pijn. Schemerduister en een vuile dikke mist vulde dit deel van de hel. Overal was een dofgeel licht en de geur van rottend vlees en verderf was zo sterk dat het bijna onverdragelijk was. Minuten schenen uren en uren reikten tot in een eeuwigheid. O, wanneer zou dit een einde nemen? Ik kreeg geen slaap, geen rust, geen voedsel en geen water, ik had grote honger en was dostiger dan ik ooit in mijn leven was geweest. Ik was zo moe en zo slaperig - maar de pijn verminderde geen moment. Iedere keer dat de kaken zich openden stortte men weer een lading verloren mensheid in de hel. Ik vroeg me af of er iemand bij was die ik kende. Zouden ze mijn man hier brengen? Uren waren voorbij gegaan sinds ik in de kaken van de hel was aangekomen. Maar toen merkte ik dat een licht de ruimte begon te vullen. Plotseling stopte het vuur, de rat rende weg, en de pijn verliet mijn lichaam. Ik keek rond of er enige mogelijkheid tot ontsnapping was, maar die was er niet. Ik vroeg mij af wat er aan de hand was, ik wist dat dit iets vreselijks was. En toen begon de hel te schudden, en het vlammende vuur kwam er weer aan. Daar kwamen weer de slangen en de ratten en de wormen! Ondragelijke pijn vulde mijn ziel toen de folteringen weer begonnen. "O God, laat mij sterven", gilde ik terwijl ik met mijn knokige handen op de aarden vloer van de cel begon te slaan. Ik gilde en riep, maar niemand wist het of gaf er enige aandacht aan. Opeens werd ik uit de cel getild door een onzichtbare kracht. Toen ik weer tot bewustzijn kwam stond ik samen met de Here naast mijn huis. Ik riep schreiend uit: "Waarom Heer, waarom?" en viel in wanhoop aan Zijn voeten. Jezus zei: "Vrede, wees stil". Onmiddellijk had ik vrede. Hij tilde mij liefdevol op en ik viel in slaap in Zijn armen. Toen ik de volgende dag wakker werd was ik erg ziek. Dagenlang doorleefde ik de verschrikkingen van de hel en de martelingen. 's Nachts werd ik gillend wakker en riep dat er wormen in mij kropen. Ik was erg bang voor de hel.
A Divine Revelation of Hell...........deel 19 a.
19a. De kaken van de hel De volgende nacht gingen Jezus en ik de kaken van de hel binnen. Jezus zei: "Wij zijn nu bijna de hel doorgegaan, mijn kind. Ik zal je niet de gehele hel laten zien. Maar Ik wil dat je wat Ik je heb getoond, de wereld zal vertellen. Zeg hun dat de hel werkelijk bestaat. Zeg hun dat dit verslag de waarheid is". Tijdens onze wandeling stonden we stil op een heuvel vanwaar men een kleine vallei kon zien. Zo ver als ik kon kijken bedekten hopen mensenzielen de zijden van de heuvel. Ik kon hun geweeklaag horen. De plaats was vol van groot lawaai. Jezus zei: "Mijn kind, dit zijn de kaken van de hel. Elke keer dat de mond van de hel zich opent, zul je dat harde geluid horen". De zielen probeerden eruit te komen, maar zij konden niet want zij waren ingesloten in de zijden van de hel. Terwijl Jezus sprak zag ik vele donkere vormen langs ons naar beneden vallen en met een bons onderaan de heuvel neerploffen. Demonen met grote ketenen sleepten de zielen weg. Jezus zei: "Dit zijn de zielen die zojuist op aarde gestorven zijn en in de hel aankomen. Deze activiteit gaat dag en nacht door". Plotseling vulde een grote stilte de plaats. Jezus zei: "Ik heb je lief Mijn kind, en Ik wil dat je de mensen op aarde over de hel vertelt". Ik keek ver naar beneden in de kaken van de hel door een soort van patrijspoort in de zijkanten van de kaken. Kreten van pijn vanwege de folteringen stegen vandaar omhoog. Wanneer zal dit allemaal een einde nemen? vroeg ik me af. Ik zou zo blij zijn als ik weg van dit alles was en rust mocht hebben. Toen, opeens, voelde ik me erg verloren. Ik kan niet zeggen hoe, maar ik wist met mijn hele hart dat Jezus weg was. Ik voelde me erg bedroefd. Ik keek naar de plek waar Hij was geweest. Ik had gelijk, er was geen Jezus! "O nee!" riep ik uit: "Niet nog eens! O Jezus, waar bent U?" Wat u nu zult lezen zal u schrik aanjagen. Ik bid dat het u genoeg zal doen schrikken om u tot een gelovige te maken. Ik bid dat u zich zult bekeren van uw zonden, zodat u niet naar die vreselijke plaats hoeft te gaan. Ook bid ik dat u me zult geloven, want ik wil niet dat dit iemand anders zal overkomen. Ik heb u lief en hoop dat u ontwaakt voor het te laat is. Als u die dit leest een christen bent, verzeker u van uw redding. Wees gereed te allen tijde om de Here te ontmoeten, want het gebeurt soms dat er geen tijd meer is om u te bekeren. Houd uw lamp brandende en vol van olie. Wees gereed, want u weet niet wanneer Hij terug zal komen. Als u niet wedergeboren bent, lees dan Johannes 3:16-19 en roep de naam van de Here aan. Hij zal u redden van deze plaats vol martelingen. Toen ik om Jezus riep, begon ik de heuvel af te rennen om Hem te zoeken. Ik werd tegengehouden door een grote demon met een keten. Hij lachte en zei: "Er is geen plaats waar je naartoe kan rennen, vrouw. Jezus is niet hier om je te redden. Je bent voor altijd in de hel". "O nee" riep ik, "laat me gaan!" Ik vocht tegen hem met al mij kracht maar was spoedig gebonden met een keten en werd op de grond geworpen. Terwijl ik daar lag begon een vreemde, kleffe massa mijn lichaam te bedekken. Het had zo'n verschrikkelijke stank dat ik misselijk werd. Ik wist niet wat er ging gebeuren. En toen voelde ik dat mijn vlees en huid van mijn botten begon te vallen! Vol afgrijzen gilde en gilde ik. "O Jezus" schreeuwde ik: "waar bent U?" Ik keek naar mezelf en zag dat gaten begonnen te verschijnen over al het vlees dat ik nog had. Ik begon een vuilgrijze kleur te krijgen en grijs vlees viel van mij af. Er waren gaten in mijn zijden, mijn benen, mijn handen en mijn armen. Ik schreeuwde: "O nee! Ik ben voor eeuwig in de hel! O nee!" Ik begon de wormen binnenin mij te voelen en toen ik keek zag ik dat mijn beenderen wemelden van de wormen. Zelfs wanneer ik ze niet kon zien, wist ik dat ze er waren. Ik probeerde ze van mij af te trekken, maar als me dat lukte kwamen er meer om hun plaats in te nemen. Ik kon in feite het verderf in mij lichaam voelen. Ja, ik wist alles en kon me precies herinneren wat er op aarde gebeurd was. Ik kon de martelingen van de hel voelen, zien, ruiken, horen en proeven. Ik kon binnenin mijzelf zien. Ik was niets dan een vuile skeletachtige vorm, en toch kon ik alles voelen wat er met mij gebeurde. Ik zag anderen zoals ikzelf was. Zo ver als ik kon zien waren er zielen. Ik riep uit in grote pijn: "O Jezus! Help mij alstublieft Jezus". Ik wilde sterven, maar kon niet. Ik voelde het vuur weer tegen mijn benen opvlammen. Ik gilde: "Waar bent u Jezus?" Ik rolde om en om op de grond en huilde en kermde met al die anderen mee. Wij lagen in de kaken van de hel in kleine hoopjes, als weggegooid afval. Onze ziel leed ondragelijke pijnen. Ik gilde telkens weer: "Waar bent U Jezus? Waar bent U Jezus?" Ik vroeg mij af of dit alleen maar een droom was. Zou ik wakker worden? Was ik werkelijk in de hel? Had ik de één of andere grote zonde tegen God bedreven, en mijn behoudenis verloren? Wat was er gebeurd? Had ik gezondigd tegen de Heilige Geest? Ik herinnerde mij al het bijbelonderwijs dat ik ooit had gehoord. Ik wist dat mijn gezin ergens boven mij wass. Met ontzetting realiseerde ik mij dat ik in de hel was net als al die andere zielen die ik gezien had en met wie ik had gesproken. Het voelde zo vreemd dat ik in staat was om volkomen door mijn lichaam heen te zien. De wormen begonnen weer door mij heen te kruipen. Ik voelde ze kruipen. Ik schreeuwde van angst en pijn. Juist toen zei een demon: "Jouw Jezus heeft je mooi in de steek gelaten, hé? Wel, je bent nu satans bezit!" Uit hem kwam een boosaardig lachen toen hij mijn vorm opraapte en mij bovenop "ïets" plaatste. Ik ontdekte al gauw dat ik op de rug van de levend-dode vorm van een soort beest zat. Het was, net als ik, vuilgrijs, vol van smerigheid en rottend dood vlees. Een afschuwelijke geur vulde de vuile lucht. Het beest nam mij mee omhoog naar een brede strook grond. Ik dacht: O Heer, waar bent U? Wij passeerden vele zielen die schreiden om verlossing. Ik hoorde het harde geluid van het openen van de kaken van de hel en meer zielen vielen langs mij naar beneden. Mijn handen waren op mijn rug samengebonden. De pijn was niet aanhoudend - zij kwam plotseling en ging opeens weer weg. Ik gilde iedere keer dat de pijnen kwamen en wachtte vol angst wanneer ze verminderden. Ik dacht: Hoe zal ik hier ooit uitkomen? Wat ligt we vóór mij? Is dit het einde? Wat heb ik gedaan dat ik de hel verdiend heb? "O Heer, waar bent U?" riep ik uit vol pijn. Ik schreide, maar er kwamen geen tranen - alleen droge snikken schudden mijn lichaam. Het dier stopte voor iets. Ik keek op en zag een prachtige kamer vol overdadige rijkdom en glanzende juwelen. In het midden van deze kamer was een mooie vrouw, gekleed in de dracht van een koningin. Ik vroeg mij in mijn staat van wanhoop af, wat dit te betekenen had. Ik zei: "Vrouw, alstublieft, help mij". Zij kwam dichtbij en spuwde in mijn vorm van een gezicht. Zij vervloekte mij en zei gemene dingen tegen mij. "O Heer, wat gaat er nu gebeuren!" schreide ik. Een boze lach kwam uit haar.
