For this blog to translate into language of your choice? Select your language below.
2 prachtige pps-jes hierboven van Godelieve en ook Mama rechts heeft ze gemaakt Klik op de banner en bekijk nog veel meer moois op haar blog
Klik op de banner hier beneden en ga eens langs bij Lenie voor nog meer moois Alle Ave Maria pps-jes hierboven zijn van haar
Gastenboek
Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek
Wonder
02-04-2011
COMMUNIE VAN DE HEILIGE MAAGD MARIA.
N.
VREEST NIET.
N.
DE WAARHEID BLIJFT ALTIJD DEZELFDE.
N.
HEILIGE JOHANNES VAN HET KRUIS, CARMELIET.
N.
WANNEER GIJ KOMT.
N.
GOD ONZE VADER.
N.
PAAR.
N.
HEMELSBLAUW.
N.
MARIA AANROEPEN.
N.
ONZE LIEVE VROUW VAN LOURDES.
N. ( M ).
MARIA.
N.
KOM SCHEPPER GEEST.
N.
MARIA TENVOLLE.
N. ( M ).
31-03-2011
AAN ALLE LEZERS VAN DIT BLOG EEN GEZEGENDE DONDERDAG.
N. ( M ).
Boodschappen uit de hemel.
Boodschappen uit de hemel.
Mijn Engel Daniël. ( Vasulla Ryden.)
De Strijd tussen mijn Engel en Satan.
*********************************
Alsof het nog niet genoeg was dat ik overdag gekweld werd, kwam Satan ook in de nacht. Hij wilde mij niet laten slapen. Telkens wanneer ik op het punt stond in slaap te vallen probeerde hij mij te laten stikken. Ik voelde hem soms als een adelaar die zijn klauwen in mijn maag wilde steken om alle lucht uit mij te persen. Ik voelde de strijd om mij heen, ik voelde hoe ik midden in deze strijd stond, tussen mijn engel en de duivel. Toen, alsof er niets gebeurd was, hield hij op zekere dag alles op. Satan stopte zijn aanvallen en ik had enkele dagen vrede. Heel deze ervaring liet mij nogal verzwakt achter, maar meer dan ooit tevoren gehecht aan mijn engel. In mijn ogen begon mijn engelbewaarder alles te worden en hij vulde mijn leven. Ik hechtte mij aan hem alsof, om zo te zeggen, mijn leven ervan afhing. Ik besefte hoezeer onze engelbewaarders ons hebben beschermd, bemind, voor ons hebben gezorgd, ons hebben geleid, om ons hebben geschreid, voor ons hebben gebeden, met ons geleden en alles met ons gedeeld hebben. Lijden en vreugden werden gedeeld. Vanwege de ontzetting van de duivel, daar hij vermoedde wat God met mij voorhad, verscheen hij weer op het toneel. Sluw als hij is, veranderde hij deze keer van strategie. Hij gebruikte de klassieke manier om mij te misleiden en verscheen aan mij als mijn engel. Hij hechtte groot belang aan de manier waarop hij mij God wilde afschilderen. Zijn doel was, omdat hij vermoedde dat God mij zou benaderen met een zending, om mij God op de verkeerde manier te doen vrezen, zodat, wanneer Gods tijd zou komen om mij te ontmoeten, ik van Hem weg zou rennen. Ik geef toe dat hij er in het begin in slaagde mij te bedriegen en ik geloofde wat hij over God zei, want hij maakte gebruik van mijn onwetendheid om mijn geest te voeden met een verkeerd beeld van God. Hij schilderde God voor mij af als een vreeswekkende rechter met weinig tolerantie tegenover Zijn schepselen, en dat Hij ons bij de minste fout van onze kant, op verschrikkelijke wijze zou straffen. Dit duurde enkele dagen. Ik kwam op het punt waarop ik niet meer kon onderscheiden wie wie was. Ik kon niet zeggen of ik met mijn engel was of dat het de duivel was die mijn engel na-aapte. Ik had niemand tot wie ik kon gaan om raad en ook niet om advies. Ik was helemaal alleen. Ik wilde dit ook niet delen met mijn echtgenoot, uit vrees hem te verontrusten. Satan, die meende nu de overhand te hebben, begon de strik aan te halen en hij toonde mij slechte tekenen, kwaadaardigheid en bracht mij in verwarring. Om alles nog erger te maken bracht hij elke dag meer en meer demonen mee om mij aan te vallen, wat het voor mijn engel zeer moeilijk maakte om mij te beschermen. God stond mij eens toe de duivel af te luisteren terwijl hij bevelen gaf aan zijn engelen om mij aan te vallen en mij te verlammen. Deze gevallen engelen omringden mij, bespotten mij, logen tegen mij en gaven mij allerlei vuile namen. Ze gaven mij ook de bijnaam "Vrome", maar spottend. God stond dit alles toe, want ook dit was een manier waarvan Hij gebruik maakte om mijn ziel te zuiveren.