A Divine Revelation of Hell...........deel 18
18. Open visioenen van de hel De Here zei: "Dit visioen is voor de toekomst en het zal gebeuren. Maar Ik zal terugkomen om Mijn bruid, Mijn gemeente te verlossen en zij zullen deze dingen niet zien. Waak op, o Mijn volk! Blaas het alarm tot aan de einden van de aarde, want Ik zal wederkomen zoals Mijn Woord heeft gesproken". Ik aanschouwde het vurige serpent dat in de rechterarm van de hel was. Jezus zei: "Kom, zie wat de Geest tot de wereld zegt". Ik zag hoe de horens van het vurige serpent de lichamen van de mensen op de aarde binnendrongen. Velen werden geheel bezeten door het serpent. Terwijl ik toekeek zag ik een enorm beest in een grote ruimte oprijzen en in een man veranderen. De bewoners van de aarde renden van hem weg, sommigen naar de wildernis, sommigen naar grotten, en sommigen in de metro's en bomvrije schuiplaatsen. Zij zochten overal een schuiplaats om zich te verbergen voor de ogen van het beest. Niemand prees God of sprak over Jezus. Een stem zei tot mij: "Waar is Mijn volk?" Ik keek nauwkeuriger toe en zag mensen zich voortbewegen als doden. Er was een hopeloze droefheid in de lucht, en niemand keerde zich naar links of naar rechts. Ik zag dat de mensen geleid werden door een onzichtbare macht. Nu en dan sprak een stem vanuit de lucht tegen hen en zij gehoorzaamden de stem. Zij spraken niet met elkaar. Ik zag ook dat het nummer "666" op ieders voorhoofd en handen was geschreven. Ik zag soldaten en paarden de mensen bij elkaar jagen alsof zij vee waren. De Amerikaanse vlag lag als een vod in vlarden op de grond. Er was geen blijdschap, geen gelach, geen geluk. Overal zag ik het kwaad en de dood. De mensen liepen achter elkaar een grote supermarkt binnen. Zij bleven in de pas als ontmoedigde soldaten en waren indentiek gekleed in een soort gevangeniskleding. Een hoge schutting omringde de winkel, en bewakers stonden hier en daar op post. Waar ik ook keek zag ik soldaten in oorlogsuniform. Ik zag hoe deze zombie-achtige mensen, in een groep bijeengehouden, door de winkel geleid werden. Daar werd hun toegestaan alleen het allernoodzakelijkste te kopen. Als iemand zijn inkopen had gedaan werd hij geplaatst in een grote groene legertruck. De truck, goed bewaakt, werd daarna naar een ander terrein gereden. Hier, in een soort kliniek, werden deze mensen onderzocht voor besmettelijke ziekten of belemmerende handicaps. Een klein aantal van hen werd opzij geschoven als wegwerp materiaal. Spoedig werden zij, die bij het onderzoek afgekeurd waren, naar een andere kamer gebracht. In die kamer was een indrukwekkende reeks van schakelaars, knoppen en maatstokken die een gehele muur bedekten. Er ging een deur open en verscheidene technici kwamen binnen. Een van hen begon de namen af te roepen van de mensen in de kamer. Zonder tegenspartelen stonden zij op wanneer hun naam afgeroepen werd en marcheerden een grote container binnen. Toen zij binnen waren sloot een andere technicus de deur en haalde een schakelaar over in een paneel aan de muur. Een paar minuten later opende hij de deur, nam veger en blik en wat er nog van de mensen over was veegde hij van de vloer op. Niets dan een beetje stof was overgebleven van wat een kamer vol mensen was! Ik zag dat de mensen die bij het medische onderzoek goedgekeurd waren in dezelfde truck gebracht werden en naar een trein werden gereden. Niemand sprak of keek zelfs even naar een ander. Bij een ander gebouw gekomen kreeg iedere persoon een job toegewezen. Zij gingen allen zonder enige tegenspraak aan het werk. Ik keek toe terwijl zij erg hard werkten aan de hun toegewezen taak, en aan het eind van de dag werden zij naar een flatgebouw gebracht waaromheen een hoge schutting stond. Elk van hen ontkleedde zich en ging naar bed. Morgen zouden zij weer hard werken. Ik hoorde een luide stem de nachtlucht vullen. Ik zag een enorm beest dat op een grote troon zat. Alle mensen gehoorzaamden het beest. Ik zag geestelijke horens uit zijn hoofd groeien. Deze reikten tot in iedere plaats op de aarde en kwamen daar dan weer uit. Het beest gaf zichzelf vele gezaghebbende posities en vele functies, en hij kreeg grote macht. Het beest drong zichzelf binnen op vele plaatsen en misleidde vele mensen. Zowel de rijken en de beroemden werden bedrogen als de armen en degenen aan wie alle voorrechten ontnomenn waren. Klein en groot bewezen hem hulde. Een grote machine werd in een kantoor gebracht. Het beest zette zijn merk erop en toen kwam zijn stem eruit. Er was ook een "big brother" machine die in ieders huis en zaak kon zien. Er bestond slechts één machine van dit type en die was het bezit van het beest. Het deel van de machine dat in de huizen was geplaatst was onzichtbaar voor het blote oog, maar het kon iedere beweging volgen die de mensen maakten, en het liet het beest alles zien. Ik bleef kijken toen het beest zijn troon omdraaide en in mijn richting keek. Op zijn voorhoofd was het nummer 666. Terwijl ik toekeek zag ik een man in een ander kantoor erg boos worden op het beest. Hij eiste een gesprek met hem. Hij schreeuwde zo hard als hij kon. Het beest kwam tevoorschijn en leek erg beleefd toen hij zei: "Kom, ik kan u helpen om van al uw problemen af te komen". Het beest nam de boze man met zich mee naar een grote kamer en wees hem een grote tafel aan waarop hij moest gaan liggen. De kamer en de tafel deden mij denken aan een "eerste hulp bij ongelukken" kliniek. De man werd onder narcose gebracht en onder een grote machine gereden. Het beest hechtte staaldraden aan het hoofd van de man en zette de machine aan. Bovenop de machine stonden de woorden: "Deze gedachtenuitwisser en wilbewerker is het eigendom van het beest 666". Toen de man van de tafel werd gehaald hadden zijn ogen een afwezige blik, en zijn bewegingen deden mij denken aan een zombie in een film. Ik zag een grote witte plek bovenop zijn hoofd en ik wist dat zijn denkvermogen chirurgisch was veranderd, zodat hij door het beest beheerst kon worden. Het beest zei: "Nu mijnheer, voelt u zich nu niet beter? Heb ik niet gezegd dat ik al uw problemen op kon lossen? Ik heb u een nieuw verstand gegeven. Nu zult u geen zorgen of moeilijkheden meer hebben". De man zei geen woord. "U zult al mijn bevelen gehoorzamen", zei het beest terwijl hij een klein voorwerp oppakte en het aan de man zijn hemd hechtte. Hij sprak weer tegen de man en deze antwoordde zonder zijn lippen te bewegen. Hij bewoog als een levende dode. "U zult werken en niet kwaad of gefrustreerd worden, noch zult u huilen of bedroefd zijn. U zult voor mij werken totdat ik sterf. Ik heb er velen zoals u die ik beheers. Sommigen liegen, sommigen doden, sommigen stelen, sommigen voeren oorlog, sommigen hebben kinderen, sommigen werken aan machines, en er zijn er die andere dingen doen. Ja, ik heb alles onder controle". Hij lachte boosaardig. De man kreeg papieren om te tekenen. Graag gaf hij al zijn bezittingen aan het beest. In mijn visioen zag ik dat de man het kantoor van het beest verliet, in zijn auto stapte en naar huis reed. Toen hij bij zijn vrouw kwam probeerde zij hem te kussen, maar hij deed geen poging om te reageren. Hij had geen gevoelens voor zijn vrouw of voor iemand anders. Hij was niet meer in staat om enige emotie te voelen. De vrouw werd erg boos en ging te keer tegen haar man, maar er was geen reactie. Tenslotte zei ze: "O.K., ik zal het beest bellen. Hij zal weten wat te doen". Na een vlug telefoontje verliet zij het huis en reed naar hetzelfde gebouw dat haar man zojuist verlaten had. Het beest verwelkomde haar en zei: "Vertel mij al uw moeilijkheden. Ik weet zeker dat ik u helpen kan". Een heel knappe man nam haar bij de arm en leidde haar naar dezelfde tafel waarop haar echtgenoot eerder gelegen had. Na dezelfde operatie werd ook zij een automatische, willoze slaaf van het beest. Ik hoorde dat het beest haar vroeg: "Hoe voelt u zich?" Zij antwoordde hem niet voordat hij een klein voorwerp aan haar bloes had gehecht. Toen erkende zij dat hij haar meester en heer was en begon hem te aanbidden. Hij zei: "U zult een fokker zijn. U zult volmaakte baby's hebben en zij zullen mij aanbidden en dienen". De vrouw antwoordde in een stem als van een robot: "Ja meester, ik zal gehoorzamen". Ik zag de vrouw weer. Deze keer was zij in een ander gebouw. Er waren vele zwangere vrouwen daar. De vrouwen lagen levenloos op hun bed en prezen het beest in eentonige gezangen. Allen hadden 666 op hun voorhoofd. Het beest vermeerderde zijn macht totdat zijn gebied zich uitstrekte over de hele aarde. De baby's groeiden ook op en er kwam een tijd dat ook zij onder de verstand-vernietigende machine gingen. Zij aanbaden het beest en zijn beeld. Maar de machine had geen macht over de kinderen van God. Ik hoorde de stem van de Here zeggen: "Zij, die het beest en zijn beeld aanbidden zullen vergaan. Velen zullen verleid worden en zullen vallen, maar Ik zal Mijn kinderen voor het beest bewaren. Deze dingen zullen plaatsvinden aan het eind der tijden. Neem het merk van het beest niet aan. Bekeer u nu voordat het te laat is. "Het beest zal zich een man van vrede noemen. En hij zal in een zeer chaotische tijd vrede aan vele natiën brengen. Hij zal in staat zijn om de wereld te voorzien van vele goedkope goederen, en hij zal ervoor zorgen dat het salaris van iedereen voldoende is. Hij zal een overeenkomst afsluiten met vele natiën en de grote mannen van de wereld zullen hem volgen en een vals gevoel van veiligheid hebben. "Vóór deze tijden komen, zal Ik een leger van gelovigen verwekken die voor waarheid en gerechtigheid staan. Het machtige leger waarover Joël sprak zal Mijn stem horen vanaf de opgang tot aan de ondergang van de zon. "Ook in de nachtelijke uren zullen zij Mijn stem horen, en zij zullen Mij antwoorden. Zij zullen voor Mij werken, en zij zullen rennen als machtige oorlogshelden. Zij zullen grote werken voor Mij doen, want Ik zal met hen zijn". Al deze dingen werden mij geopenbaard door de Here Jezus Christus in een open visioen. Het zijn de woorden van Zijn mond, en zij gaan over de eindtijd. Jezus en ik gingen terug naar huis, en ik verbaasde mij over al de dingen die Hij mij had laten zien en had verteld. Al biddend voor de gehele mensheid viel ik in slaap.
A Divine Revelation of Hell...........deel 17
17. Oorlog in de hemelen De geest van de Here was op mij en weer gingen wij de hel in. Jezus zei: "Ik zeg je de waarheid, vele zielen zijn hier wegens hekserij, occultisme, het aanbidden van andere goden, ongehoorzaamheid, ongeloof, dronkenschap en vuilheid van vlees en geest. Kom, Ik zal je een geheim tonen en je vertellen over verborgen dingen. Ik zal je openbaren hoe te bidden tegen de machten van het kwaad". Wij kwamen in een deel van de hel dat naast het boze hart was. Jezus zei: "Wij gaan spoedig de kaken van de hel binnen, maar het is Mijn verlangen aan allen te openbaren dat de hel zich uitgebreid heeft". Wij stopten en Hij zei: "Aanschouw en geloof". Ik keek en toen zag ik een open visioen. In dit visioen waren Jezus en ik hoog boven de aarde en keken het luchtruim in. Ik zag een geestelijke cirkel hoog boven de aarde. De cirkel was onzichtbaar voor het natuurlijke oog, maar in de geest kon ik het goed zien. Ik wist dat het visioen verband hield met onze strijd tegen de prinsen en machten van de lucht. Terwijl ik bleef kijken, ontdekte ik dat er in feite verscheidene cirkels waren. In de eerste cirkel waren vuile, boze geesten. Ik zag hoe de vuile geesten de vorm van heksen aannamen; zij begonnen door de lucht te vliegen en richtten veel geestelijke schade aan. Ik hoorde de stem van Jezus zeggen: "In Mijn naam geef Ik Mijn kinderen macht over deze kwade geesten. Luister en leer hoe te bidden". Ik zag een vreemdgevormde gedaante uit een andere cirkel tevoorschijn komen, die in de rondte begon te draaien en mensen begon te betoveren. Daarna zag ik dat een demon verrees die boze daden op aarde deed. De demon had de geest van een tovenaar. Hij draaide zich al lachend om en om en met een stok die hij in zijn hand had betoverde hij verscheidene mensen. Ik zag dat meer boze geesten zich bij de tovenaar voegden, en satan gaf hem meer macht. "Voorwaar, wat gij bindt op aarde, zal Ik binden in de hemel", zei Jezus. "Satan moet gebonden worden willen de gebeden van de heiligen effectief zijn in deze laatste dagen". Uit een andere cirkel zag ik weer een tovenaar oprijzen die bevelen begon uit te geven. Regen en vuur viel op de aarde terwijl hij sprak. Hij sprak vele goddeloze dingen en hij misleidde de mensen op de aarde. Terwijl ik toekeek zag ik nog twee boze geesten zich voegen bij de tovenaar, hoog boven de aarde. Dit waren allen prinsen en machten van de lucht. Zij gaven hun macht aan heksen die in een zekere plaats waren samengekomen om kwaad te doen. Werkers van de duisternis vergadererden zich rondom hen. De geesten kwamen en gingen net zoals zij verkozen. "Let goed op" zei Jezus, "want de Heilige Geest is bezig je een grote waarheid te openbaren". In het visioen zag ik vreselijke dingen gebeuren op de aarde. Het kwaad werd verheerlijkt en de zonde nam toe in overvloed. De machten van het kwaad waren er de oorzaak van dat de mensen stalen, logen, bedrogen, elkaar pijn deden, kwaad spraken van elkander en zwichtten voor de lusten van het vlees. Allerlei soort van kwaad werd op de aarde losgelaten. Ik zei: "Jezus, dit is ontzettend om te zien". Jezus zei: "Mijn kind, in Mijn naam moet het kwaad wijken. Doe de gehele wapenrusting Gods aan, om weerstand te kunnen bieden in de boze dag, en om, uw taak geheel vervuld hebbende, stand te houden". Terwijl de boze geesten hun smerigheid en laster op de aarde uitbraakten, zag ik dat de mensen van God begonnen te bidden. Zij baden in de naam van Jezus en in geloof. Als zij baden kantte het Woord van God zich tegen de boze geesten, die grond begonnen te verliezen. Terwijl de heiligen baden verloren de machten van het kwaad hun greep. Betoveringen werden verbroken. Degenen die verzwakt waren door de krachten van de hel, werden versterkt. Wanneer zij baden als met één stem, mengden de engelen zich in het gevecht. Ik zag hoe de heilige engelen van God met de boze prinsen en machten van de lucht vochten, en de machten van het kwaad aan het vernietigen waren. Ik keek en zie, er waren rijen en rijen van engelenmachten, er waren ongeveer 600 engelen in iedere rij. Wanneer de mensen God geloofden, gingen de strijdmachten der engelen voorwaarts. God gaf de bevelen, en machtig was Zijn kracht. Hij gaf geweldige sterkte aan Zijn volk en aan het engelenleger om de werken van satan te vernietigen. God was aan het strijden tegen het kwaad in de lucht. Wanneer de mensen baden en God geloofden, werden de boze machten vernietigd. Maar wanneer er ongeloof was, begonnen de boze geesten te overwinnen. "Mijn volk moet geloven en zij moeten met elkander overeenstemmen en met Mij", zei de Here, want dan zullen alle dingen onder de voeten van de Vader onderworpen worden". Hemel en aarde moeten overeenstemmen als wij onze vijanden willen uitroeien. Wanneer de lofprijs van Gods mensen van de aarde omhoog begon te rijzen, trokken de kwade machten zich terug. Ik zag heiligen van God bidden met hun hele hart tegen de listen van de duivel. Terwijl zij dat deden werden beheksingen en vloeken verbroken, en hadden de heiligen de overwinning. Het gebeurde op deze wijze. Als de engelen van de Here met de demonen en machten van de hel vochten, werden heiligen bevrijd door gebed. Wanneer de mensen werden bevrijd stegen lofprijzingen op naar God, en het prijzen bracht meer overwinningen. Alleen wanneer de resultaten van het gebed niet onmiddellijk gezien werden, hield het prijzen op en begon het kwade de strijd te winnen. Ik hoorde een engel zeggen met een luide stem: "O Here, het geloof van Uw volk is zwak. Zij moeten geloof hebben als zij door U verlost willen worden van de horden van satan. Here, wees de erfgenamen van de zaligheid genadig". De stem van de Almachtige antwoordde: "Zonder geloof is het onmogelijk God te behagen. Maar de Here is getrouw en Hij zal u bevestigen". Toen zag ik in het visioen dat God Zijn Geest op alle vlees uitstortte, en de mensen geloofden dat God alles zou doen wat zij Hem vroegen omdat zij van Hem waren en Hem oprecht liefhadden. Zij hadden geloof in God en geloofden Zijn Woord, en God verloste hen. En het Woord van God vermeerderde in het land. De Here zei: "Alle dingen zijn mogelijk voor hen die geloven. Ik waak over Mijn Woord om dat te doen. U doet uw deel, en dan kunt u weten dat Ik Mijn deel zal doen. Als Mijn volk zal staan voor de waarheid en de goede strijd zal strijden, dan zullen wonderbare dingen gebeuren zoals op de Pinksterdag. Roep Mij aan en Ik zal horen. Ik zal uw God zijn en u zult Mijn volk zijn. Ik zal u bevestigen in gerechtigheid, waarheid en oprechtheid". In het visioen zag ik hoe christenen werden geboren als kleine baby's. Ik zag hoe de engelen beschermend over hen heen stonden om hen voor het kwaad te bewaren. Ik zag hoe de HERE der heerscharen hun strijd streed en de overwinning voor hen behaalde. Toen zag ik dat de baby's opgroeiden en de velden van de Heer der heerlijkheid begonnen te oogsten. Zij deden het werk van de Here met een blij hart - zij beminden God, vertrouwden God en dienden God. Ik zag hoe de engelen en Gods Woord zich verenigden om het kwade van de oppervlakte van de aarde te verdelgen. Ik zag vrede op aarde toen tenslotte alle dingen werden onderworpen onder de voeten van God.