Wordt vervolgd.
AMERIKAANSE LUTHERANEN WILLEN TOETREDEN TOT RK-KERK.
AMERIKAANSE LUTHERANEN WILLEN TOETREDEN TOT RK-KERK
Hilversum 21 maart 2011 - Een Lutherse Kerk in de Verenigde Staten zoekt aansluiting bij de Rooms-Katholieke Kerk. De leiders van de Anglo-Lutheran Catholic Church, die zowel berust op de lutherse als op de anglo-katholieke traditie, willen gebruik maken van dezelfde canonieke regeling waardoor voormalige anglicanen groepsgewijs kunnen toetreden tot de RK-Kerk.
Misstappen Luther.
De leiders van het kerkgenootschap schreven in 2009 een brief aan kardinaal Walter Kasper, de toenmalige president van de Pauselijke Raad ter Bevordering van de Eenheid der Christenen, waarin zij aangaven te "wensen de misstappen van vader Maarten Luther ongedaan te maken en terug te keren tot de ene, heilige en ware Katholieke Kerk."
Onvrijwillig schisma.
Gelovigen van de Anglo-Lutheran Catholic Church beschouwen zichzelf als katholieken die onvrijwillig in een situatie van schisma verkeren. Het lutheranisme in het algemeen zien zij als een uit de hand gelopen vernieuwingsbeweging.
Ordinariaat.
De Congregatie voor de Geloofsleer heeft de leiders van het traditionalistische kerkgenootschap inmiddels doorverwezen naar kardinaal Donald Wuerl, die is belast met de oprichting van het zogeheten personele ordinariaat de Verenigde Staten.
Anglicanen.
Door middel de kerkrechtelijke regeling van het ordinariaat kunnen voormalige anglicanen als groep en met behoud van elementen van hun erfgoed, overgaan naar de Rooms-Katholieke Kerk. De Anglo-Lutheran Catholic Church wil zich aansluiten bij anglicaanse groeperingen in de Verenigde Staten die hebben aangegeven van de regeling gebruik te zullen maken.
DE EERHERSTELLENDE DEVOTIE VAN DE VIJF EERSTE ZATERDAGEN VAN DE MAAND.
DE EERHERSTELLENDE DEVOTIE VAN
DE VIJF EERSTE ZATERDAGEN VAN DE MAAND
De christelijke ziel die de eerherstellende devotie van de vijf eerste zaterdagen van de maand volledig wil doen, moet tijdens vijf opeenvolgende eerste zaterdagen vier verschillende godvruchtige handelingen doen, en wel met de algemene intentie om eerherstel te geven aan het Onbevlekt Hart van Maria, voor zijn eigen zonden en die van heel de mensheid:
1. De biecht, die zelfs meer dan acht dagen tevoren gedaan kan worden, als het onmogelijk of moeilijk is om op de eerste zaterdag te biechten. Het belangrijkste is, dat men bij het biechten zeker de intentie heeft om eerherstel te brengen aan het Onbevlekt Hart van Maria. Natuurlijk moet men op de eerste zaterdag in staat van genade zijn om goed en vruchtbaar te communiceren. Moet de eerherstellende intentie expliciet aan de biechtvader bekend gemaakt worden? Zuster Lucia heeft nooit vermeld, dat men iets aan de priester moet zeggen. Een inwendige, zuiver mentale, formulering volstaat dus. Onze Heer heeft zelfs aangegeven dat zij die vergeten zouden zijn de eerherstellende intentie te formuleren "haar bij de volgende biecht kunnen formuleren, gebruik makend van de volgende gelegenheid dat zij kunnen biechten."