A Divine Revelation of Hell...........deel 16
16. Het centrum van de hel Weer gingen de Here en ik de hel in. Jezus zei tegen mij: "Mijn kind, voor dit doel werd je geboren: om te schrijven en te vertellen wat Ik jou heb verteld en heb laten zien. Want deze dingen zijn getrouw en waarachtig. Ik heb je verwekt om de wereld door jou te vertellen dat er een hel is, maar dat Ik een weg ter ontkoming heb gegeven. Ik zal je niet alle delen van de hel laten zien. En er zijn verborgen dingen die ik je niet kan laten zien. Maar Ik zal je veel laten zien. Kom nu en zie de machten der duisternis en hun einde". Wij gingen weer naar de buik van de hel en liepen naar een kleine opening toe. Ik keek om me heen om te zien waar wij binnenkwamen en zag dat wij op een brede richel waren, naast een cel, in het centrum van de hel. Wij stonden stil voor een cel waarin een mooie vrouw zat. Boven de cel stonden de letters "B.C." Ik hoorde de vrouw zeggen: "Ik wist dat U op een dag zou komen. Verlos mij alstublieft uit deze plaats van martelingen". Zij was erg mooi. ik wist dat zij hier reeds vele eeuwen verbleef, maar niet kon sterven. Haar ziel onderging folteringen. Zij begon aan de spijlen van de cel te trekken en te huilen. Jezus zei zachtjes: "Zwijg, wees stil". Hij sprak tegen haar met droefheid in Zijn stem: "Vrouw, u weet waarom u hier bent". "Ja", zei ze: "maar ik kan veranderen. Ik herinner mij dat U al die anderen uit het paradijs verloste. Ik herinner mij Uw woorden van verlossing". Zij schreide: "Ik zal nu goed zijn, en ik zal U dienen". Zij hield de spijlen krampachtig vast met haar kleine vuisten en begon te gillen: "Laat mij eruit! Laat mij eruit!" Op dat moment begon zij voor onze ogen te veranderen. Haar kleren begonnen te branden. Haar vlees viel van haar af en alles wat over bleef was een zwart geraamte met uitgebrande gaten in plaats van ogen en een holle huls van een ziel. Ik keek toe in ontzetting toen de oude vrouw op de vloer viel. Al haar schoonheid had zij in een moment verloren. Ik kon het feit dat zij hier reeds was voordat Christus was geboren, niet bevatten. Jezus zei tegen haar: "U wist op aarde wat uw einde zal zijn. Mozes gaf u de wet en u hoorde die. Maar in plaats van Mijn wet te gehoorzamen koos u ervoor om een instrument te zijn in de handen van de duivel: een waarzegster en een heks. U onderwees zelfs de kunst van toverij. U had de duisternis meer lief dan het licht en uw daden waren boos. Als u in uw hart berouw had gehad zou Mijn Vader u vergeven hebben. Maar nu is het te laat". Met groot verdriet en medelijden in ons hart liepen wij door. Er zou nooit een einde komen aan haar pijn en lijden. Haar knokige handen strekten zich uit naar ons toen wij doorliepen. "Mijn kind", zei de Here: "Satan gebruikt vele listen om goede mannen en vrouwen te vernietigen. Hij werkt dag en nacht, trachtend mensen zover te krijgen dat zij hem willen dienen. Als men er niet voor kiest om God te dienen, heeft men reeds gekozen voor de duivel. Kies het leven, en de waarheid zal u vrijmaken". Na een korte afstand gelopen te hebben stopten we voor een andere cel. Ik hoorde een mannenstem roepen: "Wie is daar?" Ik vroeg mij af waarom hij dat riep. Jezus zei: "Hij is blind". Ik hoorde een geluid en keek om mij heen. Voor ons was een grote demon met reusachtige vleugels die gebroken schenen te zijn. Hij keek recht langs ons heen. Ik stond dicht bij Jezus. Samen keerden wij ons om om naar de man te kijken die gesproken had. Hij was ook in een cel en stond met zijn rug naar ons toe - hij was een skaletvorm met vuur en de reuk van de dood aan hem. Hij sloeg in de lucht en schreeuwde: "Help mij. Laat iemand mij helpen!" Jezus zei liefdevol: "Man, wees kalm, wees stil!". De man keerde zich om en zei: "Heer, ik wist dat U mij zou komen halen. Ik bekeer me nu. Laat mij er alstublieft uit. Ik weet dat ik een vreselijk mens was en mijn handicap gebruikte om er in mijn zelfzucht profijt van te trekken. Ik weet dat ik een heksenmeester was en velen voor satan misleidde. Maar Heer, ik heb nu berouw. Laat mij er alstublieft uit. Dag en nacht word ik gefolterd in deze vlammen, er is geen water. Ik heb zo'n dorst". Hij riep: "Wilt U me geen dronk water geven?" De man riep Jezus nog steeds na toen wij verder liepen. Ik keek in droefheid naar de grond. Jezus zei: "Alle tovenaars en werkers der ongerechtigheid zullen deel hebben in de poel die brandt van vuur en zwavel. Dat is de tweede dood". Wij kwamen bij een andere cel waarin ook een man zat. Hij zei: "Heer, ik wist dat U zou komen om mij te bevrijden. Ik heb me reeds lang geleden bekeerd". De man was ook een geraamte, vol vlammen en wormen. "O man, u bent nog altijd vol leugens en zonde. U weet dat u een discipel van satan was, een leugenaar die velen misleidde. De waarheid was nimmer in uw mond, en de dood was altijd uw loon. U hoorde dikwijls Mijn woorden en stak de gek met Mijn verlossing en Mijn Heilige Geest. U heeft uw hele leven gelogen en wilde niet naar Mij luisteren. U bent van uw vader, de duivel. Alle leugenaars zullen hun deel hebben in de poel van vuur. U hebt de Heilige Geest gelasterd". De man begon te vloeken en vele boze dingen tegen de Here te zeggen. Wij liepen verder. Deze ziel was voor altijd verloren in de hel. Jezus zei: "Wie wil mag tot Mij komen, en hij die zijn leven verliest om Mijnentwil zal het leven vinden, ja, leven in overvloed. Maar zondaars moeten zich bekeren terwijl zij nog op aarde zijn. Wanneer zij hier komen is het te laat. Vele zondaars willen God en satan dienen, of zij geloven dat zij onbegrensd de tijd hebben om de genade die God aanbiedt te aanvaarden. Die waarlijk wijs zijn zullen heden kiezen wie zij willen dienen". Spoedig kwamen we bij de volgende cel. Wanhopige kreten van verdriet en smart kwamen daaruit. Toen wij naar binnen keken zagen wij het skalet van een man in elkaar gedoken op de grond zitten. Zijn beenderen waren zwart van het verbranden en zijn ziel daarbinnen was een vuilgrijze mist. Ik merkte op dat delen van zijn lichaam ontbraken. Rook en vlammen rezen rondom hem omhoog. Wormen kropen binnenin hem. Jezus zei: "Deze man had vele zonden. Hij was een moordenaar en had haat in zijn hart. Hij wilde zich niet bekeren of zelfs geloven dat Ik hem wilde vergeven. Was hij maar tot Mij gekomen!" "Bedoelt U Heer", vroeg ik: "dat hij dacht dat U hem de moorden en de haat niet wilde vergeven?" "Ja", zei Jezus. "Als hij maar had geloofd en tot Mij was gekomen, dan zou Ik hem al zijn zonden, groot en klein, vergeven hebben. In plaats daarvan bleef hij zondigen en stierf in zijn zonden. Daarom is hij hier vandaag. Hij kreeg dikwijls de gelegenheid om Mij te dienen en het Evangelie te geloven, maar hij weigerde. Nu is het te laat". De volgende cel was gevuld met een verschrikkelijke stank. Ik kon het huilen van de doden en het berouwvolle geklaag overal horen. Ik was zo bedroefd dat ik me bijna ziek voelde. Ik nam het vaste besluit dat ik alles zou doen wat ik maar kon om de wereld te vertellen over deze plaats. Een vrouwenstem zei: "Help mij". Ik staarde in een echt paar ogen, niet de uitgebrande holten die de tekenen van verbranding waren. Ik was zo verdrietig dat ik beefde, en ik voelde zoveel medelijden en pijn voor deze ziel. Ik wilde haar zo graag uit de cel trekken en met haar wegrennen. "Het doet zoveel pijn" zei ze. "Heer, ik zal nu het goede doen. Eens kende ik U en U was mijn Verlosser". Haar handen grepen krampachtig de spijlen van de cel vast. "Waarom wilt U nu niet mijn Verlosser zijn?" Grote stukken brandend vlees vielen van haar af, en het waren slechts beenderen die de spijlen vastgrepen. "U genas mij zelfs van kanker", zei ze. "U zei tegen mij dat ik moest heengaan en niet meer moest zondigen, opdat mij niet iets ergers zou overkomen. Ik probeerde het, Heer; U weet dat ik mijn best deed. Ik probeerde zelfs voor U te getuigen. Maar, Heer, ik merkte dat zij die Uw Woord prediken niet populair zijn. Ik wilde populair zijn. Langzaamaan ging ik terug de wereld in, en de lust van het vlees verslond mij. Nachtclubs en sterke drank werden meer belangrijk voor mij dan U. Ik had geen contact meer met mijn christenvrienden en al spoedig realiseerde ik me dat ik zevenmaal erger was dan ik ooit was geweest. "En ook al had ik liefdesbetrekkingen met mannen en vrouwen, het was nooit mijn bedoeling om verloren te gaan. Ik wist niet dat ik door satan bezeten was. Ik voelde nog altijd Uw roepen in mijn hart, om mij te bekeren en gered te worden, maar ik wilde niet. Ik bleef denken dat ik nog tijd genoeg had. Ik dacht: morgen zal ik terugkeren naar Jezus, en dan zal Hij mij vergeven en bevrijden. Maar ik wachtte te lang, en nu is het te laat" schreide zij. Opeens gingen haar droevige ogen op in vlammen en verdwenen in het vuur. Ik gilde en viel tegen Jezus aan. O Heer, dacht ik, dat had ik kunnen zijn of één van mijn geliefden! Zondaar, alstublieft, waak op voordat het te laat is. Wij liepen door naar een andere cel. Daarin was weer een man met een skaletvorm en een vuilgrijze ziel vanbinnen. Kreten van zo'n uitermate grote pijn en smart kwamen uit deze man dat ik weet dat ik ze nooit zal kunnen vergeten. Jezus zei: "Mijn kind, sommigen die dit boek lezen zullen het vergelijken met fictie: met een roman of een film die zij gezien hebben. Zij zullen zeggen dat dit niet waar is. Maar jij weet dat deze dingen de waarheid zijn. Jij weet dat de hel reëel is, want Ik heb je hier door Mijn Geest vele keren gebracht. Ik heb je de waarheid geopenbaard, zodat je ervan kunt getuigen". Verloren mens, als u geen berouw wilt hebben en gedoopt wilt worden en het Evangelie van Jezus Christus wilt geloven, dan zal dit voorzeker uw einde zijn. "Deze man is hier vanwege zijn rebellie", zei de Here. "De zonde van opstand is gelijk aan de zonde van toverij. In feite zijn allen die Mijn Woord en Mijn wegen kennen, en die het Evangelie gehoord hebben maar zich nog altijd niet willen bekeren, in opstand tegen Mij. Velen zijn vandaag in de hel vanwege deze zonde". De man zei tegen Jezus: "Eens was ik van plan U tot de Heer van mijn leven te maken, maar ik wilde niet Uw rechte en smalle weg gaan. Ik wilde de brede weg gaan. Het was zoveel gemakkelijker om de zonde te dienen. Het stond me niet aan dat ik steeds rechtvaardig moest zijn. Ik hield van mijn zondige weg. Ik begeerde sterke drank te drinken en de dingen van deze wereld te doen, meer dan Uw bevelen te gehoorzamen. Had ik maar geluisterd naar degenen die U naar mij toezond. In plaats daarvan bedreef ik kwaad en wilde mij niet bekeren". Diepe snikken deden hem beven, terwijl hij vol spijt uitriep: "Ik word reeds jarenlang in deze plaats gefolterd. Ik weet wat ik ben en ik weet dat ik hier nooit uit zal komen. Ik word dag en nacht gefolterd in deze vlammen en met deze wormen. Ik roep, maar niemand komt mij helpen. Niemand hier maakt zich druk om mijn ziel - niemand geeft om mijn ziel". Hij viel in een hoopje op de vloer en bleef huilen. Wij gingen door tot we bij een andere cel kwamen. Een vrouw was bezig de wormen van haar beenderen af te pikken. Zij begon te schreien toen zij Jezus zag. "Help mij Heer". zei ze: "Ik zal goed zijn. Laat me er alstublieft uit". Ook zij stond op en greep de tralies van haar cel beet. Ik voelde zo'n groot medelijden met haar. Haar lichaam schudde van het huilen. Zij zei: "Heer, toen ik op aarde was aanbad ik de Hindoe-goden en nog vele afgoden. Ik wilde het Evangelie dat de zendelingen mij predikten niet geloven, alhoewel ik het vele malen hoorde. Op een dag stierf ik. Ik riep mijn goden aan om mij te redden van de hel, maar zij konden het niet. Nu, Heer, wil ik me graag bekeren". "Het is te laat", zei Jezus. Vlammen overdekten haar vorm toen wij doorliepen. Haar kreten vullen nu nog altijd mijn ziel. Satan had haar bedrogen. Met droefheid in Zijn stem zei Jezus, "Kom, wij zullen morgen terugkeren. Nu is het tijd om te gaan".
A Divine Revelation of Hell...........deel 15
15. De dagen van Joël Ik hoorde een stem zeggen: "Schrijf, want deze dingen zijn getrouw en waarachtig". Weer was ik met de Here in de Geest. Hij was hoog en verheven, en Zijn stem was als de donder. "Zie, o aarde, deze dingen zijn, waren en zullen komen. Ik ben de Eerste en de Laatste. Dien Mij, de Schepper, want Ik geef het leven, niet de dood. Sta op uit het kwade en roep Mij aan en Ik zal u genezen en bevrijden. De dingen die u leest in dit boek zijn waarachtig, en zij zullen spoedig plaatsvinden. "Bekeert u, want de tijd is nabij, en de Heer der heerlijkheid zal spoedig verschijnen. Weest gereed, want u weet niet de dag noch het uur. Groot zal het loon zijn voor hen die Mij blijven verwachten. Ik zal Mijn kleinen zegenen die het geloof behouden hebben en Mij in waarheid en gerechtigheid gediend hebben. Voordat zij het weten zal Ik tot hen gekomen zijn. Ik heb een zegen bereid voor hen die getrouw zijn geweest aan hun roeping en voor hen die Mijn naam niet hebben verloochend. "Ik zeg, als Mijn volk dat genoemd is naar Mijn naam, zich wil verootmoedigen en bidden, Ik hen zal vergeven en genezen en herstellen wat ze verloren hebben. Het is mijn verlangen u te horen, te bevrijden, en allen te behouden die geloven en Mijn naam aanroepen. "Heiligt een vasten. Roept een plechtige samenkomst bijeen. Vergadert de oudsten en al de inwoners van de landen in Mijn Huis, en roept tot Mij ... want de dag van de Here komt als een dief in de nacht - de dag is nabij. "Vertrouwt op Mij, en Ik zal u vergoeden de jaren waarin de sprinkhaan, de verslinder, de kaalvreter en de knager alles hebben opgevreten. "Mijn grote leger dat Ik heb geroepen zal de gelederen niet breken noch hun opmars. Zij zullen geweldige daden doen en zij zullen niet overwonnen worden, want Ik ben hun sterkte. Hun stemmen zullen klinken als de trompet; zij zullen klinken als de donder en allen zullen horen en weten dat Ik de Here, uw God ben". * * * Lieve Here Jezus, het is mijn gebed dat Ik waardig geacht mag worden om in dit leger te komen. Ik wil in dit leger zijn, maar ik weet dat ik puur en heilig moet zijn zoals Jezus puur en heilig is. Reinig mij van alle ongerechtigheid door het bloed dat Jezus heeft gestort. Help mij om een boetvaardig hart te behouden, vrij van alle haat en bitterheid. Vader, ik weet dat velen van Uw volk slapende zijn. Ik vrees dat U onze vaten van klei zult moeten breken en ons zal moeten vernederen willen er vruchten van gerechtigheid te zien zijn. Here, ik wil niet weer naar de hel gaan om daar te moeten blijven. O Here, help mij om de mensen te waarschuwen. Geef mij kracht om een eind te maken aan de vergroting van de hel. Help mij en Uw volk om goed, vriendelijk, vergevingsgezind en liefhebbend te zijn tegenover elkander. Help ons om te allen tijde de waarheid te spreken. Ik weet dat Jezus Christus spoedig wederkomt, en dat Zijn loon met Hem is. Ik weet dat mijn boodschap aan de wereld is: Bekeert u, want de dag des Heren is nabij". Vader, ik wil niet het bloed van deze mensen aan mijn handen hebben". * * *
A Divine Revelation of Hell...........deel 14
14. De linkerarm van de hel Een profetie van Jezus voor iedereen Jezus zei: "Deze dingen beginnen nu te geschieden op aarde, zij moeten nog komen, en komen spoedig op de gehele aarde. Het vurige serpent is een deel van het beest. De profetieën die u nu zult lezen zijn waarachtig. De openbaringen zijn waarheid. Waakt en bidt. Hebt elkander lief. Bewaart uzelf heilig. Houdt uw handen rein. "Mannen, hebt uw vrouwen lief evenals Christus de Gemeente liefhad. Echtgenoten en echtgenotes hebt elkander lief evenals Ik u heb liefgehad. Ik heb het huwelijk ingesteld en zegende het met Mijn woord. Houdt het huwelijksbed heilig. Reinigt uzelf van alle ongerechtigheid en weest rein, evenals Ik rein ben. "De heilige mensen van God zijn weggevoerd door vleiers. Weest niet misleid; God laat niet met Zich spotten. U zult begrip ontvangen als u uw oren wilt openen en naar Mij wilt luisteren. Dit is de boodschap van de Here aan de gemeenten. Hoedt u voor de valse profeten die in Mijn heilige plaats staan en u misleiden met vleierijen. O aarde, Mijn heilig volk is in slaap gevallen bij het horen van valse leerstellingen. Wordt wakker! Wordt wakker! Ik zeg u dat alle ongerechtigheid zonde is. Reinigt uzelf van alle zonde van het vlees en de geest. "Mijn heilige profeten leefden heilige levens, maar u bent in opstand tegen Mij en Mijn heiligheid gekomen. U hebt kwaad over uzelf gebracht. U hebt gezondigd en uzelf onder de gebondenheid gebracht van ziekte en dood. U heeft ongerechtigheid bedreven en hebt slecht gehandeld en bent weerspanning tegen Mij geweest. U bent afgeweken van Mijn verordeningen en Mijn uitspraken. U heeft niet geluisterd naar de woorden van Mijn dienaren, de profeet en de profetes. Vloek in plaats van zegen is over u gekomen en u weigert nog altijd tot Mij terug te keren en u van uw zonden te bekeren. "Indien u terugkeert en berouw hebt van uw zonden en u wilt Mij eren met de vrucht van gerechtigheid, zal Ik uw huis zegenen en uw huwelijksbed eren. Als u zich wilt verootmoedigen en Mij wilt aanroepen, zal Ik horen en u zegenen. "Luistert, gij dienaars van Mijn heilig Woord. Leert Mijn volk niet te zondigen tegen hun God. Herinnert u, dat het oordeel begint bij het huis van God; tenzij u zich bekeert, zal Ik u verwijderen, vanwege de zonden die u Mijn volk onderwezen hebt. Denkt u dat Ik blind ben, zodat Ik niet kan zien en doof zodat Ik niet kan horen? "Gij, die de waarheid in ongerechtigheid ten onder houdt, en uw zakken vult met zilver en goud ten koste van de armen - bekeert u, zeg Ik, voordat het te laat is. Op de dag van het oordeel zult u alleen voor Mij staan om rekenschap te geven van wat u deed met Mijn heilig Woord. Als u in berouw tot Mij roept zal Ik de vloek van uw landen wegnemen en u zegenen met een machtige zegen. Als u zich wilt bekeren en u zich zult schamen voor uw zonden zal Ik u barmhartigheid betonen en Mij over u ontfermen, en Ik zal uw zonden niet meer gedenken. Bidt opdat u een overwinnaar zult zijn. "Ontwaakt tot het leven en leeft. Betoont spijt