2. Het bidden van het rozenhoedje: Onze Lieve Vrouw heeft in Fatima veel aangedrongen op het dagelijks bidden van het rozenhoedje. Het is zelfs de enige wens die zij herhaalt tegen de kinderen bij elk van de zes verschijningen, van 13 mei tot 13 oktober 1917. Op die dag maakt zij trouwens aan de herdertjes haar identiteit bekend: "Ik ben Onze Lieve Vrouw van de Rozenkrans". Het is dus geenszins verwonderlijk het rozenhoedje in de eerherstellende devotie van de eerste zaterdagen begrepen te zien. Bovendien, omdat er geen vocaal gebed bestaat dat meer mariaal is dan het rozenhoedje, past het dat dit deel uitmaakt van deze
devotie omdat het gaat om eerherstel te brengen voor de beledigingen die begaan zijn tegen Onze Lieve Vrouw en tegen haar Onbevlekt Hart.
3. De vijftien minuten meditatie over de vijftien geheimen van de rozenkrans. Het gaat erom, Onze Lieve Vrouw gedurende een kwartier gezelschap te houden door in de geest van eerherstel de vijftien geheimen van de rozenkrans te overdenken. Dat wil niet zeggen dat men iedere eerste zaterdag over alle vijftien geheimen moet mediteren, waarbij men een minuut stilstaat bij ieder geheim. Integendeel, iedere ziel is vrij haar kwartier meditatie in te richten zoals zij het wil, mits de geheimen van de rozenkrans het voorwerp van de meditatie vormen. Sommige zielen geven er de voorkeur aan tijdens meerdere eerste zaterdagen over hetzelfde geheim te mediteren, andere iedere eerste zaterdag over een verschillend geheim en weer andere iedere eerste zaterdag over drie geheimen (vijf minuten per geheim), enz. Omdat de zielen onderling verschillend zijn is het normaal, dat zij een verschillende geestelijke smaak en behoefte hebben. Daarom heeft de Kerk altijd de grote zorg gehad om de gelovigen een grote vrijheid te laten bij het inrichten van hun geestelijk leven.
4. De communie, die de essentiële daad vormt van de eerherstellende devotie. Om er de draagwijdte van te begrijpen moet men het gelijkstellen met de communie van de negen eerste vrijdagen van de maand, gevraagd door het Heilig Hart in Paray-le-Monial, en met de wonderbare communie van de drie herdertjes van Fatima, in de herfst van 1916. De Engelbewaarder van Portugal gaf toen aan die communie een eminente eerherstellende geest, door zes keer voor de kinderen de woorden te herhalen (drie keer vóór de communie en drie keer erna) van wat men het tweede gebed van de Engel noemt:
"Allerheiligste Drie-eenheid, Vader, Zoon en Heilige Geest, ik aanbid U uit het diepst van mijn ziel en ik offer U het meest kostbare Lichaam en Bloed, de Ziel en de Godheid van Jezus Christus, tegenwoordig in alle tabernakels van de wereld, tot eerherstel van alle beledigingen, heiligschennissen en onverschilligheden, waardoor Hijzelf wordt beledigd. Door de oneindige verdiensten van zijn Allerheiligst Hart en van het Onbevlekt Hart van Maria, vraag ik U om de bekering van de arme zondaars."
In de context van de hedendaagse crisis in de Kerk is het zeker dat deze eerherstellende intentie een nieuwe dimensie krijgt: van hoeveel oneerbiedigheden en heiligschennissen is de liturgische hervorming van Paulus VI de oorzaak. Niet alleen door het geven van de communie op de hand, maar ook door het uitdelen van de communie aan alle aanwezigen zonder ooit te herinneren aan de noodzaak van de staat van genade. Door het onderdrukken van tekens van aanbidding tot het Heilig Sacrament, enz. Vandaag moet de communie van de eerste zaterdagen ook gedaan worden om eerherstel te brengen voor al deze profanaties.
Een laatste, zeer belangrijke opmerking: de praktijk van de eerherstellende devotie in zijn geheel "zal gelden op de zondag die volgt op de eerste zaterdag, wanneer mijn priesters, om gerechtvaardigde motieven, het aan de zielen zullen toestaan." Jezus vertrouwt dus aan zijn priesters en niet aan het persoonlijk geweten van ieder de zorg toe, deze supplementaire en zo barmhartige mogelijkheid toe te staan. Door deze concessie maakte Onze Heer misschien al een toespeling vooraf op de tijden waarin wij nu verkeren, waarin de gelovigen niet altijd gemakkelijk de echte mis bij kunnen wonen op een andere dag dan de zondag. Vroeger was het gemakkelijk op zaterdag een mis te vinden. In ieder geval maakt deze bepaling de praktijk van de eerherstellende communie vandaag gemakkelijker voor de katholieke gelovigen.