tegenover mensen die u op een dwaalweg hebt gebracht en een valse leer hebt onderwezen. Zegt tot hen dat u gezondigd heeft en dat u Mijn schapen verstrooid hebt. Zegt hen dat u berouw hebt. "Zie, Ik ben bezig een heilig leger te bereiden. Zij zullen machtige daden voor Mij doen, en uw hoge plaatsen teniet doen. Het is een leger van heilige mannen en vrouwen, jongens en meisjes. Zij zijn gezalfd om het ware Evangelie te prediken, om handen op de zieken te leggen en zondaren tot bekering te roepen. "Dit is een leger van ardeiders, huisvrouwen, ongehuwde mannen en vrouwen, en schoolkinderen. Zij zijn gewone mensen, want niet vele hooggeplaatsten hebben gereageerd op Mijn oproep. In het verleden waren zij onbegrepen en slecht behandeld, misbruikt en verstoten. Maar Ik heb hen gezegend met vrijmoedigheid in heiligheid en geest. Zij zullen beginnen Mijn profetie te vervullen en zullen Mijn wil doen. Ik zal in hen wandelen, in hen spreken en in hen werken. "Zij zijn degenen die zich tot Mij gekeerd hebben met heel hun hart, ziel, verstand en kracht. Dit leger zal velen doen ontwaken, velen tot gerechtigheid en reinheid van geest brengen. Ik zal spoedig over hen bewegen, om voor Mijn leger te kiezen diegenen die Ik wens. Ik zal naar hen zoeken in de steden en in de dorpen. Velen zullen verbaasd staan over degenen die Ik heb gekozen. U zult zien hoe ze beginnen het land door te trekken, en daden te doen terwille van Mijn naam. Verwacht het en ziet Mijn kracht in werking. "Ik zeg u nogmaals, bezoedelt niet het huwelijksbed. Bezoedelt het lichaam niet waarin de Heilige Geest woont. Zonden van het lichaam leiden tot zonden van de geest. Houdt het huwelijksbed heilig. Ik heb de man voor de vrouw en de vrouw voor de man gemaakt en verordend dat de twee verenigd zouden zijn in de heilige huwelijksstaat. Weer zeg Ik u: wordt wakker". Ik zag nog veel meer visioenen in de linkerarm van de hel. De Here gaf mij de instructies dat ik ze nog niet mocht openbaren. Vele daarvan waren visioenen van de wereld in de eindtijd, wanneer velen van Gods volk zullen afvallen en verloren zullen gaan. In de visioenen werden mij openbaringen gegeven aangaande het lichaam van Christus, de bediening van de zonen Gods, de kinderen van het beest en de uiteindelijke wederkomst van Christus. "Later mag je die dingen openbaren", zei Hij: "maar niet nu". "Dit leger" zei de Here, "waarover de profeet Joël sprak, zal uit het land oprijzen en grote werken voor God doen. De Zoon der Gerechtigheid zal opgaan en er zal genezing zijn onder Zijn vleugelen. Hij zal de goddelozen vertreden, en zij zullen als as zijn onder Zijn voetzolen. "Zij zullen het leger des Heren genoemd worden. Ik zal hun gaven geven, en zij zullen Mijn machtige werken ten uitvoer brengen. Zij zullen daden doen voor de Heer der heerlijkheid. Ik zal Mijn Geest uitstorten op alle vlees en uw zonen en dochters zullen profeteren. "Dit leger zal vechten tegen de boze machten en zal veel van satans werk vernietigen. Zij zullen velen voor Jezus Christus winnen, voordat de dag van het verdorven beest aanbreekt" zei de Here. Jezus zei: "Kom, het is nu tijd om te gaan". Eindelijk verlieten wij de visioenen en de linkerarm van de hel. Ik was er heel blij om. Toen wij vertrokken zei Jezus: "Vertelt uw gezinnen dat Ik ze liefheb en corrigeer ze in liefde. Zegt tegen hen dat Ik hen voor het kwade zal bewaren als zij vertrouwen in Mij willen stellen".
A Divine Revelation of Hell...........deel 13
13. De rechterarm van de hel Na het eerste visioen gingen Jezus en ik naar een andere gedeelte van de hel. Jezus zei: "Deze dingen die je ziet zijn voor de eindtijd". Weer zag ik een visioen. Jezus zei: "Wij zijn in de rechterarm van de hel". Wij beklommen een hoge, droge heuvel. Bovenop de heuvel gekomen keek ik naar beneden en zag een warrelende rivier. Er waren geen zwavelputten of demonen of boze geesten, alleen die grote rivier die stroomde tussen ongeziene oevers. De oevers van de rivier waren verborgen in de duisternis. Jezus en ik liepen naar de rivier toe en ik zag dat die vol bloed en vuur was. Toen ik nauwlettender keek zag ik vele zielen, elk geketend aan een ander. Het gewicht van de ketenen sleurde hen onder het oppervlak van de poel van vuur. De zielen in de hel waren in het vuur van de hel. Ik zag ook dat zij in de vorm van geraamten waren met mistig-grijze zielen. "Wat is dit?" vroeg ik de Here. Dit zijn de zielen van de ongelovigen en de goddelozen. Zij hadden hun eigen vlees meer lief dan God. Zij waren mannen die mannen liefhadden, en vrouwen die vrouwen liefhadden. Zij wilden zich niet bekeren en gered worden van hun zonde. Zij genoten van hun leven van zonde en versmaadden Mijn verlossing". Ik stond naast Jezus en keek in de poel van vuur. Het vuur begon te loeien als een grote oven, zich voortbewegend en alles verslindend wat in zijn pad kwam. Snel vulde het bijna de gehele rechterarm van de hel. Het vuur naderde tot vlakbij ons - nog geen halve meter - maar raakte ons niet aan. De rivier verbrandde alles wat haar in de weg kwam. Ik keek naar Jezus' gezicht en het was bedroefd en teder. Op Zijn gezicht stond nog altijd liefde en medelijden voor deze verloren zielen te lezen. Ik begon te schreien en wenste dat ik deze plaats van martelingen kon verlaten, het was bijna ondragelijk om verder te gaan. Ik keek nog eens naar de zielen in het vuur. Zij waren een vurig rood, en hun botten waren zwartgeblakerd. Ik hoorde hoe de zielen het uitschreeuwden van spijt en verdriet. De Here zei: "Dit is hun foltering. Zij zijn keten na keten met elkaar verbonden. Zij begeerden het vlees van hun eigen soort, mannen met mannen en vrouwen met vrouwen, en deden wat onnatuurlijk was. Zij verleidden vele jonge meisjes en jongens tot zondige handelingen. Zij noemden het liefde, maar het einde was zonde en dood". "Ik weet dat vele jongens en meisjes, mannen en vrouwen, tegen hun wil gedwongen werden zulke afschuwelijke handelingen te verrichten. Dit weet Ik en Ik zal hun deze zonde niet aanrekenen. Onthoud echter dit" vervolgde Jezus: "Ik weet alle dingen, en de personen die deze jongens en meisjes tot zonde dwongen, hebben een zwaardere straf. Ik zal rechtvaardig oordelen. Tegen de zondaar zeg Ik: "Bekeer u, en Ik zal genadig zijn. Roep Mij aan, en Ik zal horen". Telkens weer riep Ik deze zielen om zich te bekeren en tot Mij te komen. Ik zou ze vergeven hebben en ze gereinigd hebben; in Mijn naam konden ze bevrijd worden. Maar zij wilden niet naar Mij luisteren. Zij wilden de lust van het vlees liever dan de liefde van de levende God. "Wees heilig, want Ik ben heilig. Raak het onreine niet aan, en Ik zal u tot Mij nemen", zei de Here. Ik voelde mij erg ziek toen ik naar de zielen keek in de poel van vuur. "Als zij zich maar tot Mij hadden gekeerd, voordat het te laat was", vervolgde Jezus. "Mijn bloed is vergoten opdat iedereen tot Mij kan komen. Ik gaf Mijn leven opdat zelfs de slechtste zondaar zou kunnen leven". Menigten zielen gingen ons voorbij in de vlammende rivier. Boven en onder de golven van vuur, gingen zij, zonder dat zij konden ontkomen aan het verbranden en zwemmen in de brandende rivier. Ik hoorde de kreten van spijt als de bloedige rivier langs ons stroomde. Wij liepen langs een pad naast de rivier. Vóór ons, zittend op een heuvel, was een grote vrouw. Zij zwaaide heen en weer alsof zij dronken was. Op haar waren de woorden geschreven: "Mysterie Babylon". Ik wist nu dat de moeder der gruwelen op de aarde, uit de hel kwam. Een kwade, machtige kracht ging van haar uit. Ik zag menigten, volken en allerlei tongen en talen onder haar. Zij had zeven hoofden en tien horens. In haar werd gevonden het bloed van de profeten, de heiligen en allen die op aarde gedood waren. "Kom uit hun midden, en scheid u af" zei de Heer. "Wanneer het haar tijd is zal zij vernietigd worden". Wij liepen door, langs de vrouw met de horens op haar hoofd. Alles begon donker te worden. Nu was Jezus het enige licht. Wij liepen door totdat wij bij een andere heuvel kwamen. In de verte kon ik hete vlammen in de lucht zien. De atmosfeer werd drukkend heet. Wij liepen rond de heuvel en kwamen bij een grote deur met gleuven erin gesneden. De deur was in de zijkant van de heuvel gezet. Er was een grote ketting op de deur, en woedende vlammen kwamen eruit. De deur was ook gegrendeld met grote sloten. Ik vroeg mij af wat het alles betekende. Opeens verscheen in de deuropening de donkere figuur van een man, gekleed in een lange donkere cape. Zijn gezicht zag er erg oud en erg vermoeid uit. De huid van zijn gezicht was strak gespannen over de beenderen van zijn doodshoofd. Hij zag eruit alsof hij zo'n duizend jaar oud was. Jezus zei tegen mij: "Achter die deur is de bodemloze put. Mijn Woord is de waarheid". De vlammen achter de deur reikten hoger totdat de deur bolstond van de druk van de hitte. "Lieve Heer", zei ik: "Ik zal zo blij zijn wanneer satan in de bodemloze put wordt geworpen en al deze vreselijke dingen tijdelijk ophouden". Hij antwoordde: "Kom en hoor wat de Geest tot de