Vereiste gesteldheden van de ziel
De eerherstellende devotie van de eerste zaterdagen van de maand is zeer eenvoudig in praktijk te brengen. Zij ligt onder het bereik van iedere ziel die een minimum aan edelmoedigheid aan de basis van zijn christelijk leven legt, des te meer omdat de Kerk een tamelijk grote vrijheid heeft gegeven voor de biecht en de communie. Helaas bundelen onwetendheid, geestelijke lauwheid en onachtzaamheid zich heel dikwijls om de zielen, zelfs de trouwste, af te brengen van deze praktijk die toch zo heilzaam is, omdat Onze Lieve Vrouw er de genade van de eindvolharding en van de eeuwige zaligheid aan heeft verbonden: "Ik beloof hen bij te staan in het uur van de dood met alle genaden die nodig zijn voor hun heil."
De wanverhouding tussen de kleine eis voor de devotie (de zaterdagen van vijf opeenvolgende maanden, één keer in zijn leven!) en de beloofde genade (het eeuwig heil van zijn ziel) illustreert op schitterende wijze de zeer grote macht van voorspraak die verleend is aan de Maagd Maria voor het heil van onze zielen. Onze Lieve Vrouw is werkelijk, krachtens haar goddelijk moederschap, onze advocaat en onze middelares bij het Hart van God. Pater Alonso, Spaans Clarentijn die tot aan zijn dood in 1982 de grote specialist van Fatima was, schrijft
trouwens over dit onderwerp:
"De grote belofte (van eeuwig heil) is niets anders dan een nieuwe manifestatie van de welwillendheid van de Heilige Drie-eenheid tegenover de Maagd Maria. Voor wie zoiets begrijpt is het gemakkelijk te erkennen dat er aan nederige praktijken zulke prachtige beloften verbonden zijn. Hij levert zich dus kinderlijk eraan over met een eenvoudig hart vol vertrouwen op de Maagd Maria."
In enkele regels onthult pater Alonso ons dus enige van de goede gesteltenissen die nodig zijn voor het goed vervullen van deze devotie:
Een grote eenvoud en nederigheid van hart.
Een kinderlijke devotie, vol vertrouwen, tot Maria.
Het Kind Jezus geeft bij zijn verschijning aan Lucia op 15 februari 1946 de derde noodzakelijke gesteltenis aan:
Een brandende ijver.
Lucia zei immers op die dag tot het Kind Jezus: "Maar mijn biechtvader zei in zijn brief, dat deze devotie niet ontbrak in de wereld, omdat er al vele zielen zijn die U iedere eerste zaterdag ontvingen, ter ere van Onze Lieve Vrouw en van de vijftien geheimen van de rozenkrans."
Het Kind Jezus antwoordde haar: "Het is waar, dochter, dat vele zielen beginnen, maar weinige gaan door tot het eind. En zij die volhouden, doen het om de genaden te ontvangen die er voor zijn beloofd. De zielen die de vijf eerste vrijdagen vurig doen en met de bedoeling, eerherstel te geven aan het Hart van je hemelse Moeder behagen Mij meer dan zij die er lauw en onverschillig vijftien doen."
Om nu over het vierde vereiste voor deze praktijk te spreken, moet men eraan herinneren dat de Hemel ons vijf eerste zaterdagen van vijf opeenvolgende maanden vraagt, en niet negen, twaalf of vijftien. Waarom dit aantal? Lucia stelde de vraag aan Onze Heer tijdens een heilig uur op 29 mei 1930, in Tuy, en ziehier wat Hij haar antwoordde:
"Mijn dochter, de reden is eenvoudig. Er zijn vijf soorten beledigingen en godslasteringen die geuit worden tegen het Onbevlekt Hart van Maria:
1. De godslasteringen tegen de Onbevlekte Ontvangenis.
2. De godslasteringen tegen haar Maagdelijkheid.
3. De godslasteringen tegen haar goddelijk Moederschap, waarbij men tegelijkertijd weigert haar te erkennen als Moeder van de mensen.