gemeenten zegt: Het einde is nabij en Ik roep de zondaren tot bekering opdat zij gered worden. Kijk nu". Wij stonden in een open ruimte en ik was met de Here in de Geest. Ik keek en zag een open visioen. In dat visioen zag ik een vurig serpent die met zijn enorme staart in de lucht begon te slaan. Ik keek toe terwijl dit geestelijke serpent bewoog met ontzagwekkende kracht. Toen zag ik hem teruggaan naar de rechterarm van de hel, waar hij wachtte. Ik wist dat hij de aarde niet kon slaan voordat Gods Woord vervuld zou zijn. Ik zag vuur en rook opstijgen uit de aarde en ik zag hoe een vreemde mist zich begon te vormen over de aarde. Hier en daar zag ik plekken duisternis verschijnen. Horens begonnen te groeien uit de kop van het vurige serpent. Deze spreidden zich uit totdat zij de gehele aarde bedekten. Er waren boze geesten en duivels aanwezig. Toen zag ik het boze, vurige serpent uit de rechterarm van de hel komen. Hij begon de aarde te slaan met groot geweld, en hij beschadigde en vernietigde vele mensen. Jezus zei: "Dit zal gebeuren in het einde der tijden. Kom hogerop". Lezer, als u één van de zonden doet waarover ik geschreven heb, houd op met zondigen alstublieft, en roep Jezus aan, vraag of Hij u wil redden. U hoeft niet naar de hel te gaan. Roep de Here aan, terwijl Hij nabij is. Hij zal u horen en redden. Wie de naam van de Here aanroept zal behouden worden.
A Divine Revelation of Hell...........deel 12
12. Horens Jezus zei; "Vanavond Mijn kind, gaan wij naar verschillende delen van het hart van de hel. Ik wil je vertellen over de horens en je laten zien hoe deze gebruikt zullen worden om boze geesten en demonische machten naar het oppervlak van de aarde te geleiden". Terwijl Jezus sprak begon ik getuige te zijn van een open visioen. In het visioen zag ik een oude boerderij, die er doods en grijsachtig uitzag, omringd door vele dode bomen en hoog, dood gras. Het erf rondom de boerderij was bezaaid met dode rommel. Er was daar geen leven. De boerderij zag eruit alsof zij aan het zinken was in het centrum van het veld. Er waren geen andere gebouwen te zien. De dood was overal. Ik wist dat deze boerenwoning deel uitmaakte van de hel, maar ik kon nog niet begrijpen wat het was dat ik zag. Binnenin het huis, achter de vuile ramen zag ik grote schaduwen in menselijke vorm. Er ging iets slechts uit van hun verschijning. Eén van de vormen bewoog naar de buitendeur en opende die. Ik bleef kijken als een reusachtige man met geweldige spieren de deur uitkwam en op de waranda bleef staan. Ik zag hem duidelijk. Hij was ongeveer 2 meter lang, met de lijvige bouw van een gewichtheffer. Zijn kleur was hetzelfde dode grijs als de omgeving. Hij droeg alleen een broek, die net zo grijs en doods van kleur was als de blote huid van zijn bovenlichaam. Zijn vlees was als schubben, en zijn hoofd was erg groot. Zijn hoofd was in feite zo ontzettend groot dat zijn benen gebogen waren vanwege het zware gewicht dat ze moesten dragen. Zijn voeten waren gehoefd, zaoals de poten van een varken. Zijn gezicht was bars en boosaardig en hij zag er heel oud uit. Zijn ogen waren dood en zijn gezicht was erg breed. In het visioen zag ik dit afschuwelijk schepsel van de waranda afstappen. De aarde schudde als hij bewoog en er groeiden horens uit de kruin van zijn hoofd - grote horens die groter en langer werden tot ze uit het gezicht verdwenen. Terwijl hij liep zag ik dat de horens groeiden, heel erg langzaam. Er begonnen nog meer horens uit zijn hoofd te groeien. Kleine horens ontsproten aan de grotere. Ik zag dat zijn hoofd was als een beest - een krachtig, kwaadaardig beest, vol van vernietiging. Bij elke stap die hij nam beefde de aarde. Jezus zei: "Let op". Ik zag hoe de horens hun weg omhoog vonden, en eindigden in huizen, kerken, ziekenhuizen, kantoren en gebouwen van allerlei soort, over de gehele aarde. De horens richtten overal grote schade aan. Ik zag dat het beest sprak en boze geesten werden op de aarde uitgespuwd. Ik zag hoe vele mensen verleid werden door deze demonische machten en in satans valstrikken vielen. Wij zitten middenin een oorlog, dacht ik, goed tegen kwaad. "Wij voeren oorlog", hoorde ik de Geest van de Here zeggen: "goed tegen kwaad". Donkere wolken kwamen uit de horens en verborgen de vele boze vormen die uitgingen over de aarde. Al de gruwelen die God verfoeit, waren daar. Ik zag koninkrijken oprijzen uit de aarde, en miljoenen mensen begonnen deze boze machten te volgen. Ik zag dat de oude horens werden verwijderd en er nieuwe horens in hun plaats groeiden. Ik hoorde Jezus zeggen: "Dit begint nu plaats te vinden! Deze dingen zijn en waren en zullen zijn. De mensen zullen meer liefde hebben voor zichzelf dan voor God. Het kwaad zal hand over hand toenemen in de laatste dagen. Mannen en vrouwen zullen huizen, auto's, landen, gebouwen, zaak, hun zilver en goud meer liefhebben dan Mij". "Bekeert u" zei Hij: "Want Ik ben een naijverig God. Niets kan de plaats innemen van uw aanbidding van Mij - geen zoons, dochters, echtgenotes of echtgenoten. Want God is Geest, en Hij moet aanbeden worden in Geest en Waarheid". Ik keek toe als de horens bewogen over de oppervlakte van de aarde, en hoog oprezen in de lucht. Nieuwe koninkrijken rezen op, en er was oorlog en vernieling door het hele land. Er waren velen die het beest aanbaden. Het kwade beest met de horens liep heen en weer alsof het aan 't nadenken was, en de aarde schudde onder zijn gewicht. Na enige minuten ging het terug naar de boerderij. Donkere wolken rezen op en er waren vele doden in het land. Ik zag hoe de wereld middenin een grote verdrukking was, en ik begon met mijn hele hart te bidden. "O Here, help ons", riep ik uit. Toen rezen twee grote beesten in geestesvorm uit de aarde en begonnen oorlog te voeren tegen elkaar. Ik wist dat zij uit de hel kwamen. Een mensenzee stond te kijken naar deze twee boosheden. En toen zag ik iets tussen hen in uit de grond oprijzen. Zij stopten hun gevecht en stonden nu aan iedere kant van een groot schip. Beide beesten probeerden het schip te vernietigen, maar konden het niet klaarspelen. Zij duwden het terug onder de aarde en begroeven het tussen hen in. Zij stonden vlak tegenover elkaar, klaar om hun oorlogvoering te hervatten. Ik hoorde een stem zeggen: "Zie toe". Terwijl ik keek, verscheen er een licht op de plaats van de grond waar het schip begraven was. Toen verscheen het schip weer op de aarde en werd een grote schijf. De twee beesten begonnen een andere vorm aan te nemen en werden groot en zwart. Voorin de disk werd een deur geopend en een sterke lichtstraal onthulde de trap. De trap ging naar beneden, lager en lager binnenin de aarde en ik hoorde een stem zeggen: "Naar de hel!" Er was een sterk gevoel van boosheid in de lucht, en ik voelde mij verloren en bevreesd terwijl ik keek. Een vlammende kracht kwam uit de schijf en ik kon nergens heenvluchten. Ik voelde mij gevangen, ook al was ik in de Geest. Bijna onmiddelijk hief Jezus mij hoger en hoger op net zolang tot ik neerkeek op het visioen. Maar nu was de trap een lift geworden, die op en neer bewoog vanuit het hart van de aarde. Toen ik naast Jezus was voelde ik mij veilig en beschermd. "Het zal voortkomen uit de hel" hoorde ik een stem zeggen. Jezus zei: "Dit zal zijn. Dit moet nog komen. Schrijf het op zodat allen het zullen weten". In mijn visioen bracht de lift de demonische machten en boze geesten naar omhoog. De twee beesten stonden elk aan een kant van het schip, en ik zag dat zij weer begonnen te veranderen. Ik hoorde het geluid van een groot lawaai; het geluid van motoren die op hoge snelheid draaiden. De koppen van de beesten werden groot en een licht begon hun handen te vullen. Ik zag toen hoe de twee beesten en het schip één geheel werden. Vele zielen marcheerden één van die beesten binnen alsof zij in hun slaap wandelden. Urenlang keek ik naar dit gruwelijke gezicht, tot tenslotte één van de beesten volgepakt was met mensen. Terwijl ik luisterde kwam van het ene beest een brullend geluid alsof een vliegtuig zich klaarmaakte voor de vlucht. Het beest had zijn kracht van het schip ontvangen. Toen hij begon te vliegen was hij weer in de vorm van een man. Terwijl hij vloog scheen zijn hoofd vol lichten te zijn en grote krachten gingen van hem uit. Toen hij verdween in de lucht veranderde zijn hoofd weer in het schip. Ik kon nog altijd het geluid van het eerste beest horen, terwijl ik keek hoe het tweede beest zich vulde met zielen. Toen hij vol was ging het tweede beest recht omhoog zoals een raket. Hij vloog naar het andere beest, en beiden bewogen zich langzaam voort, en verdwenen in de grijze lucht. Ook het tweede beest had de vorm van een man aangenomen. Ik hoorde een bulderend geluid toen zij uit het gezicht verdwenen. Ik vroeg mij af wat dit betekende. Ik zag het schip, of de disk, zich weer in de aarde nestelen. De aarde overdekte het totdat het weer onzichtbaar was. Toen het visioen begon te vervagen zag ik een grote gerechtszaal, en ik dacht aan het oordeel van de grote witte troon.