4. De godslasteringen van hen die openlijk proberen in de harten van de kinderen de onverschilligheid, of de minachting, of zelfs de haat te leggen tegen de Onbevlekte Moeder.
5. De beledigingen van hen die haar direct kwetsen in haar heilige afbeeldingen. Ziedaar, mijn dochter, de reden waarom het Onbevlekt Hart van Maria mij ertoe heeft aangezet dit kleine eerherstel te vragen."
Hoe zouden we de schendingen van de waardigheid, de privileges en de eerbewijzen, verschuldigd aan de Maagd Maria, die zelfs door de mannen van de Kerk gepleegd worden, kunnen vergeten? Laat men zich maar herinneren wat er gebeurd is bij het Tweede Vaticaans Concilie. In plaats van het algemeen middelaarschap en de medeverlossing van Onze Lieve Vrouw te definiëren, zijn de progressieve priesters erin geslaagd het schema over de Maagd Maria te doen verwerpen om het als een eenvoudig aanhangsel bij het schema over de Kerk te voegen, en dit om een plezier te doen aan de protestanten. Bedroevend concilie waarin zelfs geen enkele tekst het rozenhoedje noemt als devotie om zo de gelovigen aan te moedigen. Een aanzienlijke vermindering van de Mariaverering in heel de Kerk is er het gevolg van geweest. Dit gebrek aan godsvrucht voor Onze Lieve Vrouw moet zeker ingesloten worden bij de eerherstellende intentie van degenen die de devotie van de eerste zaterdagen in praktijk brengen.
We moeten nog opmerken dat de eerste drie soorten van godslasteringen waarvoor eerherstel gegeven moet worden, gericht zijn tegen drie gedefinieerde dogma's. Men kan dus een vierde gesteltenis toevoegen aan de drie die reeds vermeld zijn: men behoort deze eerherstellende devotie te doen met geloofsgeest. En vragen wij aan Onze Lieve Vrouw de buitengewone genade te vragen het ware geloof in onze zielen te bewaren, tot aan het uur van onze dood, te midden van de algemene afvalligheid van de wereld die ons omgeeft, en die geheel en al beïnvloed is door ongezonde utopie, opstandigheid en goddeloosheid.
Laten wij ter harte nemen eerherstel te willen brengen aan Onze Lieve Vrouw, die zo beledigd wordt door de ondankbaarheid van de mensen, en laat ons, om dit te doen, de devotie gebruiken die zijzelf ons is komen aanwijzen. En laten wij haar dringend en volhardend de goede zielsgesteltenissen vragen om haar goed in praktijk te brengen.
"Het Teken van de Mensenzoon " (Schriften van Madeleine)
De eerste vrijdag van februari, 1974
Jezus is niet verschenen.
*****************************************
VEERTIENDE VERSCHIJNING
Vrijdag, 1 maart 1974 van 15.30 tot 15.40 uur
In de kapei zijn de priester, de drie kloosterzusters en vier dames aanwezig.
"Daar is het Licht", zegt Madeleine.
Jezus toont zich zoals gewoonlijk op dezelfde plaats alsof Hij Madeleine wil begroeten. Hij lacht haar even toe, Hij richt zijn ogen ten hemel met een ernstige en afstandelijke blik, en zegt :
"Weest zo goed dit te herhalen :
Hij heft zijn armen kruisvormig omhoog, iets hoger, en spreekt heel langzaam; iedere zin wordt door Madeleine herhaald.
"Ecce cujus imperti* Nomen est in æternum. Quae videt Me, videt et Patrem meum. Magdalena !" "Annuntiate virtutes Ejus qui vos de tenebris vocavit in admirabile Lumen suum. Nolite timere, Deum benedicite, et cantate Illi."
Vertaling uit het Latijn : "Aanschouwt Hem, wiens Naam een eeuwig Rijk heeft. Die Mij ziet, ziet ook mijn Vader. Madeleine ! Verkondigt de deugden van Hem die u geroepen heeft vanuit de duisternis tot zijn wonderbaar Licht. Vreest niet, zegent de Heer en zingt voor Hem."
Jezus vervolgt :
"Ik ben het Licht der wereld, en het Licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet begrepen.
Boete, boete, boete, kust de grond drie keer uit boete, wegens het gebrek aan geloof in de wereld.
Hierna hernam Jezus zijn normale houding en vervolgt :
Vandaag bezoekt Jezus van Nazareth, de verrezen Mensenzoon, mij voor de achtste keer. Zijn Handen, zijn Gezicht, schitteren als de zon, zijn kleren zijn van een stralende witheid, zijn oogopslag is Liefde en Goedheid. Bemint uw naaste zoals Ik u bemin, dat uw blik liefde en goedheid zij voor ieder ander. Kust één van de aanwezigen uit liefde en medemenselijkheid."
Madeleine heeft de eerste persoon die zich in de buurt bevond de kus gegeven; het was zuster M. de lA., de algemene overste van B.
Hierop voegt Jezus toe :
"Dit gebaar is een teken van liefde en verzoening voor de gehele wereld. Zijt verheugd Maria, sprak de aartsengel Gabriël, bij de Ontvangenis van de Mensenzoon.
En op zeer ernstige toon :
Waarlijk, Ik zeg u dat het heden hetzelfde is. Verheugt u, want de tijd is nabij dat de Mensenzoon zal terugkomen in Heerlijkheid. Verheugd, verheugt u zonder ophouden in de Heer, dat uw vreugde bij alle mensen bekend zij, vanwege de woorden die u zojuist gehoord heeft en vanwege mijn Naam.
Daarna, korte tijd later.
Dat ieder van u, in de stilte van zijn hart, aan God de genade vraagt die hij wenst; vandaag nog zal zij u geschonken worden."
Madeleine bleef enkele ogenblikken in stilte. Daarna luisterde zij naar de zeer ernstige woorden die Jezus tot haar richtte. Zij durfde ze niet te herhalen vanwege hun ernst; zij vertrouwde ze toe aan de priester bij het verlaten van de kapel.
Nog steeds in dezelfde houding gaat de Heer verder :
"Zegt de kerk dat zij haar boodschap van VREDE aan de hele wereld hernieuwt, want het uur is ernstig. Satan leidt de wereld, hij verleidt de geesten, stelt ze in staat om in enkele minuten - de mensheid te vernietigen. Indien de mensheid zich hier niet tegen verzet zal Ik laten begaan, en het zal de catastrofe zijn, zoals sinds de zondvloed niet meer geweest is - en dit voor het eind dezer eeuw. Allen die vol berouw aan de voet van het Glorierijke Kruis zijn gekomen, zullen gered worden. Satan zal vernietigd worden; slechts Vrede en Vreugde zullen overblijven."
Hierop verdwijnt Hij.
Opmerking :
************
In verband met het woord "imperti" :
Na veel overpeinzingen en advies te hebben ingewonnen van verschillende deskundigen in Latijn, besluiten wij zonder enige twijfel dat het woord "imperti" niet bestaat in het Latijn, zelfs niet in de vormen van het werkwoord "impertio", wat betekent : toewijzen, aan iemand zijn deel geven. De heilige engel Michaël geeft tijdens de 17e verschijning de precieze betekenis weer met het woord "Rijk" en niet de letterlijke vertaling van de zin, en veronderstelt daarmee het Latijnse woord "imperium". De juiste spelling leidt ertoe om "imperii" te schrijven en te vertalen met : "Aanschouw Hem wiens naam der Wereldheerschappij eeuwigdurend is". In deze zelfde betekenis vindt men het woord "imperium" ook terug in het introiïtus van de derde Kerst-mis en de gregoriaanse mis van Christus-Koning. Welnu, het gaat hier om de komst van Christus-Koning "met Macht en grote Glorie".
Wij hebben het woord "imperti" onaangetast gelaten vanuit zorg voor een getrouwe tekst die, naar wij mogen aannemen, beantwoordt aan een bedoeling van de Heer.
De heilige Eucharistie.
Grote goedheid en liefde van God
wordt de mens in het Sacrament bewezen.
De gelovige: Heer, vertrouwend op uw goedheid en grote barmhartigheid, kom ik bij U als een zieke bij de arts, als een hongerige en dorstige bij de bron van het leven, als een arme bij de Koning van de hemel; als de dienaar bij zijn Heer, als het schepsel bij de Schepper, als de troosteloze bij zijn goede Vertrooster.
Maar hoe bestaat het dat Gij tot mij komt? Wie ben ik dat Gij uzelf aan mij geeft?