A Divine Revelation of Hell...........deel 11
11. Buitenste duisternis Nacht na nacht gingen Jezus in ik terug de hel in, zodat ik verslag kon uitbrengen van deze vreselijke waarheden. Elke keer dat wij het hart passeerden liep ik heel dicht naast Jezus. Een enorme vrees greep mijn ziel aan, iedere keer dat ik mij herinnerde wat mij daar was overkomen. Ik wist dat ik door moest gaan om zielen te redden. Maar het was alleen vanwege de genade van God dat ik terug kon gaan. Wij stopten voor een groep demonen die satan prezen en hem toezongen. Het scheen dat zij zich geweldig amuseerden. Jezus zei: "Ik zal je laten horen wat zij zeggen". "Wij gaan vandaag naar dat huis en zullen degenen die daar zijn martelen. Wij krijgen meer macht van heer satan als we dit op de juiste manier doen", zeiden ze. "O ja, wij gaan ze veel pijn en ziekte brengen en veel leed aandoen". Zij begonnen te dansen en liederen van aanbidding voor satan te zingen, zich verheugend in het kwade. Een demon zei: "Wij moeten wel erg uitkijken voor de mensen die in Jezus geloven, want zij kunnen ons uitdrijven". "Ja", zei een ander: "voor de naam van Jezus moeten we op de vlucht gaan". Tenslotte zei nog een boze geest: "Maar we gaan niet naar hen toe die Jezus en de macht van Zijn naam kennen". Jezus zei: "Mijn engelen bewaren Mijn volk voor boze geesten, en ze zijn niet voorspoedig in hun werken. Ik bescherm ook velen van de nog "ongeredden", ook al weten zij het niet. Ik heb vele engelen in Mijn dienst, die satans kwade plannen verhinderden. "Er zijn vele demonen in de lucht en op aarde" zei Jezus. "Ik heb je toegestaan sommige van deze demonen te zien, maar anderen kunnen ze niet zien. Dat is de reden waarom de waarheid van het Evangelie aan iedereen gepredikt moet worden. De waarheid zal de mensen vrij maken, en Ik zal ze beschermen tegen het kwaad. Er is verlossing en bevrijding in Mijn naam. Ik heb alle macht in hemel en op aarde. wees niet bevreesd voor satan, maar vrees God". Toen wij onze weg door de hel vervolgden, kwamen we een zeer grote en zeer donkere man tegen. Hij was omgeven door duisternis en had het uiterlijk van een engel. Hij hield iets in zijn linkerhand. Jezus zei: "Deze plaats wordt de buitenste duisternis genoemd". Ik hoorde geween en tandengeknars. Tot op die tijd had ik nog nooit zulke uiterste wanhoop ontmoet als in deze plaats. De engel die voor ons stond had geen vleugels. Hij leek ongeveer 9 meter lang, en hij wist precies wat hij deed. Hij had een groot schijf in zijn linkerhand en hij draaide langzaam rond terwijl hij deze schijf hoog ophief alsof hij zich voorbereidde om die te gooien. Er was een vuur middenin de schijf en de buitenste rand was zwart. De engel hield zijn hand onder de schijf en reikte ver naar achteren om meer werpkracht te kunnen ontwikkelen. Ik vroeg mij af wie deze reusachtige engel was en wat hij op het punt stond te doen. Jezus kende mijn gedachten en zei nog eens: "Dit is de buitenste duisternis. Herinner je dat Mijn Woord zegt: "De kinderen van het Koninkrijk zullen uitgeworpen worden in de buitenste duisternis: daar zal het geween zijn en het tandengeknars" (Mattheüs 8:12). "Heer", zei ik: "bedoelt U dat Uw dienaars hier zijn?" "Ja", zei Jezus: "dienaars die zich afkeerden nadat Ik ze geroepen had. Dienaars die de wereld meer liefhadden dan Mij en die teruggingen om zich te wentelen in de modder van de zonde. Dienaars die niet wilden staan voor de waarheid en voor heiligheid. Het is beter om nooit te beginnen dan terug te keren nadat men Mij begon te dienen". "Geloof Mij", zei Jezus: "als je zondigt dan heb je een advocaat bij de Vader. Als je berouw hebt van je zonden zal Ik rechtvaardig zijn om je te reinigen van al je ongerechtigheden. Maar als je je niet wilt bekeren dan zal Ik komen op een tijd dat je het niet verwacht en je zult afgesneden worden met de ongelovigen en geworpen worden in de buitenste duisternis". Ik keek toe en zag hoe de donkere engel de grote schijf heel ver de duisternis in wierp. "Mijn Woord bedoelt precies wat het zegt: "Zij zullen geworpen worden in de buitenste duisternis". En toen, onmiddelijk, waren Jezus en ik in de lucht en volgden deze schijf door het luchtruim. Wij kwamen bij de buitenkant van de schijf en keken naar binnen. Er was een vuur in het midden van de schijf (disk), en mensen zwommen in en uit onder de vlammende golven. Er waren hier geen demonen of boze geesten, alleen zielen, brandende in een poel van vuur. Buiten de schijf was de zwartst mogelijke duisternis. Alleen het licht van de vlammen verlichtte de nacht. In dat licht zag ik mensen die probeerden naar de buitenzijden van de schijf te zwemmen. Sommigen van hen hadden bijna de buitenkant bereikt, toen een zuigende kracht vanuit het binnenste van de schijf hen terugsleepte de vlammen in. Ik keek toe terwijl hun vormen verandereden in skeletten met mistige-grijze zielen. Toen wist ik dat dit niets anders was dan een ander deel van de hel. En toen zag ik, als in een visioen, engelen zegels openen. Natiën en koninkrijken bleken daaronder weggesloten te zijn. Als de engelen de zegels openden, marcheerden mannen en vrouwen, jongens en meisjes regelrecht de vlammen in. Ik keek toe in ijzingwekkende fascinatie, mij afvragend of ik enige van de gevallen dienaars van de Heer die voorbij marcheerden, kende. Ik kon mijn hoofd niet afwenden van het gezicht van de zielen die regelrecht het vuur inliepen, en niemand probeerde hen te stoppen. Ik riep: "Here, alstublieft, stop ze voordat ze bij het vuur zijn!". Maar Jezus zei: "Wie oren heeft, laat hem horen, wie ogen heeft, laat hem zien. Mijn kind, roep het uit tegen de zonde en het kwaad. Zeg tegen Mijn dienaars dat zij getrouw moeten zijn en de naam van de Here moeten aanroepen. Ik neem je mee door deze verschrikkelijke plaats opdat je hun kan vertellen over de hel". Jezus vervolgde: "Sommigen zullen je niet geloven. Sommigen zullen zeggen dat God te goed is om mannen en vrouwen naar de hel te sturen. Maar zeg tegen hen dat Mijn Woord de waarheid is. Vertel hun dat de lafhartigen en ongelovigen hun deel zullen hebben in de poel van vuur".