Hoe durft een zondig mens voor U te verschijnen en hoe kunt Gij het over U verkrijgen naar een zondig mens toe te komen? Gij kent uw dienaar, Gij weet dat hij niets goeds in zich heeft op grond waarvan Gij dit voor hem zoudt doen. Ik beken dus mijn minderwaardigheid, ik erken uw goedheid, ik loof uw liefde en ik dank U om uw al te grote genegenheid.
Gij doet dat omdat Gij zo zijt, niet om mijn verdiensten; om uw goedheid meer te doen kennen, zodat ik tot meer liefde zou komen en op volmaakter wijze de nederigheid mij zou worden aanbevolen. Omdat het U aldus behaaglijk is en Gij gewild hebt dat het zo zou geschieden, daarom is uw neerbuiging ook mij aangenaam; mocht mijn ongerechtigheid voor U geen beletsel zijn.
O aller-beminnelijkste en liefdevolle Jezus, hoeveel eerbied, dankbetuiging en eeuwige lof ben ik U niet verschuldigd voor het ontvangen van uw heilig Lichaam: geen mens ter wereld kan de verhevenheid daarvan verklaren. Maar wat zal mijn gedachte zijn bij deze communie, bij het naderen tot mijn Heer die ik niet op de verschuldigde wijze eren kan en toch devoot tot mij wens te nemen? Wat zal ik beter en heilzamer denken dan dat ik mij volstrekt voor U verneder en uw oneindige goedheid hoog boven mijzelf vereer?
Ik loof U, mijn God, en ik prijs U in eeuwigheid. Ik minacht mijzelf en onderwerp mij aan U in de
diepte van mijn nietswaardigheid.
Gij zijt de Heilige der Heiligen en ik ben het uitvaagsel van de zondige mensheid.
Gij buigt U naar mij die niet waardig ben tot U op te zien.
Gij komt tot mij, Gij wilt met mij zijn, Gij nodigt mij uit om maaltijd met U te houden.
Gij wilt mij de hemelse spijs en het brood der engelen te eten geven, geen ander dan Uzelf, het
levend brood, dat uit de hemel is neergedaald en leven geeft aan de wereld.
Ziedaar waar de liefde uit voortkomt, hoe de liefde in het licht verschijnt. Wat zijn wij U grote dankbetuigingen en lofprijzingen voor dit alles verschuldigd.
Hoe gezegend en nuttig was uw besluit toen Gij dit hebt ingesteld. Hoe beminnelijk en uitnodigend het gezamenlijk maal, toen Gij Uzelf als spijs hebt gegeven.
Hoe wonderbaar is uw werking, Heer, hoe vermogend uw kracht, niet onder woorden te brengen uw waarheid. Gij hebt gesproken en alles is geworden en ook dit is geschied, omdat Gij zelf het hebt bevolen.
Het is een wonderlijke zaak, alle geloof waardig, maar het gaat het menselijk verstand te boven, dat Gij, Heer, mijn God, waarlijk God en mens, binnen de geringe gedaante van brood en wijn wordt begrensd en zonder te worden verteerd door hem die eet wordt genuttigd.
Gij, Heer van het heelal die niemand behoeft, hebt door dit Sacrament onder ons willen wonen. Bewaar mijn hart en mijn lichaam rein, opdat ik met een blij en zuiver geweten dikwijls uw mysteriën mag vieren en tot mijn eeuwig heil ontvangen. Gij hebt die vooral tot uw eer en tot een eeuwige gedachtenis gewild en ingesteld.
Verheugt u dan, mijn diepste wezen, en dank de Heer voor zulk een verheven geschenk en bijzondere troost, die Hij u in dit tranendal heeft gelaten.
Want zo dikwijls gij dit geheim herdenkt en Christus Lichaam ontvangt, even zo dikwijls voltrekt gij het werk van uw verlossing, want gij wordt deelachtig aan de verdiensten van Christus. De liefde van Christus immers vermindert nooit en de omvang van zijn verzoeningswerk is onuitputtelijk. Daarom behoort gij u altijd weer met vernieuwing van geest hierop voor te bereiden en het grote mysterie van uw heil met aandachtige beschouwing te overwegen. Het moet u daarom groot, nieuw en verrukkelijk voorkomen als gij de H. Mis hoort; alsof diezelfde dag Christus voor het eerst neerdalend in de schoot der Maagd Maria, mens werd of aan het kruis hangend, voor het heil der mensen leed en stierf.